WRP gemeente Dinkelland.pdf
Tekst van het document
Individuele Behandeling van Afvalwater (IBA)
Een IBA is een verzamelnaam voor lokale zuiveringsvoorzieningen. Ze kunnen bij een huis of een bedrijf het huishoudelijke afvalwater zuiveren. Na de zuiveringsvoorziening kan het water worden geloosd op het oppervlaktewater of gelijkmatig op de bodem. Het gezuiverde afvalwater wordt in de meeste gevallen geloosd op het oppervlaktewater. Hergebruik van het gezuiverde water komt overigens steeds vaker voor. Er zijn verschillende IBA-systemen. Het bekendst is de septic tank. Andere systemen zijn bijvoorbeeld de biorotor, het oxidatiebed of het helofytenfilter.
Spelregels bij verstopping in de aansluitleiding
Dan betaalt u de kosten voor het ontstoppen Wanneer er kosten zijn gemaakt voordat de controleput gecontroleerd is dan zijn deze kosten voor eigen rekening. Het is dus van belang dat u eerst de controleput na kijkt.
Melding doorgeven met DigiD Melding doorgeven zonder DigiD
Spoed buiten kantooruren Buiten kantooruren kunt u spoedklachten over de riolering doorgeven via de volgende telefoonnummers: 06-54933882
Riool verstopt? Zit de rioolverstopping op uw eigen terrein? Dan schakelt u zelf een bedrijf in. Zit de verstopping in de gemeentegrond? Meld het direct bij de gemeente. Wij verhelpen de verstopping.
Wat u moet weten Controleert u eerst of er water staat in de put. Staat er geen water in de controleput? Laat dan vanuit uw woning water wegstromen, zet bijvoorbeeld een kraan open. De put vindt u meestal op de grens van uw terrein, ongeveer 60 centimeter onder de grond. Op de bouwtekening van uw woning staat aangegeven waar het precies zit. De gemeente kan u dit eventueel ook vertellen. Als het water niet bij de controleput komt, zit de verstopping in uw eigen deel van de riolering. Bel een bedrijf dat uw riool kan ontstoppen. U betaalt zelf de kosten Als er water in de controleput blijft staan, is het gemeentedeel verstopt. Bel dan de gemeente op (0546) 628 000. Kosten Als de controleput in het gemeentedeel verstopt is: » Hebt u de verstopping niet veroorzaakt, dan betaalt u niets. U kunt voor eventuele schade een schadeclaim indienen » Hebt u de verstopping in het gemeentedeel zelf veroorzaakt?
Bewustwording lozingen
Verstopte rioolgemalen door zaken die niet in de riolering thuishoren, zoals doekjes Een groot deel van de storingen bij rioolgemalen bestaat uit verstopping door restanten van doekjes. Het gaat om niet afbreekbare toiletdoekjes, damesverband en een enkele keer een verloren dweil. In tegenstelling tot toiletpapier lossen deze doekjes niet op in het afvalwater waardoor sommige pompen verstopt raken en/of onnodig veel draaiuren maken. In enkele gevallen raken de pompen ernstig beschadigd, waardoor dure reparaties nodig zijn. In het buitengebied is dit soms direct terug te voeren tot de betreffende lozer op de unit van de drukriolering. In stedelijk gebied weet je haast nooit wie de lozer is geweest. Medicijnen, vet en olie niet in het riool Vet en olie horen niet thuis in het riool omdat het verstoppingen veroorzaakt. Op de website “frituurvetrecyclehet” is informatie beschikbaar over de gevolgen van vetlozingen en over methoden van inzameling. Daarnaast vragen we aandacht voor het inleveren (apotheek) dan wel weggooien (grijze container) van restanten van medicijnen. Deze mogen niet in de WC / gootsteen.
Gegevensbeheer
Correcte gegevens van de te beheren objecten vormen de basis voor goed beheer. De objectgegevens zijn opgenomen in de volgende systemen: » Beheerpakket Geovisia voor de gegevens van riolen, inspectieputten, kolken, etc. » Oude huisaansluitleidingen worden bijgehouden in een digitale kaartenbak nieuwe worden verwerkt in het beheersysteem. » XDM en Aquaview voor het gemalenbeheer en de monitoring van overstorten en grondwaterpeilbuizen.
Hydraulische berekeningen
Rioleringsvoorzieningen moeten voldoende capaciteit hebben om naar behoren te kunnen functioneren. Bij het dimensioneren van deze voorzieningen worden daarom hydraulische ontwerpberekeningen uitgevoerd. Periodiek worden controleberekeningen uitgevoerd om te bezien of de voorziening nog voldoet als er gewijzigde omstandigheden zijn in de praktijk of andere aanleidingen. Het gaat onder meer om de volgende berekeningen: » Berekening van de afvoer (debieten, afschot, stroomsnelheden, verloren berging, aantal uren berging, etc.) van afvalwater richting RWZI. » Berekening van rioolgemalen (pompcurves, pomptypen, pendelberging, samenloop) en persleidingen (snelheid, weerstand, waterslag). » Berekening van de afvoer van zware buien in de riolering, bijvoorbeeld bui 8 of 9. » Berekening van de afvoer bij een extreme bui met afvoer over straat. » Berekening van bijzondere voorzieningen als wadi’s, retentievijvers, infiltratie¬systemen, stuwputten en dergelijke. » Waterbalans van een stedelijk gebied. » Grondwaterberekeningen, onder meer gericht op benodigde drooglegging en drainage.
Monitoring van het systeem-functioneren
Monitoring is het waarnemen van het feitelijke gedrag en dit in relatie brengen met het beoogde gedrag. Rioleringsvoorzieningen zoals rioolbuizen, gemalen, pompunits, overstorten en drainage worden gedimensioneerd op basis van theoretische berekeningen met diverse aannamen. Deze werkwijze is heel gebruikelijk in de civiele techniek. Het is in feite de enige bruikbare manier om grootschalige voorzieningen te ontwerpen. Het is ook gebruikelijk dat het feitelijke functioneren enigszins afwijkt van de ontwerpuitgangspunten. Zolang dit binnen redelijke marges blijft is er niets aan de hand en voldoet het systeem aan de verwachtingen. Maar als het feitelijke functioneren fors afwijkt van de verwachting, dan kan het nodig zijn om in te grijpen. Het kan bijvoorbeeld gaan om afvoerhoeveelheden die afwijken of om plekken met water op straat terwijl het stelsel wel voldoet aan ontwerpbui 8. Gemalen en persleidingen zijn een essentieel onderdeel in het transport van afvalwater. Het zijn de meet- en monitor-punten in het systeem en van daaruit ook de plekken waar je kan sturen, mocht dat nodig zijn. Een scherp beeld hoe het afvalwatersysteem werkt wordt alleen maar belangrijker. Samenwerking met andere gemeenten of met het waterschap kan zeker helpen hier stappen in te zetten. Maak samen een meetplan waarmee je methodische de werking van het systeem in kaart brengt.
Van daaruit kan je verbeteren en sturen.
Risico-gestuurd rioolbeheer
In de jaren ’80 van de vorige eeuw ontstond het besef dat verouderde riolen kunnen leiden tot gaten in het wegdek en tot disfunctioneren van de riolering. Er kwam meer aandacht voor beheer en onderhoud van de riolering. De rioolheffing (toen nog rioolrecht) moest omhoog om de benodigde middelen te vergaren om verouderde riolen te kunnen vervangen door nieuwe. Gemeenten hanteren in toenemende mate een bewuste strategie voor rioolvervanging, waarbij de afweging om een riool te vernieuwen plaatsvindt op basis van de afweging tussen de kans op falen, de gevolgen hiervan en de kosten die met dit falen zijn gemoeid. Onderstaande figuur illustreert mogelijke strategieën voor het vervangen van riolering.
» »
»
»
»
De meest eenvoudige strategie is niets doen. Wachten tot het misgaat en dan in actie komen. Een groot nadeel van deze strategie is dat je niet weet wat je kunt verwachten. Het sturen op leeftijd gaat uit van de generieke aanname dat een riool een x-aantal jaar meegaat en dan vernieuwd moet worden. Inmiddels onderkent men dat dit een wel erg kort door de bocht benadering is. Er is niet één levensduur. Dit blijkt ook uit de steeds frequenter uitgevoerde degradatieanalyses. Een andere strategie is die van kwaliteit-gestuurde rioolvervanging. Hierbij wordt gekeken naar de kwaliteit van de individuele rioolleiding. We hanteren dan de zogenaamde ingrijpmaatstaven, vaak in combinatie met een omvangmaatstaf. Als er daarnaast ook gekeken wordt naar de gevolgen van falen (in termen van ontwrichting en kosten) dan beschouwen we dit als een risico-gestuurde strategie. Riolen met een groot achterliggend gebied vind je dan belangrijker dan riolen in randgebieden. De risicokosten strategie koppelt de kosten van het falen van een rioolleiding vermenigvuldigd met de faalkans van die leiding aan de vernieuwingskosten van die leiding. Als de kosten van falen keer de faalkans hoger worden dan de vernieuwingskosten, dan is het moment van daadwerkelijk vernieuwen aangebroken. In deze benadering wordt gestuurd op de minimale kosten van de asset als moment voor vervangen.
In gemeente Dinkelland is de afgelopen jaren al ervaring opgedaan met risico-gestuurd beheer.
Riool repareren, relinen of vervangen?
De rioolbeheerder kan maatregelen formuleren aan de hand van de rioolinspecties en de beoordelingen. Soms kan worden volstaan met onderhoud en reparaties. In andere gevallen is het riool zodanig verouderd dat relinen of vervangen aan de orde is. Bij relinen wordt binnenin de oude riolering een nieuwe kunststof voorziening aangebracht. Bij vervanging wordt de straat opgebroken en worden nieuwe buizen, putten en aansluitleidingen aangelegd. Rioolvervanging is daardoor een zeer ingrijpende maatregel. Dikwijls wordt tegelijk de wegconstructie verbeterd, het wegdek vernieuwd en de openbare ruimte opnieuw ingericht. Rioolvervanging vraagt daarom een goede voorbereiding en afstemming met andere vakgebieden. Relinen is minder ingrijpend en is meestal aanzienlijk goedkoper. Relinen biedt echter niet altijd een goede oplossing, zoals bij verzakte riolering. Ook in andere opzichten geeft relinen een ander product dan rioolvervanging, zo ontbreken bijvoorbeeld nieuwe aansluitleidingen, nieuwe putten en de kans om het wegdek integraal te vernieuwen of het wegtracé te verplaatsen.
Calamiteiten door falende objecten in de riolering
Het rioolstelsel kent veel objecten die om wat voor reden dan ook kunnen uitvallen. Denk bijvoorbeeld aan pompen in de drukriolering, gemalen in het vuilwaterriool, tunnelbemalingen, verstoppingen van leidingen, scheuren in de riolering of zelfs het instorten van het wegdek door zandinloop in rioolbuizen en/of putten. Het falen van één of meer objecten kan het functioneren van het gehele systeem ondermijnen. Het uitvallen van rioolgemalen door een defect of stroomstoring kan er bijvoorbeeld toe leiden dat het rioolstelsel geheel gevuld raakt en na enkele uren ongezuiverd afvalwater loost in een gebouw, of op straat of op het oppervlaktewater. Dit vormt een risico voor de volksgezondheid en het milieu. Daarom is het van belang dat voor de meest vitale objecten in het rioolstelsel een calamiteitenprocedure bestaat, zodat het uitvallen van deze objecten snel kan worden verholpen.
Calamiteiten door externe factoren
Riolering kan een onverwachte rol spelen bij calamiteiten. Realistische externe risico’s zijn: » ontploffingen in het riool na inloop van brandstof, » ontruiming van woningen na verspreiding van giftige stoffen, » uitval van de RWZI na lozing van een onbekende stof bij een ongeval, een bedrijfsincident of door opzet, » stopzetting van drinkwaterwinning na lozing van bluswater. Het WRP is niet de aangewezen plek om dit uit te werken. Dit hoort thuis bij de algemene bestrijding van incidenten en calamiteiten, met een centrale rol voor de Brandweer. Elke gemeente beschikt daartoe over een model met stappen voor opschaling en organisatie. » Van belang is dat men bij het oefenen aandacht schenkt aan het verspreidingsgevaar via riolering. » Verder is essentieel dat de calamiteitenorganisatie snel kan beschikken over juiste informatie van de riolering.
Relaties van rioleringsbeheer met aanpalende gemeentelijke vakgebieden Wegbeheer Riolering, kolken en aansluitleidingen liggen in en onder de weg. Ook kan de weg onderdeel zijn van het hele systeem voor ontwatering. Werkzaamheden aan het één beïnvloeden het ander. Samenwerking en afstemming is daarom vereist. Klimaatadaptatie Bij de omgang met regenwater en grondwater speelt de riolering (wadi’s, HWA en drainage) een belangrijke rol. De inrichting van de publieke en private buitenruimte is bepalend voor de effecten van hevige regenval, droogte en hitte. Inrichting openbare ruimte Hemelwaterafvoer wordt sterk beïnvloed door de inrichting van de openbare ruimte. Vooral bij extreme buien speelt het spel van hoog en laag een cruciale rol, het vormt het verschil tussen gereguleerde afvoer of overlast. Samenwerking en afstemming is daarom vereist. Samenwerking en afstemming is daarom vereist. Schoonhouden openbare ruimte Straatvegen en kolken zuigen hebben met elkaar te maken. Een schonere straat leidt tot minder vuil in de kolken. Maar kolken zuigen is goedkoper dan straatvegen, dus de relatie is beperkt.
Beheer gemeentelijke waterlopen Grotere vijvers en watergangen zijn in beheer bij de waterschappen. Kleinere sloten en greppels in bebouwd gebied zijn vaak in beheer bij de gemeente en spelen een belangrijke rol voor de hemelwatertaak en de grondwatertaak. Verder beheert de gemeente sloten in het buitengebied, die bijdragen aan het waterbeheer. Ontwikkelingsprojecten (woningbouw en herstructurering) Bij ontwikkelingsprojecten spelen talloze aspecten een rol, waaronder de gemeentelijke watertaken ten aanzien van afvalwater, hemelwater en grondwater. Het is een kunst om aan alle belangen tegemoet te komen. Uitvoeringsprojecten Tijdens het ontwerp en de uitvoering van rioleringswerken is het van belang dat de kwaliteit wordt geborgd, zodat de rioleringsbeheerder goede objecten krijgt overgedragen. Omgevingsvergunningen Wateraspecten vormen onderdeel van de Omgevingsvergunning. Deze moeten goed worden meegenomen. Opsporen foutieve aansluitingen en handhavend optreden Foutieve aansluitingen zijn een lastig punt binnen het rioleringsbeheer. Bij het opsporen en herstellen treed je in het domein van de particulier. Dit moet goed worden afgestemd.
Gemeentelijk vastgoedbeheer i.v.m. gemaalbehuizingen Grotere rioolgemalen zijn geplaatst in speciale behuizingen. kleinere pompen zijn vaak voorzien van schakelkasten op het maaiveld. Duurzaamheid en milieubeleid Keuzes inzake beleid en beheer van riolering hebben effecten in termen van duurzaamheid en milieu. Financiën en belasting Rioleringsbeheer kost geld. Dit punt wordt verderop in dit WRP uitgewerkt.
Aspecten van de samenwerking tussen de gemeente en de waterbeheerder(s) Watertoets Dit is het proces van overleg met de waterbeheerder bij stedenbouwkundige en andere ontwikkelingen in de openbare ruimte, waardoor inzichten over het water al vroegtijdig worden meegenomen in het ruimtelijke ontwerp. » Locatiekeuze – ruimtelijke ordening Het gaat om de vraag of de plek geschikt is voor de gewenste ontwikkeling of dat het beter elders kan. Andersom kan ook, namelijk dat de waterbeheerder ruimte voor water zoekt en de gemeente daarbij nodig heeft. » Peilbeheer – ruimtelijke ordening Het waterschap is verantwoordelijk voor het peilbeheer. Het bedient daarmee de ruimtelijke functies zo goed mogelijk. Het beleid van beide overheden moet daarom op elkaar afgestemd zijn. » Systeemkeuze – ruimtelijke inrichting Het gaat bijvoorbeeld om de keuze voor een wadi omdat dit retentie geeft gecombineerd met zuivering van straatvuil en lagere belasting van de RWZI. Waterketen De waterketen is het geheel van drinkwater via riolering tot de zuivering RWZI, dus grofweg alles in een buis ten behoeve van onze kraan in huis en bedrijf. » RWZI en rioolstelsels Het waterschap is beheerder van de RWZI, inclusief de hoofdrioolgemalen met bijbehorende persleidingen. Het aansluitende rioolstelsel is in beheer bij de gemeente. Samenwerking en afstemming is daarom vereist. » Lozing op de riolering
»
»
De gemeente is bevoegd gezag voor lozing op de riolering, terwijl dit mede effect heeft op de werking van de RWZI. Afstemming van beleid en handhaving is daarom nodig. Bij bedrijfsmatige lozingen gaat het ook om voorzuivering, het delen van informatie en handhaving. Lozingen vanuit de riolering op oppervlaktewater. Uitlaten en riooloverstorten zijn nodig om hemelwater te lozen. De hoeveelheid water en de mate van verontreiniging zijn onderwerp van gesprek tussen waterschap en gemeente. Diverse andere onderwerpen, zoals deels elders besproken in dit WRP, vragen om samenwerking: Dun water, rioolvreemd water, discrepantie, afvalwater in het buitengebied, afkoppelen hemelwater, monitoring.
Waterlopen Het waterschap voert het beheer over het watersysteem met de grotere waterlopen. Sloten in het buitengebied en in kernen vallen onder gemeentelijk of particulier beheer. Onderwerpen van afstemming zijn onder meer peilbeheer, oeverbeheer, baggeren, afvoer van maaisel en eventuele toekomstige herinrichting. Ook duikers, bruggen, beschoeiingen, kademuren en dergelijke vergen afstemming tussen waterschap en gemeente. Waterkeringen Het waterschap voert het beheer over regionale waterkeringen. Onderwerpen van afstemming zijn onder meer vergunningen, recreatief medegebruik en eventuele toekomstige herinrichting. Omgevingsvergunning De gemeente geeft omgevingsvergunningen af. Dit geldt ook voor projecten die het waterschap wil realiseren. Samenwerking en afstemming is daarom vereist.
Samenwerkingsverband Twents waternet – Regionale samenwerking
De 14 Twentse gemeenten, Vitens, provincie Overijssel en waterschap Vechtstromen werken samen in de afvalwaterketen onder de naam Twents waternet. Het betreft het werkgebied van het voormalige waterschap Regge en Dinkel. De samenwerking richt zich op kennisuitwisseling en beoogt de kwaliteit van de uitvoering van de gemeentelijke watertaken en de afwegingen die daarbij aan de orde zijn verder te verbeteren en de kwetsbaarheid te verminderen. De samenwerking is gestart begin 21ste eeuw rondom riooloverstorten en drukriolering, geïntensiveerd in de periode van het BAW 2011 (Bestuursakkoord Water) en inmiddels uitgebreid met klimaatadaptatie.
Personele aspecten van de rioleringszorg
Rioleringsbeheer, inclusief de gemeentelijke watertaken, brengt een omvangrijk takenpakket met zich mee, dat de nodige personele inzet vereist. Met behulp van de Kennisbank Riolering van RIONED en de spreadsheet van module D2000 uit de Leidraad Riolering is een inschatting gemaakt van de benodigde personele inzet. Het is gebaseerd op inwoneraantal, areaalgrootte en geplande investeringen. Het gaat uit van landelijke gemiddelden en houdt geen rekening met lokale bijzonderheden. Het is een hulpmiddel om de lokale personeelsformatie te bespreken. De taken zijn te verdelen in 3 hoofdgroepen: 1. Algemene taken bij het beheer van de riolering: a. WRP opstellen, jaarprogramma’s, overleg beheerders, afstemming andere vakgebieden, terugkoppeling, regelen middelen. b. Uitvoeren van inspecties, controles, metingen en berekeningen. c. Ingaan op klachten, verwerken van revisie en vergunningverlening. De personele inzet voor deze algemene taken is gerelateerd aan het inwoneraantal. 2. Onderhoud van de bestaande voorzieningen: a. Onderhoud van riolen, aansluitleidingen en kolken. b. Onderhoud van gemalen en de drukriolering buitengebied. c. Onderhoud van drainage en infiltratievoorzieningen.
De personele inzet voor deze onderhoudstaken is gerelateerd aan de areaalgrootte. 3. Maatregelen voorbereiden: a. Aanleg van nieuwe voorzieningen. b. Reparaties aan bestaande voorzieningen. c. Renovatie of vervanging van bestaande voorzieningen. d. Verbeteringsmaatregelen. De personele inzet voor deze maatregelen is gerelateerd aan de investeringslijst. Gedurende het opstellen van dit WRP is de formatie intern opnieuw beoordeeld en dat heeft geleid tot een voorstel voor aanpassing dat is meegenomen in dit WRP.
Gemengde activiteiten en enkele activiteiten die niet tot de riolering behoren
Gemengde activiteiten dienen meerdere doelen. Bijvoorbeeld straatreiniging. Dat wordt hoofdzakelijk gedaan voor het schoonhouden van de openbare ruimte. Maar het dient ook de riolering, omdat de kolken dan minder vaak hoeven te worden gereinigd. Van zo’n gemengde activiteit kan een gedeelte van de kosten worden toegerekend aan de rioolheffing. Het percentage van kostentoerekening is enigszins arbitrair en dient naar redelijkheid te worden gekozen. Onderstaand worden enkele gemengde activiteiten besproken: » Straatreiniging. Straatreiniging dient in eerste plaats het beheer van de openbare ruimte. In tweede instantie treedt een besparing op bij het reinigen van de kolken. In gemeente Dinkelland worden de kosten van straatreiniging voor 1/3 toegerekend aan de rioleringszorg. » Kwijtschelding. Volgens het minimabeleid kan kwijtschelding worden aangevraagd, dit wordt voor 50% doorbelast aan de rioolheffing. » Sloten binnen de bebouwde kom. Sloten binnen de bebouwde kom vormen een kans om hemelwater af te koppelen van de riolering en passen bij duurzaam stedelijk waterbeheer. Het is verdedigbaar de kosten hiervan deels toe te rekenen aan de rioleringszorg. In gemeente Dinkelland gebeurt dit voor een jaarlijks vast bedrag van €55.000. » Onderhoud WADI’s. Een WADI is in essentie een voorziening voor de hemelwaterzorgplicht van een gemeente.
In de praktijk zien bewoners een WADI vaak als een groenvoorziening of een speelplek. Die functies heeft een WADI vaak ook. Het lijkt redelijk het beheer voor volledig toe te rekenen aan de rioolheffing. Het
»
reguliere maaien blijft vallen onder groenonderhoud. Waterdoorlatende verharding. Waterdoorlatende verharding is primair een verharding (bijvoorbeeld rijbaan, parkeerplaats, fietspad of wandelpad). Het feit dat de verharding doorlatend is, draagt bij aan het verwerken van regenwater en het aanvullen van het grondwater. Het lijkt redelijk het beheer voor volledig toe te rekenen aan de rioolheffing.
Onderstaand worden enkele activiteiten besproken die niet tot de riolering behoren: » Onkruidbestrijding wordt niet uitgevoerd ten behoeve van de rioleringszorg. Enige vertraging van de afstroming op straat naar de riolering is zelfs gunstig. » Bomen planten doe je niet ten behoeve van de gemeentelijke watertaken. In de winter kan een hoge grondwaterstand een probleem zijn die je aanpakt met maatregelen, zoals drainage. Een boom helpt niet of nauwelijks omdat de verdamping in de winter vrijwel stilligt. In de zomer verdampt een boom juist veel water en dat kan zelfs ongewenst zijn vanwege verzakkingsrisico van aangrenzende bebouwing. In brede zin van de klimaatopgave heeft het planten van bomen wel veel effect, de afweging is uiteraard altijd integraal. » Groen-blauwe daken dienen verschillende doelen, zoals het versterken van de biodiversiteit, afvangen van fijn stof, isolatie van een gebouw en daarnaast in geval van bergingscapaciteit het vertraagd afvoeren van regenwater. Het is afhankelijk van de effectiviteit voor waterbeheer of de kosten voor groen-blauwe daken worden toegerekend aan de rioolheffing (is maatwerk). » Bestrijding van hitte hoort niet bij de gemeentelijke watertaken, maar is soms wel een bijkomend voordeel van een maatregel.
Actieplan maken voor werkwijze rioolbeheer intern
Gedurende het opstellen van dit WRP is een workshop gehouden over de knelpunten en werkwijze van het rioolbeheer, met als doel dit verbeteren. Tijdens de workshop zijn de volgende actiepunten benoemd: 1. Tweemaal per jaar overleg “buiten-binnen” 2. Hemelwater uitbannen bij de drukriolering. a. PvA (plan van aanpak) opstellen. b. Strengen selecteren waar het probleem groot is. c. Communicatie met bewoners voorbereiden. d. Methoden selecteren, zoals uitroken, kleurstof en riosonic. e. Achtervang organiseren met handhaving. 3. Ongeoorloofde lozingen op de riolering aanpakken. a. PvA (plan van aanpak) opstellen. b. Rolverdeling tussen gemeente en omgevingsdienst organiseren. c. Communicatie met lozers voorbereiden. d. Knelpunten aangeven op kaart: melkvet, gier, horeca, doekjes. 4. Ombouw 2G naar 4G. 5. Digitale systemen op orde krijgen. a. GeoVisia vullen
6. Renovatie verouderde rioolgemalen. 7. Meer aandacht voor bergbezinkvoorzieningen. a. Jaarlijks geheel reinigen. b. Jaarlijks meetapparatuur, ledigingspomp en reinigingsinstallatie checken. c. Per keer 1 voorziening helemaal toelichten en bespreken voor begrip? 8. Meer aandacht voor wadi’s. a. Groenbeheer door de groenmensen, maar met aanwijzingen vanuit het waterbeheer en met extra budget vanuit waterbeheer. b. Meer aandacht voor de ondergrondse voorziening. Deze moet zodanig goed afvoeren dat de wadi na een dag weer droog en beschikbaar is. c. Per keer 1 wadi belichten in een bespreking.
Communicatie rioleringsbeleid verbeteren
Communicatie van het beleid voor water en riolering verbeteren. Intern het beleid uitdragen. Extern burgers en bedrijven wijzen op mogelijkheden en op geldende regels.
Ongeoorloofde lozingen op de drukriolering aanpakken
Er lijkt sprake te zijn van ongeoorloofde lozingen op de drukriolering, zoals vet en mest. De bedoeling is om dit aan te pakken, samen met de Omgevingsdienst en het Waterschap. Daarnaast is het ongewenst om hemelwater te lozen op de drukriolering omdat dit leidt tot overbelasting en hogere kosten.
Monitoring systeem-functioneren opzetten
De bedoeling van dit project is om een systeem op te zetten waarmee het functioneren van de riolering continu in de gaten wordt gehouden. Bij afwijking volgt nadere analyse en eventueel actie. Dit project wordt voorgedragen voor uitvoering onder de paraplu van Twents waternet.
Wadi’s onder de loupe
De bestaande wadi’s dienen een belangrijk doel, maar werken niet altijd en overal optimaal. Er blijft te vaak water in staan terwijl dit behoort te infiltreren. Het project heeft tot doel om de wadi’s onder de loupe te nemen. Duidelijke richtlijnen opstellen voor nieuwe wadi’s en deze meegeven aan projectontwikkelaars. Let op dat er een ondergrondse constructie met korrels, drainage, regelput en afvoermogelijkheid wordt meegenomen in het ontwerp. Bij bestaande wadi’s verdient het onderhoud meer aandacht zodat de bodem voldoende doorlatend blijft. Wadi’s horen na een dag weer droog te staan. Dit is niet alleen van belang voor het feitelijke functioneren, maar ook voor de beeldvorming.
Beleid riolering buitengebied actualiseren
In het buitengebied worden veranderingen verwacht, waaronder nieuwe functies op bestaande kavels. De vraag is of het huidige rioleringsbeleid voor het buitengebied geschikt is om al deze ontwikkelingen te volgen of dat nieuw beleid meer geschikt is. De eigenaar van een IBA is zelf verantwoordelijk voor het functioneren en daarbij noodzakelijk beheer en onderhoud.
Hemelwaterbeleid gebiedsgericht uitwerken
In het WRP is het hemelwaterbeleid op hoofdlijnen geformuleerd. De volgende stap is uitwerking per wijk of buurt. Zie de principes voor hemelwaterbeleid en de checklist per buurt als basis voor dit project. De uitkomst van dit project is concreet hemelwaterbeleid per buurt. Dit is inclusief een hemelwaterverordening.
Rioleringsbeleid concreet verwoorden per perceel voor het Omgevingsplan In het Omgevingsplan wordt in het digitale stelsel het beleid per perceel weergegeven. Het beleid voor afvalwater, hemelwater en grondwater staat hier toegespitst per perceel. Zie dit voorbeeld voor concreet uitgewerkt beleid per perceel in het Omgevingsplan.
Degradatie-analyse
Riolering heeft een eindige levensduur. Na verloop van tijd kunnen bijvoorbeeld zettingen optreden of lekkende voegen of aantasting van beton. Een belangrijke indicator is de leeftijd, maar soms zijn relatief jonge riolen toch snel versleten, bijvoorbeeld door slechte aanleg of door aantasting ten gevolge van lozingen vanuit de drukriolering. De toestand van de riolering wordt daarom periodiek geïnspecteerd met behulp van speciale rijdende camera’s. Dat resulteert in een nauwkeurige beoordeling en rapportage. Dit wordt om ieder jaar uitgevoerd (Rasmariant). Naast dat Rasmariant kijkt naar de schadecijfers die voortkomen uit de inspecties worden er ook waardes gehangen aan de omgeving. Zoals: » Aantal adressen op en achter de streng. » wegtype (hoofdwegen, openbaar vervoer) » Naastliggende gasleidingen In het project degradatie-analyse wordt systematisch gekeken naar de achteruitgang van de bestaande riolering, inclusief extrapolatie naar de toekomst. Dit geeft een inschatting van de kosten voor het in stand houden van de riolering op korte en langere termijn. Dit is belangrijke input voor de berekening van de benodigde rioolheffing.
Onderzoek persleidingen
Om te komen tot een beheer- en onderhoudsplan dient eerst de conditie (lekkage, sterkte, hydraulica en zetting) van de bestaande persleidingen te worden bepaald. Dit kan door de prioritaire persleidingen te reinigen d.m.v. piggen en te inspecteren d.m.v. intelligent pigging, ultrasoon of elektroscan. Daarnaast kan veel informatie worden ontleend aan de beoordeling van persleidingen die vervangen zijn/worden. Omdat inwendig onderzoek bij persleidingen relatief duur is, ligt het voor de hand om op zoek te gaan en gebruik te maken van kennis, inzichten en ervaring die elders al is opgedaan (literatuurstudie). Dit project wordt voorgedragen voor uitvoering onder de paraplu van Twents Waternet.
Risicogestuurde rioolvernieuwing met behulp van model Rasmariant
In de aanloop naar het onderhavige WRP heeft een herberekening plaatsgevonden van het risico-gestuurde rioolbeheer met het computermodel Rasmariant. Belangrijke conclusies uit dit onderzoek zijn de volgende: » De totale vervangingswaarde van het areaal in gemeente Dinkelland is .€169 miljoen. » Gedurende de planperiode 2025-2030 en de jaren daarna tot 2035 kan worden volstaan met een lager budget voor rioolvernieuwing, namelijk gemiddeld M€0,7 per jaar. Dit komt omdat veel riolen in Dinkelland nog in redelijke tot goede staat verkeren. De risicogestuurde aanpak leidt ertoe dat riolen niet onnodig vroeg worden vernieuwd, maar pas als dit echt nodig is. Tussen 2050 en 2080 is de verwachting dat er een forse toename is in vervangingsprojecten. » Genoemde bedragen zijn gebaseerd op kostenkengetallen voor rioolvervanging inclusief WRU (Winst Risico Uitvoering), VAT (Voorbereiding Toezicht en AK (algemene kosten), maar exclusief BTW. De raming is overeenkomstig de Kennisbank van Stichting RIONED op prijspeil 2024. Omdat het onzeker is hoe de prijzen komende jaren gaan worden, is het advies om dit aspect jaarlijks te betrekken bij de vaststelling van de verordening rioolheffing. Dus niet één discutabele aanname in dit WRP, maar een jaarlijkse actuele blik op de stand van zaken, waarbij de inflatie wordt betrokken.