CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-265 Gemeentelijk Rioleringsprogramma 2022-2026

Raadsvergadering 26 januari 2022, gemeente DeventerBij agendapunt: Gemeentelijk Rioleringsprogramma 2022-2026 en aanpassing Subsidieverordening afkoppelen hemelwater33.981 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

3.3.1 Klimaatadaptatie De Omgevingsvisie Deventer schrijft: We willen dat ons stedelijk gebied in 2050 klimaatbestendig is. Dit betekent dat we ingrepen in de leefomgeving klimaatbestendig uitvoeren. (pagina 30)

Onze inspanningen op gebied van klimaatadaptatie zijn vastgelegd in het Deventer Klimaatadaptatieprogramma (2021). Daarin hebben we gesteld dat:  bij hevige regenval het water zijn weg vindt, zonder al te veel overlast;  er op hete dagen binnen en buiten koele plekken zijn en dat er extra aandacht is voor kwetsbare groepen;  droogteschade beperkt wordt door regenwater niet af te voeren naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie, maar vast te houden voor droge tijden en ten goede te laten komen aan het groen en grondwater. In de openbare ruimte wordt gekozen voor klimaatbestendig groen;  de kans op overstromingen zo gering mogelijk is en de eventuele gevolgen beperkt blijven. Bovenstaande strategische doelen zijn in het Klimaatadaptatieprogramma verder vertaald naar tactische doelen en maatregelen.

voeten, voorkomen van verdroging door infiltratie hemelwater in de bodem en gebruik voor bijvoorbeeld sproeien van de tuin.

23

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

Wat betekent Klimaatadaptatie voor dit Rioleringsprogramma? Vanuit de gemeentelijke watertaken ligt het zwaartepunt vooral op de thema’s ‘wateroverlast’ en ‘droogte’. Bij deze thema’s speelt stedelijk water een primaire rol. De verbetermaatregelen gericht op wateroverlast nemen we als autonoom project mee in dit GRP of als meekoppelkansen in het MJOP-MIND. Om droogte zoveel mogelijk tegen te gaan, brengen we regenwater zoveel mogelijk ter plaatse terug in de grond, in plaats van dat we het afvoeren. Daarbij houden we de voorkeursvolgorde aan van afvoer naar groen –bovengrondse afvoer naar infiltratievoorziening – ondergrondse afvoer naar infiltratievoorziening – afvoer naar oppervlaktewater – afvoer naar RWZI. Voor de thema’s ‘hitte’ en ‘waterveiligheid’ vervullen we vanuit de gemeentelijke watertaken een ondersteunende rol. Hitte wordt bijvoorbeeld getemperd, wanneer meer schaduw door bomen wordt gerealiseerd. Vanuit stedelijk water kunnen we faciliteren in toevoer van (extra) water. Het borgen van de waterveiligheid ligt in de kern bij Rijkswaterstaat of het waterschap. Wij sluiten aan bij regionale/landelijke ontwikkelingen en anticiperen op eventuele kansen voor bijvoorbeeld recreatie of natuurontwikkeling.

warmtewinning uit afvalwater). Vanaf 2022 wordt in de wijk Zandweerd-Noord een warmtenet aangelegd met warmte van de RWZI Deventer. Vanuit beheer is het wel wenselijk om de energieopgave (van derden) af te stemmen met onze eigen opgaven. Zo is het bijvoorbeeld wenselijk om de aanleg van een warmtenet in een straat af te stemmen met eventuele vervanging van riolering. Deze afstemming nemen we mee in de tactische beheercyclus van de gemeente.

3.3.3 Risico gestuurd beheer De visie van RIVUS schrijft: We hanteren selectieve normen, waarbij gestreefd wordt naar een optimaal vervangingsmoment van onze assets.

3.3.2 Energietransitie De Omgevingsvisie Deventer schrijft: We willen voor 2030 een energieneutrale stad zijn. (pagina 30)

Wat betekent Energietransitie voor dit Rioleringsprogramma? De energieopgave ligt in directe zin niet binnen het vakgebied van stedelijk water. Uiteraard hebben sommige activiteiten (in)direct invloed op energieverbruik. Denk bijvoorbeeld aan afkoppelen van verhard oppervlak, waarbij minder regenwater verpompt wordt naar de RWZI (en dus minder energie verbruikt wordt). Met RTC wordt zo doelmatig mogelijk gebruik gemaakt van de bestaande pompen in het rioolstelsel. Als gemeente kopen we centraal duurzame energie in, waar ook wij gebruik van (blijven) maken.

Wat betekent Risico gestuurd beheer voor dit Rioleringsprogramma? Risico gestuurd beheer rust op de pijler ’Schoon, heel en veilig’ vanuit de Visie Leefomgeving. Door risicogestuurd beheer in te zetten, verwachten we een verschuiving in de vervangingsopgave. Rioleringsobjecten worden pas onderhouden of vervangen als er sprake is van een significante verslechtering van de kwaliteit, zonder dat daarbij de veiligheid extra in het geding komt. Zo voorkomen we kapitaalvernietiging, zonder dat we de veiligheid onnodig in het geding brengen. Het resultaat is dat we de vervangingskosten voor zowel vrijvervalriolering als gemalen tot een minimum reduceren. Deze aanpak hebben we in RIVUS-verband vormgegeven en passen we reeds toe voor de gemalen. Momenteel implementeren we dezelfde aanpak ook voor het vrijvervalrioolstelsel.

Verder houden we de ontwikkelingen rondom energietransitie binnen stedelijk water scherp in de gaten en kijken we in RIVUS-verband waar we kunnen bijdragen aan de energietransitie. De verwachting is dat we eventuele vervolgstappen veelal in samenwerking met het waterschap oppakken (zoals bijvoorbeeld

24

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

3.3.4 Circulariteit De Omgevingsvisie Deventer schrijft: We streven naar een circulaire (afval)waterketen, waarin we grondstoffen hergebruiken en geen afval produceren. (pagina 66)

Wat doen we met Circulariteit binnen dit Rioleringsprogramma? Binnen ons vakgebied volgen we de transitie naar een circulaire economie. Bij elke investering hanteren we een circulair inkoopbeleid. Al het benodigd materiaal wordt zo circulair mogelijk ingekocht. Wij volgen daarnaast de ontwikkelingen van Bouw Circulair (provincie Overijssel), waarbij het accent ligt op duurzame inzetbaarheid van asfalt en beton.

25

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

3.4 Sustainable Development Goals De gemeente Deventer sluit zich aan bij de ontwikkelagenda 2015-2030 van de Verenigde Naties, waarin 17 Sustainable Development Goals (SDG’s) zijn opgenomen. Deze doelen zijn gericht op een einde aan extreme armoede, ongelijkheid, onrecht en klimaatverandering. Vanuit het vakgebied stedelijk water en riolering richten we ons in ieder geval op de volgende doelen:  Nummer 3 Gezondheid en welzijn  Nummer 6 Goede sanitaire voorzieningen  Nummer 9 Innovatie en duurzame infrastructuur  Nummer 11 Veilige en duurzame steden  Nummer 13 Klimaatverandering aanpakken  Nummer 15 Herstel ecosystemen en behoud van biodiversiteit  Nummer 17 Partnerschappen voor de doelen

www.deventer.nl

Plandeel

Foto: Onderzoek functioneren waterbergende fundering Prins Bernardstraat.

26

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

4. Wie doet wat?

4.1 Wettelijke taken Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor een goede invulling van onze gemeentelijke watertaken. En omdat riolering niet op zichzelf staat, maar onderdeel is van onze gemeentelijke infrastructuur, stemmen we ons beleid af met andere stakeholders en overheden. Voor onze gemeente zijn dat in ieder geval: Waterschap Drents Overijsselse Delta;  Waterschap Rijn & IJssel;  Waterschap Vallei & Veluwe;  Provincie Overijssel;  Rijkswaterstaat;  Samenleving (inwoners, bedrijven en partijen). Zorgplicht waterbeheer: wie heeft welke verantwoordelijkheid?*

27

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

4.2 ‘Deventer aanpak’ Deventer heeft op het thema klimaatadaptatie een aanpak die ook een relatie heeft met dit GRP.

4.3 Samenwerking binnen de gemeente Deventer We werken binnen de gemeentelijke organisatie samen met andere sectoren in de openbare ruimte, bijvoorbeeld wegen en openbaar groen. Met de komst van de Omgevingswet (verwacht per 1 juli 2022) wordt dat alleen maar belangrijker. Integraal werken is het devies en dat betekent ook participatie en afstemming.

Kern ’Deventer aanpak’ om te komen tot een gezonde en prettige leefomgeving 1. 2. 3. 4. 5.

klimaatadaptatie is de norm grootste problemen autonoom oplossen; ‘meters maken’ met afkoppelen; ‘meebewegen’ met andere opgaven; stimuleren en ontzorgen van partijen en bewoners om klimaatadaptief te handelen.

1. Dit is een norm die we onszelf stellen bij de realisatie van projecten. Alle projecten in het MJOP en bij ontwikkeling van nieuwe projecten moet klimaatadaptief worden opgeleverd (wateroverlast, droogte, hitte). Het beleid voor tegengaan wateroverlast en droogte volgt uit het klimaatadaptatieprogramma en dit GRP. Maatregelen in de bestaande openbare ruimte worden gefinancierd via dit GRP. 2. Uit de stresstest blijkt dat er over de gehele gemeente een aantal knelpunten zijn, waar bij hevige regenbuien sprake is van wateroverlast. We gaan de komende 10 jaar aan de slag om deze knelpunten op te lossen. Maatregelen worden gefinancierd via dit GRP. 3. We gaan op zoek naar gebouwen en openbare ruimte waarbij ‘klappers’ gemaakt kunnen worden met afkoppelen, om zo te voldoen aan de doelstellingen om 20% van het particuliere oppervlak en 50% van het openbaar gebied in 2050 afgekoppeld te hebben. Zo verminderen we de kans op wateroverlast en droogte. Maatregelen worden gefinancierd via dit GRP. 4. We zoeken een koppeling met projecten rond energietransitie, aanpak openbare ruimte, rioolvervanging, woningverbetering door corporaties en de (her)ontwikkeling van gebieden. We proberen tot een gezamenlijke planning en prioritering te komen en waar mogelijk projecten te combineren. Het meebewegen met andere opgaven kan overlap hebben met punt 3: ‘Meters maken’ met afkoppelen.

Hoe we dit invullen is toegelicht in paragraaf 4.3. 5. Het ontzorgen van bewoners en partijen is een cruciale stap om over te gaan tot handelen. De omgevingswet vraagt ook om een nieuwe manier van samenwerken. Een manier die uitgaat van samenwerking met betrokken partijen en wensen uit de samenleving begeleid. Hoe we dit invullen is toegelicht in paragraaf 4.5.

28

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

destentor.nl

dinsdag 29 oktober 2019

e-mail: deventer@destentor.nl

Deventer Slalommen op ‘piste’ van Wezenland

De weg is een grote bouwput en de komende tijd blijft het slalommen voor mensen die aan het Wezenland in Deventer wonen. Werklui verleggen alle kabels en leidingen, de weg krijgt een compleet nieuwe aanblik. In het voorjaar kunnen aanwonenden pas weer gewoon bij huis komen. De fietspaden zijn sterk verouderd, te-

gels liggen schots en scheef. De gemeente wil een weginrichting als richting Schalkhaar op de Oosterwechelsweg. Fietsers maken daar nu gebruik van rode stroken aan de zijkant van de weg in plaats van een vrijliggend fietspad langs de rijbaan. Het verkeer rijdt daardoor minder hard, is het idee. Op voorspraak van

bewoners worden drempels steiler dan bedacht: daardoor kan het verkeer minder hard rijden. Door de herindeling ontstaat meer ruimte voor groen en opvang van regenwater. Het middenterrein van de wielerbaan en het trapveldje langs het Wezenland worden verdiept en ze gaan fungeren als wadi. FOTO RONALD HISSINK

Ontwikkelaar failliet terwijl subsidie al is overgemaakt

Afbeelding: Wezenland klimaatadaptief opgeleverd (Bron: de Stentor, 29 oktober 2019).

Provincie lijkt bijna

www.deventer.nl

Wat betreft vrijvervalriolering wordt de vervanging voornamelijk uitgevoerd binnen het MeerJarig Onderhoud Programma (MJOP), om dit zoveel mogelijk samen met andere onderhoudsmaatregelen uit te kunnen voeren. De grootonderhoudsmaatregelen van alle onderdelen van de openbare ruimte worden gebundeld in dit MJOP. Het wordt iedere twee jaar vastgesteld voor een periode van vier jaar. Voor het MJOP wordt samengewerkt in een werkgroep waarin naast Water&Riolering de disciplines Klimaatadaptatie, Straten, Wegen, Pleinen en Groen zijn vertegenwoordigd. Daarnaast nemen we deel aan de werkgroep die afstemt met Verkeer en Landschap (werkgroep programmafase MJOP-MIND). De vier KERC-thema’s hebben een integraal karakter die veel disciplines raakt. Dit zijn naast Klimaatadaptatie Water & Riolering, Groen, Duurzaamheid, Stedenbouw, Landschap, Ruimtelijke Ordening en Communicatie. Een goede samenwerking tussen deze disciplines is dan ook essentieel. Voor het thema klimaatadaptatie is een werkgroep opgericht, waarin de genoemde discipines binnen de gemeente met elkaar afstemmen wat er speelt op dit gebied. Klimaatadaptatie staat niet op zichzelf. We zoeken nadrukkelijk de koppeling met andere opgaven. Er zijn vele dwarsverbanden met andere thema’s zoals de waterketen, natuurinclusief bouwen, gezondheid, energietransitie, ecologie en groen. Maar ook bijvoorbeeld met economie.

Risicogestuurd Beheer is een thema dat door Water & Riolering met name binnen het afvalwaterteam van RIVUS wordt afgestemd. Voor de thema’s Energietransitie en Circulaire economie volgen we het gemeentelijke beleid en is waar nodig afstemming. Binnen de ruimtelijke projecten (MJOP, in- en uitbreidingen) vindt afstemming plaats over de maatregelen voor energietransitie en de maatregelen voor klimaatadaptatie, water en riolering en de overige opgaven. Ten slotte is een interne samenwerking met ons gemeentebestuur van belang. Door duidelijke afspraken te maken, kunnen deze ook eenvoudiger bestuurlijk worden verankerd.

29

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

4.4 Samenwerking in de (afval)waterketen RIVUS is een regionaal netwerk in de waterketen dat oorspronkelijk in het leven is geroepen om uitvoering te geven aan het Bestuursakkoord Water (BAW). Samen met Waterschap Drents Overijsselse Delta en omliggende gemeenten in West-Overijssel (Dalfsen, Deventer, Kampen, Olst-Wijhe, Raalte, Staphorst, Zwartewaterland, Zwolle en drinkwaterbedrijf Vitens) hebben we invulling gegeven aan de BAW-doelen. Dankzij deze samenwerking is het eenvoudiger geworden om kennis en ervaringen te delen, wat ten goede komt aan de kwaliteit. Daarnaast zorgt een intensieve samenwerking voor een verlaging van de kwetsbaarheid van onze eigen organisatie en op enkele fronten levert de samenwerking ook een kostenbesparing op. De samenwerking is zo succesvol dat RIVUS ook de werkregio is geworden om de doelen voor klimaatadaptatie regionaal vorm te geven vanuit het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA). Sindsdien is de provincie Overijssel ook als partner aangesloten. RIVUS bestaat voor wat betreft de afvalwaterketen uit drie afvalwaterteams. Deventer werkt vooral samen in het Afvalwaterteam-zuid met de gemeenten Olst-Wijhe, Raalte en Waterschap Drents Overijsselse Delta. Er wordt in 2021 gewerkt aan het vormgeven van de toekomst van de RIVUS samenwerking binnen de waterketen en klimaatadaptatie. Dit moet eind 2021 leiden tot een Regionaal bestuursakkoord.

De samenwerking kan leiden tot besparingen, maar ook tot onderzoeken en maatregelen die we op dit moment nog niet voorzien. Nieuwe thema’s als klimaatadaptatie en circulariteit maakt dat we ook nadrukkelijk de koppeling zoeken met opgaven van andere partijen in de gemeente. Zo hebben we periodiek overleg met de woningcorporaties om mee te denken over wat zij voor maatregelen kunnen nemen op het gebied van klimaatadaptatie bij grootschalige renovatie en nieuwbouw. Vanuit de (afval)waterketen hebben we ook één op één overleg met de waterschappen in ons gebied en sluiten we met hen waterakkoorden onder andere over de afnameverplichting. Naast het afvalwaterteam-zuid met WDOD zijn we ook agendalid van het afvalwaterteam Zutphen.

www.deventer.nl

4.5 Samenwerking met inwoners en bedrijven Een groot deel van het gemeentelijke gebied is niet in handen van de overheid. Daarom is klimaatadaptatie, waaronder het tegengaan van wateroverlast, een gezamenlijke verantwoordelijkheid van burgers, bedrijven, gemeente en waterschappen. De overheden kunnen niet alles oplossen. Perceeleigenaren hebben een belangrijke rol in de verwerking van hemelwater dat op hun eigen terrein valt. Dat is ook wettelijk onderkend door de eigen verantwoordelijkheid die in de Waterwet (artikel 3.5 en 3.6) is opgenomen. Uitgangspunt is dat de perceeleigenaar de neerslag die op zijn perceel valt, zelf verwerkt. Als dat redelijkerwijs niet kan, zijn wij als gemeente aan zet. Wij kunnen veel regelen en sturen in het functioneren van de riolering, maar we kunnen niet alles zelf uitvoeren. Inwoners en bedrijven hebben ook een belangrijke invloed op het functioneren. Wij willen zo min mogelijk extra regels en verplichtingen aan inwoners en bedrijven opleggen, maar willen wel dat zij bijdragen aan het goed laten functioneren van de riolering.

Wij streven naar goede publieke dienstverlening en een ruime klanttevredenheid. Dat doen we door:  het beheer van de riolering professioneel in te richten en uit te voeren;  te zorgen voor goede bereikbaarheid en adequate afhandeling van meldingen;  groot onderhoud en vervanging van riolering integraal af te stemmen met andere producten uit de leefomgeving;   op kosten efficiënte manier om te gaan met klein-, cyclisch- en calamiteitenonderhoud;  transparant inzicht te geven in de (prognose) rioolheffing en onderliggende kosten.

Wij verwachten: 1. dat inwoners en bedrijven het riool, de IBA’s en septic tanks verstandig gebruiken; 2. dat rioolaansluitingen zorgvuldig worden aangelegd en onderhouden; 3. dat inwoners en bedrijven hemelwater zelf opvangen en bergen en verwerken als dat redelijkerwijs mogelijk is; 4. dat hinder (water-op-straat) vaker, binnen marges, wordt geaccepteerd; 5. dat inwoners en bedrijven bij grondwateroverlast controleren of hun woning of bedrijf voldoende waterdicht is.

30

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

Ons doel is dat in 2050 20% van het hemelwater afstromend van bestaande particuliere verharde oppervlakken is afgekoppeld van het gemengde riool (zie ook hoofdstuk 3). We zoeken daarom actief de samenwerking met bewoners, bedrijven en partijen. Ongeveer 60% van de oppervlakte van onze gemeente is particulier bezit. De afgelopen jaren zijn verschillende bijeenkomsten georganiseerd. Daarbij is het prachtig om te merken dat er onder bewoners en partijen veel bereidheid is om hun steentje bij te dragen. De komende jaren is het belangrijk om deze gesprekken te blijven voeren. Voor nieuwe particuliere oppervlakken geldt de verplichting om 20 mm hemelwater te bergen in een infiltratievoorziening, zonder dat dit tot afstroming leidt naar de openbare ruimte. Het overtollige water (wanneer meer dan 20 mm neerslag valt) mag bovengronds op de perceelsgrens worden afgevoerd naar de openbare ruimte. Hiervan kan onder voorwaarden worden afgeweken, bijvoorbeeld als de bodem ter plaatse niet geschikt is voor infiltratie. De verplichting is in 2021 vastgelegd in een hemelwaterverordening. Voor die tijd is deze verplichting ook in enkele bestemmingsplannen, anterieure overeenkomsten en koopovereenkomsten vastgelegd.

Afbeelding: Aanleg groenen daken door bewoners van de Hoven.

www.deventer.nl

Programmadeel

Foto: Aanleg persleiding in buitengebied.

31

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

5. Wat hebben we nu?

5.1 Areaal Voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater in de bebouwde kom maken we gebruik van vrijvervalriolering. In het buitengebied zamelen we afvalwater in met pompunits, die het afvalwater via drukriolering verder transporteren. Op sommige locaties zijn systemen aangelegd voor individuele behandeling van afvalwater (IBA). Deze zijn niet in beheer bij de gemeente zelf. Object

Aantal

Object

Aantal

Vrijvervalriolering

521 km

Drukriolering

236 km

waarvan gemengd

62 %

Pompunits

704 stuks

waarvan gescheiden

38 % Rioolgemalen

72 stuks

Tunnelgemalen

13 stuks

Inspectieputten

11.164 stuks

Overstortputten

100 stuks

Externe overstort gemengd

54 stuks

Hemelwateruitlaat

94 stuks

Ontvangstput (van druk- of

61 stuks

Opvoergemalen drukriolering

11 stuks

Persleiding

42 km

Drainage

13 km

persleiding) Kolken Bergbezinkvoorzieningen

55.402 stuks 10 stuks

Infiltratiekratten

227 m

IT-riolen

40 km

Wadi’s

± 135 stuks

In Figuur 5-1 is te zien dat er tegenwoordig veel minder gemengde riolering wordt aangelegd dan vroeger. Ook zien we dat er steeds meer IT-riolen worden aangelegd..

Figuur 5-1: Overzicht areaal in beheer bij Gemeente Deventer.

32

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

Rioolwaterzuiveringen (RWZI’s) Het afvalwater wordt in de huidige situatie grotendeels getransporteerd naar de RWZI Deventer die wordt beheerd door het waterschap Drents Overijsselse Delta. Het afvalwater van de kernen Bathmen, Loo, Looermark en Okkenbroek wordt afgevoerd naar de RWZI Holten (waterschap Rijn en IJssel). Het afvalwater van de wijk De Hoven wordt afgevoerd naar de RWZI Terwolde (waterschap Vallei en Veluwe).

5.2 Kwaliteit objecten De afgelopen 10 jaar zijn 95% van de riolen (met aanlegjaar vóór 1990) geïnspecteerd. De gemeente Deventer heeft op basis van deze en eerdere inspecties voldoende inzicht in de toestand van de vrijvervalriolen, met uitzondering van riolen die korter dan 30 jaar geleden zijn aangelegd. De verwachting is dat deze riolering nog in voldoende goede staat is.

Figuur 5-2: Kaart gemeente Deventer met type stelsel (gemengd, gescheiden of pers- en drukriolering in het buitengebied).

Buitengebied In het buitengebied ligt 236 km drukriolering met 703 pompunits. Verder zijn er circa 98 systemen voor de individuele behandeling van afvalwater (IBA), maar deze zijn niet in beheer van de gemeente. Overstorten/randvoorzieningen In Deventer zijn 54 overstorten van het gemengde rioolstelsel aanwezig. Een overzicht van de overstorten is opgenomen in Bijlage 5. Tien overstorten hebben een bergbezinkvoorziening die bij zware buien regenwater kan bufferen en slib kan afvangen. Gemalen De gemeente Deventer heeft 72 rioolgemalen, 13 tunnelgemalen en 11 opvoergemalen met circa 42 km persleiding in beheer om het afvalwater af te voeren.

33

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

In 2013 heeft een expertteam binnen het samenwerkingsverband RIVUS gekeken naar een methode om een meer realistische inschatting te maken van de technische restlevensduur van riolering. Dit team is ook nagegaan bij welk type schade groot onderhoud of extra monitoring nodig is. Dat is vooral bij aantasting, waterdiepte (=verzakking), breuken en infiltratie het geval. Bij schades maken we onderscheid tussen waarschuwingsmaatstaven en onderzoeks-/ ingrijpmaatstaven. Bij waarschuwingsmaatstaven gaat het om lichte schades. Bij onderzoeks-/ ingrijpmaatstaven gaat het om grotere schades waarbij moet worden gekeken of maatregelen nodig zijn.

RIVUS-methodiek risico gestuurd beheer Het expertteam heeft een werkwijze ontwikkeld, waarmee de grens van de technische levensduur wordt opgezocht. Daarbij wordt rekening gehouden met de functie van het riool en die van de directe omgeving. Bijvoorbeeld: een belangrijk riool onder een doorgaande weg valt onder een hoog risico. Bezwijken van het riool/weg mag niet voorkomen, omdat de gevolgkosten hoog zijn. Bij een geringe gevolgschade wordt het sporadisch bezwijken van riool of de weg geaccepteerd. RIVUS-methodiek risico gestuurd beheer Het expertteam heeft een werkwijze ontwikkeld, waarmee de grens van de technische levensduur wordt opgezocht. Daarbij wordt rekening gehouden met de functie van het riool en die van de directe omgeving. Bijvoorbeeld: een belangrijk riool onder een doorgaande weg valt onder een hoog risico. Bezwijken van het riool/weg mag niet voorkomen, omdat de gevolgkosten hoog zijn. Bij een geringe gevolgschade wordt het sporadisch bezwijken van riool of de weg geaccepteerd.

www.deventer.nl

Figuur 5-3 toont de inspectieresultaten van de afgelopen 11 jaar. Figuur 5-4 toont de inspectieresultaten met waarschuwings- en ingrijpmaatstaven per toestandsgroep (afstroming, stabiliteit en waterdichtheid).

Figuur 5-3 Inspectieresultaten meest recente inspectie van alle vrijvervalriolen

5.3 Beheer van voorzieningen In 2021 stelt de gemeente het rioleringsbeheerplan op. Hierin wordt ingegaan op zaken als: dagelijks beheer van riolen, gemalen, kolken, goten; inspectie en reiniging; gemalenbeheer; gegevensbeheer: vaste gegevens, procesgegevens, storingsregistratie, revisieverwerking, klachten en meldingen; toetsen foutaansluitingen; reparatie, vervanging en relining. Het rioleringsbeheerplan beschrijft de huidige systematiek van beheren en gaat in op mogelijke verbeteringen om het beheer efficiënter en effectiever uit te voeren en om de kwetsbaarheid te verminderen. Daarnaast wordt ingegaan op risicogestuurd beheer. Er is nog onvoldoende inzicht op het areaal en beheer van de infiltratievoorzieningen.

5.3.1 Gemalen In het rioolstelsel van Deventer, Schalkhaar, Diepenveen, Bathmen en Lettele bevinden zich 72 rioolgemalen die het huishoudelijk en industrieel afvalwater opvoeren en uiteindelijk afvoeren naar de rioolwaterzuiveringen in Deventer, Holten en Terwolde. Een deel van de gemalen is voorzien van Real Time Control (RTC). Dit is bedoeld om de gemalen onderling optimaal te laten functioneren, zodat het aantal riooloverstorten minimaal is. Verder heeft Deventer 13 tunnelgemalen, 11 opvoergemalen en 10 pompinstallaties van bergbezinkbassins. In totaal voert de gemeente daarmee het beheer over circa 100 grote pomptechnische installaties. Afstroming

Stabiliteit

Waterdichtheid

Figuur 5-4 Inspectieresultaten vrijvervalriolering per toestandsaspect 2010-2021.

34

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

Onderhoudsstrategie De gemalen worden periodiek preventief onderhouden om de bedrijfszekerheid te waarborgen. De gemeente heeft dit onderhoud uitbesteed aan bedrijven die gespecialiseerd zijn in elektrotechniek en pomptechnische installaties. Daarnaast worden de gemalen periodiek geïnspecteerd. Aan de hand van rapportages die daardoor beschikbaar komen, neemt Deventer gerichte acties om de continuïteit van het afvalwatertransport te waarborgen.

www.deventer.nl

Voor het correctieve (storings-)onderhoud, zet de gemeente in dagsituatie medewerkers in van het Groenbedrijf . Deze dienst voert relatief kleine reparaties of werkzaamheden zelf uit. Naast het preventieve en correctieve onderhoud blijft aandacht nodig voor het landelijk voorkomende probleem van vezelmaterialen zoals schoonmaakdoekjes in het rioolwater. Deze stoffen zijn de grootste oorzaak van storingen: pompen raken verstopt en lopen vast. HGB kan niet alle pompen lichten en schoonmaken, waardoor dergelijke storingen vaak worden opgeschaald naar specifieke bedrijven.

Ideaalcomplex voor groot onderhoud Voor de financiering van de mechanisch-elektrische onderdelen van de gemalen gebruiken we een ideaalcomplex. Dit houdt in dat de groot onderhoudsopgave geheel in de exploitatie is ondergebracht, waarbij jaarlijks hetzelfde budget beschikbaar is (€ 500.000-). Het onderscheid tussen grootonderhoud en vervanging is vaak lastig te maken. Deventer ziet het vervangen van onderdelen van een gemaal (bijvoorbeeld de pompen) als groot onderhoud. Het plaatsen van een compleet nieuwe voorziening wordt geclassificeerd als vervanging. Telemetrie De gemalen van de gemeente Deventer kunnen op afstand communiceren en bediend worden, omdat ze zijn uitgerust met een realtime-verbinding op basis van GPRS. Dit systeem wordt extern professioneel gehost (fysieke locatie van de servers). Daarmee is de bedrijfszekerheid van het telemetriesysteem op een kwalitatief hoogwaardig en betrouwbaar niveau gebracht. Voor een aantal gemalen wordt samen met het waterschap door middel van jaarrapporten de werking jaarlijks geanalyseerd. In RIVUS-verband zal worden onderzocht, of dit moet worden uitgebreid om de samenhang van het functioneren beter inzichtelijk te krijgen. Met dit inzicht kunnen besluiten worden genomen die ten goede komen aan waterkwaliteit, energievermindering en risicovermindering beheer en vervangingsinvesteringen

5.3.2 Overstorten Binnen de gemeente hebben we 54 externe overstorten. De eigenschappen van deze overstorten zijn opgenomen in Systeemkennis (uniform overzicht per stroomgebied) en worden jaarlijks afgestemd met het waterschap. In het stelsel zijn ook 10 bergbezinkbassins opgenomen om de vuiluitworp bij overstorten te verminderen (7 in Deventer, 2 in Bathmen en 1 in Schalkhaar). Veel overstorten worden actief gemonitord. De gegevens van de overstortmetingen worden jaarlijks bestudeerd en besproken met het waterschap. De meetgegevens bieden een goede basis om eventuele onderzoeksvragen op te stellen. Figuur 5-5: Onderhoudschema gemalen.

Daarnaast hebben we samen met het waterschap de wens om de riolering optimaal te laten functioneren. Met behulp van regeling (telemetrie, RTC), zijn we in staat om het aantal overstorten en de hoeveelheid overstortend water te minimaliseren. Dit levert een verbetering op van de waterkwaliteit. De gemeente en het waterschap zien daarnaast verdere kansen door het sturen van rioolgemalen en buffering in het stelsel.

35

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

5.3.3 Pompinstallaties van drukriolering

5.4 Functioneren objecten

Het onderhoud van de pompinstallaties van drukriolering is door de gemeente uitbesteed aan gespecialiseerde bedrijven. In 2015 is gestart met de grootschalige uitrol van slimme meters voor elektriciteit. Nederlandse netbeheerders worden verplicht om de komende jaren aan alle aansluitingen slimme energiemeters aan te bieden. Die operatie is in 2020 voltooid. De slimme meters hebben voordelen voor energieleveranciers maar ook voor aangeslotenen, zoals een gedetailleerd inzicht in het verbruik. De gemeente wil deze mogelijkheid gebruiken om haar drukrioolgemalen beter op afstand te monitoren. Door het energieverbruik per tijdseenheid te koppelen aan de perceelsomvang en het huishouden, is eenvoudig na te gaan of bijvoorbeeld illegaal hemelwaterafvoer of bedrijfsafvalwater wordt geloosd op de drukriolering. Het voorkómen van dit soort lozingen leidt tot aantrekkelijke besparingen. Ook afwijkingen in het energieverbruik worden verklaarbaar: sommige drukrioolgemalen schakelen nooit in of hebben ongebruikelijk veel draaiuren als gevolg van een defect in de besturing. Er ontstaat kortom inzicht in het energiegebruik op ieder moment van de dag. Dat geeft grip op het energieverbruik en maakt het mogelijk om systematisch en structureel foutieve aansluitingen en defecten te lokaliseren en te verhelpen.

5.3.4 Persleidingen Persleidingen in het rioolstelsel transporteren afvalwater onder druk vanaf een gemaal naar een lozingspunt. De gemeente heeft ca. 42 km persleiding

36

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

Foto: Drukrioolgemaal.

De gemeente heeft inzicht in het functioneren van het rioolstelsel door berekeningen en door te meten en te monitoren. Deventer heeft in 2018 alle kernen binnen de gemeente hydraulisch en milieutechnisch doorgerekend. Volgens de berekeningen kan in een aantal gebieden bij een bui die zich statistisch eens per jaar voordoet (bui 06 uit de Kennisbank Stedelijk Water) water op straat blijven staan. De gemeente vindt dit voor bestaand stedelijk gebied acceptabel. Sinds ongeveer 2000 is die norm voor nieuwbouwgebieden en bij reconstructies opgetrokken naar eens per twee jaar.

Hydraulische berekeningen Het theoretisch hydraulisch functioneren van een rioolstelsel wordt getoetst met een hydraulisch model. Plekken waar volgens de berekening water op straat kan blijven staan, kunnen in de praktijk niet bekend zijn of niet optreden. Enerzijds hoeft water-opstraat geen probleem te veroorzaken door bijvoorbeeld afstroming naar lagere groene delen en andersom kan er wel water op straat zijn zonder dat dit uit de berekeningen blijkt. Anderzijds kunnen er uitgangspunten en in de opzet van de modellering aannames gehanteerd zijn die niet kloppen. Daarom is het van belang dat vaste gegevens in het beheerbestand zijn opgenomen en juist zijn. Om het functioneren van rioolsystemen goed in kaart te brengen, moeten meldingen van water-op-straat, monitoring (praktijk) en berekeningen (theorie) worden gebruikt. Dit geldt voor gemengde systemen en voor hemelwatersystemen.

Door de onzekerheden in beheerbestanden en de wijze waarop neerslag van verharde oppervlakken afstroomt naar de riolering zijn er altijd verschillen tussen de resultaten van rekenmodellen en de werkelijkheid. Gevolg hiervan is dat niet altijd precies bepaald kan worden waar de oorzaken voor wateroverlast liggen en wat de oplossingen daarvoor zijn. Daarom is het noodzakelijk de modelstudies uit te breiden met meten aan (het functioneren van) de riolering. De belangrijkste doelstelling voor het meten en monitoren is het werkelijk functioneren van de riolering goed in beeld te krijgen, zodat eventuele investeringen in de riolering doelmatig kunnen worden ingezet. Het meet- en monitoringsonderzoek vindt binnen RIVUS plaats, zodat gemeenten en waterschap van elkaar kunnen leren en de beschikbare kennis maximaal kunnen inzetten.

www.deventer.nl

Hemelwatersystemen In Deventer is een deel van de riolering als gescheiden systeem aangelegd. Daarbij wordt huishoudelijk afvalwater gescheiden van hemelwater ingezameld en afgevoerd. In de gemeente wordt onderscheid gemaakt tussen hemelwater(HWA)-stelsels die ook een drainerende werking hebben, stelsels die een infiltrerende werking hebben en stelsels die alleen voor afvoer van hemelwater naar oppervlaktewater verzorgen. In Deventer bevinden zich 94 hemelwateruitlaten van gescheiden en verbeterd gescheiden stelsels. Het functioneren van de hemelwaterstelsels is meegenomen in het basisrioleringsplan. Praktijklocaties met wateroverlast zijn bekend. Gemeente Deventer beheert ook infiltratievoorzieningen, 227 m aan permeoblokken, infiltratieriolen (± 40 km) en Wadi’s (± 135 stuks). Ook zijn er een onbekend aantal infiltratiekratten en waterbergende funderingen van wegen.

5.5 Grondwatervoorzieningen De gemeente Deventer beschikt over een systematisch grondwatermeetnet met 53 peilbuizen. De loggers in deze peilbuizen kunnen op afstand automatisch worden uitgelezen via een webportal. Uit deze metingen blijkt dat er in stedelijk gebied geen problemen zijn met te hoge grondwaterstanden. Verder is ook in totaal 13 km aan drainage aangelegd in de gemeente. Voor de drinkwaterwinning in Deventer en Diepenveen bestaat de bescherming uit een zogenaamde boringsvrije zone. Dat is een beschermingsgebied waar het risico klein is dat het drinkwater vanaf het maaiveld vervuild raakt. Binnen de boringsvrije zone ligt vrijwel alleen gemengde riolering. Dit betekent dat in de weg één buis ligt waarin zowel het vuilwater als het regenwater wordt afgevoerd. Bij hevige neerslag treden de uitlaten/overstorten in werking en stroomt rioolwater in het oppervlaktewater. In Schalkhaar is ook een grondwaterbeschermingsgebied voor drinkwaterwinning aangewezen. Voor dit intrekgebied is onderzoek uitgevoerd waaruit blijkt dat regulier beheer van de riolering voldoet. In het buitengebied is een groot deel van de woningen voor de afvoer van vuilwater aangesloten op de drukriolering en het resterende deel heeft over het algemeen een IBA. Het beheer van de riolering in Deventer is voor het hele beheergebied gelijk ingericht.

Er wordt derhalve geen onderscheid gemaakt in het beheer van de riolering in het grondwaterbeschermingsgebied, het intrekgebied, de boringsvrije zone en de rest van de gemeente. De vrijvervalriolering wordt met

37

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

Afbeelding: begrenzing drinkwaterwingebieden.

dezelfde frequentie geïnspecteerd als buiten het grondwaterbeschermingsgebied. Indien nodig wordt het riool op basis van schadebeelden vervangen of gerelined met een kunststof kous van binnenuit. Eventuele lekkage kan met beide methoden worden opgelost. Overigens heeft onderzoek laten zien dat lekkage vanuit riolering maar zeer beperkt van invloed is op de kwaliteit van het grondwater. In de onverzadigde zone in de bodem worden afvalwatercomponenten gebonden en biologisch afgebroken. Deze onverzadigde zone kan zo extra bescherming geven en daarmee een waterwinning minder kwetsbaar maken.

5.6 Meldingensysteem De gemeente heeft een meldpunt openbare ruimte. Hier kunnen inwoners gebreken in de openbare ruimte, zoals bijvoorbeeld wegverzakkingen, melden. Deze meldingen kunnen aanleiding geven tot directe deelreparaties van de riolering.

www.deventer.nl

6. De opgave

6.1 Aanleg Voor werkzaamheden in/aan de openbare ruimte heeft de gemeente het Programma Van Eisen openbare ruimte opgesteld (zie https://pveopenbareruimte.deventer.nl/) . Beleid voor nieuwbouwlocaties is vastgelegd in het Klimaatadaptatieprogramma en dit GRP. We waken ervoor dat nieuwbouwlocaties wateroverlast veroorzaken in het eigen of omliggend gebied. Het bestemmingsplan en een hemelwaterverordening moet dit juridisch borgen (vanaf 2022 het omgevingsplan). Stedelijk afvalwater en hemelwater worden gescheiden gehouden. Het stedelijk afvalwater wordt via het rioolstelsel afgevoerd naar de zuivering.

Voor hemelwater geldt het volgende:  Particulier terrein • Op particulier terrein moet 20 mm geborgen kunnen worden, zonder dat dit tot afstroming leidt naar de openbare ruimte.  Openbaar gebied • Basis om wateroverlast te voorkomen zijn twee extreme toetsbuien. Bij deze buien mag water op straat staan, maar mag geen schade aan en in gebouwen ontstaan: - Een 1 uurs neerslaggebeurtenis die zich 1x per 100 jaar voordoet (maatgevend voor riolering en hemelwatersystemen), waarbij 64 mm regenwater in één uur valt. - Een 48 uurs neerslaggebeurtenis die zich 1x per 100 jaar voordoet (overeenkomend met norm WDOD en WRIJ, maatgevend voor oppervlaktewatersystemen), waarbij 119 mm regenwater in 48 uur valt. • Aanvullend mag een neerslaggebeurtenis die zich eenmaal per 2 jaar voordoet juist niet leiden tot water op straat. Het gaat hier om een bui van 22 mm in een uur. Deze moet geheel in een regenwatervoorziening geborgen kunnen worden. Het is altijd mogelijk dat er een nog extremere neerslag gebeurtenis voorkomt. Om daarop te ontwerpen gaat de zorgplicht te boven. Bij dit alles blijft het belangrijk om projecten integraal te bekijken. Als het in een gebied doelmatiger is om te infiltreren in de openbare ruimte i.p.v. op particulier terrein óf om het regenwater naar oppervlaktewater af te voeren in plaats van te infiltreren, dan kan van de norm worden afgeweken.

Belangrijk daarbij is dat het alternatieve plan bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit en aan de doelen voor voorkomen van wateroverlast en droogte. Het is daarmee bespreekbaar dat een private partij het regenwater onder voorwaarden mag afwentelen op de openbare ruimte. Hierbij is het belangrijk dat, vanuit de

38

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

gemeente en het waterschap bezien, het alternatief geen nadelen maar voordelen oplevert. Bij nieuwbouw worden de extra kosten die dan gemaakt moeten worden in de openbare ruimte vastgelegd in een anterieure overeenkomst. Het kan gebeuren dat stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater onbedoeld met elkaar vermengd raken. Dit is niet wenselijk, omdat in dergelijke gevallen bijvoorbeeld huishoudelijk afvalwater rechtstreeks naar het oppervlaktewater wordt afgevoerd. Andersom is het ook niet wenselijk als schoon regenwater of grondwater op een vuilwaterstelsel afvoert (en daarmee een extra belasting geeft op de RWZI). Daarom hebben we bij aanleg en beheer van riolering specifiek aandacht voor dit soort foutieve aansluitingen. In de openbare ruimte wordt rekening gehouden met hevigere buien, door hemelwater op te vangen en over het oppervlak naar een geschikte plek te laten afstromen. Daarnaast wordt bij de ruimtelijke inrichting aangesloten op de meerlaagse veiligheid systematiek van het waterschap. Een praktisch voorbeeld hiervan is de inrichtingshoogte achter de kering De verwerking van hemelwater kan bijdragen aan het verminderen van droogte en hittestress. Voor droogte geldt het volgende:

Voorkeursvolgorde voor infiltreren hemelwater: Bovengronds naar groen Bovengronds naar bovengrondse infiltratievoorziening Naar ondergrondse infiltratievoorziening Naar oppervlaktewater

Op gebied van Energietransitie en Circulariteit zijn er nog geen aanlegeisen geformuleerd.

39

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

Foto: Natuurlijk infiltratieveld Chris Lebeaustraat.

www.deventer.nl

6.2 Onderzoek We voeren onderzoeken uit om beter inzicht te krijgen in de (afval)waterketen. In onderstaande tabel is een overzicht van de onderzoeken die we komende planperiode willen uitvoeren. Het budget voor deze onderzoeken is opgenomen in de exploitatie (€ 60.000,- per jaar). Uit deze onderzoeken kunnen maatregelen en kosten komen die nog niet voorzien zijn. Onderzoek 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13

40

Werkwijze risicogestuurd beheer Optimaliseren beheer infiltratievoorzieningen Meten en monitoren overstorten Onderzoek Foutaansluitingen Vijfhoek Onderzoek VGS woonwijken naar VGS 2.0 of gescheiden Optimaliseren VTH-trajecten Optimalisatiestudie Afvalwatersysteem (OAS) Actualiseren Basisrioleringsplan (BRP / SSW) Rioleringsgegevens integreren op GWSW-server IBA’s inventariseren Onderzoek persleidingen, afsluiters en ontluchtingsputten Onderzoek personele bezetting Actualiseren GRP Tabel 6-1 Gepland onderzoek

Foto: Waterpasserende verharding Lamme van Dieseplein.

1. Werkwijze risicogestuurd beheer De werkwijze zoals bedacht in RIVUS-verband zal de komende tijd geïmplementeerd worden voor de vrij vervalriolering, persleidingen en drukriolering.

3. Meten en monitoren overstorten Met het meten en monitoren van overstorten wordt onderzocht of de overstorten naar behoren functioneren.

2. Optimaliseren beheer infiltratievoorzieningen We gaan nader inventariseren welke infiltratievoorzieningen waar zijn aangelegd, zodat we een compleet beeld krijgen. Daarnaast wordt het proces van revisieverwerking geoptimaliseerd, zodat ook nieuwe infiltratievoorzieningen bij oplevering van projecten in de beheersystemen worden opgenomen. Vervolgens zal voor de infiltratievoorzieningen het benodigde beheer vastgelegd worden in het rioleringsbeheerplan.

4. Onderzoek foutaansluitingen Vijfhoek Met name in de Vijfhoek zijn relatief veel foutaansluitingen aanwezig. Tijdens langdurige regenval en hoge temperaturen kan dit leiden tot zuurstofarm oppervlaktewater. Dit heeft in 2021 geleid tot stankklachten en vissterfte. We gaan de foutaansluitingen opsporen en waar mogelijk herstellen. Tot die tijd is het VGS 2.0 regime in de Vijfhoek zodanig aangepast, dat bij te verwachten heftige regenbuien het hemelwater alsnog wordt afgepompt naar het DWA-stelsel.

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

5. Onderzoek VGS woonwijken naar VGS 2.0 of gescheiden In een aantal woonwijken is in het verleden een Verbeterd Gescheiden Stelsel (VGS) aangelegd. Deels zijn deze al omgebouwd naar een VGS 2.0, waarbij veel minder hemelwater wordt afgevoerd naar de RWZI. We gaan onderzoeken of de we de woonwijken waar nu nog een VGS ligt naar een VGS 2.0 om gaan bouwen of naar een ’gewoon’ gescheiden stelsel. Dit laatste heeft de voorkeur, omdat het hemelwater afstromend van verharde oppervlakken in woonwijken schoon genoeg is om ter plaatste te infiltreren in de bodem of waar nodig naar oppervlaktewater af te voeren. Daarbij kijken we ook of het bij de woonwijken met een VGS 2.0 doelmatig is om over te gaan naar een ’gewoon’ gescheiden stelsel. 6. Optimaliseren Vergunning-Toezicht-Handhaving--traject (VTH) In sommige gevallen is een vergunning nodig, bijvoorbeeld bij tijdelijke lozingen op het riool. In deze trajecten is, naast het afhandelen van de vergunning, ook toezicht en handhaving nodig. De vergunningverlening voor lozen op riool loopt via de OmgevingsDienst IJsseland (ODIJ). Daarbij wordt door de ODIJ advies gevraagd aan de rioolbeheerder. Lozen op het oppervlaktewater gaat via het waterschap. Bij illegale lozingen is echter onduidelijk wie verantwoordelijk is voor handhaving. Dit wordt uitgezocht en vastgelegd. 7.

Optimalisatiestudie afvalwatersysteem (OAS) In 2022 wordt een optimalisatiestudie afvalwatersystee uitgevoerd door de gemeente en waterschap Drents Overijsselse Delta. 8. Actualiseren Basisrioleringsplan (BRP) In 2018 is het hele stelsel van Deventer doorgerekend. We zorgen ervoor dat het model up-to-date is, zodat we nieuwe berekeningen snel kunnen uitvoeren. In principe rekenen we elke vijf jaar het hele stelsel opnieuw door (2023). 9. Rioleringsgegevens integreren op GWSW-server Het Gegevenswoordenboek Stedelijk Water (GWSW) is een open standaard voor het eenduidig uitwisselen en ontsluiten van gegevens in het stedelijk waterbeheer. In het beheer van stedelijk water en riolering worden gegevens (data) steeds belangrijker, mede vanwege het in toenemende mate samenwerken rond, meten aan en sturen van (afval)watersystemen. Het GWSW is een verplichte open standaard. De invoering wordt in RIVUS-verband opgepakt.

10. IBA’s inventariseren We hebben een redelijk beeld van waar in ons beheergebied IBA’s (of vergelijkbaar) liggen. We weten echter niet of deze naar de bodem lozen of naar oppervlaktewater. Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor bodemlozingen en dus willen we inzicht krijgen in waar de IBA’s liggen met een bodemlozing. Vervolgens moeten afspraken worden gemaakt hoe hierop te handhaven. 11. Onderzoek persleidingen afsluiters en ontluchtingsputten Het is momenteel onduidelijk wat de staat is van deze onderdelen van de pers- en drukriolering. Dit onderzoek moet uitwijzen wanneer deze onderdelen vervangen of gerepareerd moeten worden. 12. Onderzoek personele bezetting We hebben momenteel een minimale personele bezetting (zie paragraaf 7.1). Middels dit onderzoek zoeken we uit in hoeverre het nodig is de personele bezetting uit te breiden. 13. Actualiseren GRP Onder de Omgevingswet is het GRP geen verplicht plan meer. Maar we vinden het wel belangrijk om een GRP te hebben voor de afstemming van beleid en om de rioolheffing goed te kunnen onderbouwen. In 2026 starten we met de actualisatie van dit GRP.

Foto aanleg persleiding in het buitengebied.

41

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

6.3 Maatregelen We voeren maatregelen uit om de staat en/of het functioneren van de riolering en andere voorzieningen in stand te houden of te verbeteren. We streven ernaar om dit zo integraal mogelijk op te pakken, door dergelijke maatregelen mee te nemen in ons Meerjarenonderhoudsprogramma (MJOP). Een concreet voorbeeld van een dergelijke uitwerking is de buurtgerichte aanpak, waarbij het doel gesteld wordt om bij groot onderhoud het gebied klimaatbestendig te maken. Dit kan door zoveel mogelijk af te koppelen en te bergen. Waar nodig wordt riolering vervangen. We houden rekening met extra kosten als gevolg van de behandeling van asbesthoudende voegen. We houden ook rekening met subsidies. Oplossen knelpunten uit BRP Uit de berekeningen in het BRP komen kleinere en grotere knelpunten naar voren. Bij de grotere knelpunten is er volgens de berekeningen bij een bui die statistisch één keer in de 10 jaar voorkomt kans op overlast en schade aan gebouwen. Het beleid is gericht op voorkomen van deze overlast en schade tot en met een bui die statistisch één keer in de 100 jaar voorkomt. Er zijn daarom maatregelen nodig. Knelpunten die tot en met 2030 op initiatief van riolering aangepakt worden, zijn: 1. Voorstad: Omgeving Bierstraat; 2. Voorstad: Kolkweg; 3. Voorstad: ten noorden van station (Manegestraat e.o.); 4. Handelspark de Weteringen; 5. Lebuïnuslaan/Margijnenenk; 6.

Looweg, Bathmen (probleem nader verkennen); 7. Gotlandstraat; 8. Teugseweg; 9. Larenseweg, Bathmen (probleem nader verkennen).

Foto: relining overstortriool Graaf van Burenstraat.

Afbeelding Berekende water op straat bij bui T=100.

42

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

Voor deze knelpunten geld dat vooralsnog andere disciplines geen grote opgaven hebben in de openbare ruimte in die gebieden. Daarnaast zijn er 9 knelpunten die wel mee kunnen liften met andere opgaves.

Maatregel

2023

2024

2025

2026

€ 530.000,-

€ 530.000,-

€ 530.000,-

€ 530.000,-

1

De aanpak van deze knelpunten is ook opgenomen in het Klimaatadaptatieprogramma (KAP), maar wordt gefinancierd via het GRP. Alle maatregelen die genomen worden om de knelpunten op te lossen krijgen uiteindelijk een plek in het MJOP. Er vindt allereerst een nadere verkenning van het knelpunt plaats en er wordt tevens gekeken naar opgaven en ontwikkelingen nabij de locatie die mogelijk invloed kunnen hebben op het bepalen van een optimale maatregel. Zo komen we tot integrale en doelmatige oplossingen. Op basis van eerste verkenningen is de verwachting dat het aanpakken van deze knelpunten een totale investering vergt van ca. 5,3 miljoen euro. In tabel 6-2 staat een overzicht van de belangrijkste maatregelen die we de komende jaren willen uitvoeren en het jaartal waarin we dat doen. Voor de korte termijn gaan we uit van de planning zoals deze wordt opgenomen in het MJOP-MIND. Voor 2022 is deze al vastgesteld. Voor de jaren 2023 t/m 2026 wordt dat in de volgende versies van het MJOP-MIND vastgesteld. Het gaat hierbij met name om het mee-programmeren met de buurtgerichte aanpak. Op basis van de indicatieve planning in het MJOP-MIND 2021-2024 wordt uitgegaan van een gemiddelde investering van ca. 1 miljoen euro per jaar voor vervanging van de riolering en uitvoeren van klimaatmaatregelen.

6.3.1 Onderhoud en reparatie Om ervoor te zorgen dat de riolering blijft functioneren is soms onderhoud of kleinschalige reparatie nodig. De onderhouds- en reparatiemaatregelen zijn te vinden in het rioleringsbeheerplan.

Buurtaanpak Rivierenwijk Volkerakstraat 2 Buurtaanpak Rivierenwijk Haringvlietweg 3 Buurtaanpak Oranjekwartier Prinses Irenestraat 4 Buurtaanpak Oranjekwartier Prinses Margrietstraat 5 Buurtaanpak Tuindorp Divers 6 Buurtaanpak Zandweerd-N Divers 7 Brederolaan 8 Godebaldpark e.o. Adelboldstraat 9 Godebaldpark e.o. Radboudlaan 10 Roessinkweg 11 Aanpak knelpunten wateroverlast 12 Hanzeweg 13 Gemalen - Bijzondere projecten 14 Rioolgemaal Van Twickelostraat 15 MJOP + Klimaatmaatregelen

2022

€ 63.600,€ 37.800,€ 66.900,€ 83.600,€ 100.000,€ 100.000,€ 76.200,€ 75.000,€ 160.000,€ 133.900,€ 530.000,€ 100.800,€ 100.000,-

€ 300.000,€ 1.000.000,- € 1.000.000,- € 1.000.000,-

€ 1.000.000,-

Tabel 6-2 Meerjareninvesteringsprogramma

43

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

Foto Putrenovatie Duurstedeweg-Dordrechtweg

6.3.2 Renovatie/vervanging/verbetering Voor de korte termijn (komende 5 jaar) sluiten we aan op het MJOP/MIND. Op deze manier maken we werk met werk, waardoor de totale kosten naar verwachting lager zullen uitvallen. We hebben ook lange termijnplanningen voor vrijvervalriolering, gemalen, en pers- en drukleidingen.

Figuur 6-1: Strategische vervangingsplanning vrijvervalriolen

Vrijvervalriolering Voor de periode na 2026 hebben we een strategische vervangingsplanning opgesteld. Deze gaat uit van 75% vervangen en 25% relinen. De vervangingsjaren zijn bepaald op basis van de gegevens uit het beheersysteem, met een maximale levensduur (technische afschrijvingstermijn) van 90 jaar. Voor de kosten van het vervangen/relinen zijn we uitgegaan van de kostenkengetallen van Stichting Rioned. Tot 2050 zijn deze kentallen verhoogd met 30% voor het doorvoeren van klimaatadaptieve maatregelen. Het gemiddelde vervangingsbedrag voor de komende 80 jaar wordt geschat op 4,5 miljoen euro per jaar. De komende 10 jaar is dit nog beduidend lager met een gemiddelde van 1,4 miljoen euro per jaar. Vanaf de jaren 2050 verwachten we grotere vervangingspieken. De bedragen zijn gemiddeld per 10 jaar en weergegeven in Figuur 6-1.

44

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

Figuur 6-2: Strategische vervangingsplanning gemalen

Gemalen Voor gemalen gaan we uit van vervanging van de bouwkundige delen na 80 jaar. De vervangingskosten van de mechanisch-elektrische delen (pompen) worden gedekt via de exploitatie met een bedrag van € 500.000,- per jaar (ideaalcomplex). Voor de kosten van de vervangingsopgave zijn we uitgegaan van de kostenkengetallen van Stichting Rioned. De bedragen zijn gemiddeld per 10 jaar en weergegeven in Figuur 6-2.

Figuur 6-3: Strategische vervangingsplanning vrijvervalriolen

Pers- en drukriolering Voor de pers- en drukriolering gaan we uit van vervanging van de bouwkundige delen na 60 jaar. De vervangingskosten van de mechanisch-elektrische delen (pompen) worden ook gedekt via het exploitatiebedrag van € 500.000,- per jaar. Ook hier zijn we uitgegaan van de kostenkengetallen van Stichting Rioned. De bedragen zijn gemiddeld per 10 jaar weergegeven in Figuur 6-3.

6.4 Overig De samenwerking in de (afval)waterketen wordt steeds intensiever. Gemeenten vinden elkaar vaker onderling en ook het contact met het waterschap neemt toe. Het blijft niet alleen bij contacten, want er worden ook gezamenlijke projecten uitgevoerd om zo beter gebruik te maken van elkaars kennis en ervaring. Naar verwachting zal dit steeds vaker gebeuren. Meten en monitoren In het komende GRP worden de overstort- en gemaalrapportages gecontinueerd. Waar noodzakelijk voor het beheer van de gemalen of het opsporen van rioolvreemd water worden, in overleg met WDOD, extra debietmeters geplaatst.

45

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

7. Middelen en kostendekking

7.1 Personeel Om het geplande werk uit te voeren is voldoende gekwalificeerd personeel nodig. Met behulp van de Kennisbank Stedelijk Water is een globale inschatting gemaakt van de benodigde personele capaciteit voor de komende jaren. Op basis van landelijke kengetallen is berekend hoeveel medewerkers nodig zijn. Elke organisatie is anders, daarom zijn afwijkingen ten opzichte van de landelijke kengetallen mogelijk.

7.1.1 Benodigde personele capaciteit Stichting Rioned is het kennisinstituut voor riolerend Nederland. Alle Nederlandse gemeenten zijn bij Rioned aangesloten. Rioned kent een grote set aan richtlijnen en aanbevelingen rond de rioleringszorg. Een van deze aanbevelingen betreft de personele bezetting van het taakveld riolering en waterhuishouding. Als deze aanbevelingen op Deventer worden toegepast dan zien we dat een minimale bezetting van 5,1 en een maximale bezetting van 24,6 fte noodzakelijk is. De boven- of ondergrens is afhankelijk van de mate waarin de gemeente optreedt als regiegemeente of zaken zelf uitvoert. Samenvatting tijdsbesteding

*175 dagen/jaar

Maximaal uitbesteden

Minimaal uitbesteden

Tijdsbesteding

Tijdsbesteding

dagen

fte*

dagen

fte*

Planvorming, onderzoek en facilitair

404

2,3

900

5,1

Onderhoud

299

1,7

2763

15,8

Maatregelen 195

1,1

650

3,7

Totaal

898

5,1

4313

24,6

Tabel 7.1: Raming personele bezetting (bron: Kennisbank Stedelijk Water; Stichting Rioned)

In deze aanbevelingen is nog geen rekening gehouden met de taken die worden uitgevoerd voor het onderdeel klimaatadaptatie. Aangezien de gemeentelijke coördinatie voor klimaatadaptatie wordt ingevuld via dit taakveld is voor het totaal een extra formatie van ca. 1,5 fte noodzakelijk. Dat zou dus een minimale bezetting geven van 6,6 fte. We zitten dan nog steeds aan de onderkant van hetgeen noodzakelijk is, maar voor nu kunnen we hiermee de werkzaamheden uitvoeren.

46

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

7.1.2 Beschikbare personele capaciteit Momenteel wordt in Deventer 5,8 fte ingezet om de taken uit te voeren. Een deel hiervan bestaat uit inhuur van extra capaciteit (0,6 fte) en inhuur van 0,4 fte op de bestaande formatie. In deze bezetting zitten ook werkzaamheden en taken die samen hangen met klimaatadaptatie. We zitten nu (ook met inhuur) onder de minimale bezetting zoals deze conform de aanbevelingen van stichting Rioned zou moeten liggen.

Functie

Aantal fte Nu

Programmamanager

0,1

0,1

Programmaonderdeelmanager

0,35

0,35

Senior adviseur klimaatadaptatie en riolering en waterhuishouding

1 **

Klimaatmakelaar

Naast bovenstaand feit hebben we ook te maken met een forse groeiambitie van de gemeente. Dit vraagt veel inzet van de adviseurs riolering en waterhuishouding. Deze inzet wordt weliswaar gedekt via de projecten, maar dient wel formatief aanwezig te zijn om aan de vraag te kunnen voldoen. Het is dus raadzaam om de bezetting iets boven het absoluut minimum in te regelen. Voorgesteld wordt dan ook om de ingehuurde functie van 0,6 fte tot 1 fte op te waarderen. Via het Klimaatadaptatieprogramma is aangegeven dat er een klimaatmakelaar aangesteld dient te worden die voor 60% wordt gedekt via dit taakveld en voor 40% via Groen en Duurzaamheid. In tabel 72 geeft dat het volgende overzicht. De dekking van deze 7,2 fte wordt daarmee dus voor 6,6 fte gedekt via de rioolheffing.

7.1.3 Conclusie personele capaciteit Het aantal beschikbare fte ligt momenteel net onder de minimaal benodigde bezetting. Bij maximaal regievoeren wordt uitgegaan van een organisatie die voor een groot deel helemaal daarop is ingericht. In Deventer is dat (nog) niet het geval. Er zijn onderdelen waarbij dat zeker wel het geval is maar er zijn ook onderdelen waar de gemeente veel taken nog zelf doet.

Aantal fte

1 ** 1 ***

Adviseur riolering en waterhuishouding

1 **

1 **

Adviseur riolering en waterhuishouding

0,6 *

1 **

Operationeel beheerder riolering (huisaansluitingen en storingen)

0,5

0,5

Beheerder gemalen

0,6

0,6

Toegevoegd beheerder gemalen

0,6

0,6

Gegevensbeheerder

0,4 ****

0,4

Wijkenbeheerders

0,65

0,65

Totaal

5,8

7,2

*= Ingehuurde capaciteit **= Dekking voor ca. 10% uitprojecten (conservatieve schatting) ***= Dekking voor 40% uit andere programma’s ****= Tijdelijke inhuur binnen de formatie

Tabel 7-2: Overzicht fte per functie

De opwaardering tot 7,2 fte (en dekking van 6,6 fte via de rioolheffing) is een stap om de bezetting op orde te krijgen en de opgaves die er liggen te kunnen realiseren. Binnen de bestaande exploitatiebegroting is ruimte om vanuit de middelen die beschikbaar zijn de 6,6 fte te dekken. Daarnaast is er dan nog wat financiële ruimte om voor klussen extra capaciteit in te huren om de organisatie langzamerhand steeds verder op orde te krijgen om haar rol als regievoerende organisatie in te vullen.

47

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

7.2 Kosten

Posten

7.2.1 Uitgaven en kosten

Kapitaallasten nieuwe

2022

2023

2024

2025

2026

€ 81.000,-

€ 173.000,-

€ 244.000,-

€ 314.000,-

Om een goed beeld te krijgen van de kosten zijn voor de komende 80 jaar de verwachte uitgaven berekend. Alle bedragen zijn gebaseerd op prijspeil 2021 en moeten in de toekomst worden gecorrigeerd voor de dan optredende inflatie.

investeringen* het verleden

€ 2.109.000,-

€ 2.070.000,-

€ 2.022.000,-

€ 1.966.000,-

€ 1.912.000,-

De komende planperiode verwachten we ongeveer 8 miljoen euro per jaar uit te geven aan de rioleringszorg. In tabel 7-3 staat een overzicht van de verwachte investeringsuitgaven voor de komende 5 jaar. In tabel 7-4 is te zien wat de uiteindelijke kosten zijn gedurende de planperiode. Hier zijn de investeringsuitgaven gekapitaliseerd.

Exploitatie

€ 5.863.000,-

€ 5.913.000,-

€ 5.963.000,-

€ 6.013.000,-

€ 6.013.000,-

BTW toerekening

€ 476.000,-

€ 476.000,-

€ 476.000,-

€ 476.000,-

€ 476.000,-

Kosten Totaal

€ 8.448.000,-

€ 8.540.000,-

€ 8.633.000,-

€ 8.699.000,-

€ 8.715.000,-

Nieuwe investeringen Vrijvervalriolering +

2022 € 1.098.000,-

2023 € 1.000.000,-

2024 € 1.000.000,-

2025 € 1.000.000,-

Kapitaallasten uit

2026 € 1.000.000,-

MJOP

* De nieuwe kapitaallasten bestaan uit de gekapitaliseerde investeringskosten voor de vrijvervalriolering, gemalen, pers- en drukleidingen en klimaatadaptatiemaatregelen. Tabel 7-4: Kosten in de planperiode (prijspeil 2021)

Gemalen – BK

€-

€ 300.000,-

€-

€-

€-

Pers- en drukriolering

€ 2.000,-

€-

€-

€-

€ 1.000,-

Aanpak knelpunten

€ 530.000,-

€ 530.000,-

€ 530.000,-

€ 530.000,-

€ 530.000,-

€ 100.000,-

€ 100.000,-

€ 100.000,-

€ 100.000,-

€ 100.000,-

€ 150.000,-

€ 150.000,-

€ 150.000,-

€ 150.000,-

€ 150.000,-

€ 1.880.000,-

€ 2.080.000,-

€ 1.780.000,-

€ 1.780.000,-

€ 1.781.000,-

wateroverlast Verbetermaatregelen riolering Meters maken en meekoppelkansen benutten Uitgaven Totaal

Tabel 7-3: Investeringsuitgaven in de planperiode (prijspeil 2021)

48

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

In Figuur 7-1 is het verwachte uitgavenverloop aangegeven voor de komende 80 jaar voor de investeringen. Figuur 7-2 laat het totale kostenverloop zien voor de komende 80 jaar.

Figuur 7-2 Verwachte verloop investeringsuitgaven voor de komende 80 jaar.

Figuur 7-3 Verwachte kostenverloop voor komende 80 jaar na kapitalisatie van de investeringen.

De financiering van het mechanisch-elektrische deel van de gemalen gaat via de exploitatie en wordt dus niet als investering gezien.

49

Gemeentelijk Rioleringsprogramma Deventer

www.deventer.nl

In de exploitatie is een vast BTW-bedrag opgenomen, dat wordt gecompenseerd door het BTW compensatiefonds (BCF). Hiervoor is de algemene uitkering (gemeentebreed) verlaagd. Ter compensatie wordt een bedrag toegerekend aan het product riolering ter hoogte van € 476.000,-. Verder wordt momenteel geen BTW gerekend op de investeringen. In de komende planperiode onderzoeken we of dit systeem in stand gehouden moet worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11006818/1