CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS324741 Bijlage staat van financiën

Algemene Raadscommissie 15 april 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken17.621 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

gemeente Den Haag 2026

Staat van de financiën

2

< INHOUD

Staat van de financiën

Inleiding Voor u ligt de Staat van Financiën. Dit document geeft inzicht in zowel de werking van de gemeentelijke financiën als in de financiële positie van de gemeente Den Haag. De staat van financiën laat hiermee zien hoe Den Haag er financieel voor staat. Een gezonde financiële basis is essentieel voor het goed functioneren van de gemeente. Het maakt het mogelijk voorzieningen in stand te houden, te blijven investeren in de stad en financiële tegenvallers op te vangen. De gemeenteraad heeft een centrale rol in het bewaken van deze gezonde financiële basis. Als raad beschikt u over het budgetrecht. Dat betekent dat u bepaalt waar de gemeente haar geld aan uitgeeft en hoe zij haar inkomsten verwerft. Met het vaststellen van de begroting machtigt de raad het college van burgemeester en wethouders om uitgaven te doen en inkomsten te verwerven. Gedurende het jaar houdt u toezicht op de uitvoering en beoordeelt u of het college binnen de afgesproken financiële kaders blijft. Tenslotte stelt u de jaarrekening vast. Goede en toegankelijke financiële informatie is hierbij onmisbaar. De Staat van Financiën ondersteunt u hierbij door duidelijk te maken waar het geld vandaan komt, waar het naartoe gaat en welke ruimte er is om te sturen. Ook worden de belangrijkste begrippen, cijfers en financiële kaders toegelicht.

Daarmee helpt dit document u in uw rol als kadersteller, controleur en volksvertegenwoordiger. De Staat van Financiën legt de werking van de gemeentelijke financiën uit aan de hand van de belangrijkste financiële regels en de Planning & Control-cyclus. Onderdelen van die cyclus zijn bijvoorbeeld de programmabegroting en de programmarekening. Daarnaast wordt inzichtelijk gemaakt hoe de gemeente Den Haag er financieel voor staat. Daarbij wordt onder andere ingegaan op de reservepositie van de gemeente en de scores op de financiële kengetallen. Tot slot worden recente landelijke ontwikkelingen rond de gemeentefinanciën besproken en de mogelijke gevolgen voor Den Haag uiteengezet. De cijfers in deze Staat van Financiën zijn gebaseerd op de meest recente begroting: 2026-2029 RIS323103.

3

i

4

< INHOUD

Staat van de financiën

Samenvatting

INHOUD Inleiding3 Samenvatting5 1 Formele kaders van de gemeentefinanciën  De Gemeentewet Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV)  De financiële verordening  De tien begrotingsregels De financiële Kadernota’s De controleverordening  Wet Financiering decentrale overheden (Fido) en Treasurystatuut Doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoeken

2 De financiën in beeld 

9

De Staat van Financiën geeft inzicht in zowel de werking van de gemeen-

9 9 10 10 10 11 11 11

telijke financiën als in de financiële positie van de gemeente Den Haag.

15

Baten (inkomsten) 16 Lasten (uitgaven) 19 De Balans 23 Reserves26 Voorzieningen30 Investeringen32 Treasury en financiering 35 Verbonden partijen 37 Financiële kengetallen  40

3 Sturing en verantwoording  De Planning & Control-cyclus Digitale informatie: financien.denhaag.nl Brede heroverweging Financieel beheer: risicobeheer en Interne beheersing  Contourenbrief: recente verbeteringen

4 Gemeentefonds 

De werking van de gemeentelijke financiën wordt geduid met een overzicht van de financiële kaders, hoe de begroting is opgebouwd, hoe de Planning & Control-cyclus werkt en hoe het gemeentefonds werkt. De financiële positie wordt geduid op basis van de financiële kengetallen en door in te gaan op de budgettaire de risico’s voor Den Haag met betrekking tot het gemeentefonds. De Staat van Financiën laat hiermee zien hoe Den Haag er financieel voor staat. 1. De formele kaders In hoofdstuk 1 wordt toegelicht welke (landelijke) financiële spelregels en kaders ten grondslag liggen aan het financieel beleid van Den Haag. Het gaat hierbij enerzijds om landelijke wetgeving en anderzijds om nadere invulling van deze landelijke kaders door de gemeente zelf. De afgelopen jaren heeft Den Haag het financiële beleid verder verbeterd. Deze verbeteringen dragen bij een aan financieel gezond Den Haag.

53

2. Financiën in beeld

53 57 57 58 59

In hoofdstuk 2 wordt inzicht gegeven in hoe de begroting van Den Haag eruitziet. Hierbij

63

lijks aan wordt uitgegeven. De jaarlijkse baten en lasten bedragen €3,6 miljard.

Werking gemeentefonds 63 Jaarlijkse bijstelling accres gemeentefonds: BBP-systematiek 64 Trend-voor-trend 65 Risico: Herverdeling gemeentefonds  66 Risico: Jeugdzorg 67 Risico: Minder BBP-groei 69 Bijstandsuitkeringen: BUIG 69

5 Epiloog

73

Bijlage 1 De tien begrotingsregels van de gemeente den Haag

75

wordt gekeken naar de exploitatiebegroting en de balans. Vervolgens wordt inzicht gegeven in de financiële positie van de gemeente. De exploitatiebegroting laat zien hoe Den Haag aan haar geld komt en waar dit geld jaar-

De balans laat zien wat de gemeente bezit en hoe deze bezittingen gefinancierd zijn. De gemeente Den Haag heeft in totaal € 3,9 miljard aan bezittingen op de balans staan. Het bezit van Den Haag is voor het grootste deel gefinancierd met eigen vermogen (reserves) en langlopende leningen. De financiële positie van de gemeente kan op basis van financiële kengetallen geduid worden. Hieruit komt het volgende beeld naar voren: • De begroting is sluitend (inkomsten en uitgaven zijn in balans). • Er is genoeg geld in de algemene reserve om risico’s op te vangen.

5

S

6

< INHOUD

Staat van de financiën

• De gemeente heeft in vergelijking met andere gemeenten weinig schuld.

Naast deze omvangrijke risico’s lopen er over diverse onderwerpen discussies met het Rijk

• De lokale lasten voor inwoners zijn lager dan gemiddeld in Nederland.

over de balans tussen taken en middelen. Daarnaast zijn er jaarlijks bij de begrotingsvoor-

• De verhouding tussen het eigen vermogen en de totale bezittingen (solvabiliteit)

bereiding diverse budgettaire knelpunten die om besluitvorming vragen.

neemt de komende jaren af door de inzet van de reserves, maar blijft boven de signaleringswaarde van de VNG van 20%.

5. Epiloog In hoofdstuk 5 wordt tot slot een samenvattend beeld gegeven van hoe Den Haag er finan-

3. Sturen en verantwoorden

cieel voor staat. De Staat van Financiën laat zien dat de gemeente een goede uitgangspo-

In hoofdstuk 3 staat centraal hoe de gemeente stuurt op de financiën. De gemeente heeft

sitie heeft.

een P&C-cyclus om de begroting te plannen, uit te voeren en te controleren. Den Haag kent vier vaste documenten: de voorjaarsnota, programma­begroting, najaarsnota en

• De begroting is sluitend (inkomsten en uitgaven zijn in balans).

programma­rekening. Al deze documenten zijn terug te vinden op financien.denhaag.nl

• De lokale lasten voor inwoners zijn lager dan gemiddeld in Nederland. • Er is genoeg geld in de algemene reserve om risico’s op te vangen.

Sinds 2023 is de financiële huishouding van de gemeente en de sturing hierop aan de

• De gemeente heeft in vergelijking met andere gemeenten weinig schuld.

hand van de ‘contourenbrief’ (RIS314462) verbeterd. Daarnaast is de afgelopen jaren de

• De verhouding tussen het eigen vermogen en de totale bezittingen (solvabiliteit)

interne beheersing in Den Haag stap voor stap verbeterd. Dit gaat de komende jaren door.

neemt de komende jaren af door de inzet van de reserves, maar blijft boven de signaleringswaarde van de VNG van 20%.

Tot slot wordt in dit hoofdstuk kort stil gestaan bij de brede heroverweging (RIS323005) die de raad in juli 2025 heeft ontvangen. In de brede heroverweging wordt inzicht

Toch maakt deze Staat duidelijk dat financiële stabiliteit geen vanzelfsprekendheid is.

gegeven in welk deel van de begroting beïnvloedbaar is. In de brede heroverweging staat

Het structurele vooruitzicht van de gemeentefondsuitkering is vooralsnog nadelig als

vervolgens per programma welke keuzemogelijkheden er zijn.

gevolg van een aantal omvangrijke risico’s met betrekking tot het gemeentefonds. Deze risico’s zullen naar verwachting de komende periode om moeilijke keuzes vragen. Met de

4. Gemeentefonds

brede heroverweging heeft de raad een document dat hierbij kan helpen.

In hoofdstuk 4 wordt nader ingegaan op het gemeentefonds. Als eerste wordt toegelicht hoe de hoogte van het gemeentefonds wordt bepaald (de systematiek) en hoe

Tot slot zijn er de afgelopen jaren belangrijke stappen gezet om het financieel beleid en

de budgetten in de begroting van Den Haag worden geïndexeerd (trend-voor-trend).

beheer te versterken:

Vervolgens wordt ingegaan op de risico’s voor Den Haag met betrekking tot het gemeentefonds. Vanwege deze risico’s is het structurele vooruitzicht van de gemeentefondsuit-

• De begrotingsregels en spelregels voor het cofinancieringsfonds zijn vastgesteld;

kering vooralsnog nadelig. Het gaat om de volgende omvangrijke risico’s:

• De P&C-cyclus is transparanter geworden; • Het inzicht in investeringen is vergroot;

• Het structurele vooruitzicht van de gemeentefondsuitkering is vooralsnog nadelig

• De interne financiële beheersingsprocessen zijn verder versterkt.

door de voorgenomen actualisatie van het verdeelmodel van het gemeentefonds vanaf 2027. Dit kan grote nadelige financiële effecten hebben voor Den Haag. Voor

Deze stappen dragen bij aan een gezonde financiële huishouding die de raad in staat stelt

de lange termijn loopt het risico op tot € 88 mln. structureel. Voor de periode tot en

om te sturen en te controleren. Goed financieel bestuur is een gezamenlijke opgave van

met 2030 gaat het om een risico van structureel € 34 mln.

raad en college, waarin duidelijke kaders en transparante informatie onmisbaar zijn. Door

• Op basis van de raming van de Miljoennota is de verwachting dat het gemeentefonds structureel met € 13 mln. afneemt als gevolg van een lagere BBP-groei. In mei wordt deze raming nog geactualiseerd. • Het budget voor jeugdzorg zal de komende jaren met € 70 mln. afnemen als het Rijk niet met extra middelen over de brug komt.

inzicht in deze aspecten draagt de Staat van Financiën hieraan bij.

7

8

< INHOUD

Staat van de financiën

1 Formele kaders van de gemeentefinanciën Veel van wat de gemeente op financieel gebied doet of laat is gebonden aan wetten, afspraken en spelregels. Een gedeelte van de regels komt van de nationale overheid en van de provincie, die financieel toezicht houdt op de gemeente. Maar er zijn ook financiële zaken waar de gemeente zelf over mag beslissen, of waarover ze eigen keuzes kan maken binnen bepaalde kaders. Hieronder wordt kort beschreven wat de juridische/ formele kaders zijn waar de financiën van de gemeente aan moeten voldoen, en waar de raad ruimte heeft om eigen keuzes te maken.

De Gemeentewet De Gemeentewet is één van de belangrijkste wetten voor het lokale bestuur in Nederland. Deze wet regelt de organisatie, taken en bevoegdheden van gemeenten. In de Gemeentewet zijn ook bepalingen over financiën opgenomen (artikelen 186 t/m 258). Deze gaan onder andere over de algemene financiële huishouding van de gemeente. De gemeentewet schrijft bijvoorbeeld voor dat een gemeente een begroting en een jaarrekening moet hebben. Daarnaast zijn er voorschriften voor de inrichting van de administratie, de financiële controle, en de gemeentelijke belastingen.

Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) Het BBV is een nadere uitwerking van de financiële onderdelen van de Gemeentewet, en is hét centrale financiële kader voor gemeenten. Het BBV geeft voorschriften over de opzet en inhoud van de gemeentelijke begroting en jaarrekening. Daarnaast stelt het BBV ook regels voor de meer technische onderwerpen als de rechtmatigheidsverantwoording en afschrijving van activa. Omdat alle gemeenten (en provincies) aan het BBV moeten voldoen, zorgt dit voor een bepaalde mate van uniformiteit, vergelijkbaarheid en transparantie.

9

1

10

< INHOUD

Staat van de financiën

De financiële verordening

De controleverordening

De financiële verordening, in Den Haag aangeduid als de Verordening financieel beheer en

De controleverordening (RIS317191) bevat afspraken tussen de raad, college en accountant

beleid (RIS323961), is het document waarin de lokale keuzes die binnen de kaders van de

over de controle en verantwoording. Het hebben van zo’n verordening is voorgeschreven

Gemeentewet en het BBV zijn gemaakt, zijn vastgelegd. Het hebben van zo’n verordening

in artikel 213 van de Gemeentewet. Het vaststellen en aanpassen van deze verordening is

is voorgeschreven in Artikel 212 van de Gemeentewet.

een bevoegdheid van de gemeenteraad.

Het vaststellen en aanpassen van deze verordening is een bevoegdheid van de gemeen-

De raad staat daarbij niet alleen in haar controlerende taak. Op het gebied van financiën

teraad. De Haagse financiële verordening bevat onder andere regels over de begrotings-

en interne beheersing wordt hij ondersteund door de accountant. In Den Haag is dat

cyclus, reserves, voorzieningen, de rechtmatigheidsverantwoording, verbonden partijen

de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag (GAD). Het benoemen van een

en het indexeren van budgetten. Ook bevat de financiële verordening afspraken tussen

accountant is een bevoegdheid van de raad. Een gemeentelijke accountantsorganisatie

college en raad over de ‘taakverdeling’; de raad heeft een kaderstellende en een contro-

is vrij uniek. Alleen Amsterdam en Den Haag beschikken over een eigen gemeentelijke

lerende rol en beslist over de grote lijnen; het college is verantwoordelijk voor de nadere

accountantsorganisatie.

invulling binnen die kaders. Omdat zowel het Haagse financiële beleid als de ‘hogere’ financiële wet- en regelgeving altijd in ontwikkeling is, wordt de financiële verordening regelmatig aangepast.

De tien begrotingsregels

Wet Financiering decentrale overheden (Fido) en Treasurystatuut Gemeenten zijn ook spelers op de financiële markt. Zij sluiten leningen af en verstrekken leningen aan andere partijen met een publieke taak. Omdat dit met publiek geld gebeurt, zijn gemeenten gebonden aan de regels van de wet Fido. Fido staat voor finan-

De tien begrotingsregels zijn de kern van het begrotingsbeleid. Begin 2023 is de

ciering decentrale overheden. In deze wet staat bijvoorbeeld dat de gemeente niet mag

gemeenteraad geïnformeerd over de plannen van het toenmalige college om deze begro-

speculeren en niet mag investeren in risicovolle financiële producten. Geld dat tijdelijk

tingsregels te herzien via de contourenbrief actualisatie financieel beleid (RIS314462).

over is, moet volgens landelijke regels worden beheerd (via de schatkist van het Rijk).

De begrotingsregels zijn nodig om het financieel beleid van de gemeente goed uit te

Voor Den Haag zijn deze regels verder uitgewerkt in de verordening Treasurystatuut

voeren. Goede, actuele begrotingsregels helpen om de financiën van de stad goed op orde

(RIS321497).

te houden. Ook maken ze het makkelijker om financieel te sturen. De regels zijn uitgewerkt en vastgelegd in de financiële verordening. De begrotingsregels zijn opgenomen in bijlage 1.

De financiële Kadernota’s

Doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoeken Volgens artikel 213a van de gemeentewet is het college verantwoordelijk voor het verrichten van periodiek onderzoek naar de doelmatigheid (efficiëntie) en doeltreffendheid (effectiviteit) van het gevoerde bestuur op het gebied van zowel het beleid als

De Financiële Kadernota’s, of zoals wij ze in Den Haag noemen, de Haagse Kadernota’s,

de bedrijfsvoering. In 2023 is de verordening voor doelmatigheid en doeltreffendheidson-

geven toelichting op de regels in de financiële verordening. Dit zijn aparte documenten

derzoek (DDO) geactualiseerd en is een handboek DDO vastgesteld (RIS315740).

waarin alle regels over een bepaald onderwerp zijn samengebracht en worden uitgelegd in begrijpelijke taal. In de financiële verordening wordt dan een verwijzing opgenomen

Jaarlijks besluit het college over de programmering van de uit te voeren doelmatigheid

naar de betreffende Kadernota. Het vaststellen van Kadernota’s is een bevoegdheid van

en doeltreffendheidsonderzoeken. In het laatst vastgestelde onderzoeksprogramma

de gemeenteraad. In de afgelopen jaren heeft de gemeenteraad de Kadernota Overhead

(RIS318009) zijn drie onderzoeken opgenomen, te weten: dienstverlening, dakloosheid

(RIS320519), de Kadernota Weerstandsvermogen (RIS320223) en de Kadernota Investeren

en maatschappelijke opvang dakloze mensen en attractieve stad. Het doelmatigheids- en

(RIS323964) vastgesteld.

doeltreffendheidsonderzoek naar dienstverlening (RIS324915) is inmiddels afgerond en met de Raad gedeeld.

11

12

< INHOUD

Samenvatting Hoofdstuk 1 In dit hoofdstuk zijn de formele kaders van de gemeentefinanciën geschetst. Het gaat hierbij enerzijds om landelijke wetgeving en anderzijds om nadere invulling van deze landelijke kaders door de gemeente zelf. De afgelopen jaren heeft Den Haag het financiële beleid verder ontwikkeld: • Het vastleggen van de 10 begrotingsregels • Een geactualiseerde financiële verordening • Een geactualiseerde verordening doelmatigheid en doeltreffendheid • Een geactualiseerde verordening treasurystatuut • Een kadernota weerstandsvermogen • Een kadernota overhead • Een kadernota investeringen Deze verbeteringen dragen bij aan een financieel gezond Den Haag. Het Haagse financiële beleid zal altijd in ontwikkeling blijven doordat de ‘hogere’ financiële regelgeving altijd in ontwikkeling is. In het volgende hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de financiële positie van de gemeente.

Staat van de financiën

13

14

< INHOUD

Staat van de financiën

2 De financiën in beeld In dit hoofdstuk wordt eerst inzicht gegeven in hoe de begroting van Den Haag eruitziet. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen: • De exploitatiebegroting. Het gaat hierbij om de baten en de lasten. • De balans. Hier gaat om het bezit van Den Haag en hoe dit gefinancierd is.

Vervolgens wordt in dit hoofdstuk inzicht gegeven in de financiële positie van de gemeente. In hoeverre staat Den Haag er financieel goed voor? Hierbij wordt vooral gekeken naar de financiële kengetallen.

Begrotingsstelsel: baten en lasten De gemeente Den Haag werkt met het baten-lastenstelsel. Dit geldt voor alle Nederlandse gemeenten. Het baten- en lastenstelsel is voorgeschreven in het BBV en het werkt als volgt: inkomsten (baten) en uitgaven (lasten) rekenen we toe aan het jaar waar ze betrekking op hebben, en niet aan het moment waarop het geld daadwerkelijk wordt ontvangen of betaald. Baten en lasten moeten elk jaar in evenwicht zijn. Bij kapitaalgoederen spreiden we de kosten uit over meerdere jaren. Kapitaalgoederen zijn zaken die essentieel zijn voor het leveren van publieke diensten en die langer dan één jaar meegaan. De kosten van deze goederen worden uitgesmeerd over de totale levensduur. Dit geeft een realistischer beeld van de financiële prestaties. De rijksoverheid werkt niet met het baten-lastenstelsel maar met het kas-verplichtingenstelsel. In dit stelsel is het moment van feitelijk uitgeven of ontvangen van geld bepalend. Een verschil tussen uitgaven en ontvangsten is mogelijk, dat is het kassaldo (begrotingstekort of begrotingsoverschot).

15

2

16

< INHOUD

Staat van de financiën

Baten (inkomsten)

2. Specifieke uitkeringen De gemeente Den Haag begroot in 2026 € 633 mln. aan specifieke uitkeringen. Specifieke

In de figuur en tabel hieronder zijn de inkomsten van de gemeente meerjarig weerge-

uitkeringen zijn uitkeringen die we van het Rijk krijgen voor bepaalde doelen. De hoogte

geven. De gemeente verwacht in 2026 in totaal € 3,63 mld. aan inkomsten. Het meeste

van de specifieke uitkeringen loopt af naar € 613 mln. in 2029. Dit komt omdat specifieke

geld komt van het Rijk. Meerjarig is het beeld als volgt:

uitkeringen meestal maar kort lopen. Sommige specifieke uitkeringen zijn voor eenmalige uitgaven. Voor andere specifieke uitkeringen geldt dat deze worden verlengd door het Rijk. Hierbij geldt dat we specifieke uitkeringen pas in de begroting opnemen als het

Inkomsten in € mln.

Rijk formeel heeft besloten de uitkering toe te kennen of te verlengen. In de tabel op de

€ 4.500

volgende pagina is de verdeling van de specifieke uitkeringen in 2026 weergeven.

€ 4.000 € 3.500

Programma

Doel

Begroting 2026

€ 3.000

04–Openbare orde en Veiligheid

Bestrijding onveiligheid

13

06–Onderwijs

Onderwijsbeleid

45

07–Werk en Inkomen

Bijstandsverlening en inkomensvoorzieningen

433

Werkgelegenheidsprojecten

4

Inburgering

12

Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Integraal

22

Ambulancevervoer

26

Opgave Nieuwkomers

59

10–Sport

Sportbeleid en activering

3

13–Stadsontwikkeling en Wonen

Bouwgrondexploitaties

3

Divers

13

€ 2.500 € 2.000 € 1.500 € 1.000

08–Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid

€ 500 €0 2024 Gemeentefonds

2025 Specifieke uitkeringen

2026 Belastingen

2027

2028

Tarieven, leges en heffingen

2029

Onttrekkingen aan reserves

Overig

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Specifieke uitkeringen < € 2,5 miljoen

1 Gemeentefonds

1.839

1.908

1.929

1.985

2.007

2.080

Totaal specifieke uitkeringen

2 Specifieke uitkeringen

691

770

633

619

613

613

3 Belastingen

269

287

298

300

300

300

4 Tarieven, leges en heffingen

224

253

243

244

244

245

5 Onttrekkingen aan reserves

342

472

295

145

84

49

OZB, belasting van roerende woon- en bedrijfsruimten, baatbelasting, forensenbelasting,

6 Overig

296

295

236

227

210

204

toeristenbelasting, parkeerbelasting, hondenbelasting, reclamebelasting en precariobe-

Totaal

3.661

3.985

3.634

3.520

3.458

3.491

633

3. Gemeentelijke belastingen De gemeentewet schrijft voor welke belastingen een gemeente mag heffen. Dit zijn:

lasting (liggeld woonschepen en bovengrondse voorwerpen). De gemeente Den Haag heft een aantal van deze belastingen (OZB, parkeerbelasting,

1. Gemeentefonds

toeristenbelasting en precariobelasting voor woonschepen). De begrote inkomsten uit

De uitkering uit het gemeentefonds is met € 1,93 mld. de grootste inkomstenbron.

deze gemeentelijke belastingen bedragen €298 mln., dat is ongeveer 8% van het totaal

De uitkering uit het gemeentefonds groeit de komende jaren van € 1,84 mld. in 2024 naar

aan inkomsten van de gemeente.

€ 2,08 mld. in 2029. Deze groei komt vooral door de compensatie die gemeenten van het Rijk krijgen voor loon- en prijsstijgingen. In hoofdstuk 4 wordt uitgebreider ingegaan op het gemeentefonds.

17

18

< INHOUD

Staat van de financiën

Belastingen

Begroting 2026

• Rente (€ 30 mln.)

Onroerend zaakbelasting

157

• Erfpachtinkomsten (€ 25 mln.)

Toeristenbelasting

18

• Dividenden (€ 14 mln.)

Parkeerbelasting

123

Precario (liggeld woonschepen)

0,2

Totaal

298

Lasten (uitgaven) De grafiek hieronder laat zien hoe onze uitgaven zich ontwikkelen over meerdere jaren.

4. Tarieven, leges en heffingen

In 2026 zijn de totale uitgaven ongeveer € 3,63 mld. per jaar en in 2029 ongeveer € 3,49

De gemeente brengt tarieven in rekening voor het gebruik van de gemeentelijke infra-

mld. De totale lasten dalen dus licht. Dit wordt verklaard door aflopende specifieke uitke-

structuur of voor het verlenen van diensten aan burgers. Het gaat in 2026 om € 243 mln.,

ringen zoals hierboven bij de baten is toegelicht. Tegenover deze baten staan gelijke lasten,

circa 7% van de totale inkomsten. De inkomsten uit tarieven betreffen een grote variëteit

daarom dalen zowel de baten als de lasten. Vanaf 2027 zijn de lasten in de begroting

aan activiteiten, zoals de afgifte van vergunningen, verstrekken van paspoorten en rijbe-

stabiel geraamd.

wijzen en het ophalen van huisvuil. In de onderstaande tabel zijn de opbrengsten van de, qua omvang, belangrijkste tarieven weergegeven. Sommige tarieven zijn door het Rijk gemaximeerd en heffingen en leges mogen maximaal 100% kostendekkend zijn.

€ 4.500 € 4.000

Tarieven, leges en heffingen

Begroting 2026

€ 3.500

Afvalstoffenheffing

125

€ 3.000

Rioolrechten

59

€ 2.500

Bouwleges

28

€ 2.000

Burgerzaken

9

€ 1.500

Sport

11

€ 1.000

Bibliotheek-inkomsten

1

Tarieven gezondheidszorg

3

Overige tarieven

7

Totaal

243

€ 500 €0 2024

2025

2026 Uitgaven

2027

2028

2029

Toevoegingen aan reserves

5. Onttrekkingen uit Reserves In 2026 is er voor € 295 mln. aan onttrekkingen uit reserves begroot. Dit loopt af naar

Lasten in € mln.

2024

2025

2026

2027

2028

2029

€ 49 mln. in 2029. Deze afname komt doordat de reserves op korte termijn ingezet worden

Lasten (uitgaven)

3.358

3.663

3.531

3.447

3.427

3.472

Toevoegingen aan reserves

317

322

103

72

31

18

Totaal

3.675

3.985

3.634

3.519

3.458

3.490

voor incidentele uitgaven waar deze reserves voor bedoeld zijn. In het onderdeel reserves wordt hier nader op ingegaan.

6. Overige inkomsten In 2026 is er € 236 miljoen aan overige inkomsten, de grootste inkomsten hiervan zijn: • Inkomsten uit huren en pachten (€ 51 mln.) • Baten ambulancedienst (€ 29 mln.)

19

20

< INHOUD

Staat van de financiën

Verdeling van de lasten over de begrotingsprogramma’s

• € 520 miljoen subsidies en inkomensoverdrachten. Dit betreft met name subsidies

In onderstaand figuur staat weergegeven hoe de uitgaven verdeeld zijn over de

voor met name welzijn, onderwijs en cultuur. Daarnaast gaat het om bijdrage aan

programma’s. De gemeente geeft het meeste geld uit aan het sociaal domein. Dit zijn

gemeenschappelijke regelingen zoals de Veiligheidsregio en de Omgevingsdienst

vooral uitgaven voor werk en inkomen en voor zorg en welzijn. Voor werk en inkomen

Haaglanden.

(begrotingsprogramma 7) gaat het onder andere voor bijstandsverlening en inkomens-

• € 513 miljoen voor sociale uitkeringen in natura, dit betreft bijvoorbeeld jeugdzorg,

voorzieningen. Voor zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid (begrotingsprogramma 8)

huishoudelijke hulp. dagbesteding, rolstoelen, scootmobielen, woningaanpassingen

gaat het onder andere om Wmo-voorzieningen en jeugdhulp.

en opvang voor dak- en thuislozen. • € 437 miljoen voor sociale uitkeringen in geld. Dit betreft voor het grootste deel de bijstandsuitkeringen. Daarnaast gaat het ook om onder andere de bijzondere

Bedragen in € mln.

bijstand, inkomenstoeslagen voor bijvoorbeeld de kinderopvang en tegemoetko-

College en bestuur; € 16 Gemeenteraad; € 19

Duurzaamheid, Milieu en Energietransitie; € 51 Openbare orde en veiligheid ; € 102

Overhead; € 297 Financiën; € 186

Cultuur en Bibliotheek ; € 163 Onderwijs ; € 151

Stadsdelen, Integratie en Dienstverlening; € 167

mingen voor chronisch zieken. • € 138 miljoen aan toevoegingen aan reserves en voorzieningen. Verder in dit hoofdstuk wordt nader ingaan op de reserves en voorzieningen. • € 135 miljoen afschrijvingen en rente. Dit betreft voor € 116 miljoen aan afschrijvingen op het bezit van Den Haag (afgeronde investeringen). In de paragraaf investeringen wordt hier nader op ingegaan. Daarnaast gaat het om € 19 miljoen aan

Stadsontwikkeling en Wonen ; € 172

rentekosten voor de leningen die Den Haag heeft. Hier wordt in de paragraaf treasury en financiering nader op ingaan. Mobiliteit ; € 139

Werk en Inkomen; € 795

Economie ; € 52

• € 150 miljoen aan overige lasten. De grootste uitgaven betreffen lasten voor externe inhuur en lasten voor gemeentelijk eigendom zoals verzekeringen, energiekosten, beheerskosten en reparaties. Daarnaast gaat het onder andere om de aankoop van

Sport ; € 79

grond en belastingen. Bedragen in € mln.

Buitenruimte; € 386

Zorg, Welzijn, Jeugd en Volksgezondheid ; € 860

Toevoegingen aan reserves en voorzieningen ; € 138

Overige lasten; € 151

Afschrijvingen en rente; € 135

Verdeling van de lasten naar categorieën Een andere manier om naar de lasten te kijken is naar het type uitgaven in plaats van de verschillende programma’s uit de programmabegroting. In onderstaand figuur is

Salarissen en sociale lasten; € 886 Sociale uitkeringen in geld; € 427

weergegeven hoe de uitgaven voor Den Haag verdeeld is naar type uitgaven. De grootste categorieën zijn: • € 886 miljoen voor salarissen. Het gaat hier om de salarissen van de ambtenaren van de gemeente Den Haag, zoals bijvoorbeeld BOA’s of beleidsmedewerkers. In de staat van de organisatie wordt hier verder op ingegaan (RIS 322674).

sociale uitkeringen in natura; € 513

• € 864 miljoen voor goederen en diensten. Bij goederen gaat het om tastbare zaken, Goederen en diensten; € 864

zoals bijvoorbeeld om bouwmaterialen of speeltoestellen en bij diensten gaat het om het uitvoeren van werk en activiteiten, zoals bijvoorbeeld het onderhouden van wegen en bruggen.

Subsidies en Inkomensoverdrachten; € 520

21

22

< INHOUD

Staat van de financiën

Samenvatting Baten en Lasten

De Balans

De bovenstaande paragrafen laten op hoofdlijnen zien hoe de gemeente Den Haag aan haar geld

De uitgaven en inkomsten die in de vorige paragrafen zijn genoemd, horen bij de

komt en waar het geld aan uitgegeven wordt.

exploitatie. Dit zijn terugkerende kosten en inkomsten voor de (reguliere) taken van

De baten en lasten nemen de komende jaren licht af van € 3,6 miljard in 2026 tot € 3,5 miljard

de gemeente. Naast de exploitatie is het ook belangrijk om naar de balans te kijken.

in 2029. Dit is het gevolg van het feit dat specifieke uitkeringen vaak maar een beperkte looptijd

De balans laat zien wat de gemeente bezit en welke schulden er zijn.

hebben en doordat er de eerste jaren meer geld vanuit de reserves wordt ingezet voor incidentele uitgaven.

Activa zijn de bezittingen en vorderingen (geld dat de gemeente nog moet ontvangen)

De begroting voor Den Haag is in balans. De uitgaven en de inkomsten zijn gelijk aan elkaar.

van de gemeente. Deze worden verdeeld in:

Hiermee heeft Den Haag een goede uitgangspositie voor de komende jaren. In de volgende paragrafen wordt nader ingegaan op de balans van de gemeente Den Haag. In het

• Vaste activa: bezittingen die langer dan één jaar meegaan.

kort: wat bezit de gemeente en hoe zijn deze bezittingen gefinancierd.

• Vlottende activa: bezittingen die binnen één jaar kunnen worden omgezet in geld. Passiva laten het eigen vermogen en de schulden zien. Ook deze worden verdeeld in: • Vaste passiva: schulden die langer dan één jaar lopen. • Vlottende passiva: schulden die binnen één jaar moeten worden afgelost. Hieronder staat een verkorte versie van de balans uit de programmarekening 2024 (pagina 359 en 360).

Activa Vaste Activa

Immateriële vaste activa 6 Materiële vaste activa 2.139 Financiële vaste activa 341 Totale vaste activa 2.486

Passiva Vaste Passiva

Eigen vermogen Voorzieningen Vreemd vermogen Totale vaste passiva

1.272 146 1.598 3.016

Vlottende Activa

Voorraden 1 Rekening-courant Rijk 851 Vorderingen 355 Overlopende activa 184 Liquide middelen 2 Totale vlottende activa 1.393

Vlottende Passiva

Vlottende schulden 209 Overlopende passiva 655 Totale vlottende passiva 863

23

24

< INHOUD

Vaste activa De vaste activa zijn in totaal € 2,5 mld. De grootste post betreft de materiële vaste

Staat van de financiën

Samenvatting van de balans

activa. Dit zijn vooral afgeronde investeringen. Dit zijn bezittingen van de gemeente

De gemeente Den Haag heeft in totaal € 3,9 miljard aan bezittingen op de balans staan. Dit betreft

die meerdere jaren meegaan, zoals gronden, gebouwen, wegen en voertuigen. In de

voor € 2,5 miljard bezittingen (afgeronde investeringen) die meerdere jaren meegaan en voor € 1,4

paragraaf investeringen wordt hier nader op ingegaan. Onder de immateriële vaste activa

miljard bezittingen die binnen een jaar om kunnen worden gezet in geld. Het bezit van Den Haag

staan voorbereidingskosten voor projecten die uitgevoerd gaan worden en onder finan-

is voor € 1,3 miljard gefinancierd met eigen vermogen en voor € 1,6 miljard met langlopende

ciële vaste activa staan kapitaalverstrekkingen en leningen aan andere organisaties. In de

leningen. Daarnaast heeft Den Haag voorzieningen en schulden die binnen 1 jaar terugbetaald

programmarekening 2024 wordt dit nader toegelicht.

moeten worden. In hoeverre de balans van Den Haag financieel gezond is, kan bepaald worden op basis van de

Vlottende activa

financiële kengetallen. Daar wordt later in dit hoofdstuk op ingegaan. Eerst wordt in dit hoofdstuk

De vlottende activa zijn in totaal € 1,4 mld. De grootste post betreft geld op de rekening-

uitgebreider stilgestaan bij een aantal onderdelen van de balans: de reserves, voorzieningen,

courant bij het Rijk. Gemeenten zijn verplicht om hun geld op een rekening van het Rijk

investeringen en de langlopende leningen.

te zetten. Dit heet schatkistbankieren. De vlottende activa bestaan daarnaast vooral uit vorderingen. Dit zijn bedragen die de gemeente nog krijgt van bijvoorbeeld de belastingdienst, het Rijk en de Metropoolregio Rotterdam Den Haag.

Vaste Passiva De vaste passiva zijn in totaal € 3 mld. Onderdeel van de passiva is het eigen vermogen. Het eigen vermogen van € 1,3 mld. bestaat uit reserves (zie volgende paragraaf) en het jaarrekening resultaat. Daarnaast bestaan de vaste passiva uit voorzieningen. In de paragraaf voorzieningen wordt hier nader op ingegaan. Tot slot bestaan de vaste passiva uit leningen die langer dan één jaar lopen. In de paragraaf treasury en financiering wordt nader ingegaan op deze langlopende leningen.

Vlottende Passiva De vlottende passiva zijn in totaal € 0,9 mld. De vlottende passiva bestaan uit vlottende schulden en overlopende passiva. De vlottende schulden zijn kortlopende schulden zoals facturen die nog betaald moeten worden. De overlopende passiva bestaan vooral uit vooruitbetaalde bedragen van het Rijk. Het gaat hier om uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel, waarvan de uitgaven in volgende begrotingsjaren zullen plaatsvinden.

25

26

< INHOUD

Staat van de financiën

Reserves

Risicoreserves Den Haag heeft verschillende reserves om tegenvallers of risico’s op te kunnen vangen.

Het eigen vermogen van de gemeente is verdeeld over diverse reserves. In totaal heeft

Zo hoeft de gemeente niet meteen te bezuinigingen of belastingen te verhogen als een

Den Haag ruim 60 reserves. De gemeente vormt reserves om toekomstige uitgaven te

tegenvaller zich voordoet. De belangrijkste van deze reserves is de algemene reserve. Deze

kunnen betalen (er wordt alvast geld voor opzij gezet), of om onverwachte uitgaven op te

zorgt ervoor dat de gemeente een stabiel beleid kan voeren, ook als er tegenvallers zijn.

kunnen vangen (een buffer). De gemeenteraad beslist over het vormen of opheffen van

Volgens de regels uit de kadernota weerstandsvermogen moet de algemene reserve 3%

een reserve en over het toevoegen of onttrekken van geld aan een reserve.

van de lasten van het vorige jaar zijn. Dat is eind 2024 € 108 mln.

De figuur en tabel hieronder laten zien dat:

Daarnaast zijn er in de categorie risicoreserves: • Programmareserves

• Reserves voor toekomstige uitgaven de komende jaren afnemen. Deze reserves

• Reserve Grondbedrijf

worden ingezet voor de doelen waarvoor de raad ze heeft gevormd. Deze reserves zijn

• Onderhoudsreserves (voor vastgoed en sportaccommodaties).

bedoeld om in te zetten en deze afname is daarmee logisch. • De risicoreserves blijven de komende jaren ongeveer gelijk. Deze zijn groot genoeg

Deze reserves blijven de komende jaren ongeveer gelijk.

om risico’s op te vangen. Den Haag beschikt hiermee over gezonde risicobuffers.

Enecoreserves Onder de tabel staat een uitleg van de verschillende soorten reserves.

Het geld uit de Enecoreserves komt uit de verkoop van de aandelen die de gemeente had in Eneco. Naar verwachting is er in 2026 in totaal nog € 336 miljoen beschikbaar in de Enecoreserves. Zoals vastgelegd in het voorstel van het college toekennen verkoopop-

Reserves in € mln.

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Risicoreserves

177

140

138

140

143

146

Enecoreserves

424

378

336

278

256

238

• Reserve extra impuls voor betaalbaar wonen

Bestemmingsreserves

341

281

182

168

159

163

• Reserve verbetering duurzame mobiliteit

Technische reserves

330

323

274

272

247

227

• Reserve duurzaamheid en energietransitie

Totaal

1.272

1.122

930

858

805

774

brengst Eneco (RIS305669) gaat het om de volgende reserves:

• Reserve verhogen kwaliteit in gebiedsontwikkelingen en sociale woningbouw De Enecoreserves nemen de komende jaren af. Deze reserves worden ingezet voor de

€ 450

doelen waarvoor de raad ze heeft gevormd. Deze reserves zijn bedoeld om in te zetten voor

€ 400

deze specifieke doelen en deze afname is daarmee logisch.

€ 350

Bestemmingsreserves

€ 300

Met de bestemmingsreserves is er geld gereserveerd voor specifieke incidentele uitgaven.

€ 250

Den Haag heeft naar verwachting in 2026 in totaal € 182 miljoen euro beschikbaar in deze

€ 200

reserves. Hierbij zijn de Enecoreserves niet meegenomen. Voorbeelden van bestemmings-

€ 150

reserves zijn:

€ 100 € 50

• Reserve maatschappelijke opvang • Reserve impuls winkelgebieden Schilderswijk en Transvaal

€0 2024 Risicoreserves

2025

2026 Enecoreserves

2027 Bestemmingsreserves

2028

2029

• Reserve verduurzaming openbare verlichting

Technische reserves

Belangrijk is dat bestemmingsreserves niet ingezet worden voor structurele uitgaven, omdat de reserves incidenteel geld zijn. Ze kunnen daarom alleen worden ingezet voor

27

28

< INHOUD

éénmalige uitgaven. De bestemmingsreserves nemen de komende jaren af. Deze reserves worden ingezet voor de doelen waarvoor de raad ze heeft gevormd. Deze reserves zijn bedoeld om in te zetten en deze afname is daarmee logisch.

Staat van de financiën

Samenvatting reserves De begroting van Den Haag laat zien dat Den Haag eind 2026 naar verwachting over € 930 mln. aan reserves beschikt. De komende jaren neemt de reserve positie van Den Haag naar verwachting geleidelijk af tot € 774 mln. in 2029. Dit komt doordat de bestemmingsreserves en technische

Cofinancieringsfonds

reserves afnemen. Dit is logisch gezien het karakter van deze reserves. Dit betekent tegelijkertijd

Een speciale bestemmingsreserve is de reserve cofinanciering. De gemeente werkt vaak samen

dat er in de toekomst minder geld beschikbaar is om vergelijkbare incidentele uitgaven te doen.

met de provincie, het Rijk en de EU. Voor belangrijke projecten in de stad ontvangt de gemeente

De algemene reserve blijft de komende jaren stabiel en is groot genoeg om risico’s op te vangen.

regelmatig subsidies. Vaak is daarbij cofinanciering een vereiste: de gemeente moet dan zelf

Den Haag beschikt hiermee over toereikende risicobuffers en heeft een gezonde reservepositie.

ook geld bijdragen. Met name bij woningbouw en infrastructuur gaat het om grote bedragen. Hiervoor is het cofinancieringsfonds opgericht. De spelregels voor het gebruik van dit fonds staan in de programmabegroting 2025-2028 (RIS319799) en in de financiële verordening (artikel 5:10). In deze regels staat onder andere hoe het fonds wordt gevuld, vanaf welk minimumbedrag (€ 0,5 mln.) het kan worden gebruikt en hoe besluiten over de inzet worden genomen. Om aanspraak te kunnen maken op deze middelen van het Rijk moeten gemeente over voldoende eigen middelen voor cofinanciering beschikken. De afgelopen jaren zijn onder andere de Enecoreserves gebruikt voor de gemeentelijke cofinanciering. Deze dekkingsbron valt weg (zie hierboven).

Technische reserves Den Haag beschikt over een aantal technische reserves voor de dekking van kapitaallasten en het verschuiven van baten en lasten naar de juiste begrotingsjaren. Het gaat hierbij om de volgende reserves: • De activa reserve. Deze reserve is bedoeld voor het betalen van kapitaallasten (rente en afschrijving). De hoogte van de reserve is gelijk aan de kapitaallasten die nodig zijn om gedurende de hele vastgestelde afschrijvingsperiode aan de reserve te kunnen onttrekken. De hoogte van de reserve neemt hierdoor over tijd af. • De reserve herfasering. Met deze reserve worden incidentele middelen naar het begrotingsjaar geschoven waarin de uitgaven plaatsvinden. Hiermee kunnen vertragingen en versnellingen op de uitvoering van projecten opgevangen worden. • Reserve allocatie incidentele middelen. De incidentele middelen die bij de begroting worden herverdeeld, worden via deze reserve toebedeeld aan het juiste begrotingsprogramma en het juiste begrotingsjaar. Gezien het karakter van deze reserves is het logisch dat de hoogte de komende jaren afneemt. Daar staat tegenover dat de hoogte van deze reserves weer zal toenemen als er bij een volgende begroting geld tussen begrotingsjaren wordt geschoven of er nieuwe investeringen aan de activa reserve worden toegevoegd.

29

30

< INHOUD

Staat van de financiën

Voorzieningen De gemeente Den Haag heeft € 133 miljoen apart gezet in voorzieningen. Het grootse deel van de voorzieningen (€ 108 miljoen) is voor het opvangen van toekomstige verliezen en risico’s. Van deze verliezen en risico’s is nog niet precies bekend hoeveel dat zal zijn of wanneer het gebeurt, maar wel dat deze zich in de toekomst zullen voordoen. Gemeenten zijn verplicht om voor deze verliezen en risico’s voorzieningen te treffen. Voorbeelden zijn een voorziening voor wachtgeld en een voorziening voor verwachte verliezen op

Soort voorziening in € mln.

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Voor verplichtingen, verliezen en risico’s

117

105

108

108

108

109

Middelen van derden waarvan de besteding gebonden is

22

22

22

28

32

35

Bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven

7

3

3

4

5

3

Totaal

146

130

133

140

145

147

grondexploitaties. Soms komt het geld in voorzieningen uit heffingen die inwoners betalen, zoals de rioolheffing. Dit geld moet in een voorziening worden gestopt. In Den Haag gaat het in 2026 om € 3 miljoen. Daarnaast kan het zijn dat de gemeente geld krijgt van particulieren voor

Samenvatting voorzieningen

een specifiek doel. Ook dit geld moet in een voorziening worden gestopt. Zo kan het niet

Den Haag heeft in 2026 € 133 miljoen aan voorzieningen. Hiermee is de gemeente klaar voor

voor iets anders worden gebruikt. In 2026 gaat het om € 22 miljoen.

onverwachte kosten en wordt gewaarborgd dat geld dat bedoeld is voor specifieke taken beschikbaar blijft voor deze taken. De voorzieningen zijn verplicht, dit betekent dat het geld niet

Met voorzieningen zorgt de gemeente ervoor dat ze klaar is voor onverwachte kosten en dat geld dat bedoeld is voor specifieke zaken, zoals onderhoud van de riolering, ook echt beschikbaar is als het nodig is. Voorzieningen horen bij het vreemd vermogen, wat betekent dat het geld niet vrij besteedbaar is. Het geld kan dus niet voor andere doeleinden ingezet worden.

€ 140 € 120 € 100 € 80 € 60 € 40 € 20 €0 2024

2025

2026

2027

2028

Voor verplichtingen, verliezen en risico’s Middelen van derden waarvan de besteding gebonden is Bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven

2029

vrij besteedbaar is. Het geld kan dus niet voor andere doeleinden ingezet worden.

31

32

< INHOUD

Staat van de financiën

Investeringen

Investeringen in € mln.

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Huidige investeringen

2.138

2.031

1.932

1.841

1.758

1.680

Investeringen 2024

0

294

294

294

294

294

leiden tot bezittingen die langer dan één jaar meegaan. Daarom staan ze op de balans (onder

Investeringen 2025

0

0

334

334

334

334

de vaste activa). Er zijn twee soorten investeringen: nieuwe investeringen, waarbij iets nieuws

Investeringen 2026

0

0

0

211

211

211

wordt gerealiseerd, en vervangingsinvesteringen, waarbij bestaande bezittingen worden

Investeringen 2027

0

0

0

0

290

290

vernieuwd of vervangen. Voor investeringen gelden specifieke spelregels. Deze staan in de

Investeringen 2028

0

0

0

0

0

96

Totaal

2.138

2.325

2.560

2.680

2.887

2.905

Bij investeringen gaat het om kosten voor het kopen of maken van zaken die lang meegaan. Denk aan wegen, fietspaden, bruggen, riolering, gebouwen en voertuigen. Deze investeringen

kadernota investeren 2026. De investeringen die tot en met 2024 zijn gedaan hebben een waarde op de balans van ruim € 2 miljard. Investeringen worden gedekt met kapitaallasten (rente en afschrijving). De waarde

In het meerjarig investeringsplan (MIP) staat een uitgebreid overzicht van de geplande

van investeringen die tot en met 2024 gedaan zijn, daalt ieder jaar door afschrijvingen maar er

investeringen voor de jaren 2025 tot en met 2029. Dit overzicht is een bijlage bij de

worden ook steeds nieuwe investeringen gedaan. Voor de jaren 2025 tot en met 2029 staat er

begroting 2026-2029. Op de volgende pagina is een samenvattend figuur weergegeven

in totaal voor € 931 miljoen aan investeringen gepland. Per saldo neemt de totale waarde van

van de investeringen in het MIP.

de investeringen de komende jaren toe. Dit komt doordat de stad groeit en dus meer voorzieningen nodig heeft en doordat de investeringen duurder worden door prijsstijgingen.

Zoals te zien in onderstaand figuur vallen de meeste investeringen binnen de programma’s Onderwijs, Buitenruimte, Mobiliteit en Financiën:

De investeringsopgave van € 931 miljoen voor de jaren 2025 tot en met 2029 is fors. De afgelopen jaren hebben duidelijk gemaakt dat het een uitdaging is om deze investeringen ook

• Bij Onderwijs gaat het voornamelijk om huisvesting van onderwijsinstellingen.

daadwerkelijk volgens planning te realiseren. Vertragingen worden onder andere veroorzaakt

• Bij Buitenruimte betreft het onder andere investeringen in riolering en het

doorlangdurige bezwaar- en beroepsprocedures, beperkingen als gevolg van stikstofregel-

meerjaren­programma kunstwerken, zoals bruggen en kademuren.

geving, aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt, schaarste aan materialen en beperkte uitvoe-

• Bij Mobiliteit gaat het om parkeergarages, openbaar vervoer en fietsinfrastructuur.

ringscapaciteit bij marktpartijen. Verder geldt dat als er gekeken wordt naar de ambities dat de

• Bij Financiën betreft het de waarde van de grond die nieuw in erfpacht wordt uitge-

investeringsopgave aanzienlijk groter is dan waar de huidige budgetten in voorzien.

geven, of de waardestijging wanneer er sprake is van een heruitgifte van erfpacht. Bedragen in € mln.

€ 3.500

Duurzaamheid, Milieu en Energietransitie; € 109 Gemeenteraad; € 3

€ 3.000

Overhead; € 136

€ 2.500

Financiën; € 383

€ 2.000

Cultuur en Bibliotheek; € 102 Onderwijs; € 406

Stadsdelen, Integratie en Dienstverlening; € 23

€ 1.500

Werk en Inkomen; € 12

Stadsontwikkeling en Wonen; € 78

€ 1.000 € 500

Zorg, Welzijn, Jeugd en Volksgezondheid; € 47

Mobiliteit; € 398

€0 2024

2025

2026

2027

2028

2029

Huidige investeringen

Investeringen 2024

Investeringen 2025

Investeringen 2026

Investeringen 2027

Investeringen 2028

Economie; € 11 Sport; € 158

Buitenruimte; € 789

33

34

< INHOUD

Staat van de financiën

Samenvatting investeringen

Treasury en financiering

De investeringen die tot en met 2024 zijn gedaan hebben een waarde op de balans van ruim € 2

De treasury zorgt ervoor dat de gemeente genoeg geld op de bank heeft om aan alle

miljard. Voor de jaren 2025 tot en met 2029 staat er voor in totaal € 931 miljoen aan investeringen

betaalverplichtingen te voldoen. Als er een tekort op de bankrekening dreigt, leent de

gepland. Dit laat zien dat Den Haag een forse investeringensopgave heeft de komende jaren.

gemeente geld. Dit heet financieren. Leningen kunnen kortlopend zijn (minder dan 1 jaar)

De afgelopen jaren hebben duidelijk gemaakt dat het een uitdaging is om de geplande investe-

of langlopend (langer dan 1 jaar).

ringen ook daadwerkelijk volgens planning te realiseren. Daarnaast geldt dat als er gekeken wordt naar de ambities voor bijvoorbeeld de gebiedsontwikkelingen (Zuidwest, Binckhorst en CID), de

De treasury regelt ook alle bankzaken, zoals rekeningen bij banken. De kaders voor

investeringsopgave aanzienlijk groter is dan waar de huidige budgetten in voorzien.

de werkzaamheden van de treasury liggen vast in de verordening Treasurystatuut (RIS321497). Het betreft onder andere de financiële instrumenten die de gemeente inzet, het beheer van (tijdelijke) overtollige middelen, het verstrekken van leningen en garanties aan derden vanuit de publieke taak, het kasbeheer en de verantwoording via planning en control cyclus en de informatievoorziening

Banksaldo en leningen Begin 2026 heeft de gemeente een liquiditeitsoverschot van ongeveer € 675 mln. Dit geld moet volgens de regels bij het Rijk worden gestort (schatkistbankieren). De gemeente krijgt hier rente over, in 2026 ongeveer € 10,9 mln. Aan het eind van 2026 daalt het overschot naar verwachting naar € 300 mln. Dit komt doordat de gemeente jaarlijks leningen moet aflossen en omdat de gemeente de komende jaren verwacht meer uit te geven dan er geld binnenkomt. Dit komt vooral doordat reserves ingezet worden. Eind 2027 verwacht de gemeente op een negatief banksaldo uit te komen (zie onderstaande grafiek). Dan worden er leningen aangetrokken. In eerste instantie zal het gaan om kortlopende leningen. Langlopende leningen worden alleen afgesloten als er langdurig te weinig geld is (een langdurig negatief banksaldo). De gemeente kiest dan meestal voor lineaire leningen van maximaal 30 jaar. Bij deze leningen wordt elk jaar een deel afgelost. Zo voorkomt de gemeente dat er in één keer een groot bedrag moet worden afgelost. Door dit beleid blijven de rentekosten laag en stabiel.

35

36

< INHOUD

Staat van de financiën

Bedragen in € mln.

Verbonden partijen

€ 800 € 600

Verbonden partijen zijn organisaties waar de gemeente zowel een financieel als een

€ 400

bestuurlijk belang heeft. Via deze organisaties worden publieke taken uitgevoerd die bijdragen aan het Haagse publieke belang.

€ 200

Publiekrechtelijke verbonden partijen

€0 - € 200

2026

2027

2028

2029

Dit zijn samenwerkingsverbanden tussen overheden op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Zij voeren wettelijke taken uit namens de deelnemende gemeenten.

- € 400 - € 600

Naam verbonden partij

Wat doet deze verbonden partij in het kort

Stembelang

GGD en Veilig Thuis Haaglanden

Bevordert volksgezondheid en bestrijdt huiselijk geweld

29%

Ontwikkeling langlopende leningen

Omgevingsdienst Haaglanden

Vergunningverlening, toezicht en handhaving milieu

27%

De gemeente Den Haag heeft in 2024 voor het laatst een langlopende lening afgesloten.

Veiligheidsregio Haaglanden

Brandweerzorg en crisis- en rampenbestrijding

23%

Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden

Regelt inkoop en contractering van jeugdhulp

47,75%

Metropoolregio Rotterdam – Den Haag (MRDH)

Verbetert bereikbaarheid en economisch vestigingsklimaat

19,5%

Bedrijvenschap Harnaschpolder

Ontwikkelt en beheert bedrijventerreinen

50%

Industrieschap de Plaspoelpolder

Ontwikkelt en beheert bedrijventerreinen

50%

Eindsaldo maand liquide middelen

Nullijn (geen liquiditeitstekort/-overschot)

Omdat er nu nog genoeg geld is, verwacht de gemeente pas eind 2028 weer een nieuwe langlopende lening nodig te hebben. Voor de bestaande langlopende leningen betaalt de gemeente in 2026 ongeveer € 18,6 mln. rente. In de tabel hieronder staat hoe de rente zich ontwikkelt. Ontwikkeling langlopende leningen

2025

2026

2027

2028

2029

Gem. rentepercentage ultimo

1,29

1,27

1,27

1,26

1,25

Omvang portefeuille (* 1 mln.) ultimo

1.456

1.353

1.250

1.146

1.043

Te betalen rente (* 1 mln.) over periode

20,6

18,6

17,2

15,8

14,5

Te betalen aflossing (* 1 mln.) over periode

Privaatrechtelijke verbonden partijen

103

103

103

103

103

Dit zijn rechtspersonen zoals vennootschappen, stichtingen en coöperaties waarin de

Samenvatting treasury Begin 2026 heeft de gemeente een liquiditeitsoverschot van ongeveer € 675 mln. Dit overschot daalt de komende jaren naar verwachting doordat de gemeente jaarlijks leningen moet aflossen en omdat de gemeente de komende jaren verwacht meer uit te geven dan er geld binnenkomt. Dit komt vooral doordat reserves ingezet worden. De huidige inschatting is dat er eind 2028 mogelijk een nieuwe langlopende lening afgesloten moet worden. In 2026 heeft Den Haag € 1,35 mld. aan leningen. Hiervoor betalen we € 19 mln. aan rente. De komende jaren zal dit geleidelijk afnemen, omdat de gemeente jaarlijks € 103 mln. aflost op de leningen. Indien er weer een nieuwe lening aangetrokken moet worden, dan zullen de rentekosten toenemen.

gemeente deelneemt.

37

38

< INHOUD

Staat van de financiën

Aandelen/ stembelang

Naam verbonden partij

Wat doet deze verbonden partij in het kort

Stedin

Verzorgt transport van elektriciteit en gas; werkt aan energietransitie en warmtenetten

14,48%

United Fish Auctions (UFA)

Exploiteert visafslagen, o.a. in Scheveningen en Stellendam

34%

Haagse Milieuservices (HMS)

Verzamelt en verwerkt huishoudelijk afval

100%

BNG Bank

Verstrekt leningen aan overheden en maatschappelijke organisaties

2,29%

HTM (Personenvervoer & Railinfra)

Verzorgt tram- en busvervoer in Den Haag en regio

99,9%

Dunea

Produceert en levert drinkwater en beheert duingebied

ROM Innovation Quarter

Dividenden Voor vennootschappen geldt dat zij dividenden kunnen uitkeren. Of, en zo ja hoeveel, dividend zij kunnen uitkeren hangt af van hun financiële resultaten. In 2026 verwacht de gemeente € 14,29 mln. aan dividend. Ook voor de jaren daarna is dit bedrag geraamd. Hieronder is weergegeven om welke verbonden partijen het gaat.

Deelneming in € duizenden

begrote opbrengsten 2024

gerealiseerde opbrengsten 2024

begrote opbrengsten 2025

gerealiseerde opbrengsten 2025

begrote opbrengsten 2026

Dividend BNG

3.200

2.750

3.200

3.200

3.200

39,34%

90

34

90

128

90

Stimuleert innovatie en economische ontwikkeling in Zuid-Holland

Dividend Stadsherstel

0,39%

Dividend HMS

3.000

0

3.000

4.000

3.000

Stadsherstel Den Haag en Omgeving

Behoudt en restaureert monumentale panden

20%

Dividend HTM

0

0

3.000

0

1.500

Dividend Stedin

2.154

7.586

5.000

7.200

6.500

Starterspanden Den Haag

Exploiteert bedrijfsruimten voor startende ondernemers

50%

Totaal

8.444

10.370

14.290

14.528

14.290

GEM Vroondaal

Ontwikkelt woonwijk Vroondaal en openbaar gebied

50%

Ontwikkelingscombinatie Wateringse Veld

Heeft woonwijk Wateringse Veld en openbaar gebied ontwikkelt

50%

Wijkontwikkelingsmaatschappij Den Haag Zuidwest

Herstructureert woonwijken en realiseert woningbouw in Zuid West

42% / 50%

Wigo4IT

Ontwikkelt en beheert IT-systemen voor bijstand en armoederegelingen

25%

Holdingfonds Economische Investeringen Den Haag (HEID)

Investeert revolverend in innovatie en werkgelegenheid

100%

Gemeentelijk beleid De gemeenteraad heeft regels vastgelegd in het Beleidskader verbonden partijen (RIS317313). Hierin staat hoe de gemeente de samenwerking met haar verbonden partijen borgt en zijn uitgangspunten opgenomen voor elke fase (het aangaan, beheren en eventueel beëindigen) van de samenwerking. Het college informeert de raad elk jaar via de Jaarrapportage verbonden partijen (RIS323768). Deze rapportage is een uitgebreidere toelichting op de paragraaf ‘verbonden partijen’ in de gemeentelijke begroting en jaarrekening.

Samenvatting verbonden partijen In deze paragraaf is nader ingegaan op de verbonden partijen van Den Haag. Deze partijen voeren taken uit die bijdragen aan het Haagse publieke belang. Een aantal verbonden partijen betalen dividenden aan de gemeente. In de begroting wordt uitgegaan van jaarlijkse dividenden van in totaal € 14,29 miljoen.

39

40

< INHOUD

Financiële kengetallen

Staat van de financiën

Gemeente

Netto schuldquote

Solvabiliteit

Grondexploitatie

Structurele exploitatieruimte

Belastingcapaciteit

Den Haag

A

B

A

A

A

Amsterdam

B

B

A

A

B

deze bezittingen gefinancierd zijn. In deze paragraaf wordt de financiële gezondheid van

Rotterdam

A

B

A

C

B

de exploitatiebegroting en de balans nader geduid. Hiervoor wordt gebruikt gemaakt van

Utrecht

A

B

A

A

C

In de voorgaande paragrafen in dit hoofdstuk is ingegaan op de exploitatiebegroting en de balans. De exploitatiebegroting laat zien hoe Den Haag aan haar geld komt en waar dit geld jaarlijks aan wordt uitgegeven. De balans laat zien wat de gemeente bezit en hoe

de financiële kengetallen. De financiële kengetallen zijn voorgeschreven door het Rijk om de (ontwikkeling van de)

Netto schuldquote

financiële positie van gemeenten te kunnen volgen. Er zijn vijf kengetallen die hier samen

De verhouding tussen de schulden en de inkomsten.

een beeld van geven. Naast deze kengetallen is in het BBV ook voorgeschreven dat in de begroting en jaarrekening informatie over het weerstandsvermogen moet staan.

De netto schuldquote laat zien hoeveel schulden een gemeente heeft ten opzichte

De kengetallen en het weerstandsvermogen zijn verdeeld in twee groepen:

van de baten. Dit kengetal wordt als volgt berekend: totaal van de geleende gelden

Weerbaarheid: laat zien of de gemeente tegen een stootje kan als het financieel minder

gedeeld door de totale jaarlijkse baten.

gaat. Hieronder vallen de onderstaande kengetallen en het weerstandvermogen:

Het kengetal geeft daarmee aan hoe zwaar de schulden drukken op de financiële positie van

• Netto schuldquote

de gemeente. Hoe hoger de schuld, hoe hoger

• Solvabiliteitsratio

de netto schuldquote.

• Weerstandsvermogen • Grondexploitaties

De gemeente Den Haag heeft in 2026 een lage schuld (43%) ten opzichte van de inkomsten. Tot 90% geldt dat er sprake is van een laag risicoprofiel. Het lage risicoprofiel

Wendbaarheid: laat zien hoe snel de gemeente zich kan aanpassen aan veranderende

voor Den Haag wil zeggen dat de schulden niet zwaar op de financiën van de gemeente

omstandigheden. Hieronder vallen de kengetallen:

drukken.

• Structurele exploitatieruimte • Belastingcapaciteit In de tabel hieronder zie je een vergelijking tussen de G4-steden. De scores zijn ingedeeld in drie categorieën conform het BBV: • Groen (A) staat voor een laag risicoprofiel. • Oranje (B) voor een verhoogd risico. • Rood (C) voor het hoogste risico. Den Haag scoort bijna overal groen en staat er dus financieel goed voor. Verderop in deze paragraaf wordt elk kengetal uitgelegd.

140 120 100 80 60 40 20 0 2022

2023

2024 Den Haag

2025 Amsterdam

2026 Rotterdam

2027

2028 Utrecht

2029

41

42

< INHOUD

Staat van de financiën

Netto schuldquote

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Solvabiliteit

Netto schuldquote

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Het deel van ons bezit dat we

Den Haag

47

45

28

32

43

49

54

57

financieren met eigen vermogen.

Amsterdam

110

106

98

103

117

125

128

133

Rotterdam

22

22

29

40

53

65

67

65

Utrecht

60

69

73

84

87

89

96

103

Solvabiliteit laat zien hoeveel van het totale vermogen van de gemeente wordt gefinancierd met eigen vermogen. De berekening is als volgt:

De afgelopen jaren lag de netto schuldquote van de gemeente Den Haag tussen de 25%

het eigen vermogen gedeeld door het

en 50%. Volgens de prognose stijgt deze naar 57% in 2029. Dit komt doordat Den Haag de

totale vermogen. Bij een hoge ratio is

komende jaren naar verwachting meer geld uitgeeft dan er binnenkomt. Deze uitgaven

er veel eigen vermogen, bij een lage

worden gedekt uit de eigen reserves.

ratio veel vreemd vermogen. Hoe hoger de solvabiliteit, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. Bij een gemeente heeft solvabiliteit als los getal een beperkte betekenis. Dat komt door bewust beleid, bestemmingsreserves moeten immers besteed worden aan het doel dat de raad er aan gegeven heeft, want het oppotten van geld is onwenselijk. De kredietwaardigheid van de gemeente wordt niet bepaald door de solvabiliteit en de gemeente kan niet worden geliquideerd. De huidige solvabiliteitsratio laat zien dat de gemeente Den Haag een solvabiliteitsratio van 27% in 2026 verwacht en in categorie B (oranje) valt. Ten opzichte van de solvabiliteit in 2023 (34%) is dit een daling door de bewuste inzet van reserves. Dit betekent dat de gemeente met een solvabiliteit van 27% nog een redelijke positie heeft, maar behoedzaam moet zijn met het aangaan van nieuwe leningen en investeringen. 70 60 50 40 30 20 10 0 2022

2023

2024 Den Haag

2025 Amsterdam

2026 Rotterdam

2027

2028 Utrecht

2029

43

44

< INHOUD

Staat van de financiën

Solvabiliteit

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Weerstandsvermogen

Den Haag

32

34

33

31

27

27

26

25

Het weerstandsvermogen laat zien of de gemeente genoeg geld heeft om onverwachte

Amsterdam

48

49

48

46

44

43

42

42

problemen (zoals een crisis of een ramp) op te vangen. Het weerstandsvermogen bestaat

Rotterdam

57

58

54

47

42

40

41

42

Utrecht

38

32

25

22

20

21

20

19

uit de verhouding tussen: A De beschikbare weerstandscapaciteit: het geld waar de waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. Kortom: wat de gemeente heeft. B

De benodigde weerstandscapaciteit: alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn

De afgelopen jaren was de solvabiliteitsratio ongeveer 30%. Volgens de verwachting daalt

getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn voor de financiële positie. Kortom:

deze naar 25% in 2029. Dit blijft ruim boven de signaleringsgrens van 20% die de VNG

wat de gemeente nodig heeft.

hanteert. De daling komt doordat de gemeente bewust kiest voor de inzet van reserves. In de kadernota weerstandsvermogen (RIS320223) zijn de visie en spelregels van het weerstandsvermogen vastgelegd. Uitgangspunten hierbij zijn eenvoud, zodat keuzes uitlegbaar zijn, en stabiliteit, zodat de beschikbare weerstandscapaciteit niet bij ieder budgettair besluitvormingsmoment aangepast hoeft te worden. In de nota staat dat de beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve en de post onvoorzien en dat bij de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit alleen exogene risico’s worden opgenomen. De hoogte van de algemene reserve wordt jaarlijks bij de programmabegroting vastgesteld op 3% van de lasten in het voorgaande jaar. De hoogte van de algemene reserve wordt alleen tussentijds verhoogd als het risicoprofiel evident wijzigt in omvang (>20%) of bij een calamiteit zoals een pandemie, natuurramp of een vorm van extreem geweld. De hoogte van de algemene reserve is op dit moment € 108,3 mln. Dit is conform de spelregels van de kadernota weerstandsvermogen (3% van de gerealiseerde lasten in 2024). Met een risicomodel kijkt de gemeente wat nodig is (hoogte algemene reserve). Het risicosimulatiemodel met de exogene risico’s komt uit op € 108 mln. Dit betekent dat de buffer van Den Haag om risico’s op te vangen toereikend is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16662855/1