B_B_ontwerp_1_toelichting_Bijlage_10_Reactienota.PDF
Tekst van het document
Provinciaal Inpassingsplan PIP en Natura 2000-Beheerplan
Reactienota inspraak en vooroverleg Natura 2000-beheerplan, Provinciaal Inpassingsplan en Nota Reikwijdte en Detailniveau
Status:
Ontwerp
IMRO-idn:
NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
De Reactienota heeft betrekking op de inspraak- en vooroverlegreacties die zijn ingediend op het voorontwerp Natura 2000-beheerplan, het voorontwerp Provinciaal InpassingsPlan (PIP) en de bijbehorende Nota Reikwijdte en Detailniveau. De Reactienota is opgesteld door de provincie Overijssel (als zijnde het bevoegd gezag) en de gemeente Dinkelland (bestuurlijk trekker).
Daarbij vindt in het gebiedsproces afstemming plaats met de partners Landschap Overijssel, LTO Noord en Waterschap Vechtstromen.
Samen economisch sterker, met de kracht van de natuur Overijssel is prachtig om te wonen, werken en recreëren. Overijssel telt 24 natuurgebieden die zo
bijzonder zijn, dat ze zijn aangewezen als Natura 2000-gebied. Het Natura 2000-programma stelt ons in staat om samen te werken aan het behoud en herstel van kwetsbare natuur. Dat is geen luxe, maar pure noodzaak. Provincie, andere overheden en natuur- en belangenorganisaties hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de kwaliteit van het leefgebied van zeldzame dieren en planten te verbeteren, voor nu en in de toekomst. Met maatwerk maken we de natuur veerkrachtig en weerbaar tegen invloeden van buiten, zoals verdroging en de uitstoot van stikstof. Meer informatie hierover vindt u op: www.overijssel.nl/natura2000. Waar nodig wordt de bestemming en/of het gebruik gewijzigd en planologisch vastgelegd in een ruimtelijk plan. De maatregelen kunnen effect hebben op de gronden in de directe omgeving van de Natura 2000-gebieden. Samen met de grondeigenaren zorgen we voor een passende oplossing voor hun toekomst.
Meer informatie over de besluiten Natura 2000? Kijk ook op: www.overijssel.nl/natura2000/uitleg-pip-procedures www.bij12.nl/onderwerpen/natura-2000-beheerplannen Of neem contact op via natura2000pip@overijssel.nl onder vermelding van het betreffende Natura 2000-gebied. Dit Natura 2000-gebied heeft het nummer 46.
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
3
Inhoudsopgave 1
Terinzagelegging voorontwerp Provinciaal Inpassingsplan (PIP), Notitie Reikwijdte en Detailniveau en voorontwerp-Beheerplan Bergvennen en Brecklenkampse Veld .................... 5 1.1
Inleiding ............................................................................................................. 5
1.2
Terinzagelegging.................................................................................................. 5
1.3
Wijzigingen in het plan ......................................................................................... 5
1.3.1 1.4
Leeswijzer ........................................................................................................... 6
1.5
Vervolgprocedure ................................................................................................. 6
1.6
Algemene informatie ............................................................................................ 6
1.6.1 2
Algemeen ...................................................................................................... 5
Over planschade ............................................................................................. 6
Beantwoording inspraak- en vooroverlegreacties .............................................................. 8 Inspraakreactie 1.......................................................................................................... 8 Inspraakreactie 2.......................................................................................................... 9 Inspraakreactie 3......................................................................................................... 10 Inspraakreactie 4......................................................................................................... 11 Inspraakreactie 5......................................................................................................... 13 Inspraakreactie 6......................................................................................................... 18 Inspraakreactie 7......................................................................................................... 20 Inspraakreactie 8......................................................................................................... 25 Inspraakreactie 9......................................................................................................... 26 Inspraakreactie 10 .......................................................................................................
31 Inspraakreactie 11 ....................................................................................................... 34 Inspraakreactie 12 ....................................................................................................... 36 Inspraakreactie 13 ....................................................................................................... 39 Inspraakreactie 14 Verzamelde reacties (56)................................................................... 41 Vooroverlegreactie 1 Oversticht ..................................................................................... 42
3
Ambtshalve wijzigingen ................................................................................................ 45 Wijzigingen Toelichting/Regels (T/R) .............................................................................. 45 Wijzigingen Verbeelding (V) .......................................................................................... 46 Wijzigingen Beheerplan (B) ........................................................................................... 47
4
Colofon....................................................................................................................... 49
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
4
1 Terinzagelegging voorontwerp Provinciaal Inpassingsplan (PIP), Notitie Reikwijdte en Detailniveau en voorontwerp-Beheerplan Bergvennen en Brecklenkampse Veld 1.1 Inleiding Het gebied Bergvennen en Brecklenkampse Veld is op 4 juli 2013 aangewezen als Natura 2000gebied. De natuurdoelen en maatregelen ten behoeve van behoud en herstel van de aangewezen te beschermen habitattypen zijn beschreven in het voorontwerp Natura 2000-beheerplan. De maatregelen voor Bergvennen en Brecklenkampse Veld zijn vervolgens nader geconcretiseerd in een inrichtingsplan. De natuurherstelmaatregelen in Bergvennen en Brecklenkampse Veld richten zich vooral op het terugdringen van verdroging en het tegengaan van verrijking door meststoffen. Het doel is om de kwetsbare natuur te beschermen en te versterken. Deze maatregelen hebben gevolgen voor de bestemming van gronden en/of het gebruik ervan. Op dit moment hebben veel gronden binnen het plangebied nog een Agrarische bestemming. Als de functie of het gebruik van de grond moet wijzigen om de natuurdoelen te halen, als er bijvoorbeeld vernatting nodig is of als de bemesting moet stoppen, dan moet de bestemming of het gebruik ook worden gewijzigd naar een bestemming die de maatregelen mogelijk maakt. Deze nieuwe bestemmingen zijn vastgelegd in het Provinciaal Inpassingsplan (PIP) Bergvennen en Brecklenkampse Veld.
Het Beheerplan, het PIP, het inrichtingsplan en de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) zijn opgesteld door de bestuurlijk trekker gemeente Dinkelland en/of de Provincie Overijssel.
1.2 Terinzagelegging Het voorontwerp-PIP en de NRD voor Bergvennen en Brecklenkampse Veld hebben digitaal van 8 september 2020 tot en met 19 oktober 2020 ter inzage gelegen via www.overijssel.nl/loket/terinzage en/of via www.ruimtelijkeplannen.nl. Het voorontwerp-Beheerplan lag gelijktijdig ter inzage op www.bij12.nl. Tevens was een inkijkexemplaar beschikbaar op de volgende locaties: - Gemeentehuis Dinkelland, Nicolaasplein 5, - Provinciehuis Overijssel,
7591 MA
Luttenbergstraat 2, 8012 EE
DENEKAMP ZWOLLE
Gedurende deze termijn zijn er 69 inspraakreacties ontvangen (57 reacties waren identiek, waarvan 1 individueel en 56 collectief) en is 1 vooroverlegreactie ontvangen. De meeste reacties waren niet specifiek gericht op het Beheerplan, het PIP of de NRD. Van de reacties hebben er 7 (+56) geleid tot aanpassing van het ontwerp-Beheerplan en het ontwerp-PIP en 2 (+56) tot aanpassing van het ontwerp PIP. Op 23 september 2020 heeft een inloopbijeenkomst op afspraak plaatsgevonden voor alle geïnteresseerden.
1.3 Wijzigingen in het plan 1.3.1
Algemeen
De wijzigingen zijn met name aanscherpingen van de maatregelen in de landbouwenclave, het Lattroppse veen en de Poolweg. Ambtshalve zijn er ook wijzigingen doorgevoerd. De belangrijkste wijzigingen betreffen aanpassingen van de bemestingsmaatregelen, maatregelen aan het campingven,de verplaatsing van de parkeerplek als mitigerende maatregel en het doortrekken van de mitigerende maatregelen aan het onverharde deel van de Poolweg richting Duitsland.
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
5
Ten opzichte van het voorontwerp Beheerplan (incl. bijlagen) en het voorontwerp PIP (incl. bijlagen) zijn ontwerpen daarvan derhalve ook aangepast. Met ‘bijlagen’ worden dan voornamelijk het Inrichtingsplan en de maatregelenkaart bedoeld. In het PIP gaat hier om: • • • • • • •
het toevoegen van een aantal percelen aan de bestemming ‘Natuur’; de verandering van de bestemming ‘Agrarisch-3’ en ‘Agrarisch met waarden - grasland’ naar ‘Agrarisch-3’ met aanduidingen; regelwijzigingen in ‘Agrarisch-3’; het opnemen van een wijzigingsbevoegdheid om de Poolweg te verleggen; het opnemen van de aanduiding voor de parkeerplaats; het opnemen van maatregelen aan het campingven; het opnemen van een tijdelijke agrarische bestemming van het Lattropse Veen.
Tot slot is er voor het PIP ook een milieueffectrapportage (MER) opgesteld, deze is als bijlage toegevoegd aan het ontwerp PIP.
1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 van deze Reactienota zijn de ontvangen inspraak- en vooroverlegreacties samengevat en van een antwoord voorzien. Hier is ook aangegeven of deze reacties aanleiding hebben gegeven tot wijzigingen. De reacties zijn geanonimiseerd en hebben deels geleid tot aanpassing van het inrichtingsplan en/of het PIP en/of Beheerplan (zie Terinzagelegging). De nummers die gebruikt worden in hoofdstuk 2 zijn als volgt opgebouwd. Het eerste cijfer betreft nummer van de betreffende indiener. Het tweede cijfer is een onderdeel uit de reactie/grond van de indiener. Het volgende voorbeeld verduidelijkt dit: 5.4 → is indiener 5 en reactie/grond 4. Met de verwerking van de inspraakreacties in de Reactienota worden het voorontwerp-Beheerplan, het voorontwerp-PIP omgezet naar een ontwerp-versie. De NRD heeft geleid tot een ontwerp-MER. In hoofdstuk 3 zijn de ambtshalve aanpassingen opgenomen.
1.5 Vervolgprocedure De ontwerpen worden door Gedeputeerde Staten van Overijssel vastgesteld en gedurende zes weken ter inzage gelegd. Tijdens de periode van terinzagelegging van de ontwerpen kan een ieder een zienswijze indienen op het ontwerp-PIP of -beheerplan. In deze periode wordt ook de gemeenteraad gehoord over het PIP en wordt de commissie m.e.r. om advies gevraagd over het MER. Vervolgens worden beide plannen definitief vastgesteld (het PIP door Provinciale Staten en het beheerplan door Gedeputeerde Staten), samen met een nota waarin reacties op de zienswijzen zijn opgenomen. Een beroep tegen het PIP kan worden ingesteld bij de Raad van State. Beroep tegen het beheerplan is mogelijk bij de rechtbank en hoger beroep bij de Raad van State. Daarbij geldt dat beroep alleen mogelijk is tegen bepaalde onderdelen van het beheerplan. Welke onderdelen dit zijn, staat beschreven in paragraaf 1.4 van het beheerplan.
1.6 Algemene informatie 1.6.1
Over planschade
Diverse indieners gaan in op economische schade en waardedaling. We proberen die zoveel mogelijk te voorkomen, maar we kunnen het niet uitsluiten. Onze taxateurs doen er alles aan / hebben er alles aan gedaan om tot een minnelijke schikking te komen. In alle gevallen staat de weg voor een planschadeverzoek nog steeds open. Die kan echter pas ingediend worden nadat het PIP onherroepelijk is geworden. Dat is nadat Provinciale Staten (PS) het plan hebben vastgesteld en er geen beroep is ingesteld bij de Raad van State (RvS), of nadat de RvS daar een uitspraak over heeft gedaan. Het wettelijk vastgelegd normaal maatschappelijk risico bedraagt 2% van de waardedaling en/of economische schade, die blijft voor eigen rekening. Of iemand voor planschade in aanmerking komt hangt van het volgende af: Bepaald moet worden in hoeverre eventuele planschade binnen het normaal maatschappelijk risico valt en op grond van artikel 6.2 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), geheel of gedeeltelijk voor eigen rekening behoort te blijven. Bij het bepalen daarvan moet rekening worden gehouden met alle omstandigheden van het geval en wordt getoetst aan 3 criteria: Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
6
1. of de planologische ontwikkeling als een “normale maatschappelijke ontwikkeling” kan worden beschouwd; 2. of de ontwikkeling in de ruimtelijke structuur van de omgeving past; 3. of de ontwikkeling past binnen het door de overheid gevoerde planologische beleid. Als blijkt dat aan één van de drie hiervoor genoemde criteria is voldaan dan is de ontwikkeling aan te merken als een “normale maatschappelijke ontwikkeling” die in de lijn der verwachtingen lag en blijft eventuele planschade voor eigen rekening.
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
7
2 Beantwoording inspraak- en vooroverlegreacties Nr.
Inspraakreactie 1
Reactie
1.1
Het aantal ganzen in de Bergvennen is Vermesting door ganzen is een van de oorzaken van de vervuiling van inmiddels zo hoog dat de droge bodem van de de vennen. Met name in de ruiperiode zoeken ze een veilige plek. Aan vennen bezaaid liggen met ganzenveren. het beheerplan is maatregel M20: nestbehandeling of verjagen van ganzen, al dan niet met afschot toegevoegd. Deze maatregel is Het aantal ganzen is de laatste 2 jaren noodzakelijk voor de instandhouding van het habitattype H3110 Zeer geëxplodeerd. Ze stoten ook stikstof uit en zwak gebufferde vennen. bemesten het water van de vennen.
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Ja
Zorg dat dat aantal geminimaliseerd wordt (door afschieten of eieren schudden) en dat niet de boeren in de omgeving worden afgerekend op de waterkwaliteit die door de ganzen verslechtert. Conclusie
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
De inspraakreactie leidt tot aanpassing van het Beheerplan
8
Nr.
Inspraakreactie 2
Reactie
2.1
Uw cliënt woont in Lattrop-Breklenkamp, de Het project heeft de mogelijke nadelige gevolgen van de vernatting op Nee woning met bijgebouwen en ondergrond het erf en de gebouwen onderzocht. Daaruit blijkt dat er geen nadelige hebben een totale kadastrale oppervlakte, in effecten worden verwacht. Dit onderzoek is gedeeld met uw cliënt. eigendom van 0,1065 ha.. Volgens uw cliënt zullen de woning en bijgebouwen nadelige gevolgen ondervinden van de maatregelen die beoogd zijn. Daarmee heeft dit PIP zeer grote invloed op het woonklimaat van uw cliënt.
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Er zullen in de directe nabijheid sloten gedempt worden om verhoging van de grondwaterstand te bewerkstelligen. De verhoging van de grondwaterstand leidt tot vernatting van de bij uw cliënt in eigendom zijn onroerende zaken. Dit heeft grote gevolgen voor het woonklimaat en het gebruik daarvan. 2.2
Hoewel de precieze gevolgen van de nu Als, in tegenstelling tot het voorgaande, na uitvoering van de voorgestelde maatregelen voor de woning en maatregelen toch blijkt dat er negatieve effecten zijn, dan kan uw de bijgebouwen pas duidelijk worden nadat cliënt zich melden bij het schadeloket van de provincie Overijssel. deze zijn uitgevoerd valt niet uit te sluiten dat (achteraf blijkt dat) beperking in het woongenot vele malen groter is dan nu wordt voorgesteld. De beperking zal voor uw cliënt leiden tot aanzienlijke schade, onder andere door: -
2.3
Nee
beperkingen van het woonklimaat. schade aan gebouwen. waardevermindering van de eigendom.
Gelet op vorenstaande verzoekt u ons namens Wij zien in uw inspraakreactie geen aanleiding het plan niet in deze uw cliënt het voorontwerp-PIP Bergvennen vorm vast te stellen. niet, althans niet in deze vorm vast te stellen. Conclusie
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
Nee
De inspraakreactie leidt niet tot aanpassing van het PIP en/of Beheerplan.
9
Nr.
Inspraakreactie 3
Reactie
3.1
Uw cliënten zijn eigenaar van de woning met Het project heeft de mogelijke nadelige gevolgen van de vernatting op Nee ondergrond, 0,16 ha., die tot het het erf en de gebouwen onderzocht. Daaruit blijkt dat er geen nadelige landbouwbedrijf behoort, wat door inspreker 4 effecten worden verwacht. Dit onderzoek is gedeeld met uw cliënt. op hetzelfde adres wordt geëxploiteerd. Zie verder onze reactie bij inspraakreactie 4.1.
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
De woning zal volgens u nadelige gevolgen ondervinden van de maatregelen die beoogd zijn. Daarmee zal dit PIP volgens u zeer grote invloed hebben op het woonklimaat van uw cliënten. 3.2
Hoewel de precieze gevolgen van de nu Als, in tegenstelling tot het voorgaande, na uitvoering van de voorgestelde maatregelen voor de woning en maatregelen toch blijkt dat er negatieve effecten zijn, dan kan uw de bijgebouwen pas duidelijk worden nadat cliënt zich melden bij het schadeloket van de provincie Overijssel. deze zijn uitgevoerd valt niet uit te sluiten dat (achteraf blijkt dat) beperking in het woongenot vele malen groter is dan nu wordt voorgesteld. De beperking zal voor uw cliënt leiden tot aanzienlijke schade, onder andere door: -
3.3
Nee
beperkingen van het woonklimaat. schade aan gebouwen. waardevermindering van de eigendom.
Gelet op vorenstaande verzoekt u ons namens Wij zien in uw inspraakreactie geen aanleiding het plan niet in deze uw cliënten het voorontwerp-PIP Bergvennen vorm vast te stellen. niet, althans niet in deze vorm vast te stellen. Conclusie
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
Nee
De inspraakreactie leidt niet tot aanpassing van het PIP en/of Beheerplan.
10
Nr.
Inspraakreactie 4
Reactie
4.1
Uw cliënt exploiteert een landbouwbedrijf met een totale kadastrale oppervlakte, in eigendom en erfpacht van 17,5655 ha. en pacht van 16,82 ha. De bij het landbouwbedrijf in eigendom behorende cultuurgrond, met een oppervlakte van circa 10,8 ha. en de bedrijfsgebouwen met ondergrond en erf zullen volgens u nadelige gevolgen ondervinden van de maatregelen die beoogd zijn.
Een rentmeester van de Provincie is in gesprek met u over de Nee vergoeding van de schade die u mogelijk heeft als gevolg van de planuitvoering. Uitgangspunt daarbij is dat u gecompenseerd wordt voor de schade die een rechtstreeks en noodzakelijk gevolg is van de planuitvoering. Ook gedurende de ruimtelijke procedures zal de onderhandeling over de compensatie doorgaan. Tijdens de gesprekken zullen uitdrukkelijk ook de mogelijkheden verkend worden tot compenserende of mitigerende maatregelen.
Daarmee heeft dit PIP zeer grote invloed op de bedrijfsvoering van het bedrijf. Van 2 kavels ligt een oppervlakte van ca. 1,65 ha. binnen de begrenzing van het PIP en die zijn aangeduid als “Agrarisch 3”. Hier zullen de sloten gedempt worden en er zal een nieuwe sloot worden gegraven, zodanig dat er 4 onwerkbare kavels overblijven. De sloten langs de huiskavel zullen verondiept worden om verhoging van de grondwaterstand te bewerkstelligen. De verhoging van de grondwaterstand leidt tot vernatting van de bij uw cliënt in eigendom en gebruik zijnde agrarische gronden. Dit heeft grote gevolgen voor de gebruiksmogelijkheden daarvan. De draagkracht van de grond wordt onzeker, zodat onduidelijk is of de oogst op deze percelen wel binnen te halen is. Het risico op misoogst wordt daarmee dusdanig groot dat de grond feitelijk niet meer geschikt is voor een melkveehouderij waarbij beweiding van de koeien plaats vindt. 4.2
De beide veldkavels worden doorkruist met een nieuw aan te leggen watergang, die voor de nodige afvoer zorgt. Dit is één van de compenserende maatregelen. Wij verwachten dat de te verwachten schade door de compenserende en mitigerende maatregelen (grotendeels) kan worden weggenomen. Wij streven er naar om in goed overleg met u tot overeenstemming te komen over de hoogte van de schadevergoeding of om compenserende of mitigerende maatregelen toe te passen.
Het project heeft de nadelige gevolgen van de vernatting van de percelen, het erf en de gebouwen onderzocht. Deze onderzoeken zijn gedeeld met uw cliënt. Uit het onderzoek aan het erf en de gebouwen blijkt dat er kleine nadelige effecten worden verwacht aan de kelder van de woning. Wij zijn met uw cliënt in gesprek over maatregelen die het project moet (laten) uitvoeren om het nadelige effect op te heffen. Uit het onderzoek van de percelen blijkt dat de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) op de huiskavel wordt verhoogd met ongeveer 0,30 m. Deze verhoging heeft een minimaal effect op de gebruikersmogelijkheden van uw erf en percelen.
Volgens u zal de grondwaterstandsverhoging Zie onze reactie onder 4.1 voor uw cliënt relatief grote effecten zal hebben. De natgevoeligheid neemt verder toe (ook in oppervlakte). Alle gronden die rondom
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Nee
11
Nr.
Inspraakreactie 4
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
de bedrijfsgebouwen van uw cliënt liggen zullen met deze beperkingen te maken krijgen. Voor het melkveebedrijf van uw cliënt is weidegang gedurende het seizoen essentieel. Deze zal na de maatregelen niet langer worden gegarandeerd. 4.3
Hoewel de precieze gevolgen van de nu Als na uitvoering van de maatregelen toch blijkt dat er meer negatieve Nee voorgestelde maatregelen voor de effecten zijn dan verwacht, dan kan uw cliënt zich melden bij het gebruiksmogelijkheden van de gronden en de schadeloket van de provincie Overijssel. bedrijfsgebouwen in het aangewezen gebied pas duidelijk worden nadat deze zijn uitgevoerd valt niet uit te sluiten dat (achteraf blijkt dat) de gebruiksmogelijkheden van de percelen nog veel slechter wordt dan nu wordt voorgesteld. De beperkingen in het gebruik zal voor cliënt leiden tot aanzienlijke schade, onder andere door: -
4.4
beperkingen in het gebruik van de grond. schade aan gebouwen. waardevermindering van de eigendom.
Gelet op vorenstaande verzoek ik u namens cliënt het voorontwerp-PIP Bergvennen niet, althans niet in deze vorm vast te stellen.
Wij zien in uw inspraakreactie geen aanleiding het plan niet in deze vorm vast te stellen.
Conclusie
De inspraakreactie leidt niet tot aanpassing van het Beheerplan en/of het PIP .
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
Nee
12
Nr.
Inspraakreactie 5
Reactie
5.0
Uw cliënten hebben u verzocht namens hen te Deze inleiding wordt voor kennisgeving aangenomen. reageren daar zij de vrees hebben dat zij in hun belangen worden getroffen door de voorgenomen plannen.
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Aanleiding inpassingsplan In het inpassingsplan is als reden voor het opstellen van voormelde plannen en notitie het volgende gesteld: Het opgenomen citaat betreffende de algemene tekst over de Ontwikkelopgave Natura 2000 is kortheidshalve weggelaten. Met name de aanpassingen in geldende bestemmingsplannen met alle gevolgen van dien voor de agrarische ondernemer worden met vrees tegemoet gezien. 5.1
Meermaals valt te lezen dat de maatregelen binnen 6 jaar na vaststelling van de plannen zijn gerealiseerd. Maar de vraag die nu leeft is wat gaat er gebeuren als de doelen dan niet gehaald zijn? Komen er dan nog meer verdergaande maatregelen? Hier heeft men heel veel moeite mee omdat hierdoor de onzekerheid voor diegenen gevestigd rondom de gebieden die het betreft nog steeds blijft doorgaan. Specifiek deze opmerking omdat er zoveel onzekerheden in de planvorming zitten waardoor het bij voorbaat al reëel is te stellen dat het behalen van deze doelen binnen 6 jaar een utopie is.
De genoemde 6-jaarperiode van het Beheerplan geldt voor het uitvoeren van de maatregelen en niet voor het behalen van de doelen van de maatregelen. Of de maatregelen na uitvoering effect hebben zal moeten blijken uit monitoring. Als aan het eind van de beheerplanperiode blijkt dat de effecten onvoldoende zullen zijn dan kunnen in het nieuwe beheerplan extra maatregelen worden opgenomen. Voor de uitvoering van die maatregelen worden dan nieuwe procedures (vergunningen en/of ruimtelijk plan) doorlopen.
Nee
5.2
De situatie met Duitsland is één van die onzekerheden. Doordat er geen overeenstemming is om de diepe sloten aan de Duitse kant te dempen is nu al duidelijk dat de doelen niet gehaald worden omdat het water dat aan Nederlandse kant door
De maatregelen in Duitsland zijn nodig als bijdrage aan de instandhoudingsdoelen. Om die reden zijn we vanuit het project in gesprek met Duitse overheden en grondeigenaren over de te treffen maatregelen in Duitsland. Uit een recente uitspraak van de Raad van State blijkt dat het niet noodzakelijk is om eerst de maatregelen in Duitsland uit te voeren. Alle maatregelen zijn nodig om de natuurdoelen te halen.
Nee
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
13
Nr.
Inspraakreactie 5
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
vernattingsmaatregelen in het gebied moet komen er aan de Duitse kant zo weer uitloopt! De nieuwe Duitse omgevingsvisie geeft zelfs aan dat er geen nadelige gevolgen zijn in de huidige situatie op het N2000 gebied Bergvennen. Dus die landbouwbestemming op die gronden daar leidt ertoe dat de instandhoudingsdoelen hier niet gehaald worden.
Uit onderzoek is gebleken dat met beschermende maatregelen in het Duitse landbouwgebied de instandhoudingsmaatregelen nog effectiever zullen zijn, daarom hebben wij op het concept van de nieuwe omgevingsvisie van NiederSachsen op dit punt een zienswijze ingediend.
Opvallend hierbij is dat de provincie 2 miljoen Er is geld gereserveerd voor het nemen van maatregelen aan de euro gemeenschapsgeld op de plank heeft Duitse zijde voor natuurherstel. Wij kunnen dit geld niet voor andere liggen om de 18 ha grond aan Duitse kant aan doeleinden inzetten. te kopen. Onacceptabel! 5.3
Waar ook veel weerstand van omliggende De maatregelen in het Lattropse Veen worden aangepast. De agrarische bedrijven tegen is, is de aanleg van bestemming wordt ‘Natuur - Voorlopig Agrarisch - 1’. een slenk in de "patatzak"(Lattropse Veen) en De omzetting naar de functie natuur zal plaatsvinden na het tijdelijk de daarbij horende omzetting van 25 ha grond handhaven van de agrarische functie op een deel van de percelen. In van de agrarische bestemming naar de die tijd worden de agrarische percelen actief uitgemijnd. Dat wil bestemming nieuwe natuur. Zeer onwenselijk zeggen dat de fosfaatovermaat met een gerichte bemesting en teelt omdat desbetreffende agrariërs met die wordt teruggedrongen. Na die vijf jaar volgt de natuurfunctie. bestemming niets meer met deze grond De afgravingscontour verandert ook. Alleen de nieuwe slenk wordt kunnen. Het doel is om de agrarische afgegraven. In de rest van het gebied blijft het huidige maaiveld bestemming op deze gronden te behouden en gehandhaafd. dan samen met de provincie en andere deelnemende partijen te kijken naar een beheervorm die door de eigenaren/agrariërs zelf uitgevoerd kan worden. In het kader van extensivering en het nieuwe GLB beleid is dat soort gronden onmisbaar voor de landbouw. Daarnaast is de bestemming nieuwe natuur op gronden buiten de begrenzing van N2000 een groot gevaar voor de toekomst van de omgeving.
Bij de eerste de beste uitbreiding van N2000, waar in de Green Deal zorgelijk veel over gesproken wordt, zal dit gebied er bij getrokken worden met de bijbehorende grote gevolgen voor de
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
Ja, het Inrichtingsplan als bijlage van het Beheerplan en het PIP wordt aangepast evenals de bestemming.
14
Nr.
Inspraakreactie 5
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
ontwikkelingsmogelijkheden voor de omgeving.
5.4
5.5
Sterker nog, juist het aanleggen van deze slenk staat enorm ter discussie omdat deze aangelegd gaat worden voor behoud van de zwak gebufferde vennen, een NIET prioritair habitattype!!
In uw reactie geeft u aan dat het zou gaan om behoud van een nietprioritair habitattype. Het zuidelijke ven is een zeer zwak gebufferd ven. In Nederland zijn slechts twee van deze vennen. Het ander ven ligt in Brabant. De instandhouding van dit ven is dan ook erg belangrijk.
Daar komt bij dat de waterstromen naar de slenk toe uit Duitsland komen, een proces dat jaren duurt, waardoor de monitoring van de kwaliteit van het water zeer onbetrouwbaar is.
Uitspoeling van meststoffen is ook aan Duitse zijde een risico. Door herstel van de slenk zullen de lokale grondwaterstromingen meer dan in de huidige situatie naar de slenk toestromen. Aangezien het om herstel van voedselarme en zeer zwak gebufferde hydrologische condities gaat is het noodzakelijk om de bemesting ook aan Duitse zijde op een perceel te stoppen, waardoor het handhaven van de landbouwfunctie niet realistisch meer is. Hierover zijn we in gesprek met de grondeigenaar en de Stadt Nordhorn.
In het natuurgebied zelf zal zo'n 20 ha bos gekapt/uitgedund gaan worden waar een herplantplicht op een andere plek bij blijkt te horen. Waar gaat dat dan gebeuren, en moet daar ook weer landbouwgrond voor opgeofferd worden? Nergens valt te achterhalen op welke wijze deze "compensatie" qua herplant plaats vindt, en nog veel belangrijker, waar.
Bepaalde kwetsbare en bijzondere planten en dieren leven alleen in Nee open terreinen. Om die planten en dieren te beschermen en ontwikkelingskansen te bieden, vergroten we hun leefgebied. Daarvoor kappen we in Natura 2000-gebieden soms delen van een bos. Veel mensen maken zich zorgen over bomenkap. We nemen die zorgen serieus. We kappen alleen daar waar het strikt noodzakelijk is voor het herstel van die soorten. Ook op langere termijn kijken we kritisch hoe wij omgaan met bos en het versterken van open gebieden.
Midden in het N2000 gebied ligt een camping die die momenteel wordt omgevormd naar een park met chalets. Ook ligt er op deze camping een ven waar doelen voor dienen te worden gesteld dan wel gehaald zouden moeten worden. Echter door
U gaat in op uitgevoerde herstelmaatregelen van enkele jaren geleden; de vennen (ook buiten de camping) zouden hierdoor beschadigd zijn waardoor deze bij het minste of geringste weer droog staan. Bij de werkzaamheden aan de vennen buiten de camping is de humeuze sliblaag verwijderd en zijn geen diepere graafwerkzaamheden uitgevoerd.
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
De bomenkap in Natura 2000-gebieden wordt gecompenseerd. Dit is door het Rijk en de 12 provincies vastgelegd in de landelijke Bossenstrategie. Daarnaast is in de Bossenstrategie vastgelegd dat er in heel Nederland nog eens 37.000 ha extra bos bij komt. Elke provincie werkt deze Bossenstrategie uit in een eigen plan waarin staat hoe bomenkap in de Natura 2000 gebieden wordt gecompenseerd en waar extra bos in de provincie komt. De Bossenstrategie van de provincie Overijssel is in 2022 gereed. Ja, uw reactie tot aanpassing van het Beheerplan en het PIP
15
Nr.
Inspraakreactie 5
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
graafwerkzaamheden door de eigenaar is dit We hebben, naar aanleiding van uw inspraakreactie, onderzoek ven dermate beschadigd dat het door de gedaan naar de effecten van de werkzaamheden aan het ven op de provincie 'opgegeven' is en dus niet aan de camping. Gebleken is dat er inderdaad maatregelen op de camping doelen hoeft te voldoen. Onbegrijpelijk, omdat genomen moeten worden om het hele systeem van vennen goed te door eerdere zogenaamde herstelmaatregelen laten functioneren. Deze maatregelen worden nu in het inrichtingsplan er een aantal andere vennen in het gebied en het ontwerp-PIP opgenomen. ook beschadigd zijn waardoor deze bij het minste of geringste weer droog staan. Echter moeten daar de doelen WEL gehaald worden en de gronden rondom voor vematting gebruikt worden. Meten met twee maten! Bovendien heeft de provincie tot twee keer toe de kans gehad om deze camping op te kopen, maar is dit nagelaten. Begrijpelijkerwijs bekruipt agrariërs in het omringende gebied het gevoel dat hier andere, wellicht overwegend financiële en toeristische/recreatieve belangen aan de orde zijn, en dus groter worden geacht dan de belangen van de landbouw. 5.6
Op de grens van de landbouwenclave en het Brecklenkampse Veld loopt een deels verharde weg die uitkomt op de Poolweg in Duitsland. Het laatste gedeelte voor de grens is nog onverhard. In het inrichtingsplan zijn geen mitigerende maatregelen opgenomen voor dit stuk weg waardoor deze straks na vernatting zeer slecht begaanbaar zal zijn. Landschap Overijssel wilde hier niet aan meewerken. Het mag duidelijk zijn dat ook hier grote bezwaren tegen bestaan.
Terecht wordt opgemerkt dat er voor de zandweg geen mitigerende maatregelen zijn opgenomen in het Inrichtingsplan. Deze zullen wij alsnog opnemen. Zie ook Ambtshalve wijzigingen Verbeelding V3.
Ja, er worden mitigerende maatregelen opgenomen voor de zandweg
5.7
Een heel belangrijk punt van zorg is: door het "in de hoek drukken" van de bedrijven hier, waarmee de levensvatbaarheid op de tocht komt te staan, komt de leefbaarheid van de kleine kern Lattrop-Breklenkamp ook steeds meer onder druk te staan. Een leefbare kern heeft het gehele buitengebied hard nodig om
We delen deze zorgen. De provincie Overijssel start mede hierom samen met verschillende partijen (waaronder de gemeente Dinkelland en het waterschap Vechtstromen) de Gebiedsgerichte aanpak (GGA) in Noordoost Twente en de rest van Overijssel.
Nee, maar in een separaat proces wordt hier aandacht aan besteed.
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
16
Nr.
5.8
Inspraakreactie 5
Reactie
die reuring in een dorp te houden. Door alle bovenstaande bedreigingen en onzekerheden zullen steeds vaker jonge boeren een andere keuze gaan maken, een beweging die al is ingezet en waar mogelijk gestopt moet worden, want een bijkomend risico is het uithollen van het buitengebied.
Het N2000-project houdt zoveel als mogelijk rekening met de belangen van de agarische bedrijven. Bovendien worden maatregelen getroffen om het gebied beter te ontsluiten ten behoeve van recreatie.
Op grond van bovenstaande argumenten verzoekt u ons bij de definitieve besluitvorming terdege rekening te houden met aangehaalde punten. Met als doel breed gedragen planvorming, waarbij een zorgvuldige afweging van belangen heeft plaatsgevonden en deze belangen herleidbaar zijn. En dus zeker ook de belangen van betrokken agrariërs in het gebied.
Aan dit PIP is een uitgebreid gebiedsproces gekoppeld, waarbij alle partijen direct of indirect (via belangenorganisaties) betrokken zijn. Wij hebben daarmee invulling gegeven aan uw verzoek.
Conclusie
De inspraakreactie leidt tot aanpassing van het Beheerplan en het PIP.
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Nee
17
Nr.
Inspraakreactie 6
Reactie
6.0
U heeft de volgende mondeling inspraakreactie op het PIP Bergvennen & Breckelenkampse Veld ingediend:
Deze inleiding wordt voor kennisgeving aangenomen.
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
U bent eigenaar van 13 hectare in de landbouwenclave en was vroeger eigenaar van een groot gebied in de Bergvennen en dat hebt u geruild met Staatsbosbeheer / Landschap Overijssel. U bent voor mooie natuur, maar het moet wel goed gebeuren. U bent 74 jaar en weet nog precies hoe het was en daar wordt nu geen rekening mee gehouden. U hebt de volgende punten ingebracht. 6.1
Landbouwenclave Zolang boeren niet klaar zijn met ruiling of verkoop met de provincie mag er niets gebeuren, ook geen beperkingen. Eerst moet alles goed afgehandeld worden, ook als het onteigend moet worden. Als alles netjes is afgehandeld en kan worden heringericht moet er een groot gedeelte gehandhaafd worden als weidevogelgebied, want weidevogels zitten er nu ook en zijn beschermd.
De te treffen maatregelen in en rond het Natura 2000 gebied kunnen nadelige effecten voor uw eigendommen met zich meebrengen. De schade die hierdoor ontstaat komt voor vergoeding in aanmerking conform de daarvoor geldende wet- en regelgeving.
Nee
De provincie is momenteel met alle partijen die eigendom hebben binnen de genoemde landbouwenclave, waaronder met u, in gesprek over een ruiling met gronden die buiten de enclave gelegen zijn. Uitgangspunt bij deze onderhandeling is dat u wordt gecompenseerd voor de impact van de maatregelen op uw eigendom in de landbouwenclave. Wij streven er naar om in goed overleg met u tot overeenstemming te komen over de hoogte van de schadevergoeding dan wel een compensatie middels ruiling van gronden. Uitvoering van de werkzaamheden vindt plaats na vaststelling van het PIP en als de gronden dan beschikbaar zijn. Als de landbouwenclave is heringericht als Heischraal grasland en/of Blauwgrasland is hier beperkt ruimte voor weidevogels. In het beheer wordt hier rekening mee gehouden.
6.2
Bergvennen U bent het niet eens met de voorgestelde inrichting. U bent tegen bos kappen wat altijd bos is geweest. Alleen daar waar vroeger
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
Het inrichtingsplan geeft aan dat we heidegebied herstellen door het dunnen van de Grove den-opstand. Om de beschikbaarheid van grondwater voor de vennen in de Bergvennen te verhogen wordt in het zuidoosten van het terrein een areaal aan opslag van Berk en Grove den gedund en omgevormd naar de habitattypen Droge Heide
Nee
18
Nr.
Inspraakreactie 6
Reactie
heide was moet je bos kappen, want heide moet weer terugkomen.
(H4030) en Vochtige Heide (H4010a) met verspreide solitaire Grove dennen en loofbomen. Deze habitattypen hebben beiden een significant lager verdampingsniveau dan het bestaande bos (met te veel naaldhout).
Verder moet er geen loofhout geplant worden op plaatsen waar van oorsprong naaldhout groeit (Grove Den).
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
De houtwallen in het gebied zijn steeds breder De aanwezige houtwallen zullen als houtwallen beheerd worden en op geworden. Deze moeten versmald worden een natuurlijke wijze opgaan in het natuurgebied en waar nodig zal voor meer heide. het habitattype natte en droge heide de voorrang krijgen. 6.3
U wilt graag weten welke maatregelen er op de camping Bergvennen genomen gaan worden. Dit is aangegeven met de maatregel M3c “type maatregel onbekend (onderzoek)”.
We hebben, naar aanleiding van uw inspraakreactie, onderzoek gedaan naar de effecten van de werkzaamheden aan het ven op de camping. Gebleken is dat er inderdaad maatregelen op de camping genomen moeten worden om het hele systeem van vennen goed te laten functioneren. Deze maatregelen worden nu in het inrichtingsplan en het ontwerp-PIP opgenomen.
Ja, uw reactie tot aanpassing van het Beheerplan en het PIP
6.4
Informatie
Wij stellen het zeer op prijs dat u uw kennis van het gebied met ons wilt delen. Wij zullen met de beheerder van het gebied in de komende tijd diverse rondleidingen gaan organiseren in het gebied. Voor deze rondleidingen zult u te zijner tijd een uitnodiging ontvangen.
Nee, maar we maken graag gebruik van uw aanbod.
U wilt graag met de deskundigen rondlopen om aan te wijzen en te vertellen hoe het gebied er 60 jaar geleden uitzag en waar ze wat moeten doen. Conclusie
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
De inspraakreactie leidt tot aanpassing van het Beheerplan en het PIP
19
Nr.
Inspraakreactie 7
7.1
U bent eigenaar van een melkveebedrijf in de De te treffen maatregelen in en rond het Natura 2000 gebied kunnen directe nabijheid van onderhavig plangebied. nadelige effecten voor uw eigendommen met zich meebrengen. De Het betreft een uiterst modern melkveebedrijf schade die hierdoor ontstaat komt voor vergoeding in aanmerking met een totale gebruiksoppervlakte van ca. 77 conform de daarvoor geldende wet- en regelgeving. ha. Deze gronden worden gebruikt ten De provincie is momenteel met alle partijen die eigendom hebben behoeve voor de ruwvoedervoorziening (zowel binnen de genoemde landbouwenclave, waaronder met u, in gesprek grasland als maisland) van de melkveestapel. over een ruiling met gronden die buiten de enclave gelegen zijn. De voorgenomen maatregelen zullen verstrekkende gevolgen hebben voor het bedrijf en de bedrijfsvoering.
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Nee
Uitgangspunt bij deze onderhandeling is dat u wordt gecompenseerd voor de impact van de maatregelen op uw eigendom in de landbouwenclave. Wij streven er naar om in goed overleg met u tot overeenstemming te komen over de hoogte van de schadevergoeding dan wel een compensatie middels ruiling van gronden.
7.2
Doelstellingen
In het aanwijzingsbesluit voor het Natura 2000-gebied zijn de
doelstellingen vastgelegd voor de habitattypen en soorten die in het Uit de tabel op pagina 19 onder 3.1. is op te gebied voorkomen. Voor die doelstellingen kennen we in de Wet maken dat naast de doelstelling tot natuurbescherming de overkoepelende term instandhouding van de kwaliteit van de “instandhoudingsdoelstellingen”. Deze zijn uitgesplitst in opgaven voor soorten, voor tal van soorten wordt voorzien behoud of uitbreiding/verbetering. Een instandhoudingsdoel kan dus in een toename van de oppervlakte. Hieruit ook gaan over uitbreiding van oppervlakte binnen het N2000 gebied. kunt u dus afleiden dat sprake is van een uitbreiding van soorten. Het onderhavige plan Om een habitattype instand te kunnen houden kan uitbreiding van dit gaat dus verder dan de habitattype noodzakelijk zijn. Deze uitbreidingsdoelstellingen zijn in instandhoudingsdoelstellingen. Vraag is nu het beheerplan vastgelegd en worden in het Inrichtingsplan in de welke motivatie ten grondslag ligt om voor tal landbouwenclave verwezenlijkt. De belangenafweging heeft wel van soorten te kiezen voor een uitbreiding van plaatsgevonden. In tabel 4.1 is dit kort samengevat: de oppervlakte. Immers dit zal ten koste gaan Natuurontwikkeling in de landbouwenclave is niet noodzakelijk voor van andere functies (landbouw, recreatie etc.) hydrologisch herstel.
Delen van de enclave worden echter te nat voor en hiervoor ontbreekt een belangenafweging. de landbouw. Dit, in combinatie met bemestingsbeperkende maatregelen, maakt dat voor de landbouwenclave natuurontwikkeling wordt ingezet om een goede uitgangsituatie te creëren voor uitbreiding van habitattypen.
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
20
Nr.
Inspraakreactie 7
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Tevens wordt in de bovengenoemde tabel een kwalificatie van de kwaliteit en de trend aangegeven. Opvallend is dat bij tal van soorten de kwaliteit als “goed” wordt beoordeeld, maar de “trend” met een minus teken wordt weergegeven. Vraag is nu hoe de beoordeling van kwaliteit tot stand is gekomen en op basis van welke parameters de trend is gebaseerd?
Per habitattype is de toestand met betrekking tot de kwaliteit en de Nee trend van de vegetatie binnen die habitattypen vastgesteld. Dit volgt uit een onderzoek naar de status van de habitattypen (Unie van Bosgroepen, 2016). Uit het onderzoek blijkt voor diverse habitattypen een overwegend dalende trend van de kwaliteit. Met de trend wordt de ontwikkeling van het habitattype bedoeld. Hierbij is gekeken naar opgetekende inventarisaties uit het verleden, het heden en de toekomstige verwachting wanneer er geen natuurherstelmaatregelen worden uitgevoerd. In paragraaf 2.3.1. is beschreven wat de ecologische vereisten van de habitattypen zijn. In paragraaf 3.3. en Een duidelijke onderbouwing hiervoor ontbreekt. Voor het vaststellen van te nemen 3.4 is beschreven wat de knelpunten zijn (de oorzaken die aan de maatregelen is dat juist van essentieel belang. negatieve trend ten grondslag liggen). De maatregelen zijn op de betreffende knelpunten gebaseerd. Voor het nemen van dergelijke ingrijpende maatregelen is het is met name van belang om duidelijk in beeld te hebben welke oorzaken hieraan ten grondslag liggen. Anders is het als; “schieten met een schot hagel, we doen wat en zien wel of het raak is”.
7.2
Met name daar waar het gaat om de soorten die zeer gevoelig zijn voor kleine hoeveelheden van stikstofdepositie is dit van belang voor het al dan niet treffen van maatregelen. Voor het gebied Bergvennen is het namelijk zo dat zelfs als alle functies die stikstof uitstoten zouden worden geëlimineerd, de achtergronddepositie nog zo hoog is dat deze de normen overschrijdt. Je kunt je dan afvragen of op lange termijn kan worden voldaan aan de instandhoudingsverplichting.
De achtergronddepositie in het Natura 2000-gebied is inderdaad hoger Nee dan de Kritische depositiewaarden van de habitattypen. Dat betekent echter niet dat bij een depositie boven de Kritische depositiewaarde de habitattypen niet kunnen voortbestaan. Door het nemen van de juiste maatregelen kan de kwaliteit van deze habytattypen/natuurwaarden verbeteren, ook als de Kritische depositiewaarde (nog) niet is bereikt.
Maatregelen
In de hydrologische modellen zijn de drie zeer droge jaren niet Ja, de tekst van het meegenomen. De effecten van het veranderend klimaat zijn inderdaad MER wordt aangepast. een onzekerheid. Echter de herstelmaatregelen die we uitvoeren zorgen voor een robuuster systeem dat water langer vasthoudt bij
De voorgestelde maatregelen zijn vooral gericht op de hydrologie in en rond het gebied. De vraag is nu of deze maatregelen voldoende effect gaan sorteren. De Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
Daarnaast verplicht de wetgeving ons maatregelen te treffen om de kwaliteit en oppervlakte van de habitattypen niet verder te laten verslechteren. Dit doen wij door uitvoering te geven aan de beheerplanmaatregelen. Door met name de Rijksoverheid worden (bron)maatregelen getroffen om de emissie van stikstof te verminderen. Ook voor de deposities vanuit het buitenland op de Nederlandse Natura 2000-gebieden verwachten wij een afname.
21
Nr.
Inspraakreactie 7
Reactie
onderbouwing hiervan is gebaseerd op bestaande (gedateerde) hydrologische modellen. U ziet met name de laatste jaren dat de neerslaghoeveelheden en momenten van neerslag sterk afwijken van langjarige gemiddelden. Hier is duidelijk sprake van een trendbreuk. De afgelopen drie jaren waren voor het vroege voorjaar natter dan normaal en met name de zomers veel droger dan normaal. Vraag is of het hanteren van modellen die niet meer aansluiten met de feitelijke situatie voldoende zekerheid beiden voor te nemen maatregelen.
droogte. Bij hoge afvoerpieken kunnen de vennen het teveel aan water beter kwijt.
Daarnaast bestaat er geen enkele zekerheid dat er in Duitsland maatregelen worden getroffen die benodigd zijn voor de instandhouding. Gevolgen voor de lange termijn kunnen zijn dat er dan aanvullende maatregelen getroffen moeten worden in Nederland. Hierdoor ontstaat voor u een (wederom) lange periode van onzekerheid. Immers u grenst met uw gronden aan het plangebied.
Vanuit het project zijn we in gesprek met Duitse grondeigenaren over Nee de te treffen maatregelen in Duitsland. We proberen minnelijke overeenstemming te bereiken. Beoordeeld is, is dat de in Nederland te nemen maatregelen wel tot verbetering van de waterhuishouding leiden. Dat het water er “aan de Duitse zijde zo weer uitloopt” is slechts ten dele waar. Wij zetten ook vol in op het bereiken van het verondiepen van sloten in Duitsland. Daarom hebben wij op het concept van de nieuwe omgevingsvisie van NiederSachsen op dit punt een zienswijze ingediend.
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Verder geldt uit een recente uitspraak van de Raad van State dat het niet noodzakelijk is om eerst de maatregelen in Duitsland uit te voeren. Alle maatregelen zijn nodig om de natuurdoelen te halen.
Voor de landbouwenclave is voorzien in een U verwijst naar paragraaf 2.6 van het Inrichtingsplan en u geeft aan wijziging van de bestemming van agrarisch dat de onderbouwing van de natuurpotenties ontbreekt. In paragraaf naar natuur. Op pagina 15 in paragraaf 2.6 3.3 Onderzoek bodem- en grondwaterkwaliteit van datzelfde van het inrichtingsplan wordt aangevoerd dat Inrichtingsplan gaan we echter verder in op de onderbouwing. De er potentie is voor uitbreiding van natuur. onderbouwing is na te lezen in de rapportages van de Unie van Allereerst is er in de basis overal een bepaalde Bosgroepen (Systeemanalyse en Maatregelenpakket, als bijlage potentie voor natuur. Er wordt gesteld dat de toegevoegd bij het Inrichtingsplan). hydrologische maatregelen hierop een positief effect hebben.
Nee
Dit is niet nader onderbouwd. Voor een dergelijke ingrijpende (en niet omkeerbare) bestemmingswijziging zou je dat juist wel Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
22
Nr.
Inspraakreactie 7
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
verwachten. Door de wijziging van de bestemming ondergaat de grond een waardedaling, de financiële en maatschappelijke risico’s zijn daarmee zeer groot.
7.3
In het plan wordt melding gemaakt van het kappen van een bosperceel. Uit het plan is echter niet op te maken waar compensatie gepland staat. De beschikbaarheid van gronden is thans al beperkt en het is nu al de vraag of er voldoende compensatie beschikbaar is voor direct getroffenen. Deze zorg alleen maar groter indien hier geen reservering voor is getroffen.
De bomenkap in Natura 2000 gebieden wordt gecompenseerd. Dit is Nee door het Rijk en de 12 provincies vastgelegd in de landelijke Bossenstrategie. Daarnaast is in de Bossenstrategie vastgelegd dat er in heel Nederland nog eens 37.000 ha extra bos bij komt. Elke provincie werkt deze Bossenstrategie uit in een eigen plan waarin staat hoe bomenkap in de Natura 2000 gebieden wordt gecompenseerd en waar extra bos in de provincie komt. De Bossenstrategie van de provincie Overijssel is in 2022 gereed.
Gevolgen bedrijfsvoering
De te treffen maatregelen in en rond het Natura 2000-gebied kunnen
Nee
nadelige effecten voor uw eigendommen met zich meebrengen. De De gevolgen van het plan hebben grote impact op uw bedrijf en op uw bedrijfsvoering. schade die hierdoor ontstaat komt voor vergoeding in aanmerking conform de daarvoor geldende wet- en regelgeving. De provincie is Daartegen heeft u grote bezwaren. momenteel met alle partijen die eigendom hebben binnen de Ten eerste daar waar het gaat om het verlies genoemde landbouwenclave, waaronder met u, in gesprek over een van ca. 5.50 ha goede landbouwgrond. Deze ruiling met gronden die buiten de enclave gelegen zijn. Uitgangspunt gronden liggen op korte afstand van de bij deze onderhandeling is dat u wordt gecompenseerd voor de impact bedrijfslocatie en zijn onmisbaar voor de van de maatregelen op uw eigendom in de landbouwenclave. bedrijfsvoering. Als veehouder hebt u van Wij streven er naar om in goed overleg met u tot overeenstemming te overheidswege te maken met de Amvb komen over de hoogte van de schadevergoeding dan wel een grondgebondenheid. Deze regeling verplicht compensatie middels ruiling van gronden. een veehouder een bepaalde hoeveelheid grond te hebben ten opzichte van het aantal te houden dieren. Op het moment dat u gronden verliest, is een rechtstreeks gevolg dat u minder koeien mag houden hetgeen resulteert in een lager inkomen.
Daarnaast voorziet u op met merendeel van uw gronden gevolgen van de te nemen maatregelen. Met name waar het gaat om het verontdiepen van watergangen zal op een aantal percelen leiden tot vernatting. Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
23
Nr.
Inspraakreactie 7
Reactie
De aanleg van een nieuwe (zeer diepe) De bestaande watergang langs de Kommiezendijk wordt waar nodig watergang langs de Kommiezenweg zal leiden aangepast aan een diepte van 80 cm. De veiligheidssituatie verandert tot een gevaarlijke en onveilige situatie. U hierdoor niet. pleit dan ook voor andere alternatieven. Ten tweede blijkt uit het plan niet dat de voorgestelde maatregelen voldoende zijn om de instandhoudingsdoelstellingen te behalen. Dit zou kunnen betekenen dat op lange termijn aanvullende maatregelen volgen. Doordat uw bedrijf grenst aan het gebied, zijn nadelige effecten niet uit te sluiten.
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Nee
De te treffen maatregelen zijn bedoeld om de instandhoudingsdoelen Nee te halen. Of de maatregelen na uitvoering effect hebben zal moeten blijken uit monitoring. Als aan het eind van de beheerplanperiode blijkt dat de effecten onvoldoende zullen zijn dan kunnen in het nieuwe beheerplan extra maatregelen worden opgenomen. Voor de uitvoering van die maatregelen worden dan nieuwe procedures (vergunningen en/of ruimtelijk plan) doorlopen.
U bent tevens van mening dat de met voorgestelde maatregelen niet kan worden voldaan aan de instandhoudingsverplichting. Daarnaast maakt u bezwaar tegen de bestemmingswijziging van de gronden in de landbouwenclave die een natuurbestemming krijgen. De uitbreiding is niet nader onderbouwd en slechts gebaseerd op een mogelijke potentie. Dit is uiterst suggestief en staat niet in verhouding met de financiële en maatschappelijke consequenties. 7.4
Het plan zal voor uw bedrijf vergaande Zie onze reactie bij 7.1 financiële gevolgen hebben. Tot op heden heeft u geen enkel zicht op hoe een en ander gecompenseerd gaat worden en verkeert u tot die tijd in een uiterst onzekere situatie. Conclusie
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
De inspraakreactie leidt tot aanpassing van het PIP.
24
Nr.
Inspraakreactie 8
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
Deze inspraakreactie is vertaald vanuit het Duits. De woorden “haben wir Bedenken” of woorden van gelijke strekking zijn vertaald met “maken we bezwaar”. Een lettelijke vertaling zou ook “maken we ons zorgen” kunnen zijn. De inspraakreactie moet dan ook in die context worden gelezen.
8.1
Aangezien de afwatering van uw percelen alleen via een sloot naar Nederland plaatsvindt maakt u bezwaar, omdat er dan geen ontwatering van uw percelen kan plaatsvinden.
In het inrichtingsplan is rekening gehouden met de afwatering van uw Nee perceel. Er wordt indien noodzakelijk een nieuwe watergang aangelegd om het water komende vanaf Duitse percelen af te voeren.
8.2
Omdat uw percelen direct aangrenzen maakt u bezwaar omdat bemesting die tot nu toe is toegestaan wordt beperkt nadat het natuurgebied is ingericht.
De bemestingsmaatregelen opgenomen in het inrichtingsplan betreffen Nee alleen percelen gelegen in Nederland.
8.3
U heeft bezwaren omdat door een aangrenzend natuurgebied uw percelen beduidend minder waard worden.
Over de toekomstige waarde van uw perceel als gevolg van de maatregelen aan Nederlandse zijde doen wij geen uitspraak. De maatregelen in Nederland hebben geen gevolgen voor de gebruiksmogelijkheden van uw perceel.
Nee
8.4
De aanleg van een eventueel geplande beregeningsinstallatie/-bron wordt door het natuurgebied vergunningstechnisch aanmerkelijk bemoeilijkt.
De Nederlandse overheid kan u geen beperkingen opleggen.
Nee
Conclusie
De inspraakreactie leidt niet tot aanpassing van het Beheerplan en het PIP.
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
25
Nr.
Inspraakreactie 9
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
9.1
Op ruimtelijkeplannen.nl staat weergegeven dat de gronden van uw cliënt in het provinciaal inpassingsplan worden aangewezen als Agrarisch 3.
Op vrijdag 27 november 2020 heeft er in overleg met uw cliënt een nader onderzoek plaats gevonden naar de invloed van zijn perceel op de te realiseren slenk. Uit dit onderzoek is gebleken dat het perceel geen invloed heeft op de te realiseren slenk en bemestingsmaatregelen niet nodig zijn. Hierdoor is de wijziging van de bestemming van het perceel van uw cliënt niet nodig.
Ja, het Beheerplan, het Inrichtingsplan en de verbeelding van het PIP en zijn aangepast.
Het perceel van uw cliënt wordt aan de voorzijde voorzien van een nieuwe watergang/greppel met stroomrichting van 80 diepte in cm mv. Deze watergang lijkt noodzakelijk te zijn omdat vanaf de kaart gezien aan de bovenzijde van het perceel van uw cliënt drainage wordt verwijderd, duikers worden verwijderd en de angst bestaat dat de ondergelegen percelen wateroverlast zullen krijgen.
Op noordelijk gelegen percelen worden greppels gedempt en drainage verwijderd. Dit heeft geen negatieve gevolgen voor het perceel van uw cliënt. De watergang is nodig om water van de Duitse percelen af te voeren. Uit het onderzoek van 27 nov 2020 is gebleken dat de aanleg van de sloot in het verlengde van het perceel van uw cliënt en langs de Dennenweg niet noodzakelijk is. Er zal een natuurlijke laagte aangelegd worden waarin het water komende van uit Duitsland kan infiltreren. Door het dempen van de sloten en het aanleggen van de slenk zal er op het perceel van uw cliënt geen vernatting plaats vinden. Zie GHG pagina 62 inrichtingsplan. Hier wordt zelfs een lichte daling van 2 à 5 cm aangegeven.
Ja, de aanleg van de watergang langs het perceel wordt verwijderd in het beheerplan en het Inpassingsplan.
Uit het Inrichtingsplan N2000 Bergvennen, bijlage 2 bij de planregels voor het inpassingsplan, blijkt ook dat bevoegd gezag met adviseurs niet weten wat het water gaat
Naar aanleiding van uw reactie op het voorontwerp Inpassingsplan zijn Nee eind november 2020 boringen verricht. Er worden geen negatieve gevolgen verwacht. De uitkomsten zijn met u gedeeld.
(citaat regels weggelaten; red.) Dit betekent voor uw cliënt dat op grond van artikel 3.1. onder e op zijn gronden maatregelen ten behoeve van de uitvoering van het inrichtingsplan van dit natuurgebied kunnen worden uitgevoerd overeenkomstig bijlage 1 en 2. Hierdoor wordt hij in zijn normaal agrarisch gebruik beperkt. Tegen het moeten toestaan van maatregelen wordt een reactie ingebracht. Bijlage 1 van de planregels bij de provinciaal inpassingsplan is de maatregelenkaart van het nabije onderhavige natura 2000 gebied. De passage die betrekking heeft op de gronden van uw cliënt is hieronder weergegeven: (uitsnede maatregelenkaart weggelaten; red.)
9.2
Reactienota NL.IMRO.9923.ipBergvennenBV-on01
26
Nr.
Inspraakreactie 9
Reactie
Aanpassing Beheerplan en/of PIP nodig
doen. Dit blijkt uit onderstaande passage uit dit Inrichtingsplan: Afwatering (Citaat weggetalen: red)
Een passage uit het inrichtingsplan is hieronder weergegeven. Wanneer erven wateroverlast krijgen, geldt dit naar de mening van uw cliënt ook voor gronden. Erven (Citaat weggelaten: red.)
Uw cliënt wil uitvoerig onderzocht hebben dat zijn gronden geen wateroverlast krijgen door dit inrichtingsplan, bijlage 2 behorend bij dit provinciaal inpassingsplan. Doordat dit, geen schade of beperkingen, niet uit het Inrichtingsplan blijkt is hier sprake van een rechtsonzekerheid. Rechtsonzekerheid is in strijd met de Algemene wet bestuursrecht. Dat zijn gronden beperkt worden blijkt ook uit de volgende passage uit het Inrichtingsplan: (zie maatregel M3a: red.) 9.3
De Wet natuurbescherming (Wnb) stelt dat het verboden is om zonder Nee Uw cliënt ziet de waarde van zijn gronden dalen door het genoemde beperkte gebruik en vergunning projecten of andere handelingen te verrichten die een negatief effect kunnen hebben op de instandhoudingsdoelstellingen. In de wateroverlast. het voorliggende beheerplan is een invloedafstand van 300 meter Het voorontwerp Natura 2000 beheerplan vanaf de grens van het Natura 2000-gebied opgenomen, waarbuiten voor dit Natura 2000 gebied geeft ook aan dat (beregenings-)grondwateronttrekkingen geen effect hebben op de beperkingen gaan gelden voor agrarische instandhoudingsdoelstellingen. Buiten die invloedafstand van 300 activiteiten zoals wateronttrekkingen. meter geldt de vergunningplicht op basis van de Wet Hieronder is aangegeven dat natuurbescherming niet meer. Binnen de invloedafstand van 300 grondwateronttrekkingen binnen een straal meter zijn effecten niet op voorhand uit te sluiten. Daarom blijft van 300 meter onder voorwaarde van binnen de invloedafstand van 300 meter het normale wettelijke kader hydrologische herstelmaatregelen kunnen van toepassing. Bestaande legale agrarische grondwateronttrekkingen worden uitgevoerd. binnen de invloedafstand van 300 meter kunnen worden gecontinueerd als de hydrologische herstelmaatregelen uit het inrichtingsplan worden uitgevoerd. Nieuwe grondwateronttrekkingen