RIS324498 Bijlage Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk
Tekst van het document
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk
projectnummer 477813.100 definitief revisie 04 19 november 2025
www.anteagroup.nl
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 definitief revisie 04 19 november 2025
Gecontroleerd
datum 19 november 2025
beschrijving Definitief
vrijgave
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Inhoudsopgave 1.
houtwijnleiding
5
1.1 1.2 1.3 1.4
Aanleiding Ligging van het plangebied Geldende planologische regelingen Leeswijzer
5 5 6 7
2.
Beschrijving van de bestaande situatie
8
2.1 2.2 2.3 2.3.1 2.3.2 2.4
Inleiding Ontstaansgeschiedenis Ruimtelijke structuur Stedenbouwkundige structuur Verkeer en infrastructuur Functionele structuur
8 8 11 11 11 12
3.
Planbeschrijving
13
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Programma Stedenbouwkundige opzet Inrichtingsplan Bouwplan Mobiliteit
13 13 16 17 18
4.
Beleidskader
19
4.1 4.2 4.2.1 4.2.2 4.2.3 4.2.4 4.2.5 4.3 4.3.1 4.3.2 4.4 4.4.1 4.4.2 4.4.3 4.4.4 4.4.5 4.5 4.5.1 4.6 4.6.1 4.6.2 4.6.3 4.6.4 4.6.5 4.6.6 4.6.7 4.6.8 4.6.9 4.7 4.7.1 4.7.2 4.8
Inleiding Ruimtelijk beleid Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid Den Haag Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig Cultureel erfgoed Cultuurhistorische waarde Archeologie Groen Agenda Groen voor de stad Stedelijke Groene Hoofdstructuur Nota Stadsnatuur Bomen Natuurinclusief bouwen Openbare ruimte Kadernota openbare ruimte Water Europees en Rijksbeleid Provincie Hoogheemraadschap van Delfland Toekomstbestendig Haags water! Stedelijke Ecologische Verbindingszones Den Haag 2008-2018 Wateragenda Den Haag 2022-2025 Rioleringsplan Betekenis van het beleid voor het plangebied Vergunningverlening Verkeer en infrastructuur Regionaal beleid Gemeentelijk beleid Wonen
19 19 19 20 21 23 25 26 26 26 27 27 27 27 28 29 31 31 32 32 33 33 36 36 36 38 39 39 39 39 40 45
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
4.8.1 4.8.2 4.9 4.9.1 4.9.2 4.10 4.10.1 4.11
Regionale woonvisie Woonvisie Den Haag 2017-2030 Economie Algemeen: Economische Visie Den Haag+ 2030; brede economische groei in een stad zonder grenzen Kleinschalige bedrijvigheid Onderwijs, Welzijn en Maatschappelijke Zorg Welzijn en zorg Duurzaamheidsbeleid
45 45 47 47 47 48 48 49
5.
Omgevingsaspecten
53
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.7.1 5.7.2 5.8 5.8.1 5.8.2 5.9 5.10 5.11
Inleiding Milieueffectrapportage Milieuzonering Externe veiligheid Geluid Luchtkwaliteit Verkeer en parkeren Parkeren Verkeer Natuurbescherming Algemeen Onderzoek Bodem Water Bezonning
53 53 55 57 61 63 65 65 65 67 67 69 72 74 78
6.
Beschrijving uitvoerbaarheid
80
6.1 6.2
Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid
80 80
7.
Conclusie ruimtelijke en functionele inpasbaarheid
81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
1.
houtwijnleiding
1.1
Aanleiding BPD Ontwikkeling B.V. is voornemens het perceel Houtwijklaan 20 te herontwikkelen met 145 woningen en een ruimte voor een gemeenschappelijke buurtwoonkamer. Het geldende bestemmingsplan is bestemmingsplan Houtwijk. Dit bestemmingsplan is niet toereikend om de gewenste ontwikkeling mogelijk te maken. In dat kader dient met een buitenplanse omgevingsvergunning te worden afgeweken van het bestemmingsplan. Daarvoor moet een ruimtelijke onderbouwing worden opgesteld. Voorliggend rapport voorziet daarin.
1.2
Ligging van het plangebied Het project is gelegen in de Houtwijk in het stadsdeel Loosduinen. Het projectgebied ‘Nieuw Houtwijk’ ligt aan de noord-, zuid- en oostkant aan de Laan van Vredenstein en grenst aan de westkant aan de woonbebouwing aan de Laan van der Kroft.
Ligging plangebied
blad 5 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
1.3
Geldende planologische regelingen Binnen het plangebied geldt het bestemmingsplan Houtwijk, dat is vastgesteld op 27 juni 2013 en 30 augustus 2013 onherroepelijk is geworden. Per 1 januari 2024 is het bestemmingsplan onderdeel van het tijdelijk deel van het omgevingsplan van gemeente Den Haag.
Uitsnede verbeelding van huidige bestemmingsplan met daarin de plangrenzen (rode lijnen) voor het plangebied Houtwijklaan 20
Naast bestemmingsplannen, die op een specifiek plangebied van toepassing zijn, kent de gemeente Den Haag een aantal parapluherzieningen, die op heel het gemeentelijke grondgebied van toepassing zijn. Voor het plangebied zijn dat de volgende bestemmingsplannen. a. Parapluherziening (fiets) parkeren, vastgesteld 20 september 2018, geheel onherroepelijk 16 december 2018, waardoor actuele (fiets)parkeernormen in vigerende plannen worden gehanteerd. b. Parapluherziening Staat van Bedrijfsactiviteiten, vastgesteld op 20 december 2018, geheel onherroepelijk op 17 april 2019. Deze parapluherziening vervangt de Staat van bedrijfsactiviteiten bij functiemenging en op bedrijventerreinen door twee versies waarin geen 'niet-bedrijfsfuncties' zoals supermarkten, scholen en bioscopen zijn opgenomen. Door dit bestemmingsplan is de Staat van bedrijven bij functiemenging van het bestemmingsplan Houtwijk vervangen door een nieuwe. c. Parapluherziening Flitsbezorging, vastgesteld 1 december 2022, geheel onherroepelijk. Deze Parapluherziening reguleert de vestiging van nieuwe flitsbezorgdiensten via planregels gericht op het weren van flitsbezorging uit de Haagse hoofdwinkelstructuur en de gedeeltelijke herziening van een aantal bestemmingsplannen, waaronder bestemmingsplan Houtwijk.
Deze regeling heeft alleen betrekking op gronden met de bestemming Detailhandel en heeft dus geen gevolgen voor de gronden binnen voorliggend projectgebied. Het plangebied is gelegen binnen de enkelbestemming Bedrijf-2, zoals opgenomen in het bestemmingsplan Houtwijk. Deze gronden zijn bestemd voor bedrijven in de categorieën A en B van de staat van bedrijfsactiviteiten voor functiemenging, zoals opgenomen in Bijlage 2 Staat van bedrijven bij functiemenging, nutsbedrijven en parkeervoorzieningen. Deze Staat van bedrijven is zoals hierboven onder ad b is aangegeven vervangen via het bestemmingsplan Parapluherziening Staat van Bedrijfsactiviteiten. Binnen deze bestemming zijn de beoogde woningen niet toegestaan. Tevens worden (grotendeel) de maximaal toegestane goot- en bouwhoogte van respectievelijk 6 en 10 meter overschreden. Bovendien wordt deels buiten het bouwvlak gebouwd. Om de ontwikkeling mogelijk te maken wordt gebruikt gemaakt van de uitgebreide omgevingsvergunningprocedure ex artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3e van de Wabo. De aanvraag omgevingsvergunning is voor 1 januari 2024 ingediend, zodat het oude recht van toepassing is. blad 6 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
1.4
Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt de bestaande situatie beschreven en in hoofdstuk 3 de beoogde situatie. Hoofdstuk 4 gaat in op het ruimtelijk beleidskader op nationaal, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau. In hoofdstuk 5 worden de diverse omgevingsaspecten behandeld. Hoofdstuk 6 gaat in op de uitvoerbaarheid. Tot slot wordt in hoofdstuk 7 de conclusie getrokken.
blad 7 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
2.
Beschrijving van de bestaande situatie
2.1
Inleiding Om te beschrijven op welke wijze rekening wordt gehouden met de verschillende waarden in het gebied en de verhoudingen van het plangebied tot het aangrenzende gebied, worden achtereenvolgens de ontstaansgeschiedenis, de ruimtelijke structuren die in de loop van de tijd zijn ontstaan en de functionele opbouw van het plangebied beschreven.
2.2
Ontstaansgeschiedenis
Anno 1886
Houtwijk is één van de laatste binnenstedelijke uitbreidingen van Den Haag. Het plangebied behoorde van oorsprong bij het dorp Loosduinen en was ingericht als teel en tuinbouwgebied. Via de Loosduinse vaart werden de producten naar de markten gebracht in Den Haag. De Oude Haagweg (noordgrens van het plangebied) maakte deel uit van de middeleeuwse verbinding tussen 's-Gravenzande, Loosduinen en 's-Gravenhage. Langs deze weg vestigden zich boerderijen en later ook buitenplaatsen. Later ontstond hier aan de rand van de tuinbouwgronden kleinschalige lint bebouwing. Tot halverwege de 20ste eeuw was de tuinbouw maatgevend voor het gebied. Ter hoogte van bijvoorbeeld de huidige Jan le Griepweg en de G.J. van Marrewijklaan waren groenteveilingen met overslaghavens aangelegd om de producten zo efficiënt mogelijk ter bestemming te kunnen krijgen. In 1923 werd Loosduinen bij Den Haag gevoegd. Dit was aanleiding om het Uitbreidingsplan voor Den Haag van Berlage aan te passen. directeur van de Dienst Stadsontwikkeling en Volkshuisvesting, had hierbij een belangrijke inbreng. Voor de kom van Loosduinen werd in 1927 door de Dienst Stadsontwikkeling en Volkshuisvesting een uitbreidingsplan gemaakt. De bouwactiviteiten nabij de dorpskern hadden vooralsnog een uitgesproken kleinschalig karakter.
Ten noordoosten van de dorpskom van Loosduinen werd in de periode tegen het eind van de jaren twintig de Burgemeestersbuurt gebouwd, begrensd door de Burgemeester Hovylaan en de Oude Haagweg. Dit 'wijkje' kent een recht stratenpatroon met als stedenbouwkundig accent het Burgemeester Françoisplein.
blad 8 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Direct na de tweede wereldoorlog ontstond onder druk van de woningnood een felle discussie over het al dan niet handhaven van de tuinbouw op gronden rond de dorpskern van Loosduinen. In de jaren '50 werd overeenstemming bereikt over het bebouwen van de gebieden Leyenburg en Oud Waldeck. In de jaren '60 vertrokken de overgebleven tuinders alsnog naar andere gebieden (zoals het Westland en Madestein) waardoor ook de gebieden Kraayenstein en Houtwijk voor woningbouw benut konden worden. In 1972 kwam daar ook het gebied Nieuw Waldeck bij. De Burgemeestersbuurt werd een onderdeel van de nieuwe wijk Houtwijk, die zijn naam dankt aan de Houtweg. De Houtweg was een landweg die vanaf de toenmalige Stationsweg (nu Lippe Biesterfeldweg) liep naar de plek waar nu het Leyenburgziekenhuis staat. Deze weg vormde de ader van het nieuwe Houtwijk. Inmiddels is de Houtweg geen weg meer, maar een geasfalteerd fietspad. In 1967 werd de naam Houtweg gewijzigd in Kapelaan Meereboerweg. Dat was omdat de gemeente Den Haag, waar Loosduinen op dat moment al decennia onder viel, zelf ook al een Houtweg had (vlakbij de Hooigracht, hartje centrum). Om praktische redenen werd besloten om Houtwijk gefaseerd uit te voeren aan de hand van zeven deelplannen. De ontwerpers gingen ervan uit dat elke buurt op zich een eenheid moest vormen maar gezamenlijk weer één geheel.
De afwisseling in buurten probeerde men te bereiken met verschillende dichtheden, bouwhoogten en woningtypen. Omdat het eerste deelplan geen samenhangend plan opleverde, werd de aanpak gewijzigd. De 'buurtgedachte' werd minder van belang voor de uitwerking van de deelgebieden en bepaalde alleen de volgorde van realisatie. Verder diende meer richting te worden gegeven aan de architecten door middel van vormgeving van de openbare ruimte. De stedenbouwkundig ontwerpers streefden een beeld na van gesloten structuren en lange straten. Dit streven kwam voort uit de waardering voor typische Haagse straten als in de Indische buurt en latere wijken. Hiertoe werd een verkaveling ontwikkeld waarbij de bouwblokkenvorm (bouwhoogte, gestapeld, laagbouw, etc.), groen- en waterstroken werden vastgelegd. Een belangrijk thema was de duidelijke scheiding tussen openbaar en privé: een primaire erffunctie voor de straten en een duidelijke openbare en privé-zijde bij de woningen. Andere elementen waren de winkels, drie sportvelden, twee wijkparken met uitlopers tot in de wijk, het voormalige woonwagencentrum aan de Escamplaan, bedrijfslocaties op de Kerketuinen (de twee laatstgenoemden buiten het plangebied), scholen en het verlengde van de Dedemsvaartweg die de wijk doorsnijdt. Bij het ontwerpen van de wegenstructuur stond een snelle afwikkeling van de auto voorop.
Daartoe zijn er veel ontsluitingswegen vanaf de randen van de wijk geprojecteerd die overgaan in een netwerk van gelijkwaardige wegen. De hiërarchie zou door de gebruikers bepaald worden maar het weefsel werd zo opgezet dat zich nergens knelpunten hoefden voor te doen. In de verkeerssituatie beoogde men tegelijkertijd volledige prioriteit aan de fietser en voetganger te geven. Houtwijk is ontwikkeld in de periode waarin een discussie binnen de stedenbouw begon als reactie op de 'nieuwe truttigheid' in de architectuur en de organische en quasi-dorpse 'bloemkool-stedenbouw' zoals dat in nieuwbouwwijken, zoals Nieuw Waldeck, werd bedreven. In Houtwijk is de wegenstructuur en de groenvoorziening groter en functioneler, alsmede meer sober en functioneel ingericht. Door de bebouwing is er weinig meer te zien van de oude landerijen en fabriekjes, maar de sloten zijn er gedeeltelijk nog wel. Behalve de burgemeestersbuurt kent de wijk maar weinig gebouwen van voor de jaren '70 van de vorige eeuw. Alleen de tuindershuizen aan de Leyweg en het kantoorgebouw van Vredestein zijn nog intact gebleven. Hieronder is de bestaande situatie weergegeven.
blad 9 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Bestaande situatie
blad 10 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
2.3
Ruimtelijke structuur
2.3.1
Stedenbouwkundige structuur Houtwijk, onderdeel van stadsdeel Loosduinen, bestaat uit twee delen (doorsneden door de Houtwijklaan) en is onderverdeeld in acht buurten, die zich alleen onderscheiden door de straatnamen en niet door bebouwing.
1= Vredestein, 2= Architectenbuurt, 3= Mensenrechtenbuurt, 4= Burgemeestersbuurt 5= Verzetsheldenbuurt, 6= Historicibuurt, 7= Kunstenaarsbuurt, 8= Raadsledenbuurt
Het plangebied, met een blauwe cirkel weergegeven in bovenstaande figuur is onderdeel van de buurt Vredestein die bestaat uit de Laan van der Kroft, vernoemd naar de vroegere eigenaren van de grond en de Laan van Vredestein. Aan deze laan stond de gelijknamige boerderij, waarin later de rubberbandenfabriek werd gevestigd. In het bijbehorende kantoorgebouw was daar tot een jaar geleden de zorgverzekeraar Azivo gevestigd. De buurt wordt aan de oost- en zuidkant door een groenstrook gescheiden van de Architectenbuurt. De Architectenbuurt bestaat uit huizen die in de beginjaren '80 van de 20e eeuw zijn opgeleverd. De straatnamen zijn vernoemd naar bekende architecten die gebouwen in Den Haag ontworpen hebben zoals Hendrik Petrus Berlage (Architect Berlagelaan) en Karel de Bazel (Architect de Bazelstraat). Aan de westkant ligt aan de overzijde van de Houtwijklaan de Kunstenaarsbuurt. In deze buurt ligt het winkelcentrum Houtwijk aan beide zijden van een grachtje met een winkelpassage. Het winkelcentrum heeft twee supermarkten en enkele speciaalzaken. Het centrum moet concurreren met het grotere en dichtbij gelegen centrum van Loosduinen. Hierdoor staan een aantal ruimten leeg. De huizen zijn eveneens in de jaren tachtig gebouwd. De straten zijn vernoemd naar kunstenaars en kunstverzamelaars.
Door de aanwezige parkjes, het wijkpark Bokkefort en begroeide stukken grond is dit een groene buurt. In de wijk staan twee basisscholen.
2.3.2
Verkeer en infrastructuur Gemotoriseerd verkeer Het plangebied wordt ontsloten vanaf de Houtwijklaan, die aantakt op de Escamplaan en de Oude Haagweg. De belangrijkste aanvoerroute naar het gebied vanuit het oosten (vanaf rijksweg A4) is de route Wippolderlaan – Lozerlaan – Escamplaan. De Escamplaan, Margaretha van Hennebergweg, Oude Haagweg, Houtwijklaan en de Leyweg hebben een gebiedontsluitende functie. Openbaar vervoer Door de Houtwijk rijdt tram 2 over de Oude Haagweg. Buslijnen 21, 23, 26, 31, 34, 35, 36, 86 en 427 doorkruisen de wijk.
blad 11 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Langzaam verkeer De wijk is ingericht conform Duurzaam Veilig als een 30 km/uur zone. Door de Houtwijk loopt een hoofdfietsroute over de Escamplaan. Secundaire hoofdfietsroutes bevinden zich op de Oude Haagweg, Houtwijklaan en de Leyweg. In het gebied is betaald parkeren ingevoerd. In straten waar onvoldoende ruimte is om op de rijbaan te parkeren zijn waar nodig parkeerverboden ingevoerd. Groen Op het niveau van de Houtwijk zijn verschillende groenvoorzieningen te vinden. Op het schaalniveau van de stad zijn de bomenrijen langs de Houtwijklaan, Escamplaan (ten zuidwesten van de Houtwijklaan) en Oude Haagweg (ten noordoosten van de Houtwijklaan) belangrijk. Deze zijn onderdeel van de stedelijke groene hoofdstructuur. Voor wat betreft het plangebied geldt, dat het gebied grotendeels verhard is. Bij de bestaande parkeerplaatsen is er zeer beperkt sprake van beplanting. Er zijn enkele solitaire bomen aanwezig. Water In het plangebied zijn geen sloten/watergangen of ander oppervlaktewater aanwezig Bodem In relatie tot de bodem is relevant dat het plangebied voormalig agrarisch gebied met glastuinbouw betreft en momenteel bestaat uit een bedrijfsruimte van het vervoersbedrijf Connexxion.
Uit de bodemkwaliteitskaart van de gemeente Den Haag blijkt dat de bovengrond (0 tot een halve meter beneden maaiveld) in het plangebied gemiddeld matig verontreinigd is met cadmium, koper, kwik, lood, zink en PAK (teerachtige stoffen) en licht verontreinigd met arseen en chroom. De ondergrond (0,5 tot 2,0 meter beneden maaiveld) is gemiddeld matig verontreinigd met nikkel en licht met arseen, cadmium, chroom, koper, kwik, lood, zink en PAK. Het gebied kan derhalve geheel als verdacht worden aangemerkt. In het gebied is geen grondverzet mogelijk op basis van de bodemkwaliteitskaart. Kabels en leidingen In het plangebied bevinden zich de reguliere kabels en leidingen.
2.4
Functionele structuur Het plangebied heeft de bestemming Bedrijf - 2. Deze bestemming staat bedrijven toe in de categorieën A en B van de staat van bedrijfsactiviteiten voor functiemenging, zoals opgenomen in Bijlage 2 Staat van bedrijven bij functiemenging van de planregels. Bedrijfsactiviteiten uit categorie A zijn bedrijfsactiviteiten die direct naast of beneden woningen/andere gevoelige functies zijn toegestaan. De activiteiten zijn zodanig weinig milieubelastend dat de eisen uit het Bouwbesluit toereikend zijn. Bedrijfsactiviteiten categorie B zijn activiteiten die direct naast of beneden woningen/andere gevoelige functies in een daarvoor omschreven gebied zijn toegestaan, echter bouwkundig afgescheiden van woningen/andere gevoelige functies. Bouwkundig afgescheiden betekent dat de panden los van elkaar dienen te staan. Uitzondering hierop vormen binnenterreinen omringd door voornamelijk woningen: ook al zijn bedrijven bouwkundig afgescheiden van woningen, op deze locaties. De gronden direct ten noorden van het plangebied zijn ook als zodanig bestemd. Aan de zuid-, west- en oostkant zijn woningen aanwezig.
blad 12 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
3.
Planbeschrijving
3.1
Programma De ontwikkeling Houtwijklaan 20 bevat het volgende programma: 51 appartementen (sociale huur); 57 appartementen (waarvan 51 middenhuur)1; 37 dek- en tuinwoningen woningen (koop); een gemeenschappelijke buurtwoonkamer van circa 77 m2; ruimte ten behoeve van parkeren (117 parkeerplaatsen, inclusief twee deelauto’s) en overige voorzieningen als groen en toegangspaden.
3.2
Stedenbouwkundige opzet Uitgangspunten Het bouwplan (zie paragraaf 3.4) is gebaseerd op een rationeel orthogonale structuur, geïnspireerd op de structuur van de oorspronkelijke tuinderij. Het plan voorziet in de vraag naar wonen voor een brede groep aan woningzoekenden: eengezinswoningen met atelierruimte voor gezinnen en appartementen voor starters en kleine huishoudens. Tevens is er in het dit plan ruimte voor een ‘buurtkamer’, ten behoeve van ontmoeting en activiteiten voor en met buurtgenoten. De publieke ruimte is autovrij, waarbij het parkeren van auto’s geclusterd is in parkeerpockets aan de randen van het plangebied. De ruimte tussen de gebouwen is typologisch geduid als ‘Tuinpad’. De oost-west lopende paden komen uit op een noord-zuid pad. Dit pad verbindt de buurt met het omliggende netwerk van publieke ruimte. Ruimtelijke structuur De hierbovengenoemde uitgangspunten zijn vertaald in de volgende ruimelijke stuctuur. Omsloten randen Het plangebied wordt helder begrensd door achter-, en zijgevels van grondgebonden woningen. De geleidelijke groei van Den Haag in de tijd, heeft er toe geleidt dat ‘de stad’ de locatie als het ware heeft opgenomen in haar weefsel. Door de activiteiten op het terrein zijn de omliggende woningen met ‘de rug’ naar het plangebied toe georiënteerd.
Orthogonaal grid als basis De analyse uit de visie laat zien dat voordat de bandenfabriek, en later Connexxion, op de locatie vestigde, de gronden lange tijd in gebruik zijn geweest als tuinderij, waar voedsel voor de inwoners van de stad werden gekweekt. Dit gebeurde in plantbedden die van elkaar werden gescheiden door rechte paden, resulterend in een netwerk van tuinpaden. Tuinpaden Deze autovrije paden nodigen uit om de publieke ruimte te gebruiken. Door de afwezigheid van autoverkeer ontstaat hier ruimte voor spelen en spontane interactie met de buren. Tevens wordt door de afwezigheid van gemotoriseerd verkeer de benodigde hoeveelheid verharding drastisch minder. Met als resultaat meer ruimte voor het vergroenen van de buurt. Dit groen zal dusdanig worden ontworpen, dat het meerdere doelen zal dienen. Waaronder het effectief vergroten van de biodiversiteit, het reduceren van hitte-stress, het vasthouden en bergen van hemelwater en het vergroten van de verwondering en bewustwording van de (toekomstige) bewoners met planten en dieren.
1
huurwoningen met een aanvangshuurprijs van ten minste het bedrag, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag, en ten hoogste de maximale huurprijs behorende bij 186 punten op grond van de waardering van de kwaliteit als bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte.
blad 13 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Parkeren Auto’s worden geparkeerd in compacte clusters. Deze clusters worden direct aangesloten op het omliggende netwerk van straten. Hierdoor wordt het centrale deel van het plan vrijgehouden van gemotoriseerd verkeer. Bouwvelden Tussen de tuinpaden liggen de bouwvelden. Binnen deze velden zal plek zijn voor een mix van woningtypologieën. Met zowel eengezinswoningen als appartementen. Bouwvolume De bouwvolumes in de bouwvelden verschillen van hoogtes. De verschillende bouwhoogtes zijn een resultante van de zorgvuldige afstemming van de wensen en belangen van de direct omwonenden. Bouwhoogte zijn hierdoor nabij de omliggende woningen gereduceerd. De hogere volumes zijn aan de centrale groene as gepositioneerd. Met als resultaat dat deze zone stedenbouwkundig het primaat krijgt die het verdient. Plekken Het doel van de transformatie van de locatie naar een woongebied, is de toekomstige bewoners een thuis te geven. In onze gedachten begint dit thuis niet achter de voordeur. Juist het prettig verblijven in de publieke ruimte draagt bij aan het gevoel van thuis in de buurt. Om die reden is de publieke ruimte ook ontworpen als een ‘interieur’, waar de verschillende vormen van gebruik op een geheel vanzelfsprekende plek zijn gesitueerd.
Omsloten randen
Orthogonaal grid als basis
Tuinpaden
Bouwvelden
Bouwvolumes
Plekken
Parkeren
Publieke ruimte Visie Met het autovrij maken van de centrale ruimte van het plangebied, ontstaat er ruimte voor ontspanning. De inrichting van de publieke ruimte heeft als doel om bij te dragen aan het gevoel van ontspanning. Het ontwerp is er om die reden ook op gericht op de juiste plekken in het plan goed te kunnen verpozen en zijn routes van A naar B aangenaam en comfortabel. Waarbij de openbare ruimte zowel doelmatig als inspirerend wordt ervaren. Beplanting, verharding en straatmeubilair dragen gezamenlijk bij aan de beoogde sfeer. Daarnaast vervult de openbare ruimte ook nog een aantal systeemdiensten. Het ‘natuur inclusief’ engineren van deze systemen zal resulteren in een toekomstige woonbuurt in balans met de natuur.
blad 14 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Uitgangspunten inrichting De visie is vertaald in een aantal uitgangspunten voor de inrichting van de publieke ruimte Verhardingen • Op routes verharding minimaliseren, waar mogelijke halfopen verharding/bestrating toepassen. • Op plekken doelmatige verharding, passend bij het gewenste gebruik; • Parkeren op halfopen verharding. • Autovrij, geeft ruimte voor ontmoeting • Inrichting ten dienste van klimaat en natuur Beplanting De beplantingskeuzes bepalen in welke mate de natuurlijke omgeving kan uitgroeien tot een robuuste en biodiverse groenstructuur. De beplanting zal worden afgestemd op een aantal te selecteren doelsoorten. Naast de ecologische systeemdiensten van de beplanting zal de beplanting ook de sfeer van de plek bepalen. Zeker ook met de wisselende jaargetijden. Het ontwerpen met bloesem in het voorjaar en schaduw onder een bladerdek in de zomer zijn nadrukkelijk ingrediënten voor het ontwerp. Waterberging In de openbare ruimte is ruimte voor het verlagen van het maaiveld, ten behoeve van het tijdelijk opvangen van hemelwater. Deze groene ‘waterbuffers’ bieden goede mogelijkheden voor het creëren van natuurlijke diversiteit. Spelen Het autovrij-maken van de centrale ruimte van de buurt geeft kinderen een schat aan spelmogelijkheden en aanleidingen. Het is niet voor niets dat autovrije straten tegenwoordig ook wel ‘speelstraten’ worden genoemd.
Naast de geboden ruimte op de tuinpaden zal er centraal in de buurt ook een speelplein komen. Dit speelplein vormt een integraal onderdeel van de sfeer van de openbare ruimte. • De te plaatsen speelobjecten zijn sculpturaal; • De valondergrond is robuust en in kleur en textuur uitnodigend voor ‘fantasie-spelen’; Meubilair Onderdeel van het plan is het faciliteren van spontane en ongedwongen ontmoetingen in de openbare ruimte. Naast spelen dient er ook voldoende en goede gelegenheid te zijn om te zitten en te verblijven. Het karakter van deze banken moet aansluiten bij de sfeer van de gehele inrichting van de openbare ruimte. In stedelijk gebied liggen publieke ruimtes en private ruimte dicht bij elkaar. Juist in deze situaties is het gewenst om een overgangszone te hebben tussen wat daadwerkelijk publiek wordt gebruikt en wat men als echt privé beschouwt (achter de voordeur). De ruimte tussen deze twee wordt ook wel ‘encroachment zone’ genoemd. In de Hollandse stad vaak ingevuld als ‘stoep’. Deze zone borgt de gewenste afstand tot privé ruimtes. Waardoor men niet direct langs de gevel loopt. Tevens biedt de stoep ook ruimte voor uitnodiging, doordat de inrichting hiervan onderdeel van de toegang tot de woning vormt. Een fraai ingerichte stoep, vertelt wie er achter de voordeur woont. De eengezinswoningen krijgen een ‘stoep’ zone.
Deze privé ruimte wordt gemarkeerd door robuuste (houten) palen (bij voorkeur gefabriceerd van de spanten uit de voormalige loodsen). Tussen de afzonderlijke woningen is de stoep ingericht met planting. Welke tevens via draden langs de gevel kunnen worden geleidt. Voor het raamkozijn is er de optie deze zone te bestraten of ook in te richten als plantenborder
blad 15 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
3.3
Inrichtingsplan Bovengenoemde visie en uitgangspunten hebben geleid tot onderstaand inrichtingsplan voor de openbare ruimte.
Inrichtingsplan
blad 16 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
3.4
Bouwplan De appartementen zijn ondergebracht in meerdere woongebouwen. De 37 dek- en tuinwoningen (grondgebonden woningen) zijn in blok 1, 4 en 5 geprojecteerd. De 51 sociale huurappartementen en de buurtwoonkamer in blok 3 en de 57 appartementen in de huur in blok 2.
Blok 3 Blok 4
Blok 2
Blok 5
Blok 1
Beoogde situatie
De collectieve ruimte in de vorm van een buurtwoonkamer bevindt zich op de begane grond van het noordelijke gebouw, i.c. blok 3 (weergegeven met een rode contour in bovenstaand figuur). De inrichting tussen de bebouwing bestaat uit parkeerplaatsen, groenvoorzieningen en wandel- en toegangspaden. Voor de architectuur geldt als uitgangspunt een samenhangende buurt met een sterke identiteit te realiseren, waarbij de buurt één architectuurbeeld heeft, dat voortkomt uit de historie van de plek en de samenhang tussen volume, plasticiteit, kleur/materiaal en details resulteert in een eigentijds, stoer en robuuste uitstaling: één familie van ‘industriële’ gebouwen. Hieronder zijn een aantal impressies opgenomen.
blad 17 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Blok 1 vanuit zuidoost
Blok 2 vanuit noordoost
Blok 3 vanuit zuid
Blok 4 vanuit noordwest
Blok 5 vanuit zuidwest
Parkeren vindt plaats op maaiveldniveau. Er worden 44 parkeerplaatsen onder een dek gerealiseerd in blok 1. Daarnaast zijn er 73 parkeerplaatsen in de openbare ruimte, waarvan 2 parkeerplaatsen voor deelauto’s (zie ook paragraaf 5.7.1). De ontsluiting van het plangebied gaat via de noordkant (noordelijk deel van de Laan van Vredestein) direct op de Oude Haagweg. Aan de zuidwestkant ontsluit het plangebied via de Houtlaan (zie ook paragraaf 5.7.2).
3.5
Mobiliteit Het plangebied heeft een goede bereikbaarheid. Rijksweg A4 (Rotterdam - Amsterdam) is gelegen op 10 minuten afstand met de auto. Er bevindt zich een bushalte direct ten westen van het plangebied aan de Houtwijklaan waar meerdere buslijnen stoppen, waardoor de locatie tevens goed bereikbaar is met openbaar vervoer. De Houtwijk wijk is ingericht conform Duurzaam Veilig als een 30 km/uur zone. Door de Houtwijk loopt een hoofdfietsroute over de Escamplaan. Secundaire hoofdfietsroutes bevinden zich op de Oude Haagweg, Houtwijklaan en de Leyweg. De afstand tot het centrum van Den Haag is circa 5 kilometer en is in 15 minuten te bereiken met de auto en in 20 minuten met de fiets.
blad 18 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
4.
Beleidskader
4.1
Inleiding Dit hoofdstuk geeft het beleidskader dat op dit bouwplan van toepassing is weer. In het geldende beleidskader zijn twee soorten beleid te onderscheiden: ruimtelijk en sectoraal beleid. Voor het voorliggende plan Nieuw Houtwijk zijn de thema's die in de onderstaande paragrafen worden behandeld van toepassing. Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat op grond van artikel 4.3, aanhef en onder a, Invoeringswet Omgevingswet (“IwOw”) op een vóór 1 januari 2024 ingediende aanvraag het recht van toepassing blijft zoals dat gold onmiddellijk vóór het tijdstip van inwerkingtreding van de Ow. Dat geldt voor het rijksbeleid maar bijvoorbeeld ook voor de provinciale ruimtelijke verordening. Provinciale verordeningen zijn te typeren als ‘recht’ in de zin van artikel 4.3 IwOw, waardoor de verordening, zoals die geldt ten tijde van de aanvraag van toepassing blijft op voorliggende aanvraag.
4.2
Ruimtelijk beleid
4.2.1
Rijksbeleid Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. Hierbij hoort een rijksbrede visie op de leefomgeving; de Nationale Omgevingvisie (NOVI), die de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte heeft vervangen. In de NOVI zijn 21 nationale belangen en opgaven benoemd, waarbij de volgende vier prioriteiten worden onderscheiden: 1. Ruimte voor Klimaatadaptatie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio's; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Bij het kiezen tussen strijdige ruimtelijke belangen worden drie afwegingsprincipes gehanteerd: combinatie van functies gaat voor enkelvoudige functies; kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; afwentelen wordt voorkomen. Bij vaststelling is in de NOVI ook een uitvoeringsagenda opgenomen. Samen met de regio's wil het rijk samenwerkingsafspraken opnemen in Gebiedsagenda's. Het abstractieniveau van de NOVI is van een andere orde dan de thema's die in het plangebied spelen. Toch kan gesteld worden dat dit bestemmingsplan aansluit bij de uitgangspunten uit de NOVI. Ladder voor duurzame verstedelijking De 'ladder voor duurzame verstedelijking' is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte geïntroduceerd en vastgelegd als procesvereiste in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro).
Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Verantwoord dient te worden dat er behoefte is aan nieuwe ruimte voor woningen, werken, detailhandel en voorzieningen. Deze behoefte moet blijken uit een regionaal afgestemd programma en de afspraken gemaakt in Haaglandse gemeenten in een Regionaal Structuurplan 2020. Het Bro bepaalt dat voor buitenplanse omgevingsvergunningen de treden van de ladder moet worden doorlopen. Een ruimtelijke onderbouwing van een buitenplanse omgevingsvergunning die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. De ontwikkeling die met voorliggend bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt vindt plaats in bestaand stedelijk gebied. De behoefte aan de ontwikkeling moet inzichtelijk worden gemaakt. Den Haag kampt met een enorme woningnood. Daarnaast groeit Den Haag de komende jaren met 4.000 tot 5.000 inwoners per jaar.
Dit bouwplan maakt de ontwikkeling mogelijk van 145 woningen, waarbij de locatie wordt benut door het plangebied te herstructureren en te intensiveren binnen bestaand stedelijk gebied. Het bestemmingsplan blad 19 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
voorziet hiermee voor een deel in de woningbehoefte. Daarbij wordt met de realisatie van 51 sociale huurwoningen en 51 middeldure huurappartementen mede ingespeeld op de vraag naar sociale en middeldure huurwoningen. De woningmarkt van Den Haag staat sterk onder druk, met name huishoudens met een middenof laag inkomen hebben veel moeite om een geschikte woning te vinden. Het bouwplan maakt mede deze woningen mogelijk en voldoet daarmee aan de behoefte aan het soort woningen. In de regio is sprake van een overaanbod van suburbane woonmilieus en een aanzienlijk tekort aan stedelijke en dorpse milieus. Het is wenselijk om voorrang te geven aan binnenstedelijke woningbouw ten opzichte van 'bouwen in het weiland'. Het plan voldoet aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening De Wet ruimtelijke ordening geeft aan de regering de mogelijkheid om bij algemene maatregel van bestuur (AmvB) regels te geven waarmee gemeenten bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening moeten houden. Het gaat daarbij niet alleen om procedureregels maar ook om de inhoud van bestemmingsplannen. Op 30 december 2011 is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) in werking getreden (Stb. 2011, 391).
Bij het vaststellen van bestemmingsplannen, wijzigings- of uitwerkingsplannen maar ook bij projectuitvoeringsbesluiten (Crisis- en herstelwet) moeten gemeenten rekening houden met het Barro. Een aantal projecten dat de regering van Rijksbelang vindt, wordt met het Barro dwingend geborgd in bestemmingsplannen of in andere ruimtelijke plannen van lagere overheden. De projecten worden benoemd en middels digitale kaarten ingekaderd. Per project worden regels gegeven waaraan bestemmingsplannen moeten voldoen. Voor Den Haag zijn de binnen de gemeente gelegen militaire terreinen met de daarbij behorende zend- en ontvangstinstallaties, en het Kustfundament van belang. In 2016 is een Besluit tot wijziging van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening in verband met de herziening van de Beleidslijn kust en enige andere wijzigingen van kracht geworden. Volgens het Barro zijn er voor de locatie Nieuw Houtwijk geen projecten van Rijksbelang aanwezig waarmee rekening moet worden gehouden.
4.2.2
Provinciaal beleid Omgevingsvisie Zuid-Holland Met het oog op de invoering van de Omgevingswet heeft de provincie Zuid-Holland al het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving gebundeld in een Omgevingsvisie, Omgevingsverordening en bijbehorende programma's. De Omgevingsvisie is op 1 april 2019 in werking getreden en geldt als structuurvisie. Naast de beleidskeuzes bevat de visie een beschrijving van de ruimtelijke hoofdstructuur van de provincie Zuid-Holland en de omgevingskwaliteit. De Omgevingsvisie omvat de volgende wettelijk verplichte plannen: de provinciale ruimtelijke structuurvisie, artikel 2.2 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro); het milieubeleidsplan, artikel 4.9 van de Wet milieubeheer (Wm); het regionale waterplan, artikel 4.4 van de Waterwet (Ww); het verkeers- en vervoersplan, artikel 5 van de Planwet verkeer en vervoer; de natuurvisie, artikel 1.7 van de Wet natuurbescherming (Wnb). De provincie wil met haar omgevingsvisie een uitnodigend perspectief bieden, zonder een beoogde eindsituatie te schetsen. Daarom omvat de Omgevingsvisie geen eindbeeld voor 2030 of 2050, maar wel ambities die voortkomen uit actuele maatschappelijke opgaven. De provincie ziet zes richtinggevende ambities in de fysieke leefomgeving.
Deze zijn: Naar een klimaatbestendige delta Naar een nieuwe economie: the next level Naar een levendige meerkernige metropool Energievernieuwing Best bereikbare provincie Gezonde en aantrekkelijke leefomgeving
blad 20 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Omgevingsverordening Zuid-Holland De provinciale Omgevingsverordening als bedoeld in artikel 4.1 Wet ruimtelijke ordening is per 1 april 2019 in werking getreden en vertaalt het beleid uit de Omgevingsvisie in regels. Deze regels zijn bindend voor gemeentelijke bestemmingsplannen en daarmee gelijkgestelde ruimtelijke plannen. De verordening bevat onder andere regels omtrent de toepassing van de ladder voor duurzame verstedelijking voor stedelijke ontwikkelingen, de aanwijzing van kantorenlocaties, het opnemen van bedrijfsbestemmingen en de bescherming van natuurgebieden. De ontwikkeling op deze locatie is een stedelijke ontwikkeling als genoemd in artikel 6.10 van de verordening. Voor toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking wordt verwezen naar paragraaf 4.2.1. Op grond van artikel 6.9 (Ruimtelijke kwaliteit) van de provinciale verordening kan een buitenplanse omgevingsvergunning voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling, onder de volgende voorwaarden ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit: 1. De ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, voorziet geen wijziging op structuurniveau, past bij de aard en schaal van het gebied en voldoet aan de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart (inpassen). 2.
Als de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, maar wijziging op structuurniveau voorziet (aanpassen), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft door: a. Zorgvuldige inbedding van de ontwikkeling in de omgeving, rekening houdend met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart, en b. Het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen zoals bedoeld in het derde lid 3. Als de ruimtelijke ontwikkeling niet past bij de bestaande gebiedsidentiteit (transformeren), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit van de nieuwe ontwikkeling is gewaarborgd door: a. Een integraal ontwerp, waarin behalve aan de ruimtelijke kwaliteit van het gehele gebied ook aandacht is besteed aan de fysieke en visuele overgang naar de omgeving en de fasering in ruimte en tijd, alsmede rekening is gehouden met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart, en b. Het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen zoals bedoeld in het derde lid. Voor het bouwplan geldt, dat deze past binnen de voorwaarden zoals gesteld onder punt 1. De Zuid-Hollandse Omgevingsverordening geeft aan dat bedrijventerreinen niet meer getransformeerd mogen worden naar andere functies.
Voor een aantal bedrijventerreinen geldt de overgangsregeling, onder andere daar waar een bestuurlijke overeenkomst voor is opgesteld. Bedrijventerrein Houtwijklaan valt onder een bestuurlijke overeenkomst, te weten de Bestuursovereenkomst Binckhorst) en op basis daarvan wordt dus aan de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening voldaan. In de Bestuursovereenkomst Binckhorst zijn afspraken gemaakt tussen de gemeente en de provincie over de compensatieopgave en over de ontwikkeling van het bedrijventerrein GAVI-kavel. Door de ontwikkelingen op de Binckhorst zal een areaal van 4,6 hectare aan bedrijvigheid planologisch komen te vervallen. Dit wordt planologisch gecompenseerd op de GAVI-kavel. Het surplus op de GAVI-kavel wordt ingezet voor andere (transformatie)projecten, waaronder het bedrijventerrein Houtwijklaan waarop het voorliggende project Nieuw Houtwijk is geprojecteerd. Op het GAVI-terrein wordt de 1,2 van het bedrijventerrein Houtwijklaan gecompenseerd. Hierbij verwijzen we naar de Voorgangsbrief Bestuursovereenkomst Binkhorst d.d. 18 september 2025 die als losse bijlage bij de aanvraag is bijgevoegd. De provincie is akkoord met deze brief.
4.2.3
Regionaal beleid Algemeen De metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) heeft de taken overgenomen van het in 2015 opgeheven Stadsgewest Haaglanden De MRDH is een samenwerkingsverband van 23 gemeenten die hun krachten bundelen om het gebied beter bereikbaar te maken en het economisch vestigingsklimaat te versterken. De MRDH werkt vanuit twee agenda's: de Strategische Agenda MRDH 2022- Samen aan het werk (verder Agenda) en de Strategische Bereikbaarheidsagenda Vervoersautoriteit. Voorts is het Investeringsprogramma voor een Economisch sterke regio richtinggevend. MRDH heeft het Investeringsprogramma samen met de Provincie ZuidHolland, de Economische Programmaraad Zuidvleugel en de regio's Holland-Rijnland en Drechtsteden opgesteld. Vanuit de focus op het vernieuwen van de economie en het verbeteren van de bereikbaarheid werkt blad 21 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
MRDH aan de ruimtelijk-economische versterking van de regio en het verhogen van het welzijn en de welvaart van haar inwoners. In 2016 is de Roadmap next economy samengesteld. Dit is een langetermijnvisie op een duurzame en concurrerende economie in de metropoolregio. Hierin zijn ambities geformuleerd, zoals het stoppen van CO2uitstoot, hergebruiken van afval, permanent leren en een maatschappij waar iedereen aan deel kan nemen. Deze ambities zijn inmiddels in de Agenda verwerkt. Volgens de Agenda zet de metropoolregio zich in voor: 1. verbetering van de (internationale) bereikbaarheid van de metropoolregio; 2. economische vernieuwing; 3. transitie naar toonaangevende duurzaamheid; 4. attractiviteit van de regio. Binnen de pijler economie zijn diverse doelen bepaald die het vestigingsklimaat verbeteren voor high tech bedrijvigheid en innovatie (campussen netwerk), maar ook voldoende ruimte biedt voor maakindustrie (terugdringen van werkloosheid). Door investeren in recreatie en groen wordt de regio niet alleen gezonder, maar ook aantrekkelijker voor talent. Het mobiliteitsbeleid richt zich niet alleen op het hoge schaalniveau, zoals het versterken en verduurzamen van (macro)regionale en intraregionale verbindingen. Er wordt geïnvesteerd in veiligheid, in een betere bereikbaarheid van woon- en werklocaties en in snel, efficiënt en flexibele deur tot deur oplossingen.
Het bouwplan Nieuw Houtwijk is in overeenstemming met het regionaal beleid, zoals verwoord in de Agenda. Regionale woonvisie De negen gemeenten in de regio Haaglanden vormen al jaren een gezamenlijke woningmarktregio. Na het opheffen van het Stadsgewest Haaglanden in 2014 is de samenwerking voortgezet middels een bestuurlijke tafel Wonen. Om de woningmarktregio verder te versterken is in 2017 een nieuwe een regionale woonvisie opgesteld voor de periode 2017 – 2021 (Ris-nummer 296460). De regionale woonvisie kiest er voor om te streven naar een ongedeelde regionale woningmarkt. Dit wil zeggen een woningmarkt waar er voor alle inwoners voldoende betaalbare en gewenste woningen verspreid over de gemeenten in de regio beschikbaar zijn. De regionale woonvisie benoemt daarnaast meerdere gezamenlijke opgaven op het gebied van sociale woningbouw, woningbouwprogrammering, duurzaamheid, wonen en zorg en verbetering van het bestaande vastgoed. Dit is vertaald naar de volgende doelstellingen: Een regionaal afgestemd woningbouwprogramma, waarmee tot 2020 jaarlijks 5.000 woningen worden toegevoegd aan de woningmarktregio. Hierbij aandacht te hebben voor de opgave om meer stedelijke woonmilieus toe te voegen.
Gezamenlijk de opgave voor nieuwe sociale woningen in de regio (circa 12.000 tot 2025) op te pakken, en gelijk ook oog te hebben voor de kwaliteit en betaalbaarheid van de huidige voorraad. Het aandeel middeldure huurwoningen verhogen binnen het totale nieuwbouwprogramma. Om in 2050 tot een CO2- neutrale of energie-neutrale regio te kunnen worden zetten de gemeenten in op een volledige energietransitie van de gebouwde omgeving. Regionaal is de intentie om vanaf 2018 geen woningen meer te bouwen met een aardgasaansluiting. Intensievere samenwerking op het gebied van wonen en zorg. Dit middels een uniform registratiesysteem voor aangepaste woningen, en het gezamenlijk afspreken van het uitgangspunt dat wanneer een bewoner uit de regio wil verhuizen naar een andere gemeente in de regio, hun zorg- en/of begeleidingstoekenning moet kunnen meeverhuizen. Het bouwplan Nieuw Houtwijk is in overeenstemming met de regionale woonvisie.
blad 22 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
4.2.4
Gemeentelijk beleid Den Haag Omgevingsvisie Den Haag 2050 De zes vastgestelde ambities van de Omgevingsvisie (RIS 309993) zijn: rechtvaardigheid, betaalbaarheid, klimaatbestendigheid, economisch vitaal, gezond en veilig en duurzaam bereikbaar. Rechtvaardig en inclusief Den Haag: Wij zijn er voor iedereen. In Den Haag kun je goed kunt wonen, werken, leren en ontspannen. Het maakt daarbij niet uit wat je afkomst, opleidingsniveau of maatschappelijke positie is. Je kunt je ontwikkelen in onze stad. Dit wordt bereikt door de bewoners te betrekken bij de planvorming. Initiatiefnemer heeft de plannen gemaakt in nauw overleg met de buurt. Daarnaast betekent voorliggend plan een vergroening van de buitenruimte waar de bewoners gebruik van kunnen maken. De circa 250 m2 bvo aan gemeenschappelijke buurtwoonkamer mogelijkheden voor ontmoeting voor bewoners van de wijk. Betaalbaarheid: Wij zorgen voor goede en betaalbare woningen voor iedereen. Het plan voorziet in 145 nieuwe woningen, waarvan 51 appartementen in de sociale huur en 51 appartementen in de middenhuur. Dat is ruim 70% aan goedkope en betaalbare woningen. Klimaatbestendigheid: Een klimaatbestendig, klimaatneutraal en natuurinclusief Den Haag. De woningen worden gasloos gebouwd en voldoen aan het BENG.
Er is rekening gehouden met voldoende waterberging, waarbij is aangesloten op de eis van de convenant klimaatadaptief bouwen voor waterberging. De buitenruimte wordt met het plan vergroend. Het toevoegen van meer groen in de openbare ruimte en klimaatadaptieve bebouwing is een positieve ontwikkeling en leidt tot afname van hittestress. Economisch vitaal: Den Haag is economisch gezond, meer mensen vinden passend werk. Dit wordt onder meer bereikt door ruimte te bieden aan woningen met werkruimte (ateliers), waardoor bewoners met een eigen bedrijf vanuit hun woning kunnen werken. De betaalbaarheid van het woningbouwprogramma draagt bij aan de versterking van een aantrekkelijk werkmilieu. Gezond en veilig: Den Haag is een gezonde en veilige stad. In het kader van de planvorming is onderzoek gedaan naar de concentraties fijnstof en stikstof. De waarden liggen ruim onder de landelijke grenswaarden. De Wereldgezondheidsorganisatie (of WHO) adviseert strengere normen. De maximale normen voor fijnstof volgens de Wereldgezondheidsorganisatie bedragen 20 µg/m³ voor PM10 en 10 µg/m³ voor PM2,5. Aan deze normen wordt conform de kaart van het CIMLK (www.cimlk.nl) ter plaatse van het plangebied voor het monitoringsjaar 2025 voldaan. Er is ter plaatse van het plangebied sprake van een goed woon- en leefklimaat. Duurzaam bereikbaar: Onze stad is duurzaam bereikbaar.
Wij willen de stad bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig houden. Het plan zorgt voor een verdichting van de bestaande wijk en draagt bij aan de compacte stad. Het centrum ligt op circa 20 minuten fietsen, grotendeels over de Oude Haagweg, die vanwege het voor fietsers veilige karakter de bewoners verleidt de fiets te pakken in plaats van de auto. Wéreldstad aan Zee, Structuurvisie Den Haag 2020 De Structuurvisie Den Haag 2020 beschrijft de toekomstvisie van Den Haag op de ruimtelijke ontwikkeling van de stad in regionaal perspectief tot het jaar 2020 (Rv 197 - 2005; RIS 129201). De ambitie is om van Den Haag een 'Wereldstad aan Zee' te maken door de sterke kwaliteiten van Den Haag te benutten: een internationale stad, een stad aan zee, een multiculturele stad en een monumentale residentie. De structuurvisie gaat uit van een lichte groei van het aantal inwoners (nu circa 500.000) en een groei van het aantal arbeidsplaatsen in 2020. Dat betekent dat er circa 40.000 woningen moeten worden toegevoegd in de bestaande stad, door verdichting. In de structuurvisie wordt de Wéreldstad aan Zee vorm gegeven door ontwikkelingen in vijf kansenzones (het Centrum, de Lijn 11-zone, de Internationale Kustzone, de Vliet/A4-zone en de Schakelzone Lozerlaan). Daarnaast komen tal van kleinschalige locaties, zoals voorliggend plan in aanmerking voor woningbouw.
blad 23 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Agenda Ruimte voor de stad In de Agenda Ruimte voor de Stad (RIS 295016) worden de vijf ruimtelijke hoofdopgaven van de stad benoemd: buitenruimte, stedelijk wonen, economie en toerisme, duurzame mobiliteit en energietransitie en klimaatadaptatie. Buitenruimte: in de bestaande situatie is het plangebied grotendeels verhard. In voorliggend plan wordt groene buitenruimte aangelegd met wandelpaden waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en sluit aan op de voorgenomen vergroening van de buitenuimte. Een deel van de parkeerplaatsen wordt in het kader van de ruimtelijke kwaliteit onder een dek aangelegd, dat als tuin bij de woning kan worden gebruikt. Stedelijk wonen: Het plan past uitstekend in deze opgave door de transformatie van leegstaande bedrijfsbebouwing naar wonen en biedt door een gedifferentieerd programma ruimte een attractieve woonomgeving. Het plan omvat een relatief kleinschalig initiatief die bijdraagt aan een versterking van de wijk en verdichting mogelijk maakt. Economie en toerisme Het plan sluit aan bij de vraag naar werkruimtes in de vorm woningen met werkateliers. Duurzame mobiliteit De gemeente wil een duurzame mobiliteit bereiken door een betere benutting va de infrastructuur, verschuiving van de modal split, duurzaam en gezond vervoer en betere benutting van het OV, het versterken van het wandel- en fietsstad-concept en beter inpassing van auto-infrastructuur.
Dat gebeurt met maatregelen die het projectniveau van voorliggend plan ontstijgen. In het plan wordt gebruik gemaakt van deelauto’s, hetgeen stimuleert dat het autobezit afneemt. Energietransitie en klimaatadaptie De woningen worden gasloos gebouwd. Er is rekening gehouden met voldoende waterberging, waarbij zoveel mogelijk is aangesloten op de eis van de convenant klimaatadaptief bouwen voor waterberging. De buitenruimte wordt met het plan vergroend. Met behulp van negen principes voor stedelijke ontwikkeling wordt in de Agenda Ruimte voor de Stad aangegeven hoe de ontwikkelingen gestuurd wordt. Kwaliteit van het proces door samen stad maken waar mogelijk ruimte aan initiatiefnemers, daarbij hoort ook experimenteerruimte die belangrijk is voor innovatie en dynamiek in de stad en ruimtelijke keuzen om antwoorden te bieden op de stedelijke en regionale opgaven. Ruimtelijke kwaliteit, zoals groen, cultuurhistorisch erfgoed en de buitenruimte omdat die in belangrijke mate bijdraagt aan een aantrekkelijke leefomgeving en het economisch vestigingsklimaat. Kwaliteit door integrale samenhang met sociaal-maatschappelijke opgaven, zoals de opgave om sociaaleconomische differentiatie, functiemenging en ruimte voor wijkeconomie te bevorderen in wijken waar dat nodig is gelet op bijvoorbeeld werkeloosheid. Het belang van veel lopende projecten wordt met deze agenda benadrukt.
Goede uitvoering met ook oog voor de tijdelijke situatie vraagt een enorme inzet. Daarnaast zijn er een aantal grotere strategische ontwikkelingen geagendeerd in deze agenda. Voor een aantal ontwikkelingen zal gestart worden met verkenningen om zicht te krijgen op mogelijke programma's, en alliantievorming. Dergelijke verkenningen zullen onder andere voor delen van het Central Innovation District, de Binckhorst en Scheveningen, mede in het licht van de gewenste schaalsprong die in het openbaar vervoer gemaakt moeten worden. Voor het plangebied is het hoofdstuk "Zuidwestflank" van belang. De Zuidwestfank is een gebied waar onder meer gestreefd wordt naar differentiatie van de woningvoorraad, de vernieuwing van stadswijken in gang gezet wordt, kansen voor verdichting liggen en de relatie tussen de stad en het landschap verbeterd kan worden.
blad 24 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
Voor het plangebied geldt geen specifiek beleid. Met dit bouwplan wordt invulling gegeven aan het streven naar differentiatie van de woningvoorraad.
4.2.5
Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig Als gevolg van klimaatverandering krijgt ook Den Haag vaker te maken met hevige regenbuien, meer hete zomerse dagen, langere droge perioden en een verdere stijging van de zeespiegel. Dergelijke weersextremen kunnen veel schade en overlast veroorzaken, ook op het gebied van gezondheid en economie. De opgave voor de komende decennia is om de bestaande en nieuwe stad meer klimaatbestendig in te richten tegen de gevolgen van extreme neerslag, hitte en droogte. Het college van burgemeester en wethouders heeft in dat kader de Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig (RIS 308744) vastgesteld als uitwerking van het Programma Duurzaamheid. Hiermee zijn eenduidig de ambities en eisen en aanpak voor een klimaatbestendige inrichting. In de Haagse klimaatatlas zijn onderstaande kaarten opgenomen. Wateroverlast De hiernaast afgebeelde figuur maakt inzichtelijk waar waarschijnlijk wateroverlast zal ontstaan na een extreme bui van 70 millimeter in 1 uur. Een dergelijke neerslaggebeurtenis heeft een herhalingstijd van eens in de 100 jaar. De kans dat deze bui zich daadwerkelijk op deze schaal voordoet is zeer klein. Aan de noordkant volgt uit de figuur dat er een risico is dat op de Laan van Vredestein meer dan 20 cm water komt te staan. Deze weg is dan nog wel berijdbaar door hulpdiensten. De overige wegen blijven berijdbaar voor personenauto’s.
In andere delen van het gebied zijn enkele plekken waar het water tot 10 cm komt te staan. Wateroverlast 70 mm in 1 uur (2022) Droogtestress Het klimaat verandert en de scenario’s geven aan dat het in Nederland daardoor voor langere perioden mogelijk ook droger wordt. Op basis van metingen en uitgebreide modellering is in de Klimaatatlas in beeld gebracht wat de effecten van droogte kunnen zijn. De daling van grondwaterstand kan er mogelijk toe leiden dat funderingen droog komen te staan, of dat bodemdaling optreedt. Uit de figuur hiernaast volgt dat de grondwaterstand tot 10 cm (blauwe arcering) en tot 20 cm kan uitzakken. De bodemdaling in de droge jaren 2018 en 2019 is 0 – 1 mm per jaar. Het plangebied is met deze cijfers niet benoemd als aandachtsgebied voor droogte.
Hittestress De figuur hiernaast geeft het stedelijk hitte-eiland effect weer. Dit is het gemiddelde luchttemperatuursverschil tussen de stedelijke en omliggende landelijke gebieden. Het stedelijk hitteeiland effect is het sterkst 's nachts. Het zorgt ervoor dat de luchttemperatuur 's nachts minder daalt waardoor bijvoorbeeld gevoelige bevolkingsgroepen (baby's, kinderen of ouderen) gezondheidseffecten ondervinden. De kaart geeft een voorspelling van het stedelijk hitte eiland effect weer. Het stedelijk hitte eiland effect is meer dan twee graden. Bij de planontwikkeling is rekening gehouden met voldoende waterberging. Hiermee wordt wateroverlast voorkomen. De buitenruimte wordt met het plan vergroend. Het toevoegen van meer groen in de openbare ruimte leidt tot afname van hittestress.
Stress-scenario met twee droge jaren
Stedelijk hitte eiland
blad 25 van 81
Ruimtelijke onderbouwing Nieuw Houtwijk projectnummer 477813.100 19 november 2025 revisie 04
4.3
Cultureel erfgoed
4.3.1
Cultuurhistorische waarde De Monumentenwet 1988 is per 1 juli 2016 vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de Omgevingswet, wanneer deze in 2019 in werking treedt. Vooruitlopend op de datum van ingang van de Omgevingswet zijn deze artikelen te vinden in het overgangsrecht in de Erfgoedwet, waar ze ongewijzigd van toepassing blijven zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is. Het betreft: bescherming van stads- en dorpsgezichten; vergunningen tot wijziging, sloop of verwijdering van rijksmonumenten; verordeningen, bestemmingsplannen, vergunningen en ontheffingen op het gebied van archeologie. In het plangebied zijn geen waardevolle cultuurhistorische elementen aanwezig. In het plangebied bevinden zich geen monumentale gebouwen.
4.3.2
Archeologie Gemeenten hebben de taak om bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening te houden met aanwezige en te verwachten archeologische waarden (overgangsrecht Erfgoedwet). Voor het gehele grondgebied van Den Haag heeft de gemeente een Archeologische Waarden- en Verwachtingenkaart (AWVK) opgesteld. In de Beleidsnota Archeologie 2011-2020 'In het verleden ligt het heden' (RIS 180680) geeft de gemeente aan hoe ze zorg wil dragen voor de archeologische sporen en resten in de Haagse ondergrond. Op de gemeentedekkende AWVK komen drie eenheden voor waaraan de gemeente beleid heeft gekoppeld: 1. Terreinen met een archeologische waarde, dat wil zeggen: waarvan is vastgesteld dat er zich belangrijke archeologische sporen en resten bevinden. In het kader van de archeologische monumentenzorg stelt de gemeente hier voorwaarden aan bodemverstorende activiteiten dieper dan 50 cm onder maaiveld; 2. Gebieden waar archeologische resten en sporen kunnen worden verwacht (op basis van de bodemopbouw en/of historische kaarten). Bij activiteiten met een bodemverstoring groter dan 50 m 2 en dieper dan 50 cm onder maaiveld stelt de gemeente hier voorwaarden voor onderzoek en bescherming van mogelijk aanwezige sporen en resten. 3. Gebieden waar geen archeologische sporen/resten (meer) worden verwacht.
Hier verbindt de gemeente op het gebied van de archeologie geen voorwaarden aan bodemverstorende activiteiten. Deze verwachtingen zijn verwerkt in de Haagse bestemmingsplannen door dubbelbestemmingen “Waarde – Archeologie” met verschillende gradaties op te nemen. Het plangebied kent in het geldende bestemmingsplan ‘Houtwijk' geen dubbelbestemming voor archeologie. Uit de Haagse Archeologische Waarden- en Verwachtingskaart (AWVK) volgt dat er geen archeologische waarden worden verwacht. Hiermee is het thema archeologie in dit plangebied niet van toepassing.