CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-10-10 Samenwerken aan leefbare en vitale buurten 'Zo doen we dat!'

Informatieve bijeenkomst 10 oktober 2024, gemeente Deventer28.433 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten.

‘Zo doen we dat!’

2

Inhoud Voorwoord 3

‘Klein maar Fijn’ voorbeelden 60 – Overzicht 60

Inleiding 5

– Samen Sterk Zonder Stigma en Welkome Wijk 61 – Jongeren op Zuid 61

‘Zo doen we dat’ voorbeelden 6

– Alles is gezondheid 62

– Overzicht 6

– De Nieuwe club 62

– Proeftuin Ruwaard Oss 7

– Buurtwijs, mensen maken de buurt 63

– Majella Wonen Utrecht 14

– Buren sparen plaatjes voor meer verbinding in de wijk 63

– Aanpak Sunny Selwerd & Wijkbedrijf Selwerd, Groningen 19

– Vechtscheidingen voorkomen, sociaal wijkteam en juridisch loket 64

– Enschede Zuid, onze buurt De Posten 25

– Voor de wijk en door de wijk 64

– Raamafspraken Alkmaar 29

– Zuid Doet Samen 65

– Populatiebekostiging Alphen aan den Rijn 32

– Laagdrempelige activiteiten dicht bij huis 65

– Tien werkafspraken ‘Thuis in de wijk’ in Amsterdam 35 – Uitstroomconvenant Assen e.o. 39

Voorbeelden op de kaart 67

– Hoorn: gezamenlijke aanpak 42 – Methode Moderne Devoten Nijmegen 45 – Wooncirkels Noord-Holland 50 – Armoedecoalitie Utrecht 56

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Inhoud

Handige publicaties en onderzoeken 68

3

Voorwoord Hoe doen wij dat nu eigenlijk: samenwerken in en met de bewoners van de wijk? Hoe doen wij dat als meer ouderen zelfstandig blijven wonen, omdat de ouderenzorg anders onbetaalbaar wordt? Hoe doen wij dat als mensen met ernstige psychische problemen niet meer in klinieken wonen, maar zoveel mogelijk in de wijk, omdat meedoen in de maatschappij kans op herstel vergroot? Hoe doen we dat als zij worden uitgesloten? Hoe doen wij dat als er in een wijk soms zoveel problematiek bij elkaar komt, dat de leefbaarheid onder druk staat? Hoe vangen wij signalen op van bewoners wiens problemen dreigen te escaleren? Hoe versterken we de gemeenschap, de burenhulp, de ‘samenredzaamheid’ en steunen we de actieve bewoners die weten wat er speelt in de wijk en de boel bij elkaar houden? Vragen waar je dagelijks tegen aanloopt tijdens het bieden van zorg of het begeleiden van al deze mensen. Maar hoe doe je dat als je als organisatie worstelt met alle schuttingen tussen stelsels, met te weinig personeel? En hoe doe je dat dan, als je tijd te kort komt, als het beleid ‘het’ niet toe laat of als je de samenwerkingspartners die daarvoor nodig zijn nog niet kent? Het moet dus anders. Gelukkig zien we dat ook al lang. Er wordt al meer samengewerkt. Nog niet met alle partners vanuit wonen, zorg en welzijn, maar het begin is er. Werken met de bewoner, de cliënt, de oudere.

Meer kijken naar wat de mensen willen, kunnen en nodig hebben. Veel uitgesproken zinnen. Om echt zo te gaan werken vraagt moed! Een gezamenlijke visie en vooral: het vraagt samen gaan DOEN! Ook al is nog niet alles geregeld. Ook al moet je weerstand overwinnen in je eigen organisatie. Wij staan als landelijke organisaties voor de belangen van onze leden: cliënt- en bewonersorganisaties, woningcorporaties, gemeenten, ouderenzorgorganisaties, ggz-instellingen, beschermde woonvormen en maatschappelijke opvang, welzijnsorganisaties, directeuren van het sociaal domein en de veertig grote steden. Wij gaan staan voor de mensen in de wijk, voor de hulpverleners, begeleiders en zorgprofes-

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Voorwoord

sionals die frustratie ervaren en voor de bestuurders en wijkmanagers die hun nek uitsteken. Samen zetten we een stap om het anders te gaan DOEN! In dit digitale magazine laten wij twaalf voorbeelden zien waarvan we zeggen: “Zo doen we dat! Zo werken we sámen!”. Sommige voorbeelden zijn al ver doorontwikkeld met mooie resultaten. Andere staan nog midden in de klei van het polderlandschap van Nederland. Maar wat al deze voorbeelden gemeen hebben is dat er een samenwerking is gestart tussen verschillende partners waarbij de behoefte van de bewoner centraal staat en waar stappen vooruit worden gezet. Wij hopen dat jij als lezer van dit magazine en als kijker van onze webinars, hoop krijgt dat het anders kan en dat je denkt: ik ga dit anders doen! Wij gaan met elkaar op weg en hopen dat dit inspireert om ook op weg te gaan, of door te gaan op de soms moeizame weg die ‘samenwerken’ heet. Wij willen je op die weg steunen. Loop je tegen problemen aan of heb je juist goede oplossingen? Laat het ons weten! En help ons het juiste debat op de juiste plek te voeren.

Veel leesplezier en succes! Namens, – Martin van Rijn, voorzitter Aedes – Ruth Peetoom, voorzitter de Nederlandse ggz – Anneke Westerlaken, voorzitter ActiZ – Zeno Winkels, algemeen directeur Woonbond – Esmé Wiegman, directeur Valente – Erik Dannenberg, voorzitter Divosa – Ali Rabarison, directeur Beleid Inclusieve Samenleving en Financiën VNG – Lex Staal, directeur Sociaal Werk Nederland – Maaike Veeningen, wethouder Almere namens de G40 – Marjan ter Avest, directeur MIND

4

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Voorwoord

5

Inleiding “Goed wonen in leefbare wijken vraagt om het combineren van sociale maatregelen en fysieke ingrepen. Wonen, zorg, welzijn, veiligheid en de fysieke leefomgeving zijn onlosmakelijk met elkaar en met leefbaarheid verbonden. Mensen krijgen meer perspectief als ze in een draagkrachtige omgeving wonen met een goede sociale en fysieke infrastructuur en als ze voldoende mogelijkheden hebben tot laagdrempelige participatie. Dit geldt bij uitstek voor mensen die kwetsbaar zijn of een zorgbehoefte hebben. Zo maken we wijken leefbaar, bevorderen we sociale cohesie en voorkomen we veel zorg- en hulpvragen. In veel wijken vraagt leefbaarheid extra aandacht. Voor de sociale component van leefbaarheid is een gezamenlijke aanpak van gemeente, woningcorporaties, welzijns-, hulp- en zorginstellingen nodig. Goede participatie van bewoners is daarbij een noodzakelijkheid. Het doel is een leefbare wijk met sterke sociale cohesie en zo zelfredzaam mogelijke bewoners. De sleutel daarvoor zijn een gedeelde visie en wederkerige afrekenbare prestatieafspraken.” (Actieagenda Wonen, leefbare en vitale wijken) Op 17 februari 2021 is de Actieagenda Wonen “Samen werken aan goed wonen” gepubliceerd. Daarin doen 34 partijen voorstellen voor nieuw kabinetsbeleid op het brede gebied van wonen.

Daar valt ook een paragraaf Leefbare en vitale wijken onder, met een eigen subcoalitie van ActiZ, Aedes, Sociaal Werk Nederland, Woonbond, Valente, Divosa, VNG, G40, de Nederlandse ggz en MIND. Deze subcoalitie gaat nu verder om de voornemens uit de Actieagenda Wonen concreter te maken.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Inleiding

Korte videosamenvatting Bekijk in 1,5 minuut de hoofdlijnen van de Actieagenda Wonen.

Doel van het instrument Om samenwerken te stimuleren, ontwikkelden de landelijke samenwerkende partijen dit document met maatgevende, goede, concrete voorbeelden van samenwerking.

6

‘Zo doen we dat!’ voorbeelden – Overzicht Samen werken aan vitale en leefbare buurten Proces van Samenwerken aan wonen, zorg en welzijn Proeftuin Ruwaard Oss Majella Wonen Utrecht Aanpak Sunny Selwerd & Wijkbedrijf Selwerd, Groningen Enschede Zuid, onze buurt De Posten Raamafspraken Alkmaar Populatiebekostiging Alphen aan den Rijn Tien werkafspraken ‘Thuis in de wijk’ in Amsterdam Uitstroomconvenant Assen e.o. Hoorn: gezamenlijke aanpak Methode Moderne Devoten Nijmegen Wooncirkels Noord-Holland Armoedecoalitie Utrecht

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | ‘Zo doen we dat!’ voorbeelden – Overzicht

Wonen en Woonomgeving

Inclusieve en veilige leefomgeving

Ondersteuning en begeleiding

7

Proeftuin De Ruwaard Door Anders denken, doen en organiseren is, samen met wonen, zorg en welzijnspartners een werkwijze gecreëerd waar de bewoner – en niet het systeem – centraal staat. “Ruwaard is een vitale wijk waar inwoners tegen lagere kosten een betere (positieve) gezondheid ervaren.”

Urgentie van de opgave Niet zelden werken wonen, zorg- en welzijnsorganisaties langs elkaar heen, bieden zij diensten aan die niet effectief zijn en zijn er complexe regels die niet meer voor iedereen te begrijpen zijn. Met als gevolg dat kwetsbare mensen die hulp nodig hebben, deze niet (tijdig) krijgen. Met de Proeftuin Ruwaard Oss heeft een aantal bestuurders het initiatief genomen om vanuit de vraag van bewoners te gaan samenwerken. Wat in 2016 begon als experiment in één wijk groeide uit tot een voorbeeldaanpak om (complexe) maatschappelijke vraagstukken compleet anders op te pakken.

Wat is bereikt? Resultaten zijn om uiteenlopende redenen lastig te kwantificeren. De gezondheid van mensen in een wijk bijvoorbeeld, is van veel verschillende factoren afhankelijk. Wat is de invloed van de Proeftuin daarop? Is er een goede nulmeting van de gezondheidssituatie? En hoe kun je de mate van sociale samenhang en participatie in de wijk eenduidig meten? Bovendien hebben twee Corona jaren impact gehad op de ontwikkelingen. Ook is in de pilot de energie meer naar de inhoud uitgegaan, dan naar het meerjarig goed verzamelen en duiden van data. Er zijn wel data, en er is ook inzicht in de ervaringen van inwoners, professionals, managers en bestuurders. Met enige voorzichtigheid kunnen we daar het volgende uit afleiden: – Het individueel welbevinden van inwoners van De Ruwaard is gemiddeld met vier punten op een tienpunt schaal gestegen, blijkt uit de micro-analyses. In andere wijken waar alleen de Samenwerkwijze werd toegepast was dat gemiddeld drie punten. In wijken die traditioneel werken, steeg het welbevinden gemiddeld met minder dan twee punten. – Het collectief welbevinden in de wijk is lastig te meten én lastig te vergelijken. Een meting met behulp van een sociale participatieladder laat zien dat er over de hele linie sprake is van een verschuiving van ‘geïsoleerd leven’ (niveau 1) naar ‘betaald

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Proeftuin De Ruwaard

8

werk zonder ondersteuning’ (niveau 6). Goed dus. Het Huis van de Wijk ’De Haard’ heeft daar vrijwel zeker invloed op. Ook de veiligheid in termen van ervaren overlast ontwikkelt zich in absolute en relatieve zin beter dan in andere wijken. Het is niet te zeggen dat dit door De Proeftuin komt. – Meer integrale zorg en ondersteuning worden volgens de betrokken professionals zeker gerealiseerd. En zij zijn er laaiend enthousiast over. Dat is een belangrijk succes gezien de moeilijke arbeidsmarkt in Welzijn en Zorg en de groeiende vraag naar ondersteuning. Echt integraal werken met andere domeinen als jeugd, justitie, wonen is lastig maar biedt perspectieven. De verschillende, verkokerde geldstromen werken tegen. – Is het mogelijk meer mensen te helpen voor hetzelfde geld? Dat laat zich niet definitief bepalen in deze fase. Voor de WMO-diensten begeleiding en dagbesteding lijkt het wel het geval te zijn. – De samenwerking tussen professionals, vrijwilligers en inwoners is sterk verbeterd, blijkt uit interviews en enquêtes. De Samenwerkwijze als houding en methode is niet meer weg te denken. Preventie, substitutie, collectief aanbod inzetten, het gaat beter maar ze blijven allemaal nog achter bij de ambities. De effecten van het gebiedsgericht financieren lijken vooralsnog beperkt. De programmaorganisatie is in deze fase nog te weinig helder en slagvaardig.

Proeftuin Ruwaard Oss is een samenwerkingsverband van diverse organisaties in zorg, welzijn en wonen. Gemeente en aanbieders werken vanuit een gedeelde visie samen om de leefbaarheid en gezondheid in de wijk Ruwaard in Oss te verbeteren. Een gebiedsgerichte, integrale samenwerking, de bekostiging van wonen, welzijn én de actieve betrokkenheid van inwoners - vanuit hun eigen verantwoordelijkheid en leefwereld - worden als hefboom voor deze gezamenlijke ambitie gezien. De Proeftuin Ruwaard werkt vanuit één gezamenlijke opgave en één gezamenlijk (virtueel) budget voor Wmo en Welzijn. Het multidisciplinair overleg bij wijkbewoners thuis draagt bij aan het welbevinden van mensen en werkt kostenbesparend. Mensen hoeven hun verhaal niet langer zes keer aan verschillende organisaties te vertellen. Ook de vraag “welke organisatie doet nu wat?” en het langs elkaar heen werken valt

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Proeftuin De Ruwaard

weg. En door fysiek te overleggen met bewoners zijn privacy en informatie-uitwisseling eenvoudiger te realiseren. Door de gebiedsfinanciering hoeven professionals niet te denken vanuit hun eigen organisatie of het zorgsysteem. Daardoor hoeven zij minder of zelfs geen tijd meer te besteden aan het krijgen van een beschikking, administratie of het vaststellen van het aantal uren. Wijkprofessionals beslissen zelf hoe zij het budget inzetten. De organisaties leveren de zorg voor het afgesproken budget. Eventuele financiële voordelen, bijvoorbeeld door actievere wijkbewoners, meer preventieve en collectieve activiteiten en een efficiëntere werkwijze, worden evenredig verdeeld over de wijkbewoners, gemeente en de aanbieders. Onder de voorwaarde dat het geld ten goede komt aan de gezondheid van de wijk. Dit alles draagt bij aan gezamenlijke droom: Een vitale wijk waar actieve bewoners tegen lagere kosten een betere (positieve) gezondheid ervaren.

9

Ook de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft de resultaten van de Proeftuin omarmd en wil deze aanpak uitbreiden naar 13 gemeenten in de gezondheidsregio Noord-Oost Brabant.

Waar werd het moeilijk, wat waren de beren op de weg? Er zijn veel verschillende momenten geweest waarop het moeilijk werd. De belangrijkste zijn: – Het moment om vanuit de gemeenschappelijke visie te gaan uitvoeren (‘doen’). De neiging om heel lang te praten over de randvoorwaarden, de beren op de weg die elke organisatie ziet, is heel groot. Dat is in de Ruwaard opgelost door het heel klein te maken. Te beginnen met de vraag van één bewoner en die vervolgens op te schalen. – Management en bestuur moeten de werkvloer ruimte geven om anders te gaan werken. Elke organisatie is volgens eigen financieringslijnen georganiseerd. Die moeten zij loslaten, om zo te kunnen gaan werken. Sommige bestuurders losten de interne frictie op, door een bijzondere positie aan Ruwaard toe te kennen. Daar mocht het anders. – Ook inwoners en professionals uit andere wijken tonen interesse in deze wijze van samenwerken. Sinds 2018 is gehoor door management en bestuur gehoor gegeven aan de oproep door deze Samenwerkingswijze in andere wijken te ondersteunen. Al snel bleek dat als je de methodiek die in De Ruwaard is ontwikkeld niet automatisch naar andere wijken kunt opschalen: je moet mensen daarin meenemen en meekrijgen. Ze moeten zelf inspraak hebben in het leerproces. Daarvoor is een leerhuis ontwikkeld.

– Echt integraal werken met andere domeinen als jeugd, justitie, wonen is lastig maar biedt perspectieven. De verschillende, verkokerde geldstromen werken tegen.

Proces van samenwerken aan wonen, welzijn en zorg Anders denken, doen en organiseren is een veranderaanpak waarbij door samenwerkende organisaties (in wonen, welzijn en zorg) volgens een aantal principes aan werken.

De werkende principes: 1. Gezamenlijke visie en doelen en taal (weet wat je samen wil bereiken) Om van de Ruwaard een vitale wijk te maken waar “inwoners tegen lagere kosten een betere (positieve) gezondheid ervaren” zoals geschetst in het ideale toekomstbeeld, is het noodzakelijk dat de betrokken organisaties dezelfde taal spreken en gezamenlijke doelen nastreven. De vijf strategische doelen van Ruwaard zijn: 1. Betere gezondheid en ervaren kwaliteit van leven van individuele inwoners. Zodat inwoners zich zo goed en vitaal mogelijk voelen. 2. Meer gezamenlijke betrokkenheid en verantwoordelijkheid van inwoners. Zodat inwoners samen bouwen aan een betere wijk. 3. Meer en betere gezamenlijk georganiseerde wonen, welzijn en zorg. Zodat de samenwerking soepel verloopt en bewoners zo snel en goed mogelijk worden geholpen. 4. Lagere maatschappelijke kosten. Zodat er ook in de toekomst nog genoeg geld is om te voldoen aan de behoeften van de bewoners. 5. Betere steunende systemen. Zodat organisaties zo zijn ingericht dat zij beter kunnen doen wat nodig is.

2. Eenduidige aanpak Ruwaard werkt voor alle type vragen, zowel bij enkelvoudige - als bij multi-problematiek, volgens de Samenwerkingswijze. Deze werkwijze is daarmee een grondhouding: dè manier van werken voor professionals, als zij aan de slag gaan met inwoners, cliënten of patiënten.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Proeftuin De Ruwaard

10

De Samenwerkingswijze is geeft ook vorm aan het gezamenlijk overleg met de bewoner, in de eigen woonomgeving en met personen uit zijn netwerk en alle professionals die nodig zijn.

5. Actie-leren (aan de slag in de praktijk, denk groot begin klein) Gewoon ‘doen en beginnen’ is belangrijk om het proces op te starten. De samenwerkwijze is toe te passen op casus niveau (n=1)! Wat doet de werkwijze met mensen voor en na de interventie en ook op langere termijn. Start met intrinsiek gemotiveerde mensen die deze manier van werken willen toepassen in de praktijk.

6. Organiseer leersessies (op alle niveaus)

Uitgangspunt zijn de vragen: - Wat wil ik? Wat zijn mijn doelen en waar wil ik naar toe werken? - Wat kan ik? Wat kan ik betekenen voor mezelf en voor een ander? - Wat heb ik nodig? Wat heb ik (van een ander) nodig om bovenstaande te bereiken? De kracht van deze werkwijze is de eenvoud, maar consequent zo werken is niet eenvoudig.

Laat de mensen, die ervaring met de samenwerkwijze hebben opgedaan de lessen die ze hieruit hebben geleerd, delen in zogenaamde leersessies. Zorg ervoor dat de geleerde lessen, voor iedereen in het gekozen gebied, toegankelijk zijn. Zodat men van, voor en door elkaar kan leren. Met deze manier van lessen delen en door peer to peer coaching kan een bredere groep geïnteresseerden de meerwaarde van samenwerking ervaren. Thema’s waar professionals op vastlopen of trots zijn op, zijn vaak interessant voor de leersessies van managers. En onderwerpen waar managers op vastlopen of trots op zijn, zijn weer relevant voor de bestuurders. Ook belangrijk: Vier je successen, zo maak je samen het beleid voor de toekomst!

3. Gebied vaststellen (scope) Bepaal de begrenzing van het experiment-gebied. Dit kan een buurt, wijk, of gemeente zijn afhankelijk van de omvang en het aantal inwoners. Ruwaard telt ongeveer 13.000 inwoners. De praktijk in Ruwaard wijst uit dat de omvang van het experiment-gebied niet te groot moet zijn (niet groter dan 20.000 inwoners).

4. Profiel maken van gebied (wijkfoto) Als het gebied is vastgesteld dan is het belangrijk om zoveel mogelijk data te verzamelen over het gebied waar de proeftuin start. Deze informatie geeft inzicht in waar behoefte aan is en waarop interventies gewenst zijn. Hoe betrouwbaarder en scherper de informatie, hoe meer deze ook kan dienen als meetinstrument. Hebben de interventies het gewenste effect? En zijn de effecten van de interventies op korte en lage termijn zichtbaar in de data? Het profiel van het gekozen gebied is een soort wijkfoto. Het geeft inzicht in kenmerken van de wijk zoals de sociaaleconomische status (SES), verhouding autochtoon/allochtoon, de zorgconsumptie, samenstelling huishoudens, aantal bijstandsinkomens, etc.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Proeftuin De Ruwaard

7. Zowel horizontaal als verticaal leren Niet alleen de mensen binnen het gekozen gebied maar ook binnen de deelnemende organisaties zijn gebaat bij de geleerde lessen. Het leren is daarom zowel in- als extern van belang. Wat betekent deze nieuwe manier van werken voor mij en voor mijn organisatie? Welke gedragsverandering is er nodig om mijn organisatie voor te bereiden op eventuele opschaling. De aanpak die de verschillende organisaties kiezen zijn ook weer relevant voor de leersessies. Ook op dit punt is het waardevol om elkaar te leren.

8. Bereken maatschappelijk rendement door te ‘tellen en vertellen’ Voor individuele casuïstiek binnen de proeftuin meten zogenoemde micro-analyses het maatschappelijk rendement. Het maatschappelijk rendement is teruggebracht naar twee indicatoren: het ervaren welbevinden van de betreffende wijkbewoner(s) en de jaarlijkse maatschappelijke kosten en (toekomstige) besparingen van de geleverde zorg en ondersteuning. Deze indicatoren sluiten aan op de visie van de Proeftuin Ruwaard.

11

9. Creëer een white label team (1 opdracht, 1 werkwijze, 1 team) Op basis van de visie, de opdracht, het afgebakende gebied (wijk) en de vastgestelde samenwerkwijze vormen de professionals in de wijk een zogenaamd (integraal) white label team. Een team dat op basis van de gezamenlijke opdracht ook gezamenlijk verantwoordelijk is voor het resultaat. Dit stimuleert de integrale samenwerking. Doordat men elkaar gaat zien als collega’s gaat het team meer integraal, collectief en effectief werken. Niet te verwarren met zelforganiserende teams, die losgelaten worden. Het is een intersectoraal team met gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het resultaat.

10. Gebied gebonden financiering De werkende principes 1 t/m 9 zijn stuk voor stuk nodig voor succes. De huidige wijze van financieren van welzijn en zorg is gebaseerd op het behandelen vanuit ziekte of beperking. Dit systeem beloont zorgaanbieders voor productie. Dat kan tot een perverse prikkel leiden die de zorgkosten opstuwt in plaats van tempert. Met een passend financieel model, gekoppeld aan een gezamenlijke opgave, richt je de prikkel meer op kwaliteit en effectiviteit. Met als streven dat uiteindelijk méér mensen geholpen kunnen worden vanuit hetzelfde budget. Sinds 1 januari 2018 werken de deelnemende organisaties in de Proeftuin vanuit één gezamenlijke opgave en één gezamenlijk (virtueel) Wmo-budget. Het budget is voor de komende vijf jaar vastgelegd, inclusief indexatie. De deelnemende partijen nemen samen de verantwoordelijkheid en het risico om voor dit bedrag de zorg en ondersteuning in de wijk Ruwaard te leveren. Het budget wordt uitgekeerd in de vorm van een subsidie. Het is gebaseerd op de kosten die de partijen de afgelopen jaren in de wijk Ruwaard maakten voor de zorg en ondersteuning (te weten; individuele begeleiding, dagbesteding en huishoudelijke zorg uit de WMO).

11. Zorg voor buitenboordmotor Deze vernieuwende veranderaanpak breidt zich op organische manier verder uit in activiteiten in Oss en de regio. Elke wijk in Oss heeft of krijgt een eigen aanjager. Het is de bedoeling om deze opschaling op een natuurlijke, organische manier te laten verlopen.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Proeftuin De Ruwaard

Vanaf de start van de proeftuin worden de partners ondersteund door een onafhankelijk programma- en procesteam (ofwel, de buitenboordmotor). Verandering is weerbarstig en de schijn van tegengestelde belangen kunnen een remmende werking hebben. Het onafhankelijke team, neemt schijnbare tegengestelde belangen weg en ondersteunt de partners bij veranderprocessen. Zie hiervoor ook anders denken, doen en organiseren.

Inclusieve en veilige leefomgeving Ketenpartners Recidive verminderen door een straf aan te laten sluiten op de individuele situatie van de wijkbewoner en voorkomen dat deze straf haaks staat op bijvoorbeeld een al ingezet zorgtraject. Dat is het doel van de pilot ‘Verbinding justitieel ketenaanpak met proeftuin Ruwaard’ en de inzet van een samenwerkingsverband tussen Proeftuin Ruwaard en de justitiële partners, waaronder het Openbaar Ministerie, Reclassering Nederland, NovadicKentron en de Raad voor de Kinderbescherming dat in augustus

12

2019 is gestart. De pilot maakt onderdeel uit van het programma ‘Koers en kansen’ van het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Het programma biedt de mogelijkheid te experimenteren met samenwerking tussen justitie, zorg en gemeenten bij de uitvoering van sancties. In lokale projecten onderzoekt men wat in de praktijk werkt.

De wijkpreventie aanpak Preventie speelt een belangrijke rol om de doelstelling van Proeftuin Ruwaard te bereiken: een vitale wijk de Ruwaard waar wijkbewoners tegen lagere kosten een betere (positieve) gezondheid ervaren. Denk bijvoorbeeld aan het voorkomen of vroegtijdig aanpakken van ziekten, een ongezonde leefstijl, eenzaamheid of het verliezen van zelfregie. Het project Wijkpreventie aanpak richt zich op preventieve activiteiten voor groepen wijkbewoners. Wijkpreventie aanpak is een belangrijke ontwikkellijn binnen de proeftuin. Tot nu toe zijn er ruim 14 wijkpreventieprojecten. Om een idee te geven welke projecten dit zijn, hierbij een aantal voorbeelden: – cursus voluit leven – omgaan met armoede – opvoedingsondersteuning – stoppen met roken aanpak laaggeletterdheid en buurtsport Meer informatie is te lezen in de leergeschiedenis.

Huis van de wijk De vragen ‘Wat wil je? Wat kan je? En wat heb je daarvoor nodig?’ worden niet alleen gesteld aan individuele mensen, maar ook aan groepen in de wijk. Uit een bijeenkomst met wijkbewoners bleek er behoefte aan een laagdrempelige locatie in de wijk waar alles samenkomt; mensen, organisaties en activiteiten. En dus kregen wijkbewoners de ruimte om het Huis van de wijk op te richten. De wijkbewoners zijn zelf verantwoordelijk voor het beheer en de gang van zaken binnen het pand. Een greep uit de activiteiten die plaatsvinden: wekelijks rondetafelgesprekken, GGD preventieve activiteiten gezond leven, buurttafel, ontspanningsactiviteiten, taalcursussen, bijeenkomsten positieve gezondheid. Per week zijn er ongeveer 300 unieke bezoekers, meer dan 200 activiteiten en 30 vaste vrijwilligers.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Proeftuin De Ruwaard

Ondersteuning en begeleiding Doorstroom intramuraal & beschermd naar zelfstandig wonen Mensen die intramuraal (binnen de muren van een zorg- of welzijnsvoorziening) of beschermd wonen, bijvoorbeeld in een GGZ-voorziening, maatschappelijke opvang of crisisopvang, kunnen én willen soms liever zelfstandig wonen. Dit project biedt die mensen de kans op een zelfstandige woonsituatie. Het doel is om voor deze mensen een woonomgeving te realiseren die past bij wat zij willen en kunnen, in plaats van uit te gaan van het aanbod van een organisatie of gemeente. De Proeftuin heeft zich bij haar aanpak laten inspireren door ‘Housing First’.1 Een dakloze krijgt als start een huis en vervolgens jarenlange begeleiding. Het resultaat liegt er niet om: 85% van de deelnemers raakt daarna niet meer dakloos. Wat de Proeftuin Ruwaard aanspreekt in de aanpak, zijn de basisvoorzieningen op maat. Die worden al geregeld voordat de mensen zelfstandig gaan wonen. De werkwijze die dit project hanteert is de individuele casuïstiekaanpak van de Proeftuin. Dit betekent dat in een persoonlijk gesprek aan de inwoner wordt gevraagd: ‘Wat wil je? Wat kun je zelf? Wat heb je nodig?’ Op basis van de antwoorden zoekt de Proeftuin de juiste partijen om met de inwoner samen het gesprek aan te gaan. Samen maken zij een plan, waar iedereen het mee eens is en direct mee aan de slag gaat.

Zo kunnen kwetsbare mensen op een veilige en kansrijke manier wonen op de plek waar zij dat willen.

1. Een werkwijze die vooral in Canada en de Verenigde Staten wordt gebruikt bij het verminderen van het aantal daklozen. Waar in het verleden een dakloze eerst goed gedrag moest laten zien, voordat hij in aanmerking kon komen voor een huis, wordt het proces in deze aanpak omgedraaid.

13

Casus de fiets Aanleiding Bij de aanmelding van haar zoontje met ADHD bij speciaal onderwijs werd een verzoek om vervoer afgewezen, omdat de moeder te dicht bij school woont. Moeder is een alleenstaande vrouw zonder rijbewijs. Ze heeft d nog 2 dochtertjes. Moeder is overbelast en bekend bij GGZ/ jeugdzorg en Welzijn. Ik wil: Oplossing voor vervoersprobleem zodat mijn zoontje het onderwijs kan volgen dat hij nodig heeft. Ik kan: Hem leren fietsen maar heb daar tijd en een fietsje voor nodig. Ik heb nodig: Meerdere professionals keken samen met moeder en de opa naar wat er wel kan en kwamen het volgende overeen. – Fietsje voor zoontje – Vervoersindicatie voor 1 schooljaar (moeder heeft in die tijd zoontje leren fietsen) – Opa verbouwt de kamer van het jongentje, zodat hij apart slaapt van zusjes – Bed ritueel weer op orde door apart slapen en voorlees expeditie Ons welzijn (vrijwillig)

Conclusie Welzijn moeder is toegenomen. Gemeten op schaal 1 op 10 op korte en lange termijn van een 3 naar een 9. Er zijn kosten bespaard doordat moeder blijft functioneren en er dus geen kinderen uit huis hoeven worden geplaatst. Kosten fiets en indicatie vervoer 1 jaar €5025,- (waarvan €25 voor fiets) tegenover 3 keer uithuisplaatsing 3 x €40.000,-

Meer weten? – Leergeschiedenis – Anders denken doen organiseren

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Proeftuin De Ruwaard

14

Majella Wonen, Utrecht Zorgzaam wonen: Iedereen kan iets bijdragen Urgentie van de opgave Op veel plaatsen in het land is de druk op de woningmarkt hoog. In de top 40 van de meest verhitte gemeenten op de Nederlandse woningmarkt staat de stad Utrecht al jaren in de top drie. Het aantal inwoners en huishoudens blijft stijgen en het aanbod van nieuwe woningen blijft daar structureel bij achter. Kwetsbare groepen hebben meer nog dan andere groepen last van de krapte. Een passende woonplek voor deze doelgroep vraagt vaak iets anders dan de huisvesting van reguliere doelgroepen, namelijk sociaal beheer en zorg. Dat bemoeilijkt het vinden van geschikte woonruimte. Dat realiseerde ook woningcorporatie Portaal zich in 2015 bij het ontwikkelen van toekomstplannen voor 70 woningen in twee appartementengebouwen aan de Thomas à Kempisweg in Utrecht. Portaal zag een toenemende vraag naar huisvesting voor kwetsbare doelgroepen, door meer uitstroom uit de maatschappelijke opvang, Met het oog daarop ontwikkelde Portaal met de Tussenvoorziening (organisatie voor maatschappelijke opvang) een nieuwe woonvorm in de door haar beheerde, leegstaande woningen.

Wat is bereikt? Het gemengd wonen1 project Majella Wonen is medio 2016 geopend. In twee naoorlogse appartementencomplexen wonen ex-dak- en thuislozen en reguliere huurders als buren samen. De complexen stonden eerder op de nominatie voor sloop. Dit is uiteindelijk afgeblazen. De ex-dak- en thuislozen zijn cliënten van de Tussenvoorziening. Ze hebben begeleiding en ondersteuning nodig bij het voeren van de regie over hun wonen en leven. In de praktijk blijkt dat de omgeving vaak weinig oog heeft voor 1. Bij gemengd wonen gaat het om woonprojecten waarin verschillende groepen doelbewust samen wonen, contact onderhouden en gezamenlijke activiteiten ondernemen.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Majella Wonen, Utrecht

mensen ’in de rafelrand van de samenleving’. Terwijl mensen die op weg zijn naar herstel juist heel erg geholpen zijn met – en behoefte hebben aan buren die hen zien en begroeten, een praatje maken en uitnodigen om deel te nemen aan activiteiten in de buurt. De reguliere huurders zijn sociale mensen die een actieve bijdrage willen en kunnen leveren aan de leefsituatie in het gebouw en de woonomgeving. De wooneenheden zijn betaalbaar en variëren van kleine appartementen tot gezinswoningen.

15

Majella Wonen biedt huisvesting voor mensen uit de maatschappelijke opvang en draagt zo bij aan een prettige, inclusieve woonbuurt. 35 cliënten met een Wmoindicatie kunnen er, met stabiliserende begeleiding, een nieuwe start maken via het Housing First principe. Daarmee krijgen dakloze mensen direct woonruimte, op voorwaarde van inkomensbeheer. Zij betalen zelf de huur en verzorgen zelf hun huishouden, maar krijgen daarbij intensieve begeleiding. Doel is dat deze bewoners na drie jaar zelfstandig kunnen wonen met een huurcontract op eigen naam. De Tussenvoorziening verzorgt de begeleiding. Reguliere bewoners kunnen zich als maatje aanmelden. Een belangrijk voordeel voor de huurders uit de maatschappelijke opvang is dat zij in een complex komen te wonen waar de reguliere huurders er bewust voor kiezen om in dit project te wonen. Van sociale verhuurders bestaat nogal eens het beeld ‘dat ze maar van alles plaatsen’ in hun woningen. ‘Gemengd wonen’ weet dit om te draaien. Bewoners kiezen er bewust voor om elkaar te helpen. Ze organiseren van alles met en voor elkaar: van fietsen repareren tot spelletjes, creatieve activiteiten en feestjes. De mix van begeleide en onbegeleide bewoners heeft zich inmiddels ontwikkeld tot een hechte woongemeenschap met een voor beide groepen zelfstandige, duurzame woonvorm.

Zelfs zo hecht dat de corporatie en de woonvereniging nu samen de mogelijkheden verkennen om – bij nieuwbouw op deze locatie - de gehele woongemeenschap naar een complex in Leidsche Rijn te verhuizen.

Tussen bewoners, de sociaal beheerder van Portaal en de Tussenvoorziening was er in de eerste 3 jaar eens per maand een afstemmingsoverleg. Naast beheerszaken bespraken zij ook wat goed gaat en wat beter kan. Na verloop van tijd en het omklappen2 van huurcontracten is dit afgebouwd. Beide organisaties blijven op de achtergrond betrokken. In feite fungeert de woonvereniging nu als het vliegwiel van Majella Wonen.

School gemaakt Gemengd wonen heeft in Utrecht na Majella snel school gemaakt. Voorbeelden zijn vanuit de Tussenvoorziening o.a. Mixit en Livin met Mitros in Leidsche Rijn, Seyster Veste met Woongoed in Zeist, Meanderpark met Portaal in Nieuwegein en Place to be U met Mitros en Portaal. Bij een deel van deze projecten zijn ook organisaties als Lister en Leger des Heils betrokken.

Proces van samenwerken aan wonen, welzijn en zorg Unieke processtappen: Gedeelde urgentie, gezamenlijke verantwoordelijkheid

Woonvereniging verzorgt sociaal beheer Alle bewoners vormen samen een woonvereniging. Die bestaat uit begeleide en onbegeleide bewoners. Zij hebben sinds 2019 het sociaal beheer vrijwel volledig overgenomen. De woonvereniging verzorgt de toelating van nieuwe bewoners en organiseert allerlei activiteiten in en om (de gemeenschappelijke ruimte van) het complex. Zoals het onderhouden van de gemeenschappelijke tuin, een buurtfeest of het organiseren van een Kubb-toernooi of spelletjesavonden/dagen. Van reguliere huurders verwacht men dat zij bereid zijn om als goede buur bij te dragen aan een open en actieve buurt. Men vraagt hen betrokkenheid en verantwoordelijkheid te tonen: voor een goed leefklimaat binnen het gebouw, door deel te nemen aan het bestuur en/of een werkgroep van de woonvereniging en door deel te nemen aan activiteiten van de woonvereniging. Van de bewoners vraagt dit gemiddeld een dagdeel per week.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Majella Wonen, Utrecht

Het project Majella is ontstaan vanuit woningcorporatie Portaal, die 70 woningen verhuurde in het kader van leegstandsbeheer in afwachting tot de voorgenomen sloop. Met het oog op de krapte op de woningmarkt en het gebrek aan huisvestingsmogelijkheden voor urgente doelgroepen besloot Portaal om de woningen niet te slopen na het vrijkomen, maar deze in te zetten voor gemengd wonen. Met name omdat door positieve ervaringen met een vergelijkbare woonvorm elders. Uiteindelijk heeft Portaal aan de Tussenvoorziening gevraagd om gezamenlijk een gemengd wonen project op te zetten. Met het project Majella realiseerden de twee partijen in 2016 een gemengd wonen concept voor 68 woningen.

2. Bij omklappen wordt het huurcontract wordt overgezet van de zorginstelling naar de huurder.

16

Samenwerking & coöptatie door woonvereniging Het opzetten en begeleiden van de woonvereniging heeft inzet gevergd van de Tussenvoorziening en Portaal. Zij hebben veel tijd besteed aan de werving en selectie van de bestuursleden. Middels uitgebreide gesprekken (circa 45) is er een bestuur geformeerd, met in het begin vooral reguliere bewoners. Daarnaast was er in de opstartfase begeleiding nodig om het bestuur, en daarmee de woonvereniging, verder te ontwikkelen. In het project stemmen betrokkenen van Tussenvoorziening, Portaal en de woonvereniging, regelmatig met elkaar af. Op hoofdlijnen zijn deze partijen op de volgende wijze betrokken: – Woonvereniging van huurders: speelt belangrijke rol in het sociaal beheer van het project. Wijst de reguliere huurders, middels coöptatie (voordracht van nieuwe bewoners), een woning toe. Het is van belang dat de woonvereniging ook gedurende het project het aanspreekpunt blijft. – Tussenvoorziening: is verantwoordelijk voor het huisvesten en begeleiden van de zorgdoelgroep, ex dak- en thuislozen. Zet hiervoor onder meer een projectleider en begeleiders in. De begeleiders van de Tussenvoorziening op het project zijn intern opgeleid om de woongemeenschap (in plaats van individuen) te kunnen begeleiden. – Portaal: is de eigenaar van de woningen en verantwoordelijk voor het huisvesten van de reguliere doelgroep.

Zet voor dit project bij de startfase een projectleider en een sociaal beheerder in. De betrokkenen van Tussenvoorziening en Portaal werken als collega’s met elkaar samen. Het opzetten van deze samenwerking kost tijd, maar zorgt in het project voor vertrouwen, eigenaarschap en teamwork. Ook de opstelling en medewerking van de gemeente was in dit project essentieel: bijvoorbeeld bij het aanpassen van verordeningen, die coöptatie mogelijk maken, waardoor de woonvereniging zelf reguliere huurders kan toewijzen.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Majella Wonen, Utrecht

Kleine schaal Schaalgrootte is een ander belangrijk aspect. Het gaat in totaal om zo’n 70 appartementen. De huur ervan varieert van 330 euro voor twee kamers tot 460 euro voor vijf kamers. 35 woningen staan onder de hoede van de Tussenvoorziening, de andere helft verhuurt Portaal zelf. Die kleinschaligheid zorgt ervoor dat bewoners elkaar gemakkelijker en sneller leren kennen. Ook is er minder sociaal beheer nodig is: de bewoners kunnen dat op deze kleine schaal uiteindelijk makkelijker zelf oppakken.

17

Incidentele, resultaatgerichte financiering Elk van de aangehaakte partijen betaalt de inzet van hun eigen aandeel in het sociaal beheer. Hierbij is breder financieren van belang, omdat er tijd nodig is om het project goed op te zetten en te laten verlopen. In Utrecht is dit goed geborgd. – De begeleiding vanuit de Tussenvoorziening wordt betaald vanuit de Wmo-gelden. Hierover hebben de gemeente en de Tussenvoorziening afspraken gemaakt. De personele inzet en de financiering worden elk jaar met 1/3 afgebouwd. Het sociaal beheer moet ook daardoor steeds meer bij de bewoners zelf komen te liggen. De Tussenvoorziening betaalt andere kosten zoals de projectleider en forensische expertise, uit haar algemene middelen. – Portaal financiert haar inzet uit de eigen reguliere middelen. Ook draagt Portaal financieel bij aan het onderhoud van tuinen door de woonvereniging. – De gemeente investeert aandacht, tijd en energie in het mogelijk maken van het project. Ze heeft incidenteel middelen beschikbaar gesteld voor begeleiding van de doelgroep.

Waar werd het moeilijk, wat waren de beren op de weg? De te overwinnen hobbels lagen veel meer intern, dan tussen de betrokken partijen. Zo voelt Portaal zich verantwoordelijk voor huisvesting van deze doelgroep. De gemeente Utrecht was blij dat er daadwerkelijk iets aan de wachtlijst gedaan kon worden en dat het een incidentele subsidie betrof met duidelijke prestatieafspraken. – Portaal worstelde met vragen als: Is het gebouw nog een investering waard? Willen we deze opgeknapte woningen wel aan deze specifieke doelgroep en een aantal gemotiveerde reguliere huurders verhuren in plaats van ‘gewoon’ via de wachtlijst? Is dat wel eerlijk tegenover aspirant-huurders die al jaren op de wachtlijst staan? Is het niet een groot risico om zoveel mensen vanuit de maatschappelijke opvang in één gebouw bij elkaar te huisvesten? Achteraf is de corporatie blij dat deze vragen positief zijn beantwoord en de samenwerking met de bewoners en de Tussenvoorziening is doorgezet. – Voor de Tussenvoorziening was bij dit - en ook bij andere Gemengd wonen projecten - het tijdig beschikbaar krijgen van middelen en het op elkaar afstemmen van financiering met de oplevering van de woningen een lastig vraagstuk. Het

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Majella Wonen, Utrecht

betreffen immers gescheiden processen die precies op hetzelfde moment moeten leveren. Overigens is een bijkomend voordeel van Gemengd wonen projecten dat er geen NIMBY-protesten zijn. Buurtbewoners gaan er van uit dat de dragende bewoners eventuele overlast eerder zullen signaleren en helpen oplossen. Ze verwachten er zelf minder last van te krijgen.

Inclusieve en veilige leefomgeving De fysieke leefbaarheid en veiligheid in de buurt rond dit complex is erop vooruit gegaan. En dát in een buurtje dat bekend stond als verloederd en onveilig. Met grauwe portiekwoningen die op de nominatie stonden om te worden gesloopt. Er waren steekincidenten, er was nauwelijks sociale controle. Uit evaluaties blijkt dat het project goed uitpakt, dankzij de intensiteit van het sociaal beheer. Dat heeft de sociale controle en betrokkenheid van de buurt sterk verbeterd. In de buurt zie je dat terug: tuinen worden beter onderhouden, er is een speeltuin opgeknapt en de fietsendiefstal is afgenomen. De buurtbewoners voelen meer eigenaarschap over hun omgeving, door de versterkte sociale structuur.

Ondersteuning en begeleiding In Majella is een sociaal beheerder vanuit Portaal op afstand actief betrokken. De Tussenvoorziening is drie jaar aanwezig geweest in het kantoorpand: de begeleiders droegen door hun aanwezigheid actief bij aan het beheer. Inmiddels organiseren de bewoners zelf, via de woonvereniging, een belangrijk deel van het sociaal beheer in het project. De woonvereniging richt zich onder meer op: het organiseren van activiteiten in de buurt en het in de gaten houden van de omgeving. Daarnaast fungeert het bestuur van de woonvereniging als spreekbuis van de bewoners in contacten met de andere partijen.

18

De inzet van Portaal en de Tussenvoorziening nam gaandeweg het project af. De woonvereniging pakt inmiddels veel zelf op. Het project loopt goed. Zo is de onderlinge controle onder bewoners verbeterd. En zijn er steeds meer bewoners vanuit de zorgdoelgroep actief betrokken geraakt bij de woonvereniging. Uiteindelijk heeft de Tussenvoorziening zich vrijwel volledig kunnen terugtrekken. Wel biedt de organisatie de mogelijkheid om op begeleiding terug te vallen, indien nodig. Toen de Tussenvoorziening in 2019 haar kantoor overdroeg aan de bewoners, staken die meteen de handen uit de mouwen en transformeerden de plek tot een gezamenlijk ruimte.

Meer weten? – Majella wonen – woningcorporatie Portaal – Artikel: Onder de Mensen: Het succes van Majella Wonen (duic.nl) – Beeldreportage Zorgzaam wonen: ‘Iedereen kan iets bijdragen’ | AedesMagazine – Interview: Intensieve samenwerking opgave huisvesting kwetsbare doelgroepen - Platform31 – Publicatie: De magic mix als zachte landing in de wijk - Platform31 – Artikel ‘Al na drie jaar had de woonvereniging het sociaal beheer overgenomen’ – Goede buren. Lessen uit gemengde woonprojecten in Utrecht | Hogeschool Utrecht (hu.nl) – Leergang gemengd wonen

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Majella Wonen, Utrecht

19

Aanpak Sunny Selwerd & Wijkbedrijf Selwerd In Selwerd werken wijkbewoners met elkaar samen om de wijk Selwerd gezonder en de bewoners ervan gelukkiger te maken: Sunny Selwerd!

Problematiek en domeinen rondom Selwerd Woningen: matig binnenklimaat, matig duurzaam; Aandacht voor betaalbaarheid.

Urgentie van de opgave: Koppelen van fysieke en sociale verduurzaming De wijk Selwerd in het noorden van Groningen ging de afgelopen decennia achteruit. Was het bij de bouw nog een zeer geliefde wijk, gaandeweg raakte de wijk gaandeweg minder in trek. Onder meer doordat er voor 2015 in vergelijkbare Groningse wijken als Vinkhuizen en Paddepoel wel grootschalige stedelijke vernieuwing plaatsvond. Vernieuwingsplannen voor Selwerd belandden tijdens de vorige economische crisis in de ijskast. Door het goedkope woningaanbod en een verslechterde imago dreigde in Selwerd een concentratie van kwetsbare groepen te ontstaan. De gemeente Groningen besloot eind 2016 tot een nieuwe impuls in de leefbaarheids. Daarbij stond gezond leven en welbevinden in de wijk centraal. In 2018 selecteerde het college Selwerd als een van de vier prioritaire wijken waar men de leefbaarheid wilde verbeteren. Men wil er slim en chirurgisch mee aan de slag. Allereerst door een sterk netwerk op te bouwen en bewoners te mobiliseren. Bij de wijkvernieuwing wil men Selwerd ook direct afkoppelen van het aardgasnet. De bewoners bedachten de naam Sunny Selwerd voor het plan van aanpak. Als eerbetoon aan de wijk die gebouwd is op de beginselen van de doorzonwoning.

Een aanpak met bewoners die positief zijn ingesteld en de ambitie hebben om de wijk gezonder, duurzamer en gelukkiger te maken (met een knipoog naar de multiculturele diversiteit).

Vier samenhangende domeinen De ambitie van Gezondheid en Welbevinden raakt - volgens gemeente, bewoners en betrokken partners in het plan van aanpak - vier met elkaar samenhangende domeinen:

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Aanpak Sunny Selwerd & Wijkbedrijf Selwerd

Fysieke woonomgeving sleets; Veel groen maar minder gewaardeerd; Ingericht op auto’s.

Fysieke domein

Gezondheid en welbevinden Sociale domein Fysieke en psychische gezondheidsklachten

Private domein

Lage maatschappelijke deelname; Hoog aandeel eenzaamheid; Hoog aandeel armoede.

Publieke domein

– Het domein van het wonen. Hier spelen thema’s als kwaliteit van de woningvoorraad, duurzaamheid, verhuisbewegingen en sociale duurzaamheid en samenstelling van de wijk. – Het domein van de woonomgeving. Hier spelen thema’s als veiligheid en aantrekkelijkheid, ontmoeting en gezond bewegen. – Het domein van de maatschappelijke participatie. Hier spelen thema’s als werk, meedoen, sociale contacten, wijkvoorzieningen. – Het domein van de persoonlijke leefkwaliteit. Hier spelen de thema’s van geestelijke en lichamelijke gezondheid, armoede, opvoeding, opleiding en zelfregie.

20

Wat is bereikt? Wijkbedrijf Selwerd Bij de realisatie van de plannen voor Selwerd speelt het Wijkbedrijf Selwerd een centrale rol. Het bedrijf opende zes jaar geleden de deuren. Het is een plek van, voor en door bewoners, waar leren, werken en ondernemen centraal staan. Wijkbewoners kunnen er op laagdrempelige wijze, voor en met elkaar initiatieven opzetten, zich bij een wijkinitiatief aansluiten en werkervaring opdoen. Door actief bij te dragen aan de leefbaarheid van hun wijk raken bewoners zelf meer verbonden met hun omgeving én hun eigen kwaliteiten. Het Wijkbedrijf is een belangrijke partner voor de gemeente Groningen en andere bij de integrale wijkvernieuwing van Selwerd betrokken organisaties. Het vernieuwingsproces loopt door tot in 2028.

Koppeling door middel van een verbindend thema Het Wijkbedrijf maakt deel uit van een integrale aanpak van Selwerd. De combinatie van fysieke en sociale maatregelen in de woonomgeving beïnvloedt de gezondheid van bewoners positief en versterkt het de wijk als geheel. Gezondheid is het bindende thema van de duurzaamheids- en leefbaarheidsambities van Selwerd. Als het goed is ziet de wijk er over enkele jaren heel anders uit, is de woonwaarde gestegen en is de gezondheid van de bewoners aanzienlijk verbeterd. Met Sunny Selwerd’ als motto, vertaalden de betrokken partijen de centrale thema’s in het plan van aanpak in samenspraak met bewoners in concrete doelen: 1. Wonen & duurzaamheid -> doel: Betaalbaar wonen, minder energie gebruiken en geen gedwongen verhuizingen uit de wijk . 2. Leefkwaliteit, zorg & welzijn -> doel: Gezond(er) blijven. 3. Woonomgeving, verkeersveiligheid & inrichting fysieke ruimte -> doel: Veilig wonen in een aantrekkelijke woonomgeving. 4. Maatschappelijke participatie, werk & meedoen -> doel: Meedoen.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Aanpak Sunny Selwerd & Wijkbedrijf Selwerd

De ambities en doelen zijn uitgewerkt en geconcretiseerd in een meerjarig programma en vastgelegd in het Koersdocument Wijkvernieuwing Selwerd. Dit koersdocument fungeert als richtsnoer van het uitwerken van activiteiten en projecten in het vernieuwingsproces, wat zeker 10 jaar in beslag neemt. Jaarlijks leggen gemeente en betrokken organisaties de afgesproken activiteiten vast, zoals in de prestatieafspraken met woningcorporaties. Tegelijkertijd participeert de wijk in verschillende innovatieprogramma’s w.o. het innovatieprogramma Langer Thuis en het experimentenprogramma Verduurzaming van kwetsbare wijken. De aanpak Sunny Selwerd begint zijn vruchten af te werpen: – In de plint van één van de gerenoveerde studentenflats van Lefier is wijkrestaurant De Duindoorn geopend. Het wordt gerund door professionals, vrijwilligers en mensen met een participatiebaan. Ook helpt het wijkrestaurant startende ondernemers die iets willen doen op het gebied van gastvrijheid, administratie, logistiek etc.

21

– De fysieke verduurzaming komt op gang, met bijvoorbeeld de indrukwekkende transformatie van drie grote studentenflats, de splinternieuwe woontoren de Beukenhorst en zorgcentrum De Es, de verduurzaming van huizenblokken en de geplande sloop van (beruchte) 51 schimmelwoningen. – Het Wijkwerkbedrijf functioneert steeds meer als een ’uitzendbureau voor de wijk’. Het helpt bij het activeren van bewoners met een afstand tot de arbeidsmarkt. Zij kunnen er ervaring opdoen met werk. Het gaat daarbij onder meer om mensen die vanwege hun hogere leeftijd weinig kans maken bij sollicitaties, mensen die al lang werkloos zijn of jongeren die nog geen opleiding hebben afgerond. Het Wijkwerkbedrijf haalt betaalde klussen binnen en speelt deze door naar bewoners. Zij kunnen zich door het uitvoeren van die klussen verder ontwikkelen. Het Wijkbedrijf krijgt daar, net zoals een normaal uitzendbureau, ook zelf een vergoeding voor. Het geld dat het Wijkbedrijf daaraan overhoudt, stroomt terug de wijk in. Daarmee worden bewonersinitiatieven ondersteund of opgezet. Ook begeleidt het wijkbedrijf mensen vanuit de tijdelijke klussen naar een opleiding of vaste baan elders.

– Het aantal door wijkbewoners genomen initiatieven verbreedt zich: van Ondernemend Selwerd tot Buurttaxi en van PC werkplaats tot de in- en verkoop van betaalbare verse groente en fruit. Ook hierbij fungeert Wijkbedrijf Selwerd als spil. – Vanuit woonzorgcentrum De Es zwermen leerlingen van Wijkgilde De Es iedere werkdag uit over de buurt. Op weg naar ‘hun’ mevrouw of meneer. Ze volgen de Entree-opleiding Assistent Dienstverlening & Zorg (MBO niveau 1) van het Alfacollege (ROC). Ze verrichten diverse huishoudelijke en sociale klusjes bij wijkbewoners thuis, als stage. Een uitkomst voor de ouderen en chronisch zieken in Selwerd die zelfstandig thuis wonen, maar steeds minder uren of helemaal geen huishoudelijke hulp krijgen.

Proces van samenwerken aan wonen, welzijn en zorg Unieke processtappen: Gedeelde urgentie/gezamenlijke verantwoordelijkheid In 2017 is op initiatief van de gemeente Groningen een coalitie voor de wijk gevormd. Bij de uitnodiging van alle maatschappelijke partners maakte de gemeente niet op voorhand onderscheid in de relevantie van de partijen. Dat resulteerde in een veel bredere en meer effectieve coalitie, dan de traditionele samenwerking tussen gemeente en woningcorporaties bij wijkontwikkelingen. Elke deelnemende partij is volwaardig lid van de coalitie.

Gedeelde en gezamenlijke visie/lange adem In Groningen zetten gemeente, bewoners en partners als corporaties, scholen, ondernemers, WIJ-Selwerd en gezondheids- en welzijnsorganisaties met Sunny Selwerd gezamenlijk een stip op de horizon. Vanuit een breed gedragen, gemeenschappelijk beeld van de toekomst van de wijk werken zij samen aan een betere wijk. Er is een gezamenlijke visie en aanpak geformuleerd waarin zij aangeven wat er speelt in de wijk en waar zij naartoe werken. Deze overeenstemming over het fundament van de wijkaanpak, helpt partijen om over een langere termijn op koers te blijven. De

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Aanpak Sunny Selwerd & Wijkbedrijf Selwerd

22

toekomstvisie, vastgelegd in het koersdocument, fungeert als anker bij evaluatie- en reflectiemomenten. Het hieraan gekoppelde vernieuwingsprogramma loopt tot en met 2028.

De mens/bewoner centraal Het Wijkbedrijf Selwerd heeft een drieledige missie: bewoners zich laten ontwikkelen en ontplooien, eigenaarschap in de wijk creëren en meer sociale verbinding in de wijk tot stand brengen. Het Wijkbedrijf doet dat door bewoners te koppelen aan werk of hen te faciliteren bij het opzetten van bewonersinitiatieven, zoals de buurttaxi of het wijkrestaurant. De inzet van het Wijkbedrijf is datbewoners een eigen verdienmodel creëren dat hen in staat stelt onafhankelijk te worden en zelf te investeren in initiatieven en de wijk. Het Wijkbedrijf is een stichting met een eigen begroting en inkomsten. Ongeveer 60% van de inkomsten komt uit subsidie van de gemeente. De andere inkomsten komen voor de helft uit de betaalde opdrachten van het Wijkwerkbedrijf en voor de helft uit verschillende initiatieven met een eigen businesscase. In totaal huurt de Stichting zo’n negen mensen in: dit zijn zowel bewoners als professionals. Zij vormen het facilitaire team en ondersteunen bewoners bij het zelf initiatief nemen of werken aan de wijk. Ook is er een bestuur. Het Wijkbedrijf opereert langs twee sporen: de bewonersinitiatieven en het Wijkwerkbedrijf.

bewoners - van ouderen, kinderen tot en met de plaatselijke hardloopgroep - levert waardevolle input op voor ontwerpers die oplossingen bedenken die bijdragen aan een betere gezondheid in de wijk. Er is veel ruimte voor participatietrajecten.

Grensoverschrijdend werken & onafhankelijk procesbegeleider

Waar werd het moeilijk, wat waren de beren op de weg?

De wijkgerichte aanpak in Selwerd vraagt om een andere manier van samenwerken met bewoners. En om samenwerking met nieuwe partijen. Selwerd beschouwt fysieke verduurzaming niet als een apart thema, maar verbindt verduurzaming met andere ambities en doelen van de wijkvernieuwing. Zo kunnen corporaties mensen bij wie ze de woning verduurzamen, motiveren mee te doen aan activiteiten of aan werk in de wijk. Het percentage ‘social return’ bij de enorme investeringen in duurzaamheid geeft een flinke impuls geven aan het wijkontwikkelingsprogramma.

Door de jaren heen hebben de samenwerkende organisaties in Selwerd een groot aantal obstakels overwonnen. Evaluatie daarvan samen met de Rijksuniversiteit Groningen levert de volgende aandachtspunten op:

Er zijn meer voorbeelden van synergie. Zo maakt een buurtregisseur analyses van iedere buurt binnen de wijk: wat speelt er op sociaal gebied, zijn er zorgmijders, is er sprake van armoede? De informatie die zij verzamelen bij verschillende groepen

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Aanpak Sunny Selwerd & Wijkbedrijf Selwerd

– Personele wisselingen en veranderende samenstelling van het netwerk De lange doorlooptijd van wijkontwikkelingsprocessen, ook in Selwerd, brengt na verloop van tijd personele wisselingen met zich mee. De betrokkenen van het eerste uur, soms sleutelfiguren, gaan met pensioen of stappen over naar een andere functie. Niet alleen de professionals, maar ook vrijwilligers. De daardoor ontstane vacatures zijn niet altijd makkelijk te vervullen. Daarom is in 2021 Wijkmakers opgericht, een Academie voor dorps- en wijkontwikkeling. Speciaal voor de

23

wijkontwikkelaars van nu en morgen. Samen werken in en aan bestaande wijken is complex en vraagt om inhoudelijke kennis. Over nieuwe thema’s als ondermijning, energietransitie en democratisering in de wijken. En om het opfrissen van de kennis overwijkvernieuwing. Ook is het nodig te investeren in vaardigheden, variërend van persoonlijk leiderschap tot het leren spreken en begrijpen van elkaars taal en leefwereld. De Wijkmakers Academie maakt werken in de wijkvernieuwing weer sexy. – Aansluiting van projecten op ambities en gestelde doelen Meten of - en in welke mate de verschillende projecten bijdragen aan het realiseren van de op wijkniveau gestelde ambities en doelen vraagt aandacht. Het zorgt ervoor dat doelen en projecten op elkaar blijven aansluiten. Samen met de Rijksuniversiteit Groningen ontwikkelen de betrokken organisaties indicatoren en meetinstrumenten om hier meer zicht en grip op te krijgen. Bijvoorbeeld om te kunnen vaststellen hoe de wijk eruit ziet wanneer de betrokken corporaties de renovatie- en herstructureringsplannen hebben gerealiseerd. En in welke mate de vernieuwde wijk daadwerkelijk bijdraagt aan de gezondheid van alle bewoners. – De zichtbaarheid van sociale projecten/verbinden fysiek en sociaal Uit analyses blijkt dat de problematiek in Selwerd het meest urgent is in het sociale domein.

Tegelijkertijd is de oplossing van sociale vraagstukken vaak complex. Het aanpakken van problemen in de fysieke omgeving, door bijvoorbeeld renovatie en nieuwbouw van woningen, is tastbaarder en eenvoudiger te realiseren. Om te voorkomen dat fysieke projecten de overhand hebben, is het belangrijk meer aandacht te schenken aan de zichtbaarheid van sociale projecten. Dat kan bijvoorbeeld door het inzetten vanstory-telling, en door een sterkere koppeling tussen fysieke en sociale projecten. Dat laatste gebeurt onder meer bij de grootschalige renovatie van studentenflat Dragant door Lefier en bij de realisatie van wijkrestaurant De Duindoorn in de plint, waar mensen uit de wijk, door de wijk en voor de wijk koken. Ook zijn er trainingen voor professionals die voor de aanleg van een warmtenet bij bewoners over de vloer komen. Zij leren sociale vraagstukken waarmee bewoners worstelen te signaleren en door te spelen in het netwerk van maatschappelijke organisaties.

Samenwerken aan leefbare en vitale buurten. ‘Zo doen we dat!’ | Aanpak Sunny Selwerd & Wijkbedrijf Selwerd

– Communicatie Sunny Selwerd in een diverse wijk In Selwerd wonen mensen met uiteenlopende culturele achtergronden en nationaliteiten. De meertaligheid en het ontbreken van een gemeenschappelijke deler maken het lastig om alle bewoners te bereiken. Dat maakt het noodzakelijk om de boodschap van Sunny Selwerd meer beeldend over te brengen. En om de zichtbaarheid van Sunny Selwerd in het straatbeeld te vergroten, brengt men bijvoorbeeld alle projecten in de wijk onder de merknaam en het beeldmerk van Sunny Selwerd naar buiten. – Het betrekken van bewoners in Corona-tijd In de Corona-tijd blijkt het betrekken en betrokken houden van bewoners erg ingewikkeld. De inzet is en blijft erop gericht om bewoners in een zo’n vroeg mogelijk stadium bij nieuwe ontwikkelingen en projecten te betrekken. Men organiseert digitale avonden, professionals gaan met een koffiekar de wijk in en er is een verplaatsbare bouwkeet: allemaal om de drempel zoveel mogelijk te verlagen. Ook is er een nieuwe denktank van bewoners, De Werkplaats. Hierin werken gemeente, professionals en bewoners samen om allerlei praktisch vraagstukken op te lossen. Zonder vooraf uitgewerkte ideeën. Zo ontwikkelen zij bijvoorbeeld een plan voor chill- en speelplekken voor alle groepen in de wijk, jong en oud.

Wonen en woonomgeving De subsidie voor het Wijkbedrijf van de gemeente komt uit een budget voor wijkvernieuwing. Deze wijkvernieuwing moet van Selwerd weer een wijk te maken waar het fijn is om te wonen. Nu is de wijk fysiek verouderd, ingericht op auto’s en parkeren en de woningen zijn aan renovatie toe. Daarnaast kenmerkt Selwerd zich door anonimiteit: een aanzienlijk deel van de bewoners kent elkaar niet of nauwelijks. Veel kwetsbare bewoners in Selwerd voelen weinig binding met de maatschappij. Er is veel armoede en er zijn veel gezondheidsproblemen. Daarom besloot de gemeente dat alle fysieke veranderingen in de wijk niet alleen de woonkwaliteit moeten verbeteren, maar ook een bijdrage moeten leveren aan de gezondheid en het welbevinden van

24

de bewoners. Door deze ‘social return on investment’ vloeit een deel van de investeringen in de fysieke woonomgeving via het Wijkbedrijf rechtstreeks terug naar de bewoners. De gemeente zoekt bovendien met de betrokken organisaties naar koppelkansen en werkt daarbij nauw samen met bewoners. Een voorbeeld: voor de aanleg van het warmtenet gaan bijna alle straten open. Samen met bewoners richt men die straten nu op een andere en aantrekkelijker manier opnieuw in, met veel aandacht voor kwalitatief groen. Dat stimuleert bewoners om naar buiten te gaan en te bewegen. Ook grijpt de wijk deze herinrichting aan om de openbare ruimte seniorenproof te maken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14645774/1