zienswijze Stichting Tegenwind.pdf
Tekst van het document
windwiki.nl Wind Turbine Noise Effects on Sleep—Michaud et al SLEEP, Vol. 39, No. 1, 2016 18 https://www.tno.nl/media/2187/hinder_door_geluid_van_windturbines 2008 17
19
Over de afstandsnormen kan het volgende worden opgemerkt. Voor het bepalen van de geluidseffecten van windturbines op een afstand van 2, 3 en 4 keer de tiphoogte, is gebruikgemaakt van 2 referentieturbines van 235 meter en 280 meter tiphoogte. Deze turbines zijn niet volledig uitgetest en nog niet operationeel. De waarden zijn zuiver theoretisch en niet empirisch vastgesteld. Ook dit deel van de effectbeoordeling is daarom niet wetenschappelijk en niet bruikbaar cq geldig. De beperking in betrouwbaarheid is ook vermeld aangezien er geen 95% betrouwbaarheidsinterval is toegepast. In de tabellen van hoofdstuk 12 is 47 dB Lden als representatieve normwaarde gehanteerd. Hiervoor is reeds aangetoond dat deze waarde onzuiver is. Bovendien blijkt (tabel 12.2) dat voor kleine windparken met turbines van 235 meter tiphoogte 48 dB de geluidsbelasting is, voor turbines met een tiphoogte van 280 meter respectievelijk 51 en 50 dB bij een afstand van 2 keer de tiphoogte. Bij 3 keer de tiphoogte is er zelfs nog overschrijding van de 47 dB bij grote windparken met turbines van 235 meter tiphoogte. Tabel 12.3 geeft de relatie weer met het percentage ernstig gehinderden onderscheidend in binnens- en buitenshuis. Daarbij valt op dat referentiepercentages zijn vermeld op basis van 47 dB Lden, respectievelijk 8.1%, 19% (TNO) en 14,4 (Michaud).
Hieruit mag de conclusie getrokken worden dat het Rijk het acceptabel vindt, dat dit percentage ernstig gehinderden, met dus kans op ernstige gezondheidsklachten, ontstaat. Zelfs bij 4 keer de tiphoogte is er nog sprake van een percentage ernstig gehinderden in elke categorie. De tabel laat verschillende percentages zien die gelden voor de beide referentieturbines bij de 3 verschillende tiphoogtenormen. Er zijn wel en niet overschrijdingen te zien ten opzichte van de referentie. Uit de tabellen valt af te leiden dat pas een afname voor ernstige hinder op grond van 47 dB ontstaat bij 3 keer de tiphoogte. We hebben al aangegeven dat de referentie van 47 dB niet zuiver is ontstaan. In het planMER wordt aangegeven dat, indien het uitgangspunt van 47 dB wordt gewijzigd in 45 dB, dit ernstige gevolgen heeft voor het plaatsingspotentieel. Deze neemt af met 30% en een verlies in opbrengst van 95.000 Gwh (zie blz.184 planMER). Onze sterke indruk bestaat dat dit gegeven een rol speelt bij de keuze van de referentie. Ook neemt het plaatsingspotentieel af wanneer de afstandsnorm van 3 keer tiphoogte wordt gekozen. En dan ook staat in het Ontwerpbesluit op pagina 20: “Daarnaast is voor slaapverstoring wel een verband gevonden, maar uit het beperkte aantal studies komen geen eenduidige conclusies over de relatie met windturbinegeluid naar voren”
Wij wijzen hierbij op het recente overzichtsartikel dat verschenen is naar de relatie tussen windturbinegeluid en slaapkwaliteit. Het is een systematische review en meta- analyse van ál het onderzoek tot aan mei 2023.19 De conclusie is kortweg dat er wel een verband is. Samenvattend kunnen we hier stellen dat de basis voor de keuze van bepaalde afstandsnormen onjuist, niet wetenschappelijk en niet geldig is. Bij de toepassing van waarden wordt appels met peren vergeleken. Indien de niet betrouwbare waarde van 47 dB wordt gehanteerd kan in geen enkel geval 2 keer de tiphoogte worden aangehouden. Dat geeft onvoldoende bescherming. Hieruit volgt dat deze afstandsnormen niet geschikt zijn om adequaat de gezondheid van de mens te waarborgen. Daarbij vinden wij het niet acceptabel dat bewust gekozen wordt voor te voorspellen gezondheidsschade als gevolg van geluid. Opnieuw wordt gezondheid ondergeschikt gemaakt aan andere belangen. 19
Godono A, Ciocan C, Clari M, Mansour I, Curoso G, Franceschi A, Carena E, Pasquale V. Dimonte V, Pira E, Dallapiccola B, Normanno N, Boffetta P. Association between exposure to wind turbines and sleep disorders: A systematic review and metaanalysis. Int J Hyg Environ Health. 2023 Sep. doi: 0.1016/j.ijheh.2023.114273
20
En tenslotte wijzen we op het ontbreken van het benoemen van de gezondheid voor dieren. Hieraan wordt totaal geen aandacht besteed. Op grond van vorenstaande vragen we antwoorden op de volgende vragen. Vraag 7.2: Waarom heeft u geen wetenschappelijke onderbouwing gegeven voor het tot stand brengen van de afstandsnormen voor het plan MER? Vraag 7.3: Waarom heeft u als afstandsnorm 2 keer de tiphoogte voorgesteld, met zelfs onder bepaalde omstandigheden nog minder, terwijl duidelijk is dat bij 2 keer de tiphoogte merendeels overschrijding plaatsvindt van de referentie? Bent u bereid deze te wijzigen in 3 keer tiphoogte of beter nog hoger? Zo nee, waarom niet? Vraag 7.4: Bent u bereid de referentie geluidssterkte van 47 dB Lden te verlagen? Zo nee, waarom niet? Vraag 7.5: Bent u bereid gezondheid bovengeschikt te maken aan de afstandsnormen voor gezondheid en te zorgen voor maximale bescherming van de gezondheid van de mens? Vraag 7.6: Bent u bereid om afstandsnormen voor de gezondheid van dieren vast te stellen voor het plan MER? Zo niet, waarom niet Deze vragen achten wij zeer reëel, gezien de normen in andere landen. Nederland heeft de laagste afstanden van Europa, met grote verschillen in vergelijking met directe buurlanden. Kennelijk geven de andere landen een grotere prioriteit aan gezondheid.
De afstanden die volgen uit de geluidsnorm die in 2021 buiten werking is gesteld is de slechtste van West- en Midden Europa. Het Nationaal Kritisch Platform Windenergie heeft de tot dan geldende geluidsnormen omgerekend naar afstandsnormen en kwam op het volgende overzicht:
ostopthesethings.com/2019/02/01/home-wreckers-finnish-study-finds-wind-turbine-infrasound -unsafe-for-residents-living-within-15-km/ver infrageluid en afstandsnormen
21
Bij vraag 8: Hoe kan het dat er weer, net als bij de buitenwerking gestelde normen, alleen maar geluidsnormen voorgesteld worden op basis van een risico-inschatting via een te simpel model in decibel en op basis van een jaargemiddelde? Wij merken op dat het hier gaat om gewoon geluid. Dat is het geluid in het voor mensen hoorbare gebied tussen 125 Hz en 20.000 Hz, waarvan het geluidsniveau ofwel de geluidssterkte in dB(A) gemeten wordt. dB staat voor deciBel en de A duidt op het filter waarmee gemeten wordt. Dit filter wordt meestal gebruikt omdat daarmee het geluid in het voor mensen goed hoorbare gebied meer meetelt voor het bepalen van de sterkte. Het gewoon hoorbare geluid van turbines komt in principe door de wervelingen die ontstaan rondom de draaiende wieken. Het is geruis met een ritmisch of repeterend karakter. We horen het als een zoevend geruis. Maar wat is het effect daarvan? Met name als het vele nachten lang doorgaat, terwijl andere geluiden in de omgeving niet aanwezig zijn? Er zijn inmiddels al veel wetenschappelijke onderzoeken die wijzen op slaapverstoring. In het voorstel wordt vooral gesproken over hinder en ook over (ernstige) hinder.
Dan is het al duidelijker om in plaats van geluid te gaan praten over lawaai! Wij constateren dat in het conceptbesluit aangegeven wordt dat er geen bewijs zou zijn voor slaapverstoring en in het juridische deel/voorstel (ernstige) hinder niet uitgesloten kan worden. Wat is juridisch het verschil tussen hinder en (ernstige) hinder? Is (ernstige) hinder, met "ernstig" tussen de haakjes, niet slechts bedoeld om de lezer op een verhullende manier te laten weten dat er een groot verschil is tussen hinder en slaapverstoring? Wij constateren ook dat in de berekeningen van de effecten geen koppeling gelegd wordt met woonafstand en grootte of tiphoogte van de turbines. Bovendien wordt er vaak verwezen naar oude situaties en is er veel kritiek op nieuwe onderzoeken. De enorme toename van de grootte van de turbines in de afgelopen jaren wordt op geen enkele manier verwerkt in onderzoeken. Wij wijzen er op dat hinder en zeker ook ernstige hinder een gezondheidsprobleem is en dat slaapverstoring leidt tot ziektes en ernstig disfunctioneren van mensen.
Het RIVM concludeert dat er een significant verband is tussen windturbinegeluid en hinder en windwiki maakt bekend dat op wetenschappelijke basis, bij beoordeling van al het beschikbare onderzoek, lineaire relaties gevonden zijn tussen de sterkte van windturbinegeluid en het optreden van slaapstoornissen.20 Wij wijzen er ook op dat het een menselijke eigenschap is om meer te gaan waarnemen, als wij op het verschijnsel gaan letten. Wij horen meer, we zien meer, we voelen beter etc. Bekend is dat doven en blinden bijvoorbeeld hun beperking gaan compenseren met waarneming via de andere zintuigen. Zo kan dus geluid makkelijk beter waargenomen worden door omwonenden van windturbines die daar, bewust of onbewust, meer op gaan letten. En dat werkt des te meer als ander omgevingsgeluid niet aanwezig is, dus ‘s nachts. Voor hen wordt geluid met een lage sterkte lawaai. Een eenvoudige vergelijking maakt dat al duidelijk. Iemand die in bed ligt, hoort ergens in de nabijheid een kraan druppelen. Het geluid in dB is vrijwel verwaarloosbaar, maar het ritme samen met de wetenschap dat dit niet hoort, immers de kraan hoort dicht te zijn, maakt dat het gaat irriteren. Bij een aantal mensen betekent dit dat zij absoluut niet meer kunnen slapen. Dus is de reactie dat ze dit geluid op één of andere manier willen uitschakelen.
Zo gaat het dus ook vaak met het zoevende ritmische geluid van de turbines. Echter die zijn in het geheel niet uit te schakelen! Velen, is inmiddels wel bekend, 20
Godono A, Ciocan C, Clari M, Mansour I, Curoso G, Franceschi A, Carena E, Pasquale V. Dimonte V, Pira E, Dallapiccola B, Normanno N, Boffetta P. Association between exposure to wind turbines and sleep disorders: A systematic review and metaanalysis. Int J Hyg Environ Health. 2023 Sep. doi: 0.1016/j.ijheh.2023.114273
22
zoeken een andere plek om nog te kunnen slapen. Vaak kilometers verder. Er zijn ook veel mensen die ontdekt hebben dat zij in een andere omgeving, de eerste keer tot hun eigen verbazing, wel goed kunnen slapen. Beleving van de omwonenden speelt een zodanige rol dat maatregelen of regels niet alleen gebaseerd kunnen zijn op het geluidsniveau in dB. Het is dus een ernstige omissie van de overheid dat zij dit tot nu toe nooit gericht onderzocht hebben. Het zijn artsen die als buitenstaander het eerst professioneel te maken krijgen met dergelijke problemen. Ook zij worden in de meeste discussies rondom de bescherming van omwonenden niet geraadpleegd en hun geluiden worden nergens in discussies, rondom bescherming van omwonenden, door de overheid naar voren gebracht. Zoals onder het kopje handhaving in de uitwerking van vraag 1 is aangegeven is het werken met jaargemiddelden bij uitstek de methode om grote periodes van overschrijding van de norm weg te middelen tegen periodes zonder geluidsproductie, zoals dat bij stilstand voorkomt. En behalve dat een jaargemiddelde norm van Lden onder een willekeurig afgesproken waarde geen betekenis heeft, is het gewoonweg niet controleerbaar. Voor zover gewoon geluid in dit kader als factor gewogen moet worden verwijzen wij naar een norm in relatie tot LAeq .
Dit wil zeggen dat in korte periodes van ongeveer 10 minuten de sterkte in dB gemeten wordt en dat in combinatie met een voldoende aantal andere momenten de aan de waarde over een langere periode en los daarvan een maximum waarde in de nacht een redelijke gezondheidsbeschermende norm gekoppeld wordt. In relatie tot die jaargemiddelde Lden norm die in het conceptbesluit opnieuw voorgesteld wordt zonder combinatie met andere geluidsnormen noemen we de discussie in Australië, zoals in 2020 opgetekend met een LAeq (10 minuten) met een gemiddelde waarde van 37 dB +/- 3 dB. Ook hier wordt overigens erkend dat hun aannames arbitrair zijn en dat zij rekening houden met 10% ernstig gehinderden. Onze belangrijke opmerking: Werken met een percentage gehinderden is dubieus want dit kan alleen geschat worden of het moet in een bepaalde setting volgens een gegeven protocol gemeten worden. Dit laatste gebeurt gewoonweg niet en de gegeven waardes worden daarom via een bepaalde modelberekening gedaan. Maar reëel beschouwd kunnen dan veel invloedsfactoren niet meegenomen worden. De menselijke beleving is gewoonweg te complex! In de Australische discussie komen zij al uit op veel lagere waardes in dB dan in Nederland gehanteerd is. Ook nemen zij het 10 minuten gemiddelde in LAeq als goed uitgangspunt.
Het staat in een review artikel; dat wil zeggen een algemene beschouwing op basis van onderzoeken:21 Waarom is in Nederland niet eerder overgegaan op een LAeq methode in plaats van de jaargemiddelde Lden? Wij kunnen wel stellen dat een nachtelijk geluidsniveau van 35 dB nog niet genoeg is. Ook dan is het als lawaai aan te merken want het is voor veel mensen op een ergerlijke wijze hoorbaar. Er zal in elk geval een combinatie van geluidsbeschermende maatregelen moeten zijn! Bij de vervolgvragen gaan we in op de andere trillingsverschijnselen in relatie tot het draaien van de wieken. Wij constateren dus dat de geluidsnorm in dB op basis van een jaargemiddelde ernstig tekortschiet!
21
A Review of the Potential Impacts of Wind Turbine Noise in the Australian Context auteurs: John Laurence Davy, Kym Burgemeister, David Hillman, Simon Carlile jaar: 2020 type onderzoek: review tijdschrift & DOI nummer: Acoustics Australia (2020) 48:181–197; https://doi.org/10.1007/s40857-020-00192-4
23
Bij vraag 9: Hoe kan het dat Laagfrequentgeluid (LFG) niet als apart beoordelingsaspect en dus niet als norm opgenomen wordt, terwijl er niet alleen veel praktische aanwijzingen zijn dat dit noodzakelijk is, maar ook zoveel inzichten op natuurkundig gebied? LaagFrequentGeluid onderscheidt zich van gewoon hoorbaar geluid. Gewoon hoorbaar geluid is belangrijk, want wij willen de informatie die het bevat of kan bevatten horen, omdat we dat belangrijk en prettig vinden. Het kan ook dat wij het vervelend vinden, omdat het het horen van ander geluid belemmert. Ook kan geluid bij te hoge sterkte niveaus schadelijk zijn voor ons gehoor. Dan wordt meestal de grens bij 80 dB(A) gelegd. LFG is hoorbaar en we kunnen het vaak waarnemen als (zeer) lage tonen. Tonen ontstaan als bepaalde frequenties wat langer aanhouden. Enkele milliseconden is dan al voldoende om zoiets te horen. Bij LFG gaat het volgens de gangbare definitie om frequenties tussen 20 Hz – 125 Hz. Dus geluid boven ongeveer 125 Hz tot maximaal 20.000 Hz is gewoon geluid. Komen bepaalde LFG-tonen langduriger voor dan betitelen wij deze meestal als bromtonen; het zijn immers lage tonen. Naast het regelmatig voorkomende tonale karakter is het belangrijk om op te merken dat er bij de lagere frequenties meestal een veel grotere amplitude optreedt dan bij hoge tonen en bij geruis.
Er is daardoor veel meer energie in de afzonderlijke trillingen aanwezig. De trillingen planten zich daardoor ook meestal veel verder voort dan de gewone geluidstrillingen. Voortplantende trillingen noemen we golven. Meestal via ons oor met het trommelvlies wordt het omgezet tot het hoorbare geluid. De laagfrequente tonen zijn dus vanaf veel grotere afstand hoorbaar. Denk bijvoorbeeld aan het gebonk van optreden van bands en diskjockeys. Het zijn alleen de lage drum tonen die van grote afstand te horen zijn. Wat de voortplanting van de geluidsgolven of het lawaai betreft is het ook zo dat bij lagere frequenties obstakels makkelijker gepasseerd kunnen worden. Hogere tonen worden eerder tegengehouden door terugkaatsing en absorptie. Muren, daken en ramen kunnen hierdoor beter door geluidsgolven met lagere frequenties gepasseerd worden. Bovendien kan er binnen in een ruimte resonantie optreden. Dit is het verschijnsel dat een voorwerp, dus een dak, muur, raam etc. in het ritme van de frequentie van de geluidsgolf gaat meetrillen. Elk voorwerp of systeem heeft daarbij een eigenfrequentie die het effect van bepaalde tonen enorm kan versterken. Dat betekent dat, als zo’n systeem een klap krijgt of aangeslagen wordt, het gaat trillen met een specifieke frequentie die bij het systeem of voorwerp hoort. Soms heel goed hoorbaar, zoals bij een muziekinstrument, meestal onhoorbaar.
Soms dempt het heel snel en soms ook juist niet, dat hangt van de materiaaleigenschappen af. Tenslotte noemen wij het verschijnsel dat na reflectie heen en weer gaande golven elkaar kunnen versterken op bepaalde plaatsen. LFG gedraagt zich dus veel complexer dan gewoon geluid. Meten aan de gevels van huizen is dus lang niet zo relevant als inpandig meten in slaapkamers. Tenslotte is het nog zo dat de meting van de sterkte van het geluid met een C-filter zou moeten gebeuren. Dat doet recht aan het eigen karakter van LFG. Dit wordt in de beschouwing niet eens genoemd. Het betekent dat eerder LFG al bij kleinere turbines enorm onderschat is en dat gebeurt ook nu weer. Veel eigenschappen worden nu in het voorstel onder tafel geveegd. 24
Wij lezen in de toelichting onder andere de volgende opmerkingen: 1. Het laagfrequente geluid van windturbines is vergelijkbaar met dat van andere bronnen van geluid, zoals verkeer. 2. Het windturbinegeluid wordt bij een gelijke geluidbelasting in vergelijking met andere geluidsbronnen, zoals industrie, weg-of railverkeer, als hinderlijker ervaren en de hinder treedt al bij lagere geluidniveaus op. 3. Er kan geen eenduidige conclusie worden getrokken uit de meest recente internationale onderzoeken over slaapverstoring door windturbines. 4. Voor weg-, vlieg- en railverkeergeluid is er in de nacht wel een direct verband aangetoond tussen geluid en slaapverstoring (World Health Organization (WHO), 2018) Dus eerst wordt het geluid van IWT gelijkgesteld aan wegverkeer etc en daarvoor is wel een direct verband aangetoond met slaapverstoring en voor IWT kunnen ze het kennelijk niet. Bovendien staat er eerder in een zin dat in de nachtelijke uren het omgevingsgeluid wegvalt maar het IWT geluid niet. Wij concluderen uit de eigen tekst van het planMER dat er weldegelijk alle reden is om te stellen dat er een verband is tussen het geluid van windturbines en slaapverstoring.
Wij herhalen hier ook dat windwiki bekend maakt dat op wetenschappelijke basis, bij beoordeling van al het beschikbare onderzoek, lineaire relaties gevonden zijn tussen de sterkte van windturbinegeluid en het optreden van slaapstoornissen. Verder is het aparte onderzoek van bureau Peutz naar LFG helaas geheel gebaseerd op de zonder onderbouwing gepresenteerde Vercammen-curve. Een modelbenadering die niet geschikt is voor regelgeving rondom de IWT’s. Wij weten uit mondelinge benadering van het bureau dat zij aangeven dat dit het gevolg is van de uitgangspunten die zij bij de opdrachtverstrekking hebben meegekregen. Daarmee ligt de verantwoordelijkheid geheel bij het ministerie en gezien de problematiek is dit dus ernstig verwijtbaar handelen. Ook van belang is, in een vergelijkbare context, het infrageluid als gevolg van gelijksoortige trillingsverschijnselen, maar nu onder de 20 Hz. Hierop komen we bij de volgende vraag terug. Wij lazen in de reactienota dat niet begrepen is dat LFG en infrageluid twee verschillende verschijnselen zijn. Wij benadrukken dat dit geheel ten onrechte is. LFG kan worden gehoord en infrageluid niet, maar door velen wel gevoeld mits de sterkte groot genoeg is. We verwijzen hierbij naar de indeling die het RIVM maakt: ● Trillingen onder 20 Hz worden het niet-hoorbare, maar mogelijk wel voelbare, infrageluid genoemd.
● Laag Frequent Geluid (LFG) is geluid met zeer lage tonen. Het gaat het om frequenties tussen 20 Hz – 125 Hz. ● Geluid boven deze 125 Hz is gewoon geluid. Wij constateren dat, voor het gedeelte van LFG, het weglaten van een zorgvuldig meetsysteem samen met het weglaten van normen een zeer ernstige tekortkoming is! En daar gaat het mis in Nederland. IS en LF wordt weg gefilterd in de geluidsnorm en zitten ook niet in de huidige toelatingscertificaten van de IWT
25
Bij vraag 10: Hoe kan het dat infrageluid kennelijk niet begrepen wordt door de opstellers, ondanks alle onderzoeken die er gedaan zijn en ondanks natuurwetten die algemeen bekend zijn? De grootste drukwisselingen bij draaiende turbines treden op als een wiek de mast passeert. Het is eenvoudig na te gaan (tellen) dat dit gebeurt in het frequentiegebied tussen 0,5 Hz en 3 Hz. Het is niet hoorbaar. Wat wel hoorbaar is, is het geruis als gevolg van de luchtwervelingen omstreeks zo’n drukwisseling. En natuurlijk, die drukwisselingen worden groter naarmate de wind sterker is en de wieken harder draaien. Dit betekent dat de amplitude (de maximale drukvariatie vanuit de evenwichtsstand) dan ook steeds groter wordt en de energie in zo'n trilling ook. Frequenties onder 20 Hz behoren tot het infrageluid. Die zijn voor mensen niet hoorbaar, maar in principe wel voelbaar! Het meest merkwaardige is wel dat die drukwisselingen niet eens gemeten worden. Terwijl het beschreven verschijnsel van amplitudemodulatie wel herkend wordt en daarbij de grondfrequentie hoort met de grootste amplitude en de grootste energie inhoud per trilling en golf. Het vereist wel apparatuur. Dit kan wel met speciale apparatuur zoals het KNMI heeft. Barometrische drukmeters genaamd. Tot nu toe heeft men de mogelijkheid vaak afgedaan met “niet waarneembaar” . Maar dit is veel te makkelijk gezegd.
Ten eerste zijn er mensen en dieren die veel beter kunnen voelen of trillingen kunnen waarnemen dan andere mensen. Ten tweede worden de enorme klappen bij het draaien steeds groter. Wat doen wieken van 80 - 100 m die de mast passeren. Er gaat gigantisch veel energie zitten in de (amplitude van) de trilling die ontstaat. En naarmate deze groter wordt gaan steeds meer mensen dit goed waarnemen. Met name ‘s nachts dus. De drempelwaarde voor het kunnen voelen zal per persoon verschillend zijn. Hoe bestaat het dat dit al die jaren ontkend wordt? Er zijn al zoveel deskundigen die hierop wijzen. Men moet in het algemeen op zijn hoede zijn voor de effecten als de golven te groot zijn. Het is bekend dat infrageluid als wapen ingezet kan worden22. Maar het effect kan makkelijk per persoon verschillen, daarom is het geen effectief wapen. Omdat de uitwerking van golven in het algemeen van de individuele persoon afhangt kan er voor meer zicht op de uitwerking gewerkt worden met percentages voor de hoeveelheid personen binnen een bepaalde doelgroep die een gegeven soort golf wel of niet kunnen voelen. Zo mogen we aannemen dat er voor mensen een karakteristiek is waarbinnen bv 5 % het kan voelen tot bv 95% aan toe. Dit onderzoeken is lastig want om de trillingen op te wekken is veel vermogen nodig.
En laten nu net de turbines heel veel vermogen kunnen opwekken en laat dat vermogen nu in de laatste 20 jaar alsmaar op enorme wijze groter geworden zijn. Het betekent dat de overheid, als beschermer van de gezondheid van de bevolking, hier bedacht op moet zijn en daadwerkelijke metingen moet doen! Echter dat gebeurt dus niet! Nu nog steeds niet! Er is speciale apparatuur voor nodig en het KNMI heeft deze wel in bezit. De overheid en voor het oog ook het KNMI heeft de laakbare houding van “wat niet weet ook niet deert”. Bekend is ook dat in het verdere verleden dergelijk infrageluid overwogen is om als wapen in te zetten, omdat je er mensen gek mee kunt maken. Behalve dat er door het passeren van de mast door een wiek drukgolven ontstaan met een zogeheten grondfrequentie, kunnen deze golven ook amplitudemodulatie veroorzaken. Dit betreffen meerdere golven samen waarbij de golf met de laagste frequentie de draaggolf is en daarbovenop zijn er ook golven met hogere frequenties. Dus door modulatie krijg je hoorbare golven gedragen door een basisgolf die op zichzelf niet hoorbaar is. De gezamenlijke amplitude varieert met een bepaalde regelmaat. Het gevolg is wel dat turbine geluid zich duidelijk
22
Een aanval met onhoorbaar geluid: hoe werkt dat? (nos.nl)
26
onderscheidt van achtergrondgeluid. Het wordt dan beter waargenomen dan wanneer het infrageluid gedeelte er niet is. Zoals ook al bij LFG beschreven moet rekening gehouden worden met de golven die objecten bereiken en met het verschijnsel dat er altijd “harmonischen” kunnen optreden. Harmonischen betekent effecten van de trillingen steeds op precies een geheel veelvoud van de grondfrequentie. Dus bij 1 Hz zijn dat alle frequenties tot aan het hoorbare. Bij 2 Hz zijn het alle even frequenties en bij 1,5 Hz met die van 3 Hz, 4,5 Hz enz. Daarnaast kennen we bij snelheidsverandering door variatie in windsterkte of door richtingsverandering van de wind dat er ook modulatie optreedt. Dat wil dan zeggen overgangen van frequenties volgens een bekend principe. Kortom ook bij infrageluid werken de trillingsverschijnselen op allerlei wijzen extra door op de omgeving. Tenslotte willen we in dit verband wijzen op het verschijnsel dat vooral de trillingen in het infrasone gebied zich via de voet en de bodem zullen voortplanten. De voet trilt in relatie tot het draaien van de wieken. Toren en voet geleiden dit door naar de bodem. Afhankelijk van de bodemgesteldheid en afstand kan dit tot op verre afstand waarneembaar zijn.
Wij constateren dat dit natuurwetenschappelijk bekende fenomeen van infrageluid met effecten waarmee heel nadrukkelijk rekening gehouden moet worden ten onrechte toch geheel buiten beeld gehouden wordt in het voorstel en de toelichting. Gezien bovenstaande natuurkundige beschouwing en gezien het vele onderzoek dat al verricht is, is dit een omissie die noodzaakt tot herstel voor het definitief maken van de normen!
Bij vraag 11: Hoe kan het dat er voorbijgegaan wordt aan de vervuiling van mens en milieu door winnen van grondstoffen, door transport en door bouw met de noodzakelijke machines, door gebruik, door onderhoud en uiteindelijk door afbraak en recycling van de turbines; alsmede door het aanleggen van infrastructuur als wegen en kabels voor aansluiting op het netwerk? Onze eerste vraag in dit kader. Waar blijft de verantwoording van de ketenaansprakelijkheid van de levering van grondstoffen, nodig voor de turbinebouw? In het kader van het ontwerpbesluit staan de milieueffecten van de windturbines centraal. Wij verwachten van een planMER dat daarbij ook onderbouwd wordt, met verwijzing naar gezaghebbende studies, wat de effecten op wereldschaal zijn. Wij hebben het dan over inclusiviteit. Daarbij vrezen wij dat de leefbaarheid van onze hele aarde aangetast wordt. Minister Jetten gaf als minister van energie en klimaat aan dat het halen van onze Nederlandse doelen 0,000036 graden gaat schelen op de gemiddelde temperatuur verandering van de hele aarde. De klimaatdoelen die voor Nederland zijn afgeleid, via de klimaatakkoorden van Parijs in 2015 en het klimaatakkoord van Nederland in 2019. Ze zijn vertaald naar doelen voor CO2 uitstoot voor 2030 en 2050.
Op dit moment wordt door de overheid aangegeven dat wij op koers liggen om die doelen, met de reductie van 55% beperking van onze CO2 uitstoot in 2030 gaan halen. Echter, te vaak wordt simpel gesteld dat de CO2 uitstoot via windturbines met een half jaar draaien van die turbines terugverdiend zijn. Dit is nooit zorgvuldig onderbouwd. 27
We noemen als voorbeeld voor zeer negatieve milieueffecten de winning van het zeldzame metaal neodymium in China. Of de winning van kobalt in de Democratische Republiek Congo. Met name in landen die rijk zijn aan grondstoffen maar kampen met een zwak bestuur, kan het delven van metalen funest uitpakken voor de mensen en de omgeving. En een werkelijk duurzame energietransitie is onmogelijk zonder duurzame productieketen. We noemden bij de behandeling van vraag 5 al allerlei bijzondere stoffen die toegepast zullen worden. Het is noodzakelijk dat daarvan in dit planMER verband de negatieve eigenschappen bekend zijn en aangegeven wordt dat deze verder onderzocht worden. Vervolgens wijzen wij op de enorme hoeveelheden staal, beton en vezelversterkte kunststof die gebruikt wordt. Voor de Enercon E-126 turbine met een tiphoogte van ongeveer 200 m is 900.000 kg staal nodig, 2.500.000 kg beton en 50.000 kg vezelversterkte kunststof. Daarbij komt dat later voor hergebruik van het staal opnieuw heel veel energie nodig is, dat heel veel van het beton na gebruik in de grond achter gaat blijven. Er wordt alleen rekening gehouden met verwijderen tot 2 meter onder het maaiveld. En zoals aangegeven in de wieken zitten heel veel vezels en bisfenol A. Ook na gebruik van de wieken komen daardoor schadelijke stoffen in het milieu. En ook wijzen wij op de enorme infrastructuur die nodig is.
Toegangswegen moeten aangelegd worden die ook nog eens geschikt zijn voor de enorme wieken, want die kunnen niet in gedeelten aan- en afgevoerd worden. Wieken moeten, naar verluid, veel eerder vervangen worden dan de beoogde langere levensduur. Enorme kabels moeten gebruikt worden en ook ondergronds aangelegd. Bovendien moeten wij wijzen op de hulpapparatuur die nodig is voor opbouwen, onderhoud en afbreken. Ook daarbij is er veel CO2 uitstoot. Circulariteit Volgens de quickscan van het RIVM over Inzicht in impact stoffen wind op zee, Augustus 2021 wordt bekendgemaakt hoe de stand van zaken is mbt o.a. circulariteit van industriële windturbines: Maar voor coating & bladen van wieken is er geen betrouwbare informatie mbt maximaal hergebruik van het composiet materiaal. Hetzelfde gaat op voor de turbinecover, dit deel is opgebouwd uit GRP/GRE composiet materiaal. Hoe gaat men als overheid hiermee om? Wij constateren dat er veel te veel informatie niet voorhanden is. De windturbine branche komt daar bewust niet mee naar buiten. De overheden doen bewust veel te weinig onderzoek. En bewust ontbreekt de transparantie. Overbruggingsregeling Tenslotte willen wij wijzen op de dubieuze juridische omstandigheden rondom de . Op dit moment wordt de burger massaal voor de gek gehouden als het gaat om doorzetten van de processen van windturbines realiseren op land.
De volgende constatering is gedaan door de rechtbank van Midden Nederland op 17 februari 2023. Onder verwijzing naar prejudiciële vragen hadden exploitanten en gemeenten al sinds 4 december 2018 kunnen weten dat de SMB-richtlijn niet correct was geïmplementeerd. Toch doorzetten zoals bij Swifterbant wordt betiteld als willens en wetens. Onze conclusie is dat er geen goede overbruggingsregeling is.
28
Toevoeging vraag 11: chemische en fysieke belasting omgeving Nog schadelijker dan verwacht: Giftig fijnstof van windturbines Date: 2023-02-11 Er komen steeds meer milieuonvriendelijke, gezondheidsbedreigende en negatieve eigenschappen van windenergie aan het licht – maar de Duitse regeringspolitiek in haar permanente groene manie trekt zich daar niets van aan: Zij laat zich niet afschrikken en houdt vast aan haar massale uitbreiding van het aantal geïnstalleerde windenergie-eenheden. De laatste onderzoeksresultaten, die nu ook de milieuvervuiling door fijnstof en giftige chemicaliën van de turbines aantonen, zullen daar waarschijnlijk niets aan veranderen. Doordat de windturbines voortdurend worden blootgesteld aan de erosie van wind, regen, hagel en sneeuw, slijten de beschermende afdichtingen op de masten en rotoren permanent weg; bovendien verslijten de bladen van de rotoren, die onder andere van polyester zijn gemaakt. Het milieueffect van deze geleidelijke tekenen van gebruik en slijtage is immens: een windturbine van 4 megawatt alleen al produceert 180 kilogram fijnstof per jaar, schrijft Daniel Matissek.Ernstige schade aan kinderen; De micro- en nanodeeltjes bevatten onder meer de zeer kankerverwekkende stof bisfenol A. Zelfs kleine hoeveelheden kunnen de lever, de stofwisseling, het immuunsysteem en de ontwikkeling van kinderen ernstig aantasten.
De permanente verlaging van de minimale afstandslimieten tot woongebieden in Duitsland stelt miljoenen mensen bloot aan een onberekenbaar gezondheidsrisico dat opzettelijk wordt genegeerd en geheim gehouden. De klimaatzwendel wordt zo een voorwendsel voor een concrete, uiterst reële dreiging voor de bevolking. Want los van het feit dat zelfs een miljoen windturbines bij windstilte geen stroom kunnen opwekken, is de geplande uitbreiding beslist schadelijker voor de gezondheid en het milieu dan de vermeende klimaatcatastrofe. Gevaar voor vogels, vleermuizen en insecten; Al in 2018 bleek uit een studie van Harvard University dat windenergie de uitstoot vermindert. Tegelijkertijd leidt dit echter tot een enorme verandering van het microklimaat door de temperatuurstijging in de buurt van de windparken. Daarnaast lopen er grootschalige studies (metastudies) om te bepalen in hoeverre een toenemend aantal windturbines de atmosferische circulatie dicht bij de grond verandert en mogelijk verantwoordelijk is voor ernstige gevolgen voor weersomstandigheden (droogtes, windstiltes). De effecten van de massale windturbines op de complexe ecologische systemen worden minstens zo verkeerd begrepen als de modellen van het klimaatfraudekartel.
Los daarvan betekent de massale expansie van deze energiebeleidswaanzin ook de doodstraf voor enorme aantallen insecten, vogels en vliegende zoogdieren – met ernstige gevolgen voor het toch al versnelde uitsterven van soorten. Alleen al in Noord-Duitsland zouden jaarlijks ongeveer 8.500 buizerds en 250.000 vleermuizen het slachtoffer worden van de rotoren van windturbines. Scholz’ vijfjarenplannen; De catastrofale gevolgen voor mens, dier en milieu die de plannen van de federale regering zullen hebben, zijn nauwelijks te overzien. Om het klimaat te redden wordt het milieu vernietigd en worden mens en dier in levensgevaar gebracht. Maar onverschrokken kondigde bondskanselier Olaf Scholz zojuist een verdere enorme uitbreiding van windenergietechnologie aan . Tegen 2030 zullen er volgens Scholz elke dag “vier tot vijf windturbines” worden geplaatst (!). De vooruitgang moet worden gecontroleerd in de stijl van socialistische vijfjarenplannen. “We pakken de uitbreiding met militaire precisie aan: we stellen momenteel een tijdschema op van wanneer nieuwe centrales moeten worden gebouwd, zodat we onze doelen voor 2030 kunnen bereiken”, legt de bondskanselier uit. ========================================================== ======================== 29
Date: 2023-02-07 Groene mislukking: Tientallen Schotse windturbines, aangedreven door diesel-generatoren, lozen hydraulische olie in het landschap! De groen georiënteerde regering van Schotland staat voor aap door onthullingen dat tientallen gigantische windturbines op het land moeten worden aangesloten op diesel generatoren, waardoor duizenden liters hydraulische olie in het landschap lekken. Scottish Power – geleid door een Spanjaard, Ignacio Galan, en eigenlijk een dochteronderneming van de Spaanse onderneming Iberdrola – heeft volgens de Sunday Mail toegegeven dat ongeveer 71 van haar turbines in december aan dieselgeneratoren moesten worden gekoppeld om ze warm te houden, waarbij een klokkenluider de linkse krant vertelde dat de problemen met de turbines diepgeworteld zijn, aldus Breitbart. “In december werden 60 turbines in Arecleoch en 11 in Glenn App spanningsloos gemaakt als gevolg van een kabelfout… Om deze turbines weer van stroom te voorzien, draaiden dieselgeneratoren meer dan zes uur per dag,” onthulde de krant. “Turbines zijn regelmatig offline door storingen waarbij ze energie aan het net onttrekken in plaats van deze te produceren, en draaien ook lange tijd op halve kracht doordat onderdelen niet zijn vervangen“, vervolgden ze. “Er wordt ook regelmatig vuile hydraulische olie over het Schotse platteland gesproeid als gevolg van scheuren in de mechanismen.
De veiligheidsnormen zijn niet verbeterd sinds een werknemer in 2017 om het leven kwam in het Kilgallioch windpark.” The Record vervolgde inderdaad dat zo’n 4.000 liter lekkende hydraulische olie door de turbines “over het landschap werd gespoten” – een niet bepaald milieuvriendelijke impact. Colin Smyth, lid van het Schotse parlement (MSP) voor de linkse Schotse Labourpartij in de regio, gaf toe dat “het gebruik van dieselgeneratoren om defecte turbines ijsvrij te maken waanzin voor het milieu is” en viel de Schotse regering – die ook wordt geleid door twee andere linkse partijen, namelijk de separatistische Schotse Nationale Partij (SNP) in een coalitie met de Schotse Groenen – aan omdat hun “retoriek over net zero heel anders is dan de werkelijkheid” en beschuldigde hen van “oneerlijkheid“. De Labourpartij is zelf echter verre van vrij van wind gerelateerde fiasco’s in Wales, waar zij de gedecentraliseerde regering leidt. Zo viel vorig jaar een miljoenenpond kostende windturbine van 300 voet om in het land en joeg plaatselijke dorpsbewoners de stuipen op het lijf – kennelijk als gevolg van de harde wind.
Windturbines die problemen hebben met wind – de bron die ze verondersteld worden te kunnen aanboren voor hernieuwbare energie – waren daarvoor verre van ongehoord, met andere Welshe turbines die oplichtten als “gigantische Catherine-wielen” nadat stormen ervoor zorgden dat ze in vlammen opgingen bij een incident in 2014 bijvoorbeeld.
De problemen met onze windturbines zijn erger dan we ons hadden kunnen voorstellen”: na opmerkelijke bekentenissen stort Siemens Energy in op de beurs. Christian Bruch SIEMENS ENERGIE Door Olivier Daelen Gepubliceerd op Zaterdag 24 juni 2023 Siemens Energy tuimelde vrijdag bijna 40 procent naar beneden na een winstalarm. Het bedrijf schrapte donderdagavond zijn winstverwachtingen voor dit jaar vanwege problemen met de windturbines. 30
Waarom is dit belangrijk? Het gaat slecht met de windenergiesector, vooral in Europa. De topfiguren van de grootste bedrijven in de sector luiden al maanden de alarmbel en roepen om hulp. Tussen de bijna totale afhankelijkheid van China en de verstikkende inflatie, blijven ze herhalen dat ze niet voldoende middelen hebben om het tempo van de vraag bij te houden, die door de Europese klimaatdoelstellingen, uit de hand loopt. In het nieuws: Siemens Energy kijkt niet door een roze bril naar de (nabije) toekomst. § Het bedrijf heeft de winstverwachtingen voor dit jaar geschrapt omdat “de problemen bij de windturbines erger zijn dan verwacht.” Het management erkende dat de reparaties erg duur zouden zijn. De details: Die bekentenis werd gedaan door Jochen Eickholt, de CEO van Siemens Gamesa, de dochteronderneming van de groep die gespecialiseerd is in windenergie. § “Het is een bittere en ernstige tegenslag”, gaf Eickholt toe, die uitlegde dat de omvang van de storingen bij de windturbines van de groep groter was dan verwacht. De topman verwacht dat de herstellingen meer dan 1 miljard euro zullen kosten. § Volgens de CEO zijn de problemen onder meer het gevolg van ontwerpfouten. § De problemen hebben betrekking op onshore installaties, maar Siemens Gamesa ondervindt ook moeilijkheden bij het verhogen van de productiecapaciteit in zijn offshore parken.
§ Christian Bruch, CEO van Siemens Energy, nam geen blad voor de mond. “Er zijn te veel dingen onder het tapijt geveegd”, betreurde hij, eraan toevoegend dat de kwaliteitsproblemen “ernstiger” waren dan hij voor mogelijk had gehouden. § Door al die problemen verwacht Siemens Energy dit jaar geen winst te zullen maken. Aandelenkoers stort in: Reactie: Beleggers drukten massaal op de verkoopknop. § Siemens Energy heeft de handelsdag gisteren 37,3 procent lager afgesloten. § De Duitse groep verloor in een paar uur tijd meer dan 6 miljard euro aan beurswaarde. § Dat is de grootste koersdaling in Frankfurt sinds het faillissement van de financiële dienstverlener Wirecard drie jaar geleden. En nu? Kans is klein dat het tij snel zal keren voor Siemens Energy. § De meeste analisten denken dat de problemen bij Siemens Energy niet snel zullen worden opgelost. § “De problemen zullen de komende jaren leiden tot hogere reparatiekosten. Dat zal waarschijnlijk ook een impact hebben op de kasstroom de komende jaren”, aldus de analisten van Jefferies. § Deze voorspellingen werden bevestigd door Maria Ferraro, CFO van Siemens Energy, zelf: de impact van deze problemen zal de komende vijf jaar voelbaar zijn, gaf ze toe. § De experts van Citigroup legden meer de nadruk op de ondermaatse prestaties van Siemens Gamesa in de offshore sector.
Dat zou een bijzonder zorgwekkend signaal zijn, aangezien dit een sector is waarin de groep over het algemeen goed heeft gepresteerd. Een van de oorzaken van het verlies is een groot aantal garantieclaims vanwege defecte turbineonderdelen. De tegenslagen spelen zowel bij turbines op land als op zee, en kosten het bedrijf veel geld. Zo zou de kwaliteit van de producten zwaar ondermaats zijn, waardoor het Siemens ruim een miljard euro kost. Derhalve schrapt Siemens voor dit jaar alle winstverwachtingen. En een ramp komt nooit alleen, zegt beursanalist Jos Versteeg van InsingerGilissen in BNR Beurs. 31
'Zij hebben enorme servicecontracten afgesloten toen ze naar de beurs gingen', duidt hij. 'Met een waarde van bijna 50 miljard. Dat zijn langlopende contracten, en je ziet het vaker bij zulke bedrijven. Als daar problemen komen, hebben ze vaak niet goed rekening gehouden met bijvoorbeeld inflatie.' Daarnaast schort het ook aan de kwaliteitscontroles, aldus Versteeg. Al zijn ze daar wel vaag over, weet hij. 'Je ziet vaak dat het toeleveranciers zijn die niet goed gecontroleerd worden', duidt Versteeg. 'En het probleem was dat ze nooit veel verdienden. Het afgelopen jaar was er sprake van verlies, evenals in 2022.' WAT IS HET PROBLEEM MET HAAR TURBINES? De ontdekking van defecte onderdelen bij Siemens Gamesa in januari had al een last van bijna een half miljard euro veroorzaakt. De problemen waren voor Siemens Energy aanleiding om eerder deze maand de volledige controle over het bedrijf over te nemen, nadat het slechts een aantal jaren gedeeltelijk eigenaar was geweest. Op vrijdag zei Siemens Gamesa dat, hoewel rotorbladen en lagers gedeeltelijk verantwoordelijk waren voor de problemen met de turbines, het niet uitgesloten kon worden dat ook ontwerpproblemen (design / engineering) een rol speelden. Het bedrijf zei dat de problemen wel 15-30% van de 29.000 turbines die het wereldwijd onderhoudt, zouden kunnen treffen. Uitgaande van 22-1/2% > ca.
6.500 turbines die met technische problemen te kampen hebben. Het bedrijf zei dat de kwaliteitsproblemen "verder gaan dan waar we ons eerder bewust van waren, en dat ze rechtstreeks verband houden met geselecteerde onderdelen en een paar, maar belangrijke, leveranciers". Winstmarge Volgens Versteeg zei het bedrijf vorig jaar juist over een winstmarge van 1 tot 3 procent te beschikken, terwijl het de keer daarvoor nog 'dicht tegen de 1 procent' was. 'Dat is natuurlijk beroerd weinig voor die business, je wil eigenlijk op 8 tot 10 procent zitten', duidt hij. 'En nu zeggen ze dat het weer een miljard gaat kosten. Oftewel - ze komen dit jaar ook weer in de verliezen. Dit moet niet te lang gaan duren.' Het is met de andere windmolenbouwers niet anders. Vestas wind system van een piek van 360 dkk naar 180 dkk. Orsted van een piek van 1355 dkk naar 627 dkk. Niet alleen Siemens, maar heel de groene industrie zal nog flinke klappen krijgen. Daarvoor waarschuwt de Europese Rekenkamer in een nieuw rapport. Europa is te weinig aantrekkelijk voor producenten en heeft te weinig grondstoffen ter beschikking.
Reactie op GGD rapport mbt de industriële windturbine composiet rotorbladen Wanneer men het rapport aandachtig en kritisch leest, kan men vaststellen dat er een algemeen beeld geschetst wordt mbt veiligheidsrisico’s van industriële windturbines (IWT) Allereerst de verschillen tussen de oude generatie en nieuwe IWT’s worden niet benoemd. Bijvoorbeeld de IWT composiet rotorbladen worden door diverse producenten geproduceerd en iedere fabrikant heeft zijn eigen engineering design mbt lange-duur gedrag en het toepassen / verwerken van diverse extern ingekochte grondstoffen.
32
Allereerst de harsen die toegepast kunnen worden: - GRP > Glassfiber Reinforced Polyester system - GRVE > Glassfiber Reinforced Vinylester system - GRE > Glassfiber Reinforced Epoxy system Daarnaast zijn er 3 verschillende harder systemen die toegepast kunnen worden bij inzet epoxy hars: - Aliphatic amine - Anhydride Acid - Aromatic amine Deze harder systemen worden met de hars gemixt en later nadat deze hars-harder combinatie is verwerkt, uitgehard worden door externe verhitting (Curing), gebruikmakend van een oven of direct op de stalen mal, maar ook met inzet van een autoklaaf (vacuum gezogen) bij temperaturen van ca. 130*C en minimaal 1,5 uur uithardingstijd, etc… Voor polyester- en vinylester harsen worden 2 additieven toegevoegd, namelijk Cobalt (versneller) en Butanox (harder) en door een chemische reactie van deze 3 componenten ontstaat er warmte die voor de uitharding zorgt. Als Cobalt en Butanox met zuurstof met elkaar in verbinding komen, dan volgt er een spontane chemische reactie > explosie / brand. Ieder harder systeem heeft zijn eigen bijzondere eigenschappen met betrekking tot: - Chemische resistentie (PH waarde) - Sterkte (trekkracht en buiging) - Hitte (bijv. door zon of medium exposure) - Oppervlakte hardheid (middels gebruik Barcol hardheidmeter vast te stellen) Daarnaast kunnen kleur pigment stoffen toegevoegd worden, maar ook chemische stoffen om bijv.
de oppervlakte te flexibiliseren. De sterkte van een composiet materiaal wordt mede bepaald door de inzet van versterkingsmaterialen: - Polyester E-glasvezels (diverse roving diktes zoals 360 gr/m2, 580, 600, etc..) > (Alumino borosilicate glas vezel) - Carbon glasvezels - Woven roving E- en carbon glasvezels - C-glas-vlies (wordt meestal als oppervlakte topcoat verwerkt) De kwaliteit van deze grondstoffen varieert en is sterk onderhevig aan: - Hoe oud het product is vanaf het moment dat het geproduceerd werd en verwerkt wordt - Hoe deze opgeslagen zijn opgeslagen (geconditioneerd) voordat het verwerkt wordt - De finish kwaliteit van de glasvezel roving (oppervlakte van de glasvezeldraad wordt bewerkt met aminozuur en deze beïnvloed sterk de kwaliteit van het product). Dus de optimale hechting tussen hars en glasvezel wordt hierdoor sterk bepaald. De producenten van deze grondstoffen zijn voor hars / harder o.a.: - Shell – Epikote - DOW – DER - BASF Ludwigshafen Duitsland - Yangnong Jinhu Chemical Ltd. (Korea/Chin) - Air Products Epotec / Amicure curing agent 2906 33
- Swancor Taiwan - Sinopec China - Kukdo Epoxy, China Voor glasvezels producenten o.a.: - PPG USA - Saint Gobain Group Vetrotex o.a Frankrijk - CTG China - Jushi Group Co. China - Electric Glass Fiber NL, BV - Taishan, China - Ashland USA Verder worden er nog allerhande chemische stoffen gebruikt zoals bijv. weekmakers, MDA (Methyleendianiline) als curing agent / harder systeem, maar ook op- en lossingsmiddelen bij mallen, etc… Leading Edge Corrosion wordt door een groot deel beïnvloed door de volgende factoren: - Impact oppervlakte door wind, regen, zon, hagel, ijsvorming en omtreksnelheid, maar ook door zilte omstandigheden, zoals op de Noordzee - Wrijving door omtreksnelheid geeft hoge temperaturen, vooral aan de tipeinden van de composiet rotorbladen - Oppervlakte hardheid van het turbineblad verschilt per producent en de ingezette grondstoffen en de kwaliteit van de verwerking, incl.
het uithardingsproces - Mogelijke luchtinsluitingen (poren) in de oppervlakte van de topcoat, hierdoor vind door externe slag impact sneller een breuk / splinter effect plaats - Fatique (verouderingsproces, lange-duur gedrag) heeft duidelijk invloed op de kwaliteit van het product en staat in nauw verband met de kwaliteit van de ingezette grondstoffen - UV inwerking zorgt ook voor verwijdering (opvreten) van de pure epoxyhars coating die in de regel een pure harsdikte heeft tussen 0,1 en 0,3 mm De laatste onderzoeksresultaten, gepubliceerd door bijv. het RIVM en de GGD laten zien, maar wel in zeer bedekte termen, dat er milieuvervuiling door fijnstof en giftige chemicaliën van de windturbines optreed, echter ze verschillen sterk in de vaststelling van de hoeveelheden micro plastics (micro- en nanodeeltjes) die vrijkomen tijdens de operationele gebruiksfase van deze industriële windturbines (IWT). Per IWT komt er een schadelijke chemische fijnstof (bevat het kankerverwekkende bisphenol A) vrij tussen 10 en 180 kg /jaar, dat neerslaat op de directe omgeving, zoals oppervlakte water, landerijen, flora en fauna en uiteindelijk dus in onze voedselketen! Afsluitende opmerkingen die hierover in deze rapporten gemaakt worden, luiden steevast dat verder praktijk onderzoek nodig en gewenst is! Ook de zogenoemde “incidenten”, zoals bladbreuk, kolombreuk, brand, olielekkages, etc.
worden bijna nooit benoemd, de problemen met de industriële windturbines bedragen op dit moment wereldwijd 0,5% van de opgestelde industriële windturbines! De gevolgschade voor het opruimen worden niet vermeld.
34
Nu de nieuwe generatie IWT’s steeds groter worden met tiphoogtes tussen de 250 en 280 meter, worden er ook carbon glasvezels verwerkt en deze zijn in versplinterde vorm alleen op een “asbest” protocol werkwijze uit het veld te verwijderen. Er bestaan op dit moment geen veiligheidsprotokollen hoe te handelen! Om de stijfheid van de nieuwe generatie composiet rotorbladen op orde te krijgen wordt nu ook balsahout verwerkt die bijv. uit Brazilië aangevoerd worden. Corruptie en intimidatie zorgen voor een schimmig spel en ongecontroleerde houtkap! Hoezo groene energie? Daarnaast maken de windturbines gebruik van diverse smeeroliën (o.a. hydraulische olie) en vetten. De nieuwe generatie IWT’s gebruiken tussen de 800 en 2.000 liter olie die alle 5 tot 7 jaar middels een service interval moeten worden uitgewisseld. Men heeft ook vastgesteld dat er veel olie lekkages plaatsvinden, omdat afdichtingen slijten en er een lekkage proces op gang komt en neerdaalt (sproeit) in de nabijheid van de windturbine. Kogellagers gemonteerd op rotorassen die onder zware lasten bezwijken, nadat er eerst zware trillingen zijn ontstaan! Er wordt door de windindustrie lobby en energie bedrijven, o.a. Vattenfall reclame gemaakt dat windturbines fossielvrij opereren! Dat staat haaks op datgene wat er in de praktijk plaatsvind….
Naast onderhoudsfouten vormen in de praktijk ontwerp- en materiaalfouten een belangrijke oorzaak voor het falen van een windturbine. Om risico’s op dit punt zoveel mogelijk te voorkomen bepaalt artikel 3.14, lid 5, Activiteitenbesluit dat een windturbine moet voldoen aan de bij ministeriële regeling te stellen eisen. Deze regeling betreft de Activiteitenregeling milieubeheer, Artikel 3.14, lid 1, Activiteitenregeling schrijft voor dat een windturbine moet voldoen aan de veiligheidseisen zoals opgenomen in NEN-EN-IEC 61400-2:2013 en NVN 11400-0. Hiermee zou moeten worden gegarandeerd dat de toegepaste materialen wat betreft bijvoorbeeld vermoeiing, vochtinwerking, corrosie en verbindingstechnieken voldoen aan de eisen om een levensduur van ten minste 20 jaar te waarborgen. Voor industriële windturbines bestaat een internationale standaard: IEC 61400 en voor alle kwaliteitsaspecten, veiligheidsfilosofie en engineering integriteit. Externe test instituten en adviesbureaus zoals o.a. TUV, DNV (Det Norske Veritas), TNO, krijgen bijvoorbeeld testopdrachten van de windturbine producenten mbt het uitvoerig testen van de composiet rotorbladen op slijtage- en fatigue gedrag. Echter de resultaten en de test rapporten worden niet naar buiten gebracht met als reden dat men de concurrentie niet veel wijzer wil maken met product gevoelige informatie.
Het RIVM, maar ook de GGD doen alleen aan literatuuronderzoek van datgene wat in de media bekend gemaakt wordt. De echte achterliggende technische informatie komt niet naar buiten, alleen wanneer het de windindustrie past. De test instituten zijn commerciële organisaties, die voor een belangrijk deel afhankelijk zijn van opdrachten verstrekt door de windturbine industrie! TNO bijvoorbeeld werkt nauw samen met o.a. de windturbine industrie ,maar krijgt tevens ook opdrachten van de overheid! Hier ligt voor een belangrijk deel belangenverstrengeling op de loer! De technische problemen met de ontwikkeling en introductie van een nieuwe generatie IWT’s stapelen zich echter alleen maar op, nu de windindustrie ook geconfronteerd wordt o.a. door de enorme concurrentie (nu ook zeer sterk uit China) die er is ontstaan, hetgeen leidt tot drastische engineering aanpassingen om waar mogelijk de kosten te drukken. Deze ontwikkeling is funest voor de kwaliteit en het lange duur gedrag van windturbines.
35
Een voorbeeld: windturbinebouwer Siemens Gamesa zit nog steeds in zwaar weer: het bedrijf leed in het eerste kwartaal een verlies van EUR 884 miljoen. Een verdubbeling ten opzichte van een jaar geleden, toen EUR 403 miljoen aan rode cijfers werd geschreven. De reden: hogere garantie – en onderhoudskosten, hoog storingspercentage van de geïnstalleerde windturbines en daaraan gerelateerde service onderhoudskosten! Een ander voorbeeld: NORDEX kampt met dezelfde problemen als VESTAS, maar is kleiner en jonger. Het Duitse bedrijf draaide vorig jaar een negatief bedrijfsresultaat van ca. EUR 400 miljoen. Ook de jaren daaraan voorafgaand belandde NORDEX vaker wel dan niet in het rood. General Electric, een grote speler mbt windturbines heeft veel problemen met de composiet rotorbladen, de statieven die meerdere keren ingestort zijn, het controle systeem dat niet voldoet, etc.. Als logisch gevolg van al deze problemen met de geïnstalleerde windturbines, komen er steeds meer door de fabrikanten uitgewerkte reparatie richtlijnen (repair manuals) in de markt mbt herstel van de beschadigde composiet rotorbladen, service onderhoud, verhoogde interval activiteiten, etc… Een ander onderwerp wat niet onvermeld mag blijven is het maximale hergebruik van de ingezette grondstoffen na beëindiging van de operationele looptijd van een IWT.
Een speerpunt van de overheid!!! Er is tot op heden nog steeds geen adequate oplossing om de composiet rotorbladen te kunnen hergebruiken. Er wordt steeds door alle fabrikanten melding gemaakt dat de industrie er aan werkt om een gedegen oplossing te vinden! Dit proces loopt al meer dan 15 jaar en men is niet verder gekomen, dan dat het nog meer onderzoek behoeft om bijv. een economische oplossing voor dit probleem te vinden. Bedenk wel dat de huidige generatie windturbines met 3 composiet rotorbladen gemiddeld een gewicht hebben van ca. 50 ton. Tendens stijgend…. In Duitsland, maar ook in Nederland zijn op dit moment ca. 40.000 stuks IWT operationeel, dat betekend dat er ca. 2 miljoen ton composiet materiaal vrijkomt en men deze niet kan verwerken voor andere producten. Wat gebeurt er nu met dit materiaal? Het wordt naar openbare stortplaatsen gebracht en met grond afgedekt, omdat deze producten niet gezien worden als chemisch afval, het is namelijk een uitgehard product!!! Conclusie: Leading Edge Corrosion kan alleen in de praktijk bepaald en benoemd worden per individuele windturbine en in combinatie met het design van de composiet rotorbladen. “Meten is weten” en dat gebeurt op dit moment nog veel te weinig, het is natte vingerwerk en bijv. de door GGD genoemde getallen vallen daardoor niet te herleiden. Alleen maar literatuur onderzoek….
Staat de GGD voor “Groots Gemene Deler” mbt hun bevindingen?? Er wordt hierover niets gemeld als achtergrond informatie, laat staan dat alle ingezette componenten, zoals hierboven beschreven onderdeel zijn van de bevindingen en daaraan verbonden conclusies. En wat doet de overheid: we houden vast aan de ingezette koers, Wind en Zon, want dat hebben we in alle wijsheid besloten: “de trein dendert door, maar wel op het verkeerde spoor”. A.J. van Dokkum Oldenzaal: 22-05-2023 ATTconsultncy 36