CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Technische vragen PVDA GL Bijlage 1 Concessieverlening NoordWest Noord-Holland (NWNH)

Gemeenteraad 24 september 2024, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Gebiedsvisie Langedijk West10.435 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Concept Nota van Uitgangspunten Concessieverlening NoordWest Noord-Holland (NWNH)

CONCEPT

Concept Nota van Uitgangspunten

2

Provincie Noord-Holland

VOORWOORD Deze concept Nota van Uitgangspunten is de eerste stap in een voor de provincie belangrijk traject, het verlenen van een nieuwe concessie die in 2028 in zal gaan. De ‘Visie Publieke Mobiliteit’ biedt de lezer een duidelijk beeld van de ambitie van de provincie op het gebied van openbaar vervoer in verschillende verschijningsvormen: de ketenreis van deur tot deur en deelmobiliteit als samen­hangende onderdelen van publieke mobiliteit. Een middel om delen van de ambitie te realiseren is het verlenen van een nieuwe concessie voor het openbaar vervoer. Deze Nota van Uitgangspunten biedt de lezer een beeld van de uitgangpunten die we bij de concessieverle­ning voor het openbaar busvervoer hanteren. Meer dan ooit moeten we in kunnen spelen op veranderingen. De contracten moeten zodanig flexibel zijn dat mee veranderen mogelijk is. Niet alleen bij de concessieverlening maar ook gedurende de concessieperiode. Goed openbaar vervoer voor onze reizigers, een dragend en robuust busnetwerk, is een grote opgave waar de provincie graag aan werkt. Gelukkig kunnen we hierin samen­werken met de wegbeheerders, andere overheden en in de nabije toekomst de nieuwe concessiehouder!

Jeroen Olthof

Gedeputeerde Mobiliteit

3

Concept Nota van Uitgangspunten

1

Provincie Noord-Holland

Inleiding

4

1.1 Rol en positie Nota van Uitgangspunten 4 1.2 Concessieverlening via een openbare aanbesteding4 1.3 Juridische grondslag voor de concessie 5

2 Trends en ontwikkelingen

7

2.1 Koppeling met Perspectief Mobiliteit 7 2.2 Koppeling met de visie Publieke Mobiliteit 7 2.3 Financiële ontwikkelingen 8 2.4 Infrastructurele ontwikkelingen en ambities uit het Regionaal TBOV 2040 Noord-Holland/ Flevoland9 2.5 Hoofdthema’s en uitdagingen voor het ov in Noord-Holland10

3 Wat willen we bereiken met deze aanbesteding

11

3.1 Doelen van openbaar vervoer en middelen om dat te bereiken 3.2 Doelen voor de aanbesteding 3.3 Marktspanning

11 12 12

4 Uitgangspunten

13

4.1 Beste kwaliteit voor reiziger binnen financiële kaders13 4.2 Beheersbare concessie voor beide partijen 16 4.3 Invulling geven aan – en meebewegen met – maatschappelijke ontwikkelingen 18

4

Concept Nota van Uitgangspunten

Provincie Noord-Holland

1 INLEIDING 1.1 Rol en positie Nota van Uitgangspunten

provincie maakt in het kader van de aanbesteding.

De concept Nota van Uitgangspunten (hierna

van de aanbesteding, hoe te komen tot een optimale

NvU) is gebaseerd op de – nog vast te stellen – Visie

inrichting van de concessie (concessieduur,

Publieke Mobiliteit. In die visie staat hoe het

rolverdeling concessieverlener-concessiehouder,

openbaar vervoer er in de toekomst uit moet zien.

etc.), de te volgen aanbestedingsprocedure, en de

Het gaat bij publieke mobiliteit niet om meer,

hoogte en wijze van subsidiering. Dit alles met als

maar vooral om beter en ander (openbaar) vervoer.

doel een aantrekkelijk openbaar vervoer product te

Denk aan treinen, bussen, maar ook deelfietsen

realiseren voor de reizigers. De NvU wordt vast­

en deelauto’s. Passend bij de wensen van de

gesteld door Provinciale Staten (PS).

Hierin komen zaken aan bod zoals de doelstelling

reiziger. In de NvU zijn de hoofdlijnen voor de nieuwe concessie voor het regionaal busvervoer

Op basis van de NvU wordt vervolgens het

vastgelegd. Voor de andere vervoersvormen moet

Programma van Eisen (PvE) uitgewerkt,

nog uitgewerkt worden hoe de Provincie Noord-

dat de basis vormt voor het bestek, de

Holland daar invulling aan gaat geven.

daadwerkelijke uitvraag aan marktpartijen. Het PvE beschrijft de minimumeisen die aan de

Op 15 juli 2028 eindigen de concessies Haarlem-

nieuwe vervoerder worden gesteld. Dit zijn eisen

IJmond en Noord-Holland Noord. Op grond van de

op het gebied van uitvoering, materieel en

Wet personenvervoer 2000 (Wp2000) is het College

duurzaamheid, marketing, tarieven, omgaan met

van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland (GS)

de reizigers, veiligheid, monitoring etc. Dit proces

concessieverlener voor het vervoer in beide gebieden/

start met het opstellen van een ontwerp PvE. Dit

concessies. Door middel van een aanbesteding

ontwerp wordt ter advies aan PS en de stakeholders

gunnen GS de concessie aan een nieuwe vervoerder.

(zoals ROCOV, gemeenten en omliggende vervoers­ autoriteiten) voorgelegd. Na verwerking van de

Een concessieverlening is een moment om het ov-

reacties wordt het definitieve PvE door GS vast­

aanbod onder de loep te nemen -en waar nodig te

gesteld, waarna het onderdeel wordt van het bestek.

herzien- om aan te sluiten bij de vraag van de

Dit PvE heeft zowel een functie bij de inschrijving

reiziger, bij het beleid van de provincie en bij nieuwe

als tijdens de concessieperiode. Voor het PvE zal

ruimtelijke, vervoerkundige en technologische

een participatietraject worden opgesteld.

ontwikkelingen. Daarbij spelen ook externe ontwikkelingen als het herstel na corona, hoge

Vervolgens wordt de aanbesteding de

inflatie en chauffeurstekorten een belangrijke rol.

markt op gezet middels een bestek. Het bestek is met al haar bijlagen een

In deze concept Nota van Uitgangspunten

technische en juridische uitwerking van het PvE.

(hierna NvU) zijn de hoofdlijnen voor de nieuwe

In het bestek wordt ook ingegaan op welke wijze

concessie vastgelegd. De huidige concessiegebieden

de inschrijvingen van deelnemende vervoerders

worden samengevoegd tot één concessiegebied:

worden beoordeeld, en worden de afspraken en

“NoordWest Noord-Holland (NWNH)”. Dit betekent

subsidies voor de concessieperiode vastgelegd. Via

dat er één vervoerder komt die het openbaar vervoer

een verplichte Europese aanbesteding worden

mag verzorgen dat nu nog gereden wordt in de

vervoerders uitgenodigd om een bod in te dienen

bestaande concessies Haarlem-IJmond en Noord-

op de concessie(s). Uiteindelijk bepalen GS welke

Holland Noord. De argumentatie voor deze keuze

inschrijver de concessie gegund krijgt, op basis

is te vinden in hoofdstuk 4 bij de hoofdkeuzes.

van een van tevoren vastgesteld gunningsmodel.

1.2 Concessieverlening via een openbare aanbesteding

Tot slot volgt de implementatie en ingang van de nieuwe concessie. Tijdens de

Deze NvU is de eerste officiële stap in het

implementatietermijn wordt toegewerkt

aanbestedingsproces. In de NvU worden

naar de start van de concessie. Deze periode duurt

de strategische keuzes beschreven die de

tenminste 18 maanden.

Concept Nota van Uitgangspunten

5

Provincie Noord-Holland

In onderstaande tabel zijn de verschillende stappen uitgezet in de tijd.

Periode van

tot en met

Opstellen Visie Publieke Mobiliteit Opstellen NvU

Oktober 2023 September 2023

Juni 2024 December 2024

Besluit samenvoegen HIJ & NHN

Februari 2024

April 2024

Vrijgave voor advies concept Visie Publieke Mobiliteit door GS

December 2023

Adviesperiode concept Visie Publieke Mobiliteit

December 2023

Vrijgave voor advies concept NvU

1 juni 2024

Adviesperiode concept NvU

1 juni 2024

Fase 1: Beleid

Eind april 2024

19 juli 2024

Definitieve Visie Publieke Mobiliteit, vaststelling PS

Juni 2024

Definitieve NvU, vaststelling PS

December 2024/Q1 2025

Fase 1a: Ontwikkelen strategische assets

n.t.b.

n.t.b.

December 2024

Maart 2025

Fase 2: Voorbereiden aanbesteding Ontwerp Programma van Eisen Ontwerp PvE vaststelling GS

Maart 2025

Ontwerp PvE bespreken met PS

Maart/april 2025

Adviesperiode ontwerp PvE

Maart 2025

Bestek, inclusief definitief PvE vastgesteld door GS

juli 2025 Maart 2026

Fase 3: Aanbesteding en beoordeling Inschrijfperiode

April 2026

Augustus 2026

Beoordeling

Augustus 2026

November 2026

Gunning

December 2026

Bezwaartermijn en afronding

December 2026

Januari 2027

Implementatieperiode

Januari 2027

Juli 2028

Start concessie NWNH

16 juli 2028

Fase 4: Implementatie

1.3 Juridische grondslag voor de concessie

De grondslag voor de concessieverlening is vastgelegd in de

De provincie Noord-Holland is bevoegd om concessies te

Europese Verordening (EG) 1370/2007 (PSO-verordening) 1.

verlenen voor het openbaar vervoer (geen trein) in de

De PSO-verordening vormt het EU-rechtelijke kader voor

gebieden Noord-Holland Noord, Haarlem-IJmond, en

de verlening van openbare dienstcontracten voor

Gooi en Vechtstreek. De Vervoerregio Amsterdam heeft die

openbaar vervoer per spoor en over de weg. In Nederland

bevoegdheid voor het gebied rondom groot Amsterdam

hebben deze openbare dienstcontracten de vorm van

en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voor

concessies in de zin van de Wp2000. De Wp2000 vormt

de treinverbindingen op het Hoofdrailnet (alle personen-

de wettelijke basis voor het verlenen van een concessie

spoorverbindingen binnen de provincie Noord-Holland

voor het openbaar vervoer, en bevat de belangrijkste

vallen onder het Hoofdrailnet).

regels met betrekking tot de verlening en aanbesteding

Wp 2000, het Besluitpersonenvervoer 2000 (Bp 2000) en de

van ov-concessies. Het Bp2000 bevat tot slot nadere regels ter uitwerking van de Wp2000. 1

Ten aanzien van de aanbesteding van concessies maakt de PSO-verordening onderscheid tussen concessies waarbij het exploitatierisico bij de vervoerder ligt (in aanbestedingsrechtelijke zin: dienstenconcessies) en concessies waarbij het exploitatierisico bij de opdrachtgever ligt (in aanbestedingsrechtelijke zin: overheidsopdrachten). Voor de aanbesteding van concessies behorend tot de eerste categorie (dienstenconcessies) gelden enkel de regels die zijn opgenomen in artikel 5 van de PSO-verordening. Concessies die kwalificeren als overheidsopdracht moeten – op grond van artikel 5 lid 1 PSO-verordening – worden aanbesteed conform Richtlijn 2014/24/EU of 2014/25/EU. Aangezien de provincie Noord-Holland in haar hoedanigheid van concessieverlener geen speciale-sectorbedrijf is, is in dat geval de Richtlijn 2014/24/EU van toepassing. Deze richtlijn is in Nederland via de herziene Aanbestedingswet 2012 (juli 2016) geïmplementeerd.

Concept Nota van Uitgangspunten

6

Aan de concessie worden door GS voorschriften verbonden als bedoeld in artikel 32 Wp2000. Daarbij worden eisen gesteld aan de voorwaarden voor de exploitatiesubsidie. De inhoudelijk eisen aan het vervoer worden opgenomen in het PvE. Inschrijvers worden via het gunningsmodel aangemoedigd om het juiste vervoer met de juiste kwaliteit aan te bieden. Wat de winnende vervoerder aanbiedt moet hij ook realiseren, diens offerte maakt onderdeel uit van de concessie. Dit maakt dat de provincie de gegunde vervoerder kan aanspreken op het nakomen van het toegezegde aanbod. Naast inhoudelijke eisen bevat de concessie ook bepalingen met betrekking tot financiën, waaronder de beschikbare exploitatiebijdrage en eventuele subsidies.

Provincie Noord-Holland

Concept Nota van Uitgangspunten

7

Provincie Noord-Holland

2 TRENDS EN ONTWIKKELINGEN 2.1 Koppeling met Perspectief Mobiliteit Provinciale Staten van Noord-Holland hebben in

piekdrukte door meer buiten de spits te reizen (o.a. werkgeversaanpak, mogelijk prijsbeleid);

2. Verander: inzetten op een verschuiving van

2021 het Perspectief Mobiliteit vastgesteld. Dit

gebruik van vervoerwijzen richting duurzame

Perspectief Mobiliteit geeft, als uitwerking van de

en ruimte-efficiënte vervoerwijzen (lopen, fiets,

Omgevingsvisie, inzicht in de trends en verwachte

ov, water, deelmobiliteit, elektrische (deel)auto)

ontwikkelingen op het gebied van verstedelijking

door in deze modaliteiten te investeren en het

en bereikbaarheid, en een uitwerking van de prin­ cipes op deze thema’s.

inzetten op mobiliteitsmanagement;

3. Verbeter: beter benutten van beschikbare infra­structuurnetwerken, verduurzaming van

De belangrijkste inzichten uit het Perspectief

voertuigen (zero emissie) en verbeteren van de

Mobiliteit zijn:

verkeersveiligheid.

• De Provincie Noord-Holland heeft een grote ook grote verschillen in gebied. De grootste groei

2.2 Koppeling met de visie Publieke Mobiliteit

in woningen vindt plaats in de Metropoolregio

Juni 2024 wordt de Visie Publieke Mobiliteit

Amsterdam (MRA), rond Alkmaar en rond Hoorn.

vastgesteld door PS van Noord-Holland. Deze visie

De groei van werkgelegenheid vindt voor het

geeft de uitwerking van het beleid zoals ingezet

grootste deel plaats rondom Amsterdam en

met het perspectief Mobiliteit op het gebied van

Schiphol;

publieke mobiliteit, waaronder openbaar vervoer.

opgave qua ruimtelijke ontwikkelingen, maar

• Het Daily Urban System van Amsterdam dijt steeds verder uit. Een deel van Noord-Holland

Deze visie beschrijft de ambitie voor publieke

Noord (Alkmaar/Heerhugowaard en West-

mobiliteit; dat is alle vervoer waarvoor reizigers

Friesland) komt steeds meer in beeld bij woning­

niet een eigen vervoermiddel, zoals auto of fiets,

zoekenden vanuit de regio MRA. Dat betekent dat

kunnen of willen gebruiken. De ambitie van de

de grootste mobiliteitsgroei met name binnen

provincie is dat publieke mobiliteit overal in de

de MRA, tussen Alkmaar/Hoorn-MRA en tussen

provincie goed georganiseerd is. Daarbij is de

MRA-rest van de Randstad plaatsvindt;

provincie wettelijk verantwoordelijk voor het

• De voorzieningen in kleine kernen staan onder

regionaal openbaar vervoer per bus in een groot

druk. Het wordt belangrijker om vanuit de kleine

deel van de provincie. Voor de bruikbaarheid van

kernen in de grotere steden te komen. Tegelijker­

het openbaar vervoer is het van belang dat de

tijd is het niet meer overal mogelijk om regulier

gehele reis van deur tot deur goed werkt.

openbaar vervoer naar deze kernen aan te bieden, wegens te weinig reizigers en te hoge kosten; • Er ligt een grote klimaat- en leefbaarheids­ opgave. We willen bijdragen aan de reductie van

De provincie kiest voor een samenhangend systeem voor publieke mobiliteit bestaande uit twee lagen: 1. Een ruggengraat van hoogwaardig openbaar

55% van CO2-uitstoot in 2030 (t.o.v. 1990), en in

vervoer: een aantrekkelijk, snel, frequent

2050 willen we dat Noord-Holland volledig

netwerk van hoogwaardige ov-verbindingen

klimaatneutraal is. Dat vraagt om een andere

van, naar en tussen belangrijke bestemmingen

energiebron van de voertuigen, maar ook om

en ov-knooppunten. Dit systeem bestaat uit

ander mobiliteitsgedrag.

(bestaande) spoorverbindingen en

Om in te spelen op deze ontwikkelingen zet de provincie Noord-Holland in haar mobiliteitsbeleid in op de volgende drie pijlers:

1. Verminder: voorkomen van (de groei van) mobiliteit door minder te reizen door slimme ruimtelijke ordeningen en verminderen

hoogwaardige buslijnen, de R-netlijnen en het Plusnet. Als er sprake is van zeer grote

vervoerstromen dan is dit de Bus Rapid Transit (BRT) ofwel de metrobus. Onderdeel van het

Plusnet en R-net zijn hoogwaardige hubs (met voldoende voorzieningen/beleving).

8

Concept Nota van Uitgangspunten

Provincie Noord-Holland

2. Basisnet en Flex is de tweede laag. Waar en wanneer

(bijvoorbeeld bij nachtvervoer). Deze lokale initiatieven

het Plusnet of R-net niet rijdt, is Basisnet of flexvervoer

bieden vervoer in een klein gebied, van en naar een

beschikbaar. Dit kent verschillende vormen, afhanke­

specifieke bestemming en/of een specifieke reisrelatie.

lijk van de vervoersvraag en lokale mogelijkheden om dit in te vullen:

Niet alle onderdelen van de ambitie publieke mobiliteit

Basisnet wordt ingevuld met buslijndiensten en is

kunnen worden gerealiseerd met het verlenen van de

lijngebonden (vaste route met haltes). Het Basisnet is

nieuwe ov-concessie. De concessie concentreert zich rond­

bedoeld voor vervoerstromen die te klein zijn voor de

om het ov: R-netlijnen, Plusnet, Basisnet en flexvervoer.

frequentie verbindingen van het Plus- of R-net, maar waar de inzet van een bus effectiever is dan Flexvervoer.

2.3 Financiële ontwikkelingen

Een alternatief is de inzet van buurtbussen. Deze zijn

Het openbaar vervoer in de provincie Noord-Holland is

een passende invulling van Basisnet als de vervoers­

niet kostendekkend. De inkomsten uit

tromen in de kleinere buurtbussen passen én als er

reizigersopbrengsten zijn lager dan de totale kosten van

vrijwilligers zijn die deze buurtbuslijnen willen rijden.

de vervoerder. Daarom verleent de provincie jaarlijks een

Voor de zeer kleine stromen is flexvervoer voorzien.

subsidie aan de concessiehouder om de concessie uit te

Voorbeelden van flexvervoer zijn de Texelhopper,

kunnen voeren. Voor de vervoerders bestaat de

FlexOveral, HubTaxi en Stop-en-go. Ook de ov-taxi van

businesscase van de concessie uit drie

NS van en naar stations is hier een voorbeeld van. Ook

inkomstenbronnen:

specifieke lokale initiatieven kunnen maatwerkvervoer

1. Directe reizigersopbrengsten (o.a. reizen op saldo en

bieden. In Noord-Holland zijn diverse initiatieven, vaak

abonnementsverkoop);

uitgevoerd door vrijwilligers. Door deze vindbaar te

2. Bijdrage studenten ov-chipkaart (SOV bijdrage);

maken en een betaalsysteem te organiseren, kunnen

3. Exploitatiebijdrage vanuit concessieverlener (Provincie

deze initiatieven ook maatwerkvervoer bieden

Directe reizigersopbrengsten

Noord-Holland in dit geval).

SOV bijdrage

Exploitatie vanuit consessieverlener

De directe opbrengsten van reizigers zijn alle opbrengsten

De exploitatiebijdrage is het bedrag dat de provincie

van vervoerders vanuit kaart- en abonnementsverkoop

jaarlijks bijdraagt vanuit de provinciale begroting. Deze

van reizigers. De bijdrage voor de Studenten OV-kaart

bijdrage is onderdeel van de concessieafspraken.

(SOV-bijdrage) komt voort uit het contract dat alle vervoerders gezamenlijk hebben met het ministerie van

Onderstaande figuur geeft inzicht in de omvang (2023)

Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW). OCW

van de opbrengsten en subsidiebijdragen voor de beide

betaalt een bedrag aan de vervoerders en biedt aan de

concessiegebieden.

studenten een studentenreisproduct, de studentenkaart.

Noord-Holland Noord

5,2

9,9

Haarlem-IJmond

25,8

13,7

0,0 Directe reizigersopbrengsten

5,0

8,3

10,0

15,0 SOV bijdrage

20,2

20,0

25,0

30,0

35,0

40,0

45,0

Exploitatie vanuit consessieverlener

Figuur 1: inkomsten vervoerders concessiegebieden Noord-Holland Noord en Haarlem-IJmond in 2023 [x mln. €, prijspeil 2023].

9

Concept Nota van Uitgangspunten

Provincie Noord-Holland

De kostendekkingsgraad van een concessiegebied is het

Motie Bikker

aandeel van de totale kosten van de concessie dat

Vanuit de Rijksoverheid is structureel extra geld beschik­

opgebracht wordt door de reizigers (incl. SOV-bijdrage).

baar gesteld om de voorziene tariefstijging in 2024 in het

Te zien is dat de kostendekkingsgraad van beide

ov te voorkomen, en om het regionaal ov verder te

concessiegebieden behoorlijk verschilt. In Noord Holland

versterken. Voor de provincie Noord-Holland gaat dit om

Noord is de kostendekkingsgraad 37%. Dus 37% van de

een totaalbedrag van € 7,7 mln. per jaar. Hiervan is € 4,1

kosten van de concessie wordt betaald door de reizigers

mln. bestemd om de derving bij de vervoerder als gevolg

(incl. SOV-bijdrage). In Haarlem IJmond is dit 57% .

van het niet doorvoeren van de tarievenindexatie van

2

2024 te compenseren. Dit is het totaal voor alle concessie­

Verwachte ontwikkelingen

gebieden waarvoor de provincie Noord-Holland concessie­

SOV-bijdrage: periodieke herijking SOV-bijdrage

verlener is (dus Gooi en Vechtstreek, Haarlem-IJmond en

OCW voert regelmatig onderzoek uit en kan op basis

Noord-Holland Noord). De besluitvorming over de

daarvan drie-jaarlijks de omvang van de SOV-bijdrage

allocatie van de resterende € 3,6 mln. per jaar binnen de

aanpassen. Dit onderzoek was voorzien voor 2024 maar is

provincie dient nog plaats te vinden.

uitgesteld tot 2025. Eventuele effecten hiervan voor onze concessies zijn op dit moment onbekend, maar de verwachting is dat de bijdrage aan de provinciale concessies zal afnemen.

2.4 Infrastructurele ontwikkelingen en ambities uit het Regionaal TBOV 2040 Noord-Holland/Flevoland Er zijn ook infrastructurele ontwikkelingen die (mogelijk)

SOV-bijdrage: Nieuwe verdeelsleutel SOV-bijdrage

plaats gaan vinden gedurende de looptijd van de concessie

Haarlem-IJmond

en effect hebben op de invulling daarvan. In Noord-

Naast de bovengenoemde drie-jaarlijkse aanpassing, geldt

Holland Noord is dat mogelijk de implementatie van de

voor de concessie Haarlem-IJmond dat de verdeelsleutel

HUB-strategie. In Haarlem is dat de wijziging van het

met ingang van de nieuwe concessie met ruim 60%

stationsplein in combinatie met realisatie van het nieuwe

afneemt, van 3,181% van de totale SOV-bijdrage naar

knooppunt Haarlem-Zuid.

1,150%. De verdeelsleutel voor concessie Noord-Holland Noord blijft gelijk.

Daarnaast zijn er in het Regionaal OV Toekomst 2040

SOV-bijdrage: Conclusie

Noord-Holland & Flevoland ook ambities opgesteld. Dit

Bij de start van de concessie is er minder geld beschikbaar

regionale Toekomstbeeld is opgesteld door de lokale en

vanuit de landelijke SOV-bijdrage voor met name het

regionale overheden in die provincies en geeft invulling

gebied Haarlem IJmond. De geschatte afname is € 5,3 mln.

aan de door de regio gewenste ontwikkeling van het

prijspeil 2023, als gevolg van de gewijzigde verdeelsleutel.

ov-netwerk. Belangrijke en meest concrete ambitie voor

Om het budget voor de nieuwe concessiehouder ‘gelijk’ te

deze gebieden is de ontwikkeling van een Bus Rapid

laten blijven, is in die Kaderbrief 2025 hiervoor extra

Transit (BRT-)netwerk in de regio Haarlem. Door deze

budget aangevraagd voor de periode 2028-2038.

maatregelen ontstaat een BRT-verbinding tussen

Noord-Holland Noord

5,2

9,9

Haarlem-IJmond

13,7

0,0 Directe reizigersopbrengsten

5,0

25,8

3,0

10,0

SOV bijdrage

15,0

20,2

20,0

25,0

30,0

Exploitatie vanuit consessieverlener

5,3

35,0

40,0

45,0

Vermindering SOV t.o.v. 2023

Figuur 2: geschatte effect vermindering SOV-bijdrage voor concessies Noord-Holland Noord en Haarlem-IJmond (prijspeil 2023). 2 In 2023 is door afschalingen niet het volledige exploitatiebudget gebruikt (exploitatiebijdrage bedroeg €16,9 mln.). De kostendekkingsgraad is daar op berekend.

Concept Nota van Uitgangspunten

10

Provincie Noord-Holland

Haarlem, Schiphol en Amsterdam, waarbij de BRT-bussen

gebruik van ov of andere vormen van publieke

in Haarlem mogelijk verder doorrijden. Concessieverlener

mobiliteit. Tegelijkertijd staat ook de betaalbaarheid

is in gesprek met de Vervoerregio Amsterdam (VRA)

van het openbaar vervoer voor de reiziger onder druk.

(concessieverlener Amstelland-Meerlanden) over de

Daarnaast werken we toe naar een verder toegankelijk

ontwikkeling en afspraken rondom deze verbinding, om

openbaar vervoer, in lijn met het Bestuursakkoord

zo mogelijk de stap naar BRT in de regio te zetten. Hierbij moet gedacht worden aan afspraken over het opdracht­

Toegankelijkheid Openbaar Vervoer. • Er worden in steden steeds meer 30 km/uur zones

gever­schap, de bekostiging, nemen van infrastructurele

ingesteld. Dat betekent dat de gemiddelde snelheid

maatregelen etc.

van het ov lager wordt met als gevolg dat de vervoerder

2.5 Hoofdthema’s en uitdagingen voor het ov in Noord-Holland

meer inzet (materieel en personeel) moet plegen om dezelfde frequenties te handhaven. • De kosten van openbaar vervoer staan onder druk.

De hoofdlijnen voor de concessieverlening zoals opgeno­

Lagere reizigersaantallen zorgen voor minder

men in deze NvU sluiten aan bij het perspectief Mobiliteit

reizigersopbrengsten. Aan de andere kant zorgen hoge

en de Visie Publieke Mobiliteit. Daarbij zijn er een aantal

energieprijzen en inflatie voor grote kostenstijgingen

hoofdthema’s die in samenhang de uitdagingen vormen

bij vervoerders. Dit zorgt ervoor dat het in stand

voor (de positie van) het ov in Noord-Holland:

houden van het huidige voorzieningenniveau onder

• Er is grote druk op de beschikbare ruimte en de woning­ bouwopgave, waarin het ov door zijn ruimte-efficiëntie

druk staat. • We werken aan de doorontwikkeling van het ov-netwerk

een belangrijke rol speelt. Dit speelt met name in de

voor de langere termijn, in lijn met het Regionaal

stedelijke gebieden, waar verdichting plaatsvindt en

Toekomstbeeld OV en de mogelijke ontwikkeling van

een mobiliteitstransitie benodigd is om de gewenste

een BRT-netwerk in de regio en knooppunt Haarlem

ontwikkelingen mogelijk te maken. Ook vanuit de

Nieuw Zuid.

klimaatopgave speelt het ov een belangrijke rol, om

• Het Bestuursakkoord Zero Emissie Regionaal Openbaar

op korte termijn te kunnen voldoen aan de klimaat­

Vervoer Per Bus uit 2016 is een grote opgave voor het

doelstellingen.

regionale ov. In deze concessieperiode zal de transitie

• Tegelijkertijd heeft corona het reisgedrag van reizigers

richting van volledig emissievrij (Zero Emissie, ZE)

blijvend veranderd. De reizigersaantallen zijn momen­

busvervoer plaatsvinden (zero-emissie bussysteem).

teel nog steeds lager dan pre-corona. Ook reispatronen

De transitie wordt gehinderd door de beschikbaarheid

zijn veranderd. Dit vraagt om aanpassingen in

van energie (het energienet zit “vol”) en de beschik­

bedieningsniveau om het aanbod beter aan te sluiten op

baarheid van stallingen en laadpunten.

de vraag. Daarbij dient oog te zijn voor de verschillende

• De wereld van mobiliteit staat niet stil: nieuwe betaal­

rollen die het ov vervult. Voorspellingen over het reis­

vormen zoals de betaalpas, creditkaart, QR-code etc.

gedrag in de toekomst zijn meer onzeker dan eerder.

(OVPay), nieuwe vormen van vervoer (o.a. deelmobili­

Dit vereist flexibiliteit in de concessie.

teit), Mobility As a Service (MaaS), maar ook chauffeurs­

• Het ov heeft een belangrijke functie voor het bieden van

tekorten en congestie van het energienetwerk etc. zijn

bereikbaarheid voor mensen die er van afhankelijk

ontwikkelingen waar we op in moeten en willen

zijn. We zien dat voorzieningen in de kleinere kernen

spelen. Niet alleen bij aanvang van de concessie maar

in de niet-stedelijke gebieden verdwijnen. Bewoners

ook gedurende de concessie. Ook dit vereist flexibiliteit

zullen soms verder moeten reizen naar voorzieningen.

in de concessie.

Een deel doet dat met eigen vervoer, andere maken

Concept Nota van Uitgangspunten

11

Provincie Noord-Holland

3 WAT WILLEN WE BEREIKEN MET DEZE AANBESTEDING 3.1 Doelen van openbaar vervoer en middelen om dat te bereiken

3. Kostenefficiënt systeem: aanbod in balans met vraag en financiële middelen

Openbaar vervoer vervult meerdere doelen, die

Om het ov in de toekomst ook te kunnen borgen

samen te vatten zijn in 4 hoofddoelen. Deze

is het belangrijk dat het vervoersaanbod passend

overlappen grotendeels met de doelen en opgaven

moet zijn met de financiële middelen en de

zoals vastgesteld in het Perspectief Mobiliteit en

reizigersvraag. De financiële middelen staan

nader uitgewerkt in de visie Publieke Mobiliteit:

onder druk (zowel aan bij de provincie – als bij

1. Borgen van bereikbaarheid

Het ov speelt een belangrijke rol in het mobili­ teitssysteem in de provincie. De sterke

vervoerders) waardoor de noodzaak voor een kostenefficiënt systeem (maatwerk) groot is.

4. Bijdrage aan duurzaam mobiliteitssysteem

hoogwaardige lijnen (met name rail, R-Net en

Er is een grote opgave voor verduurzaming in

stroomlijnen in NHN) bieden snelle verbindingen

het gehele mobiliteitssysteem. Het ov speelt

tussen woon-, werk- en onderwijslocaties waar

daar een belangrijke rol in, doordat het op

veel reizigers gebruik van maken. Het versterkt

duurzame wijze grote reizigersstromen kan

de economische bereikbaarheid van toplocaties

accommoderen en concurreert met de auto.

en het vestigingsklimaat voor bedrijven. Het ov biedt een volwaardig alternatief voor de auto en

Wij streven er naar dat de concessieverlening

speelt daarmee ook een belangrijke rol in de

bijdraagt om bovengenoemde doelen te realiseren.

klimaatopgave en de verdichtingsopgave (binnen­

Voor het bereiken van de doelen voor het ov heeft de

stedelijke uitbreiding) voor de toekomst. Met

provincie, al dan niet in samenwerking met andere

name in de stedelijke gebieden is de ruimte

partijen, meerdere instrumenten ter beschikking:

schaars en dient de auto-afhankelijkheid

• Ov-concessieverlening

minder te worden om de verdichtsopgave te

Ov-concessies regelen het recht om ov uit te

realiseren. Daarbij geven we invulling aan de

voeren in een specifiek gebied. Hierbij horen

ambities zoals opgesteld in het kader van het

financiële afspraken tussen Provincie en vervoer­

Regionaal Toekomstbeeld OV 2040, en werken

der. Bij deze afspraken worden ook afspraken

we onder andere samen met de VRA in de

gemaakt om een minimum kwaliteitsniveau te

ontwikkeling van het Bus Rapid Transit (BRT-) netwerk in de regio.

2. Bijdrage aan inclusief (toegankelijk) mobiliteitssysteem

borgen (uitvoering, voertuigen).

• Voldoende financiering, ook vanuit andere bronnen

Openbaar vervoer is, zeker op regionaal niveau,

Het ov speelt ook een belangrijke rol in de sociale

niet kostendekkend (in termen van reizigers­

ontplooiingsmogelijkheden van burgers. Het

opbrengst ten opzichte van exploitatiekosten).

zorgt ervoor dat sociale contacten en voorzienin­

Er dienen voldoende financiële middelen

gen bereikt kunnen worden, (juist) ook voor

beschikbaar te zijn op de provinciale begroting.

mensen die geen eigen vervoer tot hun beschik­

Jaarlijks draagt de provincie al (geïndexeerd)

king hebben. De bereikbaarheid van de landelijke

ruim € 60 miljoen bij aan de huidige concessies.

gebieden met ov staan daarbij onder druk omdat

Het ov dient brede maatschappelijke doelen. Niet

het gebruik van het ov achterblijft en/of laag is,

alleen de bereikbaarheid maar ook de klimaat­

terwijl het belang van openbaar vervoer voor

opgave, woningbouwopgave en levert een bijdrage

inwoners sterker wordt als gevolg van verdwij­

aan een inclusieve samenleving. Aanboren van

nende voorzieningen. Daarbij is op onderdelen

andere financiële bronnen dan de traditionele

mogelijk een andere invulling nodig (meer

ov-gelden is dan ook goed denkbaar. Daarbij valt

maatwerk) in de vorm van Publieke Mobiliteit,

te denken aan financiering vanuit duurzaam­

zoals nader is uitgewerkt in de Visie Publieke

heidsbeleid, knooppunten, bereikbaarheid

Mobiliteit. Verder is ook de toegankelijkheid

woningbouwontwikkeling en subsidies vanuit

van het ov (zowel fysiek als mentaal) en

de Rijksoverheid. Deze gelden zouden zowel op

betaalbaarheid een belangrijk onderdeel.

incidentele (investeringen) als structurele

Concept Nota van Uitgangspunten

12

(exploitatie) basis onderdeel uit kunnen maken van het

Provincie Noord-Holland

3.

Invulling geven aan – en meebewegen met

ov-budget en daarmee bijdragen aan de realisatie van

– maatschappelijke ontwikkelingen

de ambities uit Publieke Mobiliteit.

We willen dat de afspraken in de concessie

• Flankerend beleid

bijdragen aan maatschappelijke behoeften. Dit houdt

De kwaliteit van het ov staat of valt met het totaal

onder andere in dat het openbaar vervoer bijdraagt aan

plaatje. Niet alleen de financiën en de concessies moeten

een duurzaam mobiliteitssysteem. In dit kader hebben

op orde zijn maar ook de infrastructuur, het ov in de

we ons onder andere gecommitteerd aan het Bestuurs­

keten en het ov in relatie tot andere vormen van vervoer.

akkoord Zero-Emissie Bus en nemen zelf ook onze

Daar staat de provincie niet alleen voor. Een goede

verantwoordelijkheden in het bereiken daarvan. Maar

doorstroming voor het ov op de weg, waar wegbeheer­

het houdt ook in dat we goed werkgeverschap verwach­

ders voor verantwoordelijk zijn, draagt bij aan meer

ten van onze vervoerder, en dat we als concessiever­

reizigers en een efficiënt ingericht ov. Bussen staan

lener maatschappelijk verantwoord inkopen. Naast de

niet onnodig stil of rijden niet onnodig langzaam.

prijs hebben we ook nadrukkelijk oog voor de effecten

Verder is het ov een onderdeel van de verplaatsing van

van de inkoop op de omgeving (klimaat, milieu en

reizigers. De ketenvoorzieningen, dus de aansluitingen

grondstoffen) en sociale aspecten. Maatschappelijke

tussen het ov en de overige modaliteiten (o.a. (deel)fiets,

behoeften kunnen gedurende de concessie ook

trein en auto), zijn van groot belang omdat reizigers

wijzigen. Dat vergt dus flexibiliteit in de concessie.

niet van halte-halte reizen maar van deur-tot-deur. De inrichting van de halte zelf en de ontsluiting daarvan

3.3 Marktspanning

in het onderliggend netwerk is een verantwoordelijk­

Om het beste uit de markt te halen streeft de provincie

heid van de wegbeheerder. Daarnaast draagt flankerend

naar het in de markt zetten van een zo aantrekkelijk

beleid op andere gebieden ook bij aan beter openbaar

mogelijke concessie. Alle partijen die voldoen aan een

vervoer, zoals actief parkeerbeleid op plekken met

aantal minimale eisen m.b.t. financiële en economische

schaarse openbare ruimte om autogebruik te ontmoedi­

draagkracht, technische en beroepsbekwaamheid en

gen, stimuleren van deelmobiliteit als first/last-mile

beroepsbevoegdheid kunnen meedingen naar de

en P+R’s om de ov-reis aantrekkelijker te maken, de

concessie. Tijdens de aanbesteding zal de provincie zorg

ruimtelijke ontwikkeling plaats te laten vinden

dragen voor een grotere kans van daadwerkelijk

rondom ov-knooppunten en binnenstedelijke locaties,

inschrijven van gegadigden. Dit kan door:

en betere spreiding binnen het ov door bijvoorbeeld

• De informatie uit marktverkenning en het consulteren

afspraken met werkgevers.

van marktpartijen te gebruiken bij het opstellen van de documenten;

3.2 Doelen voor de aanbesteding

• Realistische en haalbare eisen te stellen;

Deze NvU richt zich op de uitgangspunten van de nieuwe

• Via openbare bronnen zoals de website en bij marktcon­

concessie. De aanbesteding waarmee de concessieverlening

sultatie inzicht geven in het tijdspad voor de aanbeste­

plaats vindt is niet het enige instrument om de doelen van

ding en partijen te enthousiasmeren over de concessie

het ov te bereiken. Het is wel een heel krachtig instru­

via relevante informatie;

ment, omdat de aanbesteding het moment is om de

• Ervoor te zorgen dat de inschrijftermijn niet samenvalt

kaders, ambities en doelen voor een nieuwe concessie­

met de inschrijftermijn van (teveel) andere concessies.

periode vast te stellen. De hoofddoelen van voor deze

Door de COVID-crisis heeft de markt circa twee jaar stil

aanbesteding zijn:

gelegen. Daardoor vindt er nu een inhaalslag plaats.

1.

Om te voorkomen dat alle aanbestedingen na de

Beste kwaliteit voor de reiziger binnen financiële kaders.

We willen de beste kwaliteit realiseren voor

2.

COVID-crisis tegelijk zouden plaatsvinden is er door de decentrale openbaar vervoer autoriteiten ( provincies en

de reiziger, binnen de gestelde financiële kaders.

vervoerregio’s verenigd in het DOVA) een aanbestedings­

Onder kwaliteit verstaan we het aanbod van openbaar

kalender opgesteld. Daarin zijn tijdslots voor iedere

vervoer, uitvoeringskwaliteit en materieel.

aanbesteding opgenomen. Bij het samenvoegen van de

Beheersbare concessie voor beide partijen We willen een beheersbare concessie voor beide partijen, dus voor zowel concessieverlener

twee concessies wijken we niet af van dit/deze tijdslot(s); • Inschrijvers ruim voldoende de tijd te geven om een goede inschrijving te doen;

(provincie) als concessiehouder (vervoerder). Ov-conces­

• Bij het bestek en indien mogelijk al voor de start van de

sies hebben een lange looptijd waardoor ze per definitie

aanbesteding ruim voldoende achtergrondinformatie

met onzekerheid te maken als gevolg van maatschap­

te verstrekken, waaronder informatie over reisgedrag

pelijke veranderingen en ontwikkelingen. We leggen de risico’s daar waar ze het beste beheerst kunnen worden. De exploitatierisico’s liggen hoofdzakelijk bij de vervoerder. Tegelijkertijd willen niet dat vervoerders te hoge, niet te dragen (exogene) risico’s incalculeren.

en reizigersopbrengsten; • Kritisch na te denken hoe de opbrengstrisico’s voor vervoerders aanvaardbaar blijven; • Ruim voldoende tijd te geven voor implementatie. En zo nodig zelf voorbereidingen of voorzieningen treffen in aanloop naar de gunning van de concessie (met name energie-aansluitingen, beschikbaarheid stallingsterreinen, eindpunten, etc.)

13

Concept Nota van Uitgangspunten

Provincie Noord-Holland

4 UITGANGSPUNTEN Op basis van de trends en ontwikkelingen uit

beter besteed kan worden aan de invulling van het

hoofdstuk 2, en de doelen voor het ov en de

product in de concessie en daarmee aan meer ver­

aanbesteding in hoofdstuk 3, zijn in dit hoofdstuk

voer in de concessie.

de keuzes op hoofdlijnen weergegeven. Dit is doel weergegeven tot welk uitgangspunt dat leidt.

4.1.2 Samengevoegd concessiegebied blijft gelijk

1. Beste kwaliteit voor reiziger binnen

Het concessiegebied van de nieuwe concessie

gedaan aan de hand van de drie doelen, met per

financiële kaders;

bestaat uit het samengevoegde concessiegebied van

2. Beheersbaar contract voor beide partijen;

de gebieden Haarlem-IJmond en Noord-Holland

3. Invulling geven aan – en meebewegen met –

Noord met de daarin liggende gemeenten. Het

maatschappelijke ontwikkelingen.

principe dat reizigers zonder problemen over concessiegrenzen naar buurconcessies moeten kunnen reizen blijft ook in deze concessie bestaan. Maar we spannen ons ervoor in om dat ook buiten de concessiegrenzen te organiseren. Daarover gaan

4.1 Beste kwaliteit voor reiziger binnen financiële kaders 4.1.1 Samenvoeging concessiegebieden Haarlem-IJmond en Noord-Holland Noord in één perceel

we in gesprek met de VRA, de provincie Fryslân en de Provincie Zuid-Holland. In de concessie zijn duidelijke voorwaarden opgenomen over grensoverschrijdende lijnen van en naar de buurconcessies. Vastgelegd wordt welke ‘binnenkomende’ lijnen vanuit buurconcessies de

We voegen beide concessiegebieden

concessiehouder dient te gedogen, zoals onder

(Haarlem-IJmond en Noord-Holland

andere de huidige R-NET lijnen die Haarlem met

Noord) samen in één perceel. De naam

Amsterdam verbinden vanuit de concessie

van het nieuwe samengevoegde concessiegebied

Amstelland-Meerlanden. De gedoogconstructie

wordt: NoordWest Noord-Holland (NWNH).

mag toekomstige grensoverschrijdende

Door de concessies samen te voegen in één perceel

ontwikkelingen niet in de weg staan. De provincie

verwachten we dat er een aantrekkelijker gebied

Noord-Holland gaat in gesprek met de VRA

ontstaat voor vervoerders om op in te schrijven en

(concessieverlener Amstelland-Meerlanden) over

dat hiermee de marktspanning wordt vergroot.

de toekomst van deze verbinding, om zo mogelijk

Financieel gezien is het gebied aantrekkelijker

de stap naar BRT in de regio te zetten. Datzelfde

omdat de balans tussen sterke en minder sterke

geldt voor lijn 350 (Alkmaar – Leeuwarden), die

lijnen groter is en het gebied uitdagender is.

valt onder de concessiebevoegdheid van de

Bovendien kan de vervoerkundige samenhang

Provincie Fryslân.

beter worden overgebracht naar de reizigers (beter

Noord worden ingevuld door dezelfde vervoerder.

4.1.3 Reikwijdte van de ov-concessie: flexvervoer mogelijk op termijn buiten de concessie

We zien dat dat schaalvoordelen oplevert in de

Primair onderwerp van deze concessie is het regu­

aansturing als in de operatie (bijvoorbeeld op het

liere ov. Daaronder verstaan we het ov binnen het

gebied van beschikbaarheid van chauffeurs), zowel

concessiegebied van de reguliere bus, R-net,

aan de concessiehouder- als concessieverlenerskant.

Plusnet, Basisnet, Buurtbussen en flexvervoer.

Door samenvoeging kunnen alle inschrijvende

Trein, veerponten, ov-zonetaxi, zijn geen onder­

partijen deze voordelen incalculeren en ten goede

deel van deze concessie. De inschrijvende partijen

laten komen van hun inschrijving. Doordat de

mogen meer flexvervoer (vraagafhankelijk)

concessietermijnen elkaar zo kort opvolgen scheelt

aanbieden.

reisproduct, doorgaande lijnen). De huidige concessies Haarlem-IJmond en Noord-Holland

het ook aan inzet in het aanbestedingsproces, die

Concept Nota van Uitgangspunten

14

Provincie Noord-Holland

Voor het reguliere busvervoer en de buurtbussen blijft, ook

waar de provincie mee aan de slag is en moet (o.a. als

in de toekomst, de concessie de juridische basis. Voor het

onderdeel van het ‘verander’ deel van beoogde

flexvervoer ligt dit genuanceerder. Het flexvervoer speelt

mobiliteitstransitie uit het Perspectief Mobiliteit).

een belangrijke rol in de ontsluitende en sociale functie van het ov, met als belangrijk verschil dat dit vervoer

In de concessie Gooi en Vechtstreek wordt momenteel

vraagafhankelijk is. Reizigers moeten hun reis

onderzoek gedaan naar de samenhang tussen deel­

aanmelden voordat het aanbod daadwerkelijk wordt

mobiliteit en de ov-concessies. Uitgangspunt is dat we

gerealiseerd. Het flexvervoer is in basis halte-halte of

voor wat betreft de verdere uitwerking van deelmobiliteit

halte-hub vervoer. Onze ambitie is om dit op termijn

binnen de provincie aansluiten bij de resultaten van dit

mogelijk uit te breiden met halte-deur of wellicht deur-

onderzoek (brengen we het bijvoorbeeld onder in een

tot-deur reizen.

aparte concessie, of laten we het volledig aan de markt, of …). Naast het onderzoek in concessie Gooi en

Het WMO-vervoer en het leerlingenvervoer vallen onder

Vechtstreek kijken we ook naar initiatieven in andere

de verantwoordelijkheid van de gemeenten. Die hebben

gebieden, waaronder de VRA en Utrecht.

zich binnen het concessiegebied gegroepeerd in gemeenten en vervoerders afspraken gemaakt over de

4.1.5 MaaS-waardige concessiehouder voor een naadloos mobiliteitssysteem voor de reiziger

voorwaarden en looptijd van het contract. Eventuele

‘Mobility as a Service’ gaat om het aanbieden van

samenwerking tussen flexvervoer en doelgroepenvervoer

mobiliteit als een dienst. Daarbij gaat het voor de reiziger

(WMO en leerlingen in het bijzonder) is afhankelijk van

in de eerste plaats niet om de modaliteit of de vervoerder/

deze afspraken. Provincie gaat deze mogelijkheid samen

aanbieder van de dienst, maar om het aanbieden van

met de gemeenten onderzoeken. Er zijn wellicht kansen

mobiliteit. MaaS gaat om het plannen, boeken en

dit gezamenlijk efficiënter in te richten, waarbij door

betalen van het mogelijke vervoer via apps. Vooral het

bundeling van reizigers idealiter schaalvoordelen kunnen

combineren van verschillende soorten vervoer in een

worden behaald en bijdraagt aan de ambitie van de

ketenreis maakt reizen op maat en volgens de wensen

provincie tot publiek vervoer. Om daadwerkelijk tot

van de reiziger mogelijk.

verschillende vervoersgebieden. Per gebied zijn er tussen

samenwerking te komen is nog een lange weg te gaan omdat een goede organisatie en goede financiële afspraken

Om dit mogelijk te maken, is het belangrijk dat de

nodig zijn. Voorlopig uitgangspunt is daarom dat het

concessiehouder data deelt met derde partijen met

huidige flexvervoer onderdeel is van de concessie, maar

betrekking tot de dienstregeling, zodat derde partijen

mogelijk tijdens de concessie gecombineerd wordt met

bijvoorbeeld innovatieve apps met informatie of

doelgroepenvervoer (en daarmee tussentijds uit de

mobiliteitsdiensten aan kunnen bieden. De concessie­

concessie wordt gehaald).

houder heeft geen eigendomsrecht op de gegevens en

4.1.4 Reikwijdte van de ov-concessie: deelmobiliteit buiten de ov-concessie, aansluiten bij lopende onderzoeken voor verdere uitwerking Binnen het mobiliteitslandschap zien we dat deelmobiliteit

kan geen opslag berekenen voor het leveren van gegevens voor bijvoorbeeld plannen, boeken en betalen (MaaS diensten) aan derden. Ook vinden we het belangrijk dat concessiehouder onderdeel is van de ontwikkelingen rondom MaaS in algemene zin.

(fietsen, scooters, auto’s) een steeds belangrijkere rol krijgt. Mensen betalen vaker voor het gebruik van

Daarnaast vinden we het belangrijk dat concessiehouder

vervoermiddelen in plaats van deze zelf te bezitten.

niet alleen reisinformatie deelt over hun eigen producten

Deelmobiliteit kan daarin aanvullend werken op het

maar over de gehele reisketen van haar reizigers.

openbaar vervoer, bijvoorbeeld in de first- and last mile, maar soms ook juist vervangend, bijvoorbeeld op

We eisen van de concessiehouder dus niet om een

momenten dat het reguliere ov niet of minder rijdt.

regisseursrol binnen MaaS op zich te nemen. Dat doen we

Binnen deze concessie vragen we aan de concessiehouder

niet omdat we van de concessiehouder primair verwachten

om in eerste plaats datgene te doen waar hij goed in is:

dat zij doet waar ze goed in zijn, namelijk ov leveren.

het uitvoeren van openbaar vervoer.

elkaar, waarbij de ov-markt een volwassen markt is met

4.1.6 Ov-netwerk in lijn met de Visie Publieke Mobiliteit en Ontwikkelperspectief Noord-Holland Noord en Haarlem-IJmond

heldere kaders, en de deelmobiliteitsmarkt in vergelijking

We vragen aan de nieuwe concessiehouder om uitwerking

nog in de kinderschoenen staat. Daarom scheiden we de

te geven aan de Visie Publieke Mobiliteit. Daartoe behoren

exploitatie en ontwikkeling van deelmobiliteit expliciet

ook de aanpassingen aan het lijnennet ten gevolge van

van de reikwijdte van deze concessie. Omdat deelmobili­

het Ontwikkelperspectief Noord-Holland Noord en de

teit wel bijdraagt aan de doelen die de provincie voor

komende aanpassingen voor Haarlem-IJmond.

publieke mobiliteit nastreeft, is het wel een onderwerp

In de volgende fase van de aanbesteding wordt in het PvE

De ov-markt en de deelmobiliteitsmarkt verschillen van

Concept Nota van Uitgangspunten

15

Provincie Noord-Holland

minimumeisen aan de bediening en het netwerk

4.1.9 Begrijpelijke reisinformatie, overal en altijd

gesteld. Onze verwachting is dat we met het huidige

Volledige en begrijpelijke reisinformatie is het uitgangs­

budget een vergelijkbaar aanbod (niveau) krijgen, maar

punt, overal en altijd. Daaronder verstaan we in ieder

dat we de vervoerders zullen uitdagen om een beter

geval het aanbieden van actuele informatie op (mobiel)

aanbod te bieden. Daarbij streven we naar een

internet, in het voertuig en bij haltes met meer dan 20

doorontwikkeling van het huidige netwerk volgens de

instappers per dag. Daarbij gaat het om informatie over

lijnen van de Visie Publieke Mobiliteit: niet om meer,

de dienstregeling (inclusief vraaggestuurde systemen) en

maar vooral om beter en ander openbaar vervoer. Denk

real-time informatie over vertragingen en verstoringen.

aan treinen, bussen, maar ook deelfietsen en deelauto’s.

Daarbij wordt van de concessiehouder verwacht dat zij de

Passend bij de wensen van de reiziger. We vragen in

reisinformatie en de middelen waarmee de informatie

grote lijnen om een verdeling van financiële middelen

wordt verstrekt afstemmen op de behoefte van

over de twee huidige concessie­gebieden (deelgebieden)

verschillende doelgroepen, zodat de dynamische en

op basis van de huidige verhoudingen.

statische reisinformatie voor iedereen toegankelijk en

4.1.7 Gemakkelijk betalen centraal

beschikbaar is. Gezien het belang van hubs en ovknooppunten in het ov-netwerk vraagt de kwaliteit van

De concessiehouder zorgt voor betaalgemak voor de

de reisinformatie en informatie over beschikbaarheid

reiziger. De vervoerder vervult hierbij een actieve rol, staat

van voorzieningen op deze punten extra aandacht.

open voor en werkt constructief mee aan de invoering en doorontwikkeling van OVPay. De concessiehouder stemt

Van de vervoerder wordt verwacht dat hij ‘goede’ service

de activiteiten die hij in dit kader onderneemt nauw af met

aan de reiziger verleent. Daarom worden ook aan de

de concessieverlener en concessiehouders van aangren­

klantenservice eisen gesteld in het PvE. Dit omvat eisen

zende concessies. De concessiehouder conformeert zich

aan de bereikbaarheid van de klantenservice, social media

aan de OVPay standaarden zoals deze zijn gepubliceerd

en webcare, maar ook eisen aan de afhandeling van

op de website van Translink of diens opvolger en

binnengekomen klachten.

implementeert nieuwe/gewijzigde OVPay standaarden binnen de aangegeven termijnen.

4.1.10 Sociale veiligheid We eisen een hoog basisniveau van sociale veiligheid.

Als bij de start van de concessie de ov-chipkaart nog steeds

De concessiehouder is verantwoordelijk voor de sociale

als wettig betaalmiddel in het openbaar vervoer geldt, dan

veiligheid in de voertuigen. Landelijk is afgesproken dat

zorgt de concessiehouder er tevens voor dat hij over de

op sociale veiligheid niet wordt geconcurreerd;

hiervoor benodigde apparatuur beschikt.

vervoerders moeten een basiskwaliteit garanderen en

4.1.8 Inclusiviteit: een toegankelijk ov-systeem voor iedereen

kunnen geen punten verdienen in de aanbesteding met maatregelen.

De provincie vindt het belangrijk dat iedereen mee kan

Tijdens de implementatieperiode maakt de vervoerder

doen aan de maatschappij, en dus ook aan het mobiliteits­

samen met de provincie een (meerjarig) sociaal veilig­

systeem. Eén van de opgaven uit het Perspectief Mobili­

heidsplan. Hierin analyseert hij de situatie qua sociale

teit is zorgen voor veilig en toegankelijk reizen. Voor het

veiligheid en beschrijft hij maatregelen om de sociale

openbaar vervoer betekent dat onder andere dat we eisen

veiligheid te waarborgen. De vervoerder stelt het sociaal

stellen aan de toegankelijkheid van die aspecten in het

veiligheidsplan periodiek bij.

ov waarvoor de concessiehouder verantwoordelijk is. mentale toegankelijkheid: informatievoorziening,

4.1.11 Gunning concessie: beste prijskwaliteitverhouding

comfort en bejegening die drempels wegnemen bij

Aansluitend bij dit doel van de concessie (‘beste kwaliteit

(potentiële) reizigersgroepen. Mede in dat kader heeft de

voor reiziger binnen financiële kaders’) wordt het

provincie mede het Bestuursakkoord Toegankelijkheid

gunningsmodel zo opgebouwd dat inschrijvers

Openbaar Vervoer ondertekend, en willen we ook dat de

uitgedaagd wordt zich te onderscheiden op de doelen van

vervoerder daaraan voldoet.

concessie om op deze manier te borgen we dat we de

Daarbij gaat het naast fysieke toegankelijkheid ook om

beste kwaliteit voor de reiziger realiseren binnen de De provincie is bezig met een uitvoeringsprogramma

financiële kaders. In het gunningsmodel wordt ook het

toegankelijk ov, volgend op het Bestuursakkoord Toegan­

realiteitsgehalte van de aanbieding meegewogen.

kelijkheid Openbaar Vervoer. Dit zal op onderdelen ook effect hebben op de eisen zoals gesteld in de concessie. Dit wordt later in de verdere aanbestedingsdocumenten nader uitgewerkt.

Concept Nota van Uitgangspunten

16

Provincie Noord-Holland

4.1.12 Mogelijkheid voor innovatieve oplossingen

Momenteel wordt op een aantal plaatsen geëxperimen­

Voor ov en voor deelmobiliteit vinden veel innovaties

teerd met zelfrijdend vervoer en rijdt al sinds 1999 de

plaats in het kader van slimme mobiliteit. Daarbij gaat

ParkShuttle tussen metrostation Kralingse Zoom in

het zowel om technieken, processen als ook de behoefte

Rotterdam en bedrijvenpark Rivium in Capelle aan den

en bekendheid van de potentiële reiziger. Daarom is het

IJssel. Ook in Noord-Holland kunnen innovaties als

belangrijk om de komende jaren de ontwikkelingen

zelfrijdende voertuigen wellicht op termijn onderdeel

scherp te monitoren en waar mogelijk nieuwe mogelijk­

worden van het publieke mobiliteitssysteem.

heden te omarmen en implementeren. Daarom willen we flexibiliteit inbouwen in de concessie-afspraken.

4.2 Beheersbare concessie voor beide partijen 4.2.1 Gezamenlijke verantwoordelijkheid van provincie en vervoerder met heldere verantwoordelijkheden

Strategisch niveau waarin de kaders worden vastgesteld: • Visie en beleid op strategische assets

Strategisch

• Financiële en juridische kaders vaststellen

Provincie

• Vaststellen van kaders voor het OV

Tactisch niveau waarin de ontwikkeling zelf centraal staat: • Ontwikkelen lijnennet, dienstregeling, betaalgemak, tarieven • Sturen op beleidsmatige doelen • Sturen op financieel haalbare exploitatie

Tactisch Partnerschap

• Lobby/betrokkenheid landelijk opgaven

Operationeel waarin de operatie leidend is: • Het exploiteren van het OV • Klantgericht en doelmatig vervoer

Operationeel

• Contacten wegbeheerders

Concessiehouder

Figuur 3: samenwerkingsmodel In het proces om te komen tot goed openbaar vervoer ziet

Dit past grotendeels bij de huidige manier van werken

de provincie Noord-Holland drie schaalniveaus waarop

van de provincie. De provincie geeft invulling aan deze

werkzaamheden plaatsvinden. Op het strategische

gezamenlijke verantwoordelijkheid (partnership) door

niveau ligt dit voornamelijk bij de provincie zelf. Wij

voortdurend in gesprek te gaan met de vervoerder over de

stellen de kaders vast voor het ov, en stellen beleid en

doorontwikkeling van het product. Aanvullend ten

visie op voor de strategische assets. Ook stellen we de

opzichte van de huidige situatie is dat de provincie meer

financiële en juridische kaders vast. Deze NvU behoort

input meegeeft bij de doorontwikkeling van het product,

ook toe tot deze werkzaamheden.

om zo sterker te sturen naar de beleidsdoelen. Bij de gezamenlijke verantwoordelijkheid hoort ook transpa­

Op het tactische niveau staat de ontwikkeling van het

rantie vanuit beide partijen om inzichten over het ov-

product zelf centraal. Daarin wordt onder andere het

product in de regio te delen.

lijnennet en de dienstregeling ontwikkeld. De concessie­

Op het operationele niveau is de operatie leidend. Dit ligt

verlener (Provincie Noord-Holland) stuurt hierbij met

logischerwijs volledig bij de concessiehouder (vervoerder).

name op de beleidsmatige doelen. De concessiehouder (vervoerder) zoekt binnen deze kaders de meest efficiënte

4.2.2 Flexibel contract met een herijkingsmoment

en haalbare exploitatie. Wij willen dat deze werkzaam­

De provincie vindt het belangrijk een concessie te verlenen

heden plaatsvinden in een gezamenlijke verantwoorde­

die flexibel en wendbaar is. De wereld staat niet stil en

lijkheid tussen provincie en vervoerder, waarbij het

na covid is het reizigersgedrag meer onzeker dan eerder.

initiatief en de verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling

Met een flexibele en wendbare concessie blijft uitbreiding

bij de vervoerder ligt (in afstemming met de provincie).

en verandering van het ov mogelijk als gevolg van tech­

Concept Nota van Uitgangspunten

17

Provincie Noord-Holland

nische- en/of ruimtelijke ontwikkelingen, of aanpassin­

Om de concessiehouder voldoende te stimuleren om

gen in de infrastructuur. Passend bij de wens voor meer

reizigersgroei te ambiëren, zal de concessiehouder naar

regie bij de concessieverlener vindt de ontwikkeling meer

verwachting een groter deel van de opbrengstverantwoor­

plaats in samenspraak tussen concessiehouder en

delijkheid dragen dan de concessieverlener. Daar speelt

concessieverlener.

ook bij mee dat een groter deel van de opbrengstverant­ woordelijkheid ook vraagt om grotere risico-reserveringen

Deze flexibiliteit bouwen we op twee manieren in de con­

bij de provincie. In het verdere aanbestedingsproces

cessie in. Ten eerste met het jaarlijkse vervoerplan­proces.

(Programma van Eisen) wordt dit nader uitgewerkt.

Gedurende de concessieperiode vinden de veranderingen Voor deze plannen wordt een proces opgenomen in de

4.2.4 Concessieduur 10 jaar, gelijke start gebieden Haarlem-IJmond en Noord-Holland Noord

concessieafspraken waarin diverse stakeholders worden

We gaan uit van een concessieduur van 10 jaar. De wet

betrokken (inclusief concessie­verlener) en de gelegenheid/

geeft ruimte om, onder bepaalde voorwaarden, de

het recht hebben om advies te geven.

concessieperiode op te rekken tot 15 jaar. Deze optie

in het netwerk plaats via de jaarlijkse vervoerplannen.

willen we zeker openhouden in het contract. Het Daarnaast bouwen we tenminste één herijkingsmoment

voordeel van een lange concessie is dat er voldoende tijd

in, tijdens de concessie, maar als de situatie daarom

is om de concessie te laten renderen. Dat is uiteindelijk

vraagt, kunnen het ook 2 of 3 zijn. Op dit moment kunnen

goed voor de reiziger. Door voldoende flexibiliteit in te

we de kaders van de aanbesteding in de concessie

bouwen hoeft de lange concessieduur geen beperking te

herijken. Tijdens dit herijkingsmoment kijken we terug

zijn. De concessie is verlengbaar tot de maximale duur

op de realisatie en vooruit naar de ontwikkeling. Binnen

die wetgevingstechnisch mogelijk is.

de kaders van de concessie passen we doelstellingen en

Door de huidige concessie Haarlem-IJmond met circa één

indien nodig de businesscase aan. Het inbouwen van

jaar te verlengen tot de einddatum van de concessie

voldoende flexibiliteit in de concessie heeft, naast meer

Noord-Holland Noord, gaat de nieuwe concessie direct

regie, als bijkomend voordeel dat er geen onnodige

voor het hele gebied in.

risico’s worden ingecalculeerd, en de risico’s daar gelegd worden waar ze gedragen en beïnvloed kunnen worden.

4.2.3 Evenwichtige verdeling van het opbrengstenrisico

4.2.5 Concessiebeheer De provincie zal door monitoring toezien op de uitvoering van de concessie en de geleverde prestaties. Daarvoor benoemen we in de verdere aanbesteding kernprestatie-

De reizigersopbrengsten zijn afhankelijk van zowel de

indicatoren (KPI’s). Deze hebben in ieder geval betrekking

prestaties van de vervoerder als ook van meer externe

op de klanttevredenheid, reisinformatie, stiptheid,

factoren, die in meer of mindere mate door overheden

rituitval en eventueel regelmaat. Deze informatie komt de

beïnvloed worden. Door het bieden van een hoge

provincie onder andere toe via een digitaal dashboard van

kwaliteit, een telkens verbeterd product en excellente

de vervoerder, mystery guest onderzoek, op regelmatige

service stimuleert de concessiehouder een groter gebruik

managementrapportages of signalen van reizigers. Op

van ov en daarmee een groei in reizigersopbrengsten. De

basis van die informatie kan de provincie besluiten om te

provincie investeert in de infrastructuur om het ov

(laten) onderzoeken of de vervoerder zich aan de afspraken

efficiënter en aantrekkelijker te maken en stelt de

houdt. In de concessie staan bepalingen om overtredingen

tarieven van het ov vast. Flankerend beleid (bijvoorbeeld

van de regels (of niet voldoen aan bepaalde waarden) te

autoluwe binnensteden) en ruimtelijke ordening zijn

voorkomen en op te lossen (of juist sommige ontwikke­

voorbeelden waar andere overheden invloed hebben op

lingen te stimuleren).

de reizigersopbrengsten binnen het ov.

4.2.6 Financiële risico’s en uitdagingen

We leggen de opbrengstverantwoordelijkheid niet volledig

Het ov in beide concessies is niet kostendekkend. Dat

bij de vervoerder, maar voor een deel ook bij de concessie­

betekent dat er naast de reizigersopbrengsten altijd een

verlener. Dit doen we omdat:

aanvullende bijdrage nodig is om de kosten te dekken.

• Beide partijen beïnvloeden de reizigersopbrengsten.

Als gevolg van de lagere SOV-bijdrage is het verhogen van

Door als concessieverlener ook een deel van de opbrengst­

de provinciale bijdrage voor het ov wenselijk om het

verantwoordelijkheid te pakken, vloeit een deel van de

voorzieningenniveau tenminste op het huidige peil te

opbrengsten terug ten gunste van de reiziger;

houden. Een voorstel hiervoor wordt voorgelegd aan PS

• De concessie is een langdurig contract met op langere

in de Kaderbrief 2025.

termijn veel onzekerheden. Op deze manier loopt de

Daarnaast zijn er aanbestedingsrisico’s. De kosten van het

vervoerder minder risico, en hoeft daardoor ook

ov lijken als gevolg van een aantal onzekerheden harder te

minder risico in te prijzen. Dit leidt naar verwachting

kunnen stijgen dan verwacht. Een aantal onzekerheden

tot een beter bod.

zoals, loonkosten en brandstof/energie prijzen, maken onderdeel uit van al afgesproken indexaties. Binnen de

Concept Nota van Uitgangspunten

18

Provincie Noord-Holland

provincie zijn hier reeds middelen voor gereserveerd.

De vervoerder dient de data real-time en als open data

Andere onzekerheden zoals bijvoorbeeld duurder

aan te leveren aan de provincie en aan landelijke servers

materieel, echter niet. Dit effect kan zichtbaar worden in

(NDOV/GOVI). Deze data kunnen worden benut voor

de aanbieding die vervoerders doen. Het aanbod van de

monitoring van uitvoeringskwaliteit, informatie aan

vervoerders wordt gedaan onder marktspanning. Het is

stakeholders en om informatiepanelen op de halte (DRIS)

niet voorspelbaar of die een hoger, gelijkblijvend of lager

aan te sturen.

aanbod aan vervoer zal zijn. In het geval van een lager aanbod heeft de provincie de twee mogelijkheden: • Het aanbod accepteren en minder vervoer dan het huidige niveau • Meer financiële middelen beschikbaar stellen en daarmee extra vervoer inkopen.

4.3 Invulling geven aan – en meebewegen met – maatschappelijke ontwikkelingen 4.3.1 Voldoen aan Bestuursakkoord Zero Emissie Busvervoer In 2016 hebben de Nederlandse ov-concessie­ verleners zich verbonden aan het bestuursakkoord Zero

Tot slot vinden we het van belang dat we de bijdrage blijven

Emissie Busvervoer. In dit bestuursakkoord is met elkaar

verdelen op basis van de huidige verdeling per regio. Het

afgesproken om vanaf 2025 alleen nog maar zero-emissie

verschuiven van middelen (geld of aangeboden vervoer)

bussen te laten instromen, 100% van de vloot vervangen

van het noordelijk deel van de concessie naar het zuidelijk

te hebben voor zero-emissie bussen in 2030 en uiterlijk in

deel of andersom is niet gewenst.

2025 100% gebruik te maken van hernieuwbare regionaal

4.2.7 Tarieven: aansluiten bij tariefbeleid

opgewekte energie.

Voor het ov wordt van de reiziger een passende prijs

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=856dc576-d687-46fe-8ab4-cae9ead73e7e