Bijlage 3. GR HALte werk - Gecertificeerde jaarstukken 2022
Tekst van het document
31-12-22
Overige schulden
915.243
1.413.847
Totaal vlottende passiva
915.243
1.413.847
Overlopende passiva Boekwaarde Boekwaarde
Nog te betalen bedragen
31-12-21
31-12-22
7.841.120
4.980.376
Verplichting saldi verlofsparen (spaarverlof) Totaal overlopende passiva
321.064 7.841.120
5.301.440
2021
2022
Af te dragen loonheffing/zvw clienten
486.862
803.491
Schuldhulpverlening
961.738
805.938
Tussenrekeningen GWS
75.028
140.635
Restant voorschotten Tozo
2.366.350
Overige overlopende posten
3.803.330
Af te dragen/verrekenbare BTW
147.812
Specificatie van de nog te betalen bedragen
Totaal nog te betalen
7.841.120
3.230.312
4.980.376
Af te dragen loonheffing/zvw cliënten Het af te dragen bedrag eind 2022 is het maandelijkse reguliere bedrag aan loonheffing/zvw voor de cliënten van Halte Werk. In 2021 was dit inclusief verrekeningen voorgaande maanden. Schuldhulpverlening Deze gelden zijn enkel in beheer bij Halte Werk en zijn gereserveerd, en worden uiteindelijk doorbetaald aan schuldeisers en cliënten die in het budgetbeheer zitten. Restant voorschotten Tozo De restant voorschotten Tozo zijn in 2022 afgerekend met de gemeenten. Overige overlopende posten De overige overlopende posten bestaan voor een groot deel uit nog te betalen kosten ad € 2.500.000 en afdrachten loonheffing en pensioen van het eigen personeel. De daling ten opzichte van 2021 wordt grotendeels veroorzaakt door de afgehandelde vooruit ontvangen subsidies van 2021.
Pagina | 25
Jaarrekening
Verplichting saldi verlofsparen (spaarverlof) Boekwaarde Boekwaarde 31-12-21
31-12-22
Saldi spaarverlofuren
0
29.021
Saldi bovenwettelijke verlofuren
0
292.043
Totaal overlopende passiva
0
321.064
Verplichting verlofsparen (spaarverlof) Deze verplichting bestaat uit de waarde van de saldi van de spaarverlofuren ultimo 2022 ten bedrage van € 29.021 en de waarde van de saldi van de bovenwettelijke verlofuren ultimo 2022 ten bedrage van € 292.043. Op grond van een (recentelijke) uitspraak van de Commissie BBV moet in 2022 een financiële verplichting voor saldi spaarverlofuren worden opgenomen in de balans per 31 december 2022. Dit geldt eveneens voor saldi van bovenwettelijke verlofuren indien er geen sprake meer is van een jaarlijks vergelijkbare omvang (een voorspelbaar gelijkmatig kostenpatroon) en voor zover de saldi het karakter hebben gekregen van overmatige verlofsaldi.
3.3.3. Toelichting op lasten Realisatie
Begroot
Rekening
Afwijking t.o.v.
2021
2022
2022
Begroting 2022
10.888.000 10.888.000
10.533.190 10.533.190
11.618.000 11.618.000
1.084.810 1.084.810
1.195.000
1.354.136
1.474.000
119.864
- Huisvesting
513.000
545.829
491.000
-54.829
- Inkoop bedrijfsvoering
715.000
797.282
715.000
-82.282
1.941.000
1.074.280
2.790.000
1.715.720
PM
454.000
454.000
(bedragen x € 1) LASTEN 1. Personeel - Personeel primair en overhead Totaal personeel 2. Overhead - Automatisering
- Overige kosten - Bouwen aan Zaffier Totaal overhead
4.364.000
3.771.527
5.924.000
2.152.473
Totaal lasten
15.252.000
14.304.717
17.542.000
3.237.283
Personeel (-/-€ 1.084.810) De begroting van Halte Werk voor wat betreft personeelskosten is een historische begroting welke jaarlijks geïndexeerd wordt met een vast percentage. Organisatorische ontwikkelingen, alsmede demografische en landelijke ontwikkelingen worden niet meegenomen in de indexatie van dit budget. Zo worden nieuwe regelingen omtrent Energietoeslag, TOZO, leefgeldregeling ontheemden Oekraïners en de toeslagenaffaire niet meegenomen in de indexering van de personele begroting voor wat betreft overhead en bedrijfsvoering. Wel is in 2022 de beweging gemaakt om inhuur, die specifiek is ingezet voor regelingen en de transitie naar Zaffier, toe te rekenen aan die specifieke onderwerpen. In 2021 was, als gevolg van de bestuurlijke keuzes, het tekort op
Pagina | 26
Jaarrekening
personeel € 1.216.437. Het toerekenen van inhuur op de specifieke onderwerpen heeft geleid tot een daling van de personele tekorten naar het bedrag van € 1.084.810. Hierin is ook opgenomen een bedrag van € 321.061 voor verlofsparen. Met ingang van 1 januari 2022 moet volgens het Besluit begroting en verantwoording (BBV) een financiële verplichting voor verlofsparen bij niet gelijkblijvende omvang worden opgenomen. Van de personeelslasten is 10,7% (2021 11,0%) toe te rekenen aan overhead. Automatisering (-/- € 119.864) Halte Werk betaalt op basis van bestuurlijke besluitvorming een lager bedrag voor de dienstverlening van de gemeente Alkmaar. Verder wordt een voordeel behaald door efficiënter organiseren van een aantal diensten en scherper inkopen van licenties. Halte Werk is, als gevolg van het uitstellen van de operationele startdatum van Zaffier, geconfronteerd met meer ICT kosten dan begroot. Hierdoor is behaalde voordeel in 2021 omgeslagen in een nadeel in 2022. Huisvesting (+/+ € 54.829) In 2022 zijn de werkzaamheden, ingezet in 2021, voortgezet aan de huisvesting van Halte Werk. Diverse aanpassingen aan het pand zijn gerealiseerd, alsmede het vervangen van het meubilair. Door efficiënter en in eigen beheer te organiseren van een aantal diensten en minder af te nemen van de dienstverlening van de gemeente Alkmaar is er voordeel behaald.
Inkoop bedrijfsvoering (+/+ € 82.282) Halte Werk betaalt op basis van bestuurlijke besluitvorming een lager bedrag voor de dienstverlening van de gemeente Dijk en Waard. Overige kosten (-/- € 1.715.720) In 2022 zijn er verschillende posten die zorgen voor de overschrijding van de overige kosten. Er zijn extra onvoorziene kosten gemaakt als gevolg van de latere transitie naar Zaffier. Landelijke ontwikkelingen zorgen voor onvoorziene kosten als het gevolg van nieuw uit te voeren regelingen, zoals de uitvoering van de toeslagenaffaire, de energietoeslag en leefgeldregeling ontheemden Oekraïners welke vanuit het Rijk zijn geïntroduceerd gedurende het jaar 2022. Bouwen aan Zaffier (-/- € 454.000) Met het uitstellen van de operationele startdatum van Zaffier is er in de begroting Halte Werk van 2022 een pm post opgenomen met betrekking tot de transitiekosten. In september 2022 is, in overleg met de bestuurders, binnen de begroting van Halte Werk in de reguliere kosten een extra post van € 750.000 opgenomen om de transitiekosten van Zaffier te dekken. Dit heeft niet geleidt tot een negatief resultaat voor Halte Werk. Het betreft hier kosten die behoren tot de kerntaken van Halte Werk en die Halte Werk ook zou hebben gemaakt als Zaffier niet was opgezet. De in de jaarrekening ingevulde post ´Bouwen aan Zaffier´ is hier de concrete uitwerking van.
3.3.4. Toelichting op baten In totaliteit hebben de deelnemende gemeenten in 2022 € 13.715.000 bijgedragen. De bovenlokale gemeenten hebben in 2022 € 485.000 bijgedragen. De overige opbrengsten in 2022 zijn € 79.000. In 2022 was er totaal bovenlokaal en overig € 589.000 begroot. Dat betekent dus dat in 2022 € 25.000 minder door bovenlokalen gemeenten en overig is bijgedragen aan Halte Werk. Deze afwijking is enkel te wijten aan de ontvangsten vanuit de schuldhulpverlening. Er is € 36.000 minder aan inkomsten ontvangen door meer inzet van saneringskredieten. De incidentele baten bestaan uit verschillende losse baten welke voortvloeien uit extra werkzaamheden die vanuit de gemeenten aan Halte Werk zijn overgedragen. Onder deze werkzaamheden onder andere de uitvoering voor regeling voor energietoeslag, uitbetaling leefgelden Ontheemden Oekraïners, Toeslagenaffaire, nieuwe wet inburgering etc. Incidentele baten (+/+ € 4.701.000) Dit is een voordeel ten opzichte van de begroting 2022. De incidentele baten bestaan uit verschillende losse baten welke voortvloeien uit extra werkzaamheden die vanuit de gemeenten aan Halte Werk zijn overgedragen. Pagina | 27
Jaarrekening
In 2022 zijn, als gevolg van maatschappelijke ontwikkelingen, verschillende regelingen geïntroduceerd door het Rijk welke een grote impact hadden, zowel maatschappelijk als financieel voor Halte Werk als uitvoerende organisatie. Onder deze werkzaamheden vallen onder andere de uitvoering voor de regeling energietoeslag, uitbetaling leefgeldregeling ontheemden Oekraïners, Toeslagenaffaire, nieuwe wet inburgering etc.
(bedragen x € 1)
Realisatie
Begroot
Rekening
Afwijking t.o.v.
2021
2022
2022
Begroting 2022
12.666.000 12.666.000
13.715.351
13.715.000
13.715.351
13.715.000
-351 -351
463.000
474.366
485.000
10.634
79.000
-36.000
BATEN 1. Bijdragen deelnemers BVO Halte Werk - Bijdragen HAL gemeenten Totaal bijdragen deelnemers BVO Halte Werk 2. Opbrengsten / overige dekkingen - Bijdragen bovenlokale werkzaamheden - Ontvangsten schuldhulpverlening
103.000
115.000 -
4.701.000
Totaal opbrengsten / overige dekkingen
4.817.000 5.383.000
589.366
5.265.000
4.701.000 4.675.634
Totaal baten
18.049.000
14.304.717
18.980.000
4.675.283
Saldo van baten en lasten
2.797.000
-
1.438.000
1.438.000
Te betalen aan Alkmaar en Dijk en Waard
2.797.000
-
1.438.000
1.438.000
- Incidentele baten
Saldo
-
-
-
-
3.3.5. Rechtmatigheid begrotingsoverschrijdingen Realisatie
Begroot
Rekening
Afwijking t.o.v.
2021
2022
2022
Begroting 2022
10.888.000 10.888.000
10.533.190 10.533.190
11.618.000 11.618.000
1.084.810 1.084.810
1.195.000
1.354.136
1.474.000
119.864
- Huisvesting
513.000
545.829
491.000
-54.829
- Inkoop bedrijfsvoering
715.000
797.282
715.000
-82.282
1.941.000
1.074.280
2.790.000
1.715.720
PM
454.000
454.000
(bedragen x € 1) LASTEN 1. Personeel - Personeel primair en overhead Totaal personeel 2. Overhead - Automatisering
- Overige kosten - Bouwen aan Zaffier Totaal overhead
4.364.000
3.771.527
5.924.000
2.152.473
Totaal lasten
15.252.000
14.304.717
17.542.000
3.237.283
Begrotingsoverschrijdingen op de lasten Op totaal (programma) niveau is er sprake van een begrotingsoverschrijding op de lasten van € 3,2 miljoen. De begrotingsoverschrijding wordt veroorzaakt door activiteiten passend binnen het beleid dat Halte Werk voert. In de begroting worden enkel de reguliere werkzaamheden die Halte Werk voor de gemeenten uitvoert opgenomen. Alle extra regelingen en maatschappelijke vraagstukken van tijdelijke aard worden niet in de begroting opgenomen. Dit betreffen regelingen als de Kinderopvangtoeslagaffaire, de Energietoeslag, opvang van Oekraïners, etc. Tegenover de extra lasten die deze regelingen met zich meebrengen staan ook extra en direct gerelateerde baten,
Pagina | 28
Jaarrekening
welke dekkend zijn. Hieromtrent is het bestuur via de kwartaalrapportages (tijdig) geïnformeerd. Om deze reden telt deze begrotingsoverschrijding op de lasten van € 3,2 miljoen niet mee in het oordeel van de accountant over de financiële rechtmatigheid 2022. Personeel (-/- € 1.084.810) De begroting van Halte Werk voor wat betreft personeelskosten is een historische begroting welke jaarlijks geïndexeerd wordt met een vast percentage. Organisatorische ontwikkelingen, alsmede demografische en landelijke ontwikkelingen worden niet meegenomen in de indexatie van dit budget. Zo worden nieuwe regelingen omtrent Energietoeslag, TOZO, leefgeldregeling ontheemden Oekraïners en de kinderopvangtoeslagaffaire niet meegenomen in de indexering van de personele begroting voor wat betreft overhead en bedrijfsvoering. Wel is in 2022 de beweging gemaakt om inhuur, die specifiek is ingezet voor regelingen en de transitie naar Zaffier, toe te rekenen aan die specifieke onderwerpen. In 2021 was, als gevolg van de bestuurlijke keuzes, het tekort op personeel € 1.216.437. Het toerekenen van inhuur op de specifieke onderwerpen heeft geleid tot een daling van de personele tekorten naar het bedrag van € 1.084.810. Hierin is ook opgenomen een bedrag van € 321.061 voor verlofsparen.
Met ingang van 1 januari 2022 moet volgens het Besluit begroting en verantwoording (BBV) een financiële verplichting voor verlofsparen bij niet gelijkblijvende omvang worden opgenomen. Van de personeelslasten is 10,7% (2021 11,0%) toe te rekenen aan overhead. Automatisering (-/- € 119.864) Halte Werk betaalt op basis van bestuurlijke besluitvorming een lager bedrag voor de dienstverlening van de gemeente Alkmaar. Verder wordt een voordeel behaald door efficiënter organiseren van een aantal diensten en scherper inkopen van licenties. Halte Werk is, als gevolg van het onvoorzien uitstellen van de operationele startdatum van Zaffier, geconfronteerd met meer ICT kosten dan begroot. Hierdoor is behaalde voordeel in 2021 omgeslagen in een nadeel. Huisvesting (+/+ € 54.829) In 2022 zijn de werkzaamheden, ingezet in 2021, voortgezet aan de huisvesting van Halte Werk. Diverse aanpassingen aan het pand zijn gerealiseerd, alsmede het vervangen van het meubilair. Door efficiënter en in eigen beheer te organiseren van een aantal diensten en minder af te nemen van de dienstverlening van de gemeente Alkmaar is er voordeel behaald. Inkoop bedrijfsvoering (+/+ € 82.282) Halte Werk betaalt op basis van bestuurlijke besluitvorming een lager bedrag voor de dienstverlening van de gemeente Dijk en Waard.
Overige kosten (-/- € 1.715.720) In 2022 zijn er verschillende posten die zorgen voor de overschrijding van de overige kosten. Deze kosten worden gedekt door de incidentele baten welke voortvloeien uit extra werkzaamheden die vanuit de gemeenten aan Halte Werk zijn overgedragen. Landelijke ontwikkelingen zorgen voor onvoorziene kosten als het gevolg van nieuw uit te voeren regelingen, zoals de uitvoering van de toeslagenaffaire, de energietoeslag en leefgeldregeling ontheemden Oekraïners welke vanuit het Rijk zijn geïntroduceerd gedurende het jaar 2022. Bouwen aan Zaffier ( -/- € 454.000) Met het uitstellen van de operationele startdatum van Zaffier is er in de begroting Halte Werk van 2022 een pm post opgenomen met betrekking tot de transitiekosten. In september 2022 is, in overleg met de bestuurders, binnen de begroting van Halte Werk in de reguliere kosten een extra post van € 750.000 opgenomen om de transitiekosten van Zaffier te dekken. Dit heeft niet geleidt tot een negatief resultaat voor Halte Werk. Het betreft hier kosten die behoren tot de kerntaken van Halte Werk en die Halte Werk ook zou hebben gemaakt als Zaffier niet was opgezet. De post ´Bouwen aan Zaffier´ is hier de concrete uitwerking van. Rechtmatigheid investeringskredieten Er is ultimo 2022 geen sprake van investeringskredieten/budgetten die zijn overschreden. Pagina | 29
Jaarrekening
3.3.6. Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen Halte Werk is op grond van de GR verplicht om bepaalde prestaties af te nemen van de deelnemende gemeenten. Dit is onder andere de huur van het pand met bijbehorende facilitaire dienstverlening, de ICT-dienstverlening en de ondersteuning op het gebied van bedrijfsvoering. Deze zijn per 1 januari 2023 overgenomen door Zaffier. Tevens zijn diverse, niet opzienbarende, andere contracten van Halte Werk overgenomen door Zaffier per 1 januari 2023, dit betreffen onder andere 2 leaseauto’s en de deurwaarder.
Pagina | 30
Jaarrekening
3.3.7. WNT-verantwoording 2022 GR Halte Werk De bezoldiging van de leden van de directie en bestuur (en overige topfunctionarissen) over het jaar 2022 is als volgt: Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling
Gegevens 2022
J.M.M. Rutten
Functienaam
Directeur a.i.
In dienst vanaf (datum begin functievervulling)
1-7-2019
In dienst tot en met (datum einde functievervulling)
1-1-2023
(fictieve) dienstbestrekking
Ja
Deeltijdfactor (minimaal 0,025 fte)
100%
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
108.801
Voorzieningen ten behoeve van beloningen betaalbaar op termijn
18.532
Totaal bezoldiging uit hoofde van nevenwerkzaamheden
127.333
Individueel toepasselijke bezoldigingsmax.
216.000
Vergelijkende cijfers 2021 (Fictieve) dienstbetrekking? Deeltijdfactor (minimaal 0,025 fte)
Ja 100%
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Voorzieningen ten behoeve van beloningen betaalbaar op termijn Totaal bezoldiging uit hoofde van de functie van topfunctionaris
117.687
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
209.000
18.643 136.330
Toezichthoudende topfunctionarissen met totale bezoldiging van € 1.800 of minder Naam Functie VOOR WAARMERKINGSR. ter Beest Tot en met juni 2022 Voorzitter van het Bestuur DOELEINDEN G. Rep Tot en met juni 2022 Lid van het Bestuur en Verstegen accountants vanaf juli 2022 Voorzitter van het Bestuur en adviseurs B.V. J. Wedemeijer Vanaf juli 2022 Lid van het Bestuur B. Fintelman Tot en met juni 2022 Lid van het Bestuur 15/05/2023 d.d. ................... Per 1 juli 2019 is de heer J.M.M. Rutten a.i. Directeur geworden en ontvangt hiervoor een toelage. Deze toelage ontvangt de heer Rutten aanvullend op zijn reguliere bezoldiging als Afdelingshoofd. De maximale bezoldigingsnorm 2022 is gebaseerd op het ministersalaris 2022 (€ 216.000), waarbij bij de bezoldiging ook rekening gehouden dient te worden met eventuele belaste onkostenvergoedingen en de pensioenbijdrage van de werkgever. Voor elke interim functionaris bij wie het niet direct duidelijk is of de norm al dan niet overschreden wordt, en of de gegevens gepubliceerd dienen te worden, dient te worden gekeken naar de totale vergoeding in combinatie met de duur en omvang van de werkzaamheden. In 2022 is er bij de GR Halte Werk geen sprake
Pagina | 31
Jaarrekening
geweest van inhuur van topfunctionarissen.
3.3.8. Taakveldenrekening Taakveld 0.1 Bestuur
Saldo baten / lasten 2022 248
0.4 Ondersteuning organisatie
-7.340
0.8 Overige baten en lasten
-4.247
6.3 Inkomens-regelingen
5.525
6.5 Arbeidsparticipatie
2.711
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ Totaal
1.666 -1.438
3.3.9. Gebeurtenissen na balansdatum Per 1 januari 2015 is de GR BVO Halte Werk (bedrijfsvoering organisatie) in werking getreden en per 1 januari 2023 opgeheven. In deze GR nemen de gemeenten Alkmaar en Dijk & Waard deel, met als taakgebied het uitvoeren van de Participatiewet en daaraan verwante regelingen. Per 1 januari 2022 zijn de gemeenten Langedijk en Heerhugowaard operationeel gefuseerd en als gemeente Dijk en Waard deelnemers aan Halte Werk. De gemeenschappelijke regeling behartigt de belangen van de deelnemers gezamenlijk en van iedere deelnemer afzonderlijk met betrekking tot de in medebewind opgedragen wetten, voor zover de bevoegdheid daartoe de deelnemer toekomt en voor zover deze aan Halte Werk is gemandateerd. De bedrijfsvoering organisatie Halte Werk is gevestigd te Alkmaar en is een rechtspersoon als bedoeld in artikel 8, derde lid van Wet gemeenschappelijke regelingen. Per 1 april 2022 is het bestuurlijk orgaan (gemeenschappelijke regeling openbaar lichaam) Zaffier operationeel geworden. Vanaf 1 april 2022 tot en met 31 december 2022 heeft het bestuur van Zaffier Halte Werk gemandateerd tot het uitvoeren van de taken op het gebied van onder meer de Wet Schuldhulpverlening, het minimabeleid, de Participatiewet en de daaraan verwante regelingen en de nieuwe Wet Inburgering 2021.
Per 1 januari 2023 is Haltewerk met WNK en de Buch-werkorganisatie samengegaan in Zaffier en worden de operationele taken van Halte Werk door de nieuwe organisatie Zaffier uitgevoerd. De opheffing van de GR BVO Halte Werk betekent echter niet dat op 1 januari 2023 de liquidatie van de rechtspersoon Halte Werk per definitie geheel voltooid zal zijn. Halte Werk zal vanaf 1 januari 2023 naar verwachting nog ten hoogste een half jaar actief blijven voor onder meer de administratieve afwikkeling van een aantal lopende zaken. Halte Werk is dan in liquidatie en heeft geen taken of bevoegdheden meer die voor de gemeenten worden uitgevoerd. De verwachting is dat op 1 juli 2023 de liquidatie is afgerond. Het BT van Halte Werk is belast met de liquidatie. Het bestuur blijft ook na het tijdstip van opheffing in functie totdat de liquidatie is beëindigd. Halte Werk blijft bestaan tot op het moment dat de laatste verplichting is voldaan. Daarna houdt deze automatisch op te bestaan, daar is op bestuurlijk niveau geen aparte handeling voor nodig.
Pagina | 32
Nr. 715 Aan het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Halte Werk
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant A. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2022 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2022 van de Bedrijfsvoeringsorganisatie Gemeenschappelijke Regeling Halte Werk te Alkmaar gecontroleerd. Naar ons oordeel: • geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van zowel de baten en lasten over 2022 als van de activa en passiva van de Gemeenschappelijke Regeling Halte Werk op 31 december 2022 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV); • zijn de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2022 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, waaronder interne verordeningen van de gemeenschappelijke regeling, zoals opgenomen in het normenkader 2022 van de Gemeenschappelijke Regeling Halte Werk. De jaarrekening bestaat uit: 1 het overzicht van baten en lasten over 2022; 2 de balans per 31 december 2022; 3 de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen; en 4 de bijlage met het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld.
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) en de Regeling Controleprotocol Wet normering topinkomens (WNT) 2022 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van de Gemeenschappelijke Regeling Halte Werk zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
2
Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met de Regeling Controleprotocol WNT 2022 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is. Materialiteit Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 175.000. De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt voor fouten 1% en voor onzekerheden 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 lid 1 Bado. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in de Regeling Controleprotocol WNT 2022. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado.
Wij zijn met het bestuur overeengekomen dat wij aan het bestuur tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven de € 8.700 rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve, SiSa- of WNT-redenen relevant zijn.
B. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen andere informatie Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvatten de jaarstukken andere informatie, die bestaat uit: • inleiding met aanbiedingsbrief, infographic en hoofdlijnen van het financieel resultaat; en • het jaarverslag waaronder de paragrafen. Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.
C. Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het bestuur voor de jaarrekening Het bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met het BBV. Het bestuur is ook verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, waaronder interne verordeningen van de gemeenschappelijke regeling, zoals opgenomen in het normenkader van de Gemeenschappelijke Regeling Halte Werk.
3
In dit kader is het bestuur tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Het bestuur is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de organisatie. Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel.
Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Bado, de Regeling Controleprotocol WNT 2022, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze controle bestond onder andere uit: •
•
• •
het identificeren en inschatten van de risico’s o dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude, o dat baten en lasten alsmede de balansmutaties als gevolg van fouten of fraude niet in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing; het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden.
Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de organisatie; het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan; het vaststellen dat de door het bestuur gehanteerde afweging dat de gemeenschappelijke regeling in staat is de risico’s vanuit de reguliere bedrijfsvoering financieel op te vangen aanvaardbaar is. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de gemeenschappelijke regeling haar financiële risico’s kan opvangen. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de gemeenschappelijke regeling de financiële risico’s niet kan opvangen;
4
• •
het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen; en het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen en of de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen.
Wij communiceren met het bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing.
Dordrecht, 15 mei 2023
Verstegen accountants en adviseurs B.V.,
drs. J. Schot RA