CConstaterende datDen Helder
Koppel je AI →
Document · PDF

BA7668_BP Veiligheidscontour Balgzand_VST_22 april 2025.pdf

Gemeenteraad 22 april 2025, gemeente Den HelderBij agendapunt: 11: Voorstel tot het vaststellen van het facetbestemmingsplan Veiligheidscontour Balgzand.27.929 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Over het algemeen kan het aantal gewonden worden gekoppeld aan het aantal dodelijke slachtoffers, aangezien met het beperken van de kans op dodelijke slachtoffers tevens de kans op gewonden wordt verkleind. Ook de voorbereiding op en de bestrijding van de effecten van een ongeval en de nazorg hebben zowel betrekking op gewonden als op dodelijke slachtoffers. Zie verder bij plaatsgebonden risico en bij risicocontour. Knelpunten Een knelpunt is in dit onderzoek gedefinieerd als de aanwezigheid van kwetsbare objecten binnen een 10-6 PR-contour van een inrichting (op basis van het Bevi) of van een vervoersas (op basis van de circulaire RNVGS of straks het Bevt). Dergelijke situaties dienen voor inrichtingen voor 1 januari 2010 te worden gesaneerd en mogen in het nieuwe bestemmingsplan niet meer voorkomen. Overschrijding van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico is geen hard knelpunt. Als het bevoegde gezag het groepsrisico aanvaardbaar acht, mag de oriëntatiewaarde worden overschreden. Kwetsbaar object en beperkt kwetsbaar object Bij de normstelling in Bevi wordt onderscheid gemaakt tussen kwetsbare en beperkt kwetsbare bestemmingen. Het onderscheid tussen kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten is van belang voor de toepassing van de normen voor het plaatsgebonden risico. Ook Bevb en Bevt kennen een onderscheid tussen kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten.

De definities komen grotendeels overeen. In onderstaand overzicht zijn enkele voorbeelden gegeven van objecten die kwetsbaar of beperkt kwetsbaar zijn (dit overzicht is niet uitputtend). Kwetsbare objecten zijn objecten die of vanwege hun functie of vanwege de aanwezigheid van veel personen beschermd moeten worden. Beperkt kwetsbare objecten zijn objecten die vanwege de aard ervan iets minder bescherming nodig hebben dan kwetsbare objecten. Voor beide categorieën inrichtingen geldt dat het bevoegd gezag gemotiveerd objecten aan de lijst mag toevoegen. Objecten die niet onder een van beide categorieën kunnen worden ingedeeld, worden vanuit het oogpunt van omgevingsveiligheid niet als kwetsbaar beschouwd. De normen uit het Bevi zijn op dergelijke objecten niet van toepassing. Te denken valt bijvoorbeeld aan een provinciale weg.

22 april 2025

BIJLAGE

BA7668-107-100IPRP002F04

A6

Projectgerelateerd

Kwetsbare objecten Woningen Ziekenhuizen, bejaarden- en verpleeghuizen e.d. Scholen en dagopvang minderjarigen Kantoorgebouwen en hotels ( > 1500 m2 ) Winkelcentra ( > 1000 m2 > 5 winkels ) Winkel met supermarkt ( > 2000 m2 )

Beperkt kwetsbare objecten Verspreid liggende woningen (2/ha) Dienst- en bedrijfswoningen Kantoorgebouwen ( < 1500 m2 ) Hotels en restaurants ( < 1500 m2 )

Winkels Sport- , kampeer- en recreatieterreinen (<50 personen) Kampeer- en verblijfsrecreatieterrein ( > 50 pers. ) Bedrijfsgebouwen Andere gebouwen met veel personen Equivalente objecten Objecten met hoge infrastructurele waarde Let op: hoewel bedrijfsgebouwen als beperkt kwetsbare objecten worden aangemerkt, worden bedrijfsgebouwen van inrichtingen die onder het Bevi vallen niet als beperkt kwetsbaar object aangemerkt bij de toepassing van de normen voor het plaatsgebonden risico. De circulaire opslag ontplofbare stoffen voor civiel gebruik kent een definitief van kwetsbare objecten die net even anders is (niet toegestaan binnen B-zone), namelijk: Woningen, niet zijnde woningen als bedoeld in beperkt kwetsbare objecten; ●

Gebouwen bestemd voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen,

●

ouderen, zieken of gehandicapten, zoals:

●

Ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen;

●

Scholen;

●

Gebouwen of gedeelten daarvan, bestemd voor dagopvang van minderjarigen;

●

Gebouwen waarin doorgaans grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig zijn,

●

Kantoorgebouwen en hotels met een bruto vloeroppervlak van meer dan 1500 m² per object;

●

Complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamenlijk bruto vloeroppervlak meer dan

zoals:

1000 m² bedraagt en winkels met een totaal bruto vloeroppervlak van meer dan 2000 m² per winkel, voorzover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd; ●

Kampeer- en andere recreatieterreinen bestemd voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen.

Lage-drempel inrichting Brzo 2015 In het Besluit risico's zware ongevallen (Brzo 2015) zijn criteria opgenomen waarmee wordt bepaald welke bedrijven een risico van zware ongevallen met zich meebrengen. Onderscheid wordt gemaakt tussen Brzo-bedrijven van de zware en de lichte categorie. Deze lichte categorie wordt ook wel Lage drempel bedrijven genoemd. Bedrijven van de lichte categorie moeten onder andere een 'preventiebeleid zware ongevallen' hebben en een veiligheidsbeheerssysteem. MOV Modernisering omgevingsveiligheidsbeleid. Nieuwe situaties Het betreft situaties ná inwerkingtreding van het Bevi (27 oktober 2004): • het nemen van alle ruimtelijke besluiten • het oprichten van een inrichting; • het veranderen van een bestaande inrichting waarvoor een milieuvergunning nodig is en waarbij de verandering nadelige gevolgen heeft voor het Plaatsgebonden Risico; Zie ook bestaande situaties. Omgevingsveiligheid Nieuwe term voor externe veiligheid. De komst van de Omgevingswet wordt aangepakt om het externe veiligheidsbeleid te moderniseren onder de vlag ‘omgevingsveiligheidsbeleid’.

22 april 2025

BIJLAGE

BA7668-107-100IPRP002F04

A7

Projectgerelateerd

Ontruimingsplan Een ontruimingsplan geeft aan hoe een ontruiming van een gebouw of een terrein moet plaatsvinden. De overheid eist in bepaalde gevallen een ontruimingsplan van bedrijven. Het gaat daarbij uiteraard om de veiligheid van groepen mensen die aanwezig kunnen zijn. Oriëntatiewaarde Betreft een toetsingswaarde (die het karakter heeft van een oriëntatiewaarde), waarvan het bevoegd gezag gemotiveerd mag afwijken. Een oriëntatiewaarde heeft een juridische status maar is geen grenswaarde. Plaatsgebonden Risico (PR) Het plaatsgebonden risico is de berekende kans per jaar, dat een persoon overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongeval bij een risicobron (inrichting of transportroute), aangenomen dat hij op die plaats permanent en onbeschermd verblijft. In het plaatsgebonden risico zijn in het kort twee verschillende kansen verwerkt: • de kans dat een ramp, zoals het ontsnappen van een gevaarlijke stof, plaatsvindt; • de kans dat een persoon daadwerkelijk overlijdt als gevolg daarvan. Deze kans mag conform het Bevi, Bevb en Bevt maximaal 1 op een miljoen (10-6) per jaar zijn. De norm van 10-6/jaar geldt ten aanzien van kwetsbare objecten als grenswaarde, die niet mag worden overschreden, en ten aanzien van beperkt kwetsbare objecten als richtwaarde. Rondom een inrichting of transportroute bestaat op sommige plaatsen hetzelfde risico.

Deze plaatsen kunnen als een lijn (een risicocontour) op een kaart gezet worden. Plasbrand aandachtsgebied (PAG)

Het PAG is een zone van 30 meter aan weerszijden van rijkswegen en spoorwegen. Bij ruimtelijke ontwikkelingen binnen het PAG moet het bevoegd gezag onderbouwen, waarom het de ontwikkelingen wil toestaan. Het PAG is een nieuw begrip dat zal worden opgenomen in het Bevt, dat ontwikkeld is in het kader van het Basisnet voor vervoer van gevaarlijke stoffen voor rijkswegen. Ramp

Volgens de Wet rampen en zware ongevallen is een ramp of zwaar ongeval een gebeurtenis: 1. waardoor een ernstige verstoring van de openbare veiligheid is ontstaan, waarbij het leven en de gezondheid van vele personen, het milieu of grote materiële belangen in ernstige mate worden bedreigd of zijn geschaad, en 2. waarbij een gecoördineerde inzet van diensten en organisaties van verschillende disciplines is vereist om de dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken Rampenbestrijdingsplan In een rampenbestrijdingsplan legt een gemeente vast welke voorbereidingen zijn getroffen voor de bestrijding van een specifieke ramp of een specifieke soort ramp. De gemeente moet een beleid hebben waarin is bepaald voor welke overige gevallen een rampenbestrijdingsplan wordt gemaakt. Het gaat erom dat er een rampenbestrijdingsplan komt voor rampen en zware ongevallen waarvan de plaats, de aard en de gevolgen voorzienbaar zijn. Voor sommige risicosituaties is een rampbestrijdingsplan direct wettelijk verplicht. In een rampenbestrijdingsplan moet de afstemming met aangrenzende gemeenten en aangrenzende gebieden in buurlanden zijn gewaarborgd. Regeling basisnet In de Regeling basisnet is o.a. per deel van een transport-as aangegeven welke afstand qua 10-6 plaatsgebonden risicocontour van toepassing is en of een transport-as wel of geen plasbrandaandachtsgebied (PAG-zone) heeft.

De regeling regelt de uitwerking van het Bevt voor wat betreft de ruimtelijke kant.

22 april 2025

BIJLAGE

BA7668-107-100IPRP002F04

A8

Projectgerelateerd

Richtwaarde Richtwaarde als bedoeld in artikel 5.1 van de Wet milieubeheer ten aanzien van het niveau van het plaatsgebonden risico. Van een richtwaarde mag slechts om zwaarwegende redenen worden afgeweken. Risicobron De plaatsen waar risico's vandaan (kunnen) komen, worden risicobronnen genoemd. Het betreft hierbij: • bedrijven waar gevaarlijke stoffen worden gemaakt, gebruikt of opgeslagen; • routes en pijpleidingen waarover of -door gevaarlijke stoffen worden getransporteerd. Risicocontouren Een risicocontour geeft aan hoe hoog in de omgeving de overlijdenskans is door een ongeval met een risicobron. Deze contourlijnen kan men vergelijken met de gewone hoogtelijnen op een kaart: binnen de contour is het risico groter, buiten de contour is het risico kleiner. Risicokaart Een risicokaart laat zien waar risicobronnen liggen. Het gaat daarbij om risicobronnen waardoor mensen direct letsel kunnen oplopen. Bijvoorbeeld gevaarlijke stoffen en andere relevante risico's, zoals overstromingen. In totaal kunnen de risico's van een dertiental verschillende ramptypen op kaart worden getoond. Maar er zijn ook risicokaarten waarop alleen risicosituaties met gevaarlijke stoffen staan. Route gevaarlijke stoffen Voor de routering van gevaarlijke stoffen is de Wet vervoer gevaarlijke stoffen van belang.

Alle rijkswegen (enkele tunnels onder belangrijke vaarwegen daargelaten) en de meeste provinciale wegen zijn aangewezen als route voor gevaarlijke stoffen. Gemeenten mogen voor de zogenaamde routeplichtige stoffen gemeentelijke wegen binnen hun grenzen aanwijzen waarover deze gevaarlijke stoffen mogen worden vervoerd (en daarbuiten dus niet). Redenen voor routering zijn bijvoorbeeld kwetsbare situaties, zoals dichte bebouwing, de aanwezigheid van een ziekenhuis of de ligging van een waterwingebied. De gemeente kán vervolgens ook vrijstelling verlenen aan bedrijven als deze hiertoe een verzoek indienen. Vervoersas of transportroute Vervoer van gevaarlijke stoffen vindt vooral plaats over de weg, over het water, per spoor en door buisleidingen. Veiligheidscontour Een gebieds-omhullende 10-6 per jaar plaatsgebonden risicocontour rondom een of meer activiteiten met gevaarlijke stoffen die onder het Bevi vallen. Veiligheidsrapport De meest gevaarlijke bedrijven die vallen onder het Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo 2015), moeten een veiligheidsrapport opstellen. In het veiligheidsrapport moet onder andere worden aangetoond dat: • een preventiebeleid en een veiligheidsbeheerssysteem zijn ingevoerd; • gevaren zijn geïdentificeerd en doeltreffende maatregelen zijn genomen; • de installatie en de bedrijfsvoering voldoende veilig en betrouwbaar zijn.

Veiligheidszone Een door bevoegd gezag bepaalde zone waarbinnen zich geen kwetsbare objecten mogen bevinden. Vuurwerkbesluit Het Vuurwerkbesluit bevat regels met betrekking tot consumenten- en professioneel vuurwerk. Per 1 maart 2004 is een herziene versie van het Vuurwerkbesluit in werking getreden en is de overgangstermijn verlopen. In maart 2006 is het besluit nog gewijzigd. Indien een bedrijf per die datum niet kon voldoen aan de eisen uit het Vuurwerkbesluit, was het niet toegestaan om vuurwerk op te slaan. Melding-plichtige 22 april 2025

BIJLAGE

BA7668-107-100IPRP002F04

A9

Projectgerelateerd

inrichtingen die moesten stoppen hadden nog tot eind 2004 de mogelijkheid een schadevergoeding aan te vragen bij het Rijk. Hiervoor moest de gemeente wel een verklaring afgeven. Bij vergunning plichtige inrichtingen die moesten stoppen, moest de gemeente tevens actie ondernemen door de procedure te starten om milieuvergunningen in te trekken. Het bevoegde gezag moest beoordelen of een vuurwerkbedrijf al dan niet aanpassingen zou kunnen plegen om te voldoen aan de eisen uit het Vuurwerkbesluit. Een bedrijf dat echt niet kon voldoen aan de eisen van het Vuurwerkbesluit, had in veel gevallen recht op een schadevergoeding volgens een vaststaande berekeningswijze. De kosten van de schadevergoedingen voor de sanering van vuurwerkbedrijven werden door het Ministerie van VROM aan het bevoegde gezag vergoed als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs) De Wet vervoer gevaarlijke stoffen gaat over het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, per spoor en via de binnenwateren. Onder de wet hangt het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen en drie ministeriële regelingen met internationale voorschriften voor vervoer over de weg, per spoor en over water. Hierin zijn routeplichtige stoffen aangewezen, waarvoor de gemeente routes mag aanwijzen. De handhaving van de Wvgs wordt uitgevoerd door de Inspectie Verkeer en Waterstaat (IVW).

Zelfredzaamheid Zelfredzaamheid geeft aan in welke mate de aanwezigen in staat zijn om zich op eigen kracht in veiligheid te brengen. De zelfredzaamheid kan positief beïnvloed worden door: a. de voorzieningen in het gebied waarmee vluchten mogelijk wordt gemaakt (infrastructurele mogelijkheden); b. de fysieke mogelijkheden van de aanwezige populatie om te vluchten; c. de mate waarin men is voorbereid op de eventuele noodzaak om te vluchten of hiertoe tijdig instructies ontvangt (mentale mogelijkheden). Zeer kwetsbaar gebouw (ZKG) Gebouw dat onder de Omgevingswet extra beschermd wordt, zoals een kinderdagverblijf of gevangenis.

22 april 2025

BIJLAGE

BA7668-107-100IPRP002F04

A10

Projectgerelateerd

Bijlage 2: Begrenzing veiligheidscontour De begrenzing van de veiligheidscontour is een combinatie van verschillende onderdelen. Onderstaand de toelichting en de overzichtskaart. PR 10-6 contour NAM als basis voor de begrenzing Voor de veiligheidscontour zijn de aanwezige plaatsgebonden 10-6 risico contour(en) van de aanwezige inrichtingen die vallen onder het Bevi leidend voor het bepalen van de begrenzing. PR-contouren van andere risicobronnen die vallen onder het Bevt of Bevb zijn geen onderdeel van de veiligheidscontour. De basis voor de veiligheidscontour in Den Helder is de PR10-6 contour van de NAM. Ligging functies binnen de veiligheidscontour Binnen de veiligheidscontour geldt een functionele binding. Dit is om te borgen dat de aangewezen functies op een verantwoorde en veilige wijze binnen de contour kunnen vestigen. De veiligheidscontour inclusief functionele binding geldt voor het vestigen van nieuwe Bevi-inrichtingen en voor de vestiging van nieuwe kwetsbare objecten. Naast de locatie van de NAM zijn het gehele terrein van het civiele deel van de luchthaven de Kooy en de defensielocatie opgenomen. Daarnaast valt het bedrijventerrein ten noorden van de NAM inclusief de waterzuivering onder de veiligheidscontour.

Geografische grenzen Naast de ligging van de PR 10-6 en de ligging van de verschillende functies is de begrenzing bepaalt op basis van geografische grenzen. Dit is een combinatie van kadastrale begrenzingen en begrenzingen van de onderliggende bestemminsplannen. Onderstaande kaart laat de ligging van de veiligheidscontour zien met de bijbehorende PR 10-6 contour van de NAM.

22 april 2025

BIJLAGE

BA7668-107-100IPRP002F04

A11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.denhelder.nl/api/v1/meetings/2229/documents/24362