bijlage 1 Impactprogramma de nulmeting 2017.pdf
Tekst van het document
Een afname van € 630 miljoen tussen 2016 en 2040 Daling vastgoed-waarde: € 22 miljoen
€ 30 miljoen
--
-
-
+
Waardedaling retail vastgoed (leegstand) Voorzieningen Leefbaarheid
€ 1 miljoen Nog steeds een afname, maar minder sterk Leefbaarheid verbetert iets, in plaats van verslechtering
De impact van de projecten in het Programma is zowel kwantitatief als kwalitatief. Een belangrijk uitgangspunten dat we hanteren voor het beleidsscenario is dat we uitgaan van een lichte aanpassing van de bevolking; de impact van het gehele programma zorgt er voor dat er iets minder jonge mensen en mensen in de beroepsbevolkingsleeftijd vertrekken; 2% of circa 400 personen. Deze extra personen zorgen voor de totale periode voor circa € 30 miljoen aan extra bestedingen in de retail, en op sommige plekken wellicht net dat beetje draagvlak voor bepaalde voorzieningen. De regionale aanpak en afstemming zorgt ook voor een betere aanpak van de noodzakelijke, soms moeilijke keuzes voor voorzieningen. Het opstellen van de verschillende plannen van aanpak en omgevingsvisie zullen leiden tot een meer structurele, regionale aanpak wat leidt tot scherpere keuzes en meer effecten dan indien dit voor de gemeenten afzonderlijk zou gebeuren. Dit komt zowel de kwantitatieve als kwalitatieve effecten ten goede.
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
27
3.4 Aanbevelingen Regionale samenwerking cruciaal Het behoud van het woon- en leefklimaat en het aanbod en kwalitatieve verdeling van de winkels en voorzieningen is gezien de bevolkingsafname een opgave. Met de projecten ‘Vestigingsmilieus’ en ‘Opstellen omgevingsvisie’ wordt ingezet op de regionale samenwerking tussen de gemeenten. Er zijn immers keuzes nodig tussen kernen en gemeenten als het gaat om het toevoegen van of kwalitatief verbeteren van het woon- en leefklimaat en de voorzieningen. Deze zullen op de beste plekken moeten landen, zodat zoveel mogelijk kernen hiervan profijt hebben. Een goede samenwerking en afstemming is noodzakelijk om concurrentie en inefficiency te vermijden. Verder zal op veel plekken ingezet worden op kwalitatieve aanpassing van de huidige voorraad, zoals ook het project “Verduurzaming levensloopbestendigheid bestaande voorraad” beoogt. Met de vergrijzing die intreedt zal hier veel behoefte aan zijn. Dit soort projecten en samenwerking hierin leidt tot goede resultaten, niet alleen kwalitatief maar ook kwantitatief zoals het terugdringen van het overaanbod en hiermee terugdringen van een verwachte waardedaling van woningen. Nieuwe strategieën en keuzes zijn nodig voor de verdeling van voorzieningen als winkels, zorg en scholen.
In het programma zijn nu twee projecten specifiek hiervoor opgenomen, maar in werkelijkheid zal de samenwerking breder en dieper zijn en ook moeten zijn.
28
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
4 Arbeidsmarkt en Onderwijs 4.1 Hoe staat de regio ervoor? Dalende trend in aantal leerlingen, weinig hoger opgeleiden De Kop van Noord-Holland telde in 2016 zo’n 21.800 leerlingen in het basis- en voorgezet onderwijs. Het aantal leerlingen op instellingen in het basis- en voortgezet onderwijs is in de afgelopen jaren afgenomen. Het aantal studenten woonachtig in de Kop dat MBO-, HBO- of WO-onderwijs volgt, steeg in de afgelopen jaren. Opvallend is benedengemiddelde aandeel hoger opgeleiden en studenten, dat in de regio woont. Het gaat om zo’n 500 studenten die een opleiding volgen in het wetenschappelijk onderwijs. Dat is zo’n 6% van in totaal circa 8.700 studenten in het middelbaar en hoger beroepsonderwijs. Op nationaal niveau ligt dit percentage op 22%. Belangrijke reden voor dit lage aandeel is dat er in de regio zelf naast de Faculteit Militaire Wetenschappen geen HBO- en WO-instellingen aanwezig zijn. Omdat de afstand tot andere HBOen WO-instellingen groot is, is er voor veel studenten weinig andere keuze dan verhuizen. Grootste gedeelte mbo-studenten volgt opleiding in speerpuntsector Medisch Het grootste deel van de studenten in de Kop volgt een studie die samenhangt met de speerpuntsector Medisch.
We hebben een inschatting gemaakt van het aandeel van de speerpuntsectoren in aantal studenten, op basis van de huidige verdeling van studenten naar opleidingsrichting (open data DUO). Er wonen ruim 5.700 studenten in de Kop die een MBO-opleiding volgen. Circa 30% daarvan van de MBOstudenten volgt een opleiding in de richting zorg, welzijn en sport. De MBO-sectoren ‘creatieve industrie en ICT’ en ‘mobiliteit, transport, logistiek, maritiem’ kenden in de afgelopen jaren een sterke groei. Figuur 14: Aandeel vijf speerpuntsectoren van de Kop in aantal studenten 0%
5%
10%
15%
20%
25%
30%
35%
Medisch Vrijetijdseconomie Marien, maritiem & offshore Agribusiness (Duurzame) Energie Bron: DUO open databestanden; Bewerking: Stec Groep, 2018.
Vooral tekort aan werknemers in technische beroepen In januari 2018 waren er in totaal zo’n 4.200 vacatures in de (arbeidsmarkt)regio Noord-Holland Noord. Bijna de helft (43%) daarvan betrof technische beroepen. De meeste vacatures waren er voor elektriciens & elektronicamonteurs, hulpkrachten bouw & industrie en machinemonteurs. Beroepsgroepen met een hoge spanningsindicator (verhouding vraag en aanbod, UWV) zijn onder andere bouwarbeiders, machinemonteurs, assemblagemedewerkers, verpleegkundigen en keukenhulpen.
29
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
In de bestuursopdracht Match 2020 is onderzoek gedaan naar krapte op de arbeidsmarkt binnen verschillende segmenten van de speerpuntsectoren. Daaruit blijkt het volgende: • In de speerpuntsector Agribusiness ervaren teeltbedrijven in de Kop in toenemende mate moeilijkheden om personeel voor het middenkader op MBO-niveau 4 te werven. Verder is er een tekort aan medewerkers groenvoorziening en hoveniers op alle niveaus. • In de speerpuntsector Medisch ervaren zorgorganisaties dat zij steeds moeilijker hoger opgeleid personeel kunnen werven. Een toename van diezelfde vraag in Amsterdam en Zaanstreek-Waterland vormt in de toekomst mogelijk een belemmering voor het aantrekken van voldoende gekwalificeerd personeel in de Kop. • Er is een groot en snel groeiend tekort aan vakmensen op MBO-niveau 3 en 4 binnen de speerpuntsectoren Maritiem & Offshore en Energie. Ook is sprake van krapte op het gebied van HBOen WO-opgeleide medewerkers. Veel HBO- en WO-opgeleid personeel bij bestaande bedrijven komt van buiten de regio. Gebrek aan lokaal HBO- en WO-opgeleid personeel kan leiden tot een verslechtering van het vestigingsklimaat. Door het ontbreken van onderwijs op dit niveau in de Kop trekken studenten uit de regio en keren zij niet, of mondjesmaat terug. • De krapte in de speerpuntsector Vrijetijdseconomie speelt vooral bij koks en schoonmaakpersoneel.
De krapte is met name op Texel een probleem, in de rest van de Kop is de problematiek beperkt. Lage werkloosheid, maar ook lage participatie in de Kop De Kop van Noord-Holland heeft een relatief lage werkloosheidsgraad; 5,1% in de Kop, 5,7% in NoordHolland en 6% in Nederland (het hoge percentage in onderstaande figuur betekent dat de Kop circa 18% beter presteert dan het Nederlands gemiddelde op dit vlak). De netto arbeidsparticipatie, het aandeel werkenden ten opzichte van de beroepsgeschikte bevolking, is daarentegen in de Kop van Noord-Holland lager dan in de provincie en de rest van Nederland; respectievelijk 65,9% in de Kop, 67% in de provincie Noord-Holland en 66,4% in Nederland. Circa 65% van de mensen in’De Kop werkt!’ook in de regio De regio telt 0,44 banen per inwoner. Dat is licht beneden het landelijke kengetal van 0,48. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er meer mensen buiten de regio werken dan dat er mensen van buiten de regio in de Kop werken. Er is sprake van een negatief pendelsaldo van circa 10.000 werknemers. Van alle werkende mensen die in de Kop wonen, werkt circa 65% in de Kop, dit is een interessant gegeven, vanuit het licht dat dit potentiële doelgroepen voor het wonen in de Kop zijn. Figuur 15: Benchmark arbeidsmarkt Kop
Banen per inwoner Gemiddeld Nederland
90% 15 - 35 jaar
118%
Werkloosheid
88%
68%
99%
Hoger opgeleiden
99% Inkomen Bron: CBS, 2018; Bewerking: Stec Groep, 2018.
Arbeidsparticipatie
Kop van Noord-Holland
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
30
4.2 Nul-scenario: trends, ontwikkelingen en prognoses Deze paragraaf beschrijft de autonome verwachte ontwikkeling van de arbeidsmarkt en het onderwijs indien er geen specifiek beleid wordt gevoerd voor het creëren van een optimaal klimaat om te wonen, leven en werken (nul-scenario). Aantal studenten We hebben de ontwikkeling van het aantal studenten doorgerekend op basis van de leerlingenprognose (basis- en voortgezet onderwijs) van het DUO. We zien dat het totaal van 8.700 in 2016 daalt naar circa 7.200 in 2040, een daling van circa 1.500 studenten. De daling doet zich met name voor in de periode tot 2030, daarna is stabilisatie en lichte groei zichtbaar. Figuur 16: Ontwikkeling aantal studenten MBO, HBO en WO woonachtig in de Kop 9.000 8.500 8.000 7.500 7.000 6.500 6.000 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040
Bron: CBS, 2018 & DUO leerlingenprognose; Bewerking: Stec Groep, 2018.
Studenten in speerpuntsectoren Er is geen prognose voor het aantal studenten naar opleidingsrichting. In het nul-scenario gaan we ervan uit dat de huidige verdeling constant blijft. Werkloosheid De ontwikkeling van de werkloosheid is afhankelijk van diverse demografische en (macro-)economische factoren (o.a. economische groei, ontwikkeling beroepsbevolking, participatiegraad). De regio en de provincie beschikken niet over een arbeidsmarkt- of werkgelegenheidsprognose. In het nul-scenario gaan we ervan uit dat tot 2040 de werkloosheid gemiddeld genomen constant blijft. De huidige werkloosheid in de regio is zoals gezegd 5,1%. Inkomen Voor het inkomensniveau geldt feitelijk hetzelfde als voor de werkloosheid: er is geen specifieke prognose voor deze indicator. Bovendien geldt ook hier dat de ontwikkeling afhankelijk is van diverse factoren. In het nul-scenario gaan we ervan uit dat het inkomensniveau constant blijft. Mismatch arbeidsmarkt Het aantal ontstane vacatures groeit in de arbeidsmarktregio Noord-Holland Noord, ook het aantal moeilijk vervulbare vacatures. Gevolg hiervan is dat meer werkgevers (productie-)belemmeringen ervaren en er een rem op de economische groei kan ontstaan. De verwachte knelpunten in personeelsvoorziening zijn het grootst in ICT, techniek, onderwijs en zorg, zo blijkt uit onderzoek van het UWV (Regio in Beeld NoordHolland Noord, oktober 2017).
Trends en ontwikkelingen die van invloed zijn op de toekomstige (mis)match op de arbeidsmarkt zijn met name de vergrijzing in de regio en trends als digitalisering en technologische ontwikkelingen. Onderwijs, openbaar bestuur, logistiek en zorg zijn sectoren die relatief het sterkst
31
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
geconfronteerd gaan worden met een uitstroom van werknemers, gezien het hoge aandeel 60-plussers. Daarnaast zorgen technologische ontwikkelingen en digitalisering voor verandering van functie-eisen en vraag naar andersoortig werk. Gezien deze ontwikkelingen en ook de verdere ‘verdienstelijking’ van de economie gaan we er in het nul-scenario van uit dat de huidige knelpunten op de arbeidsmarkt alleen maar versterkt worden. In onderstaande figuur hebben we op hoofdlijn de verhouding weergegeven tussen groei in aantal banen, aantal uittreders op de arbeidsmarkt en het totaal aantal afgestudeerden in de periode 2016 t/m 2040. In het meest gunstige scenario (WLO-hoog) komen er tot 2040 zo’n 2.700 banen bij in de Kop. Daarnaast schatten we dat er in de periode 2016-2040 in totaal circa 95.000 mensen uit zullen stromen van de arbeidsmarkt (mensen die niet meer op zoek zijn of stoppen met werk3). In de afgelopen jaren telde de Kop zo’n 2.200 tot 2.600 gediplomeerden van het middelbaar en hoger beroepsonderwijs. Dat is jaarlijks zo’n 30% van het totaal aantal studenten op het MBO, HBO en WO in de Kop. Wanneer we dit door trekken tot 2040 op basis van de DUO leerlingenprognose, dan zijn er in de periode 2016-2040 in totaal zo’n 55.000 gediplomeerden die de arbeidsmarkt betreden. Deze berekeningen geven een grove indicatie van de in- en uitstroom op de arbeidsmarkt in de Kop.
De werkelijke arbeidsmarkt zit complexer in elkaar. Deze cijfers geven echter wel aan dat er op totaalniveau een tekort aan personeel zal ontstaan in de regio. Figuur 17: Mismatch arbeidsmarkt - tekort aan personeel 100.000 90.000 80.000 70.000 60.000 50.000 40.000 30.000 20.000 10.000 0 Groei banen periode 2016-2040 (WLOhoog scenario)
Aantal uittreders arbeidsmarkt 20162040
Aantal gediplomeerden MBO, HBO en WO 2016 t/m 2040 (obv DUO prognose)
Bron: CBS, DUO & CPB/PBL; Bewerking: Stec Groep, 2018.
In de bestuursopdracht Match 2020 is onderzoek gedaan naar verwachtingen op de arbeidsmarkt, ook uitgesplitst naar de speerpuntsectoren. We sommen de belangrijkste conclusies per speerpunt op. • Agribusiness: Over het geheel is er een tekort in absolute aantallen. Instroom van buiten de sector en/of regio is nodig om aan de vraag op de arbeidsmarkt te kunnen voldoen. De instroom van leerlingen en studenten neemt jaarlijks af. • Medisch: In deze sector speelt een dubbele vergrijzing: in de Kop is sprake van een bovengemiddeld aantal ouderen waardoor de zorgvraag stijgt. Tegelijkertijd is het personeelsbestand in de zorg relatief oud en zal een flink deel in de komende jaren met pensioen gaan. • Maritiem & offshore en Energie: Binnen deze sectoren is er sprake van een dreigend tekort aan werknemers in de windsector. De energietransitie biedt in potentie veel kansen voor werkgelegenheid in de bouwsector en installatietechniek. Verder worden de aanwezige arbeidsmoraal, strategische ligging en voorzieningen als kansen genoemd. • Vrijetijdseconomie: Vanwege een hogere bezettingsgraad, een toename van het aantal bezoekers en de economische groei is er sprake van een groeiende krapte. Dit speelt vooral op Texel. In de rest van de Kop is de krapte beperkt.
De gevolgen van ontgroening in de regio hebben een dubbel effect in deze sector, vanwege het hogere aandeel jongeren in het personeel. Verder is het woningtekort op Texel een belemmering bij het werven van hoger en/of vast personeel. 3
Op basis van CBS-data over uitstroom op de arbeidsmarkt.
32
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
4.3 Impact programma ‘De Kop Werkt!’ In deze paragraaf brengen we de verwachte effecten van het programma in beeld en ontstaat inzicht in de bijdrage van het programma aan veranderingen op het gebied van de arbeidsmarkt en het onderwijs en met name de aansluiting van beiden. Onderstaande projecten uit het Programma hebben invloed op dit deelgebied, de totale investeringen bedragen € 3,8 miljoen. Tabel 4: Projecten met impact Arbeidsmarkt en Onderwijs Project
Investering
€ Effect kwantitatief
Effect kwalitatief
Arbeidsmarkt & Onderwijs
€ 3,8 miljoen
Herontwikkeling onderzoekslocatie Petten Energy & Health Campus Huisvestingsprogramma arbeidsmigranten Carrières in de Kop Regiosectorplan zorg Regiosectorplan Agribusiness Regiosectorplan Energy & duurzaamheid en Maritiem & Offshore Campagne arbeidsmarktcommunicatie en uitvoering regiosectorplannen Regiosectorplan Toerisme en recreatie
Vergroten aantrekkelijkheid locatie en behouden en uitbreiden werkgelegenheid handhaving en faciliteren aanjaagteam, regionale afspraken organisatie evenement Opstellen en uitvoeten sectorplan, incl. communicatie Opstellen en uitvoeten sectorplan, incl. communicatie Opstellen en uitvoeten sectorplan, incl. communicatie opstellen en uitvoeren van deelplannen diverse sectoren en evenementen carrières in de Kop Opstellen en uitvoeten sectorplan, incl. communicatie
De aansluiting tussen arbeidsmarkt en onderwijs staat hoog op de agenda. Een groot deel van de beschikbare €3,8 miljoen is gereserveerd voor de uitvoeren van de sectorale plannen om het aanbod van onderwijs af te stemmen op de vraag vanuit het bedrijfsleven. Dit is tweeledig; enerzijds gaat het om een goede match van de inhoud van de opleidingen maar vooral ook om voldoende goed opgeleid personeel voor de verschillende sectoren. De verwachte effecten zijn dan ook in kwantitatieve als kwalitatieve zin groot, zoals we hieronder toelichten. Hiernaast is de herontwikkeling van Petten tot campus een grote stimulans voor de werkgelegenheid, vooral voor hoogopgeleiden. Investeringen lijken beperkt, maar effect van campagnes kan groot zijn Investeringen om deze mismatch te verminderen hebben een andere aard dan bijvoorbeeld investeringen in infrastructuur waarmee een directe verbetering wordt bewerkstelligd. Bij onderwijs en arbeidsmarkt gaat het meer om de randvoorwaarden te verbeteren en sturing te geven aan noodzakelijke samenwerking tussen de regio, de verschillende opleidingsinstituten en het bedrijfsleven. De belangrijkste schakel is natuurlijk de student. Die moet worden verleid tot het volgen van een studie waar straks veel vacatures voor zijn, zoals in praktisch alle vijf de speerpuntsectoren; hier zijn de evenementen en campagnes onder andere op gericht.
Sectorale aanpak en stimulans vestigingsklimaat werpt vruchten af Een duidelijke stimulans voor de sector Energy & Health leidt tot duidelijkheid voor bedrijven en instellingen. Zij zijn zo eerder bereid te investeren in de regio, omdat de regio ook voor hen kiest. De toekomstige Energy & Health Campus kan een hoop werkgelegenheid met zich meebrengen, vooral ook voor hooggekwalificeerd (technisch) personeel. Om deze werknemers aan te trekken is nog niet altijd eenvoudig, maar de verbreding van het type aanwezige banen in de regio, vergroot ook de aantrekkelijkheid als arbeidsregio. Regionale samenwerking gericht op verbetering onderwijsaanbod en aansluiting wensen bedrijven Een betere samenwerking tussen scholen, bedrijfsleven en regio zorgt voor betere aansluiting van het onderwijs op de beroepspraktijk. Hiermee wordt de kwaliteit van het onderwijs hoger, en ook interessanter voor studenten om hier te blijven studeren. Door de vergrijzing zullen veel werknemers de arbeidsmarkt verlaten en zijn er veel kansen voor afgestudeerden, vooral in de speerpuntsectoren. Als deze afgestudeerden gericht zijn opgeleid, verbetert dit hun baankansen en ok de groeimogelijkheden van bedrijven. Naast meer instroom zoeken bedrijven ook steeds meer naar hoger opgeleid (technisch)
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
33
personeel, vanwege de hoge mate van specialisatie. In de regio is nu geen hogeschool gevestigd, maar wellicht bieden verdiepende opleidingen met de nieuwe graad associate degree, een goede optie om studenten langer aan de regio te binden en meer hoog gekwalificeerd (technisch) personeel klaar te stomen voor de arbeidsmarkt. Mismatch minder groot: meer studenten, vooral in studies gerelateerd aan speerpuntsectoren Het hoofddoel van het Programma is het verbeteren van het woon-, leef- en werkklimaat. We verwachten hiervoor dat en een lichte demografische verbetering optreedt in de bevolkingsontwikkeling (zie paragraaf 3.3). Dit leidt tot iets meer jongeren (minder grote afname) en hiermee meer studenten. De projecten gericht op het verbeteren van de aansluiting tussen arbeidsmarkt en onderwijs werken hier mede aan bij, door de promotie van de regio als goede arbeidsregio en het verbeteren van de opleidingsmogelijkheden. Over de gehele periode tot 2040 levert dit naar verwachting 135 extra studenten op. De inzet die in het Programma wordt gestoken, slaagt bij een goede samenwerking tussen alle partijen; overheden, onderwijsinstellingen en met name het bedrijfsleven zelf. De aandacht in het Programma gaat zoals hierboven beschreven uit van verbetering van het onderwijsaanbod en de promotie van de Kop als aantrekkelijke arbeidsregio.
Deze inzet zorgt voor meer studenten, vooral in die sectoren die de beste arbeidskansen bieden; de speerpuntsectoren. Het aandeel studenten in de Kop dat nu een studierichting heeft in één van de speerpuntsectoren is 2/3. We gaan uit van een stijging van dit aandeel naar 75%. Dit betekent in plaats van circa 36.000 afgestudeerden in de periode 2016-2040 in deze sectoren zonder beleid, een aantal van 41.000 (iets meer studenten en hoger aandeel van ‘speerpuntsector-studies’ door de inzet van het Programma en de samenwerking tussen partijen. Naast deze extra afgestudeerden, zijn alle afgestudeerden door de meer intensieve samenwerking tussen partijen beter en sneller inzetbaar op de arbeidsmarkt. De grootste voordelen verwachten we hier voor de sectoren Agribusiness en Energie en Maritiem & Offshore, hier is veel innovatie te verwachten en zal de kwaliteit van het onderwijs sterk verbeteren door een betere samenwerking met het bedrijfsleven. Voor de sectoren Medisch en Vrijetijdseconomie gaat het vooral om meer toekomstig personeel, onder andere door de vergrijzing (meer werk) maar ook vergrijzing van het personeelsbestand (met name in de zorg).
De Kop heeft beperkte voorzieningen voor student, promoot de unieke kwaliteiten Een bedreiging voor dit doel is het feit dat studenten graag kiezen voor een gewenst woon- en leefklimaat, en hun studie(locatie-)keuze niet alleen bepalen op het aanbod van opleidingen. Meer stedelijke gebieden hebben hiermee het voordeel omdat zij een meer gevarieerd woonaanbod hebben en meer voorzieningen te bieden hebben. De marketing, evenementen en campagnes zullen ook op deze thema’s moeten inzetten. Door de positieve punten van wonen, leven en werken in de Kop te benadrukken, kunnen meer studenten worden verleid in de regio te blijven studeren en later ook werken. Thema’s waar de Kop goed op scoort zijn: • groene en weidse woonomgeving • veel watersport mogelijkheden • goed wonen voor goed budget • en toch dichtbij Amsterdam • goede carrièremogelijkheden in groene sectoren Het benadrukken van de unieke eigenschappen werkt beter dan het op kleine schaal verbeteren van het voorzieningen aanbod voor scholieren en studenten, de verschillen met bijvoorbeeld de MRA zijn immers te groot.
34
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
Tabel 5: Effecten beleid ‘De Kop werkt!’op Arbeidsmarkt en Onderwijs Nulscenario
Beleid Kop Werkt
Verschil
Afgestudeerden en speerpuntsectoren
36.000
41.000
5.000
Mismatch speerpuntsectoren
--
Economische groei speerpuntsectoren Effect op woon- en leefkllimat
0 0
+ +
+ + +
De impact van de projecten in het Programma laat zich moeilijk kwantificeren. We vinden de investeringen in de sectorplannen noodzakelijk voor de groei ambitie die de regio heeft, met name gericht op de speerpuntsectoren. Uit onderzoek blijkt dat de regionale arbeidsmarkt een belangrijke locatievestigingsfactor is. Dit geldt niet alleen voor nieuwe bedrijven, maar ook voor bestaande locaties. Het beleid heeft naar verwachting een positieve invloed op: • het aantal studenten in de Kop (woon- leefklimaat wordt beter, de regio als arbeidsmarkt wordt gepromoot en de opleidingen worden kwalitatief beter en breder) • dit zorgt voor een verkleining van de mismatch • de economische ontwikkeling van de verschillende speerpuntsectoren, bijvoorbeeld Energy & Health door de ontwikkeling van de Campuslocatie. • het woon- en leefklimaat, meer jongeren en hoger opgeleiden leidt tot een betere woonomgeving en meer draagvlak voor voorzieningen.
4.4 Aanbevelingen Aanpak regionale arbeidsmarkt is randvoorwaardelijk voor groei Het belang van een goed functionerende arbeidsmarkt is belangrijk voor bedrijven. Als zij gedurende een langere tijd niet voldoende geschikt personeel kunnen vinden kan dit een reden zijn om verdere investeringen uit of af te stellen. Recent onderzoek naar de arbeidsmarkt in de logistieke sector toont dat 40% van de bedrijven hun locatiekeuze mede laten afhangen van de regionale arbeidsmarkt. De problematiek in de sectoren in de Kop die de komende jaren veel goed geschoold personeel nodig hebben lijkt op die van de logistiek, meer technisch (ook hoger opgeleid) personeel. We zien dat bedrijven sterk aansturen op meer regionale samenwerking met onderwijs en overheden om de mismatch aan te pakken. We zien dit dan ook als randvoorwaarde voor een positieve economische ontwikkeling van de Kop; indien de mismatch blijft bestaan zullen minder bedrijven naar de regio trekken en meer bedrijven op den duur besluiten de regio te verlaten.
BELANG GOEDE MATCH ARBEIDSMARKT: VOORBEELD LOGISTIEK Logistiek groeit sterk, 350.000 nieuwe logistieke medewerkers zijn nodig tot 2030. Gemiddeld waarderen logistieke bedrijven hun arbeidsmarkt met cijfer 6,5. Een kwart geeft een 5 of lager. Circa 40% van de bedrijven verwacht door groei en het behoud van talent komende jaren hogere personeelskosten. Wederom 40% verwacht op termijn dat hun locatiekeuze beïnvloed wordt door de grotere verschillen tussen regio’s in arbeidsmarkt. (onderzoek Stec, 2017 onder bedrijven met 9 logistieke hotspots). Bedrijven geven regio’s adviezen om – samen met hen – nog meer te investeren in de regionale arbeidsmarkt. Concreet bedoelen ze: veel meer om- en bijscholingstrajecten, veel investeringen in vooral mbo-onderwijs en samenwerkingsprojecten met het bedrijfsleven opzetten. Kortom, een extra versnellingsimpuls op de al bestaande initiatieven die zijn gestart met De Kop Werkt!
35
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
5 Economie en Werklocaties 5.1 Hoe staat de regio ervoor? Bruto regionaal product van de Kop meer dan € 10 miljard Het bruto regionaal product van de Kop van Noord-Holland (COROP), de totale waarde van alle in de regio geproduceerde goederen en diensten, is in 2016 voor het eerst boven de € 10 miljard uitgekomen. De economie in de Kop van Noord-Holland houdt in de crisis gelijke tred met de Nederlandse economie en vertoont al drie jaar op rij een groei (1,4% in 2014, 3% in 2015 en 1,9% in 2016). Aantal banen sinds 2011 niet meer gegroeid In de Kop zijn ruim 71.000 banen, verdeeld over bijna 14.000 bedrijven. In de ontwikkeling van banen en vestigingen zien we een vertraagd effect van de economische groei. De trend voor de afgelopen 3 á 4 jaar toont dan ook een voorzichtig stijgende lijn, hoewel er sinds 2011 geen groei meer in banen is geweest. Landbouw en nijverheid goed vertegenwoordigd in de Kop In de verdeling van banen naar sector binnen de Kop valt op dat de dienstensector ondervertegenwoordigd is ten opzichte van Nederland. Het aandeel van zowel de ICT-sector (1%), financiële diensten (2%) als advies en onderzoek sector (7%) ligt onder het aandeel voor Nederland als geheel (respectievelijk 4%, 3%, 15%). Daar staat tegenover dat sectoren als landbouw en bouwnijverheid juist sterker vertegenwoordigd zijn. Vooral de landbouwsector is goed vertegenwoordigd in de Kop.
Het aandeel van deze sector (8%) is beduidend hoger dan landelijk het geval is (3%). Figuur 18: Aantal banen en vestigingen per sector in de Kop van Noord-Holland (2016) 35% Vestigingen
Banen
Aandeel Nederland (banen)
30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Landbouw
Industrie
Energie & Water
Bron: LISA (2017), Bewerking Stec Groep, 2018.
Bouw
Groot- en detailhandel
Logistiek
ICT, Overheid en Horeca en financiele en non-profit vrije tijd zakelijke diensten
Overige diensten
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
36
De vijf grootste sectoren in de Kop zijn de groot- en detailhandel, openbaar bestuur, zorg, landbouw en industrie. In de afgelopen tien jaar is in de industrie (+7%) en groot- en detailhandel (+6%) de grootste groei in banen zichtbaar. In de sector openbaar bestuur nam het aantal banen het sterkst af (-11%). Sterke samenhang tussen speerpuntsectoren In 2013 is de ‘Publieke Ruimtelijk-economische uitvoeringsagenda’ opgesteld voor en door de regio Kop van Noord-Holland. In deze uitvoeringsagenda zijn acties benoemd voor een optimaal (vestigings)klimaat voor bedrijven. De uitvoeringsagenda is onderverdeeld in vijf speerpunten: • Agribusiness • Marien, maritiem & offshore • (Duurzame) Energie • Medisch • Vrijetijdseconomie
Agribusiness De landbouw is een groot cluster in de Kop. Van oudsher biedt de relatieve leegte van het land goede mogelijkheden voor grootschalige landbouw. Met Greenport NHN, SeedValley en Agriport vervult de regio een belangrijke rol in het Nederlandse agribusiness cluster dat wereldwijd opereert. Door de omvang en schaal is er voldoende mogelijkheid voor schaalvergroting en samenwerking met andere clusters en activiteiten zoals duurzame energieopwekking. Door combinatie van grootschalige, innovatieve landbouw en de energiesector ontstaan er kansen voor gelieerde bedrijvigheid. Belangrijke opgave voor de sector is het behouden en aantrekken van voldoende geschoold personeel, maar ook het behoud van de diversiteit van het landschap dat voor toeristen, maar ook het algemene woonklimaat, juist zo interessant is. Marine-maritiem & offshore De focus van het marine-maritiem & offshore cluster ligt in Den Helder; de grootste Nederlandse marinehaven, vissershaven én haven voor de offshore olie- en gasindustrie. Het betreft een kennisintensieve, dynamische sector met veel gekwalificeerd personeel. De beschikbaarheid van personeel is een aandachtspunt voor de regio, iets wat nog vergroot wordt door de transitie naar duurzame energie.
Ook hier heeft de regio prima papieren, naast de offshore mogelijkheden zijn er ook goede aanknopingspunten met de energieopwekking op land (onder andere in combinatie met de grootschalige landbouw). Door een intensievere samenwerking tussen marine onderdelen en civiel gebruik wordt beter gebruik gemaakt van elkaars nabijheid. Zo worden gronden, gebouwen, kades, personeel en kennis meer gedeeld waardoor sneller innovatie en synergie voordelen optreden. Ook ontstaat zo meer massa voor haven gerelateerd onderwijs.
37
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
Duurzame energie De ligging en huidige inrichting (veel open of agrarisch gebied) van de regio bieden zeer goede kansen voor de duurzame energietransitie waar de Kop, en heel Nederland, voor staat. In de Kop is relatief veel wind, veel zon, veel stromend water en veel landbouw; allemaal ingrediënten voor verschillende vormen van duurzame energieopwekking. Samen met de offshore mogelijkheden en de verbindende schakel die Den Helder hier kan vervullen is de uitgangspositie zeer goed. Verder is in Petten nu het Energie Onderzoekcentrum Nederland (ECN) gevestigd. Vrijetijdseconomie Het uitgangspunt van de Kop is uniek, omgeven door de Gouden Rand (IJsselmeer, Wadden- en Noordzeekust) en de aanwezigheid van Texel en een oud historisch agrarisch landschap met beschermde dorpsgezichten. Verder ligt het, zeker voor buitenlandse toeristen, dichtbij de toeristische hotspot MRA. De opgave voor de Kop ligt in een kwalitatieve verbetering, van zowel het aanbod voorzieningen, toeristische centra en infrastructuur, maar vooral ook van de marketing en branding van de veelzijdigheid van het gebied. Medisch cluster De kernreactor in Petten is de grootste leverancier van medische biotopen ter wereld. Een deel van dit terrein komt de komende jaren vrij (en wordt opengesteld) voor nieuwe ontwikkelingen, zodat hier een Energy & Health campus kan ontstaan.
Onderdeel hiervan is de nieuwe Pallas-reactor die over circa 10 jaar de oude reactor moet vervangen. In onderstaande tabel hebben we een overzicht gemaakt van de speerpuntsectoren waarbij we in gaan op welke activiteiten in deze sectoren plaats vinden en om welke beeldbepalende, grote bedrijven en organisaties het gaat. Tabel 6: Speerpuntsectoren de Kop nader in beeld Speerpuntsector Agribusiness
(Bedrijfs)activiteiten in de Kop • Tuin- en akkerbouw • Plantenveredeling en zaadtechnologie • Visserij
Marien, maritiem & offshore
• ‘Operations & Maintenance’: onderhoud olieplatforms • Zeevisserij • Marien-ecologisch onderzoek (mariene ecosystemen, gebruik en beheer kust en zee) • Scheepsbouw en -industrie • Olie-industrie • Kernreactor Petten en aanverwante bedrijvigheid • Offshore windenergie
Energie
Medisch
• Zorg- en welzijn, gezondheidszorg • Farmaceutische industrie
Vrijetijdseconomie
• Horeca (hotels, restaurants, cafés) • Toerisme (vakantieparken, recreatie, etc.) • Leisure (cultuur, musea, bioscopen, wellness)
Bron: o.a. Vastgoeddata.nl, 2018.
4
Veelvoorkomende activiteiten en grote bedrijven (naar aantal werknemers)
Voorbeelden bedrijven/organisaties4 • Bejo Zaden • Koninklijke Vezet • Royal Pride • Strogoff FreshFood • NIOZ • Acta Marine • MEO • Bluestreem Offshore • Damen Shipyards • NRG • ECN • Expro North Sea Limited • Frank’s International • Neptune Energy (ENGIE E&P) • Gemini Ziekenhuis • Verpleeghuis Den Koogh • Zorgcentrum Buitenveld • Mallinckrodt Medical • Ecomare • Vakantiecentrum De Krim • Kaap Skil • Fort Kijkduin/Zeebad Huisduinen (museum, aquarium)
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
38
Tussen de speerpuntsectoren bestaan diverse dwarsverbanden, een zekere mate van samenhang. We geven hierna een aantal voorbeelden: • Agribusiness - Energie: mogelijkheden voor het opwekken van energie uit biomassa, mogelijkheden voor de uitwisseling van reststromen (restwarmte). • Agribusiness - Maritiem: de visserijsector valt in feite onder beide speerpuntsectoren. Statistisch gezien is de visserij onderdeel van de landbouwsector. Echter, de relatie met scheepsbouw en onderhoud en reparatie is duidelijk aanwezig. • Energie - Maritiem: relatie tussen de olie-industrie (platformen) en de offshore maintenance is zeer prominent aanwezig in de Kop, dit geldt ook voor bijvoorbeeld windparken. • Energie - Medisch: bijvoorbeeld de bouw van de PALLAS reactor: multifunctionele nucleaire reactor, die geschikt is voor hoofdzakelijk medische isotopenproductie. De productie van medicijnen met behulp van een reactor gebeurt ook al op dit moment in de Kop (Mallinckrodt in Petten). • Marien - Vrijetijdseconomie: dit dwarsverband uit zich bijvoorbeeld in kusttoerisme. Ecomare is een sprekend voorbeeld van de relatie tussen de kust/zee en de vrijetijdseconomie.
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
39
Landbouw, horeca en industrie kansrijke sectoren voor de Kop We kijken nu naar het regionaal verdienvermogen van de Kop. Dit doen we aan de hand van onderstaand analytisch model. We zetten de dertien hoofdsectoren uiteen op deze matrix, waarin we het volgende weergeven: • Op de horizontale as geven we de specialisatiegraad weer. Dit geeft aan hoe het aandeel van een sector in het aantal banen in de regio Kop van Noord-Holland zich verhoudt tot het aandeel van dezelfde sector in het aantal banen van Nederland als geheel. • Op de verticale as geven we de ontwikkeling van de toegevoegde waarde weer. We gebruiken hiervoor de periode 2010-2016. Deze cijfers hebben betrekking op de COROP-regio. • De omvang van de bol geeft de omvang van de toegevoegde waarde weer (in de COROP). Figuur 19: Regionaal verdienvermogen regio de Kop
Bron: CBS & LISA; Bewerking: Stec Groep 2018.
Op basis van dit figuur kunnen we de sectoren indelen in een viertal categorieën. 1. Sterktes: dit zijn de sectoren waar de regio sterk in is gespecialiseerd en/of die zeer sterk groeien in toegevoegde waarde. Dit zijn kortom de uitblinkers van de regio en kansrijke sectoren voor de toekomst. In dit geval gaat het om de landbouw en visserij, horeca en industrie. 2. Groeiers: dit zijn de sectoren die niet bovengemiddeld vertegenwoordigd zijn in de regio, maar die wel groeien in toegevoegde waarde. Dit zijn mogelijk kansrijke sectoren voor de toekomst. In de Kop gaat het om handel, logistiek, zakelijke diensten en overige diensten.
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
3.
4.
40
Zwaktes: dit zijn sectoren die afnemen in toegevoegde waarde en daardoor mogelijk aan concurrentiekracht verliezen en een bedreiging vormen voor de regionale economie. In de regio Kop van Noord-Holland gaat het om de financiële sector en in mindere mate om ICT en de bouw. Middenmoot: de overige sectoren zijn sectoren die niet bovengemiddeld vertegenwoordigd zijn en/of niet of nauwelijks groeien. Het zijn voor de Kop de non-profit sectoren: overheid, zorg en onderwijs.
Relatief veel innovatief vermogen in tuinbouwsector Groei van de economie en werkgelegenheid is gebaat bij innovatie en vernieuwing. Zo zorgen nieuwe bedrijven en spin-offs voor nieuwe ideeën en energie. Jaarlijks worden er in de Kop (COROP-regio) zo’n 2.500 nieuwe bedrijven opgericht, dit aantal is al jaren stabiel. De omvang van de investeringen in Research & Development vormen een belangrijke indicator voor technologische innovatie en innovatieve bedrijvigheid. In de Kop liggen de investeringen in R&D met 7% (van de totale investeringen in vaste activa) onder het Nederlands gemiddelde van 9%. In absolute zin gaat het wel om € 164 miljoen in 2015 (CBS). Als aandeel van het BRP is dit 1,6%, nog onder de Nederlandse beleidsdoelstelling van 2,5% in 2020. Sectoraal gezien wordt er veel in R&D en innovatie geïnvesteerd in de landelijke topsector Tuinbouw & Uitgangsmaterialen. Het aandeel publiek-private investeringen (PPS-toeslagen) is in de Kop vergeleken met de rest van Nederland hoog. De spreiding van deze investeringen is in deze sector binnen Nederland het hoogst; wat betekent dat er niet enkele grote spelers zijn, maar er juist een grote concentratie van midden- en kleinbedrijf aanwezig is in deze sector. Dit zijn onder andere de verschillende veredelings- en zaadbedrijven. Figuur 20: Publiek-private investeringen (links) en spreiding onder bedrijven (rechts)
Bron: Regionale innovatie, Rathenau Instituut, 2018
Bedrijventerreinen goed voor circa kwart van werkgelegenheid De Kop heeft naast Den Helder nog twee beroepshavens: Oudeschild en Den Oever. Den Helder is in Nederland dé haven voor de offshore industrie, waarbij er een sterke verbinding is met Den Helder Airport (marinevliegkamp de Kooy). Ook is het een kenniscentrum voor marine (diverse opleidingen van de marine) en marine biologie met instituten als NIOZ, MCN en IMARES. Den Helder is via sluizen en diverse vaarten en kanalen verbonden met bedrijventerreinen in de Kop, Kooyhaven en Kooypunt zijn via een sluis, met open zee verbonden. De havens van Oudeschild en Den Oever zijn vissershavens waarvandaan
41
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
ook de recreatieve tochten richting Wadden en IJsselmeer vertrekken. In Schagen vindt overslag plaats op bedrijventerrein Lagedijk (betoncentrale aan Lagedijkerweg). De haven van Den Helder is van groot belang voor de regionale economie. Inclusief indirecte werkgelegenheid is de haven goed voor ruim 6.300 banen5. Dat is bijna 10% van het totaal aantal banen in de regio. Investeringen in de haven hebben hiermee een groot multiplier effect, het belang van voldoende geschikt personeel is dan ook evident. De totale toegevoegde waarde van de havens is circa € 400 miljoen. Tabel 7: Economische betekenis haven Den Helder (2016) Indicator Bedrijfsvestigingen Werkgelegenheid
Toegevoegde waarde
Direct Indirect Multiplier Direct Indirect Multiplier
Haven Den Helder 140 2.509 3.811 2,52 € 304 mln € 95 mln 1,31
Bron: Havenmonitor. De economische betekenis van Nederlandse Zeehavens 2002-2016. Erasmus Universiteit (oktober 2017).
De bereikbaarheid van de haven van Den Helder kan beter, dit gaat om de haven zelf maar ook om de verbinding tussen haven gerelateerde werkgelegenheid op andere op locaties als Kooypunt. Ook heeft de haven problemen bij het aantrekken en behouden van werkgelegenheid en kennis in de regio. Het aanbieden en aantrekken van gericht onderwijs is dan ook een speerpunt bij de havenontwikkeling.
5.2 Nul-scenario: Trends, ontwikkelingen en prognoses Deze paragraaf beschrijft de autonome verwachte ontwikkeling van de economie en werklocaties indien er geen specifiek beleid wordt gevoerd voor het creëren van een optimaal vestigingsklimaat (nulscenario). Ontwikkeling BRP De groei van het BRP in de Kop van Noord-Holland hield de afgelopen jaren gelijke tred met de Nederlandse economie als geheel. Er is geen prognose beschikbaar van de ontwikkeling van het BRP voor de regio. Wel heeft het CPB/PBL in de WLO-scenario’s macro-economische indicatoren doorgerekend op landelijk niveau, waaronder het BBP. We hanteren in het nul-scenario deze groeicijfers ook voor de Kop van Noord-Holland en nemen het BRP in 2016 als uitgangspunt. Zowel in het WLO-laag als -hoog scenario is er sprake van economische groei. In het laag-scenario stijgt het BRP naar circa € 13 miljard, in het hoogscenario naar circa € 17 miljard.
5
Bron: Havenmonitor. De economische betekenis van Nederlandse Zeehavens 2002-2016. Erasmus Universiteit (oktober 2017).
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
42
Figuur 21: Verwachte ontwikkeling BRP in de Kop (COROP) o.b.v. WLO (in miljoenen euro’s) 18.000 BRP - WLO laag
17.000
BRP - WLO hoog 16.000 15.000 14.000 13.000 12.000 11.000 10.000 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040
Bron: CBS, 2018 & CPB/PBL, 2015; Bewerking: Stec Groep, 2018
Investeringen in R&D In 2015 werd er in de COROP-regio Kop van Noord-Holland zo’n € 164 miljoen geïnvesteerd in onderzoek en ontwikkeling. In het nul-scenario rekenen we de investeringen door op basis van de verwachte banenontwikkeling. In het WLO-laag scenario zal daardoor het investeringsbedrag dalen naar circa € 150 miljoen per jaar en in het WLO-hoog scenario stijgen naar circa € 170 miljoen. Figuur 22: Ontwikkeling investeringen in onderzoek en ontwikkeling, o.b.v. WLO-scenario’s (COROP) 175.000.000 170.000.000 165.000.000 160.000.000 155.000.000 150.000.000 145.000.000 140.000.000 2016201720182019202020212022202320242025202620272028202920302031203220332034203520362037203820392040 WLO laag WLO hoog Bron: CBS, 2018; Bewerking: Stec Groep, 2018.
Totaal aantal banen In 2016 telde de regio 71.230 banen. Het CBP/PBL heeft voor alle COROP-regio’s de ontwikkeling van het aantal banen doorgerekend in twee scenario’s (WLO scenario’s laag en hoog). We nemen het aantal banen in de Kop in 2016 als uitgangspunt en rekenen het door op basis van de groeivoet uit de WLO-scenario’s. In het lage scenario daalt het aantal banen met zo’n 5.700 tot 2040. In het hoge scenario neemt het aantal banen toe met 2.700. De ontwikkeling van het aantal banen in de meest recente jaren ligt het dichtst in de buurt, feitelijk zelfs onder, het WLO-laag scenario.
43
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
Figuur 23: Ontwikkeling aantal banen in de Kop in twee (WLO-)scenario’s 76.000 74.000 72.000 70.000 68.000 66.000 64.000 62.000
WLO laag WLO hoog
60.000 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040
Bron: CPB/PBL, 2015
Aantal banen naar sector De WLO-scenario’s geven ook een indicatie van het de toekomstige verdeling van aantal banen naar vier hoofdsectoren. Het CPB/PBL maakt daarbij het volgende onderscheid: landbouw, nijverheid, detailhandel en overige diensten. De verwachting is dat het aandeel ‘overige diensten’ gaat groeien en dat het aandeel van de sectoren landbouw en nijverheid (licht) afneemt. Kortom, er wordt een (verdere) ‘verdienstelijking’ van de economie verwacht. Dit is overigens in vrijwel heel Nederland het geval. Figuur 24: Ontwikkeling aandelen vier hoofdsectoren in twee (WLO-)scenario’s 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% laag
hoog
laag
2012
hoog
laag
2030 Landbouw
Nijverheid
Detailhandel
hoog 2050
Overige diensten
Bron: CPB/PBL, 2015.
Aantal banen op bedrijventerreinen In de Kop is 23% van het aantal banen in de regio gevestigd op bedrijventerreinen. In 2016 ging het om circa 16.325 banen. In het nul-scenario rekenen we het aantal banen op bedrijventerreinen door op basis van de WLO-scenario’s, en gaan we ervan uit dat het aandeel banen dat op een bedrijventerrein gevestigd is (de zogenaamde locatietypevoorkeur) gelijk blijft. In het WLO-laag scenario zal het aantal banen op bedrijventerreinen dalen naar circa 15.000 banen; in het hoge scenario zal het stijgen naar bijna 17.000.
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
Figuur 25. Ontwikkeling aantal banen op bedrijventerreinen o.b.v. WLO-scenario’s 17.500
WLO laag WLO hoog
17.000 16.500 16.000 15.500 15.000 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040
Bron: Provincie Noord-Holland, 2017; Bewerking: Stec Groep, 2018.
44
45
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
5.3 Impact Programma ‘De Kop Werkt!’ In deze paragraaf brengen we de verwachte effecten van het programma in beeld en ontstaat inzicht in de bijdrage van het programma aan de verbetering van het vestigingsklimaat voor bedrijven in de Kop. Onderstaande projecten dragen bij aan een verbetering van de economische potentie van de Kop, de investeringen vanuit het Programma bedragen in totaal € 17,2 miljoen. Tabel 8: Projecten met impact Economie en Werklocaties Project
Investering
Haven
€ 5,1 miljoen
Verbreding Kade 43-46 voor offshore schepen Ontwikkeling Paleiskade 2 tot offshore industrie locatie Onderzoek naar en maatregelen Geluidsruimte Deelprojecten 211, 212, 216, 217, 218 Project Buitenveld Project Building with Nature
€ Effect kwantitatief
aanleg verbrede kade aanleg diepzeekade onderzoek en maatregelen geluidsruimte om havenontwikkeling mogelijk te maken fysieke verbetering infra en bereikbaarheid herbestemming locatie Buitenveld tussen haven en Willemsoord natuurcompensatie en modelsimulatie voor aanpassing haven
Infrastructuur
€ 8,1 miljoen
Opstellen bereikbaarheidsplan
opstellen bereikbaarheidsplan Kop van NH
ICT gestuurd mobiliteitssysteem Wieringerwerf-Agriport-Middenmeer-Hoorn Ongelijkvloerse aansluitingen A9 – N9 – Den Helder Oost-West Stolpen Medemblik
ontwikkeling ICT gestuurd mobiliteitssysteem
Verbetering doorstroming N250 (boot Texel- knooppunt de Kooij Vaste oeververbinding Burgervlotbrug
verbetering doorstroming in Den Helder, project N250-03
Arbeidsmarkt en onderwijs
€ 2,3 miljoen
Carrières in de Kop
organisatie evenement
Regiosectorplan zorg
externe inhuur projectleiding en communicatie
Regiosectorplan Agribusiness
externe inhuur projectleiding en communicatie
Regiosectorplan Energy & duurzaamheid en Maritiem & Offshore Campagne arbeidsmarktcommunicatie en uitvoering regiosectorplannen
Effect kwalitatief
realisatie ongelijkvloerse aansluitingen realisatie betere doorstroming A-A9
nieuwe brug over NH kanaal tussen Schoorldam en de Stolpen
externe inhuur projectleiding en communicatie opstellen en uitvoeren van deelplannen diverse sectoren en evenementen carrières in de Kop
Regiosectorplan toerisme en recreatie
Externe inhuur projectleiding en communicatie
Huisvestings-programma arbeidsmigranten
handhaving en faciliteren aanjaagteam, regionale afspraken
Duurzaamheid
€ 0,1 miljoen
Verduurzamings-onderzoeken agrarische sector
Verduurzamingsmaatregelen
Gezond lokaal voedsel programma
verbetering regionale samenwerking, faciliteren en organiseren
Overig
€ 1,6 miljoen
Herontwikkeling onderzoekslocatie Petten Energy & Health Campus
vergroten aantrekkelijkheid locatie en behouden en uitbreiden werkgelegenheid
Opstellen omgevingsvisie
opstellen omgevingsvisie
Ingrepen in haven en bereikbaarheid hebben meeste impact Het verbeteren van de havenfaciliteiten in Den Helder heeft een directe kwalitatieve impact. In totaal is er ruim € 5 miljoen gereserveerd voor voornamelijk fysieke ingrepen in haven- en kadefaciliteiten en daaraan gerelateerde infrastructuur. De afhandeling van schepen kan daardoor efficiënter en er ontstaat meer ruimte voor havengebonden bedrijvigheid (kwantitatieve impact), naast de bestaande marine en maritieme activiteiten. Goede kade en aan- en afvoermogelijkheden zijn harde vestigingscriteria voor bedrijven uit
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
46
speerpuntsectoren als offshore, maritiem en energie. Investeren in dit soort vestigingsvoorwaarden is daarom ook cruciaal en randvoorwaardelijk voor economisch succes. Bovendien zijn deze investeringen noodzakelijk voor het concurrerend vermogen van de regio als maritieme vestigingslocatie. Ook projecten gericht op de bereikbaarheid van de haven, maar ook van de Kop en binnen de Kop specifiek, zorgen voor een beter ondernemersklimaat in de Kop. Binnen het Programma is ruim € 8 miljoen gereserveerd voor infrastructuurprojecten. Deze directe investeringen leiden tot een snellere bereikbaarheid van verschillende werklocaties, waaronder de haven van Den Helder. In het licht van de ambities van de Port of Den Helder en de Kop in zijn geheel zijn ook deze infrastructurele ingrepen zeer belangrijk voor het bereiken van de doelen. Zonder deze ingrepen zou de haven achterop raken in de concurrentie met andere havens die bijvoorbeeld ook inzetten op de offshore (wind) sector (zoals Harlingen, Zeeland Seaports, Rotterdam en Eemshaven). We zien nu al dat andere regio’s investeringen aantrekken op gebied van energie en offshore, zoals Zeeland Seaports met de komst van bedrijven als Vestas en Ørsted.
De haven van Den Helder heeft staat eigenlijk voor twee transities; de eerste is meer samenwerking tussen marine en civiele activiteiten en hiernaast de overgang van olie en gaswinning naar duurzame (wind-)energieopwekking. Om beide transities te laten slagen (met een grote spin-off of multiplier-effect) is een goede regionale samenwerking van groot belang en zijn forse investeringen gevraagd. Het Programma De Kop Werkt! zet hier met de diverse ingrepen in de haven en bereikbaarheid op in. Ook voor de overige werklocaties is investeren in infrastructuur van belang. Een goede bereikbaarheid is één van de cruciale vestigingsvoorwaarden voor bedrijven en draagt direct bij aan een beter vestigingsklimaat. De kwalitatieve verbetering van de havens en de bereikbaarheid van de regio kan op termijn leiden tot extra banen. Zoals al hiervoor aangegeven, deze investeringen zijn randvoorwaardelijk om de groei in de groeisectoren als agribusiness, marien, maritiem & offshore en duurzame energie te kunnen bereiken. De multiplier van nieuwe banen in de haven(s) is met 2,5 zeer groot, investeringen hebben hiermee ook kwantitatief een groot effect. Hetzelfde geldt voor de herontwikkeling van de onderzoekslocatie Petten. Dit project richt zich op het vergroten van de aantrekkelijkheid van deze locatie en het behoud en uitbreiding van de werkgelegenheid.
Het terrein is nu nog gesloten, een herontwikkeling is hiervoor noodzakelijk om de ontwikkeling tot Energy & Health Campus mogelijk te maken. Overigens merken we op dat de projecten op gebied van infrastructuur vooral bijdragen aan onderzoek. Dat betekent dat investeringen in infrastructuur niet per definitie vast staan. We gaan er in onze effectberekeningen van uit dat deze projecten daadwerkelijk gerealiseerd worden. Oplossen mismatch arbeidsmarkt voorwaarde voor hogere economische groei In paragraaf 4.3 beschrijven we de impact van het programma op het thema Arbeidsmarkt & Onderwijs. De investeringen in de projecten onder dit thema bedragen € 2,3 miljoen. Dit thema heeft vanzelfsprekend een zeer sterke relatie met het thema economie en bijvoorbeeld banengroei. Een mismatch op de arbeidsmarkt en een tekort aan personeel bij bedrijven belemmert economische groei. Investeren in het oplossen van deze mismatch is daarom een voorwaarde om een hogere economische groei te behalen dan in het WLOlaag scenario. We verwachten dat de projecten voor Arbeidsmarkt & Onderwijs het meest effect zullen hebben op het oplossen van de mismatch in de speerpuntsectoren Agribusiness, Energie en Maritiem & Offshore. De mismatch in deze sectoren is namelijk vooral kwalitatief van aard. We zagen verder dat de multiplier van de werkgelegenheid in de haven van Den Helder 2,5 bedraagt.
Dit betekent dat gemiddeld genomen elke nieuwe baan in de haven zorgt voor nog eens 1,5 baan in de regio. Investeringen in de haven, en het oplossen van de mismatch op de arbeidsmarkt in deze sector heeft hiermee een groot positief effect op de werkgelegenheid van de regio.
47
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
In de sectoren zorg en recreatie gaat het met name om een kwantitatieve mismatch. Waar het gaat om aansluiting tussen opleiding en arbeidsmarkt (kwalitatief) kunnen projecten meer invloed uitoefenen, door bijvoorbeeld het inzetten van omscholingstrajecten of betere samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven. Het (gedeeltelijk) oplossen van de mismatch op de arbeidsmarkt zorgt ervoor dat het voor bedrijven eenvoudiger wordt op goed personeel te vinden en daarmee in hun groeiverwachting te voorzien. Als we de ontwikkeling van banen in de afgelopen 10 tot 15 jaar doortrekken (trendlijn), dan ligt deze ontwikkeling tussen het WLO-laag en -hoog scenario. We verwachten dat de een verdergaande regionale samenwerking en de projecten gericht op Economie & Werklocaties en Arbeidsmarkt & Onderwijs kunnen leiden tot de werkgelegenheidsgroei conform het WLO-hoog scenario. Dat betekent een banengroei van 4% tot en met 2040, een toename van circa 2.700 banen. De speerpuntsectoren in de Kop zijn kennis- en kapitaalintensief. Dat betekent dat groei in aantal banen in deze sectoren leidt tot relatief hogere R&D uitgaven in deze sectoren. In het beleidscenario gaan we uit van een groei van R&D-uitgaven van circa 8% tot en met 2040 (in plaats van maximaal 4% in het nulscenario). Dit betekent een totale stijging van de R&D uitgaven in de totale periode van € 78 miljoen.
Tabel 9: Effecten beleid ‘De Kop werkt!’op Economie en Havens
Banen Investeringen Research & Development Transitie haven marine -> marine civiel & olie/gas -> windenergie
Nulscenario
Beleid Kop Werkt
Verschil
-5.700 <> + 2.700
2.700
0 – 8.400
€ 4,2 miljard
€ 4,3 miljard
€ 78 miljoen
0
+
+
De impact van de projecten in het Programma tonen een aantal kwantificeerbare effecten. Het beleid en de verschillende projecten hebben naar verwachting een positieve invloed op: • Het aantal banen. We gaan uit van een banengroei conform het WLO-hoog scenario. Dit komt omdat er middels het programma vol wordt ingezet op randvoorwaardelijke verbeteringen van het vestigingsklimaat, onder andere door het verminderen van de mismatch op de arbeidsmarkt, het verbeteren van de condities in en bereikbaarheid van de Port of Den Helder, de bereikbaarheid van de regio en de stimulering van hotspots zoals de Energy & Health Campus. Investeringen ten behoeve van de haven hebben qua werkgelegenheid een groot multiplier effect. • De hoogte van de investeringen in Research & Development, met name door de groei van de speerpuntsectoren waar veel innovatie plaatsvindt. • De transitieopgave van de haven Den-Helder: van marinehaven naar meer samenwerking tussen marine en civiel en van olie/gas haven naar meer windenergie en servicehaven. Zonder noodzakelijke investeringen komen deze transities niet van de grond en zou Den Helder terrein verliezen ten opzichte van concurrerende havens als Zeeland Seaports en Eemshaven.
48
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
5.4 Aanbevelingen Regionale samenwerking belangrijk Samenwerking tussen de verschillende gemeenten is nodig. In het programma zijn hiervoor projecten opgenomen als de regionale bereikbaarheid, het opstellen van omgevingsvisies en plannen van aanpak voor vestigingsmilieus. Verder wordt er samengewerkt bij de sectorplannen voor arbeidsmarkt en onderwijs. Samenwerking op al deze thema’s is cruciaal. Een project als de verbetering van de haven in Den Helder heeft in eerste instantie een direct effect op Den Helder zelf. Echter, een beter functionerende haven in Den Helder straalt af op de gehele regio. Samenwerkende bedrijven en toeleveranciers die in de regio zijn gevestigd profiteren van economische groei in de haven. Met name de verbindingen tussen energie, offshore en agribusiness zijn sterk in de regio, en de regionale omstandigheden binnen de Kop voor deze cross-overs zijn goed. Figuur 26: voorbeelden cross-overs speerpuntsectoren in Kop
Energy en Health
Energy en Agribusiness
Offshore, Energy & Maritiem
Strategische waarde bedrijventerreinen De gemeenten hebben gezamenlijk een veel sterkere propositie en voldoende massa om clusters en innovatie te stimuleren. Alleen door goed samen te werken kan worden gestuurd op de (her-) ontwikkeling van bestaande en nieuwe locaties. Ook de ontwikkeling van de Petten Energy & Health Campus heeft alleen kans van slagen als er duidelijk afspraken worden gemaakt over de vestiging van bedrijven hier en niet elders. Met zowel het Convenant werklocaties in de Kop (2016) als Werkwijze bedrijfshuisvesting op bedrijventerreinen in de Kop van Noord-Holland (2012) worden hier al jaren goede afspraken over in de regio gemaakt.
49
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
6 Toerisme en recreatie 6.1 Hoe staat de regio ervoor? De Kop heeft een aantrekkelijke ligging voor toerisme en recreatie, omgeven door IJsselmeer, Wadden- en Noordzeekust en de aanwezigheid van Texel en een oud historisch agrarisch landschap met beschermde dorpsgezichten. Verder ligt het, zeker voor buitenlandse toeristen, dichtbij de toeristische hotspot MRA. Bestedingen het hoogst op Texel, groei in de Kop blijft achter op provincie Toerisme is een belangrijke inkomstenbron voor de Kop van Noord-Holland (circa 13% van de totale inkomsten). Ongeveer 65% van de bezoekers van de Kop komt uit Nederland en circa 30% uit Duitsland. Zo ontvangt Texel ongeveer 1 miljoen bezoekers per jaar. Gemiddeld geven toeristen in Texel op vakantie € 254 uit. In de rest van de Kop is dit € 156. Dit is in de periode 2011 tot 2014 redelijk stabiel gebleven. De totale besteding van toeristen in de periode is ook gelijk gebleven. In 2011 was dit circa € 146 miljoen en in 2014 circa € 145 miljoen. De Kop blijft hiermee achter bij de stijging in de provincie, waar in 2011 in totaal € 295 en in 2014 € 381 miljoen uitgegeven werd (+30%). Aantal banen en vestigingen sinds 2012 relatief stabiel Het aantal banen in recreatie en toerisme in de kop van Noord Holland is in de periode 2012 -2016 relatief stabiel. In 2012 waren er 1.520 vestigingen en 5.440 banen in de Kop.
In 2016 waren dit 1.460 vestigingen en 5.310 banen. Zie onderstaand figuur. In de Kop is het grootste deel van de toeristisch recreatieve verblijfsparken van de provincie gelegen. Figuur 27: Aantal banen (L) en aantal vestigingen (R) in recreatie en toerisme 2000
440
1800
420
1600
400 Schagen
1400
Texel
Schagen 380
Texel
1200
Hollands Kroon
360
Hollands Kroon
1000
Den Helder
340
Den Helder
800
320
600
300 2012 2013 2014 2015 2016
2012
2013
2014
2015
2016
Bron: Waarstaatjegemeente.nl, LISA (2016); Bewerking: Stec Groep, 2018.
Bezoekers van de Kop: oudere stellen en gezinnen, voor een verblijf van 2 tot 4 dagen De bezoekers en dagrecreanten zij voornamelijk stellen (58%), grotendeels 50-plussers, of gezinnen met kinderen tussen de 6 en 12 jaar. De doelgroep voor de Kop is daarmee gemiddeld ouder dan gemiddeld in Nederland. Het strand is de voornaamste reden dat bezoekers naar de Kop komen, meestal voor een kort verblijf van 2 tot 4 dagen (61%). Daarnaast wandelen (58%) of fietsen (23%) de bezoekers ook graag. Verblijf vindt doorgaans plaats in een hotel (38%), vakantiebungalow (24%) of bed and breakfast (15%).
50
Impact programma ‘De Kop Werkt!’ 17.254
Het bezoekersaantal in de Kop stagneert: prijskwaliteitverhouding moet beter De Kop van Noord-Holland heeft jaarlijks 8,5 miljoen bezoekdagen. Ruim de helft hiervan komt voor rekening van Texel. Toch is er sprake van een stagnatie in de groei van het aantal bezoekers in de regio. Onder andere vanwege de relatief ongunstige prijs/kwaliteitsverhouding, voor zowel horeca als de (verblijfs-) accommodaties. De toegevoegde waarde kan stijgen door kwaliteitsverbetering en het ontwikkelen van nieuwe concepten. Het toeristisch en recreatief aanbod in de Kop van Noord-Holland is gevarieerd, je vindt er strand, zee, duinen, historische kernen en musea. Verder biedt met name de driezijdige kust, samen met de unieke positie van Texel en de Afsluitdijk, en een aantal aantrekkelijke toeristisch-recreatieve kernen zoals Schagen en Callantsoog concrete mogelijkheden. Ook het verbinden van het kusttoerisme met het achterland biedt kansen, zeker in combinatie met natuurontwikkeling en kustversterking.
6.2 Nulscenario: Trends, ontwikkelingen en prognoses Deze paragraaf beschrijft de autonome verwachte ontwikkeling van het toerisme en de recreatie sector indien er geen specifiek beleid wordt gevoerd voor het creëren van een optimaal leef- en recreatieklimaat (nul-scenario). Aantal vestigingen afgelopen jaren licht gedaald, banen stabiel Tussen 2012 en 2016 is het aantal vestigingen in het toerisme afgenomen van circa 1.520 tot 1.460. Dit is circa 1% per jaar. Het betreft een periode met slechte economische omstandigheden, daarom is het niet verwonderlijk dat dit aantal in deze conjunctuurgevoelige sector is teruggelopen. Het aantal banen is redelijk stabiel gebleven. Prognoses specifiek voor de recreatie of toerisme branche zijn er niet. We gaan daarom uit van het hoge WLO scenario qua ontwikkelingen van het aantal banen. Hierin zien we dat het aantal banen in de Kop met zo’n 4% toeneemt. Dit is opgebouwd uit een daling bij de sectoren landbouw en nijverheid en groei in de detailhandel en overige diensten. Werkgelegenheid in de recreatie en toerisme bevinden zich in deze twee laatste categorieën, en hier rekenen we dan ook met de gemiddelde groei van 4% (hoger is mogelijk). Figuur 28: Ontwikkeling van het aantal banen in het toerisme 5.650 5.600 5.550 5.500 5.450 5.400 5.350 5.300 5.250 5.200 5.150 5.100