Bijlage 5 - Archeologisch bureauonderzoek Dijkkwartier fase 1 en fase 2.pdf.pdf
Tekst van het document
508485
Kantoor
1846-1847
Algemeen belang: cultuurhistorisch, architectuurhistorisch
531547
Terreinaanleg/ terreininrichting
19e eeuw Eerste bouwfase: 1813-1823
Algemeen belang: maritiemhistorisch en architectuurhistorisch
508463
Stenen droogdok
1857-1866
Algemeen belang: cultuurhistorisch, architectuurhistorisch en constructief
508467
Werkplaats/ loods
1823
Belang: cultuur- en architectuurhistorisch
Rijkswerf Willemsoord
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
31/46
508468
Ketelmakerij
1918-1920
Algemeen belang: historisch functioneel onderdeel
508464
Mastenloods/ mastenmakerij
1826
Algemeen belang: historisch functioneel onderdeel
508462
School
1946
Belang: cultuur- en architectuurhistorisch
508480
Directiegebouw
1824
Belang: cultuur- en architectuurhistorisch
508461
Instituut
1869-1870
Algemeen belang: historisch functioneel onderdeel
508470
Gebouw voor opslag van licht ontvlambare stoffen
1823
Algemeen belang: historisch functioneel onderdeel
508475
Werkplaats/ magazijn
1813-1823
Algemeen belang: historisch functioneel basisonderdeel
508477
Pand
1839
Belang: historisch functioneel onderdeel
508473
Magazijn/ loods
1813-1823
Algemeen belang: historisch functioneel basisonderdeel
508474
Woonhuis
1862
Algemeen belang: historisch functioneel onderdeel
508476
Werkplaats/ smederij
1813-1823
Algemeen belang: historisch functioneel basisonderdeel
508465
Rij kanonneerbootkappen, later sloepenloods
1833
Algemeen belang: historisch functioneel onderdeel
508466
Stoommachinegebouw
1813-1823
Algemeen belang: historisch functioneel hoofdonderdeel
508471
Stenen droogdok
1812-1822
Algemeen belang: historisch functioneel hoofdonderdeel
508479
Kleine gebouw: opslag en schaftlokaal
1868-1870
Belang: historisch functioneel onderdeel
508472
Nat dok
1812-1823
Algemeen belang: historisch functioneel hoofdonderdeel
508469
Scheepsmakers werkplaats
1938-1948
Algemeen belang: historisch functioneel onderdeel
2.3.5
Ondergrondse bouwhistorische waarden
In het plangebied is er bebouwing bekend op basis van historische kaarten (zie 2.4.2) en worden ondergrondse bouwhistorische waarden verwacht.
2.3.6
Overige bronnen
Er zijn voor dit bureauonderzoek nog geen amateurarcheologen en/of de regionale/lokale historische vereniging benaderd. NUMIS (NUMismatisch Informatie Systeem) is een database waarin beschrijvingen zijn te vinden van in Nederland gevonden munten, penningen en andere numismatische voorwerpen.14 In NUMIS zijn alle bij het Geldmuseum bekende schatvondsten beschreven. Van losse vondsten is vooral materiaal van vóór het jaar 1600 na Chr. opgenomen. Het raadplegen van NUMIS heeft voor het plangebied geen aanvullende informatie opgeleverd met betrekking tot archeologie. In de database van Portable Antiquities of the Netherlands (PAN) worden oudheidkundige vondsten, met name metaalvondsten gevonden met behulp van een metaaldetector,
14 NNC-ontsluiting - DNB.nl - De Nederlandsche Bank
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
32/46
geregistreerd en online gepubliceerd. Het raadplegen van de PAN heeft geen aanvullende informatie opgeleverd voor dit onderzoek. 15 Het raadplegen van digitaal beschikbare gegevens uit het provinciaal/gemeentelijk depot voor bodemvondsten heeft geen aanvullende informatie opgeleverd voor dit onderzoek.
2.4
Historische situatie en mogelijke verstoringen
2.4.1
Historische situatie
Op basis van historische kaarten en historische bronnen kan inzicht worden verkregen in het historisch gebruik en vestigingslocaties in de periode Late Middeleeuwen tot begin 20e eeuw. In een groot deel van die periode was men meer dan tegenwoordig gebonden aan de (on)mogelijkheden die het natuurlijke landschap bood voor bewoning en de verschillende vormen van landgebruik. De historisch situatie zegt daarmee iets over de archeologische potentie van het gebied. Daarnaast kan het informatie leveren over eventuele bodemverstoringen die in het verleden hebben plaats gevonden. Huisduinen was het oorspronkelijke oudere deel van de stad, terwijl Helder zelf een nabijgelegen kleinere nederzetting was. Toen er een haven nabij Helder werd aangelegd, begon het dorp te groeien en werd later de zetel van het bestuur in plaats van Huisduinen. Vanwege de strategische ligging aan de punt van het Noord-Hollandse schiereiland werden er meerdere vestingwerken in de omgeving gebouwd. Den Helder heeft een belangrijke rol gespeeld in de Nederlandse scheepvaart. Tijdens de Nederlandse Gouden Eeuw werden schepen in de buurt van Den Helder samengesteld en vertrokken ze van daaruit de wereldzeeën op. Op 23 januari 1795 veroverden de Fransen 14 Nederlandse schepen en 850 kanonnen in de diepvroren haven van de stad. In 1799 was de stad het doelwit van de Anglo-Russische invasie van Holland.
Tijdens de jaren 1820 werd het Noordhollandsch Kanaal gegraven van Amsterdam naar Den Helder. De vuurtoren Lange Jaap werd in 1877 gebouwd en is met 63,45 meter de hoogste gietijzeren vuurtoren van Europa. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het grootste deel van de stad geëvacueerd en werd het oude stadscentrum verwoest.
2.4.2
Historische kaarten
In tabel 2.5. zijn de geraadpleegde historische kaarten weergegeven met een beschrijving van de situatie binnen en in de omgeving de van het plangebied. Hierbij wordt gelet op de aanwezigheid van wegen, bewoning, waterlopen, bruggen, etc. Tabel 2-5. Overzicht historisch kaartmateriaal en gebeurtenissen Bron/auteur Le Mairs polder bij Den Helder
15
Datering/ jaartal 1641
Kaartblad/schaal
Omschrijving omgeving
Onbekend.
Den Helder wordt weergegeven als een veel smaller dorp in vergelijking met Huysduynen in het oosten. Het gebied is omringd door duinen.
Beschrijving plangebied Er zijn geen woningen binnen het plangebied, hoewel het kanaal al is aangelegd.
PAN - Portable Antiquities Netherlands (portable-antiquities.nl)
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
33/46
16
Noordhollands noordelykste gedeelte16
1750
1:150.000
Helder is uitgebreid en heeft op dit moment meer belang vanwege zijn gunstige positie als haven. Het oude centrum van Helder is gebouwd, evenals de dijken, maar Oostsloot bestaat nog niet. Versterkingen van de dijk.
Idem.
Kadastrale Minuutplannen
1811-1832
1:2.500
Er zijn meer gebouwen in en rond het oude centrum van Den Helder.
Het plangebied bevat woningen.
Topografische Kaart
1850-1899
1:25.000
De haven is ontwikkeld en uitgebreid.
Idem.
Topografische Kaart
1900-1952
1:25.000
De buurt Oostsloot is gebouwd.
Meer bebouwing binnen het plangebied.
Topografische Kaart
1953-1962
1:25.000
Uitbreiding en ontwikkeling van Den Helder.
Het lijkt erop dat de woningen binnen het plangebied zijn vernietigd (mogelijk door bombardementen), er zijn geen nieuwe gebouwen.
Topografische Kaart
1963-1984
1:25.000
Idem.
Idem.
Topografische Kaart
1985-1993
1:25.000
Uitbreiding en ontwikkeling van Den Helder. Versterkingen van de dijk.
Bouw van nieuwe woningen binnen het plangebied.
Topografische Kaart
1994-heden
1:25.000
Idem.
Idem.
MIN07047A02
https://hdl.handle.net/1874/348852
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
34/46
Afbeelding 2.9: Uitsnede van Le Mairs polder bij Den Helder, 1641 door Claes Janszoon Visscher. (zicht vanuit het noorden). Plangebied rood omlijnd.
Afbeelding 2.10: Uitsnede van Noordhollands Noordelykste Gedeelte kaart, 1750. Plangebied rood omlijnd (bron: Utrecht Universiteit)
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
35/46
Afbeelding 2.11: Kadastrale kaart 1811-1832: minuutplan Helder en Huisduinen, Noord-Holland, sectie A, blad 02 (MIN07047A02)
Afbeelding 2.12: Uitsnede Topografische Kaart 1850-1899 (bron: topotijdreis.nl)
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
36/46
Afbeelding 2.13: Uitsnede Topografische Kaart 1900-1952 (bron: topotijdreis.nl)
Afbeelding 2.14: Uitsnede Topografische Kaart 1953-1962 (bron: topotijdreis.nl)
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
37/46
Afbeelding 2.15: Uitsnede Topografische Kaart 1963-1984 (bron: topotijdreis.nl)
Afbeelding 2.16: Uitsnede Topografische Kaart 1985-1993 (bron: topotijdreis.nl)
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
38/46
Afbeelding 2.17: Uitsnede Topografische Kaart 1994-heden (bron: topotijdreis.nl)
2.4.3
Militair-historische gegevens
In 1781 werd Den Helder ingericht als oorlogshaven. Op de plaats van het huidige Fort Oostoever werd tussen 1791-1792 het Nieuwe Werk aangelegd als kiel- en werkplaats, en werden verdedigingswerken gebouwd ter bescherming van de haven. De landzijde werd echter niet verdedigd, waardoor de Engelsen en Russen in 1799 de stad gemakkelijk over land konden binnentrekken. In 1810 werd Nederland ingelijfd bij het napoleontische Frankrijk. De oorlogshaven moest het 'Gibraltar van het Noorden' worden, en in de jaren 1811-1813 werden er uitgebreide vestingwerken aangelegd: fort Du Falga, een stuk vestingwal ten zuiden van Willemsoord, fort Lasalle (fort Erfprins), fort Morlan (Kijkduin) en fort L’Ecluse (Dirks Admiraal). Ook gedurende de Duitse bezetting in de Tweede Wereldoorlog bleef Den Helder van grote strategische betekenis. De Duitsers legden destijds een verdedigingslinie aan van Noorwegen tot de Spaanse grens. Deze 'Atlantikwall' bestaat uit bunkers, geschutsopstellingen, versperringen en mijnenvelden die geconcentreerd zijn langs strategische punten. Den Helder is zo'n strategisch punt. In 1943 werd het oude centrum van Den Helder vrijwel volledig afgebroken en werden er in en rond de stad meer dan 300 bunkers gebouwd. Ook de bestaande forten werden gebruikt. In het westen kwamen drie extra versterkte bunkers met radarsystemen voor de luchtverdediging.
In het zuiden werd het land beschermd door een brede antitankgracht, waar mijnen werden gelegd. De Atlantikwall werd nooit helemaal voltooid.17
2.4.4
Mogelijke verstoringen
Binnen het plangebied zijn geen bodemverstoringen, saneringen of ondergrondse olietanks, benzinepompinstallaties en dergelijke bekend waardoor archeologische resten mogelijk verloren zijn gegaan.18 Binnen het plangebied hebben zeer waarschijnlijk verstoringen 17 18
Verniers, 2017 en ikme.nl www.bodemloket.nl
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
39/46
plaatsgevonden vanwege de aanleg en sloop van gebouwen (weggraven van fundamenten) en de aanleg van kabels en leidingen. In het plangebied zijn bodemingrepen bekend tijdens de aanleg van kabels en leidingen die eventuele archeologische resten kunnen hebben verstoord. De exacte ligging en dieptes van deze verstoringen is echter niet bekend. Vanwege de aanwijzingen van een DINOloket boring, oude kaarten en details over de militaire geschiedenis, is het zeer waarschijnlijk dat dit gebied tijdens de Tweede Wereldoorlog door bombardementen is verwoest. Dit zou kunnen leiden tot zeer diepe potentiële verstoringen, evenals een dikke laag puin onder de huidige gebouwen.
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
40/46
3
Archeologische verwachting
Op basis van de hierboven gepresenteerde en geïnterpreteerde bronnen en gegevens is een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld voor het plangebied. De verzamelde archeologische en landschappelijke gegevens zijn gecombineerd om tot een archeologisch verwachtingsmodel te komen. Dit verwachtingsmodel is uitgesplitst naar vier hoofdperioden: Neolithicum tot de IJzertijd De archeologische resten uit deze perioden hebben een middelhoge verwachting in de top van de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Wormer, verwacht op een diepte van 5 tot 7 m -mv. Verwachte sporen uit deze periode omvatten bewoningssporen, tijdelijke kampementen, haardkuilen, sporen van (semi permanente) nederzettingen en tekenen van agrarisch landgebruik. Verwachte vondsten uit deze periode omvatten vuurstenen artefacten, fragmenten van keramiek en natuursteen. Deze bevinden zich met een gemiddelde verwachting in de top van het pleistocene dekzand; echter, aangezien de geplande ingrepen dit niveau niet zullen bereiken kunnen deze waarden in-situ behouden blijven. Romeinse periode en Vroege Middeleeuwen De archeologische resten uit deze perioden worden verwacht in de top van de Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket tussen 3 en 4 m -mv. Verwachte sporen uit deze periode omvatten (semi permanente) nederzettingen en bewijs van agrarisch/industrieel landgebruik.
Verwachte vondsten uit deze periode omvatten fragmenten van keramiek, glas, metaal, natuursteen en bouwmaterialen. Aangezien dit gebied zwaar is geërodeerd door overstromingen, is er een lage verwachting van vondsten uit deze perioden. Late Middeleeuwen De archeologische resten uit deze periode worden verwacht in de top van de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Walcheren tot ongeveer 3 m -mv. Verwachte sporen uit deze periode omvatten boerderijen, stenen dijkrestanten en woonhuizen, bewijs van agrarisch/industrieel landgebruik. Met verwachte vondsten van keramiek, glas, metaal, natuursteen en bouwmaterialen. Aangezien de late middeleeuwen een tijd was waarin de dijken versterkt werden, evenals de uitbreiding van nederzettingen in het gebied, is er een middelhoge archeologische verwachting voor resten uit deze periode. Nieuwe Tijd De archeologische resten uit deze periode worden verwacht in de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Walcheren tot ongeveer 3 m -mv. Verwachte sporen uit deze periode omvatten boerderijen en woonhuizen, bewijs van agrarisch/industrieel landgebruik. Met verwachte vondsten van keramiek, glas, metaal, natuursteen en bouwmaterialen. Via historische kaarten kan worden gezien dat dit gebied sinds het begin van de 19e eeuw bebouwd is, en het valt binnen de historische kern van Den Helder.
Dit was ook een gebied dat in de Tweede Wereldoorlog werd getroffen door bombardementen en bezetting. De verwachte archeologische resten uit deze periode zijn resten van gevechts- en observatieposities voor infanterie, geschuts posities, loopgraven, mangaten, betonconstructies bedekt met puin en barakken. In het beleidskader van 2018 staat "In de jaren vijftig is dit gehele gebied getransformeerd waarbij mogelijk een deel van de ondieper liggende archeologische waarden beschadigd of mogelijk verdwenen zijn", dus het is mogelijk dat veel van de militaire resten zijn verwijderd en/of verstoord in dit proces. Aangezien het plangebied bewoond was tijdens de Nieuwe Tijd, evenals bewijs van eerdere archeologische veldonderzoeken binnen en rondom het plangebied, is er een zeer hoge archeologische verwachting voor resten uit deze periode.
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
41/46
4
Conclusie en advies
4.1
Conclusie
In opdracht met Zeestad B.V. heeft Sweco Nederland B.V. een bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Dijkkwartier fase 1 en 2 bij Den Helder in de gemeente Den Helder. De aanleiding voor dit bureauonderzoek is dat de gebouwen op de locatie van fase 1 en 2 zullen worden gesloopt, de dijk zal worden verbreed, en daarbovenop woningbouw en straten zullen worden aangelegd. In principe zullen er geen graafwerkzaamheden plaatsvinden vanaf het huidige grondniveau, hoewel er potentieel is voor enkele kruipruimtes. Een groot deel van het plangebied ligt binnen het archeologische monument van de historische kern van Den Helder (14945), en vondsten binnen het onderzoekgebied zijn gedateerd van de Steentijd tot de Nieuwe Tijd. Sinds de 16e eeuw is Den Helder een belangrijk handelscentrum geweest met aanzienlijke historische en archeologische waarde. Op basis van de hierboven gepresenteerde en geïnterpreteerde bronnen en gegevens is een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld voor het plangebied. Er is een middelhoge verwachting voor resten uit de Steentijd, echter deze archeologische waarden zullen met de geplande ingrepen niet worden bereikt en kunnen in-situ behouden blijven. Er is een lage archeologische verwachting voor resten van de Romeinse tijd tot de Vroege Middeleeuwen vanwege de diepte van potentiële resten en de erosie door herhaalde overstromingen.
Voor de Late Middeleeuwen is er een gemiddelde archeologische verwachting van sporen en vondsten die wijzen op landgebruik voor landbouw en mogelijk bewoning. Er is een zeer hoge verwachting van archeologische resten uit de Nieuwe Tijd, met name vondsten gerelateerd aan gebouwen, aangezien er sinds minstens de 19e eeuw woningbouw heeft plaatsgevonden binnen het plangebied. Er is ook een kans op het aantreffen van militaire resten uit deze periode. Archeologische resten uit de Nieuwe Tijd worden verwacht direct onder het grondoppervlak zichtbaar te zijn, mogelijk in de vorm van een dikke laag puin en zwaar verstoord. Omdat er minimale geplande graafwerkzaamheden zijn vanaf het huidige grondniveau, evenals de uitbreiding van de dijk en verdere ophoging, is de grootste kans op verstoring van archeologische resten tijdens het sloopproces en bij het aanleggen van kabelsleuven/rioleringen waar deze nog niet aanwezig zijn. In het noordelijke deel van het plangebied vormen de voorgestelde werkzaamheden geen risico voor het verstoren van potentiële archeologische resten. In de zuidelijke helft van het plangebied, waar al woningen zijn, vooral binnen het AMK-terrein, en met de dubbelbestemming archeologische waarde, is er een veel groter potentieel voor het verstoren van archeologische resten die zich net onder het huidige grondniveau kunnen bevinden.
4.2
Advies
Op basis van de resultaten van het bureauonderzoek adviseert Sweco Nederland om bij ontgravingen dieper dan 35 cm – het huidige maaiveld om vervolgonderzoek uit te voeren. Een bureau- en booronderzoek uitgevoerd door ADC ArcheoProjecten in 2005 (archisnummer: 2090280100) heeft aangetoond dat de locaties niet intensief kunnen worden onderzocht door middel van boringen vanwege de aanwezigheid van puin in de ondergrond. Daarom wordt voorgesteld om daar waar ingrepen dieper dan 35 cm – mv plaatsvinden, deze onder archeologische begeleiding te laten uitvoeren. Dit geldt ook voor het slopen van bestaande funderingen dieper dan het maaiveld, en bijvoorbeeld bij de aanleg van
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
42/46
kabelsleuven/rioolsleuven daar waar deze niet reeds aanwezig zijn. Voor aanvang van het onderzoek dient een door de bevoegde overheid goedgekeurd PvE opgesteld te worden. Algemeen Indien bij de uitvoering van de werkzaamheden toch onverwacht archeologische resten worden aangetroffen, dan is conform artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet aanmelding van de desbetreffende vondsten bij de minister verplicht (vondstmelding via de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed: d.m.v. een Archis-vondstmelding) en de bevoegde overheid (gemeente Den Helder).19 De Omgevingswet regelt dat in het geval van archeologische toevalsvondsten van algemeen belang, niet alleen de minister van OCW, maar ook de gemeente bevoegd is om bodemverstorende werkzaamheden stil te leggen. De bevoegde overheid neemt op basis van dit rapport een (selectie)besluit. De mogelijkheid bestaat dat dit besluit afwijkt van het door ons opgestelde advies.
19
https://formulier.cultureelerfgoed.nl/archis/vondstmeldingsformulier
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
43/46
Literatuur en gebruikte bronnen Literatuur Alterra. Bodemkaart van Nederland schaal 1:50.000. Wageningen UR. Berendsen, H.J.A., 2004. Fysische geografie van Nederland. De vorming van het land. Van Gorcum, Assen. Berg, S. van den, 2017. Plangebied KIM en Marinemuseum in Den Helder, gemeente Den Helder; archeologisch vooronderzoek: een aanvullend bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennende fase). RAAP-notitie 6124. Bot, M.C.J., 2022. Molenplein fase 2, Den Helder. ADC-rapport 5838. Brands, D.F., 2021. Archeologisch bureauonderzoek voor het plangebied Willemsoord 41 te Den Helder, gemeente Den Helder (NH). Hollandia-reeks 887. Brandt, R.W., E. Drenth, M. Montforts, R.H.P. Proos, I.M. Roorda & R. Wiemer, 1992. Archeologisch Basis register ARCHIS. Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Breda, W.A. van, 2015. Archeologisch onderzoek Ontwikkeling “De Kampagne” op Willemsoord te Den Helder, Archeologische Begeleiding. Grontmij Archeologische Rapporten 1483. Brenk, S. van den & R. van Lil & Waldus, W., 2009. IVO Opwaterfase Zoekgebieden Mosselzaadinvanginstallaties. Periplus Archeomare Rapport 09_A006B. Brokke, A.J., 2015. Bureauonderzoek keersluis Het Boerenverdriet. Arcadis-rapport 3. Dautzenberg, M.J.J., 2021. Den Helder Willemsoord 41 IVO-O. Hollandia-reeks 898. Dijk, D.A., 2008a.
Den Helder (N.H.) - Waterberging Het Nieuwe Diep: Een Archeologisch Bureauonderzoek. Steekproefrapport 2008-09/13. Gerrets, D.A., 2010. Op de grens van land en water: dynamiek van landschap en samenleving in Frisia gedurende de Romeinse tijd en de Volksverhuizingstijd. Vol. 13. Barkhuis. Hagens, D., 2014. Bureauonderzoek Bevesierweg te Den Helder. Synthegra rapport S120293. Hanemaaijer, M. en van Rooij, J.A.G., 2011. Ankerpark 27 te Den Helder. Een Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van een verkennend en karterend booronderzoek. ADC-rapport 2210. Klooster, B., 2010. Archeologisch onderzoek Willemsoord te Den Helder. Grontmij Archeologische Rapporten 824. Kremer, H., 2013. Bureauonderzoek Stationslocatie te Den-Helder. Synthegra rapport S130098 Krol, T.N., 2013. Archeologisch bureauonderzoek Oud Den Helder en Visbuurt te Den Helder, gemeente Den Helder (NH). MUG rapport 2013-65. Kuijl, E.E.A. van der & Woolschot, D., 2018. Bureauonderzoek Archeologie Plangebied Het Nieuwe Diep 12-14 te Den Helder, gemeente Den Helder. Hamaland rapport 182068. Lil, R. van & Benjamins, M., 2007. Fort Erfprins in Den Helder Beleidsadvieskaart. ADC Rapport 867. Lil, R. van, 2005. Het stadshart 2005, Den Helder, Een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen. ADC-rapport 366. Amersfoort.
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
44/46
Locher, W.P. & H. de Bakker, 1990: Bodemkunde van Nederland. Deel 1: Algemene bodemkunde. Malmberg, Den Bosch. Loopik, J., 2016. Den Helder – Het Stadshart Molenplein 3. Een Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van proefsleuven. ADC-rapport 4220. Maas, G.J., van Delft, S.P.J. & Heidema, A.H., 2017: Toelichting bij de legenda Geomorfologische kaart van Nederland 1:50 000 (2017). Web publication/site, Wageningen Environmental Research. http://legendageomorfologie.wur.nl. Manders,M.,Kosian, M. & S. van den Brink, 2014. De gelaagde geschiedenis van de Westelijke Waddenzee. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort. Nales, T., 2013. Inventariserend veldonderzoek, Denk Helder, Weststraat 110. Transect Rapport 279. Nillesen, R. & Leuvering, J.H.F., 2011. Bureauonderzoek, Stationslocatie te Den Helder. Synthegra rapport S110139 Pape, H.G., 2013. Archeologisch bureauonderzoek, Den Helder, School 7. Transect Rapport 258. Puijenbroek, F.P.J. van, 2024. Prins Hendriklaan 5-7 te Den Helder, gemeente Den Helder. Een bureauonderzoek. ADC-rapport 6332. Rijlaarsdam, S.A., 2019. Stadspark Den Helder, gemeente Den Helder. Bureauonderzoek. Synthegra rapport S190030. Roest, J. van der, 2014. Archeologisch onderzoek ontwikkeling “De Kampanje” op Willemsoord te Den Helder - inventariserend veldonderzoek door middel van boringen (IVO-B). Grontmijrapport 1354. Roest, J. van der, 2015.
Archeologisch onderzoek bouw podium op Willemsoord te Den Helder i.o.v. Willemsoord B.V. Grontmij-rapport 1483. Salomons, K.T., 2024, Een bureauonderzoek van de Stelling van Den Helder, lokaties B, C2 en D te Den Helder, gemeente Den Helder, https://doi.org/10.17026/AR/9S5AES, DANS Data Station Archaeology, V1; 494. Schokker, J., 2010. Geologische overzichtskaart van Nederland. Utrecht: TNO Bouw en Ondergrond. Semeijn, R., 2022. De loodsen in Den Helder, Willemsoord 66-72. ADC-rapport 6004. SIKB, 2018. BRL SIKB 4000 Beoordelingsrichtlijn Archeologie versie 4.2 (incl. Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie KNA). Gouda, SIKB. Stevens, F., 2020. Koningstraat, Oostlootstraat te Den Helder, gemeente Den Helder, bureauonderzoek. Synthegra rapport S200032. Thanos, C.S.I., 2011. Archeologisch onderzoek Veerhaven Den Helder Gemeente Den Helder. Grontmij Archeologische Rapporten 1059. Vermoolen, S.M., 2023. Archeologisch bureauonderzoek voor het plangebied Oostslootbuurt in Den Helder, gemeente Den Helder. Hollandia-Reeks 1105. Verniers, L., 2017. Beleidskader Archeologie 2017. NMF Erfgoedadviesrapport 3. Gemeente Den Helder. Verweij, J.P.F., 2013. Bureauonderzoek plangebieden Nieuwe Haven Den Helder. ADC-rapport 3318.
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
45/46
Vos, P., Meulen, M. van der. Weerts, H.J.T. & Bazelmans, J., 2018. Atlas van Nederland in het Holoceen. Landschap en bewoning vanaf de laatste ijstijd tot nu. Amsterdam: Prometheus. Vos, P. & S. de Vries, 2013. 2e generatie palaeogeografische kaarten van Nederland (versie 2.0). Deltares, Utrecht. Vries, F. de, Groot, W. J. M. de, Hoogland, T.,& Denneboom, J., 2003: De Bodemkaart van Nederland digitaal; toelichting bij inhoud, actualiteit en methodiek en korte beschrijving van additionele informatie. Alterra-rapport; No. 811, Alterra. https://edepot.wur.nl/21850. Vries, N. de, 2016. Archeologisch bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase. Den Helder – Kanonnenplein. Gemeente Den Helder (NH). Transect Rapport 893. Wageningen Environmental Research, 2017: Geomorfologische Kaart van Nederland (2017), schaal 1:50.000. Weerheijm, W.J., 2019. Archeologisch onderzoek plangebied Boerenverdrietsluis (BVS) en Koopvaardersschutsluis (KVSS) te Den Helder, gemeente Den Helder; archeologisch bureauonderzoek. Sweco archeologische rapporten 2200. Woltering, P. J., 1978. Den Helder: Parkzicht. PJ Woltering (red.), Archeologische kroniek van Noord-Holland over, 246-7.
Gebruikte bronnen www.ahn.nl archis.cultureelerfgoed.nl www.bodemloket.nl www.dinoloket.nl www.ikme.nl www.pdok.nl www.topotijdreis.nl
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
46/46
Bijlage 1.
Geologische en Archeologische perioden
Tabel 1. Geologische tijdvakken en perioden Chronostratigrafie Kwartair Holoceen
Pleistoceen
Subatlanticum Subboreaal Atlanticum Boreaal Preboreaal Laat Weichselien (ijstijd) Eemien Midden Saalien (ijstijd) Elsterien (ijstijd) Vroeg
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 Datum: 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
Jaren geleden 3.000 5.000 8.000 9.000 11.700 126.000 116.000 126.000 465.000 238.000 465.000 2.580.000 -
heden 3.000 5.000 8.000 9.000 11.700 11.700 116.000 126.000 126.000 418.000 465.000
Tabel 2 Overzicht van archeologische perioden (naar Archis) Periode Paleolithicum (Oude Steentijd)
Tijd
Vroeg
tot
8800 v.Chr.
-
300.000 BP
Midden
300.000
-
35.000 BP
Neanderthalers
Laat
35.000 BP
-
8800 v.Chr.
Mesolithicum (Midden Steentijd)
8800 v.Chr.
-
4900 v.Chr.
Neolithicum (Nieuwe Steentijd)
5300 v.Chr.
-
2000 v.Chr.
Vroeg
5300 v.Chr.
-
4200 v.Chr.
Midden
4200 v.Chr.
-
2850 v.Chr.
Trechterbekercultuur
Laat
2850 v.Chr.
-
2000 v.Chr.
Enkelgrafcultuur/Klokbekers
Bronstijd
2000 v.Chr.
-
800 v.Chr.
Vroeg
2000 v.Chr
-
1800 v.Chr
Midden
1800 v.Chr.
-
1100 v.Chr.
Laat
1100 v.Chr.
-
800 v.Chr.
IJzertijd
800 v.Chr.
-
12 v.Chr.
Vroeg
800 v.Chr.
-
500 v.Chr.
Midden
500 v.Chr.
-
250 v.Chr.
Laat
250 v.Chr.
-
12 v.Chr.
Romeinse Tijd
12 v.Chr.
-
450 na Chr.
Vroeg
12 v.Chr.
-
70 na Chr.
Midden
70 na Chr.
-
270 na Chr.
Laat
270 na Chr.
-
450 na Chr.
Vroege Middeleeuwen
450
-
1050 na Chr.
Vroeg A
450
-
525
Volksverhuizingstijd
Vroeg B
525
-
725
Merovingisch
Vroeg C
725
-
900
Karolingisch Ottoons
Vroeg D
900
-
1050
Late Middeleeuwen
1050
-
1500
Laat A
1050
-
1250
Laat B
1250
-
1500
Nieuwe Tijd
1500
-
heden
Nieuwe tijd A
1500
-
1650
Nieuwe tijd B
1650
-
1850
Nieuwe tijd C
1850
-
Heden
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 Datum: 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
Volle Middeleeuwen
Bijlage 2
Ligging plangebied
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 Datum: 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
Bijlage 3
AMK-terreinen
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 Datum: 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
Bijlage 4
Vondstmeldingen
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 Datum: 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
Bijlage 5
Onderzoekmeldingen
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 Datum: 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973
Bijlage 6
Rijksmonumenten
Sweco | SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2844 Projectnummer: 51009132 Datum: 07-04-2025
Versie: C1
Document referentie: NL25-648800269-130973