Woningbouwambitie voor Deventer
Tekst van het document
Het doorsnee vermogen van de huishoudens in de gemeente Deventer (€23.000) ligt aanmerkelijk lager dan het gemiddelde in onze regio van Zuid West Overijssel (€ 40.000) en Nederland (€ 38.000).
• Het economisch profiel van Deventer heeft de potentie om te groeien Voor de coronacrisis liet de economische regio van Deventer goede economische groeicijfers zien. Deventer stad heeft een economische structuur waarin alle bedrijfssectoren relatief goed vertegenwoordigd zijn. Vooral de bedrijfssectoren met een vooruitzicht op groei (zorg, logistiek, techniek, IT, bouw en energie) doen het relatief goed in Deventer stad. Deventer is steeds beter in staat om hoger opgeleiden te binden aan haar arbeidsmarkt. • De economische groei is gebaat bij meer adequaat opgeleide arbeidskrachten Voor de coronacrisis was er sprake van een grote krapte op de arbeidsmarkt. De verwachting is dat op langere termijn de krapte zich weer gaat voordoen. De mate van groei (en herstel na de coronacrisis) van het MKB wordt in belangrijke mate bepaald door de beschikbaarheid van adequaat opgeleid personeel. Daarin is Deventer niet uniek en zal moeten concurreren met andere regio’s om voldoende adequaat opgeleide arbeidskrachten te trekken en te voorkomen dat zij wegtrekken.
Effecten coronacrisis voor de langere termijn vlakken waarschijnlijk uit De economie krijgt een dreun door de coronacrisis en de effecten voor de woningmarkt zijn nog onbekend. Waar enerzijds de woningvraag gedempt kan worden door een verslechterde economie, zijn er anderzijds ook geluiden dat middelgrote steden juist meer in trek komen door de schaal en de relatieve ruimte die er is ten opzichte van de grote, drukkere steden. In de gesprekken voor de onderbouwing is gebruik gemaakt van trends en ontwikkelingen die voor de coronacrisis zichtbaar waren. Voor de lange termijn gaan we ervan uit dat de trends die zichtbaar waren zich blijven voordoen en het effect van de crisis zal uitvlakken in de komende vijftien jaar. Bovendien zullen zich in die periode naast de huidige crisis ook andere ontwikkelingen voordoen die effect hebben op de woningmarkt. Het realiseren van de ambitie zal dan ook niet in een rechte lijn lopen. Er zullen periodes zijn van lagere productie van woningen en aan de andere kant periodes waarin de productie vlot verloopt. We gaan er van uit dat deze periodes elkaar over een tijdvak van 15 jaar uitvlakken.
8
Wat kan extra groei ons brengen? We koesteren de leefkwaliteit van onze middelgrote stad en vitale dorpen De huidige schaalgrootte van Deventer stad wordt als knus, overzichtelijk en erg prettig ervaren (de jongeren die we spraken noemden Deventer stad “prettig kneuterig”). De compacte stad met rust, groen en ruimte eromheen voelt vertrouwd. Alle voorzieningen zijn er, er is een bruisende binnenstad, een dynamisch economisch klimaat en Deventer heeft een open en sociale samenleving. Die kwaliteiten willen we niet verliezen. Maar om die kwaliteit van prettige stad om te wonen en te werken overeind te houden, wordt in de gesprekken breed gedeeld dat extra groei wel nodig is.
Doelen voor extra bevolkingsgroei I.
Extra groei zorgt voor genoeg klanten, bezoekers en deelnemers. Vanuit alle sectoren wordt aangegeven dat een extra inwonersgroei meer armslag geeft om de kwaliteit van het aanbod op niveau te houden en mogelijkheden biedt om die verder te verbeteren en een gedifferentieerder programma aan te bieden. Naast groei van het aantal inwoners in de Deventer zelf kunnen ook extra inwoners elders in de regio bijdragen aan die groei. Voor de vitaliteit van de binnenstad helpt extra groei wat, maar is het meeste effect te behalen met de uitbreiding van het binnenstedelijk woningaanbod want inwoners met een stedelijke leefstijl maken het intensiefst gebruik van de voorzieningen in de binnenstad.
II.
Met extra groei blijft de demografische bevolkingsopbouw vitaal Deventer vergrijst. Uitsluitend de leeftijdsgroep 65+ groeit nog. Het aantal kinderen daalt nu al en de komende jaren zal dat doorwerken naar een afname van het aantal jongvolwassenen en de potentiële beroepsbevolking. De afname is nu al merkbaar bij school- en sportvoorzieningen: jongeren zijn de grootste groep gebruikers. Scholen en sportverenigingen werken aan plannen voor het clusteren van voorzieningen om de krimp op te vangen en de kwaliteit van het aanbod te behouden. Werkgevers hebben nu al moeite om voldoende gekwalificeerd personeel te vinden. Het effect van de vergrijzing is extra sterk voor de dorpen: om het verenigingsleven en de dorpsschool vitaal te houden zijn jongeren en gezinnen in het dorp cruciaal.
III.
Extra groei versterkt de sociaaleconomische inkomensopbouw Deventer is erbij gebaat om meer hoge- en middeninkomens te trekken zodat er een beter evenwicht in de inkomensopbouw ontstaat. Alleen een sterke stad met voldoende financieel draagvlak kan een sociale stad zijn. Dat geldt ook voor het voorzieningenaanbod en daarbinnen specifiek in relatief sterke mate voor het culturele aanbod. Een mix met meer hogereinkomensgroepen helpt in bestaande wijken bij het werken aan de leefbaarheid, de toekomstbestendigheid en gaat segregatie tegen. De dorpen en kernen kennen al relatief veel hoge- en middeninkomens. Ook de woningvoorraad bestaat voor het grootste deel uit duurdere woningen. Daar is in tegenstelling tot de opgave in de stad behoefte aan het toevoegen van meer goedkope en betaalbare woningen om starters, jongeren en jonge gezinnen de mogelijkheid te geven in hun dorp te (blijven) wonen.
IV.
Vitaliteit dorpen en platteland behouden In de dorpen en kernen is het voorzieningenaanbod. Een verdere afname van het aantal gebruikers en actieve vrijwilligers kan dan betekenen dat een voorziening uit een dorp verdwijnt en inwoners daarvoor naar een ander dorp of de stad moeten. De basisschool vormt het hart van het dorp en het behoud daarvan heeft de hoogste prioriteit. Het is de basis voor veel voorzieningen (vrijetijds- en sportvoorzieningen), voor de actieve vrijwilligers, sociale cohesie én om ook in de toekomst het dorp aantrekkelijk te houden voor gezinnen.
9
V.
Extra groei versterkt het innovatief vermogen en arbeidspotentieel voor de economie Mensen maken de economie en zijn de aanjagers van innovatie. In verschillende bedrijfssectoren is een tekort aan arbeidskrachten. Daardoor hapert het MKB als motor van de economie, en bestaat het risico dat bedrijven Deventer verlaten. De beschikbaarheid van voldoende en goed opgeleide arbeidskrachten maakt het bovendien voor nieuwe bedrijven interessant om zich in Deventer te vestigen.
VI. Extra groei voorkomt verdringing op de woningmarkt De druk op de woningmarkt is groot en we zien nu al dat Deventer steeds meer in trek is bij mensen van buiten Deventer. Dat is in en rond de binnenstad en (getalsmatig minder) in het buitengebied zichtbaar door het aantal kopers met een hoger inkomen dat van elders komt. Kopers uit het westen zetten nu al een opwaartse druk op de prijzen van de ruimere en duurdere woningen in en rond de binnenstad. Als we niet voldoende inspelen op deze extra woningvraag lopen we het risico dat de huidige inwoners verdrongen worden op de woningmarkt. Extra nieuwbouw zal zorgen voor meer doorstroming en ook in de sociale huur de slaagkans voor woningzoekenden vergroten. Deze trend is terug te zien in de recente woningbehoefteprognoses met een grotere nieuwbouwopgave voor Deventer.
10
Waarom kan die extra groei waargemaakt worden? Deventer heeft sterke troeven om in te zetten voor extra groei Extra bevolkingsgroei is niet vanzelfsprekend. Heel Nederland vergrijst en we zien al jaren een concentratie van de bevolkingsgroei in de Randstad en de grote steden in het land. Veel gemeenten koesteren de wens om te blijven groeien, maar dat kan niet overal. Deventer heeft echter een aantal sterke punten die een motor kunnen zijn voor extra groei. Op basis van de gesprekken zijn zes ‘troeven’ te benoemen die gemeente Deventer kan inzetten. Karakteristiek: een mooie mix van het stedelijk karakter in een groene omgeving De combinatie van een karakteristieke stad, de nabijheid van het mooie landelijke gebied en de goede ontsluiting met de A1 en het spoor maakt Deventer stad bijzonder. Deventer is een compacte stad met karakter, wat rauw en stoer met een aanpakkersmentaliteit en een open mind. Deventer stad kent een culturele diversiteit, geënt op een industrieel verleden, Hanze mentaliteit en kenniswerkers die de vernieuwing van de economie aanjagen en een grote variatie aan woonmilieus zonder grote sociale spanningen. Deventer heeft veel groen in de stad en is verweven met het fraaie Sallandse landschap en – uiteraard - de IJsselvallei. Het heeft een schaalgrootte die vertrouwd voelt en waar toch alles voorhanden is.
1. Gunstig gelegen in het land aan belangrijke infrastructuur Deventer ligt gunstig in het land. Het ligt in de ring rond de Randstad die in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) tot Stedelijk netwerk Nederland is benoemd. Strategisch op de as Amsterdam-Enschede- Berlijn én tussen de economische groeiregio’s Arnhem-Nijmegen en Zwolle. Bovendien is Deventer in alle richtingen goed ontsloten. Met de ligging langs de A1 en nabij de A50 en de intercity spoorverbindingen in oost-westelijke en noord-zuidelijke richting. Bathmen ligt goed ontsloten aan de A1.
2. Economische dynamiek en werkgelegenheid Deventer is onderdeel van het daily urban system van de Cleantech Regio en Deventer doet het als stedelijke kern van Corop-gebied ZW-Overijssel volgens de ramingen uit 2019 relatief goed met een groei die boven het Nederlandse gemiddelde ligt (zie kaartje). Zuidwest-Overijssel laat een relatief hoog economisch groeicijfer zien en ook de werkgelegenheid neemt er nog snel toe. De gunstige ligging van de regio tussen West- en Oost-Nederland is daar mede debet aan. Het bedrijfsleven is sterk gebaat bij uitbreiding van de beroepsbevolking door toevloeiing van jonge mensen met een hoger opgeleid en praktisch profiel.
11
3. Het aanbod van hoger onderwijs Steden met hoger onderwijs trekken relatief veel jongeren. Die zorgen met het studentenleven voor een aantrekkelijk levendig stedelijk woonmilieu. Doordat een deel van de studenten ook na hun studie in de stad blijft wonen, blijft talent voor de stad behouden en kennen deze steden een jonge bevolkingsopbouw en een sterke groei van het aantal inwoners. Naast het MBO-onderwijs van Aventus heeft Deventer met het HBO-onderwijs van Saxion een bijzondere positie. Deventer is één van de vijf steden met HBO-onderwijs in noordoost Nederland en in potentie een studentenstad. Die potentie wordt op dit moment zeer beperkt benut, maar Saxion, het bedrijfsleven, aanbieders van studentenhuisvesting en de gemeente werken aan het versterken van de positie van Deventer als studentenstad. 4. Aantrekkelijke binnenstedelijk woonmilieu met groeikansen Deventer heeft een bijzondere aantrekkingskracht als charmante kleine stad, met de voorzieningen van een grote stad. Dat trekt bewoners van buiten Deventer met een stedelijke leefstijl (ook steeds meer vanuit de grote steden elders) naar de binnenstad en de omliggende wijken. Bovendien heeft Deventer stad de ruimte om dit stedelijke woonmilieu te intensiveren in de binnenstad en flink uit te breiden op leegstaande bedrijfslocaties in een gemengd gebied rondom de binnenstad (centrumschil-ontwikkeling).
Met het binnenstedelijk woonmilieu onderscheidt Deventer stad zich in de regio. Het stedelijk wonen is de magneet die extra groei kan genereren, voor studenten en jongvolwassenen die een eerste stap op de woningmarkt willen zetten in de dynamiek van de stad en voor hoge-inkomensgroepen die zoeken naar een kwalitatieve goede woning in een stedelijke woonomgeving. 5. De IJssel, groen en ruimte om de stad Sterk punt van wonen in Deventer zijn de groene structuren in de stad en de nabijheid en verwevenheid van het fraaie Sallandse landschap en de IJsselvallei met haar uiterwaarden en mooie landschapselementen zoals houtwallen, singels, heggen en hagen, landgoederen en bosgebieden. Het wonen kenmerkt zich door de kleinschaligheid, de rust, ruimte, de nabijheid van natuur, de sociale cohesie en dit allemaal vlak bij de stad met een compleet aanbod van voorzieningen en gevarieerde werkgelegenheid. Ook voor de dorpen ligt de kracht in de combinatie van het groen wonen, het fraaie landschap, de nabijheid van de natuur én de nabijheid van alle stedelijke voorzieningen in Deventer stad. De mate van bereikbaarheid is van invloed op de aantrekkingskracht voor nieuwe inwoners: die is het sterkste voor Bathmen (langs de A1), Schalkhaar en Diepenveen nabij de stad. Verder van de A1, het station en de stad neemt dit voordeel wat af, wat in Lettele en vooral in Okkenbroek merkbaar zal zijn. 6.
We zijn er klaar voor om extra groei op te vangen Er ligt al een goed aanbod van voorzieningen en verenigingen klaar om nieuwe bewoners op te kunnen nemen in de Deventer samenleving. Het voorzieningenaanbod in alle domeinen heeft de capaciteit en organisatiekracht om de extra bewoners op te vangen en te voorzien in hun behoefte aan winkels, uitgaansgelegenheden, cultuur, sport en scholing. In een aantal sectoren is er een ruim aanbod van werk voor adequaat opgeleid personeel. Vanuit alle domeinen wil men zich inzetten om vanuit de eigen discipline en in samenwerking met anderen een bijdrage te leveren om de extra groei te realiseren. Bathmen heeft al aangegeven de ambitie te hebben om extra te groeien met haar aanbod van dorps wonen in een kern met veel voorzieningen, een bruisend verenigingsleven en een goede ontsluiting.
12
Welke kansen kunnen we benutten om extra te groeien? Mogelijke kansen en randvoorwaarden voor een extra groei In dit hoofdstuk is omschreven hoe de extra groei ingevuld kan worden om de benoemde doelen te bereiken. Wat zijn de verschillende kansen en wat zijn de randvoorwaarden waarmee we rekening moeten houden? Het gaat hier nog om een brede inventarisatie. Sommige punten zullen elkaar versterken en andere zijn lastiger om naast elkaar toe te passen omdat die elkaar tegenspreken. Om te kunnen komen tot een keuze van de gewenste groeiambitie zijn deze punten in het volgende hoofdstuk gegroepeerd in vijf onderscheidende strategieën. In ieder van de vijf strategieën staat een ander doel centraal. Per strategie wordt een eigen mix van de elementen uit dit hoofdstuk ingezet.
Groei moet bijdragen aan een kwaliteitsimpuls. • Extra groei is geen doel op zich De extra bevolkingsgroei moeten we gericht inzetten op het versterken van het sociaaleconomische en demografische profiel van Deventer. Leidend zijn de kansen die er zijn om kwaliteiten te versterken, de exacte getalsmatige omvang staat niet voorop maar is de resultante daarvan. Om dat te bereiken moeten we hard samenwerken om de juiste (integrale) condities te scheppen. Een ambitie die puur gericht is op een hoge bevolkingsgroei is ongewenst, want een te harde groei kan schade brengen aan wat we nu koesteren en daardoor kan Deventer zijn herkenbaarheid verliezen voor de oorspronkelijke bewoners. Het risico is dan dat de makkelijke locaties prioriteit krijgen om het gewenste tempo te halen en dat de gewenste kwaliteitsimpuls voor sommige wijken, die wat lastiger te realiseren zijn, blijven liggen. • Voor de dorpen moet woningbouw goed aansluiten op de lokale vraag In de dorpen moet het woningbouwprogramma voorzien in de lokale behoefte én zich richten op de woningtypen en de prijssegmenten die nu nog niet of onvoldoende in de dorpen aanwezig zijn. De grootste opgave is om te voorzien in voldoende aanbod van betaalbare woonruimte voor jongeren en startende gezinnen: deze groepen zijn cruciaal voor het behoud van de vitaliteit.
Om te voorzien in de lokale behoefte zal in alle kernen nog gezocht moeten worden naar nieuwe woningbouwlocaties, er zijn nu onvoldoende woningbouwplannen om daarin te voorzien. Bij de kleine kernen (Loo, Okkenbroek en Lettele) is de woningmarkt van vraag- en aanbod klein en als er woningen worden gebouwd moet dat gespreid in de tijd gebeuren en aansluiten op de lokale vraag van dat moment. Dat vraagt om maatwerk en samen met de bewoners van de kern moet de gewenste nieuwbouw in beeld worden gebracht. In bijlage 2 is de specifieke opgave per dorp uitgewerkt. Bij de grote dorpen (Bathmen, Diepenveen en Schalkhaar) kan bij woningbouwinitiatieven door het vooraf definiëren van het woningbouwprogramma gestuurd worden op het gewenste aanbod. • Bathmen (en Lettele) hebben een extra groeiambitie De kernen Bathmen en Lettele hebben uitgesproken om meer te willen bouwen dan wat er voor de lokale behoefte nodig is, gericht op behoud van de vitaliteit, voorzieningen, verenigingen en school. In Lettele gaat het om ongeveer 40 woningen extra bovenop de autonome groei. In Bathmen wil men inwoners van buiten aantrekken om een echte schaalsprong te maken van de nu 6.000 inwoners naar 7.000 tot 7.500 inwoners. Bathmen biedt kansen door de combinatie van dorps wonen in een kern met veel voorzieningen en een levendig verenigingsleven.
Dat in combinatie met een goede ontsluiting via de A1 en met de optie van het door Bathmen gewenste treinstation. Die substantiële groei van Bathmen nemen we mee bij het uitwerken van de groeiopgave van heel Deventer.
13
• Extra groei moet ten goede komen aan de hele stad De extra groei moet een bijdrage leveren aan de kwaliteit van het wonen en leven in heel Deventer, ook aan de huidige inwoners en hun woonbuurten. Extra woningbouw geeft bewoners meer kansen om een geschikte woning te vinden. Het geeft corporaties de ruimte om de differentiatie van het woningaanbod in een aantal bestaande wijken te vergroten en de leefbaarheid te verbeteren. Met een goed uitgebalanceerde groei kunnen we de segregatie tegengaan. Het is ook belangrijk dat nieuwe inwoners de mogelijkheid krijgen om goed opgenomen te worden in de samenleving en waarde kunnen toevoegen: bij sportverenigingen en in het verenigingsleven, met innovatiekracht, met werk, op scholen en bij alle andere voorzieningen. • Leg de relatie tussen het woningbouwprogramma en de economische ontwikkeling Het woningbouwprogramma moet niet alleen in balans zijn met de woningvraag, maar ook inzetten op ontwikkeling van het economisch profiel dat het imago van Deventer kleur geeft. Naast toekomstbestendige bedrijventerreinen, aantrekkelijke gemengde werklocaties en een goed ondernemingsklimaat vraagt dat om het inspelen op de lange termijn behoefte aan arbeidskrachten.
Het kunnen bieden van aantrekkelijke en betaalbare huisvesting is voor het werven van talenten, kenniswerkers en ondernemende mensen een belangrijke aanjager voor de innovatiekracht van de economie. Dat start met het expliciet maken van de woningvraag van werknemers en potentiële nieuwe werknemers. We zien dat (jonge) werknemers op dit moment noodgedwongen langer thuis moeten wonen of uitwijken naar omliggende plaatsen door tekort aan direct beschikbare betaalbare woonruimte in Deventer.
Benut de potenties waarin Deventer zich kan onderscheiden. • Hou de binnenstad vitaal als de aantrekkelijke huiskamer van de stad Voor corona was al duidelijk dat de binnenstedelijke voorzieningen steeds lastiger op niveau te houden zijn in middelgrote steden. Extra lastig voor Deventer stad is het relatief kleine verzorgingsgebied door de nabijheid van het aanbod in omliggende steden. Extra bewoners in en rond de binnenstad hebben het grootste effect bij het vitaal houden van de binnenstad. Die stedelijke bewoners maken relatief intensief gebruik van de binnenstadvoorzieningen. Dat zorgt voor een levendige binnenstad en zo behoudt de binnenstad haar aantrekkelijkheid als ‘huiskamer’ voor alle inwoners in het verzorgingsgebied. De omzetting van (winkel)panden naar woonruimte is bovendien een financiële drager voor een goede exploitatie van het historisch vastgoed. • Zet stevig en zorgvuldig in op het vergroten van het binnenstedelijk woonmilieu Werk samen aan een juiste balans van wonen/winkelen/werken in en rond de binnenstad die nodig is om een sterk stedelijk woonmilieu neer te zetten. Zorg bij de nieuwbouw voor een goede verbinding met de binnenstad en een goede beleving van de binnenstad. Zet in op het eigen DNA van rauwe en stoere stad, onder andere door de integratie met het industriële erfgoed en de culturele programmering.
Zorg ook in de nieuwe woongebieden voor een menging van wonen en werken, woon-werk arrangementen en een divers programma. Waarborg dat met flexibiliteit in regelgeving en bestemmingsplannen, dat kan de groei van innovatieve en creatieve ondernemingen bevorderen. Uit de gesprekken komen twee strategieën naar voren: - Versterken sociaaleconomisch profiel: voor hoger opgeleiden een aanbod van kwalitatief goede woningen in het binnenstedelijk woonmilieu en in het groen wonen in de nabijheid van alle voorzieningen van de binnenstad. Dit type woning is zeer gewild maar er is een beperkt aanbod. - Verjongen van Deventer: voor jongeren een betaalbaar aanbod in de binnenstad en de schil er omheen, naast de bestaande woningvoorraad deels aangevuld met nieuwbouw.
14
• Zet in op de groei van jongeren en jongvolwassenen, niet op 65+ers Voor alle sectoren geeft een extra groei van jongeren en jongvolwassenen nu, en zeker op termijn, de beste bijdrage aan het in de lucht houden van de voorzieningen en economische structuur. Op deze doelgroepen zou met prioriteit ingezet moet worden. Deze wortelen het makkelijkste in de stad en in de gezinsvormende leeftijd is de kans het grootst dat men zich settelt in Deventer. Veel jongeren zullen starten in het stedelijk woonmilieu waarna een aantal (snel) zal willen doorstromen naar een groen stedelijk woonmilieu met meer ruimte en rust in de omgeving. Betaalbaarheid is een aandachtspunt voor deze groep. Dat moet overigens niet 1 op 1 ingevuld worden met goedkope woningbouw, want er is al een ruim aanbod van betaalbare woningen in de bestaande wijken die met doorstroming vrij kunnen komen. Zet niet specifiek in op de 65+ers want die komen er vanzelf door de vergrijzing van Deventer en als vestigers. Voor een aantal voorzieningen (o.a. cultuuraanbod en de binnenstad) is het effect van 35-50-jarigen op korte termijn het grootst: die groep heeft meer te besteden en is actief (kinderen zijn al wat ouder). Het is de uitdaging om jongeren en studenten op te nemen in de volle breedte van het leven in Deventer. Deventer stad mist specifiek cultureel aanbod en uitgaansgelegenheden voor jongeren.
Horeca, cultureel aanbod en festivals zijn vooral gericht op de oudere doelgroep die meer te besteden heeft. Deventer staat nu onderaan de lijst van steden die voor jongeren interessant zijn om uit te gaan. Er is dus nog een hele forse inspanning nodig om van Deventer stad een aantrekkelijke stad voor jongeren te maken. Dat geldt ook voor de jeugd tot 18 jaar. Een belangrijk moment om jongeren (uit de regio en van elders) aan de stad te binden is als deze gaan studeren. • Behoud en versterken van de positie van het hoger onderwijs in Deventer Er is een gezamenlijk belang om hoger onderwijs te versterken zodat het aantal HBO studenten niet krimpt en we MBO studenten perspectief blijven bieden. Door de demografische trend neemt het aantal jongeren dat gaat studeren de komende jaren af. Daarbij komt dat Deventer stad voor veel studenten nog geen voor de hand liggende keuze is, het is onvoldoende in beeld en gewaardeerd als een studentenstad (met studentenleven) bij jongeren in oost Nederland. Er is weinig specifiek aanbod qua sport en cultuur. Deventer heeft daarmee een braindrain van HBO en WO. Positioneer Saxion en bedrijvigheid om studenten te binden en leg ook een relatie met het hoger onderwijs van elders. Koppel onderwijs en werkgevers en sluit daarop aan in het woningbouwprogramma met aantrekkelijk woningaanbod dat aansluit op de vraag van nieuwe werknemers.
Geef net afgestudeerden een kans om hier met een fijne woning te starten. Zet in op versterking van het profiel voor hoger onderwijs met de Stadscampus de Kien en het aantrekken van een master-opleiding ICT. De instroom van internationale ICT-studenten is ook een belangrijke doelgroep. Die internationale oriëntatie is nodig om in de vraag van de werkgevers te kunnen voorzien. Het nieuwe studentencomplex in het Havenkwartier is succesvol en het is interessant om te kijken waar kansen liggen om meer aantrekkelijk woningaanbod voor studenten te realiseren. Sportverenigingen zien een opgave om meer studentleden te werven in samenwerking met Saxion.
15
Randvoorwaarden: Kies een helder groeiprofiel en handel ernaar • Kies een duidelijke ambitie Om deze ambitie waar te maken is er durf en daadkracht nodig om de verstedelijking stevig op te pakken. Daarbij horen soms ook keuzes over gebieden die nu nog groen zijn en moet soms ook de hoogte worden ingegaan. Dat alles met respect voor de historische- landschapswaarden en zonder de groene structuren te verstoren die juist zo bijdragen aan het aantrekkelijk wonen. • Gemeente Deventer pak de regie Voor de realisatie van de woningbouw voor de autonome groei en zeker bij een extra groeiambitie is het wenselijk dat de gemeente de regie naar zich toetrekt. Hierbij geeft de gemeente de kaders aan voor die groei waarbinnen marktpartijen, corporaties en andere partners hun investeringen kunnen doen. Daar hoort ook bij dat de gemeente de regie pakt bij het realiseren van randvoorwaarden die nodig zijn voor groei zoals infrastructuur, economische beleid etc. Voor de aanpalende sectoren die nodig zijn voor de gewenste groei (Saxion, sportaanbod, cultuur etc.) is regie in de samenwerking nodig. Om te voorzien in aanbod voor alle inwoners zal de gemeente regie moeten nemen op de realisatie van segmenten die niet vanzelf door de markt worden opgepakt: onder anderen goedkope (sociale) woningbouw en woonzorg.
• Werk aan een continue stroom van nieuwbouw Houd de bouwstroom op een continu niveau door ver vooruit te plannen en tijdig nieuwe woningbouwlocaties in ontwikkeling te nemen. Werk met heldere kaders over de gewenste woningbouw op basis waarvan snel duidelijk wordt of een bouwinitiatief gehonoreerd kan worden. Zet actief in op monitoring van de voortgang samen met betrokken partijen en stuur tijdig bij waar dat nodig is. Belangrijk is om voldoende woningbouwlocaties in beeld te hebben om de extra groei in de komende tien jaar op te kunnen vangen. Voor een zorgvuldige inpassing moeten we daar nu mee starten. In het verleden heeft het niet op tijd in beeld hebben van groeilocaties de groei van Deventer geremd, omdat er periodes waren waarin er te weinig aanbod van woningbouw was en het totaal aantal woningen in Deventer onvoldoende groeide om alle woningzoekenden een plek te geven met als gevolg dat zij uit moesten wijken naar andere woonplaatsen in de omgeving. Pas op voor te veel optimisme en over-programmering en wees daarom wendbaar in het woningbouwprogramma om bij te sturen als dat nodig is. • Doelgerichte Deventer marketing Om mensen te trekken moet Deventer zich naar buiten toe meer profileren als aantrekkelijke cultuurstad en duidelijk maken wat het te bieden heeft aan jongere huishoudens.
Om dat goed over het voetlicht te brengen is een eenduidig profiel en een coherent verhaal nodig. Hier is in 2019 een eerste stap in gezet met de Deventer citymarketing (…inDeventer!). Met de evenementen trekken we veel bezoekers van buiten. Dat kunnen we meer benutten om Deventer te profileren als aantrekkelijke stad om te wonen. Laat daarvoor tijdens evenementen zien wat het structurele cultuuraanbod in Deventer is, de diversiteit in aanbod van wonen, scholen en de gastvrijheid. Het evenementenaanbod zou zich (meer) moeten richten op jongere doelgroepen die we als gemeente willen aantrekken. Aandachtspunt is het imago bij jongeren. Het Dickensfestijn en de Deventer boekenmarkt zijn landelijk bekend, maar stoten jongeren eerder af dan dat ze hen aantrekken. Hoewel andere evenementen wel jongeren trekken wordt dit beeld niet rechtgetrokken. • Groei gaat samen met investeren in economische ontwikkeling Het kunnen bieden van aantrekkelijke en betaalbare huisvesting is voor het werven van talenten, kenniswerkers en ondernemende mensen een zeer belangrijke voorwaarde voor economische groei,
16
maar het gaat ook en vooral om het bieden van aantrekkelijke werklocaties en een uitdagend economisch klimaat waarin deze mensen kunnen werken aan hun carrièreontwikkeling. Perspectiefvolle sectoren en branches zoals zorg, logistiek, techniek, IT, bouw en energie doen het relatief goed in Deventer. Deventer heeft een goede uitgangspositie om ondernemerschap beter te laten floreren (zoals organisatiegraad MKB, PPS-netwerken, triple-helix, dienstverlening ondernemershuis) en het ondernemingsklimaat wordt goed gewaardeerd door ondernemers zelf. Als Deventer relevant wil blijven voor brede welvaartontwikkeling in onze regio is het wel noodzaak om te blijven vernieuwen en innovatiekracht toe te voegen. Met Stadscampus de Kien, de Gasfabriek en S/park als open innovatie hotspots heeft Deventer stad interessante economische potenties om te kunnen groeien. • Groei gaat samen met investeringen in bereikbaarheid Extra groei betekent dat er geïnvesteerd moet worden in betere bereikbaarheid en veilige ontsluiting. De nabijheid van voorzieningen in de binnenstad en het groene ommeland worden als troef gezien in het woonklimaat van Deventer. Naast een goede ontsluiting van woonwijken, vraagt dit ook om goede langzaam verkeer verbindingen naar de binnenstad en het buitengebied.
• Het kan niet zonder samenwerking met de buurgemeenten, Provincie en Rijk De keuze om substantieel meer te groeien kan gemeente Deventer niet in haar eentje voor elkaar krijgen. Het gaat om een bouwambitie die hoger ligt dan de autonome groei uit het huidige Provinciale en Rijksbeleid. Deventer en de regio zal dan een rol moeten krijgen in de landelijke verstedelijkingsopgave en de opvang van een deel van de landelijke woningbehoefte. Daarvoor is een gezamenlijke aanpak met de gemeenten in de Cleantech Regio en West-Overijssel nodig. Cruciaal daarbij is de rol van de Provincie, zoals die de gemeente Deventer heeft ondersteund bij het binnenhalen van de subsidie van het Rijk voor de nieuwbouw in de schil rondom de binnenstad. De durf de ambitie uit te dragen, vraagt om een lobby voor de ondersteuning bij de uitvoering ervan door Provincie en Rijk. Laat daarvoor zien dat Deventer in de dagelijkse praktijk nu al door een groep woningzoekenden van buiten de gemeente een aantrekkelijke vestigingsplaats is en die trend nog versterkt kan worden.
17
Welke groeistrategie past ons het beste? Varianten voor de groeiambitie van Deventer In dit hoofdstuk wordt het voorgaande vertaald naar vijf onderscheidende varianten voor extra groei. In elke variant staat een ander doel centraal. Deze varianten vormen een hulpmiddel om de verschillende doelen en strategieën af te wegen om de uiteindelijke groeiambitie vast te kunnen stellen. Dat kan één variant zijn, maar ook een combinatie van varianten. Het huidige beleid, gericht op een autonome groei, vormt de basisvariant. Daarnaast zijn vier varianten uitgewerkt die zich richten op een extra groei van het aantal inwoners: 1 2 3 4 5
Autonome groei Inkomens in balans Arbeidsmarkt versterken Arbeidsmarkt versterken …én verjongen. Schaalsprong
Per variant wordt kort benoemd wat de inzet is, waarom dat wenselijk is (hoe ondersteunt dat onze doelen en het voorzieningenaanbod) en hoe vullen we dat in. Deze zijn op hoofdlijnen aangegeven. De belangrijkste consequenties en opgaven van de extra groei worden per variant in deze notitie kort benoemd. In het vervolg (fase 3 van het project wonen en voorzieningen) worden op basis van de voorkeursvariant de consequenties breder in beeld gebracht en verder uitgewerkt. Het gaat dan om consequenties en randvoorwaarden zoals de extra infrastructuur die nodig zal zijn voor de bereikbaarheid, de ruimtelijke inpassing van de woningbouw, de ruimte die nodig is voor extra economische groei en de wijze waarop de extra groei georganiseerd kan worden binnen de organisatie, de instrumenten die daarbij ingezet kunnen worden, de rollen en samenwerking van externe partners en de financiering. Voor de dorpen is de te kiezen variant minder van belang De varianten gaan in op de grote aantallen van Deventer als geheel waarin de stad getalsmatig de grootste impact heeft. De individuele dorpen zijn beperkt onderwerp van deze strategieën. De meeste dorpen zetten in op het opvangen van de autonome groei: daarvoor zijn in de meeste dorpen nieuwe bouwlocaties nodig. De woningbouw wordt meegenomen in variant ‘1 Autonome groei’.
Per dorp is inmiddels uitgewerkt welk programma nodig is om daar invulling aan te geven (Bijlage 2). Dat dient als basis bij de uitwerking van het woningbouwprogramma per dorp. Bathmen en (getalsmatig minder) Lettele kiezen ervoor om naast de autonome groei in te zetten op een extra groei. Bij de uitwerking van de gekozen voorkeurs strategie zal dit worden meegenomen. In alle vijf de strategieën (ook bij autonome groei van Deventer) lijkt op basis van de eerste analyse ruimte te zijn voor in ieder geval een deel van die extra groei in Bathmen. De opvang van de extra groei in Lettele is nog niet vanzelfsprekend door de kleine omvang en een minder gunstige ligging. Een stevige opgave, niet zonder risico’s Het doorzetten van het huidige beleid om te bouwen voor de autonome groei is een stevige opgave, zeker nu de recente woningbehoefteprognose flink hoger ligt (+ 40%). De keuze voor een strategie met extra groei komt daar bovenop. Het vraagt veel van de samenwerking met partners en van de gemeentelijke inzet. Alle strategieën hebben ook risico’s in zich. De trajecten om te komen tot woningbouw vraagt vele jaren waarbij het voor een continue bouwstroom belangrijk is om deze beleidskoers vast te houden. Dat moet op een lenige manier gebeuren om in te kunnen spelen op een veranderende markt, veranderde woonwensen of andere uitdagingen.
Denk bijvoorbeeld aan de opgave van dit moment rond stikstof en de overgang naar een nieuwe warmtevoorziening.
18
Een indicatie van de omvang van het woningbouwprogramma De vertaalslag van de groeiambitie naar het woningbouwprogramma maken we in de volgende fase van dit proces. Ter illustratie geven we voor de nu voorliggende strategieën met deze vingeroefening een indicatie welke omvang het woningbouwprogramma kan hebben. Huidige groeiprognose In de recente trendprognose wordt voor Deventer uitgegaan van een lichte bevolkingsgroei. Afhankelijk van de variant ligt het aantal inwoners in 2035 net als nu op 100.000 inwoners of groeit het door naar 105.000 inwoners. Voor de bevolkingsgroei naar 105.000 inwoners moeten 500 woningen per jaar gebouwd worden (ongeveer 7.000 woningen tot 2035). Met een deel van die nieuwe woningen worden nieuwe inwoners gehuisvest en een deel van die woningen is nodig om de huishoudensverdunning op te vangen en levert daardoor geen groei van het aantal inwoner op. Inzet op extra groei Als we kiezen voor een extra inzet naar 110.000 tot 120.000 inwoners betekent het dat we bovenop de 500 woningen per jaar (ongeveer 7.000 tot 2035) flink extra moeten bouwen. Hoeveel extra woningen daarvoor nodig zijn is afhankelijk van het type huishoudens: als de groei zich richt op één en twee persoons huishoudens zijn er meer woningen nodig dan bij gezinnen.
Bij een keuze voor de hoogste variant met een groei naar 120.000 inwoners zijn er bovenop de 7.000 ongeveer 8.000 extra woningen nodig. Tot 2035 zijn er dan in totaal 15.000 nieuwbouwwoningen nodig. Vingeroefening voor de benodigde extra woningen Op dit moment zijn er voor 4.000 woningen bouwplannen in beeld in Deventer. Om te voorzien in de huidige groeiprognose zijn 7.000 woningen nodig. Daarvoor moet er nog gezocht worden naar locaties voor 3.000 woningen. Een groei naar de maximale variant met 120.000 inwoners vraagt om nog eens 8.000 woningen erbij. Dan ligt er een opgave om nog voor 11.000 woningen locaties te vinden. Een deel van de extra locaties kan binnen de bebouwde kom van de stad gevonden worden (mogelijk 3.000 extra woningen). Hoeveel dat precies is zal nog sterk afhangen van hoe dicht we die gebieden bebouwen en in welke mate we hoogbouw toestaan. Daarnaast zullen er voor de autonome groei in de dorpen naar woningbouwlocaties gezocht worden, waarbij Bathmen een extra opgave op zich wil nemen (totaal 1.000 extra). Voor de overige 7.000 woningen zullen dan nog nieuwe uitleglocatie(s) gezocht moeten worden of binnen de bebouwde kom verder verdicht moet worden. Ter illustratie van de omvang: De Vijfhoek heeft 4.600 woningen.
19
STRATEGIE 1:
Autonome groei
Het woningbouwprogramma is, in lijn met het huidige beleid gericht op de autonome groei. Die groei is nu wel hoger dan we tot nu toe hadden voorzien en hoger dan de woningbouwaantallen in de afgelopen jaren. -
WAT IS ONZE INZET: Het woningbouwprogramma ligt hoger dan in de afgelopen jaren. Daarmee volgen we de recente prognoses die voor Deventer, net als in veel andere delen van het land, een hogere woningbehoefte laat zien, op tenminste 500 per jaar. Die ligt maar liefst 40% hoger dan op basis van de prognoses waarin we bij de Woonvisie (2018) en het woningbouwprogramma van uit zijn gegaan. Ook het aantal inwoners groeit nog iets meer dan eerder voorzien, naar ongeveer 105.000 inwoners.
-
WAAROM IS DAT WENSELIJK: We moeten bouwen om te voorzien in het huidige woningtekort en voor de toekomstige lokale woningvraag, huishoudensverdunning en de (iets) toenemende woningvraag van buiten Deventer.
-
EFFECT OP VOORZIENINGEN: De huidige schaalgrootte wordt zo veel als mogelijk gehandhaafd. De verandering in de demografische opbouw (meer ouderen en minder jongeren en een kleinere beroepsbevolking) en de zwakke sociaaleconomische inkomensopbouw worden niet actief bijgestuurd. Werkgevers moeten rekening houden met een afname van de beroepsbevolking. Er komen potentieel iets meer klanten/deelnemers/gebruikers van de voorzieningen, maar daar staat tegenover dat de huidige trends zich zullen voortzetten. De facto min of meer een status quo ten opzichte van de huidige situatie.
-
HOE VULLEN WE DAT IN: We benutten wel alle kansen binnen de bebouwde kom om te kunnen voorzien in de hogere behoefte. Om te voorzien in de groei met 7.000 woningen moet nog voor 3.000 woningen naar locaties gezocht worden. Dat kan voor een deel door meer binnenstedelijke locaties te benutten en daarnaast nieuwe uitleglocaties aan het programma toe te voegen (onder andere in Bathmen). In de dorpen zijn ook nieuwe woningbouwlocaties nodig om te kunnen voorzien in de lokale vraag.
-
CONSEQUENTIES: De huidige organisatie, werkwijze en het ruimtelijk beleid is gericht op 350 woningen per jaar. Dat moet met 40% opgeschaald worden naar minstens 500 per jaar. De autonome groei kan grotendeels binnen de bebouwde kom worden opgevangen, maar een nieuwe uitleg is ook noodzakelijk. De toevoeging van deze aantallen vraagt nadere studie van de meest geschikte ruimtelijke inpassing binnen de bebouwde kom en op een enkele plek in het buitengebied. Daarnaast is er een studie nodig naar de wijze waarop de beschikbare capaciteit van de verkeersinfrastructuur die groei kan opvangen.
20
STRATEGIE 2:
Inkomens in balans
Met een gericht extra woningaanbod voor hoge inkomensgroepen trekken we de inkomensopbouw van Deventer in lijn met het landelijke gemiddelde en versterken we het financiële draagvlak. -
WAT IS DE INZET: In deze strategie zetten we in op de autonome groei en daarnaast op het aantrekken van meer huishoudens met een hoger inkomen (+ € 50.000) van buiten Deventer. Dat doen we door meer dure koopwoningen te bouwen op locaties die in trek zijn bij vestigers van buiten Deventer zoals in het aantrekkelijk binnenstedelijk woonmilieu én (in kleinere aantallen) in Bathmen en op locaties in het groen met de nabijheid van alle voorzieningen van de stad.
-
WAAROM IS DAT WENSELIJK: De stad heeft met een relatief laag aandeel midden- en hoge inkomensgroepen een zwakke sociaaleconomische inkomensopbouw. Dat beperkt het financiële draagvlak in de gemeente. Met het gericht aantrekken van hogere-inkomensgroepen zetten we in op het versterken van de sociaaleconomische positie zonder dat Deventer als geheel sterk hoeft te groeien. Vestigers van buiten concurreren nu al met lokale woningzoekenden in de gewilde duurdere delen van de woningmarkt.
-
EFFECT OP DE VOORZIENINGEN: Het levert een sterke bijdrage in het vitaal houden van de binnenstad en het sociaal-cultureel aanbod door meer en kapitaalkrachtige inwoners. Het effect op de demografische opbouw is beperkt. Het effect op de beroepsbevolking beschouwen we neutraal. Deze inzet zal weinig extra bijdragen aan het versterken van bestaande wijken en de differentiatie van het woningaanbod daar.
-
HOE VULLEN WE DAT IN: Om in lijn te komen met de landelijke gemiddelde inkomensopbouw moeten er bovenop het autonome woningbouwprogramma 2.500 woningen in het duurdere segment extra gebouwd worden. We realiseren een hoger aandeel woningen in de dure koop op aantrekkelijke binnenstedelijke locaties en op een aantal aantrekkelijke locaties in/aan het groen.
-
CONSEQUENTIES: Bovenop de consequenties van Strategie 1 komt het volgende: Omdat we een deel van de nieuwbouw richten op vragers van buiten Deventer moeten we dat compenseren met extra woningbouw voor de autonome woningbehoefte op een aantal andere locaties buiten de bebouwde kom. Een deel van de opgave kan ook opgevangen worden in Bathmen, en in beperkte mate in Lettele. De toevoeging van deze aantallen vraagt nadere studie van de meest geschikte ruimtelijke inpassing in het buitengebied en de beschikbare capaciteit van de verkeersinfrastructuur, waaronder het OV.
21
STRATEGIE 3: Arbeidsmarkt versterken Door woningbouw gericht in te zetten voor het werven van nieuw talent, kenniswerkers en het behouden van personeel, levert dat een bijdrage aan het oplossen van tekorten op de arbeidsmarkt nu en op termijn. -
WAT IS DE INZET: Bij deze strategie zetten we bovenop de autonome groei in op extra woningbouw die het voor meer werknemers mogelijk maakt om zich hier te vestigen en de beroepsbevolking op peil kan blijven met de groei van de werkgelegenheid. We trekken extra werknemers aan van elders als prettige woon-werkplaats, met een ruim aanbod van woonruimte die betaalbaar is nabij stedelijke voorzieningen en bij het groen. Door de goede verbindingen is verhuizen ook interessant als de partner elders blijft werken.
-
WAAROM IS DAT WENSELIJK: Het inwoneraantal moet meegroeien met de vraag naar arbeidsplaatsen en qua type aansluiten op de behoefte (vooral in zorg, logistiek, techniek, IT, bouw en energie). Door de vergrijzing blijft de beroepsbevolking niet op peil en dat verzwakt het toekomstperspectief van bedrijven. Zorg voor ruim voldoende en betaalbaar woningaanbod om werknemers van elders te trekken en op die manier ruimte te creëren voor bedrijven om te groeien.
-
EFFECTEN OP DE VOORZIENINGEN: Met deze strategie zetten we primair in op het behouden en versterken van de economische ontwikkeling. Met meer inwoners in de beroepsbevolking versterken we ook de sociaaleconomische opbouw en gezien hun leeftijd wordt de demografische opbouw verjongd. Deze inzet kan bijdragen aan het versterken van bestaande wijken en vergroting van de differentiatie van het woningaanbod daar. Door de extra bevolkingsgroei helpt het de binnenstad en het sociaal-culturele aanbod vitaal te houden.
-
HOE VULLEN WE DAT IN: Zorgen voor een ruim gevarieerd aanbod en voldoende betaalbaar woningaanbod voor nieuwe werknemers. Met extra woningbouw kunnen werknemers van elders hier gemakkelijker een woning vinden, maar ook bedrijven moeten voldoende ruimte en faciliteiten hebben om te groeien. Voor deze variant hebben we vooralsnog ingeschat dat er ongeveer 4.000 extra woningen nodig zijn bovenop de autonome groei. Om genoeg arbeidskrachten te hebben voor de lange termijn vertalen we de gemiddelde landelijke werkgelegenheidsgroei van 1% per jaar naar Deventer en komen er jaarlijks ongeveer 500 banen erbij.
-
CONSEQUENTIES: Bovenop de consequenties van Strategie 1 komt het volgende: De vraag op de arbeidsmarkt is heel divers en deze strategie vraagt nog om een nadere invulling met een gericht groei-profiel waarin wordt ingezet op de sectoren waarvoor een extra inzet nodig is én die kansrijk zijn. Verder is er een economisch beleid noodzakelijk dat gastvrij is voor nieuwe ondernemingen en de huidige ondernemingen ruimte biedt zich te ontplooien. Ook vraagt het een economisch beleid dat de rode loper uitlegt voor innovaties en startende ondernemingen. Dit alles vraagt een nauwe samenwerking tussen gemeente, opleidingen en bedrijfsleven. Voor de extra groei is flink wat extra ruimte nodig, zowel voor intensivering in de stad als buiten de bebouwde kom. De toevoeging van ongeveer 4.000 extra woningen vraagt nadere studie naar de meest geschikte ruimtelijke inpassing in het buitengebied en de beschikbare capaciteit van de verkeersinfrastructuur, waaronder het OV. Daarnaast moet er voldoende ruimte zijn voor ondernemen door herstructurering en intensivering van bestaande bedrijventerreinen en/of de ontwikkeling van nieuwe locaties in het buitengebied.
22
STRATEGIE 4: Arbeidsmarkt versterken … én verjongen Voor alle sectoren geeft een extra groei van jongeren en jongvolwassenen, zeker op termijn, de beste bijdrage in het behoud van het draagvlak van de voorzieningen en economische structuur. -
WAT IS DE INZET: Deze strategie is in lijn met strategie 3 maar dan met een accent op extra groei van jongeren en studenten. Door zowel deze groepen van buiten Deventer aan te trekken als jongeren en studenten uit Deventer meer perspectief te bieden om hier te blijven.
-
WAAROM IS DAT WENSELIJK: Door de demografische trend neemt het aantal jongeren af. Relatief veel jongeren verlaten Deventer om elders te studeren en te werken. Deventer is onvoldoende in beeld als ‘studentenstad’ en kent nu een braindrain. Dat effect wordt versterkt omdat het aantal jongeren in heel Oost-Nederland door de demografische opbouw de komende jaren afneemt. Met het levendige binnenstedelijk woonmilieu, het aanbod van HBO-onderwijs en een aantal toonaangevende bedrijven in de kenniseconomie heeft Deventer de potentie om zich meer te richten op jongeren.
-
EFFECTEN OP DE VOORZIENINGEN: Er wordt extra ingezet op de verjonging van de bevolking en versterking van de economische ontwikkeling. De sociaaleconomische positie van Deventer verslechtert in eerste instantie door het grotere aandeel studenten en pas afgestudeerden. Deze variant zal sterk kunnen bijdragen aan het versterken van bestaande wijken en vergroting van de differentiatie van het woningaanbod daar. Het cultuuraanbod en de binnenstad kunnen profiteren van de verjonging maar zal daarvoor het aanbod wel meer op deze groep moeten richten. De sportvoorzieningen zijn qua infrastructuur min of meer op orde, maar ook de sportcultuur zal zich meer moeten richten op waar jongeren zich thuis voelen.
-
HOE VULLEN WE DAT IN: In aanvulling op 3 zal een deel van het programma zich richten op een jongere doelgroep. Dat vraagt om meer dan alleen passende huisvesting. Door het afnemend aantal jongeren in Oost-Nederland is behoud van de huidige positie al een opgave en een groei vraagt een nog veel grote inzet op meerdere vlakken. Zet in op versterking van het profiel voor hoger onderwijs met de Stadscampus de Kien, positioneer Saxion en bedrijvigheid om studenten te binden en leg een relatie met het hoger onderwijs voor master-opleidingen. De culturele voorzieningen zullen een slag moeten maken om jongeren te trekken. Voor een impuls in het uitgaansleven moet ruimte komen bij commerciële horeca en een poppodium. Koppel onderwijs en werkgevers en sluit daarop aan in het woningbouwprogramma met aantrekkelijk woningaanbod voor nieuwe werknemers. Geef net afgestudeerden een kans om hier met een fijne woning te starten.
-
CONSEQUENTIES: Bovenop de consequenties van Strategie 1 komt het volgende: Deventer is nu geen stad die veel jongeren aantrekt. Het omzetten naar een braingain kan veel opleveren, maar is ook complex en vraagt een lange adem en een nauwe samenwerking tussen veel partners. Voorwaarde is dat Saxion en het bedrijfsleven samen aanbod weten neer te zetten die jongeren aanspreekt en dat Deventer het uitgaans- culturele-en sportklimaat meer op jongeren en jongvolwassenen weet te richten. Dat versterkt de levendigheid van het stedelijk woonmilieu maar kan op punten conflicteren met het belang van andere groepen. Voor de extra groei met jongeren komt vooral de binnenstad en de wijken daarom heen in aanmerking. Een groot deel van de autonome groei landt dan in de overige wijken, de dorpen en buiten de bebouwde kom. De toevoeging van deze aantallen woningen vraagt nadere studie van de meest geschikte ruimtelijke inpassing in het buitengebied en de beschikbare capaciteit van de verkeersinfrastructuur, waaronder het OV.
23
STRATEGIE 5:
Inzetten op een schaalsprong
In deze strategie ligt de focus op het realiseren van een schaalsprong richting ruim 120.000 inwoners zodat er getalsmatig voldoende inwoners zijn om de kwaliteit van alle voorzieningen te behouden. -
WAT IS DE INZET: Bovenop de autonome groei inzetten op het realiseren van structureel extra woningbouw in één grote of meerdere nieuwe wijken. Daarmee kan gestaag gebouwd worden aan een schaalsprong in het aantal inwoners in Deventer met een gedifferentieerd woningbouwprogramma van diverse woningtypen en betaalbare woningen.
-
WAAROM IS DAT WENSELIJK: De vergrijzing, de ontgroening en de afnemende bevolkingsgroei kunnen we alleen (enigszins) compenseren als we flink veel extra inwoners aantrekken. Om te waarborgen dat deze groei daadwerkelijk wordt gehaald is een nieuw stadsdeel (of meerdere) grote nieuwbouwwijk(en) nodig (zoals dat in het verleden met De Vijfhoek is gerealiseerd). Daarmee hebben we de regie om jaarlijks gestaag een groot aantal woningen te bouwen. Het maakt ons minder afhankelijk van de lastige transformatielocaties in de stad.
-
EFFECTEN OP DE VOORZIENINGEN: De vergrijzing wordt vertraagd, het economische draagvlak en de beroepsbevolking groeit. Deze strategie biedt alle voorzieningen het vooruitzicht op een groei van het aantal klanten, gebruikers en deelnemers. Het effect zal het sterkst zijn voor de economie, sport en het onderwijs. Voor het cultureel aanbod en de binnenstad geeft het ook een impuls, maar die is bij een nieuw stadsdeel naar verwachting wat minder. Het risico van de inzet op één (of meer) grote nieuwbouwwijk(en) is dat de noodzaak en prioriteit om te investeren in de vernieuwing van de bestaande wijken afneemt. De bouw van een nieuwe wijk is minder complex en meestal goedkoper dat de opgave in de bestaande wijken. Als deze extra woningbouw wordt ingezet zonder ook extra te investeren in de economische ontwikkeling zal Deventer meer een ‘woongemeente’ worden voor werknemers van elders.
-
HOE VULLEN WE DAT IN: Ontwikkel een grote goed ontsloten nieuwe woonwijk met goede wijkvoorzieningen, een gedifferentieerd en betaalbaar woningaanbod. Om tot 120.000 inwoners in 2035 te groeien moeten er ongeveer 15.000 woningen gebouwd worden. Voor 4.000 woningen zijn al bouwlocaties is beeld: voor 11.000 woningen moeten nog locaties gezocht worden. Als daarvan 3.000 binnen de bestaande stad gevonden worden en 1.000 in de dorpen, zijn er nog 7.000 woningen nodig op één of meer nieuwe uitleglocaties (De Vijfhoek heeft 4.600 woningen).
-
CONSEQUENTIES: Bovenop de consequenties van Strategie 1 komt het volgende: Voor de extra groei is veel ruimte nodig buiten de bebouwde kom. De toevoeging van ongeveer 7.000 extra woningen vraagt een nadere studie van de meest geschikte ruimtelijke inpassing in het buitengebied waarbij de groene kwaliteit van Deventer het minste wordt geschaad. De verwachting is dat veel van de nieuwe inwoners niet meteen een directe werkrelatie hebben met Deventer. De verkeersinfrastructuur, waaronder het OV, moet hierop aangepast worden.
24