Bijlage 1 Concept erfgoedbeleid Dijk en Waard Erfgoed voor onze toekomst
Tekst van het document
Denk alleen al aan de gevolgen van de ruilverkaveling voor het landelijk gebied, de mondige inwoner die inspraak eist, de veranderende samenstelling van huishoudens, de aanpassing van het type woningen daarop in de ontwikkeling van de wijken. Maar de risico’s van het onbedoeld verdwijnen van erfgoed uit deze periode is ook groot. Juist doordat we de verhalen uit deze periode zo goed kennen, beschouwen we ze nog niet als erfgoed. Maar dat is het wel! Het zwembad waar je kattenkwaad uithaalde met vrienden, het woningbouwcomplex dat door jouw persoonlijke inspraak nu veel beter in de wijk past: het maakt allemaal onderdeel uit van het erfgoed uit de Post65 periode. We willen voorkomen dat we straks spijt hebben dat we niet beter voor dit erfgoed hebben gezorgd. Daarom gaan we dit erfgoed nu in kaart brengen en bepalen hoe we daar mee om willen gaan. We zijn van mening dat juist bij dit naoorlogs erfgoed onze inwoners bij kunnen dragen aan het waarderen van deze plekken en we betrekken hen daarom bij de selectie en waardering van dit erfgoed. Hun eigen geschiedenis is immers nauw verbonden met dit erfgoed. Een definitief projectplan waarin de rol van de inwoners verder is vormgegeven wordt voorafgaand aan het project opgesteld.
De Molenwijk in Heerhugowaard is een wijk die past in de tijdsgeest van de jaren 70 met verschillende typen woningen in een hofjesachtige structuur (foto rechts bron: Wonen in Beeld, in: Woningraad nr. 11, 29 mei 1991, p. 9 – 12.Foto onder: gemeente Dijk en Waard)
Scholen Veel schoolgebouwen zijn in de naoorlogse periode gebouwd en zijn daarmee onderdeel van het naoorlogse erfgoed. De scholen zijn nu vaak toe aan nieuwbouw of grootschalige renovatie. In 2024 is voor alle schoolgebouwen voor het basisonderwijs een Integraal Huisvestingsplan (IHP) vastgesteld, waarin voor de verschillende scholen is bepaald op welke wijze en wanneer de gemeente gaat investeren. De erfgoedwaarden van de scholen zijn in dit proces nog niet meegenomen. In de tweede helft van 2025 wordt gestart met het uitbreiden van het Uitvoeringsplan voor het vastgestelde IHP. Dit is het moment om ook de erfgoedwaarden mee te wegen in de definitieve keuzes met betrekking tot verduurzamen, hygiëne en onderwijskundige vernieuwingen. We maken daarbij inzichtelijk of er erfgoedwaarden aanwezig zijn en hoe deze erfgoedwaarden geborgd moeten worden bij geplande of toekomstige ontwikkelingen. Hiermee sluiten we ook voor de scholen aan op de wettelijke verplichting al het beschermenswaardige erfgoed van passende omgangsregels te voorzien. De middelbare scholen worden bekeken in de het kader van de inventarisatie naoorlogs erfgoed.
24
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
Agrarisch en groen (agrarisch) erfgoed: boeren en tuinders Niets is meer verbonden met Dijk en Waard dan de geschiedenis van de tuinders en boeren. Dat blijkt ook uit de reactie van de inwoners op de vraag in de online vragenlijst welke beroepen en gebruiken echt bij Dijk en Waard horen (bijlage 3). Verschillende van de voor Noord-Holland kenmerkende stolpboerderijen hebben een status gekregen als beschermd rijksmonument, gemeentelijk monument of karakteristiek pand. Deze monumenten zijn goed beschermd voor de toekomst. Groen erfgoed en bijgebouwen Het agrarische erfgoed omvat echter veel meer dan alleen maar beschermde stolpboerderijen. Ze zijn onderdeel van een functioneel systeem dat bestaat uit een erf met beplanting, akkers, moestuinen, boomgaarden, e.d. Deze onderdelen zijn aan te duiden als groen erfgoed, maar in deze functie ook onderdeel van het agrarisch erfgoed van de gemeente Dijk en Waard. De gebouwde boerderijen verliezen hun betekenis als het erf waarop ze Dronebeelden van de stolpboerderij Oostdijk 2 (foto Still uit film ‘Erfgoed? Wat is dat eigenlijk/ mitevisuals). staan verloren gaat en bijvoorbeeld volledig wordt verhard of bijgebouwen worden gesloopt. Als beeldbepalend aangemerkt of in het geheel niet beschermd agrarisch erfgoed, zoals (stolp)boerderijen, koolschuren en andere agrarische bijgebouwen, zijn sterk aan sloop en wijziging onderhevig.
Op deze manier verdwijnt steeds meer van de karakteristieke agrarische cultuur die ooit zo bepalend was voor onze gemeente. We gaan daarom beter kijken welke kenmerken bepalend zijn voor de kwaliteit en de historische herkenbaarheid van de agrarische cultuur. We onderzoeken of we al de stolpen van Dijk en Waard in beeld hebben. Daarnaast onderzoeken we welke waarden de agrarische erven hebben met bijvoorbeeld windsingels, boomgaarden en agrarische bijgebouwen, zoals koolschuren. Voor deze onderdelen worden omgangsregels opgesteld, zodat voor iedereen duidelijk wordt welke waarden deze onderdelen bevatten en hoe ermee moet worden omgegaan. Om hoeveel objecten en/of structuren dit precies gaat, weten we nu niet omdat we dit nog niet eerder in kaart hebben gebracht. Stolpen Voor de (nu) niet beschermde objecten sluiten we aan op de provinciale Stolpenwaarderingskaart en richtlijnen voor behoud en de bescherming van onbeschermde stolpen. Zo kunnen bij ontwikkeling van dit agrarische erfgoed inzetten op het in standhouden van de erfgoedwaarden van een locatie. Voor erven en bijgebouwen stellen, waar mogelijk samen met andere gemeenten in de regio, een handboek op voor de omgang met erven. Door adequate regels blijft de agrarische identiteit van gemeente Dijk en Waard ook in de toekomst herkenbaar.
We sluiten hiermee aan op bijvoorbeeld onze eigen lintenvisie en de ervenhandboeken van Landschap Noord-Holland. Dit zijn documenten die bedoeld zijn om richting te geven, initiatiefnemers te inspireren en enthousiasmeren voor de bestaande kwaliteit van een gebied. Waar nodig sturen we hiermee ook op behoud van waarden. Om dit kracht bij te zetten regelen we een aanvullende bescherming via een functietoebedeling in het omgevingsplan voor het behoud van erfgoedwaarden op bepaalde specifieke locaties. Wanneer bedrijfsvoering bij nog functionerende boerderijen en tuinders wordt beëindigd bepalen we op basis van de aanwezige erfgoedwaarden wat de noodzaak is en wat de mogelijkheden zijn voor herbestemming. De inventarisatie van het agrarisch erfgoed vormt hiervoor dan de basis. Als de inventarisatie nog niet heeft plaatsgevonden zal het specifieke object eerst worden onderzocht op erfgoedwaarden. Herbestemming van een voormalig agrarische locatie hoeft dan niet gelijk te staan aan het verlies van de kenmerkende agrarische erfgoedwaarden die daarbij horen.
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
25
Geestgronden Tot het agrarisch erfgoed van Dijk en Waard behoren ook de kenmerkende geestgronden van Sint Pancras. Doordat deze open ruimten binnen het dorp nauw verbonden zijn met het ontstaan van het dorp en de leefwijze van de inwoners, rekenen we deze plekken tot ons erfgoed. De huidige kaders voor deze gronden leiden ertoe dat er onduidelijkheid is over hoe kan worden omgegaan met bebouwingswensen op deze locaties. De besloten ligging van deze terreinen maken dit erfgoed daarnaast nauwelijks beleefbaar. De gronden raken daardoor ook onbekend als erfgoed en verliezen aan functionele waarde. We doen onderzoek naar hoe deze gronden beter benut en beleefd kunnen worden. Hetgeen tot eenduidige omgangsregels voor dit specifieke erfgoed zal leiden. We gebruiken het onderzoek van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, ‘Geesten van Holland (2020)’, als leidraad en als basis voor de definiëring van de geestgronden.4Hiermee beantwoorden we dan ook de vraag of gebieden in het omgevingsplan en het erfgoedregister terecht als geestgronden zijn aangemerkt of dat er wellicht gebieden zijn die deze status niet zouden moeten hebben. Ook bekijken we of er gebieden zijn die deze functie-aanduiding nu niet hebben, maar wel zouden moeten krijgen. Visie religieus erfgoed De religieuze gebouwen vormen, vaak letterlijk, het hart van de samenleving.
De opvallende gebouwen staan in het hart van een dorp en zijn vanuit de wijde omtrek te zien. Maar los van de fysieke verschijning zijn de gebouwen van de religieuze gemeenschappen ook het hart van een stads- of dorpsgemeenschap. Het is de plek voor ontmoeting en bezinning. Zowel in ruimtelijke als maatschappelijke zin worden deze gebouwen door de inwoners zeer gewaardeerd.5 We hebben 19 religieuze gebouwen in de gemeente. Uit een inventariserend gesprek met de religieuze gemeenschappen is gebleken dat Dionysiuskerk aan de Middenweg in Heerhugowaard, ca. 1962 (Foto JosPe collectie Regionaal Archief Alkmaar RAA003004279) zij te maken hebben met verschillende ontwikkelingen. Nieuwe vormen van samenkomst, teruglopend aantal leden en vrijwilligers en gebouwbeheer hebben effect op het voortbestaan van de religieuze gemeenschappen en de manier waarop zij hun gebouwen gebruiken. Deze ontwikkelingen hebben daardoor ook gevolgen voor ons gedeelde erfgoed. Enkele religieuze gemeenschappen hebben aangegeven dat zij behoefte hebben aan deskundige ondersteuning vanuit de gemeente. We starten daarom met het opstellen van een gezamenlijke visie religieus erfgoed. We gaan hiervoor in gesprek met alle religieuze gemeenschappen. Van alle religieuze gebouwen (al dan niet monumentwaardig of beschermd als 4
Definities gebruikt door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 1) Een geest is in cultuur gebrachte grond op de strandwallen van Noorden Zuid-Holland, en wordt in historische bronnen ook wel aangeduid als geestland en 2) Een geest is een nederzettingsgeografische of geomorfologische aanduiding voor op de kaart te onderscheiden structuren, met name complexen van akkerland, ingebed in of gecombineerd met een stelsel van wegen en paden op de strandwallen. 5
Zo’n 80% van de inwoners die de vragenlijst over het erfgoedbeleid heeft ingevuld of die door de gemeente op de markt/ in het winkelcentrum is ondervraagd, gaf aan dat religieuze gebouwen belangrijk zijn vanwege hun verschijningsvorm (gebouw, zichtbaarheid vanuit de omgeving) en omdat het bijzondere en mystieke plekken zijn.
26
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
monument) brengen we in kaart welke ontwikkelingen daar in de komende jaren te verwachten zijn. Samen met de religieuze gemeenschappen stellen we inhoudelijke en procesmatige voorwaarden voor de omgang met deze gebouwen. Dat kan zijn ten aanzien van verduurzaming, (neven)activiteiten, herbestemming of (in het uiterste geval) toekomstige sloop. We onderzoeken daarbij welke gevolgen bepaalde ontwikkelingen hebben voor het kunnen laten functioneren van de religieuze gebouwen, zoals de wijzigingen in het parkeerbeleid of de organisatie van evenementen. De visie religieus erfgoed zet nadrukkelijk in op samenwerking. Zo kunnen we op tijd reageren bij mogelijke problemen in de toekomst en weten we elkaar te vinden als daar aanleiding toe is. Het helpt religieuze erfgoedwaarden te beschermen en prioriteiten te stellen bij toekomstige ontwikkelingen. Begraafplaatsen Dijk en Waard heeft veel (algemene) gemeentelijke begraafplaatsen met een historische kern. Opvallend veel grafmonumenten op deze begraafplaatsen hebben een hoge ouderdom en de begraafplaatsen hebben daardoor allemaal hun eigen karakter en sfeer. Het is ook de enige plek waar mensen van alle lagen van de bevolking uit het verleden een plek hebben gevonden. De verschillen en overeenkomsten in hoe de bakker en de notaris werden begraven, kunnen we daar nu nog steeds zien.
Los van een verhaal over de historische inwoners van een dorp, vertellen de begraafplaatsen ons over de geschiedenis van het begraven en de herinneringscultuur. Het laat zien hoe mensen in het verleden omgingen met de dood en welke rituelen, symbolen en modeverschijnselen daarbij hoorden. Begraafplaatsen zijn ‘levende monumenten’, die steeds aan verandering onderhevig. Ten eerste vanwege de groenaanleg, die om onderhoud vraagt, maar meer nog om de begraafplaatsen nog steeds in gebruik zijn voor nieuwe begravingen. Dagelijks komen er mensen om hun dierbaren te gedenken. Onze kijk op begraven is veranderd ten opzichte van vroeger, net als de manier waarop onderhoud wordt uitgevoerd. Om ook in de toekomst het begraven op een van de gemeentelijke begraafplaatsen mogelijk te maken, is het noodzakelijk om regelmatig beheer uit te voeren en graven te ruimen. Dit kan leiden tot verlies van de bijzondere cultuurhistorische, maar ook ecologische, waarden van een begraafplaats. In 2024 is een plan van aanpak voor het beheer van de gemeentelijke begraafplaatsen gemaakt. Hierin is rekening gehouden met alle verschillende onderwerpen die komen kijken bij het beheer van de begraafplaatsen, waaronder ook aan de cultuurhistorische waarden. Het onderzoek heeft plaatsgevonden op hoog abstractieniveau, waarbij grote delen van de begraafplaatsen nu zijn aangemerkt als behoudenswaardig.
Dit betekent dat deze delen van de begraafplaats eigenlijk behouden moeten blijven zoals ze nu zijn. We vinden dit te rigide en zien hierin een risico dat de begraafplaatsen in de toekomst hun functie en economische waarden verliezen. Dat willen we voorkomen, omdat dit ook betekent dat het erfgoed in verval zal raken.
Algemene begraafplaats Sint Pancras. De opzet en de grafmonumenten herinneren aan de tijd van de aanleg. De begraafplaats is de enige plek waar alle lagen van de samenleving zijn vertegenwoordigd (foto Linda Driesen).
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
27
In de komende jaren zal het beheer van de verschillende begraafplaatsen per begraafplaats verder worden uitgewerkt. Op basis van het in 2024 opgestelde plan van aanpak gaan we het onderzoek naar de meest historische delen van de begraafplaats verdiepen. Zo maken we inzichtelijk waar de waarden van de begraafplaats uit bestaan op zowel het gebied van indeling, beplanting en vorm en materiaalgebruik van grafmonumenten. Door deze kenmerken in beeld te brengen en richtlijnen in onder andere de begraafplaatsverordening op te nemen, kan er ook op de historische delen van de begraafplaatsen beheer plaatsvinden zonder dat de specifieke cultuurhistorische karakteristieken verloren gaan. We willen de historische verenigingen vragen ons te helpen in deze inventarisatie. Zij hebben het beste inzicht in welke voor de gemeente relevante personen er begraven liggen. Deze grafmonumenten zouden vanwege de relevantie voor de geschiedenis van gemeente Dijk en Waard behouden kunnen blijven. In het kader van het opstellen van het plan van aanpak in 2024 hebben de historische verenigingen al aangegeven hier een bijdrage aan te willen leveren. Verduurzaming monumenten De huidige klimaatproblemen vragen ons allemaal om zuiniger om te springen met niet hernieuwbare energiebronnen. Monumenten zijn vanwege hun ouderdom in ieder geval op het gebied van materiaal duurzaam.
De materialen gaan vaak al lang mee. Maar we begrijpen dat eigenaren van beschermde monumenten ook op andere manieren hun steentje bij willen dragen aan het klimaat, bijvoorbeeld door het plaatsen van zonnepanelen, een warmtepomp en na-isolatie. Door de historische materialen en bouwwijze van monumenten is verduurzaming altijd maatwerk. Op dit moment hebben we geen duidelijke richtlijnen voor hoe we omgaan met het verduurzamen van gemeentelijke monumenten. Dit leidt bij veel eigenaren van gemeentelijke monumenten tot onduidelijkheid over wat zij mogen verwachten van de gemeente als zij een aanvraag voor verduurzaming indienen. Maar ook voor toonaangevende en in het oog springende gebouwen als kerken is er vaak onduidelijkheid over wat er kan en mag. Die duidelijkheid gaan we nu wel bieden. We stellen algemene criteria op voor verduurzaming van monumenten. Hierbij maken we gebruik van de richtlijnen zoals deze door de RCE en de Stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg zijn geformuleerd. De gemeente biedt via de ‘Subsidie voor isolatie van uw woning’ een subsidiemogelijkheid voor verduurzaming van grondgebonden woningen. De subsidie loopt nog tot het einde van 2026 en wordt ook ter beschikking gesteld voor het verduurzamen van gemeentelijke monumenten, voor zover deze voldoen aan de beoordelingscriteria.
Het kan echter zijn, dat vanwege de eisen die aan gemeentelijke monumenten worden gesteld, bij verduurzaming van monumenten niet aan de subsidievoorwaarden kan worden voldaan. Dat kan het geval zijn als de isolatiewaarde van Infographic voor zonnepanelen op monumenten en isolatie van ramen in monumenten (bron: Rijksdienst voor het Cultureel bijvoorbeeld voor monumenten geschikt isolatieglas Erfgoed) niet voldoet aan de minimale isolatiewaarde die als eis voor de subsidie wordt gesteld. We nemen deze optie mee in het onderzoek naar aanvullende subsidie voor gemeentelijke monumenten, zoals benoemd bij ambitie 2, stap 6. We kijken hierbij ook naar mogelijke samenwerking met andere partijen zoals het Duurzaam Bouwloket.
28
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
Daarnaast zijn er voor zowel rijksmonumenten als provinciale en gemeentelijke monumenten subsidies beschikbaar via het nationaal restauratiefonds voor een duurzaamheidsadvies van een gespecialiseerde monumentenadviseur.
2.1.4 Stap 4 – Evaluatie beschermde status gemeentelijke monumenten, beeldbepalende en karakteristieke panden Status In de voormalige gemeenten Langedijk en Heerhugowaard zijn in het verleden beschermde gemeentelijke monumenten, beeldbepalende en karakteristieke panden aangewezen. Zoals in hoofdstuk 1 ook al benoemd heeft de gemeente 99 beschermde gemeentelijke monumenten en 57 beeldbepalende en karakteristieke panden. We vragen ons nu af of al deze monumenten werkelijk symbool staan voor de historische ontwikkeling van onze gemeente of dat er objecten tussen zitten die eigenlijk niet passen binnen het verhaal van Dijk en Waard (zoals verwoord in de gebiedsbiografie Dijk en Waard). Juist het lokale erfgoed dat mensen verbindt, verdient extra aandacht binnen onze gemeente. We nemen de bescherming van de monumenten projectmatig onder de loep. Alleen door het complete monumentenbestand in een keer te bekijken (en dus niet op basis van losse objecten), krijgen we inzicht in de betekenis van beschermde monumenten. Dit project willen we samen met onze inwoners doen. In aanloop naar de uitvoering van het project zullen we hier nadere invulling aan geven aan de rol. Conform de regels voor het aanwijzen, wijzigen of afvoeren van gemeentelijke monumenten betrekken we ook de Adviescommissie Erfgoed als adviseur met betrekking tot ons beschermde erfgoed.
We realiseren ons dat dit een kritisch proces is. Aan de ene kant willen we vooraf niet de indruk wekken dat we veel beschermde gemeentelijke monumenten af gaan voeren. We kunnen op voorhand niets zeggen over de uitkomsten van het onderzoek. Daarnaast hebben we de wettelijke verplichting al het erfgoed dat in aanmerking komt voor bescherming ook daadwerkelijk te beschermen. Aan de andere kant leidt het hebben van een beschermd monument ook tot rechten, zoals bepaalde subsidie van de rijksoverheid. Ook hebben eigenaren in het verleden op basis van de beschermde status geïnvesteerd in hun eigendom of zijn zij juist heel trots op de status als beschermd monument. Het afvoeren van een monument kan daarmee ook nadelig zijn voor monumenteneigenaren. Het is dus een zorgvuldig proces waarbij we goed moeten kijken naar de reden voor de aanwijzing en de betekenis van het beschermde monument voor de lokale geschiedenis. Op basis van de uitkomsten gaan we in gesprek met de eigenaar om tot een definitieve beslissing te komen. Dat kan zowel behoud van de beschermde status zijn als het afvoeren van het object uit het erfgoedregister. Beschrijvingen We constateren daarnaast steeds vaker dat de omschrijvingen van gemeentelijke monumenten en beeldbepalende en karakteristieke panden niet kloppen bij de huidige situatie ter plaatse. Wat de oorzaak is van deze afwijking is niet altijd duidelijk.
Soms gaat het om simpele fouten in de beschrijving, wijziging van de kadastrale percelen of onvoldoende toezicht en handhaving op beschermde monumenten. Tijdens de hierboven beschreven evaluatie van de gemeentelijke monumenten, beeldbepalende en karakteristieke panden controleren we gelijk de juistheid van de redengevende omschrijving. Afhankelijk van de situatie zullen we de redengevende omschrijving aanpassen. Om in de toekomst altijd over de juiste gegevens te beschikken maken we met de afdeling VTH afspraken over het verkrijgen van een afschrift van een omgevingsvergunning voor een monument. Zo kunnen we het monumentenregister up-to-date houden. Mobiel en immaterieel erfgoed Mobiel en immaterieel erfgoed, zoals varend en rollend erfgoed, gereedschappen en gebruiken, maken integraal onderdeel uit van het verhaal van Dijk en Waard. Samen met het archeologische, gebouwde en (cultuur)landschappelijke erfgoed zorgen ze voor een compleet verhaal van de gemeente Dijk en Waard. Mobiel en immaterieel erfgoed kan ook van betekenis zijn voor specifieke plekken in de gemeente. Op dit moment hebben we dit erfgoed nog niet allemaal goed in beeld gebracht. Het is nog onderbelicht. Samen met de historische verenigingen gaan we het mobiele en immateriële erfgoed in kaart brengen, zodat deze erfgoedwaarden aan het erfgoedregister en de digitale erfgoedkaart kunnen worden toegevoegd.
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
29
2.2 Ambitie 2 – Levend erfgoed voor iedereen
Uit onderzoeken6 blijkt dat kennis hebben over het ontstaan van je leefomgeving het gevoel geeft ergens bij te horen. Het versterkt de onderlinge verbondenheid tussen inwoners. Dat heeft een positief effect op de gezondheid en draagt bij aan een prettige leefomgeving. We tekenen graag voor zo’n positief effect en zetten ons daarom in voor het levend houden van ons erfgoed. Onze inwoners zijn daarbij onmisbaar als het gaat om het behoud van ons erfgoed en het uitdragen van de kennis. De eigenaren van beschermde monumenten zetten zich dagelijks in zich om de historische gebouwen voor toekomstige generaties te bewaren. Maar dat is niet alles: talloze enthousiaste inwoners verzamelen historische verhalen, speuren naar bijzondere informatie en brengen onze geschiedenis tot leven met aansprekende evenementen. Of ze dit nu alleen doen of in verenigingsverband, samen houden ze het erfgoed van Dijk en Waard in leven. Dankzij hun passie kunnen we het verleden meenemen naar de toekomst.
Oude beroepen en gebruiken zijn een belangrijk onderdeel van ons erfgoed. De smederij van de Vaders Museale Schuitenhelling van Nico Vader laat het ambacht, het materiaal en de gereedschappen achter de instandhouding van historische vletten zien (bron: Still uit “Gebruikte Stenen. Industrieel Erfgoed in Noord-Holland).
Maar behalve het in beeld hebben van wat ons erfgoed vraagt dit ook van ons dat we erfgoed onderdeel maken van ons dagelijks leven. Erfgoed is niet alleen te beleven in een museum of bij een monument, maar bijvoorbeeld ook bij zorginstellingen, het winkelcentrum, digitaal via een podcast of op scholen. Alleen als erfgoed onderdeel is van ons alledag, wordt het echt onderdeel van onszelf. We willen de verbinding leggen tussen verschillende soorten erfgoed: materieel, immaterieel, mobiel, bovenen ondergronds. Deze vormen van erfgoed gaan hand in hand en verbinden tastbare plekken in onze gemeente met de verhalen en de mensen die bij die plek horen. Denk daarbij aan de plek van jaarlijks terugkerende tradities, zoals de Beddenrace en de feestweek van Sint Pancras. Of denk aan de verhalen van oude inwoners over het leven langs de vroegere kilpaden in Heerhugowaard, de verhalen achter de archeologische resten van de middeleeuwse Slag bij Vronen of het oude ambacht van het zuurkool maken, zoals dat bij Kramer zuurkool al vanaf het begin gebeurde. Door te kijken naar de samenhang tussen de verschillende onderdelen van ons erfgoed kunnen we het erfgoed op onverwachte plekken en als samenhangend geheel beleven.
6
World Health Organisation, Culture matters: using a cultural contexts of health approach to enhance policy-making (2015), Be the Change – A Healthy heritage (2019).
30
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
Om erfgoed levend te houden in onze samenleving, nemen we in de komende jaren zes concrete stappen die het erfgoed zichtbaar, beleefbaar en levend houden. Dat zijn deels nieuwe stappen en deels een voortzetting van hoe we de afgelopen jaren al werkten. We willen èn kunnen deze stappen niet allemaal alleen zetten. We willen een basis leggen voor nieuwe initiatieven, een aanjager zijn en projecten ondersteunen. Voor de uitvoering vragen we de hulp en ideeën van de verenigingen, organisaties, ondernemers en inwoners in de gemeente Dijk en Waard. Door elkaar te inspireren en door samen op te trekken komen we tot mooiere resultaten. We hopen hiermee dat de inwoners zich nog vaker dan nu tot ons richten om te vragen of wij deel willen nemen in hun erfgoedactiviteiten. Op deze manier kunnen we erfgoed écht onderdeel laten zijn van onze gemeenschap.
Kaders voor het beleven van erfgoed Erfgoed is op zichzelf van onschatbare waarde, maar het krijgt pas echt betekenis als de samenleving er een meerwaarde uithaalt. Als het wordt gebruikt om andere opgaven in de samenleving vorm te geven. Dat kan gaan om culturele, ecologische, economische, maatschappelijke en politieke opgaven. Erfgoed kan een middel zijn om met jongeren een gesprek te starten over hoe zij in de samenleving staan of door het in te zetten voor het verbeteren van de sociale verbondenheid binnen een gebied of als onderwerp voor recreatie en toerisme. Hierbij moeten we op een andere manier naar erfgoed gaan kijken. Niet alleen als iets van deskundigen, wetenschappers en overheden, maar juist als iets van iedere inwoner van Nederland en meer specifiek: iets van iedere inwoner van Dijk en Waard. Daarbij moet er ook ruimte zijn voor het erfgoed van alle groeperingen in de samenleving. Wat voor de een belangrijk erfgoed is, vindt de ander helemaal niet belangrijk. Door al deze verschillende manieren van kijken naar erfgoed ontstaat er een breed beeld van het erfgoed van de gemeente Dijk en Waard. We kunnen veel inspiratie halen uit de ervaring die er inmiddels in Nederland is opgedaan met het Verdrag van Faro. Dit internationale verdrag vraagt om de mening van inwoners als het over erfgoed gaat.
Het verdrag stelt voor te luisteren naar ieders idee over wat erfgoed is en de verbintenis te zoeken tussen erfgoed en andere onderwerpen a. Begin 2024 is dit verdrag ondertekend door Nederland met de intentie om erfgoed in Nederland meer vanuit deze drie uitgangspunten te bekijken. Bijlage 1 geeft een toelichting op alle kaderdocumenten waarop dit erfgoedbeleid is gebaseerd. a
www. erfgoeddeal.nl
De stappen bij ambitie 2 worden hieronder eerst kort samengevat. In de daaropvolgende paragrafen gaan we per stap dieper in op de uitwerking van die specifieke stap.
Stappenplan – Ambitie 2 Levend erfgoed voor iedereen 1. Erfgoednetwerk versterken en maken nieuwe verbindingen Iedereen heeft een mening over erfgoed en ieders mening doet ertoe. Door naar elkaar te luisteren kunnen we van elkaar leren. Zo leren we wat waardevol is voor de één en wat voor de ander. We hebben een sterk erfgoednetwerk van historische verenigingen, musea en bibliotheken. We houden de banden met deze organisaties warm. We investeren in ons netwerk door zelf het gesprek aan te gaan en open te staan voor gesprek. We willen ook meer in contact komen met inwoners en erfgoedpartners uit onverwachte hoeken voor het maken van nieuwe verbindingen. Daarbij vragen we actief naar de mening van inwoners bij projecten waarin erfgoed een belangrijke rol speelt. Door in gesprek te blijven, krijgt ieders erfgoed een kans. Samenwerking met nieuwe partijen kan helpen om bestaande wensen voor onderzoek, ontwikkeling en verbeelding van erfgoed te realiseren op een manier die we niet eerder onderzocht of uitgevoerd hebben. Daardoor zien we kansen voor erfgoedprojecten die eerder niet tot realisatie kwamen.
2. Steun aan monumenteneigenaren
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
31
Beschermde monumenten dragen direct bij aan de beleving van erfgoed in de leefomgeving van mensen. Goed onderhoud en deskundig beheer zorgen ervoor dat beschermde monumenten tastbare herinneringen zijn aan het ontstaan van Dijk en Waard. Het behoud van beschermde monumenten ligt volledig bij particuliere eigenaren en stichtingen. Als gemeente waarderen we de monumenteneigenaren die met veel liefde en energie hun monument onderhouden. Dankzij die inzet blijft ons erfgoed behouden. De waardering voor hun inzet willen we meer laten zien door monumenteneigenaren inhoudelijk beter bij te staan. We willen hun taak als beheerder van ons erfgoed daarmee verlichten.
3. Jong geleerd, oud gedaan! De jeugd heeft de toekomst. Dat geldt ook als het om erfgoed gaat. Vanuit het basisonderwijs is de wens uitgesproken om erfgoedonderwijs aan te bieden. We nemen deze wens ter harte en gaan verder met het onderwijs en de erfgoedinstellingen in gesprek om dit te realiseren. We stellen onszelf daarbij ten doel dat kinderen in de basisschoolleeftijd minimaal een keer per schooljaar les krijgen over erfgoed of een erfgoedlocatie kunnen bezoeken. 4.
Ondersteuning van projecten die erfgoed zichtbaar maken Om erfgoed levend te houden is het belangrijk dat erfgoed gedeeld wordt. Of het nu gaat over de verhalen, gebouwen, landschappen, gebruiken, varend erfgoed of archeologisch erfgoed: het delen van de beleving van erfgoed en de achtergrondverhalen maakt het de moeite waard! We stimuleren projecten van andere partijen en ondersteunen hen. Hierbij sluiten we aan op beleid van andere beleidsdomeinen, zoals recreatie en toerisme en het sociaal domein.
5. Subsidie als aanjager We kunnen niet ontkennen dat geld een rol speelt in projecten rondom erfgoed. Dat geldt zowel voor de instandhouding van beschermde monumenten als voor andere erfgoedprojecten. Voor onze eigen projecten gaan we beter in kaart brengen welke subsidies en samenwerkingen we kunnen inzetten voor de realisatie ervan. Voor het behoud van gemeentelijke monumenten en andere erfgoedprojecten onderzoeken we de mogelijkheden van een subsidieregeling. Hiermee stimuleren we de kwaliteit en beleefbaarheid van ons erfgoed.
6. Concrete, gemeentelijke projecten Ter versterking van de herkenbaarheid van de monumenten en als blijk van waardering van de inzet van de monumenteneigenaren bieden we de mogelijkheid aan van monumentenschildjes voor het beschermde erfgoed van Dijk en Waard. Als gemeente vinden we het belangrijk dat erfgoed goed vindbaar bekend is, zodat iedereen die hiernaar op zoek gaat ook makkelijk kan vinden wat tot het erfgoed van Dijk en Waard wordt gerekend. We doen dit in de plaats door een projectpagina aan de gemeentelijke website te koppelen die plek biedt aan belangrijke achtergrondinformatie, zoals de beleids- en inventarisatiedocumenten erfgoed en doorverwijst naar onze erfgoedpartners. Maar zullen nieuwe inwoners ook actief informeren over het erfgoed. Als laatste zijn in 2020 de (archeologische) fundamenten van de historische Veenhuizerkerk boven grond gehaald, zodat alle inwoners deze konden zien. Vanwege de kwetsbaarheid van deze fundamenten is monitoring en onderhoud noodzakelijk. We zorgen voor de instandhouding daarvan en zoeken naar de beste manier om deze beleefbaar te houden.
2.2.1 Stap 1 - We blijven in gesprek met onze inwoners over erfgoed Als we iets hebben kunnen leren van de participatie rondom dit erfgoedbeleid dan is wel dat historische verenigingen, organisaties, ondernemers en inwoners een mening hebben over erfgoed en graag betrokken willen zijn. Ze voelen zich verbonden met het erfgoed uit hun omgeving. Dat gevoel willen we vasthouden en versterken zodat we met elkaar in gesprek kunnen gaan wanneer erfgoed een ontwikkeling doormaakt of in onder de aandacht gebracht kan worden.
32
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
Bekende erfgoedpartners We werken aan een zo compleet mogelijk beeld van alle lokale deskundigheid op het gebied van erfgoed, zowel deskundigen die op persoonlijke titel werken als degene die binnen verenigingen onderzoek doen. We hebben een groot aantal historische verenigingen7 in de gemeente Dijk en Waard, die al jaren een vertrouwde partner op het gebied van erfgoed zijn. Daarnaast is de gemeente ook rijk aan musea en stichtingen8 die zich richten op de historie van Dijk en Waard. Door hun onderzoek, het verzamelen van informatie over de geschiedenis van onze gemeente en de activiteiten die ze daaraan koppelen, hebben ze een enorme schat aan kennis en ervaring opgebouwd. Ze zijn een onmisbare bron voor alles wat met erfgoed te maken heeft. Wij waarderen hun inzet en expertise enorm en willen hier samen nog meer uit halen. Zo willen we de deskundigheid inzetten om ons te ondersteunen in de uitvoering van bijvoorbeeld Open Monumentendag, tentoonstellingen en kleinschalige projecten. De kennis van de historische verenigingen gaan we benutten als onze kennis voor de beoordeling van een stedenbouwkundige ontwikkeling of aanvraag omgevingsvergunning ontoereikend is.
Op ad hoc basis willen we hun deskundigheid inzetten voor het formuleren van een duidelijk vooradvies aan de Inwoners kijken geïnteresseerd naar de informatie over erfgoed in het Regthuis in omgevings- of intaketafel of aan OudKarspel (Foto: Alexandra Heeremans) de adviescommissie Erfgoed. Een groot deel van erfgoednetwerk, bestaande uit historische verenigingen, musea en bibliotheek, komt samen in het Erfgoedplatform. Onder secretariaatvoering van de gemeente Dijk en Waard wordt circa vier keer per jaar een bijeenkomst georganiseerd waarin verschillende erfgoedvraagstukken aan de orde komen en afstemming van activiteiten plaatsvindt. Hierdoor zijn we goed op de hoogte van wat er speelt in het erfgoedveld en is er ruimte voor dialoog. We waarderen deze bijeenkomsten zeer en willen deze in de komende jaren voort blijven zetten. Nog onbekende erfgoedpartners Naast dit platform willen we in contact komen met voor ons nog onbekende erfgoeddeskundigen. We gebruiken hiervoor ons bestaande netwerk als uitgangspunt. Daarbij hebben we extra aandacht voor onze blinde vlekken: groepen in de samenleving die we nog niet in beeld hebben. We willen hiermee het lokale erfgoedveld meerstemmig en inclusiever maken, zodat iedereen mee kan doen. Inwoners Ons erfgoednetwerk is breder dan alleen de bekende individuele erfgoeddeskundigen, verenigingen, stichtingen en musea.
Er zijn veel ‘niet- deskundige’ inwoners die zich bezighouden met erfgoed. Nietdeskundig staat niet gelijk aan het niet hebben van kennis. Ze hebben juist vaak veel kennis over de geschiedenis van de gemeente in het algemeen of een specifiek onderwerp binnen de gemeente. Soms is die kennis ontstaan op basis van onderzoek, soms uit eigen ervaring met de leefomgeving. Een voorbeeld hiervan
7
Stichting Historisch Heerhugowaard, Historische vereniging Sint Pancras, Stichting Langedijker Verleden, Stichting Hart van Oudkarspel, Historische Vereniging Koedijk, Erfgoedvereniging Heemschut. 8
Stichting Regionale Archeologie Gheestmanambocht, Vaders Museale Schepenhelling, Regthuis Oud-Karspel, Het Oude gemaal – Poldermuseum Heerhugowaard, Museum Broekerveiling, Twuyvermolen, Sint Jansmuseum, Praalgraf Brederode en Veenhuizerkerk en Historische gemaal Kerk- en Dergmeer. Regionaal Archief Alkmaar.
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
33
is bijvoorbeeld de Facebook-pagina ‘Je bent Heerhugowaarder als je iets bekends ziet….’, een particulier initiatief waar inwoners historische feitjes delen. Ook deze kennis is van waarde. De reacties op de online vragenlijst en de interviews op de marktdagen en in Middenwaard laten zien dat die kennis ook bijdraagt aan de beleving van wat erfgoed is. We gaan daarom ook de inwoners vaker betrekken. Denk hierbij aan erfgoedinventarisaties en ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. We gaan hen vaker met open vragen benaderen wat hun ervaring en kennis van het erfgoed binnen een bepaald gebied is. Zo krijgen we een beter beeld van het erfgoed dat bij alle inwoners van Dijk en Waard hoort en kunnen zij zich blijven herkennen in hun eigen leefomgeving. Onverwachte verbindingen zoeken Tijdens het winkelen kennis maken met een van de vele familiebedrijven van Dijk en Waard of juist herinneringen ophalen aan de hand van oude voorwerpen tijdens een koffiebijeenkomst ter bestrijding van eenzaamheid. Dialoog en verbinding kan ontstaan als je met een buurtgenoot op een verhalenbank in het park zit. Erfgoed laat zich op veel manieren combineren met andere doelen en dat vraagt van ons en andere erfgoedpartijen om goed te kijken naar wie onze partners kunnen zijn. Het vraagt dat wij buiten onze bekende kring op zoek gaan naar samenwerkingen.
We keken nog niet eerder naar de mogelijkheid om samen te werken met lokale ondernemers, die vaak een lange band met de gemeente hebben, of zorginstellingen en maatschappelijke organisaties. Maar we gaan ook anders kijken naar projecten die vanwege de tijdsdruk of beperktere noodzaak op de plank blijven liggen. Dit zijn meestal projecten die wel een meerwaarde hebben voor erfgoed of de omgang met erfgoed, maar die ook weer niet zo noodzakelijk zijn dat ze prioriteit hebben. Denk bijvoorbeeld aan een monumentendossier per monument, waarin oude foto’s en bouwtekeningen zijn opgenomen. Dit kan een meerwaarde zijn als ondersteuning van monumenteneigenaren bij aanvragen omgevingsvergunning. Of denk aan het digitaal ontsluiten van door de historische verenigingen verzamelde informatie, zoals de namen van de eilanden in het Oosterdelgebied. Of het verzamelen van verhalen van oudere Dijk en Waarders over hoe het vroeger ging in dorpen en stad van Dijk en Waard. Ook hiervoor gaan we op zoek naar nieuwe partners. Door anders te kijken naar deze projecten en te accepteren dat ze niet morgen klaar zijn, kunnen we ook anders kijken naar wie deze projecten kunnen uitvoeren. We hoeven niet alles zelf te doen en ook voor de historische verenigingen is de tijdsdruk als gevolg van een afnemend aantal vrijwilligers hoog.
We inventariseren welke projecten we eigenlijk op zouden willen pakken en zorgen dat we goed in beeld hebben wat er moet gebeuren. We gaan daarna deze vragen actief uitzetten bij MBO’s, HBO’s en universiteiten als stagemogelijkheden of als kansen voor een minor of werkcollege. Interviews afnemen als opdracht voor een HBO student communicatie of journalistiek of een MBO-student software development die een programma bedenkt voor het karteren van eilandnamen, zijn mooie projecten om de praktijk achter het onderwijs te leren kennen. Intern gaan we ook kijken of er projecten geschikt zijn voor bijvoorbeeld re-integratieprojecten, zodat we het plezier van erfgoed kunnen combineren met de noodzaak op een laag pitje weer aan de slag te gaan. Naast het realiseren van erfgoedprojecten, zien we hier ook kansen voor een brede betrokkenheid bij erfgoed.
2.2.2 Stap 2 – Steun aan monumenteneigenaren Beschermde monumenten vertellen het verhaal van onze geschiedenis. Door de plek waar ze staan, herinneren ze ons dagelijks aan de geschiedenis van de plek. We vinden het belangrijk dat deze waardevolle gebouwen en objecten behouden blijven voor toekomstige generaties. Hiermee leggen we veel verantwoordelijkheid bij de monumenteneigenaren. Ze zorgen met het onderhoud aan hun monument niet alleen voor een prettige leefomgeving, maar ook voor het behoud van de unieke eigenschappen van hun monument. Het vraagt veel inzet, liefde en deskundigheid van hen. We waarderen hun inspanningen enorm, want zonder hen zouden veel van deze historische plekken verloren gaan. Als gemeente willen we die waardering meer laten zien door eigenaren beter te ondersteunen met inhoudelijke hulp. Inhoudelijke ondersteuning Monumenteneigenaren kennen hun eigendom vaak door en door en weten vaak goed welk onderhoud wanneer moet worden uitgevoerd. Bouwkundige (monumenten)kennis is daarentegen heel specialistisch. Om al die kennis eigen te maken, is vaak erg lastig. Dat is ook naar voren gekomen uit de vragenlijst onder de monumenteneigenaren. Een groot deel van de deelnemers aan de vragenlijst geeft aan dat de gemeente meer aandacht zou mogen besteden aan monumenteneigenaren en creatiever en actiever mee zou kunnen denken over de omgang met een monument.
Het gaat dan zowel om de inhoudelijke materiaalkennis als bijvoorbeeld
34
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
het meedenken over de toekomst van hun monument. Dit pakken we op door onze kennis en ervaring aan te bieden als het gaat om het delen van die specialistische kennis en een creatieve kijk op de omgang met monumenten. Waar nodig zorgen we voor een doorverwijzing naar andere partijen die de monumenteneigenaar kunnen helpen. Aandacht hebben voor monumenteneigenaren en hun behoefte start bij een goede bereikbaarheid voor monumenteneigenaren. We hebben dit jaar het emailadres erfgoed@dijkenwaard.nl geopend om in directer contact te komen met betrokkenen bij erfgoed. Een deel van de eigenaren heeft in de vragenlijst aangegeven graag door de gemeente op de hoogte gehouden te willen worden van ontwikkelingen rondom monumenten. Wij zullen bij belangrijke ontwikkelingen de monumenteneigenaren benaderen om hen te informeren. Zo hebben monumenteneigenaren altijd de meest actuele kennis over de omgang met monumenten. We gebruiken de gemeentelijke website als een landingspagina voor de meest gestelde vragen van monumenteneigenaren.
Hier wordt een samenvatting opgenomen van de wet- en regelgeving, organisaties waar je als monumenteneigenaar terecht kan, zoals het Nationaal Restauratiefonds, de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, de Duurzame Monumenten-adviseurs (DuMo) en de Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg, waarvan de uitvoeringsrichtlijnen (URL’s) als uitvoeringsleidraad voor onderhoud en restauratie worden gebruikt. Zo hebben monumenteneigenaren alvast een plek waar ze dag en nacht terecht kunnen.
Linksboven een beeld uit de Erfgoedleerlijn Heerhugowaard (bron: PleinC). Linksonder kinderen krijgen in het Museum Broekerveiling een les in kantklossen (foto: Alexandra Heeremans). Rechts het nieuw ontwikkelde programma van Teun van Toen over de tuinders van Sint Pancras (bron: Hart op Groen).
2.2.3 Stap 3 – Jong geleerd, oud gedaan Basisonderwijs Als je leerkrachten in het Dijk en Waardse basisonderwijs vraagt naar hun visie op erfgoedonderwijs dan benoemen ze dat erfgoedonderwijs kinderen helpt om verbinding te maken met hun geschiedenis, cultuur en de wereld om hen heen. Begrip voor lokale tradities, historische gebeurtenissen en culturele waarden helpen kinderen te begrijpen waar zij vandaan komen en hoe hun omgeving in elkaar zit. Het is een hulp in actief burgerschap. Wij delen deze mening met de leerkrachten.
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
35
De afgelopen jaren zijn er al stappen gezet richting erfgoedonderwijs. Tot 2019 konden scholen via de bibliotheek erfgoedleskisten lenen. Deze zijn in 2019 vervangen door de digitale Erfgoedleerlijn Heerhugowaard. Vanwege verschillende oorzaken werkt deze digitale applicatie niet meer. In het voormalige Langedijk is in de periode 2013-2017 een lesboekje over het lokale erfgoed gemaakt. Hoewel dit in de beginperiode goed werd gebruikt, is het inmiddels verouderd. Maar de behoefte om aandacht aan erfgoed te besteden bleef. In 2023 maakten twee basisscholen in Sint Pancras met financiële hulp van de gemeente een lessenserie over tuinders. Andere scholen konden dit idee uitbouwen en naar wens aanpassen, maar uiteindelijk is dat niet gebeurd. Daarentegen liet basisschool De Zonnewijzer (Heerhugowaard) recent nog, in 2024, erfgoedlessen op maat maken. Hiervoor kregen zij een landelijke en een gemeentelijke subsidie (Cultuureducatie met Kwaliteit). De verschillende initiatieven laten dat er bij de basisscholen een behoefte ligt om jaarlijks erfgoedonderwijs aan te bieden. Het aanbod is nu alleen sterk versnipperd: het een is digitaal, het ander een verouderd boekje en het volgende op maat gemaakt. Vaak is het nu gericht op specifieke delen van de gemeente. We willen naar één sterke, actuele leerlijn Erfgoed voor alle basisscholen in Dijk en Waard.
Het moet een lesmethode worden waarin aandacht is voor tastbare materialen en een bezoek aan één of meerdere monumenten in de gemeente. Hierbij maken we, waar mogelijk, gebruik van wat er al is. Daarnaast zoeken we ook naar meer inclusie voor alle scholen. Dat uit zich specifiek in het betrekken van het speciaal onderwijs bij de uitwerking van het lespakket. Zo gaat het onderwerp erfgoed ook echt leven voor alle leerlingen in Dijk en Waard. Om tot zo’n lesmethode te komen, gaan we met de scholen in gesprek om samen te bepalen welke methode het best aansluit bij het onderwijs. Ook kijken we of er animo is voor het adopteren van een monument door een school, zodat de leerlingen alles te weten kunnen komen over ‘hun’ monument. Ze kunnen worden opgeleid tot gids, zodat ze een keer per jaar familie, verzorgers en schoolgenoten kunnen rondleiden. Door een bezoekmoment te koppelen aan een activiteit met ouders of verzorgers, ontstaat een gedeelde belevenis van het erfgoed. De lokale musea zijn bij de ontwikkeling van het lespakket een belangrijke partner. Zij kunnen met hun ervaring en deskundigheid een rol spelen in de locatiebezoeken en het ondersteunen van een erfgoedleerlijn.
Ons doel is dat alle leerlingen van het basisonderwijs in ieder geval een keer per jaar in contact komen met het erfgoed van de gemeente en op deze manier meer verbondenheid krijgen met hun eigen leefomgeving. We gaan ons daarnaast inzetten om het onderwijs te betrekken bij archeologische opgravingen. Als er een opgraving van betekenis is, willen we met de uitvoerder afspraken maken over het bieden van een mogelijkheid om scholen op locatie te ontvangen voor een toelichting en een kennismaking met een archeologische opgraving. Voortgezet onderwijs Voor het voortgezet onderwijs ligt de behoefte anders dan voor het basisonderwijs. Het strak geregelde curriculum biedt weinig mogelijkheden om het lokale erfgoed aan de orde te brengen. We starten in de komende beleidsperiode gesprekken met het voorgezet onderwijs om te onderzoeken of er behoefte is bij het voortgezet onderwijs. We onderzoeken op welke wijze dit in het verplichte curriculum kan worden ingepast, bijvoorbeeld met een Canon van Dijk en Waard. We denken hierbij aan het combineren van gebeurtenissen uit de omgeving met de tijdvakken bij geschiedenis of vakken als maatschappijleer, economie of aardrijkskunde. Hierbij moet rekening gehouden worden met de invulling voor verschillende onderwijstypen (VBO, MAVO, HAVO en VWO).
2.2.4 Stap 4 – Ondersteuning van projecten die erfgoed zichtbaar maken We hebben samen met ons erfgoednetwerk in de afgelopen jaren al veel mooie initiatieven ontwikkeld die de beleving van erfgoed heeft vergroot. Denk aan de informatieborden bij de plek van de Slag van Vronen en het familiebedrijf van Co Kamp. In samenwerking met de bibliotheek en het erfgoedplatform is de cursus ‘Ontdek het verleden en heden van Dijk en Waard’ tot stand gekomen. Een ander mooi project is de wekelijkse bijeenkomst ‘Uw wijk te kijk’, een initiatief dat volledig door Stichting Langedijker Verleden en de bibliotheek is ontwikkeld. Dit is een mooi voorbeeld van een project waarin erfgoed een maatschappelijke rol speelt. Inwoners halen samen herinneringen op en leren zo ook nieuwe mensen uit hun wijk kennen.
36
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
We nodigen het erfgoednetwerk en andere initiatiefnemers uit om te blijven komen met voorstellen om het erfgoed onder de aandacht te brengen. De voorstellen uit de samenleving hebben een groot bereik omdat ze aansluiten op de wat er speelt in de samenleving. Ons netwerk kan daarbij ook op ons leunen. Bij initiatieven denken we graag mee en dragen met kennis en deskundigheid bij aan de realisatie van projecten. We zetten onze mediakanalen in om aandacht te vragen voor deze projecten Bijeenkomst van Uw wijk te Kijk in De Binding (bron: dijkenwaard.nl) en ondersteunen waar mogelijk financieel (zie ambitie 2, stap 5). Daarmee zetten we de bestaande praktijk rondom erfgoedprojecten voort. We merken dat de erfgoedprojecten nog niet altijd inclusief zijn. De projecten zijn vaak niet geschikt voor mensen met bijvoorbeeld een fysieke (visueel, motorisch, auditief, e.d.) omdat de plek waar het wordt georganiseerd slecht bereikbaar is of informatie alleen tekstueel wordt aangeboden. Door ook rekening te houden met deze beperkingen, kunnen meer mensen genieten van erfgoed. Bij het ondersteunen van projecten gaan we hier meer aandacht aan besteden. Herinneringscultuur en Stolpersteinen Herdenken is een belangrijk onderdeel van onze cultuur. Historische gebeurtenissen, positief of negatief, of personen uit het verleden nemen vaak een belangrijke plaats in binnen een gemeenschap.
Door stil te staan bij zo’n gebeurtenis of bij een historische persoon leren we voor de toekomst en draagt het bij aan nieuwe vormen van verbinding. Soms kan een herinnering pijnlijk of confronterend zijn. Dat vraagt extra aandacht hoe hier mee wordt omgegaan. Een voorbeeld hiervan zijn de Stolpersteine, de Struikelstenen, die de slachtoffers van het nationaalsocialisme uit de Tweede Wereldoorlog herdenken. Op 19 maart 2025 is de eerste Stolpersteine in de gemeente Dijk en Waard geplaatst. We kunnen ons voorstellen dat het niet bij deze ene blijft. Maar er zijn ook andere redenen te bedenken die Stolpersteine voor Gerrit Luit Bruin. De vragen om een tastbare herinnering aan het verleden op een Stolpersteine ligt voor het huis Benedenweg 204, specifieke plek. Op zo’n plek kan dan een herinneringsmonument de voormalige woning van Gerrit Luit Bruin (Foto: gemeente Dijk en Waard) worden opgericht. Voor al deze herinneringsmonumenten en Stolpersteinen gaan we een duidelijk kader met (interne) werkafspraken opstellen, waarmee we de herinneringscultuur in Dijk en Waard willen ondersteunen. Hierin wordt onder andere opgenomen wanneer er sprake is van een herinneringsmonument en wie welke verantwoordelijkheid heeft binnen het proces. Daarbij rekenen we op de samenleving om met passende initiatieven te komen voor plekken van (historische) betekenis.
Er is een grijs gebied tussen kunstwerken in de openbare ruimte, die veelal in opdracht voor een specifieke plaats in de gemeente zijn ontworpen. Hoewel deze naar een historische situatie kunnen verwijzen, is dat meestal niet het geval. Herinneringsmonumenten hebben bovenal als doel een bepaalde situatie te herinneringen of een gebeurtenis onder de aandacht te brengen. Om dit grijze gebied tussen kunst in de openbare ruimte en herinneringsmonumenten op een goede wijze te overbruggen, werken we hierbij samen met de afdeling Sociaal Domein (Kunst) en met de afdeling Beheer Ruimte. Vanuit ieders eigen expertise maken we een integrale afweging voor de omgang met herinneringsmonumenten en Stolpersteinen.
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
37
Recreatie, Toerisme en Evenementen We zien bij het bevorderen en ondersteunen van erfgoedprojecten een relatie met de Visie Recreatie en Toerisme Regio Alkmaar 2025 – 2035. Recreatieve en toeristische erfgoedprojecten in Dijk en Waard, zoals wandelingen, fiets- en vaartochten, kunnen bijdragen aan het beter bekend maken van het erfgoed in Dijk en Waard. Het helpt ook de spreiding van toerisme over de regio te vergroten. Voor onze eigen inwoners dragen recreatieve routes bij aan een prettige leefomgeving met veel mogelijkheden voor ontspanning. Erfgoed biedt een meerwaarde voor recreatie en toerisme doordat het unieke kanten van onze gemeenten laat zien. Inwoners kunnen met verrast worden met nieuwe informatie en zo met nieuwe ogen naar hun omgeving gaan kijken. Veel van de evenementen in de gemeente komen voort uit tradities. Dit soort evenementen zijn daarom belangrijke evenementen voor onze gemeente. Vanuit erfgoed willen we meedenken en aansluiting zoeken bij de evenementen die binnen de gemeente worden georganiseerd. We onderzoeken of en hoe erfgoed hierbinnen een plaats kan krijgen, bijvoorbeeld door een erfgoedlocatie of activiteit die aanvullend kan zijn het betreffende evenement. Als voorbeeld noemen we de Volksspelen in de Noord, een traditie die zijn wortels heeft in de kerk en parochie.
Open Monumentendag Open Monumentendag is een landelijk jaarlijks terugkerend evenement, waarvan de invulling een lokaal tintje heeft. Het is bovenal een laagdrempelig evenement dat ieder jaar weer veel bezoekers trekt. In 2024 hebben we de kans aangegrepen om de bezoekers te vragen naar hun mening over Open Monumentendag. 68% van de ondervraagden gaf aan dat ze jaarlijks proberen om Open Monumentendag te bezoeken. Ruim een kwart van de ondervraagden was dit jaar voor het eerst op Open Monumentendag, maar had wel bewust de keuze gemaakt om eens een kijkje te komen nemen. Een klein percentage kwam toevallig langs een van de open monumenten en besloot deze te bezoeken. We zien de meerwaarde van Open Monumentendag om erfgoed onder de aandacht te brengen. Maar we zien ook dat het nu veel tijd kost om de dag tot een succes te maken. Een groot deel van de overkoepelende organisatie ligt bij de Open Monumentendag trekt jaarlijks veel bezoekers. De vaartochten zijn daarbij een geliefde gemeente. We vinden activiteit (Foto: Alexandra Heeremans) eigenlijk dat de organisatie van Open Monumentendag een taak is van het erfgoedveld in samenwerking met inwoners en de gemeente. Tot op heden is het niet gelukt om de jaarlijkse organisatie weg te zetten bij een andere organisatie. Vanwege het belang van Open Monumentendag blijven wij het voorlopig nog organiseren.
Over drie jaar willen we naar een Stichting Open Monumentendag, die bestaat uit vrijwilligers uit de gemeente die zich inzetten voor de organisatie van deze dag. Er zijn in den lande vele voorbeelden van dergelijke stichtingen die als voorbeeld kunnen dienen voor een Stichting Open Monumentendag Dijk en Waard. Ter ondersteuning van deze dag stellen we jaarlijks een bedrag ter beschikking voor de uitvoering, zoals de kosten van activiteiten, het maken van publicaties, e.d. Daarnaast stellen we onze media-kanalen ter beschikking voor de communicatie over Open Monumentendag. We blijven als gemeente wel betrokken, maar willen de organisatie uit handen geven om de druk op de erfgoedcapaciteit te verminderen.
38
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
2.2.5 Stap 5 – Subsidie als aanjager Financiële ondersteuning erfgoedprojecten We willen op korte termijn meer zichtbaarheid en beleefbaarheid van het erfgoed realiseren. Daar nemen we als gemeente ook een verantwoordelijkheid in. We hebben niet de capaciteit om alle projecten zelf te initiëren en uit te voeren. Daarvoor hebben we hulp nodig uit de samenleving. We hebben al aangegeven dat we iedereen uitnodigen om met voorstellen voor projecten te komen, zodat we samen kunnen werken aan een samenleving waarin erfgoed een plek heeft in het dagelijks leven. We merken in de praktijk dat het probleem vaak niet het komen tot mooie plannen is, maar dat de uitvoering hapert op de financiële haalbaarheid en de capaciteit. De vraag wie betaalt, is daarbij een veel gestelde vraag. Er zijn verschillende lokale fondsen, regionale en landelijke subsidiemogelijkheden voor erfgoedprojecten. Daar maken we als gemeente nog niet altijd voldoende gebruik van. Voor gemeentelijke projecten gaan we verder in kaart brengen welke subsidies of samenwerkingen we kunnen inzetten voor realisatie van projecten. In veel gevallen kan een gemeente echter geen aanspraak maken op deze fondsen en zijn deze alleen beschikbaar voor verenigingen en stichtingen.
Deel van de gevel van de Noord-Hollandsche Conservenfabriek aan de Voorburggracht in Noord-Scharwoude (foto: gemeente Dijk en Waard).
De gemeente Dijk en Waard biedt zelf voor initiatiefnemers van erfgoedprojecten al verschillende subsidiemogelijkheden. Enkele subsidies zijn specifiek gericht op het organiseren van activiteiten of evenementen die, naast andere doelstellingen, als doel hebben het aanbieden van kunst- en (cultuur)historische educatie, het organiseren van activiteiten gericht op het historisch/cultureel verleden van de gemeente Dijk en Waard (Subsidie Kunst en Cultuur) of het organiseren van evenementen waarin historie en erfgoed centraal staan (Subsidie Evenementen). Daarnaast zijn er ook meer maatschappelijke subsidies, gericht op welzijn en sociale samenhang. Door het leggen van verbindingen zijn ook hier kansen voor projecten die gerelateerd zijn aan erfgoed. Deze projecten moeten daarbij vooral gericht zijn op ontmoeting, bevorderen van de gemeenschapszin, bestrijden van eenzaamheid en het bieden van zingeving (subsidie inwonersinitiatieven Dijk en Waard, subsidie Welzijn en Participatie en subsidie Buurthuizen). Per project kan slechts op één gemeentelijke subsidie aanspraak worden gemaakt worden. Vaak kan het wel gecombineerd worden met subsidies van andere overheden of instellingen. We gaan initiatiefnemers actiever wijzen op de mogelijkheden voor subsidie van de gemeente en andere fondsen.
CONCEPT Erfgoed voor onze toekomst
39
De bestaande gemeentelijke subsidies zijn erg gericht op ‘doen’. Dat is slechts één kant van de beleving en zichtbaarheid van erfgoed. Het is minder gericht op bijvoorbeeld onderzoek of het maken van een (digitale/ fysieke) publicatie of uitingen in de fysieke leefomgeving. Nu worden publicaties en uitingen in de fysieke leefomgeving vaak, al dan niet op basis van een voorstel van een organisatie of vereniging, uitgevoerd door de gemeente. De kosten zijn in deze gevallen ook voor de gemeente. Waar dit uitingen in de fysieke leefomgeving betreft, heeft dit als voordeel dat de vormgeving in de gemeentelijke huisstijl wordt uitgevoerd. Dit levert eenheid in beeld op in de fysieke leefomgeving. We zullen dit in de toekomst dus ook blijven doen. Voor voorstellen voor de beleving van erfgoed die een meer statisch karakter hebben, zoals publicaties of podcasts, gaan we onderzoeken of een aanvullende subsidieregeling wenselijk is. Financiële ondersteuning monumenteneigenaren Eigenaren van gemeentelijke monumenten hebben soms zelf gekozen voor de aankoop van een beschermd gemeentelijk monument. In de meeste gevallen is de gemeentelijke monumentenstatus aan het object toegekend toen het object al in het bezit was. In die gevallen hebben monumenteneigenaren niet bewust voor gekozen voor een beschermd monument.
De ervaring leert dat het onderhoud aan monumenten over het algemeen duurder is dan het onderhoud aan panden zonder beschermde status, omdat rekening moet worden gehouden met historische constructies en materialen. Ook verduurzaming is lastiger vanwege de fysieke kenmerken van een monument en het maatwerk dat daarbij wordt gevraagd. Uit de vragenlijst onder de monumenteneigenaren is gebleken dat er toch een aanzienlijk aantal monumenteneigenaren zich zorgen maken over de instandhouding van hun monument en het financiële plaatje dat daaraan hangt. Ook vraagt een deel zich af of het wel redelijk is om de financiële gevolgen van de aanwijzing tot gemeentelijk monument volledig bij de eigenaar neer te leggen. Het voelt voor veel eigenaren ook oneerlijk dat voor rijksmonumenten, waarvoor dezelfde regels gelden als voor gemeentelijke monumenten, er jaarlijks wel (rijks)subsidie beschikbaar is. Om de eigenaren van beschermde gemeentelijke monumenten tegemoet te komen, starten we een onderzoek naar een subsidiemogelijkheid voor monumenteneigenaren. We onderzoeken welke vorm van subsidie de meeste impact heeft voor de instandhouding van de beschermde gemeentelijke monumenten. We gaan daarbij uit van een sobere en doelmatige instandhouding.
Het kan gaan om bijvoorbeeld ondersteuning in het onderhoud, een bijdrage in de kosten van een bouwhistorisch onderzoek of een abonnement op de Monumentenwacht. Tot eind 2026 kunnen eigenaren van gemeentelijke monumenten ook gebruik maken van de subsidieregeling ‘Isolatie van uw woning’, mits zij aan de subsidievoorwaarden voldoen. Omdat niet alle verduurzamingsmogelijkheden die voor niet-monumenten beschikbaar zijn, ook passend zijn voor gemeentelijke monumenten is de subsidie niet een-op-een geschikt voor gemeentelijke monumenten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan spouwmuurisolatie, na-isolatie aan de buitenzijde van de gevels of bepaalde vormen van glasisolatie. Om deze reden nemen we de optie van een verduurzamingssubsidie of verduurzamingsadviseur voor gemeentelijke monumenten mee in het onderzoek naar de subsidiemogelijkheden. Bij het onderzoek naar de subsidie voor instandhouding monumenten betrekken we ook de eigenaren van beschermde gemeentelijke monumenten. Eén subsidieregeling voor erfgoed ter nadere besluitvorming We gaan versnippering van subsidieregelingen voorkomen. We gaan daarom de subsidie voor de beleefbaarheid en zichtbaarheid van erfgoed combineren met de subsidie voor onderhoud/ instandhouding van gemeentelijke monumenten. Zo ontstaat er één aanvullende subsidieregeling voor erfgoed met meerdere doelstellingen.