CConstaterende datDoesburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Uitvoeringsplan schuldhulpverlening

Commissie MO 11 mei 2021, gemeente DoesburgBij agendapunt: Beleidsplan schuldhulpverlening inclusief vroegsignalering (Raadsvoorstel)11.005 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Uitvoeringsplan Schuldhulpverlening 2021 - 2025 Gemeente Doesburg

1

Inhoudsopgave Samenvatting........................................................................................................................................... 4 Voorwoord .............................................................................................................................................. 5 Inleiding ................................................................................................................................................... 6 Hoofdstuk 1. Landelijke ontwikkelingen ................................................................................................. 7 Hoofdstuk 2. Huidige situatie .................................................................................................................. 9 1.1. Inwoners met schulden................................................................................................................. 9 1.2. Hoe bereiken we inwoners?........................................................................................................ 10 1.3. Vroegsignalering ........................................................................................................................ 10 Hoofdstuk 3. Visie en uitgangspunten ..................................................................................................

12 3.1.Visie ............................................................................................................................................. 12 3.2. Uitgangspunten .......................................................................................................................... 12 Hoofdstuk 4. Preventie: Wat gaan wij doen?........................................................................................ 14 4.1. Actief benaderen van inwoners .................................................................................................. 14 4.2. Vroegsignalering ........................................................................................................................ 15 4.2.1. Landelijk convenant vroegsignalering ................................................................................. 15 4.2.2. RIS Matching en RIS Vroeg Eropaf ....................................................................................... 15 4.2.3. Signalen oppakken .............................................................................................................. 16 4.2.4. Hulpaanbod ......................................................................................................................... 17 4.2.4. Acceptatie hulpaanbod........................................................................................................

18 4.2.5. Proces schematisch in beeld ................................................................................................ 19 4.3. Vraagbaak .................................................................................................................................. 20 4.4. Samenwerking met netwerkpartners ......................................................................................... 20 4.5. Inzet laaggeletterdheid en volwasseneneducatie ...................................................................... 21 4.6. Mensen met een licht verstandelijke beperking ......................................................................... 22 4.7. Wet inburgering en het ontzorgen van statushouders............................................................... 23 4.8. De moedige dialoog.................................................................................................................... 24 4.9. Ondernemers .............................................................................................................................. 25 Hoofdstuk 5. Curatie: Hulpaanbod & het vinden van een oplossing .................................................... 28 5.1. Hulpaanbod via Kredietbank Nederland .................................................................................... 28 Hoofdstuk 6.

Nazorg .............................................................................................................................. 31 Hoofdstuk 7. Overzicht activiteiten ....................................................................................................... 32

2

Hoofdstuk 8. Financiering, monitoring en evaluatie ............................................................................. 35 8.1. Financiering ................................................................................................................................ 35 8.2. Monitoring.................................................................................................................................. 36 8.3. Evaluatie ..................................................................................................................................... 36 Bijlage I. Posters campagne 0800-8115 ................................................................................................ 37 Bijlage II. Kaartje bij niet thuis huisbezoek............................................................................................ 40 Bijlage III. Verordening termijn beschikking tot toelating of afwijzing schuldhulpverlening................ 41 Geraadpleegde artikelen ....................................................................................................................... 43 Afkortingen ............................................................................................................................................ 44

3

Samenvatting De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) schrijft voor dat de gemeenteraad elke vier jaar een beleidsplan vaststelt (artikel 2 en 3 van de Wgs). Ter voorbereiding op een beleidsplan is dit ‘Uitvoeringplan schuldhulpverlening 2021 – 2025’ opgesteld. ‘Voorkomen is beter dan genezen’, geldt zeker ook als het gaat om schulden. De focus ligt in gemeente Doesburg daarom ook op preventie als het gaat over schulden. Niet alleen worden er kosten van dure trajecten voorkomen als er op tijd ingegrepen wordt in een situatie waar sprake is van financiële zorgen, ook worden de inwoner en de omgeving een hoop ander leed bespaard. Om financiële zorgen zo veel mogelijk te voorkomen verzorgt gemeente Doesburg diverse activiteiten: • Actief benaderen van inwoners met behulp van de campagne 0800-8115 • Inzetten op het onderwerp vroegsignalering • Vraagbaak • Samenwerking met netwerkpartners • Inzetten op laaggeletterdheid en volwasseneducatie • Aandacht voor mensen met een licht verstandelijke beperking • Regelen van de Wet inburgering inclusief het ontzorgen van statushouders • Aansluiten bij het regionale project ‘De moedige dialoog’ • Specifieke aandacht voor ondernemers Ondanks dat de focus ligt op het voorkomen van schulden zal dit niet altijd lukken.

In zo’n geval is het van belang dat een inwoner goed wordt begeleid naar een situatie waarin sprake is van stabiliteit en financiële rust. Dit moet ervoor zorgen dat een inwoner geen belemmeringen ervaart in het dagelijkse leven en mee kan doen binnen de samenleving. Om dit te kunnen realiseren heeft gemeente Doesburg de schuldhulpverlening vanaf 2019 uitbesteed aan Kredietbank Nederland. Kredietbank Nederland is expert op het gebied van financieel gezond zijn, worden en blijven. De Kredietbank verzorgt verschillende diensten, waaronder het treffen van betalingsregelingen, het bieden van een herfinanciering, een saneringskrediet of schuldbemiddeling en het aanbieden van inkomensbeheer. Het is de bedoeling dat schuldhulpverlening aan inwoners tijdelijk is. Echter, wanneer inwoners gedurende een bepaalde periode inkomensbeheer en/of schuldhulpverlening hebben ontvangen kan het erg spannend zijn om weer zelf volledig verantwoordelijk te worden voor de financiën. In dit kader wordt aan inwoners nazorg geboden.

4

Voorwoord Het zal je maar overkomen. Je wordt geconfronteerd met een financiële tegenvaller, raakt je baan kwijt en wordt afhankelijk van een WW-uitkering of bijstandsuitkering. De hoogte van je inkomen verandert, maar het aanpassen van je uitgavenpatroon gaat niet zo gemakkelijk. Hypotheek of huur, energielasten en kosten voor de zorgverzekering lopen gewoon door. Het is dan helemaal niet zo gek als je op een gegeven moment niet meer alle rekeningen kan betalen. In het begin probeer je het ene gat met het andere gat te vullen, maar op een gegeven moment is de situatie niet meer houdbaar. Door stress die een dergelijke situatie oplevert overzie je de situatie niet langer, met als gevolg dat je last krijgt van nog meer problemen zoals sociale –, psychische – en lichamelijke problemen. Het bovenstaande voorbeeld schetst hoe gemakkelijk iemand in een zorgelijke situatie terecht kan komen als gevolg van een verandering in het leven. Gemeente Doesburg is zich hier bewust van en wil hier met dit uitvoeringsplan het hoofd aan bieden. In het uitvoeringsplan zetten we vooral in op het voorkomen van schulden en op het snel ingrijpen, en hulp bieden, in een situatie waarin sprake is van financiële zorgen. Op deze manier proberen we te voorkomen dat inwoners in een echte problematische situatie terecht komen.

Vanaf 1 januari 2021 is de gemeente verplicht om uitvoering te geven aan het onderwerp vroegsignalering. In dit uitvoeringsplan wordt daarom ook veel aandacht besteed aan dit onderwerp. Er is uitgebreid uitgewerkt hoe wij handen en voeten geven aan deze vorm van preventieve hulpverlening. Omdat schulden niet altijd voorkomen kunnen worden, bespreken we ook op welke manieren we hulp kunnen bieden in een schuldensituatie en hoe we nazorg bieden nadat financiële problemen zijn opgelost. Alle acties en hulp van de gemeente zijn erop gericht om burgers/gezinnen te helpen weer een gezonde financiële positie te bereiken. Zodanig dat men weer zelfstandig, zonder extra hulp, van het mooie leven in Doesburg kan genieten en volledig in onze maatschappij kan functioneren. Het zal je maar overkomen! Arthur Boone, wethouder Doesburg Werk en inkomen

5

Inleiding Schulden vormen een groeiend probleem in onze samenleving. Uit onderzoek blijkt dat 1 op de 5 Nederlandse huishoudens risicovolle schulden heeft en dat ongeveer 1 op de 3 Nederlandse huishoudens betalingsachterstanden heeft. Door de corona crisis is de verwachting dat er meer mensen te maken krijgen met financiële zorgen. Schulden vormen niet alleen een probleem voor de schuldenaar, maar ook voor de omgeving, de schuldeiser en de maatschappij. Het is daarom van belang dat we er alles aan doen om financiële zorgen te voorkomen. En als het voorkomen ons niet lukt, dan moeten we er alles aan doen om de financiële problemen op te lossen. Dit uitvoeringsplan schetst hier de kaders voor. Uitvoeringsplan De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) schrijft voor dat de gemeenteraad elke vier jaar een beleidsplan vaststelt (artikel 2 en 3 van de Wgs). Ter voorbereiding op een beleidsplan is dit ‘Uitvoeringplan schuldhulpverlening 2021 – 2025’ opgesteld. Het schuldenbeleid hangt samen met het minimabeleid. De schuldhulpverlening is in gemeente Doesburg namelijk ondergebracht bij het minimabeleid. Dit uitvoeringsplan is daarom ook afgestemd met het minimabeleid. Maatschappelijke opgave Het beleidsplan schuldhulpverlening sluit aan op de ambitie van het college om in het algemeen meer te doen aan preventie en beter aan te sluiten op de leefwereld van de inwoners van Doesburg.

Daarbij willen we de verschillende beleidsvelden meer op elkaar afstemmen. Financiële en sociale problemen hebben immers vaak een relatie met elkaar. Uit onderzoek blijkt dat het terugdringen van financiële problemen een gunstige uitwerking heeft op het welzijn van mensen in het algemeen. Leeswijzer In dit uitvoeringsplan beginnen wij met de landelijke ontwikkelingen die er zijn in het schuldendomein. Vervolgens wordt een analyse van de huidige situatie in Doesburg gegeven. Hoeveel mensen hebben nou eigenlijk financiële problemen en hoe bereiken we deze inwoners op dit moment? Hoofdstuk 3 behandelt de visie die gemeente Doesburg op schuldhulpverlening heeft. Hoofdstuk 4, 5 en 6 gaan in op onze beleidsplannen, ingedeeld in een hoofdstuk preventie, schuldhulpverlening en nazorg. Daarna volgt de uitwerking van de financiën, de monitoring en de evaluatie.

6

Hoofdstuk 1. Landelijke ontwikkelingen Binnen het schuldendomein is sprake van een aantal belangrijke ontwikkelingen. Deze ontwikkelingen worden in dit hoofdstuk besproken. Vroegsignalering Binnen het gemeentelijk schuldendomein is vanaf 1 januari 2021 binnen de Wgs vroegsignalering ingevoerd. Vroegsignalering houdt in dat gemeenten alle meldingen inzake betaalachterstanden van woningcorporaties, zorgverzekeraars, water- en energieleveranciers op moeten volgen. Voor deze meldingen is geen toestemming van de klant nodig. Het doel van deze wijziging binnen de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening is om inwoners tijdig te helpen en (hoge) schulden (en ander leed) te voorkomen. Verderop in dit uitvoeringsplan wordt de uitvoering van vroegsignalering door gemeente Doesburg nader uitgewerkt. Wet vereenvoudiging Beslagvrije voet Een andere wetswijziging binnen het gemeentelijk schuldendomein is de Wet vereenvoudiging Beslagvrije voet (WvBvv) die tevens per 1 januari 2021 in is gegaan. Deze wet zorgt ervoor dat beslagleggers allemaal op dezelfde manier de beslagvrije voet op een periodieke vordering berekenen. Zij maken hiervoor gebruik van gestandaardiseerde rekenregels.

De gegevens die daarvoor nodig zijn, worden niet meer bij de inwoner uitgevraagd, maar loongegevens worden automatisch opgehaald uit de polis administratie van UWV en persoonsgegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP). Met de invoering van de wijziging wordt de beslagvrije voet dus op een eenduidige manier berekend en worden de benodigde gegevens uitgevraagd uit bestaande systemen. Dit zorgt ervoor dat de beslagvrije voet, in tegenstelling tot de huidige situatie, altijd correct kan worden vastgesteld. Groot voordeel hiervan is dat de schuldenaar niet onder het bestaansminimum terecht komt waardoor er geen nieuwe schulden met daarbij horende kosten zullen ontstaan. Adviesrecht gemeenten bij Schuldenbewind (Ags) Beschermingsbewind is één van de manieren waarop mensen met problematische schulden kunnen worden geholpen om grip te krijgen op hun financiële situatie. Beschermingsbewind is een zeer ingrijpende maatregel. Wanneer beschermingsbewind wordt ingesteld mag de inwoner namelijk niet langer zelfstandig beschikken over zijn geld of goederen. De beschermingsbewindvoerder richt zich primair op het stabiliseren van de situatie en het zeker stellen van basisvoorzieningen zoals huur, water, elektra en zorgverzekering. Gemeenten zijn op grond van de Wgs verantwoordelijk voor het bieden van passende ondersteuning bij schulden aan hun inwoners.

Wanneer beschermingsbewind geacht wordt de best passende oplossing voor een inwoner te zijn, wordt een inwoner doorverwezen naar een betrouwbaar en kwalitatief goed bewindvoerderskantoor. Gemeenten zijn echter vaak niet op de hoogte van verzoeken tot de instelling van beschermingsbewind wegens problematische schulden omdat inwoners zelf een verzoek indienen bij de rechtbank, zonder tussenkomst van de gemeente. De gemeente heeft daardoor geen zicht op de instroom. In veel gevallen betaalt

7

de gemeente echter wel de kosten van het beschermingsbewind, omdat mensen dit vaak zelf niet kunnen. De betaling van de kosten gaat via de bijzondere bijstand. Met ingang van 1 januari 2021 hebben gemeenten een adviesrecht in de gerechtelijke procedure rondom beschermingsbewind wegens problematische schulden gekregen. Het doel van het adviesrecht is ervoor te zorgen dat gemeenten de regierol beter kunnen vervullen en de inwoner de best passende hulp bij de schulden krijgt. Beschermingsbewind is namelijk niet altijd de beste oplossing voor een inwoner. Vooralsnog maakt gemeente Doesburg geen gebruik van de optie tot adviesrecht, omdat hier onvoldoende capaciteit en budget voor is. Corona Een laatste ontwikkeling is geen specifieke ontwikkeling binnen het schuldendomein, maar wel een ontwikkeling die invloed heeft op het schuldendomein: corona. Om ondernemers tijdens de corona crisis te ondersteunen heeft het kabinet een breed pakket regelingen opgesteld. Met de NOW, de Tozo de TOGS en de TVL kunnen ondernemers/bedrijven (inkomens)ondersteuning krijgen en/of een tegemoetkoming in de loonkosten. De regelingen moeten ervoor zorgen dat bedrijven voortgezet kunnen worden, dat banen worden behouden en dat werkloosheid wordt voorkomen. De maatregelen zullen in sommige gevallen voldoende zijn, in andere gevallen zal dit niet zo zijn.

De verwachting is dat de werkloosheid toe zal nemen en dat ook het aantal mensen met financiële zorgen op zal lopen. Wat de omvang hiervan is, is nog onzeker.

8

Hoofdstuk 2. Huidige situatie Dit hoofdstuk bespreekt eerst de stand van zaken als het gaat over inwoners met schulden. Vervolgens gaat het hoofdstuk in op de manieren waarop we onze inwoners bereiken als het gaat om schuldhulpverlening. Tenslotte wordt er verder ingezoomd op het onderwerp vroegsignalering. 1.1. Inwoners met schulden In Doesburg zijn er ongeveer 530 potentiele huishoudens met problematische schulden. Het aantal potentiele huishoudens met problematische - of risicovolle schulden is gebaseerd op landelijke cijfers van de NVVK waaruit blijkt dat ongeveer 10% van de huishoudens tot deze doelgroep behoort. Voor 2019 was Plangroep verantwoordelijk voor de uitvoering van de schuldhulpverlening voor gemeente Doesburg. Vanaf 2019 is de schuldhulpverlening uitbesteed aan Kredietbank Nederland. Kredietbank Nederland is expert op het gebied van financieel gezond zijn, worden en blijven. De Kredietbank verzorgt verschillende diensten. De diensten van de Kredietbank worden in hoofdstuk 5 nader toegelicht. Uit de gegevens van de Kredietbank blijkt dat zij in 2019 73 aanmeldingen vanuit gemeente Doesburg hadden voor schuldhulpverlening. In dit aantal zaten ook de aanvragen die van Plangroep waren overgenomen. Het aantal nieuwe aantal aanvragen dat de Kredietbank in 2019 kreeg was 58 aanvragen, 15 aanvragen waren er dus overgenomen van Plangroep.

In 2020 heeft de Kredietbank 41 aanmeldingen ontvangen. Het aantal aanmeldingen in 2020 is beïnvloed door corona. Door de corona crisis lijkt het er op dat inwoners zich moeilijker melden voor schuldhulpverlening. In onderstaande tabel kan per ‘product’ van de Kredietbank het aantal personen terug gevonden worden. De aantallen zijn de aantallen met als peildatum december 2020. Product Intake fase Stabilisatiefase Aanvraag schuldregeling (fase 2) Lopende schuldbemiddelingen Lopende saneringskredieten Financieel beheer (onderdeel schuldhulpverlening) Budgetbeheer Duurzame financiële dienstverlening Nazorg Totaal

Aantal personen 6 10 14 15 18 19 13 3 21 119

9

Hulp bij schulden Wanneer een inwoner schulden heeft en zich meldt voor hulp bij schulden wordt samen met de inwoner gezocht naar een oplossing die past bij de persoonlijke situatie van de inwoner. Er zijn verschillende manieren om een burger te helpen schuldenvrij te worden en te blijven. De verschillende oplossingen worden in hoofdstuk 5 nader toegelicht. 1.2. Hoe bereiken we inwoners? Inwoners kunnen op verschillende manieren terecht bij de gemeente wanneer zij vragen hebben over hun financiën of in aanmerking willen komen voor schuldhulpverlening. Allereerst kunnen mensen telefonisch contact opnemen met het algemene telefoonnummer van de gemeente, waarop zij doorverwezen kunnen worden. Ook kunnen mensen (telefonisch) contact opnemen met de Vraagbaak om vervolgens doorverwezen te worden naar de consulent schuldhulpverlening. Verder bestaat de mogelijkheid voor inwoners om zich te melden via de website van de Kredietbank voor contact met de schuldhulpverlener. De consulent schuldhulpverlening is ook rechtstreeks via mail of telefoon te benaderen door inwoners voor vragen. Voorts zijn netwerkpartners van gemeente Doesburg op de hoogte van de manier waarop schuldhulpverlening binnen de gemeente is geregeld. Zo kunnen zij inwoners correct doorverwijzen naar schuldhulpverlening wanneer zij te maken hebben met personen met schulden.

Wanneer inwoners contact opnemen met de consulent schuldhulpverlening zal een gesprek worden ingepland om te beoordelen op welke manier geholpen kan worden. Zoals hierboven omschreven zijn er diverse mogelijkheden waarop inwoners zelf terecht kunnen voor schuldhulpverlening bij de gemeente. Echter, als het gaat om schulden is er vaak ook sprake van schaamte. Mensen schamen zich voor de situatie waar zij zich in bevinden en durven vaak de drempel niet over om zelf hulp te vragen. Het is daarom belangrijk dat de gemeente de doelgroep daarom ook zelf actief benaderd en hulp biedt aan de mensen voor wie dit nodig is. Momenteel doet gemeente Doesburg dit in ieder geval al in de vorm van vroegsignalering. 1.3. Vroegsignalering Vroegsignalering is het vroegtijdig in beeld brengen van mensen met betalingsproblemen om vroegtijdige hulpverlening mogelijk te maken en ergere problemen te voorkomen. In hoofdstuk 3 zal het onderwerp vroegsignalering nog nader worden toegelicht. In 2019 en 2020 heeft gemeente Doesburg het volgende aan vroegsignalering gedaan: •

•

•

Er is een samenwerking met woningbouwvereniging ‘Woonservice IJsselland’. Een medewerker van de woningbouwvereniging en de consulent schuldhulpverlening hebben gezamenlijk signalen over betalingsachterstanden opgepakt. We hebben schriftelijk contact opgenomen met inwoners die een betalingsachterstand hebben bij zorgverzekeraar Menzis, diverse energiemaatschappijen en waterbedrijf Vitens. In betalingsherinneringen inzake aanslagen gemeentelijke belastingen die we hebben gestuurd is opgenomen dat wanneer er vragen zijn over geldzaken, er vrijblijvend contact opgenomen kan worden met de consulent schuldhulpverlening.

10

Evaluatie vroegsignalering tweede helft 2020 Vanaf 1 juli 2020 zijn de concrete resultaten van de acties met betrekking tot vroegsignalering bijgehouden: • 27 inwoners zijn aangeschreven naar aanleiding van een signaal van een energieleverancier. Hier zijn geen reacties op gekomen. Met één van de inwoners is wel een intake gesprek schuldhulpverlening geweest, maar dit was niet naar aanleiding van de melding vroegsignalering. • 11 inwoners zijn persoonlijk benaderd naar aanleiding van een signaal van Woonservice IJsselland. Bij één inwoner heeft een huisbezoek plaats gevonden, de andere inwoners zijn telefonisch benaderd. Het resultaat is dat 2 schuldregelingen zijn opgestart en dat 1 inwoner zich gaat aanmelden voor beschermingsbewind. Met één inwoner is nog een intake gesprek gepland, maar dit is niet naar aanleiding van de melding vroegsignalering. Het gaat hierbij om dezelfde inwoner die ook is aangeschreven naar aanleiding van het signaal van de energieleverancier. • 44 inwoners zijn aangeschreven naar aanleiding van een signaal van Menzis. Op deze brieven is één reactie gekomen. Deze inwoner is geholpen bij het overstappen naar de collectieve zorgverzekering van Menzis via de gemeente Doesburg. Verder is één van de personen die is aangeschreven aangemeld voor budgetbeheer. Dit is echter niet gebeurd naar aanleiding van de melding vroegsignalering.

Vanwege corona hebben nagenoeg geen huisbezoeken plaats gevonden. Echter, kan uit bovenstaande wel geconcludeerd worden dat persoonlijk contact veel effectiever is dan schriftelijk contact. Een kanttekening hierbij is dat persoonlijk contact meer vraagt qua capaciteit en budget.

11

Hoofdstuk 3. Visie en uitgangspunten Financiële zorgen belemmeren mensen om volwaardig mee te kunnen doen. Dit komt voor een groot deel door chronische stress die mensen ervaren in een problematische schuldensituatie. Alleen al het ervaren van financiële stress maakt mensen minder productief en minder in staat tot het behouden van werk. Vaak resulteren geldzorgen ook in lichamelijke en psychische klachten. 3.1.Visie In de programmabegroting van gemeente Doesburg 2021 – 2024 is als doelstelling opgenomen dat er optimaal wordt ingezet op preventief beleid. Deze doelstelling is geformuleerd op basis van het coalitieakkoord. De focus ligt in gemeente Doesburg daarom ook op preventie als het gaat over schuldhulpverlening. ‘Voorkomen is beter dan genezen’, geldt zeker ook als het gaat om schulden. Niet alleen worden kosten van dure trajecten voorkomen als er op tijd ingegrepen wordt in een situatie waar sprake is van financiële zorgen, ook wordt de inwoner, en daarmee zijn of haar omgeving, een hoop ander leed bespaard. Dit is dan ook de reden dat we in situaties die er om vragen de zogenaamde omgekeerde toets zullen gebruiken. Dit houdt in dat we werken vanuit de bedoeling en maatwerk toepassen, waarbij soms voorbij wordt gegaan aan regels en procedures.

Ondanks de focus op preventie en het toepassen van de omgekeerde toets zal het niet altijd lukken om een problematische situatie te voorkomen. In zo’n geval is het van belang dat een inwoner goed wordt begeleid naar een situatie waarin sprake is van financiële rust. Deze financiële rust moet ervoor zorgen dat een inwoner geen belemmeringen ervaart in het dagelijkse leven. In één zin kan de visie als volgt worden omschreven: ‘Schuldhulpverlening is beschikbaar en toegankelijk voor de inwoners van gemeente Doesburg en is zoveel mogelijk gericht op preventie en het ervaren van financiële rust zodat de inwoner geen belemmeringen ervaart in het dagelijkse leven’. 3.2. Uitgangspunten De volgende uitgangspunten schuldhulpverlening:

hanteert

gemeente

Doesburg

bij

het

bieden

van

Voorkomen is beter dan genezen Zoals hierboven al is toegelicht, is het belangrijk dat schulden zo veel mogelijk worden voorkomen. Het voorkomen van schulden voorkomt dure trajecten, maar wat nog belangrijker is: het voorkomen van schulden draagt er aan bij dat mensen gezonder en gelukkiger in het leven staan. Wetenschappelijk onderzoek heeft onder andere aangetoond dat schuldenstress zorgt voor een negatieve arbeidsdeelname. Indien nodig zal de omgekeerde toets worden toegepast.

12

Ondersteuning daar waar nodig Omdat schulden niet altijd voorkomen kunnen worden biedt de gemeente ondersteuning in de vorm van schuldhulpverlening. Het doel van de schuldhulpverlening is het creëren van financiële rust met als einddoel een inwoner zonder schulden. Aanvulling op en in samenhang met andere beleidsterreinen Schuldhulpverlening staat niet op zichzelf. Het hebben van financiële zorgen hangt vaak samen met het hebben van andere problemen op andere leefgebieden zoals fysieke en psychische belemmeringen. Het is belangrijk dat we niet één probleem oplossen maar juist kijken naar de samenhang van de problemen en deze samen aanpakken. Zo kan de consulent schuldhulpverlening bijvoorbeeld navragen of een inwoner al bekend is bij de uitvoering van de Participatiewet, Jeugdwet of Wet Maatschappelijke Ondersteuning wanneer iemand zich meldt voor schuldhulpverlening. Als er minderjarige inwonende kinderen betrokkenen zijn bij de inwoner die verzoekt om hulp kan worden gekeken of het hanteren van een integrale aanpak meerwaarde heeft. Maatschappelijke opgave Het uitvoeringsplan schuldhulpverlening maakt ook onderdeel uit van de maatschappelijke opgave. Dit sluit aan bij de ambitie van het college om via een preventieve en integrale aanpak verergering van problemen in het algemeen te voorkomen.

Het college heeft deze aanpak prioriteit gegeven en wil samen met Doesburgers, lokale organisaties en ondernemers zorgen voor een vitale en veerkrachtige gemeenschap waar inwoners er zijn voor elkaar en problemen vroegtijdig gesignaleerd worden, zodat de inzet van professionele hulpverlening niet of zo min mogelijk nodig is. Doel van de preventieve aanpak is om de bestaanszekerheid en de veerkracht van gezinnen structureel te versterken.

13

Hoofdstuk 4. Preventie: Wat gaan wij doen? Mensen met schulden wachten vaak jaren voor ze om hulp vragen. Op het moment dat mensen met schulden daadwerkelijk hulp vragen is de schuld gemiddeld opgelopen tot meer dan € 40.000,- en zijn er gemiddeld 15 schuldeisers betrokken. Hoe eerder mensen met financiële zorgen in beeld zijn, hoe meer mogelijkheden er zijn om te voorkomen dat financiële zorgen zich ontwikkelen tot een problematische schuldensituatie. Dit hoofdstuk bespreekt de diverse activiteiten die gemeente Doesburg onderneemt haar inwoners te helpen wanneer er sprake is van financiële zorgen. 4.1. Actief benaderen van inwoners Inwoners kunnen op verschillende mogelijkheden contact opnemen met de gemeente voor hulp bij financiële zorgen. Zoals reeds aangegeven speelt schaamte ook vaak een rol als het gaat over schulden. Het is daarom belangrijk dat de gemeente de doelgroep daarom ook zelf actief benaderd en hulp aanbiedt. Eerder is met deze achterliggende gedachte het onderwerp vroegsignalering al kort besproken. Echter, in het geval van vroegsignalering is de gemeente afhankelijk van de meldingen die zij krijgt van externe partijen. Gemeente Doesburg gaat daarom ook zelf actief inwoners benaderen. Dit is ook de wens van de raad. Deze wens is eerder al kenbaar gemaakt via een motie.

In de motie is verzocht om een paar maal per jaar, samen met sociale en levensbeschouwelijke partijen uit Doesburg, bij inwoners onder de aandacht te brengen dat schulden niet iets zijn om je voor te schamen en dat in het geval van financiële zorgen contact opgenomen kan worden met de gemeente voor hulp. 0800-8115 De Nederlandse Schuldhulproute (NSR) werkt aan een Nederland zonder schuldzorgen. De NSR biedt verschillende kanalen waar mensen terecht kunnen voor hulp. Eén van deze (offline) kanalen is het telefoonnummer 08008115. 0800-8115 is het landelijke telefoonnummer voor hulp bij geldzorgen en/of voor een luisterend oor. Het telefoonnummer is er voor mensen die liever de telefoon pakken dan dat ze een test op internet invullen. Zo is schuldhulp voor iedereen toegankelijk. Mensen die bellen krijgen advies en/of worden doorverbonden met passende hulp in de buurt. Bij contact met 0800-8115 krijgt een inwoner gratis en persoonlijk advies. Tijdens het gesprek kan de beller anoniem blijven.

Om inwoners van Doesburg te attenderen op het telefoonnummer 0800 – 8115 zal in 2021 gestart worden met een terugkerende campagne waarbij: • Iedere drie maanden een advertentie in de Regiobode wordt geplaatst • Iedere drie maanden een advertentie op social media wordt geplaatst • Leden van het Armoedepact worden geïnformeerd en verzocht de informatie actief onder de aandacht te brengen van inwoners • Flyers en posters worden bedrukt en verspreid in de stad

14

Bij deze terugkerende campagne wordt gebruik gemaakt van de promotietoolkit van 08008115. De promotietoolkit bestaat uit officiële (digitale) posters, een kant en klaar persbericht en een social media bericht. Bijlage I laat de verschillende posters van de campagne zien. 4.2. Vroegsignalering De termen vroegsignalering en preventie worden vaak in één adem genoemd. Hoe verhoudt vroegsignalering zich tot preventie? Zijn er verschillen of zijn zij juist hetzelfde? Bij preventie richten de activiteiten zich op risicogroepen waarvan verwacht kan worden dat ze mogelijk in de problemen komen. Bij vroegsignalering zijn er signalen dat er mogelijk al problemen zijn. Deze zijn echter vaak nog niet zo geëscaleerd dat de klant zelf besluit om hulp te zoeken. Ook kan het bij vroegsignalering zo zijn dat een melding wordt gedaan van een betaalachterstand, maar dat een inwoner simpelweg ‘gewoon’ even vergeten is om een rekening te betalen. Er is een dergelijke situatie verder niets aan de hand. De definitie van vroegsignalering luidt als volgt: het in een zo vroeg mogelijk stadium in beeld brengen van mensen met financiële problemen om vroegtijdige hulpverlening mogelijk te maken door gebruik te maken van daadwerkelijke signalen en outreachende hulpverlening. Vanaf 1 januari 2021 is binnen de Wgs vroegsignalering ingevoerd.

Vroegsignalering binnen de Wgs houdt in dat gemeenten alle meldingen inzake betaalachterstanden van woningcorporaties, zorgverzekeraars, water- en energieleveranciers op moeten volgen. De manier waarop dit wordt uitgevoerd is beleidsvrijheid. 4.2.1. Landelijk convenant vroegsignalering Om vroegsignalering uit te kunnen voeren moet de gemeente samenwerken en afspraken maken met schuldeisers over welke signalen zij aan de gemeente zullen leveren. Voordat schuldeisers betaalachterstanden mogen doorgeven aan de gemeente moeten zij wel voldaan hebben aan sociale incasso. Dit houdt in dat schuldeisers ten minste één schriftelijke betalingsherinnering hebben gestuurd, zich ingespannen hebben om in persoonlijk contact te treden met de klant (telefonisch, aan de deur of aan de balie) en klanten met betalingsachterstanden de weg hebben gewezen naar gemeentelijke schuldhulpverlening. Wanneer schuldeisers geen sociale incasso hebben ingezet mogen zij geen melding doen in het kader van vroegsignalering. Met schuldeisers moeten afspraken gemaakt worden over de precieze uitvoering van vroegsignalering. Deze afspraken zijn opgenomen in het landelijk convenant vroegsignalering welke door diverse schuldeisers, de NVVK en de VNG is ondertekend in november 2020. In het landelijk convenant zijn centraal afspraken gemaakt over vroegsignalering waar alle gemeenten in Nederland op aan kunnen haken.

Gemeente Doesburg haakt ook aan bij het landelijk convenant vroegsignalering. 4.2.2. RIS Matching en RIS Vroeg Eropaf Om ervoor te zorgen dat de signalen van alle verschillende schuldeisers op eenzelfde plek binnen komen en opgepakt kunnen worden, maakt gemeente Doesburg gebruik van een geautomatiseerde oplossing: RIS Matching en RIS Vroeg Eropaf.

15

RIS Matching Binnen RIS Matching worden betaalachterstanden vanuit verschillende melders verzameld. Schuldeisers mogen pas een melding binnen RIS Matching doen op het moment dat zij zelf al een sociale incasso hebben ingezet. De signalen kunnen maandelijks gematcht, gefilterd en gesorteerd worden om tot één of meerdere lijsten te komen met signalen waarmee de gemeente aan de slag wenst te gaan. RIS Vroeg Eropaf Nadat meldingen vanuit RIS Matching zijn geselecteerd, kunnen deze automatisch doorgezet worden of ingelezen in het systeem RIS Vroeg Eropaf. De consulent krijgt vanuit RIS Vroeg Eropaf automatisch een bericht als er meldingen zijn aangemaakt. In de toepassing RIS Vroeg Eropaf kunnen de adressen benaderd worden door het verzenden van brieven, het leggen van telefonisch contact, het versturen van SMS- of Whatsapp-berichten of het uitvoeren van huisbezoeken. De resultaten van de contactmomenten en/of – pogingen kunnen worden vastgelegd binnen het systeem. Vastgelegde resultaten worden vanuit RIS Vroeg Eropaf weer teruggekoppeld richting RIS Matching, zodat melders inzage hebben in de bereikte resultaten. Zij kunnen hier hun incassoproces dan op aan laten sluiten. De gemeente heeft de regie op welke gegevens er exact teruggekoppeld worden richting de melders of signaalpartners. 4.2.3.

Signalen oppakken Iedere maand kunnen meldingen gemaakt worden van betaalachterstanden in RIS Matching. Binnen RIS Matching kan de gemeente gebruik maken van verschillende filters en selectiemogelijkheden om matches te maken. Zo kan er gefilterd worden op enkelvoudige, meervoudige en/of opeenvolgende signalen. Ook kan er gefilterd worden op basis van wijken, leeftijd of soort en hoogte van de betalingsachterstand. Op deze manier kan bepaald worden welke betalingsachterstand(en) de hoogste prioriteit krijgen. Verder kan er naast het maandelijks matchen gebruik worden gemaakt van zogenaamde ‘crisis signalen’. Melders kunnen een crisis signaal doorgeven wanneer er sprake is van een geplande huisontruiming of energie- of waterafsluiting. Deze signalen kunnen direct en zonder vertraging worden doorgezet naar de gemeente, zonder dat er gematcht hoeft te worden. In onderstaande figuur is een prognose te vinden van het aantal te verwachten signalen per maand voor gemeente Doesburg: Groep

Minimaal

Gemiddeld

Maximaal

Zorgverzekeraars Waterbedrijven Woningcorporaties Energieleveranciers

25 5 8 2

34 12 21 3

43 32 34 8

Totaal Totaal (tijdens corona)

40 79

71 108

115 137

16

Welke matches krijgen prioriteit? Wanneer er ‘crisis signalen’ worden doorgegeven in het systeem van RIS zullen deze te allen tijde als eerste worden opgepakt. Een kanttekening hierbij is dat in zo’n geval niet zozeer meer sprake is van vroegsignalering. Echter om escalatie te voorkomen is het uitermate belangrijk dat deze meldingen direct worden opgepakt. Na de ‘crisis signalen’ zullen de volgende matches gezocht worden en vervolgens prioriteit krijgen: • Meldingen van twee maanden huurachterstand achter elkaar • Een melding van een huurachterstand in combinatie met een achterstand bij de energieleverancier • Een melding van een huurachterstand in combinatie met een achterstand bij het waterbedrijf • Meldingen waarbij drie maanden achter elkaar sprake is van (verschillende) betaalachterstanden op eenzelfde adres 4.2.4. Hulpaanbod In paragraaf 4.2.3. is bepaald welke meldingen prioriteit krijgen. Echter blijft gelden dat álle meldingen van betaalachterstanden opgepakt moeten worden door de gemeente. De gemeente is immers verplicht om een inwoner een aanbod te doen tot een eerste gesprek als zij een signaal van een betaalachterstand heeft ontvangen. De manier waarop een hulpaanbod wordt gedaan kan variëren. Het hulpaanbod kan bestaan uit het sturen van een brief, het opnemen van telefonisch of digitaal contact en/of het afleggen van een huisbezoek.

Uit de evaluatie vroegsignalering van het afgelopen half jaar kon worden geconcludeerd dat persoonlijk contact veel effectiever is dan schriftelijk contact. Huisbezoeken De hiervoor genoemde matches krijgen prioriteit. Dit wil zeggen dat een huisbezoek wordt afgelegd wanneer er sprake is van dergelijke matches. Het is moeilijk te voorspellen hoeveel van dit soort matches er per maand zullen zijn omdat vroegsignalering op deze wijze nieuw is. Ook is het niet mogelijk om bij andere gemeenten na te gaan hoeveel matches zij hebben, omdat iedere gemeente zelf bepaald op welke meldingen zij matchen. Wanneer we er van uit dat gaan dat circa 10% van de meldingen een match oplevert, geeft dat tussen de 8 en 14 matches per maand (tijdens corona). Het gaat hier om een ruwe schatting. Dit betekent dat er 8 tot 14 huisbezoeken per maand afgelegd zouden moeten worden. Wanneer een huisbezoek wordt afgelegd en een inwoner niet thuis is op het moment dat er contact wordt gezocht, wordt een kaartje bij de inwoner achter gelaten waarin kenbaar wordt gemaakt dat er iemand is langs geweest naar aanleiding van een melding over een betaalachterstand. Een voorbeeld van het kaartje dat wordt achtergelaten kan terug gevonden worden in bijlage 2.

17

Brieven In de situatie waarin geen sprake is van prioritering zal een brief worden gestuurd naar de inwoner inzake de betaalachterstand. We realiseren ons dat dit veel minder effectief zal zijn dan het afleggen van een huisbezoek of het opnemen van telefonisch contact. Echter het is niet realistisch om ieder signaal van een betalingsachterstand af te handelen met persoonlijk contact. Uitkomsten benadering inwoner Wanneer de gemeente de inwoner benadert zijn er drie uitkomsten mogelijk: 1. Het contact komt niet tot stand of een inwoner wilt niet geholpen worden 2. Er volgt een gesprek (inclusief afspraken) Wanneer er een gesprek tot stand komt wordt met een inwoner uitgelegd waarom er contact met hem of haar is opgenomen. Er wordt gevraagd om de situatie te bespreken en te zoeken naar een oplossing. Hierbij worden de volgende activiteiten uitgevoerd: • De financiële en schuldenpositie worden in kaart gebracht • Er wordt bepaald of de betalingsachterstand kan worden opgelost door een quick fix: bijvoorbeeld door het aanvragen van bijzondere bijstand, toeslagen, een voorlopige teruggave van de belastingdienst et cetera. Tijdens het gesprek wordt de basis gelegd om deze oplossingen te realiseren • Er wordt afgesproken wanneer de betaling kan worden hervat, zo nodig na ruggespraak met de crediteur • Er wordt gesignaleerd of er mogelijk grotere financiële problemen zijn.

Wanneer dit het geval is wordt er toestemming gevraagd voor het inzetten van reguliere schuldhulpverlening en vindt er een vervolgafspraak plaats • Er wordt gesignaleerd of er mogelijk andere problemen aan de orde zijn. Eventueel wordt toestemming gevraagd om andere hulpverlening in te zetten 3. Er vindt een warme overdracht plaats naar (schuld)hulpverlening Alle drie de uitkomsten worden verwerkt in het systeem van RIS. Via het systeem vindt tevens (beperkte) terugkoppeling naar de melder plaats. 4.2.4. Acceptatie hulpaanbod Wanneer een inwoner heeft aangegeven hulp te willen krijgen, moet een eerste gesprek plaats vinden binnen vier weken nadat de gemeente een signaal heeft ontvangen en de inwoner het aanbod daartoe heeft geaccepteerd. Bij een bedreigende situatie is dat drie dagen. Onder een bedreigende situatie wordt verstaan: gedwongen woningontruiming, beëindiging van de levering van gas, elektriciteit, stadsverwarming of water of opzegging dan wel royement van de zorgverzekering. Uiterlijk binnen 8 weken nadat de inwoner heeft aangegeven hulp te willen moet een beschikking worden afgegeven waarin de inwoner wordt toegelaten of geweigerd tot de schuldhulpverlening. Het maakt hierbij niet uit op welke manier de hulpvraag is geformuleerd.

18

De termijn waarbinnen de beschikking wordt afgegeven moet worden vastgelegd in een verordening. De verordening dient te worden vastgesteld. De verordening kan terug gevonden worden in bijlage 3. 4.2.5. Proces schematisch in beeld Het hierboven beschreven proces van vroegsignalering kan als volgt worden samengevat:

19

Wanneer een inwoner heeft aangegeven in aanmerking te willen komen voor schuldhulpverlening kan het proces worden samengevat zoals in onderstaande figuur:

In hoofdstuk 5 zal nog ander worden ingegaan op het hulpaanbod waar een inwoner gebruik van kan maken. 4.3. Vraagbaak Via de Vraagbaak kunnen netwerkpartners en inwoners zich melden met verschillende soorten vragen. Wanneer een inwoner zich meldt bij de Vraagbaak wordt de hele situatie uitgevraagd door een consulent, zo ook de financiële situatie. Wanneer een consulent dit nodig acht wordt een inwoner actief doorverwezen naar de juiste organisatie voor zijn of haar hulpvraag. Zo kan een inwoner bijvoorbeeld doorverwezen worden naar de Formulierenbrigade of naar de consulent schuldhulpverlening voor verdere hulp. 4.4. Samenwerking met netwerkpartners Inwoners kunnen op verschillende manieren terecht bij de gemeente wanneer zij in aanmerking willen komen voor schuldhulpverlening. Dit wordt actief gecommuniceerd met de netwerkpartners van de gemeente, zodat zij een inwoner door kunnen verwijzen wanneer dat nodig is. Naast het gegeven dat netwerkpartners op de hoogte zijn van schuldhulpverlening georganiseerd door de gemeente, kunnen netwerkpartners ook bij de gemeente terecht voor

20

al hun vragen omtrent schuldhulpverlening. Een belangrijke netwerkpartner binnen de schuldhulpverlening is Sociaal Raadslieden. Inwoners met vragen of problemen melden zich vaak bij Sociaal Raadslieden voordat zij in beeld zijn bij de gemeente. Het is daarom van belang korte lijntjes te onderhouden met Sociaal Raadslieden en de samenwerking op dit onderwerp actief op te zoeken. Sommige inwoners hebben (nog) geen specifieke vraag als het gaat om schuldhulpverlening, maar willen wel graag geholpen worden bij het op orde krijgen van de administratie en/of het aanvragen van een regeling. In deze gevallen kunnen klanten terecht bij de thuisadministratie en/of de formulierenbrigade. De thuisadministratie en de formulierenbrigade leveren een bijdrage aan het voorkomen van financiële zorgen. Thuisadministratie De thuisadministratie helpt inwoners met het op orde krijgen en houden van de administratie. De thuisadministratie wordt verzorgd door vrijwilligers en is geregeld vanuit de Kredietbank. Formulierenbrigade De formulierenbrigade helpt inwoners met het doen van een voorzieningencheck. Als uit de voorzieningencheck blijkt dat een inwoner recht heeft op één of meerdere regelingen, dan wordt de inwoner geholpen met het aanvragen van deze regelingen. De formulierenbrigade wordt tevens verzorgd door vrijwilligers en wordt geregeld vanuit Caleidoz. 4.5.

Inzet laaggeletterdheid en volwasseneneducatie Het hebben van financiële zorgen kan iedereen overkomen. De kans is echter groter bij iemand die laaggeletterd is. Mensen die laaggeletterd zijn hebben moeite met lezen en schrijven en/of rekenen en omgaan met een computer of smartphone. Het begrijpen van informatie en grip krijgen en hebben op geldzaken is daardoor lastig. Het is daarom van belang dat er voldoende aandacht is voor laaggeletterdheid onder de inwoners van gemeente Doesburg. Hoe meer er in gezet wordt op het bestrijden van laaggeletterdheid, hoe groter de kans dat schulden kunnen worden voorkomen. Volwasseneneducatie Op grond van de Wet Educatie Beroepsonderwijs (WEB) zijn gemeenten verantwoordelijk voor voldoende en een kwalitatief goed aanbod van educatieopleidingen, ook wel bekend onder de naam volwasseneneducatie. Inwoners die in aanmerking komen voor volwasseneneducatie zijn: • Analfabeten • Laaggeletterden, die hun vaardigheden Nederlandse taal en rekenen willen verbeteren, gericht op het bereiken van het ingangsniveau voor het beroepsonderwijs • Vrijwillige inburgeraars die hun Nederlandse taalvaardigheden willen verbeteren door deelname aan een opleiding Nederlands als tweede taal en/of het afleggen van het staatsexamen Volwasseneneducatie is niet bedoeld voor inwoners die (nog) inburgeringsplichtig zijn.

De volwasseneneducatie voor inwoners van Doesburg wordt verzorgd door het Graafschap College in Doetinchem. Het Graafschap College verzorgt taaltrajecten die passen bij het

21

individu. Het doel van een taaltraject is het verbeteren van het al aanwezige taalniveau en/of het terugdringen van laaggeletterdheid. Op deze manier neemt de participatie op de verschillende leefgebieden in waarde toe. Inwoners kunnen zich zelf aanmelden voor volwasseneneducatie of kunnen aangemeld worden door een consulent van de afdeling werk en inkomen. Taalhuis Vanuit de zogenaamde WEB-gelden heeft gemeente Doesburg het verzoek gedaan aan het taalhuis West-Achterhoek om een taalhuis voor Doesburg op te zetten. Een taalhuis is een plek waar mensen bij elkaar kunnen komen die moeite hebben met taal, rekenen of het omgaan met de computer. De mensen die bij het taalhuis komen, helpen elkaar. Ook zijn er vrijwilligers die helpen. Om deel te nemen aan het taalhuis hoeft iemand geen lid te zijn van de bibliotheek. Het is de bedoeling dat het taalhuis Doesburg de volgende activiteiten gaat uitvoeren: • Het informeren van partijen en partners over (partiële) laaggeletterdheid en het herkennen en bespreekbaar maken hiervan. Verder zal gezamenlijk worden nagegaan welke ondersteuning geboden kan worden aan (partieel) laaggeletterden • Het bieden van een loket waar mensen met een vraag op het gebied van basisvaardigheden zich kunnen melden • Het bieden van een doorverwijsfunctie.

De leerwens/het leerdoel en het niveau van de inwoner bepaalt naar welke aanbod/welke partner de inwoner wordt doorverwezen. Dit wordt gedaan door middel van een warme overdracht Voor het opzetten van het taalhuis is de samenwerking met de Buurtacademie gezocht. Taalmaatjes en het Taalcafé Via de Buurtacademie kunnen inwoners zich aanmelden voor een taalmaatje en/of voor het taalcafé. Taalmaatjes zijn er voor alle mensen die de Nederlandse taal beter willen leren spreken, schrijven en begrijpen. Wanneer iemand zich aanmeldt voor een taalmaatje wordt er een vrijwilliger aan deze persoon toegewezen die de Nederlandse taal goed beheerst. Samen gaan zij aan de slag en wordt er geoefend met woorden, zinnen, verhaaltjes en het voeren van gesprekken. Ook kan er worden geoefend op de computer. Het taalcafé is een laagdrempelige ontmoetingsplek binnen de Buurtacademie waar inwoners de Nederlandse taal (leren) spreken. Het is een extra mogelijkheid om Nederlands te oefenen. In het taalcafé wordt onder leiding van een Nederlands sprekende vrijwilliger in kleine groepjes Nederlands gesproken over allerlei onderwerpen. Dit wordt gedaan met behulp van bijvoorbeeld een foto, een plaatje of een taalspelletje. Bij het taalcafé leren inwoners andere mensen kennen en komen zij in aanraking met andere culturen. 4.6.

Mensen met een licht verstandelijke beperking Bij mensen met een licht verstandelijke beperking komen problematische schulden bovengemiddeld vaak voor.

22

Hier zijn twee redenen voor: • De arbeidsmarktpositie is vaak slechter Relatief veel mensen met een licht verstandelijke beperking hebben tijdelijke, laagbetaalde contracten (op flexbasis). Omdat hun inkomen vaak fluctueert, zijn ze vaak aangewezen op inkomensvoorzieningen, met alle administratieve taken die daar bij horen. • Hun inschattingsvermogen van een situatie vaak slechter Mensen met een licht verstandelijke beperking schatten hun situatie vaak slechter of rooskleuriger in dat dat het werkelijk is. Ook komt financieel misbruik onder deze groep relatief vaak voor. Deze groep heeft daarom extra aandacht nodig. De consulenten van de gemeente verwijzen iemand met een licht verstandelijke beperking door naar de onafhankelijke cliëntondersteuning in Doesburg, wanneer dat nodig is. Ook kan deze doelgroep zelf contact opnemen met de onafhankelijke cliëntondersteuning. De onafhankelijke cliëntondersteuning wordt verzorgd door MEE Oost. De cliëntondersteuners weten veel over het leven met beperkingen en kijken mee vanuit het belang van de persoon. De cliëntondersteuning is er voor alle leeftijden en op alle gebieden. Het is gratis en een doorverwijzing is niet nodig. 4.7. Wet inburgering en het ontzorgen van statushouders Het streven is dat op 1 januari 2022 de nieuwe Wet inburgering in gaat.

Met de nieuwe Wet inburgering worden gemeenten verantwoordelijk voor onder andere het inburgeringstraject van inburgeraars. In het nieuwe stelsel geldt als standaard een hogere norm voor het taalniveau dan dat voorheen gold: het is de bedoeling dat inburgeraars de Nederlandse taal op niveau B1 leren. Naast het leren van Nederlands op B1 niveau, is het de bedoeling dat het inburgeringstraject gecombineerd wordt met (vrijwilligers)werk of stage. Deze combinatie wordt ook wel de B1 route benoemd. Naast de B1 route zijn er nog twee andere routes die gevolgd kunnen worden. Met name jonge inburgeraars kunnen een andere route volgen, namelijk de onderwijsroute. In de onderwijsroute worden intensieve taallessen gegeven en worden er tegelijkertijd vakken als rekenen, Engels, leervaardigheden en studieloopbaanbegeleiding gevolgd. In gemiddeld anderhalf jaar wordt dit traject afgerond en vervolgens kan ingestroomd worden in vervolgonderwijs. Tenslotte is er een groep inburgeraars voor wie deze beide routes niet haalbaar is. Deze inburgeraars gaan onder de nieuwe Wet inburgering meer tijd besteden aan het leren van de taal, zelfredzaamheid en participatie in de samenleving. Dit wordt ook wel de Z-route genoemd. Deze inburgeraars sluiten hun inburgering af met een certificaat. Door de verantwoordelijkheid bij gemeenten te leggen, kan maatwerk waar nodig geleverd worden.

Naast het onder andere aanbieden van taaltrajecten wordt de gemeente ook verantwoordelijk voor het ontzorgen van inburgeraars die bijstand ontvangen. De ontzorging houdt in dat de gemeente voor deze groep de eerste zes maanden de huur, de

23

zorgverzekering en rekeningen voor gas, water en licht vanuit de bijstand gaat betalen. Deze ontzorging moet zorgen voor rust en stabiliteit bij het begin van de inburgering. Tijdens de fase van ontzorging is het de bedoeling dat inburgeraars leren hoe ze op een juiste manier met hun financiën om gaan. Het inzetten op een goede inburgering en het leren omgaan met financiën draagt bij aan het voorkomen van financiële zorgen. 4.8. De moedige dialoog Op dit moment hebben we te maken met een mondiale crisis die veel mensen in de portemonnee treft of zal treffen. De verwachting is dan ook dat het aantal mensen die te maken krijgen met betalingsproblemen zal stijgen. Deze betalingsproblemen kunnen uitgroeien tot schuldenzorgen. Deze veroorzaken persoonlijk leed en leiden tot hoge maatschappelijke kosten. Verschillende stakeholders zetten zich in om schulden te voorkomen, of waar nodig op te lossen. Ook werkgevers kunnen helpen geldzorgen en schulden vroegtijdig aan te pakken. De moedige dialoog Midden-Gelderland biedt bedrijven in de arbeidsmarktregio Midden-Gelderland praktische tools bij het signaleren en aanpakken hiervan. De aanpak van de moedige dialoog richt zich op de waarde van de relatie tussen de werkgever en werknemer om zo heel vroeg signalen op te kunnen halen.

Voor de werkgever zit er ook een belang omdat medewerkers met schulden ook hen veel geld en zorgen kunnen kosten. In 2017 is er gestart met de Arnhemse Dialoog. Vanwege het succes, en de blijvende problematiek, wordt nu gekozen voor opschaling naar een regionale aanpak. Natuurlijk ook omdat veel bedrijven in de arbeidsmarkt werknemers uit de hele regio in dienst hebben. De tweeledige ambitie van de aanpak is: 1. Het verminderen van het aantal mensen met financiële problemen door in een vroeg stadium, preventief te signaleren. Zo voorkomen we dat we achteraf (grotere) financiële problemen moeten oplossen. 2. Katalysator zijn voor het thema ‘schulden op de werkvloer’. De moedige dialoog Midden-Gelderland wil alle werkgevers in de arbeidsmarktregio Midden-Gelderland een passende propositie bieden om dit probleem aan te pakken. Dit doen zij door in te zetten op: • Het delen van kennis, het verbinden van partijen en het bundelen van krachten in de regio. • Verbinding leggen met het reeds bestaande aanbod bij maatschappelijke organisaties en gemeenten. • Een compleet traject bieden, van vroegsignalering bij het bedrijfsleven tot begeleiding naar professionele hulpverlening.

24

Dit moet resulteren in: • Vroegtijdig signaleren van (risico op) schuldenproblematiek • Voorkomen van zwaardere problemen met een hoge kostenpost • Het gemakkelijker vinden van de route naar ondersteuning bij opkomende schuldenproblematiek • Financieel fitte werknemers die van waarde zijn voor de economie 4.9. Ondernemers Ondernemers kunnen niet toegelaten worden tot de reguliere schuldhulpverlening omdat hiervoor een vast inkomen vereist is. Er zijn echter wel een hoop andere oplossingen voor ondernemers met geldzorgen. Ondernemers met geldzorgen in gemeente Doesburg kunnen zich melden bij de Vraagbaak waar zij hun hulpvraag kunnen neerleggen. Voor ondernemers met een nog functionerende onderneming geldt dat zij bij financiële problemen oplossingen kunnen zoeken binnen de private financiering (bijvoorbeeld Qredits), het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) of de Wet Homologatie Onderhands Akkoord (WHOA). Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) Het Bbz wordt door de gemeente uitgevoerd. Het Bbz heeft als doel om de daarin benoemde categorieën zelfstandigen met bijstand te ondersteunen wanneer dat nodig is. Het gaat om een inkomensaanvulling tot het sociaal minimum of om een bedrag aan bedrijfskapitaal. Om tot de doelgroep te kunnen worden gerekend en daadwerkelijk voor bijstand in aanmerking te komen, moet de zelfstandige aan bepaalde voorwaarden voldoen.

Bijstand in de vorm van bedrijfskapitaal kan worden verstrekt voor financiering voor de onderneming, maar ook voor gedeeltelijke of volledige betaling van een bedrijfsschuld. Die bijstand kan ook betrekking hebben op privéschulden. Gemeenten kunnen ondernemers ook nog tijdelijk ondersteunen met bijstand bij het beëindigen van hun bedrijf. Onder bepaalde omstandigheden hoeft de bijstand niet te worden terug betaald. Door ondersteuning te bieden vanuit het Bbz kan worden voorkomen dat een ondernemer een in problematische schuldensituatie terecht komt. Wet Homologatie Onderhands Akkoord (WHOA) De nieuwe Wet Homologatie Onderhands Akkoord is ingegaan op 1 januari 2021. De WHOA helpt bedrijven die door hoge schulden failliet dreigen te gaan, terwijl ze nog wel levensvatbare activiteiten hebben. Door hun schulden te reorganiseren, kunnen deze bedrijven door. Ook bedrijven met onvoldoende overlevingskansen hebben baat bij de WHOA, omdat zij zonder faillissement kunnen stoppen. Tot 1 januari 2021 gold dat er alleen een akkoord was wanneer alle schuldeisers en aandeelhouders instemden. Wanneer 1 schuldeiser of aandeelhouder dwarslag, kon dit leiden tot een faillissement. Wanneer de WHOA wordt ingezet overlegt de schuldenaar met schuldeisers. De afspraken die worden gemaakt worden vastgelegd in een conceptakkoord. Over dit conceptakkoord van de schuldenregeling moet worden gestemd.

Daarna bevestigt de rechtbank het akkoord op de voorgestelde schuldenregeling. Ook als niet alle bij het akkoord

25

betrokken schuldeisers of aandeelhouders instemmen. De ondernemer met schulden houdt tijdens het WHOA-traject de controle over zijn onderneming en kan blijven ondernemen. De belangrijkste punten bij het inzetten van de WHOA zijn: - Het bedrijf kan nu of in de toekomst de schulden niet meer betalen - Het doel van een akkoord moet zijn: o Het afwenden van een dreigend faillissement van een onderneming die na herstructurering weer financieel gezond is o De afwikkeling van een onderneming zonder overlevingskansen, waarbij door het akkoord voor schuldeisers een beter resultaat wordt behaald dan met een faillissement - Er moet een haalbaar en doordacht akkoord liggen - De besluitvorming over en de inhoud van het akkoord moet aan een aantal wettelijke voorschriften voldoen - Een belangrijke voorwaarde is dat het akkoord redelijk moet zijn - Arbeidsvoorwaarden van het personeel mogen niet veranderen De WHOA wordt onderdeel van de Faillissementswet en geldt voor alle bedrijven. Het voordeel van de WHOA is dat het ondernemers een meer praktische en snellere oplossing biedt, met hetzelfde resultaat als de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP). Een verschil tussen de WHOA en de WSNP is dat de ondernemer bij de WHOA door kan gaan met de activiteiten als zelfstandig ondernemer.

Wanneer een ondernemer met geldzorgen zich meldt bij gemeente Doesburg kan de ondernemer gewezen worden op de mogelijkheid van de WHOA. Ondernemers in corona tijd Als gevolg van de corona crisis zijn diverse maatregelen in het leven geroepen door de overheid. Deze maatregelen treffen verschillende ondernemers. Om ondernemers (financieel) te ondersteunen zijn er regelingen door de overheid in het leven geroepen. Deze regelingen zullen sommige ondernemingen redden, maar andere ook niet. Het is daarom belangrijk dat zelfstandig ondernemers die geen of onvoldoende inkomsten hebben, zich breder gaan oriënteren op de arbeidsmarkt. Per 1 januari 2021 kunnen deze ondernemers voor heroriëntatie terecht bij de gemeente. Dit is onderdeel van de volgende fase in de Tozo-regeling. Gemeente Doesburg zal ondernemers die dat wensen ondersteunen bij hun heroriëntatie. Deze bestaat uit een aantal stappen, te weten: 1. Het informeren van de doelgroep over de mogelijkheid tot heroriëntatie 2. Het onderzoek heroriëntatie Een ondernemer moet zelf aangeven of ondersteuning wordt gewenst. Er wordt daarbij uitgegaan van de eigen verantwoordelijkheid.

26

Voordat een plan gemaakt kan worden voor wat betreft concrete heroriëntatie is het belangrijk om te weten hoe het bedrijf van de ondernemer er voor staat en of het bedrijf al dan niet (nog) door kan gaan. Dit onderzoek zal binnen gemeente Doesburg uitgevoerd worden door het Instituut voor Midden – en Klein bedrijf (IMK). Het IMK zal tijdens het onderzoek zorg dragen voor een gedegen intake, advies en triage, waarbij aandacht is voor: • Een heldere probleemstelling • Inzicht over perspectief op levensvatbaarheid • Richting voor de ondernemer • Draagvlak bij de ondernemer zodat deze gemotiveerd blijft om de volgende stap te zetten (ook in het geval van bedrijfsbeëindiging) • Doorverwijzing naar de juiste instantie 3. Bepalen toekomst van de ondernemer Op basis van het onderzoek uitgevoerd door het IMK zal een advies worden gegeven voor de toekomst van het bedrijf van de ondernemer. 4. Ondersteunen van de ondernemer Afhankelijk van de toekomst van de ondernemer wordt specifieke ondersteuning geboden. Om de heroriëntatie nog verder vorm te geven en te optimaliseren zal in begin 2021 binnen de arbeidsmarktregio Midden-Gelderland een crisisdienstverlening worden opgezet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Doesburg&id=7bf91d18-ec65-4472-b699-1e565919764c