2025-473 Perspectiefnota 2026-2029
Tekst van het document
Doorbraken zijn nodig om uitdagingen zoals de gevolgen van vergrijzing en armoede aan te pakken. Verdere samenwerking en procesoptimalisatie zijn essentieel voor een effectieve integrale toegang. Dit vraagt om aanzienlijke inspanningen en middelen. Bestaanszekerheid omvat basisbehoeften zoals inkomen, wonen, onderwijs, werk en zorg, die essentieel zijn om mee te doen in de samenleving. Deze komen steeds meer onder druk te staan door stijgende kosten en onvoldoende loonontwikkeling. Daardoor raken mensen soms in financiële problemen en voelen zij zich genoodzaakt om meer dan 40 uur per week te gaan werken of ligt de verleiding tot criminaliteit op de loer. Vooral kwetsbare groepen, zoals ouderen en mensen zonder of met beperkte arbeidspotentie, worden hierdoor geraakt. Hoewel de meeste inwoners goed worden geholpen, kan de geboden zorg en ondersteuning beter aansluiten bij hun werkelijke behoeften. Dit komt door een gebrek aan afstemming tussen verschillende vormen van hulpaanbod, wat leidt tot inadequate hulp en onnodige kosten. We kunnen meer integraal werken en dichter bij de inwoners.
Door verschillende maatschappelijke functies in een school te combineren, laagdrempelige inloopvoorzieningen in de wijken te creëren en het afstemmen in het huishouden van diverse ondersteuningsvormen (WMO-zorg schuldhulpverlening, veiligheid, jeugdzorg en meer), zo kunnen we passende zorg en ondersteuning bieden. Er moet ook aandacht zijn voor duurzaamheid en inclusiviteit, met beleid dat rekening houdt met de impact van klimaatverandering op gezondheid en welzijn, en maatregelen om kwetsbare groepen te ondersteunen. Inclusiviteit betekent aandacht voor diversiteit en gelijke kansen voor iedereen. Met een meer integraal beleid kan de bestaanszekerheid nog verder worden versterkt door onder andere meer betaalbare woningen te realiseren en inwoners met beperkte arbeidspotentie maatschappelijk te activeren, bijvoorbeeld via basisbanen.
24
5.2 Inclusieve samenleving De gemeente Deventer streeft naar sociale samenhang, waarbij alle inwoners zich thuis voelen, kunnen participeren en bijdragen aan de samenleving. Uitsluiting op basis van afkomst, gender, handicap, religie, seksuele geaardheid of psychische kwetsbaarheid wordt niet geaccepteerd. Sociale samenhang bevordert welzijn en gezondheid en vermindert polarisatie en spanningen. De uitvoering van het beleidskader Diversiteit en Inclusie ligt op koers, met samenwerking op educatie, zichtbaarheid, en toegankelijkheid. Er zijn echter knelpunten op specifieke doelgroepen en voorzieningen, zoals lange wachttijden en doorstroom voor maatschappelijke opvang waarbij de doelstelling voor 2025 niet wordt behaald. Om dit aan te pakken, zijn haalbaarheidsonderzoeken gestart voor regionale zorgvoorzieningen voor inwoners met psychische en/of verslavingsproblemen of dakloosheid, en voor woonvoorzieningen voor mensen met complexe psychosociale problemen. Bij de opvang en ondersteuning van vluchtelingen, heeft de gemeente Deventer tot nu toe een voornamelijk operationele aanpak gehanteerd, wat leidde tot ad hoc beslissingen rond locaties, zorg en ondersteuning. Het college heeft opdracht gegeven om een strategisch beleidskader voor huisvesting en opvang van vluchtelingen te ontwikkelen, met een integrale lange termijnvisie.
5.3 Veiligheid Een veilig, rechtvaardig en weerbaar Deventer voor onze inwoners, ondernemers en bezoekers. Daar werken wij aan. Een belangrijk thema voor de komende jaren is het vergroten van weerbaarheid en veerkracht. We willen inwoners, bedrijven en de eigen organisatie weerbaarder maken tegen verstoringen van de (digitale) infrastructuur. Dit vereist een programmatische aanpak met veel interne en externe partners, waarbij de gemeente, Veiligheidsregio en het Rijk een belangrijke rol spelen. 5.3.1 Regie op openbare orde en veiligheid We krijgen steeds meer verantwoordelijkheden op het gebied van openbare orde en veiligheid. Zo neemt de gemeente de controles van coffeeshops en sekswerkbedrijven over van de politie, en hebben boa's sinds kort ook de mogelijkheid om te handhaven op kleine verkeersovertredingen. Het openbaar ministerie heeft een nieuw selectiviteitskader vastgesteld om de beperkte capaciteit in de strafrechtketen effectief in te zetten, hierdoor wordt vaker voor een bestuurlijk traject gekozen dan voor een strafrechtelijk traject. Mede hierdoor is een toename te zien in bestuursrechtelijke interventies (drugsfeiten en strafbare gedragingen openbare orde en veiligheid), maar de zaken zijn ook complexer geworden. Dit leidt, bij het oppakken van alle door de politie voor bestuurlijke handhaving aangedragen zaken, tot een tekort aan handhavingsjuristen.
De inzet van extra middelen hiervoor hebben een direct positief effect op de openbare orde en veiligheid en de leefomgeving van omwonenden. Inmiddels is de vraag voor extra middelen actueel en vraagt dit structureel €115.00 (1 Fte handhaving jurist).
25
Nieuw beleid bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving 7
Uitbreiding capaciteit handhavingsjurist
Programma
2026
2027
2028
2029
2
-115
-115
-115
-115
5.3.2 Weerbaarheid en veerkracht De verslechterende internationale veiligheidssituatie en toenemende kans op natuurrampen en verstoringen van de (digitale) infrastructuur vereisen een gezamenlijke aanpak van de hele samenleving. De gemeente Deventer wil inwoners, organisaties en zichzelf weerbaarder maken tegen deze dreigingen. Recente crises hebben aangetoond dat inwoners en organisaties graag helpen, maar de samenwerking met de overheid kan beter. Het vergroten van de maatschappelijke weerbaarheid is een meerjarige opgave, een die bij het opstellen van de strategische veiligheidsagenda nog niet was voorzien. Dit vraagt om extra capaciteit en middelen, waarvoor €125.000 per jaar wordt gevraagd voor 2026 en 2027. Nieuw beleid bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving 8
Programma weerbaarheid en veerkracht
Programma
2026
2027
2
-125
-125
2028
2029
5.4 Bestaanszekerheid De gemeente wil de bestaanszekerheid vergroten door het bieden van inkomenszekerheid door uitkeringen en in te zetten op armoedebestrijding en schuldenpreventie, waarmee we armoede verminderen en schulden voorkomen. Wij leiden actief inwoners naar opleiding, werk en maatschappelijke participatie. Goede opvang en integratie van asielzoekers en statushouders zien wij daar als onderdeel van. 5.4.1 Armoedebestrijding en schuldenpreventie De doelstelling van het minimabeleid is om inwoners te helpen hun geldzorgen te verminderen, zodat ze beter kunnen deelnemen aan de samenleving. We ondersteunen inwoners met financiële zorgen door middel van minimaregelingen en schuldregelen. Het Rijk heeft maatregelen genomen zoals het verhogen van het minimumloon en toeslagen, wat een positief effect heeft op de inkomens. Onderzoek van NIBUD toont aan dat alle onderzochte groepen hun basiskosten kunnen betalen, mits ze gebruik maken van alle regelingen en geen extra noodzakelijke kosten hebben. Echter, de stress die mensen ervaren door langdurig leven op een minimuminkomen neemt toe. De implementatie van het ambitieuze beleidskader voor ondersteuning en geldzorgen is nog gaande. We verwachten dat het bereik van de doelgroepen zal toenemen, waardoor we meer mensen beter kunnen ondersteunen.
Onze minimaregelingen worden al vele jaren uitgevoerd en vereisen onderhoud om effectief in te spelen op maatschappelijke ontwikkelingen en onderzoekinzichten. Een belangrijk aandachtspunt is dat het gelijk trekken van regelingen de uitvoering vergemakkelijkt. We blijven echter afhankelijk van het rijksbeleid. Vanuit dit onderhoud zijn aanvullende middelen nodig voor:
26
• •
De voortzetting van de individuele inkomenstoeslag (IIT), €270.000 Het gelijktrekken van de vermogensgrens bijzondere bijstand met die van de participatiewet, €200.000; • De versoepeling van de leenbijstand duurzame gebruiksgoederen, €40.000; • Het openstellen van de meedoenregeling bij Rechtop €20.000 en St. Leergeld €100.000 voor inwoners in een schuldregeling; • Het verlagen van de inkomensgrens Rechtop naar 130% en het afschaffen van staffels, €20.000. • De uitvoering van Geldfit, €45.000. Voor alle posten behalve het voortzetten van de IIT is dekking in de reguliere begroting. Inwoners moeten zelf de regelingen aanvragen waar ze recht op hebben. We blijven ons inzetten om het bereik te vergroten met een nieuwe communicatiecampagne later dit jaar en door de samenwerking met lokale partijen en binnen de gemeente te verbeteren. Recent is nieuw beleid vastgesteld voor vroeg signalering en preventie. We proberen vroegtijdig in contact te komen met inwoners en schuldhulpverlening aan te bieden op basis van signalen, maar we kunnen dit niet afdwingen. Knelpunten bestaand beleid bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving 16
Voortzetting individuele inkomenstoeslag
Programma
2026
7
-270
2027
2028
2029
5.4.2 Toeleiding naar opleiding, werk en maatschappelijke participatie De gemeente Deventer gelooft dat iedereen waarde kan toevoegen, hetzij door arbeid of op andere manieren. We streven ernaar dat iedereen naar vermogen bijdraagt aan de arbeidsmarkt of samenleving. De uitdaging is om een goede match te maken tussen de mogelijkheden en wensen van uitkeringsgerechtigden en de vraag van ondernemers naar arbeidskrachten. Hiervoor moeten ondersteunings- en opleidingsmogelijkheden optimaal worden benut. Onderzoek toont aan dat een methodische aanpak, afgestemd op de marktbehoeften, leidt tot hogere uitstroomresultaten en meer mensen aan het werk. Dit heeft een positief effect op zorgkosten. Er moeten voortdurend kansen worden gecreëerd voor kwetsbare doelgroepen. Dit vereist duidelijke sturing op de inzet van deze groepen bij kansrijke werksoorten zoals groenvoorziening, schoonmaak en eenvoudige productietaken. Als gemeente moeten we het goede voorbeeld geven en deze inzet optimaliseren. KonnecteD Om te kunnen starten met het plan toekomst KonnecteD is de zekerheid van budget nodig.. Omdat het in deze fase nog niet duidelijk is of er voor alle ontwikkelopgaven binnen KonnecteD voldoende budget beschikbaar is (lopende begroting, impulsbudget) stellen we voor €500.000 te reserveren voor frictiekosten en investeringskosten.
27
Knelpunten bestaand beleid bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving 17
Konnected
Programma
2026
9
-500
2027
2028
2029
5.4.3 Inkomenszekerheid door uitkeringen Wie recht heeft op een uitkering in Deventer, ontvangt deze. We ontvangen BUIG budget voor het verstrekken van de uitkeringen, doordat: • we bevorderen dat mensen uitstromen uit de uitkering; • we voorkomen dat mensen instromen in een uitkering; • we mensen ontwikkelen waardoor zij betere kansen hebben op de arbeidsmarkt. Door de jaarlijkse schommelingen in het buig budget is het lastig een lange termijn raming te maken. Ons beleid en vooral de uitvoering is gericht op het bieden van de juiste ondersteuning, maar natuurlijk ook voor het beheersbaar houden van het de uitkeringen. Dit betekent wel dat er voldoende middelen beschikbaar moeten blijven voor de juiste uitvoering en dat er altijd goed gekeken moet worden of we nog de juiste dingen doen. (PDCA). 5.4.4 Asielopvang en integratie (Inburgering) We streven ernaar om nieuwkomers zo snel mogelijk te laten integreren en zich thuis te laten voelen. Dit omvat het verwelkomen van inburgeraars, het starten van activiteiten voor maatschappelijke deelname, en het leren van de Nederlandse taal. Door te investeren in een vroege start van inburgering, wordt financiële zelfredzaamheid bevorderd en worden kosten op de lange termijn bespaard. We richten ons op een vroege start van inburgering, met programma's zoals Brede Startklas.
Er is momenteel een achterstand in huisvesting en tevens is landelijk een bezuiniging van 10% op specifieke uitkeringen aangekondigd (vanaf 2026/2027). Met de huidige kennis wordt de bezuiniging doorgevoerd in 2028. In onderstaande berekening is nog geen rekening gehouden met deze bezuiniging. Voor de uitvoering van het beleidskader Inburgering zijn voor 2 jaar middelen toegekend (2025/2026). Voor 2027 volgt een nieuw voorstel inclusief benodigde financiële middelen. Zonder extra budget zal de uitvoering versoberen en zullen doelen zoals het leren van de taal, het zich thuis voelen en deelnemen aan de samenleving moeilijker te bereiken zijn. Knelpunten bestaand beleid bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving 18 Asielopvang en integratie (inburgering)
Programma 8
2026
2027
2028
2029
0
PM
PM
PM
5.5 Houdbare zorg De centrale doelstelling binnen het sociaal domein in Deventer is dat iedereen, jong en oud, meetelt en naar vermogen kan deelnemen. Door vergrijzing, toenemende zorgbehoefte en druk op de arbeidsmarkt is het onzeker of deze doelstelling haalbaar is. Vroegtijdige en toegankelijke
28
ondersteuning is cruciaal om problemen te voorkomen en zwaardere zorg te vermijden. Deze aanpak heeft al positieve resultaten opgeleverd. De komende jaren zal de focus liggen op het vergroten van weerbaarheid, veerkracht en zelfredzaamheid van kwetsbare inwoners, met speciale aandacht voor jongeren en hun opvoeders. Innovatie, experimenten en invoeren van nieuwe zorg- en ondersteuningsvormen zijn essentieel om beter in te spelen op veranderende behoeften en efficiëntere oplossingen te vinden. Om de toenemende ondersteuningsvraag en kostenstijging het hoofd te bieden, wordt geïnvesteerd in preventie en individueel maatwerk zoveel mogelijk collectief en in het sociale netwerk van inwoners georganiseerd. Algemene voorzieningen helpen maatwerk voorkomen en werken kostenbesparend. Er wordt geïnvesteerd in het versterken van de sociale basisinfrastructuur door samenwerking tussen professionals, vrijwilligers en inwoners. Door demografische en arbeidsmarktontwikkelingen dreigen tekorten in personeel en middelen, waardoor inwoners mogelijk niet langer geholpen kunnen worden. Investeren in preventie, algemene voorzieningen en sociale basisinfrastructuur kan deze negatieve tendens afzwakken of voorkomen. Er is nader onderzoek gedaan naar de kostenontwikkelingen in de WMO. We zien daarbij dat het WMO voorspelmodel voor Deventer financiële ruimte biedt.
Die ruimte is hard nodig om extra te investeren in preventie en algemene voorzieningen, zoals Stap in de wijk, Bij de Halte of Huis van de wijk of het echtscheidingsloket. Dit voorkomt tekorten op de lange termijn. Daarnaast zijn er mogelijkheden tot financiële optimalisaties in de uitvoering van de WMO. Mogelijke richtingen zijn: Stoppen met PlusOV en hiervoor lokaal maatwerk bieden, het onderbrengen van de was verzorging als algemene voorziening en de uitbreiding van de stedelijke mobiliteitspools (deelgebruik i.p.v. individuele verstrekking). Vanaf 2027 leidt dit tot een besparing van circa €1.000.000 structureel. Dit is meegenomen in de financiële opstelling van optimalisaties. De tekorten in de jeugdzorg blijven oplopen en drukken sterk op ons begrotingsresultaat. We hebben onderzocht waar we invloed kunnen uitoefenen op de kosten. Dit begint met een sterke lokale toegang, waardoor meer aandacht is voor de derde verwijzers en de inzet van zorg. Daarnaast komt het Rijk met extra middelen uit de voorjaarsnota, maar ook met extra kortingen. Bij de knelpunten bestaand beleid zijn we uitgegaan van een structureel tekort in de jeugdzorg van € 9 mln. Bij de optimalisatie mogelijkheden hebben we kostenbesparingsmogelijkheden in de jeugdzorg voorzien voor meer aandacht op derde verwijzers en de inzet van zorg. Knelpunten bestaand beleid bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving
Programma
2026
2027
2028
2029
19
9
-9.000
-9.000
-9.000
-9.000
Tekort Jeugdhulp
5.5.1 Integrale, intensieve en (de)escalerende aanpak De gemeente wil intensiever en integraal werken, dicht bij de inwoners. Dit betekent aanwezigheid in wijken en benadering vanuit één huishouden, één plan, één regisseur. Door werkgebieden te verkleinen en WMO-zorg te integreren met schuldhulpverlening, veiligheid, jeugdzorg en meer, kunnen we passende zorg en ondersteuning bieden. Er moet ook aandacht
29
zijn voor duurzaamheid en inclusiviteit, met beleid dat rekening houdt met de impact van klimaatverandering op gezondheid en welzijn, en maatregelen om kwetsbare groepen te ondersteunen. Inclusiviteit betekent aandacht voor diversiteit en gelijke kansen voor iedereen. De gemeenteraad heeft een plan goedgekeurd om geweld in afhankelijkheidsrelaties en seksueel grensoverschrijdend gedrag te voorkomen en te bestrijden. Voor de uitvoering en communicatie van dit plan is in de begroting van 2025 eenmalig €98.000 toegewezen. We stellen voor om dit voor 2 jaar voort te zetten voor de inzet van beleidscapaciteit, uitvoering en communicatie en na deze 2 jaar dit beleid te evalueren. De gemeente heeft de regie in complexe zorg- en veiligheidscasussen, waarbij de Integrale Aanpak ter Voorkoming van Escalatie bij huishoudens met oplopende problematiek (AVEmethodiek) wordt gebruikt. Medewerkers van de gemeente Deventer hebben vanuit de inhoud en verschillende disciplines met het voorkomen of beperken van escalerende situaties te maken. Neem bijvoorbeeld een alcoholverslaving van één van de ouders. Daardoor kunnen (huur)schulden ontstaan, gaan kinderen niet naar school, kan er sprake zijn van huiselijk geweld en woonoverlast. Door deze multi problematiek dreigt het gezin op straat terecht te komen.
Een gemeentelijk procesregisseur pakt regie bij stagnerende (keten)samenwerking en complexe, domein overstijgende problematiek die buiten de standaard vallen. Omdat het aantal casussen dat een procesregisseur toeneemt, wordt voorgesteld om een extra procesregisseur aan te stellen voor €100.000 per jaar. Nieuw beleid bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving 9 10
Uitvoering afhankelijkheidsrelaties en grensoverschrijdend gedrag Procesregisseur Multi problematiek zorg en veiligheidscasussen
Programma
2026
2027
9
-98
-98
2
-100
-100
2028
2029
-100
-100
30
6. Domein Dienstverlening 6.1 Inleiding De gemeente Deventer staat midden in een dynamische en digitale samenleving, waarin de verwachtingen van inwoners, ondernemers en samenwerkingspartners voortdurend veranderen. Om blijvend betrouwbare, toegankelijke en toekomstbestendige dienstverlening te bieden, investeren we in de verdere ontwikkeling van onze bedrijfsvoering en digitale infrastructuur. Digitalisering en datagedreven werken zijn niet meer weg te denken uit onze manier van werken. Ze versterken onze dienstverlening, helpen ons om beter onderbouwde beslissingen te nemen en maken ons werk efficiënter. Tegelijkertijd brengt deze ontwikkeling nieuwe verantwoordelijkheden met zich mee: van het waarborgen van privacy en informatiebeveiliging tot het stellen van ethische kaders bij het gebruik van kunstmatige intelligentie (AI). De inzet van technologie vereist bovendien een solide basis in informatiebeheer en datakwaliteit, waarin we als organisatie nog flinke stappen willen en moeten zetten. Naast digitalisering zetten we ook in op toegankelijke en klantgerichte dienstverlening. Onze inwoners en ondernemers kiezen zelf het kanaal dat bij hen past – fysiek of digitaal – ondersteund door heldere communicatie, transparante processen en persoonlijke aandacht waar nodig.
We bouwen aan een overheid die proactief is, luistert naar signalen uit de samenleving en vanuit vertrouwen handelt. Deze ontwikkelingen vragen veel van onze medewerkers. Investeren in hun digitale vaardigheden, leervermogen en weerbaarheid is een voorwaarde om goed mee te bewegen met technologische en maatschappelijke veranderingen. Ook de inrichting van onze organisatie zelf is in beweging: gericht op wendbaarheid, samenwerking en het maken van bewuste keuzes. Kortom: in onze bedrijfsvoering en dienstverlening draait het om de goede dingen doen én de dingen goed doen. Dat vraagt visie, inzet en durf om door te ontwikkelen in een steeds complexere omgeving.
6.2 Digitalisering en data Digitalisering is niet meer weg te denken in de interne en publieke dienstverlening. Digitalisering ondersteunt de moderne publieksdienstverlening naar de inwoners en raakt de werkprocessen van de medewerkers. Daarbij maken we steeds meer gebruik van data. We willen op verschillende manieren met data de dienstverlening verbeteren en besluiten beter onderbouwen. Door data te visualiseren, kunnen we bijvoorbeeld de impact van verschillende scenario’s inzichtelijk maken, zoals zon- en schaduweffecten bij de bouw van nieuwe gebouwen in de omgeving. Daarnaast kunnen we voorspellende modellen bouwen om problemen of hulpbehoefte van inwoners te voorkomen in plaats van ze achteraf te verhelpen. Denk hierbij aan het voorspellen van armoede, dakloosheid, schoolverlaters of zorgbehoeften. Door data te gebruiken in besluitvorming en transparant te zijn over welke data wordt gebruikt, wordt bijgedragen aan een meer ervaren objectiviteit waardoor inwoners besluiten van de gemeente beter kunnen toetsen. Sinds ChatGPT is geïntroduceerd in november 2022 is voor het eerst op grote schaal een AItoepassing voor het publiek beschikbaar gekomen. Dit heeft een enorme boost gegeven aan de
31
ontwikkeling van AI en het gebruik en toepassen van algoritmes. Waar dit op lange termijn toe leidt is nog nauwelijks te overzien. Als volgende stap in AI zien we de zogenaamde AI-agents ontstaan. Dat zijn AI tools die zijn gericht op het uitvoeren van een hele specifieke taak. Technologiebedrijven voorzien dat medewerkers op termijn ondersteund worden door een veelheid van dit soort AI-agents om routinematige werkzaamheden uit te voeren. We zien wel dat deze technologie steeds meer onderdeel gaat uitmaken van onze werkzaamheden. Of we nu willen of niet: AI is er en gaat niet meer verdwijnen. Dat betekent dat we als gemeente meebewegen op deze ontwikkelingen, experimenteren en ervaring op doen om beter te kunnen beoordelen waar we op moeten investeren. Dat betekent ook dat we de Ivisie gaan actualiseren en beleid willen opnemen over de inzet van AI en welke kaders daarvoor gelden. Hierbij valt te denken aan ethische kaders maar uiteraard ook de kaders vanuit privacy en informatiebeveiliging zoals die gelden vanuit het strategisch informatiebeveiligingsbeleid. Informatiebeveiliging en digitale soevereiniteit Ook op het vlak van informatiebeveiliging zien we in toenemende mate dreiging op ons afkomen. Nieuwe technologieën bieden ook aan kwaadwillenden nieuwe mogelijkheden. Het begrip VUCA wereld (Volatile Uncertain Complex Ambigue) is een aanduiding van de tijd waarin we leven.
Statelijke actoren roeren zich steeds meer in het digitale domein. Georganiseerde misdaad slaagt er telkens in om organisaties digitaal te gijzelen. Dat vraagt aan ons om alert te blijven en te blijven inzetten op een sterke informatiebeveiliging in zowel het fysieke als digitale domein. Tegelijkertijd kunnen we vaststellen dat het dreigingsrisico niet tot nul is te reduceren. Daarom blijven we oefenen met cybercrisis dreigingen. Met de nieuwe Cyberwetgeving in aantocht (beoogd vierde kwartaal 2025) zien we ook vanuit de politiek steeds meer aandacht voor de zorg voor informatiebeveiliging als kerntaak van het bestuur. Daarmee moet informatie risicomanagement ook deel gaan uitmaken van de integrale planning en control cyclus. In dit kader zien we ook steeds meer behoefte aan digitale (data) soevereiniteit. We constateren dat we de afgelopen jaren, min of meer geruisloos, afhankelijk zijn geworden van vooral Amerikaanse Big Tech bedrijven. In de huidige wereld constateren we dat dit daarmee ook een risico is geworden. We volgen deze ontwikkelingen en constateren dat er in Nederland meer geluiden op gaan om in te zetten op minder afhankelijkheid van de VS. Deze richting zullen we volgen en zo mogelijk op handelen binnen de mogelijkheden die we daarin als gemeente hebben. Waar moeten we de komende jaren op inzetten? Datagedreven werken vereist een basis die op orde is.
Zonder goede datakwaliteit heeft datagedreven werken eerder een negatief dan positief effect. Immers, besluitvorming wordt dan gebaseerd op onvolledige of onjuiste data. Op dit moment constateren we dat we nog niet alle data op orde hebben. Documenten zijn moeilijk vindbaar, een deel van het beleid is niet actueel, data is nog niet altijd beschikbaar in onze Digital Twin, het afhandelen van WOO/AVG verzoeken kost relatief veel tijd en onze toezichthouders wijzen herhaaldelijk op een aantal gebreken in ons informatiebeheer. Een pilot met een AI-toepassing leerde ons de AI-toepassing als zodanig goed werkte maar dat de onderliggende data van onvoldoende kwaliteit was om tot een betrouwbare uitkomst te komen. We moeten dus verbeteren in ons informatiebeheer, en dat moet ook om de basis op orde te krijgen. Tegelijkertijd werpt dat de vraag op wat de ambitie van de gemeente is. Willen we de basis op orde of willen we in staat zijn om op basis van juiste data alle inwoners te bieden waar
32
ze voor in aanmerking komen? Wat is het kwaliteitsniveau dat we nastreven? Het zal duidelijk zijn dat meer ambitie meer resources vraagt van de organisatie. We staan aan de vooravond van de invoering van een aantal nieuwe toepassingen voor het zaakgericht werken (PodiumD, SharePoint archivering). Dit momentum willen we gebruiken om op dit deel het informatiebeheer weer te versterken. Wanneer we inzetten op een beter informatiebeheer vraagt dit ook meer structuur en minder vrijheid. Het vraagt discipline van medewerkers en het nakomen van afspraken. We kunnen stellen dat dit ook wel een cultuurverandering vraagt. Tegelijkertijd rechtvaardigt de groei van het aantal medewerkers ook dat er wat meer structuur komt in het werk dat we doen. Digitale toegankelijkheid, transparantie en ethiek is niet los te zien van het informatiebeheer. Onze informatie moet digitaal toegankelijk zijn voor de inwoners en dat vraagt enerzijds om technologische voorzieningen die beschikbaar moeten zijn maar het vraagt ook om transparantie in onze processen, uitlegbaarheid naar de inwoners en medewerkers. Maar het vraagt ook transparantie in het gebruik van data (en eventuele algoritmes). Ethiek is daarom in toenemende mate van belang en wordt ook als discipline toegevoegd aan het CIO-bureau.
De goede dingen doen en de dingen goed doen Op dit moment constateren we ook dat de capaciteit van de DOWR-I organisatie wordt overvraagd door alle projecten en initiatieven die gestart worden. Daarom zetten we voor de komende jaren in op portfoliomanagement. We willen beter sturen op het starten van initiatieven die bijdragen aan de strategische opgaven en de taken van de gemeente en de beschikbare capaciteit daarop inzetten. Dat voorkomt dat we (te) veel initiatieven oppakken en (te) weinig echt afronden (realiseren). Hierin voorzien we een intensieve samenwerking tussen de beleidsdomeinen, de informatievoorziening en de IT-uitvoering. Dat doen we deels ook samen met Olst-Wijhe en Raalte. Wat betekent dit voor de medewerkers? De verdergaande digitalisering, het datagedreven werken en de ontwikkeling van AI vragen ook wat van onze medewerkers. Het vraagt digitale fitheid, gerelateerd aan de nieuwe technologieën. Dit vraagt een investering in onze medewerkers. Zij moeten in staat zijn om met de nieuwe technologieën te werken, zich bewust te zijn van de risico’s het gebruik en ook in staat zijn om data goed te interpreteren. Het betekent ook dat traditionele werkwijzen (moeten) veranderen: beleidsmakers zullen meer beleid visualiseren in de Digital Twin bijvoorbeeld.
Medewerkers zullen met AI-toepassingen makkelijker in staat zijn om analyses op datasets uit te voeren maar zullen dus ook in staat moeten zijn om goede interpretaties van uitkomsten te kunnen doen. Dit vraagt andere kennis, competenties en vaardigheden van medewerkers. Nieuw beleid bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving 11
Pilots met AI
Programma
2026
2027
13
-50
-50
2028
2029
6.3 Publieke dienstverlening Op weg naar 2035 willen we een overheid zijn en blijven die doet wat ze belooft. Die begrijpt wat inwoners en ondernemers nodig hebben, soms nog voordat ze erom vragen. Onze
33
dienstverlening sluit aan op de vraag van inwoners en ondernemers. Producten en diensten zijn toegankelijk, met transparante procedures, korte doorlooptijden en heldere antwoorden door kundige en vriendelijke medewerkers. We hanteren hiervoor de kwaliteitsnormen uit de landelijke BurgerServiceCode. We bieden advies als er meer ondersteuning nodig is. We werken aan passende regels: we kijken welke regels belemmerend werken, onnodige regelgeving wordt losgelaten. Veel dienstverlening is digitaal beschikbaar, maar sommige vragen lenen zich niet voor digitale afhandeling. Bovendien heeft een deel van onze inwoners moeite met digitale dienstverlening. Daarom zijn alle contactkanalen (balie, telefoon, email, social media, whatsapp en digitaal) van groot belang, houden we deze kanalen maximaal open en kiest de inwoner en ondernemer zélf zijn contactkanaal: de omnichannel strategie. Dit is niet alleen klantvriendelijk, het is tevens (kosten)efficiënt, omdat het herstelkosten in de vorm van informatieloops, onnodig herhaalcontact, klachten en bezwaar helpt voorkomen. De verwachte ontwikkeling is dat we ons als gemeente meer gaan richten op overheidsbrede dienstverlening, dat wil zeggen de gemeente als ingang voor alle vragen aan de overheid.
Daarnaast zetten we in op pro-actieve dienstverlening; we wachten niet op een vraag of aanvraag van inwoners en ondernemers, maar gaan er of af! Drit doen we in samenwerking met Dimpact, Vereniging Directeuren Publieksdiensten, VNG en BZK. we op onderwerpen als overheidsbrede dienstverlening en pro-actieve dienstverlening. Er lopen verschillende trajecten om dit aan te jagen. Deventer neemt deel aan de pilot het praktijkinitiatief overheidsbrede dienstverlening van BZK. Sinds 1 april 2025 werken we met een antwoordbalie waar inwoners geholpen worden met hun vragen over onze eigen dienstverlening en die van andere overheidsinstanties. Daarnaast maken we gebruik van de ‘telefonische professionallijnen’, waarmee we direct zaken doen met uitvoeringsorganisaties. Ook willen we ons verder ontwikkelen als een responsieve en ontvankelijke overheid, die zich blijft ontwikkelen en leert van signalen van buiten en van fouten.
6.4 Participatie Richting 2035 ontwikkelen we met participatie verder. Participatie leidt tot een betere belangenafweging door de gemeente en meer zeggenschap van inwoners in hun eigen leefomgeving. Daarbij geldt dat de gemeente vele taken heeft. De rol die we aannemen loopt uiteen van reguleren (vergunningen verlenen en handhaven), uitvoeren, regisseren in netwerkverbanden, stimuleren of faciliteren, tot loslaten wanneer particuliere initiatieven de overheid niet nodig hebben. Gezamenlijk zorgen we voor de beste oplossingen en keuzes voor onze inwoners en betrekken onze inwoners beter en op nieuwe, slimme en innovatieve manieren. We willen de samenwerking tussen partijen bevorderen om onze inwoners het allerbeste te kunnen bieden. Dat vraagt naast inzet ook draagvlak bij en betrokkenheid van inwoners. We zetten in op een zorgvuldige dialoog en participatie met de samenleving over zowel de korte als de lange termijn. Daarbij willen we alle belanghebbenden tijdig betrekken en in de gelegenheid stellen om mee te praten, hun belang te duiden en deze belangen ook mee laten wegen in de besluitvorming. Uitdaging is om participatie slim(mer) te organiseren; door goed gebruik te maken van data, informatie en kennis die we al hebben en inwoners gerichter te betrekken. Hier ligt een directe
34
relatie naar datagedreven werken. Ook ontwikkelen we een participatie-atlas, met overzicht van verschillende participatie-trajecten en burgerinitiatieven om inwoners beter en in juiste frequentie te betrekken. Volgens afspraak met de gemeenteraad wordt momenteel een evaluatie uitgevoerd op ons participatiebeleid. Ook evalueren we het burgerberaad klimaat.
6.5 Gekwalificeerd personeel Als gemeente Deventer willen we de aantrekkelijkste gemeentelijke werkgever in de regio zijn. Een gemeente met een helder en aantrekkelijk profiel (DNA), uitdagend werk, goede (secundaire) arbeidsvoorwaarden en goede mogelijkheden voor persoonlijke groei en ontwikkeling. Door onze positionering als werkgever lukt het ons om goed gekwalificeerd personeel én jong talent aan te trekken en te behouden. Voor de korte en middellange termijn zien we dat het aanbod op de arbeidsmarkt weer toe neemt. Onzekerheid over de toekomst (o.a. geopolitieke ontwikkelingen) maakt dat de gemeente als stabiele werkgever een aantrekkelijke werkgever kan zijn. We blijven stevig op arbeidscommunicatie inzetten en bouwen ons goede werkgeversmerk verder uit. Voor lastige functies gaan we meer inzetten op carrièrepaden en (het aantrekken en ontwikkelen van) jong talent. Jong talent binden we vanuit stages en afstudeerplekken of traineeships aan ons als werkgever. In het najaar 2025 starten de onderhandelingen met de vakbonden en de ondernemingsraad over een nieuwe reiskostenregeling, in aansluiting op de cao. De concept cao 2025 – 2027 stelt namelijk dat de werkgever met ingang van 1 januari 2026 lokaal een structurele regeling moet vaststellen voor een vergoeding van reiskosten woon-werkverkeer (artikel 3.22 lid 1 cao).
De oriënterende gesprekken met de vakbonden en ondernemingsraad laten zien dat wanneer we een aantrekkelijke reiskostenregeling treffen, deze waarschijnlijk ook een vergoeding per kilometer bevat voor lopen en fietsen. Waarbij de landelijke trend in reiskostenvergoeding is dat de maximale onbelaste kilometervergoeding voor 2025 is vastgesteld op € 0,23 per kilometer. Wat we nodig hebben om een ruimere, aantrekkelijke reiskostenregeling te kunnen gaan vormgeven, zal een structureel budget van ongeveer 1 miljoen euro per jaar vragen. Op verschillende plekken in onze organisatie zal het werk verder digitaliseren en op termijn mogelijk worden overgenomen door automatisering, robotisering en AI. Tegelijkertijd neemt in een digitaliserende wereld het belang van een-op-een contact en communicatie toe. Dit betekent voor (nieuwe) medewerkers een verschuiving van competenties en vaardigheden. Onderzoek* laat zien dat de komende jaren technologische competenties en vaardigheden als AI, big data en cyberveiligheid in belangrijkheid toenemen. Naast deze ‘hard skills’ neemt het belang van ‘soft skills’ als flexibiliteit, creativiteit en leergierigheid toe. Dit heeft effect op het leren en ontwikkelen van bestaande medewerkers als ook op de werving en selectie van nieuwe gekwalificeerde medewerkers.
Naast een verschuiving van werkzaamheden hebben we de komende 5 jaar een pensioengolf van meer dan 100 medewerkers. Voor tientallen functies zal gelden dat het borgen van kennis, kunde en ervaring in de organisatie essentieel zal zijn voor de continuïteit. Vanuit ons
35
strategisch personeelsmanagement sturen we voor deze plekken op een ruime inwerktijd voor de nieuwe medewerkers. (Meester gezelfonds) We zoeken naar veerkracht en wendbaarheid in onze formatie-opbouw, zodat we ook bij financiële tegenwind goede keuzes kunnen maken. Dit kunnen we allereerst opvangen met natuurlijk verloop. Daarnaast afbouw van inhuur of tijdelijke contracten of eventueel het niet invullen van vacatureruimte. Dit zou op termijn zelfs tot een krimp van het aantal vaste medewerkers kunnen leiden. De nieuwe hoofdstructuur biedt kansen voor effectiever en efficiënter samenwerken met behoud kwalitatief goede producten en diensten. Verder constateren we dat door o.a. de wet WBA het aantal ZZP’ers verder zal afnemen. Inhuur zal meer via detacheringbureaus lopen en het wordt naar verwachting aantrekkelijker om een vast contract bij ons aan te gaan. Hier ligt een kans om de inhuur te verminderen. De samenkomst van vergaande digitalisering, verschuivende werkzaamheden, een groot (natuurlijk) verloop en mogelijke financiële tegenwind maakt dat we ons blijvend oriënteren op welke organisatie we willen, moeten en kunnen zijn.
Een flexibele organisatie, met goede dienstverlening die technisch en innovatief kan meebewegen met de (wettelijke)ontwikkelingen om ons heen, vraagt om kritisch te blijven kijken naar zaken als optimaliseren van onze werkprocessen, efficiënter en effectiever samenwerken, in passende huisvesting. De huidige organisatieontwikkeling met de start van een nieuwe directie is een natuurlijk kantelpunt om hier met gerichte focus verder mee aan de slag te gaan. Knelpunten bestaand beleid bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving
Programma
2026
2027
2028
2029
20
Continuering meester Gezelfonds
13
-300
-300
-300
21
Raadsadviseur
1
-132
-132
-132
-132
22
Reiskostenregeling
13
-1.000
-1.000
-1.000
-1.000
36
7. Totaal financieel beeld 7.1 Financieel kader Onderstaand overzicht geeft het totaal financieel kader voor aanvang van de perspectiefnota, met een inschatting van de voorjaarsnota effecten van het kabinet. Normaal gesproken worden deze effecten uitgewerkt in de meicirculaire en dan nemen wij ze mee bij de begroting. Vanwege het forse effect in de jaarschijven 2026 en 2027 en de perspectieven die we afwegen, vinden we het verstandig dit op basis van inschatting nu vast mee te nemen. Juist om te voorkomen dat we pijnlijke of lastige keuzes moeten maken en meer realistisch onze perspectieven financieel kunnen toetsen. Dit is nadrukkelijk een inschatting en de uitwerking van de meicirculaire kan afwijken. bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Uitkomst begroting 2025 na 1 tussentijdse rapportage 2025
1.460
1.236
927
927
Autonome ontwikkelingen kaderbrief Voorjaarsnota kabinet (uitdrukkelijk voorlopig)
67 9.163
67 9.147
67 -31
2.271 176
Financieel kader
10.690
10.450
963
3.374
e
7.2 Autonome ontwikkelingen Na de eerste tussentijdse rapportage 2025 en kaderbrief zijn er nieuwe autonome ontwikkelingen geweest: bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving
2026
2027
2028
2029
1
Omgevingsdienst voldoen aan robuustheidcriteria
-240
-280
-320
-360
2
Hogere energiekosten voor het stadhuis.
-200
3 4 5
Beheer Basisregistratie Ondergrond 1 fte Wettelijke verplichte cliëntondersteuning Organisatieontwikkeling
-96 -100 -308
-96 -100 -308
-96 -100 -308
-96 -100 -308
-944
-784
-824
-864
Saldo
Toelichting 1. Omgevingsdienst voldoen aan robuustheidscriteria Om de taakuitvoering en organisatie van de omgevingsdienst IJsselland in 2028 in overeenstemming te brengen met het landelijke robuustheidsniveau is structureel budget benodigd van de deelnemers. De bijdrage van Deventer daaraan loopt elk jaar op tot €361.000 in 2029. 2. Hogere energiekosten voor het stadhuis 2024 is het budget voor elektriciteit vanwege sterk gestegen tarieven voor het Stadhuis eenmalig opgehoogd met €140.000 en met €56.000 overschreden. Voor 2025 is de verwachting
37
dat de energiekosten op een vergelijkbaar hoog niveau zullen blijven. Met de actuele tarieven komt het verwachte elektriciteitsverbruik van het stadhuis naar verwachting €200.000 hoger uit dan de begroting. Structurele doorwerking van deze tarieven is onzeker. Daarom gaan we voorlopig uit van een noodzakelijke verhoging voor 2025 en 2026. 3. Beheer basisregistratie ondergrond Dit betreft een wettelijke taak. Dit is een registratie op basis waarvan privaatrechtelijke en publiekrechtelijke besluiten worden genomen. Een taak die we niet, niet kunnen doen. https://basisregistratieondergrond.nl/inhoud-bro/planning-inhoud/registratieobjecten-gemeenten/. Voorheen werd dit gedekt door incidentele gelden die ophouden, terwijl het een structurele taak is 4. Wettelijk verplichte cliëntondersteuning Gemeenten zijn wettelijk verplicht cliëntondersteuning te bieden: gratis, levensbreed, onafhankelijk en in het belang van de cliënt. Tot op heden werd deze ondersteuning betaald vanuit incidentele middelen. Dat is vanaf 2026 niet langer mogelijk. 5. Organisatieontwikkeling Dit betreft de uitbreiding van de functies directeur en teamleider Schuldhulpverlening waarover u bent geïnformeerd via raadsmededeling 2025-77.
7.3 Naar een financieel sluitend perspectief 7.3.1 Financiële doorkijk gebaseerd op prioriteiten Wat we zien in onze begroting dat er de afgelopen jaren activiteiten met eenmalige middelen zijn gedekt. Er zijn veel verzoeken gedaan om dit structureel te maken. In het maken van keuzes hebben we vaak nog voor een jaar middelen toegekend, waarbij we het verzoek doen om te komen met een goede evaluatie van de activiteit. Op deze manier kunnen we het volgende jaar een betere afweging maken. Voor nu is het ook een passende keus bij het financiële perspectief. bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Financieel kader Autonome ontwikkelingen
10.690 -944
10.450 -784
963 -824
3.374 -864
Perspectief Prioritering knelpunt bestaand beleid Perspectief Prioritering nieuw beleid Begrotingsoptimalisatie Saldo
-15.910 -1.288 5.460 -1.992
-14.223 -1.533 5.759 -331
-14.068 -1.117 6.480 -8.566
-14.555 -1.117 6.453 -6.709
7.3.2 Optimalisatie, slimmer en anders werken Onderstaand overzicht geeft een samenvatting van de inschatting van de optimalisatie mogelijkheden.
38
bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Optimalisatie Optimalisatie WMO (Maatwerkvoorzieningen)
4.026 400
2.693 1.000
2.380 1.000
2.353 1.000
Optimalisatie Jeugd: aandacht voor derde verwijzers Optimalisatie Jeugd: inzet van zorg Saldo
617 417 5.460
1.233 833 5.759
1.850 1.250 6.480
1.850 1.250 6.453
7.3.3 Sluitend perspectief Door inzet van drie stelposten hebben we een sluitend perspectief. We kunnen verantwoord de stelpost accres inzetten. Deze is er om fluctuaties in het gemeentefonds op te vangen. Door de gewijzigde gemeentefonds systematiek zijn deze fluctuaties er vanwege die reden minder. bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Saldo gebaseerd op prioriteiten/keuzes Stelpost autonome ontwikkelingen Stelpost accres Stelpost lonen en prijzen
-1.992 1.000
-331
992
2.242
-8.566 1.000 3.300 1.482
-6.709 1.000 3.526 2.183
0
1.911
-2.784
0
Saldo
We mogen conform bestendige gedragslijn de 1e jaarschijf van de post autonome ontwikkelingen structureel inzette voor dekking. De hoogte hiervan bedraagt voor de jaarschijf 2026 € 1,5 mln. De aangeboden autonome ontwikkelingen bedragen afgerond € 1 miljoen. We kunnen dus € 1 mln. inzetten ter dekking. De actualisatie van de stelpost lonen en prijzen leidt, met name als gevolg van de nieuwe CAO gemeenteambtenaren tot een structurele ruimte in de stelpost die we kunnen inzetten. Het wat grotere voordeel op de stelpost lonen en prijzen in 2029 is een gevolg dat de jaarschijf 2029 is geactualiseerd bij de kadernota op basis van macro economische cijfers, voordat de cao afspraken bekend waren. Bij het inzetten van de stelposten moeten we ons realiseren dat de rek uit de begroting is en we hierdoor minder wendbaar zijn.
7.4 Knelpunten bestaand beleid De eerste 22 onderwerpen zijn een uitwerking van de toegelichte perspectieven in hoofdstuk 4, 5 en 6. De overige onderwerpen betreffen overige knelpunten bestaand beleid. Alle onderwerpen staan kort onder deze tabel toegelicht. bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Nr Omschrijving 1 Nota Kapitaal Goederen PvA verbeterslag beleidscyclus en datagedreven 2 werken Ow 3 Klimaatadaptatie en uitvoering adviezen klimaatraad
Prog 3
2026 -525
5
-200
3
-300
2027 -1.050
2028 -1.575
2029 -2.100
-300
-300
-300
39
bedragen x €1.000 (-/- = Nadeel) Nr Omschrijving
Prog 6
2026 -140
2027 -40
2028 -40
2029 -40
6
-160
-160
-160
-160
6
-265
-265
PM
PM
6
-160
-160
-160
-160
10 10 10 10 10 3
-150 -150 0 -70 -240 -659
-150 -150 -67 -70
-150 -150 -66
-150 -150 -66
-707
-707
-707
14 Ondersteuning lokale energie-initiatieven 15 Subsidie Schone Lucht Akkoord 16 Voortzetting individuele inkomenstoeslag 17 KonnecteD
12 4 7 9
-150 -50 -270
-150
18 Asielopvang en integratie (inburgering)
8
PM
PM
PM
19 Tekort Jeugdhulp 20 Continuering meester gezelfonds
9 13
-9.000
-9.000 -300
-9.000 -300
-9.000 -300
21 Raadsadviseur 22 Reiskostenregeling 23 Sporthal Bathmen 24 Onderzoek onderbouwing vergroting sluis Toezicht & handhaving terrassen (inc middelen lopen 25 af) 26 Evenementen 27 Invoering kostprijsdekkende huur
1 13 8 10
-132 -1.000 0 -200
-132 -1.000 -183
-132 -1.000 -180
-132 -1.000 -177
10
-30
11 11
PM PM
PM PM
PM PM
PM PM
28 Opstellen omgevingsvisie
5
-150
29 Tussentijds advies MER t.b.v. Omgevingsvisie
5
-40
30 Visbystraat-Zweedsestraat 31 Deventer een veilige Haven 32 Bodem 33 Theatherschip De Werf 34 Deventer Schouwburg hoge energielasten Athenaeum Bibliotheek, archeologie en Deventer 35 Verhaal 36 Ateliers 37 Onderzoek museumfunctie - Nieuwe Markt 38 Horecaleges
3 8 4 11 11
-1.000 PM PM -35 -190
PM
PM
PM
-35 -190
-35
0
11
PM
PM
PM
PM
11 11 2
PM -30 PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
39 Toezicht en handhaving en OV functieherwaarding
2
-114
-114
-114
-114
3
PM
PM
PM
PM
4 Kosten gebiedsmanagement Keizerslanden Kosten (apparaat-lasten) programmamanager 5 Keizerslanden 6 Kosten gebiedsmanagement Centrum & Schil Kosten (apparaat-lasten) programmamanager 7 Centrum & Schil 8 Human Capital Agenda 9 Deventer Studentenstad 10 Toekomstbestendige bedrijventerreinen 11 Nieuw bedrijventerrein 45 ha 12 Deventer Economic Board (DEB) 13 Uitvoeringsplan fiets parkeren
40
Aanbesteding en licenties applicatie verkeersregelinstallaties implementatie Saldo
-500 0
-15.910 -14.223 -14.068 -14.555
40
Toelichting 1. Nota kapitaalgoederen Om de staat van de openbare ruimte op het gewenst niveau te krijgen en te houden is op basis van de nota kapitaalgoederen (actueel prijspeil) de komende jaren aanvullend budget nodig van €5,9 miljoen in 2026 oplopend naar €7 miljoen in 2030. We kiezen ervoor om geleidelijk naar dit niveau toe te groeien met jaarlijks €525.000. Enerzijds heeft de organisatie tijd nodig om mee te groeien met het budget. Qua uitvoering is dit realistisch. Daarnaast is dit financieel ook een eerder haalbaar scenario. 2. Plan van aanpak verbeterslag beleidscyclus en datagedreven werken. Het gaat om een plan voor het sluitend krijgen van de beleidscyclus dus van beleidsvorming, uitwerking, uitvoering, monitoring en evaluatie in samenhang met de aandacht voor de (geo)data-gedreven manier van werken. Voor het opstellen van een aanpak en een start te maken met de uitvoering is om te beginnen een bedrag van €200.000 incidenteel nodig. Afhankelijk van het plan kunnen aanvullende middelen nodig zijn voor de jaren 2027, 2028 en 2029. 3. Klimaatadaptatie Voor Straten, wegen en pleinen en groen is gedurende 4 jaar €300.000 incidenteel beschikbaar gesteld t/m 2025 ten behoeve van klimaatadaptatie. Om het beleid voort te kunnen zetten dienen deze middelen ook na 2025 beschikbaar te worden gesteld. 4 en 5.
Integrale gebiedsontwikkeling Keizerslanden De integrale gebiedsontwikkeling Keizerslanden vraagt om een structurele inbedding van het gebiedsgericht werken. Hiermee gaan kosten gepaard voor een programmamanager en kosten voor gebiedsmanagement. Voor deze laatste kan o.a. gedacht worden aan: onderzoeken, communicatie, raadsopdrachten, lobby, gebiedsprogramma, raamwerk openbare ruimte en out of pocket kosten. In de begroting is hier nog niet structureel rekening mee gehouden. Los van kostenverhaal en dekking uit projecten komt dit voor Keizerslanden neer op een structurele last van €300.000. 6 en 7. Integrale gebiedsontwikkeling Centrumschil De integrale gebiedsontwikkeling vraagt om een structurele inbedding van het gebiedsgericht werken. Hiermee gaan kosten gepaard voor een programmamanager en kosten voor gebiedsmanagement. Voor deze laatste kan o.a. gedacht worden aan: onderzoeken, communicatie, raadsopdrachten, lobby, gebiedsprogramma, raamwerk openbare ruimte en out of pocket kosten. In de begroting is hier nog niet structureel rekening mee gehouden. Los van kostenverhaal en dekking uit projecten komt dit voor Centrum & Schil neer op structurele last van €550.000. 8. Human Capital Agenda De Human Capital Agenda maakt onderdeel uit van de routekaart versterken arbeidsmarkt, als onderdeel van de routekaarten Wonen en Voorzieningen.
De incidentele middelen die hiervoor beschikbaar zijn lopen eind 2025 af. Voortzetting van dit beleid om de krapte op de arbeidsmarkt tegen te gaan en leven lang leren te bevorderen en daarmee ook de arbeidsmarkt in Deventer te versterken, vraagt structureel €150.000.
41
9. Deventer Studentenstad Eind 2025 lopen de incidentele middelen voor de agenda verjongen/ Deventer studentenstad af. Dit maakt onderdeel uit van de routekaart verjongen als onderdeel van de routekaarten Wonen en Voorzieningen. Continueren van dit beleid om Deventer aantrekkelijk te houden en te maken voor studenten en young professionals vraagt structureel €150.000. 10. Toekomstbestendige bedrijventerreinen Het vergroenen en klimaatadaptief inrichten van (toekomstbestendige) bedrijventerreinen (wens klimaatberaad) vraagt een investering van €1 miljoen in 2026. Dit leidt tot een structurele kapitaallast van circa €65.000 vanaf 2027. 11. Nieuw bedrijventerrein 45ha In opdracht van het college is gestart met de zoektocht naar een nieuwe locatie voor een nieuw bedrijventerrein. Dit proces is inmiddels gestart en we zijn al tot een aantal mogelijke locaties gekomen. Het bedrag dat nu wordt gevraagd is bedoeld voor een projectleider die het onderzoek en realisatie verder gaat brengen. Dit project heeft de hoogste prioriteit op de projecten lijst die door het college 2x per jaar wordt vastgesteld. 12. Deventer Economic Board (DEB) DEB staat voor een brede financiële uitdaging. De incidentele bijdrage vanuit de gemeente Deventer stopt in 2025. Dit betekent voor DEB een dekkingstekort van €240.000 per jaar. We stellen voor om nog voor 1 jaar middelen beschikbaar te stellen.
Het DEB moet vervolgens concrete stappen zetten om de financiering van de activiteiten structureel te borgen wat cruciaal is om de slagkracht op lange termijn te behouden. 13. Uitvoeringsplan fiets parkeren. Meer fiets parkeerplekken op straat en de exploitatie van een fietsenstalling met openstelling in de avonduren. De realisatie van de fietsenstalling is onderdeel van het gebiedsprogramma Centrum en Schil. De financiële vertaling van het uitvoeringsplan bestaat uit meerdere componenten. De uitvoering van de maatregelen (exclusief de bouw van de fietsenstalling) bedraagt structureel € 827.500, waarvan €466.000 benodigd is voor de personele bezetting tijdens de openingstijden van de fietsparkeergarage. 14. Ondersteuning lokale energie-initiatieven Er wordt beleid uitgewerkt om ondersteuning te bieden aan lokale energie-initiatieven. Dit beleid omvat onder andere het instellen van een subsidieregeling om subsidies aan te vragen om kleinschalige initiatieven van te dekken. Voor deze regeling wordt een subsidiebudget gevraagd van €150.000 per jaar. 15. Subsidie schone lucht akkoord Vanuit het Rijk hebben we 100.000 euro subsidie gehad, hier staat voor onze gemeente cofinanciering tegenover. Voor 2025 wordt dit gedekt vanuit het programma. Voor 2026 is nog financiering van € 50.000 nodig.
Hiervoor worden realtime metingen gedaan van onze luchtkwaliteit, die ervoor zorgen dat we naast alle berekeningen, ook daadwerkelijk de kwaliteit meten. Dit is van belang bijvoorbeeld bij klachten (asfaltcentrale) maar ook gezien het onderwerp gezondheid in de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan en toekomstige bouwplannen. Er kan dan op basis van de juiste gegevens besluitvorming plaatsvinden. In het
42
licht van de aanscherping van de landelijke normen, kunnen wij dan aantonen dat de kwaliteit bijvoorbeeld voldoende is. 16. Voortzetting individuele inkomenstoeslag (IIT) Onze minimaregelingen worden al vele jaren uitgevoerd en vereisen onderhoud om effectief in te spelen op maatschappelijke ontwikkelingen en onderzoekinzichten. Een belangrijk aandachtspunt is dat het gelijk trekken van regelingen de uitvoering vergemakkelijkt. We blijven echter afhankelijk van het rijksbeleid. Vanuit dit onderhoud zijn aanvullende middelen nodig voor de voortzetting van de individuele inkomenstoeslag (IIT), €270.000. 17. KonnecteD Om te kunnen starten met het plan toekomst KonnecteD is de zekerheid van budget nodig.. Omdat het in deze fase nog niet duidelijk is of er voor alle ontwikkelopgaven binnen KonnecteD voldoende budget beschikbaar is (lopende begroting, impulsbudget) stellen we voor €500.000 te reserveren voor frictiekosten en investeringskosten. 18. Asielopvang en integratie (inburgering) We streven ernaar om nieuwkomers zo snel mogelijk te laten integreren en zich thuis te laten voelen. Dit omvat het verwelkomen van inburgeraars, het starten van activiteiten voor maatschappelijke deelname, en het leren van de Nederlandse taal. Door te investeren in een vroege start van inburgering, wordt financiële zelfredzaamheid bevorderd en worden kosten op de lange termijn bespaard.
We richten ons op een vroege start van inburgering, met programma's zoals Brede Startklas. Er is momenteel een achterstand in huisvesting en tevens is landelijk een bezuiniging van 10% op specifieke uitkeringen aangekondigd (vanaf 2026/2027). Met de huidige kennis wordt de bezuiniging doorgevoerd in 2028. In onderstaande berekening is nog geen rekening gehouden met deze bezuiniging. Voor de uitvoering van het beleidskader Inburgering zijn voor 2 jaar middelen toegekend (2025/2026). Voor 2027 volgt een nieuw voorstel inclusief benodigde financiële middelen. Zonder extra budget zal de uitvoering versoberen en zullen doelen zoals het leren van de taal, het zich thuis voelen en deelnemen aan de samenleving moeilijker te bereiken zijn. 19. Tekort jeugdhulp De tekorten in de jeugdzorg blijven oplopen en drukken sterk op ons begrotingsresultaat. We onderzoeken of en waar we invloed kunnen uitoefenen op de kosten. Dit begint met een sterke lokale toegang, waardoor meer aandacht is voor de derde verwijzers en de inzet van zorg. Daarnaast komt het Rijk met extra middelen uit de Voorjaarsnota, maar ook met extra kortingen. Vooralsnog zijn deze vooruitzichten uitermate onzeker en gaan we uit van een meerjarig effect van structureel €9 miljoen. 20. Continuering meester Gezelfonds We hebben de komende 5 jaar een pensioengolf van meer dan 100 medewerkers.
Voor tientallen functies zal gelden dat het borgen van kennis, kunde en ervaring in de organisatie essentieel zal zijn voor de continuïteit. Vanuit ons strategisch personeelsmanagement sturen we voor deze plekken op een ruime inwerktijd voor de nieuwe medewerkers. (Meester gezelfonds)
43
21. Raadsadviseur In 2023 is voor twee jaar budget beschikbaar gesteld voor een tijdelijke financiering van een junior raadsadviseur. In november 2025 lopen de tijdelijke middelen af. Inmiddels blijkt dat de capaciteit van de junior raadsadviseur toegevoegde waarde heeft en ook moeilijk meer kan worden gemist. Voorstel van de werkgeverscommissie is vanaf 2026 structureel een extra raadsadviseur schaal 12 in de formatie op te nemen. 22. Reiskostenregeling In het najaar 2025 starten de onderhandelingen met de vakbonden en de ondernemingsraad over een nieuwe reiskostenregeling, in aansluiting op de cao. De concept cao 2025 – 2027 stelt namelijk dat de werkgever met ingang van 1 januari 2026 lokaal een structurele regeling moet vaststellen voor een vergoeding van reiskosten woon-werkverkeer (artikel 3.22 lid 1 cao). De oriënterende gesprekken met de vakbonden en ondernemingsraad laten zien dat wanneer we een aantrekkelijke reiskostenregeling treffen, deze waarschijnlijk ook een vergoeding per kilometer bevat voor lopen en fietsen. Waarbij de landelijke trend in reiskostenvergoeding is dat de maximale onbelaste kilometervergoeding voor 2025 is vastgesteld op € 0,23 per kilometer. Wat we nodig hebben om een ruimere, aantrekkelijke reiskostenregeling te kunnen gaan vormgeven, zal een structureel budget van ongeveer 1 miljoen euro per jaar vragen. 23.
Sporthal Bathmen Er zijn meerdere locaties onderzocht en de gekozen locatie voldoet het beste aan een optimale integratie van binnen- en buitensport op een centrale plek van het sportpark. Voor terreininrichting zijn beperkt middelen opgenomen in de investeringsraming, omdat de locatie bij de start nog niet bekend was. In september 2025 zal de raad worden voorgesteld om van verkenningsfase over de te gaan naar realisatiefase. De definitieve ramingen vanuit het Technisch Ontwerp (TO) zullen dan ook bekend zijn. Hierin zullen een aantal posten naar voren komen waarvoor nog extra krediet moet worden beschikbaar gesteld zoals meerkosten netcongestie, maatregelen ten behoeve van hogedruk gasleiding en de buitenruimte. In totaal gaat het om een aanvullend krediet van €2.730.000. 24. Onderzoek vergroting Sluis Een onderzoek naar de vergroting van de sluis ten behoeve van een economische vitale binnenhaven vraagt eenmalig €200.000. Op basis van de "Toekomstverkenning Prins Bernhardsluis" zijn vervolgstappen noodzakelijk om duurzaam vervoer en vitaliteit haven te waarborgen. Ter voorbereiding van een definitieve keuze over mogelijke vervanging van de sluis en een dekking van de financiële middelen, is verder onderzoek, een juiste samenwerkingsvorm en een goede onderbouwing nodig, om (Europese) investeringen te verantwoorden.
Vorig jaar heeft de Raad hiervoor €100.000 vrijgemaakt, maar er werd €350.000 gevraagd. We zijn ook nog in gesprek met de provincie voor cofinanciering, maar tot nog toe lijkt daar weinig perspectief op. Als we geen goede voorbereiding treffen dan lopen we het risico dat er geen verantwoorde financiële besluitvorming mogelijk is over al dan niet vervanging van de sluis en een gebrek aan gedegen onderbouwing voor Europese subsidie aanvragen (CEF). Wat moeten we hiervoor doen: 1. Uitvoeren van Maatschappelijke Kosten en Baten Analyse ter voorbereiding op aanvullende (Europese) financiering en onderbouwing van de noodzaak tot investeringen. 2. Uitvoeren van ruimtelijke studie die inzicht geeft in verdere kaders voor ontwerp en ruimtebeslag.
44
3. Verder onderzoek naar financieringsmogelijkheden die aansluiten op lopende onderzoek “Position Paper & Roadmap Binnenvaart” Regio Stedendriehoek. 25. Toezicht & handhaving terrassen De incidentele middelen voor toezicht & handhaving om verrommeling terrassen tegen te gaan komen eind 2025 te vervallen. Om dit beleid te kunnen continueren is structureel €30.000 nodig. 26. Evenementenbeleid Het actualiseren van het evenementenbeleid en een bijbehorend uitvoeringsprogramma vraagt om extra capaciteit. De kosten voor deze werkzaamheden worden verder in kaart gebracht en zijn daarom vooralsnog p.m. geraamd. 27. Invoering kostprijs dekkende huur Met de kadernota Vastgoed is besloten om kostprijs dekkende huur in rekening te brengen voor al het gemeentelijke vastgoed. Dit heeft impact op culturele instellingen voor wie de huur zal stijgen ten opzichte van de huidige, lagere, huren. Als gevolg van hogere huurprijzen zal er op bepaalde plaatsen een knelpunt in de begroting van deze instellingen ontstaan en zal het verzoek komen tot hogere subsidie. De invoering van de kostprijs dekkende huur verloopt geleidelijk en wordt waar mogelijk op een natuurlijk moment toegepast. 28. Opstellen omgevingsvisie Het omgevingsvisie traject is arbeidsintensief en vraagt een zorgvuldig proces met hoge kwaliteit. We worden ondersteund door externe bureaus, maar er zit ook tijdsdruk op het proces.
Grote betrokkenheid vergroot ook het draagvlak intern. Op dit moment is de raming dat er in 2026 een tekort ontstaat op de incidentele middelen die beschikbaar zijn 29. Tussentijds advies MER t.b.v. omgevingsvisie Verplichte toets van de cie mer. Deze kost € 40.000 in 2026 en deze middelen zijn niet begroot. 30. Visbystraat-Zweedsestraat, bedrijventerrein Kloosterlanden Al enige jaren trekken de Deventer Economic Board, Programma economie en Programma leefomgeving samen op om op dit bedrijventerrein de krachten te bundelen. De keuze voor Kloosterlanden-Oost als zogenaamde ‘kansenzone’ voor herinrichting als project binnen Toekomstbestendige Bedrijventerreinen is mede gebaseerd op de beschikbare middelen vanuit het MJOP. Een revitalisering van het gebied is essentieel voor het vestigingsklimaat op Kloosterlanden en het creëren van ruimte voor nieuwe en bestaande bedrijven. De bundeling van budget en aanpak kan een belangrijke impuls zijn voor revitalisering en is een stimulans voor private investeringen vanuit het bedrijfsleven. Vanuit de buurtagenda Leefomgeving en de Deventer Economic Board (DEB) zijn drie bijeenkomsten gehouden met ondernemers in Kloosterlanden. Daarnaast heeft DEB individuele gesprekken gevoerd met grote bedrijven over de aanstaande werkzaamheden. Er is op korte termijn groot onderhoud aan de verharding voorzien (nieuwe deklaag).