2025-848-Ontwerp-omgevingsvisie Deventer - versie 3-11-2025
Tekst van het document
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Kunst in de openbare ruimte
62
We hebben een rijke verzameling kunstwerken in de openbare ruimte die de geschiedenis en diversiteit van de stad weerspiegelen. Kunstwerken in de openbare ruimte verrijken de omgeving, brengen mensen samen en roepen emoties op. We (h)erkennen de ruimte, gebruiken en versterken die om met behulp van de kunst in de openbare ruimte bij te dragen aan de (be)leefbaarheid van de ruimte en de versterking van het DNA van Deventer. We verbinden makers met de openbare ruimte en voegen nieuwe waarden, ervaringen en verhalen toe. Om continuïteit te bieden aan het verhaal dat de kunst in de openbare ruimte in
Deventer vertelt, wordt er optimaal samengewerkt en afgestemd bij gebiedsgerichte ontwikkelingen. In een vroeg stadium – middels de percentageregeling – kan kunst al meegenomen worden in het plan- en ontwerpproces, zodat het optimaal bijdraagt aan de (be)leefbaarheid van de openbare ruimte.
Deventer evenementenstad Deventer staat ook bekend als evenementenstad dankzij vier beeldbepalende evenementen met landelijke uitstraling: Deventer op Stelten, de Boekenmarkt, het Dickens Festijn en de IJsselbiënnale. We werken met een herijking van het evenementenbeleid aan een evenwichtig aanbod van evenementen in Deventer evenementenstad. Daarbij is ruimte voor nieuwe ontwikkelingen, een specifiek aanbod voor jongeren en wordt de ruimtelijke kwaliteit – in de vorm van verschillende evenemententerreinen – benut. Vanuit een brede cultuuropvatting bieden we ook een plek aan evenementen die passen bij de historie, identiteit, of tradities van de stad of het dorp. Om Deventer als evenementenstad op de kaart te houden wordt de stad als etalage beter gebruikt en kunnen bepaalde evenementen worden verbreed of verplaatst naar andere delen van de stad. In het te herijken evenementenbeleid maken we op basis van locatieprofielen inzichtelijk wat voor soort evenement op welke plek het beste past. Ook de oriëntatie op een nieuw evenemententerrein kan onderdeel zijn van het evenementenbeleid.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
4.2.5. Themakaart fijn wonen en samen leven
63
4.3. DUURZAAM EN TOEKOMSTGERICHT
economie, waarbij we aandacht hebben voor duurzaam bouwen, hergebruik van materialen en netbewust ontwerpen. Klimaatadaptatie en het benutten van lokale creativiteit en ondernemerschap vormen daarbij essentiële pijlers voor een veerkrachtige leefomgeving.
4.3.2. ENERGIESYSTEEM VAN DE TOEKOMST Doelstelling van de energietransitie Het doel van de energietransitie is om de klimaatverandering door de opwarming van de aarde tot een halt te brengen. Om dit te realiseren hebben we de ambitie om in 2030 de CO2-uitstoot te verlagen naar 55% (ten opzichte van 1990) en in 2050 klimaatneutraal te zijn. We weten dat de huidige doelstelling van onze Regionale Energiestrategie (RES) nog niet genoeg is om de ambitie van klimaatneutraal in 2050 te halen. Daarom onderzoeken we wat er verder nodig en mogelijk is. We werken in dit verband aan een duurzaam, robuust en rechtvaardig energiesysteem. We gaan bewust om met onze energie en gebruiken niet meer energie dan nodig. Het energiegebruik en de productie van energie stemmen we op elkaar af. Een deel van de energie die we nodig hebben, produceren we lokaal en op een duurzame manier. Daarnaast zorgen we voor een eerlijke verdeling van de lusten en lasten van de energietransitie.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Het gebruik van fossiele energiebronnen verminderen en vervangen
64
4.3.1. INLEIDING Om een toekomstbestendige en duurzame gemeente te worden, zetten we vol in op de energietransitie, circulariteit en duurzame mobiliteit. We maken de stap van fossiele naar lokaal opgewekte duurzame energie, wat vraagt om ruimtelijke aanpassingen en een robuuste energie-infrastructuur. Door compact en collectief te bouwen, stimuleren we efficiënte energievoorzieningen en duurzame vervoersvormen, zoals fietsen, openbaar vervoer en deelmobiliteit. Tegelijkertijd nemen we als gemeente een actieve rol in het bevorderen van een circulaire
Als we minder energie gebruiken, hoeven we ook minder energie te produceren. We willen daarom met slimme oplossingen kijken hoe we ons energiegebruik kunnen verminderen. Bijvoorbeeld door huizen te isoleren, bedrijven te stimuleren hun bedrijfsprocessen efficiënter in te richten en minder niet-herbruikbare materialen en afvalstoffen te produceren. Aan de gebruikerskant van de energieketen proberen we het bewustzijn te vergroten, bijvoorbeeld door: ›
de verwarming een graad lager te zetten;
›
meer circulair te leven: ›
minder nieuw te kopen;
›
meer lokaal te kopen;
›
repareren, delen, lenen en huren te stimuleren (in plaats van nieuw te kopen);
›
korter te douchen;
›
vaker de fiets in plaats van de auto te pakken.
De overgang naar duurzamere mobiliteit is daarnaast een belangrijke randvoorwaarde om de CO2-uitstoot omlaag te brengen.
Een duurzaam energiesysteem We onderzoeken de mogelijkheden om lokaal duurzame energiebronnen te ontwikkelen als alternatief voor fossiele bronnen. Hierbij ondersteunen we lokale energie-initiatieven, bijvoorbeeld de productie van wind- en zonne-energie, biogas en groengas. Zo werken we aan het realiseren van het RES1-doel van 212 GWh duurzaam opgewekte elektriciteit in 2030. We kiezen voor energieproductie in het buitengebied, waarbij we rekening houden met de bestaande waardes en functies. Agrariërs kunnen producenten worden van energie, zoals wind, zon, bio- en groengas door middel van kleinschalige mono-mestvergisting en de verbouw van biobased isolatiematerialen. Ook faciliteren we zonne-energie op grote daken waar dat passend is voor het energiesysteem.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Onze bestaande gebouwde omgeving wordt aardgasvrij. We onderzoeken per gebied wat de beste techniek is om de gebouwde omgeving te verwarmen. Dit kan bijvoorbeeld met een warmtenet gevoed met aquathermie (warmte uit water) of ondiepe geothermie (warmte uit de aarde). Andere oplossingen zijn hybride of all-electric warmtepompen of duurzame gassen, zoals groene waterstof, biogas en groengas.
65
Voor uitbreidingslocaties voor woningbouw onderzoeken we de mogelijkheid om warmtenetten te realiseren. Alle nieuwbouw wordt CO2-bewust gebouwd, onder andere door circulaire materialen te gebruiken. Daarnaast stimuleren we de ontwikkeling van slimme energiecombinaties, bijvoorbeeld door restwarmte in de gebouwde omgeving toe te passen of solar carports, waarmee parkeren met het opwekken van duurzame elektriciteit wordt gecombineerd. Voor de verduurzaming van energie-intensieve bedrijven zetten we in op groene waterstof. De grootschalige inzet van waterstof biedt, naast de verduurzaming van
de (maak)industrie in Deventer, ook kansen voor de gebouwde omgeving. Zo kan bij warmtenetten de piekvraag in de winter worden opgevangen met de inzet van groene waterstof. Ook verkennen we de optie om het bestaande aardgasnetwerk in de binnenstad over te zetten op waterstof. De benodigde waterstof kan lokaal geproduceerd zijn of geleverd worden via aftakking van het landelijke waterstofnetwerk. We onderzoeken of de restwarmte, die vrijkomt bij het lokaal produceren van waterstof, slim kan worden ingezet voor bedrijven of de gebouwde omgeving. Ook mobiliteit en transport worden verduurzaamd. We stimuleren de transitie naar duurzamere vervoersvormen, zoals de fiets en collectief vervoer. Het gemotoriseerde vervoer dat overblijft, wordt geëlektrificeerd of stapt over op een duurzame brandstof. Ook het vrachtvervoer stapt over op een duurzaam alternatief: elektriciteit, groengas of groene waterstof. Hiertoe ontwikkelen we de benodigde infrastructuur, zoals een snellaadplein voor elektrische vrachtwagens. In de haven wordt het mogelijk om groene waterstof te tanken als duurzame brandstof voor de binnenvaart.
Een robuust energiesysteem We werken aan de robuustheid van het energiesysteem om op elke moment van de dag voldoende energie beschikbaar te hebben. Hiervoor moet de energieinfrastructuur, zoals kabels, leidingen en installaties voor opslag en conversie, nu en in de toekomst op orde zijn. Zo verzwaren we het elektriciteitsnet om de elektrificatie van het energieverbruik op te vangen. Ondergronds worden hiervoor elektriciteitskabels vervangen. Bovengronds worden extra laag- midden- en hoogspanningsstations geplaatst. Voor de benodigde energie-infrastructuur, zoals een derde hoogspanningsstation, reserveren we ruimte. Dit doen we omdat de noodzaak voor deze ruimtereservering in heel Deventer en nog een lange tijd speelt. Zo loopt de uitbreiding van het elektriciteitsnet nog tot 2035. Het energieverbruik in Deventer stijgt door de toename van inwoners en bedrijvigheid. Dit vraagt extra inzet om de robuustheid van het energiesysteem op peil te houden. Om de extra belasting op het energiesysteem te beperken, werken we vanuit een aantal principes. Bij de locatiekeuze van nieuwe ontwikkelingen, voor zowel woningbouw als bedrijventerreinen, zien we het energiesysteem als een leidend criterium. Daarnaast reserveren we bij de uitwerking van het project ruimte voor de ondergrondse en bovengrondse energie-infrastructuur. Nieuwe
1 RES: Nederland is ingedeeld in dertig regio's, waarin overheden, inwoners, bedrijfsleven, netbeheerders, energiecoöperaties en maatschappelijke organisaties samenwerken aan de energietransitie. Deventer is onderdeel van Energietafel West-Overijssel, dat eerder de naam Regionale Energiestrategie (RES) West-Overijssel had.
gebouwen, woningen en wijken bouwen we netbewust. Dat betekent dat we de (netto) belasting op het elektriciteitsnet beperken en het gebruik spreiden over de dag en nacht. We sturen bij woningbouw op een hoge woningdichtheid, zodat collectieve energievoorzieningen, zoals warmtenetten, zo efficiënt mogelijk kunnen worden gerealiseerd. Bij het ontwerpen van de gebouwen houden we rekening met passieve maatregelen om het energieverbruik laag te houden. Voorbeelden van zulke maatregelen zijn de oriëntatie en grootte van ramen, overstekken, bouwmassa, glastype en het gebruik van ventilatie. De gebouwen moeten zoveel mogelijk voorzien in de eigen energiebehoefte. Bij nieuwbouw beperken we de CO2-uitstoot zoveel mogelijk, zowel tijdens de bouwfase als tijdens het gebruik van de woning. Dit doen we door het werken met circulaire en biobased bouwmaterialen te stimuleren.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Een rechtvaardig energiesysteem
66
Dat het energiesysteem verandert, heeft gevolgen voor de inwoners van Deventer. Zo ontwikkelen we binnen de gemeente windmolens en zonneparken om lokaal duurzame energie op te wekken. Deze installaties kunnen overlast veroorzaken bij de mensen die in de buurt wonen, werken of voorbijkomen. Tegelijkertijd biedt het nieuwe energiesysteem kansen. Inwoners kunnen meedoen met het ontwikkelen van lokale energie-initiatieven. Bij lokale energie-initiatieven is een deel in eigendom van mensen die in de omgeving wonen. Zij kunnen meeprofiteren van de opbrengsten. In Deventer streven we naar minimaal 50% lokaal eigendom bij zon- en windprojecten die een grote impact hebben op de fysieke leefomgeving. Met het oog op een gelijke toegang tot energie stimuleren en faciliteren we ondernemers en inwoners bij het realiseren van collectieve energieoplossingen. Denk daarbij aan productie, opslag en warmtevoorzieningen, waarin inwoners en bedrijven op gebiedsniveau energie met elkaar kunnen delen, zoals in een energiegemeenschap. Hiermee verdelen we de lusten en de lasten van de energietransitie. Met het investeren in de hele energieketen, vergroten we de kans op investeringen van andere overheden en netbeheerders in de energie-infrastructuur. Dit komt ten goede aan de energiebeschikbaarheid en daarmee het vestigingsklimaat voor bedrijven en inwoners.
4.3.3. CIRCULAIRE SAMENLEVING Deventer circulair: lokaal, biobased en toekomstbestendig De circulaire samenleving draagt bij aan het verminderen van grondstoffenschaarste, geopolitieke afhankelijkheid en klimaat-, energie-, stikstof-, biodiversiteits- en waterproblemen. In 2040 zijn we op weg richting 100% circulair (met als tussenstap 50% circulair in 2030). We zijn circulair in de manier waarop we onze leefomgeving inrichten: hoe we bouwen, de openbare ruimte inrichten en omgaan met goederen. Dit zijn de thema’s waar we de meeste invloed op hebben, de meeste impact kunnen behalen en waar iedereen mee in aanraking komt. Het ene thema zet meer in op levensduurverlenging en hergebruik, het andere leent zich beter voor biobased oplossingen. Het draagt allemaal bij aan het verminderen van uit de aarde gewonnen materialen, zoals metalen, mineralen en fossiele grondstoffen. We werken met partners aan realisatie van een efficiënt ecosysteem van grondstoffen. Het centrale Materialendepot biedt daarin ruimte voor inzameling, ordenen en opnieuw beschikbaar maken van materialen en grondstoffen. Deze kunnen worden ingezet in de openbare ruimte en de bouw, maar ook inwoners kunnen gebruik maken van het centrale Materialendepot2. Verspreid door de stad
2 Een materialendepot is een platform of fysieke locatie waar gebruikte materialen, producten of grondstoffen worden opgeslagen en gedeeld voor hergebruik. Deze systemen bevorderen de circulaire economie door materialen een tweede leven te geven, in plaats van ze als afval te beschouwen. Bedrijven en organisaties kunnen materialen terugsteken in de keten, waardoor kosten worden bespaard en de ecologische impact wordt verminderd.
werken we aan kleinere circulaire hubs met tweedehands bouwmaterialen. Deze hubs zijn daarnaast meer gericht op goederen. Deventer bouwt aan een actieve plek in de biobased economie met ketens voor biobased grondstoffen en materialen. Een netwerk van telers in het buitengebied levert grondstoffen (vezels en hout) aan de biobased verwerkende bedrijven (industrie). De producten die worden gemaakt, kunnen worden toegepast in de bouw en de openbare ruimte. De regionaal geteelde biobased grondstoffen kunnen ook worden verwerkt in bioplastics en textiel.
Openbare ruimte
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
In de openbare ruimte zijn we in 2040 circulair bij het inrichten, beheren en renoveren. Het gaat om hergebruik van grondstoffen, zoals beton en asfalt (recylcaat), maar ook om hergebruik van materialen voor straten, stoepen, riolering en straatmeubilair. We monitoren de kwaliteit van het materiaal en beoordelen of renovatie echt nodig is. Bij groenaanleg en groenbeheer zetten we vrijgekomen hout, bijvoorbeeld uit elementen en houtkap, in voor renovatiewerkzaamheden en voor het maken van hoogwaardig straatmeubilair. De ontwikkeling van de openbare ruimte in nieuwe projecten en gebiedsontwikkelingen wordt vanzelfsprekend circulair uitgevoerd, zowel boven als onder de grond. Waar mogelijk doen we dat met lokale teelt van hout en biobased materialen uit de oogstgebieden in het landelijk gebied en uit het eigen areaal in de stad. Ook bieden we ruimte aan initiatieven voor deze teelten, voedselbossen en moestuinen, mits deze niet in het natuurnetwerk (NNN) en Natura 2000-gebieden plaatsvinden. Daarnaast moeten deze teelten een positieve bijdrage leveren aan de biodiversiteit.
67
Bij het inrichten van de openbare ruimte hanteren we circulaire ontwerpprincipes. Dit betekent ook dat we circulair aanbesteden en bouwen en materialen hergebruiken in elke sector. We bieden inwoners, bedrijven en organisaties de mogelijkheid om op een circulaire manier te handelen. Dit doen we door kennis over circulair handelen te delen, te stimuleren en te faciliteren. We bouwen aan circulaire gebieden, gebouwen en infrastructuur door het slim en lang gebruiken van nieuwe materialen of hergebruik van bestaande materialen. Maar ook door maximaal gebruik te maken van natuurlijke bouwmaterialen, zoals hout, vlas, stro en hennep.
Bouwen De bouw gebruikt 50% van alle grondstoffen die jaarlijks in de gemeente verbruikt worden. Daarom streven we naar het realiseren van de geplande woningen in toenemende mate op circulaire wijze. In ons eigen vastgoed geven we daarin het goede voorbeeld. Zo streven we stevige circulaire ambities na in onze onderwijshuisvesting. We ondersteunen inwoners bij het delen van hun woning door initiatieven, zoals woningsplitsing onder voorwaarden toe te staan. Bij de herontwikkeling van bestaande gebouwen onderzoeken we de mogelijkheden voor optoppen en voor de verduurzaming van de woningvoorraad kiezen we voor materialen met minder milieu-impact en zorgen we voor maximaal hergebruik van materialen. Door gezamenlijk afspraken te maken met partijen, innovatieprikkels te geven en initiatieven in de keten te ondersteunen, werken we toe naar een nieuwe maakindustrie en toekomstbestendige economie, waarbij agrariërs in het landelijk gebied toeleveranciers worden voor de bouwers in de stad. We streven ernaar meer prefab woningen te bouwen om de snelheid te verhogen en de afhankelijkheid van de arbeidsmarkt te verminderen.
Goederen De gemeente ondersteunt initiatieven die het voor inwoners mogelijk maken om circulair te handelen. Circulair handelen betekent spullen delen, lenen, ruilen, huren, repareren of doneren. Zo werken we aan deeltuinen, deelauto’s en circulaire hubs waar men terecht kan voor de inname en verkoop van
tweedehands spullen en reparatie. Denk aan repaircafés en het Circulair Ambachtcentrum. Door het streven naar een netwerk van circulaire ondernemers en initiatieven kan een ecosysteem gevormd worden waarbinnen materialen en goederen circulair rondgaan. Dit kan ook bijdragen aan het versterken van de sociale cohesie. Daarnaast hebben we als gemeente direct invloed op de inkoop van goederen voor de bedrijfsvoering. Hiermee kunnen we heel direct impact maken door circulair in te kopen en na te denken of aanschaf van bepaalde spullen wel nodig is of dat ze langer gebruikt of refurbished (opgewaardeerd) kunnen worden. In een circulaire samenleving bestaat afval niet. Daarom sturen we op het verminderen van afval en voedselverspilling met als doel dat in Deventer maximaal 20 kg voedsel per jaar per inwoner wordt verspild. Door PMD, GFT en textiel goed te scheiden en schoon in te zamelen, worden deze hoogwaardig gerecycled en gebruikt. Zo zetten we grondstoffen maximaal in op lokale en regionale schaal, ter bevordering van innovatie en circulariteit.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Bedrijven
68
We hebben als doel het economische systeem én het denken en handelen van bedrijven te veranderen. Hierdoor ontstaat er ruimte voor circulaire initiatieven, nieuwe ketens en allianties en streven we naar verantwoord gebruik van onze grondstoffen. Verdergaande afvalscheiding en het tijdelijk opslaan en verwerken van materialen, grondstoffen of producten moeten voldoende ruimte krijgen in onze stad en regio. Met de economische regio Stedendriehoek als primair verzorgingsgebied willen we de Deventer binnenhaven ontwikkelen als circulaire haven en als spil in de verwerking en ‘verwaarding’ van afval en grondstoffen. Om zo de Deventer binnenhaven te positioneren als onderscheidende functionele vestigingsplaats voor de maakindustrie, logistiek en agrofood in de hogere milieu categorieën (HMC).
3
4.3.4. DUURZAME MOBILITEITSVORMEN Mobiliteit als onderdeel van een vitale samenleving Mobiliteit is geen doel op zich. Het staat ten dienste van een breed scala aan maatschappelijke doelstellingen en een vitale samenleving. Het stelt mensen in staat te werken, sociale contacten te onderhouden en vrije tijd door te brengen. We streven naar een gemeente, waarin lopen, fietsen en publieke mobiliteit3 voorop staan. Vanwege het grote verzorgingsgebied van Deventer hebben we ook oog voor de bereikbaarheid met de privé-auto.
Een duurzaam mobiliteitssysteem De groei van de stad betekent ook een intensiever gebruik van het wegennet en daarmee een vergroting van de uitdaging om de leefbaarheid, verkeersveiligheid en bereikbaarheid op orde te houden. Daarom zetten we nog sterker in op een duurzaam mobiliteitssysteem. De inrichting van de stedelijke buitenruimte sluit naadloos aan op het STOMP-principe wat betekent dat we nog meer prioriteit geven aan ‘Stappen', ‘Trappen’, ‘Openbaar vervoer’ en ‘Mobility as a Service’ (bijvoorbeeld deelmobiliteit) ten opzichte van de ‘Personenauto’. De nadruk ligt daarbij niet op het uitsluiten van autoverkeer, maar op het ordenend inzetten van ruimte: het juiste vervoermiddel op de juiste plek. Dit doen we in samenhang met het dakpanprincipe, waarin stedelijke functies als wonen, werken, mobiliteit en groen elkaar in lagen overlappen. Binnen deze gelaagdheid zorgen de ‘dakpannen’ voor een efficiënte verkeersstructuur rond de stad, terwijl de radialen de verbinding vormen tussen het centrum, de wijken en de voorzieningen. Ons landelijke gebied willen we zoveel mogelijk bereikbaar en leefbaar houden door nog meer in te zetten op veilige en directe fietsroutes tussen de kernen en met de stad.
Publieke mobiliteit is: een optimale mix van alle openbare vervoersvormen, waar de overheid én markt een rol inneemt en waarvoor reizigers niet een eigen vervoermiddel kunnen of willen gebruiken.
Groene, gezonde en veilige (langzaam)verkeerroutes Waar mogelijk verlagen we de maximumsnelheid van autoverkeer. Dit draagt bij aan verkeersveiligheid, vermindert geluidsoverlast en maakt het mogelijk rijstroken en verharding te versmallen. De vrijgekomen ruimte benutten we voor vergroening, waterberging, schaduwplekken en brede fiets- en voetpaden. Zo versterken we de klimaatbestendigheid en de belevingswaarde van deze routes, en geven we invulling aan het STOMP-principe in zowel mobiliteit als inrichting. De radialen zijn de historische verbindingen tussen de binnenstad, de omliggende wijken en de dorpen. Deze richten we in als groene, klimaatadaptieve corridors waar vergroening en langzaam verkeer hand in hand gaan. De openbare ruimte langs deze radialen wordt vormgegeven met bomen, biodiverse bermen en schaduwplekken met een natuurlijke verblijfskwaliteit. De nadruk ligt op comfort, veiligheid en beleving voor voetgangers en fietsers, én op het zichtbaar en functioneel maken van ecologische verbindingen. De radialen dragen bij aan een logisch, herkenbaar en robuust netwerk van trage routes, die ook sociale interactie en mentale gezondheid bevorderen.
Op plekken waar een kwetsbare verkeersdeelnemer gemotoriseerd verkeer kruist, vergroten we de verkeersveiligheid onder andere door te zorgen voor een overzichtelijke verkeerssituatie, in enkele gevallen ongelijkvloerse kruisingen aan te leggen, wegen te versmallen en snelheden omlaag te brengen.
Verminderen, veranderen en verschonen van mobiliteit Inzet op duurzame mobiliteit betekent ook het hanteren van de Trias Mobilica: verminderen, veranderen en verschonen van mobiliteit. We gaan dus ook meer ruimte bieden aan collectieve, slimme laadpleinen en snellaadlocaties voor logistiek laden. We voeren een Zero Emissiezone in om onze stadslogistiek te verduurzamen. Het doel is het verschonen van ons mobiliteitssysteem en het verbeteren van de luchtkwaliteit.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Collectieve mobiliteit
69
Collectieve vervoersvormen, zoals het openbaar vervoer, deelmobiliteit en doelgroepenvervoer, brengen we gemeentebreed zoveel mogelijk onder de paraplu van publieke mobiliteit. Noaberschap en inclusiviteit kunnen hiermee hand in hand gaan met een betere mobiliteit van iedereen. Mobiliteit is bij uitstek iets wat niet bij een (gemeente)grens ophoudt. Daarom werken we aan een breed aanbod van (deel)vervoersvormen in regionaal verband. De samenleving verandert, en zo ook de manier waarop er naar mobiliteit wordt gekeken. Vanuit deze blik evenals een kostenperspectief verschuift de nadruk van bezit van een voertuig naar het gebruikmaken van een voertuig (Mobility as a Service). Als gemeente faciliteren we deze wenselijke ontwikkeling door onder andere plaatsen te reserveren voor deelauto’s in onze wijken en dorpen en ons hard te maken voor een kwalitatief deeltweewieleraanbod.
Meer ‘ademruimte’ voor de stad aan de IJssel De historische ligging van Deventer aan de IJssel willen we voorzien van een ruimtelijke structuur die past bij een optimale beleving van dit unieke stukje Nederland. Het maximaal ruimte bieden aan de fietser en voetganger langs de oostzijde van de IJssel en tegelijkertijd kansen geven aan de verdere verdichting van de stad willen we combineren met de aanleg van een extra IJsselbrug aan de noordzijde van de stad (bestemd voor voetgangers, fietsers en gemotoriseerd verkeer). De beoogde ligging in het verlengde van de Roland Holstlaan met aan de westzijde een aantakking op het rijkswegennet (A1/A50) maakt de weg vrij voor een meer ‘ademende’ stad aan de IJssel. De vergaande ruimtelijke consequenties van een dergelijke ingreep en de relatie met de eventuele bypass (extra binnendijkse geul) van de IJssel vragen om een zorgvuldig afwegingsproces met de regiogemeenten en hogere overheden. Met de aanleg van een extra IJsselbrug aan
de noordzijde ontstaat de mogelijkheid om de bestaande Wilhelminabrug verder af te waarderen voor autoverkeer. De ruimte die hierdoor aan beide zijden van de IJssel ontstaat, komt ten goede aan een betere leefkwaliteit langs de provinciale weg N344, in zowel de gemeente Voorst als de historische binnenstad van Deventer.
Parkeren Parkeerbeleid is geen doel op zich, maar een instrument dat kan worden ingezet om de bereikbaarheid van bestaande en nieuwe functies te optimaliseren, de omgeving tegen ongewenste parkeeroverlast te beschermen en de integrale gemeentelijke doelstellingen en ambities te concretiseren. We willen de kwaliteit van de leefomgeving verbeteren. Vrijspelen van parkeerruimte ten gunste van andere functies, kan daaraan bijdragen. De mobiliteitstransitie geeft alternatieven voor privé autogebruik. Het parkeerbeleid gaat over parkeren van auto’s én het stallen van fietsen, waarbij we mensen verleiden per beweging een bewuste mobiliteitskeuze te maken.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Parkeerbeleid is afhankelijk van de omgeving. De aanpak verschilt daarom per zone. In de binnenstad is de meeste regulering noodzakelijk en in de dorpen is weinig tot geen regulering nodig. De insteek hierbij is ‘vrij parkeren als het kan, reguleren als het moet’. Bij ruimtelijke ontwikkelingen wordt een parkeereis gesteld die op actuele, landelijke kencijfers is gebaseerd. Parkeren op eigen terrein is de basiseis om de kans op verhoging van de parkeerdruk in de omgeving te voorkomen. Met name bij inbreiding en ligging bij stations bieden de kengetallen mogelijkheden voor een parkeernorm die - in combinatie met goede fietsvoorzieningen – een ander, duurzamer mobiliteitsgebruik stimuleert.
70
Parkeerbeleid kent ook een duidelijke ondergrens van realisatie voor noodzakelijke doelgroepen, bijvoorbeeld voor minder validen, logistiek en bezorging en deelmobiliteit. Specifiek voor bezoekers aan de binnenstad en recreanten houden we de parkeergelegenheid op orde, om de economische vitaliteit van de gemeente te borgen.
Versterken van de bereikbaarheid over het spoor en het water Deventer heeft de potentie om de functie als (boven)regionaal spoorknooppunt te versterken. Samen met het Rijk zetten we daarom in op de aanleg van onder andere een vierde perron voor intercitystation Deventer voor extra afhandelingscapaciteit. De uitstekende verbindingen voor reizigers naar Zwolle, Enschede, Arnhem-Nijmegen, Amsterdam en Berlijn krijgen hiermee een robuuste impuls. Goederenvervoer per spoor is wat ons betreft ondergeschikt aan dit streven. Onze lobby is erop ingericht om een dedicated verbinding te realiseren via een noordelijke aftakking van de Betuweroute om het toenemende goederenvervoer goed te kunnen faciliteren en door minder dichtbevolkt gebied, zodat het huidige spoor beschikbaar blijft voor personenvervoer. Ook onderdeel van de lobby is de verdubbeling van het spoor tussen Deventer en Zwolle ten behoeve van een robuustere treindienstregeling voor intercitytreinen en aansluiting op de Berlijnlijn. Dit draagt bij aan het versterken van Deventer als bovenregionaal openbaar vervoersknooppunt.
De stationsomgeving is een belangrijke katalysator voor duurzame stedelijke ontwikkeling in de Centrum&Schil en Deventer als geheel. Het belang van overslag op de binnenvaart zal richting de toekomst, onder andere vanwege toenemende goederenstromen in de circulaire economie en congestie op het verkeersnet, naar verwachting stijgen. We zetten in op een goede bereikbaarheid over water, zodat meer watergebonden bedrijven zich in Deventer vestigen en we een bijdrage kunnen leveren aan de circulaire economie. Daarnaast levert vervoer over water een lagere CO2-uitstoot dan vervoer over de weg. De bevaarbaarheid van de rivieren en kanalen is hierbij wel een belangrijke randvoorwaarde. In de regio Stedendriehoek zijn dit de IJssel en het Twentekanaal.
Doorontwikkeling van de Port of Deventer
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
De beroepshaven van Deventer, de Port of Deventer, ligt niet alleen naast de historische binnenstad, maar ook aan de rijksweg A1 en de North Sea Baltic Corridor, één van de verbindingen in het Europese logistiek TEN-T netwerk. De Port of Deventer draagt zorg voor de haveninfrastructuur en bevordert een multimodale bereikbaarheid. Voor een verdere verduurzaming van het goederenvervoer hebben we als gemeente recent geïnvesteerd in de aanleg van een containeroverslag en een extra wachtplaats in de vijfde havenarm. Het zal met het oog op de ambities om het potentieel van de beroepshaven beter te benutten ook nodig zijn om de Prins Bernhardsluis te moderniseren, zodat deze toegankelijk wordt voor de nieuwe generatie binnenvaartschepen. Door de HMC-industrieën in dit gebied te clusteren, ontstaan ook voordelen op het gebied van (gezamenlijke) duurzame energieopwekking en -deling, innovatie en transport van goederen en grondstoffen.
71
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
4.3.5. Themakaart duurzaam en toekomstgericht
72
4.4. GEZONDE LEEFOMGEVING
woonomgevingen met een sterkere vergrijzing en belangrijke voorzieningen zetten we nog zwaarder in op het belang van voetgangers en fietsers en op de beschikbaarheid en toegankelijkheid van openbaar vervoer, zodat mensen mobiel kunnen blijven.
Mentaal welbevinden We willen de fysieke leefomgeving zo indelen en inrichten dat dit bijdraagt aan de mentale gezondheid, het erbij horen, het voorkomen van eenzaamheid en het versterken van de weerbaarheid en het veiligheidsgevoel. Groen, natuur en biodiversiteit (en de beleving daarvan) benutten we als waarden die bijdragen aan de mentale gezondheid. In ruimtelijke ontwikkelingen gaan we zorgvuldig om met het DNA, de bestaande kwaliteiten en identiteit, van een gebied. Dit draagt bij aan het ‘thuisgevoel’ van onze inwoners. We hebben daarbij extra aandacht voor de kwaliteit van de leefomgeving als er sprake is van meer ’hinder/overlast’ voor kwetsbare inwoners met minder keuzemogelijkheden.
Aandacht voor zingeving Het moet voor iedereen mogelijk zijn om zichzelf te ontwikkelen. Kinderen moeten, onafhankelijk van in welke wijk of dorp ze geboren zijn, dezelfde kansen hebben. Daarom sturen we op gemengde wijken en buurten om ontmoeting tussen inwoners met verschillende leefstijlen, leeftijden en opleidingsniveaus te stimuleren. Door een mix van wonen en werken kunnen nieuwe kansen voor inwoners ontstaan.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Verbeteren van de kwaliteit van het leven
73
4.4.1. INLEIDING We sturen op een gezonde leefomgeving en hanteren hiervoor de zes dimensies van positieve gezondheid. We delen en richten de fysieke leefomgeving zo in dat bewegen en gezonde keuzes gestimuleerd worden. We beschermen en stimuleren de veiligheid en gezondheid van inwoners door een afgewogen toedeling van functies aan locaties in de gemeente. Hiermee geven we invulling aan het voorzorgsbeginsel, zoals voorgeschreven in artikel 3.3 van de Omgevingswet. In
Ruimtelijke kwaliteit met aantrekkelijke plekken om te kunnen verblijven dragen bij aan de kwaliteit van leven van onze inwoners en bezoekers. Mede om die reden hechten we veel waarde aan waardevolle groene verblijfsgebieden in de directe woon- en leefomgeving. Het ’Deventer landschap en stad in balans’ is een van de leidende principes van de omgevingsvisie.
Mogelijkheden om mee te doen Door in te zetten op gemengde en gevarieerde buurten wordt samenleven optimaal gestimuleerd en gefaciliteerd. Inwoners ontmoeten elkaar en kunnen meedoen in de samenleving door onderdeel te zijn van sociale netwerken. Maatschappelijke voorzieningen, zoals buurthuizen, speeltuinverenigingen en sportverenigingen zijn belangrijke voorzieningen in de gemeente voor ontmoeting, sociale cohesie, sporten en bewegen.
Dagelijks functioneren We willen de fysieke leefomgeving zo indelen en inrichten dat inwoners goed in hun dagelijkse levensbehoeften kunnen voorzien. Maar ook zo dat naar elkaar omzien (noaberschap) gestimuleerd wordt en waar nodig professionele zorg bereikbaar is. Voor het dagelijks functioneren is het met name voor ouderen belangrijk dat dagelijkse voorzieningen op loop- en fietsafstand bereikbaar zijn of met openbaar vervoer bereikbaar zijn. Zorgvoorzieningen willen we evenwichtig over de gemeente verdelen.
4.4.2. BELEEFBARE VOORZIENINGEN DIE VERBINDEN Een breed voorzieningenaanbod
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Als gemeente vinden we het belangrijk dat er voldoende voorzieningen zijn in de wijken, buurten en dorpen. Dit zijn niet alleen winkels en zorgvoorzieningen, maar ook buurthuizen, speeltuinen, scholen en sportverenigingen. In Deventer zijn ongeveer 30 buurt- en dorpshuizen en speeltuinverenigingen, vijf sporthallen en tien sportparken. Maar voor sommige voorzieningen is er een tekort aan ruimte, zoals voor kinderopvang. Een belangrijk uitgangspunt is dat de ‘basis op orde’ is bij deze voorzieningen: de financiën, voldoende bestuurders, exploitatie en vrijwilligers.
74
Samen met ouders en maatschappelijke partners in kinderopvang, welzijn, jeugdhulp, zorg en sport, helpen onderwijsprofessionals kinderen en jongeren opgroeien tot verantwoordelijke volwassenen die actief meedoen in onze samenleving. Goed onderwijs, vraagt om goede (gebouwde) voorzieningen, zoals schoolgebouwen, sportvoorzieningen en een goed ingerichte buitenruimte, niet alleen nu, maar ook in de toekomst. Gemeente en schoolbesturen staan hier samen voor aan de lat. Dat doen we volgens de 5 pijlers: (1) Goede en passende gebouwen voor ieder kind en iedere jongere, het liefst in de eigen wijk of in het eigen dorp. (2) Elke school is ook een kansrijke ontmoetingsplek. (3)
Schoolgebouwen maken het onderwijs van nu en morgen mogelijk. (4) Schoolgebouwen zijn duurzaam en gezond. (5) Gemeente en schoolbesturen werken slim samen. Dit betekent onder andere gebiedsgericht programmeren en meerjarig met elkaar kijken naar de opgave. De gemeente ondersteunt initiatieven die het voor inwoners mogelijk maken om circulair te handelen. Circulair handelen betekent spullen delen, lenen, ruilen, huren, repareren of doneren. Zo zijn er deeltuinen, deelauto’s en circulaire hubs waar men terecht kan voor de inname en verkoop van tweedehands spullen en reparatie, zoals dat kan bij de repaircafés en het Circulair Ambachtcentrum. Deze plekken dragen bij aan verbinding in de buurt.
Maatschappelijke voorzieningen op maat
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
In elke wijk en in elk dorp beschrijft een sociale agenda de activiteiten die aansluiten bij de behoeften van de wijk of het dorp. Elke wijk en elk dorp in Deventer is anders, daarom gebruiken we geen blauwdruk, maar zetten we in op maatwerk. We gebruiken een monitor om een goede analyse van de wijk of het dorp te maken. Met deze analyse kunnen we, op sociaal gebied, maatwerk bieden in elke wijk en elk dorp. Als gemeente ondersteunen we buurt- en dorpshuizen en speeltuinverenigingen met subsidie, huisvesting en samenwerkingen. Het beleidskader ‘Goede voorzieningen in de buurt’ geeft hier richting aan. We werken aan het vitaler maken van sportverenigingen, zodat deze toekomstbestendig zijn en kunnen bijdragen aan maatschappelijke thema's. Ook stimuleren we samenwerking en het clusteren van (sport)voorzieningen, zodat we deze plekken beter kunnen benutten.
75
We streven naar een volwaardig en passend voorzieningenniveau voor nu en in de toekomst. Het voorzieningenniveau groeit mee met het aantal inwoners. We sturen actief om het voorzieningenniveau op peil te houden en zorgen dat er voldoende maatschappelijke voorzieningen zijn en deze ook nabij aanwezig zijn. Vanuit gemeentelijke voorzieningen zoals onderwijshuisvesting, combineren we functies op een ruimtelijk efficiënte manier. De voorzieningen dragen bij aan de (mentale en fysieke) gezondheid van inwoners, het laagdrempelig ontmoeten, recreëren en bieden ondersteuningsmogelijkheden. We werken aan voorzieningen op stad-, wijk- en dorpsniveau. We versterken en zorgen zoveel mogelijk voor voldoende huisartsenzorg, tandzorg, kinderopvang en fysiotherapie in de nabijheid van elke
inwoner. We voeren geen actief beleid op initiatieven, maar hanteren maatwerk en zijn (zeer) terughoudend met transformaties waarbij ruimte voor maatschappelijke voorzieningen verloren gaat. Bij gebiedsontwikkelingen en woningbouw houden we bij de programmering rekening met de (groeiende) behoefte aan de genoemde maatschappelijke voorzieningen, waaronder onderwijshuisvesting.
Commerciële voorzieningen in de binnenstad, wijk-, buurt- en dorpscentra Ook commerciële voorzieningen, zoals horeca en detailhandel spelen een essentiële rol in het dagelijks leven van onze inwoners en bezoekers en zijn in grote mate bepalend voor de beleving en uitstraling van de Deventer binnenstad, de wijkcentra en de dorpskernen. Ze zorgen naast een basisbehoefte en de nodige werkgelegenheid voor levendigheid, bieden ontmoetingsplekken en versterken de economische structuur van onze gemeente. Tegelijkertijd staan deze sectoren onder druk door ontwikkelingen, zoals online winkelen, veranderend consumentengedrag, stijgende kosten en personeelstekorten. Ook opgaven rond duurzaamheid, bereikbaarheid en ruimtegebruik vragen om een heldere koers. In de wijk-, buurt- en dorpscentra bieden we ruimte voor de ontwikkeling en vernieuwing van de commerciële voorzieningen. Hiervoor werken we flexibeler beleid nader uit. We streven naar het op peil houden van het commerciële
voorzieningenniveau en het zoveel mogelijk behouden van de ‘pantoffelafstand’ door het beschermen van de fijnmazige structuur. Gezien de marktontwikkelingen is dit een stevige opgave. Bij woningbouwontwikkelingen zal steeds goed gekeken moeten worden waar deze (nieuwe) bewoners terecht kunnen voor hun voorzieningenbehoefte. De voorkeur gaat uit naar het versterken van de bestaande wijk-, buurt en dorpscentra. Als dit vanwege een gebrek aan (uitbreidings)ruimte bij de bestaande centra, een te grote afstand of te groot wordende (parkeer)druk niet mogelijk of wenselijk is, moet het eventueel creëren van een nieuw winkel- of voorzieningencluster onderzocht worden. Dit mag er niet toe leiden dat bestaande centra, die als essentieel voor het functioneren van de (hoofd)structuur worden beschouwd, omvallen.
Perifere werklocaties, die in de woonwijken zijn gevestigd dragen bij aan de levendigheid en de sociale veiligheid in de wijk en stelt mensen in staat om op korte afstand van hun woning te werken. Denk hierbij aan dienstverleners, kleinschalige (reparatie)bedrijven, vrijetijdsvoorzieningen of ateliers. Daarom is er in de woongebieden ook ruimte voor deze functies, mits ze goed ingepast kunnen worden en niet ontwrichtend zijn voor het functioneren van de hoofdstructuur.
Daarom hebben we de ambitie op gebied van leisure om de (economische) impact hiervan op een positieve en passende manier te laten groeien. Hierbij wordt gelet op welke marktruimte er is voor nieuwe leisureconcepten en op welke locaties deze kunnen landen. Dit kan niet overal in onze gemeente. We focussen ons bij leisure dan ook op vier gebieden, namelijk de binnenstad, het Havenkwartier, de Leisurezone Holterweg en het buitengebied. We kiezen bewust voor deze locaties, omdat de afzetmarkt niet oneindig is. We grijpen dit aan als kans om in te zetten op een zo aantrekkelijke mogelijke mix van functies met aandacht voor uitbreiding van typen horeca, detailhandel en leisure, die ook nieuwe doelgroepen, zoals de creatieve stedeling aanspreekt.
Verbreding van het leisure-aanbod
Groei van de centrumfuncties
Met de groei van het aantal inwoners zal ook de vraag naar detailhandel, horeca en leisure in Deventer groeien. Leisure is een breed begrip welke grofweg is onder te verdelen in:
De ontwikkeling van de ‘schil’ rondom de historische binnenstad, met onder andere het Sluiskwartier, stadscampus De Kien en de werkgebieden in ontwikkeling, biedt kansen voor de groei van de centrumfunctie; de binnenstad naar buiten. In de wijken blijven wijk-, buurt-, en dorpscentra de aangewezen plek voor het toevoegen van nieuwe horeca en detailhandel. Als er sprake is van een toevoeging dan wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met een voldoende en passend aanbod voor de beoogde doelgroep van de nieuwbouwlocatie en die van de nabije omgeving.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Werken in de woonwijken
76
commerciële sport, gezondheid en avontuur (denk vooral aan klim- en boulderhallen, trampoline- en skateparken en indoor skihallen). Behalve het sport- en belevingscentrum De Scheg en de boulderhal in het Havenkwartier is het huidige aanbod kleinschalig. We willen dit aanbod uitbreiden naar een (middel-) groot aanbod op leisuregebied. Gelet op de algemene doelstelling om ook studenten en creatieve stedelingen aan onze gemeente te binden moet het leisureaanbod ook daarop gericht zijn. Een toename van het leisureaanbod trekt, naast eigen inwoners, ook meer toeristen aan uit de regio wat goed is voor de lokale economie.
1.
Musea en bezienswaardigheden
2.
Cultuur
3.
Vermaak
4.
Sport, gezondheid en avontuur
Ook onderscheidende horecaformules en horecaconcepten behoren tot de leisuremarkt. In dit onderdeel is de focus vooral op vermaak (denk aan indoorspeelparadijzen, escaperooms, paintball, entertainmentcenters) en
Ook met de groei van Deventer blijft het een vereiste dat dagelijkse boodschappen, een kopje koffie, en een lekkere lunch in de nabijheid (in de binnenstad of een wijk-, buurt- of dorpscentrum) kunnen worden gekocht. Naast gemak en behoud van de lokale leefbaarheid heeft het als bijkomend voordeel dat men hiervoor meestal te voet of met de fiets gaat.
Grootschalige detailhandel We bieden ruimte aan grootschalige- en volumineuze detailhandelsvestigingen die aansluiten op de vraag vanuit de (groeiende) lokale markt en vastgoedwensen van ondernemers. Deze ruimte bieden we zo veel mogelijk op de bestaande concentratielocaties de Boreel (GDV) en het Runshoppingcentre De Snipperling (grootschalige PDV). Voor volumineuze detailhandelsvestigingen die niet terecht kunnen op het Runshoppingcenter houden we ook de bestaande vestigingsmogelijkheden langs enkele Deventer uitvalswegen in stand. Dit is simpelweg noodzakelijk aangezien niet alle PDV-winkels, gelet op de beschikbare ruimte, kunnen landen op RSC De Snipperling. In bijzondere gevallen is ook de toevoeging hiervan buiten de hoofdstructuur en in ontwikkelingsgebieden mogelijk, mits dit een aantoonbare meerwaarde oplevert aan de detailhandelsstructuur en de consumentenverzorging (bereikbaarheid van deze voorzieningen en verrijking van het aanbod). Zoals het geval bij de bouwmarkt in Borgele en het tuincentrum langs de N348. Dit is altijd maatwerk.
Toeristische aantrekkingskracht van Deventer Deventer heeft een grote aantrekkingskracht voor zowel toeristen als eigen inwoners. De historische binnenstad vormt een uniek decor van hoge kwaliteit en ook het omliggende buitengebied biedt volop mogelijkheden voor recreatie. Jaarlijks trekken evenementen met landelijke bekendheid veel bezoekers naar de stad wat bijdraagt aan de bekendheid van Deventer als toeristische bestemming.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Het jaarlijkse aantal toeristische bezoeken ligt tussen de 2 en 2,5 miljoen. Dit is exclusief buitenlandse bezoekers omdat hiervan het exacte aantal niet bekend is. We hebben als doel deze bezoekersstromen beter te spreiden en de verblijfsduur te verlengen, zodat ook de lokale economie profiteert van hogere bestedingen.
77
Een veelzijdig en kwalitatief aanbod verblijfsaccommodaties Het overnachtingsaanbod in Deventer is de afgelopen jaren in kwaliteit én diversiteit stevig ontwikkeld. Maar ook het aantal overnachtingen is aanzienlijk gestegen: van ruim 180.000 in 2019 naar meer dan 300.000 in 2024. Van kleinschalige hotels in het centrum tot grootschalige hotels nabij de A1 en van hotelappartementen in de binnenstad tot plattelandskamers in het buitengebied.
Zoals gezegd zetten we in op gematigde groei van de vrijetijdseconomie in Deventer. Dit geldt ook voor verblijfsaccommodaties. De groei van het aantal bezoekers aan Deventer en het aantal overnachtingen faciliteren we op een dusdanige wijze dat er een gezonde balans bestaat tussen toerisme en leefbaarheid voor onze inwoners, zowel in de stad als in het buitengebied. We zetten in op kwaliteit en langer verblijf. Door de ontwikkeling van de grootschalige hotels (meer dan 25 kamers), met ook veel zakelijke overnachtingen, lijkt de markt voor grootschalige hotels in onze gemeente (voorlopig) verzadigd. Voor kleinschalig hotelaanbod (minder dan 25 kamers), met concepten die iets toevoegen ten opzichte van het huidige aanbod, is nog wel enige ruimte, met name in de binnenstad, de schil rondom de binnenstad, de dorpen en het buitengebied. In iedere woning in onze gemeente is het daarnaast mogelijk om onder bepaalde voorwaarden een Bed&Breakfast aan te bieden. Dit is weer een andere vorm van een verblijfsaccommodatie die in een behoefte voorziet. Het aantal aanbieders schommelt tussen de 80 en 100 (2024). Op dit moment is dit kleinschalige particuliere aanbod dat via verschillende online platforms wordt aangeboden nog geen punt van zorg of aandacht. We blijven het aanbod scherp in de gaten houden met het oog op ongewenste concurrentie en impact op de leefbaarheid in wijken en straten.
Als het nodig is, komen we met aanvullende regelgeving hiervoor.
Recreatie en toerisme van de binnenstad tot in het buitengebied en de dorpen Een belangrijke ambitie is het versterken van de wisselwerking tussen de binnenstad en het buitengebied inclusief de dorpen. Via samenwerkingen met Deventer Marketing, Hanzesteden Marketing en Salland Marketing werken we aan een integrale benadering van de toeristische promotie. We profileren ons als Hanzestad aan de IJssel, verbonden met het Sallandse platteland, waar eveneens kansen liggen voor recreatieve groei. We ondersteunen initiatieven die bijdragen aan een gevarieerd aanbod van verblijfsmogelijkheden in en rond Deventer. Daarnaast investeren we in de verbetering van routestructuren, zoals het Wandel- en Fietsnetwerk Salland. Hoewel deze netwerken goed functioneren, zijn er nog ‘witte vlekken’ die, als de mogelijkheden zich voordoen, worden aangepakt om de beleving verder te verhogen. Door deze in kaart te brengen en budget beschikbaar te stellen, wordt het netwerk steeds aantrekkelijker voor bezoekers.
4.4.3. ZORGEN VOOR JEZELF EN VOOR ELKAAR Naoberschap In Deventer vinden we het belangrijk dat iedereen meetelt en actief kan deelnemen aan de samenleving. We verwachten van onze inwoners dat zij zoveel mogelijk zelfredzaam zijn en naar vermogen bijdragen. In de wijken en buurten streven we naar een goede balans tussen mensen die (tijdelijk) extra ondersteuning nodig hebben (vragers) en mensen die zelfredzaam en instaat zijn anderen te ondersteunen (dragers). Dit noemen we ‘noaberschap’. Noaberschap is kenmerkend voor Deventer, maar staat onder druk door vergrijzing. Vooral in de woongebieden groeit de behoefte aan onderlinge betrokkenheid. Door samen kleine dingen voor elkaar te doen, vermindert de druk op professionele zorg. Daarom zetten we sterker in op het bevorderen van de sociale cohesie, zodat omkijken naar elkaar en het noaberschap terugkeert in de wijken.
Een verbonden samenleving
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
We richten de woongebieden zo in dat er meer menging ontstaat tussen de verschillende doelgroepen. Dit komt tot uiting in woningtypen, voorzieningen en de inrichting van de openbare ruimte, met voldoende plekken om elkaar te ontmoeten en te bewegen in een groene omgeving. Ontmoeting vormt de basis voor een prettige samenleving: het brengt mensen samen en stimuleert wederzijdse hulp, bijvoorbeeld tussen jong en oud.
78
Woonbuurten en de openbare ruimte zijn schoon, veilig, toegankelijk, uitnodigend en goed onderhouden. Zo voelen mensen zich verbonden en gestimuleerd om mee te doen, te bewegen, te ontspannen en elkaar te ontmoeten. De inrichting van de woonomgeving is ook van invloed op de herkenbaarheid en identiteit van buurten. Daarom zoeken we actief naar wat bewoners en generaties verbindt om de binding van bewoners met de buurt te versterken en uit te nodigen tot deelname aan de samenleving. Naast het stimuleren van ontmoeting en bewegen in de openbare ruimte gaan we preventief sturen op gezonde keuzes.
Een passende woning voor iedereen Daarnaast zorgen we voor voldoende en toegankelijke zorg, zodat mensen langer thuis kunnen blijven wonen. Een passende woning en woonomgeving met ruimte voor ontmoeting en mogelijkheden voor (pré-)mantelzorg zijn essentieel. Een belangrijk uitgangspunt van de Woonvisie is de ‘ongedeelde en inclusieve samenleving’. Dit betekent een gemengde bevolkingssamenstelling naar leeftijd en sociaaleconomische status op wijk- en dorpsniveau. We streven naar een samenleving waarin iedereen naar eigen vermogen mee kan doen en elkaar kan ontmoeten. Een gevarieerd woningaanbod maakt het mogelijk om binnen de eigen wijk of dorp een wooncarrière op te bouwen.
Bevorderen van welzijn en gezondheid We willen dat al onze inwoners prettig kunnen wonen in hun wijk of dorp, ongeacht de leeftijd. Deventer moet een duurzame samenleving zijn waarin iedereen een plek heeft, kinderen veilig opgroeien, inwoners zich betrokken voelen en gezond oud kunnen worden. Zelfredzaamheid en participatie blijven belangrijke uitgangspunten. Een goede woning en woonomgeving dragen hieraan bij en bevorderen welzijn en gezondheid.
POSITIEVE GEZONDHEID Lichaamsfuncties: Dit gaat over hoe gezond en fit je je voelt. Het omvat aspecten zoals je energieniveau, lichamelijke klachten, slaap en eetgewoonten. Mentaal welbevinden: Dit heeft betrekking op je emoties en gedachten. Het gaat over hoe je je voelt, hoe je met stress omgaat en hoe je concentratie is. Zingeving: Dit gaat over het hebben van doelen, betekenis en vertrouwen in de toekomst. Het gaat over de vraag of je 's ochtends zin hebt om op te staan en of je doelen hebt om naartoe te werken. Kwaliteit van leven: Dit heeft betrekking op hoe tevreden je bent met je leven en of je ervan geniet. Het gaat om de balans tussen werk en vrije tijd, en of je je prettig voelt in je omgeving. Meedoen: Dit gaat over sociale contacten en het gevoel ergens bij te horen. Het gaat om het hebben van vrienden, familie, of andere sociale contacten. Dagelijks functioneren: Dit gaat over je vermogen om voor jezelf te zorgen en je dagelijkse taken uit te voeren. Het gaat over hoe
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
zelfstandig je bent in het huishouden, boodschappen doen, etc.
79
4.4.4. GEZONDHEIDSBESCHERMING Een gezonde samenleving en leefomgeving Voor een gezondere samenleving staat het beschermen van de leefomgeving voorop. De leefomgeving wordt beïnvloed door verschillende milieuaspecten, zoals luchtkwaliteit, bodemkwaliteit, geluid, trillingen, geur, straling en externe veiligheid. De Omgevingswet regelt voor deze milieuaspecten de randvoorwaarden voor de bescherming en geeft regels ten aanzien van ontwikkelingen. Wij zorgen ervoor dat nadelige effecten op het milieu en op mensen bij ontwikkelingen zo veel mogelijk worden voorkomen of beperkt om zo een gezonde leefomgeving te creëren. Daarnaast zetten we in op het bevorderen van gezondheidsvaardigheden door het creëren van een gezonde fysieke leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag en beschermt tegen negatieve invloeden. We leggen de focus op het bevorderen van een gezonde leefstijl en het verkleinen van gezondheidsachterstanden, door het stimuleren van het maken van gezonde keuzes, voldoende lichaamsbeweging, aanpak van eenzaamheid, aanpak overgewicht, vitaal ouder worden, een dementievriendelijke openbare ruimte en een gezonde fysieke leefomgeving.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
De manier waarop de openbare ruimte is ingericht, heeft directe invloed op de voedselkeuzes die wij dagelijks maken. Een integrale benadering vanuit zowel het sociale als fysieke domein is van belang voor een gezondere generatie en een samenleving waarin iedereen de kans krijgt om gezond op te groeien en te leven. We willen het aanbod en de promotie van ongezonde producten verminderen overal om ons heen – in de supermarkt, op straat en op plekken waar veel kinderen komen.
80
Wij blijven ons inzetten voor een leefomgeving die uitnodigt tot bewegen, spelen, ontmoeten en het maken van gezonde keuzes (gezondheidsbevordering) en die gezondheidsrisico’s beperkt door o.a. meer groen, schaduw, veilige wandel- en fietspaden (gezondheidsbescherming). Binnen de kaders van geldende wet- en regelgeving, gaan we werken aan de uitwerking van onder andere de volgende thema’s:
›
Stimuleren van gezonde voedingsaanbieders in de omgeving van scholen, en het terugdringen van aanbieders die ongezonde producten verkopen.
›
Beperken van reclame-uitingen voor alcohol, met als doel het verminderen van blootstelling, vooral onder jongeren.
›
Vergroten van het aantal rookvrije zones, om een gezondere leefomgeving te bevorderen.
De Omgevingswet heeft onder meer als doel de gezonde fysieke leefomgeving waaronder bovengenoemde milieuaspecten lokaal te regelen. Het omgevingsplan bevat lokale regels ter bescherming van de leefomgeving, en geeft daarmee de mogelijkheid om ambitieus milieubeleid vorm te geven. Wij willen van die mogelijkheid gebruik maken. Nieuwe plannen worden vervolgens aan deze regels getoetst via het omgevingsplan. Waar nodig of gewenst kiezen we voor strengere regels en een ambitieuzer milieubeleid dan landelijk vereist, wat bijdraagt aan een gezondere leefomgeving. We zetten daarbij in op de volgende uitgangspunten: het voorzorgsbeginsel, het beginsel van preventief handelen, het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron bestreden moeten worden.
Luchtkwaliteit: Sturen op schonere lucht en gezondheidswinst Deventer doet mee aan het Schone Lucht Akkoord (SLA). Voor luchtkwaliteit streven we conform bestaand beleid naar het bereiken van de advieswaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie en sturen op een gezondheidswinst van minimaal 50% in 2030 ten opzichte van 2016 als gevolg van Nederlandse bronnen. Dit is een behoorlijk ambitieuze doelstelling en gaat verder dan de wettelijke grenswaarden. Elk jaar wordt de voortgang van SLA-projecten en -maatregelen gemonitord met het ‘Uitvoeringsplan SLA’ en opnieuw vastgesteld. Op dit moment werken we aan het opzetten van een monitoringsnetwerk om de luchtkwaliteit in Deventer met lokale (indicatieve) metingen te monitoren. In 2028 voeren we een nul-emissiezone in voor stadslogistiek voor de Binnenstad. De verdere verduurzaming van vervoer en het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving dragen ook bij aan verbetering van de luchtkwaliteit. Houtstook is een belangrijke bron van luchtverontreiniging, vooral door de uitstoot
van fijnstof (PM2,5). We kiezen (nog) niet voor het verbieden van houtstook, maar voor samen werken aan bewustwording en toe werken naar een geleidelijke verbetering. Ook zijn we terughoudend met het toestaan van biomassa verbrandingsinstallaties bij bedrijven of warmtenetten.
Geur: minder geurhinder door emissies van industriële bedrijven Recent is de ‘Handreiking Geur Industrie 2025’ opgesteld. Dit biedt handvatten om een aanvaardbaar niveau van geurhinder te bepalen en vormt input voor het toekomstige omgevingsplan. Daarbij houden we ook rekening met het provinciale geurbeleid. Onze ambitie is om geen nieuwe geurhinder door industriële bronnen toe te staan. Op Bergweide en Kloosterlanden is al vastgelegd dat er geen nieuwe geurbronnen worden toegestaan met een VNG-richtafstand van meer dan 100 meter. We continueren dit beleid. Tevens willen we actief sturen op het verminderen van geurhinder door industriële emissies. Dit doen we door nieuwe activiteiten met een hoog geurpotentieel op Bergweide en Kloosterlanden te beperken en bestaande bedrijven aan te zetten tot het terugdringen van geuruitstoot. Ook willen we geurregels uitwerken in het omgevingsplan. Voor geur afkomstig van agrarische activiteiten volgen we de landelijke beleidsontwikkelingen.
ONTWERP-OMGEVINGSVISIE GEMEENTE DEVENTER
Het opstellen van een beoordelingskader en het terugdringen van geurhinder door industriële emissies zijn voorbeelden van ambitieus milieubeleid.
81
Spuitzones: beschermen van woningen of andere gevoelige functies Bij het projecteren van nieuwe woningen of andere gevoelige functies houden we in de buurt van agrarische activiteiten rekening met spuitzones of spuitvrije zones voor gewasbeschermingsmiddelen. We volgen de landelijke inzichten en beleidsontwikkelingen op dit onderwerp. Structurele aandacht voor dit onderwerp willen we verder uitwerken en voor de mogelijkheden voor regulering op dit punt onderzoeken.
Omgevingsveiligheid We willen het bestaande beleid voor omgevingsveiligheid in Deventer tenminste consolideren en onderzoeken hoe we dit kunnen vastleggen in het Omgevingsplan. De Omgevingswet biedt de mogelijkheid om risico’s van incidenten te reguleren, toelatingsbeleid te voeren voor nieuwe risicobronnen nabij kwetsbare gebouwen en vice versa, waar nodig voorschriftengebieden vast te stellen en aanvullende voorwaarden op te nemen voor nieuwe woningen of kwetsbare functies in risicoaandachtsgebieden. Risico’s van branden, explosies en gifwolken door incidenten met gevaarlijke stoffen beperken we door onacceptabele situaties te voorkomen. Denk aan risico’s door rangeeractiviteiten met gevaarlijke stoffen bij station Deventer of transport over hoofdspoorwegen. We weren nieuwe risicobronnen uit woongebieden en voorkomen de vestiging van zeer kwetsbare gebouwen in risicoaandachtsgebieden. Bij ontwerp houden we zoveel mogelijk afstand tot risicobronnen en richten vluchtwegen van de bron af. Daarnaast zorgen we voor duidelijke risicocommunicatie en handelingsperspectieven voor bewoners. Waar nodig treffen we bouwkundige maatregelen om de veiligheid te vergroten. Onder de Omgevingswet geldt voor bepaalde milieubelastende activiteiten nu ook de verplichting om aandachtsgebieden voor externe veiligheid (onder de Omgevingswet vallend onder: “omgevingsveiligheid”) vast te stellen.
Deze kunnen aanleiding geven tot het aanwijzen van voorschriftengebieden in het omgevingsplan. Voor zeer kwetsbare gebouwen is dit zelfs verplicht. We willen nu ook deze voorschriftengebieden vast gaan leggen. Bij initiatieven met (beperkt) kwetsbare gebouwen of locaties in de buurt van risicobronnen houden we rekening met deze aandachts- en voorschriftengebieden. We sturen erop dat er geen nieuwe zeer kwetsbare gebouwen komen in risicoaandachtsgebieden. In geval van blootstelling aan hoge veiligheidsrisico's kunnen voor de realisatie van nieuwe woningen of kwetsbare functies aanvullende voorwaarden opgenomen worden in het omgevingsplan. Als gemeente kunnen we vanwege risico's extra eisen stellen aan bouwdichtheid (aantal woningen), gebouwindeling, gebouworiëntatie, vluchtroutes, isolatie, brandwerendheid of explosieveilig glas. Het is ons voornemen dit te gaan doen.
Geluid: tegengaan van geluidhinder Minder dan landelijk toegestaan We streven ernaar dat er minder geluidsoverlast wordt veroorzaakt dan landelijk toegestaan bij geluidgevoelige gebouwen voor nieuwe en gewijzigde situaties bij wegen, spoor, (zware) industrie en milieubelastende activiteiten die veel geluid veroorzaken. Zo hechten we extra belang aan de aanwezigheid van geluidluwe gevels, geluidluwe plekken, gebouwindeling of geluidwering van de gebouwschil. De Omgevingswet biedt de mogelijkheid hier regels over op te nemen in het Omgevingsplan. Geluid door milieubelastende activiteiten Met het oog op de bescherming van de gezondheid willen we het beschermingsniveau voor geluid aanpassen aan het gebiedstype. Zo kunnen we de bestaande akoestische kwaliteit van een gebied beter beschermen. Uiteraard houden we ons daarbij aan landelijke verplichtingen rondom aanvaardbaar geluid. Milieubelastende activiteiten zijn aangewezen activiteiten die vóór het vaststellen van het definitieve omgevingsplan nog gereguleerd zijn in het ‘tijdelijke omgevingsplan’. We willen milieubelastende activiteiten die veel geluid veroorzaken, zoals garagebedrijven, horecabedrijven of industriële bedrijven gebiedsspecifiek gaan reguleren in het omgevingsplan.