RIS325229 Bijlage 260414 Herijking impactanalsye netcongestie maart 2026
Tekst van het document
Gemeentelijke gebouwen en dienstverlening Sportvoorzieningen
HERIJKING IMPACTANALYSE NETCONGESTIE Gemeente Den Haag
April 2026
Inhoud Samenvatting ....................................................................................... 2 1
Inleiding ........................................................................................ 5
2
Netcongestie in Den Haag .............................................................. 6
3
Netverzwaring in Den Haag ............................................................ 7 3.1 3.1.1
Hoogspanning ...................................................................... 7 Nieuw hoofdverdeelstation op ZKD.................................... 7
3.1.2 Uitbreiding hoofdverdeelstation De Constant Rebecqueplein of nieuw hoofdverdeelstation Noord ....................... 7
4
5
6
5.3
Onderwijshuisvesting .......................................................... 21
5.4
Economie ........................................................................... 21
5.5
Energietransitie................................................................... 21
5.6
Mobiliteit ............................................................................ 22
5.7
Afval ................................................................................... 23
5.8
Gemeentelijke gebouwen en dienstverlening........................ 23
5.9
Sportvoorzieningen ............................................................. 24
Beter benutten elektriciteitsnet .................................................... 25 6.1
Netbewust bouwen ............................................................. 25
3.2
Middenspanning ................................................................... 7
6.2
Mobiliteit: Netbewust laden................................................. 25
3.3
Laagspanning ....................................................................... 7
6.3
Opslag/Utiliteit: Batterijen en energyhubs ............................ 26
ACM prioriteringskader en nieuwe werkwijze................................. 10
6.4
Inzet van thuisbatterijen ...................................................... 27
4.1
ACM prioriteringskader ....................................................... 10
6.5
Benutten stroom van HTM ................................................... 27
4.2
Nieuwe werkwijze netbeheerders ........................................ 11
6.6
Zoeken flexibel vermogen en inzet andere tijdelijke bronnen . 28
4.3
Wachtlijst binnen Den Haag ................................................ 11
6.7
Bestaande aansluitingen ..................................................... 28
Impact van netcongestie op Den Haag .......................................... 12 5.1
Woningbouwopgave ........................................................... 12
5.2
Gebiedsontwikkelingen....................................................... 13
5.2.1
Binckhorst...................................................................... 15
5.2.2
Central Innovation District .............................................. 16
5.2.3
Zuidwest ........................................................................ 17
5.2.4
Zuid............................................................................... 18
5.2.5
Kust ............................................................................... 19
5.2.6
Noord ............................................................................ 20
Bijlage 1: Uitbreiding Elektriciteitsnet ................................................... 29
1
Samenvatting In Den Haag is door netbeheerders TenneT en Stedin netcongestie afgekondigd op het hoog-, midden- en laagspanningsnet. Dit betekent dat het elektriciteitsnet aan zijn grenzen zit. Er wordt steeds meer stroom op hetzelfde moment gebruikt, waardoor het stroomnet overbelast dreigt te raken. Netbeheerder TenneT en Stedin hebben in december 2025 door middel van congestiemanagementonderzoeken de netcongestieproblematiek in Den Haag inzichtelijk gemaakt. Hierbij is nog geen rekening gehouden met de nieuwe verdelingssystematiek waarbij groot- en kleinverbruik aansluitingen op één integrale wachtlijst komen te staan. Tennet verwacht over circa 2 jaar een netveiligheidsprobleem in Den Haag tot dat de netuitbreidingen gereed zijn. Een netveiligheidsprobleem ontstaat wanneer de elektriciteitsvraag de beschikbare netcapaciteit overschrijdt. Dit bedreigt de betrouwbaarheid van het elektriciteitsnet, waardoor bijvoorbeeld de kans op stroomstoringen groter wordt. Netbeheerders zoeken op dit moment oplossingen om het netveiligheidsprobleem te verkleinen en/of vertragen. Bijvoorbeeld door het verlengen van contracten met gascentrales. Voor het oplossen van netcongestie moet op alle niveaus (hoog-, middenen laagspanning) het elektriciteitsnet worden uitgebreid. Het uitbreiden van de netcapaciteit gaat jaren duren.
De verwachting van de netbeheerders is dat de congestie in Den Haag in 2034-2036 is opgelost. Dit is sterk afhankelijk van het tempo van de verzwaring van het elektriciteitsnet. Verzwaren elektriciteitsnet Voor de verzwaring van het elektriciteitsnet is een groot aantal fysieke uitbreidingen boven- en ondergronds nodig. Zowel in als buiten Den Haag. Deze werkzaamheden kosten veel tijd, waarbij gezocht wordt naar versnellingsmogelijkheden. In de praktijk blijkt dat het uitbreiden van het elektriciteitsnet zeer complex is in een dichtbebouwde stad als Den Haag. Zowel ondergronds als bovengronds is de ruimte schaars. Dit leidt tot ruimtelijke keuzes over het vrijmaken van ruimte voor
elektriciteitsvoorzieningen en de werkzaamheden gaan voor overlast zorgen in de stad. ACM prioriteringskader Netcongestie Voor het verdelen van de schaarse netcapaciteit geldt vanaf 1 januari 2026 een nieuwe prioriteringskader van toezichthouder Autoriteit Consument & Markt (ACM). Tevens wordt een integrale wachtlijst voor zowel klein- als grootverbruik aansluitingen vanaf 1 juli 2026 ingevoerd. Hierdoor verandert het handelingsperspectief voor bijvoorbeeld woningbouw, laadpalen, scholen, gebiedsontwikkeling en economische functies ingrijpend. Tot nu toe stonden alleen klanten met een grootverbruiksaansluiting zoals industrie en grote bedrijven op de wachtlijst. Voor kleinverbruik, zoals woningen met een kleine aansluiting (tot 3x80 ampère) werd ruimte gereserveerd. Vanaf 1 juli verandert dat en behandelen de netbeheerders alle aanvragen op grond van het prioriteringskader van de ACM. Het prioriteringskader geeft maatschappelijk vitale functies voorrang binnen de schaarse ruimte op het elektriciteitsnet. Tussen 1 juli 2026 en 1 januari 2027 wordt de ruimte die tot nu toe gereserveerd werd stapsgewijs verdeeld aan klanten met prioriteit op de wachtlijst, op volgorde van het prioriteringskader.
Concreet betekent dit dat congestieverzachters en vitale functies, zoals ziekenhuizen, drinkwaterbedrijven en brandweerkazernes, voorrang krijgen bij een nieuwe of zwaardere stroomaansluiting. Daarna zijn woningbouw, scholen en warmteprojecten aan de beurt. Functies zonder maatschappelijke prioriteit, zoals bedrijven, worden aangesloten als er na 1 januari 2027 nog capaciteit over is. Impact van netcongestie op Den Haag Netbeheerders maken op dit moment inzichtelijk hoeveel stroomcapaciteit nog beschikbaar is in Den Haag. Deze beschikbare capaciteit wordt vanaf 1 juli 2026 vrijgegeven aan de wachtlijst. In deze
2
herijking is inzichtelijk gemaakt wat de impact van netcongestie is op ontwikkelingen in Den Haag. • Gebiedsontwikkelingen: Voor de gebiedsontwikkelingen zijn 210 projecten geanalyseerd. Dit zijn projecten met bijvoorbeeld woningbouw, kantoren, commerciële activiteiten, maatschappelijke voorzieningen en utiliteit. Van de geanalyseerde projecten hebben of krijgen 31 projecten een aansluiting, 51 projecten kunnen mogelijk nog voor 1 juli 2026 een kleinverbruik aansluiting aanvragen, bij 14 projecten wordt ingezet op het behouden van de aansluiting zodat deze kan worden gebruikt voor de nieuwbouw en 114 projecten komen op de wachtlijst voor een aansluiting. • Woningbouw: Voor woningbouwprojecten waar voor 1 juli 2026 geen aansluiting kan worden aangevraagd, kan door middel van ‘eerder aanvragen’ een reservering gedaan worden op de wachtlijst en prioriteit worden aangevraagd. Hiervoor is bewijslast nodig. Van de projecten uit de planvoorraad kan 30% - 60% de bewijslast niet leveren, omdat deze projecten nog niet ver genoeg zijn in de planvorming. Van de projecten die ver genoeg zijn in de planvorming wordt op dit moment de bewijslast verzameld. Naar huidig inzicht kan voor 9.000 tot 16.000 woningen bewijslast worden aangeleverd.
Bij een tijdige aanvraag en voldoende vrij te geven capaciteit1 op het net kunnen deze woningen worden aangesloten op het elektriciteitsnet tot 2035 (periode met netcongestie). Naast de vrij te geven ruimte op het net, is ook de invulling van de benodigde bewijslast nog niet definitief. Afhankelijk hiervan kan het beeld over het aantal aan te sluiten woningen nog worden geconcretiseerd. • Onderwijs: Voor renovatie en nieuwbouw van scholen uit het Integraal Huisvestingsplan (IHP) kan een aanvraag worden ingediend voor een elektriciteitsaansluiting, dit betreft 40 projecten. Hier wordt net als bij
•
•
•
een deel van de woningbouw gebruik gemaakt van het proces ‘eerder aanvragen’. Het IHP dient hiervoor als bewijslast. Waardoor voor een project zo vroeg mogelijk in de planvorming een nieuwe/verzwaarde elektriciteitsaansluiting kan worden aangevraagd. Deze aanvragen komen met prioriteit op de wachtlijst. Verduurzamingsprojecten van scholen komen niet in aanmerking voor ‘eerder aanvragen’ en prioriteit op de wachtlijst. Economie: Voor MKB-functies in de stad die een nieuwe of grotere aansluiting nodig hebben is de impact van netcongestie groot. Deze functies krijgen volgens het ACM-prioriteringskader geen prioriteit op de wachtlijst, tenzij het kleinschalige functies zijn in de plint van een woningbouwproject of wanneer bedrijven een congestieverzachter worden door bijvoorbeeld de inzet van een batterij en hiermee meer capaciteit op het net vrijspelen. De doelstelling uit het voor het toevoegen van 65.000 m2 aan kantoorruimte en 95.000 m2 aan bedrijfsruimte wordt beperkt door netcongestie. Energietransitie: Netcongestie raakt de uitvoering van de energietransitie. Na 1 juli 2026 is voor huishoudens de overstap naar inductie koken of het aanschaffen van een warmtepomp alleen mogelijk zolang deze binnen de bestaande aansluiting past. Indien uitbreiding van de bestaande aansluiting nodig is, komt deze op de wachtlijst met prioriteit.
Daarnaast raakt netcongestie ook projecten op het gebied van warmtesystemen. Tegelijkertijd zijn deze warmteprojecten essentieel om netcongestie beheersbaar te houden. Deze systemen vragen minder netcapaciteit dan wanneer op grote schaal zou worden ingezet op warmtepompen. De ontwikkeling van warmtebronnen en overdrachtsstations is afhankelijk van elektriciteitsaansluitingen en komen op de wachtlijst met prioriteit. Mobiliteit: Voor laadinfrastructuur is meestal een kleinverbruik aansluiting nodig. Deze komen vanaf 1 juli 2026 op de wachtlijst
De vrij te geven ruimte c.q. restcapaciteit op het net is nog niet inzichtelijk bij de netbeheerders en wordt vanaf de 2e helft van dit jaar duidelijk, waardoor nu nog niet bekend is hoeveel partijen/projecten op de wachtlijst capaciteit krijgen toegekend. 1
3
•
•
zonder prioriteit. Dit heeft impact op de gemeentelijke ambitie om per jaar 400 reguliere openbare laadpalen te plaatsen. De komende maanden worden daarom extra aansluitingen voor reguliere openbare laadpalen aangevraagd. Openbaar vervoer krijgt prioriteit volgens het ACM prioriteringskader. Zolang er capaciteit beschikbaar is worden aanvragen voor openbaar vervoer aangesloten. Nieuwe verkeersregelinstallaties (VRI's) zijn ook afhankelijk van een elektriciteitsaansluiting. Bij vervanging van bestaande VRI’s wordt gebruik gemaakt van de bestaande aansluiting. Bij nieuwe VRI’s, vaak bij gebiedsontwikkelingen, is een nieuwe aansluiting nodig. De aansluiting voor nieuwe VRI’s komen op de wachtlijst met prioriteit. Afval: Netcongestie raakt nieuwe ontwikkelingen rondom het inzamelen en verwerken van afval in Den Haag. Het betreft specifiek de ontwikkelingen: transformatie ondergrondse containers naar perscontainers, verplaatsing afvalcluster Binckhorst en elektrische inzamelvoertuigen. Het inzamelen van afvalstoffen afkomstig uit huishoudens krijgt prioriteit op de wachtlijst. Afvalverwerking en verbranding vallen buiten het prioriteringskader. Gemeentelijke gebouwen, sportvoorzieningen en dienstverlening: hierbij wordt met name de verduurzamingsopgave geraakt.
Zwaardere aansluitingen die nodig zijn om van het gas af te gaan van gemeentelijke panden en elektrificeren van het wagenpark krijgen geen prioriteit op de wachtlijst. Binnen de bestaande aansluiting is verduurzaming en elektrificatie wel mogelijk.
van netcongestie. Enerzijds door middel van ruimtelijke inpassing van elektriciteitsvoorzieningen. Anderzijds door de nog beschikbare capaciteit zo goed mogelijk in te zetten. Tot 1 juli 2026 worden waar mogelijk nog kleinverbruik aansluitingen aangevraagd. Voor de periode na 1 juli 2026 wordt voor onderwijs en woningbouwprojecten het proces ‘eerder aanvragen’ voorbereid en de benodigde bewijslast verzameld. Tegelijkertijd zet de gemeente in samenwerking met de netbeheerders in op slimme oplossingen om het elektriciteitsnet beter te benutten. Denk hierbij aan batterijgebruik, inzet van netbewust laden, inzet van het HTM net, energyhubs en netbewust bouwen. Dit is in veel gevallen een kwestie van innoveren en pionieren. Alleen met slimme oplossingen verdwijnt netcongestie niet, ze kunnen het wel verzachten en bieden in bepaalde gevallen handelingsperspectief op de korte termijn.
De impactanalyse laat zien hoe groot de gevolgen van netcongestie zijn. Stedin en Tennet onderzoeken momenteel hoeveel capaciteit er beschikbaar komt om de wachtlijst in te lopen. Afhankelijk van de beschikbare capaciteit kunnen projecten op de wachtlijst wel of niet worden aangesloten op volgorde van prioriteit. Vervolg Netcongestie heeft grote gevolgen voor ontwikkelingen in Den Haag. Daarom wordt zo veel mogelijk ingezet op het beperken van de impact
4
1 Inleiding In juli 2025 is de impactanalyse netcongestie aan de raad verzonden (RIS322780). Hierin is een eerste beeld gegeven van de impact van netcongestie op de stad. De afgelopen periode hebben zich meerdere landelijke ontwikkelingen rond netcongestie voorgedaan. TenneT en Stedin hebben eind 2025 congestiemanagementonderzoeken uitgevoerd en de Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft een nieuw prioriteringskader vastgesteld dat sinds 1 januari 2026 van kracht is.
Momenteel is de uitwerking van de nieuwe werkwijze met één integrale wachtlijst voor klein- en grootverbruik aansluitingen nog volop in ontwikkeling. Daarnaast actualiseren TenneT en Stedin de congestiemanagementonderzoeken op basis van deze aangepaste werkwijze, hieruit zal blijken hoeveel capaciteit er de komende periode beschikbaar is.
De grootste verandering moet echter nog komen. Vanaf 1 juli 2026 voeren netbeheerders op basis van het nieuwe prioriteringskader een aangepaste werkwijze in voor de wachtlijst in netcongestiegebieden. Vanaf die datum komt er één wachtlijst voor zowel klein- als grootverbruik aansluitingen. De raad is hier in januari 2026 over geïnformeerd (RIS324455). Deze verandering in werkwijze heeft grote invloed op ontwikkelingen in de stad. Met deze “Herijking impactanalyse netcongestie” wordt allereerst inzicht gegeven in de netcongestie in Den Haag en de benodigde netuitbreidingen op Haags grondgebied die nodig zijn om netcongestie op te lossen. Vervolgens wordt inzicht gegeven op welke wijze de ontwikkelingen in de stad worden beïnvloed door de recente ontwikkelingen rondom het ACM prioriteringskader, de aangepaste werkwijze van netbeheerders en de congestiemanagementonderzoeken. Ook wordt ingegaan op verschillende mogelijke oplossingsrichtingen waar de gemeente Den Haag op inzet. De impactanalyse is een ‘momentopname’ in de tijd. De situatie rondom netcongestie is continu aan verandering onderhevig. Wijzigingen in het landelijk beleid vanuit de Rijksoverheid en wet- en regelgeving vanuit de ACM zorgen voor impact op de aanpak van de netcongestie in Den Haag.
5
2 Netcongestie in Den Haag In Den Haag is sprake van gelaagde netcongestie: zowel het hoogspanningsnet van TenneT, als het laag- en middenspanningsnet van Stedin is overbelast. Dit houdt in dat op alle niveaus van het elektriciteitsnet sprake is van overbelasting. In figuur 2 is dit inzichtelijk gemaakt met de uitroeptekens bij hoogspanningsstations, verdeelstations, trafohuisjes en tracés (elektriciteitskabels). Voor het oplossen van netcongestie moet op al deze niveaus het elektriciteitsnet worden uitgebreid. Netbeheerders Stedin en Tennet hebben in december 2025 door middel van congestiemanagementonderzoeken inzichtelijk gemaakt hoe groot de netcongestie problematiek in Den Haag is. Hierbij is nog geen rekening gehouden met de nieuwe verdelingssystematiek waarbij groot- en kleinverbruik aansluitingen op één integrale wachtlijst komen te staan (zie hoofdstuk 4). Uit de nieuwe congestiemanagementonderzoeken zal blijken hoeveel stroomcapaciteit nog over is om te verdelen in Den Haag en de regio.
Figuur 1: Congestiekaart Hoogspanningsnet TenneT
De belangrijkste uitkomst van de onderzoeken uit 2025 is dat netcongestie in Den Haag grotendeels voortkomt uit de piekbelasting van huishoudelijk verbruik tussen 7.00-11.00 uur en 16.00-21.00 uur. TenneT verwacht over circa 2 jaar een netveiligheidsprobleem in Den Haag. Een netveiligheidsprobleem ontstaat wanneer de elektriciteitsvraag de beschikbare netcapaciteit overschrijdt. Dit bedreigt de betrouwbaarheid van het elektriciteitsnet, waardoor bijvoorbeeld de kans op stroomstoringen groter wordt. Netbeheerders zoeken op dit moment oplossingen om het netveiligheidsprobleem te vertragen. Bijvoorbeeld door het verlengen van contracten met gascentrales. Figuur 2: Opbouw elektriciteitsnet
6
3 Netverzwaring in Den Haag Voor de verzwaring van het elektriciteitsnet is een groot aantal fysieke uitbreidingen nodig. Zowel in als buiten Den Haag. Het elektriciteitsnet is niet gebonden aan gemeentegrenzen. Voor het oplossen van netcongestie in Den Haag zijn ook diverse netuitbreidingen op regionaal niveau noodzakelijk. Bijvoorbeeld de uitbreiding van het TenneT hoofdverdeelstation in Wateringen. Zoveel mogelijk van de netuitbreidingen worden gerealiseerd binnen bestaande stations. De belangrijkste uitbreidingen van het elektriciteitsnet in Den Haag worden in dit hoofdstuk benoemd. Het betreft uitbreiding op het hoog-, midden en laagspanningsnet (zie ook figuur 3 en bijlage 1). Deze werkzaamheden kosten veel tijd, hierbij wordt gezocht naar versnellingsmogelijkheden. In de praktijk blijkt dat het uitbreiden van het elektriciteitsnet zeer complex is in een dichtbebouwde stad als Den Haag. Zowel ondergronds als bovengronds is de ruimte schaars. Dit vraagt om ruimtelijke keuzes..
3.1 Hoogspanning
Voor uitbreiding van het hoogspanningsnet in Den Haag zijn twee nieuwe hoofdverdeelstations nodig met bijbehorende kabeltracés.
3.1.1 Nieuw hoofdverdeelstation op ZKD
Op bedrijventerrein Zichtenburg-Kerketuinen-Dekkershoek (ZKD) is onder andere voor de ontwikkelingen van Den Haag Zuidwest en Loosduinen een nieuw hoofdverdeelstation nodig. Door renovatie van een bestaand gasverdeelstation aan De Werf in combinatie met een naastgelegen stuk gemeentegrond ontstaat ruimte voor dit nieuwe hoofdverdeelstation. Naast de aanleg van het verdeelstation worden de volgende kabeltracés van en naar het station gerealiseerd. • Voor de stroomtoevoer van dit nieuwe hoofdverdeelstation is een 150kV TenneT tracé nodig. • Vanuit dit station komen vijf nieuwe 25kV Stedin-kabeltracés naar onderliggende verdeelstations middenspanning.
3.1.2 Uitbreiding hoofdverdeelstation De Constant Rebecqueplein of nieuw hoofdverdeelstation Noord
Voor het noorden van de stad is een nieuw hoofdverdeelstation nodig. Hiervoor is uitbreiding van het bestaande hoofdverdeelstation aan het De Constant Rebecqueplein (CR-plein) mogelijk of de bouw van een nieuw hoofdverdeelstation. De voorkeur ligt bij het uitbreiden van het bestaand hoofdverdeelstation aan het CR-plein. Als dit (technisch) niet mogelijk blijkt, moet alsnog een nieuw hoofdverdeelstation in het noorden van de stad worden gebouwd. Voor zowel de uitbreiding van hoofdverdeelstation CR-plein als een eventueel nieuw hoofdverdeelstation Noord is een nieuw 150kV TenneTtracé nodig voor de stroomtoevoer. Bij een nieuw hoofdverdeelstation Noord zijn ook diverse nieuwe 25kV Stedin kabeltracés nodig.
3.2 Middenspanning
In Den Haag zijn twee nieuwe MS-verdeelstations (middenspanning) noodzakelijk en diverse middenspanningsringen onder andere in Laakhavens en Zuidwest. • In Scheveningen is een nieuw MS-verdeelstation noodzakelijk. Hiervoor wordt een geschikte locatie gezocht. Dit is een complexe zoektocht gezien de beperkte ruimte in het zoekgebied. Voor de toevoer van dit station is een nieuwe 25kV Stedin kabeltracé nodig. • Nieuw verdeelstation middenspanning in Mariahoeve of Leidschendam-Voorburg: de zoektocht naar een geschikte locatie is opgestart. Voor de toevoer van dit station is een nieuwe 25kV Stedin kabeltracé nodig.
3.3 Laagspanning
Voor het uitbreiden van het laagspanningsnet zijn naar verwachting van Stedin circa 500 nieuwe trafohuisjes nodig. De gemeente en Stedin
7
werken intensief samen bij de uitbreiding van het laagspanningsnet. Hierbij wordt per buurt de uitbreiding van het laagspanningsnet gepland, voorbereid en gezocht naar werk-met-werk-kansen. De impact van deze werkzaamheden is groot in de stad en het inpassen van de trafohuisjes is uitdagend. Zeker gezien de beperkte openbare ruimte in bestaande wijken. Eind 2025 is de raad geïnformeerd over het inpassingskader voor deze trafohuisjes (RIS323634). Daarin is aangegeven dat bij trafohuisjes die op prominente plekken komen te staan extra aandacht is voor het uiterlijk van de huisjes, door middel van maatwerk. Conform motie ‘Ontwerp een transformatorhuisjes (RIS324913)’ wordt voor de beschildering van deze trafohuisjes in de eerste wijken waar gestart wordt in 2026 een wedstrijd georganiseerd.
8
Figuur 3: Uitbreidingen elektriciteitsnet
9
4 ACM prioriteringskader en nieuwe werkwijze De uitbreiding van het elektriciteitsnet gaat naar verwachting van de netbeheerders tot 2034-2036 duren. In de tussen tijd is de netcapaciteit schaars. De ACM heeft een nieuw prioriteringskader ontwikkeld voor het verdelen van de schaarse netcapaciteit, dit kader is sinds 1 januari 2026 van kracht. Op basis van het prioriteringskader krijgen de functies met prioriteit voorrang bij de verdeling van de schaarse netcapaciteit via de wachtlijst. Met het nieuwe prioriteringskader wijzigt ook de werkwijze van de netbeheerders. In de huidige situatie (tot 1 juli 2026) komen alleen grootverbruik aansluitingen op de wachtlijst en worden kleinverbruik aangesloten nog aangesloten. Met de nieuwe werkwijze (vanaf 1 juli 2026) komen zowel kleinverbruik als grootverbruik aansluitingen op de wachtlijst. Waarbij netcapaciteit verdeeld gaat worden aan de integrale wachtlijst. In dit hoofdstuk wordt hier een nadere toelichting op gegeven.
3. Basisbehoeften: Projecten die voorzien in maatschappelijke basisbehoeften, waaronder woningbouw, onderwijs, warmtevoorzieningen, openbaar vervoer, het inzamelen van huishoudelijk afval, en telecommunicatie. Functies die niet binnen de hierboven genoemde categorieën van het prioriteringskader vallen, zoals aansluitingen voor bedrijven, winkels en publieke laadpalen, krijgen geen prioriteit en worden onderaan de wachtlijst geplaatst. Het verkrijgen van prioriteit betekent overigens niet automatisch dat een project direct kan worden aangesloten. Het betekent uitsluitend wat voor de positie op de wachtlijst. De aansluiting blijft afhankelijk van de beschikbare stroomcapaciteit van zowel Stedin als TenneT.
4.1 ACM prioriteringskader
Per 1 januari 2026 is een nieuw prioriteringskader van kracht. Met dit kader wordt de schaarse ruimte op het elektriciteitsnet verdeelt en krijgen maatschappelijk vitale functies voorrang binnen de schaarse ruimte. In het prioriteringskader worden de volgende maatschappelijke categorieën gehanteerd: 1. Congestieverzachters: Projecten die direct transportcapaciteit creëren op het elektriciteitsnet, waardoor meer partijen gebruik kunnen maken van het net, bijvoorbeeld batterijen boven de 1MW. 2. Veiligheid: Projecten die essentieel zijn voor de nationale veiligheid, zoals ziekenhuizen, noodhulpdiensten, defensie, politie, verkeersveiligheid, Europol, het RIVM en riool- en afvalwatervoorzieningen.
10
4.2 Nieuwe werkwijze netbeheerders
Op grond van het nieuwe prioriteringskader voeren netbeheerders een aangepaste werkwijze in voor de wachtlijsten in netcongestiegebieden. Naar verwachting zal vanaf 1 juli 2026 hiermee gewerkt gaan worden. Huidige werkwijze (tot 1 juli 2026): Nieuwe aanvragen of uitbereiding van kleinverbruik aansluitingen worden tot deze datum nog aangesloten. Bij deze huidige werkwijze reserveren netbeheerders transportcapaciteit voor toekomstige kleinverbruikers. Door deze gereserveerde transportcapaciteit kunnen nieuwe kleinverbruik aansluitingen (zoals woningen) aangesloten worden, maar door het huidige tekort aan transportcapaciteit komen grootverbruik aansluitingen (zoals ziekenhuizen, defensie, scholen en openbaar vervoer) op de wachtlijst te staan. Nieuwe werkwijze (vanaf 1 juli 2026): Nieuwe aanvragen voor groot- en kleinverbruik aansluitingen of het uitbreiden van een bestaande aansluiting komen op de wachtlijst. De positie op de wachtlijst wordt bepaald op basis van de datum dat een transportverzoek is ingediend en of er prioriteit is aangevraagd conform het ACM prioriteringskader. Bij categorie 1 congestieverzachters bepaalt de doelmatigheid de positie op de wachtlijst.
De netcapaciteit die oorspronkelijk gereserveerd was voor de groei van kleinverbruik aansluitingen wordt vanaf juli 2026 door Stedin en Tennet stapsgewijs toebedeeld aan de volgorde van de wachtlijst, gebaseerd het ACM prioriteringskader. Op dit moment is niet bekend hoeveel netcapaciteit er beschikbaar komt vanaf juli 2026.
Alle gemeenten krijgen (binnen het ACM prioriteringskader) de mogelijkheid om voor geplande woningbouw en onderwijsprojecten eerder in het planproces een aansluiting aan te vragen. Hiervoor moeten gemeenten concreet bewijs aanleveren. Voor onderwijs betreft de bewijslast een bestuursverklaring namens college van B&W in combinatie met het Integraal Huisvestingsplan. Voor woningbouw is dit een KvKuittreksel, plus een bestuursverklaring namens het college van B&W én een overeenkomst tussen de gemeente en de projectontwikkelaar/ initiatiefnemer met daarin concrete afspraken over de te bouwen woonbehoefte of een afschrift uit het omgevingsplan waaruit blijkt dat op de specifieke locatie woonbehoefte is voorzien.
4.3 Wachtlijst binnen Den Haag
Voor Den Haag is voor grootverbruik aansluitingen al langere tijd een wachtlijst van kracht. Momenteel staan 108 aanvragen voor een nieuwe of zwaardere grootverbruik aansluiting op de wachtlijst (zie tabel). De verwachting is dat deze nog toeneemt.
Wachtlijst Grootverbruik aansluitingen Stedin & TenneT (februari 2026) Voedingsgebied Tennet – Noordelijk Zuid-Holland Stedin – Wachtlijst Stedin MS stations Den Haag
Verzoeken op wachtlijst 10
Vermogen
108
37 MW
1360 MW
Bron: capaciteitskaart Netbeheer Nederland
Als deze capaciteit eenmaal vergeven is, kunnen aanvragen op de wachtlijst alleen nog worden aangesloten indien er flexibel vermogen gevonden wordt. De ervaring met netcongestie in de gemeente Utrecht leert dat het vrijgegeven van flexibel vermogen zeer beperkt zal zijn.
11
5 Impact van netcongestie op Den Haag Gezien de wijzigingen bij de verdeling van de schaarse netcapaciteit worden op dit moment waar mogelijk voor projecten en ontwikkelingen nog kleinverbruik aansluitingen aangevraagd tot 1 juli 2026. Ook wordt bij projecten waar een grootverbruik aansluiting nodig is deze zo veel mogelijk (met prioriteit) op de wachtlijst geplaatst. Gelijktijdig wordt de situatie na 1 juli 2026 voorbereid en geïnventariseerd welke woningbouw en onderwijsprojecten in aanmerking komen voor ‘eerder aanvragen’ en wordt hiervoor de benodigde bewijslast voorbereid. In dit hoofdstuk wordt hier nader op ingegaan.
5.1 Woningbouwopgave
Den Haag heeft de ambitie een woningbouwproductie van 4.000 woningen per jaar te realiseren. Dit betekent dat Den Haag zich inzet om van 2026 t/m 2036 40.000 woningen te bouwen. De ontwikkeling van het grote aantal woningen in grootschalige woningbouwontwikkelingen gaat gepaard met het realiseren van nieuwe voorzieningen zoals scholen, buurtcentra, sportvoorzieningen en economische functies. Voor de woningbouwontwikkelingen betekent netcongestie en de nieuwe werkwijze dat: • Alle nieuwe aansluitingen voor woningen per 1 juli op de wachtlijst komen te staan. Dit geldt ook voor optoppen en woningsplitsing. • Sinds de vaststelling van het nieuwe ACM prioriteringskader kunnen kleinschalige en onlosmakelijk verbonden functies en voorzieningen voor de woningen in de plint van gestapelde bouw meegenomen worden in de aanvraag voor een aansluiting. • Woningbouwprojecten krijgen prioriteit op de wachtlijst in categorie 3. Projecten kunnen hiervoor eerder in het planproces een aansluiting aanvragen met prioriteit, mits de projecten de benodigde bewijslast kunnen leveren.
Impact van nieuwe werkwijze op de Haagse woningbouw Voor woningbouw wordt het vanaf 1 oktober 2026 mogelijk om een aanvraag eerder in te dienen. Hiervoor wordt een nieuwe werkwijze ‘eerder aanvragen’ ontwikkeld. Gemeenten krijgen de mogelijkheid om voor geplande woningbouw eerder in het planproces een aansluiting aan te vragen. Hiervoor is bewijslast noodzakelijk. De bewijslast bestaat uit een KvK-uittreksel, plus een bestuursverklaring namens het college van B&W én een overeenkomst tussen de gemeente en de projectontwikkelaar/ initiatiefnemer met daarin concrete afspraken over de te bouwen woonbehoefte of een afschrift uit het omgevingsplan waaruit blijkt dat op de specifieke locatie woonbehoefte is voorzien. Voor de Haagse woningbouwprojecten is door middel van een quickscan in beeld gebracht of de woningbouwprojecten kunnen voldoen aan deze bewijslast en dus prioriteit kunnen krijgen op de wachtlijst vanaf 1 oktober 2026. De quickscan laat het volgende beeld zien: • Van 2026 tot en met 2035 (periode met netcongestie) staan er volgens de actuele cijfers uit het Haagse planningsoverzicht 23.608 woningen gepland (de “planvoorraad”). • Jaarlijks worden er rond 500-1000 woningen aanvullend opgenomen in de planvoorraad. Dit zijn nog zachte plannen die vaak opgenomen staan in gebiedsvisies.
• Van de projecten uit de planvoorraad kan 30% - 60% de bewijslast dit jaar niet leveren voor het eerder aanvragen van een elektriciteitsaansluiting, omdat deze projecten nog niet ver genoeg zijn in de planvorming. Op basis van de analyse nu kan voor maximaal 16.000 woningen bewijslast aangeleverd worden die nodig is voor het aanvragen van een elektriciteitsaansluiting. De invulling van de benodigde bewijslast is nog niet definitief Belangrijk om te vermelden is dat dit een huidig inzicht en quickscan is, zonder inzicht in de capaciteit die Stedin later dit jaar kan vrijgeven om de wachtlijst in te lopen. Hoeveel van deze woningen daadwerkelijk
12
aangesloten zullen worden, is afhankelijk van de hoeveelheid gereserveerde capaciteit die vrijkomt.
5.2 Gebiedsontwikkelingen
Het nieuwe ACM prioriteringskader en de werkwijze hebben invloed op de nieuwbouwprojecten (woningen en andere ontwikkelingen) in de stad. • Per 1 juli 2026 komen alle aanvragen voor een nieuwe aansluiting of voor het verzwaren van een aansluiting op de wachtlijst. Het onderscheid tussen grootverbruik en kleinverbruik vervalt. Dit betekent dat alle aanvragen voor nieuwbouwwoningen op de wachtlijst komen te staan. Dit geldt ook voor nieuwe kleinverbruik aansluitingen voor bedrijfshuisvesting en kantoren. • Voor de gestapelde woningbouwprojecten geldt dat kleinschalige ontwikkelingen in de plint, meegenomen kunnen worden in een aanvraag voor een aansluiting voor het hele complex. Dit biedt ruimte voor de ontwikkeling van de plint met kleinschalige voorzieningen als een huisarts, kinderopvang, horeca, winkels etc. Maar ook een inpandige parkeergarage ten behoeve van de woningen kan worden meegenomen. • Grootschalige voorzieningen zoals een nieuw zwembad, museum, theater of biosscoop krijgen geen prioriteit op de wachtlijst. • Nieuwe infrastructurele voorzieningen, zoals pompinstallaties voor het riool, verkeersregelinstallaties en warmtenetten komen ook op de wachtlijst, maar kunnen prioriteit krijgen volgens het ACM prioriteringskader. Zij vallen onder categorie 2 (veiligheid) of categorie 3 (basisbehoeften).
Voor de Haagse gebiedsontwikkelingen is geanalyseerd wat de impact is van het nieuwe prioriteringskader en de werkwijze met één integrale wachtlijst voor klein- en grootverbruik aansluitingen. In de analyse zijn projecten opgenomen waarbij de gemeente betrokken is, evenals projecten zonder gemeentelijke betrokkenheid die 20 of meer woningen omvatten. De analyse is uitgevoerd voor de zes gebieden Binckhorst, CID, Zuidwest, Kust, Noord en Zuid. In de analyse is het volgende onderscheid gemaakt tussen projecten:
•
• • •
Projecten die al een aansluiting hebben of waarvan zeker is dat ze deze zullen verkrijgen. Deze hebben bij Stedin een aansluiting aangevraagd en een geaccordeerde offerte van Stedin (kleur in cirkeldiagram: groen) Projecten die nog voor 1 juli kleinverbruik aansluitingen kunnen aanvragen (kleur in cirkeldiagram: licht groen). Projecten die binnen de bestaande aansluiting mogelijkheden hebben (kleur in cirkeldiagram: geel). Projecten die momenteel nog niet ver genoeg zijn in het planologisch proces om op korte termijn een aanvraag in te dienen. Deze komen op de wachtlijst te staan (kleur in cirkeldiagram: blauw).
Stadsbrede resultaten: Op basis van de analyse komt het volgende beeld naar voren: • Van de 210 projecten hebben of krijgen 31 projecten een aansluiting. • Voor 51 projecten wordt ingezet op het aanvragen van kleinverbruik aansluitingen voor 1 juli 2026. • Voor 14 projecten wordt ingezet op het behouden van de aansluiting zodat deze kan worden gebruikt voor de nieuwbouw. Of de capaciteit toereikend is, is onbekend en moet verder worden verkend. • Voor 114 projecten geldt dat deze op de wachtlijst komen, veelal omdat de planvorming niet ver genoeg is.
Den Haag - Projecten Komt op wachtlijst; 114; 54%
Heeft/krijgt aansluiting; 31; 15% Kan aansluiting krijgen, mits; 51; 24% Binnen huidige aansluiting; 14; 7%
13
Categorie op de wachtlijst Tevens is geanalyseerd onder welke maatschappelijke prioriteringscategorie de projecten vallen. Hieruit blijkt dat: • 3 projecten in de categorie 2 “veiligheid” vallen; • 75 projecten in de categorie 3 “basisbehoeften” vallen. • 34 projecten geen prioriteit op de wachtlijst krijgen.
Den Haag - Woningen
Heeft/krijgt aansluiting; 3754
Voor al deze projecten geldt dat er nog een aanvraag moet worden ingediend bij Stedin. Komt op wachtlijst; 21975
Kan aansluiting krijgen, mits; 10682 Binnen huidige aansluiting; 1476
Den Haag - Wachtlijstverdeling Categorie 2 ; 3; 3%
Geen prioriteit; 34; 30%
Categorie 3; 75; 67%
14
5.2.1 Binckhorst
De Binckhorst is volop in transformatie van een voormalig bedrijventerrein naar een hoog stedelijke woon-, werk- en leefgebied. In de eerste fase komen er 5.000 woningen bij die in 2028 zijn gerealiseerd of bijna opgeleverd, met bijbehorende functies als bedrijven, voorzieningen en groen. Voor de doorontwikkelingen fase 2, komen er nog eens 5.000 tot 7.500 woningen bij. De verdieping van de projecten in de eerste fase geeft het volgende beeld: • Van de 16 projecten krijgen 11 projecten een aansluiting, zoals Binckblox, het Roeicentrum, One Milky Way, BoogieWood Bincker, Binckpark, Nieuwe Hallen en Orion. • Er zijn geen projecten waar het nog mogelijk is om kleinverbruik aansluitingen aan te vragen. • Er zijn geen projecten die mogelijk binnen de bestaande aansluiting kunnen door ontwikkelen. • 5 projecten komen op de wachtlijst voor een aansluiting.
Projecten Komt op wachtlijst 5 Heeft/krijgt 31% aansluiting 11 69%
Komt op wachtlijst; 148
Woningen
Voor de doorontwikkeling in fase 2 zijn nog geen concrete projecten gedefinieerd. Deze projecten zijn niet in deze analyse meegenomen. Zodra deze projecten concreet zijn komen deze op de wachtlijst. Heeft/krijgt aansluiting; 2362
Binnen huidige aansluiting 0 0% Kan aansluiting krijgen, mits 0 0%
Binnen huidige aansluiting; 0
Kan aansluiting krijgen, mits; 0
Wachtlijstverdeling Categorie 3; 2; 40% Categorie 2 ; 0; 0% Geen prioriteit; 3; 60%
15
5.2.2 Central Innovation District
In het CID wordt ruimte gemaakt voor toekomstige en huidige inwoners, studenten, ondernemers, professionals en bezoekers. De komende 20 jaar komen er onder andere veel nieuwe woningen, kantoren en voorzieningen. In dit gebied komen grofweg 20.500 extra woningen, 640.000m2 extra kantoren en 255.000m2 maatschappelijke en commerciële voorzieningen. De verdieping geeft het volgende beeld: • Van de 22 projecten hebben 2 projecten een aansluiting. • Voor 5 projecten is het nog mogelijk kleinverbruik aansluitingen aan te vragen. Dit zijn onder meer de projecten herontwikkeling van Soza, the Grace en Escher Gardens. • 2 projecten kunnen mogelijk binnen de bestaande aansluiting door ontwikkelen. • 14 projecten komen op de wachtlijst, zoals Megastores en Bellevue. Wat betreft de wachtlijstverdeling zijn in het CID veel vierkante meters kantoor in de bouwprogramma’s opgenomen. In het ACM prioriteringskader vallen deze onder de restcategorie, dat wil zeggen op de wachtlijst zonder prioriteit.
Heeft/krijgt aansluiting; 1; 4%
Projecten
Kan aansluiting krijgen, mits; 6; 26%
Komt op wachtlijst;14; 59% Heeft/krijgt aansluiting; 395
Woningen
Komt op wachtlijst; 7840
Binnen huidige aansluiting; 2; 9%
Kan aansluiting krijgen, mits; 5200 Binnen huidige aansluiting; 375
Wachtlijstverdeling Geen prioriteit; 4; 29%
Categorie 2 ; 0; 0%
Categorie 3; 10; 71%
16
5.2.3 Zuidwest
Zoals aangegeven in de structuurvisie Den Haag Zuidwest (RIS315261) worden in dit gebied grofweg 6.500 verouderde sociale huurwoningen vervangen door nieuwbouw, 8.500 woningen gerenoveerd en 10.000 woningen toegevoegd tot 2040. Vaak ook gecombineerd met andere voorzieningen en bedrijvigheid. De verdieping geeft het volgende beeld: • Van de 67 projecten hebben 5 projecten een aansluiting. Onder andere de ontwikkeling in de Venen. • Voor 16 projecten is het nog mogelijk een kleinverbruik aansluitingen aan te vragen. Dit geldt voor Levels en enkele projecten in de herontwikkeling van de Dreven en Zichten. • 2 projecten kunnen mogelijk binnen de bestaande aansluiting door ontwikkelen. • 44 projecten komen op de wachtlijst. Een groot aantal van deze projecten betreffen sloop nieuwbouwprojecten in de Dreven Gaarden en Zichten.
Heeft/krijgt aansluiting; 5; 7%
Projecten
Komt op wachtlijst; 44; 66%
Kan aansluiting krijgen, mits; 16; 24% Binnen huidige aansluiting; 2; 3% Heeft/krijgt aansluiting; 224
Woningen
De ontwikkeling van de vier parkeerhubs in Zuidwest kunnen mogelijk als onlosmakelijke voorziening van de woningbouw aangemerkt worden. Hiermee kunnen deze projecten mogelijk prioriteit krijgen en hoger op de wachtlijst komen.
Komt op wachtlijst; 6274
Kan aansluiting krijgen, mits; 2028 Binnen huidige aansluiting; 48
Wachtlijstverdeling Geen prioriteit; 11; 25%
Categorie 2 ; 0; 0%
Categorie 3; 33; 75%
17
5.2.4 Zuid
Gebiedsontwikkeling Zuid is voornamelijk opgebouwd uit bestaande stad. In de bestaande stad spelen projecten op het gebied van transformatie van bestaande locaties, nieuwbouw, ruimte voor groen en mobiliteitsverbeteringen. Gebiedsontwikkeling Zuid bestaat uit meerdere deelgebieden verspreid over de stad. De verdieping geeft het volgende beeld: • Van de 30 projecten hebben 7 projecten een aansluiting, • Voor 9 projecten is het nog mogelijk een kleinverbruik aansluitingen aan te vragen. Dit geldt onder meer voor de projecten Madeliefveld en Houthage. • 3 projecten kunnen mogelijk binnen de bestaande aansluiting ontwikkelen. • 11 projecten komen op de wachtlijst. Dit gaat onder meer over projecten aan de Monsterseweg en Herontwikkeling Notenbuurt. Wat betreft de wachtlijstverdeling in dit gebied, zijn er diverse projecten voor het huisvesten van nieuwe bedrijven, onder andere de GAVI-kavel en de RWS-kavel. Deze krijgen geen prioriteit op de wachtlijst.
Projecten
Heeft/krijgt aansluiting; 7; 23%
Komt op wachtlijst; 11; 37%
Kan aansluiting krijgen, mits; 9; 30%
Binnen huidige aansluiting; 3; 10%
Heeft/krijgt aansluiting; 260
Woningen
Kan aansluiting krijgen, mits; 945
Komt op wachtlijst; 2514
Binnen huidige aansluiting; 170
Wachtlijstverdeling Geen prioriteit; 3; 27%
Categorie 2 ; 0; 0%
Categorie 3; 8; 73%
18
5.2.5 Kust
Gebiedsontwikkeling Kust is net als Noord en Zuid onderdeel van de bestaande stad. Gebiedsontwikkeling Kust is grofweg op te delen in Kijkduin en Scheveningen. De ontwikkelingen richten zich met name op openbare ruimte, economische ontwikkeling (toerisme, bedrijven, horeca) en woningbouw in het hogere segment. De verdieping geeft het volgende beeld: • Van de 25 projecten hebben 5 projecten een aansluiting. Onder andere de ontwikkeling van het Norfolkterrein blok 3 en diverse ontwikkelingen het Noordelijk havenhoofd. • Voor 6 projecten is het nog mogelijk een klein verbruikaansluitingen aan te vragen. Dit geldt onder meer voor projecten in rondom het Noordelijk havenhoofd en de realisatie van een hotel op de dr. Lelykade. Echter is het bij dit laatste project de vraag of de benodigde aanpassingen daarvoor haalbaar zijn voor 1 juli. • 3 projecten kunnen mogelijk binnen de bestaande aansluiting door ontwikkelen. Dit geldt o.a. voor de herontwikkeling van de Pier fase2. • 11 projecten komen op de wachtlijst. Onder andere de resterende twee bouwblokken van het Norfolkterrein. Waarvan pas met de bouw kan worden begonnen wanneer blok 3 gereed is. Voor het gebied Kust geldt dat hier sinds december 2023 sprake is van netcongestie. Veel projecten hebben door het handelingsperspectief onder de oude werkwijze voor netcongestie de focus op werken met KVaansluitingen gelegd.
Daarnaast is in dit gebied gezocht naar andere oplossingen om projecten die wel een grootverbruikaansluiting nodig hebben te kunnen realiseren. Zo wordt in het havengebied wordt onder meer onderzocht of door middel van een eigen kabel (cablepooling) capaciteit van de buren ingezet kan worden voor een nieuwbouwontwikkeling.
Projecten Komt op wachtlijst; 11; 44%
Heeft/krijgt aansluiting; 5; 20% Kan aansluiting krijgen, mits; 6; 24% Binnen huidige aansluiting; 3; 12%
Woningen
Komt op wachtlijst; 388
Heeft/krijgt aansluiting; 161 Kan aansluiting krijgen, mits; 150 Binnen huidige aansluiting; 69
Wachtlijstverdeling Categorie 2 ; 0; 0% Geen prioriteit; 5; 45%
Categorie 3; 6; 55%
19
5.2.6 Noord
Gebiedsontwikkeling Noord is net als Zuid en Kust voornamelijk opgebouwd uit de bestaande stad. In de bestaande stad spelen projecten op het gebied van transformatie van bestaande locaties, nieuwbouw, ruimte voor groen en mobiliteitsverbeteringen. Gebiedsontwikkeling Noord is geografisch gezien groot en bestaat uit zeer verschillende gebieden: Haagse Hout (HH), Centrum, Petroleum- en Laakhaven en de Internationale Zone. De verdieping geeft het volgende beeld: • Van de 47 projecten hebben 2 projecten een aansluiting, • Voor 14 projecten is het nog mogelijk een kleinverbruik aansluitingen aan te vragen. Dit geldt voor diverse projecten rondom de Petroleumhaven, Neherkade en Schaapherderstraat • 4 projecten kunnen mogelijk binnen de bestaande aansluiting ontwikkelen. • 27 projecten komen op de wachtlijst. Dit geldt onder meer voor de ontwikkelingen aan de Wassenaarseweg, het stationskwartier Mariahoeve, ontwikkelingen Petroleumhaven Blok E.
Projecten
Heeft/krijgt aansluiting; 2; 4% Kan aansluiting krijgen, mits; 14; 30%
Komt op wachtlijst; 27; 57%
Binnen huidige aansluiting; 4; 9% Heeft/krijgt aansluiting; 307
Woningen
Kan aansluiting krijgen, mits; 1065
Komt op wachtlijst; 1533
Binnen huidige aansluiting; 814
Wachtlijstverdeling Geen prioriteit; 8; 30%
Categorie 2 ; 3; 11%
Categorie 3; 16; 59%
20
5.3 Onderwijshuisvesting
In Den Haag staan er circa 40 projecten gepland voor nieuwbouw, renovatie of uitbreiding van scholen. Onderwijshuisvesting is opgenomen onder categorie 3 van het prioriteringskader. De verduurzaming van onderwijshuisvesting krijgt geen prioriteit. Op basis van het nieuwe ACM prioriteringskader kan de gemeente voor het huisvesten van scholen eerder een aansluiting aanvragen met prioriteit, mits wordt voldaan aan de benodigde bewijslast: • Een bestuursverklaring door of namens het college van burgemeester en wethouders; • Een Integraal Huisvestingsplan waarin de onderwijslocatie is vermeld. Of een afschrift van het omgevingsplan waaruit blijkt dat de onderwijslocatie is gepland op de specifieke locatie. Deze bewijslast is voor alle 40 projecten beschikbaar via het Integraal Huisvestingsplan. Dat betekent dat al deze projecten eerder een aanvraag kunnen indienen. Afhankelijk van de beschikbare capaciteit krijgen deze een aansluiting.
5.4 Economie
Voor MKB-functies in de stad die een nieuwe of grotere aansluitingen nodig hebben is de impact van netcongestie groot. • Tot 1 juli kunnen ondernemers nog de bestaande kleinverbruik aansluiting verzwaren. Deze aanvragen komen na 1 juli op de wachtlijst. • Aanvragen voor verzwaring naar grootverbruik komen al op de wachtlijst. • De aanvragen voor commerciële functies krijgen volgens het ACM-prioriteringskader geen prioriteit tenzij ze als congestieverzachter kunnen fungeren (bijvoorbeeld door plaatsing van een batterij) of als het kleinschalige functies zijn in de plint van een woningbouwproject (dan vallen ze ook onder categorie 3). Netcongestie kan de economische groei negatief beïnvloeden doordat:
•
De doelstelling voor het toevoegen van 65.000 m2 aan kantoorruimte en 40.000 m2 aan bedrijfsruimte in het CID en 55.000 m2 bedrijfsruimte elders in de stad beperkt wordt. • Nieuwe gebiedsontwikkelingen met bedrijfsfuncties (waar geen bestaande aansluitingen zijn) mogelijk stil komen te liggen. Denk aan Gavi-Kavel, Westvlietweg, verdichting bedrijventerreinen en Noordelijk Havenhoofd. • De renovatie- en verduurzamingsprojecten vertraging op kunnen lopen omdat bedrijven geen zwaardere aansluiting krijgen. Netcongestie remt verduurzaming en zet excellent ondernemersklimaat onder druk als voor de verduurzaming van bedrijfspanden of elektrificatie van bedrijfsprocessen een zwaardere aansluiting noodzakelijk is. Aangezien netcongestie een landelijk probleem is, is verhuizen naar een andere locatie daarom geen oplossing voor bedrijven.
5.5 Energietransitie
Netcongestie raakt ook de uitvoering van de energietransitie en warmtetransitie in de stad. Dit raakt ook inwoners. De overstap naar inductie koken, een warmtepomp of het aanschaffen van een laadpaal kan nog plaatsvinden als er genoeg capaciteit is binnen de bestaande aansluiting van een woning of gebouw. Indien verzwaring van de kleinverbruik aansluiting noodzakelijk is, komen deze projecten op de wachtlijst, met prioriteit onder categorie 3 (basisbehoeften). In samenwerking met de Energieregio Rotterdam Den Haag worden de beperkingen van netcongestie onder de aandacht gebracht van inwoners. Collectieve warmtesystemen zijn essentieel om netcongestie de komende jaren beheersbaar te houden. Deze systemen vragen minder netcapaciteit dan wanneer op grote schaal zou worden ingezet op warmtepompen. De inzet van collectieve warmtesystemen dempt de toekomstige groei van het stroomgebruik en dempt de piekbelasting momenten op het stroomnet, in vergelijking met individuele warmtepompen. Daarom zet de gemeente in het conceptontwerp warmteprogramma ook voor het grootste gedeelte van de bestaande stad in op warmtenetten als duurzaam alternatief voor gas.
21
Aansluitingen noodzakelijk voor de ontwikkeling van warmtenetten krijgen prioriteit en vallen in categorie 3 op de wachtlijst. Dit geldt voor aansluitingen voor de ontwikkeling van bronnen, warmteoverdrachtstations (zoals het warmteoverdrachtstation in Zuidwest) en onderstations. Voorwaarde is dat deze een integraal onderdeel vormen van het warmtesysteem. Voor de ontwikkeling van geothermie- en aquathermiebronnen zijn nieuwe aansluitingen nodig. Deze projecten komen in categorie 3 op de wachtlijst. Dit betekent echter wel dat deze projecten vertraging zullen oplopen. Voor de ontwikkeling van onderdelen van het warmtenet, zoals het warmteoverdrachtstation Zuidwest of de warmtehub Ypenburg wordt naar oplossingen gezocht, zoals gebruik maken van capaciteit van bestaande aansluitingen. Voor de ontwikkeling van de Solar carport in Ypenburg en voor de ontwikkeling van het collectorveld in Moerwijk kan gebruik gemaakt worden van bestaande aansluitingen. Deze projecten kunnen daarmee van genoeg stroom worden voorzien. Voor de gebieden waar een warmteconcessie geldt (Laakhavens en Trekvliet) kan de realisatie van de bronnen gekoppeld worden aan de woningbouwprojecten. Het warmtesysteem is onlosmakelijk verbonden met het woningbouwproject. Dit betekent dat de aanvraag gezamenlijk met woningbouwaanvraag moet worden ingediend en in categorie 3 op de wachtlijst komt.
5.6 Mobiliteit
De impact van netcongestie op mobiliteit is met name voelbaar bij openbaar vervoer, laadinfrastructuur en verkeersveiligheid. Openbaar vervoer:
Anders dan in de situatie in juli 2025 is openbaar vervoer nu wel opgenomen in het ACM prioriteringskader. Hierdoor krijgt openbaar vervoer prioriteit binnen categorie 3. • Zolang er capaciteit beschikbaar is worden aanvragen voor openbaar vervoer aangesloten. Laadinfrastructuur: Reguliere openbare laadpalen maken gebruik van kleinverbruik aansluitingen. • Vanaf juli 2026 komen aanvragen voor nieuwe laadpalen op de wachtlijst te staan. • Laadinfrastructuur krijgt geen prioriteit volgens het ACM prioriteringskader. • Dit heeft impact op de ambitie om per jaar 400 reguliere openbare laadpalen te plaatsen. • De komende maanden worden er extra aansluitingen voor reguliere openbare laadpalen aangevraagd. • Vanaf juli 2026 is het aansluiten van nieuwe reguliere laadpalen, die niet onlosmakelijk verbonden zijn aan woningbouw, onzeker. Met netbeheerders wordt bezien of nieuwe reguliere laadpalen door middel van capaciteit sturend contract wel kunnen worden aangesloten. • Bij netbewust laden wordt het vermogen van reguliere openbare laadpalen tijdelijk verlaagd op momenten waar netcongestie voorspeld is. Voor het opladen van elektrische werkvoertuigen wordt over het algemeen gebruik gemaakt van bestaande aansluitingen, of de aansluiting van de toekomstige functie. Verwachting is dat in toenemende mate netcongestie een probleem gaat zijn in de uitrol van emissieloos bouwen.
In hoofdstuk 6 “Oplossingsrichtingen slimmer gebruik net” wordt verder ingegaan op het gebruik van bestaande aansluitingen. Verduurzamen stadslogistiek
22
Netcongestie heeft impact op de uitrol van laadinfrastructuur voor bestelwagens en vrachtwagens van bedrijven die in Den Haag zijn gevestigd. Dit kan consequenties hebben voor de uitvoering van de zeroemissiezone en de mogelijke ontheffingen in geval van netcongestie op de stad. De impact wordt nog nader onderzocht. Verkeersveiligheid: Aansluitingen voor nieuwe verkeersregelinstallaties (VRI's) zijn opgenomen in het ACM-prioriteringskader binnen categorie 2, omdat zij betrekking hebben op de verkeersveiligheid.
5.7 Afval
Netcongestie raakt ook nieuwe ontwikkelingen rondom het inzamelen en verwerken van afval in Den Haag. Dit geldt onder andere voor het realiseren van de ambities uit de Omgevingsvisie, zoals de ontwikkeling van circulaire bedrijvenhubs met ruimte voor de inzameling, sortering, bewerking en hergebruik van materialen, afval- en grondstoffenstromen en circulaire bedrijfsactiviteiten. Daarnaast is in de Omgevingsvisie de ambitie opgenomen om het huidige aantal van drie afvalbrengstations uit te breiden naar vijf locaties in de komende tien jaar en verspreid over de wijken kleinere verzamelstations te realiseren. Op wijkniveau komen kleinschalige productieruimtes voor reparatiewerkzaamheden, opslag en distributie. Naast uitdagingen rondom de ruimtelijke inpassing wordt het halen van deze ambities ook afhankelijk van de beschikbare netcapaciteit, en komen deze ontwikkelingen op de wachtlijst terecht zolang netcongestie speelt. Het inzamelen van afvalstoffen afkomstig uit huishoudens valt onder categorie 3 van het ACM prioriteringskader en kan daardoor hoger op de wachtlijst geplaatst worden. Afvalverwerking en -verbranding vallen buiten het prioriteringskader. Aanvragen voor transportcapaciteit voor deze functies komen daardoor zonder prioriteit op de wachtlijst terecht.
Afvalvoorzieningen die inpandig kunnen worden gerealiseerd, kunnen in principe doorgaan zolang er voldoende capaciteit binnen de bestaande aansluiting beschikbaar is.
Voor de volgende ontwikkelingen is er specifiek zichtbare impact van de huidige netcongestie: • Transformatie van ondergrondse containers naar perscontainers In Den Haag worden op plaatsen met veel aanbod ondergrondse (papier)containers vervangen door ondergrondse perscontainers om de capaciteit van de afvalinzameling te vergroten, zwerfafval te verminderen en de stad schoon te houden. Perscontainers hebben een kleinverbruik aansluiting nodig. Deze aansluiting kan nog worden verkregen wanneer de aanvraag vóór 1 juli wordt ingediend; daarna komen aanvragen op de wachtlijst binnen categorie 3 terecht. • Verplaatsing van afvalcluster Binckhorst Ook de verplaatsing van afval gerelateerde functies die nu gevestigd zijn op de locatie van het Parkkwartier in de Binckhorst zal te maken krijgen met netcongestie. Wanneer op de nieuwe locatie geen bestaande aansluiting aanwezig is die voldoende vermogen biedt, komt de ontwikkeling op de wachtlijst. Indien het benodigde vermogen betrekking heeft op de afvalinzameling, kan mogelijk een prioritaire status binnen categorie 3 worden aangevraagd. • Inzamelvoertuigen Vanwege de milieuzone moet de afvalinzameling overschakelen op elektrische (vracht)wagens. Indien een nieuwe aansluiting nodig is voor het opladen van deze voertuigen komen deze op de wachtlijst.
5.8 Gemeentelijke gebouwen en dienstverlening
Voor de gemeentelijke gebouwen is de Paris Proof-norm het einddoel, samen met een energielabel gelijk of beter dan A++/A+++. Dat betekent voor de meeste gebouwen fors minder energieverbruik. Ook het stoppen van gebruiken van aardgas of hoge temperatuur stadsverwarming is een belangrijk eis. Hiervoor worden gebouwen aangesloten op een duurzaam warmtenet of draaien volledig op elektriciteit. Hiervoor is vaak uitbreiding van de huidige aansluiting nodig. Waar mogelijk is voor de verzwaring van de aansluiting een aanvraag ingediend. Met name voor verduurzaming
23
door middel van het plaatsen van warmtepompen en elektrificatie. Het project renovatie Haagse Historisch Museum leek mogelijk in combinatie met een batterij. Echter, uit de herijking blijkt dit niet haalbaar. Omdat musea geen prioriteit op de wachtlijst krijgen is de kans op een grootverbruik aansluiting klein. Er wordt samen met Stedin gezocht naar een innovatieve oplossing. Alleen met het terugbrengen van energieverbruik (bijvoorbeeld met isolatie) en het plaatsen van zonne-en windenergiesystemen blijft een flinke vermindering in broeikasgassen mogelijk. Daarnaast wordt voor de gemeentelijke gebouwen ook gekeken naar netcongestie verzachtende maatregelen, door een gebouwbatterij te overwegen en pieken in het gebruik af te vlakken, net als warme-/koudeopslag in de grond. Indien een extra elektrische vraag niet voorkomen kan worden, is een ‘aardgasloosready’ gebouw het hoogst haalbare. Een gebouw is dan goed geïsoleerd en de warmteafgifte is gereed voor lage temperatuur. De verduurzaming is uitgevoerd, maar de energietransitie loopt vertraging op. Het aardgasverbruik zal naar verwachting echter wel flink afnemen. Netcongestie heeft invloed op de gemeentelijke dienstverlening, met name met betrekking tot het elektrificeren hiervan. Voor het elektrificeren van het gemeente wagenpark is bijvoorbeeld meer laadcapaciteit nodig.
Hiervoor zal eerst gekeken moeten worden of een bestaande aansluiting gebruikt kan worden, al dan niet in combinatie met slim laden, waarbij een energiemanagementsysteem ervoor zorgt dat het stroomgebruik onder de transportcapaciteit van de aansluiting blijft. Eventuele uitbreiding of een nieuwe grootverbruik aansluiting komt op de wachtlijst te staan zonder prioriteit.
Sportvoorzieningen om de transitie van gas naar elektriciteit (zo veel als mogelijk) te kunnen realiseren. Bij sportvoorzieningen zijn (verduurzamings)projecten gepland waarvoor een nieuwe grootverbruiksaansluiting nodig is of waarbij het Gecontracteerd Transportvermogen (GTV) verhoogd moet worden. Het gaat hierbij om nieuwbouw: de realisatie van een zwembad in de Binckhorst, nieuwbouw sporthal Loosduinen en nieuwbouw club- en kleedgebouw sportpark Escamp I. Op dit moment worden verduurzamingsprojecten bij de zwembaden Overbosch, Zuiderpark en Escamphof uitgewerkt. Daarnaast zijn voor het onderhoud van de 236 sportvelden in Den Haag tal van voertuigen en ‘landbouwmachines’ zoals tractoren, graszaai- en grasmaaimachines waarvoor de intentie is deze te elektrificeren en uitbreiding van laadinfra noodzakelijk is. Hiervoor is een verzwaring van de bestaande aansluiting noodzakelijk. Sportvoorzieningen vallen niet onder het ACM prioriteringskader en krijgen geen voorrang op de wachtlijst. De nieuwbouwprojecten zullen hierdoor mogelijk niet gebouwd kunnen worden, zolang er door netcongestie geen zicht is op de benodigde aansluiting.
5.9 Sportvoorzieningen
Sportvoorzieningen (de Haagse zwembaden, sporthallen en sportparken) zijn verantwoordelijk voor ongeveer de helft van het gemeentelijke gasverbruik. Dit hoge gasverbruik zit met name bij de zwembaden. Om de klimaatambities van de gemeente Den Haag te kunnen verwezenlijken wordt ingezet op verduurzamingsprojecten bij de Haagse
24
6 Beter benutten elektriciteitsnet Netcongestie heeft grote gevolgen voor ontwikkelingen in Den Haag. Om netcongestie structureel op te lossen en de betrouwbaarheid van het elektriciteitsnet te kunnen blijven garanderen, zullen netbeheerders het elektriciteitsnet fors moeten uitbreiden. Naar verwachting van de netbeheerders kan het tot tien jaar duren voordat de netuitbreidingen zijn afgerond en ook daarna zullen knelpunten blijven bestaan. Daarnaast wordt ingezet op het zo veel mogelijk beperken van de impact. Tot 1 juli 2026 worden waar mogelijk nog kleinverbruik aansluitingen aangevraagd. En voor de periode na 1 juli 2026 wordt voor onderwijs en woningbouwprojecten het proces ‘eerder aanvragen’ voorbereid. Tegelijkertijd wordt gezocht naar slimme en toekomstbestendige oplossingen om het elektriciteitsnet beter te benutten. Dit hoofdstuk bevat diverse voorbeelden die vanuit de gemeente Den Haag hiervoor worden ingezet. Daarbij is samenwerking tussen gemeente, netbeheerder, marktpartijen en bewoners essentieel. De komende periode wordt onderzocht waar de gemeente een actieve rol kan pakken en wat dit van de gemeente vraagt. Voor sommige thema’s zal dit meer zijn dan bij andere thema’s. Het beter benutten van het elektriciteitsnet gaat meer van de gemeente vragen, maar is in veel gevallen nog een kwestie van innoveren en pionieren.
Dit geldt voor alle eerder genoemde partners die hierop samenwerken.
Met netbewuste nieuwbouw als uitgangspunt kunnen vaak meer toekomstige inwoners van stroom worden voorzien dan zonder netbewuste nieuwbouw mogelijk is. Maatregelen om netbewust te bouwen zijn het verlagen, spreiden of sturen van het verbruik van stroom of verlagen, spreiden of sturen van het terug leveren van stroom. Dit voorkomt extra belasting op één of meerdere van de bestaande netvlakken in een leveringsgebied (laag-, midden- of hoogspanning). In de figuur hieronder is te zien wat voor effect die drie vormen van maatregelen mogelijk hebben op een dag. Voor de nieuwbouwprojecten in Den Haag wordt onderzocht waar netbewust bouwen in beleid kan worden opgenomen en kan worden toegepast bij concrete projecten. Dit vooruitlopend op een mogelijke landelijke norm.