Bijlage bij collegebericht - Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
Tekst van het document
Figuur 25- effect pilot op leefsituatie naar hoofdlijn van pilot armoedebeleid
(bij)baan zeer tevreden zijn over het aanbod van de DijkenWaardPas. Inwoners die ontevreden zijn over het aanbod zijn voornamelijk inwoners die van een bijstandsuitkering leven. In hun verhalen lezen we dat voor hen het bedrag op de pas te laag of het aanbod te beperkt is om daadwerkelijk een verschil in de leefsituatie te kunnen maken. Op de volgende pagina’s zien we in Figuur 28 dat deze genoemde verbanden statistisch significant 10 zijn. De DijkenWaardPas wordt vooral besteed aan (culturele) uitstapjes, sporten (waaronder zwemmen vaak genoemd wordt) en de kringloopwinkel. Opvallend vaak geven inwoners aan het fijn te vinden om met de DijkenWaardPas iets met of voor hun kinderen te kunnen doen (Tabel 7).
Figuur 26- tevredenheid aanbod DijkenWaardPas
7.2 Verbreding aanbod DijkenWaardPas We zien in Figuur 26 dat 66 procent van de inwoners tevreden tot zeer tevreden is met het aanbod van de DijkenWaardPas. Uit Figuur 27 halen we dat vooral inwoners met een AOW-pensioen en
10
Figuur 27- tevredenheid aanbod DijkenWaardPas naar inkomensbron
Pearson’s X2 (Chi-Kwadraat) Goodness-of-fit Statistic
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
40
Dat hij op weinig plaatsen te gebruiken. Tot zelf in hetzelfde soort kringlopen (rataplan) is hij in HHW te gebruiken maar rataplan Alkmaar hij niet geldig is. Hierin discrimineert de gemeente Langedijk zichzelf. Rataplan Alkmaar is hij niet te besteden. En dat is net als voor bij verenigingen dat deeltje korting is te weinig om daar de rest van zelf te betalen.
Figuur 28- statistisch significante verbanden tussen inkomensbron en tevredenheid over het aanbod van de DijkenWaardPas
Figuur 29- inwoners met bijstandsuitkering die ontevreden zijn over aanbod DijkenWaardPas
Mijn ervaring met de pas is heel beperkt omdat het tegoed op de pas zeer beperkt is voor een alleenstaande (zonder kinderen). Met een kennis (moeder met 3 jonge kinderen) zitten we vaak aan het einde van het jaar te dubben waar we het restant tegoed aan zullen besteden. Het liefst zou je willen dat het tegoed cash te besteden is zodat je vrij bent om het te besteden en het tegoed ook altijd te besteden is. Linksom of rechtsom besteed je toch de middelen aan zaken die je het vaakst gebruikt. Als ik deodorant wil kopen bijvoorbeeld of een lekker luchtje dan gaat dat dus niet. Terwijl toen ik een normaal inkomen genoot (modaal) dit een van de dingen was die ik aan mijzelf besteedde. Vroeger had de gemeente Langedijk voor iedere minima een minimaal tegoed van rond de 375 euro per jaar. Toen kocht ik ieder jaar standaard in januari 3 kaartjes per keer voor 4 a 5 cabaret/ theater voorstellingen. Met de vrienden die ik toen had, had ik de deal dat ik de kaarten kocht voor voorstellingen en dat zij mij mee uiteten namen op de avond van de voorstellingen. Helaas zit dit er niet meer in (en is het contact verwaterd). Maar ook de aanbodkant versoberd. Van de zomer wilde we naar de bowlingbaan gaan, helaas was de Geus met de DenW pas gestopt en kende de bowlingbaan in Heerhugowaard de pas niet. Ik vermoed dat er een redelijke discrepantie zit tussen het 'aanbod' en het werkelijke aanbod.
Uiteindelijk wordt het tegoed maar moeilijk besteed. Graag vertel ik ook over het gevoel van schaamte wat ontstaat tijdens het besteden aan de kassa. Je hoopt maar dat het lukt en vlekkeloos verloopt, omdat je je toch al ongemakkelijk voelt in de uitzonderingspositie waarin je je bevind. Met een super lage uitkering is het erg moeilijk om soort van normaal te kunnen leven. Ik ben eerlijk gezegd niet goed of onvoldoende op de hoogte van de uitgebreide besteding mogelijkheden van de Dijk en Waard pas. Maar het zou fijn zijn als je er misschien ook eens mee uit eten kan gaan in Heerhugowaard of een deel kan besteden aan nieuwe schoenen of een aankoop bij de Mediamarkt bijvoorbeeld.
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
41
Ik kan fibrozwemles volgen bij zwembad, Waardergolf, met het gebruiken van de DijkenWaardPas. Fibrozwemles helpt me het verbeteren van mijn lichamelijke conditie en situatie zoals mobiliteit en spierkracht . Ik kan ook meer contact hebben met andere mensen in de zwembad. Figuur 30- inwoners met AOW-pensioen en (bij)baandie zeer tevreden zijn over aanbod DijkenWaardPas
Cluster
Thema’s
Aantal verhalen
Besteding DWpas
Uitstapjes
44
Sporten (incl. zwemmen)
44
Kringloopwinkels
37
Voor de kinderen
28
Kleding
8
Bibliotheek
8
Huisraad
5
Tabel 7- thematische analyse van verhalen over bestedingen van de DijkenWaardPas
Ik ben alleenstaande en ik gebruik de pas voor allerlei dingen. Ik ga naar zwemmen, de bioscoop, dierentuin. Overal waar ik de pas voor kan gebruiken Wij zijn een gezin met 4 kinderen in de leeftijd van 3 tot 7. Wij hebben een beperkt budget voor alle boodschappen en kunnen vaak uitjes niet doen. Door middel van de dwpas kunnen wij wat meer ondernemen met onze kids. Wij gaan vaak met ze naar de bios of ballorig. Ook kunnen wij goed slagen bij een kringloop voor knappe kleding. We betalen er sport en zwemles van, zodat de kids ook gewoon kunnen door ontwikkelen. Het is fijn dat zo'n pas bestaat, om toch meer te kunnen doen voor onze kids. We blije kids, maar zo'n pas maakt het toch wat makkelijker. Ik ben alleenstaande moeder van een dochter van 6. Woon particulier omdat er geen andere mogelijkheid is. Het dagelijks leven is extreem duur waardoor ik budget hulp heb ik geschakeld. Ook dit kost erg veel geld maar helpt me de rekeningen te betalen. Over de pas ben ik heel positief. Ik gebruik het vooral voor mijn dochter. Zodat zij naar de balorig kan. Maar ook bij de kringloop voor kleding en schoenen. Het maakt ons leven echt een stuk makkelijker! En gaat het niet van de huishoud pot af. Ik ben 22 jaar, doe een werken-leren opleiding tot pedagogisch medewerker in de kinderopvang. Ik heb een zoontje van 1 jaar, wij zijn met z’n tweetjes.
Ik ben mij aan het omscholen van verzorgende ig naar de kinderopvang, waardoor mijn loon afgelopen jaar en dit jaar enorm gekelderd is. Maar het is heel fijn dat ik altijd overdag en regelmatig werk voor mijn zoontje. Wij zijn dol op zwemmen! Door de dijk en waard pas hebben wij het gehele jaar baby-zwemmen kunnen doen bij het zwembad duikerdel. Wij hebben hier enorm van genoten. En gaan hier zeker mee door, enkel wel helaas bij een ander zwembad waarschijnlijk. Dus de pas is enorm goed besteed! Enorm fijn, dank hiervoor
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
42
7.3 Seniorentoeslag De seniorentoeslag heeft voor vrijwel alle senioren een positief tot zeer positief effect op de leefsituatie (Figuur 31). Inwoners met een seniorentoeslag besteden de DijkenWaardPas het meest aan sporten en (culturele) uitstapjes. Ze geven in hun verhalen aan dat de toeslag hun leven verrijkt. Ze kunnen er activiteiten mee doen waar ze anders in beperkte mate gebruik van kunnen maken. Figuur 31- effect pilot armoedebeleid of leefsituatie van inwoners met seniorentoeslag
Figuur 31- effect pilot armoedebeleid of leefsituatie van inwoners met seniorentoeslag
Nu ik de pensioengerechtigde leeftijd heb bereikt ben ik voornamelijk afhankelijk van een AOW-uitkering, wat gelijk staat aan het sociaal minimum. Met de sterk stijgende kosten van energie, boodschappen door inflatie, maar ook in de gezondheid sector, zoals tandarts kosten en recentelijk ook veel reiskosten naar het ziekenhuis, omdat ik te maken kreeg met longembolie, wat inhoudt dat ik boven gemiddeld consultaties met verschillende doctoren heb gehad en ook onderzoek zoals petscans e.d. Alles bij elkaar heeft dat natuurlijk een behoorlijk effect gehad op mijn dagelijks leven. In financieel opzicht moet ik er meer dan voorheen op letten dat ik geen geld besteed aan onnodige dingen, dus alleen voor het nodige levensonderhoud. Op het sociale vlak schiet het er dus wel eens bij in, want dat kost ook geld, wat kan leiden tot een zekere mate van isolatie. Betere financiële omstandigheden zouden daarin wel degelijk een verschil kunnen maken. De seniorentoeslag op de DijkenWaardPas heb ik dan ook in dankbaarheid ontvangen en heeft mijn leven verrijkt omdat ik er verscheidene dingen mee kan doen waar ik anders in beperkte mate gebruik van zou kunnen maken, zoals toegang tot het theater, bioscoop, fitness, kringloop in zowel Alkmaar en Heerhugowaard en andere faciliteiten. Al met al een mogelijkheid om af en toe even bij te tanken.
Ik kan erg genieten van theater, dans, muziek en film en de levendigheid eromheen. Dat is altijd zo geweest. Ook het contact met mensen en andere leeftijdsgroepen maakt dit leuk. Na de covid-periode zijn entreeprijzen flink omhooggegaan. En dat geldt ook voor prijzen in de horeca; en de dagelijkse boodschappen. Met (vrijwel) alleen AOW kan je maar heel af en toe iets cultureels ondernemen. Door de seniorentoeslag kan ik wel regelmatig naar voorstellingen toe; ik kan zelfs voor een keer iemand meevragen (itt mee uit genomen te worden); dat voelt ook fijn voor de verandering. Dit jaar heb ik - voor het eerst in mijn leven - zelfs concerten en voorstellingen tegelijk 'vooruit' kunnen boeken; heerlijk. Al jaren gebruik ik die voor de contributie van mijn sportvereniging. En daarmee was het ook op. Nu is het bedrag hoger geworden, maar kan nog niet verzinnen wat ik ermee ga doen. Ik ben zelfstandig en woon met plezier in broek op Langedijk. Cultuur, muziek, de poezen eten en geld geven mij plezier in het leven Ik kan met de pas mijnmuzieklessen betalen en dat vind ik erg leuk. Ook zwemmen deed ik met de pas
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
43
7.4 Uitstroompremie Voor alle inwoners die een uitstroompremie kregen heeft de premie een positief tot zeer positief effect op de leefsituatie (Figuur 32). Deze inwoners geven aan vooral verrast te zijn. Een enkele inwoner dacht in eerste instantie dat er een fout was gemaakt en waren bang voor situaties zoals in de toeslagenaffaire. Voor anderen is de premie een fijn extra aanvulling op het inkomen en voor een enkeling kwam de premie precies ook op het juiste moment.
Nou, laat ik maar eerst beginnen met het feit dat ik in de bijstand terecht was gekomen door een hele ongelukkige samenloop van omstandigheden. Dan kun je denken aan familieleden die wegvallen, ontslag, allerlei factoren. En depressie zat er ook in. Ja ik heb zo nog nooit hulp gekregen van de gemeente. Dit was eigenlijk de eerste keer dat ik iets op mijn rekening had ontvangen en ik geloofde het in het begin niet. Ik dacht, oh, dat zou wel een foutje zijn, dus ik had dat geld niet aangeraakt. Ik dacht, straks krijg ik weer terugvorderingen en allemaal van die belasting schandalen, toeslagaffaire, dus ik dacht, ik ga er niks mee doen. Toen nam ik contact op met de gemeente, met Zaffier, om te vragen hé, Ik heb dat geld ontvangen. Wat, is dat een foutje? Hij zei Nee, dat is een uitstroom premie, heeft je klantmanager jou dat niet verteld? Ik zeg: Ik heb mijn klantmanager noch nooit gezien, noch gesproken noch hulp gehad. Die heeft nooit wat voor mij beteken. Nee ik heb gemerkt van... Eigenlijk met de premie dat het juist op een heel perfect moment kwam, eigenlijk was ik net van plan met mijn vriendin, mijn ex nu. Dan gaan samenwonen en ik woon eigenlijk al soort van bij haar. Ik had geen bed hier meer, al heel weinig, ik had best wel veel opgeven.
Ja, dan krijg je die extra geld, dus dat mag wel iets beter, ik wel eens willen kopen, dan denk je niet na, ik krijg wel salaris, goede salaris, maar voor familie een persoon werken, dat vind ik een beetje moeilijk. Die geld die ik gekregen heb, dat is extra salaris, ongeveer een maand salaris of iets meer dan, dus echt prima.
Figuur 32- effect pilot armoedebeleid of leefsituatie van inwoners met uitstroompremie
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
44
7.5 Vrijwilligerspremie Acht van de negen inwoners die een vrijwilligerspremie ontvingen ervaren een positief tot zeer positief effect op de leefsituatie (Figuur 33). Ook onder deze inwoners lezen we in hun verhalen dat ze verrast waren door de premie en er meestal er ook niet van op de hoogte waren. We lezen in een aantal verhalen dat de premie besteed wordt aan vervanging van huisraad zoals een matras waar inwoners het lang mee moeten doen. Ze hebben de wens om deze te vervangen maar hebben het geld er niet voor. Door de premie hebben ze hun wens kunnen vervullen. Een ander aspect wat in de verhalen van deze inwoners naar voren komt is dat, los van de vrijwilligerspremie, het vrijwilligerswerk inwoners veel voldoening geeft. Het werk draagt bij aan een zinvolle dagbesteding.
Inwoner: Ik ben heel blij dat ik deze bedrag heb gekregen, nooit verwacht. Helpt mij veel met mijn ziekte, voor mijn auto. Ik heb laag inkomen, ik heb een auto en ik heb veel medicijnen, moet zelf kopen. Voor huis of iets nodig, kan ik niet kopen. Ik hoop ik elk jaar krijg. Interviewer: Dat snap ik, dus in de zin van u heeft de bijdrage gekregen, het helpt met medicijnen en dergelijke, heeft het u op nog wel andere manieren geholpen, naast gezondheid en naast het rond kunnen komen? Inwoner: Voor huis, nieuwe matras willen kopen voor mijn rug, was ook duur. Ik heb eigenlijk gekocht, maar was lenen, ik heb het geld teruggegeven. Was heel duur, meer dan duizend (euro) bed met goede matras. Ik heb probleem ook in mijn rug. Dus eigenlijk help je heel veel. Dat extraatje kwam goed uit, ik heb zoals iedereen een verlanglijstje. Ik heb het verlanglijstje met bepaalde dingen wat vrij duur is, en normaal kun je zeggen, ik wacht op mijn vakantiegeld, en dan kan ik daaraan besteden, maar dat heb ik dus niet gedaan en ik heb een lijstje met matrassen. Ik slaap al vijftien jaar op dezelfde matrassen en ik wilde eigenlijk al langer die matrassen vervangen, maar dat is nooit van gekomen. Je zit toch gauw op €500, vakantiegeld is €600 zoveel. Nou ik heb daar van dat geld dus matrassen gekocht en een kastje gekocht.
Toen heb ik dus nog een vergoeding gekregen vanuit de gemeente en daar heb ik mijn grote wens uit laten komen en daar heb ik een hele grote TV van gekocht. Interviewer: Hoe kijkt u naar de toekomst? U heeft nu een nieuw matras, beter voor de rug, het kan de medicijnen bekostigen, heeft u verder nog een beter uitzicht op de toekomst daardoor op gekregen?
Figuur 33- effect pilot armoedebeleid of leefsituatie van inwoners met vrijwilligerspremie
Inwoner: Ik vind heel goed, dan voel ik iets gedaan, ik krijg geld van mij eigen werk. Ik ben niet gehandicapt en niks doen. Dat is ook goed voor mijn gevoel, toen ik heb gewerkt, ik had niet verwacht geld te krijgen, ik wil alleen niet blijf thuis, ik mag blijf, maar ik ben zelf werk zoeken, want het is ook goed voor mij. Ik ben heel moeilijkste situatie gehad, was ik erg ziek, astma heb ik. En ik moet een beetje uit, voor mijn taal ook goed, ook beter. Ik kan niet veel doen, maar ik doe wat ik kan.
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
45
7.6 Aanvulling bijzonder bijstand Op het moment van evaluatie waren er drie inwoners die een aanvulling op de bijzonder bijstand kregen toegewezen. Één inwoner was bereid om aan de evaluatie mee te doen. Deze inwoner geeft aan dat de aanvulling een positief effect heeft op de leefsituatie. Uit het verhaal van deze inwoner maken we op dat met de aanvulling de inwoner blij was om daarmee iets voor zijn kinderen te kunnen doen. We signaleren een verhaal (rechtsonder) van een inwoner die zeer waarschijnlijk in aanmerking zou komen voor een aanvulling bijzonder bijstand maar deze niet heeft aangevraagd. We zien dat als een zwak signaal: mogelijk zijn er meer inwoners n die niet op de hoogte zijn van de steunvoorzieningen van de gemeente.
Figuur 34- effect pilot armoedebeleid of leefsituatie van inwoner met aanvulling bijzondere bijstand
Interviewer: Het gaat nu eigenlijk om datgene wat u, dan wel heeft gekregen van de gemeente, die laptops, heeft dat doordat uw dochters dat hebben gekregen, heeft dat voor u verschil gemaakt in uw leven, hoe u zich voelt? Inwoner: Voor de laptops bedoel je? Die is heel blij. Die kinderen blij met de laptops en makkelijk werken, nu een beetje ook met cijfers en huiswerk, beetje hoger, makkelijk eigen dingen doen met de laptop. Ja, het is heel verschil. Ja, want als jouw kinderen iets nodig en jij kan dat zelf geven? Dan voel je ook lekker. Jouw kinderen is belangrijk. Door de jaren, die vragen veel. Ik kan niet bijvoorbeeld, dat is moeilijk, dat maakt jou ook zorgen. Veel zorgen. Maar nu, ik heb alleen nog (onverstaanbaar) die heb ik echt, die verdient wel. Ik sta onder bewind, en woon net in Heerhugowaard. Vorig jaar heb ik het tegoed besteed bij rataplan vanwege de inrichting van mijn woning. Welke uitbreidingen de pas heeft weet ik niet. Ik ben COPD-patiënt, heb prikkelbaredarmsyndroom en meerdere lichamelijke klachten. Ben te kwiek voor een scootmobiel en heb dus een scooter waarvan ik het onderhoud zelf maar moeilijk betaal. Dus misschien pompstation of scooterdealer zou wat zijn. Verder is het met dagelijkse boodschappen een drama als je onder bewind staat, dus een supermarkt vindt ook altijd gretig aftrek als dit beschikbaar zou zijn op de pas.
Verder val ik qua zorg/ bijzondere bijstand net buiten de boot om bepaalde voorzieningen aan te kunnen vragen. Al twee jaar gaat mijn vakantiegeld naar tandartskosten en andere zorgkosten, naast mijn eigen risico van 385. Ik houd dus niks over. Ik verkeer nog in het stadium mijn huis af te maken met oogpunt mijn verslechterende gezondheid, daar heb ik is een warmtepompdroger voor nodig, met opgehangen was is het te vochtig voor mijn longen, en te belastend voor mijn schouders. Voorts dient er een afzuigkap te komen daar er nagenoeg geen afzuiging is. Elke dag na koken staat mijn huis stijf van het vet, wat veel schoonmaakwerk vergt en schoonmaakmiddel. Maar wanneer ik bijzondere bijstand aanvraag wordt steevast om doktersverklaringen gevraagd die daar niet content mee zijn. Ik hoop dat er op het gebied van bijzondere bijstand ook eens gekeken wordt of het anders kan. Ik heb een kapotte rug, knieën en schouders, en kan met mijn copd geen zware lichamelijke inspanningen aan zoals dagelijks vet en olie van mijn meubels poetsen die tijdens het koken vrijkomen. Of de hele dag in een vochtig huis zitten.
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
46
Totaalbeeld en beschouwing
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
47
8 Totaalbeeld en beschouwing Deze kwalitatieve evaluatie biedt inzicht in de impact van de pilot armoedebeleid op de leefsituatie en bestaanszekerheid van inwoners in de gemeente Dijk en Waard met een laag inkomen. Aan de hand van analyse van en betekenisgeving aan de resultaten van de evaluatie beantwoorden we in dit hoofdstuk de hoofdvragen van de evaluatie. Wat is de impact van de pilot armoede op de leefsituatie van inwoners? De voorzieningen uit de pilot armoedebeleid hebben een positieve invloed op het leven van inwoners met een laag inkomen. Uit de kwalitatieve evaluatie blijkt dat 75 procent van de inwoners ervaart dat de pilot een positieve tot zeer positieve bijdrage levert aan de leefsituatie. Meeste invloed op het gebied van levensplezier Een van de meest interessante uitkomsten is dat de pilot vooral bijdraagt aan het levensplezier van inwoners in verhouding tot andere levensgebieden als inkomen, fysieke en mentale gezondheid, sociale relaties, schulden, wonen en werken. Het vermogen om actief deel te nemen aan sociale activiteiten, met name voor en met hun kinderen, vergroot de levensvreugde. De mogelijkheid om betrokken te zijn bij het sociale leven geeft inwoners het gevoel dat ze ertoe doen en erbij horen.
Het is de bevestiging dat geluk en voldoening niet enkel voortkomen uit materieel bezit, maar vooral uit het gevoel van verbondenheid en het kunnen bijdragen aan het welzijn van anderen.
Mee kunnen doen met de samenleving De pilot heeft verder aangetoond hoe belangrijk het is voor inwoners om mee te kunnen doen met de samenleving. Deelnemen aan sportactiviteiten en het genieten van culturele uitjes zijn voor veel inwoners door de DijkenWaardPas geen onbereikbare luxe meer. Deze activiteiten zijn essentiële bouwstenen voor een gezonde en hechte gemeenschap, waarbij elke inwoner de kans krijgt om te groeien, te leren en te genieten. Ademruimte onder moeilijke omstandigheden In deze tijden, waar de kosten van levensonderhoud blijven stijgen, leert de pilot ons een belangrijke les over de waarde van financiële ademruimte. Het bieden van deze ruimte heeft een directe en positieve invloed op de leefsituatie van onze inwoners met een laag inkomen. Het heeft hen in staat gesteld om meer dan alleen te overleven; het geeft hun de mogelijkheid om te leven, te dromen en te plannen voor de toekomst. Wat is de impact van de pilot armoede op de bestaanszekerheid van inwoners? De kwalitatieve evaluatie van de pilot armoedebeleid werpt licht op een cruciaal aspect van het leven van inwoners met een laag inkomen: de bestaanszekerheid.
Hoewel de pilot bedoeld is als een steuntje in de rug om de leefsituatie te verbeteren, laten de resultaten zien dat bestaanszekerheid niet alleen gaat over zekerheid van inkomen maar ook om de zekerheid van een eerlijke verdeling van welvaart, de zekerheid gelijke kansen te hebben en
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
48
de zekerheid van een netwerk om je heen zodat je er ook zeker van kan zijn dat je er mag zijn. Pas als aan die voorwaarden is voldaan, kunnen inwoners vooruitkijken en zich ontwikkelen. Beperkte impact op bestaanszekerheid De bevindingen zijn duidelijk: de pilot heeft weinig effect gehad op de gevoelens van onze inwoners over hun bestaanszekerheid. We hebben onder de inwoners de gevoelens over de vier condities van sociale kwaliteit gepolst; sociale rechtvaardigheid, gelijkheid, verbinding en waardering. Deze condities worden over het algemeen gezien als belangrijke graadmeter van bestaanszekerheid. We zien dat de gevoelens over de vier condities gemiddeld genomen door de pilot armoedebeleid niet in positieve zin zijn veranderd. Een kwart van de inwoners geeft bovendien aan dat de extra steun uit de pilot armoedebeleid onvoldoende is om een positieve verandering in de leefsituatie tot stand te brengen. Afgenomen gevoelens over sociale rechtvaardigheid en gelijkheid Opvallend is dat gevoelens over sociale rechtvaardigheid en gelijke kansen onder 44 procent van de deelnemers zijn afgenomen. Dit wijst vooral op bezorgdheid over de verdeling van kansen en welvaart binnen de gemeenschap.
Een neutrale houding tegenover verbinding en waardering Wat betreft de verbinding met andere inwoners en het gevoel van waardering (het gevoel dat je er mag zijn) binnen de gemeenschap, blijken de gevoelens grotendeels neutraal. Dit betekent dat de pilot geen verandering heeft bewerkstelligd om het gevoel van sociale cohesie en het gevoel van erbij horen te versterken.
Kwetsbare groep inwoners met permanente bestaansonzekerheid Bestaansonzekerheid wordt met name gevoeld door inwoners die worstelen met arbeidsongeschiktheid, gezondheidsproblemen en schulden. Achterstand op één leefgebied resulteert vaak in achterstand op andere leefgebieden. Een deel van deze inwoners leeft permanent in bestaansonzekerheid. Ze voelen dat ze aan de onderkant van de sociale piramide staan. Opvallend veel alleenstaande moeders We zien in de evaluatie opvallend vaak alleenstaande moeders vertellen over de moeite die ze hebben om de eindjes aan elkaar te knopen. Wat we uit hun verhalen vooral lezen is dat een relatief zeker bestaan gemakkelijk verstoord kan worden door levensgebeurtenissen zoals scheiding, baanverlies, ziekte, of het overlijden van een naaste. Ze staan ineens alleen voor de uitdaging om met een beperkt inkomen rond te komen, terwijl ze ook zorgen voor hun kinderen en proberen vreugde in hun leven te vinden. Voor hen draagt de verbreding van de DijkenWaardPas daartoe onvoldoende bij. We constateren dat bestaansonzekerheid onder inwoners vooral gaat over onvoldoende grip hebben op het leven. De gemeente Dijk en Waard zou daarom niet alleen moeten inzetten op het bieden van financiële steun maar ook op het vergroten van grip. Wat is de invloed van de pilot armoedebeleid op het vertrouwen in de gemeentelijke organisatie van Dijk en Waard?
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
49
De evaluatie laat zien dat het vertrouwen van inwoners in de gemeente sterk samenhangt met het ervaren van gelijke kansen en het gevoel van waardering. Het besef ‘er te mogen zijn’ is een fundamenteel menselijke behoefte en wanneer een gemeente dit gevoel kan versterken, legt zij de basis voor een sterke, vertrouwensvolle relatie met haar inwoners. De positieve resultaten van de pilot op de leefsituatie zijn een bemoedigend teken dat de beleidsinitiatieven van de gemeente de juiste richting opgaan. Alle hoofdlijnen van de pilot, van financiële ondersteuning tot bredere toegang tot culturele en sportieve activiteiten, dragen een steentje bij aan een betere kwaliteit van leven van inwoners. Dit succes heeft een duidelijke boodschap: wanneer mensen zich ondersteund voelen in hun dagelijks leven, groeit hun vertrouwen in de instanties die deze ondersteuning bieden.
Vertrouwen tussen inwoners en gemeente is essentieel voor een effectief armoedebeleid. We schreven in hoofdstuk 2 dat zelfs wanneer de overheid met goede intenties handelt, deze vaak met scepsis worden ontvangen waardoor wantrouwen overheerst. Wanneer het vertrouwen van inwoners in de gemeente toeneemt, zijn ze sneller geneigd om overheidsvoorzieningen te gebruiken, wat leidt tot een versterking van hun bestaanszekerheid. In de beschouwing van deze uitkomsten ligt een impliciete uitnodiging aan het gemeentebestuur: blijf investeren in beleid dat mensen erkent, ondersteunt en kansen biedt. Het is dit beleid dat de vruchtbare grond legt voor vertrouwen en een gedeeld gevoel van gemeenschappelijke identiteit en doel. Het succes van de pilot tot dusver is een krachtige motivatie om door te gaan op deze weg en bevestigt de waarde van een gemeente die haar burgers centraal stelt.
De pilot laat zien dat er een verband lijkt te zijn tussen het element van verassing en sterke toename van vertrouwen in de gemeente. De verassing ontstaat onder andere doordat inwoners zonder aanvraag een vrijwilligers- of uitstroompremie ontvingen. Het element van verassing in deze pilot staat in schril contrast met dat sommige inwoners de weg naar voorzieningen niet weten te vinden of, zoals uit enkele verhalen blijkt, dat inwoners het aanvragen van sociale voorzieningen onnodig ingewikkeld vinden. Vereenvoudiging van aanvraag en automatische toekenning van voorzieningen uit het armoedebeleid zouden daarom het vertrouwen in de gemeente verder kunnen versterken.
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
50
Bijlage 1 Methodische verantwoording Sensemaking en narratief onderzoek Het is belangrijk te realiseren dat we gebruik maakten van een exploratieve onderzoeksmethode met als doel om complexe, multidisciplinaire en non-lineaire vraagstukken te doorgronden. We noemen dat ook wel sensemaking (Snowden, 2011; van der Merwe et al 2019)11. Sensemaking is een gemotiveerde, doorlopende inspanning om verbanden (zoals tussen mensen, gebeurtenissen en plaatsen) te begrijpen om te kunnen anticiperen op toekomstige ontwikkelingen en daarop effectief te acteren (Klein, 1999)12. Sensemaking en narratief onderzoek gaan goed samen omdat beide benaderingen zich richten op het begrijpen en construeren van betekenis in complexe situaties en gebeurtenissen. Narratief onderzoek richt zich op het onderzoeken van verhalen en vertellingen, en hoe ze betekenis geven aan ervaringen en gebeurtenissen. Verhalen zijn een belangrijk middel
om ervaringen te structureren en te organiseren, en om deze te delen met anderen. Hierbij geldt dat alles wat mensen vertellen onderdeel is van iemands persoonlijk verhaal13. Een verhaal hoeft daarmee niet per se een duidelijke structuur te bevatten om te worden aangeduid als ‘narratief’ en te worden benut als data binnen onderzoek14. Sensemaking richt zich op het identificeren van patronen en thema's. Gebaseerd op de natuurlijke manier waarop mensen informatie verwerken en gebruiken om betekenis te geven aan de wereld om hen heen. Daarbij komt het vooral aan op abductief redeneren15, ook wel playful reasoning16 genoemd: aannemelijke en potentieel rijke ideeën bedenken om verbanden te verklaren. Door sensemaking en narratief onderzoekt te combineren, ontstaat een dieper begrip van hoe mensen betekenis construeren en communiceren in complexe situaties.
11
Snowden, D. J. (2011). Naturalizing Sensemaking. In K. L. Mosier & U. M. Fischer (Eds.), Informed by Knowledge: Expert Performance in Complex Situations (pp. 223–234). Taylor & Francis. Van der Merwe, S., et al. (2019). Making Sense of Complexity: Using SenseMaker as a Research Tool. Systems, 7, 25. 12
14
Boje, D. M. (1991). The storytelling organization: A study of storytelling performance in an office supply firm. Administrative Science Quarterly, 36, 106126. Czarniawska, B. (2004). Narratives in Social Science Research. Sage Publications, Inc.
Klein, G. (1999). Sources of Power: How people make decisions. MIT Press. 15
13
Ricoeur, P. (1991). Life in Quest of Narrative. In D. Wood (Ed.), On Paul Ricoeur: Narrative and Interpretation. Routledge. Riessman, C. K. (1993). Narrative analysis. Qualitative Research Methods, 30. Sage.
Tavory, I., Timmermans, S. (2014). Abductive Analysis. Theorizing Qualitative Research. University of Chicago. 16
Klein, G. (2013). Seeing What Others Don’t: The Remarkable Ways We Gain Insights. Nicholas Brealey Publishing.
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
51
Verhalen en zelfduiding van verhalen Wij gebruikten een vorm van narratief onderzoek waarin de verteller zijn of haar verhaal (narratief) zelf direct voorziet van betekenis door een aantal gesloten vragen te beantwoorden. Deze vragen worden ook wel duidingsvragen genoemd en leveren kwantitatieve informatie op. Duidingsvragen minimaliseren de onderzoekersbias in interpretatie van de verhalen (Snowden 2011). Duidingsvragen zijn in principe bedoeld het exploratieve karakter van het onderzoek te versterken maar kunnen ook gebruikt worden om hypotheses te toetsen. Onze opvatting is echter het exploratieve karakter van de onderzoeksmethode zoveel mogelijk recht te doen en niet te vervallen in de valkuil van een traditionele enquête. De onderzoeksmethode is zeer geschikt om mensen op grote schaal te bereiken en kwalitatief hoogwaardige beleidsinformatie te krijgen. Op statistisch niveau ontstaat een beeld van wat leeft, de onderliggende verhalen geven context aan het beeld en vertellen hoe iets leeft. Conceptueel raamwerk Bij het ontwikkelen van de vragenlijst is gekozen om de onderzoeksvragen te operationaliseren naar een vragenconcept om effecten van de pilot armoedebeleid te kunnen evalueren. Hiervoor is in eerste instantie een literatuurverkenning naar armoede en bestaanszekerheid gedaan.
We hebben ons hierbij beperkt tot de literatuur van de volgende vooraanstaande kennisen onderzoekinstituten in Nederland op het gebied van sociale vraagstukken: het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Movisie, het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (NIBUD),
de Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving (RVS) en het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Aan de hand van publicaties van deze instituten zijn indicatoren opgesteld om de leefsituatie en de bestaanszekerheid van inwoners met een laag inkomen in beeld te brengen. Om inwoners een ervaringsverhaal te laten vertellen stelden we een aantal open (stimulerings) vragen. Gevraagd werd aan inwoners om te vertellen over: • De leefsituatie • Waarom inwoners de extra steun uit de pilot armoedebeleid goed kunnen gebruiken • Welke verandering wel of niet in het dagelijks leven ervaren wordt door de extra steun uit de pilot armoedebeleid • Hoe inwoners naar de toekomst kijken Duidingsvragen zijn een set van abstracte concepten en meerkeuzevragen waarmee de inwoner zijn of haar verhaal van betekenis voorziet en data genereert voor kwantitatieve analyse. Duidingsvragen volgen nadat het verhaal verteld is. In het onderzoek bestaan de duidingsvragen uit een combinatie van keuze-, schaal- en driehoeksvragen. Kenmerk van een schaalvraag is dat schaalwaarden ontbreken. Het is dan voor de respondent minder duidelijk om de sociaal wenselijke waarde te bepalen. De schaalvragen stimuleren intuïtieve en reflectieve beantwoording. Driehoeksvragen, ook triads genoemd, is een vraagvorm waarin antwoorden gepositioneerd worden tussen drie gelijkwaardige variabelen.
Deze vragen geven de respondent de ruimte om te laten zien hoe drie
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
52
gelijkwaardige variabelen zich ten opzichte van elkaar verhouden. Dit zet de respondent zoveel mogelijk aan tot introspectie en nuancering om de juiste balans tussen de variabelen te kiezen. De dichtheid (density) van respons in de driehoek geven de vector van dominerende elementen weer, afwijkingen zijn daarentegen zwakke signalen van potentiële kansen en risico’s. Ook is gebruik gemaakt van een multifactorvraag. De bezoeker plaatste hierbij 8 leefgebieden, in een matrix waarbij de x-as staat voor de mate van verandering die door de extra steun uit de pilot ervaren wordt en de y-as voor de mate van zorgen die in het dagelijkse leven ervaren wordt. Dataverzameling en ethiek Alle inwoners die tot de doelgroepen de pilot armoedebeleid behoren waren uitgenodigd om aan de kwalitatieve evaluatie mee te doen. In totaal zijn ongeveer 2100 inwoners uitgenodigd. Een respons verhogende maatregel was verloting van 100 cadeaubonnen van 20 euro. De onderzoeksmethode combineert elementen van zowel kwalitatief (narratief) als kwantitatief onderzoek, met een bijzondere focus op het narratieve aspect. Dit stelt ons in staat om diepgaand inzicht te verkrijgen in persoonlijke ervaringen en de achterliggende motivaties, overwegingen en gedragingen van individuen. Binnen de kwalitatieve onderzoekstraditie is er een
consensus dat, vanwege het verschijnsel van dataverzadiging17 (saturatie), een omvangrijke steekproef niet noodzakelijk is. Voor de kwantitatieve data-analyse hebben we een steekproefgrootte bepaald van 100 inwoners. De foutmarge van deze steekproefomvang is 10% bij een betrouwbaarheidsniveau van 95%. Deze iets ruimere foutmarge dan de standaard 5% maakt de steekproefgrootte zowel beheersbaar als betrouwbaar. Voor het onderzoek was de uiteindelijke steekproef van 143 inwoners daarom voldoende groot voor een kwalitatief betrouwbaar beeld en is het naar verdeling over de hoofdlijnen van de pilot ook een representatieve weergave. Voor de evaluatie waren inwoners die gebruik maken van de DijkenWaardPas en een seniorentoeslag ontvangen per brief uitgenodigd om via internet aan de evaluatie deel te nemen. De inwoners die een vrijwilligers-, uitstroompremie of aanvulling bijzondere bijstand ontvingen deelden hun verhaal aan zogenaamde verhalenbegeleiders. Een verhalenbegeleider benaderde een inwoner om diens verhaal in een persoonlijk gesprek af te nemen. De keuze voor deze combinatie van dataverzameling is bepaald om de gehele doelgroep de gelegenheid te geven aan de evaluatie mee te kunnen en daarmee tot een willekeurige en representatieve samenstelling van de steekproef te komen.
17
Het punt waarop het verzamelen van nieuwe gegevens geen nieuwe inzichten of thema's meer oplevert voor het onderzoek
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
53
Verhalenbegeleiders zijn geen ervaren interviewers maar mensen die oprecht interesse hebben in de verhalen van andere mensen en de mensen achter de verhalen. Hierbij is er geen directe relatie tussen inwoner en verhalenbegeleider om de kans op sociaal wenselijke antwoorden te minimaliseren. Eén verhalenbegeleider is geworven vanuit de ambtelijke organisatie van Dijk en Waard. De andere verhalenbegeleider kwam uit het netwerk van SenseGuide. De verhalenbegeleiders waren geïnstrueerd om dezelfde open vragen (stimuleringsvragen) te stellen als in de internetvariant van de evaluatie. De voornaamste taak van de verhalenbegeleider is ervoor te zorgen dat het verhaal voor analyse en betekenisgeving bruikbare elementen bevat. Verder gaven verhalenbegeleiders waar nodig toelichting bij het beantwoorden van de duidingsvragen. In geen geval was het de opdracht het verhaal en de beantwoording van de duidingsvragen inhoudelijk te sturen of te beïnvloeden. De onderzoekers hebben vastgesteld dat er van structurele sturing en beïnvloeding door de verhalenbegeleiders geen sprake is geweest. Verhalen zijn met audio-opname op een mobile device door de verhalenbegeleider vastgelegd, waarna de inwoner zelf de duidingsvragen kon beantwoorden. Hiervoor is gebruik gemaakt van de app SenseMaker. Audio-opnames zijn via een erkend en gekwalificeerd transcriptiebureau woordelijk uitgeschreven.
De tekstbestanden zijn vervolgens samengevoegd met de data uit de duidingsvragen.
geaggregeerd niveau gerapporteerd. Inwoners hadden daarbij de mogelijkheid om bepaalde persoonlijke vragen niet te beantwoorden. Alle audio-opnames zijn na transcriptie vernietigd. Analyse- en betekenisgevingsproces Nadat de fase van het verzamelen van data was afgerond volgde een proces van analyse van de data. Dit werd gedaan door een onafhankelijk onderzoeksteam van SenseGuide. De onderzoekers ging allereerst op zoek naar opvallende statistieken en patronen in de kwantitatieve data. De onderzoekers hadden de beschikking over een softwareapplicatie waarmee directe interactie met de data mogelijk was; ze konden filters toepassen en selecties maken om inzichten op te doen en deze verder te verfijnen. De individuele analyses zijn verzameld en geaggregeerd. De onderzoekers bespraken overeenkomsten en verschillen in de analyses en kwamen zo tot eerste inzichten en vragen. Hierna is een thematische analyse van alle verhalen uitgevoerd. Een methode om thema’s en verbanden uit kwalitatieve data te ontdekken. In dit proces worden verhaalfragmenten die in context, taal- en woordgebruik overeenkomen gecodeerd. Hierbij is een
Persoonsgegevens in dit onderzoek zijn niet herleidbaar tot namen en adressen en geanonimiseerd. Persoonskenmerken zijn op
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
54
open en flexibele manier van coderen toegepast (reflexive thematic analysis18). Dit werd gedaan met tekstanalysesoftware. Thematische analyse is enerzijds een fijne manier om bekend te raken met de vele verhalen van het onderzoek. Anderzijds komen patronen en verbanden naar voren die het analyseproces aanscherpen. Een leidend principe is echter om oordelen en interpretatie zo lang mogelijk uit te stellen zodat er ruimte is om nieuwe inzichten op te doen. De thema’s uit de thematische analyse en volledige verhalen zijn daarom samengevoegd met de kwantitatieve data (het geaggregeerde resultaat van de antwoorden op de duidingsvragen). Deze eerste inzichten en vragen vormden de basis voor de analyse van kwantitatieve data en verhalen. Hierbij gaat het vooral om verdieping van een inzicht of vraag. Dit komt tot stand door een cluster van verhalen en codes te analyseren die bij een kwantitatief resultaat hoort en daaruit thema’s en verbanden te identificeren. Zo zijn thema’s en verbanden vanuit verschillende invalshoeken geanalyseerd. De ervaring leert dat door het lezen van de verhalen gaandeweg andere inzichten en ook andere vragen ontstaan – door actief te werken met de data ontwikkelden de onderzoekers een eigen inzicht. Hiermee zijn de onderzoekers aan de slag gegaan en zijn de analyses weer gezamenlijk gedeeld, besproken en is een eerste
opzet van uitkomsten besproken met de opdrachtgever. Voor dit rapport zijn de uitkomsten en onderliggende analyses verwerkt tot een samenhangend geheel. Validiteit Validiteit is de mate waarin de uitkomsten geldig zijn en overeenkomen met de werkelijkheid. De validiteit van het onderzoek was als volgt versterkt: •
•
•
Voor het onderzoeksontwerp hebben de onderzoekers literatuurverkenning gedaan naar armoede en bestaanszekerheid. Verder zijn beleidsnota’s van de gemeente Dijk en Waard over het minimabeleid en de pilot armoedebeleid bestudeerd. Hieruit zijn de onderzoeksthema’s en indicatoren gedefinieerd en vastgesteld in overeenstemming met de opdrachtgever. De wijze van bevraging in het onderzoek is zoveel mogelijk indirect van aard en hypothesevrij. Inwoners vertellen ongestuurd en vrijuit hoe zij hun dagelijkse werkelijkheid ervaren. Dit verschilt sterk van een directe bevraging, zoals in veel onderzoeksmethodes het geval is, waarbij de inwoner vaak al kan inschatten wat het achterliggende doel is van de bevraging en waardoor sociaal wenselijkheid altijd een factor is om rekening mee te houden. De steekproef was voldoende groot en representatief.
18
Virginia Braun & Victoria Clarke (2019) Reflecting on reflexive thematic analysis, Qualitative Research in Sport, Exercise and Health, 11:4, 589-597
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
55
•
• •
Methodetriangulatie: de onderzoeksmethodiek maakt gebruik van een combinatie van kwalitatief en kwantitatief onderzoek, ook wel mixed method genoemd. De kwantitatieve en kwalitatieve data hangen in deze vorm van mixed method nauw met elkaar samen en worden gelijktijdig verzameld. Aanvullend vindt thematische analyse plaats waarbij kwalitatieve gegevens worden getransformeerd naar kwantitatieve gegevens. De kwantitatieve en kwalitatieve resultaten worden in samenhang geanalyseerd, gecontrasteerd en gerapporteerd. Datatriangulatie: resultaten uit het onderzoek zijn vergeleken met monitoringinformatie over de pilot armoedebeleid van Zaffier. Onderzoekstriangulatie: de inzichten zijn tot stand gekomen vanuit participatieve analyse en betekenisgeving zoals in de vorige paragraaf is beschreven.
Betrouwbaarheid De betrouwbaarheid van een onderzoek heeft betrekking op de wijze waarop het onderzoek controleerbaar en reproduceerbaar is (Boeije, 2005). De betrouwbaarheid van dit onderzoek is verhoogd door alle verhalen met audio-opname op te nemen en woordelijk uit te schrijven. Ook is de betrouwbaarheid vergroot door de data volgens het proces van thematisch coderen op een gestructureerde en navolgbare manier te verwerken. De onderzoeksdata worden digitaal opgeslagen en op een veilige manier bewaard. Daarmee is het onderzoek controleerbaar en reproduceerbaar voor anderen.
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
56
Bijlage 2 Geraadpleegde bronnen Beleidsnota’s gemeente Dijk en Waard Gemeente Dijk en Waard. 2023-08 Collegebericht voortgang pilot armoedebeleid 2023-2024 Gemeenteraad Dijk en Waard 359620. Raadsvoorstel en besluit pilot armoedebeleid 2023 Gemeente Dijk en Waard. Uitwerking Pilot Armoedebeleid 20232024 Gemeente Heerhugowaard. Armoedemonitor en inkomenseffectrapportage 2019
Publicaties armoede en bestaanszekerheid CBS (2021). Perspectieven op armoede en sociale uitsluiting- De sociale context van armoede CBS(2023). Perspectieven op armoede en sociale uitsluiting Armoede en sociale uitsluiting van Geuns, R. C. (null). (2022). Vertrouwen en bestaanszekerheid: wensdroom of noodzaak?., Hogeschool van Amsterdam Movisie (2022). Bestaanszekerheid onder druk Movisie (2022) Leefgebiedenwijzer. Versterken van eigen kracht van cliënten
Gemeente Heerhugowaard en gemeente Langedijk. Beleidskader Minimabeleid 2017 – 2020
RVS (2021). Gezichten van een onzeker bestaan
Gemeente Langedijk. Armoedemonitor en inkomenseffectrapportage 2019
RVS (2024). Van overleven naar bloeien Bestaansonzekerheid voorkomen en verminderen
Zaffier. Memo bijzondere bijstand Dijk en Waard. 16 maart 2023
SCP ( 2023) Eigentijdse ongelijkheid. De postindustriële klassenstructuur op basis van vier typen kapitaal. Verschil in Nederland 2023
Zaffier Memo DB beleidsregels bijzondere bijstand. 11 mei 2023 Data Zaffier. Monitoringsdocument pilot armoedebeleid CBS. Webinar armoede 6 februari 2024
SCP (2018). De SCP-methode voor het meten van armoede Werkplaatsen Sociaal Domein en Movisie (2022). Werken aan bestaanszekerheid; Gemeenten aan de slag vanuit het perspectief van inwoners
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
57
Kwalitatieve eerstejaarsevaluatie pilot armoedebeleid Dijk en Waard
58