Bijlage 3 - Onderzoek CE Delft effecten
Tekst van het document
Energiekosten
De toenamen van gebruik van deel(bak)fietsen resulteert in een afnamen van privéautogebruik, zowel fossiele als elektrisch. Dit resulteert in een energiekostenreductie van ca. € 11.000 per jaar.
Operationele kosten
Voor het aanbieden van deelfietsen wordt er uitgegaan van exploitatiekosten van ca. € 1.200 per fiets per jaar (Rijkswaterstaat, n.d.). Voor een totaal van 1.350 fietsen geldt het totaal van € 1,6 miljoen aan exploitatiekosten. Voor bakfietsen gaan wij uit dat de exploitatiekosten met een factor 3 verhoogd moeten worden wat resulteert in exploitatiekosten voor deelbakfietsen van € 3,6 miljoen. Totaal komt dit uit op exploitatiekosten van € 5,2 miljoen per jaar. Daartegenover staan reducties voor het aantal voertuigkilometers met personenauto’s, reizigerskilometers met ov en met de fiets (minder onderhoudskosten). Vervoerskosten voor de auto worden geschat op € 0,20/km (CE Delft, 2024c) en voor het ov op € 0,24/km (CE Delft, 2023b). Totaal resulteert dit in een reductie van ca. € 91.000/jaar.
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
De totale nationale kosten bedragen € 5,1 mln per jaar.
Overheidskosten
66
Beleids- en administratieve kosten overheid
Zie hierboven.
Belastingen en subsidies
N.v.t.
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
Kostenposten
Uitwerking
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
N.v.t.
Operationele kosten voor de overheid
N.v.t.
Totale overheidskosten
De maatregel leidt tot beperkte extra overheidskosten.
D.3.11 Opschalen deelauto’s Tabel 20 – Kostenanalyse Opschalen deelauto’s Kostenposten
Uitwerking
Nationale kosten Beleids- en administratieve kosten overheid
De gemeente dient met commerciële partijen afspraken te maken en vergunningen te verlenen voor het aanbieden van deelauto’s. Verder wordt er verwacht dat de markt zich redelijk zelf stuurt binnen deze maatregel en dus dat beleidskosten voor sturing minimaal zullen zijn.
Administratieve kosten marktpartijen
Aanbieders van de deelauto’s dienen hun aanbod (app of een ander intern systeem) in te richten zodat het een uitbreiding in aanbod ondersteunt. Deze kosten komen tot uiting in hun exploitatiekosten, die we hieronder verder bespreken.
Jaarlijkse kapitaalkosten
De kapitaalkosten voor de aanbieders van deelauto’s bestaan uit de aanschaf van extra voertuigen. Deze kosten komen tot uiting in de exploitatiekosten, die we hieronder (bij operationele kosten) nader bespreken. Huishoudens kunnen gebruik maken van een deelauto ter vervanging voor een privéauto. Als gevolg wordt verwacht dat per ingezette deelauto zes auto’s niet worden aangeschaft of worden weggedaan. Dit vertaalt zich in een reductie van kapitaalkosten van € 33.000/jaar per deelauto (kapitaalkosten gemiddelde auto in 2030 € 2.000 per jaar (CE Delft, 2024c)). Als er 1.000 deelauto’s worden ingezet is dit gelijk aan een kapitaalkostenreductie van ca.€ 33 miljoen/jaar. Er wordt verondersteld dat de aanbieders van deelauto’s gebruik kunnen maken van al bestaande laadinfrastructuur. Wel moeten zij een bedrijfsvergunning voor een parkeerplek kopen, die in Arnhem € 538/jaar bedraagt en in Nijmegen € 1.200/jaar (kosten parkeervergunning voor bedrijven). Uitgaand van gemiddelde parkeerkosten, en de aannamen dat 75% van de auto’s op een vergunning parkeert (de anderen buiten de gemeentes waar betaald parkeren geldt) resulteert dit in parkeerkosten van € 650.000/jaar.
67
Energiekosten
Als gevolg van de opschaling van deelauto’s zullen er huishoudens hun privéauto weg doen, en uiteindelijk minder verplaatsingen met de auto maken. De kostenreductie die gepaard gaat met verminderd brandstofverbruik is in totaal ca. € 771.000.
Operationele kosten
Een gebruiker van een deelauto betaalt ca. € 0,38/km (op basis van een Greenwheels regelmatig abonnement). We veronderstellen hier dat deze abonnementskosten voldoende zijn om de exploitatiekosten van de deelauto aanbieders te dekken. Dit is een ruwe aanname, maar biedt een ruwe inschatting van deze kosten. Uitgaande van 22 miljoen reizigerskilometers gereden met de 1.000 extra deelauto’s, komen we dan op exploitatiekosten die gelijk zijn aan ca. € 8,4 miljoen.
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
Kostenposten
Uitwerking Doordat een deel van de gebruikers van deelauto’s minder gebruik zal maken van een eigen auto, de fiets of het ov, kunnen ze besparen op de kosten voor die vervoerswijzen. De variabele vervoerskosten voor een privéauto bedragen € 0,20/km (CE Delft, 2024c), bij de fiets ligt dit op ca. € 0,06/km en bij het ov op € 0,24/km (CE Delft, 2023b). Gebaseerd op de afname van de kilometers gereisd met deze verschillende modaliteiten vinden we een kostenbesparing van € 3,8 miljoen/jaar.
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
Deze maatregel leidt tot baten in de ordegrootte van € 29 miljoen per jaar. Daarbij dient opgemerkt te worden dat de hoogte van deze baten sterk afhankelijk zijn van de autovervangingsratio (dat wil zeggen het aantal auto’s dat een deelauto vervangt; hier: 6) dat wordt aangenomen. Deze ratio verschilt sterk per stad/wijk, groep autogebruikers en over tijd. Maar zelfs bij een autovervangingsratio van 2 zouden de baten nog steeds fors zijn, namelijk ca. € 7 miljoen.
Overheidskosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Zie hierboven.
Belastingen en subsidies
Zoals hierboven aangegeven ontvangt de overheid extra parkeeropbrengsten. Die zijn in de ordegrootte van € 650.000/jaar.
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
N.v.t.
Operationele kosten voor de overheid
N.v.t.
Totale overheidskosten
Deze maatregel leidt voor de overheid waarschijnlijk vooral tot extra inkomsten in de vorm van parkeergelden. In totaal worden de baten ingeschat op minimaal enkele tonnen per jaar.
D.3.12 Realisatie nieuwe doorfietsroutes Tabel 21 – Kostenanalyse Realisatie nieuwe doorfietsroutes Kostenposten
Uitwerking
Nationale kosten
68
Beleids- en administratieve kosten overheid
Het verkennen van doorfietsroutes met draagvlak en potentie gaan gepaard met kosten voor onder andere de regio, betrokken gemeenten en provincie. Voor de realisatie van deze routes is er een bestuursovereenkomst opgesteld. Deze kosten zijn eenmalig en veel beperkter dan de kapitaalkosten.
Administratieve kosten marktpartijen
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten
De infrastructuur investeringen zullen de voornaamste kosten vormen voor de realisatie van nieuwe doorfietsroutes. De kosten voor het Veluwe Waalpad worden geschat op € 30 miljoen, de brug over de Rijn ook op € 30 miljoen. Daarnaast wordt er voor ca. € 14 miljoen aan buiten stedelijk fietspad aangelegd (19 km) en ca. € 26 miljoen (17 km) in de stad (kostenkentallen aangeleverd door GMR). De totale investeringskosten komen daarmee uit op ca. € 100 miljoen wat overeenkomt met jaarlijkse kosten van ca. € 4,2 miljoen.
Energiekosten
Als gevolgd van de nieuwe doorfietsroutes wordt er verwacht dat er een modal shift zal plaatsvinden, die resulteert in verminderd autogebruik (elektrisch en fossiel). Hierdoor vindt een reductie van energiekosten plaats van ca. € 380.000.
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
Kostenposten
Uitwerking
Operationele kosten
In vergelijking met de aanlegkosten zijn de onderhoudskosten per km fietspad zeer beperkt. Daarom worden deze kosten buiten beschouwing gelaten. Door de modal shift die plaatsvindt bij deze maatregel wordt het aantal rkm gemaakt met de auto verminderd. Dit betekent dat de vervoerskosten reduceren met € 1,7 miljoen (8,2 miljoen vkm reductie met € 0,20/km (CE Delft, 2024c) variabele autokosten).
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
De totale nationale kosten worden voornamelijk gevormd door de infrastructuurkosten, de gereduceerde energiekosten en de besparingen op de operationele kosten. Netto schatten we de jaarlijkse kosten in op ca. € 2,2 miljoen per jaar.
Overheidskosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Zie hierboven.
Belastingen en subsidies
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
De investeringen in de extra fietsinfrastructuur zullen door de overheid betaald moeten worden. Zoals hierboven weergegeven gaat het dan om ca. € 4,2 miljoen per jaar aan afschrijvingskosten + financieringskosten.
Operationele kosten voor de overheid
De onderhoudskosten van de fietsinfrastructuur komen ook voor rekening van de overheid. Zoals hierboven weergegeven zijn deze kosten hier niet gekwantificeerd.
Totale overheidskosten
De overheidskosten schatten we in op ca. € 4,2 miljoen per jaar.
D.3.13 Volwaardig HOV/BRT-netwerk ontwikkelen Tabel 22 – Kostenanalyse Volwaardig HOV/BRT-netwerk ontwikkelen Kostenposten
Uitwerking
Nationale kosten
69
Beleids- en administratieve kosten overheid
Deze maatregel kan geïmplementeerd worden door de aangescherpte eisen, dat er op bepaalde buslijnen HOV-bussen moeten rijden, op te nemen in de concessievoorwaarden. Wanneer er infrastructurele aanpassingen gedaan moeten worden om een HOV-netwerk mogelijk te maken, dan moeten die aanpassingen ook ontworpen en gepland worden. Vooral in dat laatste geval kunnen er substantiële beleids- en administratieve kosten aan deze maatregel verbonden zijn.
Administratieve kosten marktpartijen
Zeer beperkt, aangezien de meeste partijen ervaring hebben met HOV-bussen.
Jaarlijkse kapitaalkosten
Kapitaalkosten bestaan uit de kosten voor het hoogwaardig maken van de buslijnen. Dit kan bijvoorbeeld door het comfort van bussen te verbeteren, de aansluiting op andere modaliteiten te vergemakkelijken (ketenreis) of de frequentie van de bussen te verhogen. Ook kan het betekenen dat er op sommige plekken bus stroken moeten worden aangelegd, bushaltes moeten worden aangepast of andere infrastructuuraanpassingen moeten worden doorgevoerd. De kosten hiervan kunnen (zeer) substantieel zijn.
Energiekosten
Door het hoogwaardig maken van meerdere buslijnen zullen mensen overstappen van de auto naar de bus. Het autogebruik vermindert dus en inherent daaraan nemen de brandstofkosten voor de auto af. De verwachting is dat de energiekosten met ongeveer € 81.000 afnemen.
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
Kostenposten
Uitwerking
Operationele kosten
Door een afname van het autogebruik door de overstap van auto naar HOV veranderen de gebruikerskosten. De kosten voor een gemiddelde auto zijn € 0,20/km in 2030 (CE Delft, 2024c). Voor het ov is dit gemiddeld € 0,24/km (CE Delft, 2023b). De reizigerskilometers met de bus nemen naar verwachting met 3,5 miljoen toe. Deze reizigers komen onder andere. vanuit de auto, fiets en lopend. In totaal resulteert dit in een toename van de gebruikskosten van ongeveer € 526.000.
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
De totale operationele kosten (incl. energiekosten) nemen jaarlijkse met ongeveer € 445.000 toe. Dit is echter geen volledige weergave omdat de (investerings)kosten voor het HOV maken van een buslijn niet zijn meegenomen. Laatstgenoemde kosten kunnen aanmerkelijk hoger zijn. We verwachten dan ook dat de totale kosten in de ordegrootte van € 1 miljoen of meer liggen.
Overheidskosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Zie hierboven.
Belastingen en subsidies
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
We veronderstellen dat de hogere jaarlijkse kapitaalkosten van HOV-bussen, zoals hierboven berekent, tot uiting komen in de tarieven die door de concessieverlener (overheid) betaald dient te worden. Ook investeringen in de weginfrastructuur en haltes zullen door de overheid moeten worden opgebracht. Met andere woorden, we verwachten dat de volledige kapitaalkosten bij de overheid terecht komen.
Operationele kosten voor de overheid
N.v.t.
Totale overheidskosten
De overheidskosten van deze maatregel zijn naar verwachting aanzienlijk, vooral aangezien we veronderstellen dat de jaarlijkse kapitaalkosten gedragen worden door de overheid. Deze kosten kunnen zeer fors zijn.
D.3.14 Hubs personenvervoer Tabel 23 – Kostenanalyse Hubs personenvervoer Kostenposten
Uitwerking
Nationale kosten
70
Beleids- en administratieve kosten overheid
Beleids- en administratieve kosten bestaan uit het bepalen van het aantal en de locaties van de stadsrandhubs. Deze kosten zullen beperkt zijn.
Administratieve kosten marktpartijen
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten
Kapitaalkosten bestaan uit het bouwen en inrichten van stadsrandhubs. De kosten per stadsrandhub zijn sterk afhankelijk van de invulling van een hub (grootte, soorten voertuigen, locatie, etc.). De kosten zijn ingeschat op € 54 miljoen, wat resulteert in jaarlijkse kosten van ca. € 2,3 miljoen (zie voor verdere uitleg de maatregel Werknemers parkeren aan de rand van de stad.
Energiekosten
Doordat mensen parkeren aan de rand van de stad nemen het aantal autokilometers af, waardoor de brandstofkosten voor de auto verminderen. We hebben ingeschat dat deze met ongeveer € 58.000 verminderen.
Operationele kosten
Doordat mensen parkeren aan de rand van de stad nemen het aantal autokilometers af, waardoor de gebruikskosten ook veranderen. De kosten voor een fiets zijn bijvoorbeeld € 0,06/km, terwijl voor een gemiddelde auto deze
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
Kostenposten
Uitwerking € 0,20/km in 2030 zijn (CE Delft, 2024c). De gebruikerskosten van het ov zijn gemiddeld € 0,24/km (CE Delft, 2023b). Het autogebruik neemt naar verwachting met ongeveer 1,6 miljoen reizigerskilometer af. Een deel hiervan stapt over naar de fiets of het ov. De gebruikskosten nemen met ca. € 162.000 af.
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
We schatten een kostentoename van jaarlijks ca. € 2,1 miljoen in.
Overheidskosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Zie hierboven.
Belastingen en subsidies
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
Zie hierboven.
Operationele kosten voor de overheid
Er zijn zeer beperkte beheer en onderhoudskosten verbonden aan stadsrandhubs. Dit gaat dan bijvoorbeeld over het schoon en netjes houden van een hub. Hoe hoog deze kosten zijn is onbekend.
Totale overheidskosten
De overheidskosten van deze maatregel bedragen ca. € 2,3 miljoen.
D.3.15 Hubs goederenvervoer Tabel 24 – Kostenanalyse Hubs goederenvervoer Kostenposten
Uitwerking
Nationale kosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Beleids- en administratieve kosten bestaan uit het bepalen van het aantal en de locaties van de logistieke hubs. Deze kosten zullen beperkt zijn.
Administratieve kosten marktpartijen
Kosten voor logistieke bedrijven bestaan uit het veranderen van de logistieke planning. Goederen kunnen worden afgeleverd bij een logistieke hub en vanuit daar goederen te bundelen.
Jaarlijkse kapitaalkosten
De kosten voor het realiseren van een logistieke hub zijn onbekend en sterk afhankelijk van de precieze vormgeving van de hubs. Dergelijke investeringen lopen echter in de miljoenen en de verwachting is ook dat de jaarlijkse kosten meerder miljoenen zullen bedragen.
Energiekosten
De hubs zorgen voor minder bestel- en vrachtautokilometers, wat leidt tot een verlaging van de energiekosten van € 3,4 miljoen.
Operationele kosten
Doordat de maatregel gaat over het verminderen van de logistieke stromen, worden er minder kilometers gereden en nemen de gebruikskosten af. De variabele kosten (excl. energiekosten) van een diesel vrachtwagen bedragen € 0,10/km. Voor een elektrische vrachtauto is dit lager, € 0,0 7/km (Panteia, 2022). De totale onderhoudskosten van een diesel bestelauto zijn ongeveer € 700 per jaar (Logistiek010, 2022). Uitgaand van het gemiddelde jaarkilometrage van een bestelauto van 18.000 kilometer komt dit neer op € 0,04 per kilometer voor een diesel bestelauto (CBS, 2022). Voor een elektrisch bedragen de jaarlijkse onderhoudskosten gemiddeld € 500, wat resulteert in € 0,03 per kilometer (Logistiek010, 2022). Door de maatregel verminderden de totale voertuigkilometers van vracht- en bestelauto met respectievelijk 7 en bijna 14 miljoen kilometer. Dit resulteert in een totale kostenbesparing van € 1,2 miljoen. Er is ook sprake van de operationele kosten van de logistieke hub, zoals onderhoudskosten van de hub of beheerkosten (bijv. kosten van management
71
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
Kostenposten
Uitwerking of opslag van goederen). Deze kosten hangen sterk af van het type logistieke hub, maar zijn naar verwachting significant.
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
Logistieke hubs zorgen per saldo tot (significante) additionele kosten (CE Delft, 2023c). In combinatie met andere maatregelen, zoals ZE-zones voor stadslogistiek die vragen om efficiëntere stadslogistiek, kan de businesscase voor logistieke hubs verbeterd worden.
Overheidskosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Zie hierboven.
Belastingen en subsidies
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
Het ontstaan van logistieke hubs wordt door de regio/gemeenten aan de markt overgelaten. Hierdoor zijn er geen kapitaalkosten voor de overheid.
Operationele kosten voor de overheid
Het ontstaan van logistieke hubs wordt door de regio/gemeenten aan de markt overgelaten. Hierdoor zijn er geen operationele kosten, in de vorm van onderhouds- en beheerkosten, voor de overheid.
Totale overheidskosten
De overheidskosten bestaan uit de beleidskosten, die relatief beperkt zijn. Vandaar dat we inschatten dat de overheidskosten van deze maatregel beperkt zijn.
D.3.16 Hubs bouwvervoer Tabel 25 – Kostenanalyse Hubs bouwvervoer Kostenposten
Uitwerking
Nationale kosten
72
Beleids- en administratieve kosten overheid
Beleids- en administratieve kosten bestaan uit het bepalen van het aantal en de locaties van de bouwhubs. Deze kosten zullen beperkt zijn.
Administratieve kosten marktpartijen
Kosten voor bouwbedrijven bestaan uit het veranderen van de logistieke planning, zodat alle bouwmaterialen bij bouwhubs worden afgeleverd en vanuit daar met kleinere (ZE-)voertuigen aan de bouwplaatsen geleverd worden.
Jaarlijkse kapitaalkosten
De kosten voor het realiseren van een logistieke hub zijn onbekend, maar naar verwachting aanzienlijk.
Energiekosten
De bouwhubs zorgen voor minder bestel- en vrachtautokilometers voor het vervoeren van bouwmaterieel, wat leidt tot een verlaging van de energiekosten van € 5,5 miljoen.
Operationele kosten
Doordat de maatregel gaat over het verminderen van de logistieke stromen, worden er minder kilometers gereden en nemen de gebruikskosten af. De variabele kosten (excl. energiekosten) van een diesel van € 0,10/km. Voor een elektrische vrachtauto is dit lager, € 0,07/km (Panteia, 2022). De totale onderhoudskosten van een diesel bestelauto zijn ongeveer € 700 per jaar (Logistiek010, 2022). Uitgaand van het gemiddelde jaarkilometrage van een bestelauto van 18.000 kilometer komt dit neer op € 0,04 per kilometer voor een diesel bestelauto (CBS, 2022). Voor een elektrisch bedragen de jaarlijkse onderhoudskosten gemiddeld € 500, wat resulteert in € 0,03 per kilometer (Logistiek010, 2022). Door de maatregel verminderden de totale voertuigkilometers van vracht- en bestelauto met respectievelijk ca. 7,5 en ca. 10 miljoen kilometer. Dit resulteert in een totale kostenbesparing van € 1,1 miljoen.
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
Kostenposten
Uitwerking Naast de besparing op de kosten van de logistieke stromen dient er ook rekening gehouden te worden met operationele kosten van de bouwhubs, zoals de opslagkosten van materialen, onderhoud en beheer van de bouwhub, etc. De omvang van deze kosten zijn sterk afhankelijk van het type bouwhub en bouwproject en daarmee lastig in te schatten.
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
De kosten van een bouwhub zijn sterk afhankelijk van de situatie: grootte van het bouwproject, ruimte voor de bouwhub, bereikbaarheid van de bouwhub (Bes et al., 2018). De verwachting is wel dat een bouwhub over het algemeen zal leiden tot (significante) extra kosten.
Overheidskosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Zie hierboven.
Belastingen en subsidies
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
We nemen hier aan dat de bouwhubs worden gerealiseerd (en betaald) door private partijen. De kapitaalkosten voor de overheid zijn daarmee nihil.
Operationele kosten voor de overheid
Evenals bij de kapitaalkosten gaan we er vanuit dat de operationele kosten gedragen worden door private partijen. Voor de overheid zijn deze kosten dus nihil.
Totale overheidskosten
Onder de aanname dat de bouwhubs gerealiseerd en gerund worden door private partijen, bestaan de overheidskosten volledig uit de relatief beperkte beleidskosten. We verwachten dan ook dat de overheidskosten van deze maatregel beperkt zijn.
D.3.17 Elektrificatie Maaslijn Tabel 26 – Kostenanalyse elektrificatie Maaslijn Kostenposten
Uitwerking
Nationale kosten
73
Beleids- en administratieve kosten overheid
Het elektrificeren van de Maaslijn is een samenwerking tussen de provincies Gelderland, Limburg en Noord-Brabant, het ministerie van I&W en ProRail. De beleidskosten bestaan uit het opstellen en uitvoeren van het aanbestedingsproces plus kosten van het begeleiden/monitoren van het project. De omvang van deze kosten zijn onbekend, maar voor de provincie Gelderland waarschijnlijk relatief beperkt (zeker in verhouding tot de overige kostenposten).
Administratieve kosten marktpartijen
Deze kosten bestaan vooral uit het onderzoeken en het indienen van een voorstel van alle aannemers die zich hebben ingeschreven voor het aanbestedingsproces. In verhouding tot de overige kostenposten zijn de kosten hiervan relatief beperkt.
Jaarlijkse kapitaalkosten
In 2023 kwam naar buiten dat de Maaslijn volgens een schatting meer geld gaat kosten dan initieel begroot. De totale investeringskosten voor het elektrificeren van de Maaslijn en het deels verdubbelen van het spoor lopen op tot waarschijnlijk € 358 miljoen (Binnenlandsbestuur, 2023). Volgens eerdere ramingen was dit € 346 miljoen. Dit komt neer op jaarlijkse kosten van ca. € 15 miljoen.
Energiekosten
Door het elektrificeren van de Maaslijn rijdt de trein niet meer op diesel, maar op elektriciteit. De energiekosten verminderen met de dieselkosten, maar stijgen met de elektriciteitskosten. Dit leidt per saldo tot een afname van de energiekosten met ongeveer € 72.000.
Operationele kosten
Onderhoudskosten voor elektrische spoorinfrastructuur zijn hoger dan voor diesel spoorinfrastructuur (WGSIF). Hoeveel hoger deze kosten liggen is onbekend.
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
Kostenposten
Uitwerking
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
De totale nationale kosten worden ingeschat op ruim € 15 miljoen per jaar.
Overheidskosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Zie hierboven.
Belastingen en subsidies
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
De provincie Gelderland draagt maar een beperkt deel van deze kosten. In de najaarsnota 2024 voor het ‘Beheer, onderhoud en verbetering van infrastructuur’ van de provincie wordt gesproken over ca. € 13 miljoen (Provincie Gelderland, 2024). Ervan uitgaande dat het hierbij gaat om een éénmalige bijdrage, komt dit neer op jaarlijkse kosten van ca. € 550.000.
Operationele kosten voor de overheid
N.v.t.
Totale overheidskosten
De totale overheidskosten per jaar worden ingeschat op € 550.000.
D.3.18 Hogere frequentie Maaslijn Tabel 27 – Kostenanalyse hogere frequentie Maaslijn Kostenposten
Uitwerking
Nationale kosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Deze kosten zijn naar verwachting zeer beperkt.
Administratieve kosten marktpartijen
Vanaf 2027 zal tussen Mook-Molenhoek en Nijmegen de frequentie worden verhoogd naar acht treinen per uur in de spits. Reizigers die van dit traject gebruik maken zullen hun reis niet meer hoeven te plannen doordat er elke 7,5 minuut een trein vertrekt. De administratieve kosten van (incidentele) reizigers nemen daardoor licht af.
Jaarlijkse kapitaalkosten
De jaarlijkse kapitaalkosten bestaan uit het inzetten van extra treinen in de spits op het tracé waar de frequentie wordt verhoogt. De omvang van deze kosten zijn onbekend, maar naar verwachting aanzienlijk.
Energiekosten
In de berekening van deze maatregel is aangenomen dat de Maaslijn al geëlektrificeerd is. Door de hogere frequentie zal er sprake zijn van een modal shift, waardoor de omvang van het autoverkeer afneemt. Dit leidt tot een besparing op de energiekosten. Grofweg worden die ingeschat op € 170.000 per jaar.
Operationele kosten
De hogere frequentie zorgt ervoor dat mensen vaker de trein pakken en de auto of fiets laten staan. Hierdoor veranderen de gebruikskosten. De kosten voor een fiets zijn bijvoorbeeld € 0,06/km, terwijl voor een gemiddelde auto deze € 0,20/km in 2030 zijn (CE Delft, 2024c). De gebruikerskosten van het ov zijn gemiddeld € 0,24/km (CE Delft, 2023b). Uit onze analyse blijkt dat de gebruikskosten met ca. € 875.000 toenemen. De inzet van extra trein tijdens de spit op bepaald deeltrajecten zorgt voor extra treingebruik en dus hogere onderhoudskosten aan het spoor, maar ook extra inzet van personeel. De omvang van deze kosten zijn onbekend, maar naar verwachting substantieel.
74
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
Op basis van de beschikbare informatie was het niet mogelijk om de omvang van de nationale kosten voor deze maatregel te bepalen. De extra inzet van treinen en personeel zorgen waarschijnlijk voor de meeste kosten.
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
Kostenposten
Uitwerking
Overheidskosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Zie hierboven.
Belastingen en subsidies
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
De kosten voor het inzetten van extra treinen komen voor de rekening van de Nederlandse Spoorwegen (NS). Er zijn dus geen extra kapitaalkosten voor de overheid.
Operationele kosten voor de overheid
N.v.t.
Totale overheidskosten
De overheidskosten voor deze maatregelen zijn zeer beperkt, aangezien (nagenoeg) alle kosten worden gedragen door de NS.
D.3.19 Gedragscampagnes Tabel 28 – Kostenanalyse Gedragscampagnes Kostenposten
Uitwerking
Nationale kosten Beleids- en administratieve kosten overheid
Een inschatting van de kosten voor verschillende gedragscampagnes is bekend. Zo is er voor de bewonersaanpak € 300.000 per jaar per jaar begroot, de bezoekersaanpak € 100.000 per jaar en de campusaanpak € 150.000 per jaar. Daarvan wordt 25% betaald door het Rijk, 50% door de provincie, en 25% door gemeentes en de GMR. Totaal komt dit neer op ca. € 550.000 per jaar.
Administratieve kosten marktpartijen
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten
Zoals aangegeven in Bijlage B.2 leidt deze maatregel tot een versterkend effect op een aantal van de andere maatregelen (onder andere opschalen deelmobiliteit en deel(bak)fietsen). We gaan er hier vanuit dat dit versterkend effect niet leidt tot extra investeringen, maar dat het versterkende effect binnen de beschikbare capaciteit kan worden opgevangen. Dit betekent dus bijvoorbeeld dat er geen extra deelauto’s bijkomen, maar dat de deelauto’s die bij de maatregel ‘Opschalen deelauto’s’ worden ingezet intensiever worden gebruikt. Onder deze aanname zijn de kapitaalkosten van deze maatregel nihil.
Energiekosten
De energiekostenbesparing die gepaard gaat met het versterkende effect van de gedragscampagnes op andere maatregelen komt in totaal uit op ca. € 65.000 per jaar.
Operationele kosten
Deze maatregel heeft een versterkend effect op verschillende andere maatregelen, daarom wordt 5% van de operationele kosten/baten van die maatregelen aan deze maatregel toegekend. Dit resulteert in totale nationale operationele kosten van ca. € 430.000 per jaar.
Opbrengsten sector
N.v.t.
Totale nationale kosten
De nationale kosten van deze maatregel liggen in de ordegrootte van € 920.000 per jaar.
Overheidskosten
75
Beleids- en administratieve kosten overheid
Zoals hierboven aangegeven betalen de provincie, de gemeentes en de GMR gezamenlijk 75% van de totale beleidskosten van € 550.000 per jaar, wat neerkomt op € 413.000 per jaar.
Belastingen en subsidies
N.v.t.
Jaarlijkse kapitaalkosten voor de overheid
N.v.t.
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024
76
Kostenposten
Uitwerking
Operationele kosten voor de overheid
De onderhoudskosten van de fietsinfrastructuur (in de maatregel ‘nieuwe doorfietsroutes’) komen ook voor rekening van de overheid. Hiervan is dus ook 5% toe te rekenen aan deze maatregel. Echter, zijn deze kosten zoals eerder in de maatregel benoemd niet gekwantificeerd.
Totale overheidskosten
De totale overheidskosten bedragen (afgerond) ca. € 413.000 per jaar.
240208 - Quickscan effectiviteit maatregelen – Oktober 2024