CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Noord Deurningen Hoek Nordhornsestraat-Johanninksweg bijlagen bij de toelichting

Gemeenteraad 22 september 2026, gemeente DinkellandBij agendapunt: 9: Voorstel inzake vaststelling bestemmingsplan Noord Deurningen, Hoek Nordhornsestraat- Johanninksweg94.890 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 11 van 11

oph ogin g kavel + aanleg weg niet levensvatbaar Onbekend | 6x15 | In asfaltverhardi ng slipbaan (kap nodig voor complete sanering) 2x15 | In asfaltverhardi ng slipbaan (kap nodig voor complete sanering) 15 | Te dicht bij asfalt (kap nodig voor complete sanerin g) 15 | Te dicht bij asfalt (kap nodig voor complete sanerin g) 15 | Te dicht bij asfalt (kap nodig voor complete sanerin g) 15 | Te dicht bij asfalt (kap nodig voor complete sanerin g) 5/5 Bijlage 10 Reactienota Zienswijze 382 bestemmingsplan Noord Deurningen, Hoek Nordhornsestraat - Johanninksweg 1 REACTIENOTA ZIENSWIJZEN ONTWERPBESTEMMINGSPLAN ‘Noord Deurningen, Hoek Nordhornsestraat - Johanninksweg’. Inhoudsopgave 1. Inleiding 2 2. Behandeling zienswijzen 3 2.1 Reclamant 1 3 3. WIJZIGINGEN 6 2 1. INLEIDING In dit document worden de binnengekomen zienswijze over het ontwerpbestemmingsplan ‘Noord Deurningen, Hoek Nordhornsestraat - Johanninksweg’ behandeld. Na voorafgaande publicatie op 28 december 2023 is in overeenstemming met artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening met ingang van 29 december 2023 het ontwerpbestemmingsplan ‘Noord Deurningen, Hoek Nord- hornsestraat - Johanninksweg’ voor een ieder ter inzage gelegd. Het ontwerpbestemmingsplan met de hierbij behorende stukken kon tijdens de openingsuren in het gemeentehuis worden in- gezien.

Ook was het ontwerp te raadplegen op de website www.ruimtelijkeplannen.nl. Plan Het ontwerpbestemmingsplan is opgesteld voor de realisatie van 6 woningen op de hoek Nord- hornsestraat – Johanninksweg in Noord Deurningen. Zienswijzen Gedurende de hiervoor genoemde termijn kon een ieder mondeling dan wel schriftelijk zienswij- zen kenbaar maken. Er is één reclamant die gebruik heeft gemaakt /hebben gemaakt van het recht om een zienswijze in te dienen. Belangenafweging wel of niet vaststellen bestemmingsplan De raad heeft bij het bepalen van de keuze om wel of geen medewerking te verlenen aan een herziening van het bestemmingsplan beleidsruimte om te bepalen of een bepaalde ontwikkeling met de daarbij behorende maatvoeringen uit het oogpunt van een goede ruimt elijke ordening acceptabel is. Een dergelijk besluit is immers in belangrijke mate afhankelijk van de inzichten die bij ons bestaan over de wenselijk geachte planologische ontwikkelingen in het betrokken gebied. Bepaalde beoordelingsmarges mogen echter nie t worden overschreden en het recht mag ook niet onjuist worden toegepast. Tevens dienen de in het geding zijnde (individuele) belangen op een zorgvuldige wijze te zijn afgewogen en mogen nadelige gevolgen niet onevenredig zijn tot de met het plan te dienen doelen.

De gevolgen van het vast te stellen bestemmingsplan zijn niet alleen beoordeeld aan de hand van het vast te stellen bestemmingsplan, maar alle relevante belangen zijn in de afweging be- trokken. Het vast te stellen bestemmingsplan levert in onze optiek een p lanologisch wenselijke situatie op, welke wij vanuit ruimtelijk oogpunt aanvaardbaar achten. De herziening van het be- stemmingsplan is geschikt om het doel van het plan, als beschreven in de plantoelichting , te bereiken. Zoals blijkt uit de plantoelichting is ook de noodzakelijkheid van het plan gemotiveerd. Gelet op de aspecten die in de plantoelichting zijn opgenomen en de relevante belangen, levert het vast te stellen bestemmingsplan geen onaanvaardbare aantasting van deze belangen op. De nadelige gevolgen van de voorziene ontwikkelingen zijn niet onevenredig in verhouding tot de met het plan te dienen doelen. De wijziging van het bestemmingsplan is evenwichtig. Opzet reactienota In hoofdstuk 2 worden de ingekomen zienswijze tegen het bestemmingsplan en het besluit ho- gere grenswaarde samengevat en vervolgens van een gemeentelijk standpunt voorzien. Ten- slotte wordt de zienswijze afgesloten met een conclusie. In hoofdstuk 3 worden de wijzigingen aan het bestemmingsplan op een rij gezet. 3 2.

BEHANDELING ZIENSWIJZEN 2.1 Reclamant 1 Datum brief: 7 februari 2024 (pro forma) Datum ontvangst: 7 februari 2024 Datum aanvulling: 22 februari 2024 1 Herplantplicht Op de plek waar enkele woningen komen te staan, staan in de huidige situatie diverse bomen en groen. Reclamant stelt dat in het bestemmingsplan een herplantingsplicht moet worden opgeno- men, het liefst in de directe omgeving, zodat er geen groen verloren gaat . Gemeentelijk standpunt Voor de ontwikkeling is een groenplan opgesteld, waarin het behoud, de compensatie en de in- richting van het groen zijn uitgewerkt. Uit een boominspectie is gebleken dat van de aanwezige 135 bomen er 53 behouden blijven. Van de 82 te kappen bomen zijn er 31 bomen die normaal kapvergunningplichting. Op grond van de Kapverordening Dinkelland 2021 is geen vergunning vereist voor het vellen van houtopstanden indien er een landschappelijk inpassingsplan, dat on- derdeel uit maakt van het bestemmingsplan, is beschreven dat deze houtopstanden kunnen wor- den geveld. Het groenplan maakt onderdeel uit van het vast te stellen bestemmingsplan en de toelichting hierop is bescheren in paragraaf 2.2 van de plantoelichting . De afweging over het be- houd, het vellen en de herplant van bomen vindt daarom plaats in het kader van dit besluit.

Een groot aandeel van de te kappen bomen staan in de te saneren racebaan of zijn niet levens- vatbaar door de grondophogingen in het plan. Er worden 43 bomen binnen het plangebied her- plant, waarmee ruimschoots wordt voldaan aan de gemeentelijke herplantplicht voor bomen bin- nen de bebouwde kom. Daarnaast wordt ingezet op het behoud van het groene aanzicht vanaf de Nordhornsestraat door de aanleg van een nieuwe groenwal en een karakteristieke bomenrij. De herplant bestaat uit inheemse soorten en is gericht op een gevarieerd en duurzaam groenbestand. Het groenplan voorziet daarbij ook in de aanplant van diverse inheemse heesters, kruidenrijke graslanden, bloemrijke vegetatie en bloembollen. Hierdoor wordt een groene en biodiverse woonomgeving gerealiseerd. Het groenplan is als voorwaardelijke verplichting opgenomen in de planregels, waarmee de uit- voering en instandhouding van de groenmaatregelen juridisch zijn geborgd. Conclusie Aan deze zienswijze van reclamant wordt tegemoetgekomen door een groenplan op te nemen in het bestemmingsplan. Dit groenplan bevat onder meer de ruimschootse herplant van bomen ten gevolgde van de vergunningplichtige bomen die verloren gaan door de ontwikkeling. Het groen- plan wordt als voorwaardelijke verplichting vastgelegd in de regels van het bestemmingsplan . Echter, deze zienswijze leidt niet tot het niet vaststellen van het bestemmingsplan.

4 2 Besluit hogere grenswaarde geluid In de Wet geluidhinder is opgenomen dat voor woningen binnen een zone van een weg een ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van de gevel 48 dB bedraagt, de zogenaamde voorkeurs- grenswaarde. Deze voorkeursgrenswaarde wordt, vanwege het verkeer op de Nordhornsestraat op de gevel van de woningen, in werkelijkheid overschreden tot 57 dB. Dit is een forse overschrij- ding. Het geluid kan verminder d worden door de Nordhornsestraat te voorzien van ander (ge- luidsarmere) asfalt. Verder kan er een snelheidsbeperking ingesteld worden. Met het verlagen van de maximale snelheid op de provinciale weg wordt het lawaai fors minder en de verkeersvei- ligheid verbeterd. In de omgeving van het plangebied gebeuren elk jaar diverse ongelukken, met als dieptepunt dat er afgelopen jaar iemand is verongelukt. Gemeentelijk standpunt Vooropgesteld wordt dat het vaststellen van een hogere grenswaarde op grond van de Wet ge- luidhinder een afzonderlijk besluit betreft waarvoor het college van burgemeester en wethouders het bevoegde gezag is. De zienswijze ten aanzien van de hogere grenswaa rde wordt daarom inhoudelijk behandeld in de afzonderlijke reactienota behorende bij het besluit hogere grens- waarde geluid. Onderstaande betreft deze inhoudelijke beantwoording en is hier uitsluitend op- genomen ter kennisgeving.

Op grond van artikel 83 van de Wet geluidhinder kan een hogere grenswaarde voor geluid worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde voor woningen in stedelijk gebied 58 dB niet te boven mag gaan. In voorliggend geval bedraagt de waarde 57 dB, waa rdoor een hogere grens- waarde voor de woningen kan worden vastgesteld. Op grond van artikel 110a lid 5 van de Wet geluidhinder mag er slechts een hogere grenswaarde worden vastgesteld als maatregelen gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting onvoldoende doeltreffend zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige landschappe- lijke of financiële aard. Er is eerst gekeken of bronmaatregelen haalbaar zijn om de toekomstige geluidbelasting tot de voorkeurswaarde te beperken. Geluidsarm asfalt is op dit kleine deel van de weg geen oplossing. De wegbeheerder in dit geval de Provincie Overijssel zal niet inst emmen met het stiller maken van een klein deel van de weg, omdat dit tot onderhoud technische problemen leidt. Daarnaast is het aanpassen van het wegdek voor de geluidbelasting van enkele woningen niet realistisch in verband met de hoge kosten. Als tweede is er gekeken naar de overdrachtsmaatregelen. Een grotere afstand tussen de gevel en de weg zorgt voor een lagere geluidsbelasting op de gevel.

Er is geen ruimte om de afstand tussen de Nordhornsestraat en de nieuw te bouwen woningen dusdanig te vergroten dat kan worden voldaan aan de voorkeursgrenswaarde. Het plaatsen van een geluidsscherm tussen de bron en de woningen is vanuit stedenbouwkundig, verkeersveiligheid en landschappelijk oogpunt onwenselijk. Daarnaast brengt het plaatsen van een geluidscherm hoge kosten met zich mee en zal het de geluidbelasting ter plaatse van de bovenste bouwlaag niet verminderen. Als laatste wordt er gekeken welke maatregelen er bij de woning genomen kunnen worden om een goed en gezond woon- en leefklimaat te creëren. Onderstaande voorwaarden zijn van toepassing voor het toekennen van een hogere waarde: 5 - De buitenruimte(tuin) is gelegen aan de geluidluwe zijde van de woningen en voldoet aan de ambitiewaarde van het betreffende gebied; - Het stedenbouwkundig ontwerp is zodanig vormgegeven dat zoveel mogelijk afscher- ming voor het achterliggende gebied ontstaat; - Bij de indeling van de woningen zullen minimaal drie verblijfsruimten in de woningen aan de geluidsluwe zijde gesitueerd moeten worden; - Bij een aanvraag omgevingsvergunning bouw voor de woningen moet een bouwakoes- tisch onderzoek worden gevoegd en wordt getoetst of wordt voldaan aan de binnen- waarde van het Bouwbesluit.

Het verlagen van de maximale snelheid op de Nordhornsestraat met betrekking tot verkeersvei- ligheid staat bovendien los van de ontwikkeling van zes woningen. Tevens heeft de gemeente geen zeggenschap over de Nordhornsestraat, omdat het een provinciale weg betreft. Vooralsnog liggen er ter hoogte van het plangebied (vanuit de provincie) geen plannen voor de Nordhornse- straat op korte termijn. De reclamant heeft zelf de mogelijkheid om een melding te maken bij de provincie. Conclusie Deze zienswijze heeft betrekking op het besluit hogere grenswaarde geluid waarvoor het college van burgemeester en wethouders het bevoegde gezag is . De zienswijze ten aanzien van de ho- gere grenswaarde wordt daarom inhoudelijk behandeld in de afzonderlijke reactienota behorende bij het besluit hogere grenswaarde geluid. 6 3. WIJZIGINGEN Mede naar aanleiding van de zienswijzen worden de volgende wijzigingen doorgevoerd.

Toelichting In de toelichting worden de volgende wijzigingen aangebracht: - In hoofdstuk 2.2 Toekomstige situatie is een toelichting opgenomen ten aanzien van het groenplan; - In h oofdstuk 4.8 Ecologie is de tekst aangepast op basis van de geactualiseerde quickscan natuurwaardenonderzoek en stikstofberekening; - Hoofdstuk 4.11 Spuitvrije zone gewasbeschermingsmiddelen is opgenomen ten aanzien van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op agrarische gronden; - In hoofdstuk 7.2 Zienswijzen is de tekst aangevuld op basis van de ingediende ziens- wijze; - Bijlage 1 bij de toelichting is het groenplan geworden , waardoor de daaropvolgende bij- lagen zijn vernummerd (bijlage 1 is nu bijlage 2, bijlage 2 is nu bijlage 3, enzovoort) ; - Bijlage 5 bij de toelichting betreft het waterhuishoudkundig plan en is geactualiseerd naar aanleiding van het groenplan; - Bijlage 6 bij de toelichting betreft de quickscan natuurwaardenonderzoek en is geactua- liseerd; - Bijlage 7 bij de toelichting betreft de stikstofberekening en is geactualiseerd naar de meest recente versie van de AERIUS Calculator; - De opruimtekening met betrekking tot de te kappen bomen is opgenomen als bijlage 8 bij de toelichting; - De lijst te kappen bomen is opgenomen als bijlage 9 bij de toelichting; - De reactienota zienswijze is opgenomen als bijlage 10 bij de toelichting.

Regels In de regels worden de volgende wijzigingen aangebracht: - In artikel 3.3.1 is sub h toegevoegd dat ziet op het uitsluiten van het gebruik van gewas- beschermingsmiddelen; - In artikel 6.4.3 is een voorwaardelijke verplichting opgenomen dat ziet op de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het groenplan in de bijlage bij de regels; - In artikel 6.4.4 is een voorwaardelijke verplichting opgenomen dat ziet op de aanleg en instandhouding van de waterbergingsvoorzieningen conform het waterhuishoudkundig plan in de bijlage bij de regels; - In artikel 6.4.5 is een voorwaardelijke verplichting opgenomen dat ziet op de sanering van de Japanse duizendknoop zoals verwoord in het plan van aanpak in de bijlage bij de regels; - In artikel 6.5.4 is een afwijking op de voorwaardelijke verplichting voor de landschappe- lijke inpassing opgenomen; - In artikel 6.5.5 is een afwijking op de voorwaardelijke verplichting voor de waterbergings- voorzieningen opgenomen; - Hoofdstuk 6.6 en artikel 6.6.1 zijn verwijderd, omdat een wijzigingsbevoegdheid niet meer kan worden toegepast onder de Omgevingswet; 7 - Het groenplan is als bijlage 1 bij de regels toegevoegd , waardoor de daaropvolgende bijlage is vernummerd (bijlage 1 is nu bijlage 2); - Het waterhuishoudkundig plan is als bijlage 3 bij de regels toegevoegd; - Het plan van aanpak voor de sanering van de Japanse

duizendknoop is als bijlage 4 bij de regels toegevoegd. Verbeelding Op de verbeelding worden de volgende wijzigingen aangebracht: - De functieaanduiding ‘’specifieke vorm van agrarisch uitgesloten – het spuiten van ge- wasbeschermingsmiddelen’’ is opgenomen op agrarische gronden tot een afstand van 50 meter vanaf de woonbestemmingen; - Ter plaatse van de aan te leggen wadi is de bestemming ‘Agrarisch’ gewijzigd naar de bestemming ‘Groen’.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/1052/documents/25581