CConstaterende datDoesburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2023-2026 bijlage 1 boekwerk

Commissie Financiën 31 oktober 2022, gemeente DoesburgBij agendapunt: Programmabegroting 2023-202633.466 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)

562.657

561.229

561.229

579.326

594.949

609.535

6.71 Maatwerkdienstverlening 18+

3.044.990

3.279.825

3.622.819

3.622.819

3.622.819

3.622.819

6.72 Maatwerkdienstverlening 18-

3.989.015

5.154.699

5.146.691

5.146.691

5.168.691

5.168.691

6.81 Geëscaleerde zorg 18+

95.181

103.344

103.344

103.344

103.344

103.344

6.82 Geëscaleerde zorg 18-

27.545

28.070

28.070

28.070

28.070

28.070

7.1 Volksgezondheid

365.260

375.384

428.884

428.884

428.884

428.884

19.160.424

21.046.394

21.146.403

21.197.952

21.271.919

21.337.008

4.2 Onderwijshuisvesting

11.277

11.300

11.300

11.300

11.300

11.300

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

333.808

350.000

30.000

5.000

5.000

5.000

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie

12.160

0

0

0

0

0

6.3 Inkomensregelingen

4.627.536

4.389.979

4.369.979

4.389.979

4.389.979

4.389.979

6.5 Arbeidsparticipatie

127.716

180.978

180.978

180.978

180.978

180.978

6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)

263.871

8.296

8.296

8.296

8.296

8.296

6.71 Maatwerkdienstverlening 18+

152.401

92.170

352.664

352.664

352.664

352.664

5.528.769

5.032.723

4.953.217

4.948.217

4.948.217

4.948.217

-13.631.655

-16.013.671

-16.193.186

-16.249.735

-16.323.702

-16.388.791

Totaal Lasten Baten

Totaal Baten Resultaat

Pagina 29 van 102

Toelichting op budgetafwijkingen Taakveld 4.3 : Onderwijsbeleid en leerlingenzaken: lagere lasten € 266.157 (voordeel) / lagere baten € 320.000 (nadeel) De lagere last in 2023 bestaat voor € 320.000 uit lasten voor het "Gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (GOA)". Hier tegenover staat een lagere bate voor hetzelfde bedrag. De Rijksbeschikking voor het GOA loopt in 2022 af. Inmiddels is duidelijk dat er voor 2023 en verder ook middelen beschikbaar komen voor dit beleid. Deze middelen worden bij een eerstvolgende begrotingswijziging budgetneutraal toegevoegd. Daarnaast is er een hogere last in 2023 voor het "Routegebonden Doelgroepenvervoer" van ca. € 52.521. Dit zijn de bij de kadernota 2023 (A12) toegevoegde middelen voor dit onderwerp. Taakveld 6:2: Toegang en eerstelijnsvoorzieningen: hogere lasten € 48.000 (nadeel) De hogere last in 2023 betreft de bij de kadernota 2023 (A9) toegevoegde middelen voor dit onderwerp. Dit zijn de lasten voor "Versterking gemeentelijke dienstverlening n.a.v. de parlementaire ondervragingscommissie kinderopvangtoeslag (POK)".

Taakveld 6:4: WSW en beschut werk: lagere lasten € 64.100 (voordeel) De lagere last in 2023 betreft een lagere bijdrage aan Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Centraal-Gelderland (MGR) Taakveld 6:71: Maatwerkdienstverlening 18+: hogere lasten € 342.994 (nadeel) / hogere baten € 260.494 (voordeel) De lagere last in 2023 bestaat voor € 260.494 uit lasten voor het "Ambulantiseringsmiddelen". Hier tegenover staat een bate voor hetzelfde bedrag. Dit betreft de bij de kadernota 2023 (A4 en B1) toegevoegde middelen voor dit onderwerp. Daarnaast is er een hogere last in 2023 voor het "WMO Huishoudelijke hulp" van € 120.000. Dit zijn de bij de kadernota 2023 (A10) toegevoegde middelen voor dit onderwerp. Verder is er een lagere last in 2023 voor schuldhulpverlening van € 37.500. Dit zijn de middelen voor vroegsignalering die bij de Integrale begrotingsbijstelling 2021 (IBB) zijn overgeheveld naar 2022. Taakveld 7:1: Volksgezondheid: hogere lasten € 53.500 (nadeel) De hogere last in 2023 betreft vooral een hogere bijdrage aan de "Veiligheid- en Gezondheidsregio Gelderland Midden (VGGM)" . Dit is de bijdrage voor de openbare- en jeugdgezondheidszorg welke in de begroting van de VGGM is opgenomen.

Beleidsindicatoren Voor het toelichten van de maatschappelijke effecten in de begroting zijn gemeenten verplicht om de effecten van beleid toe te lichten aan de hand van een op Rijksniveau vastgestelde set aan beleidsindicatoren. In dit boekwerk zijn deze verplichte indicatoren opgenomen in de bijlage "beleidsindicatoren in perspectief". Door de indicatoren (en daarmee de ontwikkeling ervan) op deze wijze te presenteren, ontstaat er een overzichtelijk beeld van de cijfers. Het doel van deze indicatoren is dat de beleidsresultaten van de gemeenten onderling vergelijkbaarder worden. Verbonden partijen In de paragraaf Verbonden partijen vindt u een totaallijst met partijen waarmee Doesburg banden is aangegaan ter behartiging van bepaalde publieke belangen. De verbonden partijen die bijdragen aan de doelstellingen van het programma 2 Verbindende en versterkende sociale aanpak worden hieronder toegelicht. Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem-Nijmegen (DRAN) Pagina 30 van 102

Het openbaar belang De vervoersorganisatie is ingesteld ter gemeenschappelijke behartiging van de belangen van de deelnemers met betrekking tot het tot stand brengen, ontwikkelen en in stand houden van een kwalitatief hoogwaardig, herkenbaar, efficiënt en eenvoudig te gebruiken doelgroepenvervoer. Hierbij wordt rekening gehouden met de mogelijkh4eden van reizigers en hun sociale netwerk en wordt erop toegezien dat het aanvullend vervoer ook in het buitengebied en de kleine kernen voldoende gewaarborgd is en dat het vervoer optimale aansluiting heeft op het openbaar/vervoer/netwerk. Veranderingen gedurende begrotingsjaar Er worden geen veranderingen verwacht gedurende het begrotingsjaar 2023. Beleidsvoornemens omtrent de verbonden partij Het bestaande beleid voortzetten. Ontwikkelingen en risico's Het risico voor onze gemeente is van financiële aard, als de beoogde efficiencyvoordelen niet worden behaald of als meerdere gemeenten uit deze regio vervoersstromen gaan onttrekken aan deze regeling. Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Centraal-Gelderland (MGR) Het openbaar belang De MGR (Modulaire Gemeenschappelijke Regeling) biedt een algemeen kader voor samenwerking op het gebied van het sociaal domein binnen de regio Centraal-Gelderland en voorziet in samenwerkingsmodules.

Er wordt deelgenomen aan de modules: Inkoop, Werkgevers Service Punt (WSP) en Werkgeverschap Sociale Werkvoorziening (WgSW). Veranderingen gedurende begrotingsjaar Er worden geen veranderingen verwacht gedurende het begrotingsjaar 2023. Beleidsvoornemens omtrent de verbonden partij Het bestaande beleid voortzetten. Ontwikkelingen en risico's De MGR begint steeds duidelijker vorm te krijgen. In een dienstverleningsovereenkomst zijn afspraken gemaakt over de uitvoering en aansturing van taken door de MGR. De MGR beschikt over verschillende bestemmingsreserves om de risico's binnen de modules op te vangen. Met de MGR is een open einde systematiek afgesproken. In de regeling is opgenomen dat in de jaarrekening de kosten per module na aftrek van de inkomsten, worden verdeeld over de deelnemende gemeenten volgens de geldende kostenverdeelsleutel. Alle voordelen maar ook nadelen komen ten gunste/ ten laste van de deelnemende gemeenten. Tot op heden zijn er alleen positieve exploitatieresultaten behaald, derhalve is het risico voor onze gemeente beperkt. Veiligheid- en Gezondheidsregio Gelderland Midden De VGGM is ook verantwoord bij programma 1, in verband met veiligheid. Hier is ook de tekstuele toelichting opgenomen. In beide programma’s zijn dezelfde gegevens opgenomen.

Pagina 31 van 102

Bijdrage 2023

Percentage deelneming

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

€ 934.000

1,7%

€ 9.615.000

€ 63.229.000

Exploitatie Verslagjaar resultaat

Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio ArnhemNijmegen (DRAN) Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein CentraalGelderland (MGR) Veiligheid- en Gezondheidsregio Gelderland Midden (VGGM)

€ 1.730.000

2021

Verbonden partij

Bijdrage 2023

Percentage deelneming

Eigen vermogen

vreemd vermogen

Exploitatie- verslagjaar resultaat

Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem-Nijmegen (DRAN)

592.385

-

-

13.001.000

3.951.000

2020

Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Centraal-Gelderland (MGR)

1.532.441

-

699.000

4.362.000

-

2021

Veiligheid- en Gezondheidsregio Gelderland Midden (VGGM)

934.000

1,70%

9.615.000

63.229.000

1.730.000

2021

Programma 3 Kwaliteitstoerisme en toegankelijke natuurrecreatie Korte beschrijving Kwaliteitstoerisme en toegankelijke natuurrecreatie zijn één van de drie pijlers waarop we de komende jaren volop inzetten. Toerisme en recreatie willen we op een kwalitatieve manier verder ontwikkelen, in balans met de leefomgeving, economie, cultuur en natuur. Dit doen we door middel van het opstellen van een toeristische visie met uitvoeringsprogramma en een economische visie met uitvoeringsplan. De binnenstad moet een evenwichtig aanbod van voorzieningen hebben om bruisend en levendig te kunnen zijn en blijven. We willen daarom leegstand zoveel mogelijk voorkomen door een goede bezetting van winkelpanden in stand te houden. Wat willen we bereiken? L 3.1 We willen een bruisende, levendige Binnenstad en we willen in dit kader dat de bestaande evenementen worden behouden en optimaal vanuit de gemeente worden ondersteund. Wat gaan we daarvoor doen?

M 3.1 Toeristen betalen mee aan de voorzieningen. Omschrijving (toelichting) We doen onderzoek naar het laten meebetalen van toeristen aan voorzieningen en voeren conrete maatregelen op basis van het onderzoek, uit.

Pagina 32 van 102

M 3.1 We ontwikkelen de passantenhaven door. Omschrijving (toelichting) We vervangen het voorzieningengebouw zodanig dat de gebruikers dit goed, schoon, heel en veilig kunnen gebruiken. We vervangen het betaalsysteem in de haven ter verhoging van de gebruiksvriendelijkheid, maar ook voor een groter toepassingsbereik met als gevolg hogere opbrengsten. We realiseren een dijktrap zodat de binnenstad veiliger en via een aantrekkelijke looproute te bereiken is. We richten het buitenterrein van de haven aantrekkelijk in. We beleggen het beheer van de passantenhaven bij derden, waardoor op beheerkosten (inhuur havenmeester) kan worden bespaard, maar ook kunnen de overheadkosten daardoor omlaag.

M 3.1 We realiseren een goede ondersteuning voor de vrijwilligers die zich inzetten op toeristisch vlak. Omschrijving (toelichting)

M 3.1 We stellen een toeristische visie 2023 - 2028 op. Omschrijving (toelichting) We maken via een interactief proces met de stad een integrale toeristische visie.

M 3.1 We stellen een uitvoeringsprogramma vanuit de toeristische visie op. Omschrijving (toelichting) We stellen een uitvoeringsplan kwaliteitstoerisme op, evalueren dat jaarlijks en stellen waar nodig de uitvoering bij.

M 3.1 We verbeteren de bewegwijzering voor toeristen. Omschrijving (toelichting) Er wordt een plan gemaakt voor een goede toeristische bewegwijzering en de bebording wordt hierop aangepast en geuniformeerd.

Wat willen we bereiken? L 3.2 Om een goed ondernemersklimaat te stimuleren, bedrijven te behouden en leegstand te voorkomen zal er actiever worden ingezet op acquisitie en een ondersteunende rol vanuit de gemeente. Wat gaan we daarvoor doen?

M 3.2 We komen met een voorstel voor de opvolging van de SCBD. Omschrijving (toelichting)

Pagina 33 van 102

M 3.2 We maken de inzet van een retailmakelaar mogelijk. Omschrijving (toelichting) We financieren een retailmakelaar om een goede bezetting van winkelpanden in stand te houden.

M 3.2 We stellen een economische visie op. Omschrijving (toelichting) We maken, via een beperkt interactief proces met een aantal belanghebbenden, een korte maar krachtige economische visie en een uitvoeringplan met heldere prioriteiten (concrete activiteiten) voor de komende vier jaren.

Wat willen we bereiken? L 3.3 De VVV dient in Doesburg te worden behouden en vanuit de gemeente te worden ondersteund. Wat gaan we daarvoor doen?

M 3.3 De rol en de ondersteuning van de VVV betrekken we bij het opstellen van de toeristische visie. Omschrijving (toelichting)

Pagina 34 van 102

Wat mag het kosten? Exploitatie

Realisatie 2021

BGR 2022 na wijziging

Prim. Begr. 2023[2023]

Prim. Begr. 2024 Prim. Begr. 2025 Prim. Begr. 2026 [2023] [2023] [2023]

Lasten 2.3 Recreatieve havens

111.586

114.289

116.856

116.856

116.856

116.856

3.1 Economische ontwikkeling

142.178

150.044

150.044

150.044

150.044

150.044

3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

66.183

12.372

13.372

13.372

13.372

13.372

3.4 Economische promotie

222.870

313.034

216.212

216.212

216.212

216.212

5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

57.951

69.540

49.540

49.540

49.540

49.540

5.4 Musea

173.694

139.128

187.839

187.839

187.839

187.839

5.5 Cultureel erfgoed

126.493

110.506

162.243

162.243

162.243

162.243

Totaal Lasten

900.955

908.913

896.106

896.106

896.106

896.106

2.3 Recreatieve havens

54.885

64.246

114.246

114.246

114.246

114.246

3.1 Economische ontwikkeling

40.000

0

0

0

0

0

3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

3.653

7.828

7.828

7.828

7.828

7.828

3.4 Economische promotie

422.019

429.910

429.910

429.910

429.910

429.910

0

0

0

0

0

0

5.4 Musea

20.475

20.725

20.725

20.725

20.725

20.725

5.5 Cultureel erfgoed

23.478

11.529

30.348

30.348

30.348

30.348

Totaal Baten

564.510

534.238

603.057

603.057

603.057

603.057

Resultaat

-336.446

-374.675

-293.049

-293.049

-293.049

-293.049

Baten

5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

Toelichting op budgetafwijkingen Taakveld 2.3 Recreatieve havens: hogere baten € 50.000 (voordeel) In 2022 is bij de begrotingsbehandeling op 4 november bij de afweging van de voorstellen (C9) éénmalig de bate voor 2022 met € 50.000 verlaagd. Dit is in 2022 verwerkt in de 1e begrotingswijziging. Taakveld 3.4 Economische promotie: lagere lasten € 96.822 (voordeel) De lagere last in 2023 bestaat vooral uit eenmalige middelen voor het opstellen van de toeristische

Pagina 35 van 102

visie. Bij de besluitvorming rondom de jaarrekening 2021 zijn deze eenmalig voor het jaar 2022 beschikbaar gesteld. Taakveld 5.4 Musea: hogere lasten € 48.711 (nadeel) De hogere last in betreft een hogere bijdrage aan het Streekarchivariaat De Liemers & Doesburg (SALD) voor € 12.000. Daarnaast zijn de lasten in 2023 € 30.000 hoger, omdat de verkoop van de Nieuwstraat 2-4 (Integrale afweging begroting 2021-2024) nog niet is gerealiseerd. Het restant aan hogere lasten zijn de verwachte hogere energiekosten. Taakveld 5.5 Cultureel erfgoed: hogere lasten € 51.737 (nadeel) / hogere baten € 18.819 (voordeel) De hogere last in 2023 ontstaat voor € 18.819 door een storting in de voorziening groot onderhoud voor het restauratiefonds. op basis van de recentelijke beschikking van de provincie Gelderland. Hiertegenover staat een hogere bate voor hetzelfde bedrag zijnde de ontvangen provincie van de provincie Gelderland. In 2022 zijn zowel de last al de bate niet begroot. Daarnaast zijn er diverse hogere lasten waaronder € 10.000 voor monumentenzorg. Dit zijn de bij kadernota 2023 (A1) toegevoegde middelen voor dit onderwerp. Beleidsindicatoren Voor het toelichten van de maatschappelijke effecten in de begroting zijn gemeenten verplicht om de effecten van beleid toe te lichten aan de hand van een op Rijksniveau vastgestelde set aan beleidsindicatoren.

In dit boekwerk zijn deze verplichte indicatoren opgenomen in de bijlage "beleidsindicatoren in perspectief". Door de indicatoren (en daarmee de ontwikkeling ervan) op deze wijze te presenteren, ontstaat er een overzichtelijk beeld van de cijfers. Het doel van deze indicatoren is dat de beleidsresultaten van de gemeenten onderling vergelijkbaarder worden. Verbonden partijen In de paragraaf Verbonden partijen vindt u een totaallijst met partijen waarmee Doesburg banden is aangegaan ter behartiging van bepaalde publieke belangen. De verbonden partijen die bijdragen aan de doelstellingen van het programma 3 Kwaliteitstoerisme en toegankelijke natuurrecreatie worden hieronder toegelicht. Streekarchivariaat de Liemers en Doesburg Het publieke belang Het Streekarchivariaat De Liemers en Doesburg is een in 1959 gestart samenwerkingsverband dat de archieven beheert van de gemeenten Doesburg, Duiven, Westervoort en Zevenaar. De kosten van het Streekarchivariaat worden over de deelnemende gemeenten verdeeld op basis van inwoners en naar rato van werktijden. Het percentage deelneming is berekend aan de hand van het aandeel in de totale kosten. Veranderingen gedurende begrotingsjaar Er worden geen veranderingen verwacht gedurende het begrotingsjaar 2023.

Beleidsvoornemens omtrent de verbonden partij Het bestaande beleid voortzetten Ontwikkelingen en risico's Eventuele tekorten worden verhaald op de deelnemende gemeenten. De financiële omvang van de regeling is echter relatief klein en het risico wordt op nihil geschat.

Pagina 36 van 102

Verbonden partij Streekarchivariaat De Liemers en Doesburg

Bijdrage 2023

Percentage deelneming

Eigen vermogen

vreemd vermogen

76.171

18,60%

1.589

95.415

Exploitatie- verslagjaar resultaat -798

2021

Programma 4 Bestuur en organisatie Korte beschrijving Vanuit de bedrijfsvoering van de gemeente Doesburg zijn we voortdurend bezig om samen met de collega’s resultaten te boeken voor de stad, zijn inwoners, bedrijven en instellingen. Met de focus op de onderwerpen uit de Toekomstvisie, de steeds toenemende hoeveelheid taken en rollen en de complexiteit ervan in combinatie met een steeds krapper wordende arbeidsmarkt willen we een sterke, gerichte samenwerking met collega’s in de regio realiseren. We willen ons verbinden aan een partner waar we vanuit vertrouwen mee samenwerken en elkaar versterken. Om dit waar te kunnen maken, werkt Bedrijfsvoering aan drie hoofdthema’s in de komende periode: 

het versterken van de ambtelijke organisatie;

aantrekkelijk werkgeverschap;

beheer en processen op orde.

Wat willen we bereiken? L 4.1 We willen de bestuurlijke zelfstandigheid van Doesburg behouden. Wat gaan we daarvoor doen?

M 4.1 We gaan vol inzetten op de realisering van onze toekomstvisie. Omschrijving (toelichting)

Wat willen we bereiken? L 4.2 We brengen de basis op orde. Wat gaan we daarvoor doen?

M 4.2 Er komt een meerjaren begroting van I&A. Omschrijving (toelichting) We willen financieel beter kunnen plannen daarom stellen we een meerjarenbegroting op.

M 4.2 We maken een planning voor de versaasing en het verbeteren van de veiligheid en bijbehorende kosten inzichtelijk. Omschrijving (toelichting)

Pagina 37 van 102

Het werken in de cloud wordt meer en meer afgedwongen door de markt. Onze applicaties zullen dus ook meer in de cloud draaien. Dit zijn doorgaans duurdere oplossingen dan het on- premise draaien. Daarnaast is cybersecurity een issue dat steeds meer aandacht vraagt en inzet van middelen.

M 4.2 We verhogen het opleidingsbudget en begeleidingsbudget. Omschrijving (toelichting) We vergroten de mogelijkheden voor nieuwe onervaren medewerkers / medewerkers met afstand tot arbeidsmarkt om te groeien in en het werk en noodzakelijke vakopleidingen te volgen en vaardigheden te leren. Dit geldt ook voor zittend personeel.

M 4.2 We verminderen de kwetsbaarheid van de organisatie door het aanstellen van een projectleider om het gastheer model vorm te geven. Omschrijving (toelichting) We zorgen voor besluitvorming over het gastheerschap en zorgen voor overdracht van gestandaardiseerde uitvoerende processen naar de gastheer zodanig dat de kwetsbaarheid vermindert.

Wat willen we bereiken? L 4.3 We willen een adequate ambtelijke huisvesting realiseren gekoppeld aan de toekomstplannen voor de ontwikkeling van de ambtelijke organisatie. Wat gaan we daarvoor doen?

M 4.3 We zorgen voor besluitvorming en over adequate huisvesting voor het ambtelijke apparaat en de realisatie ervan. Omschrijving (toelichting) In samenwerking met een externe partij worden er scenario's gemaakt, besluitvorming voorgelegd aan college en raad en wordt de verbeterde huisvesting gerealiseerd en aanpassing van MJOP.

Wat willen we bereiken? L 4.4 We willen ruimte binnen de bestaande begroting creëren. Wat gaan we daarvoor doen?

M 4.4 Om ruimte binnen de bestaande begroting te creëren gaan we de inkomsten- en uitgavenkant doorlichten, mede in relatie tot de toekomstvisie. Omschrijving (toelichting)

M 4.4 We brengen onze verplichte en autonome begrotingsposten concreter in beeld. Omschrijving (toelichting)

Pagina 38 van 102

M 4.4 We zorgen voor een materieel sluitende (meerjaren)begroting. Omschrijving (toelichting)

Wat willen we bereiken? L 4.5 We willen kritisch kijken naar ons voorzieningenniveau in relatie tot onze toekomstvisie. Er zullen scherpere keuzes gemaakt moeten worden in welke voorzieningen wel passen en welke niet. Wat gaan we daarvoor doen?

M 4.5 Geactualiseerde subsidieverordening met passages over maatschappelijke doelen. Omschrijving (toelichting) De subsidieverordening wordt verrijkt met de bijdrage aan maatschappelijke doelen. Zodat de gesubsidieerde partners binnen hun inzet gevraagd kan worden ook bij te dragen aan andere doelen.

M 4.5 Onderzoek over welke voorzieningen tot het basisvoorzieningenniveau binnen onze gemeente behoren en welke door de voorzieningen in de regio vervuld worden. Omschrijving (toelichting) Besluit basisvoorzieningenniveau Doesburg.

M 4.5 We gaan het jeugd- en jongerenwerk volgens de huidige inzichten vormgegeven, waarbij bekeken zal worden of een zelfstandig jongerencentrum nog bij deze vraag past. We willen kijken naar een beter alternatief. Omschrijving (toelichting)

M 4.5 We willen analoog aan het recycleplein kijken of onze voorzieningen regionaal beter kunnen worden benut, waardoor wellicht ook financiële voordelen ontstaan voor de exploitatie ervan. Omschrijving (toelichting)

Wat willen we bereiken? L 4.6 We willen de inwoners en bedrijven en maatschappelijke organisaties meer dan voorheen een stevige positie geven in de beleidsontwikkeling en uitvoering. Wat gaan we daarvoor doen?

M 4.6 We gaan opgavegericht werken. Omschrijving (toelichting)

M 4.6 We maken een beleidskader gebaseerd op de participatieladder. Omschrijving (toelichting)

Pagina 39 van 102

M 4.6 We ontwikkelen het werken via participatieve trajecten door. Omschrijving (toelichting) We stellen een participatie visie op . We scholen medewerkers en bestuur in het werken in partipatietrajecten en het bijbehorende gedachtengoed. We zetten extra menskracht in op het organiseren van participatie en faciliteren dit ook digitaal.

Wat mag het kosten? Exploitatie

Realisatie 2021

BGR 2022 na wijziging

Prim. Begr. 2023[2023]

Prim. Begr. 2024 [2023]

Prim. Begr. 2025 [2023]

Prim. Begr. 2026 [2023]

Lasten 0.1 Bestuur

932.227

928.596

933.154

977.054

977.054

977.054

0.10 Mutaties reserves

1.266.932

5.496.286

912.257

912.257

1.087.173

1.087.173

0.4 Overhead

5.470.953

5.366.392

5.958.583

5.887.479

5.968.569

5.915.739

0.5 Treasury

4.567

3.398

3.398

3.398

3.398

3.398

7.674.679

11.794.672

7.807.392

7.780.188

8.036.194

7.983.364

0.1 Bestuur

573.696

0

0

0

0

0

0.10 Mutaties reserves

2.790.962

7.905.274

829.836

828.314

1.081.261

906.345

0.4 Overhead

149.274

692

733

733

733

733

0.5 Treasury

247.085

274.366

269.435

264.473

264.473

264.473

Totaal Baten

3.761.017

8.180.332

1.100.004

1.093.520

1.346.467

1.171.551

Resultaat

-3.913.662

-3.614.340

-6.707.388

-6.686.668

-6.689.727

-6.811.813

Totaal Lasten Baten

Toelichting op budgetafwijkingen Taakveld 0.10 Mutatie reserves: lagere lasten € 4.584.029 (voordeel) / lagere baten € 7.075.438 (nadeel) De ramingen van de reguliere stortingen (zijn hier lasten) in en de reguliere onttrekkingen (zijn hier baten) aan de reserves zijn opgenomen in de primaire begroting van 2023. In de gewijzigde begroting van 2022 zijn ook de éénmalige stortingen en onttrekkingen opgenomen. Deze éénmalige stortingen en onttrekkingen hebben bijv. betrekking op (investerings)projecten en op inhuur ten laste van daarvoor ingestelde bestemmingsreserves. Met name deze éénmalige reservemutaties zorgen op dit taakveld voor afwijkingen in de lasten en baten van de primaire raming 2023 ten opzichte van de lasten en baten van de gewijzigde begroting 2022. Taakveld 0.4 overhead: hogere lasten € 592.191 (nadeel) Pagina 40 van 102

De hogere last in 2023 betreft voor afgerond € 451.000 salariskosten. Daarnaast zijn er de volgende lastenstijgingen: * energiekosten € 20.000 * ICT kosten € 70.000 (Kadernota 2023, nummer A2) * kosten Wet Open Overheid € 88.000 (Kadernota, 2023, nummer A3) * rentekosten langlopende lening € 20.000 * bezwaar en beroep € 12.000 (Kadernota 202, nummer A6) * bijdrage VNG € 13.000 Daarnaast is er een lagere last voor kapitaallasten van € 82.000, waaronder het stadhuis .

Beleidsindicatoren Voor het toelichten van de maatschappelijke effecten in de begroting zijn gemeenten verplicht om de effecten van beleid toe te lichten aan de hand van een op Rijksniveau vastgestelde set aan beleidsindicatoren. In dit boekwerk zijn deze verplichte indicatoren opgenomen in de bijlage "beleidsindicatoren in perspectief". Door de indicatoren (en daarmee de ontwikkeling ervan) op deze wijze te presenteren, ontstaat er een overzichtelijk beeld van de cijfers. Het doel van deze indicatoren is dat de beleidsresultaten van de gemeenten onderling vergelijkbaarder worden. Verbonden partijen In de paragraaf Verbonden partijen vindt u een totaallijst met partijen waarmee Doesburg banden is aangegaan ter behartiging van bepaalde publieke belangen. De verbonden partijen die bijdragen aan de doelstellingen van het programma 4 Bestuur en organisatie worden hieronder toegelicht. BNG Bank Het openbaar belang BNG Bank is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Gelet op de wijze waarop BNG Bank het openbaar belang behartigt wordt het aandelenbezit gezien als een duurzame belegging. Veranderingen gedurende begrotingsjaar Er worden geen veranderingen verwacht gedurende het begrotingsjaar 2023.

Beleidsvoornemens omtrent de verbonden partij Het bestaande beleid voortzetten. Ontwikkelingen en risico's Doordat de BNG als sectorbank actief is binnen de publieke sector loopt zij minder risico dan commerciële banken. Alliander N.V. Het publieke belang Alliander N.V. is de holding van een netwerkbedrijf. De dochterbedrijven zijn netbeheerders voor het transport van (duurzame) energie. De Wet Onafhankelijk Netbeheer (WON) uit 2007 verplicht energiebedrijven tot een volledige splitsing. In 2009 is het productie- en leveringsbedrijf Nuon Energy afgesplitst en verkocht aan het Zweedse Vattenfall. De naam N.V. Nuon is gewijzigd in Alliander N.V.

Pagina 41 van 102

Bij de verkoop van de aandelen Nuon zijn wij eigenaar geworden van een aantal aandelen Alliander N.V., dat gelijk is aan het verkochte aantal aandelen N.V. Nuon. Veranderingen gedurende begrotingsjaar Er worden geen veranderingen verwacht gedurende het begrotingsjaar 2023. Beleidsvoornemens omtrent de verbonden partij Het bestaande beleid voortzetten. Ontwikkelingen en risico's Het financiële risico beperkt tot het ingelegde bedrag. Vitens Het publieke belang Onze gemeente is samen met nog 70 andere gemeenten, de provincies Gelderland en Overijssel en de N.V. Nuon aandeelhouder van Vitens. Vitens is het waterbedrijf voor ruim 4 miljoen mensen en bedrijven in Friesland, Overijssel, Flevoland, Gelderland en Utrecht. Veranderingen gedurende begrotingsjaar Er worden geen veranderingen verwacht gedurende het begrotingsjaar 2023. Beleidsvoornemens omtrent de verbonden partij Het bestaande beleid voortzetten. Ontwikkelingen en risico's Het drinkwaterbedrijf Vitens zal naar verwachting geen dividend uitkeren vanwege de noodzaak van grote investeringen in de komende jaren. Ook hier beperkt het risico zich tot het ingelegde bedrag. Verbonden partij Bijdrage 2023 Percentage deelneming Eigen vermogen vreemd vermogen Exploitatie-resultaat verslagjaar BNG

27.612

0,10%

5.062 miljoen

Alliander NV

172.952

0,10%

4.470 miljoen

Vitens

17.843

0,24%

600,3 miljoen

143.995 miljoen

236 miljoen

2021

5.739 miljoen

242 miljoen

2021

1387,8 miljoen

19,4 miljoen

2021

Overzicht algemene dekkingsmiddelen Overzicht algemene dekkingsmiddelen Op basis van artikel 8 van het besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) wordt hieronder een overzicht gegeven van de kosten van overhead en het bedrag dat is opgenomen voor de vennootschapsbelasting dat in de primaire begroting is opgenomen.

Pagina 42 van 102

Overzicht algemene dekkingsmiddelen

Op basis van art. 8 van het Besluit Begroting & Verantwoording Provincie en gemeenten (BBV) wordt hieronder een overzicht gegeven van de kosten van overhead en het bedrag voor vennootschapsbelasting dat in de primaire begroting is opgenomen:

Kengetallen

R2021

B2022

B2023

B2024

B2025

B2026

Kosten voor overhead (saldo uitgaven/inkomsten TV 0.4)

5.322

5.366

5.958

5.887

5.969

5.916

bedrag heffing vennootschapsbelasting

0,41

0,00

0,00

0,00

0,00

0,00

(bedragen x € 1.000)

Algemene dekkingsmiddelen Exploitatie

Realisatie 2021

BGR 2022 na wijziging

Prim. Begr. 2023[2023]

Prim. Begr. 2024 Prim. Begr. 2025 Prim. Begr. 2026 [2023] [2023] [2023]

Lasten 0.61 OZB woningen

187.924

167.023

167.023

167.023

167.023

167.023

0.62 OZB niet-woningen

15.012

5.475

5.475

5.475

5.475

5.475

0.64 Belastingen overig

96.540

101.560

76.560

76.560

76.560

76.560

0.8 Overige baten en lasten

293.328

881.203

1.249.207

1.693.219

2.107.159

123.253

0.9 Vennootschapsbelasting (VpB)

40.831

0

0

0

0

0

Totaal Lasten

633.634

1.155.261

1.498.265

1.942.277

2.356.217

372.311

1.751.360

1.712.436

1.814.326

1.814.326

1.814.326

1.814.326

0.62 OZB niet-woningen

452.069

458.889

486.193

486.193

486.193

486.193

0.64 Belastingen overig

631.901

169.445

175.684

175.684

175.684

175.684

0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds

22.024.185

24.246.891

25.855.000

26.307.000

26.757.000

24.988.000

0.8 Overige baten en lasten

285.180

0

-196.575

64.588

364.969

154.682

Totaal Baten

25.144.694

26.587.661

28.134.628

28.847.791

29.598.172

27.618.885

Resultaat

24.511.060

25.432.400

26.636.363

26.905.514

27.241.955

27.246.574

Baten 0.61 OZB woningen

Toelichting op budgetafwijkingen Taakveld 0.61 OZB woningen: baten € 101.890 (voordelig) De hogere bate in 2023 volgt uit het vastgestelde technische uitgangspunt bij de Kadernota 2023 om de belastingen met 5,95% te verhogen. Taakveld 0.62 OZB niet-woningen: baten € 27.304 (voordelig) De hogere bate in 2023 volgt uit het vastgestelde technische uitgangspunt bij de Kadernota 2023 om de belastingen met 5,95% te verhogen. Taakveld 0.64 Belasting overig: lasten € 25.000 (voordelig) De lagere last in 2023 betreft eenmalige middelen voor Stichting Centrum Belang Doesburg (SCBD).

Pagina 43 van 102

Bij de besluitvorming rondom de jaarrekening 2021 zijn deze eenmalig voor het jaar 2022 beschikbaar gesteld. Taakveld 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds: Baten €1.608.109 ( voordeel) De raming van de algemene uitkering uit het gemeentefonds is gebaseerd op de meicirculaire 2022. Taakveld 0.8 Overige baten en lasten: Lasten € 368.004 (nadelig) / baten € 196.575 nadelig) De hogere last in 2023 bestaat uit een positiever begrotingsresultaat van € 993.000. Daarnaast is er een stelpost opgenomen voor indexatie van de prijzen van € 425.000 (Kadernota 2023). Er is in 2023 een lagere last van € 1.050.000. deze bestaat voornamelijk uit een bezuinigingstaakstelling waartoe voor € 800.000 is besloten in de Kadernota 2023 (B2). Voor 2023 is bij de integrale afweging een voorstel opgenomen om de taakstelling ongedaan te maken. De lagere bate in 2023 is een deel van het begrotingsresultaat 2023 dat als negatieve bate is verantwoord. Het formele saldo van de begroting 2023 is € 1.861.143 Dit bestaat uit een last van € 1.664.557 en een negatieve bate van € 196.575.

Paragrafen Paragraaf A - Lokale heffingen Paragraaf A | Lokale heffingen Inleiding Deze paragraaf is gebaseerd op het beleid tot en met de kadernota 2023 en bevat informatie over de gemeentelijke belastingen. De gemeentelijke belastingen zijn te onderscheiden in drie typen belastingen. De algemene belastingen, de bestemmingsheffingen en retributies. Na de algemene uitkering uit het gemeentefonds zijn dit de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeente. De opbrengsten van de algemene belastingen komen ten goede aan de algemene middelen van de gemeente. Dit betekent dat de opbrengsten van deze belastingen niet gelabeld zijn maar voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen kunnen worden ingezet. De onroerende-zaakbelastingen (verder OZB), hondenbelasting en de parkeerbelasting behoren tot deze categorie. Bestemmingsheffingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten zijn bestemd voor specifieke voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. Onder deze categorie vallen de afvalstoffen- en de rioolheffing. Retributies worden geheven als de gemeente een specifieke dienst verleent. De leges vormen de belangrijkste retributies in de gemeente Doesburg. Voor bestemmingsheffingen en retributies geldt dat er geen winst gemaakt mag worden. De opbrengst mag daarom niet hoger zijn dan de kosten die gemaakt moeten worden om de dienst te verlenen.

Algemeen We kennen een gesloten belastingstelsel. Dit betekent dat een gemeente een belasting alleen kan heffen als de wet daar nadrukkelijk de bevoegdheid toe geeft. Het beleid betreffende de gemeentelijke belastingen is o.a. opgenomen in de volgende documenten: • Landelijke wet- en regelgeving; • Diverse belastingverordeningen; • Watertakenplan Olburgen (WTPO 2018-2022). Pagina 44 van 102

Onroerende-zaakbelastingen Onder de naam ‘onroerende-zaakbelastingen’ worden een gebruikers- en eigenarenbelasting geheven. Voor woningen wordt alleen een eigenarenbelasting geheven. Op basis van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) wordt ieder jaar van elk object de waarde vastgesteld. De waarde vormt de grondslag voor de berekening van de OZB aanslagen. Ontwikkelingen in de waarde als gevolg van de jaarlijkse herwaardering worden gecompenseerd via het tarief. De tarieven OZB voor 2023 zijn voorlopig vastgesteld rekening houdend met de marktontwikkeling zoals die op dit moment van schrijven bekend is in Doesburg. De definitieve OZB tarieven worden bepaald op basis van de daadwerkelijke waardeontwikkeling in Doesburg. Deze definitieve waardeontwikkeling is later dit jaar bekend. Dan kunnen de definitieve tarieven OZB berekend worden. Deze tarieven worden vastgesteld in de raadsvergadering van december 2022. Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing wordt geheven om de kosten voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval te dekken. Deze heffing mag maximaal kostendekkend zijn. In Doesburg is de afvalstoffenheffing gebaseerd op Diftar (gedifferentieerde tarieven). Huishoudens betalen een vast deel en een variabel deel. Het vaste deel is voor alle huishoudens gelijk en moet de vaste kosten dekken.

Dit zijn bijvoorbeeld de kosten voor (ondergrondse) containers, het recycleplein en inzamelen verwerkingskosten. Het variabele deel bestaat uit het aantal keren dat de groene container aan de weg wordt gezet of de afvalzak in de ondergrondse restafvalcontainer wordt gedeponeerd. Vanaf 1 januari 2019 wordt het restafval in een ondergrondse container aangeboden. Dit wordt ook wel 'gespiegeld inzamelen' genoemd. Standaard zijn de ondergrondse restafvalcontainers uitgevoerd met een trommel voor 60 liter afvalzakken. Op 16 locaties verspreid door de stad zijn deze containers uitgevoerd met een trommel voor zowel 60 liter als 30 liter afvalzakken. De oude grijze minicontainer voor restafval kan gebruikt worden om het oud papier (gratis) aan te bieden. Alleen huishoudens in het buitengebied houden de grijze mini-container voor het aanbieden van restafval omdat in het buitengebied geen ondergrondse restafvalcontainers zijn geplaatst. De tarieven voor de grijze minicontainers voor restafval blijven daarom in de belastingverordening staan. Huishoudens in de binnenstad of van hoogbouw kunnen ook een groene minicontainer krijgen voor het GFT (Groente-, Fruit- en Tuinafval). Voorwaarde is dat deze container op eigen terrein wordt geplaatst. Voor GFT kunnen huishoudens uit 2 containerformaten kiezen: 140 liter of 240 liter.

Huishoudens kunnen daarnaast ook gebruik maken van een oranje minicontainer voor PDM (Plastic-, Metaal- en Drankenverpakkingen). Ook deze minicontainer moet op eigen terrein worden geplaatst. Het aanbieden van deze container is gratis. Op het recycleplein aan de Parallelweg Den Helder kan grof huishoudelijk afval tegen betaling worden aangeboden, zoals kapot en/of versleten meubilair, bouw- en sloopafval, gips en hout. Maar liefst 18 afvalstromen kunnen er gratis worden gebracht, zoals snoeiafval tot 500kg, bakolie en frituurvet, harde kunststoffen en piepschuim. Voor begrotingsjaar 2023 is besloten om de tarieven met de algemene stijging (kadernota) van 5,95% te verhogen zodat 100% kostendekking bereikt kan worden. Rioolheffing De gemeente kan naast de zorg voor het riool ook voorzieningen bekostigen die het mogelijk maken in te spelen op de zorg voor het hemel- en grondwater binnen de gemeente. Op 22 februari 2018 is het Watertakenplan Olburgen 2018–2022 door de gemeenteraad vastgesteld. Er is daarbij gekozen voor de financieringsvariant dotaties midden. Dat wil zeggen dat de rioleringsvoorzieningen op middellange termijn worden gebruikt om de tarieven geleidelijk te laten stijgen. Pagina 45 van 102

Uitgangspunt voor de bepaling van het tarief voor de rioolheffing is 100% kostendekking op grond van het vastgestelde watertakenplan. Hiermee komt het tarief voor de rioolheffing voor 2023 op € 2,45 per m3 (afval)water. Dit is een stijging van 5,95% ten opzichte van het tarief 2022 (€2,31 per m3). Hondenbelasting De tarieven voor de hondenbelasting worden jaarlijks uitsluitend met de algemene stijging (kadernota) verhoogd. Voor 2023 bedraagt deze algemene verhoging 5,95%. We kiezen voor een oplopend tarief per hond om ongebreidelde aanschaf van honden te ontmoedigen. Parkeerbelastingen De tarieven voor de parkeerbelastingen worden jaarlijks verhoogd met de algemene stijging (kadernota). Voor 2023 bedraagt deze algemene verhoging 5,95%. Dit jaar zijn evenals in 2022 de parkeertarieven in de parkeerautomaten niet meegenomen omdat een beperkte procentuele verhoging van de tarieven nu eenmaal lastig is door te voeren in de parkeerautomaten. Uitgangspunt voor deze paragraaf is de primaire begroting 2023. Toeristenbelasting De tarieven voor de toeristenbelasting worden jaarlijks doorgerekend met de algemene stijging (kadernota) van 5,95%. Uitgangspunt voor deze paragraaf is de primaire begroting 2023. Leges De leges zijn belastingen die de gemeente kan heffen voor het verstrekken van diensten. Er mag geen winst worden gemaakt.

Kruissubsidiëring in de legesverordening is wel toegestaan. Onder kruissubsidiëring wordt verstaan: het hoger vaststellen van tarieven van leges voor sommige diensten om daarmee de tarieven voor andere diensten laag te kunnen houden. Uit de hieronder ingevoegde tabel onder leges blijkt dat er inderdaad geen winst wordt gemaakt op de leges. Uitgangspunt voor deze paragraaf is de primaire begroting 2023. Kostendekkendheid Hieronder is inzichtelijk gemaakt hoe bij de berekening van de tarieven wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden. Dit hebben we gedaan voor de tarieven van belastingen die hoogstens kostendekkend mogen zijn. Dit overzicht van kostendekkende tarieven ziet er voor 2023 als volgt uit:

Pagina 46 van 102

Leges / Titel

Onderwerp

Titel 1

Algemene dienstverlening

Taakveld

0.2 Burgerzaken

139.156

5.043

4%

Naturalisatie en optie

0.2 Burgerzaken

8.960

3.656

41%

Rijbewijzen

0.2 Burgerzaken

84.702

37.201

44%

Reisdocumenten

0.2 Burgerzaken

54.284

52.203

96%

Burgerlijke stand

0.2 Burgerzaken

33.149

22.315

67%

Overige burgerzaken

0.2 Burgerzaken

163.103

2.907

2%

Verklaring Omtrent Gedrag (COVOG)

0.2 Burgerzaken

2.728

9.594

352%

Gehandicaptenkaart en parkeren

0.2 Burgerzaken

8.324

6.804

82%

494.407

139.723

28%

358.234

353.444

99%

358.234

353.444

99%

Omgevingsvergunning 8.3 Wonen en Bouwen Totaal titel 2

Titel 3

Toe te rekenen Dekking in baten %

Basisregistratie personen (BRP)

Totaal titel 1

Titel 2

Toe te rekenen lasten

Dienstverlening (vallend onder de Europese dienstenrichtlijn) Uitvoering bijzondere wetten

1.2 Openbare orde en veiligheid

75.323

2.970

4%

Algemene plaatselijke verordening

1.2 Openbare orde en veiligheid

122.331

7.087

3%

197.655

10.057

5%

1.050.295

503.224

48%

Totaal titel 3:

Totaal (titels 1,2 en 3)

Lijkbezorgingsrechten

Taakveld

Lasten

7.5 Begraafplaatsen

138.451

0.4 Overhead

5.932

Opbrengsten belastingen

67.247

Overige opbrengsten

1.534

Totaal

Afvalstoffenheffing

144.383

68.781

Taakveld

Lasten

Baten Dekking in %

7.3 Afval

1.234.232

0.4 Overhead incl btw en rente

425.426

2.1 Straatreiniging

153.804

6.3 Kwijtschelding

67.155

7.3 Opbrengst belastingen

48%

1.623.704

7.3 Overige opbrengsten

Totaal

Baten Dekking in %

251.302

1.880.617

1.875.006

100%

Pagina 47 van 102

Marktgeld

Taakveld

Lasten

3.1 Economische ontwikkeling

13.372

0.4 Overhead

6.597

Opbrengst marktgelden

Totaal

Rioolheffing

Totaal

Baten Dekking in %

7.828

19.969

7.828

Taakveld

Lasten

Baten Dekking in %

7.2 Riolering

717.955

0.4 Overhead incl btw en rente

278.378

2.1 Straatreiniging

153.804

6.3 Kwijtschelding

67.155

7.2 Opbrengst heffingen

1.301.883

7.2 Overige opbrengsten

-

1.217.292

1.301.883

39%

107%

Lokale lastendruk Het onderstaande overzicht geeft de berekende belastingdruk voor Doesburg 2023. Het gaat hierbij om de onroerende-zaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Deze worden gerekend tot de zogenaamde gemeentelijke woonlasten.

De volgende uitgangspunten gelden bij de vergelijking van de belastingdruk van 2023 met die van 2022: • onderscheid tussen huur en koop bij meerpersoonshuishoudens; • de gemiddelde WOZ-waarde in 2022 definitief: €247.000 x 0,1321% (tarief woningen 2022) = €326 ( gemiddelde OZB bedrag per huishouden); • de gemiddelde WOZ-waarde in 2023 voorlopig: €269.000 (gemiddelde waarde 2022 + 8,95%); • gemiddeld voorlopig tarief 2023 bij algemene stijging van 5,95% en marktontwikkeling van 8,95% (0,1321 / 0,097) is 0,1281; • waterverbruik 125 m3 en 16 aanbiedingen 60 liter trommel ondergrondse container en 8 aanbiedingen 140 liter GFT container. De belastingdruk voor de bewoners ziet er in 2023 ten opzichte van 2022 dan als volgt uit:

Pagina 48 van 102

Jaar

OZB

Afval

Riool

Totaal

2022 in een huurhuis

Meerpersoonshuishouden

-

292

288

580

2022 in een koophuis

326

292

288

906

2023 in een huurhuis

-

310

306

617

2023 in een koophuis

344

310

306

961

Kwijtscheldingsbeleid In de belastingverordeningen is geregeld dat kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen alleen verleend kan worden voor de afvalstoffenheffing, het onderhoudsrecht van graven, de rioolheffing en de OZB. Kwijtschelding wordt verleend op basis van de rijksnormen. De kwijtscheldingsnorm is 100% van de bijstandsnorm. In de begroting 2023 is een budget van €149.242 (exclusief uitvoeringskosten) opgenomen om uitvoering te kunnen geven aan het beleid. Opbrengsten Voor de belangrijkste gemeentelijke belastingen zien de primaire ramingen voor 2023 in vergelijking met 2022 (inclusief begrotingswijzigingen 2022) er als volgt uit: Belastingsoort OZB - Eigenaar woningen

Bedrag 2022

Bedrag 2023

1.710.616

1.812.398

OZB - Eigenaar niet woningen

278.575

295.150

OZB - Gebruiker niet woningen

180.314

191.043

Afvalstoffenheffing

1.532.519

1.623.704

Rioolheffing

1.228.771

1.301.883

Hondenbelasting

54.127

57.348

Parkeerheffingen

366.290

388.084

Toeristenbelasting

408.006

408.006

Algemene dienstverlening

334.339

354.232

Omgevingsvergunning

19.985

21.174

Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

260.834

269.752

Leges:

Ontwikkeling tarief De inwoners van de gemeente krijgen jaarlijks een aanslag gemeentelijke belastingen. Voor de beoordeling van de lastendruk zijn de tarieven dan ook van groot belang. Naast volumeontwikkelingen (bijvoorbeeld toename aantal woningen) en kostenontwikkelingen (bijvoorbeeld inzameling- en verwerkingsprijzen afval) is uitgegaan van een indexering van de tarieven 2022 met 5,95%. Samengevat hanteren we de volgende uitgangspunten voor de belastingen: • de tarieven stijgen in principe met 5,95%; • volumeontwikkelingen worden meegenomen; • afvalstoffenheffing en rioolheffing worden kostendekkend geraamd. Pagina 49 van 102

Belastingsoort

Tarief 2022 Tarief 2023 Percentage

OZB voor woningen: Stijging marktniveau woningen 8,95% t.o.v.5,95% (kadernota) is per saldo daling van 3% - tarief eigenaar per €1000 woz-waarde

0,1321%

0,1281%

-3%

- tarief eigenaar per € 1000 woz-waarde

0,2210%

0,2342%

5,95%

- tarief gebruiker per € 1000 woz-waarde

0,1605%

0,1701%

5,95%

226

240

5,95%

- 240 liter container restafval

10,85

11,50

5,95%

- 240 liter container GFT

4,90

5,20

5,95%

- 140 liter container restafval

6,35

6,75

5,95%

- ondergrondse container 30 liter restafval

1,35

1,45

5,95%

- ondergrondse container 60 liter restafval

2,70

2,85

5,95%

- een container voor plastic-, metaal- en drankenverpakkingen (PMD)

0,00

0,00

0%

2,31

2,45

5,95%

- 1e hond

49,35

53,00

5,95%

- 2e hond

73,65

78,00

5,95%

- iedere volgende hond

110,80

118,00

5,95%

- algemeen tarief

1,60

1,60

0%

- hotel/bed & breakfast of airbnb

2,55

2,55

0%

Stijging marktniveau niet-woningen 0% t.o.v.5,95% (kadernota) is per saldo stijging van 5,95%

Afvalstoffenheffing vastrecht: - vastrechtbedrag per jaar Afvalstoffenheffing per aanbieding:

Rioolheffing: - per m3 waterverbruik Hondenbelasting

- hondenkennel Toeristenbelasting

Paragraaf B - Weerstandsvermogen en risicobeheersing Paragraaf B | Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen is gebaseerd op de primaire begroting 2023-2026 tenzij anders is vermeld in deze paragraaf. Het weerstandsvermogen is toereikend als er voldoende mogelijkheden zijn om financiële tegenvallers op te kunnen vangen. Hiervan is dus sprake als het saldo tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s positief is. De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en de mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten, die onverwachts en substantieel zijn, te kunnen afdekken. Er wordt onderscheid gemaakt tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Onder incidentele weerstandscapaciteit wordt verstaan de capaciteit die de gemeente heeft om éénmalige financiële

Pagina 50 van 102

tegenvallers op te vangen. Onder structurele weerstandscapaciteit worden de middelen begrepen die permanent inzetbaar zijn om tegenvallers op te vangen. De weerstandscapaciteit van onze gemeente is: De weerstandcapaciteit van onze gemeente is:

Onderdeel

Bedrag

Structurele weerstandscapaciteit onbenutte belastingcapaciteit

811.780

Totaal structurele weerstandscapaciteit

811.780

I Incidentele weerstandscapaciteit Algemene reserve

4.886.464

Bestemmingsreserve decentralisaties

0

Stille reserve materiële bezittingen (tellen niet mee)

0

Stille reserve financiële bezittingen (tellen niet mee)

0

Onvoorzien Totaal incidentele weerstandcapaciteit

15.000 4.901.464

Onbenutte belastingcapaciteit De onbenutte belastingcapaciteit is voor onze gemeente berekend op afgerond € 812.000 (€74 per inwoner, uitgaande van 10.970 inwoners in 2022). Afvalstoffenheffingen: De opbrengst van de afvalstoffenheffing is gebaseerd op 100% kostendekking . Conform de regelgeving in het kader van het BBV moeten opbrengsten die hiervoor worden geheven, daar ook voor bestemd blijven. Er is daarom bij dit onderdeel geen sprake van onbenutte belastingcapaciteit. Rioolheffingen: De opbrengst voor de rioolheffing is gebaseerd op 100% kostendekking op grond van het in 2018 vastgestelde watertakenplan. Conform de regelgeving in het kader van het BBV moeten opbrengsten die hiervoor worden geheven, daar ook voor bestemd blijven. Daarom is er ook bij deze heffing geen sprake is van onbenutte belastingcapaciteit. Onroerende zaakbelasting: Op basis van de gemiddelde OZB belastingdruk in Gelderland (2022: €275 per inwoner) en de OZB belastingdruk in de gemeente Doesburg (2022: €201) is er sprake van een onbenutte belastingcapaciteit van ca. €74 per inwoner. Dit geeft een totale OZB capaciteit van afgerond €812.000. Algemene reserve De totale beschikbare algemene reserve bedraagt eind 2022 € 4.886.464 Daarbij is rekening is gehouden met de door de raad besloten mutaties.

Stille reserves Onder een stille reserve wordt verstaan het (positieve) verschil tussen de actuele waarde en de boekwaarde van een niet-bedrijfsgebonden vaste activa. Een niet-bedrijfsgebonden actief zou kunnen Pagina 51 van 102

worden afgestoten zonder dat het functioneren van de organisatie van de gemeente Doesburg in het gedrang komt. Bij verkoop van dergelijke bezittingen ontstaan dus boekwinsten, die eenmalig vrij inzetbaar zijn. Er wordt onderscheid gemaakt tussen stille reserves in materiële bezittingen en stille reserves in financiële bezittingen. Het stadhuis, het stadsarchief, de brandweerkazerne, de stadswerf en alle onderwijsgebouwen zijn buiten beschouwing gelaten omdat deze bezittingen wel tot de bedrijfsgebonden vaste activa worden gerekend. Deze activa zijn namelijk voor het goed functioneren van de organisatie van belang. De genoemde actuele waarden zijn gebaseerd op WOZ-waarden (waardepeildatum 1-1-2021). In het overzicht zijn uitsluitend de objecten meegenomen waarvan de WOZ-waarde minimaal € 45.000 hoger ligt dan de boekwaarde. Omdat de mogelijkheden tot het feitelijk te gelde maken van deze stille reserves beperkt worden geacht, wordt in de berekening van de weerstandscapaciteit geen rekening meer gehouden met de berekende stille reserve in materiële bezittingen. Objectnr.

Activanr. Omschrijving

1128

144

Clubhuis harmonie Burg. Nahuyssingel 2

1275

-

Parkeerplaats de Bleek, Burg. Flugi van Aspermontlaan

2126

98

Sporthal/sportzaal Armgardstraat 2a

3929

417

Sportterrein Looijersweg 2

4227/4489

-

4490 5832

Totaal

Boekwaarde

Actuele waarde

Saldo

25.490

98.000

72.510

-

583.000

583.000

-

187.000

187.000

34.577

1.005.000

970.423

Sportzaal Wilgenstraat 2 en peuterspeelzaal

-

317.000

317.000

249

Sporthal Beumerskamp, Breedestraat 39

-

945.000

945.000

-

Clubhuis speeltuinvereniging Kindervreugd, Marijkelaan 1

-

233.000

233.000

8675

-

Oranjesingel 22, grond, perceel 1

-

81.000

81.000

8676

418

Oranjesingel 22, grond, perceel 2

-

336.000

336.000

60.067

3.785.000

3.724.933

Stille reserves in financiële bezittingen: Onder de financiële bezittingen worden de deelnemingen in bedrijven verstaan. Als er sprake is van een aanmerkelijk voordelig verschil tussen de boekwaarde van de deelnemingen en de potentiële verkoopwaarde van de deelnemingen, dan is sprake van een stille reserve in financiële bezittingen. Op dit moment beschikt onze gemeente over de navolgende stille reserves in financiële bezittingen:

Pagina 52 van 102

Stille reserves in financiële bezittingen

Op dit moment beschikt onze gemeente over de navolgende stille reserves in financiële bezittingen: Omschrijving

Boekwaarde Opbrengstwaarde

Saldo

Aandelen BNG

69.030

2.531.000

2.461.970

Aandelen Alliander

8.168

5.811.000

5.802.832

Aandelen Vitens

1.997

1.440.720

1.438.723

Aandelen Circules-Berkel BV

22.235

393.865

371.630

Totaal

101.430

10.176.585

10.075.155

De opbrengstwaarde is gebaseerd op eigen vermogen van de betreffende onderneming en het procentueel aandeel van onze gemeente in het aandelenkapitaal. Omschrijving

Boekwaarde

Deelnemings% Boekwaarde

BNG

5.062.000.000

0,05%

2.531.000

Alliander

4.470.000.000

0,13%

5.811.000

Vitens

600.300.000

0,24%

1.440.720

Circules-Berkel BV

16.142.000

2,44%

393.865

Omdat de verhandelbaarheid van de genoemde aandelen zeer beperkt is, wordt in de berekening van de weerstandscapaciteit daarom geen rekening gehouden met deze berekende stille reserve.

1097 0

Onvoorzien De post onvoorzien is vastgesteld op een bedrag van €15.000. Inventarisatie van de risico's Een risico is een kans op het optreden van een gebeurtenis met een nadelig financieel gevolg. De risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen zijn die risico’s die niet op een andere manier zijn ondervangen (bijvoorbeeld via verzekeringen of via gevormde voorzieningen). Doen deze risico’s zich voor dan moeten de nadelige financiële effecten hiervan ondervangen worden via het weerstandsvermogen. Risico wordt vaak als volgt gedefinieerd: Risico = Kans x Gevolg Een risico is groter wanneer de kans van optreden en de gevolgen van optreden groter zijn. Een groot gevolg gecombineerd met een minimale kans wordt in het algemeen als niet belangrijk beschouwd, net als een grote kans met een minimaal gevolg. Afhankelijk van de kans en het gevolg kan een risico op vier manieren worden aangepakt: • Voorkomen: één of beide van de factoren kans en gevolg wegnemen; • Verminderen: één of beide van de factoren kans en gevolg afzwakken; • Uitbesteden: risico's onderbrengen bij verzekeraars; • Accepteren: alleen bij zeer kleine kans en/ of zeer kleine gevolgen Structurele risico’s

Pagina 53 van 102

Inkomensdeel WWB (BUIG): Het maximale risico is met ingang van de begroting 2014 niet meer volledig afgedekt. Dit betekent dat het gevolg afgerond €300.000 bedraagt, gebaseerd op 7,5% van het inkomensdeel. Het inkomensdeel voor de primaire begroting 2023-2026 is gebaseerd op de realisatie over 2020. Daarbij is er rekening gehouden met een afdekking van €100.000 door middel van een storting in de bestemmingsreserve BUIG. We houden rekening met 25% van het gevolg, te weten €75.000.

Fluctuaties gemeentefonds: De algemene uitkering van het gemeentefonds maakt 60% uit van de gemeentelijke inkomstenbronnen. Dit betekent dat de financiële positie van de gemeente in sterke mate afhankelijk is van de ontwikkelingen binnen het gemeentefonds. Nadelige gemeentefondsontwikkelingen kunnen de financiële positie van de gemeente behoorlijk onder druk zetten. De algemene uitkering uit het gemeentefonds is in de primaire begroting 2023 geraamd op € 25,9 miljoen. Het maximale risico wordt geschat op 3% van dit bedrag, afgerond € 750.000. Er kunnen immers fluctuaties optreden door de onderuitputting op rijksuitgaven, die via het principe van trap-op-trap-af ook gevolgen hebben voor het gemeentefonds. Incidentele risico’s Verleende gemeentegaranties en aan derden verstrekte geldleningen: De gemeente Doesburg heeft een aantal waarborgen verstrekt voor nog uitstaande geldleningen van derden, waaronder:

Pagina 54 van 102

Verleende gemeentegaranties en aan derden verstrekte geldleningen De gemeente Doesburg heeft een aantal waarborgen verstrekt voor nog uitstaande geldleningen van derden, waaronder

Geldnemer Zorggroep attent

Restantbedrag per Risicoprofiel Kwalificatie 31-12-2021 169.989

middel

Gestichten van Weldadigheid

2.005.992

laag

Totaal

2.175.981

10%

217.598

Aan derden verstrekte geldleningen Daarnaast heeft onze gemeente een aantal leningen verstrekt aan derden. Aan de terugontvangst van deze leningen zijn bepaalde risico's verbonden. Dit betreft met name de volgende leningen

Geldnemer

Restantbedrag per Risicoprofiel Kwalificatie 31-12-2021

Woonservice Ijsselland

1.140.210

laag

Zwembad Den Helder*

689.690

laag

Tennisvereniging TVD2002**

294.900

middel

2.124.800

5%

Totaal

106.240

*)deels verstrekt met hypothecaire zekerheid **) formeel in 2019 getransporteerd; voor volledigheid wel meegenomen

De kwalificatie van de aan het zwembad verstrekte geldleningen wordt laag ingeschat vanwege de onderstaande calculatie: Zwembad Den Helder Totale restantschuld per 31 december 2021 Executiewaarde zwembad (80% van de WOZ waarde €1.556.000, per peildatum 1-1-2020) Maximaal risico

Bedrag 689.690 1.244.800 0

Verbonden partijen Onze gemeente neemt deel aan diverse verbonden partijen. Een overzicht hiervan is terug te vinden in de paragraaf “Verbonden partijen”. De deelname aan deze partijen brengt bepaalde risico’s met zich mee. Rekening wordt gehouden met een maximaal risico van € 500.000 en een kans van 10%. Bouwgrondexploitatie Bij het opstellen van grondexploitaties wordt ingespeeld op mogelijke risico’s. Gedurende de uitvoering van het project kunnen echter risico’s manifest worden die vooraf niet of niet juist zijn ingeschat. Dit kan met name het geval zijn bij exploitaties die zich over een langere periode van meerdere jaren uitstrekken. De risico’s kunnen worden onderverdeeld in gebied gerelateerde risico’s (bodem, archeologie e.d.) en marktrisico’s (economische ontwikkelingen, maatschappelijke ontwikkelingen e.d.). Het risicobedrag wordt grofweg ingeschat op 20% van de boekwaarde per 31 december 2021. Binnen Doesburg hebben we op dit moment te maken met 2 grexen. Beiden bevinden zich in de eindfase. Bij een verwacht negatief eindresultaat vormen we zoals gebruikelijk een vooziening.

Pagina 55 van 102

Financiële kwalificatie risico's In de navolgende tabel worden de hiervoor genoemde risico’s van een financiële kwalificatie voorzien: Structurele risico's

Kans

Maximaal risico

kans x financieel gevolg

Fluctuaties gemeentefonds

3%

25.000.000

750.000

Open einde regelingen sociaal domein

50%

750.000

375.000

Hogere energieprijzen

75%

150.000

112.500

25.750.000

1.125.000

Totaal

Incidentele risico's

Kans

Maximaal risico

kans x financieel gevolg

Verleende gemeentegaranties

10%

2.401.197

240.120

Verleende geldleningen

5%

2.124.800

106.240

Verbonden partijen

10%

500.000

50.000

Algemene risico's bouwgrondexploitaties

20%

Totaal

150.000

30.000

5.175.997

426.360

Berekening weerstandsvermogen Weerstandsvermogen is de verhouding tussen de weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen. Bij weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin de gemeente in staat is om middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen, zonder haar hele beleid om te hoeven gooien. Weerstandsvermogen bestaat uit een dynamische en een statische component. Het dynamische weerstandsvermogen kan worden berekend door de structurele risico’s in mindering te brengen op de structurele weerstandscapaciteit. Het statische weerstandsvermogen kan worden berekend door de incidentele risico’s af te trekken van de incidentele weerstandcapaciteit. Als de uitkomst positief is dan is er sprake van voldoende weerstandsvermogen. Dynamisch weerstandsvermogen:

Bedrag

Structurele weerstandscapaciteit

811.780

Structurele risico's

1.125.000

Saldo (tekort)

-313.220

Statisch weerstandsvermogen:

Bedrag

Incidentele weerstandscapaciteit

4.901.464

af: incidentele risico's

426.360

Saldo (overschot)

4.475.104

Op basis van de huidige inzichten kan dus geconcludeerd worden dat de structurele weerstandscapaciteit niet toereikend is. De incidentele weerstandscapaciteit is ruim toereikend.

Indien de maximale omvang van de incidentele risico's (meest negatieve scenario) wordt afgezet tegen de incidentele weerstandscapaciteit, dan is de uitkomst als volgt:

Maximale incidentele risico's t.o.v. de incidentele weerstandscapaciteit:

Bedrag

Incidentele weerstandscapaciteit

4.901.464

af: incidentele gevolgen (maximale incidentele risico's)

5.175.997

Saldo (overschot)

-274.533

Pagina 56 van 102

Kengetallen De onderstaande kengetallen zijn ingevolge artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording (BBV) opgenomen. De kengetallen maken het de leden van de gemeenteraad gemakkelijker inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeente Doesburg. Onder de tabel vindt u een korte toelichting en duiding van de kengetallen. Op de volgende pagina staat een schematische weergave met een uitleg per kengetal opgesteld door het ministerie van Binnenlandse zaken en Koningsrelaties. Op het kengetal structurele belastingcapaciteit scoort de gemeente Doesburg 'gemiddeld' bij de provincie Gelderland als toezichthouder. Alle andere kengetallen kwalificeren als 'goed'. De gemeente Doesburg heeft namelijk veel eigen vermogen en geen schulden. Daarnaast hebben we een lage grondpositie waardoor we weinig risico lopen met grondexploitaties. Ons materieel begrotingssaldo is positief. Dit houdt in dat de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten. Daarnaast is er nog voldoende belastingcapaciteit.

Verloop van de kengetallen op grond van de primaire begroting 2023-2026: Kengetallen

W2021

B2023

B2024

B2025

B2026

Netto schuldquote

-11,1%

26,9%

15,6%

5,7%

-5,8%

Netto schuldquote gecorrigeerd met verstrekte leningen

-0,1%

38,1%

26,6%

16,5%

5,6%

Solvabiliteitsrisico

68,4%

47,3%

52,5%

58,2%

65,2%

Grondexploitatie

0,4%

0,3%

0,3%

0,3%

0,3%

Structurele exploitatieruimte

5,2%

0,3%

0,3%

0,1%

0,1%

111,0%

107,5%

107,5%

107,5%

107,5%

Belastingcapaciteit

Paragraaf C - Onderhoud kapitaalgoederen Paragraaf C | Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragraaf wordt voor de kapitaalgoederen wegen, riolering, water, groen, gebouwen, openbare verlichting en speelgelegenheden achtereenvolgens aandacht geschonken aan: 

het beleidskader

het beheer

actuele ontwikkelingen

kwantitatieve en kwalitatieve indicatoren

de uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties

C.1 Wegen

1.1 Het beleidskader De gemeente heeft de plicht een openbare weg te onderhouden (art. 15 Wegenwet), met uitzondering van rijkswegen en provinciale wegen. Verder kan de gemeente, als wegbeheerder, aansprakelijk worden gesteld op basis van het Burgerlijk Wetboek. Er zijn daarvoor twee mogelijke vormen: Pagina 57 van 102

risicoaansprakelijkheid (art. 6:174 BW) en schuldaansprakelijkheid (art. 6:162 BW). Bij schuldaansprakelijkheid moet het slachtoffer bewijzen dat de wegbeheerder een fout heeft gemaakt. Er moet sprake zijn van een gebrek aan de weg. Bij risicoaansprakelijkheid hoeft dit bewijs niet te worden geleverd. Vanwege zowel de onderhoudsplicht als de mogelijke aansprakelijkheidstelling is het voor de gemeente van belang haar wegen goed te onderhouden. Leidraad voor onderhoud wegen is de systematiek voor rationeel wegbeheer (publicatie 147) van het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek (CROW). Dit is het nationaal kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte. Als de gemeente werkt volgens deze richtlijnen, kan zij aantonen dat wegen naar behoren wordt onderhouden. In 2017 is het Beleidsplan Wegen vastgesteld, waarin wet- en regelgeving, lokale ambities en dergelijke zijn vertaald in kaders. Zo is er onder andere vastgesteld dat Doesburg werkt met beeldkwaliteiten, conform de Nota Ruimtelijke Kwaliteit (NRK). In genoemd beleidsplan is onder andere vastgesteld dat zal worden gewerkt aan een wegenlegger en een rehabilitatieplan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Doesburg&id=b1bf5052-6220-43dd-a9d3-0947172a55f6