2024-09-25 Transcript Raadsvergadering Gemeenteraad Deventer 25 september 2024
Tekst van het document
Dan gaat de heer Van Straaten drie amendementen toelichten. Het amendement Spreidingsoperatie betaalbare woningen, het amendement Eén betaalbare woning weg, twee terug en de, het amendement Robuuste volkshuisvesting voor betaalbaar wonen. Ga uw gang. De heer Van Straaten: Maar wel na elk amendement, gelijk een vraag, toch? De voorzitter: Ja, nou, u kunt ze alle drie even in één keer toelichten, in ieder geval. Ja. De heer Van Straaten: Dank u wel, voorzitter. Dan ga ik eerst naar mijn eerste amendement en dat is het amendement, ik heb hier als eerste liggen, Robuuste volkshuisvesting voor betaalbaar wonen. Voorzitter, van de week logde ik weer eens in bij de woningbouwcorporaties. In totaal was er in de hele stedendriehoek één woning, waar ik met mijn beneden modale inkomen op mocht reageren. En dat was een flatje in Apeldoorn. En ik ben
18 zeker niet de enige zoeker. Volgens Rentree zijn er in onze regio ruim twintigduizend zoekenden naar een sociale huurwoning. Op één woning reageren soms tot wel vijfhonderd mensen. Wat GroenLinks betreft, moet de Woonvisie niet alleen gaan over het halen van de elfduizend woningen, maar gaat het ook om kwaliteit. Bij een stad als Deventer hoort een robuuste voorraad aan sociale woningbouw. Woningen die bedoeld zijn voor de mensen, die het hardst op zoek zijn. Mensen die nu hun leven uitstellen, geen kinderen krijgen, niet kunnen uitstromen uit zorginstellingen, mensen die hun leven als nieuwe Nederlander of als starter nog niet kunnen beginnen. Terwijl, een dak boven je hoofd volgens de Grondwet, een taak van de overheid is. Om het enorme tekort aan sociale huurwoningen in te lopen, moet er een tandje bij. Zeker, nu de afgelopen tien jaar ruim honderdduizend sociale huurwoningen in Nederland zijn verdwenen. En daarvoor is veertig procent sociale huur bij nieuwbouw, een realistische en een nodige doelstelling. Tal van gemeenten hanteren dit al. Want morgen kan eerlijker en beter zijn dan vandaag, maar dan moeten we daar wel voor durven kiezen. De voorzitter: Dan het tweede amendement. De heer Van Straaten: Het tweede amendement, dat is Eén betaalbare woning weg, twee terug.
Voorzitter, zoals ik eerder als zei, zijn er in Nederland afgelopen tien jaar meer dan honderdduizend sociale, betaalbare woningen verdwenen. Een deel is gesloopt, maar een deel is ook geliberaliseerd, verkocht aan de bewoners of aan private beleggers. Daarmee verdwijnt dus een groot deel van de betaalbare woningen uit de voorraad. Voor GroenLinks is het belangrijk, dat die woningen, dat die sociale voorraad woningen juist robuust en op peil blijft of nog liever, kan groeien. Tegelijkertijd, willen we de woningbouwcorporaties de vrijheid geven, om keuzes te kunnen maken over hun eigen beheer en hun eigen voorraad. Maar wij sturen wel op het beleid, via prestatieafspraken. Daarom lijkt het ons een goed idee, om wanneer er één woning verdwijnt uit de voorraad, er wordt gestreefd om er twee terug te bouwen of anderszins te realiseren. Dat kan door bouw, maar het kan ook door woningsplitsing of verbouw. Op deze manier behouden we, de woningcorporaties, die behouden hun vrijheid, maar zorgen wij er als gemeente en als volksvertegenwoordiging voor, dat de voorraad betaalbare woningen goed op peil blijft. De voorzitter: Dank u wel. Dan amendement drie. De heer Van Straaten: Ja, het laatste amendement. Dat is de Spreidingsoperatie voor betaalbare woningen. Voorzitter, een van de uitgangspunten van de Woonvisie is de ongedeelde stad.
Dat vindt GroenLinks een heel belangrijk uitgangspunt. In een samenleving die steeds individualistischer is, is het belang dat we de ander blijven zien, heel erg groot. Dat we ons niet terugtrekken in wijken, waar iedereen op jezelf lijkt. Want het laatste wat ik wil is een samenleving, waarin wij die ander alleen nog maar tegenkomen in een supermarkt of op de tribune bij Go Ahead Eagles. Tegelijkertijd, zien we bij nieuwbouwplannen of herstructureringen, dat er vaak wel duurdere woningen worden gebouwd in goedkope wijken, maar andersom gebeurt dat weinig. Niet vaak worden in, goedkoopste huur- en koopwoningen gebouwd in de rijkste en duurste wijken. Terwijl, dat wel belangrijk is voor de sociale cohesie. Juist ook de veerkrachtigste wijken moeten hun steentje bijdragen in een woningbouw en in de transitie, naar een sociale en ongedeelde samenleving. In de gemeente Arnhem wordt het nu als beleid uitgevoerd. En ik denk, dat het ook voor Deventer een goed idee is. Daarom hoop ik, dat jullie dit voorstel kunnen steunen. De voorzitter: Dank u wel. Reacties op deze amendementen? Vragen over deze amendementen? De heer De Niet. De heer De Niet: Ja. Ik wil de heer Van Straaten in ieder geval bedanken voor deze mooie amendementen en ook de ambitie, die wij ook vanuit de ChristenUnie van harte steunen.
Volgens mij heeft mijn opvolger Jasper Buist ook al in de Raadstafel in ieder geval, zich positief geuit over met name de ambitie om ook een stapje extra te zetten, als het gaat om sociale huurwoningen. Omdat we daar echt een flinke achterstand hebben in te lopen. Dus de meeste amendementen zullen wij in ieder geval, van harte steunen. Ik heb wel eigenlijk met name het amendement van Eén slopen, twee terug bouwen, zie ik gewoon wel wat, wel praktische bezwaren. Hoe dat in de
19 praktijk vorm krijgt. En lijkt het meer niet, u vraagt of het, ik deel het doel, maar misschien niet het middel. En ik ben eigenlijk benieuwd, hoe u daar zelf naar kijkt. Hoeveel ruimte en vrijheid is er eigenlijk echt? Ik ben ook benieuwd, hoe het college daar tegenaan kijkt naar de uitvoerbaarheid met name, van dit amendement. De voorzitter: Oké. De heer Van Straaten. De heer Van Straaten: Dank u wel, voorzitter. Ja, goede vraag. En ik denk dat het belangrijk is om te zeggen, dat in het amendement staat, dat wij in de afspraken met de woningbouwcorporaties gaan nastreven, dat dit gaat gebeuren. Ik hoop, ik snap, dat het niet altijd mogelijk zou zijn. En ik hoop ook, dat dit in de toekomst wel mogelijk gaat worden. Om misschien die zorg weg te nemen, het gaat er niet om, dat wanneer er op één plek, op één huisnummer bij wijze van spreken wordt gesloopt of verkocht, dat dan ook precies daar in de buurt er twee terug hoeven komen. Dat is natuurlijk niet het plan, het gaat om het bezit van de corporaties als geheel. En ik denk, dat daarin het belangrijk is om zulke afspraken te maken. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Ja, dank u wel, voorzitter.
De PvdA-fractie vraagt zich even af, met en dan met name met betrekking tot het derde amendement, Robuust, als er iets … Hoe mijnheer Van Straaten dat ziet, de gevolgen daarvan ziet op de doorstroommogelijkheden. De voorzitter: Mijnheer Van Straaten. De heer Van Straaten: Ik denk, dat die doorstroommogelijkheden ook met dit amendement goed behouden blijven, omdat er nog steeds zestig procent betaalbare koop, middenhuur en dertig procent duur wordt gebouwd. Ik denk, dat dat voldoende is. En ik denk ook, dat bij een stad als Deventer, als je kijkt naar het sociaaleconomische profiel van Deventer, denk ik dat het heel passend is, om bij een arbeidersstad als Deventer ervoor te zorgen, dat er genoeg sociale huurwoningen worden gebouwd. Want laten we ook niet vergeten, er zijn niet alleen mensen die willen doorstromen naar een duurdere woning. Maar er zijn ook heel veel mensen, die nu gelukkig wel een dak boven hun hoofd hebben, maar bijvoorbeeld in een vrije huursector wonen en daar een veel te groot deel van hun inkomen kwijt zijn aan de huur. En dat wordt misschien vaak niet gezien, als we het hebben over doorstroom. Maar ik denk, dat het belangrijk is dat wij voor zorgen, dat iedereen een woning heeft die zowel qua gezin als qua locatie, maar ook qua portemonnee passend is.
Dat betekent niet altijd, dat mensen doorstromen naar een duurdere woning, maar soms ook simpelweg door veranderingen in hun leven of in een gezinssamenstelling, op zoek moeten naar een meer betaalbare woning. En ik denk, dat dit amendement daar heel erg aan bijdraagt. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Ja, op ambitieniveau kunnen we elkaar prima vinden. Ik denk alleen, dat de weg er naartoe, wordt dan toch door de PvdA iets anders naar gekeken. Ik hoor ook graag even, wat de wethouder hierop zegt. De voorzitter: Die schrijft mee, dus dat komt goed. Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ik zie op pagina zeven staan, samen met de corporaties houden we het aandeel sociale huurwoningen op peil, waarbij we inzetten op een goede spreiding over de gemeente. Ik sla daar even op aan, omdat wij als CDA ook heel graag segregatie zoveel mogelijk tegen willen gaan. Dus wij vinden dat spreidingsargument ook heel belangrijk. Tegelijkertijd, moet je ook bouwen naar behoefte en is dat ook waar de dorp en de stad ja, behoefte aan hebben. Hoe kijkt de heer Van Straaten daarnaar? De voorzitter: De heer Van Straaten.
20 De heer Van Straaten: Ja, ik denk, dat ik deze vraag wel begrijp. Daarbij wil ik wel hebben opgemerkt, dat van die elfduizend woningen die we gaan bouwen, dat daarvan ongeveer duizend worden gebouwd in de dorpen. Dus het grootste deel bouwen we in de stad. Ik denk, dat mevrouw Scholthof bedoelt, dat er in de dorpen vaak wat minder vraag is naar de goedkoopste woningen, dan in de stad. Dat klopt ook. Maar wat ik al zei, omdat het grootste deel in de dorpen worden gebouwd en daarvan het grootste deel door bijvoorbeeld Bathmen, al in de pijplijn zit, dat het grootste deel van die betaalbare woningen uiteindelijk de weg zal vinden naar de stadswijken. En dan het liefst natuurlijk naar de stadswijken, waar nu de duurste huizen staan en de mensen de hoogste inkomens hebben. De voorzitter: Voldoende? Mevrouw Scholthof, nog een keer. Ja, ga uw gang. Mevrouw Scholthof: Ja, op dit punt wel. Ik weet niet zeker, of dat helemaal klopt. Dat wil ik graag navragen bij de wethouder over, wat de heer Van Straaten zegt over, waar de sociale huurwoningen op dit moment vooral worden gebouwd. Want volgens mij, is spreiding op dit moment ook al, ons beleid. Mijn vervolgvraag is, heeft de heer Van Straaten ook gevraagd, navraag gedaan over zijn amendementen bij de woningcorporaties? De voorzitter: De heer Van Straaten.
De heer Van Straaten: Ik heb een tijdje terug samen met de heer Kamphuis een bezoek gebracht aan een van de woningbouwcorporaties. Dat doen wij niet alleen tijdens het jaarlijks gesprek, maar ook vaker zoeken wij die mensen op. En mevrouw Van der Meer, die was ook mee. Wat wij met hun bespreken, is natuurlijk dat er bij hun nog steeds zichtbaar is, dat die wachtlijsten er zijn. Het is een soort stuwmeer aan woningzoekenden, die gewoon een betaalbare huurwoning zoeken. En ik denk dat het een heel mooie uitdaging is voor die corporaties, om samen met de gemeente ervoor te zorgen, dat hun aanbod kan uitbreiden, kan groeien. Ik denk dat ze daar ook erg trots op zijn, dat zij al zo goed bezig zijn met bouwen. En ik denk, dat wij als gemeente hun daarin mogen ondersteunen. En tegelijkertijd, zijn wij natuurlijk als volksvertegenwoordiging en als politiek wel aan zet, om die stip op de horizon te zetten om die doelen te stellen. En ik weet zeker, dat de verhouding tussen de wethouder en de woningbouwcorporaties heel erg goed is en, dat dat goed gaat komen. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ja, dat laatste dat die relaties goed zijn, dat denk ik ook wel. Maar voor de rest, hoor ik best wel veel aannames, voorzitter. Ik heb zelf navraag gedaan bij De Marken, bij Rentree en iedereen, wat zij hiervan denken.
Omdat, ik geloof echt, ik zal de heer Van Straaten niet beschuldigen, dat hij dit voor de bühne doet. Want ik geloof daadwerkelijk, zo ken ik hem ook, dat hij dit voor zijn achterban wil doen. Ik weet van de wachtlijsten. Maar ik weet ook van de ja, de zogenaamde wachtlijsten voor koopwoningen. In alle andere groepen van de samenleving is het, dit probleem er ook. Ja, de woningcorporaties denken hier toch wat anders over. Met name, als het ook gaat over veertig procent wordt er gewoon aangegeven, ja, dat is gewoon onhaalbaar. Of we het nu willen, of niet. Dit is gewoon een wooncrisis, waarin de partijen flexibiliteit nodig hebben, om snelheid te kunnen maken om zoveel mogelijk te kunnen bouwen. En CDA Deventer is bang, dat met deze amendementen, die vrij rigide zijn, dat het de snelheid van bouwen wat al onze inwoners, uiteindelijk in diens belang is, dat dat die snelheid niet ten goede komt. De voorzitter: Oké, is geen vraag. Dank u wel voor die reactie. Dan mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. Dank voor al deze amendementen. Laat ik even beginnen, met het spreidingsamendement. Ja. Alsof wij nu bewust doen aan segregatie, maar daar zal ik het maar even niet over hebben. U noemt een voorbeeld in dit amendement van Arnhem, als een mooi voorbeeld. Maar we zijn onlangs natuurlijk in de gemeente Enschede geweest op werkbezoek. Daar was een heel ander voorbeeld.
Namelijk, dat
21 er juist gebouwd wordt zeg maar, sociale huur rondom ov-voorzieningen en dergelijke. Ik ben benieuwd, waarom u heeft gekozen voor dit voorbeeld en niet voor het voorbeeld van Enschede? De voorzitter: De heer Van Straaten. De heer Van Straaten: Het voorstel van Enschede vind ik ook een heel erg goed voorstel. Omdat we daarmee ook voor zorgen, dat er minder behoefte nodig is aan parkeerplaatsen en dat soort zaken. Dus het, ik zie daar geen tegenstelling in, tussen Enschede en Arnhem. Ik denk dat uiteindelijk ook sociale huurwoningen, gewoon een parkeerplek nodig hebben. En dat mensen alsnog het grootste deel van hun afstanden binnen de stad, op de fiets doen. Daarnaast, zijn denk ik mevrouw Zieverink en ik het eens, dat wij fors moeten blijven investeren in het ov. Zodat ook in de stadswijken buiten de stations, dat daar ook goed openbaar vervoer is voor iedereen. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. Ja, de aanname van mijnheer Van Straaten klopt natuurlijk, dat wij ook voorstander zijn van een betere bereikbaarheid met ov. Het probleem is alleen, dat wij heel vaak te horen krijgen hier, dat we er niet over gaan. Dus als we het nu hebben over een Woonvisie en wij gaan niet over ov.
Dan ben ik wel benieuwd wat de impact is voor de inwoners van dit amendement, op een moment dat er dus geen voorzieningen zijn, waar zij makkelijk gebruik van kunnen maken. De voorzitter: De heer Van Straaten. De heer Van Straaten: Ja, hier lopen dus weer die trajecten als het gaat om enerzijds, woonruimte, stad en anderzijds, de Woonvisie. Die lopen hier weer een beetje door elkaar. Omdat ov, dat is natuurlijk een hele ruimtelijk onderwerp en dit gaat echt over de inpassing van het woningbestand en hoe we dat spreiden over de stad. Ik heb dit amendement ook geschreven, omdat ik ervoor wil zorgen … Ik zie al goede dingen staan in de Woonvisie. Alleen denk ik, dat de wethouder heel goed het extra steuntje in de rug kan gebruiken. Om ervoor te zorgen, dat wij gewoon echt die diverse wijken gaan krijgen en vooral, in de stad. Dat we daarvoor zorgen, dat de goedkopere en de duurdere woningen gewoon beter door elkaar worden gebouwd. Waardoor mensen elkaar meer ontmoeten en, dat daarmee de sociale cohesie toeneemt en de polarisatie afneemt. De voorzitter: Mevrouw Zieverink, tenslotte. Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. Mooie woorden van mijnheer Van Straaten. Het klopt inderdaad, dat er misschien wat zaken nu door elkaar heen lopen, maar dat is ook mijn zorg.
Dat we nu een amendement aannemen, waardoor en straks bij Wonen, ruimte, stad daar tegenaan lopen, dat we niet toch ook rondom ovvoorzieningen of anderszins verbeteringen hebben, maar we dus wel in deze Woonvisie al een aantal zaken hebben meegenomen. Ja, waardoor er straks toch een aantal zaken gaan ontstaan, die wel problematisch worden. De voorzitter: Oké. Dan gaan we naar de zijde van het college. Wethouder De Geest, ga uw gang. De heer De Geest: Dank u wel, voorzitter. Ik zal de amendementen even één voor één langslopen. Dan begin ik even bij de eerste, die de heer Van Straaten ook zelf noemde, het amendement rondom Robuuste volkshuisvesting voor betaalbaar wonen, zoals hij hem noemde. En het college ontraadt die ook echt. Want, het werd net ook al even aangegeven en wij hebben dat ook nog wel nagevraagd, dat zijn natuurlijk gesprekken die we al wel voeren met de corporaties. Voor corporaties is dertig procent, wat we in Deventer overigens al hebben gemiddeld hè, we hebben hier al dertig procent. En dat is ook de norm, zoals we die hebben afgesproken vanuit de woondeals, landelijk. Is al een forse opgave. En dan is het ook gewoon niet reëel, om van ze te verwachten, om de sprong naar veertig procent te maken. Dat is iets wat van de coöperaties op financieel, heel veel vraagt. En ja, dus daarmee ook eigenlijk de boel voor ze, redelijk vastzet.
Ook in relatie tot andere partijen met wie ze en wij ook samenwerken, om de woningbouwproductie voor de komende jaren op peil te houden. Dus kortom, we
22 hebben een onderzoek gedaan, dat hebben we ook in de Woonvisie aangegeven van KRW, hebben we u ook eerder toegestuurd, waarin een behoefteonderzoek zit van twintig procent. Daar zitten we al fors boven met die dertig procent. Omdat we ook moeten inlopen vanuit, dat we ook zien in de wachtlijsten, maar dat kost tijd. En waarbij die veertig procent dus ook gewoon niet realiseerbaar is en eigenlijk daarmee ook gewoon, een te rigide percentage zou zijn. Ook, en dat werd net ook genoemd, omdat je en dat is ook belangrijk in deze markt, ook voor wat betreft huur, bijvoorbeeld. Als je voor wat betreft het middensegment, daar tien procent afhaalt en dat naar het sociale segment verplaatst, dus 40-30-30, dat dat de doorstroomsegment is, waarmee je ook daar wel degelijk wat afhaalt. Dat is wel belangrijk vanuit doorstroom, ook voor starters. Dus dat wordt dan ook verkleind. Vandaar ook, dat wij dit echt ook ontraden aan u als raad. Dat brengt mij bij het tweede amendement. Dat is dan, Eén betaalbare woning weg, twee terug. En ook die moeten wij ontraden. We hebben ook aangegeven en dat is ook gewoon al het beleid, dat we in Deventer het sociale segment, sociale huurwoningen op peil houden. En dat is ook gebeurd in de afgelopen jaren. Dat wil niet zeggen, dat er af en toe ook door coöperaties woningen worden afgestoten. Dat hebben ze ook soms nodig, vanuit financiële overwegingen.
Dat heeft ook te maken met die realisering van nieuwe sociale woningen. Soms moeten zij ook verkopen weer om middelen te genereren, om te kunnen investeren. Overigens geldt daarbij ook, dat wij wel degelijk ook, die afspraken maken we ook al met de corporaties, dat wanneer zij woningen afstoten het bij voorkeur ook gebeurt, aan andere corporaties in Deventer. Waarmee ze eigenlijk ook behouden blijven voor het segment. Dus grootschalige verkoop vindt hier eigenlijk ook gewoon niet plaats en heeft hier ook niet plaatsgevonden. Vandaar, dat we ook dat niveau van de sociale bewoning hier in Deventer, ook op pel hebben kunnen houden. Op het moment dat je dit zo zou doen, nog los van hoe het praktisch uitvoerbaar is, ik zie dat ook nog niet direct voor me. Dat zal best nog wel een lastige zijn. En dat krijgen we ook terug vanuit de corporaties. Zit je met … Nog iets anders ook, en dat is ook niet onbelangrijk. Wanneer er bijvoorbeeld sprake is van herstructurering. Dat is soms ook nodig. Dan is, zijn woningen te verouderd, kunnen ze niet meer verhuurd worden eigenlijk, kan gewoon niet meer. Dan zou je dat eigenlijk automatisch moeten verdubbelen, vanuit deze ook wat rigide formulering. Wat niet wil zeggen, dat het in gevallen niet gebeurt. Hebben dat ook wel eens met u besproken. Bijvoorbeeld voor de plannen waaraan gewerkt wordt, in relatie tot bijvoorbeeld Ludgerus.
Maar op moment, dat we dat zo vastleggen, is dat heel rigide en zet dat gewoon dingen vast. Dat is gewoon het gesprek wat wij ook en dat krijgen we ook terug vanuit de corporaties, wat wij met de corporaties en andere partijen voeren. Vanuit principes die we delen, die ook in de Woonvisie staan. Waarvan het college zegt, die helpen ons. En niet, als we het teveel op deze manier vastzetten, zoals in het amendement. Vandaar ook, dat we deze ook echt ontraden. En dan brengt me dat bij het amendement rondom de spreiding. Pak hem er even bij. Ja, en ook die moeten wij ontraden. Onder andere ook en dat werd net ook al naar verwezen, omdat we ook in de Woonvisie, speerpunt drie op bladzijde zeven ook eigenlijk al aangeven, dat we in Deventer inzetten op een goede spreiding van sociale huurwoningen over de gemeente. Voor wat kan, hè. Vanuit, waar de projecten ook zitten. Die zitten niet altijd evenredig over de gemeente. Dat is nu eenmaal zo en dat kan je ook niet sturen. Dus in een wijk met bijvoorbeeld duurdere woningen, heb je niet per definitie een project, waarin je ook vanuit ja, toch ook hier een wat rigide formulering, sociale huurwoningen kan toevoegen.
Maar waarbij we wel hebben uitgesproken en dat staat ook al in de Woonvisie en dat was eigenlijk ook al en is ook al het beleid is, dat we wel degelijk ook dan kijken naar zeg maar, het toevoegen van andere segmenten, dan wat daar zit. Dat geldt zowel in wijken en dorpen waarin we duurdere woningen hebben zitten, daar voeg je goedkoper toe. Dat doen we ook in wijken waar veel sociale huur zit, daar voegen we vaak duurdere segmenten toe. Dat is eigenlijk al het beleid, dat zetten we voort. Ik verwijs u ook even naar het concept Woningbouw Volkshuisvestingsprogramma. Daarin hebben we dat ook al wat, mee gespecificeerd, hoe we dat voor ons zien. Dat is ook afgestemd zo met de corporaties en die kunnen daar ook mee uit de voeten en omarmen dat, op die manier dus ook. Dus ook vanuit die redenering, ontraden we dit amendement. De voorzitter: Dank u wel, wethouder De Geest. De heer Van Straaten, ga uw gang. De heer Van Straaten: Ja, dank voor de beantwoording. Dan ga ik ze ook weer in de volgorde af, de amendementen. Over het amendement over Robuuste volkshuisvesting. Ja, ik hoor de wethouder zeggen, dat dit voor de corporaties lastig wordt. En ik snap de uitdaging. Maar tegelijkertijd, denk ik ook, dat we niet alleen in
23 beperkingen moeten kennen, moeten denken, maar ook in kansen. En als we zien, als we kijken naar de Van Hetenstraat, naar Ludgeruskwartier, als we kijken naar Kop Handelskade. Dat zijn allemaal plekken, waarin meer dan dertig procent sociaal wordt gebouwd, mede dankzij goede regie vanuit de gemeente. Los daarvan, ga ik later nog moties indienen, om nog meer grip te krijgen op grond, waardoor die grondprijzen ook weer omlaag kunnen. Ik denk, dat het echt kan. En we hebben eerder ook het Platform Wonen samen gezeten, dat doen we een paar keer per jaar. En we hebben een tijdje terug ook met Platform Wonen een fictieve grondexploitatie gemaakt. Dat is natuurlijk schuiven aan verschillende knopjes, dat is logisch. En toch was de strekking daar wat ik heb onthouden, dat het wel degelijk mogelijk is om te schuiven naar meer sociaal, maar dat dat zeker gevolgen heeft. Ja, dat heeft gevolgen voor de winstpercentages van bouwers. Dat heeft gevolgen voor, wat je in andere segmenten bouwt. Maar het is niet per definitie onmogelijk. En ik zou hopen, dat Deventer daarin wat meer lef en meer ambitie toont en meer liefde, dan wat er nu moet vanuit landelijk of vanuit West-Overijssel. Ik denk, dat dat echt past bij een stad als Deventer. En ik denk, dat het mogelijk is. Omdat we eerder hebben gezien. dat dat ook kan en in andere gemeentes, ook kan.
Dan ga ik naar het tweede amendement en zag ik de heer De Niet vragen … Ik weet niet, of we ook … De voorzitter: Gaat u maar door. De heer Van Straaten: Oké, ja. Dan over het amendement, Eén betaalbare woning weg, twee terug. Juist ook heb ik in het amendement in de toelichting geschreven, dat wij heel erg veel waarde hechten aan de vrijheid van een, corporaties. En een deel daarvan is ook letterlijk wat de wethouder net heeft gezegd over, dat de verkoop van een sociale huurwoning soms simpelweg nodig is voor een herstructurering of inderdaad, om meer terug te kunnen bouwen. En in dat opzicht denk ik, dat dit amendement een goed steuntje in de rug is, om die gentlemen’s agreement, die we misschien hebben met de corporaties om ervoor te zorgen, dat dat op peil blijft of soms wat meer wordt, denk ik, dat dit amendement een goede is, om dat ook op papier te zetten. Dan tot slot, het laatste amendement over de Spreidingsoperatie. Daarin hoor ik eigenlijk niet zoveel ruimte, niet zoveel lichtjaren zitten tussen mij en de wethouder. Ik denk juist, dat dit amendement een steuntje in hun rug is. Ik zou tegen de wethouder willen zeggen, dat als ik een amendement indien, dat het niet gelijk is vanuit wantrouwen of, omdat ik het beleid niet goed genoeg vind. Maar ook juist soms gewoon, omdat echt goede dingen zie staan in de Woonvisie.
En ik denk dat dit amendement daarin een verscherping is van, wat er staat. En ik denk, dat het een goed steuntje is in de rug voor deze wethouder. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer De Niet. De heer De Niet: Ja, dank u wel. Een aanvulling op, wat de heer Van Straaten ten aanzien van zijn laatste punt zei. Ik hoor, als ik het amendement ook, net stond het nog even op het scherm, het laatste amendement over die verspreiding. Volgens mij, hoor ik de wethouder zeggen, dingen zeggen die precies eigenlijk dit, precies dit onderstrepen. Dus het, voor, als ik het, eens met de heer Van Straaten, zit er niet zo heel veel licht tussen. Dus legt het vooral vast, wat we al doen. Laten we dat dan ook doen. En we hebben net gehoord, dat u richting het amendement van mevrouw Scholthof, leggen we ook dingen vast, die we al van plan zijn om te gaan doen. Ja, dan zie ik het verschil niet. Behalve, dat de ene amendement uit de coalitie komt en de andere amendement, uit de oppositie. Maar dat zou het verschil niet mogen maken. En ik ken deze wethouder als een wethouder, die daar, niet op basis daarvan keuzes maakt. Dus kunt u nog eens uitleggen, wat dan het verschil is met dit amendement en wat u eigenlijk al doet? De voorzitter: Wethouder De Geest. De heer De Geest: Om met die laatste te beginnen. Dan kent u mij inderdaad goed, want dat mag inderdaad niks uitmaken.
En dat maakt bij het college, niet specifiek bij mij alleen, maar bij het college inderdaad niet uit. Dit is een beoordeling op inhoud. En dan heb ik net al een paar keer de term gebruikt, rigide. En zelfs die term vaker gebruiken, kan je als rigide zien. Maar in die zin, er zitten hier een paar formuleringen in de amendementen, die
24 door de heer Van Straaten bedoeld worden als een steuntje in de rug. En dat kan het college waarderen, steuntje in de rug, altijd fijn. En dat zullen de corporaties ook waarderen. Maar die, ook als je het navraagt bij de corporaties, niet als een steuntje in de rug worden gezien. Dat horen wij ook niet terug. Want wij doen al in Deventer best veel. Sterker, de heer Van Straaten verwees er net ook al naar. We hebben projecten, waarin we al ruim boven de dertig procent zitten. Dat moet je ook wel, want je hebt ook soms ook projecten, waar je onder de dertig procent zit. Dus dan moet je gemiddeld ook wel ergens compenseren. Dat lukt in bepaalde projecten ook, maar dat is een maatwerk. Dat is per situatie kijken, wat daar past, wat daar kan. Ook vanuit, dat je projecten niet onnodig vast wil laten lopen richting een ontwikkelaar, richting de corporatie. Ook hun peilstok reikt niet oneindig ver, in financiële zin bijvoorbeeld en in capaciteit. Dat is even in algemene zin, zonder specifiek één amendement er nu uit te tillen, maar wel voor alle drie van toepassing. Dan moeten ze ook echt helpen. Dan moeten ze niet de boel ondanks goede intenties, blokkeren. En dat is hier het verschil met het amendement, wat ik net positief heb beoordeeld vanuit het CDA. Dat ging om een verduidelijking van iets, dat in de tekst nog net niet zo stond, zoals het er eigenlijk had kunnen staan.
Hier gaat het om aanscherpingen die ja, met voorrang bijvoorbeeld, dat soort termen, dat wil echt zeggen dat je het voorrang moet geven, de boel zodanig aanscherpen, dat je er echt last van gaat krijgen. Ondanks de goede intenties, is het dan geen steun in de rug. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder, sorry, mijnheer De Niet. De heer De Niet: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik lees in ieder geval, in het laatste staat ook wel duidelijk, waar dat kan hè. Dus dat biedt wel degelijk ruimte om wel ergens naar te streven, iets als uitgangspunt te nemen. Maar daar alleen aan vast te houden, als dat ook echt kan. En als dat niet kan, dan en dat wordt onderbouwd, dan kan het college en kan daar ook van worden afgeweken. Dus daar zit wel degelijk, nuance. De voorzitter: Oké. Volgens mij, is het voldoende duidelijk. Ik stel voor, ja, mevrouw Scholthof nog. Mevrouw Scholthof: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik wil ook nog graag even aangeven, dat we de debat graag op inhoud willen voeren en niet op coalitie-oppositie. Ik wil heel graag de heer Van Straaten nog even meegeven, want ik vond het heel vervelend om te horen, dat hij alleen in aanmerking kwam voor een woning in Apeldoorn, dat als mijn amendement wordt aangenomen, dat uw kansen vergroot worden. Even grapje, om het af te sluiten.
De heer Van Straaten: Voorzitter, mevrouw Scholthof, die verwees in haar motie als, die refereerde naar betaalbaarheid als, alles onder de 93.000 euro. Ik weet niet, of mevrouw Scholthof ooit een beneden modaal inkomen heeft gehad. Maar de hypotheek ga je niet krijgen, kan ik beloven. De voorzitter: Goed. Tot zover, de privé-beslommeringen. Wij gaan door met de moties. En dan gaan we de motie Grip op grondprijzen van GroenLinks. De heer Van Straaten, ga uw gang. De heer Van Straaten: Yes. Dat is de motie, die gaat over de planbatenheffing. Voorzitter, een van de grootste belemmeringen voor de bouw van betaalbare woningen, is de hoge prijs van de grond. En gelukkig maakt het college werk van actieve grondpolitiek. Dat doen we onder andere via de wet Voorkeursrecht gemeenten, de WVG. Daarmee voorkomen we speculatie met grondprijzen. Maar er zijn ook nog andere instrumenten denkbaar. Denk bijvoorbeeld, aan een planbatenheffing. Daarmee voer je een heffing in over de waardestijging van grond, wanneer die grond meer waard wordt als gevolg van wijziging van de omgevingsplanstatus of concrete planvorming voor woningbouw. Daarmee room je dus het geld af, waar speculanten of grondbezitters van kunnen profiteren. En daarmee voorkomen we, dat de grond te duur wordt. Waardoor we grip houden op de grond en beter kunnen sturen op de plannen, die we voor onze stad en dorpen maken.
En gelukkig heeft ook het nieuwe kabinet Schoof het licht gezien en noemt het kabinet dit als middel, om grip en sturing te houden. Wat ons betreft, is het het onderzoeken waard, of zo’n planbatenheffing op gemeentelijk niveau kan worden ingesteld. En om dat onderzoek vraag ik, via deze motie.
25 De voorzitter: Dank u wel. Dan kunt u verder gaan met de motie Onderzoek vereveningsfonds. De heer Van Straaten: Ik zie een vraag bij … Oké, dan gaan we eerst door naar onderzoek van het vereveningsfonds. Voorzitter, soms lukt het niet altijd om de sociale en betaalbaarheidsdoelen bij woningbouw te bereiken. Dit kan allerlei oorzaken hebben, zoals bijvoorbeeld tegenvallers in de bouw of technische of planologische uitdagingen. Toch willen we de sociale doelen en andere betaalbaarheidsdoelen halen en als het kan, er een schepje bovenop doen. Een middel om dat te bereiken is een vereveningsfonds. Met zo’n fonds dat bijvoorbeeld in de gemeente Assen al is ingevoerd, betalen ontwikkelaars een bepaald bedrag per betaalbare woning die ze niet bouwen, die volgens de Woonvisie wel zou moeten. Wanneer er dan vervolgens ontwikkelaars zijn die juist lef tonen en er een schepje bovenop doen, kunnen zij aanspraak maken op dat fonds, om hun exploitatie alsnog rond te krijgen. Daarmee zorgen we dus voor een financiële prikkel voor bouwen, wat nodig is en het halen van sociale doelen. En helpen we de ontwikkelaars en, wanneer dat niet altijd zo makkelijk gaat. Omdat ook GroenLinks snapt, dat het, voor halen van de doelen er zowel overheid als ook marktpartijen nodig zijn.
En daarom dienen we deze motie in, waarin we het college vragen om het vereveningsfonds te onderzoeken en te kijken, wat de mogelijkheden, kansen en risico's zijn. Ik hoop op uw steun. En daar wil ik nog even bij hebben gezegd, dat alle moties en amendementen die ik vanavond indien, mede worden ingediend door mevrouw Schmidt van Deventer Sociaal. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Eekhuis, ga uw gang. Mevrouw Eekhuis: Ja, dank u wel, voorzitter. Het is eigenlijk een vraag aan de wethouder. PvdA, die staat heel geïnteresseerd te lezen, deze twee moties. En we zijn erg nieuwsgierig of de wethouder vindt, dat het hier hoort. Of, eigenlijk ergens anders. Ja. De voorzitter: Uitstekend. Gaan we zo navragen. Verdere reacties? Niet? Dan gaan we naar de zijde van het college. Wethouder De Geest. De heer De Geest: Ja, dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik ga de heer De Niet blij maken, want het college kan uit de voeten met deze moties. Maar het was net te vroeg om dat te zeggen, ik moest even de motie afwachten. Want ja, eigenlijk is het weliswaar iets wat hoort bij en dat is eigenlijk een beetje een antwoord dan op de vraag van mevrouw Eekhuis. Eigenlijk is het iets, wat inhoudelijk in ieder geval hoort bij het grondbeleid, wat bij collega Wijnhoud zit. Die daar ook aan werkt en wat ook uw kant op komt als raad meen ik, eind dit jaar, begin volgend jaar.
Tegelijkertijd, is dit wel een vraag die je kan stellen in aanloop naar datgene, wat dan uw kant op komt. En zo leest het college deze twee moties dan ook. Om dit even voor u op een rijtje te zetten, de voors en tegen. Want daar is ook voor een deel al onderzoek gedaan, bijvoorbeeld in relatie tot de planbatenheffing. Daar heeft het Rijk ook al onderzoek naar gedaan. Daar ligt ook al het een ander, over voors en tegens. Wat kunnen we voor u in kaart brengen? In ieder geval even inzichtelijk maken, zodat u dat ook kunt bespreken en mee kunt nemen, rondom een bespreking bij het grondbeleid. In die zin, is het wellicht een toezegging. Maar mocht u hier als raad nu in meerderheid waarde aan hechten, dan kunt u dat uiten via het steunen van deze motie. Wij kunnen hier positief op adviseren. De voorzitter: Dank u wel. Dat is voldoende duidelijk, denk ik. Dan gaan we naar de laatste motie. Dat is de motie van Deventer Sociaal, getiteld Klankbordgroep Bewonerscomité woonwagenbewoners. Mevrouw Schmidt, ga uw gang. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, leven in een woonwagen is een essentieel onderdeel van de cultuur van de Roma, de Sinti en de woonwagenbewoners. Juist deze cultuur wordt door mensenrechten beschermd. Zo heeft ondermeer het Europese Hof van de rechten van de mens, in 2018 bepaald.
Onze fractie heeft in 2021 aandacht gevraagd voor de positie van de woonwagengemeenschap en de reizigers in onze gemeente. De wethouder verwees destijds naar de nieuwe Woonvisie en daar hebben wij dus ook met smart
26 op gewacht. We hebben de Woonvisie gelezen en we betreuren het zeer, dat er in deze nieuwe Woonvisie zeer weinig anders wordt gedaan, ten opzichte van het huidige beleid. We missen nog steeds het gevoel voor urgentie voor deze doelgroep en we zien daar ook onvoldoende van terug. Van open communicatie en participatie is in onze gemeente met deze doelgroepen, weinig sprake. Onze fractie vindt het belangrijk, dat ook deze doelgroep in staat wordt gesteld om te participeren en mee te spreken. Ik verwijs hiervoor naar het onderzoeksrapport van de Nationale Ombudsman uit 2017, die zeven zeer concrete aanbevelingen heeft gedaan om het standplaatsenbeleid in Nederland mensenrechten proof te maken. De Nationale Ombudsman zei daarom onder andere, om de woonwagencultuur te beschermen en te faciliteren, moeten Rijk en lokale overheden allereerst, de woonbehoeften van woonwagenbewoners in kaart brengen. Net als bij de sociale huursector. En de gemeenten moeten een wachtlijst voor standplaatsen opstellen, die toegankelijk en transparant is. De wachttijd voor een standplaats voor woonwagenbewoners moet gelijke tred houden, met de wachttijd van mensen die op de wachtlijst staan voor een sociale huurwoning. Ook woonwagenbewoners moeten reëel uitzicht hebben op een standplaats.
En als laatste, open communicatie, raadpleging en participatie van woonwagenbewoners zelf is essentieel bij de beleidsvorming en de uitvoering van het woonwagenbeleid. Voorzitter, wij zien van al deze punten niets terug. We zien ook geen nieuwe voorstellen in de Woonvisie. Vandaar, dat wij vandaag met deze motie komen, om een oproep te doen aan het college, om hele woonwagengemeenschap beter te betrekken bij de uitvoering van het woonwagenbeleid. Dank u wel. De voorzitter: Reacties? Mevrouw Eekhuis, ga uw gang. Mevrouw Eekhuis: Ja, dank u wel, voorzitter. Fijne motie. Ik had bijna sympathiek gezegd. Maar ik meen het serieus, fijne motie. Goed idee, van die klankbordgroep. Ik ben even op zoek naar, wat mevrouw Schmidt voor beeld heeft bij evenredig, in uw tweede bullet. De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel, voorzitter. Daar verwijs ik dus even terug naar, wat ik net zei. De wachttijd voor een standplaats voor woonwagenbewoners moet gelijke tred houden, met de wachttijd van mensen die op de wachtlijst staan voor een sociale huurwoning. En dat is op dit moment, dus niet aan de orde. De voorzitter: De heer Kaya. Of, had u nog wat? Mevrouw Eekhuis, ga uw gang. Mevrouw Eekhuis: Vraag aan de wethouder, of hij daarmee uit voet kan. De voorzitter: Uitstekend. Dan mijnheer Kaya. De heer Kaya: Ja, voorzitter.
We hadden eigenlijk ook als mede-indiener erbij willen staan, maar bij dezen. Ik had wel even een vraagje. De punten, die mevrouw Schmidt net noemde over hè de, we, zijn het wettelijke verplichtingen die een gemeente zou moeten doen? Of, is het alleen maar een advies? De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel, voorzitter. Dit zijn aanbevelingen van de Nationale Ombudsman naar aanleiding van het besluit van de landelijke regering, om het uitsterfbeleid voor woonwagens terug te draaien. Dat is in 2018 gebeurd. Toen heeft het Europese Hof ook al dit besluit genomen, maar in 2017 lagen deze specifieke aanbevelingen … Dus ik snap, wat u bedoelt, het is geen verplichting. Maar het zou wat ons betreft, wel een hele goede aanzet kunnen zijn voor echt vernieuwend beleid, want dat zien we in deze visie niet terug. En in de richting van mevrouw Eekhuis wil ik nog even zeggen. Ik heb dit verzoek eerder al informeel bij het college neergelegd, maar daar is verder geen actie op ondernomen. Tenminste, niet zichtbaar voor mij. Dat is de reden, waarom onze fractie er nu voor kiest, om het wel in deze raad vast te laten stellen. Of, in ieder geval te kijken, of er een meerderheid is om dit te doen. De voorzitter: De heer Kaya nog.
27 De heer Kaya: Ja, als laatste, voorzitter, wil ik graag ook de portefeuillehouder horen over de aanbeveling van de Ombudsman, hoe hij daarmee omgaat. Dank u wel. De voorzitter: Uitstekend. Dan gaan we naar de zijde van het college. Wethouder De Geest, u heeft het woord. De heer De Geest: Ja, dank u wel, voorzitter. Voorzitter, om even te reageren op de motie vanuit Deventer Sociaal. Wellicht, dat dat nog niet zo duidelijk naar voren kwam vanuit de Woonvisie of vanuit wellicht technische vraag. Ik weet even niet, of dit tussen de technische vragen heeft gezeten, die eerder zijn gesteld door fracties. Maar wij werken op dit moment naast, dat er hier nu een Woonvisie voorligt bij u als raad, ook aan een actualisatie van het woonwagenbeleid uit 2018. Er werd net ook al naar verwezen, want de term werd net gebruikt. Ik vind een hele lelijke vervelende term, maar het uitsterfbeleid zoals dat gehanteerd werd door veel gemeenten in Nederland. Dat hanteren wij in Deventer niet meer. Dat is ook basis van het woonwagenbeleid uit 2018, wat door u als raad is vastgesteld. Dat betekent ook, dat wij in Deventer dus in dit geval ook echt wel woonwagens en woonwagenlocaties toevoegen.
We hebben daar ook recent wat over, volgens mij beantwoording op technische vragen vanuit GroenLinks, het een en ander op geantwoord over, wat dat heeft betekend in de afgelopen jaren aan toevoegingen vanuit de tekorten, die er in 2018 waren. Dat hebben we tussen 2018 en 2024 in ieder geval, voor het grootste gedeelte gedaan. En ondertussen worden er ook nog nieuwe locaties toegevoegd, onder andere in de wijk Steenbruggen. En wordt er ook gekeken nog naar andere locaties. Wij zijn dus bezig met die herijking, actualisatie van het woonwagenbeleid uit 2018. In die zin, kunnen wij ook de zaken die u vraagt in deze motie, meenemen ook in die actualisatie. In ieder geval, vanuit het onderzoek wat u vraagt. Want als het gaat om de term gelijke tred houden in aanbod tussen woonwagenlocaties en sociale huurwoningen, vanuit wat u net noemde, is het lastig in te schatten of dat er iets vergelijkbaars is en of dat haalbaar is. Dat weet ik gewoon niet, in alle eerlijkheid. Dat is iets, wat wij dan ook zouden moeten bespreken, denk ik, met de coöperaties die binnen de stichting Woonwagenbeheer actief zijn. In dit geval, Rentree en Woonbedrijf Iedereen. Als het gaat om het punt, wat u noemde rondom een bewonerscommissie hè, zoals dat ook bij heel veel andere coöperaties gewoon het geval is. Vanuit sociale huurwoningen zijn bewoners actief, adviseren zij, zijn ze betrokken.
Dat punt is wel degelijk besproken met de coöperaties en dat maakt ook onderdeel uit van die actualiteit. Dus dat nemen we daarin ook mee. Dus in die zin, neutrale advisering voor wat betreft ja, deze motie wat ons betreft uitvoerbaar en meeneembaar in dat traject, wat ik net schetste. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. We hebben op 20 maart dit jaar ook een motie Woonraad aangenomen. Om te onderzoeken, of bij nieuwe woningbouwprojecten woningzoekenden, een betere stem kunnen worden gegeven aan inwoners. Zou de groep, waar mevrouw Schmidt over spreekt, niet daarbij aan kunnen sluiten? De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Ja, voorzitter, dat vind ik heel lastig in te schatten. Omdat dit natuurlijk wel om een hele specifieke doelgroep gaat en die ook niet bij, en ook geen woonwagenplaatsen bij elk nieuw woningbouwproject mogelijk zijn. Mijn voorkeur en dat zijn ook de signalen die wij terugkrijgen is, dat mensen die nu zoeken, mensen die nu in een huurhuis zitten en terug willen naar een wagen, gewoon heel moeilijk in contact komen met de stichting en de coöperaties, die er nu overgaan. En dat ook het toewijzingsbeleid zoals het nu gevoerd wordt, niet helder en duidelijk en transparant is, zoals eigenlijk de Nationale Ombudsman wel geadviseerd heeft.
Dus er is een krapte en op een moment, dat het dan, dat er dan een toewijzing komt, is het niet duidelijk, hoe dat is gegaan. En dat zorgt ook weer voor heel veel onrust, omdat heel veel mensen wachten op een plek. Dus in welke vorm, dat we het doen? Ik heb het nu klankbordgroep of bewonerscomité genoemd. Maar hoe het gaat, dat maakt mij in principe niet uit. Als het past bij een eerdere initiatief, vind ik het ook prima. Als we maar regelen, dat we ook voor deze doelgroep laagdrempelig en begrijpelijk zijn. En dat we hun, net als alle andere
28 inwoners, ook serieus meenemen in plannen en in participatie, waar we allemaal zo'n belang aan hechten. Wat eerder op de avond, ook al bleek. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Ja, dank u wel. Ja, ik waardeer wel de inzet van mijn vrouw Schmidt daarvoor. Maar ik kan ook nog wel tien andere doelgroepen verzinnen, die ook wel graag nadrukkelijk aan tafel willen komen. Dus ik twijfel een beetje over ja, of we daarmee andere groepen dan niet tekort doen en, of we allemaal aparte comité's moeten instellen. Dat is nog even twijfel van mijn fractie. De voorzitter: Mevrouw Schmidt nog. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Ja, dank u wel. Nou. De wethouder heeft net benoemd, ook bij de traditionele corporaties zijn ook bewoners … Bij Rentree weten we bijvoorbeeld van het BAR. Dus waarom zou dat voor woonwagenbewoners niet kunnen? Ik snap dat niet iedereen aan tafel zit. Maar het gaat mij puur om de procedures, maak die begrijpelijk. Neem de mensen ook mee, zodat we dat, hoe we dat met andere doelgroepen ook doen. Die betrekken we ook heel nadrukkelijk. Het is ook niet voor niks, dat dat advies in 2017 al is gekomen van de Nationale Ombudsman. En ik vind het gewoon echt jammer dat we nu, sinds 2017 tot nu, dat we maar zo weinig stappen maken. En vandaar dus nu, deze keuze. Maar als het in de uitwerking anders wordt, vind ik dat ook prima.
Ik zit niet vast aan een bepaalde route of clubje of wat dan ook. De voorzitter: Oké. Dan de heer Van Straaten. De heer Van Straaten: Ja, sowieso steun voor deze motie. Ik wil nog twee dingen tegen mevrouw Scholthof zeggen. Er wordt gesteld, dat er een Woonraad komt. Dat weten we nog niet. De motie die is aangenomen, die droeg het college op om dat te gaan onderzoeken. Dus dat weten we ten eerste nog niet. En ten tweede, wil ik wel mevrouw Scholthof wijzen op de bijzondere status, die de woonwagenbewoners hebben. Bij andere woningzoekende groepen zijn er geen gerechtelijke uitspraken gedaan. Gaat het niet om minderheden, gaat het niet om mensenrechten adviezen die erover zijn uitgekomen. Het eerdere woonwagenbeleid van Nederland is ook onwettig verklaard, omdat het discrimineerde. En ik denk, dat we daarin goed alert moeten blijven, voordat het hier niet gaat om zomaar woningzoekenden, maar om een speciale kleine minderheid, die bescherming verdient. De voorzitter: Oké. Voldoende gewisseld over deze moties? Ja? Of, over deze motie, moet ik zeggen. Dan stel ik voor, dat we overgaan tot … Schorsen, even de behoefte, ja? Vijf minuten, om even te bespreken? Ja, oké, dan schorsen we vijf minuten. Schorsing De voorzitter: Dan zou ik over willen gaan tot de stemmingen en stemverklaringen. Ja, we gaan even de gong testen. Dat was de schorsing.
Het was even om even te kijken, waar gaan we voor- en tegenstemmen. Lijkt me heel verstandig. We beginnen met de amendementen en de, houden volgorde aan die in het RIS staat. En mijn eerste vraag dus is, of er behoefte is aan stemverklaringen bij het amendement Spreidingsoperatie betaalbare woningen? Niemand? Dan, oh sorry, ja, ik vergis me. Bij het CDA, natuurlijk. Ja, neem me niet kwalijk. We starten met CDA, amendement Voor een woningzoekende met binding. Mevrouw Zieverink, ga uw gang. Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. Ja, wij beseffen ons, dat er sprake is van een woningcrisis, maar wij zijn tegen deze vorm van mogelijke uitsluiting van jonge mensen, die een belangrijke waarde kunnen hebben voor onze gemeente. Het strookt niet met onze ambities om een aantrekkelijke gemeente te zijn, waarbij we juist deze groep willen aantrekken en behouden. En niet, kansen willen ontnemen, die we ook onze jeugd zouden gunnen. En het strookt al helemaal niet met de normen en waarden van onze fractie. Wij zullen dus tegenstemmen.
29 De voorzitter: Dank u wel. Dan, geen verdere stemverklaringen, voor dat amendement? Dan kunnen we daar natuurlijk ook over gaan stemmen. Mevrouw Eekhuis, wilt u ook stemmen? U had een instructie gekregen. We stemmen even opnieuw. Ja? Allemaal even opnieuw stemmen. Het amendement is aangenomen met drieëntwintig stemmen voor, twaalf stemmen tegen. Tegen hebben gestemd, GroenLinks, VVD, Deventer Belang. Amendement is aangenomen. Dan gaan we naar het tweede amendement. Dat is het amendement van GroenLinks, Spreidingsoperatie betaalbare woningen. Behoefte aan stemverklaringen? Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Ja, voorzitter. Ik reageer even op alle drie de amendementen tegelijk. Dat scheelt weer. De PvdA zal tegen deze drie amendementen stemmen. Wij zien nog veel terug van deze amendementen terug in het staand beleid, zoals de spreiding en betaalbaar. En wij denken, dat we met onze huidige dertig procent sociaal, zeventig procent betaalbaar in totaal, goed bezig zijn in deze gemeente om de mensen te bedienen en daarbij ook nog rekening te houden met, wat voor de corporaties en andere partijen allemaal mogelijk is. De voorzitter: Dank u wel, voor uw stemverklaring. Andere stemverklaringen voor de, alle drie de amendementen. Laten we dat dan maar even doen. Dat is niet het geval. Dan gaan we stemmen over het amendement. Sorry, ben ik te snel? Oh, het pasje, ja, ja, ja.
Sorry, dat zou, moeten allemaal weer even aan wennen. Dan ga ik de stemming over, openen voor het amendement Spreidingsoperatie betaalbare woningen. Stemming is geopend. Amendement is verworpen met zevenentwintig stemmen tegen, acht stemmen voor. Voor hebben gestemd, de fractie van GroenLinks, ChristenUnie, DENK en Deventer Sociaal. Amendement is verworpen. Dan het amendement Betaalbare woningen, Eén betaalbare woning weg, twee terug. Stemverklaring hebben we gehad, dus we kunnen direct overgaan tot stemming. Amendement is verworpen met achtentwintig stemmen tegen, zeven stemmen voor. Voor hebben gestemd GroenLinks, DENK en Deventer Sociaal. Amendement is verworpen. Dan het amendement Robuuste volkshuisvesting voor betaalbare woningen. Stemming is geopend. Amendement is verworpen, zevenentwintig stemmen tegen, acht stemmen voor. Voor hebben gestemd GroenLinks, ChristenUnie, DENK en Deventer Sociaal. Amendement is verworpen. Dan gaan we stemmen over het geamendeerde voorstel Woonvisie 2024. Stemverklaring, de heer Van Straaten. De heer Van Straaten: Dank u wel, voorzitter. Nu alle amendementen van GroenLinks en Deventer Sociaal zijn verworpen, kunnen wij niet anders dan tegen deze Woonvisie stemmen. Wat ons betreft, is deze Woonvisie beter dan wat er eerst lag, maar niet goed genoeg. En daarom kunnen wij dit niet steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dan mevrouw Scholthof.
Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. CDA Deventer vindt, dat er een mooie Woonvisie ligt. We zijn blij, dat ons amendement is aangenomen. We hebben nog wel twee aandachtspunten. De voorzieningen, die in de pas lopen met de woningbouwopgave. Het staat in de woonvisie, maar wij zullen daarbij echt een vinger aan de pols houden. En hetzelfde geldt voor studentenhuisvesting. Het staat nu nog niet overtuigend genoeg in de Woonvisie, maar is een proces voor opgestart met een stadslab. Dus, duidelijkheid over, hoeveel studentenwoningen erbij moeten, gaat komen. En daar zullen wij ook op toezien. We zullen voorstemmen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Schmidt.
30 Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel, voorzitter. Nu dat alle moties en amendementen, die eigenlijk deze Woonvisie wat meer ambitie zouden kunnen geven, zijn verworpen, rest ons weinig anders dan tegen te stemmen. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Schmidt, ik wijs u erop, dat we nog gaan stemmen over de moties hè. Ja. Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. De fractie van Deventer Belang heeft ondanks alle sessies en uitstekende uitleg van onze ambtenaren, nog steeds zorgen over deze Woonvisie. Langer thuis wonen en tegelijk inzetten op minder parkeren en meer fietsen, hoe werkt dat? Inzetten op het aantrekken van jong professionals. Maar welke behoefte heeft deze groep, zijn in het onderliggende programma niet benoemd. Het aangenomen amendement maakt het alleen maar erger. De visie zou gelden voor de gehele gemeente, maar de focus lijkt op de stad en de aanliggende dorpen te liggen. Waar is ons buitengebied? Ook daar hebben we inwoners. Maar ons belangrijkste argument is, dat een integrale afweging in Wonen, ruimte, stad van invloed gaat zijn op de ambities in deze Woonvisie. De volgordelijkheid is wat ons betreft, onjuist. Ondanks, dat we ons als fractie zeker bewustzijn van het feit, dat deze Woonvisie toe is aan een actualisatie, zal onze fractie tegenstemmen. De voorzitter: Dank u wel.
Verder geen stemverklaringen? Dan gaan we stemmen over de geamendeerde Woonvisie 2024. Het raadsvoorstel is aangenomen met zesentwintig stemmen voor, negen stemmen tegen. Tegen hebben gestemd, GroenLinks, Deventer Belang en Deventer Sociaal. Het voorstel is aangenomen. Dan gaan we naar de motie Grip op grondprijzen en de motie Vereveningsfonds. Behoefte aan stemverklaringen bij dezen twee moties? Mevrouw Eekhuis, ga uw gang. Mevouw Eekhuis: Ja, dank u wel, voorzitter. De PvdA zal voor deze moties zijn. Wij danken de partijen, die helaas niet hebben kunnen stemmen voor de Woonvisie, maar wel deze moties hebben ingediend. De voorzitter: Dank u wel. Verder geen stemverklaringen? Dan gaan we stemmen over de motie Grip op grondprijzen. Motie is aangenomen met zevenentwintig stemmen voor, acht stemmen tegen. Tegen hebben gestemd, alleen de fractie van Gemeentebelang. Dan gaan we naar de motie Onderzoek vereveningsfonds. Behoefte aan stemverklaringen? Die hebben we gehad hè. Ja, dan kunnen we gaan stemmen. Ga uw gang. Motie is unaniem aangenomen. Dan gaan we stemmen over de motie Klankbordgroep bewonerscomité woonwagenbewoners. Behoefte aan een stemverklaring? De heer De Niet. De heer De Niet: Ja, ik heb niet al teveel geroerd in het debat. Maar ik wil mevrouw Schmidt bedanken voor het indienen van deze motie.
En we willen van harte voorstemmen, omdat het van belang is inderdaad, zoals de heer Van Straaten ook heeft onderstreept, om dit soort kwetsbare groepen ook een woonplek te geven. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer De Niet. Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Mijn fractie heeft besloten om voor te stemmen. Met name, vanwege het argument van doorstroming en wen bedanken mevrouw Schmidt, voor het opkomen voor deze groep. De voorzitter: Dank u wel. Verder geen stemverklaringen? Gaan we stemmen over de motie Klankbordgroep bewonerscomité woonwagenbewoners. Stemming is geopend. Motie is unaniem aangenomen. We hebben geen moties vreemd aan de orde. Sluiting De voorzitter: Daarmee zijn we aan het eind van deze raadsvergadering gekomen. Ik wens iedereen nog een hele prettige avond. Dank u wel. Vergadering is gesloten.