CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS325082 Bijlage Eindrapport behoefteonderzoek woonwagenstandplaatsen Den Haag

Algemene Raadscommissie 20 mei 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Nota Haags Woonwagenbeleid 202610.988 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De uitkomsten laten zien dat er brede behoefte is aan informatie vanuit de gemeente, vooral rondom het beleid en proces rondom (nieuwe) standplaatsen.

Figuur 28: Waarover wilt u meer informatie van de gemeente (meerdere antwoorden mogelijk)?

Figuur 29 laat zien dat van de mensen die informatie willen ontvangen van de gemeente (n=290), de meeste respondenten dit het liefst per post (80%) of per e-mail (56%) ontvangt. Op afstand volgen bijeenkomsten, telefonisch (vooral voor standplaatszoekenden), in persoon contact en de website. Enkele deelnemers noemen nog andere vormen van communicatie, zoals een vast contactpersoon vanuit de gemeente en WhatsApp.

39

Een van de hoofdbewoners geeft aan: “Alles mag als er maar communicatie is. In gesprek kunnen is belangrijk”

Figuur 29: Voorkeur voor vorm van communicatie vanuit de gemeente? (meerdere antwoorden mogelijk, n=290)

4.7 Prognose wat betreft het aanbod Het toekomstige aanbod is ingeschat op basis van natuurlijke doorstroming: situaties waarin een standplaats mogelijk opnieuw beschikbaar komt, bijvoorbeeld doordat een huidige bewoner op termijn niet langer op de locatie kan blijven wonen. Voor deze inschatting is gebruikgemaakt van de gemiddelde levensverwachting van 82 jaar (CBS). Op basis van de huidige leeftijdsopbouw in Den Haag verwachten we dat er in de komende tien jaar circa 20 situaties kunnen ontstaan waarin een standplaats opnieuw kan worden toegewezen. In een deel van deze gevallen is sprake van een inwonende partner of familielid. Wanneer een van beiden wegvalt, blijft de partner in veel gevallen op de standplaats wonen. Ook komt het voor dat een familielid of erfgenaam de plek overneemt. In die gevallen wordt wel een woonwens binnen de familie vervuld, maar ontstaat er geen extra ruimte voor mensen op de wachtlijst. Om hiermee rekening te houden, zijn drie aanbodscenario’s uitgewerkt: • Maximaal scenario: alle 20 standplaatsen komen beschikbaar (theoretisch uitgangspunt). • Realistisch scenario: circa 70% van deze plekken komt beschikbaar → ongeveer 14 standplaatsen. • Minimaal scenario: 50% komt beschikbaar → ongeveer 10 standplaatsen.

Wanneer we het verwachte aanbod en de vraag naast elkaar zetten, valt op dat de natuurlijke doorstroming in Den Haag slechts een beperkte bijdrage levert aan het verkleinen van het tekort. Zelfs in het meest optimistische aanbodscenario (maximaal 20 standplaatsen) blijft het aanbod ruim onder de geschatte vraag. Daarbij geldt dat overname door partners of familieleden wel een eigen woonwens vervult, maar geen extra ruimte creëert voor anderen die wachten op een plek. Dit betekent dat natuurlijke doorstroming alleen onvoldoende is en dat aanvullende maatregelen of alternatieven nodig zijn om het tekort structureel ter verkleinen. Deze prognose van het aanbod is slechts gebaseerd op natuurlijk verloop; niet op plannen voor nieuwe standplaatsen die reeds in ontwikkeling zijn.

40

5Conclusie Het behoefteonderzoek naar woonwagenstandplaatsen in de gemeente Den Haag is uitgevoerd om inzicht te krijgen in de omvang en aard van de vraag naar standplaatsen, de woonwensen van de doelgroep en de ervaringen met het huidige beleid en beheer. De resultaten laten zien dat de vraag naar standplaatsen aanzienlijk groter is dan het huidige aanbod. Behoefte aan woonwagenstandplaatsen Uit het onderzoek blijkt dat van de 813 betrokken personen maximaal 451 op zoek zijn naar een (nieuwe) standplaats. Daarmee geeft ongeveer 60% van de totale onderzoeksgroep aan behoefte te hebben aan een eigen standplaats. Van deze groep wenst bijna de helft (46%) dit binnen één jaar te realiseren en driekwart 75% binnen vijf jaar. Deze vraag komt voort uit meerdere groepen: • hoofdbewoners van huidige standplaatsen die willen verhuizen; • standplaatszoekenden zonder standplaats in Den Haag; • inwonenden die zelfstandig willen gaan wonen, inclusief jongeren die op termijn een plek nodig hebben.

Woonwensen en voorkeuren De resultaten laten een duidelijke voorkeur zien voor het wonen in familieverband. Voor bijna 90% van de respondenten is het (zeer) belangrijk om samen te wonen met familieleden op of nabij dezelfde locatie. De sociale samenhang binnen de gemeenschap speelt dus een belangrijke rol in de woonwensen. De meeste respondenten willen bij voorkeur wonen op een bestaande woonwagenlocatie. Tegelijkertijd geeft een groot deel aan ook open te staan voor nieuwe locaties in of rond Den Haag. Er is behoefte aan zowel huur- als koopmogelijkheden voor zowel standplaatsen als woonwagens, waarbij een derde van de respondenten geen uitgesproken voorkeur heeft. De meeste toekomstige bewoners geven de voorkeur aan een woonwagen met drie of meer slaapkamers en een berging, bij voorkeur met sanitair. Ook geeft een deel van de respondenten aan behoefte te hebben aan werkruimte of opslag bij de standplaats, wat wijst op de wens om wonen en werken te combineren.

Ervaringen met de huidige situatie Onder de huidige bewoners overheerst tevredenheid over de ligging en grootte van de standplaats, maar er is ontevredenheid over het onderhoud, de veiligheid en de voorzieningen. Ongeveer de helft van de hoofdbewoners ervaart knelpunten, zoals geluidsoverlast, gebrekkige infrastructuur, verzakkingen of beperkte mogelijkheden om de standplaats aan te passen. Met name op de Viaductweg en Energiestraat geven bewoners zeer lage tevredenheidsscores.

41

Ook de communicatie en samenwerking met de gemeente worden regelmatig als aandachtspunt genoemd. Veel bewoners geven aan dat afspraken niet altijd worden nagekomen en dat informatie over beleid, onderhoud of uitbreiding onvoldoende wordt gedeeld. Communicatie en informatie De informatiebehoefte onder bewoners en standplaatszoekenden is groot. Meer dan 80% van de respondenten wil op de hoogte worden gehouden over ontwikkelingen rondom nieuwe standplaatsen, de wachtlijst en toewijzingsbeleid. Men geeft de voorkeur aan schriftelijke communicatie per post of e-mail, aangevuld met persoonlijke gesprekken of bijeenkomsten. Een deel van de respondenten geeft aan dat de communicatie met de gemeente in de afgelopen jaren verbeterd is, maar dat er nog steeds behoefte bestaat aan duidelijkere en frequentere terugkoppeling.

42

6Bijlage: Tabel A1: Relatie inwonenden die een standplaats zoeken + termijn Relatie Partner

Binnen 1 jaar 25

1 tot 2 jaar 12

2 tot 3 jaar 3

3 tot 4 jaar 2

4 tot 5 jaar 2

5 jaar of later 0

Weet ik niet 5

Kind

65

31

16

5

9

48

26

Kleinkind

9

10

1

0

0

4

6

Ouder

5

2

0

0

0

0

2

Broer of zus

9

2

0

1

1

2

0

Schoonkind

8

2

0

0

0

0

0

Andere familie, namelijk: Anders, namelijk:

6

1

0

1

0

2

2

1

1

0

0

0

0

0

Totaal*

128

61

20

9

12

56

41

* Dit betreft het totaal aan inwonenden met een unieke standplaatsbehoefte (n=327).

Tabel A2: Leeftijd inwonenden van de hoofdbewoners die een standplaats zoeken + termijn Leeftijd 0-5 6-11 12-17 18-24 25-34

Binnen 1 jaar 1 1 2 33 24

1 tot 2 jaar 2 1 3 10 8

2 tot 3 jaar 0 0 3 5 1

3 tot 4 jaar 0 0 3 1 1

4 tot 5 jaar 0 1 2 0 0

5 jaar of later 10 12 5 0 0

Weet ik niet 6 5 1 6 4

35-44 45-54

7 1

5 1

1 0

0 0

0 1

0 0

0 0

55-64 65+

1 4

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

1 2

Totaal

74

30

10

5

4

27

25

* Dit betreft het totaal aan inwonenden met een unieke standplaatsbehoefte (n=327). De korte termijn voor de jonge leeftijdscategorieën kan verklaard worden doordat zij met meerdere mensen uit het huishouden meeverhuizen. Hiermee is in de scenario’s rekening gehouden.

Tabel B: Leeftijd inwonenden van de standplaatszoekenden die een standplaats zoeken + termijn Leeftijd 0-5 6-11 12-17 18-24

Binnen 1 jaar 2 1 1 14

1 tot 2 jaar 3 0 0 8

2 tot 3 jaar 0 0 5 2

3 tot 4 jaar 0 1 0 1

4 tot 5 jaar 0 0 5 2

5 jaar of later 6 10 13 0

Weet ik niet 5 5 1 1

43

25-34 35-44 45-54 55-64

10 7 4 8

5 6 4 4

1 0 2 0

1 1 0 0

1 0 0 0

0 0 0 0

1 0 1 2

65+ Totaal

6 53

1 31

0 10

0 4

0 8

0 29

0 16

* Dit betreft het totaal aan inwonenden met een unieke standplaatsbehoefte (n=327). De korte termijn voor de jonge leeftijdscategorieën kan verklaard worden doordat zij met meerdere mensen uit het huishouden meeverhuizen. Hiermee is in de scenario’s rekening gehouden.

44

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16815090/1