CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestraat.pdf

Gemeenteraad 25 januari 2022, gemeente DinkellandBij agendapunt: 12: Voorstel inzake vaststellen bestemmingsplan “Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestraat”20.136 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

6.2 Opzet van de regels 6.2.1

Algemeen

In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze verbeelding kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 4.

Inleidende regels; Bestemmingsregels; Algemene regels; Overgangs- en slotregels.

6.2.2

Inleidende regels

Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: Begrippen (Artikel 1) In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee is een eenduidige interpretatie van deze begrippen vastgelegd. Wijze van meten (Artikel 2) Dit artikel geeft op een eenduidige manier aan op welke wijze afstanden, dakhellingen en oppervlakten moeten worden gemeten en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden. 6.2.3

Bestemmingsregels

Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemming. De regels zijn onderverdeeld in o.a.: Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan; Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (bouwhoogte, goothoogte, dakhelling etc.); Afwijken van de bouw- en gebruiksregels: onder welke voorwaarden mag worden afgeweken van de opgenomen bouw- en gebruiksregels; Specifieke gebruiksregels: welk gebruik van gronden en opstallen in ieder geval strijdig/toegestaan zijn; Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden. In paragraaf 6.3 worden de bestemmingen nader toegelicht en wordt ook per bestemming aangegeven waarom bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestr aat

29

voor bepaalde gronden voor deze is gekozen. 6.2.4

Algemene regels

Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: Anti-dubbeltelregel (Artikel 4) Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te voorkomen. Deze verdichting kan zich met name voordoen, indien een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage. Algemene aanduidingsregels (Artikel 5) In dit artikel zijn regels opgenomen behorend bij de gebiedsaanduiding 'veiligheidszone - bedrijven'. Ter plaatse van deze gebiedsaanduiding morgen geen nieuwe kwetsbare objecten worden gerealiseerd. Overige regels (Artikel 6) In dit artikel worden alle bestemmingen en artikelen opgenomen in de geldende bestemmingsplannen onverkort van toepassing verklaard, met dien verstande dat: a. de dubbelbestemming ‘Leiding – Gas’, voor zover deze dubbelbestemming voorkomt in de regels van de voornoemde bestemmingsplannen en betrekking heeft op het plangebied van dit plan, wordt vervangen door de dubbelbestemming ‘Leiding - Gas' (Artikel 3) uit dit plan; b. de verbeeldingen van de voornoemde plannen, voor zover de dubbelbestemming ‘Leiding – Gas’ is opgenomen op de verbeelding van de voornoemde bestemmingsplannen en betrekking heeft op het plangebied van dit plan, wordt gewijzigd met de verbeelding van dit plan. 6.2.5

Overgangs- en slotregels

In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregel wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.

6.3 Verantwoording van de regels Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. De bestaande situatie is hierbij het uitgangspunt. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In dit bestemmingsplan is het nieuwe tracé middels de dubbelbestemming 'Leiding – Gas' vastgelegd. De overige (dubbel)bestemmingen opgenomen in de geldende bestemmingsplannen zijn onverkort van toepassing verklaard. Dubbelbestemming Leiding - Gas (Artikel 3) Dit bestemmingsplan voorziet in het opnemen van een dubbelbestemming 'Leiding – Gas' ter plaatse van de nieuwe leiding en afsluiterschema's.

Verschillen dubbelbestemming De Gasunie wenst de regels voor de bestemming 'Leiding – Gas' eenduidiger in bestemmingsplannen opgenomen te hebben, hiervoor heeft de Gasunie een standaardregeling opgesteld. In deze regeling is onder meer een voorrangsbepaling opgenomen. Een dubbelbestemming 'Leiding - Gas' valt normaliter samen met enkele andere (dubbel-)bestemmingen. Op basis van jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dient een onderlinge rangorde te worden aangegeven (zie AbRvS 19 februari 2014, nr. 201304186/1/R4 , rechtsoverwegingen 4.5 en 4.6.). In de geldende bestemmingsplannen is nu niet het geval. Uitleg dubbelbestemming 'Leiding – Gas' Functies De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de aanleg en instandhouding van ondergrondse hoge druk gastransportleidingen (inclusief voorzieningen) met de daarbij behorende belemmeringenstroken. 30

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestraat

In de regels van deze dubbelbestemming is een voorrangsbepaling opgenomen. In deze bepaling is opgenomen dat de regels van deze dubbelbestemming primair gelden ten opzichte van de regels van iedere andere bestemming, waarmee deze dubbelbestemming samenvalt.

Bouwregels en afwijkingsmogelijkheid In deze dubbelbestemming is in de bouwregels bepaald dat uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van de leiding(en) mogen worden gebouwd. Overige gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn niet toegestaan uit oogpunt van externe veiligheid en energieleveringszekerheid. Van deze bepaling kan middels een afwijkingsbevoegdheid worden afgeweken mits aangetoond wordt dat de veiligheid van de betrokken leiding niet wordt geschaad en vooraf schriftelijk advies is ingewonnen bij de betrokken leidingexploitant.

Specifieke gebruiksregels In verband met veiligheid en beheerbaarheid moeten de leidingen ten alle tijden bereikbaar zijn. In de specifieke gebruiksregels is dan ook opgenomen dat het volgende gebruik strijdig is met de bestemming: “het opslaan van goederen, met uitzondering het opslaan van goederen ten behoeve van inspectie en onderhoud van de gastransportleiding.”

Omgevingsvergunningstelsel In het omgevingsvergunningstelsel worden beperkingen gesteld aan de werkzaamheden die mogen worden uitgevoerd ter plaatse van de dubbelbestemming. Dit is van belang om de veiligheid te kunnen waarborgen. Onder meer is een omgevingsvergunning nodig voor het afgraven van gronden en het aanbrengen van diepwortelende beplanting en bomen.

Gebiedsaanduiding 'Veiligheidszone - bedrijven' In een straal van 15 meter rondom het binnen het plangebied aanwezige gasontvangstation (Nordhornsestraat 49) is de gebiedsaanduiding 'Veiligheidszone - bedrijven' opgenomen. Het bouwen van kwetsbare objecten binnen deze aanduiding is niet toegestaan. Onder een kwetsbaar object wordt verstaan een object waarvoor ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen een grenswaarde voor het risico c.q. een risicoafstand tot een risicovolle inrichting is bepaald die in achtgenomen moet worden.

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestr aat

31

32

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestraat

Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid Het (ver)leggen van leidingen is geen aangewezen bouwplan als bedoeld in artikel 6.2.1. Bro. Dit betekent dat plankosten niet kunnen worden verhaald middels een exploitatieplan. De gemeentelijke kosten zijn beperkt tot de ambtelijke kosten, welke worden verhaald middels een overeenkomst die wordt gesloten tussen gemeente en Gasunie. In deze overeenkomst zijn ook afspraken gemaakt over eventuele planschade.

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestr aat

33

34

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestraat

Hoofdstuk 8 zienswijzen

Vooroverleg, inspraak en

Op grond van artikel 3.1.1 Bro is vooroverleg vereist met het waterschap en met de diensten van de provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn.

8.1 Vooroverleg 8.1.1

Het Rijk

In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit bestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 8.1.2

Provincie Overijssel en waterschap Vechtstromen

In het kader van het vastgestelde bestemmingsplan "Denekamp, verleggen gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestraat" heeft reeds vooroverleg met de provincie Overijssel en het waterschap Vechtstromen plaatsgevonden. Zowel de provincie als het waterschap hadden kenbaar gemaakt geen bezwaren te hebben. Gelet op de aard en omvang van de in het voorliggende bestemmingsplan besloten ontwikkeling, in vergelijking met het vastgestelde bestemmingsplan "Denekamp, verleggen gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestraat" wordt het voeren van vooroverleg niet noodzakelijk geacht.

8.2 Inspraak Conform de gemeentelijke inspraakverordening kan het bestuursorgaan zelf besluiten of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. In voorliggend geval wordt gelet op de beperkte planologische betekenis van de wijziging geen voorontwerp bestemmingsplan ter inzage gelegd.

8.3 Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft voor een periode van zes weken voor een ieder ter inzage gelegen. Binnen deze termijn zijn geen zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan binnengekomen.

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestr aat

35

36

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestraat

Bijlagen bij de toelichting

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestr aat

37

Bijlage 1

38

Kwantitatieve risico-analyse

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestraat

QRA LEIDING N-531-12 De verlegging van de leiding in Denekamp Gasunie Transport Services B.V.

24 AUGUSTUS 2020

QRA LEIDING N-531-12

Contactpersoon HERMAN ROUWENHORST Consultant (Tunnel) Safety

T +31 (0)88 4261261 M +31 (0)6 46132573 E Herman.Rouwenhorst@arcadis.com

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

Arcadis Nederland B.V. Postbus 220 3800 AE Amersfoort Nederland

2 van 24

QRA LEIDING N-531-12

INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING

4

Plaatsgebonden risico

4

Groepsrisico

4

1

INLEIDING

5

2

UITGANGSPUNTEN

6

2.1

Leidinggegevens

6

2.2

Bevolkingsgegevens

8

3

RESULTATEN

15

3.1

Plaatsgebonden risico

15

3.1.1

Resultaten PR-berekening leiding N-531-12 exclusief verlegging

15

3.1.2

Resultaten PR-berekening leiding N-531-12 inclusief verlegging

16

3.1.3

Conclusie PR-berekeningen

17

3.2

Groepsrisico

17

3.2.1

Resultaten GR-berekening leiding N-531-12 exclusief verlegging

18

3.2.2

Resultaten GR-berekening leiding N-531-12 inclusief verlegging

19

3.2.3

Conclusie GR-berekeningen

20

REFERENTIES

22

BIJLAGE A: BEVOLKING BINNEN INVLOEDSGEBIED

23

COLOFON

24

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

3 van 24

QRA LEIDING N-531-12

SAMENVATTING Voor leiding N-531-12 van Gasunie Transport Services B.V. is een kwalitatieve risicoanalyse (QRA) uitgevoerd. De QRA is uitgevoerd in verband met de verlegging van de leiding. Leiding N-531-12 exclusief en inclusief de verlegging ligt in de gemeente Dinkelland. De verlegging van de leiding ligt in Denekamp. De QRA is uitgevoerd conform de vigerende wet- en regelgeving [1, 2 en 3]. Zowel voor de leiding exclusief de verlegging (de huidige situatie) is het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR) berekend als voor de leiding inclusief de verlegging (de toekomstige situatie). De resultaten hiervan zijn hieronder samengevat.

Plaatsgebonden risico Zowel leiding N-531-12 exclusief de verlegging als leiding N-531-12 inclusief de verlegging heeft in Denekamp geen PR 10-6 contour. Zowel in de huidige situatie als in de toekomstige situatie kunnen er hierdoor geen kwetsbare en/of beperkt kwetsbare objecten binnen de PR 10-6 contour van de leiding liggen. De verlegging van de leiding voldoet aan de Revb [3]. Het plaatsgebonden risico op een afstand van 4 meter, gemeten vanuit het hart van de verlegging van de leiding, is niet hoger dan 10 -6 per jaar.

Groepsrisico Zowel de maximale overschrijdingsfactor voor leiding N-531-12 exclusief de verlegging als de maximale overschrijdingsfactor voor leiding N-531-12 inclusief de verlegging is weergegeven in Tabel 1 en is kleiner dan 1. Zowel de fN-curve voor de leiding exclusief de verlegging als de fN-curve voor de leiding inclusief de verlegging blijft onder de oriëntatiewaarde. De maximale overschrijdingsfactor voor N-531-12 inclusief de verlegging is hoger dan de maximale overschrijdingsfactor voor N-531-12 exclusief de verlegging. Ten opzichte van in de huidige situatie neemt het groepsrisico in de toekomstige situatie toe als gevolg van de verlegging van de leiding.

Tabel 1: De maximale overschrijdingsfactoren voor leiding N-531-12 exclusief en inclusief de verlegging.

Maximale overschrijdingsfactor Leiding N-531-12 exclusief verlegging

0.000 x 100

Leiding N-531-12 inclusief verlegging

5.281 x 10-4

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

4 van 24

QRA LEIDING N-531-12

1

INLEIDING

Voor leiding N-531-12 van Gasunie Transport Services B.V. is een kwalitatieve risicoanalyse (QRA) uitgevoerd. De QRA is uitgevoerd in verband met de verlegging van de leiding. Leiding N-531-12 exclusief en inclusief de verlegging ligt in de gemeente Dinkelland. De verlegging van de leiding ligt in Denekamp. De QRA is uitgevoerd conform de vigerende wet- en regelgeving [1, 2 en 3]. Zowel voor de leiding exclusief de verlegging (de huidige situatie) is het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR) berekend als voor de leiding inclusief de verlegging (de toekomstige situatie).

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

5 van 24

QRA LEIDING N-531-12

2

UITGANGSPUNTEN

In dit hoofdstuk worden de uitgangspunten voor de berekeningen gepresenteerd. In paragraaf 2.1 worden de leidinggegevens weergegeven en in paragraaf 2.2 worden de bevolkingsgegevens weergegeven. De berekeningen zijn op 21 augustus 2020 uitgevoerd met versie 1.0.0.52 van CAROLA. Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van versie 1.3 van het parameterbestand en de meteorologische gegevens van het weerstation Twente. De gebruikte ruwheidslengte is 0.1 meter. De bedrijfsspecifieke parameters van N.V. Nederlandse Gasunie zijn toegepast in de berekeningen. Het interessegebied is weergegeven in Figuur 1. Het interessegebied is getekend met behulp van de twee coördinaten die door Gasunie Transport Services B.V. op 14 juli 2020 zijn aangeleverd: •

Denekamp.txt.

Figuur 1: Het interessegebied.

Op 21 augustus 2020 zijn www.windstats.nl, www.hoogspanningsnet.com en www.risicokaart.nl geraadpleegd. Hieruit is gebleken dat er geen sprake is van risicoverhogende objecten (windturbines, hoogspanningsmasten of inrichtingen met gevaarlijke stoffen) in de nabijheid van de leiding die van invloed kunnen zijn op de QRA.

2.1

Leidinggegevens

De berekeningen zijn uitgevoerd met de leidinggegevens die door Gasunie Transport Services B.V. op 14 juli 2020 zijn aangeleverd: • •

6780_leiding-N-531-12-deel-1_excl verl.txt; 6781_leiding-N-531-12-deel-1_incl verl.txt.

Leiding N-531-12 exclusief en inclusief de verlegging ligt in de gemeente Dinkelland. De verlegging van de leiding ligt in Denekamp De ligging van leiding N-531-12 exclusief de verlegging is weergegeven in Figuur 2. De donkerblauwe leiding is leiding N-531-12 exclusief de verlegging en de lichtblauwe leiding is leiding N-531-12 inclusief de verlegging.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

6 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Figuur 2: De ligging van leiding N-531-12 exclusief de verlegging.

De ligging van leiding N-531-12 inclusief de verlegging is weergegeven in Figuur 3. De donkerblauwe leiding is leiding N-531-12 inclusief de verlegging en de lichtblauwe leiding is leiding N-531-12 exclusief de verlegging.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

7 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Figuur 3: De ligging van leiding N-531-12 inclusief de verlegging.

De belangrijkste leidingparameters zijn weergegeven in Tabel 2.

Tabel 2: De belangrijkste leidingparameters.

Leidingparameter

Leiding N-531-12 exclusief verlegging

Leiding N-531-12 inclusief verlegging

Diameter [mm]

108.00 / 159.00

108.00 / 159.00 / 168.00

Druk [bar]

40.00

40.00

Gevaarlijke stof

Aardgas

Aardgas

Mitigerende maatregel

Striktere begeleiding van werkzaamheden tussen stationing 1068.210 en stationing 2497.160

Striktere begeleiding van werkzaamheden tussen stationing 1068.210 en stationing 1588.510

2.2

Bevolkingsgegevens

De bevolking binnen de volgende invloedsgebieden is op 21 augustus 2020 opgevraagd via de Basisadministraties Adressen en Gebouwen (BAG) Populatieservice (www.populatieservice.demis.nl): • •

het invloedsgebied van leiding N-531-12 exclusief de verlegging; het invloedsgebied van leiding N-531-12 inclusief de verlegging.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

8 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Het invloedsgebied van de leiding exclusief de verlegging is weergegeven in Figuur 4. De donkerblauwe leiding is leiding N-531-12 exclusief de verlegging en de lichtblauwe leiding is leiding N-531-12 inclusief de verlegging. De zwarte contour is de 1%-letaliteitsgrens en de rode contour is de 100%-letaliteitsgrens.

Figuur 4: Het invloedsgebied van de leiding exclusief de verlegging.

Het invloedsgebied van de leiding inclusief de verlegging is weergegeven in Figuur 5. De donkerblauwe leiding is leiding N-531-12 inclusief de verlegging en de lichtblauwe leiding is leiding N-531-12 exclusief de verlegging. De zwarte contour is de 1%-letaliteitsgrens en de rode contour is de 100%-letaliteitsgrens.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

9 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Figuur 5: Het invloedsgebied van de leiding inclusief de verlegging

De bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding exclusief de verlegging is aangeleverd in drie bestanden. Deze drie bestanden zijn weergegeven in Tabel 5 in Bijlage A. De bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding inclusief de verlegging is aangeleverd in vier bestanden. Deze vier bestanden zijn weergegeven in Tabel 6 in Bijlage A. In deze tabellen zijn ook de kenmerken van de bevolking weergegeven. Op 21 augustus 2020 is www.ruimtelijkeplannen.nl geraadpleegd. Hieruit is gebleken dat zowel de via de BAG Populatieservice opgevraagde bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding exclusief de verlegging als de via de BAG Populatieservice opgevraagde bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding inclusief de verlegging niet compleet is. Een deel van het bestemmingsplan Denekamp, vastgesteld op 9 oktober 2012, ontbreekt. Een deel van bestemmingsplan Denekamp is weergegeven in Figuur 6. Paarse gebieden hebben de bestemming bedrijf, gele gebieden hebben de bestemming wonen, groene gebieden hebben de bestemming groen / bos / agrarisch en bruine gebieden hebben de bestemming maatschappelijk. Het ontbrekende deel van dit bestemmingsplan is een paars gebied met de bestemming bedrijf.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

10 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Bedrijf 1

Figuur 6: Een deel van bestemmingsplan Denekamp.

Het ontbrekende deel van dit bestemmingsplan is op basis van dit bestemmingsplan en de Handleiding risicoanalyse transport [4] als polygoon toegevoegd aan zowel de via de BAG Populatieservice opgevraagde bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding exclusief de verlegging als de via de BAG Populatieservice opgevraagde bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding inclusief de verlegging. Het toegevoegde polygoon is weergegeven in Tabel 3, Figuur 6 en Figuur 7. In Tabel 3 zijn ook de kenmerken van de bevolking weergegeven.

Tabel 3: Het toegevoegde polygoon.

Polygoon

Bestemming

Populatietype

Dichtheid [personen / hectare]1

Percentages personen2

Bedrijf 1

Bedrijf

Werken

40

100 / 0 / 7 / 1 / 100 / 100

1

Conform de Handleiding risicoanalyse transport [4] is uitgegaan van een industriegebied met een gemiddelde personeelsdichtheid (40 personen / hectare) voor het paarse gebied met de bestemming bedrijf. 2 Percentages personen [aanwezig gedurende de dagperiode / aanwezig gedurende de nachtperiode / buiten gedurende de dagperiode / buiten gedurende de nachtperiode / overdag aanwezig gedurende het jaar / ‘s nachts aanwezig gedurende het jaar]. De standaardpercentages personen van CAROLA zijn gehanteerd. Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

11 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Bedrijf 1

Figuur 7: Het toegevoegde polygoon.

De bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding exclusief de verlegging is niet gelijk aan de bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding inclusief de verlegging. De bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding exclusief de verlegging is weergegeven in Figuur 8. De bevolking binnen het invloedsgebied van de leiding inclusief de verlegging is weergegeven in Figuur 9. De groene punten geven populatie van het populatietype wonen weer en de paarse punten, de paarse polygoonpunten en het paarse polygoon geven populatie van het populatietype werken weer.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

12 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Figuur 8: De bevolking binnen het invloedsgebied van leiding N-531-12 exclusief de verlegging.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

13 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Figuur 9: De bevolking binnen het invloedsgebied van leiding N-531-12 inclusief de verlegging.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

14 van 24

QRA LEIDING N-531-12

3

RESULTATEN

In dit hoofdstuk worden de resultaten van de berekeningen gepresenteerd. In paragraaf 3.1 worden de resultaten van de PR-berekeningen weergegeven en in paragraaf 3.2 worden de resultaten van de GRberekeningen weergegeven.

3.1

Plaatsgebonden risico

Het plaatsgebonden risico is in het Besluit externe veiligheid buisleidingen [1] gedefinieerd als “het risico op een plaats nabij een buisleiding, uitgedrukt als de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die bepaalde plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval met die buisleiding”. Plaatsen met een gelijk PR worden op een kaart door middel van een PR-contour weergegeven. Binnen de PR 10-6 contour bedraagt de kans op overlijden ten gevolge van een ongeval met gevaarlijke stoffen maximaal één op de één miljoen per jaar. De grenswaarde voor kwetsbare objecten is 10-6 per jaar en de richtwaarde voor beperkt kwetsbare objecten is 10-6 per jaar. Zowel voor de leiding exclusief de verlegging (de huidige situatie) is een plaatsgebonden risicoberekening uitgevoerd als voor de leiding inclusief de verlegging (de toekomstige situatie). De resultaten van deze berekeningen worden in de volgende subparagrafen weergegeven.

3.1.1

Resultaten PR-berekening leiding N-531-12 exclusief verlegging

De resultaten van de PR-berekening voor leiding N-531-12 exclusief de verlegging zijn weergegeven in Figuur 10. De paarse contour is de PR 10-8 contour van deze leiding en de donkerblauwe contour is de PR 10 -7 contour van deze leiding. In Denekamp heeft leiding N-531-12 exclusief de verlegging geen PR 10-6 contour.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

15 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Figuur 10: De PR-contouren van leiding N-531-12 exclusief de verlegging.

3.1.2

Resultaten PR-berekening leiding N-531-12 inclusief verlegging

De resultaten van de PR-berekening voor leiding N-531-12 inclusief de verlegging zijn weergegeven in Figuur 11. De paarse contour is de PR 10-8 contour van deze leiding en de donkerblauwe contour is de PR 10 -7 contour van deze leiding. In Denekamp heeft leiding N-531-12 inclusief de verlegging geen PR 10-6 contour.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

16 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Figuur 11: De PR-contouren van leiding N-531-12 inclusief de verlegging.

3.1.3

Conclusie PR-berekeningen

Zowel leiding N-531-12 exclusief de verlegging als leiding N-531-12 inclusief de verlegging heeft in Denekamp geen PR 10-6 contour. Zowel in de huidige situatie als in de toekomstige situatie kunnen er hierdoor geen kwetsbare en/of beperkt kwetsbare objecten binnen de PR 10-6 contour van de leiding liggen. De verlegging van de leiding voldoet aan de Revb [3]. Het plaatsgebonden risico op een afstand van 4 meter, gemeten vanuit het hart van de verlegging van de leiding, is niet hoger dan 10-6 per jaar.

3.2

Groepsrisico

Het groepsrisico is in het Besluit externe veiligheid buisleidingen [1] gedefinieerd als “de cumulatieve kansen per jaar per kilometer buisleiding dat ten minste 10, 100 of 1000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een buisleiding en een ongewoon voorval met die buisleiding”. De waarde van het GR wordt in een grafiek weergegeven met een fN-curve. In de grafiek wordt het aantal slachtoffers op de horizontale as uitgezet tegen de cumulatieve frequentie per jaar op de verticale as. Voor het groepsrisico geldt geen grens- of richtwaarde, maar een oriëntatiewaarde. In de grafiek wordt ook de oriëntatiewaarde weergegeven. Dit is de waarde voor het GR weergegeven door de lijn die de punten met elkaar verbindt waarbij de kans op een ongeval met tien of meer dodelijke slachtoffers 10 -4 per jaar, de kans op een ongeval met 100 of meer dodelijke slachtoffers 10-6 per jaar en de kans op een ongeval met 1000 of meer dodelijke slachtoffers 10-8 per jaar is. Om in één oogopslag een indruk te krijgen van het groepsrisico, wordt het groepsrisico gescreend alvorens voor specifieke segmenten fN-curves te visualiseren. Voor elk van de leidingen wordt per stationing de Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

17 van 24

QRA LEIDING N-531-12

overschrijdingsfactor van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico weergegeven. Deze is berekend door rondom elk punt op de leiding één kilometer segment te kiezen die gecentreerd ligt ten opzichte van dit punt. Voor deze kilometer leiding is een fN-curve berekend en voor deze fN-curve de overschrijdingsfactor. De overschrijdingsfactor is de verhouding tussen de fN-curve en de oriëntatiewaarde. Daarmee is de overschrijdingsfactor een maat die aangeeft in hoeverre de oriëntatiewaarde wordt genaderd of overschreden. Een overschrijdingsfactor kleiner dan 1 geeft aan dat de fN-curve onder de oriëntatiewaarde blijft. Bij een waarde van 1 zal de fN-curve de oriëntatiewaarde raken. Bij een waarde groter dan 1 wordt de oriëntatiewaarde overschreden. Zowel voor de leiding exclusief de verlegging (de huidige situatie) is een groepsrisicoberekening uitgevoerd als voor de leiding inclusief de verlegging (de toekomstige situatie). De resultaten van deze berekeningen worden in de volgende subparagrafen weergegeven.

3.2.1

Resultaten GR-berekening leiding N-531-12 exclusief verlegging

De maximale overschrijdingsfactor voor leiding N-531-12 exclusief de verlegging is gelijk aan 0.000 x 100 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 330.00 en stationing 1330.00. Deze kilometer leiding is weergegeven in Figuur 13. De fN-curve voor deze kilometer leiding is weergegeven in Figuur 14. De maximale overschrijdingsfactor voor deze kilometer leiding wordt gevonden bij 0 slachtoffers en een frequentie van 0.00 x 100.

Figuur 12: De GR-screening voor leiding N-531-12 exclusief de verlegging.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

18 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Figuur 13: Die kilometer leiding (leiding N-531-12 exclusief de verlegging) die gekarakteriseerd wordt door stationing 330.00 en stationing 1330.00.

Figuur 14: De fN-curve voor deze kilometer leiding (leiding N-531-12 exclusief de verlegging).

3.2.2

Resultaten GR-berekening leiding N-531-12 inclusief verlegging

De maximale overschrijdingsfactor voor leiding N-531-12 inclusief de verlegging is gelijk aan 5.281 x 10-4 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 1560.00 en stationing 2560.00. Deze kilometer leiding is weergegeven in Figuur 16. De fN-curve voor deze kilometer leiding is weergegeven in Figuur 17. De maximale overschrijdingsfactor voor deze kilometer leiding wordt gevonden bij 12 slachtoffers en een frequentie van 3.67 x 10-8.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

19 van 24

QRA LEIDING N-531-12

Figuur 15: De GR-screening voor leiding N-531-12 inclusief de verlegging.

Figuur 16: Die kilometer leiding (leiding N-531-12 inclusief de verlegging) die gekarakteriseerd wordt door stationing 1560.00 en stationing 2560.00.

Figuur 17: De fN-curve voor deze kilometer leiding (leiding N-531-12 inclusief de verlegging).

3.2.3

Conclusie GR-berekeningen

Zowel de maximale overschrijdingsfactor voor leiding N-531-12 exclusief de verlegging als de maximale overschrijdingsfactor voor leiding N-531-12 inclusief de verlegging is kleiner dan 1. Zowel de fN-curve voor de leiding exclusief de verlegging als de fN-curve voor de leiding inclusief de verlegging blijft onder de oriëntatiewaarde. Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

20 van 24

QRA LEIDING N-531-12

De maximale overschrijdingsfactor voor N-531-12 inclusief de verlegging is hoger dan de maximale overschrijdingsfactor voor N-531-12 exclusief de verlegging. Ten opzichte van in de huidige situatie neemt het groepsrisico in de toekomstige situatie toe als gevolg van de verlegging van de leiding.

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

21 van 24

QRA LEIDING N-531-12

REFERENTIES De referenties zijn weergegeven in Tabel 4.

Tabel 4: De referenties.

1

Besluit externe veiligheid buisleidingen. Geraadpleegd op 21 augustus 2020, van www.wetten.overheid.nl

2

Handleiding risicoberekeningen Besluit externe veiligheid buisleidingen, versie 3.1. Geraadpleegd op 21 augustus 2020, van www.rivm.nl

3

Regeling externe veiligheid buisleidingen. Geraadpleegd op 21 augustus 2020, van www.wetten.overheid.nl

4

Handleiding risicoanalyse transport, versie 1.2. Geraadpleegd op 21 augustus 2020, van www.rivm.nl

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

22 van 24

QRA LEIDING N-531-12

BIJLAGE A: BEVOLKING BINNEN INVLOEDSGEBIED De bevolking binnen het invloedsgebied van leiding N-531-12 exclusief de verlegging is aangeleverd in drie bestanden. Deze drie bestanden zijn weergegeven in Tabel 5. In deze tabel zijn ook de kenmerken van de bevolking binnen het invloedsgebied van leiding N-531-12 exclusief de verlegging weergegeven.

Tabel 5: De bevolking binnen het invloedsgebied van leiding N-531-12 exclusief de verlegging.

Bestand

Populatietype

Aantal personen

Percentages personen3

industrie-dag100nacht30.txt

Werken

66

100 / 30 / 7 / 1 / 100 / 100

kantoor_kliniek_onderwijs Werken _winkel-dag100-nacht0.txt

3

100 / 0 / 7 / 1 / 100 / 100

wonend_vakantiehuisdag50-nacht100.txt

249

50 / 100 / 7 / 1 / 100 / 100

Wonen

De bevolking binnen het invloedsgebied van leiding N-531-12 inclusief de verlegging is aangeleverd in vier bestanden. Deze vier bestanden zijn weergegeven in Tabel 6. In deze tabel zijn ook de kenmerken van de bevolking binnen het invloedsgebied van leiding N-531-12 inclusief de verlegging weergegeven.

Tabel 6: De bevolking binnen het invloedsgebied van leiding N-531-12 inclusief de verlegging.

Bestand

Populatietype

Aantal personen

Percentages personen3

bijeen_sport_cel_zkhdag100-nacht80.txt

Werken

144

100 / 80 / 7 / 1 / 100 / 100

industrie-dag100nacht30.txt

Werken

134

100 / 30 / 7 / 1 / 100 / 100

kantoor_kliniek_onderwijs Werken _winkel-dag100-nacht0.txt

14

100 / 0 / 7 / 1 / 100 / 100

wonend_vakantiehuisdag50-nacht100.txt

415

50 / 100 / 7 / 1 / 100 / 100

Wonen

3 Percentages personen [aanwezig gedurende de dagperiode / aanwezig gedurende de nachtperiode / buiten gedurende

de dagperiode / buiten gedurende de nachtperiode / overdag aanwezig gedurende het jaar / ‘s nachts aanwezig gedurende het jaar]. Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

23 van 24

QRA LEIDING N-531-12

COLOFON QRA LEIDING N-531-12 DE VERLEGGING VAN DE LEIDING IN DENEKAMP

KLANT Gasunie Transport Services B.V. AUTEUR Herman Rouwenhorst PROJECTNUMMER C05011.000386.2000 ONZE REFERENTIE D10014486:15 DATUM 24 augustus 2020 STATUS Definitief GECONTROLEERD DOOR

Maureen Lubbers Senior Adviseur Veiligheid

Arcadis Nederland B.V. Postbus 220 3800 AE Amersfoort Nederland +31 (0)88 4261261 www.arcadis.com

Onze referentie: D10014486:15 - Datum: 24 augustus 2020

24 van 24

Bijlage 2 Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestr aat

63

Postbus 75, 4140 AB Leerdam Prins Mauritsstraat 17, 4141 JC Leerdam T +31 88 99 04 800

VERLEGGING GASTRANSPORTLEIDING (N-531-12) DENEKAMP Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r.-procedure

1503995B69 2 6 februari 2019

N.V. Nederlandse Gasunie Contactpersoon

De heer B. Oost

RPS advies- en ingenieursbureau bv Projectleider De heer J. Duifhuizen Auteur

J. van Hattum

Projectnummer

1503995B69-R19-157

Datum Versie

6 februari 2019 2

Handtekening

Handtekening

Akkoord Jasper van Hattum

Akkoord J. Duifhuizen

auteur

Projectleider

Dit rapport is vertrouwelijk. Geen enkel deel van dit rapport mag aan derden openbaar worden gemaakt zonder schriftelijke toestemming van RPS advies- en ingenieursbureau bv of van de opdrachtgever.

rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 2 van 11

Inhoud 1 1.1 1.2 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 4 4.1 4.2 4.3

KENMERKEN EN PLAATS VAN HET PROJECT .......................................................... 4 Toetsingskader.................................................................................................................. 4 Omvang van het project .................................................................................................... 4 WERKZAAMHEDEN ........................................................................................................ 5 Cumulatie met ander projecten ......................................................................................... 5 Natuurlijke hulpbronnen .................................................................................................... 5 Productie van afvalstoffen ................................................................................................. 5 Omgevingshinder .............................................................................................................. 5 Verontreiniging .................................................................................................................. 6 Risico van ongevallen ....................................................................................................... 6 KENMERKEN VAN DE POTENTIËLE EFFECTEN ........................................................

7 Externe veiligheid .............................................................................................................. 7 Archeologie ....................................................................................................................... 7 (Water) Bodemonderzoek ................................................................................................. 7 QuickScan Flora & Fauna ................................................................................................. 8 Niet Gesprongen Explosieven (NGE) ............................................................................... 8 SAMENVATTING ........................................................................................................... 10 (Water) Bodemonderzoek ............................................................................................... 10 QuickScan flora en fauna ................................................................................................ 10 Conclusie ........................................................................................................................ 11

rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 3 van 11

1

KENMERKEN EN PLAATS VAN HET PROJECT

In het kader van netbeheer heeft Gasunie Transport Services het voornemen een nieuwe (ondergrondse) gastransportleiding aan te leggen door middel van een gestuurde boring en open ontgraving in de plaats Denekamp. Dit voornemen is onderdeel van het Gasunie Network Improvement Program (GNIP), het vervangingsprogramma dat is opgezet om langdurige leveringszekerheid te waarborgen. De nieuwe leiding dient te komen liggen tussen de Asterstraat, via de Nordhornsestraat over de Kloppendijk tot aan de Brandehofweg.

1.1

Toetsingskader

Aangezien de vigerende bestemmingsplannen ter plaatse de nieuwe ontwikkeling niet toestaan (zie bijlage 2), is er voor gekozen om het bestemmingsplan te herzien. Het nieuwe bestemmingsplan biedt een juridische-planologische regeling voor het verleggen van de leiding. De voorgenomen activiteit valt onder categorie 8.1 van onderdeel D van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage, de m.e.r.beoordelingsplichtige activiteiten. Het bevoegd gezag moet ook bij activiteiten die de genoemde drempelwaarden niet overschrijden, nagaan of sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu, zodanig dat er toch een m.e.r.-procedure doorlopen moet worden. De benodigde informatie wordt aangeleverd door middel van deze notitie die de basis vormt voor een gemotiveerd oordeel die gegeven dient te worden door het bevoegd gezag. Bij de beoordeling of er sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu moet het bevoegd gezag rekening houden met de criteria opgenomen in bijlage III van de Europese m.e.r.-richtlijn 97/11/EG. In deze aanmeldingsnotitie is in hoofdlijnen de structuur van deze richtlijn aangehouden.

1.2

Omvang van het project

Het projectgebied ligt in de bebouwde kom van Denekamp (gemeente Dinkelland, provincie Overijssel). De ligging van het projectgebied is aangegeven in de onderstaande afbeelding (figuur 1). Het projectgebied bestaat uit bebouwing, verharding en groenstructuren. De totale lengte van het aan te leggen tracé is circa 1000 meter.

Figuur 1: projectgebied (bron kaart: open topo)

rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 4 van 11

2

WERKZAAMHEDEN

Ten behoeve van het aanleggen van de gasleiding, door middel van een gestuurde boring tussen het gasontvangststation aan de Asterstraat en de Kloppendijk/Parralelweg, zijn de volgende werkzaamheden voorzien: • Vrijmaken en inrichten werkterreinen. • Open ontgraving ten behoeve van het intredepunt van de gestuurde boring aan de Kloppendijk nabij het kanaal Almelo-Nordhorn. • Open ontgraving ten behoeve van in- en uittredepunt van de gestuurde boring aan de Kloppendijk. • Open ontgraving ten behoeve van het uittredepunt van de gestuurde boring nabij het gasontvangststation en aansluiting op het gasontvangststation aan de Asterstraat. • Uitleggen van de HDD-leiding in het verlengde van het tracé. Deze uitlegging wordt gesitueerd over het kanaal en in een agrarisch weiland. • Uitvoeren van gestuurde boring tussen in- en uittredepunten.

2.1

Cumulatie met ander projecten

Binnen het plangebied zijn geen andere activiteiten bekend of te verwachten waardoor cumulatie van negatieve effecten op het milieu zou kunnen optreden. Ook in de omgeving van het plangebied zijn geen ontwikkelingen gepland die tot cumulerende effecten op het milieu kunnen leiden.

2.2

Natuurlijke hulpbronnen

Voor het in te zetten materieel (aggregaat, zuigwagen, graafmachine, hijskraan, trekker) zijn tijdelijk fossiele brandstoffen benodigd. Voor de uitvoering dient een werkterrein ingericht te worden. Dit dient bij het in- en uittredepunt van de gestuurde boring te worden gerealiseerd en bij het tracédeel dat in open ontgraving wordt aangelegd. In de eindsituatie worden de werkterreinen opgeruimd en wordt de locatie hersteld in de oorspronkelijke staat. Gekapte bomen worden één op één gecompenseerd in overleg met het bevoegd gezag.

2.3

Productie van afvalstoffen

Alle afvalstoffen die geproduceerd worden als gevolg van de werkzaamheden, worden ingezameld en afgevoerd door een erkende verwerker.

2.4

Omgevingshinder

Het optreden van hinder als gevolg van de werkzaamheden kan niet uitgesloten worden. Het materieel kan tijdelijk enige geluidshinder veroorzaken voor omwonenden en passanten. Wel worden hinderlijke effecten op de omgeving zo veel mogelijk beperkt door de gekozen wijze van uitvoering. Aanleg door middel van een gestuurde boring beperkt de zichtbare omvang en voorkomt intensieve ingrepen in de omgeving. De gekozen locaties van de in- en uittredepunten van de boring geven mogelijk overlast aangezien deze op openbare grond zijn gesitueerd. In overleg met het bevoegd gezag wordt het werkterrein vastgesteld. Hierbij wordt rekening gehouden met de eventuele overlast die tijdelijk veroorzaakt zou kunnen worden. In de eindsituatie wordt geen hinder veroorzaakt voor de omgeving doordat de oorspronkelijke inrichting van het maaiveld gehandhaafd blijft.

rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 5 van 11

2.5

Verontreiniging

Zowel tijdens de aanlegfase als de gebruiksfase is er geen sprake van verontreiniging.

2.6

Risico van ongevallen

Gevaren met betrekking tot de uitvoeringswijze betreffen het werken met machines (draaiende onderdelen). Tijdens de werkzaamheden worden de leidingen geheel gasvrij gemaakt. Dit wordt gerealiseerd door minimaal afblazen van restgas na het verlagen van de druk op de te vervangen leidingen. Eventuele prefabricage vindt buiten het projectgebied plaats zodat de hoeveelheid personeel en materieel beperkt is op locatie. Werkzaamheden worden uitgevoerd met inachtneming van de vigerende werkprotocollen die Gasunie Transport Services hanteert. Door de voorgenomen maatregelen en werkwijze wordt het risico op ongevallen ingeschat als zeer laag. Ten behoeve van de verplaatsing van de buisleidingen is een kwantitatieve risicoanalyse uitgevoerd (QRA). Zie daarvoor de volgende paragraaf.

rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 6 van 11

3

KENMERKEN VAN DE POTENTIËLE EFFECTEN

3.1

Externe veiligheid

Om het risico te bepalen dat de nieuwe leiding heeft op de omgeving is een QRA uitgevoerd. Hierbij is zowel het risico bepaald van de huidige buisleiding als de toekomstige buisleiding. Uit het uitgevoerde onderzoek kan worden geconcludeerd dat het plaatsgebonden risico binnen de kaders blijft zoals deze zijn gesteld in ‘Regeling externe veiligheid buisleidingen’. Het groepsrisico wordt lager na verlegging van de buisleiding door een gedeeltelijk gewijzigde ligging van de nieuwe buisleiding ten opzichte van de huidige buisleiding. De plaatsgebonden risico’s zijn aanwezig gedurende de ligging van de buisleiding, maar overschrijden de grenswaarden niet. Voor de volledige rapportage betreffende de QRA wordt verwezen naar bijlage 1 van deze notitie.

3.2

Archeologie

Het onderzoeksgebied ligt binnen drie bestemmingsplannen: •

• •

In het noorden (nabij het kanaal Almelo - Nordhorn) heeft het projectgebied raakvlak met Bestemmingsplan Buitengebied 2010, dit bestemmingsplan heeft identificatienummer NL.IMRO.1774.BUIBPBUITENGEBIED-0402. Het noordelijke deel van het projectgebied valt binnen Bestemmingsplan Bedrijventerrein Denekamp met identificatienummer NL.IMRO.1774.DENBPBEDRIJVENDKAM-0401. Het zuidelijke deel van het tracé valt binnen Bestemmingplan Denekamp met identificatienummer NL.IMRO.1774.DENBPDENEKAMPKERN-0402. (Zie bijlage 2).

In de hiervoor genoemde bestemmingsplannen is ter plaatse van het voorgenomen tracé geen dubbelbestemming archeologie opgenomen. Het gehele tracé betreft meerdere enkelbestemmingen (bedrijf, wonen, groen, water en verkeer). Vanuit de bestemmingsplannen kan worden geconcludeerd dat de verwachte archeologische waarde laag is, daarom is er geen verplichting tot het (laten) uitvoeren van archeologisch onderzoek. Dit aangezien er geen effecten worden verwacht van het project op dit onderdeel. Deze conclusie wordt onderschreven door de uitgevoerde quickscan archeologie zoals deze te vinden is in bijlage 3 van deze notitie.

3.3

(Water) Bodemonderzoek

Ten behoeve van het vaststellen van mogelijke milieu-hygiënische risico’s die in de bodem aanwezig kunnen zijn is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Hiermee is de bodemkwaliteit ter plaatse van de voorgenomen ontgravingen vastgesteld en de daarbij behorende veiligheidsklasse. Ook is een grondwateronderzoek uitgevoerd om concentraties van lozingsparameters in het grondwater vast te stellen. In het onderzoeksrapport, dat te vinden is in Bijlage 4, wordt geconcludeerd dat: • Indien de vrijkomende gronden worden teruggebracht binnen het project zijn er geen grensoverschrijdende effecten te verwachten. • Kunnen vrijgekomen gronden niet teruggebracht worden binnen het project dan dienen deze afgevoerd te worden conform vigerende regelgeving. Hiermee worden grensoverschrijdende effecten voorkomen.

rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 7 van 11

De voorgenomen werkzaamheden vallen buiten de grondwaterbeschermingsgebieden en boringsvrije zones zoals aangewezen door de provincie Overijssel. Werkzaamheden die uitgevoerd worden in het kader van dit project hebben geen overschrijdende effecten op voorgenoemde gebieden.

3.4

QuickScan Flora & Fauna

Met het oog op de Wet natuurbescherming is een quickscan flora & fauna uitgevoerd om te toetsen of er strijdigheden zijn ten opzichte van voorgenoemde wet. Dit onderzoek geeft geen aanleiding tot het uitvoeren van een soortgericht onderzoek om het voorkomen van soorten en/of verblijfplaatsen van soorten nader vast te stellen. Tijdens de uitvoering gelden wel een aantal zaken, deze zijn als volgt: • Voor alle soorten, ongeacht bescherming via natuurwetgeving of niet, geldt de zorgplicht waarbij eenieder voldoende zorg in acht neemt voor de in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. • Voorafgaand aan de start van de werkzaamheden wordt door een deskundige ecoloog een controle uitgevoerd naar aanwezigheid van broedende vogels. Indien voorafgaand of tijdens de werkzaamheden een in gebruik zijnde nestplaats van een vogel wordt aangetroffen binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden, dient een deskundig ecoloog te worden geraadpleegd over de voortzetting van de werkzaamheden en te nemen maatregelen. Mogelijk moeten de werkzaamheden worden uitgesteld tot het moment dat de nestplaats niet langer in gebruik is. • In de periode april tot en met november is het niet toegestaan om bouwverlichting in te zetten tussen zonsondergang en zonsopkomst. Hiermee wordt verstoring van foeragerende en langs-vliegende vleermuizen voorkomen.

Voorgenoemde zaken dienen bij te dragen aan het voorkomen van negatieve effecten van het project op de flora en fauna in en nabij het projectgebied. Stikstofdepositie Uit de ‘Voortoets Natura 2000-gebied’, die als onderdeel van deze quickscan is uitgevoerd, is naar voren gekomen dat er diverse gebieden in de omgeving van het projectgebied zijn die als zodanig zijn aangewezen. Het dichtstbijzijnde Natura-2000 gebied (Dinkelland) is aangewezen voor diverse habitattypen en ligt op een afstand van minimaal 2,4 kilometer. Een aantal van deze habitattypen is zeer gevoelig voor vermesting door stikstofdepositie uit de lucht. Om de stikstofdepositie te bepalen is een berekening uitgevoerd met Aerius, deze berekeningen hebben de drempelwaarde niet overschreden. Daarom is een melding of vergunning niet aan de orde. Mogelijk zullen er negatieve effecten optreden met betrekking tot flora en fauna in en nabij het projectgebied. Door middel van het voorschrijven van een aantal zaken met betrekking tot de uitvoering van het project wordt gestreefd naar het voorkomen van optreden. Indien daadwerkelijk een negatief effect optreedt zal dit tijdelijk van aard zijn en niet langer duren dan de uitvoering van de werkzaamheden. Dit is circa 3 weken. Voor het volledige onderzoek, inclusief Aerius-berekening, wordt verwezen naar Bijlage 5 van deze notitie.

3.5

Niet Gesprongen Explosieven (NGE)

Onderzoek is uitgevoerd om te bepalen wat het risico is op het aantreffen van Niet-GesprongenExplosieven in het projectgebied, hierbij is een bufferzone in acht genomen. Dit onderzoek heeft bestaan uit een bronnenonderzoek conform de WSCS-OCE inclusief een aantal aanvullende bronnen. Uit dit onderzoek, dat te vinden is in bijlage 6 van deze notitie, is gebleken dat de projectlocatie niet verdacht is op de aanwezigheid van conventionele explosieven (CE). Aangezien de mogelijke rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 8 van 11

aanwezigheid van conventionele explosieven (CE) nooit geheel kan worden uitgesloten, ondanks diepgravend onderzoek, geldt tijdens graafwerkzaamheden het protocol toevalsvondsten CE zoals te vinden in bijlage 6 van het onderzoeksrapport.

rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 9 van 11

4

SAMENVATTING

De effecten van de voorgenomen werkzaamheden zijn in de puntsgewijs toegelicht in de vorige paragraaf. Hieronder is een schematische weergave weergegeven: tabel 1: overzicht van effecten

Mogelijk effect (negatief van/door …)

Waarschijnlijkheid van optreden Zeker

Aannemelijk

Mogelijk

Onwaarschijnlijk

Uitgesloten

QRA: Archeologie Bodem F&F NGE Voor alle effecten die beoordeeld worden als zeker, aannemelijk of mogelijk wordt hier verder ingegaan om onderstaande punten verder toe te lichten: • Bereik. • Grensoverschrijdend karakter van het effect. • Duur, frequentie en omkeerbaarheid van het effect.

4.1

(Water) Bodemonderzoek

Vanuit het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek en grondwateronderzoek is geconcludeerd dat er lichte verontreiniging aanwezig is binnen het projectgebied (ter plaatse van de onderzoekslocatie). Daarom zullen werkzaamheden met grond uitgevoerd worden conform het CROW-publicatieblad 132 “Werken in of met verontreinigde grond en verontreinigd (grond)water” en/of publicatie 307 “Kabels en leidingen in verontreinigde bodem”. Ter hoogte van de onderzochte locatie geldt dat grond die tijdens de graafwerkzaamheden vrijkomt zonder verder onderzoek binnen de onderzoekslocatie teruggebracht mag worden. Wanneer grond buiten de geldende bodemkwaliteitszone moet worden afgevoerd zal een partijkeuring uitgevoerd worden. Met voorgenoemde maatregelen zijn negatieve effecten op het milieu niet te verwachten.

4.2

Quickscan flora en fauna

Uit de uitgevoerde quickscan flora & fauna komt naar voren dat er mogelijk verstoring tijdens de uitvoering op kan treden bij verschillende diersoorten, voorzorgsmaatregelen dienen dit te voorkomen. Op hoofdlijnen bestaan de voorzorgsmaatregelen uit: vastgestelde/aangepaste werktijden en combinatie met verlichting van het werkterrein en het in te zetten materieel. De zorgplicht die bij wet opgelegd is zal in acht genomen worden tijdens uitvoering. Maatregelen zoals vermeld in de quickscan worden in acht genomen. Hiermee kan met grote zekerheid worden voorkomen dat negatieve effecten worden uitgeoefend op de projectomgeving.

rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 10 van 11

4.3

Conclusie

In het plangebied wordt een nieuw leiding aangelegd en de oude leiding onklaar gemaakt en/of verwijderd. De lengte van de nieuwe leiding blijft onder de drempelwaarde van 5 kilometer. Voor de activiteit moet een vormvrije m.e.r.-beoordeling worden uitgevoerd, aan de hand van de Europese m.e.r.-richtlijn. De ontwikkeling is, gelet op de kenmerken en de plaats van de activiteiten en de kenmerken van de potentiële effecten, niet zodanig van invloed op het milieu dat een milieueffectrapportage moet worden doorlopen. Initiatiefnemer verzoekt burgemeester en wethouders van Denekamp om op basis van deze aanmeldnotitie te besluiten dat geen milieueffectrapportage nodig is voor de genoemde ontwikkeling.

rps.nl 1503995B69-R19-157 | Datum 6 februari 2019

Pagina 11 van 11

1 Q R A L E I D I N G N - 5 3 1 - 1 2 ( D E N E K AM P )

083738522-B

rps.nl 1503995B69-R19-019 | 1 | Datum 16 januari 2019

2 B E S T E M M I N G S P L AN N E N

Uitsnede NL.IMRO.1774.BUIBPBUITENGEBIED-0402 met indicatief tracé

rps.nl 1503995B69-R19-019 | 1 | Datum 16 januari 2019

rps.nl 1503995B69-R19-019 | 1 | Datum 16 januari 2019

Uitsnede NL.IMRO.1774.DENBPDENEKAMPKERN-0402 met indicatief tracé

rps.nl 1503995B69-R19-019 | 1 | Datum 16 januari 2019

3 Q U I C K S C AN A R C H E O L O G I E

91119618

rps.nl 1503995B69-R19-019 | 1 | Datum 16 januari 2019

4 GOS DENEKAMP (N -335, S-1335) VERKENNEND BODEMONDERZOEK EN G R O N D W AT E R O N D E R Z O E K

1503995B67-R18-439

rps.nl 1503995B69-R19-019 | 1 | Datum 16 januari 2019

5 Q U I C K S C AN F L O R A & F AU N A G N I P D E N E K AM P

1503995B74-R18-426

rps.nl 1503995B69-R19-019 | 1 | Datum 16 januari 2019

6 HISTORISCH VOOROND ERZOEK CONVENTIONELE EXPLOSIEVEN D E N E K AM P - O L D E N Z A A L

1800761A02-R18-183

rps.nl 1503995B69-R19-019 | 1 | Datum 16 januari 2019

Bijlage 3 Besluit aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling

bestemmingsplan Denekamp, gasleiding Kloppendijk-Nordhornsestr aat

83

(vormvrije) m.e.r. beoordeling Kloppendijk - Nordhornsestraat in Denekamp Zaaknummer OLO nummer Documentnummer

: Z-HZ_RMER-2019-000096 : :

Burgemeester en wethouders van Dinkelland beschikken op de aanvraag van

:

mevrouw W.A. Lobeek

wonende/gevestigd

:

Postbus 181

te

:

9700 AD GRONINGEN

ontvangen op

:

22 maart 2019

om het perceel, kadastraal bekend

:

en plaatselijk bekend

:

Kloppendijk - Nordhornsestraat in Denekamp

het volgende project uit te voeren

:

aanmeldnotitie vormvrije MER (verleggen gasleiding)

bestaande uit de activiteiten

:

datum besluit

:

2 juli 2019

verzenddatum besluit

:

2 juli 2019

-2-

Inleiding Op 22 maart 2019 hebben wij een kennisgeving ontvangen van Gasunie Transport Services B.V. mevrouw W.A. Lobeek, Postbus 181 te Groningen voor aanmeldnotitie vormvrije MER (verleggen gasleiding) voor de locatie Kloppendijk - Nordhornsestraat in Denekamp. De kennisgeving is bij ons geregistreerd onder nummer Z-HZ_RMER-2019-000096. De volgende documenten maken onderdeel uit van dit besluit:  Rapport: ‘Verlegging Gastransportleiding (N-531-12) Denekamp, aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-procedure’ van 6 februari 2019  Rapport: “QRA leiding N-531-12, de verlegging van de leiding in Denekamp van 4 januari 2019  Rapport: ‘Quickscan Flora en fauna, Conditionerend onderzoek GNIP Denekamp’ van 3 juli 2018  Rapport: ‘Verkennend bodemonderzoek GOS Denekamp (N-335, S1335) en grondwateronderzoek Kloppendijk’ van 6 juli 2018

Rechtsmiddelen Tegen een m.e.r.-beoordelingsbeslissing is alleen bezwaar- of beroep mogelijk als deze beslissing de belanghebbende, los van het voor te bereiden besluit, rechtstreeks in zijn belang treft. Verder staat er tegen een m.e.r.-beoordelingsbeslissing geen direct bezwaar en beroep open. Mocht een belanghebbende, anders dan de initiatiefnemer, het niet eens zijn met de gevolgde procedure, dan kan bezwaar of beroep worden ingediend bij het besluit in het kader waarvan de m.e.r.-beoordeling plaatsvond. Behoudens bovenstaande kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht binnen 6 weken na de datum van verzending van het besluit tegen dit besluit bezwaar maken. Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en bevat tenminste naam en adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt en de gronden van het bezwaar. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan het college van burgemeester en wethouders van Dinkelland, Postbus 11,7590 AA Denekamp. De beschikking treedt in werking de dag na haar bekendmaking. Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van het besluit niet. Misschien kunt u de beslissing op uw bezwaar niet afwachten. U kunt dan ook een voorlopige voorziening aanvragen bij de voorzieningenrechter van de rechtbank.

U zou dan bijvoorbeeld kunnen vragen om het besluit voorlopig te schorsen. U kunt alleen een voorlopige voorziening aanvragen als u een bezwaarschrift heeft ingediend en als u een voldoende spoedeisend belang heeft. Zo mogelijk moet u een afschrift van dit besluit bij uw verzoek voegen. Een verzoek om een voorlopige voorziening stuurt u naar de voorzieningenrechter van de Rechtbank Overijssel, Afdeling Bestuursrecht, Postbus 10067, 8000 GB Zwolle. Dient u een verzoek om voorlopige voorziening in? Dan moet u griffierechten betalen. De rechtbank informeert u hierover.

Zaaknummer : Z-HZ_RMER-2019-000096 Locatie : Kloppendijk - Nordhornsestraat in Denekamp Pagina 2 van 6

-3-

BESCHIKKING Wij besluiten, gelet op de overwegingen die zijn opgenomen in dit besluit, en gelet op de artikelen 7.16 t/m 7.19 van de Wet milieubeheer: 

dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die het uitvoeren van een milieueffectrapportage nodig maken voor het aanvragen van een bestemmingsplanherziening voor het verleggen van de gastransportleiding op het traject N-531-12 Kloppendijk-Nordhornsestraat in Denekamp .

Namens burgemeester en wethouders van Dinkelland,

G. Kleijssen Teamcoach Fysieke leefomgeving

Zaaknummer : Z-HZ_RMER-2019-000096 Locatie : Kloppendijk - Nordhornsestraat in Denekamp Pagina 3 van 6

-4-

1

Procedurele overwegingen

Gegevens aanvrager Op 25 maart 2019 heeft Gasunie Transport Services B.V. een aanmeldnotitie in het kader van de beoordeling van de m.e.r.-plicht, ingevolge artikel 7.16, 1e lid, van de Wet milieubeheer (Wm) bij ons ingediend. Het betreft een aanmeldnotitie vooruitlopend op een aanvraag voor herziening van het bestemmingplan voor het verleggen van de gastransportleiding op het traject N-531-12, KloppendijkNordhornsestraat in Denekamp.

Projectbeschrijving De bestaande gasleiding ligt in de bebouwde kom van Denekamp. Deze wordt over een lengte van ongeveer 1 km onklaargemaakt en/of verwijderd. De nieuw aan te leggen leiding komt grotendeels in het oorspronkelijke tracé te liggen en heeft een lengte die korter is dan 5 km, zoals genoemd in het o Besluit milieueffectrapportage in categrorie D8.1 kolom 2 onder 2 . Het oorspronkelijke tracé wordt gevolgd tot het Telgenhöfke. Vanaf deze straat vervolgt het nieuwe tracé de Kloppendijk tot de Nordhorsestraat en vervolgt deze tot de Asterstraat naar het bestaande gasontvangststation.

Bevoegd gezag Burgemeester en wethouders / de raad van de gemeente Dinkelland zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijziging. Dit volgt uit artikel 3.6 Wet ruimtelijke ordening.

2

Inhoudelijke overwegingen

Beoordelingsplicht en toetsingskader Ingevolge artikel 7.17, lid 1, van de Wm moet het bevoegd gezag bij voorgenomen activiteiten die staan opgenomen in onderdeel D van het Besluit milieueffectrapportage bepalen of de voorgenomen activiteiten vanwege bijzondere omstandigheden m.e.r.-plichtig zijn. Dat wil zeggen dat de initiatiefnemer de aanvraag tot wijzigen van het bestemmingsplan op grond van de Wro artikel 3.6 vergezeld moet laten gaan van een milieueffectrapport (MER). Voor Gasunie Transport Services B.V. is een m.e.r.-beoordeling nodig, omdat de activiteiten vallen onder categorie 8.1 van onderdeel D van het Besluit milieueffectrapportage.: ‘De oprichting, wijziging of uitbreiding van een buisleiding voor het transport van gas,..…’. De genoemde lengte van 5 km of meer bij aardgas wordt echter niet overschreden. Dit leidt daarom ook niet tot een overschrijding van de drempelwaarde van onderdeel D van de bijlage van het Besluit milieueffectrapportage. Ondanks dat moet toch worden beoordeeld of de activiteit mogelijk belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu heeft (vormvrije m.e.r.-beoordeling). Vanwege een herziening van de Europese m.e.r.-richtlijn zijn per 16 mei 2017 de Wet milieubeheer en per 7 juli 2017 het Besluit m.e.r. gewijzigd. Deze wijzigingen hebben gevolgen voor de procedurele afhandeling van de vormvrije m.e.r.-beoordeling.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/575/documents/17054