CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-10-18 Transcript Raadsvergadering Gemeenteraad Deventer 18 oktober 2023

Raadsvergadering 18 oktober 2023, gemeente Deventer19.468 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Opstellen geactualiseerde en gezamenlijke detailhandels- en horecavisie

De voorzitter: We beginnen dus met de motie Opstellen geactualiseerde en gezamenlijke detailhandels- en horecavisie. De heer Evers heeft het woord. De heer Evers: Dank u wel voorzitter. Deze motie gaat over detailhandel, horeca, maar eigenlijk ook over de brede voorzieningenstructuur. Maar ook de relatie met de omgevingsvisie. Maar eigenlijk stellen we een principieel punt aan de orde via deze motie. Dat gaat om de volgorde der dingen en de positie van ons als raad. Bij het opstellen van de Omgevingsvisie 2019 is afgesproken dat zodra deelvisies worden geactualiseerd, of opgesteld, ook aanpassingen in de Omgevingsvisie gedaan worden. Deze deelvisies, zoals bijvoorbeeld op detailhandel of horeca, zouden daarbij leidend zijn. In maart 2023 ontvingen we een evaluatie van de detailhandelsstructuurvisie en daarin wordt gesteld dat het actualiseren van de detailhandelsvisie nu niet voor de hand ligt omdat het een aanpassing behoeft van de Omgevingsvisie. Beter is om aan te sluiten bij de aanstaande actualiteit van de Omgevingsvisie. Dus dan draaien we de boel om. Ook recente en actuele discussies laten zien dat we behoefte hebben aan een actuele detailhandelsvisie. De vraag roept dat ook op of we nog wel voldoende visie hebben op dat soort discussies. Op welk soort detailhandel en horeca waar en in welke mate we willen hebben in onze gemeente.

Wat ons betreft dient de Omgevingsvisie ook in de toekomst gebaseerd te worden op opgestelde actuele deelvisies. Welke de onderliggende pijlers van de Omgevingsvisie zijn zoals destijds afgesproken. Dat is wat ons betreft de lijn. Deelvisie evalueren, integraal actualiseren en kijken of de effecten daarvan aanleiding zijn om de Omgevingsvisie aan te passen of aan te scherpen. Dat is ook logisch want die Omgevingsvisie is een hoofdlijn. Een deelvisie, bijvoorbeeld op detailhandel, dan zoem je in op actuele ontwikkelingen en effecten daarvan. Het levert een beleids- en toetsingskader op. Wat we ook weer nodig hebben voor de beoordeling van ondernemersinitiatieven en vergunningaanvragen. Vandaar deze motie om uiterlijk en omdat we al wat verder in de tijd zijn. Er staat nog eerste kwartaal, daar kunnen we best over nadenken of dat niet Q2 of Q3 zal moeten worden, ook afhankelijk van de ambtelijke capaciteit. Maar detailhandel en horeca het liefst gezamenlijke visie te laten opstellen. Haal er ook eens een extern bureau bij met kennis van zaken die ook kennis van buiten inbrengt binnen de gemeente Deventer. Vervolgens die visie mede te gebruiken als basis voor de actualisatie van de Omgevingsvisie. Ik heb deze motie samen met mevrouw Eltink van Gemeentebelang opgesteld. Mede-indieners zijn Rogier Zuijdam VVD, Anne Van der Meer GroenLinks en Kitty Schmidt van Deventer Sociaal.

Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Reacties uit de gemeenteraad? Geen? Mevrouw Van der Meer ga uw gang.

17 Mevrouw Van der Meer: Dank voorzitter. Reactie als mede-indiener. Uiteraard wanneer deze motie aangenomen zal worden gaat GroenLinks ervan uit dat het college uiteraard bij het opstellen van een visie conform ons participatiebeleid, ook een participatietraject zal instellen. Ik zal het formuleren als een vraag. Is het college ook bereid om heel erg breed te gaan participeren met zowel inwoners, bezoekers, als horecaondernemers als pandeigenaren? De voorzitter: Dank u wel dat is een vraag aan het college die krijgen we zo. De heer Kamphuis. De heer Kamphuis: Kijk, eerste keer het is gelukt, dank u wel voorzitter. Ik heb een aantal vragen en die zijn denk ik ook min of meer aan het college gericht of eigen aan het college gericht. Is het hele tijdspad wat in deze motie wordt voorgesteld wel haalbaar? Ook over participatie gesproken, is het haalbaar om op zo’n korte tijd nog participatie op een voldoende manier vorm te geven? Ook nog een laatste vraag is eventuele kosten die hiermee gemoeid gaan hoe is dat gedekt? Dank u wel. De voorzitter: Dan stel ik voor dat we naar de zijde van het college gaan. Wethouder Walder u heeft het woord. De heer Walder: Dank u wel voorzitter. Het college heeft niet per se behoefte aan nog weer een nieuwvisie traject. Het detailhandelsbeleid en het horecabeleid zijn recent geëvalueerd.

Conclusie was, het beleid deugt nog steeds en er komen een aantal actiepunten uit voort. Met die actiepunten willen wij aan de slag. Als het gaat om visietrajecten zijn wij aan de slag met de transformatieopgave binnenstad. Het is het bredere project wat de binnenstad begeleidt in het zijn van een placet o buy naar een place to be. Daar is de ambtelijke capaciteit voor nodig. Ik snap wel de behoefte om op strategisch niveau te praten over doen we wel het juiste en zijn we met elkaar de goede kant op aan het gaan? Het voorstel is meer om dat mee te nemen in het traject rondom de omgevingsprogramma's. U krijgt daar komende maand ook een paar informatiebijeenkomsten over. Ga nu mee is het advies van het college in die flow van het maken van omgevingsprogramma's in volle breedte, met maximale participatie in plaats weer een sectorale visie vragen. Ik hoor in ieder geval zelf nooit uit de stad van ondernemers die zeggen weet je wat de gemeente meer zou moeten doen? Visies maken. Nee, die willen concrete projecten aanpakken. Dat zijn we met elkaar tot grote tevredenheid aan het doen. Daarnaast is er geen dekking hiervoor. Dit vraagt behoorlijk veel capaciteit. De enige optie zoals ik die zie is óf mensen wegtrekken bij de transformatieopgave binnenstad óf de collega's wegtrekken bij de concrete projecten naar aanleiding van de beleidsevaluaties.

Het college is er allebei niet echt toe bereid en daarom ontraden wij deze motie. De voorzitter: Dan reactie nog van de heer Evers. De heer Evers: Dank u wel voorzitter. Toen we die Omgevingsvisie opstelden, hadden we het gewoon over deelvisies, detailhandelsvisies, horecavisies die geactualiseerd zouden worden om vervolgens in de Omgevingsvisie over te worden genomen. Er wordt nu haast een karikatuur geschetst van het maken van visies op onderdelen, terwijl juist die evaluatie in dit handelsbeleid behoorlijk wat vragen oplevert. Er worden bijvoorbeeld in die evaluatie wordt gezegd dat er behoefte is door het bedrijfsleven om op uitvalswegen van Deventer panden te kopen waar ze vervolgens detailhandel zouden kunnen gaan starten. Dat we daaraan mee zouden moeten werken om die markt te faciliteren. Dat zou ik in zo'n detailhandelsvisie wel eens integraal bekeken willen hebben of dat wel de gewenste ontwikkeling is. Zo zijn er meer zaken in de evaluatie die haast voetstoots maar worden aangenomen. Terwijl je echt in deze tijden van veranderende detailhandel en horecafuncties na moet denken met zijn allen. Hoe en waar willen we die winkels nog hebben? Wat draagt dat bij aan onze binnenstad waar we zo trots op zijn? En ja, inmiddels zijn we in die binnenstad een nieuw plan aan het maken hoe we daar bestemmingen een plek willen geven. Maar dat is op een gegeven moment afgerond.

Dat zouden we dan ook mee kunnen nemen in die bredere detailhandelsvisie en of horecavisie. Wat in dit voorstel ook staat, misschien moeten we helemaal niet meer over deelvisies praten, maar we stellen ook voor detailhandel- horecavisie onderdeel van een bredere voorzieningenvisie. Volgens mij sluit het heel erg aan bij wat er in dat omgevingsprogramma dan wordt gedaan en daar is ook capaciteit voor beschikbaar. Maar het gaat ook om wanneer zijn we als raad dan aan bod? Als ik het nu lees in de stukken, dan stellen we als raad een nieuwe Omgevingsvisie vast. Wordt er vervolgens een omgevingsprogramma gemaakt wat een college bevoegdheid is. Vervolgens komt er een omgevingsplan het echte uitvoeren, waar we als de raad weer iets van mogen vinden. Volgens mij draaien we daar ook de volgorde der dingen om. Juist die uitvoering zou ik graag bij het college laten, maar dat omgevingsprogramma dat is dan

18 juist iets waar we als raad aan bod komen. Volgens mij sluit dat heel erg aan bij detailhandelsvisies, horecavisies zoals we die in het verleden noemden. Als ik even kijk naar andere steden, die zijn echt consequent bezig om detailhandelsvisies, deelvisies op te stellen om die Omgevingsvisie juist weer te verrijken. Volgens is dat ook de volgorde der dingen zoals we die hebben afgesproken. De voorzitter: Dan mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Dank voorzitter. Mijn vraag die ik zojuist stelde die staat sowieso nog steeds. Maar ook nog enkele andere opmerkingen met uw toestemming voorzitter. De evaluatie van het horecabeleid was twee jaar terug. Dus ik ben heel erg blij dat er inmiddels wel wat stappen gezet gaan worden met de actiepunten. Het andere punt is, de portefeuillehouder die had niet gehoord van ondernemers dat er behoefte aan was bij een werkbezoek aan de Koninklijke Horeca Nederland. Hebben wij als raadsleden juist wél gehoord dat er heel erg behoefte is aan een visiestuk. Ik hoor deze behoefte ook heel erg duidelijk bij bewoners van de Brink, het Buurtcomité Brink wil heel graag een visie op onze horeca- detailhandelsbeleid. Dus vanuit die hoeken hoor ik deze signalen wel, maar misschien was de portefeuillehouder daarbij niet aanwezig.

Maar herinnert hij zich nog wel het dossier McDonald's waarbij ook heel veel inwoners zich meldden met behoefte aan een visie? Dus ik denk dat er heel duidelijk een behoefte is en gelukkig is het aan de raad. De voorzitter: Wethouder Walder in tweede termijn. De heer Walder: Dank u wel. Wij zijn bezig met het maken van een transformatieopgave binnenstad. Dat is een traject wat gaat over hoe verandert de binnenstad? Wat zijn de rollen van de verschillende partijen en sectoren daarin? Dat komt voor zover ik weet in grote mate tegemoet aan bijvoorbeeld Koninklijke Horeca Nederland. Als je mensen vraagt willen jullie visies? Dan is het antwoord altijd ja hoor prima. Als je zegt het gaat wel ten koste van capaciteit, ambtelijke capaciteit op het gebied van terrassenbeleid, fondsevenementen zeggen ze nee dan hoeft het niet. Maar goed u mag daar ook best een andere mening over hebben als het gaat om de behoefte uit het publiek om aan de slag te gaan met dit visietraject. GroenLinks had nog een vraag gesteld die ik inderdaad niet beantwoord had over of het college bereid is om een grootschalig participatietraject te koppelen aan deze motie. U heeft het college horen zeggen dat we überhaupt niet zo heel veel behoefte hebben aan deze motie. Laat staan om daar dan een grootschalig participatietraject aan te koppelen.

Dat wordt wel voorzien in het kader van het maken van die omgevingsprogramma’s. Bijvoorbeeld het omgevingsprogramma Voorzieningen. Via dat traject willen wij die grootschalige participatie draaien. Die integrale blik niet alleen op de binnenstad, maar ook op de horeca en de detailhandel buiten de binnenstad. Het advies van het college is dus lift daarop mee. Zeker op het moment dat je een grootschalig participatietraject koppelt aan deze motie, is het antwoord op de vraag van Deventer Belang. Nee, dan halen we ook die in de motie aangegeven planning uiteraard niet. De voorzitter: Vragen nog? Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel voorzitter. Even de vraag aan de portefeuillehouder wanneer die participatie dan wel gaat gebeuren? Waar krijgt die plek in het vervolgproces? De heer Walder: We gaan aan de slag met het voorstellen van omgevingsprogramma's. Het omgevingsprogramma Voorzieningen is het omgevingsprogramma waar onder andere detailhandel, horeca in vallen. Die omgevingsprogramma's die komen tot stand met een breed participatietraject. Komende maand volgen er een tweetal informatiebijeenkomsten voor de raad om u mee te nemen in het hele traject rondom het verder uitwerken van de Omgevingsvisie en de omgevingsprogramma's. De voorzitter: De heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel voorzitter. Ik ben inderdaad een beetje aan het zoeken.

Ik vind het ergens anders capaciteit weghalen die we ook nodig hebben, ik vind dat wel een serieus ding zeg maar. Dus in hoeverre komen de punten die in de motie zitten, dus de zorgpunten, de actiepunten, komen die terug in dat omgevingsprogramma zoals u dat schetst? In het participatietraject is daar voldoende ruimte om deze dingen mee te nemen? Dat is mijn

19 eerste vraag. Er loopt ook nog blijkbaar een transformatieagenda binnenstad. Hoe verhoudt die zich dan wat daar gebeurt ten opzichte van dat omgevingsprogramma? De voorzitter: Wethouder Walder. De heer Walder: Dank u wel voorzitter. Daar zit inderdaad een volgordelijkheid in wat het college betreft. De motie geeft die volgordelijkheid eigenlijk niet want die zegt ga er nu mee aan de slag. Het college ziet graag dat wij die transformatieopgave binnenstad eerst afronden met elkaar. Daarna in de flow met het maken van de omgevingsprogramma’s mee, de kwesties aankaarten die de indiener van de motie benoemt. Laat ik inderdaad over het maken van een karikatuur van een visie zeggen dat ik wel herken dat het goed is om met elkaar het eens te zijn over de richting die we op gaan. Alleen de motie pakt daarvoor een middel die daar te kort op het nu is en niet meegaat in de flow van de Omgevingsvisie zoals wij die met elkaar willen gaan uitwerken. Dus ik zou u dan willen vragen. Houd die volgordelijkheid aan met de transformatieopgave. Laten we wat mij betreft ook een aantal raadstafels organiseren rondom de thema’s horeca, detailhandel wat u daarbij verwacht. Pas die planning dan ook aan dat we logisch mee kunnen in de flow. Volgens mij past alles dan wat beter in elkaar, ook meer in harmonie met de capaciteit en de prioriteiten die we stellen met elkaar. De voorzitter: Dank u wel.

De heer Evers nog tenslotte. De heer Evers: Ik vind het altijd een kunst hoe de wethouder het weet samen te vatten. Alsof het eigenlijk heel mooi allemaal in elkaar past. Ik zal even kijken hoe we die volgordelijkheid der dingen voor elkaar krijgen. Of dat lukt wil ik heel even een schorsing en met mijn indieners en mede-indieners daar even overleg over. De voorzitter: Schorsing van vijf minuten. We gaan om kwart voor tien weer verder. De heer Evers: Omdat mijn naam er niet onder staat Marcel Evers CDA. We hebben even overleg gehad en het was een beetje krap qua tijd. Dus al onze mede-indieners hebben nog niet eens precies kunnen zien wat het geworden is, maar ik hoop dat ik ze niet al te hard verras. Wij vinden het wel belangrijk dat die transformatieopgave binnenstad, dat we die eerst afgerond hebben voordat we die detailhandel- horecavisie gaan opstellen. In plaats van uiterlijk eerste kwartaal hebben we dat opgerekt naar uiterlijk einde van het derde kwartaal 2024. Die visie vervolgens ook gebruiken als actualisatie van de Omgevingsvisie 2024. Maar het college is eigenlijk overtuigd dat ze ons onvoldoende mee hebben genomen hoe dat proces van de Omgevingsvisie, omgevingsprogramma, omgevingsplan nu eigenlijk heel mooi zou kunnen werken. Dus wat ons betreft stellen we deze motie voor, nemen we die aan en gaan we dit proces in.

Tenzij de raad van tevoren door het college wordt overtuigd van een betere aanpak. In november vinden daar nog een aantal informatiesessies over plaats. Daar laten we ons graag overtuigen van een betere aanpak. Als dat niet lukt, zijn we als raad ook weer bij, dan voeren we de motie uit zoals we hem hier nu voorstellen. De voorzitter: Heeft het college nog behoefte om daarop te reageren? Wethouder Walder. De heer Walder: Ik denk voorzitter dat een aantal kritische pijnpunten uit de motie op deze manier op een hele mooie manier verwoord zijn. Ik heb mij zelden meer uitgedaagd gevoeld als bij de derde bullet van dit dictum. Dus het college kan hier mee leven. De voorzitter: De griffier en ik worstelen nog wel een beetje vraagt dit dan straks weer een nieuw besluit? Want het is wel een beetje een wonderlijke figuur op deze manier geworden. Niet qua inhoud maar qua opbouw. Hoe wordt de raad nu overtuigd? Want dat vraagt dat dan weer een raadsbesluit? Wat stelt u zich daarbij voor? De heer Evers: Dat is altijd zo mooi voorzitter als je dat als raad en wethouder dat met elkaar afstemt dan vergeet je nog de griffie. Dat is natuurlijk wel een ding. Ik kan me voorstellen dat omdat we dat ook nog niet van het college hebben gehad, dat het college op een gegeven moment met een raadsvoorstel komt hoe ze dan eindelijk met die omgevingsvisieprogramma en plannen om wil gaan.

Dat dat het moment is dat we als raad daarover de spreken komen. Dus naar aanleiding van het raadsvoorstel dat we dan van het college gaan ontvangen.

20 De voorzitter: Raadsvoorstel rondom de Omgevingsvisie en de manier waarop deze motie daarin dan verwerkt wordt. Zullen we dat dan afspreken? De heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel voorzitter. Ik was ook een beetje in verwarring door deze … is het niet gewoon beter en ook niet best een goede gewoonte om een motie dan gewoon aan te houden? Te zeggen we trekken hem nu terug en gaan eerst die behandeling afwachten en dan … want anders wordt het inderdaad een beetje een raar moment wanneer wordt dan dat besluit genomen? Als we niks doen wat doen we dan? Dan zorgt het alleen maar voor meer verwarring. Dus dat zou in ieder geval mijn voorstel zijn. Houd hem even aan, dan dagen we wel de wethouder uit om snel met een goede uitleg te komen en dan kunnen we dan op basis daarvan besluiten of we hem alsnog in stemming brengen. De voorzitter: Vanuit een punt van orde. De heer Evers. De heer Evers: Ik kijk even naar mijn mede-indieners. Maar volgens mij is er aan onze kant toch behoefte om hem op deze manier in stemming te brengen. Laat het college met een raadsvoorstel komen hoe we hiermee omgaan. Hoe ik die verhouding tussen deelvisies en omgevingsvisieplannen en programma's zal worden. Volgens mij kan dat ook een prima voorstel zijn. De voorzitter: Motie wordt niet aangehouden. Dan ga ik kijken of we tot stemming kunnen overgaan.

Is er behoefte aan stemverklaringen? Niet? Dan stel ik voor dat we gaan stemmen over deze motie. De motie is aangenomen met 34 stemmen voor, 3 stemmen tegen. Dat zijn stemmen van ChristenUnie, DeventerNU en DENK. Motie is aangenomen. 10.

Studentenhuisvesting

De voorzitter: Dan gaan we naar de motie Studentenhuisvesting. Mevrouw Scholthof ga uw gang. Sommige studenten zijn inmiddels afgestudeerd vermoed ik, maar ... Mevrouw Scholthof: Dank u wel voorzitter. Laat ik positief beginnen, ik ben echt zo blij dat deze motie nu behandeld gaat worden. Ik spreek denk ik namens de mede-indieners Oğuzhan Akdemir van D66, Peter Varenbrink van de PvdA, Ahmet Kaya van DENK en Jarno Van Straaten van GroenLinks. Het was namelijk alweer de laatste raadsvergadering voor de zomer dat we hier twee talentvolle studenten hebben horen inspreken, Stephan Terpstra en Hugo Jan Bos. Een vurig betoog over het tekort aan studentenwoningen en wat voor negatieve invloed dat heeft op studenten. Op 13 juli hebben zij dan ook met studentenvereniging Pro Deo de nacht doorgebracht op De Brink om hier gemeente breed aandacht voor te vragen. Enkele raadsleden hebben nog chips en chocola gebracht, dat was erg aardig. CDA Deventer wil samen met deze indieners kijken of we meer kunnen betekenen voor woningzoekende studenten. De cijfers achter deze motie. We hebben in Deventer ruim 10.000 hbo- en mbo-studenten en onze huisvester DUO heeft 610 studentenwoningen 6,1 procent. Volgens het CBS zit gemiddeld veertien procent van de hbo-studenten op kamers. Dat zou betekenen dat we in Deventer 440 extra studentenwoningen nodig hebben, alleen al voor de hbo-studenten.

We weten ook dat de kamers in de private sector niet te vinden zijn of niet te betalen zijn. Dus dat is ook niet echt een optie voor studenten in deze tijd. Waarom is dit belangrijk? Wij hebben in Deventer de ambitie uitgesproken tot verjonging en het willen zijn van een studentenstad. De samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente en Saxion is echt gericht op het aantrekken van meer jeugd en jong talent naar de gemeente en het vergroten van hun maatschappelijke betrokkenheid en binding met de stad. En natuurlijk het belang van de studenten zelf. Het gaat om jonge mensen die klaar zijn om op eigen benen te staan en wat willen maken van die bijzondere studententijd. Op kamers gaan doet iets met je zelfstandigheid, je zelfontplooiing. Je maakt meer sociale contacten en je voelt meer verbondenheid met die stad. Wat ook betekent dat meer studenten in Deventer blijven wonen en werken, wat we ook willen. Als ik zelf terugdenk aan mijn studententijd in Nijmegen. Dat zou ik ook echt iedereen gunnen. Dus vandaar deze motie die het college oproept te onderzoeken of de geschatte tekorten aan studentenwoningen correct zijn of aanscherping behoeven. In het kader van de woonvisie, die komt begin volgend jaar richting onze raad, te onderzoeken hoe we de tekorten kunnen aanpakken. De aanbevolen acties in het landelijke actieplan studentenhuisvesting dienen daarbij te worden betrokken.

Dank voorzitter.

21 De voorzitter: Dank u wel mevrouw Scholthof. Reacties vanuit de raad? De heer Donkers. De heer Donkers: Als een VVD’er een PvdA-wethouder uit Amsterdam gaat citeren, dan moet je op gaan letten. Laat ik hem in mijn eigen woorden doen. In onderzoeken kunnen studenten niet wonen. Dus volgens mij is het goed om dit op orde te krijgen. Maar wat mijn fractie betreft wel echt het standpunt te kijken hoe we nu echt daadwerkelijk wat bij gaan dragen aan die studenten. Dat kan met cijfers, maar ik denk vooral met mooie woningen. Dank. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Donkers. De heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel voorzitter. Ik wil het CDA bedanken op zich voor het betoog, ook het warme pleidooi voor studentenwoningen, goede studentenhuisvesting. Inderdaad ik heb ook de studenten van Pro Deo die nacht ondersteunt en support gegeven. Waar ik wel wat moeite mee heb, u haalt er één ding uit. We hebben ook tekort aan woningen voor statushouders, we hebben ook tekorten aan woningen voor bijvoorbeeld woonwagenbewoners. We hebben ook tekorten voor woningen voor starters. We kunnen elke raadsvergadering een motie vreemd met een andere groep eruit lichten. Het is ook best verstandig om integraal beleid te maken. Dan hebben we nu precies die woonvisie hebben we daarvoor.

Daar hebben onder andere mevrouw Schmidt en ik al in mei zeg maar, 31 mei op een raadstafel bestuur of ruimte actueel onder andere ook voor studentenhuisvesting en voor woonwagenbewoners aandacht gevraagd om te zorgen dat die goed opgenomen zullen worden in een woonvisie. Uiteindelijk moet daar de integrale afweging plaatsvinden en daar zijn deze cijfers voor nodig. Maar wel verzoek om niet elke raadsvergadering weer één groepen uit te lichten, maar toch vooral integraal beleid te maken. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank voorzitter. Met de kanttekening dat de heer De Niet dat dus zelf ook eerder gedaan heeft. Volgens mij waren wij daar ook voorstander van. Ik denk dat de meeste woordvoerders van wonen het met mij eens zullen zijn dat deze doelgroep tot nu toe nog niet zoveel ter sprake is gekomen en niet zoveel voorkomt in de stukken. Dat wil niet zeggen dat het niet bij het college op het netvlies zit. Maar dit is wel een groep als wij daar geen aandacht voor vragen dan kunnen ze er nog wel eens tussendoor schieten. Omdat er namelijk ook een beetje wordt bediscussieerd of het tekort wel zo groot is. Want DUO heeft namelijk aan de gemeente aangegeven dat het tekort niet zo groot is. Dat geeft dus aan dat het college wellicht helemaal niet zo gealarmeerd is.

Dus als wij er geen punt van maken dan komt het misschien niet zo groot of breed in de woonvisie terecht zoals wij willen. Dus volgens mij is dat inderdaad een kwestie van straks een integrale afweging maken bij de woonvisie. De voorzitter: Uitstekend. Gaan we even naar de zijde van het college. Wethouder Walder als waarnemer voor wethouder De Geest. De heer Walder: Dank u wel. Voor ongeveer alle doelgroepen is de woningmarkt krap. Ook voor studentenkamers geldt dat. Het heeft de aandacht van het college in het Programma Wonen, Werken en Verjongen. De motie benadrukt het belang van deze doelgroep. Die begrijpen wij, is prima uitvoerbaar. Dus wat dat betreft een positief advies van het college met de opmerking dat wij de andere doelgroepen zeker niet vergeten. De voorzitter: Dank u wel. Is er behoefte aan een tweede termijn? Dat denk ik niet. Dan gaan we even vragen naar stemverklaring? Is er behoefte aan stemverklaringen? Ook niet. Dan gaan we stemmen. De motie is unaniem aangenomen. 11.

Verzwakking van lokale democratieën door de provincie Overijssel

De voorzitter: Dan gaan we naar de laatste motie vreemd aan de orde. Dat is de motie Verzwakking lokale democratieën door de Provincie Overijssel van D66. De heer Akdemir heeft het woord. De heer Akdemir: Dank voorzitter. Vandaag staan we voor een bijzonder moment in onze geschiedenis als autonome gemeente. Onze relatie met de provincie heeft een punt bereikt waarop actie niet langer een optie is,

22 maar een noodzaak. Wat begon als een verschuiving van de politieke macht in de provincie, is uitgegroeid tot een ernstige bedreiging van onze lokale autonomie. De kwestie die voor ons ligt, draait om meer dan alleen beleid en regelgeving. Het gaat over de essentie van lokaal bestuur, onze autonomie en ons recht om deze te verdedigen. Het begon allemaal met de motie Grip op Wind die door de provincie dit jaar werd aangenomen. Hierdoor voelden wij in deze raad min of meer gedwongen om het A1-gebied aan te wijzen als zoekgebied voor windenergie. Een beslissing die we onder andere omstandigheden wellicht anders hadden genomen. En nu voorzitter, voor de tweede keer ervaren een gelijksoortige inbreuk op onze autonomie met het voorbereidingsbesluit zonneparken. Een zorgwekkend patroon is nu zichtbaar geworden. Deze herhaalde acties getuigen van inconsistentie en oncollegiaal bestuur. Wij zijn onderdeel van de provincie en delen een gemeenschappelijk doel, om realistische stappen te nemen, om de energietransitie te halen, maar dit moet wel gebeuren in harmonie. In samenwerking en met respect voor ieders rol en positie. De provincie gaat keer op keer voorbij aan de afspraken en negeert de unieke behoeften, wensen, en omstandigheden van onze gemeente. In plaats van samenwerking, kiest de provincie voor een dominante besluitvorming. Maar voorzitter, wij zijn niet machteloos.

We hebben rechten, verantwoordelijkheden en vooral een plicht om de belangen van onze inwoners te verdedigen. Ik vraag me af, we hebben in Deventer een forse opgave. Gaan we die nog wel halen als we zo belemmerd worden in de oplossingen? Of is het zelfs nu dat de provinciale opgave voor de rekening van de gemeente Deventer komt? Verwacht de provincie dat we nog meer windmolens moeten gaan plaatsen nu het plaatsen van zonneparken niet meer mogelijk is? Ik weet het allemaal niet meer. Zoveel onduidelijk. Maar wat ik wel weet, is dat dit geen tijd is voor halve maatregelen. Het is tijd voor daadkracht. We moeten alle juridische mogelijkheden onderzoeken en toepassen om dit voorbereidingsbesluit aan te vechten. We moeten opnieuw opstaan en laten zien dat we dit niet langer accepteren. Tot slot voorzitter, deze motie is mede-ingediend door Bert Kleine Schaars van Deventer Belang, Kitty Schmidt van Deventer Sociaal en Kees de Kok van de SP. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Akdemir. Behoefte aan reactie vanuit de raad? De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Voorzitter dank u wel. U noemde inderdaad het punt van de energietransitie die zo belangrijk is, de klimaatcrisis waar we in zitten. Daar moeten we alles voor uit de kast halen, ook in Deventer.

Lang zijn we al bezig met een RES-traject waarin we precies hebben bedacht dit willen we gaan doen, dit willen we gaan leveren de komende tijd. Dus die urgentie die snappen we, de frustratie ook. Dat we inderdaad te maken hebben met een provinciaal decreet eigenlijk wat we vorige week kregen vanuit Zwolle. Maar mijn vraag is eigenlijk, het gaat over het dictum. Want u draagt het college op om, moet ik het zelf ook even erbij pakken, de Kroon te verzoeken om het besluit te vernietigen. Dus u focust echt op één middel dat moet het college doen en het kan niet op een andere manier. De vraag is eigenlijk zou dat nu ook daadwerkelijk succes hebben? Daarbij behorend, kan het ook? In uw motie refereert u ook aan het beleidskader. Daarin staan ook wat voorwaarden wanneer is dit instrument nu succesvol? Volgens mij is het de vraag of het college dit kan doen en of die dat kan doen bij een andere overheid. Volgens mij is de burgemeester bevoegd en kan die besluiten de raad bij de Kroon voor vernietiging in aanmerking laten komen. Bijvoorbeeld als het gaat om inkomenspolitiek of om particuliere belangen. Goed er staan een aantal voorbeelden ook genoemd. Dus kan dit en is dit het juiste middel? Waarom zo versmallen tot dit instrument en ook een behoorlijk zwaar instrument? Want weliswaar is de relatie met de provincie nu niet echt verbeterd door dit besluit, ben ik helemaal met u eens.

Alleen kunnen we niet ook meer mogelijkheden inzetten? Kunnen we het verbreden en meer constructief wellicht toch dit besluit, dat voorbereidingsbesluit waar de fractie van GroenLinks ook niet blij mee is, om dat terug te draaien? Dus dat is eigenlijk de vraag waarom dit ene middel? Kan het? Is het niet beter om het breder te trekken en meer constructief? De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Voorzitter dank. Ik hoor wat de heer Van der Meulen zegt, alleen we zijn nu op zo'n punt gekomen dat we niet naïef moeten zijn en te verwachten dat de provincie met ons nog in goede dialoog zal treden. Het is gewoon de realiteit dat er een verschuiving is plaatsvonden in de provincie als het gaat om de politieke macht. We zijn keer op keer is de provincie door ons heen gewalst. Ik heb bewust gekozen om dit aanpak, omdat het nog een voorbereidingsbesluit is. Dan zijn er beperkte juridische mogelijke mogelijkheden om dit aan te vechten. Maar in principe de bevoegdheid van de Kroon is van algemene aard en die maakt geen onderscheid in verschillende besluitvormingen. Dus de Kroon zou in theorie dit kunnen vernietigen en dat is ook wat ik probeer te beogen met deze motie.

23 De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Dank u wel voorzitter. De vraag was ook de Kroon zou dit kunnen vernietigen, maar wie moet het voordragen bij de Kroon? Kan ons eigen college een besluit van de provincie voordragen voor vernietiging bij de Kroon? Volgens mij zou het veel logischer zijn om misschien naar de provincie te gaan, de commissaris in te lichten en die dat te vragen of te verzoeken of er misschien ook andere juridische of beleidsmatige mogelijkheden zijn om het voorbereidingsbesluit terug te draaien. Dus mijn pleidooi is eigenlijk om het te verbreden en vooral ook om wel constructief te blijven want die mogelijkheden zie ik ook nog zeker. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Voorzitter, er zijn enkele mogelijkheden om dit soort besluiten te signaleren. De burgemeester is daar één van inderdaad. De commissaris vertegenwoordigt ook de Kroon, maar ik zal die nog in overweging nemen. Dus ik wacht nog even de reactie van het college af of deze motie uitvoerbaar is. De voorzitter: Dan de heer Donkers. De heer Donkers: Dank. Misschien er wie ere toekomt. Deze kwam uit de koker van Halla Baher, een week of twee drie geleden op Twitter. Ik had niet kunnen bevroeden dat we het vanavond het als motie vreemd zouden bespreken. Hoe groot acht de heer Akdemir de kans dat dit daadwerkelijk lukt? Dat dit een haalbare kaart is.

De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Voorzitter, ik kan geen assessment maken zoals dat ook zo mooi heet, van de juridische implicaties en kansen. Ik ben geen jurist. Maar waar het om gaat is dat we een signaal moeten afgeven en ik denk dat dit een stevige manier is om dat te doen. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Maar is de heer Akdemir het niet met de VVD eens dat er effectievere signalen mogelijk zijn? Want ik deel de behoefte van de heer Akdemir om een signaal af te geven. Maar tegelijkertijd denk ik dat er krachtiger signalen zijn dan een juridische houdgreep of wurggreep waarvan we in jurisprudentie, dus in het verleden hebben gezien dat het eigenlijk nooit voorkomt. Kan de heer Akdemir komen met andere signalen? Ik wil er ook met u over nadenken, maar ... De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Voorzitter, ik weet niet of de heer Donkers concrete ideeën heeft, maar ik ben het met de heer Donkers eens dat dit een vrij unieke situatie is. Want het komt zelden voor dat de provincie zodanig de autonomieën van gemeente ondermijnt eigenlijk in deze. Als er andere mogelijkheden zijn, ja graag. Dat zou ik graag willen onderzoekt hebben en ook toepassen. Maar omdat dit gaat om een voorbereidingsbesluit, heb ik in ieder geval begrepen dat het op dit moment niet heel kansrijk is om juridisch te procederen bij bijvoorbeeld een bestuursrechter.

Dus dit is wel een concreet middel om het besluit in theorie vernietigd te krijgen. Uw voorheen gaande vraag was, is dat ook haalbaar? Dat is een vraagteken. Alleen dat dat valt nu te bezien denk ik. De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Sorry nog even naar de heer Donkers. De heer Donkers: Er werd nog gevraagd om een concreet plan. Die heb ik nu ook niet. Het lijkt mij sowieso verstandig, dat heeft mijn fractie ook aangevraagd, om hier in een raadstafel over te spreken over de implicaties. Dan kunnen we ook de schriftelijke vragen van D66, GroenLinks, VVD bespreken. Het lijkt mij ook een goed signaal, want het betreft hier een besluit van de raad, dat wij als raad ook de bestuurders van de provincie uitnodigen om hier met ons in gesprek over te gaan. Want het raakt mij, het raakt de heer Akdemir. Maar ik vind wel dat we in gesprek moeten blijven. Uiteindelijk is het een bestuurslaag waar we heel veel mee te maken hebben.

24 De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel voorzitter. Als mede-indiener ik hoor nu allerlei vragen had het op een andere manier gekund? Wellicht, maar ik ben er nog steeds van overtuigd dat het signaal naar de provincie op dit moment gerechtvaardigd is. We zijn in twee maanden tijd geconfronteerd met besluiten die we niet aan hebben zien komen. Die hele grote gevolgen kunnen hebben voor ons RES-bod, ook hele grote gevolgen kunnen hebben voor de toezeggingen die wij onze inwoners hebben gedaan over participatie. Dus ik snap wel dat er misschien ook nog een B-route is, maar ik ben er wel van overtuigd dat de gemeenteraad van Deventer op dit moment ook een streep moet zetten en zich vast moet houden aan haar eigen besluiten. De voorzitter: Mevrouw Visser. Mevrouw Visser: Dank u wel. Ik ben net als mijn collega’s van GroenLinks VVD net zeiden eens met dat we een signaal moeten afgeven en dat wij ons overvallen voelden door dit besluit. Dat ons RES-bod in gevaar komt, dat daarmee de energietransitie dit niet ten goede komt aan onze besluitvorming. Maar ik vind het ook best wel harde woorden dat het onze autonomie aantast. Wij hebben met elkaar een RES-afspraak. Wij hebben verantwoordelijkheden van de provincie en de gemeente. Zij mochten dit besluit nemen ook al zijn we het er misschien niet mee eens.

Ik zou ook liever zien dat we met elkaar in gesprek blijven dan dat we nu met grote woorden, met grote juridische stappen dat gaan zetten. Dus de titel van de motie, daar heb ik nog wel ook vragen over hoe ziet u dat precies? Want we zijn met elkaar in gesprek, RES is een gezamenlijke afspraak. Dus dat woord autonomie vind ik hier niet helemaal op zijn plek. Ik vind het gewoon een té zwaar middel nu om in te zetten. Ik vind met een goede suggestie om de provincie uit te nodigen voor een goed gesprek. Ook er zijn schriftelijke vragen gesteld, laten we die afwachten. Wat is precies de implicatie hiervan. De voorzitter: Helder. De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Misschien toch nog een aanvulling op de vorige vragen. Want ook door de medeindiener wordt gesproken dit is het meest effectieve middel. Maar het verzoek is om een brief te schrijven aan de Kroon door het college van B&W. Misschien belandt die op het bureau en ziet de Kroon, het kan helemaal niet. Want B&W die kan niet verzoeken om een provinciaal besluit te vernietigen. Dan is het einde verhaal, dan weten we binnen een week dat helemaal dat niks heeft opgeleverd. Maar misschien kan het college daar zo meteen op reageren. De voorzitter: Lijkt me een goed punt voor het college. De heer Van der Meulen: Maar los daarvan, van de andere route het is een voorbereidingsbesluit.

Dus er moet nog een verordening worden aangepast. Dat gaat even overheen. Maar misschien kunnen we die Provinciale Staten en vooral ook de provinciale leden op andere gedachten brengen dat dit toch niet zo'n goed idee is. Dus in die zin hebben we dus nog een moment de komende tijd om te overtuigen dat dit voorbereidingsbesluit moet worden teruggedraaid en niet worden geëffectueerd in een verordening. Dus dat zou mijn oproep zijn om daar de komende tijd op in te zetten. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Voorzitter, ik merk dat collega's in deze raad heel erg willen meedenken. Maar in principe lijkt iedereen eensgezind en iedereen is het eens dat we een signaal moeten afgeven. Daar gaat het ook om. Ik denk dat we als raad ook gewoon eensgezind moeten optrekken in deze. Dus ik ben ook bereid om samen met u zo meteen om na te denken over het dictum. Maar ik zou wel de vraag willen stellen mijnheer Van der Meulen bent u het eens dat we dat signaal echt daadkrachtig moeten doen? De voorzitter: De heer Van der Meulen.

25 De heer Van der Meulen: Ja daadkrachtig, effectief en constructief. Dus daadkrachtig dat kan volgens mij het beste door inderdaad de mogelijkheden te laten onderzoeken waar staan we nu en wat kunnen we hiertegen doen? Met elkaar in gesprek blijven. Dus ik ben heel erg benieuwd naar mogelijke aanpassing van de motie. De voorzitter: De heer Evers. De heer Evers: Dank u wel voorzitter. Als CDA Deventer snappen we de emotie en daardoor ook wel de motie van de heer Akdemir. Want nog maar een week geleden stonden we hier en toen waren we vooral aan het bepleiten dat we een raadsvoorstel gingen steunen om zoveel mogelijk regie in Deventer te houden. Nog geen dag later wordt alweer een stukje van de regie ons uit handen geslagen. Dus dat we heel erg op zoek zijn naar wat moeten we hier nu tegen doen om niet continu, ook naar onze bewoners toch eigenlijk, weggezet worden als snappen jullie nog wel waar het over gaat? Want een dag na onze raadsvergadering zijn we alweer een stuk van de regie kwijt.

Ook als CDA Deventer en ik stel de vraag maar gelijk aan de wethouder, hoe wordt deze motie door het college geduid? Wat zijn de mogelijkheden? Welke andere mogelijkheden worden door het college gezien om daadwerkelijk dat krachtige signaal naar de Provincie af te geven? Want onze terugblafmotie, ik begin zelf steeds meer sympathie voor de titel te krijgen van die motie, vorige week nog niet. Is misschien nog niet eens krachtig genoeg, maar ik ben graag bereid naar het college te horen wat we wél kunnen doen. De voorzitter: Uitstekend we gaan zo naar het college. Dan de heer Kleine Schaars. De heer Kleine Schaars: Voorzitter, eerst een compliment aan de heer Evers. Erg fijn dat hij toch nog heel erg de voorstel van de vorige keer sympathiek vond. Want toen moesten we het hebben om het over het dictum te hebben en dan ging het niet zozeer om het blaffen. Wij hebben deze heel erg bewust mee ingediend en daarom heb ik ook een vraag aan de heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen zegt wel aan de heer Akdemir, hoe kansrijk is dit? Maar vervolgens wil die ons met de missie naar de Statenleden in de Staten sturen om te vragen hoe kansrijk het is om daar de boel weer te torpederen. Wat denkt u zelf mijnheer Van der Meulen? De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Ik zit even na te denken over de vraag.

Kijk, er ligt hier een motie voor die ook door u is ondertekend. Mijn punt is de Gemeentewet, Provinciewet, de Grondwet stelt allerlei eisen aan zo'n procedure. Mijn vraag is kan dat? Is dit het meest effectieve? Dat weten we dus nog niet, dat gaan we zo meteen horen. Als de wethouder zegt nee, dit is kans op succes negentig procent gaan we gelijk doen. Dan denk ik dat zou mogelijk een effectieve route zijn. Waarbij je dan wel de verhouding met de Provincie heel erg op scherp zet. Die hebben we inderdaad de komende jaren nog steeds heel hard nodig. Dus het antwoord op uw vraag is eigenlijk er zijn meerdere mogelijkheden, die moeten we in kaart brengen en vooral in gesprek gaan met die Provincie. Is dan een antwoord mijnheer Kleine Schaars. De voorzitter: Nog steeds via de voorzitter heren. De heer Kleine Schaars ga uw gang. De heer Kleine Schaars: Dank u voorzitter. Ik zou niet meer durven om dat anders te doen mijnheer de voorzitter. Ik hoor de heer Van der Meulen nu eigenlijk en dat heeft hij vanavond nu in dit kleine debatje wat we hebben al drie keer dezelfde vraag gesteld. Hoe haalbaar is dit en kan dit? Want dat doet hij nu weer en eigenlijk stelt hij drie keer dezelfde vraag via de heer Akdemir eigenlijk aan het college.

Maar hij geeft geen antwoorden op mijn vraag, hoe kansrijk acht u het als wij als raad naar de Staten gaan, naar de Statenfracties om te zeggen trekt dit in? Want we hebben hier vorige keer staan debuteren en toen waren met zijn allen boos. Want er lag een voorstel, regie. Regie die hebben we allang niet meer en dit is het zoveelste verhaal erachteraan. Dan kom je op een punt mijnheer Van der Meulen, dan moet je gewoon boos reageren. Dan krijg je dit soort moties en dan grijp je naar een middel wat vergaand is, maar gewoon wat een heel duidelijk statement laat geven. Als ik vanavond de berichtgeving lees uit Enschede, die stuurt gewoon de wethouder terug. Die haalt het Winddossier van de agenda af, die stuurt gewoon de wethouder. Ga maar naar de Provincie, ga maar praten. Omdat de Provincie niet constructief is, de Staten niet constructief zijn mijnheer Van der Meulen. Dat is wat hier voorligt. De voorzitter: Via de voorzitter. Mijnheer Van der Meulen u heeft het woord.

26 De heer Van der Meulen: Dank u wel voorzitter. Maar uw motie die roept niet op … De voorzitter: Nee de motie van de heer Kleine Schaars of van de heer Akdemir. Niet uw motie, maar … De heer Van der Meulen: Verwarrend. Maar goed, het punt is inderdaad er is in ieder geval nog één hele grote kans, want die verordening die moet nog worden vastgesteld. Dat bent u met me eens. Dus op het moment dat alle gemeenten, zienswijze, sorry. De zienswijzen gaan met de heer Kleine Schaars altijd heel erg lastig merk ik. Specifiek met hem. Excuus. Maar op het moment dat alle gemeenten van zich laten horen met krachtige zienswijzen dat alle leden van politieke partijen via de binnenlijnen ook hun invloed laten gelden. Dan is het een zeer grote kans denk ik, ben altijd optimist, dat uiteindelijk die verordening in een hele andere vorm wordt vastgesteld dan wij hier bedenken dat de Provincie gewoon doordendert. Dus ik ben wat positiever daarover. De voorzitter: De heer Kleine Schaars nog een reactie hierop en dan gaan we naar de heer Donkers. De heer Kleine Schaars: Voorzitter, ik ben altijd blij met de emotie, want de emotie bij de duurzaamheid ligt bij GroenLinks altijd heel hoog. Dan zie ik zelfs dat de heer Van der Meulen uit zijn rol komt, is eigenlijk wel mooi om te zien.

Deze raad bestaat uit heel veel lokale fracties die geen functievertegenwoordiging hebben in de Staten mijnheer Van der Meulen. Dus ik kan u aanraden ga met uw eigen fractie in de Staten praten, althans de GroenLinks-fractie in de Staten. Doe uw best, maar laat ons in de tussentijd deze weg volgen. Want deze is volgens mij zekerder dan die u voorstelt. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Dank. Ik proef die emotie bij de heer Kleine Schaars en die heb ik ook. Want we laten ons koeioneren door de Provincie. Wat ons betreft is hierdoor ook het RES-bod dood. Het kan niet zo zijn dat er meer windmolens in Deventer terechtkomen omdat de gemeente Olst-Wijhe geen zonnepanelen meer hoeft te bouwen en geen windmolens. Dat is onacceptabel, maar dat betekent wel dat we dat over moeten brengen naar die Provinciale Staten. Het moment dat wij de knuppel in het hoenderhok ook gooien en meteen het allergrootste kanon naar buiten rijden, brengen we die boodschap niet meer over. Dus die dialoog openhouden kan wel, kan nog wel wat metaforen gebruiken maar ga ik niet doen. Dialoog openhouden, ondanks de frustratie en de boosheid die ook mijn fractie voelt. De voorzitter: De heer De Niet en dan gaan we naar het college. De heer De Niet: Dank u wel voorzitter. Op zich waardeer ik het initiatief van de heer Akdemir voor deze motie.

Wij hebben ook wel moeite met de route en ook de vragen bij de effectiviteit. Er zijn op zich voor het besluit van de Provincie zijn op zich ook wel inhoudelijke argumenten. Er zijn die ook nog wel misschien steun verdienen. Maar de route waarop met name dit besluit tot stand is gekomen en ook het eerdere besluit, daarvoor verdient de provincie een stevige tik op de vingers. Hebben we natuurlijk vorige week ook al een motie voor aangenomen. Volgens mij moeten we die provincie echt aanspreken op de houding binnen de RES. Dit zijn dingen die we als RES samen moeten bespreken en dat zijn de gemeente en de provincie. Daar zitten we op gelijkwaardige niveau aan tafel en daar moet dat op tafel liggen en worden besproken. Niet op deze manier van bovenaf worden doorgedrukt door de provincie. Dus volgens mij moeten we daar de provincie op aanspreken en dan is het wel belangrijk dat we zelf ook bepaalde constructieve houding hebben en houden om die provincie weer aan die tafel uit te nodigen. Doe samen doe met ons mee. In die zin steun ik ook het pleidooi van de heer Van der Meulen. De voorzitter: Mag ik naar de zijde van het college gaan? Wethouder Walder. De heer Walder: Dank u wel voorzitter. Ik herken de meningen en de emoties over het recente besluit van de provincie.

Ik kan u vertellen dat tussen de wethouders Energie in Overijssel onderling vergelijkbare conclusies en bewoordingen gebruikt worden als hier nu in de raad. Voor ons speelt ook dat er een aantal, viertal zonneparktrajecten in de gemeente waar we positief aan werkten, doorkruist worden. Dat het zeer ingewikkeld, dan niet onmogelijk is om ons ons eigen lokale RES-bod hierdoor nog te halen. Dat daarmee ook een stuk regie wordt afgenomen op die verdeling. Tegelijk is dit ook een besluit wat genomen is met een meerderheid, grote

27 meerderheid in de Provinciale Staten. Daarom zit ik ook even met de grondslag voor het aandragen voor vernietiging. Procedureel uniek. Ik heb dit nog niet eerder meegemaakt zo'n motie om een voorbereidingsbesluit ter vernietiging aan de Kroon voor te dragen. We hebben ons daar even goed op beraden, ook met onze concernjurist. Deze voorgestelde procedure kan niet. Een besluit van een overheid kan ter vernietiging aan de Kroon worden voorgedragen, maar dan moet het gebeuren door de voorzitter van dat betreffende orgaan. Dus als hier een besluit genomen wordt, dan kan onze burgemeester die ter vernietiging voordragen. Voor de Provinciale Staten geldt dat alleen de commissaris van de koning het besluit gemotiveerd aan de Kroon kan voordragen ter vernietiging binnen 48 uur na het genomen besluit. Dus zowel de timing, als de route maakt deze motie moeilijk uitvoerbaar. Dat wou ik erover zeggen. U kan er als raad mee doen wat u wilt. Maar we willen als college aanraden om te kijken of er een manier is om te zorgen en het ongenoegen op een manier te uiten die passender is. Bijvoorbeeld het toevoegen van een hoofdstuk aan de terugblafbrief die wij toch nog moesten gaan schrijven over wind. Om daar in zijn integraliteit bijvoorbeeld uw gevoelens in mee te nemen. Maar deze motie zoals die hier ligt, is niet procedureel correct. De voorzitter: De heer Akdemir.

De heer Akdemir: Voorzitter ik betreur dat onze machtigste kanon zoals de heer Donkers zei, niet inzetbaar is in deze kwestie. Maar inachtneming met wat collega-raadsleden hebben gezegd, ben ik bereid om het dictum aan te passen, zodat er op een constructieve manier dit kunnen adresseren bij de provincie. Laten we het voorbeeld van de provincie niet overnemen. Laten we laten we nog steeds laten zien dat we constructief van aard zijn en dat we nog steeds verder willen gaan. Dus met die bewoordingen zou ik even een schorsing willen aanvragen voorzitter. Dan kan ik daarmee even aan de slag. De voorzitter: Tien minuten? Twaalf minuten. Tien over half gaan we weer verder. Schorsing De heer Akdemir had gevraagd om een schorsing en krijgt het woord. Mag ik stil in de zaal? De heer Akdemir: Dank voorzitter. In achtneming van wat we in deze raad hebben besproken om constructief te blijven en in lijn met het advies van het college, heb ik het als volgt aangepast. De raad verzoekt de burgemeester om de bovengenoemde standpunten van de gemeenteraad van Deventer aan de commissaris van de Koning voor te leggen. Dan vervolgens de raad draagt het college van B&W op om de GR's en PR's schriftelijk te informeren over de bovengenoemde standpunten en om te beraadslagen en te reflecteren met andere Overijsselse gemeenten. Ons te informeren proactief over het verloop van dit onderwerp.

Die standpunten die staan in de motie. Alleen ik heb nog één punt aangepast. Dat is, gemeenten hebben het recht en de plicht om hun eigen autonomie te verdedigen. Dus voor de rest is het nog hetzelfde qua strekking. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Dit is het moment dat ik even vraag om een schorsing van een paar minuten. Want er ligt nu een compleet andere motie vreemd en die wil ik met mijn fractie bespreken. De voorzitter: Mag ik voorstellen dat we even naar de zijde van het college gaan om een reactie? Of heeft het college ook behoefte aan een schorsing? De heer Walder: Voorzitter het was een buitengewoon productieve schorsing. Dit zorgt in ieder geval voor een motie die uitvoerbaar is. Het college zal hem interpreteren als het schriftelijk informeren over de standpunten. Het toevoegen van een uitgebreide passage over het nieuwe zonnebeleid van de provincie. Als toevoeging aan de brief die wij toch al naar de provincie gingen sturen om het in een integraal verhaal mee te nemen. Dus hiermee duidelijk, helder, prima uitvoerbaar. De voorzitter: Uitstekend dank u wel. Hij staat ook in het RIS. Ik stel voor dat we vijf minuten schorsen zodat iedere fractie even kan beraadslagen. Dus gaan wat mij betreft om kwart voor elf weer verder. We gaan verder

28 met de vergadering. U heeft gelegenheid gehad om even in uw eigen fractie te bekijken wat u wilt doen met deze motie. Schorsing De schorsing was van de heer Donkers. De heer Donkers ga uw gang. De heer Donkers: Moet ik dan zeggen de dank voor de schorsing? Wat betreft de VVD kunnen we verder. De voorzitter: Volgens mij zijn de andere collega's ook dankbaar, dus dat is heel goed. Is er nog behoefte om nadere duiding? Stemverklaringen voor zover daar behoefte aan is? Mevrouw Visser. Mevrouw Visser: Dank u wel. Dank D66 voor de behoorlijke aanpassing. Met deze aanpassingen denken wij dat de onvrede richting de provincie hopelijk op een constructievere manier verwoord kan worden. Daarom gaan we hiermee instemmen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Nieuwenhof. De heer Van den Nieuwenhof: Dank u wel voorzitter. Voor DeventerNU geldt hetzelfde, we hadden eerst tegengestemd nu stem ik voor. Ik ben toch heel blij dat D66 de bazooka niet heeft genomen, maar de dialoog heeft opgepakt. Dat is volgens mij het allerbelangrijkste in deze democratie en vooral juist in deze tijd. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Donkers. De heer Donkers: Namens de VVD dank voor de aangepaste motie vreemd, Met wel als kanttekening van onze fractie dat dit niet het eindpunt is, maar echt het begin. Vanaf nu gaan we met elkaar aan de slag, hier eindigt het niet.

De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Vanuit GroenLinks ook waardering voor de aanpassing van de motietekst en een werkbare opdracht aan het college en nu vooral aan de slag. De voorzitter: Uitstekend. Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel voorzitter. Wij hadden deze aanpassingen eerlijk gezegd liever niet gezien. Maar we geven gehoor aan de oproep van de collega's om het in ieder geval constructief te proberen. Daar gaan we dan maar vanuit. Maar op het moment dat de houding vanuit de provincie niet zo constructief in onze richting zal zijn, gaan wij ons beraden op een nieuw voorstel. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Te Riele. Mevrouw Te Riele: Met de aanpassingen die gedaan zijn in deze motie kunnen wij leven. De voorzitter: Uitstekend. De heer Kleine Schaars. De heer Kleine Schaars: Voorzitter, ik begrijp wat mevrouw Schmidt zegt. We hadden liever de aanpassing niet gezien, maar we begrijpen hem. We geven aan de rest van de raad mee, dit is de tweede naar de provincie. Hopelijk komt het niet tot een derde. De voorzitter: De heer Kaya.

29 De heer Kaya: Voorzitter ook waardering voor de aanpassing die is gedaan. Eerst een veel te zware middel inderdaad. Nu proberen we constructief met de provincie dit te gaan aanpakken. Dus steun vanuit onze kant. De voorzitter: Dank u wel. Voldoende? Verder geen stemverklaringen? Dan gaan we over tot stemming. Dames en heren u heeft de motie met unanieme stemmen aangenomen. Het college en uw voorzitter mag uitvoering geven aan deze motie. SLUITING De voorzitter: Dank u wel voor deze bijdrage vanavond. Dank u wel en fijne avond. Ik sluit de vergadering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13391706/2