Bijlage 2 - MER Wind Diemen incl. aanvullingen
Tekst van het document
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 definitief revisie 03 28 november 2023
MER Wind Diemen
projectnummer 0478401.100 definitief revisie 03 (incl. redactionele wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen) 26 april 2024
Opdrachtgever Gemeente Diemen D.J. den Hartoglaan 1 1111 ZB Diemen
Gecontroleerd: M.L. Kornet
datum 28 november 2023
beschrijving definitief
vrijgave
Inhoudsopgave
Blz.
Samenvatting
1
1
Inleiding
12
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Aanleiding Onderzoek naar milieueffecten Relatie met toekomstvisies Participatie Leeswijzer
12 13 14 17 17
2
Windlocaties Diemen in vogelvlucht
18
2.1 2.2
De zoekgebieden Type windturbines
18 20
3
Proces en onderzoeksmethode
22
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Inleiding Het MER in twee delen Beoordelingskader Plan- en onderzoeksgebied Beoordelingswijze
22 22 23 24 25
Deel A
26
4
Geschiktheidsanalyse zoekgebieden
26
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8
Geluid Externe veiligheid Ruimtelijke kwaliteit Bodem Ecologie Archeologie en cultuurhistorie Energie Aanlegfase
26 33 35 50 53 64 70 71
5
Alternatieven
75
5.1 5.2 5.3
Overzicht van de beoordeling Uitgangspunten voor de opstelling van windturbines Alternatieven
75 76 78
Deel B 6
82 Milieueffecten alternatieven
82
6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6 6.7 6.8
Geluid Externe veiligheid Ruimtelijke kwaliteit Bodem Ecologie Archeologie en cultuurhistorie Energie Aanlegfase
82 94 95 112 113 117 119 121
7
Conclusie
124
7.1 7.1.1 7.1.2 7.2 7.3 7.4
Overzicht van de beoordeling Onderlinge verschillen tussen de zoekgebieden Beoordeling van opstellingsvarianten Keuze voor een voorkeursalternatief Leemten in kennis Monitoring en evaluatie
124 124 125 127 128 129
Bijlage I - Verbeelding planning/ fasering Weespersluis
131
Bijlage II – (aangevulde) Natuurtoets zoekgebieden Wind Diemen
138
Bijlage III – Akoestisch onderzoek Wind Diemen
194
Bijlage IV – Aanvulling MER Wind Diemen
218
Bijlage V – Passende (risico) beoordeling Wind Diemen
258
Bijlage VI – Visualisaties zichtpunten MER Wind Diemen
278
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 2024 revisie 03 Gemeente Diemen
Samenvatting In deze samenvatting kunt u beknopt teruglezen wat er in dit milieueffectrapport centraal staat. Na elkaar worden de aanleiding voor het MER, het voornemen voor de zoekgebieden en de beoordeling van de effecten van diezelfde plannen kort weergegeven. Per tekstblok is een link en paginanummer toegevoegd voor als u de meer uitgebreide informatie wilt lezen.
Aanleiding voor het MER Het plangebied en de opgave De gemeente Diemen werkt samen met haar partners van de Regionale Energiestrategie (RES) Noord-Holland Zuid (NHZ) sinds 2019 aan de transitie naar een duurzame energievoorziening. Eén van de belangrijkste en politiek gevoelige vragen van de transitie is de zoektocht naar locaties voor windenergie. Diemen zoekt ook naar geschikte locaties en heeft op 17 juni 2021, in samenspraak met haar inwoners en andere betrokkenen, met het vaststellen van de RES 1.0 zoekgebieden voor windenergie vastgesteld. Daarna zijn de zoekgebieden opgenomen in de Omgevingsvisie Diemen 2040. Gedurende het proces zijn deze zoekgebieden verder aangescherpt tot de definitieve zoekgebieden uit het MER (figuur hiernaast). Rol van het MER in de besluitvorming Er is nog niet besloten of er daadwerkelijk concrete windlocaties worden opgenomen in het omgevingsbeleid van Diemen. Voor een weloverwogen besluit of en waar windturbines op het grondgebied van Diemen gerealiseerd mogen worden, is het van belang om de milieueffecten nader in kaart te brengen middels de procedure van de milieueffectrapportage1. Koppeling met een ruimtelijk besluit Het is bij wet verplicht dat een MER wordt gekoppeld aan een ruimtelijk besluit.
Omdat er nu nog geen concreet bestemmingsplan wordt beoogd met de milieuonderzoeken, maar er juist kaders worden gecreëerd om windenergie mogelijk te maken in één of meerdere van de zoekgebieden, is het de bedoeling dit MER te koppelen aan een gedeeltelijke herziening van de Omgevingsvisie. De resultaten uit dit MER kunnen de Omgevingsvisie Diemen 2040 op dit onderdeel concretiseren. Participatie Tijdens het RES-proces kwam naar voren dat er onder de inwoners van Diemen en omgeving zorgen zijn over de mogelijke plaatsing van windturbines in de gemeente. Daarom is besloten om bewoners van Diemen en bewoners van aangrenzende delen uit andere gemeenten actief bij het milieuonderzoek te betrekken. Voor meer informatie zie: 1. Inleiding 1
In dit MER hanteren we de gebruikelijke afkortingen m.e.r. voor milieueffectrapportage (procedure en proces) en MER voor het milieueffectrapport (het product van de m.e.r.)
Blad 1 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
De zoekgebieden De beoogde zoekgebieden voor wind in de gemeente Diemen liggen allemaal in het oostelijk deel van de gemeente, op afstand van de woonkern Diemen en op afstand van andere bestaande en te ontwikkelen woonkernen. Voor meer informatie zie: 2. Windlocaties Diemen in vogelvlucht
Het MER in twee delen Dit MER is in feite opgebouwd in twee delen: Deel A: onderzoek naar de verwachte effecten per zoekgebied Deel B: Alternatievenonderzoek en -beoordeling Deel A Het eerste deel van het MER (deel A) bestaat uit een beschrijving en beoordeling van de geschiktheid en gevoeligheden van de zoekgebieden voor windturbines en de milieueffecten die kunnen optreden. Dit gebeurt aan de hand van de tabel 3.1 met beoordelingsaspecten. Hierbij zijn twee vragen van belang: Wat speelt er in de huidige situatie en referentiesituatie op het vlak van de verschillende thema’s? Hoe gevoelig zijn de zoekgebieden en de omgeving van de zoekgebieden voor effecten die windturbines kunnen veroorzaken (zoals geluid of slagschaduw)? Zodoende ontstaat een overzichtelijk beeld waar milieueffecten mogelijk knellen. Dit heeft de informatie voor het ontwikkelen van de alternatieven geboden en vormde het uitgangspunt om de alternatieven aan te meten. Van deel A naar deel B De uitkomsten van deel A hebben belangrijke input geleverd voor deel B van het MER. Op basis van de beoordeling per deelgebied zijn alternatieven opgesteld. De alternatieven bestaan uit verschillende opstellingen van windturbines verdeeld over één of meerdere zoekgebieden. Deel B De alternatieven zijn in het tweede deel van het MER (deel B) tegen het licht gehouden.
Hiervoor zijn dezelfde milieuaspecten gebruikt als voor het eerste deel van het MER. Dit deel is gericht op de daadwerkelijke effectbeoordeling per alternatief. Het MER brengt de effecten op de omgeving in beeld, met als doel de besluitvorming over de plaatsing van windturbines te ondersteunen. Daarom is het belangrijk om ook de effecten van verschillende opstellingen (met één of meer windturbines) met elkaar te vergelijken.
Beoordelingskader In de onderstaande tabel zijn de beoordelingsaspecten voor het MER opgenomen. Het beoordelingskader geeft aan hoe de effecten in het MER in beeld zijn gebracht; op basis van welke thema’s en criteria, en aan de hand van welke onderzoeksmethoden, informatie of data. Voor meer informatie zie: 3. Proces en onderzoeksmethode
Blad 2 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
tabel 0.1: Beoordelingscriteria voor het MER Thema Geluid
Aspect Windturbinelawaai
Externe veiligheid Ruimtelijke kwaliteit
Bodem Ecologie
Archeologie en cultuurhistorie Energie Aanlegfase
Cumulatieve geluidbelasting2 Plaatsgebonden risico Groepsrisico Vliegveiligheid Landschap Lichthinder Slagschaduw Recreatie Bodemgesteldheid Natura 2000 (gebiedsbescherming) Natuurnetwerk Nederland (gebiedsbescherming) Soortenbescherming Beschermde houtopstanden Archeologie Cultuurhistorie Opwekpotentie Aansluiting netwerk3 Aanlegfase
Beoordelingscriterium Geluidbelasting (dB’s) op woningen en woonboten Aantal (ernstig) gehinderden Mate van verandering cumulatieve geluidbelasting
Methodiek Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief
Omvang plaatsgebonden risico Verandering van het groepsrisico Impact op de vliegveiligheid (radarverstoring) Impact op landschappelijke waarden (o.a. Bijzonder Provinciaal Landschap) Hinderbeleving door lichtschittering en obstakelverlichting Hinderbeleving door slagschaduw De impact op recreatieve waarde van het gebied De impact op de bodemgesteldheid De impact op Natura 2000-gebieden (stikstof)
Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwalitatief
De impact op Natuurnetwerk Nederland (NNN)
Kwalitatief
De impact op de instandhouding van beschermde soorten De impact op Wnb-houtopstanden
Kwalitatief
De impact op archeologisch erfgoed De impact op cultureel erfgoed De opwekpotentie per zoekgebied De aanwezige aansluitingsmogelijkheden per zoekgebied De impact van de aanlegfase van de turbines op de milieuaspecten
Kwalitatief Kwalitatief Kwantitatief Kwalitatief Kwalitatief
Kwalitatief Kwantitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwantitatief
Beoordelingswijze Voor de analyse en beoordeling in deel A en deel B is gebruik gemaakt van openbare data op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Ook zijn verschillende GIS-analyses en -berekeningen uitgevoerd, zoals voor de aspecten van geluid of slagschaduw. Het doel van deel A is om de verwachte effecten per zoekgebied te beoordelen. Deel A moet laten zien of en in welke mate er verschillen in omgevingseffecten te verwachten zijn. De zoekgebieden worden hiervoor weergegeven op een beoordelingsschaal. Onderstaande figuur toont een indicatieve beoordeling van de vier zoekgebieden.
Cumulatieve geluidsbelasting komt aan bod in Deel B van het MER. In deel A wordt bestaand omgevingsgeluid in- en rond de zoekgebieden in kaart gebracht, evenals mogelijke geluidsgevoelige objecten. In deel B wordt de rol van de windturbines en geluidbelasting beoordeeld. 3 Dit aspect is ingevoegd naar aanleiding van overleg met Liander. Dit aspect is alleen in Deel B bij het onderzoek naar alternatieven beschouwd. 2
Blad 3 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Binnen deel B worden alternatieven beoordeeld. De vier alternatieven worden op een beoordelingsschaal gescoord.
De beoordelingsschaal geeft inzicht in de verwachte effecten. Dit is echter op een hoog abstractieniveau. De kleurenschaal geeft een indicatie van de omvang van het effect. De kleurenschaal wordt aangepast aan de verwachte effecten. Thema’s waarvoor geen of alleen negatieve effecten te verwachten zijn, loopt de kleurenschaal grotendeels van grijs naar rood. Bij energie is het andersom, daar zijn alleen positieve effecten (meer of minder opbrengst) te verwachten. Daar is de kleurenschaal overwegend groen. Zoekgebieden en alternatieven met gelijke score Wanneer er geen onderscheid in de verwachte effecten tussen de zoekgebieden verwacht wordt, zijn de betreffende zoekgebieden in één blokje opgenomen. In de rechter figuur is een score te zien waar voor zoekgebied A en B geen verschillen verwacht worden. Hetzelfde principe geldt voor alternatieven. Wanneer alternatieven een gelijke score hebben wordt het op een vergelijkbare wijze weergegeven.
Conclusie onderlinge verschillen tussen de zoekgebieden Uit de beoordeling van de zoekgebieden blijkt dat op veel thema’s nauwelijks verschillen te verwachten zijn. Een paar thema’s en aspecten springen er toch uit, zoals zichtbaar is in onderstaande tabel.
Blad 4 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Effecten op landschap en recreatie De verschillen zijn het grootst bij het thema Ruimtelijke kwaliteit. De mate van aantasting van landschappelijke kwaliteiten en de impact op recreatie verschilt per zoekgebied. Zoekgebied D scoort het slechts van de vier zoekgebieden, mede vanwege het feit dat dit gebied binnen Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) ligt en de nabijheid (de entree voor fietsers) van het Diemerbos en de herkenbare strokenverkaveling ten zuiden van het zoekgebied. Zoekgebied B heeft de minste impact, doordat dit zoekgebied ingeklemd ligt tussen grote infrastructuur. De landschappelijke kwaliteiten en het recreatieve gebruik zijn hier in mindere mate aanwezig. Bevindingen voor geluid Ook bij geluid zijn verschillen tussen de zoekgebieden te verwachten op basis van het aantal woningen binnen 500, 1.000 en 1.500 meter. Zoekgebied B scoort het slechtst op windturbinelawaai, met name door de aanwezigheid van woningen op relatief korte afstand. Dit zoekgebied ligt het dichtst bij de verspreide woningen in het buitengebied van Diemen. Geluidberekeningen in Deel B moeten aantonen wat de daadwerkelijke effecten rond het thema geluid zijn, ook voor cumulatief geluid. Zoekgebied D heeft juist de minste woningen op korte afstand. Voor meer informatie zie: 4. Geschiktheidsanalyse zoekgebieden
Beoordeling van opstellingsvarianten Bij verschillende thema’s kunnen effecten anders zijn op het moment dat er meer dan één windturbine komt. Opstellingsvarianten van twee of meer windturbines leiden tot andere effecten op bijvoorbeeld landschap en slagschaduw. Ook de geluidbelasting neemt toe, afhankelijk van de locaties van meerdere windturbines. Voor het onderzoek naar opstellingsvarianten zijn de volgende alternatieven onderzocht: Alternatief 1: Maximale opbrengst 2: Lijnopstelling 3: Knooppunt cluster 1 4: Knooppunt cluster 2
Samenstelling A, B, C, D A, C, D A, B, C A, B
Blad 5 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Blad 6 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Eén van de belangrijkste verschillen tussen de alternatieven is het aantal windturbines, wat ook terug te zien is in de effecten. Meer windturbines leidt al snel tot grotere effecten op de omgeving. Alternatief 1 scoort hierdoor slechter op meerdere aspecten, met name op aspecten die samenhangen met de omvang van het ruimtebeslag en de impact op ruimtelijke kwaliteiten. Effecten op ruimtelijke kwaliteit De beoordeling van ruimtelijke kwaliteit laat zien dat alternatief 1 (Maximale opbrengst) de grootste impact heeft op landschap en recreatie en alternatief 4 de minste impact. De twee
Blad 7 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
alternatieven met drie windturbines laten lichte verschillen zien op recreatie en landschap. Alternatief 2 (Lijnopstelling) heeft een grotere impact op recreatie en landschap dan alternatief 3. Effecten op geluid Vanwege de relatief grote afstanden tot geluidgevoelige objecten zijn de verschillen bij geluid zeer beperkt. Voor windturbinelawaai is de hoogste geluidbelasting berekend op 46 dB. Dit betreft twee woningen bij alternatief 1, als uitgegaan wordt van de minst stille windturbine voor de gewenst tiphoogte. Bij geluidbelastingen van minder dan 45 dB zijn er nauwelijks verschillen tussen de vier alternatieven. Een stille windturbine heeft grote positieve effecten op de geluidbelasting door windturbinelawaai. Bij de meest stille windturbine bedraagt de hoogst berekende geluidbelasting 42 dB. Bij de potentiële locaties van de windturbines en de omgeving is in de huidige situatie reeds sprake van hoge geluidbelasting. De cumulatieve geluidbelasting ligt in het gebied rond knooppunt Diemen overwegend boven de 60 dB(A). Dit komt voornamelijk door de aanwezigheid van grote infrastructuur zoals de snelwegen en het spoor. Het effect van windturbines op de cumulatieve geluidbelasting is hierdoor beperkt. Onderstaande tabel toont de effecten op het aantal ernstig gehinderden voor de twee typen windturbines en de vier alternatieven. GESscore
% ernstig gehinderden
0 1 2 4 5 6 7 8
0 1,5 4 7 10,5 17,5 26 ≥31
Geluid (dB)
<34 34 – 38 39 – 43 44 – 48 49 – 53 54 – 58 59 – 63 ≥64 Totaal: Verschil t.o.v. ref:
Aantal ernstig gehinderden per Alternatief (minst stille windturbine) ref 0 0 0 0 98 453 110 21 682
1
2
3
4
0 0 0 0 92 460 114 21 687 5
0 0 0 0 95 456 112 21 684 2
0 0 0 0 93 458 113 21 685 3
0 0 0 0 95 456 112 21 684 2
Aantal ernstig gehinderden per Alternatief (meest stille windturbine) 1 2 3 4 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 96 97 97 97 454 453 453 452 113 111 112 112 21 21 21 21 684 682 683 682 2 0 1 0
Ook hier scoort het alternatief 1 het slechtst. Bij de minst stille windturbine leidt dit alternatief tot een toename van vijf ernstig gehinderden. Bij de andere alternatieven is de toename 2 of 3. Bij toepassing van de meest stille windturbine is de toename van het aantal ernstig gehinderden bij alternatief 1 beperkt tot 2. Alternatief 2 en 4 leiden niet tot toename van het aantal ernstig gehinderden. Als rekening wordt gehouden met de ontwikkeling van Weespersluis 2e fase leidt alternatief 4 echter tot de minste effecten op cumulatieve geluidbelasting. Voor deze ontwikkeling is een inschatting gemaakt van het aantal ernstig gehinderden. Omdat gewerkt is met vrijeveldcontouren en geen rekening is gehouden met de omliggende ontsluitingsweg, is het effect van de windturbines op de cumulatieve geluidbelasting enigszins overschat. Voor meer informatie zie: 6. Milieueffecten alternatieven
Blad 8 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Keuze voor een voorkeursalternatief De gemeente Diemen kiest uiteindelijk een voorkeursalternatief, het alternatief dat verder onderzocht en ontwikkeld wordt. Het MER helpt de gemeente bij het maken van deze keuze op basis van de beoordeling van de alternatieven. Dit is een belangenafweging op basis van de ambities voor duurzame energie (zoveel mogelijk duurzame energie opwekken) en de impact op de leefomgeving. Keuze op basis van energieopbrengst Uit de beoordeling van de alternatieven komt één conclusie duidelijk naar voren: Alternatief 1 (Maximale opbrengst, vier turbines) heeft de grootste impact op de omgeving én de meeste opbrengst. Dit komt met name door het ruimtebeslag en de impact op de omgeving. Op milieuaspecten zijn de verschillen met de andere alternatieven relatief klein. Een keuze voor dit alternatief zal gebaseerd zijn op de opbrengst voor duurzame energie. Als energieopbrengst juist niet doorslaggevend is, komt alternatief 4 (Knooppunt cluster 2, twee turbines) als beste naar voren. Dit alternatief heeft de minste ruimtebeslag en de minste impact op de omgeving. Keuze op basis van landschappelijke impact en inpassing De beoordeling van alternatief 2 (Lijnopstelling) en 3 (Knooppunt cluster 1) laten verschillen zien die niet terug te leiden zijn tot de omvang (beide alternatieven hebben drie windturbines).
Verschillen ontstaan hier door de locatiekeuze en de (in)directe effecten die hiermee samenhangen. Het verschil in landschappelijk impact zit in het verschil tussen zoekgebied B en zoekgebied D. Zoekgebied B ligt in een knooppunt van infrastructuur met minder landschappelijke waarden en recreatief gebruik, maar relatief dicht bij woningen. Het geluidonderzoek laat echter zien dat de verschillen voor geluid klein zijn, zeker als uitgegaan wordt van de meest stille windturbine. Maatregelen voor het voorkeursalternatief Om de impact van windturbines op de leefomgeving te verminderen zijn diverse maatregelen te treffen. Stilstandvoorzieningen om slagschaduw te beperken of uilenveren om geluidemissies te verminderen zijn goede voorbeelden van maatregelen die zorgen voor minder hinder. Deze maatregelen zijn niet doorslaggevend voor de keuze voor een alternatief, doordat dit toepasbaar is bij alle alternatieven. De gemeente kan wel besluiten om maatregelen of onderzoek naar maatregelen als randvoorwaarde op te nemen bij het besluit over een voorkeursalternatief. In de verdere uitwerking kan de haalbaarheid en doelmatigheid van deze maatregelen onderzocht worden.
Leemten in kennis Dit MER is opgesteld om de gemeente te helpen een keuze te maken voor de verdere uitwerking van zoekgebieden voor windenergie. Dit onderzoek op planMER niveau kent enkele onzekerheden (leemten in kennis), waar in latere fasen besluiten over genomen worden. Exacte locatiekeuze binnen de zoekgebieden Energieopbrengst Vervolgonderzoeken Om met leemten in kennis om te gaan en bij vervolgbesluiten weloverwogen beslissingen te nemen worden in ieder geval de volgende vervolgonderzoeken uitgevoerd: Onderzoek naar de aanwezige landschappelijke kwaliteiten en waarden en inpassing van concrete locaties voor windturbines met behulp van visualisaties;
Blad 9 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
-
Vervolgonderzoek naar aanwezige ecologische waarden op exacte locaties; Nader onderzoek naar de compensatieopgave voor NNN gebied, indien NNN gebied wordt gebruikt. Berekening van de energieopbrengst op basis van de locatiekeuze binnen de zoekgebieden; Nader onderzoek naar de bereikbaarheid van de locaties voor onderhoud en voor de aanlegfase.
Monitoring en evaluatie Voor monitoring zijn twee hoofdzaken te onderscheiden: de monitoring van het doelbereik (energieopbrengst) en de monitoring van de effecten op de omgeving. Dit MER beschrijft effecten grotendeels op hoofdlijnen, op enkele aspecten zijn kwantitatieve beoordelen toegepast. De uiteindelijke effecten kunnen mee- of tegenvallen. Monitoring draagt bij aan het verkrijgen van een beter beeld van de effecten en het toepassen van maatregelen. Een monitorings- en evaluatieprogramma zal in latere fasen uitgewerkt worden. Een monitoring van de huidige situatie en referentiesituatie vormt hiervoor een belangrijke basis waar al in een vroeg stadium mee gestart kan worden. Zo is het nodig om een goed beeld te krijgen van de aanwezige (trek)vogels, het aantal recreanten in en rond de locaties en de huidige geluidbelasting in het gebied. Voor het laatste aspect zijn actuele gegevens over scheepvaart over het Amsterdam-Rijnkanaal van belang. Hiervoor waren bij het opstellen van dit MER geen recente gegevens beschikbaar. Voor meer informatie zie: 7.3. Leemten in kennis 7.4. Monitoring en evaluatie
Blad 10 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Blad 11 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
1
Inleiding
1.1
Aanleiding De gemeente Diemen werkt samen met haar partners van de Regionale Energiestrategie (RES) Noord-Holland Zuid (NHZ) sinds 2019 aan de transitie naar een duurzame energievoorziening. Eén van de belangrijkste en politiek gevoelige vragen van de transitie is de zoektocht naar locaties voor windenergie. Diemen zoekt ook naar geschikte locaties en heeft op 17 juni 2021, in samenspraak met haar inwoners en andere betrokkenen, met het vaststellen van de RES 1.0 zoekgebieden voor windenergie vastgesteld. Daarna zijn de zoekgebieden opgenomen in de Omgevingsvisie Diemen 2040. Gedurende het proces zijn deze zoekgebieden verder aangescherpt tot de definitieve zoekgebieden uit het MER (figuur 1.1). Deze zoekgebieden moeten verder uitgewerkt worden in het gemeentelijk beleid. De gemeente Diemen wil dit opnemen in een partiële herziening van de Omgevingsvisie Diemen 2040.
figuur 1.1: Definitieve zoekgebieden A, B, C en D
Rol van het MER in de besluitvorming Er is nog niet besloten of er daadwerkelijk concrete windlocaties worden opgenomen in het omgevingsbeleid van Diemen. Voor een weloverwogen besluit of en waar windturbines op het grondgebied van Diemen gerealiseerd mogen worden, is het van belang om de milieueffecten
Blad 12 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
nader in kaart te brengen middels de procedure van de milieueffectrapportage4. Hiertoe is het voorliggende MER opgesteld. Naast de ondersteuning van besluitvorming dient deze rapportage als juridische basis voor mogelijke vervolgtrajecten mocht daartoe besloten worden: het opnemen van concrete locaties in het omgevingsbeleid en de uiteindelijke vergunningverlening. Daarnaast is van belang dat (de resultaten van) dit MER een rol kunnen spelen in het maatschappelijke debat over windenergie in de gemeente Diemen. Opzet van het MER Dit MER bestaat in feite uit twee delen. In het eerste deel onderzoekt het MER de zoekgebieden voor windturbines afzonderlijk van elkaar op de effecten op de omgeving (deel A). Dit onderzoek levert input om alternatieven met verschillende opstellingen van windturbines in het buitengebied te ontwikkelen. Het tweede deel van het MER (deel B) onderzoekt deze alternatieven in meer detail. Op basis van deze alternatievenafweging neemt de gemeente een besluit over de verdere uitwerking.
1.2
Onderzoek naar milieueffecten Waarom zijn windturbines m.e.r.-(beoordelings)plichtig? De realisatie van één of meerdere windturbines kan worden aangemerkt als een ‘oprichting van een windturbinepark5’ zoals opgenomen onder categorieën C22.2 en D22.2 van de zogenoemde C- en D-lijst van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage. Wanneer wordt voldaan aan de drempelwaarde uit categorie C22.2 is er direct sprake van m.e.r.-plicht. Valt het planvoornemen onder de drempelwaarde van C22.2 maar wordt voldaan aan de drempelwaarde van D22.2, dan is er sprake van een m.e.r.-beoordelingsplicht. De omschrijving van de activiteit en relevante drempelwaarden behorend bij deze categorie is opgenomen in de volgende tabel.
C 22.2
D 22.2
Activiteiten De oprichting, wijziging of uitbreiding van een windturbinepark. De oprichting, wijziging of uitbreiding van een windturbinepark.
Drempelwaarde In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op 20 windturbines of meer.
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: 1°. een gezamenlijk vermogen van 15 megawatt (elektrisch) of meer, of 2°. 10 windturbines of meer.
Gevallen De structuurvisie, bedoeld in de artikelen 2.1, 2.2 en 2.3 van de Wet ruimtelijke ordening, en het plan, bedoeld in de artikelen 3.1, eerste lid, 3.6, eerste lid, onderdelen a en b, van die wet. De structuurvisie, bedoeld in de artikelen 2.1, 2.2 en 2.3 van de Wet ruimtelijke ordening, en de plannen, bedoeld in de artikelen 3.1, eerste lid, 3.6, eerste lid, onderdelen a en b, van die wet.
Besluit Het besluit bedoeld in artikel 6.5, aanhef en onderdeel c, van de Waterwet, het besluit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet windenergie op zee of de besluiten waarop afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht en een of meer artikelen van afdeling 13.2 van de wet van toepassing zijn. Het besluit bedoeld in artikel 6.5, onderdeel c, van de Waterwet, het besluit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet windenergie op zee of de besluiten waarop afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht en een of meer artikelen van afdeling 13.2 van de wet van toepassing zijn dan wel waarop titel 4.1 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is.
De Wet milieubeheer maakt onderscheid tussen plannen en projecten. Plannen zijn kaderstellende visies of bestemmingsplannen (omgevingsplannen) die een ontwikkeling (nog) niet direct mogelijk maken, maar daarvoor de kaders stellen. Projecten zijn concrete besluiten
4
In dit MER hanteren we de gebruikelijke afkortingen m.e.r. voor milieueffectrapportage (procedure en proces) en MER voor het milieueffectrapport (het product van de m.e.r.) 5 Waarbij in het Besluit m.e.r. is aangegeven dat sprake is van een windpark bij 3 of meer windturbines
Blad 13 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
die een ontwikkeling mogelijk maken. De (herziening van) omgevingsvisie is aan te merken als een plan. Aangezien het nog niet duidelijk is òf en hoeveel windturbines mogelijk zijn in de daarvoor aangewezen zoekgebieden binnen Diemen, is ervoor gekozen om de m.e.r.-procedure te doorlopen en een planMER op te stellen. Als uit het MER blijkt dat windturbines veilig voor mens en natuur geplaatst kunnen worden, dan kan de gemeenteraad van Diemen besluiten om hiervoor kaders vast te leggen in een partiële herziening van de Omgevingsvisie Diemen 2040. Koppeling met een ruimtelijk besluit Het is bij wet verplicht dat een MER wordt gekoppeld aan een ruimtelijk besluit. Dit kan een concreet bestemmingsplan (onder de huidige Wet ruimtelijke ordening) of een Omgevingsplan (onder de Omgevingswet6) zijn, maar ook plannen op een hoger abstractieniveau zoals een Omgevingsvisie of een programma zoals bedoeld onder de Omgevingswet. Omdat er nu nog geen concreet bestemmingsplan wordt beoogd met de milieuonderzoeken, maar er juist kaders worden gecreëerd om windenergie mogelijk te maken in één of meerdere van de zoekgebieden, is het de bedoeling dit MER te koppelen aan een gedeeltelijke herziening van de Omgevingsvisie. De Omgevingsvisie Diemen 2040 bevat nog geen concrete invulling voor de inpassing van de windopgave.
De resultaten uit dit MER kunnen de Omgevingsvisie op dit onderdeel concretiseren. Reden voor het opstellen van een MER Windturbines kunnen in de gebruiks- en aanlegfase effecten hebben op het milieu. Om de milieuaspecten mee te wegen in de besluitvorming wordt de procedure van de milieueffectrapportage (m.e.r) doorlopen. Met een m.e.r. wordt inzicht verkregen in de effecten van de voorgenomen activiteiten. Daarmee kan het bevoegd gezag (in deze fase de gemeente Diemen), die het besluit neemt over het juridisch planologisch kader voor de ontwikkeling, de milieugevolgen volwaardig meewegen. Het MER levert daarmee een onderbouwing van een ruimtelijk besluit door: Een toetsing aan regelgeving, vigerend beleid en (gemeentelijke) ambities; Inzicht te verschaffen in verschillen tussen meerdere alternatieven; Inzichtelijk te maken welke mitigerende maatregelen en aandachtspunten er voor de vervolgfases zijn.
1.3
Relatie met toekomstvisies Windenergie in de Omgevingsvisie Diemen 2040 Het MER is bedoeld om inzicht te verkrijgen welke mogelijkheden er zijn binnen Diemen om invulling te geven aan de opgave zoals geformuleerd in de RES 1.0. De zoekgebieden zijn leidend in de milieuonderzoeken voor het MER. De toen geldende zoekgebieden zijn ook als dusdanig opgenomen in de Omgevingsvisie Diemen 2040. De Omgevingsvisie Diemen 2040 is op 27 januari 2022 door de gemeenteraad vastgesteld. Hierin zijn de volgende zoekgebieden weergegeven (zie ook de figuur hieronder). De zoekgebieden zijn tijdens het vervolgtraject verder aangepast op basis van geschiktheid (zie Hoofdstuk 2.1).
6
De Omgevingswet treedt op 1 januari 2024 in werking. Voor het MER dat als voorbereiding van een ruimtelijk besluit wordt opgesteld maakt het niet veel uit of dat besluit onder de oude of de nieuwe wetgeving valt.
Blad 14 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Zoals blijkt uit de Omgevingsvisie zelf en het onderliggende MER bij de Omgevingsvisie, is nader onderzoek nodig om de inpassing voor windturbines mogelijk te maken. De gemeente Diemen is voornemens de m.e.r.-procedure vorm te geven in samenspraak met de omgeving, relevante stakeholders en naburige gemeenten. In hoofdstuk 3 wordt hier nader op ingegaan.
Figuur 1.2: Uitsnede van de Omgevingsvisiekaart met letters A t/m G als zoekgebieden wind (Bron: Omgevingsvisie Diemen 2040).
Relatie met RES 2.0 In de RES-regio Noord-Holland Zuid wordt toegewerkt naar de RES 2.0. Daarin worden in 2024 meer concrete afspraken gemaakt over de aanpak van de energietransitie. Het is de bedoeling dat de resultaten van het MER – indien tijdig beschikbaar – door Diemen worden gebruikt als input voor het opstellen van RES 2.0. Provinciale omgevingsverordening 2022 De zeven zoekgebieden, zoals deze zijn opgenomen in zowel RES 1.0 als in de Omgevingsvisie Diemen 2040, zijn ook als zodanig opgenomen in de Provinciale omgevingsverordening 2022. De figuur hieronder toont – generiek – de zoekgebieden voor wind en zon. Dit zijn meer locaties dan de zeven relevant voor het MER; ook de zoekgebieden voor zonne-energie zijn weergegeven.
Blad 15 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Figuur 1.3: Zoekgebieden wind en zon (Bron: Provinciale omgevingsverordening 2022).
Afstemming met de buurgemeenten De zoekgebieden voor wind in de gemeente Diemen liggen in de nabijheid van de gemeente Amsterdam en Gooise Meren. De gebieden liggen in elkaars invloedsfeer. Daarnaast is voor het MER van belang dat in het aangrenzende deel van Amsterdam in de RES 1.0 een zoekgebied voor windenergie is opgenomen. Dit is het Amsterdamse zoekgebied ‘Diemerscheg’. In Figuur 1.3. is dit het meest zuidoostelijk gelegen gebied langs het Amsterdam-Rijnkanaal.7 Voor het nu voor Diemen opgestelde MER is één van de aandachtspunten hoe daarmee wordt omgegaan. Gezien de omgevingseffecten (zoals landschap en geluid), maar mogelijk ook voor het ontwikkelen van alternatieven ligt het voor de hand om de gemeentegrenzen niet als een harde grens te beschouwen, maar vanuit Diemen ook ‘over de grens te kijken’ in de direct aangrenzende delen van Amsterdam en wellicht ook Gooise Meren. Per aspect beschouwt het MER het relevante studiegebied, het gebied tot waar de effecten (kunnen) reiken.
1.4
Participatie Tijdens het RES-proces kwam naar voren dat er onder de inwoners van Diemen en omgeving zorgen zijn over de mogelijke plaatsing van windturbines in de gemeente. Daarom is besloten om bewoners van Diemen en bewoners van aangrenzende delen uit andere gemeenten actief bij het milieuonderzoek te betrekken. Dit heeft op de volgende manier vorm gekregen. Naast de formele participatieprocedure (de mogelijkheid om zienswijzen in te dienen op de Notitie Reikwijdte en Detailniveau en het MER bij het ontwerpbesluit) worden drie participatiemomenten georganiseerd voor twee verschillende doelgroepen. De momenten vallen samen met de inzage van de NRD, het opstellen van alternatieven na de afronding van deel A en Een overzicht van de Amsterdamse windenergie-zoekgebieden is te zien op deze website: Kaart windzoekgebieden Gemeente Amsterdam 7
Blad 16 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
het opleveren van het concept MER. Voor professionele stakeholders (zoals netbeheerders, Rijkswaterstaat, ProRail en buurgemeenten) zijn rondetafelgesprekken georganiseerd om te informeren over de voortgang, om tussenproducten voor te leggen en om samen te werken aan de invulling van het onderzoek. Omwonenden en belanghebbenden zijn middels informatieavonden betrokken bij het onderzoek. Bij aanvang (tijdens het opstellen van de NRD) stond de informatieavond in het teken van het meenemen van aanwezigen in het doel en de opzet van het onderzoek. Ook werd het gesprek gevoerd over aandachtspunten en milieuaspecten die een plek moeten krijgen in het onderzoek. De tweede bewonersavond droeg bij aan de ontwikkeling van ‘alternatieven’. Aan de hand van thematische schetsen van alternatieve opstellingen van windturbines ging het gesprek over de te onderzoeken opstellingen voor de effectenbepaling in deel B. De derde bewonersavond vindt plaats aan het eind van het onderzoekstraject, na het collegebesluit om het MER ter inzage te leggen, bij aanvang van de inspraakperiode. Hierin presenteren we het MER samen met een gekozen voorkeursalternatief en beantwoorden we vragen.
1.5
Leeswijzer De voorliggende MER is als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 2 beschrijft de zoekgebieden voor windenergie; Hoofdstuk 3 beschrijft het doorlopen proces en de onderzoeksmethode; Hoofdstuk 4 beschrijft de huidige en referentiesituatie; Hoofdstuk 5 beschrijft de alternatieven; Hoofdstuk 6 beschrijft de effecten van de alternatieven; Hoofdstuk 7 vat de beoordelingen van de alternatieven samen en komt tot een overzicht van mitigerende maatregelen.
Blad 17 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
2
Windlocaties Diemen in vogelvlucht
2.1
De zoekgebieden De beoogde zoekgebieden voor wind in de gemeente Diemen liggen allemaal in het oostelijk deel van de gemeente, op afstand van de woonkern Diemen en op afstand van andere bestaande en te ontwikkelen woonkernen (zie figuur 2-1). De zoekgebieden voor het MER zijn aangepast ten opzichte van de NRD van 21 september 2022. De relatief kleine aanpassingen leiden, op basis van de fysiek beschikbare ruimte, niet tot meer of minder mogelijkheden voor het plaatsen van windturbines. Het samengevoegde gebied A heeft bijvoorbeeld ruimte voor maximaal één turbine, gelijk aan voormalig gebieden A en B die te dicht op elkaar gelegen waren om beide tegelijk te kunnen benutten.
figuur 2.1: Definitieve zoekgebieden A t/m D
Zoekgebieden in de RES In de RES zijn zeven zoekgebieden opgenomen, aangeduid met de letters A tot en met G (te zien in de linker figuur hieronder). De zoekgebieden liggen allemaal langs de grotere infrastructuurbundels binnen de gemeentegrenzen: langs de A1 en A9, en langs het AmsterdamRijnkanaal.
Blad 18 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Begin 2022 zijn door het College van Diemen op basis van nader onderzoek en de Omgevingsvisie Diemen 2040 nadere keuzes gemaakt. Enkele zoekgebieden zijn verkleind, zoals te zien is bij zoekgebieden A en B die geen zoekgebied meer hebben ten westen van de Fortdiemerdamweg. Ook zijn de twee zoekgebieden langs de A9 in het Diemerbos volledig verdwenen. Hierdoor bleven er nog vijf zoekgebieden over, te zien in de figuur rechts hieronder
figuur 2.2 (links) en figuur 2.3 (rechts): De zoekgebieden voor windturbines van de RES (links) in de gemeente Diemen en de door het college geprioriteerde zoekgebieden. De RES-zoekgebieden buiten de gemeentegrens zijn niet weergegeven.
Aanpassingen na de NRD Tijdens de terinzagelegging van de NRD zijn vragen gesteld over de logica achter de gebieden. Hoe zijn de vijf zoekgebieden in de NRD tot stand gekomen? Kan met kennis van nu nog eens goed worden gekeken naar de exacte begrenzing? Een reconstructie van het proces dat tot de vijf gebieden in de NRD heeft geleid, heeft enkele onvolkomenheden aangetoond, waarop besloten is om beperkte aanpassingen te doen aan de begrenzing van drie zoekgebieden van het m.e.r. Het betreft de volgende wijzigingen: 1. Binnen de begrenzing van zoekgebied B bevindt zich een weg op het talud. Dit deel moet geen onderdeel zijn van het MER onderzoeksgebied B. Zoekgebied B wordt verkleind door de oeverlijn als nieuwe grens te hanteren. 2. De zoekgebieden A en B zijn overblijfselen van langere stroken die naar aanleiding van de motie van de raad op 120 meter afstand langs de zware infrastructuur zijn getrokken. De ruimte tussen A en B kent op basis van eerder onderzoek (Pondera, 2020) geen harde belemmeringen. Het gebied tussen A en B is relatief klein. Om een zorgvuldige afweging over de effecten van windturbines te kunnen maken worden A, B (aangepast volgens wijziging 1) en het tussengelegen gebied samengevoegd tot één onderzoeksgebied (gebied A in figuur 2.1).
Blad 19 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
3.
2.2
Voor zoekgebied C van de NRD (gebied B in figuur 2.1) bleek onterecht rekening te worden gehouden met een elektriciteitshuisje. Dit gebied is daarom aan de noordzijde verruimd.
Type windturbines De mogelijkheden voor windturbines worden beperkt door diverse omgevingsaspecten. De onderzoeksgebieden vallen binnen het Luchthavenindelingsbesluit Schiphol (LIB), specifiek de contour ‘beperking windturbines en laser’. Hiermee is in principe geen object hoger dan 146 meter (t.o.v. NAP) toegestaan. Afwijkingen hierop zijn echter mogelijk (Artikel 2.2.2 LIB Schiphol). Deze mogelijkheid tot afwijken leidt ertoe dat andere gemeenten (bijvoorbeeld in Amsterdam) besloten hebben windturbines hoger dan 146 meter te onderzoeken. Het onderzoeken van hogere turbines zou wenselijk kunnen zijn om de volgende redenen: De businesscase van turbines lager dan 146 meter is krap (vanaf 200 meter is meer gangbaar). Indien windturbines binnen de zoekgebieden mogelijk zijn, is de kans op realisatie groter wanneer de turbines hoger dan 146 meter mogen/kunnen zijn. Daarnaast is de verkrijgbaarheid van ‘kleine’ turbines van <146 meter beperkt. Het onderzoeken van hogere turbines sluit aan op de onderzoeksmethode van sommige gebieden in Amsterdam. Hogere turbines hebben een grotere opbrengst; het is relevant om de milieueffecten van windturbines met hogere opbrengsten te onderzoeken en te kunnen vergelijken met turbines met lagere opbrengsten.
Binnen de zoekgebieden in Diemen gelden echter ook beperkingen, doordat deze gebieden binnen de ‘approach 27’/landingsbaan 27-contour van luchthaven Schiphol vallen. Voor een dergelijk gebied geldt: Het is een vlak met een hellend (helling 2-2,5 %) en een horizontaal deel in het verlengde van de landingsbaan dat aan de baandrempel is gekoppeld. Naderingsvlakken garanderen dat vliegtuigen obstakels veilig (met voldoende klaring) kunnen passeren. Doorsnijding van het naderingsvlak is in beginsel niet toegestaan. Soms kan wel een ontheffing worden verkregen voor een tijdelijk object, artikel 8.12 van de Wet luchtvaart is daarop van toepassing. Na realisatie is een windturbine constant voor een langere periode aanwezig. Een ontheffing voor een turbine hoger dan 146 meter binnen de zoekgebieden is daarom niet realistisch. Voor het m.e.r.-proces is daarom uitgegaan van turbines met een tiphoogte van 145 meter (ashoogte van 90 meter en rotordiameter van 110 meter).
Blad 20 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
figuur 2.4: Approach 27-contour (Bron: Rijksoverheid)
Blad 21 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
3
Proces en onderzoeksmethode
3.1
Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft het proces en de onderzoeksmethode van het MER. De eerste paragrafen (3.2 tot en met 3.5) gaan verder in op de gebruikte onderzoeksmethodiek. In 3.6 is beschreven hoe participatie vorm is gegeven tijdens het gehele MER-traject.
3.2
Het MER in twee delen Dit MER is in feite opgebouwd in twee delen: Deel A: onderzoek naar de verwachte effecten per zoekgebied Deel B: Alternatievenonderzoek en -beoordeling Deel A Het eerste deel van het MER (deel A) bestaat uit een beschrijving en beoordeling van de geschiktheid en gevoeligheden van de zoekgebieden voor windturbines en de milieueffecten die kunnen optreden. Dit gebeurt aan de hand van tabel 3.1 met beoordelingsaspecten. Hierbij zijn twee vragen van belang: Wat speelt er in de huidige situatie en referentiesituatie op het vlak van de verschillende thema’s? Hoe gevoelig zijn de zoekgebieden en de omgeving van de zoekgebieden voor effecten die windturbines zouden kunnen veroorzaken (zoals geluid of slagschaduw)? Zodoende ontstaat een overzichtelijk beeld waar milieueffecten mogelijk knellen. Dit biedt de informatie voor het ontwikkelen van de alternatieven en vormt een uitgangspunt om de alternatieven aan te meten. De huidige en referentiesituatie vormt een belangrijke basis voor de gevoeligheidsanalyse in Deel A en het beoordelen van de alternatieven in Deel B. Voor het beschrijven van de referentiesituatie zijn autonome ontwikkelingen van belang. Autonome ontwikkelingen zijn ontwikkelingen die plaatsvinden zonder het planvoornemen, opwekking van windenergie in de zoekgebieden wordt gerealiseerd.
Een belangrijke autonome ontwikkeling is de realisatie van het woningbouwprogramma in Weespersluis. Dit betekent dat bij de gevoeligheidsanalyse en de beoordeling van de alternatieven de voltooiing van Weespersluis als uitgangspunt is meegenomen. Het doel van deze eerste beoordeling is om inzicht te krijgen in de onderlinge verschillen tussen de zoekgebieden. Door de mogelijke effecten per zoekgebied te beschrijven en te beoordelen ontstaat een beeld van welke zoekgebieden meer of minder impact op het betreffende aspect hebben. Van deel A naar deel B De uitkomsten van deel A leveren belangrijke input voor deel B van het MER. Op basis van de beoordeling per deelgebied kunnen alternatieven samengesteld worden. De alternatieven bestaan uit verschillende opstellingen van windturbines verdeeld over één of meerdere zoekgebieden.
Blad 22 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
Bij de samenstelling van de alternatieven is naar meerdere aspecten gekeken. Allereerst is gekeken naar mogelijke opstellingsvarianten: in een lijn of als een cluster bij elkaar. Hierin kan gevarieerd worden in het aantal windturbines (aantal zoekgebieden). Indien niet alle zoekgebieden gebruikt worden, wordt de beoordeling per zoekgebied gebruikt om te bepalen welk zoekgebied afvalt. Het zoekgebied met -naar verwachting- de grootste impact op milieu wordt dan niet meegenomen. Bij een ander alternatief valt het zoekgebied met de meeste impact op landschap en recreatie af. Op deze manier ontstaan er alternatieven die variëren in opbrengst, door meer of minder windturbines te onderzoeken. En alternatieven die wisselende effecten op milieu en landschap hebben. Deel B De alternatieven zijn in het tweede deel van het MER (deel B) tegen het licht gehouden. Hiervoor zijn dezelfde milieuaspecten gebruikt als voor het eerste deel van het MER. Dit deel is gericht op de daadwerkelijke effectbeoordeling per alternatief. Het MER brengt de effecten op de omgeving in beeld, met als doel de besluitvorming over de plaatsing van windturbines te ondersteunen. Daarom is het belangrijk om ook de effecten van verschillende opstellingen (met één of meer windturbines) met elkaar te vergelijken.
3.3
Beoordelingskader De verschillende zoekgebieden die beschouwd zijn in dit MER liggen dichtbij elkaar. Dit maakt dat de omgevingseffecten van de verschillende zoekgebieden elkaar kunnen overlappen. De (cumulatieve) effecten worden daarom op twee niveaus geconstateerd. Het eerste niveau is dat van de afzonderlijke zoekgebieden; het gaat daarbij om mogelijke effecten van windturbines op ter plaatse aanwezige waarden. Dat kunnen bijvoorbeeld archeologische waarden zijn of natuurwaarden die kunnen worden beïnvloed door de aanleg van windturbines en de bijbehorende voorzieningen (toegangsweg, kraanopstelplaats, kabel). Ook is voor afzonderlijke zoekgebieden in beeld worden gebracht wat de kans op het optreden van geluidhinder of hinder door slagschaduw kan zijn en welke effecten aan de orde kunnen zijn bij de externe veiligheid. Bij het tweede niveau van effecten gaat het om effecten van meerdere zoekgebieden die in samenhang optreden en elkaar kunnen versterken. Dit is bijvoorbeeld het geval bij geluid, slagschaduw en de visueel-landschappelijke effecten. Gezien de onderlinge afstand van de zoekgebieden is deze ‘interferentie’ van effecten onvermijdelijk. Voor het op te stellen MER betekent dit dat de locaties, om een goede afweging te kunnen maken, ook in samenhang moeten worden beschouwd.
Dit is de reden om samenhangende alternatieven samen te stellen, zoals beschreven in Hoofdstuk 5. Gezien de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn is het voor Diemen ook van belang om inzichtelijk te hebben hoeveel de inzet van windmolens binnen de zoekgebieden kunnen bijdragen aan het behalen van deze ambitie. In tabel 3.1 zijn de beoordelingsaspecten voor het MER opgenomen. Het beoordelingskader geeft aan hoe de effecten in het MER in beeld zijn gebracht; op basis van welke thema’s en criteria, en aan de hand van welke onderzoeksmethoden, informatie of data.
Blad 23 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
tabel 3.1: Beoordelingscriteria voor het MER Thema Geluid
Aspect Windturbinelawaai
Externe veiligheid Ruimtelijke kwaliteit
Bodem Ecologie
Archeologie en cultuurhistorie Energie Aanlegfase
3.4
Cumulatieve geluidbelasting Plaatsgebonden risico Groepsrisico Vliegveiligheid Landschap Lichthinder Slagschaduw Recreatie Bodemgesteldheid Natura 2000 Natuurnetwerk Nederland Soortenbescherming Archeologie Cultuurhistorie Opwekpotentie Aansluiting netwerk8 Aanlegfase
Beoordelingscriterium Geluidbelasting (dB’s) op woningen en woonboten Aantal (ernstig) gehinderden Mate van verandering cumulatieve geluidbelasting
Methodiek Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief
Omvang plaatsgebonden risico Verandering van het groepsrisico Impact op de vliegveiligheid (radarverstoring) Impact op landschappelijke waarden (o.a. Bijzonder Provinciaal Landschap) Hinderbeleving door lichtschittering Hinderbeleving door slagschaduw De impact op recreatieve waarde van het gebied De impact op de bodemgesteldheid De impact op Natura 2000-gebieden (stikstof) De impact op Natuurnetwerk Nederland (NNN)
Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwalitatief
De impact op de instandhouding van beschermde soorten De impact op archeologisch erfgoed De impact op cultureel erfgoed De opwekpotentie per zoekgebied De aanwezige aansluitingsmogelijkheden per zoekgebied De impact van de aanlegfase van de turbines op de milieuaspecten
Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwantitatief Kwalitatief Kwalitatief
Kwalitatief Kwantitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwantitatief Kwalitatief
Plan- en onderzoeksgebied Plangebied Het plangebied voor dit MER beslaat de zoekgebieden zoals zichtbaar in figuur 2.1. Dit zijn de gebieden die resteren na de besluitvorming van de gemeente Diemen over de zoekgebieden uit de RES 1.0, waarbij er bij het vaststellen van de NRD nog een drietal correcties zijn gedaan (zie hoofdstuk 2.1.). Onderzoeksgebied Het effectgebied is groter dan het plangebied. Dat komt omdat de milieueffecten zich niet aan de rigide grenzen van de zoekgebieden houden. Zo kunnen effecten als slagschaduw, geluidhinder of horizonvervuiling tot een grotere afstand van de zoekgebieden een effect hebben. In het MER is per milieuaspect beschouwd tot waar het onderzoeksgebied van het betreffende milieuaspect reikt. Zo zal het onderzoeksgebied voor slagschaduw begrensd worden tot waar slagschaduw mogelijkerwijs kan reiken, en voor geluid tot waar het geluid van een windturbine onder een bepaalde hoeveel decibellen (dB’s) komt. Het onderzoeksgebied ligt als gevolg van de grensoverschrijdende effecten dus deels ook in de gemeenten Amsterdam en Gooise Meren.
Dit aspect is ingevoegd naar aanleiding van overleg met Liander. Dit aspect is alleen in Deel B bij het onderzoek naar alternatieven beschouwd. 8
Blad 24 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
3.5
Beoordelingswijze Voor de analyse en beoordeling in deel A en deel B is gebruik gemaakt van openbare data op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Ook zijn verschillende GIS-analyses en -berekeningen uitgevoerd, zoals voor de aspecten van geluid of slagschaduw. Het doel van deel A is om de verwachte effecten per zoekgebied te beoordelen. Deel A moet laten zien of en in welke mate er verschillen in omgevingseffecten te verwachten zijn. De zoekgebieden worden hiervoor weergegeven op een beoordelingsschaal. Onderstaande figuur toont een indicatieve beoordeling van de vier zoekgebieden.
Binnen deel B worden alternatieven beoordeeld. De alternatieven bestaan uit diverse opstellingen van windturbines binnen de zoekgebieden, zie hoofdstuk 5 voor een compleet overzicht. De vier alternatieven worden op een beoordelingsschaal gescoord.
De beoordelingsschaal geeft inzicht in de verwachte effecten. Dit is echter op een hoog abstractieniveau. De kleurenschaal geeft een indicatie van de omvang van het effect. De kleurenschaal wordt aangepast aan de verwachte effecten. Thema’s waarvoor geen of alleen negatieve effecten te verwachten zijn, loopt de kleurenschaal grotendeels van grijs naar rood. Bij energie is het andersom, daar zijn alleen positieve effecten (meer of minder opbrengst) te verwachten. Daar is de kleurenschaal overwegend groen. Zoekgebieden en alternatieven met gelijke score Wanneer er geen onderscheid in de verwachte effecten tussen de zoekgebieden verwacht wordt, zijn de betreffende zoekgebieden in één blokje opgenomen. In onderstaande figuur is een score te zien waar voor zoekgebied A en B geen verschillen verwacht worden. Hetzelfde principe geldt voor alternatieven. Wanneer alternatieven een gelijke score hebben wordt het op een vergelijkbare wijze weergegeven.
Blad 25 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
4
Deel A Geschiktheidsanalyse zoekgebieden Deel A omvat zowel de beschrijving van de huidige en referentiesituatie als een geschiktheidsanalyse van de vier zoekgebieden op relevante thema’s voor de op te stellen alternatieven.
4.1
Geluid Inleiding Windturbines produceren geluid. Dit komt door het ronddraaien van de wieken. De twee grootste factoren die de hoeveelheid geluid bepalen die windturbines produceren zijn de windsnelheid en het ontwerp van de windturbine. De geluidbelasting, en daarmee samenhangend de hinder die ervaren wordt in de omgeving, wordt daarnaast ook bepaald door de afstand tussen woningen en de turbines, de ligging ten opzichte van de windrichting en de eventuele afscherming of demping van het geluid in het gebied tussen de woning en de windturbine. Laagfrequent geluid dempt minder dan hogere tonen en kan daardoor ver dragen9. Beoordelingskader Thema Geluid
Aspect Windturbinelawaai
Beoordelingscriterium Geluidbelasting (dB’s) op woningen en woonboten Aantal (ernstig) gehinderden
Cumulatieve geluidbelasting10
Mate van verandering cumulatieve geluidbelasting
Het beoordelingskader voor geluid bevat twee aspecten: windturbinelawaai en de cumulatieve geluidbelasting. De aspecten worden beoordeeld op de geluidbelasting bij geluidgevoelige objecten. Het Activiteitenbesluit beschermt geluidsgevoelige objecten. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen geluidsgevoelige bebouwing en terreinen. Geluidsgevoelige bebouwing betreft woningen, onderwijsgebouwen, kinderdagverblijven, verzorgings- en verpleegtehuizen, ziekenhuizen en psychiatrische instellingen. Geluidsgevoelige terreinen zijn woonwagenstandplaatsen en bestemde ligplaatsen voor woonboten11. Om een goed beeld te krijgen van de gevoeligheid van de zoekgebieden voor geluidhinder zijn in de volgende paragraaf het aantal woningen en ligplaatsen binnen 500 meter, 1.000 meter en 1.500 meter van de zoekgebieden in beeld gebracht. Om het aantal panden in beeld te brengen is gebruik gemaakt van gegevens uit de BAG12. Bij de effecten van windturbines op de geluidbelasting wordt ook gekeken naar de cumulatieve geluidbelasting. De bijdrage van windturbines aan de cumulatieve geluidbelasting is afhankelijk van de aanwezigheid en omvang van andere geluidbronnen, zoals wegverkeer, spoor, luchtvaart en scheepvaart.
De geluidbelasting in de omgeving van de zoekgebieden is in beeld gebracht aan RIVM (2020) Factsheet Laagfrequent geluid De beoordeling van de cumulatieve geluidbelasting volgt in deel B. Deel A richt zich alleen op de zoekgebieden en al aanwezige geluidsbelasting vanuit de omgeving/ geluids het omgevingsgeluid deel onderzoekt de gecombineerde geluidbelasting van meerdere windturbines én het omgevingsgeluid ter plaatse van woningen en woonboten. 11 Kenniscentrum InfoMil Geluidsgevoelige objecten Activiteitenbesluit Geluidsgevoelige objecten 12 Basisadministratie Adresgegevens 9
10
Blad 26 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
de hand van geluidsonderzoek dat is uitgevoerd door Royal Haskoning DHV13. Voor de huidige situatie en de referentiesituatie is in beeld gebracht wat de geluidsbelasting in de omgeving van de zoekgebieden is. Huidige situatie Windturbinelawaai Onderstaande kaarten tonen de vier zoekgebieden met een buffer van 500, 1.000 en 1.500 meter. Rode puntjes op de kaart zijn woonfuncties, paarse puntjes betreffen ligplaatsen van woonboten.
figuur 4.1: Contouren van 500 meter, 1000 meter en 1500 meter rond zoekgebieden A, B, C en D met panden met woonfunctie (rood) en ligplaatsen van woonboten (blauw)
Binnen de 500 meter zone bevinden zich in zoekgebied A, C en D geen panden met woonfunctie, in zoekgebied B 0 tot 5 panden. Bij zoekgebied A ligt de 500 meter zone deels over het industrieterrein van de elektriciteitscentrale aan de overzijde van het Amsterdam-Rijnkanaal. Bij Royal Haskoning DHV (2022) Omgevingslawaai Diemen Geluidbelastingkaarten 2021 Geluidbelasting - Gemeente Diemen 13
Blad 27 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
C en D ligt de zone over het onbebouwde buitengebied. Hier is geen geluidsgevoelige bebouwing aanwezig. Bij zoekgebied B raakt de 500 meter zone bij de Muiderstraatweg aan terrein met een woonfunctie. Binnen de 1000 meter zone vanaf de zoekgebieden liggen 25 tot 30 panden met woonfunctie bij zoekgebied A, 20 tot 25 panden met woonfunctie bij zoekgebied B en geen panden met woonfunctie bij zoekgebied C en D. De 1.000 meter zone rond zoekgebied A overlapt grotendeels met bebouwing binnen de bestemmingen industrie en detailhandel (Maxis-terrein in Muiden). Ook bestaat er overlap met meerdere percelen met de bestemming wonen. Zoekgebied B raakt aan het bedrijventerrein Stammerdijk van Diemen. Ook bestaat er overlap met meerdere percelen met de functie wonen. Zowel zoekgebied C als D raken niet aan terreinen met de functie wonen waar in de huidige situatie woonbebouwing aanwezig is. Met name binnen de 1.000 meter zone van zoekgebieden A, C en D zijn ligplaatsen van woonboten aanwezig. De 1.500 meter zone rondom zoekgebieden A en B liggen over woongebied. De zone rond C en D ligt over woningen in het buitengebied en over bedrijventerrein en bijbehorende bebouwing. tabel 4.1: Aantal panden en ligplaatsen in de huidige situatie binnen verschillende afstanden Buffer
Panden met woonfunctie (BAG)
Zoekgebied
A
B
C
D
A
Ligplaatsen B
C
D
Tot 500 meter
0
0-5
0
0
0
0
0
0
Tot 1.000 meter
25-30
20-25
0
0
20-25
0-5
15-20
5-10
Tot 1.500 meter
Ca. 600
Ca. 550
10-15
90-95
20-25
20-25
20-25
20-25
Referentiesituatie De ontwikkeling van Weespersluis vormt een belangrijke autonome ontwikkeling voor de geluidsgevoeligheid van de omgeving. In het bestemmingsplan Bloemendalerpolder (Gemeente Weesp, vastgesteld op 11 juli 2016) zijn de woongebieden aangegeven. De ontwikkeling van Weespersluis betekent dat zowel in de zone van 1.000 meter als die van 1.500 meter rondom zoekgebieden C en D woningen komen te staan.
Blad 28 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
figuur 4.2: Zones van 500, 1.000 en 1.500 meter rond zoekgebieden C en D en de ligging van Weespersluis (wijk in aanbouw)
Cumulatieve geluidsbelasting In de omgeving van de zoekgebieden zijn verschillende geluidsbronnen aanwezig. Dit betreft voornamelijk het wegverkeer, met name op de snelwegen A1 en A9 en de spoorweg. Daarnaast ligt aan de overzijde van het Amsterdam-Rijnkanaal een industrieterrein van Vattenfall en TenneT met onder andere een elektriciteitscentrale. De gemeente Diemen ligt buiten de zone van de Lden 55 dB en Lnight 50 dB contour van Schiphol. De geluidbelasting in de gemeente door de luchtvaart is lager dan deze geluidwaarden. Scheepvaart op het Amsterdam-Rijnkanaal draagt ook bij aan de geluidbelasting in de omgeving. In het alternatievenonderzoek (deel B) wordt de cumulatieve geluidbelasting in beeld gebracht. Hier wordt ook scheepvaartlawaai in meegenomen. Tussen de zoekgebieden bestaan verschillen in de geluidsbronnen die aanwezig zijn: In alle zoekgebieden is er sprake van geluidbelasting door de snelwegen A1 en/of A9. Zoekgebieden A, B en C liggen in de 60 tot 70 dB contouren van de snelwegen A1 en/of A9, terwijl zoekgebied D in de 55 tot 60 dB contour van de snelweg A9 ligt. De zoekgebieden B, C en D liggen binnen de contouren van spoorweggeluid. Zoekgebied A valt grotendeels hierbuiten. Industrielawaai speelt in de omgeving van de zoekgebieden geen rol.
Blad 29 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
figuur 4.3: Wegverkeerslawaai alle wegen Lden (Bron: Geluidbelastingkaarten Diemen 2021, Royal Haskoning DHV)
Blad 30 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen
figuur 4.4: Railverkeerslawaai Lden (Bron: Geluidbelastingkaarten Diemen 2021, Royal Haskoning DHV)
figuur 4.5: Industrielawaai Lden (Bron: Geluidbelastingkaarten Diemen 2021, Royal Haskoning DHV)
Blad 31 van 130
MER Wind Diemen projectnummer 0478401.100 28 november 2023 revisie 03 Gemeente Diemen