Bijlage 2 ruimtelijke onderbouwing 10 maart 2023
Tekst van het document
Parkeren Tangentlocatie Heerhugowaard - 10 maart 2023
13
woningtype
woningen
koopappartement duur (> 125 m2 bvo)
beschikbare individuele bergingen
gemeenschappelijke berging
2
woningen
2
bergingen
koopappartement midden (75 tot 125 m bvo)
14
woningen
14
bergingen
-
n.v.t.
koopappartement goedkoop (<75 m2 bvo)(> 50 m2)
9
woningen
8
bergingen
2,7
fietsplekken
koopappartement goedkoop (<75 m2 bvo) (< 50 m2)
0
woningen
-
n.v.t.
-
n.v.t.
studio (< 45 m2 bvo)
12
woningen
-
n.v.t.
24
fietsplekken
totaal benodigd
36
woningen
24
bergingen
27
fietsplekken
2
-
n.v.t.
totaal beschikbaar
24
bergingen
0
fietsplekken
overschot/tekort
0
bergingen
-27
fietsplekken
Tabel 3.7: Oplossing fietsparkeren blok E
3.6
Conclusies fietsparkeren
Uit voorgaande paragrafen kan worden geconcludeerd dat bij blokken A, B, C en D van de Tangentlocatie in een passende parkeeroplossing voor het fietsparkeren van bewoners is voorzien. Bij blok E ontstaat een tekort van 27 fietsplekken. Aanvullend is uit hoofdstuk 2 gebleken dat 10 deelfietsen/deelscooters benodigd zijn, en dat tevens dient te worden voorzien in 102 extra fietsplekken voor bewoners. In totaal zijn daarmee 112 extra fietsplekken benodigd. Samen met het tekort uit blok E dient nog te worden voorzien in 139 fietsplekken bij de Tangentlocatie. In blok D ontstaat een overschot van 3 fietsplekken in de gemeenschappelijke berging. Daarnaast zijn nog 136 fietsplekken in een gemeenschappelijke fietsenstalling tussen de blokken B en C voorzien. In totaal zijn daarmee 139 fietsplekken beschikbaar. Dit is voldoende om te voorzien in de extra benodigde (deel)fietsplekken, een evenwicht ontstaat. Tot slot zijn in de blokken in totaal nog 24 parkeerplaatsen voor scooters voorzien. Deze scooterparkeerplaatsen zijn over de verschillende blokken verdeeld. Daarmee bestaat de mogelijkheid om een deel van de deelmobiliteit te voorzien op de fietsplekken, maar ook om een deel van de deelmobiliteit in de vorm van deelscooters beschikbaar te stellen aan toekomstige bewoners van de Tangentlocatie.
Bij de Tangentlocatie is daarmee voorzien in een passende oplossing voor het fietsparkeren.
Parkeren Tangentlocatie Heerhugowaard - 10 maart 2023
14
4. Conclusies Op de hoek van de Zuidtangent en de Westtangent te Heerhugowaard is M.J. de Nijs Project II voornemens om vijf woontorens te realiseren met in totaal 204 koopappartementen. Als gevolg van de ontwikkeling van de Tangentlocatie komen parkeerplaatsen rondom de ontwikkellocatie te vervallen. Om de te vervallen parkeerplaatsen te compenseren, dient in 24 openbaar toegankelijke parkeerplaatsen te worden voorzien. M.J. de Nijs Project II realiseert hiertoe 24 parkeerplaatsen die binnen het parkeervergunningengebied worden teruggebracht. Ten behoeve van de toekomstige bewoners en bezoekers van de Tangentlocatie worden op eigen terrein 175 parkeerplaatsen gerealiseerd. Bewoners van de Tangentlocatie zullen op deze parkeerplaatsen parkeren, aangezien zij niet in aanmerking komen voor een bewoners- of een bezoekersparkeervergunning. Conform de concept parkeernormen van de gemeente Dijk en Waard – waarmee concreet invulling wordt gegeven aan een gesprek over vermindering van het aantal parkeerplaatsen – zijn ten behoeve van de ontwikkeling 173 parkeerplaatsen benodigd, waarvan 5 parkeerplaatsen exclusief beschikbaar zijn voor deelauto’s. Hierbij is rekening gehouden met de reducties betreffende de inzet van deelauto’s, deelfietsen en het realiseren van extra fietsplekken. Daarmee wordt bij de ontwikkeling in voldoende parkeerruimte voorzien.
Bij de Tangentlocatie is daarmee dan ook sprake van een passende autoparkeeroplossing. Naast ruimte voor autoparkeren is bij de Tangentlocatie ook ruimte voor fietsparkeren beschikbaar. De fietsparkeeropgave is per bouwblok in beschouwing genomen, omdat het fietsparkeren inpandig ofwel in de directe nabijheid van de hoofdingang van het woningcomplex gerealiseerd dient te worden. Voor bouwblokken zijn deels individuele bergingen conform Bouwbesluit voorzien, en wordt deels voorzien in een gelijkwaardige oplossing voor een individuele berging door het realiseren van een gemeenschappelijke fietsenberging per bouwblok. Voor blokken A, B, C wordt voldaan aan de eisen conform het Bouwbesluit. In blok D wordt een gemeenschappelijke fietsenberging gerealiseerd waar in ruim voldoende fietsplekken is voorzien. In blok E zijn geen fietsplekken voorzien, er ontstaat een opgave om te voorzien in 27 fietsplekken. Aanvullend dient, conform de concept Nota Parkeernormen te worden voorzien in 10 parkeerplaatsen voor deelfietsen en 102 extra fietsplekken voor bewoners. In totaal zijn daarmee 112 extra fietsplekken benodigd. Samen met de opgave voor blok E zijn 139 fietsplekken benodigd. Tussen blokken B en C is een gemeenschappelijke fietsenberging voorzien waar 139 fietsplekken beschikbaar zijn. Tevens zijn 24 parkeerplaatsen voor scooters beschikbaar.
Bij de Tangentlocatie is daarmee dan ook sprake van een passende fietsparkeeroplossing.
Parkeren Tangentlocatie Heerhugowaard - 10 maart 2023
15
Bijlage 1 Memo parkeren Tangentlocatie (bijlage 2)
Parkeren Tangentlocatie Heerhugowaard - 10 maart 2023
16
Parkeren Tangentlocatie Heerhugowaard - 10 maart 2023
17
Parkeren Tangentlocatie Heerhugowaard - 10 maart 2023
18
Goudappel BV werkt vanuit Amsterdam, Den Haag, Deventer, Eindhoven en Leeuwarden en via onze partners in het buitenland Snipperlingsdijk 4
Postbus 161
+31(0) 570 666 222
BTW NL 0072 11 879 B01
7417 BJ Deventer
7400 AD Deventer
info@goudappel.nl
KVK
Nederland
Nederland
Parkeren Tangentlocatie Heerhugowaard 10 maart 2023 www.goudappel.nl IBAN NL09 INGB 0001 2746- 32
3801 7479
19
Quick scan ecologie Koraal 38 Heerhugowaard
10 september 2020, correctie 4 juli 2022
Pagina 1
Samenvatting
Inhoud
Inleiding
Op het perceel van Koraal 38 worden plannen voorbereid voor het bouwen van 5 woontorens en een tweelaags deels verdiepte parkeergarage. Onderzocht is of er effecten op beschermde soorten kan ontstaan.
2 – Inleiding
Op de planlocatie staat geen bebouwing. Op voorhand kan de aanwezigheid van beschermde soorten worden uitgesloten. In de aanwezige begroeiing zijn geen huismussen waargenomen deze zijn hier niet te verwachten. Er is geen afdoend onderzoek nodig naar deze soorten.
9 – Advies & Bronnen
3 – Beschrijving gebied 4 – Waarnemingen 7 – Analyse
De werkzaamheden bevatten het bouwen van 5 woontorens en het creëren van parkeergelegenheid. Voor de werkzaamheden zijn graafmachines, kranen en heistellingen nodig. Ook zal er bouwverkeer ontstaan. Gezien de omvang van het project is Een berekening naar de stikstofdepositie noodzakelijk.
Op het perceel van Koraal 38 worden plannen voorbereid voor het bouwen van 5 woontorens en een tweelaags deels verdiepte parkeergarage. Voor de ruimtelijke plannen wordt een ruimtelijke procedure doorlopen. Onderdeel van de procedure is een onderzoek naar de potentiële aanwezigheid van beschermde soorten en het maken van een analyse van de mogelijke effecten op die soorten, als gevolg van de werkzaamheden. Hiervoor is door bureau Els & Linde een oriënterend onderzoek uitgevoerd. Het voorliggende rapport geeft een beschrijving van het oriënterend onderzoek naar de effecten op natuurwaarden. Om een goed oordeel te geven over de potentieel aanwezige beschermde planten en dieren, is op 9 september 2020 door een ecoloog van bureau Els & Linde, een bezoek gebracht aan de planlocatie. Ter plekke is beoordeeld of er beschermde soorten aanwezig kunnen zijn, die schade kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen. Daarbij is gezocht naar sporen van dieren en is op basis van de begroeiing en de opbouw van het landschap, geschat of er beschermde soorten aanwezig kunnen zijn. De effecten worden beoordeeld als gevolg van de veranderde omgeving en het veranderde gebruik. Verder wordt geanalyseerd of de werkzaamheden die noodzakelijk zijn om de veranderingen te bereiken, een effect veroorzaken.
Colofon Rapport op 4 juli 2022 aangepast m.b.t. de bouwopgave.
Opdrachtgever Projectnummer Datum Auteur Gecontroleerd Status
Bouwbedrijf M.J. de Nijs en Zonen B.V. 20.338 10 september 2020, 4 juli 2022 F. A. Neuteboom P.J.H. van der Linden concept
Els & Linde B.V. Spechtstraat 59 1223 NX Hilversum mob 06 - 27564247 e-mail vanderlinden@elsenlinde.nl Ligging van de percelen
Pagina 2
H02
Planomgeving: locatie, omgeving en beschermde natuurgebieden De planlocatie ligt aan de Koraal 38 en binnen de bebouwde kom van Heerhugowaard. De planlocatie wordt omsloten door een N-weg en bebouwing. Het perceel ligt op ruim 8 km afstand van het Natura 2000-gebied ‘Eilandspolder’ en ‘Noord-Hollands duinreservaat’. Het Natuurnetwerk Nederland ligt op ruim 1,5 km afstand van de planlocatie De werkzaamheden betreffen de volgende onderdelen: • Bouwen van 5 woontorens • Creëren van tweelaags, deels verdiepte parkeergarage Natura 2000 Via de Natura 2000 zijn gebieden beschermd van internationaal belang. Voor deze gebieden zijn doelstellingen geformuleerd voor het behoud van habitats en planten en dieren. Deze Natura 2000-gebieden zijn ook beschermd tegen invloeden van buiten, zoals stikstofdepositie en grondwaterstromen. Voor de functie waardoor de depositie van stikstofverbindingen toeneemt, is een berekening noodzakelijk van de effecten.
Ligging van de Natura 2000-gebieden.
Natuurnetwerk Nederland Door nieuwe natuur te ontwikkelen, kunnen natuurgebieden met elkaar worden verbonden. Zo kunnen planten zich over verschillende natuurgebieden verspreiden en dieren van het ene naar het andere gebied gaan. Het totaal van al deze gebieden en de verbindingen ertussen vormt het natuurnetwerk Nederland.
Ligging van het Natuurnetwerk Nederland.
Pagina 3
H03
Waarnemingen: veldgegevens en gegevens uit de literatuur Werkwijze Het onderzoek is uitgevoerd als een quick scan ecologie. Voor zo’n onderzoek wordt door een ecoloog beoordeeld of er een kans is op aanwezigheid van beschermde soorten. Daarbij wordt gelet op de structuur van de omgeving, aanwezige habitats en landschapselementen. Tevens wordt gezocht naar sporen van beschermde soorten. Een quick scan is tevens bedoeld als afbakening van een eventueel afdoend onderzoek. De quick scan bestaat uit de volgende activiteiten: • Een literatuur/bronnenonderzoek met betrekking tot de potentieel aanwezige beschermde soorten binnen de planlocatie. • Een veldbezoek waarbij de locaties worden beoordeeld op habitatgeschiktheid voor beschermde soorten. Hierbij worden bijvoorbeeld de te kappen bomen beoordeeld op geschiktheid voor vleermuizen en jaarrond beschermde nesten. • Voor de aangetroffen strikt beschermde soorten wordt, door een beschrijving van de ecologische functionaliteit van het gebied (foerageergebied, migratieroute, voortplantingsgebied of winterverblijf, enz.), aangegeven hoe het gebied door iedere soort wordt gebruikt. • Een schatting van de impact van de werkzaamheden op de (potentieel) aanwezige beschermde soorten. • Een effectbeoordeling gericht op (eventueel) nabij gelegen beschermde natuurgebieden (Natura 2000-gebieden, Natuurnetwerk en Weidevogelleefgebied).
Om een goed oordeel te kunnen geven is op 9 september 2020 door een ecoloog een bezoek gebracht aan de planlocaties. Tijdens het veldbezoek is onderzocht of er in potentie beschermde planten en dieren aanwezig zijn binnen de planlocaties. Daarvoor is gezocht naar sporen en andere aanwijzingen van planten en dieren. Op basis van de aanwezige herkenbare begroeiing en habitats, is beoordeeld of er leefgebieden aanwezig zijn voor beschermde soorten. Aanvullend is een bureaustudie uitgevoerd naar de potentieel voorkomende planten en dieren in de directe omgeving van de planlocaties. Hierbij is een bronnenonderzoek uitgevoerd, waarbij de verschillende relevante en actuele informatiebronnen zijn geraadpleegd. Bij de analyse van de effecten is gelet op de effecten veroorzaakt door de veranderde omgeving en het veranderde gebruik. Daarnaast zijn de effecten bepaald die veroorzaakt worden door de ruimtelijke ontwikkelingen. Daarbij is naast de planlocaties sec. gelet op de directe omgeving en de effecten op soorten in de omgeving. In de voorliggende notitie worden de resultaten van de quick scan ecologie besproken. Waarnemingen In onderstaande paragrafen worden de soortengroepen beschreven die binnen de planlocaties en de directe omgeving zijn aangetroffen of te verwachten.
Tijdens het veldbezoek van 9 september 2020 is onderzocht of er in potentie beschermde planten en dieren aanwezig zijn binnen de planlocaties.
Pagina 4
Bronnenonderzoek Voor het onderzoek naar potentieel aanwezige beschermde soorten zijn de beschikbare regionale en landelijke verspreidingsatlassen en enkele digitale bronnen geraadpleegd. Er zijn geen waarnemingen geregistreerd door derden. Vegetatie en planten Op de planlocatie is een ruderale vegetatie en een kruidenrijk grasland aanwezig. Geen van de waargenomen soorten is beschermd. Zoogdieren Juridisch zwaarder beschermde soorten Vleermuizen zijn de belangrijkste groep strikt beschermde dieren die verwacht kunnen worden. Vleermuizen kunnen schade ondervinden van de ruimtelijke ontwikkelingen en kunnen hierdoor een belemmering zijn. De planlocaties en de directe omgeving zijn daarom nauwkeurig onderzocht op de aanwezigheid van potentieel geschikte verblijfplaatsen voor vleermuizen, evenals vliegroutes en foerageergebieden. Verblijfplaatsen Vleermuizen zijn in twee groepen te verdelen; enerzijds de soorten die in gebouwen een verblijfplaats hebben en anderzijds de soorten die in bomen een verblijfplaats hebben. De kraamkolonie van de laatvlieger (Eptesicus serotinus) en de gewone dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus) komen – voor zover bekend - alleen in gebouwen voor. Ze wonen in de spouwmuur, achter betimmering, onder daklijsten en dakpannen.
De vaste verblijfplaatsen van de ruige dwergvleermuis (Pipistrellus nathusii) en de watervleermuis (Myotis daubentonii) kunnen zowel in spleten en gaten in bomen, als in gebouwen voorkomen. Ze kiezen in de regel gebieden met een groot aanbod aan geschikte holten op een klein oppervlak. Er zijn geen gebouwen of ruimtes gevonden waar vleermuizen worden verwacht. De aanwezigheid van vleermuizen kan op voorhand worden uitgesloten. Potentiële vliegroutes en foerageergebieden Langs de planlocatie zijn verschillende gebouwen waar vleermuizen aanwezig kunnen zijn. Het plangebied kan als foerageergebied dienen. Het is echter geen essentieel jachtgebied omdat in de omgeving verschillende geschikte jachtgebieden voorkomen. Laag beschermde zoogdieren Op de planlocatie is kans op aanwezigheid van grondgebonden zoogdieren zoals muizen en egels. Vogels Jaarrond beschermd nest Tijdens het ecologisch onderzoek is gezocht naar aanwijzingen voor het voorkomen van vogels met een vaste verblijfplaats binnen het plangebied. Gekeken is naar potentieel geschikte nestplekken voor vogels met een jaarrond beschermd nest.
Pagina 5
Er zijn geen gebouwen of ruimtes aanwezig binnen het plangebied waar een huismus zou kunnen nestelen. Er zijn geen huismussen waargenomen in het plangebied. De aanwezigheid van huismussen kan op voorhand worden uitgesloten. Ook voor de gierzwaluw is geen geschikt habitat waargenomen. De aanwezigheid van gierzwaluw kan op voorhand worden uitgesloten. Rond de planlocatie zijn plekken waar huismussen aanwezig kunnen zijn. De werkzaamheden hebben geen invloed op deze plekken. Algemene broedvogels Voor andere algemene broedvogels is er mogelijkheid om zich in de bomen en struiken rond de planlocatie te vestigen en te broeden. Herpetofauna en vissen Er is geen oppervlakte water aanwezig binnen het plangebied. De aanwezigheid van herpetofauna en vissen kan op voorhand worden uitgesloten. Overige soorten Er zijn, gezien de voorkomende biotopen, geen beschermde bijzondere insecten of overige soorten te verwachten binnen de planlocaties. Deze soorten stellen hoge eisen aan hun leefgebied; de planlocatie voldoet hier niet aan. De aanwezigheid van beschermde overige soorten worden daarom uitgesloten binnen de planlocaties.
Pagina 6
H05
Analyse: beoordeling van de effecten op de natuurwaarden Bij de analyse wordt gelet op de effecten als gevolg van het veranderde gebruik en de veranderde inrichting. Daarnaast wordt gelet op de effecten als gevolg van de werkzaamheden om de veranderingen te bereiken. Voor zover planlocaties binnen het Natuurnetwerk Nederland, het weidevogelleefgebied, Natura 2000 of andere beschermde natuurgebieden liggen, worden de effecten op deze beschermde natuurgebieden getoetst. Voor de Natura 2000 gebieden is de externe werking eveneens van belang; de belangrijkste externe effecten worden veroorzaakt door toename van depositie, geluid en licht. Daarnaast kunnen veranderde grondwaterstromen een effect veroorzaken. Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming kent een afdeling voor soortbescherming en een afdeling voor gebiedsbescherming. Binnen de gebiedsbescherming zijn de Natura 2000-gebieden beschermd. De bescherming geldt ook voor externe factoren; zoals grondwaterstromen en stikstofdepositie. De soortbescherming binnen de Wet natuurbescherming richt zich op de internationale afspraken, en geeft een uitbreiding van de beschermde soorten door aan de rode lijst (bedreigd en ernstig bedreigd) een beschermd status te koppelen. Binnen de bebouwde kom is de belangrijkste wijziging in de beschermde soorten het vervallen van de bescherming op muurplanten en orchideeën.
Beschermde soorten Op de planlocatie kan de aanwezigheid van beschermde soorten op voorhand worden uitgesloten. Een afdoend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk. Zorgbeginsel Binnen het gebied is een geringe kans op algemeen voorkomende soorten waarmee rekening moet worden gehouden. Aangetroffen dieren die niet uit zich zelf het werkgebied kunnen verlaten, dienen – onder begeleiding van een ecoloog - in veiligheid te worden gebracht en buiten het werkgebied te worden uitgezet. Schuilplekken zoals bladhopen, hout- en steenstapels e.d. dienen eerst te worden gecontroleerd op schuilende dieren. In zijn algemeenheid dienen geschikte schuil- en overwinteringsplekken voor dieren buiten het werkterrein intact te worden gelaten. Eventueel noodzakelijk kap moet buiten de kwetsbare periode (winter) worden uitgevoerd en voorafgaand aan de kap (of het anderszins vrijstellen van een werkplek) is het verstandig een ecoloog te laten beoordelen of effecten zijn te verwachten en eventueel maatregelen te (laten) nemen om die effecten te verminderen. Natura 2000 De planlocatie ligt aan de Koraal 38 en binnen de bebouwde kom van Heerhugowaard. De planlocatie wordt omsloten door een N-weg en bebouwing. Het perceel ligt op ruim 8 km afstand van het natura-2000 gebied ‘Eilandspolder’ en ‘Noord-Hollands duinreservaat’.
Het Natuurnetwerk Nederland ligt op ruim 1,5 km afstand van de planlocatie. De werkzaamheden bevatten het bouwen van 5 woontorens en het creëren van een
Pagina 7
H06
Conclusie, advies en gebruikte bronnen Op het perceel van Koraal 38 worden plannen voorbereid voor het bouwen van 5 woontorens en een tweelaags deels verdiepte parkeergarage. Voorliggend rapport betreft een onderzoek naar effecten op natuurwaarden. Door een ecoloog van bureau Els & Linde B.V. is op 9 september 2020 beoordeeld of er beschermde planten- en diersoorten aanwezig zijn binnen de planlocatie en of deze soorten schade ondervinden van de gewenste ontwikkelingen. Beschermde soorten Op de planlocatie kan de aanwezigheid van beschermde soorten op voorhand worden uitgesloten. Een afdoend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk.
– – – – –
– –
Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland De planlocatie ligt aan de Koraal 38 en binnen de bebouwde kom van Heerhugowaard. De planlocatie wordt omsloten door een N-weg en bebouwing. Het perceel ligt op ruim 8 km afstand van het Natura 2000-gebied ‘Eilandspolder’ en ‘Noord-Hollands duinreservaat’ . Het Natuurnetwerk Nederland ligt op ruim 1.5 km afstand van de planlocatie. De werkzaamheden bevatten het bouwen van 11 woontorens en het creëren van parkeergelegenheid. Voor de werkzaamheden zijn graafmachines, kranen en heistellingen nodig. Ook zal er bouwverkeer ontstaan. Gelet op de omvang van het werk en de afstand tot stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden kan een verhoogde depositie niet worden uitgesloten. Een berekening van de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden is noodzakelijk. Andere aantastingen van kwalificerende habitats of soorten in het Natura 2000-gebied door de ruimtelijke ontwikkelingen, kunnen worden uitgesloten.
–
–
–
– – –
Anonymus (2017). Kennisdocument huismus, BIJ12 Anonymus (2017). Kennisdocument gierzwaluw, BIJ12 Anonymus (2017). Kennisdocument gewone dwergvleermuis, BIJ12 Dietz, Chr., O. von Helversen & D. Nill (2012) Vleermuizen. Alle soorten van Europa en Noordwest-Afrika. Trition Natuur Hoogeboom, D.M., F. Visbeen, J. Wondergem, W. Ruitenbeek (2014) Atlas van de Noord-Hollandse zoogdieren. NOZOS, Landschap NoordHolland. Kaag, K. (2012) Vlinders van Duin tot Dijk. De dagvlinders van NoordHolland 2000-2009. Vlinderstichting, Landschap Noord-Holland. Kapteyn, K. (1995) Vleermuizen in het landschap. Schuyt & co, Haarlem. Riet, B. van, H. van der Goes, Th. Baas, C. van den Tempel, W. Menkveld & F. Visbeen (2014) Atlas van de Noord-Hollandse flora. Landschap Noord-Holland. Scharringa, C.J.G., W. Ruiterbeek & P.J. Zomerdijk (2010) Atlas van de Noord-Hollandse broedvogels 2005-2009. SVN, Landschap Noord-Holland. Simon, M., S. Hüttenbügel & J. Smit-Viergutz (2004) Ökologie und Schutz von Fledermäusen in Dörfern und Städten. Bundesamt für Naturschutz, Bonn. Synbiosis Alterra natura 2000 provincienoordholland.nl waarneming.nl
Pagina 9
parkeergarage. Voor de werkzaamheden zijn graafmachines, kranen en heistellingen nodig. Ook zal er bouwverkeer ontstaan. Gelet op de omvang van het werk en de afstand tot stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden kan een verhoogde depositie niet worden uitgesloten. Een berekening van de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden is noodzakelijk. Andere aantastingen van kwalificerende habitats of soorten in het Natura 2000-gebied door de ruimtelijke ontwikkelingen, kunnen worden uitgesloten. Natuurnetwerk Nederland De gebieden die onderdeel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland liggen ook op ongeveer 600 m afstand van het perceel. Gelet op de afstand, aard en de omvang van het voornemen, wordt echter geen effect verwacht.
Pagina 8
Rapportage Stikstofdepositie
Nieuwbouw 204 Appartementen “Tangent” te Heerhugowaard
Projectnr: Datum: Versie: Contactpersoon:
2211859 23 juni 2022 2.1 Paul van Meer
2211859 Nieuwbouw 204 Appartementen “Tangent” te Heerhugowaard Rapportage Stikstofdepositie 23 juni 2022
Inhoudsopgave 1.
Inleiding........................................................................................................................................................... 3
2.
Situatie ............................................................................................................................................................ 3 2.1 2.2 2.3
Rekenpunten ......................................................................................................................................... 4 Realisatiefase ......................................................................................................................................... 5 Gebruiksfase .......................................................................................................................................... 6
3.
Conclusies ....................................................................................................................................................... 7
I.
Bijlage ‘Rapportage AERIUS Calculator Gebruiksfase’ ..................................................................................... I
II.
Bijlage ‘Situatietekeningen locatie’ ................................................................................................................. II
-2-
Dan weet u het exact.
2211859 Nieuwbouw 204 Appartementen “Tangent” te Heerhugowaard Rapportage Stikstofdepositie 23 juni 2022
1.
Inleiding
Op de hoek van de Westtangent en de Zuidtangent in Heerhugowaard worden 204 appartementen gerealiseerd. Voor de gebruiksfase van de nieuw te bouwen appartementen, zijn met behulp van de AERIUS Calculator berekeningen gemaakt om te kunnen bepalen of er sprake is van een toename van stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden in de omgeving. Voor de werkzaamheden met betrekking tot de realisatie/aanlegfase geldt vanaf 1 juli 2021 een vrijstelling. In de berekeningen is gebruik gemaakt van de AERIUS-Calculator 2021.1.
2.
Situatie
Het project bestaat uit 5 stuks appartementen gebouwen, met in totaal 204 appartementen. De nieuw te bouwen appartementen worden niet voorzien van een gasaansluiting maar worden verwarmd d.m.v. een warmtepomp. Voor het berekenen van de stikstofdepositie in de gebruiksfase zijn dan ook alleen de voertuigbewegingen van belang.
Met behulp van de AERIUS Calculator (2021.1) zijn berekeningen opgesteld voor de gebruiksfase. In deze rapportage wordt volstaan met het maken van een aantal screenshots uit de calculator. De rapportage uit de AERIUS Calculator is in bijlage I opgenomen. Ook staat er in de rapportage een link, waarmee een export van het projectbestand kan worden gedownload. Deze kan in de calculator worden geïmporteerd en op die manier kunnen de resultaten worden gecontroleerd.
-3-
Dan weet u het exact.
2211859 Nieuwbouw 204 Appartementen “Tangent” te Heerhugowaard Rapportage Stikstofdepositie 23 juni 2022
2.1
Rekenpunten
Met behulp van de AERIUS Calculator is de stikstof depositie berekend op alle relevante natuurgebieden.
-4-
Dan weet u het exact.
2211859 Nieuwbouw 204 Appartementen “Tangent” te Heerhugowaard Rapportage Stikstofdepositie 23 juni 2022
2.2
Realisatiefase
Voor de realisatiefase geldt vanaf 1 juli 2021 een vrijstelling voor de Natura 2000-vergunningsverplichting.
-5-
Dan weet u het exact.
2211859 Nieuwbouw 204 Appartementen “Tangent” te Heerhugowaard Rapportage Stikstofdepositie 23 juni 2022
2.3
Gebruiksfase
Aangezien de nieuw te bouwen appartementen worden verwarmd door middel van een warmtepomp is voor de gebruiksfase alleen gerekend met de verkeersbewegingen. Voor de verkeersbewegingen zijn we uitgegaan van de volgende aantallen (conform CROW publicatie 381 – december 2018): -
Licht verkeer 7,5 ritten per appartement, per dag.
De verkeersbewegingen zijn ingevoerd als lijnbron. Er is gerekend vanaf het eigen terrein tot aan de Provinciale weg N242, alwaar het verkeer wordt opgenomen in het heersend verkeersbeeld.
Resultaten Uit de berekeningen volgt een bijdrage van 0,00 mol/ha/j. Er is dus geen sprake van stikstofdepositie t.g.v. de gebruiksfase van dit project. Het AERIUS analysebestand (GML) met rekenresultaten, bronnen en rekenpunten is hier te downloaden.
-6-
Dan weet u het exact.
2211859 Nieuwbouw 204 Appartementen “Tangent” te Heerhugowaard Rapportage Stikstofdepositie 23 juni 2022
3.
Conclusies
Op de hoek van de Westtangent en de Zuidtangent in Heerhugowaard worden 204 appartementen gerealiseerd. Voor de gebruiksfase van de nieuw te bouwen appartementen, zijn met behulp van de AERIUS Calculator berekeningen gemaakt om te kunnen bepalen of er sprake is van een toename van stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden in de omgeving. Voor de werkzaamheden met betrekking tot de realisatie/aanlegfase geldt vanaf 1 juli 2021 een vrijstelling. De nieuw te bouwen appartementen worden niet voorzien van een gasaansluiting maar zullen worden verwarmd d.m.v. een warmtepomp. Voor het berekenen van de stikstofdepositie in de gebruiksfase zijn dan ook alleen de voertuigbewegingen van belang. Hierbij is uitgegaan van totaal 1530 ritten per etmaal. Met behulp van de AERIUS Calculator is een berekening opgesteld voor de gebruiksfase. Uit de berekening volgt een bijdrage van 0,00 mol/ha/j. Er is gebruik gemaakt van de AERIUS-Calculator 2021.1. Op basis van de resultaten uit de berekeningen kan worden geconcludeerd dat voor de gebruiksfase geen vergunningsplicht geldt, t.a.v. stikstofdepositie, op grond van de Wet natuurbescherming. Voor de realisatiefase geldt vanaf 1 juli 2021 een vrijstelling voor de Natura 2000-vergunningsverplichting.
-7-
Dan weet u het exact.
2211859 Nieuwbouw 204 Appartementen “Tangent” te Heerhugowaard Rapportage Stikstofdepositie 23 juni 2022
I.
Bijlage ‘Rapportage AERIUS Calculator Gebruiksfase’
-I-
Dan weet u het exact.
2211859 Nieuwbouw 204 Appartementen “Tangent” te Heerhugowaard Rapportage Stikstofdepositie 23 juni 2022
II.
Bijlage ‘Situatietekeningen locatie’
- II -
Dan weet u het exact.
OVERZICHT : SITUATIE
B: 176 B: 175 B: 174 B: 173
W: 179 W: 178 W: 177
02
B: 172 B: 171
p=-1,2m
B: 170
fietsenberging 30m2
1 10
11 2
12 3
13 4
7
8
B: 169
B: 168
B: 167
B: 166
B: 165
B: 164
B: 163
11
plateaulift trappen met uitvoeren p=0m
14
1
p=-1,2p=+1 m ,5m
12
10
7
9
fietsenberging 30m2
13
13
inkoop Liander
4 60m2 3tech niek 2
6
7
trafo 2 15m
ruimten op maa
(deel)fietsen 85m2
12
10
9
trappen met plateaulift uitvoeren p=0m
fietsenberging 30m2
p=-1,2m p=+1,5m
9 trafo DRH
5
5
4
6
trafo 2 15m
6
3 niek 2 60m2 tech
1
14 5
p=+1,5m
8
8
11
14
trappen met
plateaulift uitvoeren p=0m
iveld niveau
B: 162
B: 161
B: 160
B: 159
B: 158
B: 157
B: 156
B: 155
B: 154
B: 153
B: 152
B: 151
B: 150
B: 149
B: 148
B: 147
D: 146
D: 145
D: 144
D: 143
D: 142
0
14%
W: 193 W: 192 W: 191 W: 190 W: 189 W: 188 W: 187
W: 200 W: 199 W: 198 W: 197 W: 196 W: 195 W: 194
W: 180 W: 181 W: 182 W: 183 W: 184 W: 185 W: 186
-500
30 m2
techniek 17m2 (14m2)
W
-2
onderdoorgang
W: 205 W: 204 W: 203 W: 202 W: 201
berging 28m2 (30m2)
uitwerking door Gemeente locatie
contai
ners
uitwerking door Gemeente onderdoorgang
12
uitwerking door Gemeente
uitwerking door Gemeente
uitwerking door Gemeente
uitwerking door Gemeente
optie locatie containers
plattegrond: begane grond
rudy uytenhaak partners architecten
Project
Schaal
Formaat
Fase
Datum
Status
B804- Heerhugowaard Tangent
1:500
A3
ST
20-06-2022
concept
Revisie
Tekeningnummer 2.01 A-SI00
Memo Aan
Gemeente Heerhugowaard
c.c
Datum
26 oktober 2020 Referentie nummer
277988-00 Van
Arup – B.Verheggen, E.Schreurs
Onderwerp
Tangentlocatie Heerhugowaard – Omgevingsgeluid
Dossier referentie
Inleiding M.J. De Nijs Projectontwikkeling ontwikkelt momenteel de Tangentlocatie in Heerhugowaard. De planlocatie is gelegen bij de kruising van de Westtangent en de Zuidtangent. De ontwikkeling bestaat uit een vijftal appartementenblokken die variëren in hoogte tussen de 20 en 30 meter. Rondom de appartementenblokken zijn 7 kwadranten met grondgebonden woningen. De kwadrant-woningen hebben alle 3 bouwlagen. Een overzicht van het plan is weergegeven in Figuur 1.
Figuur 1: Overzicht van de geplande bebouwing voor de Tangentlocatie
Deze memo geeft een beknopt overzicht van het huidige ontwerp voor de Tangentlocatie, een indicatief overzicht van het omgevingsgeluid op de planlocatie en de manier waarop het ontwerpteam denkt een goed woon- en leefklimaat te borgen voor de toekomstig bewoners. Wij veronderstellen dat dit past binnen het toetsingskader voor het bestemmingsplan verbrede reikwijdte wat momenteel
Pagina 1 van 6
Memo wordt uitgewerkt door de gemeente Heerhugowaard. Mocht dit niet het geval zijn, vernemen wij dit graag op korte termijn in verband met de noodzakelijke voortgang van het ontwerp richting een aanvraag omgevingsvergunning in april 2021.
Ruimtelijk kader De ontwikkeling van de Tangentlocatie past niet geheel binnen het vigerende bestemmingsplan. De blokken A, B en C overschrijden de noordelijke bouwvlakgrens en Blok D de oostelijke bouwvlakgrens. Daarom zal een bestemmingsplanprocedure worden doorlopen. De Gemeente Heerhugowaard heeft aangegeven dat deze procedure onderdeel uit kan maken van de bestemmingsplanprocedure voor het ‘Masterplan Stationsgebied’ en dat geen separate procedure nodig is. Het Masterplan Stationsgebied wordt uitgewerkt als ‘Bestemmingsplan verbrede reikwijdte’. Met een bestemmingsplan verbrede reikwijdte kunnen gemeenten sinds 2014 vooruitlopen op de komst van het omgevingsplan onder de Omgevingswet. Dat gebeurt onder de werking van de Crisis- en herstelwet. Met een Bestemmingsplan verbrede reikwijdte kunnen gemeenten (tijdelijk) op onderdelen afwijken van vigerende wet- en regelgeving waardoor alvast kan worden geanticipeerd op de mogelijkheden die de Omgevingswet in de toekomst zal gaan bieden. Een van de onderdelen waarop kan worden afgeweken is het huidige wettelijke kader voor omgevingsgeluid opgenomen in de Wet geluidhinder. De gemeente Heerhugowaard heeft in het overleg van 21 september 2020 aangegeven op dit aspect een apart toetsingskader op te zullen stellen.
Overzicht omgevingsgeluid De planlocatie is sterk geluidbelast met wegverkeersgeluid afkomstig van de Westtangent en de Zuidtangent. Door de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord is in juli 2019 een akoestisch onderzoek uitgevoerd voor deze planlocatie1 . Hieruit bleek dat ter plaatse van de noordelijke en oostelijke grens voor de bestemming ‘Wonen-2’ de geluidbelasting 63 dB Lden bedraagt (geluidbelasting inclusief aftrek conform artikel 110g van de Wet geluidhinder). Dit komt overeen met de maximale ontheffingswaarde conform de Wet geluidhinder en er zijn geen dove gevels noodzakelijk. Omdat het huidige ontwerp voorziet in bebouwing buiten het huidige bouwvlak en dichter bij de weg, zullen de geluidbelastingen iets toenemen ten opzichte van die door de Omgevingsdienst berekend zijn in 2019. Dit zou betekenen dat de maximale ontheffingswaarde uit het Wet geluidhinder zou kunnen worden overschreden en dat hier mogelijk dove gevels zouden moeten worden toegepast. Dit staat echter op zeer gespannen voet met de indelings- en spuiventilatie-eisen voor woningen. Bovendien heeft het een grote impact op het gevelontwerp. In het overleg van 21 september 2020 is door de gemeente Heerhugowaard aangegeven dat voor het aspect omgevingsgeluid binnen het op te stellen bestemmingsplan voor het Stationsgebied een ruimer toetsingskader zal worden gehanteerd dan de huidige Wet geluidhinder.
Hoe het toetsingskader precies wordt vormgegeven is nog onduidelijk, wel is aangegeven dat de maximale ontheffingswaarde uit de Wet geluidhinder zal worden losgelaten en dat het ontwerpteam geen rekening hoeft te houden met de toepassing van dove gevels. 1
Rapport 282258 “Akoestisch Onderzoek Nieuwbouwplan ‘Kruispunt’ in Heerhugowaard” d.d. 12 juli 2019.
Pagina 2 van 6
Memo Omdat nog geen duidelijkheid is over het te hanteren toetsingskader, maar het Voorlopig Ontwerp van de Tangentlocatie wel moet worden afgerond, heeft Arup een indicatief geluidmodel opgesteld van de Tangentlocatie en omgeving. Hiermee zijn indicatieve geluidbelastingen berekend op basis van de verkeersgegevens uit het rapport van de Omgevingsdienst uit 2019. De hoogst berekende geluidbelasting per geveldeel voor het verkeer van de Zuidtangent en de Westtangent is weergegeven in Figuur 2 en Figuur 3.
Figuur 2: hoogst berekende geluidbelasting ten gevolge van het verkeer op de Zuidtangent
Figuur 3: hoogst berekende geluidbelasting ten gevolge van het verkeer op de Westtangent
Pagina 3 van 6
Memo Uit de indicatieve berekeningen blijkt dat ter plaatse van de noordgevel van Blok A, B en C de geluidbelasting 64 dB bedraagt, 1 dB boven de maximale ontheffingswaarde uit de Wet geluidhinder. Ter plaatse van de oostgevel van blok D bedraagt de geluidbelasting maximaal 63 dB Lden, gelijk aan de maximale ontheffingswaarde conform de Wet geluidhinder. Gezien de beperkte overschrijding van de grenswaarden conform het toetsingskader van de Wet geluidhinder achten wij deze geluidbelastingen toelaatbaar binnen het bestemmingsplan verbrede reikwijdte.
Uitwerking goed woon- en leefklimaat Tangentlocatie Om voor de woningen ondanks de hoge geluidbelasting een goed woon- en leefklimaat te waarborgen wordt aansluiting gezocht bij het huidige gemeentelijke geluidbeleid. De “Nota ontheffingsbeleid Wet Geluidhinder” is bedoeld als afwegingskader voor plannen waarvoor hogere waarden in het kader van de Wet geluidhinder moeten worden aangevraagd. Nu is dit bij een bestemmingsplan verbrede reikwijdte in principe niet aan de orde, echter bij ontbreken van een toetsingskader voor dit plan is er door het ontwerpteam voor gekozen zo veel mogelijk aansluiting te zoeken bij het huidige beleid. In de nota is omschreven dat de gemeente compenserende factoren meeweegt voor ontwikkelingen met een hoge geluidbelasting. Compenserende factoren zijn bijvoorbeeld: • • • • • • • •
Ten minste één geluidsluwe gevel per woning, waarbij het invallend geluidniveau lager is dan de voorkeursgrenswaarde Hoge kwaliteit van woningisolatie Gunstige indeling van de woning waarbij een geluidsgevoelige ruimte (woonkamer, slaapkamer) is georiënteerd aan een geluidsluwe gevel Een tuin/buitenruimte bij voorkeur aan de geluidsluwe zijde Goede bereikbaarheid met het OV Goede voorzieningen in de woonomgeving Aanwezigheid van een kinderspeelplaats Veel groen en tuinen
Voor de Tangentlocatie voorziet het ontwerp in verschillende vormen van compensatie voor de hoge geluidbelasting. De planlocatie heeft een goede bereikbaarheid met het OV en ook zijn in het nabijgelegen Stadshart veel voorzieningen aanwezig. Het plan voorziet tevens in een gemeenschappelijke daktuin op de parkeergarage met geluidluwe gedeeltes en een groene looproute tussen Stadshart en station. Op woningniveau bieden wij compensatie door iedere woning de mogelijkheid te geven een raam te openen zonder dat er geluidhinder optreedt. Dit is analoog aan een geluidluwe gevel, echter borgen wij een binnenniveau van 33 dB Lden (analoog aan de maximale binnenwaarde conform Bouwbesluit) bij geopend geveldeel en toetsen wij niet het invallend geluidniveau op de gevel. De bewoner ervaart immers een binnenniveau en niet een invallend geluidniveau op de gevel. In het ontwerp zijn hiervoor momenteel 2 oplossingen opgenomen die navolgend nader worden beschreven.
Pagina 4 van 6
Memo Blok A, B en C Bij de woningen met een buitenruimte wordt de loggia middels schuiframen afsluitbaar gemaakt. In de gesloten penanten van de buitenpui van de loggia wordt vervolgens een bouwkundige suskast opgenomen zodat ook in gesloten toestand permanente ventilatie van de loggia plaatsvindt en de binnenpui van de loggia opengezet kan worden zonder dat geluidhinder optreedt. Voor woningen zonder buitenruimte wordt een vergelijkbare oplossing ontworpen waarbij in de gevelpenant eveneens een bouwkundige suskast wordt ontworpen echter met daarachter een te openen geveldeel. Voor een toelichting op dit principe wordt verwezen naar figuur 4.
Figuur 4: gevelaanzicht van Blok C met de penanten oranje gemarkeerd, en een detail van de penant
Blok D en E Het gevelontwerp van blok D en E laat een oplossing zoals gekozen voor blok A, B en C niet toe. Voor deze blokken is gekozen de slaapkamers te voorzien van een ‘Hafencity’ venster. Dit is een dubbel kozijnsysteem met tussen beide puien geluidabsorptie in de negges. Door de binnen- en buitenpui in delen te open ontstaat een labyrint tussen de twee kozijnen, waarbij het binnentredende geluid sterk afneemt vanwege de weg die het geluid door het labyrint moet afleggen. Een voorbeeld van dit principe is opgenomen in Figuur 5.
Figuur 5: Concept van het "Hafencity" venster, met een voorbeeld voor verticaal en horizontaal geplaatste kozijnen.
Pagina 5 van 6
Memo Met een dergelijk kozijnsysteem is een geluidisolatie van circa Rw= 40 dB haalbaar. Hiermee wordt in de slaapkamer geborgd dat geen geluidhinder optreedt terwijl de ramen geopend zijn. Grondgebonden woningen Voor de grondgebonden woningen is de geveloplossing momenteel nog niet uitgewerkt. Dit zal op korte termijn worden opgepakt.
Vervolgstappen In verband met de voortgang van de planuitwerking verzoeken wij de gemeente Heerhugowaard op korte termijn een reactie te geven op dit voorstel en zonodig een aanvullend toetsingskader beschikbaar te stellen. Het Voorlopig Ontwerp is in de afronde fase en het Definitief Ontwerp zal op korte termijn worden opgestart.
Pagina 6 van 6
Plan Tangent te Heerhugowaard Windklimaatonderzoek met behulp van CFD
Rapportnummer O 16670-1-RA-002 d.d. 20 juli 2022
Plan Tangent te Heerhugowaard Windklimaatonderzoek met behulp van CFD
opdrachtgever
M.J. de Nijs Projectontwikkeling B.V.
rapportnummer
O 1 66 70 - 1- R A - 00 2
datum
20 j u l i 2 02 2
referentie
O O / J GZ / / O 16 67 0- 1 - R A- 0 02
verantwoordelijke O.E. Otten opsteller
ir. J. Groot Zevert 085 8228661 j.grootzevert@peutz.nl
peutz bv, postbus 66, 6585 zh mook, +31 85 822 86 00, mook@peutz.nl, www.peutz.nl kvk 12028033, opdrachten volgens DNR 2011, lid NLingenieurs, btw NL.004933837B01, ISO-9001:2008 mook – zoetermeer – groningen – düsseldorf – dortmund – berlijn – leuven – parijs – lyon
O 16670-1-RA-002 2
Inhoudsopgave 1
Inleiding
4
2
Normstelling en uitgangspunten
5
2.1 Beslismodel NEN 8100
5
2.2 Windhinder en windgevaar volgens NEN 8100
5
2.2.1
Windhinder
5
2.2.2
Windgevaar
6
2.3 Windklimaat op de locatie
7
2.4 Simulatie windsnelheden met CFD
9
3
Rekenresultaten
10
4
Samenvatting en conclusies
12
O 16670-1-RA-002 3