Rapport RKC quick-scan Duurzaamheidsbeleid gemeente Den Helder (Def).pdf
Tekst van het document
Quick-scan Duurzaamheidsbeleid gemeente Den Helder
16 AUGUSTUS 2021
Rekenkamercommissie Den Helder
1
Rapport quick-scan Duurzaamheidsbeleid gemeente Den Helder
Colofon Rekenkamercommissie Den Helder M.E. (Marcel) van den Heuvel (voorzitter) S. (Simone) Bremer-Dijkhuis G. (Geert) Mos J.C. (John) Hagens (ambtelijk secretaris) j.hagens@denhelder.nl 2
Conclusies en aanbevelingen Duurzaamheid is een actueel onderwerp dat sterk in beweging is. Gemeenten hebben, mede vanuit het landelijke Klimaatakkoord een regierol in de energietransitie, bij verduurzaming van de gebouwde omgeving en bij klimaatadaptatie. Daarnaast werken gemeenten aan het realiseren van hun eigen duurzaamheidsambities. Dat geldt zeker ook voor de gemeente Den Helder, die lokale duurzaamheidsambities heeft geformuleerd. De Rekenkamercommissie van Den Helder heeft daarom middels een quick-scan onderzocht of het duurzaamheidsbeleid van de gemeente doelmatig en efficiënt is vormgegeven en of de gestelde ambities en doelstellingen binnen bereik zijn. Onder duurzaamheidsbeleid zijn in dit onderzoek de thema’s energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit en duurzame mobiliteit (de Big 5) gerekend. Het onderzoek is uitgevoerd aan de hand van de volgende hoofdvraag en deelvragen:
Hoofdvraag
Hoe succesvol is het duurzaamheidsbeleid van de gemeente Den Helder? Hoe is de uitvoering van het duurzaamheidsbeleid in de gemeente Den Helder inhoudelijk vormgegeven en is deze uitvoering effectief?
Deelvragen
Kaders: Hoe is het duurzaamheidsbeleid inhoudelijk en procesmatig vormgegeven? Zijn de uitgangspunten en jaarlijkse bijstellingen voldoende concreet geformuleerd? Inhoudelijke resultaten: Wat is de stand van zaken van het beleid? Waar staat de gemeente met betrekking tot de realisatie van doelen en ambities? Monitoring: Kent het beleid op onderdelen een model of modellen van monitoring en is dat effectief? Samenwerking: Hoe verloopt de samenwerking tussen gemeente en stakeholders in de gemeente?
Een soortgelijk onderzoek is door het onderzoeksbureau SME uit Utrecht, dat het onderzoek in Den Helder in opdracht van de rekenkamercommissie heeft uitgevoerd, gelijktijdig ook in de gemeente Texel uitgevoerd.
3
Conclusies Uit de Quickscan komt naar voren dat Den Helder geen actueel overkoepelend duurzaamheidsbeleid heeft waarin alle thema’s van de Big 5 (energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, duurzame mobiliteit) aan bod komen. Het duurzaamheidsbeleid van Den Helder is daarmee inhoudelijk onvoldoende goed vormgegeven. De focus van het beleid ligt op de energietransitie. De ambitie van de gemeente ligt op dat thema hoger dan de Nederlandse ambitie: Den Helder wil in 2040 energieneutraal zijn, terwijl het de Nederlandse ambitie is dat in 2050 te bereiken. De ambitie van Den Helder wordt echter door verschillende betrokkenen niet haalbaar geacht en in de praktijk wordt er op bestuurlijk niveau losser mee omgegaan. Dat maakt het voor de ambtelijke organisatie lastig opereren omdat er een gat zit tussen de ambities en de praktijk. Aan de hand van het programma Energieneutraal werkt Den Helder gericht aan de energietransitie. Vooral de toegenomen inspanningen op communicatie en de aanjagende rol van de gemeente worden gezien en gewaardeerd. De eigen doelen worden echter niet behaald. Waar de ambitie van Den Helder hoger ligt dan de landelijke ambitie, blijven de prestaties achter ten opzichte van landelijke ontwikkelingen en ook ten opzichte van de eigen ambitie voor de energietransitie.
Voor de overige thema’s wordt veel gedaan in de praktijk maar beleid is weinig vastgelegd. De thema’s zijn versnipperd qua beleid en uitvoering. Bij het ontbreken van beleid kan niet beoordeeld worden of de uitvoering effectief is. Er is geen overkoepelend beleid en er is evenmin een overkoepelende duurzaamheidsmonitoring in Den Helder. Er zijn geen afspraken vastgelegd met de raad over duurzaamheidsmonitoring voor de thema’s van de Big 5. In de praktijk wordt de raad periodiek over deelthema’s geïnformeerd. Voor de energietransitie gebeurt dat door middel van raadsinformatiebrieven en raadsinformatieavonden. Recent is ook de Strategie Klimaatadaptatie, die in regionaal verband tot stand is gekomen, gepresenteerd en besproken en deze is inmiddels door de raad vastgesteld. Om de afname van CO 2- uitstoot door de gemeentelijke organisatie te monitoren maakt de gemeente Den Helder gebruik van een zeer gedegen instrument, namelijk de CO2 prestatieladder. De resultaten daarvan zijn echter nog niet bij alle raadsleden bekend. Het gefragmenteerde rapporteren heeft als risico dat er arbitraire en suboptimale keuzes voor projecten gemaakt worden. Op deelthema’s werkt de gemeente samen met andere organisaties in de stad.
In de samenwerking met de stakeholders pakt de gemeente niet de regierol en een structurele samenwerkingsstructuur tussen gemeente en stakeholders voor verduurzaming van Den Helder ontbreekt. Een initiatief om een structurele samenwerking voor het thema
4
energietransitie op te zetten is door de gemeente Den Helder ‘on hold’ gezet. De kansen om samenhang te brengen in de verschillende initiatieven van organisaties in de stad worden daardoor niet optimaal benut. Samenwerking met partners en met inwoners in de stad is noodzakelijk om de doelen te bereiken en biedt kansen om het de verduurzaming van Den Helder te versnellen.
Aanbevelingen Op basis van bovenstaande bevindingen en conclusies doet de Rekenkamercommissie Den Helder de volgende vijf aanbevelingen: 1) Maak een duurzaamheidsagenda voor de 5 thema’s klimaatadaptatie, energie, circulaire economie, biodiversiteit en mobiliteit. Ga het gesprek aan over realistische doelstellingen en een routekaart waarin wordt teruggerekend welke ontwikkelingen nu in gang gezet moeten worden om de doelstellingen te bereiken. Vat duurzaamheid daarbij breder op dan de energietransitie, en betrek ook andere thema’s. Ontwikkel een ambitie voor de 5 thema’s mede gerelateerd aan de huidige positie in de landelijke benchmarks. 2) Benoem een coördinerend wethouder duurzaamheid, waarbij duurzaamheid breder wordt opgevat dan de energietransitie. 3) Blaas de raadswerkgroep duurzaamheid nieuw leven in om de kennisdeling tussen de ambtelijke organisatie en de raadsleden te bevorderen en een open gesprek te voeren. 4) Ontwikkel een eenduidig monitoringinstrument, zodat college, raad, ambtenaren en samenleving geïnformeerd kunnen worden en aan de hand waarvan waar nodig bijgestuurd kan worden. Leg afspraken vast tussen raad en college over monitoring van het duurzaamheidsbeleid. 5) Zorg voor structurele samenwerking tussen gemeente en stakeholders. Versterk de betrokkenheid van stakeholders vanuit hun eigen rol en positie.
Specifiek voor energie is het weer activeren van het energieakkoord wenselijk om samen met stakeholders stappen voorwaarts te zetten. Pak als gemeente de regie en kijk waar samenwerking voor versnelling kan zorgen.
Vergelijking Den Helder en Texel Tegelijk met het onderzoek in Den Helder heeft SME heeft een vergelijkbaar onderzoek naar de duurzaamheidsbeleid van de gemeente Texel uitgevoerd. Op basis van de voorlopige bevindingen in Texel kan de volgende vergelijking worden gemaakt tussen Den Helder en Texel. In de tabel op de volgende pagina zijn de landelijke ambities per thema en de ambities van respectievelijk Den Helder en Texel naast elkaar gezet.
5
Thema
Landelijke ambitie
Ambitie Den Helder
Ambitie Texel
Klimaatadaptatie
Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust. 2050: NL volledig circulair; 2020: 75% afvalscheiding en max. 100 kg restafval/inw/jr
In 2050 klimaatbestendig en waterrobuust 2020: 75% afvalscheiding en max. 100 kg restafval/inw/jr; Kansen circulair bouwen onderzoeken; Bevorderen duurzaam ondernemerschap. -
In 2050 klimaatbestendig en waterrobuust Gemeentelijk inkoop en aanbestedingsbeleid circulair maken
Energietransitie
Circulaire economie
2050: Energieneutraal en aardgasloos
Biodiversiteit
Beschermen van bestaande natuur; Natuur in de samenleving; Koppeling met andere maatschappelijke opgaven
Duurzame mobiliteit
2030: voertuigen gemeente emissieloos 2020: gemeentelijk plaatsingsbeleid laadpalen
Vóór 2040 Den Helder 100% energieneutraal
Beste fietsstad van Nederland worden; CO2-uitstoot door vervoer van gemeentepersoneel 1% per jaar reduceren.
Zo snel mogelijk 100% energieneutraal worden
versterking en behoud van ecologische functie
Plaatsing laadpalen bij alle parkeerplaatsen van enige omvang en meerjaren vervangingsplan eigen voertuigen opstellen
Voor zowel Den Helder als voor Texel geldt dat uit het onderzoek blijkt dat de eigen doelstellingen voor verduurzaming niet gehaald worden en dat een monitoringsinstrument voor duurzaamheid ontbreekt. Ten aanzien van de aanbeveling om een eenduidig monitoringsinstrument te ontwikkelen ligt hier mogelijk een kans om als twee gemeenten samen op te trekken bij de ontwikkeling van een dergelijk monitoringsinstrument.
6
Bestuurlijke reactie college van burgemeester & wethouders
7
De heer J. Hagens
verzendgegevens
behandeld door
uw gegevens
datum : zaaknummer : 2021-030081 bijlagen : 0
team Omgeving mw. A. in 't Veld telefoon
brief van : 11-06-2021 kenmerk : BW11062021
onderwerp Bestuurlijke reactie quick-scan duurzaamheidsbeleid
Geachte rekenkamercommissie, geachte heer Hagens, Wij hebben de rapportage van uw quick-scan ontvangen waarin is onderzocht of het duurzaamheidsbeleid van de gemeente Den Helder doelmatig en efficiënt is en of de gestelde ambities en doelstellingen binnen bereik zijn ontvangen. Wij herkennen ons in het beeld dat Den Helder zeer ambitieuze doelstellingen heeft maar dat om die doelstellingen te bereiken nog veel inzet nodig zal zijn. Hoewel de gemeentelijke inzet op de energietransitie het meest zichtbaar en doelgericht is, zien wij in de bijlage ook dat een aantal documenten/besluiten niet is meegenomen in uw onderzoek. Binnen de gemeente Den Helder ligt een aanzienlijk oppervlak van het Natura2000 netwerk met de gebieden Waddenzee, Noordzeekustzone en Duinen Den Helder. Het beleid hierop wordt niet lokaal bepaald, maar wordt door lokaal beleid ondersteund. In de documenten-verantwoording missen wij het in september 2020 vastgestelde beheerplan Groen 2020-2025 waarin het thema klimaatbestendig en duurzaam één van de vijf thema’s is. In juni 2021 hebben we een presentatie gegeven in de raadscommissie Stadsontwikkeling en Beheer over Duurzame Mobiliteit. In de zomer van 2020 zijn op drie plaatsen in de gemeente Mobipunten gerealiseerd. De eerste verkenning Transitevisie Warmte Den Helder is 3 maart 2021 besproken in de raadscommissie Stadsontwikkeling en Beheer.
De stand van zaken op het thema energieneutraal is besproken in de raadscommissie van 14 april 2021. Onbenoemd blijft ook een mooi initiatief van de bewoners van Huisduinen: Thuisduinen 2050, volledig zelfvoorzienend en volledig duurzaam. Wij zien dit project als een voorbeeldproject, waar in samenwerking gewerkt wordt aan de uitvoering van de omgevingsvisie Huisduinen. In de omgevingsvisie van Julianadorp zijn tal van duurzaamheidsdoelen gesteld die in het omgevingsplan nader worden uitgewerkt. Ten aanzien van uw aanbevelingen 1. Uw advies de verschillende duurzaamheidsthema’s in samenhang te benaderen nemen wij ter harte. Een duidelijke en zichtbare samenhang zien wij ook als helpend, voor de gemeentelijke organisatie, de afstemming met de raad en ook voor onze partners. Wij willen en blijven onderzoeken op welke wijze we dit het beste kunnen doen.
Bezoekadres: Kerkgracht 1 1782 GJ Den Helder
Postadres: Postbus 36 1780 AA Den Helder
www.denhelder.nl Twitter: @Gem_DenHelder FB: gemeentedenhelder
telefoon 14 0223
zaaknummer: 2021-030081
Pagina 2 van 2
2. De aanbeveling voor een coördinerende wethouder duurzaamheid geven wij mee voor de collegeonderhandelingen na de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2022. 3. Het wel of niet opnieuw in het leven roepen van de raadswerkgroep duurzaamheid is een door de gemeenteraad gemaakte keus. Er is voor gekozen om dit niet te doen om zo de commissie Stadsontwikkeling en Beheer de ruimte te geven om hun rol op het gebied van duurzaamheid te pakken. 4. Wij zien de meerwaarde in van een goed monitoringsysteem. Als er meer nadruk komt om de andere duurzaamheidsthema’s dan energietransitie, vraagt dit om een bredere monitoring dan de CO2 prestatieladder. We delen de mening dat het meerwaarde heeft om de monitoring op alle duurzaamheidsthema’s gelijktijdig aan te bieden, zodat zicht is op de samenhang en voortgang. 5. Wij onderschrijven dat wij de duurzaamheidsambities niet alleen kunnen halen. Wij pakken deze rol proactief en ondersteunen en faciliteren ook onze partners in onze gezamenlijke doelstellingen op dit vlak. Uit de quick-scan wordt duidelijk dat deze inzet onvoldoende wordt gevoeld en gezien. Wij gaan graag met de gemeenteraad het gesprek aan over realistische doelen en een afgestemde aanpak op de thema’s. Over de vorm daarvan doen wij graag een voorstel, maar wij zien eerst de bevindingen van de gemeenteraad bij deze rapportage met belangstelling tegemoet.
Hoogachtend, Burgemeester en Wethouders van Den Helder,
J.A. (Jan) de Boer MSc. burgemeester
R.M. (Robert) Reus secretaris
Nawoord RKC
9
Aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Den Helder. Afschrift aan de afdeling bestuursondersteuning.
verzendgegevens
datum : 30-07-2021 zaaknummer : RBW30072021 bijlagen : 1
behandeld door
Secretaris Rekenkamercommissie Dhr. J. Hagens Telefoon: 06-50086137
uw gegevens
brief van : 07-07-2021 kenmerk : 2021-030081
onderwerp
Reactie RKC op Bestuurlijk Wederhoor conceptrapport met bevindingen Quick scan duurzaamheidbeleid gemeente Den Helder
Geachte college, De rekenkamercommissie van de gemeente Den Helder heeft op 7 juli uw bestuurlijke reactie op de concept-nota van bevindingen Quick scan duurzaamheidsbeleid ontvangen. Wij zijn u als rekenkamercommissie daarvoor erkentelijk. De rekenkamercommissie is verheugd over de wijze waarop u als college een belangrijk deel van de conclusies onderschrijft. De aanbevelingen in het rapport bieden ons inzien goede handvatten voor verbetering. Terecht maakt u in uw bestuurlijke reactie melding van het feit dat in de concept nota van bevindingen een interessant initiatief van de gemeente samen met bewoners van Huisduinen: Thuisduinen 2050 onbenoemd is gebleven. Wij hebben dan ook naar aanleiding van uw reactie de onderzoekers verzocht om deze omissie recht te zetten. Daarop is dit, ook in onze ogen interessante initiatief van samenwerking met inwoners, alsnog opgenomen in de definitieve Nota van Bevindingen en het definitieve rapport. (Zie de bijlage) Wij hopen de uitkomsten van deze Quick scan ná het zomerreces op 1 september in de raadscommissie Stadsontwikkeling en Beheer aan de gemeenteraad te presenteren en nader toe te kunnen lichten. Hoogachtend, M.E. van den Heuvel (Voorzitter Rekenkamercommissie Den Helder) Namens deze: John Hagens (Secretaris Rekenkamercommissie Den Helder)
Postbus 36
1780 AA Den Helder
www.denhelder.nl
telefoon 14 0223
Nota van bevindingen
10
Onderzoek Duurzaamheidsbeleid in Den Helder Onderzoek Rekenkamercommissie Den Helder Nota van bevindingen
Colofon In opdracht van Rekenkamercommissie Den Helder T.a.v. de heer J. Hagens j.hagens@denhelder.nl
Opgesteld door SME Jurgen Broeders, Adviseur beleid & proces broeders@sme.nl 030 635 89 00 Den Helder/Utrecht, juli 2021
Dit rapport is opgesteld door SME in opdracht van de Rekenkamercommissie Den Helder. Niets uit deze uitgave mag op welke wijze dan ook worden gebruikt zonder voorafgaande toestemming van deze partijen. Foto cover: Wiki Commons, CC BY-SA 4.0
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
1
Inhoud 1.
Inleiding
3
2.
Bevindingen deelvraag 1: kaders
6
2.1 Ambities en doelstellingen gemeente Den Helder
6
2.2 Landelijke en regionale kaders voor het lokale beleid
8
2.3 Uitvoeringsstructuur en borging binnen de (ambtelijke) organisatie
9
2.4 Betrokkenheid van de raad
11
Bevindingen deelvraag 2: inhoudelijke resultaten
13
3.1 Resultaten ten opzichte van andere gemeenten
13
3.2 Prestaties ten opzichte van eigen ambities
15
3.3 Zicht op inhoudelijke uitdagingen
18
Bevindingen deelvraag 3: monitoring
19
4.1 Monitoringsinstrumenten en -modellen
19
Bevindingen deelvraag 4: samenwerking
21
5.1 Externe samenwerking
21
5.2 Communicatie en participatie
22
Bijlage 1. Onderzoeksverantwoording
24
B1.1 Geraadpleegde documenten
24
B1.2 Interviews
24
3.
4.
5.
Bijlage 2. Landelijke en regionale kaders
30
B2.1(Inter)nationale kaders
30
B2.2 Regionale kaders
32
Bijlage 3. Lokaal Duurzaamheidsbeleid
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
33
2
1. Inleiding 1.1 Aanleiding onderzoek Duurzaamheid is een actueel onderwerp dat sterk in beweging is. Aan gemeenten wordt onder andere in het Klimaatakkoord een regierol toebedeeld in de energietransitie, bij verduurzaming van de gebouwde omgeving en bij klimaatadaptatie. Daarnaast werken gemeenten aan het realiseren van hun eigen duurzaamheidsambities. Dat geldt zeker ook voor de gemeente Den Helder, die stevige lokale ambities heeft geformuleerd. De rekenkamercommissie van Den Helder heeft daarom onderzocht of het duurzaamheidsbeleid van de gemeente doelmatig en efficiënt is vormgegeven en of de gestelde ambities en doelstellingen binnen bereik zijn.
1.2 Doelstelling De doelstelling van dit onderzoek is te komen tot een beoordeling op hoofdlijnen van het duurzaamheidsbeleid, de gehanteerde beleidsinstrumenten en het monitoringsmodel in de gemeenten Den Helder en Texel. Uit de beoordeling moet blijken of het duurzaamheidsbeleid in de gemeenten doeltreffend is vormgegeven en wordt uitgevoerd.
1.3 Werkwijze Het onderzoek is gelijktijdig uitgevoerd voor de gemeenten Den Helder en Texel. Vooraf is een normenkader opgesteld, wat het beoordelingskader vormt voor dit onderzoek. Eerst is een bureaustudie gedaan naar de kaders, om te bepalen waar de gemeente staat op het vlak van duurzaamheid, en waar inhoudelijke uitdagingen liggen voor de komende periode. Door middel van interviews met ambtenaren, de portefeuillehouder duurzaamheid en met partners uit de gemeente, is vervolgens een beeld verkregen van inhoudelijke prestaties en het gevolgde proces. Tenslotte zijn de bevindingen geanalyseerd om te komen tot een conclusie. In Bijlage 1 is de onderzoeksverantwoording opgenomen.
1.4
Afbakening
Afbakening milieukundige of ecologische duurzaamheid Duurzaamheid is een begrip dat specificatie behoeft. In een duurzame samenleving zijn people, planet en profit met elkaar in balans. Vaak wordt duurzaamheid dan ook uitgesplitst in diverse deelonderwerpen binnen elk van deze drie pijlers. Voor dit onderzoek is gekozen voor een afbakening naar de pijler ‘planet’: milieukundige of ecologische duurzaamheid. De pijlers ‘people’ (sociale duurzaamheid) en ‘profit’ (economische duurzaamheid) vallen buiten de scope van het onderzoek. Het onderzoek richt zich daarom op duurzaamheidsambities en doelstellingen binnen de pijler ‘planet’. Daaronder vallen de zogenaamde ‘Big Five’ van het duurzaamheidsbeleid: o
Energietransitie: energiebesparing, opwekken van duurzame energie, aardgasvrij
o
Klimaatadaptatie: de inrichting van de (woon)omgeving zodat die bestand is tegen de gevolgen van klimaatverandering, zoals hitte, droogte, grote hoeveelheden water
o
Circulaire economie: duurzaam/circulair bouwen, afval, circulair inkopen
o
Duurzame mobiliteit: openbaar vervoer, fietsbeleid, elektrisch rijden, deelmobiliteit
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
3
o
Biodiversiteit: natuur, bijen en andere bestuivers, duurzaam beheer (FSC, MSC)
We richten ons in het onderzoek binnen deze thema’s op gebieden waarop de gemeente invloed kan uitoefenen. Als er (landelijk) ambities zijn gesteld op vlakken waarop de gemeentelijke invloed beperkt is, benoemen we dat.
1.5 Onderzoeksvragen Onderzoekscontext Bij het onderzoeken van de effectiviteit en efficiëntie van uitvoering van duurzaamheidsbeleid kan de probleemstelling inhoudelijk en procesmatig benaderd worden. Inhoudelijk is er de vraag welke thema’s er onder duurzaamheid vallen. Dit onderzoek is afgebakend tot de duurzaamheidsthema’s van de Big Five die hierboven zijn genoemd. Procesmatig groeit de bewustwording dat geen enkele partij deze uitdagingen in zijn eentje aan kan gaan. Gemeenten kunnen het voortouw nemen, maar ook inwoners, bedrijven en organisaties hebben een aandeel in de oplossing (of kunnen, op onderdelen, het voortouw nemen). Voor gemeenten is er de uitdaging om alle verschillende doelgroepen te betrekken en te motiveren om in actie te komen. Dit rekenkameronderzoek naar duurzaamheid richt zich daarom op zowel inhoudelijke aspecten en geboekte resultaten als op de manier waarop de gemeente acteert, zelf en in samenwerking met andere partijen binnen de gemeente. Onderzoeksvragen Voor dit onderzoek zijn de volgende hoofdvraag en deelvragen gehanteerd. Hoofdvraag Hoe succesvol is het duurzaamheidsbeleid van de gemeente Den Helder? Hoe is de uitvoering van het duurzaamheidsbeleid in de gemeente Den Helder inhoudelijk vormgegeven en is deze uitvoering effectief?
Bij deze hoofdvraag zijn vier deelvragen geformuleerd. Deelvraag 1 (kaders) Hoe is het duurzaamheidsbeleid inhoudelijk en procesmatig vormgegeven? Zijn de uitgangspunten en jaarlijkse bijstellingen voldoende concreet geformuleerd? Deelvraag 2 (inhoudelijke resultaten) Wat is de stand van zaken van het beleid? Waar staat de gemeente met betrekking tot de realisatie van doelen en ambities? Deelvraag 3 (monitoring) Kent het beleid op onderdelen een model of modellen van monitoring en is dat effectief? Deelvraag 4 (samenwerking)
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
4
Hoe verloopt de samenwerking tussen gemeente en stakeholders in de gemeente? Aan de hand van de hoofdvraag en deelvragen is een normenkader opgesteld (zie bijlage 1, onderzoeksverantwoording).
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
5
2. Bevindingen deelvraag 1: kaders 2.1 Ambities en doelstellingen gemeente Den Helder Voor verschillende van de vijf duurzaamheidsthema’s (energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit en duurzame mobiliteit) beschikt de gemeente Den Helder over vastgesteld beleid. Het beleid is per thema afzonderlijk opgesteld. De focus binnen het duurzaamheidsbeleid ligt overduidelijk op het thema energietransitie. De gemeente Den Helder werkt niet aan de hand van een actuele brede duurzaamheidsvisie waarin de verschillende duurzaamheidsthema’s samenkomen en aan elkaar verbonden zijn (en zo elkaar versterken). In het algemeen kan gezegd worden dat er veel in Den Helder op gebied van duurzaamheid gebeurt, maar de praktijk is beperkt bestendigd in beleid. Ambitie energietransitie: energieneutraal in 2040 De gemeenteraad van Den Helder heeft in 2016 de ambitie van Den Helder bepaald voor de energietransitie: energieneutraal in 2040. Daarmee geldt het jaar 2040 als stip aan de horizon, waar stapsgewijs naar toe wordt gewerkt. Om de ontwikkelingen op dit gebied aan te jagen heeft de gemeente een programmateam energieneutraal samengesteld en door de gemeenteraad is budget van 400.000 euro per jaar beschikbaar gesteld. Het jaar 2020 gold daarbij als een belangrijke tussenstap. In dat jaar wilde Den Helder voor 14 procent energieneutraal zijn.
Het projectteam energieneutraal werkt aan de hand van de Kadernota duurzaam en klimaatbestendig 2017-2020. In de kadernota zijn de projecten en maatregelen voor de korte termijn, namelijk de periode 2017-2020, uitgewerkt die moeten bijdragen aan de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn. Elk jaar wordt de raad door middel van een raadsinformatiebrief geïnformeerd over de voortgang, aanvullingen op en concrete uitwerkingen per jaar van de kadernota. De raadsinformatiebrief geeft een overzicht met concrete projecten die in het betreffende jaar worden uitgevoerd en geeft tevens inzicht in de besteding van het budget voor het programma. Het programma energieneutraal is vooral gericht op faciliteren en aanjagen van de energietransitie in de samenleving. Er is nog geen nieuwe kadernota die als opvolger van de Kadernota 2017-2020 geldt. De richting van het huidige college van B&W voor de energietransitie is aangegeven in een raadsinformatiebrief uit 2018. Bij het aantreden van het huidige college was duidelijk dat de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn waarschijnlijk niet gehaald gaat worden. De ambitie geldt nog wel als stip aan de horizon, maar tegelijkertijd wordt aan verwachtingsmanagement gedaan.
In de raadsinformatiebrief (RI18.008) uit 2018 staat dat uit een inventarisatie die door HVC is uitgevoerd ’blijkt dat het potentieel voor verduurzaming van de Helderse energievoorziening in 2040 ongeveer 33% bedraagt. Dit percentage laat een groot gat zien met de 100% die door uw raad wordt nagestreefd. Gezien de beleidsmogelijkheden c.q. de beleidsinstrumenten die de gemeente nu ter beschikking staan lijkt deze ambitie onhaalbaar te zijn. Daarom moeten we ons niet blind staren op het streven naar energieneutraliteit in 2040, maar eerder kiezen voor een strategie van kleinere stappen, gekoppeld aan realistische doelstellingen die tezamen zullen bijdragen aan een duurzaam Den Helder.’, schrijft het college in de raadsinformatiebrief. Routekaart ontbreekt In de praktijk betekent dit standpunt van het college dat dat er losser met de ambitie en planning wordt omgegaan. Ondertussen blijft de gemeente inzetten op verduurzaming van woningen en stimuleren van zonnepanelen, o.a. via subsidieregelingen die recent zijn vastgesteld, en het uitvoeren
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
6
van (pilot)projecten. Een routekaart waarin is uitgewerkt hóe Den Helder in de periode tot 2040 energieneutraal wil worden en waarin is teruggerekend wat nu al gedaan moet worden om de ambitie voor 2040 stapsgewijs te realiseren, heeft Den Helder niet. Net als alle andere gemeenten stelt Den Helder momenteel in regionaal verband een Regionale EnergieStrategie (RES) op en lokaal wordt een Transitievisie Warmte (TVW) uitgewerkt. Betrokkenen hebben verschillende verwachtingen van de RES en de TVW. Sommigen verwachten dat de RES en TVW meer richting zullen geven aan het programma energieneutraal. Anderen verwachten dat de Regionale Energiestrategie (RES) wel zal helpen om projecten en projectlocaties voor zon en wind te identificeren, maar geen duidelijke routekaart zal bieden. De concept-RES is openbaar, op 1 juli moeten de regio’s hun door de raden vastgestelde RES1.0 aanleveren. Bij het opstellen van de TVW heeft het college ervoor gekozen om een rol van afwachtende procesregisseur in de energietransitie aan te nemen en een summiere TVW op te stellen. De gemeente Den Helder kiest daarbij niet voor een voortrekkersrol. Een voortrekkersrol wil het college wel spelen bij de ontwikkeling van waterstoftoepassingen. Door de discussie over het aardgasvrij maken van Den Helder is ook de discussie in Den Helder over waterstof in een stroomversnelling gekomen.
De raad heeft zich daar in 2020 in een motie voor uitgesproken en ook het college zet op waterstof in. Vanwege de haven in Den Helder zijn er kansen op dat gebied. Overige duurzaamheidsthema’s Onder het begrip duurzaamheid wordt in Den Helder vooral de energietransitie verstaan. In 2015 is wel een overkoepelend beleidskader duurzaamheid vastgesteld dat als paraplu diende voor de verschillende duurzaamheidsthema’s: de Kadernota duurzaam en klimaatbestendig Den Helder (2015). Momenteel wordt echter niet meer gewerkt aan de hand van dat beleidskader. De gemeente Den Helder beschikt daarmee niet over een lange-termijn-agenda voor het duurzaamheidsbeleid waarin de verschillende thema’s samenkomen. Het is mede daardoor voor een buitenstaander lastig om de duurzaamheidsambities van de gemeente voor de verschillende thema’s te achterhalen. Verschillende raadsleden gaven tijdens het interview aan dat een breder programma duurzaamheid kan helpen om stappen te maken. Dat de gemeente niet werkt aan de hand van een overkoepelend duurzaamheidsprogramma, wil niet zeggen dat er geen beleid is voor de verschillende thema’s afzonderlijk. Dat is er voor de meeste afzonderlijke thema’s wel: o
Voor klimaatadaptatie werd ten tijde van dit onderzoek beleid opgesteld. Bij beheer van de openbare ruimte wordt rekening gehouden met klimaatadaptatie aan de hand van Nieuw perspectief: benadering voor onderhoud van de openbare ruimte.
o
Om biodiversiteit te bevorderen is er een rijke traditie van (ecologisch) groen- en natuurbeheer in Den Helder. Een actualisatie van het doelsoortenbeleid voor stedelijk gebied zit in de planning.
o
Op het gebied van duurzame mobiliteit heeft Den Helder bijvoorbeeld een laadpalenbeleid vastgesteld en werkt de gemeente aan verduurzaming van het wagenpark. Recent is nieuw fietsbeleid vastgesteld.
o
Beleid voor het thema circulaire economie ontbreekt. Wel is er afvalbeleid en wordt bij de het onderhoud van de openbare ruimte gestreefd naar circulariteit.
Een overzicht van de duurzaamheidsdoelstellingen per thema is opgenomen in bijlage 3.
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
7
In de omgevingsvisies die tot nu toe zijn gemaakt voor verschillende gebieden waren de energietransitie en klimaatadaptatie steeds integraal onderdeel. Voor andere thema’s is er nog niet een duidelijk richtpunt of ambitie. De omgevingsvisies dragen bij aan de agendering van duurzaamheidsthema’s.
2.2 Landelijke en regionale kaders voor het lokale beleid Gemeenten werken aan verduurzaming binnen kaders die (inter)nationaal zijn bepaald. Het eigen, lokale duurzaamheidsbeleid van een gemeente wijkt soms af van de landelijke ambities en doelstellingen, bijvoorbeeld omdat het al een paar jaar geleden is opgesteld terwijl het landelijke beleid zich momenteel in hoog tempo ontwikkelt, of omdat lokaal meer ambitieuze doelen zijn gekozen. Hieronder is een overzicht gegeven van de landelijke en lokale doelstellingen en ambities en de maatregelen waarmee de gemeente deze doelen wil behalen. De landelijke en regionale kaders voor duurzaamheid zijn nader beschreven in bijlage 2. In het overzicht valt op dat de ambitie voor de energietransitie van Den Helder een stuk hoger is dan de landelijke ambitie. De nationale doelstelling is om in 2050 energieneutraal te zijn, terwijl Den Helder dat doel tien jaar eerder wil bereiken. Landelijke doelen (stand van zaken februari 2021) Energietransitie o 2050: Energieneutraal en aardgasloos o 2050: 95% minder broeikasgassen in 2050 dan in 1990 o 1,5% energiebesparing per jaar o 2020: 14 % hernieuwbare energie; 2023: 16%
Gemeentelijke doelen & beoogd effect o
o o o o
o
vóór 2040 wil Den Helder een 100% energieneutrale gemeente Energiebesparing van 2% per jaar 14% energieneutraal in 2020 50% energieneutraal in 2030 Gemeentelijke organisatie: in 2022 15 % minder CO2 uitstoot dan in 2018 Gemeentelijke organisatie: 5% minder energie per jaar verbruiken
Gemeentelijke maatregelen
o o o o o o o
o o
Klimaatadaptatie o 2050: NL klimaatbestendig ingericht. o 2020: klimaatbestendig en waterrobuust handelen o 2019 stresstest, 2020 risicodialogen + uitvoerings- en investeringsagenda
o o
in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust waterrobuust inrichten uiterlijk in 2020 integraal onderdeel te laten zijn van het beleid en handelen
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
o o o
Opstellen Transitievisie Warmte Opstellen Regionale Energiestrategie Comfortabel Wonen Lening Informatievoorziening via Duurzaam Bouwloket Duurzame Huizen Route Start realisatie zonnepark Dogger Wijkaanpak, collectieve inkoop zonne-energie Gebouwde omgeving CO2-prestatieladder voor gemeentelijke organisatie Communicatie aan de hand van een nieuwe communicatieagenda Afkoppelen Deelname aan Operatie Steenbreek Klimaatadaptieve maatregelen in de wijken Kruiszwin en Julianadorp als onderdeel van wijkgericht werken
8
Circulaire economie o 2050: NL volledig circulair o 2030: 50% minder gebruik van primaire grondstoffen o 2020: 75% afvalscheiding en max. 100 kg restafval/inw/jr o 2020 50% reductie bedrijfsafval in kantoor, winkel en dienstensector o 2023: zoveel mogelijk gescheiden en max. 30 kg restafval o maatschappelijk verantwoord inkopen Biodiversiteit o beschermen van bestaande natuur o natuur in de samenleving o koppeling met andere maatschappelijke opgaven Duurzame mobiliteit o 2030: voertuigen emissieloos (eigen wagenpark, doelgroepenvervoer, inkoop) o 2020: gemeentelijk plaatsingsbeleid laadpalen
o
o
o
2020: 75% afvalscheiding en max. 100 kg restafval/inw/jr actief onderzoeken welke kansen en uitdagingen liggen voor Den Helder wat betreft circulair bouwen. Bevorderen duurzaam ondernemerschap
o
o
o
o
o o
Beste fietsstad van Nederland worden de CO2-uitstoot door vervoer van personeel van de gemeente met 1% reduceren
o o
Onderzoek naar circulariteit in de wijk, samen met Platform 31 Uitvoering afvalbeleid
rijke traditie van (ecologisch) groen- en natuurbeheer in Den Helder partnergemeente Tiny Forest realisatie 5 strategische laadpaallocaties Nieuw fietsbeleid opgesteld
2.3 Uitvoeringsstructuur en borging binnen de (ambtelijke) organisatie Borging binnen het college van B&W Binnen het college van B&W van Den Helder komt het onderwerp duurzaamheid terug in verschillende portefeuilles. De portefeuille Milieu en duurzaamheid is gericht op milieuonderwerpen en op de energietransitie. Andere onderwerpen zoals circulaire economie en klimaatadaptatie vallen daar niet onder. Als portefeuillehouder Milieu en duurzaamheid is wethouder Duijnker de centrale spil in de energietransitie binnen de vraagstukken over de gebouwde omgeving. Ook andere wethouders hebben onderdelen van de energietransitie in hun portefeuilles, zoals de Regionale EnergieStrategie (RES) en de haven. Bij het aantreden van het huidige college heeft wethouder Duijnker de raad geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief dat de doelstelling om in 2040 energieneutraal niet gehaald gaat worden met de huidige middelen. De ambitie geldt nog wel als stip aan de horizon, in de praktijk wordt er losser mee omgegaan en wordt aan verwachtingsmanagement gedaan. De ambitie moet geen tijdsklem zijn. Het college blijft zich ondertussen richten op verduurzaming van de gebouwde omgeving en stimuleren van zonnepanelen, o.a. via subsidieregelingen die recent zijn vastgesteld.
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
9
De andere duurzaamheidsonderwerpen zijn ondergebracht in verschillende portefeuilles binnen het college. Onderwerpen als circulariteit en klimaatadaptatie vallen bijvoorbeeld onder de portefeuilles Ruimtelijke Ordening en Vastgoed. Er is momenteel geen coördinerend wethouder voor duurzaamheid in de brede zin van het woord. Duidelijke sturing op duurzaamheid in de brede zin ontbreekt daardoor. Elke raadsbrief bevat een kopje duurzaamheid waarin is aangegeven wat de consequenties zijn van een raadsvoorstel. Borging binnen ambtelijke organisatie Bij de Kadernota duurzaam en klimaatbestendig Den Helder 2017-2020 is een programmastructuur ontwikkeld. Voor de energietransitie is een programmateam samengesteld dat ten tijde van de interviews voor dit onderzoek bestond uit zeven personen, waaronder de programmamanager, projectleiders, medewerkers die zich richten op de Transitievisie Warmte, klimaatbeleid, omgevingsbeleid, een communicatieadviseur en een ondersteuner. De focus van het programma ligt bij de energietransitie. Andere afdelingen binnen de gemeentelijke organisatie worden als interne stakeholders door het programmateam betrokken en op de hoogte gehouden. Hoewel de duurzaamheidsthema’s bij verschillende afdelingen binnen de gemeentelijke organisatie zijn ondergebracht, wordt vanuit het programmateam samengewerkt met andere afdelingen.
Zo wordt samen met collega’s van het sociaal domein gewerkt aan de introductie van energiecoaches. Daarnaast is er een koppeling met de wijkmanager vanuit het programma energieneutraal. Andere duurzaamheidsthema’s (klimaatadaptatie, circulair, biodiversiteit, duurzame mobiliteit) hangen wel met het programma energieneutraal samen, maar behoren daar niet toe. Onderwerpen als klimaatadaptatie en biodiversiteit zijn bijvoorbeeld ondergebracht bij de afdeling ruimte. Er is veel waardering voor de inzet van het projectteam energieneutraal en de rest van de ambtelijke organisatie. De mensen binnen het projectteam zijn enthousiast en willen graag stappen maken. De ambtelijke capaciteit is echter beperkt. Vanuit de Rijksoverheid komt er veel op gemeenten af en dat vraagt, net als in andere gemeenten, veel van de ambtelijke organisatie in Den Helder. De stakeholders waarmee de gemeente samenwerkt merken dat de ambtelijke capaciteit beperkt is, doordat initiatieven soms stilvallen door capaciteitsgebrek. Budget De gemeenteraad heeft sinds 2017 structureel 400.000,- euro aan middelen beschikbaar gesteld voor het programma energieneutraal.1 Afhankelijk van de taakopvatting van de gemeente wordt dit budget zowel ruim voldoende als veel te weinig genoemd. Het is niet voldoende om de energietransitie in Den Helder volledig mee te bekostigen.
Het volstaat wel voor de huidige doelen en taken: het aanjagen van de energietransitie door te informeren, stimuleren en faciliteren van inwoners en organisaties. Het budget wordt onder andere besteed aan subsidieverordeningen en het verlaging van leges en aan pilotprojecten. Daarnaast wordt het budget besteed om als gemeente duurzamer te worden (bijv. gemeentelijk vastgoed), om extra budget aan te trekken, en voor externe inhuur van extra capaciteit op gebied van communicatie.
1
Mid-term review Energieneutraal
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
10
Het budget voor de energietransitie wordt gecombineerd met bijvoorbeeld het budget voor het meerjarenonderhoudsplan (MJOP) om het vastgoed van de gemeente te verduurzamen. Daarnaast draagt de Rijksoverheid bij met budgetten, bijvoorbeeld voor het opstellen van de Transitievisie Warmte. Het budget dat vanuit de gemeentelijke begroting beschikbaar is gesteld door de raad, wordt daarmee aangevuld. Voor de meeste andere duurzaamheidsthema’s is geen apart duurzaamheidsbudget geoormerkt maar worden duurzaamheidsmaatregelen gefinancierd uit de reguliere budgetten van de verschillende gemeentelijke afdelingen. Wel is binnen het wijkgericht werken 700.000,- euro per jaar beschikbaar voor klimaatadaptieve maatregelen in de openbare ruimte.
2.4 Betrokkenheid van de raad De gemeenteraad heeft een actieve rol gespeeld in het bepalen van de doelstellingen van de gemeente Den Helder voor de energietransitie. De aandacht is vooral gericht op de energietransitie, veel minder op de andere duurzaamheidsthema’s. Actieve rol bij bepalen doelstellingen Naar aanleiding van landelijke en regionale ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid (o.a. het landelijke Energieakkoord) heeft de gemeenteraad in juni 2016 unaniem ingestemd met een motie ‘Energieneutraal’ en een strikte doelstelling vastgesteld op het gebied van energiebesparing en energieopwek. Daarmee is de ambitie bepaald om in 2040 energieneutraal te zijn. Aanvullend daarop werd bepaald dat de gemeentelijke organisatie een voorbeeldfunctie te vervullen heeft in de ambitie naar een 100 procent energieneutrale gemeente. Deze motie vormde de start voor het programma Energieneutraal. In het kader van deze motie is de ‘Duurzaamheidsagenda 2017-2020’ (= Kadernota duurzaam en klimaatbestendig Den Helder 20172020. Binnen de gemeente worden de termen door elkaar gebruikt) opgesteld om verder invulling te geven aan die ambitie en stappen te definiëren om het doel te bereiken. In de raadsvergadering van 7 februari 2017 is besloten van start te gaan met de Duurzaamheidsagenda. De gemeenteraad heeft daarmee een sturende rol gepeeld.
Middels een motie (motie M6.17) heeft de raad in 2019 opgeroepen de doelstellingen voor energiebesparing voor de gemeentelijke organisatie verder aan te scherpen. De doelstelling is daarop aangescherpt naar 5 procent energiebesparing per jaar en te komen tot energielabel B. Ook in 2020 speelde een aangenomen motie (nr. M6.11 van 30 juni 2020) in de gemeenteraad een belangrijke rol bij het wijzigen van de strategie van de gemeente. In de motie wordt het college opgeroepen om in te zetten op waterstofontwikkelingen. In 2020 nam de raad een motie aan over klimaatadaptatie waarin het college wordt opgeroepen om ontstening in tuinen te stimuleren. Dat naar aanleiding van een aantal stevige clusterbuien in Den Helder in juli 2020. Er is ook een motie aangaande het uitvoeringsplan van de fietsvisie aangenomen. Daarin sprak de raad de wens uit om de beste fietsstad van Nederland te worden.
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
11
Raadswerkgroep duurzaamheid Voorheen bestond er binnen de gemeenteraad van Den Helder een raadswerkgroep duurzaamheid. Hoewel deze niet formeel is opgeheven, is de raadswerkgroep niet meer actief. De drijvende krachten achter die raadswerkgroep zijn deze raadsperiode weggevallen. Door middel van raadsinformatiebrieven en raadsinformatieavonden wordt de raad geïnformeerd over het programma energieneutraal. Besluitvorming loopt via de commissie Stadsontwikkeling en Beheer en/of de commissie Bestuur en Middelen. Behoefte aan kennisdeling Tijdens de verschillende interviews voor dit onderzoek met raadsleden, wethouder en ambtenaren kwam de behoefte aan kennisuitwisseling en open discussie binnen de raad, maar ook tussen raad en college/ambtelijke organisatie ter sprake. Er is veel behoefte aan kennis en goede informatie. Zowel vanuit de ambtelijke organisatie, vanuit het college, en vanuit de raad is tijdens de interviews aangegeven dat het wenselijk is om in informele setting met elkaar te blijven spreken over het thema duurzaamheid en om kennis en informatie te delen. Het initiatief daarvoor ligt bij de raad.
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
12
3. Bevindingen deelvraag 2: inhoudelijke resultaten Den Helder werkt hard aan verduurzaming van de stad. Zowel gemeente als andere organisaties in de stad leveren daar een bijdrage aan. In dit hoofdstuk kijken we hoe Den Helder scoort op duurzaamheid ten opzichte van andere gemeenten, en ten opzichte van de eigen doelstellingen.
3.1 Resultaten ten opzichte van andere gemeenten In deze paragraaf is op een hoger niveau gekeken naar de overall prestatie op elk thema. Zo wordt duidelijk op welk(e) (sub)thema(’s) er voor de gemeente extra inspanningen wenselijk zijn om de eigen en/of landelijke doelen te behalen. Of de gemeente deze inspanningen ook daadwerkelijk kan leveren, is niet alleen afhankelijk van beschikbare capaciteit, budget en bestuurlijke focus, maar vaak ook van externe factoren, zoals beschikbare ruimte of beperkende regelgeving. Om inzicht te krijgen in de overall prestatie van de gemeente is gebruik gemaakt van verschillende landelijke benchmarks: o
Gemeentelijke Duurzaamheidsindex (GDI)
o
Nationale Monitor Duurzame Gemeenten (Telos, monitor 2019)
o
Afvalmonitor (ministerie van I&W), gegevens 2018
3.1.1
Gemeentelijke Duurzaamheidsindex (GDI)
Bij de gemeentelijke DuurzaamheidsIndex 2019 (www.gdi.databank.nl) scoort Den Helder een 5,2 voor duurzaamheid. Het landelijk gemiddelde is 5,8. Hieronder zijn de printscreens van de website opgenomen. Op het onderdeel milieu en energie scoort Den Helder een 4,6. Het landelijk gemiddelde is 5,1. Den Helder scoort dus zowel op duurzaamheid algemeen als op het onderdeel milieu en energie onder het Nederlands gemiddelde. Als we verder inzoomen dan zien we dat Den Helder (zeer) slecht scoort op de indicatoren: o
Energiegebruik woningen
(Score 5,5, 11.436 kwh/jaar/inwoner; NL 7,9, 7.994 kwh/jaar/ inwoner)
o
Energiebesparing woningen (Score 4,5; NL 5,2)
o
CO2-uitstoot woningen
(Score 1,0 – 3,14 ton/inwoner; NL 2,01 ton/inwoner)
Den Helder scoort juist bovengemiddeld op: o
CO2-uitstoot wegverkeer
(Score 7.1; NL 6,5)
o
Lucht
(Score 9,4; NL 8,0)
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
13
Scores van gemeente Den Helder in de GDI 2019.
Scores op gebied van Milieu en energie in de GDI 2019 voor de gemeente Den Helder. 3.1.2
Nationale Monitor Duurzame gemeenten (rapport 2019)
In de Nationale Monitor Duurzame gemeenten maakt Telos jaarlijks de balans op hoe het staat met de (ontwikkeling van de) gemeentelijke duurzaamheid. Er wordt een ‘foto’ gemaakt van de ‘staat van duurzaamheid’ van alle Nederlandse gemeenten op een moment in de tijd. Telos kijkt daarbij naar drie onderdelen (kapitalen) van duurzaamheid: ecologisch kapitaal, sociaal-cultureel kapitaal en
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
14
economisch kapitaal. De scores voor Den Helder zijn hieronder weergegeven. Ook maakt Telos een ranglijst van Nederlandse gemeenten, waaruit blijkt hoe gemeenten ten opzichte van elkaar scoren. De plaats op de ranglijst is hieronder per onderdeel opgenomen. TOTAALSCORE DEN HELDER SCORE 46,0
RANK 327
SOCIAALCULTUREEL KAPITAAL SCORE RANK 45,8 318
ECOLOGISCH KAPITAAL SCORE 49,9
RANK 191
ECONOMISCH KAPITAAL SCORE RANK 42,3 334
De totaalscore is plaats 327 van 355 onderzochte gemeenten en de score op ecologisch kapitaal is plek 191 van de 355 onderzochte gemeenten.
3.2 Prestaties ten opzichte van eigen ambities Energietransitie Uit de bureaustudie voor dit onderzoek blijkt dat de duurzaamheidsambities van de gemeente Den Helder voor de energietransitie hoger liggen dan de landelijke ambities. De prestaties blijven echter achter ten opzichte van landelijke ontwikkelingen en ten opzichte van de eigen ambities. De doelstellingen van Den Helder voor de energietransitie zijn in de Duurzaamheidsagenda 2017-2020 als volgt gesteld.
Bron: duurzaamheidsagenda
Op basis van gegevens uit de Klimaatmonitor van Rijkswaterstaat kan geconcludeerd worden dat de doelstellingen tot nu toe niet worden gehaald. Zowel de besparing van energie als de opwek van duurzame energie blijft achter bij de eigen ambitie. Uit de Klimaatmonitor kan geconcludeerd worden dat in 2018 3,43 procent van de in Den Helder gebruikte energie lokaal wordt opgewekt.
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
15
4500 4000
Totaal energieverbruik in gemeente Den Helder (incl hernieuwbare energie excl autosnelwegen)
3500 3000
Doelstelling vermindering energieverbruik
2500 2000
Totaal bekende hernieuwbare energie (TJ)
1500 1000
Doelstelling hernieuwbare energie
500 0
Het totale energieverbruik en de totaal bekende hernieuwbare energie voor de gemeente Den Helder (bron: Klimaatmonitor), afgezet tegen de eigen doelstellingen.
In een inventarisatie van HVC uit 2018 werd al de conclusie getrokken dat Den Helder niet op koers lag om de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn, waar te maken. Via raadsinformatiebrief Nr. RI18.0081 (2018) heeft het college de raad geïnformeerd over de lastige doelstelling van 100 procent energieneutraal. HVC verwachtte op basis van de analyse dat met alle activiteiten die tot dan toe in gang waren gezet, Den Helder in 2040 voor 33 procent energieneutraal kan zijn. In de raadsinformatiebrief gaat het college in op de haalbaarheid van de gestelde tussendoelen: o
‘2018: Doelstelling is 6,5% [energieneutraal]. Dit gaat waarschijnlijk lukken.’
o
‘2020: Doelstelling is 14% [energieneutraal]. Dit wordt lastig. Projecten die nu in de pijplijn zitten zullen niet (allemaal) voor 2020 (dat is al over anderhalf jaar) zijn gerealiseerd. Voorbeeld: een zonneweide waarvan de vergunningsprocedure vandaag wordt gestart, kan pas nadat deze vergunning is verstrekt SDE+subsidie aanvragen. Dit kan dus op zijn vroegst pas komend najaar, en zeer waarschijnlijk pas komend voorjaar. Daarna is het nog een kwart tot een half jaar wachten op de goedkeuring van de aanvraag. We zijn dan dus al halverwege 2019. Pas daarna kan de ontwikkelaar het ontwerp verder detailleren en de aanbesteding starten.’
o
‘2025: Uit de berekeningen blijkt dat, wanneer alle projecten die nu in de pijplijn zitten (zonneweideprojecten, warmtenet), plus de verwachtte groei in zonnepanelen op daken en energiebesparing, we op ongeveer 16% energieneutraal uitkomen. Om meer dan deze 16% te behalen, zijn dus aanvullende maatregelen nodig.’
o
‘2030: De potenties die we hebben geïdentificeerd kunnen in principe (en theoretisch) grotendeels al voor 2040 worden gerealiseerd. Voor 2030 zou bijvoorbeeld 30% haalbaar zijn als het volledige potentieel voor zon op daken wordt gerealiseerd (particuliere woningen, corporatiewoningen, bedrijfsdaken, gemeentedaken) en een groot deel van de stad van het aardgas af is en aangesloten op een duurzaam warmtenet.’
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
16
Hoewel de resultaten bij verduurzaming van Den Helder nog achterblijven ten opzicht van de eigen ambitie en ook ten opzichte van andere gemeenten2, krijgt de gemeente wel steeds meer grip op verduurzaming van de gebouwde omgeving. Middels communicatie weet de gemeente inwoners ook over te laten gaan tot actie. Het communicatiemotto is ‘Stap voor Stap verduurzamen’. Dit is er op gericht om te laten zien wat inwoners nu al kunnen doen en dat kleine stapjes in de goede richting ook een duurzaamheidsbijdrage leveren. De goedbezochte zonnepanelenavonden die de gemeente heeft georganiseerd laten zien dat inwoners geïnteresseerd zijn om mee toe doen. Betrokkenen zien en waarderen de extra communicatie-inspanningen die de gemeente afgelopen jaren doet. Iedereen die we voor dit onderzoek gesproken hebben vindt dat een goede ontwikkeling die vooral doorgezet moet worden. De gemeentelijke organisatie zelf zet ook serieuze stappen om te verduurzamen aan de hand van de CO2-prestatieladder (zie ook hoofdstuk Monitoring). Als eerste gemeente in Noord-Holland is Den Helder gecertificeerd met het CO2-bewust Certificaat niveau 3. Circulaire economie Binnen het thema circulaire economie kunnen we o.a. kijken naar de hoeveelheid huishoudelijk afval. Den Helder heeft daarvoor de landelijke doelstellingen voor afvalreductie onderschreven.
De doelstellingen wat betreft het scheidingspercentage van grof huishoudelijk afval heeft Den Helder inmiddels gehaald (75,1%). In raadsinformatiebrief Nr. RI19.0044 (2019) schrijft het college dat de verruiming van de openingstijden op het afvalbrengstation (ABS) aan de Schootenweg en de georganiseerdheid op het ABS daaraan hebben bijgedragen. De scheiding van het fijn huishoudelijk afval in Den Helder loopt achter ten opzichte van het Nederlands gemiddelde en op de nationale en eigen doelstellingen. Wel constateert het college dat ‘er met de frequentiewisseling (restafval en plastic) in 2017 en de gefaseerde invoering van ‘restafval op afstand’ (2018) grote stappen zijn gezet in de reductie van het fijn huishoudelijk restafval.’3
De effecten van het programma energieneutraal zijn in de landelijke indices nog niet zichtbaar. De meest recente data uit die indices hebben betrekking op 2018 en 2019. Het programma energieneutraal is in 2017 vastgesteld en 2018 was het eerste volledige jaar waarin het programma liep. De effecten daarvan worden pas later zichtbaar in de data. 3 raadsinformatiebrief Nr. RI19.0044 (2019) 2
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
17
Aantal kg restafval per inwoner/per jaar
Percentage scheiding huishoudelijk afval
350
75
300 250
51 53 38 39
200
41 43
150 100 50
% scheiding huishoudelijk afval
Doelstelling
2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025
2025
2024
2023
2022
2021
2020
2019
2018
2017
2016
2015
2014
2013
2012
2011
2010
0
Kg restafval per inwoner
Doelstelling
De ontwikkeling van de hoeveelheid huishoudelijk afval in de gemeente Den Helder (Bron: Afvalmonitor & GDI)
Bij inkooptrajecten door de gemeente is er aandacht voor maatschappelijk verantwoord inkopen en social return on investment. Het is niet bekend in hoeverre er bij inkoop gekeken wordt naar circulariteit. Binnen het thema circulaire economie heeft de gemeente in samenwerking met Platform 31 een innovatief onderzoek uitgevoerd naar circulariteit in de wijk. Onder andere door gebrek aan capaciteit en bestuurlijke prioriteit van dit onderwerp, wordt aan de pilot nu geen vervolg gegeven. Overige thema’s Voor de overige duurzaamheidsthema’s (klimaatadaptatie, biodiversiteit en duurzame mobiliteit) is het lastiger te bepalen of Den Helder voldoet aan de eigen doelstellingen, omdat er voor die thema’s minder SMART doelstellingen bekend zijn. Maatregelen die de gemeente op die thema’s neemt, zijn opgenomen in het schema in paragraaf 3.2.
3.3 Zicht op inhoudelijke uitdagingen Voor de energietransitie zijn de uitdagingen in beeld. De focus die het programma energieneutraal heeft aangebracht helpt daarbij. De uitdagingen zijn groot: De Helder loopt ruim achter op de eigen doelstellingen. Daarbij is de woningvoorraad in vergelijking tot het landelijk gemiddelde oud (57,6% van de totale woningvoorraad in Den Helder is gebouwd voor 1970)4 en hebben relatief veel inwoners te weinig financiële draagkracht om duurzame investeringen te kunnen doen. Voor andere duurzaamheidsthema’s zijn de uitdagingen veel minder scherp in beeld. Misschien hebben de betrokken afdelingen van de gemeentelijke organisatie er wel zicht op, maar ze zijn niet centraal bij elkaar gebracht en zijn in dit rekenkameronderzoek niet naar voren gekomen. Veel gebeurt in de praktijk, maar minder is bestendigd in beleid en monitoring.
4
Woonvisie
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
18
4. Bevindingen deelvraag 3: monitoring 4.1 Monitoringsinstrumenten en -modellen Alle betrokkenen waarmee we voor dit onderzoek hebben gesproken onderschrijven en benadrukken het belang van goede informatievoorziening over de voortgang en stand van zaken van de duurzaamheidsdoelstellingen. Algemeen is er behoefte aan duidelijk informatie over waar Den Helder staat. Voor verschillende duurzaamheidsthema’s zijn bij de gemeente Den Helder goede monitoringsinstrumenten beschikbaar. Hoewel er geen afspraken zijn vastgelegd tussen de raad en het college over monitoring en informatievoorziening over de voortgang van het duurzaamheidsbeleid, wordt de gemeenteraad in de praktijk op regelmatige basis geïnformeerd over de voortgang van de verschillende thema’s. Dat gebeurt per deelthema. Er is geen overkoepelende duurzaamheidsrapportage. Voor het programma energieneutraal wordt de raad geïnformeerd over de voortgang en ontwikkelingen rond het programma energieneutraal met meerdere raadsinformatiebrieven per jaar en door middel van raadsinformatieavonden. Deze praktijk werkt goed en wordt gewaardeerd. Een jaarlijkse raadsbrief over het programma energieneutraal dient als jaarlijkse evaluatie van het voorgaande jaar en bevat een planning van de acties en maatregelen voor het aankomende jaar.
Ook wordt in de jaarrekening aandacht besteed aan (de uitgaven in het kader van) het programma energieneutraal. Daarnaast heeft het college de raad begin 2020 een tussenstand gegeven van de uitvoering van het programma energieneutraal in de Mid term review van het college-akkoord. Halverwege de vierjaarlijkse raadsperiode bespreken college en raad de tussenbalans van het collegeprogramma. Om de voortgang van CO2-reductie van de gemeentelijke organisatie te monitoren is voor een gestructureerde aanpak gekozen. Met de CO2-prestatieladder als instrument wordt de eigen organisatie gestimuleerd om de uitstoot van CO2 te reduceren. Jaarlijks wordt aan de hand van de CO2-prestatieladder in kaart gebracht hoe de CO2-uitstoot en het energieverbruik van de gemeentelijke organisatie zich ontwikkeld ten opzichte van de nulmeting in 2018. De CO2prestatieladder richt zich op de gemeentelijke organisatie, maar ook op bedrijven waarvan de gemeente 100% aandeelhouder is (zoals Port of Den Helder, Willemsoord BV, de luchthaven). Een adviesbureau is betrokken bij het opstellen van de rapportage en bij het bepalen van maatregelen om CO2 te besparen. Begin 2020 is de gemeente Den Helder als eerste gemeente in Noord-Holland gecertificeerd. Onderdeel van de aanpak met de CO2-prestatieladder is communicatie over de resultaten. Het is een vereiste voor certificering.
Er zijn verschillende nieuwsberichten over geweest, intern wordt gecommuniceerd, op denhelder.nl is een informatiepagina ingericht, en de CO2-prestatieladder komt aan bod tijdens de raadsinformatieavonden over het programma energieneutraal. Desondanks bleek tijdens de interviews voor dit onderzoek dat de methodiek en de resultaten die daarmee geboekt worden nog niet bij alle raadsleden bekend zijn. Binnen de raad is behoefte aan meer informatie over de CO2-prestatieladder waarmee de gemeentelijke organisatie werkt. Wordt de besparing van energie in de gemeentelijke organisatie gehaald? Dat is bij de raadsleden waarmee voor dit onderzoek gesproken is niet bekend.
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
19
Ook over de andere duurzaamheidsthema’s wordt de raad geïnformeerd via raadsinformatiebrieven. Bijvoorbeeld over de ontwikkeling van de hoeveelheid restafval per inwoner en het afvalscheidingspercentage. Soms worden creatieve en effectieve manieren gezocht om te monitoren en informatie te delen met de raad, bijvoorbeeld door in samenwerking met stagiairs bij de gemeentelijke organisatie een telling uit te voeren voor het thema biodiversiteit, of door een fietstocht voor raadsleden te organiseren langs ecologisch beheerd groen, onder het motto ‘Den Helder bloeit’. Voor andere gegevens worden raadsleden verwezen naar openbare databases zoals de Klimaatmonitor van Rijkswaterstaat of de website Waarstaatjegemeente.nl van de VNG. Het aantal deelnemers aan een zonnepanelenactie wordt bijvoorbeeld niet actief gedeeld vanuit het college. Raadsleden moeten daar zelf naar op zoek. Aan de controlerende taak van de raad wordt verder invulling gegeven door vragen te stellen aan het college. Ook vinden één-op-één-gesprekken plaats tussen ambtenaren en raadsleden die bovengemiddeld geïnteresseerd zijn in verduurzaming. Rol van de raad Mede op basis van de raadsinformatiebrieven over het programma energieneutraal vraagt de raad door en stelt prioriteiten.
De verhoogde inspanningen om CO2-uitstoot van de gemeentelijke organisatie te beperken en de focus op waterstof zijn voorbeelden van prioriteiten waarop de raad middels een motie heeft aangedrongen. Monitoring en evaluatie van duurzaamheidsthema’s door de gemeenteraad gebeurt op deelthema’s. Doordat de raadswerkgroep duurzaamheid in de praktijk niet meer actief is, wordt het duurzaamheidsbeleid niet in de breedte geëvalueerd. Zoals geconstateerd in hoofdstuk 2, is er zowel vanuit de ambtelijke organisatie, vanuit het college, en vanuit de raad wel behoefte om kennis en informatie over de verschillende duurzaamheidsthema’s met elkaar te delen. Bijstelling van het beleid Via raadsinformatiebrief Nr. RI18.0081 (2018) heeft het college de raad geïnformeerd over de uitkomsten van een onderzoek door HVC. Uit dat onderzoek bleek dat de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn met de huidige inspanningen niet gehaald wordt (zie hoofdstuk 3: Resultaten). De gemeenteraad heeft de ambities en doelstellingen naar aanleiding van die brief niet bijgesteld.
| Nota van bevindingen onderzoek duurzaamheid Den Helder
20
5. Bevindingen deelvraag 4: samenwerking 5.1 Externe samenwerking Verduurzamen van Den Helder kan de gemeentelijke organisatie niet alleen. Daarvoor is samenwerking met partners en stakeholders, waaronder inwoners, binnen de gemeente noodzakelijk. Van die noodzakelijkheid is iedereen die we gesproken hebben zich erg bewust: de gemeente is afhankelijk van externe partners bij verduurzaming van Den Helder. Betrokkenen zijn ook welwillend om samen te werken aan verduurzaming. Dat geldt zowel voor de wethouder duurzaamheid, ambtenaren, en stakeholders. Stakeholders staan positief ten opzichte van samenwerking met de gemeente. Initiatief tot contact en samenwerking komt vaak vanuit de stakeholders. Dat wordt ook gezien en gewaardeerd vanuit de gemeentelijke organisatie. Een voorbeeld van een partij die aan de hand van een eigen duurzaamheidsbeleid grote stappen zet om woningen te verduurzamen is Woningstichting Den Helder. Deze stichting bezit bijna de helft van de woningen in Den Helder en is dus een hele grote speler. De inspanningen van Woningstichting dragen direct bij aan de duurzaamheidsambities van de gemeente Den Helder en is een welkome partner. Stakeholders constateren ook een grote welwillendheid binnen de gemeentelijke organisatie om samen te werken. Tegelijkertijd is er sprake van tijdgebrek bij ambtenaren.