2022-513-bijlage-Bijlage 7 Deventer-PvE-concept 220620 Theateradvies - in bewerking-
Tekst van het document
DNK (werktitel) Deventer
Een plan voor de renovatie, herinrichting en verduurzaming
opdrachtgever Deventer Schouwburg Vertegenwoordigd door Rob van den Hove
theateradviseur Theateradvies® bv vertegenwoordigd door Gerbrand Borgdorff
Concept PvE versie 1.0
Status:
Concept 1.2
Uitgevoerd door:
Gerbrand Borgdorff
In opdracht van:
Theateradvies® bv
Datum:
20 juni 2022
Inleiding
5
1 1.1 1.2 1.3
Aanleiding Doel van het functioneel programma van eisen Leeswijzer Begrippenlijst
6 6 6 6
2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
Proces Voortraject Besluitvorming Beoogde planning Wijze van aanbesteden Vergunningen en andere zaken
9 9 9 10 10 10
3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9
De uitgangspunten Scope Participatie Visie en ambities Functies De Deventer Schouwburg (huidig) Het Kunstcircuit (huidig) De nieuwe organisatie DNK Bedrijfsvoering Sloop, recycling en bouwproces
12 12 12 13 13 13 14 14 15 16
4 GEBOUW EN FUNCTIES 4.1 Omschrijving huidige gebouwen Deventer Schouwburg en het Kunstcircuit 4.2 Uitgangspunten/werking van het gebouw in de nieuwe situatie 4.3 Duurzaamheid, circulariteit en klimaatadaptatie 4.4 Toegankelijkheid 4.5 Interieurontwerp en afwerking 4.6 Akoestiek 4.7 Veiligheid 4.8 Binnenklimaat 4.9 Laden en lossen 4.10 IT 4.11 Gebouwinstallaties Klimaat E-installatie Water en riool 4.12 Theatertechniek 4.12.1 Podiumverlichting 4.12.2 Toneeltechniek 4.12.3 AV-installaties 4.13 Interieur 4.14 Verkeersruimten 4.15 Kanalen schachten en constructieruimte 4.16 Blindering en zonwering 4.17 Clustering en relatie’s
2
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
17 17 17 18 18 18 19 19 20 20 20 21 21 22 23 23 23 24 24 25 25 25 26 26
3
5 WETTELIJKE EISEN GEBOUW 5.1 Van toepassing zijn (niet uitputtend): 5.2 Specifieke normen
27 27 27
6 FUNCTIONELE EISEN RUIMTEN 6.1 Algemeen 6.2 Benedenfoyer (k.1) 6.3 Toiletten (k.2) 6.4 Miva (k.3) 6.5 Zaalsluis L en R (k.4 en k.6) 6.6 Auditorium (k.5) 6.7 Verbinding Schouwburg- Souterrain 6.8 Multifunctionele zaal (k.7) 6.9 Projectiecabines. 6.10 Opslag (k.8) 6.11 Backstage onder kleine zaal (k.9) 6.12 Backstage onder grote zaal (k.10) 6.13 Techniekruimte (k.11) 6.14 Artiestenfoyer (k.12) 6.15 Kleedkamergebied. 6.16 Entreegebied (0.1) 6.17 Ontvangst (0.2) 6.18 Kleedruimte personeel 6.19 Garderobe (0.3) 6.20 Foyer (0.4) 6.21 Keuken en opslag foyer (0.5) De keuken wordt als open keuken ingericht. Dat betekent dat het ontwerp in lijn is met het interieurontwerp. 6.22 Cateringkeuken 6.23 Afwaskeuken 6.24 Opslag keuken 6.25 Containerruimte 6.26 Cafe (0.6) 6.27 Toiletten (0.7) 6.28 MIVA (0.8) 6.29 Werkkast (0.9) 6.30 Opslag cafe (0.11) 6.31 Grote zaal (0.12) 6.32 Kleine zaal (0.13) 6.33 Backstage (0.14) 6.34 Toiletten (0.15) 6.35 Foyer 1e verdieping (1.1) 6.36 Breakout 1, 2 en 3 (1.2, 2.2 en 2.3) 6.37 Meeting room 1 t/m 5 (1.3, 1.4, 2.4, 2.5 en 2.11) 6.38 Toiletten (1.5) 6.39 Lounge/wachtruimte (1.6) 6.40 Wachtruimte (1.7) 6.41 Dramaruimte (1.8) 6.42 Medialokaal (1.9) 6.43 Berging (1.10) 6.44 Tekenlokalen 1 en 2 (1.11 en 1.12) 6.45 Berging (1.13) 6.46 Foyer 2e verdieping (2.1)
28 28 28 29 29 29 29 29 29 30 30 30 30 30 30 30 30 31 31 31 32 32
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
32 32 33 33 33 33 33 34 34 34 34 34 35 35 35 35 35 36 36 36 36 36 37 37 37 37
4
6.47 Kantoren 2e verdieping (2.6 t/m 2.10) 6.48 Leslokalen 1 t/m 3 (2.12 tm 2.14) Deze lesruimte is multifunctioneel ingericht en ook te gebruiken voor danslessen. 6.49 Leslokaal 4 Klassieke muziek (2.15) 6.50 Berging (2.16) 6.51 Leslokolaal 5 kleine ensembles (2.17) 6.52 Kleedkamers 2e verdieping (2.18 en 2.19) 6.53 Berging (2.20) 6.54 Balkon Grote Zaal (2.21) 6.55 Kantoortuin (3.1) 6.56 Kantoor (3.2) 6.57 Overlegruimte (3.3) 6.58 Keuken (3.4) 6.59 Toiletten (3.5) 6.60 Orgelzaal (3.6) 6.61 Leslokalen 5 t/m 9 (3.7 t/m 3. 11) 6.62 Leslokaal 10 en 11 ensemble (3.12 en 3.13) 6.63 Opnameruimte (3.14) 6.64 Dakterras (4.1) 6.65 Penthouse businessroom (4.2) 6.66 Overige ruimten met functie (niet genoemd in ruimtestaat, maar moeten wel worden gerealiseerd) MER- en SERruimten Sanitair 43 Schoonmaakkasten
37 38
7 RUIMTESTAAT 7.1 De basis 7.2 Totalen ruimtestaat
44 44 44
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
38 38 38 39 39 39 39 40 40 40 40 40 40 41 41 41 42 42 42 42 43
Inleiding
5
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
1
Aanleiding
1.1
Doel van het functioneel programma van eisen In dit functioneel programma van eisen worden de functies, de logistiek en de ontwikkelruimte die nodig is beschreven, om een op de toekomst voorbereid gebouw te ontwikkelen voor de samengevoegde organisaties van de Deventer Schouwburg en het Kunstcircuit. Deze eisen worden vervolgens in een technisch programma van eisen uitgewerkt. Dit technisch programma van eisen vormt samen met het functioneel programma van eisen de basis voor een eerste schetsontwerp, dat door een ontwerpteam zal worden ontwikkeld.
1.2
Leeswijzer Hoofdstuk 1. Beschrijft het doel van dit programma van eisen en de begrippenlijst. Hoofdstuk 2. Beschrijft het proces van dit project, aanbesteding en vergunningen. Hoofdstuk 3. Beschrijft de uitgangspunten, de scope en de huidige situatie en visie voor het nieuwe pand en de daarin gevestigde organisatie. Hoofdstuk 4. Beschrijft het nieuwe gebouw en de functies daarin. Hoofdstuk 5. Beschrijft de wet- en regelgeving die van toepassing is op het gerenoveerde gebouw en de bijzondere normen en richtlijnen die voor een culturele instelling gelden. Hoofdstuk 6. Beschrijft elke ruimte en de functies die daarin moeten zitten Hoofdstuk 7. Geeft een korte toelichting op de ruimtestaat.
1.3
Begrippenlijst We hebben voor de leesbaarheid van dit functioneel programma van eisen hier een aantal begrippen toegelicht: BHV-plan: Bedrijfshulpverleningsplan, volgens de Nederlandse wet een verplicht plan dat ieder bedrijf moet hebben. Het zijn protocollen die binnen het bedrijf zijn geïnstrueerd en jaarlijks worden geoefend, om zo bij ongevallen en calamiteiten zo veel als mogelijk de veiligheid te kunnen garanderen voor het personeel en bezoekers. Bijeenkomstfunctie: een (openbare) plek waar mensen bijeen kunnen komen voor een activiteit.
6
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
Breeam: staat voor Building Research Establishment Environmental Assessment Method. Een rekenmethode waarmee de belasting van het gebouw op het milieu berekend wordt en waarmee binnen een score systematiek een gebouw binnen verschillende niveaus gelabeld kan worden. Het is een internationaal erkende certificeringssytematiek, die uitgevoerd moet worden door een erkent Breeam certificerend bedrijf. BVO: bruto vloeroppervlak, het totale vierkante meter bouwoppervlak inclusief muren constructies gangen, kanalen, etc. Circulariteit: gaat ervan uit dat producten van nu de grondstoffen zijn voor later, na gebruik kunnen producten gedemonteerd worden en de materialen opnieuw worden gebruikt. Circulariteit gaat dus uit van een wereld zonder afval. Hiermee wordt het van de uitputting van grondstoffen tegengegaan en daarmee wordt de klimaatverandering beperkt. Cluster: een groep bij elkaar horende ruimten. DNR2011: De Nieuwe Regeling (2011) is een regeling van de verhouding tussen ontwerpteam (architect, adviseurs) enerzijds en opdrachtgever anderzijds. De DNR is daarmee een vervanging van de RVOI (Regeling van de Verhouding tussen Opdrachtgever en Ingenieursbureau Duurzaamheid: bedoeld om lang mee te gaan', 'relatief milieuvriendelijk', 'grondstofbesparend' ‘energiezuinig’, ‘recyclebaar’.
De term duurzaam heeft betrekking op dingen die geproduceerd of verkregen zijn op een manier die het milieu en de natuur zo min mogelijk belast. Exploitatie: is afgeleid van het werkwoord exploiteren dat zoveel als 'gebruiken' betekent. Enkele synoniemen van het woord exploitatie zijn: ontginnen, met winst draaiend houden, opleveren, ter beschikking stellen, runnen. NVO: netto vloeroppervlak, het bruikbare oppervlak van een ruimte voor de beoogde functie, zonder enige andere daarbij behorende zaak (zoals bijvoorbeeld muren, deuren, kanalen, etc.). Functioneel programma van eisen: een beschrijving van de functionele eisen en ontwerpuitgangspunten voor een gebouw en het gebruik daarvan. Gebouwakoestiek: de wijze waarop een gebouw in staat is om geluid te absorberen, te isoleren ten gunste van het gebruik daarvan. Genderneutraal: 'geen onderscheid makend tussen de seksen. Hybride zone: De overgang van binnen naar buiten, ca. 3 m uit de gevel, wordt de hybride zone genoemd. Deze zone is van groot belang voor de wijze waarop het leven rond een gebouw wordt beleefd. Bij een goed ontworpen hybride zone vindt 80% van de spontane ontmoetingen rond een gebouw juist daar plaats. Het bepaalt dus in hoge mate de mindset waarmee iemand naar binnen gaat of de straat op komt. Klimaatadaptatie: het klimaat is inmiddels al zo sterk veranderd en verandert in zo'n hoog tempo dat ook aanpassing aan
7
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
klimaatverandering nodig is. Dit aanpassen aan klimaatverandering heet klimaatadaptatie. MER: Main Equipment Room, een geconditioneerde ruimte, die afgesloten kan worden waar IT-apparatuur staat opgesteld, in dit geval de hoofdserver. Milieu footprint: de impact op het de natuur en omgeving, hiermee wordt bedoeld schade en het onttrekken (en niet aanvullen) van grondstoffen. Multifunctioneel: voor meerdere doeleinden bruikbaar. Relatie van functies: het onderlinge verband van de verschillende functies in het nieuwe gebouw die van belang zijn om de organisaties die in het gebouw gehuisvest worden goed te laten werken. Ruimte-akoestiek: de wijze waarop geluid in een ruimte klinkt. Door bouwwijze en gebruik van materialen kan deze worden beïnvloed, ten gunste van het gebruik van die ruimte. Ruimtestaat: en overzicht van alle ruimten die een specifieke kenmerkende functie hebben, anders dan verkeersroutes, installatieruimten, etc. SER: Satellite Equipment Room, een geconditioneerde ruimte, die afgesloten kan worden waar IT-apparatuur staat opgesteld, in dit geval een secundair station. TCO: Total cost of ownership, een benadering waarbij ook exploitatieopbrengsten extra bijdragen aan de investering, meestal mogelijk doordat duurzame maatregelen leiden tot lager of geheel vervallen van energiekosten.
Technisch programma van eisen: een vertaling van het functionele programma van eisen, naar concrete in getallen of specificaties uitgedrukte eisen, kwaliteitsomschrijvingen, normen en getallen. Third place: naast de woning en het werk de derde belangrijke plek in het leven van een mens, daar waar je ontspenning zoekt en vermaak en waar iemand graag verblijft. Wayfinding: Een benaderingswijze die er van uit gaat dat mensen op een ergonomische wijze de weg moet kunnen aanvoelen.
8
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
2
Proces In dit hoofdstuk wordt het proces dat tot nu toe is doorlopen is beschreven.
2.1
Voortraject Met het aantreden van de nieuwe directeur Rob van den Hove bij de Deventer Schouwburg is een nieuwe fase aangebroken. Er lag een voornemen (en een intentieovereenkomst) om de organisaties van het Kunstcircuit (het kunsteducatie-centrum in Deventer) en de Deventer Schouwburg samen te voegen tot één organisatie. De organisaties zijn gehuisvest in één gebouwencomplex, met een niet gebruikt kantoordeel ertussen. Ze zijn echter slecht intern verbonden en ze zijn beiden aan een renovatie toe. Voor de nieuwe organisatie is het noodzakelijk om niet alleen de organisaties, maar ook de gebouwen in een doordacht plan samen te voegen. In het eerste kwartaal van 2022 is samen met Yellow Concepts, het team van de Deventer Schouwburg, de gemeente en de Kien-partners (een samenwerkingsinitiatief van onderwijsinstellingen, bedrijven, omwonenden, de gemeente en kunstinstellingen uit de omgeving direct rond de schouwburg) een visie ontwikkeld en heeft de directeur met zijn managementteam een businessplan ontwikkeld voor DNK, zoals de werktitel van het project nu nog luidt, uitgaande van een compleet aangepast pand. In dit functioneel programma van eisen is samen met het team van DNK op basis van de visie en het businessplan uitgewerkt waar het heringerichte en gerenoveerde pand aan moet voldoen.
Door bureau Witteveen + Bos is gelijktijdig gewerkt aan een programma van eisen voor de verduurzaming van dit vernieuwde pand.
2.2
Besluitvorming Dit programma van eisen wordt samen met een initiële raming zijn bijlagen van het businessplan DNK en worden als zodanig voorgelegd aan het College en de Raad van de gemeente Deventer, zodat zij een besluit kunnen nemen of dit project zal worden voortgezet, welk budget daarvoor wordt vrijgegeven en op welke wijze het project wordt vormgegeven.
9
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
2.3
Beoogde planning De beoogde planning staat vermeld in bijlage 1.2 van het Businessplan.
2.4
Wijze van aanbesteden De gemeente Deventer is opdrachtgever en zal alle inkopen conform de geldende aanbestedingsregels voor overheden volgen.
2.5
Vergunningen en andere zaken Voor dit project dient rekening gehouden te worden met: Vergunningen Voor het bouwen van dit gebouw moet rekening worden gehouden met de volgende vergunningentrajecten: - Omgevingsvergunning (voorheen bouwvergunning) – door de gemeente Daarnaast moet de gebruikers rekening houden met: - Activiteiten melding - Gebruiksvergunning - Gebruiksmelding Omgeving Het pand is zeer centraal gelegen bij het OV-station, parkeergarages en aan de rand van de binnenstad, direct aan de rode loper via de Keizerstraat naar het Centrum. In het kader van de uitwerking van Stadscampus de Kien (Ontwikkelperspectief 2021) werkt de Gemeente aan een geleidelijke transformatie in het openbare gebied, passend bij de nieuwe functies van wonen, ontmoeten en ontspannen. Ruimer baan voor voetgangers en fietsers wordt daarin meegenomen. Items als beleving en placemaking rondom de Schouwburg en in de Kien breed komen hierin aan de orde; maar ook zaken m.b.t. betrekking tot vergroening, waterinfiltratie tot op het niveau van aansluiting gevels worden in dat traject meegenomen. Om dit plan succesvol te kunnen uitvoeren is een goede aansluiting van het pand op de omgeving essentieel. Dat geldt zowel voor het kunnen organiseren van (noodzakelijke) buitenactiviteiten als voor het voldoen aan de algemene principes die ten grondslag liggen aan goede placemaking.
Onderdeel van de aansluiting op de buitenruimte is een hybride zone rond het gebouw van min. 3m. Geothermie Indien, in verband met het behalen van de duurzaamheiddoelstellingen, gekozen wordt voor verwarmen en koelen van het gebouw middels een geothermische oplossing, moet er rekening worden gehouden met een bodemonderzoek. Door de gemeente dient een bodemplan te worden opgesteld, waarmee bij de provincie een vergunning moet worden aangevraagd.
10
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
Archeologie en milieu Er wordt gewekt conform de Nederlandse wet- en regelgeving op dit gebied. Natuur De natuur wordt niet geschaad. Maar juist het herstel van plaatselijke biodiversiteit is, daar waar dit van toepassing kan zijn, onderdeel van dit project. Verdere informatie daarover in het rapport van Witteveen + Bos.
11
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
3
De uitgangspunten Het huidige pand wordt grondig verbouwd en gerenoveerd, zodat het toekomstgereed is en tenminste weer 20 jaar mee kan. De grond en het gebouw blijven eigendom van de gemeente Deventer. In het Visiedocument en het Businessplan staat beschreven welke aspecten als uitgangspunt gelden voor de herontwikkeling van dit pand en op welke wijze dit nieuwe pand in de toekomst wordt geëxploiteerd. In de volgende hoofdstukken worden de ontwerpvoorwaarden voor dit pand verder toegelicht.
3.1
Scope Het huidige pand waarin nu de Deventer Schouwburg en het Kunstcircuit in zijn gehuisvest en het leegstaande tussendeel met kantoren (voormalig Irispand) en voormalige filmhuis (de Keizer) wordt grondig verbouwd, gerenoveerd en krijgt een geheel nieuwe inrichting. De nieuwe organisatie wordt erin gehuisvest met alle huidige activiteiten en de nieuw te ontwikkelen activiteiten. Het wordt voor het gevoel van de bezoeker één pand, dat uitnodigend is om binnen te gaan en aantrekkelijk is om in te verblijven, door de inrichting, maar zeker ook door de activiteiten. Er is namelijk altijd wat te beleven. De inrichting wordt volledig vernieuwd, ruimten die niet verbouwd worden, krijgen een restyling zodat deze passen binnen het nieuwe interieurontwerp. Het pand wordt verregaand verduurzaamd, zodat het ook in de toekomst voldoet aan de strenger wordende normen op dit gebied. De huidige installaties zijn veelal oud en technisch afgeschreven. Alleen dat wat kwalitatief voldoet en past binnen het nieuwe duuzaamheidsconcept blijft gehandhaafd. Een aantal features worden toegevoegd aan het pand, zoals een dakterras en een binnentuin. Noodzakelijke vervangingen, zoals bijvoorbeeld het stoelenplan grote zaal, worden ook uitgevoerd. De herinrichting sluit aan op een plan dat voorziet in de herinrichting van de directe omgeving van DNK.
Er wordt een plan gemaakt voor de herinrichting en renovatie van het totale gebouwencomplex en er wordt een separaat interieurontwerp ontwikkeld dat na de renovatie wordt uitgevoerd.
3.2
Participatie Onderdeel van het voortraject is participatie van belanghebbenden en omwonenden. Deze participatie zal ook onderdeel uitmaken van het
12
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
vervolgtraject. Gemeente (pandeigenaar) en huurder maken gezamenlijk afspraken over participatie in alle fasen van het project. 3.3
Visie en ambities Door de samenvoeging van de Deventer Schouwburg en het Kunstcircuit, ontstaat een innovatief theater van de toekomst, dat voorzien moet worden van een pand dat deze nieuwe organisatie in staat stelt opnieuw een betere plek in de maatschappij in te nemen en in de toekomst een gedegen vraaggestuurd aanbod aan te kunnen bieden. Dit plan is een innovatief integraal concept en beschreven in de visie en het Businessplan. Aanbevolen wordt deze stukken eerst te lezen voor dit programma van eisen gelezen wordt. Het spreekt voor zich dat het gebouw dan ook innovatief is. Vanaf buiten wordt na de verbouwing duidelijk dat bezoekers er meer dan welkom zijn. De plint wordt opengemaakt en het pand wordt via een nieuwe, open en goed toegankelijke hoofdingang betreedbaar voor alle bezoekers. De begane grond wordt verbouwd tot een openbaar toegankelijke ruimte waar vele functies samenkomen en die een groot deel van de dag open is. Het gebouw en de installaties worden zo ingericht dat hierdoor het pand zeer duurzaam wordt en de nieuwe organisatie haar moderne aanpak goed kan ontwikkelen en zo uit te groeien tot een toonaangevend huis voor de kunsten dat voor een lange termijn inhoudelijk en financieel gezond is.
3.4
Functies Een beschrijving van de functies in samenhang met voorgaande paragrafen. We hebben het hier dus over: • Presentaties, voorstellingen en concerten • Kunsteducatie (breed) • Horeca • Expositie • Zakelijke verhuringen • Kantoren
3.5
De Deventer Schouwburg (huidig) Op de website van de schouwburg staat het volgende: “De Deventer Schouwburg presenteert en bevordert podiumkunsten in al haar verschijningsvormen en biedt hiermee schoonheid, emotie, vermaak en verdieping aan een groot en breed publiek uit Deventer en (ver) daarbuiten. Onze voorstellingen laten je genieten, nadenken, lachen. Ze creëren de ruimte voor nieuwe gedachten en emoties. Samen naar theater
13
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
kijken of theater maken geeft een geluksgevoel en verbindt mensen met elkaar. Het maakt leven, wonen en werken in onze bruisende Hanzestad nog mooier.” Er is een uitgebreide programmering van voorstellingen en concerten van groot naar klein dat zich laat meten met de andere grote schouwburgen in Nederland.
3.6
Het Kunstcircuit (huidig) Voor iedere inwoner van Deventer is het mogelijk deel te nemen aan een breed aanbod van cursussen dat aangeboden wordt door het Kunstcircuit. Voor een beginnend amateur tot de semiprofessional worden lessen en cursussen aangeboden op het gebied van theater, muziek, beeldende vorming, digitale AV-technieken, etc.
3.7
De nieuwe organisatie DNK De nieuwe organisatie heeft de volgende kernactiviteiten: • Theater, concerten en presentaties; • Kunst, beleving, exposities, produceren • Kunsteducatie in de brede zin des woords • Vergaderingen, presentaties, meetings- events en congressen hosten en organiseren • Horeca in het Kiencafé en de foyers De primaire doelgroepen van DNK zijn: • De bezoekers van het theaterprogramma en overige culturele activiteiten • De zakelijke markt waaronder in belangrijke mate de Kienpartners • De leerlingen van de educatieve tak • De gasten in de horecavoorziening Het theater Het theater- en cultuurprogramma is en blijft de rode draad in het pand en de ruggengraat van de organisatie en activiteiten. De zalen dienen daartoe een upgrade te krijgen, vergelijkbaar met het voorgebouw. De Kien De ontwikkeling van Stadscampus de Kien is een belangrijke aanleiding om dit plan te ontwikkelen. De betrokken (kennis)bedrijven en instellingen gaven meermaals aan dringende behoefte te hebben aan een centraal gelegen ontmoetingsplek voor grote zakelijke evenementen, hybride vergaderarrangementen, presentaties en alle andere mogelijke (zakelijke) bijeenkomsten. In het gebouw zullen daartoe de nodige ruimtes geschikt worden gemaakt.
14
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
Het Kunstcircuit De voorzieningen en faciliteiten van het Kunstcircuit zijn ook in de toekomst beschikbaar voor de docenten, leerlingen en daarmee voor de culturele opdracht. De bestaande lokalen moeten daartoe worden gemoderniseerd en de voorzieningen moeten op niveau worden gebracht. De horeca Gezien de ligging ten opzichte van De Kien, het station en de lokale horeca op onder meer De Brink, richt de horeca, Het Kiencafé, zich in eerste instantie op de eigen doelgroepen. Het café is er voor de theatergasten, de Kien-partners, de bezoekers van het gebouw. Voor de reizigers op doorreis van en naar het station, voor docenten en studenten van het Kunstcircuit en bezoekers van het pand (dat een bestemming an sich wil zijn in de toekomst). Deze functie vereist een goede zichtbaarheid, bereikbaarheid (voor bezoekers, leveranciers en personeel) en een moderne en efficiënte inrichting. 3.8
Bedrijfsvoering In het gebouw zal veel bedrijvigheid zijn van ’s ochtends (bijeenkomsten, horecabezoekers, cursussen, start bouw voor voorstellingen ’s avonds, etc.) tot ’s avonds laat (voorstellingen, horeca bezoekers, technici die voorstellingen afbreken, etc.). Het pand is regulier open van 09:00 tot 0:00 en indien een activiteit daar om vraagt tot later in de nacht (let hierop bij aanvraag gebruiksvergunning). Schoonmaken van het pand zal dus gepland moeten worden op de momenten dat het kan. En: moet eenvoudig en snel kunnen worden gedaan. Delen van het pand die niet in gebruik zijn moeten dus “uit” kunnen worden gezet en afgesloten kunnen worden (duurzaam en veilig). Er is een centraal punt dat als receptie is ingericht. Hier komen alle communicatie en veiligheidsinstallatiebedieningen tezamen. Zolang het pand open is (of een deel ervan) is de receptie bezet, door een ervaren en geïnstrueerd medewerker. De receptie is voldoende beveiligd, zodat die medewerker ook alleen zijn of haar werk veilig kan doen. Het nevenpaneel ontruiming/BMC wordt geplaatst conform regelgeving en in overleg met de bouwdirectie. Er is een beheersorganisatie die erop toeziet dat de installaties en het pand goed en regelmatig worden onderhouden, zoals dat moet. Deze vakbekwame medewerkers programmeren de klimaatinstallaties, zodat het pand verwarmd en gekoeld wordt wanneer het gebruikt wordt.
Zij organiseren onderhoud en inspecties en houden toezicht op juist naleven van maatregelen, m.b.t. brandveiligheid en het bedrijfsnoodplan. Verder zijn er teams voor de ontvangst en begeleiding van gasten, een team technici die de voorstellingen op- en afbouwen en begeleiden,
15
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
docenten die ruimtes huren om cursussen te geven, een team dat zich richt op marketing en verkoop van tickets en een team dat zich bezighoudt met de inkoop en de acquisitie van de programma’s en commerciële evenementen. Alles is erop gericht de bezoeker en de klant zo goed mogelijk te ontvangen. 3.9
Sloop, recycling en bouwproces Wijze van slopen en scheiden en hergebruiken van sloopmateriaal volgens rapport Witteveen + Bos.
16
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
4
GEBOUW EN FUNCTIES
4.1
Omschrijving huidige gebouwen Deventer Schouwburg en het Kunstcircuit Op 19 september 1995 wordt het Filmhuis, het Centrum voor kunsteducatie en het Centrum voor Muziek en Dans - het huidige Kunstcircuit - opgeleverd. De schouwburg volgt op 6 oktober – de officiële opening op 24 oktober. De architect is Ivan Ezerman, van bureau Dirks en Ezerman. De schouwburg kent 2 zalen: de Grote zaal, met 780 zitplaatsen en de Kleine zaal, met 216 zitplaatsen. Het Kunstcircuit heeft een eigen ingang en bestaat uit een aantal verschillende leslokalen afgestemd op het brede aanbod culturele cursussen. In 2010 wordt de schouwburg gerenoveerd. De architect is I’M architecten. Ingrepen zijn o.a. een transparantere gevel op de begane grond, een royale luifel, hoge draaideuren en theatrale verlichting. I’M architecten is tevens verantwoordelijk voor het huidige interieurontwerp.
4.2
Uitgangspunten/werking van het gebouw in de nieuwe situatie Een multifunctioneel gebouw De conclusie van eerder uitgevoerde verkenningen is duidelijk: het gebouw is het probleem, maar daar ligt ook de oplossing. Het gebouw wordt niet maximaal benut, staat deels leeg en is verouderd. De gesloten plint en de huidige hoofdingang nodigen een bezoeker niet echt uit om het pand binnen te gaan. De komende jaren komen bovendien enkele bijzondere omstandigheden bij elkaar: een lage rente, de ontwikkeling van de Kien, vrijgekomen ruimte in het gebouw door het vertrek van Filmhuis De Keizer, het overnemen van de verhuurfunctie van het Kunstcircuit en de vraag om samenwerking binnen de culturele sector. Maar ook: een stad die blijft groeien en zich heel bewust blijft ontwikkelen, en stevige ambities van zowel gemeente als ondernemers. Belangrijk is het pand letterlijk en figuurlijk te openen. Plint, dak, verbinding tussen de huidige Schouwburg, het Kunstcircuit, het Irispand, en het voormalige filmhuis; het hele gebouw dient een logische, open, laagdrempelige ontmoetingsplaats te worden. Daarnaast is een hoog technisch voorzieningenniveau noodzakelijk om de zakelijke markt blijvend te interesseren en de programmering van de toekomst, met steeds meer gebruik van digitale technieken, te kunnen aanbieden.
Deze aanpassingen maken van DNK een inspirerende ontmoetingsplaats in een stadsdeel dat zich de komende jaren sterk ontwikkelt. Een bijzondere plek waar gastvrijheid het leidende principe is, waar de theater-en de kunsteducatie-functie kan groeien en waar de Kien-partners en de zakelijke markt op hoog niveau hun events laten plaatsvinden.
17
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
De gebouwen worden daarvoor zo ingericht dat het één gebouw lijkt en dat de ruimten multifunctioneel bruikbaar zijn, om zo de commerciële kansen te vergroten. De inrichting en de activiteiten dragen bij aan de ontwikkeling van de “third place” gedachte (We hebben een plek om te wonen, een plek om te werken en een (derde) plek om te vermaken en te ontspannen). Als aan deze voorwaarden wordt voldaan zijn de fundamenten gelegd voor een gezonde culturele voorziening en een gastvrij theater voor de toekomst. 4.3
Duurzaamheid, circulariteit en klimaatadaptatie Zie Rapport Witteveen + Bos
4.4
Toegankelijkheid Het gebouw is voor iedereen goed toegankelijk, dus ook voor mensen met een beperking, kinderen, ouderen en anderstaligen. • De gangen en ruimten met een functie zijn drempelloos, zonder hoogteverschillen met elkaar verbonden; • Het gebouw is integraal toegankelijk. Dat wil zeggen dat alle gebruikers met en zonder beperking dezelfde verkeersroutes gebruiken. Dat geldt voor jong en oud, met of zonder rolstoel, met of zonder visuele of auditieve beperking; • Er zijn voorzieningen zoals aangepast sanitair, liften, geluidversterking voor mensen met een auditieve beperking, braille-aanduiding op strategische plekken, etc. • De afwerking is robuust (wanden zijn beschermd tegen beschadigingen door stoten; • Doorgangen waar zware spullen op wielen of grote groepen mensen doorheen moeten zijn minimaal 1,8m breed en 2,1m hoog (netto); • In de voorstellingruimte is plaats voor rolstoelgebruikers in het publiek; • Er is een duidelijke bewegwijzering; • Een doordacht sleutelplan zorgt er voor dat ruimten niet toegankelijk zijn wanneer dit niet moet en wel eenvoudig te openen zijn voor degenen die er wel in mogen; • Sanitair wordt zo ingericht dat een keuze voor wel of niet genderneutraal zonder ingrepen kan worden gemaakt of gewijzigd. Urinoirs worden zo geplaatst dat zij niet zichtbaar zijn vanuit de voorruimte van toiletten.
4.5
Interieurontwerp en afwerking Het slimme (want: multifunctioneel) interieurontwerp vult in wat er in de visie aan ambitie wordt beschreven. Een moderne fraaie uitstraling met goede hedendaagse voorzieningen, waardoor bezoekers er graag komen en het zien als “third place”. Het sluit aan bij de zakelijke markt,
18
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
zodat DNK commercieel aantrekkelijk wordt om te huren of events te laten organiseren. De afwerking is duurzaam, dat wil zeggen: stoot- en slijtvast en eenvoudig te reinigen en te onderhouden en van recyclebaar materiaal. Dit is een belangrijke eis t.b.v. het beheer van het gebouw. Dit gaat niet ten koste van de warme, moderne en sfeervolle uitstraling die het gebouw en de inrichting hebben. 4.6
Akoestiek Er wordt onderscheid gemaakt tussen ruimteakoestiek en gebouwakoestiek. Een goede akoestiek is een belangrijke voorwaarde voor een prettig verblijf. In alle publieksruimtes worden daarom hoge eisen gesteld aan de ruimte-akoestiek. In foyerruimtes is geen hinderlijke galm en kunnen bezoekers in alle rust een gesprek voeren. In alle publieksruimtes is de akoestiek afgestemd op de activiteiten . Het gebouw wordt zo ontworpen en gemaakt, dat de gewenste geluidproductie binnen mogelijk is zonder de wet- en regelgeving wordt overtreden of dat buren en andere interne ruimten onderling overlast hebben van geluid. Ook kan harde herrie van buiten geen overlast veroorzaken in het gebouw, zoals langsrijdende vrachtwagens, schreeuwende kinderen, etc. (gebouwakoestiek).
4.7
Veiligheid Uiteraard wordt dit gebouw conform de geldende wet- en regelgeving, het bouwbesluit gebouwd. Hierin zijn veelal ook de aspecten m.b.t. veiligheid opgenomen. Het gebouw is uitgerust met: • Brandmeldinstallatie (PAC); • Ontruimingsinstallatie; • Brandblusmiddelen; • Inbraakalarm; • Sluitplan met entreesysteem (o.b.v. risicoklasse 4, sloten tenminste weerstandsklasse 2) ; • Camerasysteem; • Gebouwbeheersysteem (GBS), met alarm-meldfunctie; • Vluchtwegindicatie; • Noodverlichting; • Bliksemafleiding (indien nodig); Sociale veiligheid is binnen een educatie-instelling van groot belang. Mede met het oog hierop zijn lange zichtlijnen en grote transparantie van groot belang. Alle deuren die toegang geven tot educatieruimten zijn voorzien van een spiegel en altijd van binnenuit te openen. Bij sanitair en kleedkamers moet juist inkijk worden voorkomen.
19
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
4.8
Binnenklimaat Voor het gebouw geldt klimaatklasse B. Er is een modern centraal gestuurd klimaatsysteem met koeling en warmte- en vochtregulering (als onderdeel van een modern web-based gebouwbeheersysteem met alarmfunctie, planningsmodule en verschillende authenticatie levels). Daardoor kan in elke ruimte een goed voor de functie passend binnenklimaat worden bereikt. Per ruimte kan de temperatuur in beperkte mate worden ingesteld (+ of – 3 graden). Ramen kunnen worden geopend. Luchtvochtigheid in het gebouw kan in voldoende mate worden beïnvloed. Muzieklokalen en instrumentenbergingen zijn voorzien van een separate klimaatbeheersing. Uitvoeringsruimten en grote ruimten zijn separaat te regelen, de gehele installatie is in logische clusters verdeeld. Uitvoeringsruimtes, opnameruimten en instrumentenopslagen zijn voorzien van een luchtbevochtiging om daarmee stemmen en instrumenten te sparen. Omdat het ook deels educatieruimten betreft gelden er aanvullende richtlijnen voor de klimaatinstallatie en afzuiginstallaties t.b.v. bijzondere activiteiten (keramiekoven, stofafzuiging, lassen en solderen, etc.). In de keuken moet rekening gehouden worden met een aparte afzuiging boven het kookgedeelte.
4.9
Laden en lossen De huidige logistiek voor decors naar het toneel van de grote zaal moet worden verbeterd. De laadperrons dienen voorzien te worden van twee docklevelers en de toegang moet worden vergroot, zodat deze minimaal even groot is als de opening van de decorwagens. De nieuwe entree wordt minimaal voorzien van dockshelters. Naast de huidige laad- en losvoorziening dient een apart loadingdock te worden voorzien voor de logistiek van de kleine zaal.
4.10
IT Voor de organisatie is cloud-based werken het uitgangspunt. De IT infrastructuur dient daarop afgestemd te zijn. Voor zover de infrastructuur van de IT nog voldoet (termijn 7 jaar) en kosten-efficiënt kan worden hergebruikt, wordt deze gehandhaafd. Vervanging, uitbreiding en verbetering zijn onderdeel van onderhavig project. Een netwerk komt samen in een MER (Main Equipment Room). Het netwerk bestaat uit een server, LAN netwerk en een wifinetwerk. Dit systeem met een dubbele (redundency) internetaansluiting en marktconforme beveiliging is bedoeld om de medewerkers, cursisten, de theatertechniek en de bezoekers in het gehele gebouw te faciliteren (o.a.: kantoornetwerk, kassasysteem). De bandbreedte is voldoende voor live streaming. Door een slimme infrastructuur is uitvalrisico tot 0,02% beperkt. Dit i.v.m. de theatertechniek die van dit netwerk gebruik maakt voor de voorstellingen elke avond.
20
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
WIFI De medewerkers, de bezoekers en andere gebruikers wordt via een wifinetwerk met voldoende dekking en capaciteit internettoegang verschaft. Er zijn meerdere gescheiden en veilige netwerken, met voldoende capaciteit ingericht, voor: • Gasten; • Beveiliging; • Theatertechniek; • Educatie; • Medewerkers/kantoor; • Kassa; • Horeca; • ….. MER en SER ruimten De MER- en SER-ruimten zijn afsluitbaar en geklimatiseerd (21-23 graden en luchtvochtigheid 40-60%). De ruimten zijn op een logische plek gesitueerd in het pand, zodat deze snel en goed te bereiken zijn in een geval van een calamiteit, maar niet eenvoudig te bereiken en toegankelijk voor onbevoegden zijn. 4.11
Gebouwinstallaties De beheerskosten worden beperkt als er moderne efficiënte en duurzame geautomatiseerde systemen worden geïnstalleerd. Hierdoor blijven de verbruikskosten en personeelslasten laag. Installaties of installatie-onderdelen die voldoende van kwaliteit zijn en kosten-efficiënt hergebruikt kunnen worden blijven zitten en worden grondig opgeknapt. Na deze renovatie moeten deze tenminste, bij normaal onderhoud, 15 jaar mee kunnen gaan. De onderdelen hiervoor moeten tenminste nog 12 jaar leverbaar blijven. Weggesloopte onderdelen en installaties worden verantwoord afgevoerd. Dat wil zeggen, gescheiden en voor hergebruik of recycling aangeboden aan een erkend verwerkingsbedrijf. Klimaat Er is voldoende geklimatiseerde ventilatie. Deze is in de voorstellingsen presentatieruimten stil en veroorzaakt daar niet meer geluid dan 25dB(A). Er is een installatie die het gebouw goed en duurzaam kan verwarmen en koelen. Het gebouw wordt verdeeld in logisch (naar gebruik) ingerichte zones. De moderne en duurzame installatie regelt de temperatuur, en de luchtvochtigheid en wordt gestuurd op basis van temperatuur en CO2. Een modern centraal gestuurd web-based systeem, voorzien van een planningsmodule, is doordacht ingeregeld en kan eenvoudig opnieuw worden ingesteld, bijgesteld en bediend door personeel (beheerder).
Het geeft goed inzicht in verbruik, storingen, draaiuren en heeft een goed alarmsysteem voor storingen en overschrijding van grenswaarden.
21
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
In de zalen, leslokalen en kleedkamers kan de temperatuur eenvoudig +/- 3 graden bijgeregeld worden op de centraal ingestelde comfortabele basis temperatuur (deze tijdelijke instelling wordt ‘s nachts automatisch gereset door het systeem). E-installatie Er is een voor het gebruik goed ingerichte e-installatie. Verdeelkasten voor de e-installatie zitten op een logische plek (goed bereikbaar, zodat deze tijdens voorstellingen en activiteiten in geval van een calamiteit direct herkenbaar en snel te bereiken zijn). De stroomaansluitingen zijn logisch en goed verdeeld in groepen. Er dient rekening gehouden te worden met de aan te sluiten gebouwinstallaties, licht installaties, audio- en visuele-installaties, mobiele installaties, alle mogelijk met krachtstroomaansluitingen. Daarbij zijn in de zalen op de tonelen en de presentatieruimten extra krachtstroomaansluitingen aangebracht, zodat mobiele licht- en audioinstallaties van stroom kunnen worden voorzien. Er is schone aarde t.b.v. AV-installaties. In de ontwerpfase wordt een vermogensberekening uitgevoerd, zodat duidelijk is of de huidige aansluiting voldoende capaciteit heeft in de nieuwe situatie. Hiervoor wordt er een gelijktijdigheidberekening gemaakt en een faseverdeling t.b.v. de installatie, zodat de fasen gelijkelijk belast worden.
Verlichting wordt in ruimten geschakeld door bewegingsmelders, tenzij nadrukkelijk anders omschreven (voorstellingsruimten bijvoorbeeld worden niet geschakeld met bewegingsmelders). Ruimteclusters kunnen in zones worden in- en uitgeschakeld via het GBS. Vluchtwegindicatie wordt aangebracht conform de geldende wet- en regelgeving. Armaturen die in voorstellings- en presentatieruimtes hangen moeten in overleg met de brandweer schakelbaar uitgevoerd worden (uit tijdens voorstellingen en presentaties, aan in noodsituatie via BMC). De noodverlichting, conform geldende wet- en regelgeving aangelegd, is onderdeel van het reguliere verlichtingsplan, om zo extra kosten te voorkomen. Er is een separate UPS die het systeem tijdens stroomuitval voedt. Het entreesysteem en het camerasysteem zijn separaat, lokaal geïnstalleerd, zijn niet aangesloten op /verbonden met andere systemen en hebben geen verbinding met het internet. Beide hebben een eigen UPS en zijn geheel bekabeld (maken dus geen gebruik van draadloze verbindingen). Binnen en buiten is het gebouw goed verlicht om in te werken, te lopen of in te verblijven. De verlichting is sfeervol, regelbaar, duurzaam en eenvoudig te onderhouden (vervanging van lichtbronnen moet eenvoudig en voor een redelijke prijs te doen zijn).
22
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
Water en riool Daar waar nodig is een wateraansluiting met koud en indien nodig een warmwateraansluiting. Het verbruikte water wordt via de rioolaansluiting geloosd. Hergebruik van (regen)water conform rapportage Witteveen + Bos. Intern doorgevoerde HWA’s en rioolbuizen die door voorstellings- en presentatieruimten lopen worden goed akoestisch geïsoleerd. Liften De huidige liftinstallaties worden getoetst. Wanneer blijkt dat deze opgeknapt en dus gehandhaafd kunnen worden, zal er geen vervanging plaatsvinden. Indien vervanging nodig is worden deze installaties binnen de bestaande constructie vervangen. Voorzien wordt m.b.t. de huidige liften: • Bij grote zaal blijft behouden; • Bij gevel laten vervallen of houden is naar keuze architect: nu doet deze lift alleen -1, 0 en 1. • Bij huidige Kunstcircuit de lift behouden of verplaatsen naar keuze van de architect. Wel moet de architect ervoor zorgen dat zowel kelder als het dak met lift worden ontsloten. Deze lift doet nu 0,1,2,3. • Een glazen lift verbindt alle verdiepingen met het dakterras. • Bediening van de lift wordt aangepast, zodat sommige verdiepingen alleen kunnen worden bereikt met een ‘druppel’. • Door het plaatsen van een nieuwe goederenlift kan vervoer van personen en van goederen gescheiden (en tegelijkertijd) plaatsvinden. 4.12
Theatertechniek
4.12.1
Podiumverlichting De huidige podiumverlichting is grotendeels gebaseerd op conventionele halogeenverlichting. Voor deze armaturen is binnen afzienbare tijd geen lichtbron meer op de markt. Alle schijnwerperfabrikanten zijn gestopt met de ontwikkeling (en vaak ook met de productie) van halogeen-schijnwerpers. Een transitie naar Ledverlichting is noodzakelijk de komende paar jaar. Als de transitie is beëindigd, zijn er geen dimmers meer nodig, maar is wel het datanetwerk (nu nog DMX, maar dan ook geheel ACN) uitgebreid om het dataverkeer tussen regeltafel en schijnwerpers mogelijk te maken. De transitie naar LED-licht is noodzakelijk voor alle podiumverlichting in alle ruimtes waar deze wordt gebruikt. Deze transitie levert ook een bijdrage aan verlaging van de energiebehoefte.
23
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
4.12.2
Toneeltechniek Het trekkenveld van de geautomatiseerde hijsinstallatie in de grote zaal zal worden aangevuld, zodat boven het gehele speelvlak iedere 20cm een decortrek is voorzien. Ter plaatse van de horizontrek betekent dat een uitbreiding met drie decortrekken. Ter plaatse van de portaalzone gaat het om zes extra decortrekken. Het trekkenplan wordt verder aangevuld met twee extra zijtrekken. In de portaalzone worden de portaalbrug en de manteaus verwijderd. Lichttrekken in de portaalzone worden voorzien van ‘bewegend’ licht. Deze schijnwerpers zijn te bedienen vanaf het podium. Lichtbundel incl. messen en evt. gobo’s, richting, kleur en intensiteit van het licht kunnen met behulp van een regeltafel worden bediend. De uitvoering van alle trekken wordt in overeenstemming gebracht met de huidige regelgeving. Dat betekent dat alle verzamelrollen van de trekken worden vervangen door meergroefs-schijven. In de kleine zaal worden de bruggen opnieuw ingedeeld, zodat er een goede invalshoek is voor de podiumverlichting. De hijsvoorzieningen in de kleine zaal worden vervangen door nieuwe, veilige decortrekken met een hijsvermogen van 300kg. per stuk. De zaalbruggen worden aangepast, zodat toegang tot de brug drempelloos wordt en zodat de bruggen voldoen aan de huidige regelgeving inzake veilig werken op hoogte.
4.12.3
AV-installaties De huidige AV-installaties zullen worden uitgebreid waar nodig. Alle AV-installaties zullen worden aangesloten op het centrale digitale netwerk van de theatertechniek, zodat het koppelen en ontkoppelen van ruimtes eenvoudiger wordt. In alle ruimtes (en in meerdere zones in de foyer) kan de geluidsinstallatie gescheiden worden gebruikt, zodat per ruimte kan worden bepaald welk geluid (muziek, spreker, geluid bij projectie) hoorbaar is in de ruimte. De geluidversterking in de grote zaal krijgt een upgrade. Dit wordt ontwerpen in nauw overleg met een AV-adviseur en een akoestisch adviseur. De huidige installatie biedt niet in de hele zaal dezelfde geluidskwaliteit. Alle AV-voorzieningen in alle ruimtes worden via een digitaal netwerk met elkaar verbonden. Binnen dit netwerk wordt ook voorzien in - Een ondersteuning voor mensen met een auditieve beperking, - Een intercom voor communicatie tussen technici - Een oproep- en meeluisterinstallatie.
24
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
4.13
Interieur Er wordt een separaat interieurontwerp gemaakt voor het gehele pand, in overeenstemming met de aspecten omschreven in de visie. De visie op de bijeenkomstfunctie, een warm welkom voor iedereen, van DNK wordt in dit ontwerp benadrukt. Een fijne aantrekkelijke moderne plek waar bezoekers en medewerkers zich “thuis” voelen en die in hoge mate aantrekkelijk is ook voor de zakelijke markt. Voor het interieur gelden een aantal aanvullende eisen. De gebruikte materialen zijn duurzaam, slijt- en stootvast en goed te reinigen. De gebruikte materialen moeten ook goed te vervangen zijn. In het gebouw is veel zichtbaar groen.
4.14
Verkeersruimten Verkeersruimten (onderdeel van het interieurontwerp) zijn ruim ingericht met brede dubbele deuren met deurdrangers, zonder drempels, met magneetsluitingen (veilig open kunnen blijven i.v.m. brandveiligheid). Er is rekening gehouden met groot en zwaar intern transport, meestal op wielen of grote groepen bezoekers. Waar nodig zijn er verbredingen en nissen, waar decors, meubilair en apparatuur tijdelijk kunnen worden gestald, zonder dat hiermee de regelgeving wordt overtreden. Er is voldoende daglicht, maar als dit niet mogelijk is er voldoende verlichting. Daglicht in de voorstellingsruimtes is een vereiste. De verkeersruimten zijn warm, aangenaam, maar slijt- en stootvast vormgegeven. De ruimten kunnen goed schoon worden gehouden en gerepareerd worden. Er heerst een prettig binnenklimaat en de ruimte is voorzien van voldoende verlichting en op regelmatige afstand voorzien van wandcontactdozen (o.a. t.b.v. schoonmaak). Tussendeuren in verkeersruimten en in het backstage gebied zijn dubbel uitgevoerd en min. 2m breed. Deuren die toegang verlenen tot gebruiksruimten zijn, indien dubbel uitgevoerd 1,80m breed. Alle deuren zijn met deurdrangers uitgevoerd en daar waar het een vluchtgang betreft ook met elektromagneten. Alle kleefmagneten in het gebouw zijn zowel lokaal als centraal te bedienen vanuit meerdere ruimtes.
4.15
Kanalen schachten en constructieruimte Zoveel mogelijk wegwerken, maar mogen in beeld. Sober afwerken, maar in lijn met de vormgeving van de afwerking, inrichting en de gebouwarchitectuur. Deze onderdelen mogen zeker niet beeldbepalend zijn. De ruimten beschreven in deze paragraaf bevinden zich verspreid over het pand. De locatie wordt zorgvuldig gekozen om gebruik en vindbaarheid zo effectief mogelijk te laten zijn en aan de andere kant zo weinig mogelijk ruimte in beslag laten nemen. Indien noodzakelijk moeten zaken zoals leidingen, afsluiters, kleppen e.d. goed bereikbaar worden gemaakt.
25
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
4.16
Blindering en zonwering Zonwering Aan de buitenzijde van het gebouw wordt geautomatiseerde zonwering aangebracht. Noordelijk georiënteerde vlakken krijgen geen zonwering, tenzij dit vanwege het gebruik nodig is. De bediening, per ruimte, is eenvoudig en van binnenuit. Met deze bediening kan de automatische bediening overbrugd worden. Verduistering De zalen, presentatieruimten, lesruimten en de kleedkamers moeten verduisterbaar zijn. Daarbij gaat het om een bouwkundige voorziening die zorgt voor volledige verduistering (zonder kiertjes of spleetjes). De toneelgordijnen zijn uitdrukkelijk niet bedoeld als verduisteringsgordijnen en kunnen ook niet als zodanig fungeren. Het systeem is degelijk, in onderdelen te vervangen, eenvoudig te bedienen en voor een redelijke prijs eenvoudig te onderhouden.
4.17
Clustering en relatie’s Het gebouw is verdeeld in clusters. Clusters worden gevormd door ruimten die bijelkaar liggen waarvan de functie en de logistiek bepaald dat het logisch is deze ruimten op een bepaalde wijze bijelkaar te situeren. Van belang voor het ontwerp zijn de volgende ruimterelaties en aandachtspunten: • Hoe zit het met commerciële verhuur, wanneer er b.v. meerdere kleine bijeenkomsten tegelijkertijd plaatsvinden? • Artiestenfoyer goed bereikbaar voor alle optredende artiesten in verschillende zalen. • Transport van laad- en los naar alle zalen. Drempelloos en zo kort mogelijk. ZONERING: goede scheiding en goede toegankelijkheid (overal)
26
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
5
WETTELIJKE EISEN GEBOUW Een gebouw dat nieuw gebouwd wordt moet in Nederland voldoen aan wettelijke eisen. In deze wetten en de daaronder liggende normen en richtlijnen zijn alle aspecten omschreven die van toepassing zijn. Het zijn minimumeisen waar het ontwerp aan dient te voldoen.
5.1
Van toepassing zijn (niet uitputtend): • • • • • • •
5.2
Bouwbesluit 2012 nieuwbouw; Omgevingswet; Activiteitenbesluit; Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Deventer; Inrichtingsbesluit WVO en -Horeca; Arbowet en arbobesluit; Wet persoonsgegevens.
Specifieke normen Op dit bijzondere cultuurgebouw zijn een aantal aanvullende specifieke richtlijnen van kracht: • Theatertechniek: de geldende Europese en Nederlandse normen en waar die ontbreken de DIN-normen; • Machinerichtlijn; • Verordeningen (van gemeente Deventer die van toepassing zijn, zoals eisen m.b.t. regenwater, transport en vervoer, duurzaamheid, overlast voorkomen, openbare functies, etc.); • Akoestiek; • Binnenklimaat: klimaatklasse B • Toegankelijkheidsrichtlijnen. In de ontwerpfase wordt dit specifiek verder uitgewerkt.
27
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
6
FUNCTIONELE EISEN RUIMTEN Per ruimte worden in de volgende paragrafen de eisen beschreven.
6.1
Algemeen Op basis van het functioneel programma van eisen zal het ontwerpteam een technisch programma van eisen opstellen waarin onder meer per ruimte wordt vastgelegd: 1. Comfort • Temperatuur min/max • Relatieve vochtigheid • Koeling • Ventilatie /m3 • Evt. separate afzuiging • Verlichting (niveau) • Beeldschermverlichting (ja/nee) • Daglicht 2. Akoestiek • Nagalmtijd • Installatiegeluid • Verwachte geluidsdruk • Acceptabele geluiddruk uit rest van gebouw en buitenruimte • 3. Belastinggegevens (indien afwijkend van NEN) 4. Sanitair 5. E-voorzieningen • Voedingen • Data
6.2
Benedenfoyer (k.1) Dit is een modern ingerichte aantrekkelijk ruimte voor de ontvangst en het verblijf van bezoekers. Er is een goed geoutilleerde bar met: tap, spoelbak (warm en koud water en riool), postmixes, koelkasten, koffiemachine, vaatwasser, ijsblokjesmachine, en voldoende opslag voor een kleine bar. De bar heeft voldoende capaciteit om bij volle bezetting van de multifunctionele zaal of het auditorium de bezoekers van een drankje te voorzien. De afwerking van de wanden, plafond en vloer is, warm en stijlvol, maar duurzaam, slijt- en stootvast en goed te reinigen en te onderhouden. Er zijn voldoende aansluitingen om de bar en apparatuur van aansluitingen te voorzien (water, elektra en riool). Er is sfeerverlichting die regelbaar is en er zijn voldoende wcd’s in de ruimte aanwezig om schoonmaak en personeel dat aan het werk is van stroom te voorzien. Bezoekers kunnen gemakkelijk een device opladen.
28
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
De ruimte wordt zo ingericht dat hij zeer snel en eenvoudig kan worden omgebouwd. Er wordt gewerkt met een mobiele bar en met eenvoudig verplaatsbaar meubilair. 6.3
Toiletten (k.2) Zie 6.58
6.4
Miva (k.3) Zie 6.58
6.5
Zaalsluis L en R (k.4 en k.6) Deze sluizen zijn om geluidoverlast van en naar de andere omliggende ruimten te voorkomen. Deze vormgegeven binnen het interieurontwerp van het pand.
6.6
Auditorium (k.5) Het auditorium is bij uitstek geschikt voor presentaties. Er is een vaste tribune met comfortabele stoelen. Uitstekende faciliteiten voor geluid, projectie en licht maken deze ruimte de voorkeurszaal voor zakelijke bijeenkomsten. De ruimte is ook akoestisch geschikt voor vergaderingen en presentaties. Geluid vanuit de zaal veroorzaakt geen overlast bij de omliggende ruimten. Er is voldoende ventilatie met behandelde lucht (koeling, luchtvochtigheid en warmte), dat apart vanuit deze zaal kan worden bijgesteld (+of- 3 graden met CO2 sturing). Er is werklicht, blauwlicht en voldoende LAN-aansluitingen en evoorzieningen (ook krachtstroom) om de theater-technische installaties aan te sluiten
6.7
Verbinding Schouwburg- Souterrain Er komt een nieuwe (publieks)doorgang tussen de schouwburg en het souterrain (voormalig filmhuis). Daar waar deze door het backstagegebied van de schouwburg loopt, kan. Publiek dat gebruik maakt van deze doorgang, kan niet zonder begeleiding elders in het backstagegebied komen.
6.8
Multifunctionele zaal (k.7) Deze kleine zaal kan gebruikt worden voor een veelheid aan actitiveiten. Een beginnend standup comedian, een huiskamerconcert van PERIFEER, een kindervoorstelling, een voorleesmiddag. De zaal wordt niet voorzien van een vaste tribune, maar kan met zeer bescheiden middelen snel worden omgebouwd van de ene activiteit naar de andere. Klimaat geschikt voor 60 bezoekers.
29
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
6.9
Projectiecabines. De voormalige projectiecabines van het filmhuis verliezen hun functie. In overleg met de gebruiker zal het ontwerpteam de vrijgekomen ruimte benutten voor het vergroten van de benedenfoyer en of (een van) beide zalen.
6.10
Opslag (k.8) Deze ruimte is via een dubbele deur (1,80m breed) drempelloos te betreden. De inrichting is sober en stoot- en slijtvast en is eenvoudig te reinigen en te onderhouden. De ruimte is geventileerd (mechanische afzuiging) en heeft voldoende verlichting (slagvast armatuur) aangestuurd door een bewegingsmelder. De opslag heeft een tweetal dubbele wandcontactdozen. De ruimte wordt voorzien van stellingen/rekken. In de ruimte een uitstortgootsteen met W/K water opnemen.
6.11
Backstage onder kleine zaal (k.9) Deze ruimte wordt niet verbouwd, maar krijgt wel een nieuwe inrichting binnen het nieuwe ontwerp.
6.12
Backstage onder grote zaal (k.10) Deze ruimte wordt niet verbouwd, maar krijgt wel een nieuwe inrichting binnen het nieuwe ontwerp.
6.13
Techniekruimte (k.11) Aan deze ruimte wordt niets gewijzigd.
6.14
Artiestenfoyer (k.12) Bij de renovatie van het kleedkamergebied wordt ook de artiestenfoyer meegenomen. Dit is een uitnodigende ruimte waar artiesten een gastvrije ontvangst ervaren. Ze kunnen hier wat drinken, zelf meegebracht eten opwarmen (min. twee magnetrons), comfortabel zitten of aan een tafeltje wat eten. De ruimte is sfeervol en uitnodigend.
6.15
Kleedkamergebied. De kleedkamers en het huidige sanitair worden geheel gerenoveerd. Het kleedkamergebied wordt met een lift toegankelijk gemaakt.
6.16
Entreegebied (0.1) Uitnodigend, open, logisch, overzichtelijk, dat zijn de kernbegrippen voor deze entree. Iedereen die iets komt doen in DNK komt binnen via deze entree.
30
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
Grote draaideuren voorkomen dat het weer een te grote invloed heeft op het binnenklimaat. Op de vloer ligt en goede uitloopmat, zodat vocht en viezigheid het pand nauwelijks binnenkomt. De mat is geschikt voor kleine wielen. 6.17
Ontvangst (0.2) Een prettig aanvoelende transparante overzichtelijke ruimte is de ontvangstruimte. Duidelijk is te begrijpen waar wat is, zodat iedereen weet waar men naartoe moet. De inrichting is modern, licht, warm en aantrekkelijk. Verblijf in deze ruimte is prettig. Er is voldoende ruimte om grote bezoekersstromen te kunnen herbergen, maar op rustige momenten moeten enkele bezoekers zich er ook prettig voelen. Er is enige zitgelegenheid (wachtende bezoekers), in speciaal daarvoor gecreëerde hoekjes. Er is ruim voldoende daglicht. De (sfeer)verlichting is regelbaar en wordt centraal bediend. Wanneer het buiten donker is, is er voldoende licht om te kunnen lezen en om te zien waar je loopt. Er zijn digitale schermen, waarop digitale kunst, trailers en voorstellings- en evenementen informatie wordt getoond. Het is mogelijk de voorstelling hierop live te streamen. Subtiele bewegwijzering is fraai en duidelijk zichtbaar en passend binnen het interieurontwerp vormgegeven.
6.18
Kleedruimte personeel Voor het personeel worden twee kleedkamers voorzien (met douche en toilet). In de ruimte zijn kluisjes. Er zijn voldoende voedingen om een device te kunnen opladen.
6.19
Garderobe (0.3) Een afgiftebalie scheidt de garderobe van de ontvangstruimte, die aan beide uiteinde ruimte aat om de garderobe in te lopen. Er is voldoende ruimte om 4 personen tegelijk achter deze balie te laten werken. Aan de binnenzijde van de balie zijn legplanken en twee met slot afsluitbare kasten. In de garderobe is plaats voor kledingrekken met voldoende hangertjes, zodat er tenminste 1.000 jassen kunnen worden opgehangen. Er is voldoende licht om in te werken, deze verlichting is onderdeel van het lichtplan van de ontvangstruimte. Er zijn 4 dubbele wcd’s in de garderobe en een LAN-aansluiting. De garderobe wordt ingericht met een systeem met geprinte tickets voor de jassen. De rekken worden voorzien van een ‘rollenbaan’ onder de jassen, zodat koffers en tassen daar kunnen worden geplaatst. Een jas wordt op een hangertje gehangen, voorzien van een geprint nummer. Dan wordt de jas naar achter geschoven. De volgende jas hangt vooraan en wordt ook naar achter geschoven. De eerste jas hangt zo achteraan. Koffers worden onder de jassen op een rollenbaan gezet en naar achter geduwd. De volgende koffer staat daar (met label) voor. Koffers staan zo altijd in volgorde van binnenkomst.
31
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
Met behulp van losse kledingrekken is het eenvoudig mogelijk om elders in het pand een tijdelijke garderobe te voorzien. 6.20
Foyer (0.4) De foyer, de ontvangstruimte en de garderobe lopen in elkaar over. Dat geldt dus ook voor de vormgeving van de inrichting. Ook voor de foyer geldt: de inrichting is modern, licht, warm en aantrekkelijk. Verblijf in deze ruimte is prettig. Er is voldoende ruimte om grote bezoekersstromen te kunnen herbergen, maar op rustige momenten moeten enkele bezoekers zich er ook prettig voelen. Er is veel zitgelegenheid, in speciaal daarvoor gecreëerde plekken. Er is ruim voldoende daglicht en voor donkere momenten is er sfeerverlichting die regelbaar is. Er wordt een goede WIFI voor gasten geboden en er zijn op voldoende plekken wcd’s, zodat bezoekers eigen devices kunnen laden. De afwerking van de wanden, plafond en vloer is warm en stijlvol, maar duurzaam, slijt- en stootvast en goed te reinigen en te onderhouden. Op meerdere plekken in de foyer kan een kleine presentatie worden gegeven. De AV-installatie is gezoneerd en het is eenvoudig mogelijk om te kiezen in welke zones een presentatie te horen zal zijn. Door de hele foyer verspreid zijn er meerdere ophangmogelijkheden voor schijnwerpers- luidsprekers en projectieapparatuur. De indeling in meerdere zones geldt niet alleen voor de AV-installaties, maar ook voor de verlichting. Zo is het mogelijk om sferen te zoneren.
6.21
Keuken en opslag foyer (0.5) De keuken wordt als open keuken ingericht. Dat betekent dat het ontwerp in lijn is met het interieurontwerp. De inrichting is duurzaam, stoot en slijtvast en goed te reinigen en onderhouden. De keuken is ingericht volgende H.A.C.C.P. richtlijn. Er is een aparte afzuiging boven het kookdeel. Er zijn voldoende aansluitingen (water, riool, elektra, ventilatie) om de keukenapparatuur goed aan te sluiten. Er is voldoende werklicht, dat (open keuken) in lijn is met de sfeerverlichting in de omliggende ruimten. De opslag (met koelcel) van de keuken grenst aan de keuken.
6.22
Cateringkeuken De cateringkeuken is bedoeld voor externe cateraars en dient dus goed bereikbaar te zijn vanuit het achterhuis. De ruimte is voorzien van standaardapparatuur, maar er is voldoende ruimte voor mobiele steamers, ovens, koelingen en andere apparatuur die cateraars zelf meenemen. De afwerking van de ruimte is high-end en voldoet aan de strengste eisen ten aanzien van vloer-, wand- en plafondafwerking, verlichting, etc.
32
Deventer-PvE-concept 1.3-GB-JL-2022.06.20.docx
© Theateradvies® bv
Speciale aandacht vereist voor de logistiek naar en vanuit deze keuken, zodat foyergasten niet gestoord worden. 6.23
Afwaskeuken In deze ruimte wordt de afwas van het hele pand verzorgd.
6.24
Opslag keuken Vlak bij de keuken voorzien in magazijn, koelcel, vriescel. In de kelderruimte voorzien voor extra servies, emballage e.d.