CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-469 Meerjaren Perspectief Grondzaken 2023

Hamerraad 5 juli 2023, gemeente DeventerBij agendapunt: Jaarverantwoording 202212.547 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

€ 204.999

Diepenveenseweg 80

€ 556.830

Agrarische gronden DNO Oranjekwartier 36 woningen

€ 1.025.550

€ 61.904 € 20.722

€ 238.506

Rielerweg 234

€ 296.000

€ 468.720 € 4.171

Roessinkspad 4

€ 429.000

€ 15.903

€ 413.097

Smyrnastraat 1a

€ 250.000

€ 73.887

€ 176.113

Bolwerksweg 8

€ 481.000

€ 399.264

€ 81.736

Averlose Houtweg 14b

€ 499.000

€ 19.831

€ 479.169

Kolkmansweg 6a

€ 93.000

€ 17

€ 92.983

€ 9.283.722

€ 4.871.123

€ 4.412.599

Schoollocaties Oranjekwartier

Totaal

€ 291.829

Tabel 15: Waardebepaling tijdelijk bezit Stille reserve In de BBV wordt de term “stille reserve” gebruikt voor de bezittingen die de gemeente heeft welke niet (volledig) zijn opgenomen in de boekwaarden. Net als vorig jaar vormen de gronden en panden buiten de grondexploitaties een omvangrijke stille reserve. Onderstaande tabel laat zien hoe deze is opgebouwd.

Huidige boekwaarde Waardebepaling

Stille reserve

Nog te verkopen gronden

€

959.238

€

2.284.375

€

1.325.137

Projecten in voorbereiding

€

712.006

€

3.478.611

€

2.766.605

Tijdelijk bezit

€

4.871.123

€

9.283.722

€

4.412.599

Eindtotaal

€

6.542.367

€

15.046.708

€

8.504.341

Tabel 16: Bepaling stille reserve

Afgesloten complexen De gemeente Deventer heeft een aantal afgesloten complexen. De grondexploitaties van deze complexen zijn op verschillende momenten afgesloten. Bij de afsluiting is financiële verantwoording afgelegd aan de raad over de betreffende grondexploitatie. In enkele gevallen moet nog grond worden verkocht of moeten er nog kosten worden gemaakt. In dergelijke gevallen is een voorziening afgesloten complexen ingesteld. Hierin zijn middelen opgenomen die nog kunnen worden ingezet voor het afronden van de allerlaatste werkzaamheden. Per 31-12-2022 zijn enkel nog gronden in bezit op de locatie Driehoek Snippeling en Bathmense Enk II. Alle overige gronden van afgesloten grondexploitaties zijn verkocht. Onderstaande tabel toont de huidige boekwaarde en de uitgevoerde waardebepaling. Omdat de waardebepaling in beide gevallen hoger is dan de boekwaarde is geen bijstelling nodig. Huidige boekwaarde

Waardebepaling

Verschil

Bathmense Enk II

€

-

€

1.121.575

€

1.121.575

Driehoek Snippeling

€

959.238

€

1.162.800

€

203.562

Eindtotaal

€

959.238

€

2.284.375

€

1.325.137

Tabel 17: Waardebepaling gronden van afgesloten grondexploitaties

24

De voorziening afgesloten complexen bevat nog te maken kosten (na afsluiting van de grondexploitatie) voor 11 grondexploitaties. Per 1-1-2023 zijn de grondexploitaties Bedrijventerrein Looweg, Bedrijventerrein Lettele en Leisurestrip Holterweg afgesloten. De benodigde voorziening bedraagt ultimo 2022 € 699.000 aan nog te maken kosten. Dit bedrag wordt geput uit de egalisatiereserve weerstandsvermogen. Voor de afgesloten complexen Bedrijventerrein Looweg en Leisurestrip Holterweg worden er ook opbrenbsten verwacht van respectievelijk € 350.000 en € 26.000. Huidige Voorziening Benodigde vooziening Verschil Afgesloten

€

382.270

€

699.065 € 316.795

Bergweide 3

€

16.019

€

25.772 €

9.753

Bathmense Enk

€

16.281

€

40.000 €

23.719

Okkenbroek

€

-1.222 €

1.500 €

2.722

Rielerkolk

€

47.716

€

-

Driehoek Snippeling

€

191.841

€

229.187 €

37.346

Vijfhoek

€

2.940

€

55.437 €

52.497

Vijfde hoek

€

108.695

€

95.000 € -13.695

Geertruiden

€

-

€

11.000 €

Bedrijventerrein Looweg Bathmen

€

-

€

149.169 € 149.169

Leisurestrip Holterweg

€

-

€

25.000 €

25.000

Bedrijventerrein Lettele

€

-

€

67.000 €

67.000

€ -47.716

11.000

Tabel 18: Ontwikkeling voorzieningen afgesloten complexen

Tussentijdse winstneming Winstneming is toegestaan voor de projecten die in de vorige paragraaf als winstgevend zijn gerapporteerd. Daarbij is de omvang van de toegestane winstneming afhankelijk van de eindwaarde van het project (na aftrek van het nog openstaande risico) en de voortgang van het project, uitgedrukt in het percentage gerealiseerde baten en lasten. Onderstaande tabel toont de bepaling van de winstname per project. Op basis van de voortgang van de projecten is € 513.316 additionele winstneming mogelijk. Dit bedrag komt ten gunste van de egalisatiereserve weerstandsvermogen. Het grootste deel van dit bedrag (circa €363.000) is afkomstig van het project Eikendal. Tabel 19: Berekening winstneming per project

25

6

Financieel Meerjaren Perspectief Inleiding

Vanuit de geactualiseerde meerjarenbegrotingen (Mjb’s) van de diverse grondexploitaties per 1-1-2023 ontstaat inzicht in het meerjaren perspectief. Dit wordt in onderstaande paragrafen inzichtelijk gemaakt.

Financiële analyse meerjaren perspectief De grondslag voor het financieel meerjaren perspectief zijn de geactualiseerde grondexploitatiebegrotingen op peildatum 1-1-2023. Voor een volledig overzicht wordt uitgegaan van in exploitatie genomen gronden (BIE). Het gepresenteerde beeld gaat uit van de stand per 1-1-2023 van het aantal aanwezige grondexploitaties. Dit betekent dat in de beschouwde periode, waarover de huidige grondexploitaties lopen, geen nieuwe projecten worden opgestart. Is dit wel het geval, dan worden deze projecten in de volgende MPG opgenomen. Gezien de huidige opvatting over het grondbeleid is het vooralsnog niet de verwachting dat veel nieuwe nog niet bekende “gemeentelijke” gebiedsontwikkelingen en andere grondexploitaties in de komende jaren worden toegevoegd. Naar verwachting komt in 2023 meer zekerheid over de ontwikkeling van de van Hetenstraat. De in 2022 vastgestelde grondexploitatie Shita locatie is toegevoegd aan het resultaat van de MPG. Het meerjarenperspectief ziet er op hoofdlijnen als volgt uit: Tabel 20. Meerjarenperspectief investeringen en opbrengsten Overzicht investeringen en opbrengsten in mln. 2023

2024

2025

2026

2027

kosten

nog te realiseren 52,05

18,24

14,34

11,28

5,54

2,65

opbrengsten

111,77

25,14

44,85

26,43

15,35

0,00

rente

-2,10

-2,16

-1,01

-0,63

-0,32

kasstroom

4,81

28,35

14,14

9,18

-2,97

Uit bovenstaande tabel valt het volgende op te maken: • De kosten op langere termijn nemen af. In 2023 worden nog investeringen verwacht van circa € 18,24 mln. en daarna neemt het investeringsniveau verder af in 2026 naar minder dan € 6 mln. • Opbrengsten In 2023 en 2024 worden nog veel opbrengsten verwacht (in totaal ca. 75 mln.). Deze opbrengsten worden met name gerealiseerd binnen de woningbouwlocaties Eikendal, Steenbrugge en het Sluiskwartier en daarnaast van bedrijvenpark A1. Figuur 3. Ontwikkeling nog te maken kosten en opbrengsten

Wat opvalt in de vorige grafiek, figuur 3 “Ontwikkeling nog te maken kosten en opbrengsten”, is dat de kosten en opbrengsten vanaf 2024 naar verwachting fors afnemen.

26

In 2023, 2024 en2025, met een uitschieter in 2024, zijn de geraamde opbrengsten nog hoog, daarna, vanaf 2025 daalt het opbrengstenniveau. In de jaren tot en met 2028 zal de gemeentelijke boekwaarde van de grondexploitaties verder afnemen doordat er minder kosten worden gemaakt en er meer opbrengsten worden gerealiseerd uit verkopen en exploitatiebijdragen. Vanaf 2024 ontstaat een redelijk stabiele kosten- en opbrengstenontwikkeling. Hierbij is uitgegaan van de per 1-12023 bestaande gemeentelijke grondexploitatiebegrotingen.

Verdeling kosten en opbrengsten In onderstaande tabel worden de nog te verwachten kosten over de periode 2023 tot en met 2027 weergegeven. Tabel 21. Opbouw nog te realiseren nominale kosten per jaar (bedragen x € 1 miljoen)

Soort kosten

2023

2024

2025

2026

2027

verwerving

Totaal in % 2,4%

Totaal in € 1,27

0,59

0,28

0,20

0,17

0,04

sloop en milieu

6,4%

3,32

1,86

1,01

0,19

0,24

0,00

hoofdstructuur

5,6%

2,94

0,80

0,24

1,90

0,00

0,00

civiele techniek

59,2%

30,82

9,64

8,87

6,51

3,88

1,91

plankosten

18,1%

9,40

4,03

2,73

1,48

0,78

0,37

bijdragen

0,5%

0,26

0,13

0,11

0,03

0,00

0,00

onvoorzien

7,8%

4,04

1,19

1,09

0,97

0,46

0,33

totaal

100%

52,05

18,24

14,34

11,28

5,54

2,65

Figuur 4. Opbouw nog te realiseren nominale kosten (% is afgerond op gehelen)

In bovenstaande figuur 4 wordt inzicht gegeven in de opbouw van de nominale kosten (exclusief rente- en in flatieinvloeden) op totaal niveau. Deze nog te maken kosten per 1-1-2023 worden nog gerealiseerd in de resterende looptijd van de lopende plannen. Uit de grafiek is af te leiden dat de verwachte civiele kosten (sloop en milieu, hoofdstructuur en civiel) circa 71% van de totaal nog te maken kosten uit maakt. Zichtbaar is, dat er nog zeer beperkt verwervingen nodig zijn en dat dit aandeel circa 2% van de totaal nog te maken kosten uitmaakt. Deze kosten hebben betrekking op: • de overdracht van gronden binnen het cluster Westfalenstraat en • in beperkte mate interne overdracht van gronden en panden. De plankosten maken circa 18% van de totaal nog te maken kosten uit en er wordt rekening gehouden met 8% planonvolledigheid.

27

De samenstelling van de kosten over de resterende looptijd van de projecten laten zien dat deze zich vooral in de uitvoeringsfase begeven. Het aantal projecten, zeker van enige omvang, in de voorbereidingsfase is gering. In de volgende grafiek, figuur 5 Opbouw nog te realiseren kosten per jaar 2023-2027, is de periode beschouwd met een weergave van alle te verwachten kosten over deze periode. In tabel 21 op de vorige pagina zijn de diverse bedragen en kosten onderdelen al samengevat in één tabel. Per jaar wordt in de vorm van een samengestelde kolom alle kosten getotaliseerd en weergegeven in de figuur. Figuur 5. Opbouw nog te realiseren kosten per jaar 2023-2027

In bovenstaande grafiek valt op dat de omvang van de kosten vanaf 2023 t/m 2027 sterk afneemt van 18 mln. in 2023 naar ca. 11 mln. in 2025, daarna zijn de kosten beperkt. Plankosten

De plankosten zijn globaal onder te verdelen in de kosten voor: • planontwikkeling, • planvoorbereiding. De plankosten kunnen als volgt worden toegelicht: • Planontwikkeling Dit zijn investeringen die worden gemaakt in het vóór-proces om te komen tot een plan dat in uitvoering kan worden gekomen. Deze investeringen bestaan hoofdzakelijk uit kosten voor stedenbouwkundige uitwerking c.a., bestemmingsplan c.a. opstellen, opstellen grondexploitaties, projectmanagement, secretariële werkzaamheden, juridisch/bestuurlijke werkzaamheden, planeconomischewerkzaamheden et cetera. • Planvoorbereidingskosten

Deze investeringen hangen samen met uitvoering en benodigde werken en kosten van een project. Dit zijn ambtelijke en andere externe kosten die betrekking hebben op de uitvoering van civieltechnische kosten als sloop, sanering, bouwrijpmaken, woonrijpmaken inclusief groenvoorziening, aanleg nustvoorzieninegn et cetera. Voor een nadere detaillering van de plankosten wordt verwezen naar de geldende wetgeving en regeling:

28

• • • •

Wet ruimtelijke ordening: artikel 6.13 met een nadere uitwerking in Besluit ruimtelijke ordening: artikel 6.2.4. en 6.2.5. ten aanzien van uitvoeringskosten en plankosten; Regeling plankosten exploitatieplan; BBV Nota grondexploitatie 2016.

In de meerjarenbegroting (MJB), de grondexploitatiebegrotingen, van de BIE-GREX projecten wordt een raming opgenomen van de verwachte plankosten voor de verschillende projecten.

Figuur 6. Plankosten per jaar 2023-2027

Figuur 6 laat zien dat de plankosten geleidelijk afnemen vanaf 2023. De afname doet zich voor in zowel de planontwikkelingskosten en planvoorbereidingskosten. Bepaling plankosten. Afhankelijk van het type project worden de plankosten bepaald aan de hand van een plankostennormeringsmethode, voor traditionele woningbouwprojecten of bedrijventerreinen wordt de plankostenscan als uitgangspunt gehanteerd, voor specifieke situaties wordt een raming opgesteld op basis van de verwachte capaciteitsinzet. Het belangrijkste gedeelte van de plankosten heeft betrekking op de ambtelijke uren tegen intern tarief. Daarnaast zijn er ook de zogenaamde overheadkosten die verdeeld worden over de verschillende exploitaties. Bij de begroting van de plankosten worden de huidige GREXEN als uitgangspunt gehanteerd. Indien er nieuwe projecten worden opgestart om aan de woningbouwdoelstellingen te voldoen zal het benodigd bedrag voor plankosten toenemen.

29

Figuur 7. Opbouw nog te realiseren opbrengsten per bouwcategorie

In figuur 7 wordt inzicht gegeven in de opbouw van de nominale opbrengsten op totaal niveau en hieronder in figuur 8 op jaarniveau. Zichtbaar is dat 63% van de nominale opbrengsten voortkomt uit woningbouw, 33% komt voort uit de uitgifte van bedrijventerreinen. Dat is ook een afspiegeling van de projectenportefeuille zoals gepresenteerd in hoofdstuk 5. Het overige deel wordt gevormd door exploitatiebijdragen en subsidies. In de volgende tabel, tabel 22, zijn de opbrengsten gesplitst per soort opbrengst, aangegeven in % en in € (afgerond). Tabel 22. Opbouw nog te realiseren nominale opbrengsten per jaar (x € 1 miljoen) Soort opbrengst

Totaal in %

Totaal in €

2023

2024

2025

2026

woningbouw

63,4%

70,83

15,04

25,96

19,97

9,86

niet woningbouw

32,8%

36,70

8,94

17,64

6,37

3,75

bijdragen

0,0%

0,02

0,02

0,00

0,00

0,00

overige opbrengsten

3,8%

4,21

1,14

1,24

0,08

1,74

totaal

100%

111,77

25,14

44,85

26,43

15,35

In figuur 8 “Opbouw nog te realiseren opbrengsten” per jaar 2023-2026, zijn de in de tabel 22 aangegeven opbrengsten grafisch weergegeven.

30

Figuur 8. Opbouw nog te realiseren opbrengsten per jaar 2023-2026

In bovenstaande figuur is te zien dat in 2024 een forse opbrengst wordt verwacht van in totaal circa € 45 mln. En in 2023 totaal bijna 25 mln. Daarna vanaf 2025 zullen de opbrengsten geleidelijk afnemen.

Ontwikkeling boekwaarde In de volgende tabel en figuur is het verloop van de boekwaarde over de periode tot 2028 weergegeven. Het gaat hier om het verloop van de bruto boekwaarde waarop de verliesvoorziening niet in mindering is gebracht. De boekwaarde loopt af van bijna 88 mln. naar 34 mln. in 2028. Dit komt enerzijds omdat er meer opbrengsten dan kosten worden verwacht, anderzijds worden exploitaties afgesloten en in voorkomende gevallen worden verliezen genomen ten laste van de verliesvoorziening bij jaarrekening. Tabel 23. Overzicht verloop boekwaarde grondexploitaties.

Overzicht verloop boekwaarde grondexploitaties in mln. jaar boekwaarde

2023 87,76

2024 82,95

2025 54,60

2026 40,46

2027 31,28

2028 34,25

In figuur 9 “Ontwikkeling boekwaarde c.q. verliesvoorziening verlieslatende BIE- complexen” per jaar 2023-2028, is het in de tabel 23 aangegeven cumulatieve verloop van de boekwaarden grafisch weergegeven.

31

Figuur 9. Ontwikkeling boekwaarde c.q. verliesvoorziening verlieslatende BIE- complexen

32

7

Weerstandsvermogen en vermogenspositie

Algemeen In dit hoofdstuk brengen wij de consequenties van de geactualiseerde grondexploitaties op het weerstandsvermogen en de vermogenspositie in beeld. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: • de weerstandscapaciteit: dit zijn de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken en • alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiele betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie

Ontwikkeling risico’s In de jaarlijkse planning en control cyclus zijn twee momenten waarop wij het weerstandsvermogen in beeld brengen. Wij doen dat bij het opstellen van de begroting en de jaarrekening. Tussentijds rapporteren (zomer- en najaarsrapportage) wij wel over ontwikkelingen ten aanzien van de risico’s. De risico’s die samenhangen met de geactualiseerde grondexploitaties geven onderstaand het een actueel beeld per 1-1-2023. Daarbij dient te worden opgemerkt dat alleen de risico’s bij de verlieslatende grondexploitaties ten laste zullen worden gebracht van het weerstandsvermogen. Tabel 24 Risico’s Grondexploitaties (bedragen x €1) Jaarrekening 2022

Risico's

Wijtenhorst en Douweler Leide Sluiskwartier Roelandflat/WC Keizerslanden A1 Bedrijvenpark Centrumplan Bathmen

Jaarrekening 2021

Verschil

735.500

250.000

485.500

1.675.000

1.115.000

560.000

100.000

100.000

0

2.991.575

1.955.000

1.036.575

0

0

0

Shita locatie

325.250

0

325.250

Tuinen van Zandweerd

197.000

145.000

52.000

Cluster Westfalenstraat

237.000

346.380

-109.380

Cluster Havenkwartier

528.750

712.500

-183.750

Cluster Stadsentree

50.000

98.750

-48.750

Teugseweg

250.000

250.000

0

7.090.075

4.972.630

2.117.445

Totaal verlieslatend Eikendal

340.000

225.000

115.000

Steenbrugge

1.550.000

1.804.500

-254.500

Totaal winstgevend

1.890.000

2.029.500

-139.500

Bedrijventerrein Looweg Bathmen

0

100.000

-100.000

Leisurestrip Holterweg

0

0

0

Bedrijventerrein Lettele

0

50.000

-50.000

Afgesloten

Totaal afgesloten Eindtotaal

0

150.000

-150.000

8.980.075

7.152.130

1.827.945

Conclusies risico-ontwikkeling Het totale risicoprofiel van de grondexploitaties is ten opzichte van de jaarrekening 2021 toegenomen van 7,2 miljoen euro tot 9 miljoen euro. Dit is een toename van 1,8 miljoen euro. De oorzaak van de toename zit vooral in de bijzondere marktomstandigheden. De getaxeerde opbrengsten zijn naar boven bijgesteld, maar brengen in de huidige markt wel een hogere mate van onzekerheid met zich mee. Dat is sterk zichtbaar in het A1 Bedrijvenpark. In Tuinen van Zandweerd speelt dit risico ook, maar is door specifieke omstandigheden het risico van mindere grondopbrengsten al verwerkt in het planresultaat.

Ontwikkeling resultaten Winst- en verliesgevende grondexploitaties

33

In de onderstaande tabel treft u een overzicht aan waarin alle resultaten van grondexploitaties worden weergegeven. Het betreft hier de in exploitatie genomen BIE-complexen, zowel winstgevend als verlieslatend. De tabel toont voor iedere grondexploitatie het verwachte eindresultaat, op basis van de meest aannemelijke schatting van toekomstige inkomsten. Het totaalbeeld laat een verslechtering van €545.000 zien ten opzichte van de jaarrekening 2021. De grootste mutaties hebben plaatsgevonden in het A1 Bedrijvenpark, de Tuinen van Zandweerd, Westfalenstraat en cluster Havenkwartier. Tabel 25. Overzicht alle grondexploitaties (incl. winstneming) (bedragen x €1) Verwacht eindresultaat (contante waarde)

Grondexploitaties

31-12-2022

31-12-2021

Verschil

-19.431.297

-21.704.424

2.273.127

Bedrijventerrein Lettele

0

-592.288

592.288

Bedrijventerrein Looweg

0

-42.060

42.060

Centrumplan Bathmen

-696.787

-647.781

-49.006

Cluster Havenkwartier

-7.712.102

-6.564.609

-1.147.493

Cluster Stadsentree

-500.063

-589.449

89.386

Eikendal

1.544.969

1.503.910

41.059

0

1.453

-1.453

Sluiskwartier

-2.251.090

-2.087.453

-163.637

Steenbrugge

5.947.268

4.589.668

1.357.600

415.345

2.055.385

-1.640.040

A1 Bedrijvenpark

Holterwegzone

Tuinen van Zandweerd Westfalenstraat

-1.599.037

-55.702

-1.543.335

Wijtenhorst Douweler Leide

-3.213.532

-3.077.528

-136.004

Winkelcentrum Keizerslanden

-4.408.287

-4.221.502

-186.785

-72.715

0

-72.715

Totaal

-31.977.325

-31.432.380

-544.948

Waarvan verlieslatend

-39.884.910

-39.582.796

-302.114

Waarvan winstgevend

7.907.582

8.150.416

-242.834

Shita locatie

Balanspositie per 31-12-2022 Boekwaarden Onderstaande tabel geeft een overzicht van de mutaties in de boekwaarden op totaalniveau. De boekwaarden betreffen de balanspositie voor aftrek van de verliesvoorzieningen. Over 2022 zijn in de grondexploitaties meer opbrengsten dan kosten gerealiseerd ( € 17 mln.) en is er sprake van tussentijdse winstname ten bedrage van € 0,5 mln.. Hierdoor is het totaal geïnvesteerd vermogen per saldo met ruim €16 miljoen afgegnomen. Tabel 26. Mutaties boekwaarde Verloop Boekwaarde 31-12-2021 Herrubriceringen Vermeerderingen Verminderingen Winstname Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde € € € € € €

103.607.000 18.347.000 34.708.000 514.000 87.760.000

Verliesvoorziening Tegenover dit geïnvesteerd vermogen staat een verliesvoorziening van € 39,9 miljoen per 31-12-2022 (zie par 7.2).

34

BIJLAGEN De volgende bijlagen treft u hierna aan: Bijlage I

Waarderen van gronden

Bijlage II

Factsheets (vertrouwelijk)

Bijlage III

Risicoverloop (vertrouwelijk)

Bijlage IV

Aan- en verkoop boek (vertrouwelijk)

Bijlage V

Compensatieafspraken (vertrouwelijk)

Bijlage VI

Meerjarenbegrotingen (vertrouwelijk)

Bijlage VII

Rekentechnische uitgangspunten per 1-1-2023 (vertrouwelijk)

35

Bijlage I

Waarderen van gronden

Uitgangspunten en parameters Jaarlijks, bij het opmaken van de jaarrekening, vindt er een beoordeling plaats van de waardering van de gronden en grondexploitaties. Basaal is de vraag in hoeverre de investeringen van het ‘grondbedrijf’ nog kunnen worden terugverdiend, uiteraard rekening houdende met al bestaande verliesvoorzieningen. Om inzicht in te krijgen in de vraag of de investeringen nog kunnen worden terugverdiend, wordt een driedeling gehanteerd in de gronden. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in gronden • in exploitatie, • nog te verkopen gronden en • strategische of overige gronden. In exploitatie genomen (BIE) Deze categorie gronden zijn in exploitatie genomen. Men noemt deze gronden confrom de BBV richtlijnen Bouwgrond in exploitatie oftewel BIE-projecten. Dat zijn projecten zoals De Vijfhoek, Bedrijventerrein A1 en Havenkwartier (gedeeltelijk), waarvan de raad een grondexploitatie heeft vastgesteld en dus het besluit heeft genomen deze daadwerkelijk in ontwikkeling te nemen. De waardering van deze gronden vindt plaats op basis van de grondexploitatie. Indien de grondexploitatie een tekort kent dient een verliesvoorziening te worden aangelegd. Een andere mogelijkheid is afwaardering van de boekwaarde. Afwaardering is afhankelijk van de vraag in hoeverre een reële kans bestaat dat mogelijke verliezen in de toekomst alsnog kunnen worden goedgemaakt.

Is dat niet het geval dan dient er te worden afgewaardeerd. Ook is het van belang dat de gronden en overig vastgoed regelmatg worden getaxeerd om de marktwaarde te bepalen. De marktwaarde wordt verwerkt in de grondexploitatiebegroting. Dit kan invloed hebben op het resultaat van de grondexploitatie en de eventueel te vormen verliesvoorziening. Nog te verkopen gronden De tweede categorie gronden zijn nog te verkopen gronden uit reeds afgesloten complexen, zoals bijvoorbeeld de woningbouwplannen in Lettele en Okkenbroek. Deze grondexploitaties zijn afgesloten omdat de meeste activiteiten zijn beëindigd. Slechts de verkoop van enkele bouwrijp gemaakte percelen resteert. In die situatie is het niet efficiënt een projectorganisatie rondom dit soort projecten te organiseren. Het resultaat van deze exploitaties wordt opgemaakt en de winst of het verlies genomen. De dan nog resterende boekwaarden worden ondergebracht in één complex en dienen te worden terugverdiend met de daadwerkelijke verkoop van die laatste kavels. De marktwaarde van deze te verkopen percelen wordt jaarlijks getaxeerd. Indien de boekwaarde van alle nog te verkopen percelen hoger is dan de gezamenlijke marktwaarde dan dient ook hier een verliesvoorziening te worden aangelegd of dient er een afwaardering van de boekwaarde plaats te vinden.

Strategische of overige gronden Tenslotte zijn er de zogenaamde strategische of overige gronden. Bijvoorbeeld vallen de gronden in Deventer NO en Landeweert onder deze categorie. Dit zijn gronden waarvoor nog geen concrete visie is vastgesteld over de toekomstige ontwikkeling. Deze gronden vallen niet onder voormalig product 11 grondexploitaties, maar zijn ondergebracht in het complex ‘Nog te verkopen gronden’ binnen voormalig product 13, onroerende zaken buiten exploitatie. Deze gronden worden uitsluitend gewaardeerd op basis van de huidige bestemming, veelal een agrarische. Indien de boekwaarde de taxatiewaarde overstijgt dient de boekwaarde te worden afgewaardeerd naar de hoogte van de taxatiewaarde.

36

Bijlage II

Factsheets (vertrouwelijk)

Factsheet per complex Informatie over: • Plangebied (grootte bruto/netto, uitgeefbaar) • Fasering • Financieel resultaat op EW en NCW • Risico’s

37

Bijlage III

Risicoverloop (vertrouwelijk)

Tabel ontwikkeling risico’s begroting 2023 – rekening 2022

38

Bijlage IV

Aan- en verkoopboek (vertrouwelijk)

Aan- en verkoopboek

39

Bijlage V

Compensatieafspraken (vertrouwelijk)

Overzicht compensatieafspraken

40

Bijlage VI Meerjarenbegrotingen (vertrouwelijk) 15 x meerjarenbegroting per complex

41

Bijlage VII Rekentechnische uitgangspunten (vertrouwelijk)

42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12948641/1