CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS324067 Bijlage Haalbaarheidsonderzoek ASC Haagse Bouwkeet in opdracht OCW

Algemene Raadscommissie 25 juni 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Programma 5: Cultuur en bibliotheek12.440 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Haalbaarheidsonderzoek Haagse Bouwkeet | 24 april 2026

Hoofdstuk 1 Inleiding ● Op vrijdag 11 april 2025 heeft Art-S-Cool samen met de toenmalige broedplaatsmakelaar Ria de Waal een werkbezoek georganiseerd aan Bouwkeet in Rotterdam. Naar aanleiding van dit werkbezoek is door de gemeente Den Haag een opdracht aan Art-S-Cool verleend om een haalbaarheidsonderzoek te doen naar mogelijkheden voor een Haags Bouwkeetconcept. Werkplaats Bouwkeet Rotterdam bestaat uit zes goed geoutilleerde werkplaatsen in hout, keramiek, metaal waarin onder andere oude fietsen worden opgeknapt, spuiterij, fablab / medialab waar jongeren onder andere oude laptops opknappen en leren programmeren, en een werkplaats in fashion / textiel. De gebruikers zijn kinderen en jongeren 8-15 jaar, en wijkbewoners van de vier omringende aandachtswijken. Het doel van de programma's in de werkplaatsen is het ontwikkelen van soft skills, makers vaardigheden en het aanleren van het creatieve maakproces. In bijlage 2 is een uitgebreide beschrijving van het waarom, hoe en wat beschreven van Bouwkeet Rotterdam. Voor Art-S-Cool zouden dergelijke werkplaatsen in de Schilderswijk van meerwaarde zijn omdat: ● Het grootste deel van onze deelnemers volgt een praktische leerroute in het praktijkonderwijs of op het vmbo. Zij kunnen niet naar bijvoorbeeld een design- of kunstacademie (hbo) doorstromen, maar alleen naar een mbo.

Een aanbod in maak- en vormgevingseducatie is voor hen interessant. ● Op dit moment worden nog maar een klein deel van de kinderen en jongeren uit de Schilderswijk met onze buitenschoolse programma’s bereikt . Met name de Marokkaans-Nederlandse

jongeren (1/3 van de wijkbewoners heeft een Marokkaans migratieachtergrond) herkennen zich nog onvoldoende in kunst. De jeugd voelt zich meer thuis in toegepaste kunstvormen, media en ambachten. In de huidige lesateliers het beperkt mogelijk is om technische lessen te geven zoals werken met hout, media, keramiek, metaal, textiel, druktechnieken, etc.

Het werkbezoek Na eerdere bezoeken en gesprekken met de organisatie van Bouwkeet te hebben gehad, initieerde Art-S-Cool in samenwerking met broedplaatsenmakelaar een werkbezoek. In een leerecosysteem en makersketen hebben meerdere partijen een rol en kunnen daarom belang hebben bij een Bouwkeet. Voor dit werkbezoek waren daarom vertegenwoordigers uitgenodigd uit het culturele, ondernemende en educatieve veld en ambtenaren van diverse directies. Aan het werkbezoek namen deel: kunstruimte 1646, kunstacademie KABK, creatief ondernemer Qasim Arif van ILLM, de Grafische Werkplaats, Johan de Witt scholengroep, de broedplaatsenmakelaar en gemeentelijke ambtenaren van cultuur, onderwijs, economie en stedelijke ontwikkeling. Namens ArtS-Cool gingen bestuur, directie en coördinator jongerenprogramma mee. Het laatste half uur van het werkbezoek gingen de deelnemers in gesprek over de potentie voor Bouwkeet in Den Haag. Uit het verslag van het werkbezoek 3 juni 2025: “Zou heel goed zijn voor de jeugd en leerlingen van Den Haag. - Wordt nu gemist. - Zou op een centrale, zichtbare plek moeten met een permanent karakter. - De werkplaatsen kunnen meerdere doelen naast elkaar hebben: kruisbestuiving tussen de jonge makers, pas afgestudeerden en (startende) creatieve ondernemers. - Opleiding voor talent - Partners uit kunstenplan, gemeente als partner.

- "Maken" voor de buurt, wijk, stad, community.

- Creatieve industrie. Den Haag makersklimaat. De aandachtspunten voor een Bouwkeet Den Haag zijn: - Afweging werkplaatsen: voor de wijk of de stad? - Financiering (zo min mogelijk afhankelijk van de gemeente). En de mogelijke volgende stappen: - Inventarisatie mapping (wat is er al) en behoefteonderzoek. - Welke locaties/panden geschikt en beschikbaar. - Doelstelling Haagse Bouwkeet opstellen.” Gesprekken met de gemeente Als vervolgstap op dit werkbezoek en het gesprek, is door Art-S-Cool en broedplaatsenmakelaar een voorstel voor een haalbaarheidsonderzoek opgesteld en zijn er meerdere gesprekken gevoerd met de gemeente. De uitvoering van dit onderzoek is door de gemeente Den Haag, directies Cultuur (7-7-2025) en Regio Zuid West (1-12-2025) financieel mogelijk gemaakt. Dit haalbaarheidsonderzoek is in opdracht van de directie Cultuur, in het kader van het beleid voor cultuureducatie- en cultuurparticipatie. De nota Cultuureducatie en Cultuurparticipatie 2025-2028 vormt een eerste concretisering van de ambities uit de *‘Cultuurvisie Den Haag 2033”. De nota stimuleert en borgt de brede inzet op cultuureducatie – van voorschoolse educatie tot en met het mbo – en ontwikkelt (nieuw) beleid voor actieve cultuurparticipatie, met nadruk op jongeren. Uit een impactmeting blijkt dat actieve cultuurparticipatie een positieve invloed heeft op hun welzijn en mentaal welbevinden.

In de nota krijgen kansengelijkheid en leerecosystemen extra aandacht. Dit ligt in het verlengde van de Ambitie Cultuurvisie 2033: “Gelijke kansen voor kinderen en jongeren”

In 2033 voeren we actief beleid om alle kinderen en jongeren in Den Haag met kunst en cultuur in aanraking te brengen, zeker ook diegenen voor wie dit geen vanzelfsprekendheid is. Met een meer evenredige spreiding van het aanbod van actieve kunst- en cultuurbeoefening is er altijd betaalbaar aanbod in de buurt. In samenwerking met andere gemeentelijke programma’s, zoals armoedebestrijding en Bureau Ooievaarspas, werken we aan een integrale aanpak om fysieke en financiële drempels te verlagen. Vanuit de inzet op culturele leerecosystemen wordt de doorlopende leerlijn bevorderd: van cultuureducatie op school naar actieve cultuurparticipatie buiten schooltijd en in de vrije tijd. In de nota wordt gefocust op drie pijlers: 1. Cultuureducatie, van voorschoolse educatie t/m mbo; 2. Actieve cultuurparticipatie, met speciale aandacht voor de positie van jongeren; 3. De verbinding tussen cultuureducatie en cultuurparticipatie door middel van de ontwikkeling van culturele leerecosystemen in de wijk. Voor een Bouwkeet zien we op alle drie de pijlers aanknopingspunten. Daarom hebben we in ons onderzoek gesproken met cultuureducatie, zowel de voorschool (2-Samen), primair en voortgezet onderwijs, als mbo, alsook welzijnspartners uit leerecosystemen.

Zie hiervoor hoofdstuk xxx Pijler 2 en 3, actieve cultuurparticipatie en de verbinding met cultuureducatie, is de basis geweest waaruit het initiatief voor dit haalbaarheidsonderzoek is voortgekomen. Vanuit de ervaring van Art-S-Cool in de Schilderswijk dat zeker nog niet alle kinderen en jongeren bereikt worden en er betere programmaaansluiting nodig is. Ambachten, media en toegepaste kunstvormen passen goed bij de diverse culturele achtergronden, de jongerencultuur en leerlingen met praktische skills.

2

1.2 Haalbaarheidsonderzoek Doelstelling Haagse Bouwkeet Het beschikbaar maken van makerswerkplaatsen op een centrale plek in Den Haag. Om hiermee: ● Kansen te creëren voor jeugd (4-21 jaar) uit de Haagse aandachts/kwetsbare wijken om zich te ontwikkelen op het gebied van creatieve en technische skills en ondernemerschap ● Kansengelijkheid te stimuleren door te investeren in aandachts/kwetsbare wijken ● In te zetten op circulaire ecosystemen. Onderstaande doelstellingen zijn ook meegenomen in het onderzoek en zijn in hoofdstuk 5 Haagse Maakplaats verder uitgewerkt: ● Meervoudig gebruik mogelijk te maken van werkplaatsen voor jeugd & jongeren én Haagse kunstenaars, makers, creatieve ondernemers en makersinitiatieven van jongeren uit de wijk (startplek); ● Ontmoeting te realiseren tussen bewoners uit verschillende wijken (verbindingen te leggen in de gesegregeerde stad); ● Een tekort aan werkplaatsen op te lossen voor makers en kunstenaars; Dit haalbaarheidsonderzoek betreft: 1. Stakeholdersanalyse; voor wie/ welke partners is een Haagse Bouwkeet interessant en waarom. 2. Wat is er al en hoe haken we deze plekken aan? Onderzoeken wat er aan werkplaatsen is in Den Haag, en hoe deze zich verhouden tot een mogelijke Haagse Bouwkeet. 3. Financiering Haagse Bouwkeet | kosten en dekking voor minimaal 5 jaar.

Kosten: betreffen zowel de aanloopkosten als de kosten voor exploitatie en organisatie. Baten: betreffen zowel particuliere als publieke investeringen en fondsen

Ten behoeve van benodigde eenmalige kosten wordt onderzoek gedaan naar mogelijke fondsen en subsidies. 4. Organisatiestructuur Onderzoek naar een passend organisatiemodel voor een Haagse Bouwkeet. Uitgangspunt is Art-S-Cool als leidende partij. Hoofdlijnen en mogelijke partners (op basis van daadwerkelijke gesprekken) binnen dit model. Kosten voor de organisatie worden meegenomen in de begroting. 5. Oplevering januari 2026: ● Voorstel Haagse Bouwkeet: uitwerking Bouwkeet (hoofdlijnen), organisatiemodel, begroting (kosten én baten), betrokken partners (intentieverklaringen), mogelijke planning, randvoorwaarden, risico’s ● Advies Haagse Bouwkeet: GO/NOGO Daarnaast is op verzoek van de gemeente Dienst OCW, afdeling Onderwijs onderzocht in hoeverre werkplaatsen kansen biedt voor techniekeducatie. Hierbij waren de vragen vanuit de gemeente:

●

●

Welke aanvulling kan de Haagse Bouwkeet inhoudelijk of thematisch bieden in het bestaande netwerk rondom techniekstimulatie/ beroepenoriëntatie. Hiervoor zijn Spirit4You, Museon Omniversum, STOHA en Techkwadraat belangrijke partijen om dit te verkennen. De locatie en faciliteitenbehoefte voor een Haagse Bouwkeet zou goed aan kunnen sluiten bij meerdere bestaande verkenningen voor een centrale, zichtbare techniekstimulatielocatie. Hierover zijn Techkwadraat, STOHA, Technolab Leiden en Spirit4You al met elkaar in gesprek. Roel van Rooijen Art SCool introduceert om hierin mee te denken. Goed om de mogelijke combinaties hierin te verkennen.

3

● ●

Welke mogelijkheden tot financiering liggen er bij het werkveld, ook om directe betrokkenheid van bedrijven te stimuleren. Op welke manier aannemelijk gemaakt kan worden hoe activiteiten bijdragen aan een grotere interesse in techniek (en/of andere vitale sectoren; ICT, Zorg en Welzijn, Onderwijs, Overheid & Veiligheid) onder doelgroepen.

Ook voor regio Den Haag Zuid West is in opdracht van de gemeente gekeken welke kansen een Bouwkeet daar zou bieden aan kinderen en jongeren. Het rapport is op 31 december ‘25 opgeleverd aan de betreffende ambtenaren. Dit haalbaarheidsonderzoek is meer gericht op de Schilderswijk en omgeving en neemt relevante bevindingen van Zuid West als aanvulling mee. In opdracht van Art-S-Cool hebben Mechteld van Dijk, bioloog, afgestudeerd aan de kunstacademie KABK, en 11 jaar coördinator van de Kunstcampus Johan de Witt Scholengroep en Lilian Kreutzberger, Haagse kunstenaar en coördinator van het jongerenprogramma Future Institute of Art van Art-S-Cool, in samenwerking met de directie van Art-S-Cool Ilse van der Greft en Laura van Eeden dit haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd.

1.3 Onderzoeksopzet In november en december 2025 zijn er gesprekken gevoerd met 40 organisaties en scholen.Tweeëntwintig hiervan zijn gehuisvest in de aandachtswijken, waarvan dertien in Den Haag Zuidwest. In dit rapport worden de uitkomsten gepresenteerd van het haalbaarheidsonderzoek naar de gebundelde werkplaatsen, vanuit behoeften en draagvlak.

-

beleidsnota’s die aansluiten op het concept van een Haagse Maakplaats Analyse van werkplaatsen in de stad en hun toegankelijkheid voor de doelgroepen. Oriëntatie op mogelijk interessante locaties in de aandachtswijken.

1.4. Leeswijzer Dit haalbaarheidsonderzoek onderzoekt een Haagse Bouwkeet, met als leidende partij Art-S-Cool, en vertrekpunt cultuureducatie en participatie tot 21 jaar. Er wordt in hoofdstuk 5 ook een doorkijk gegeven naar een stadsbrede Haagse Maakplaats. Dit is een opschaling van een Haagse Bouwkeet en geeft antwoord op de brede opgaven van de stad, zoals de behoefte van kunstenaars en creatieve ondernemers, alsook de behoefte aan techniekonderwijs. Door middel van een stakeholderanalyse is in hoofdstuk 2 overzichtelijk gemaakt hoe organisaties in het onderwijs en welzijn tegenover een Haagse Bouwkeet staan en welke mogelijkheden zij zien om hierin samen te werken. In hoofdstuk 3 zijn Haagse werkplaatsen beschreven die toegankelijk zijn voor kinderen en jongeren uit de aandachtswijken en uit minimagezinnen. In hoofdstuk 4 is een financiële doorkijk, waarin een globaal kostenplaatje (zowel initieel als langdurig) aan de hand van de meest waarschijnlijke organisatievorm. En tot slot in hoofdstuk 6 wordt een uitwerking op hoofdlijnen gegeven van het concept Haagse Bouwkeet, alsook de mogelijke realisering hiervan en een GO/NO GO advies voor de gemeente Den Haag.

Methode - Inventarisatie van behoeften uit het veld en daaraan gekoppelde stakeholdersanalyse d.m.v. gesprekken. - Analyse gemeentelijk beleid zoals de nota Cultuureducatie en Cultuurparticipatie 2025-2028 en diverse gemeentelijke

4

Hoofdstuk 2. Stakeholdersanalyse; In dit hoofdstuk geven we antwoord op de vragen: voor wie/ welke partners is een Haagse Bouwkeet interessant en waarom.

2.1 Het onderwijs/cultuureducatie “Onze samenleving trekt zich steeds minder aan van grenzen tussen disciplines. We zien steeds meer onderzoek naar de verbinding van wetenschap, natuur, kunst en/of technologie. De huidige vraagstukken zijn zo complex, dat die samenwerking een grotere ideeënrijkdom oplevert. De scheiding tussen kunst en wetenschap wordt steeds diffuser. Kunstzinnig onderzoek zorgt voor nieuwe perspectieven in wetenschappelijk onderzoek en andersom. In het onderwijs zien we deze ontwikkelingen terug.” (uit LKCA Kansen voor kunst & technologie in het onderwijs) Voor Art-S-Cool zijn de scholen belangrijke stakeholders. Het merendeel van de kunsteducatie wordt door onze kunstenaars op de scholen zelf gegeven. Alleen de bovenbouw van Johan de Wittscholengroep komen naar locatie toe. In de Schilderswijk zijn 14 basisscholen, 1 speciaal basisschool en drie locaties van Johan de Witt scholengroep. Omdat er op verzoek van de gemeente Zuid West ook onderzoek gedaan is naar omgeving Veluweplein als kans voor zowel de doelgroep uit Zuid West als uit Schilderswijk en Transvaal, is er ook gesproken met scholen in Transvaal en Zuid West. Net zoals Bouwkeet Rotterdam, denkt Art-S-Cool dat de werkplaatsen een goede aanvulling kunnen zijn op het curriculum van scholen.

In Rotterdam streven ze ernaar dat alle groepen 7 en 8 van de hun liggende wijken het scholenintroductieprogramma doorlopen. Op deze manier werven de enthousiaste leerlingen voor hun buitenschoolse programma’s. Gedurende de eerste vijf weken van het nieuwe schooljaar komen de leerlingen met hun school kennismaken met de Rotterdamse Bouwkeet en maken in alle

vijf de werkplaatsen een klein product. Zo leren zij in korte tijd veel over Bouwkeet, de verschillende werkplaatsen, technieken, materialen en mogelijkheden. Er is ook een scholenprogramma: met speciaal basisonderwijs wordt gedurende het gehele jaar in kleine groepjes samengewerkt door wekelijks een programma aan te bieden dat aansluit op de lesstof van de school. Ook komen alle leerlingen uit de eerste klassen van het vmbo college en de praktijkschool voor wekelijkse programma’s waarin ontdekken en experimenteren centraal staat.

2.1.1. Primair onderwijs Kunst, cultuur en techniek zijn opgenomen in de wettelijke kerndoelen. In het basisonderwijs geven de groepsleerkrachten vaak zelf les in kunst, cultuur en techniek, vaak hanteren ze een lesmethode. Een aantal scholen heeft vakkracht in hun team, en in enkele gevallen wordt samengewerkt met een externe organisatie om het binnenschoolse programma uit te voeren. Zo geven kunstenaars van Art-S-Cool wekelijks kunst op O-3 (Rivierenbuurt, stadsdeel Centrum) en Spoorzoeker (Spoorwijk, stadsdeel Laak). Basisscholen kunnen voor voorstellingen of tentoonstellingen kiezen uit het aanbod dat staat beschreven in VONK van CultuurSchakel. Dit wordt door de gemeente gesubsidieerd. Het inhuren van externe partners voor actieve kunstbeoefening wordt niet gesubsidieerd, en zal de school zelf moeten betalen. Een Haagse Bouwkeet richt zich op aandachtswijken waar de meeste scholen een onderwijsachterstandenbudget leerlingen hebben waardoor er vaak wat armslag is om het curriculum aan te vullen en samen te werken met externe partners. Voor dit haalbaarheidsonderzoek hebben we met 5 basisscholen gesproken. In gesprek met vijf basisscholen, Gelderlandschool en Startpunt in de Schilderswijk/Transvaal en Tamarschool, Zuidwester en Kleine Wereld in Zuidwest blijkt dat er binnen hun curriculum slechts beperkte tijd is voor

5

kunsteducatie en techniek oriëntatie. Met name zorgt de druk op de basisvaardigheden taal, lezen en rekenen ervoor dat het onderwijs sterk doel- en prestatiegericht wordt ingericht. Uitzondering zijn scholen zoals Het Startpunt (IB) en de Gelderlandschool (OGO), die werken met een vakoverstijgend curriculum, en creëren meer ruimte voor de integratie van kunst- en techniekonderwijs. Door samen te werken met externe aanbieders kan het curriculum worden aangevuld. Voor de scholen op loopafstand van de Bouwkeet is een structurele samenwerking op de Bouwkeet mogelijk. Voor basisscholen die afhankelijk zijn van vervoer kunnen jaarlijks oriëntatie workshops op de Bouwkeet plaatsvinden, eventueel aangevuld met voorbereidende lessen op de school zelf. Naar voorbeeld van Bouwkeet Rotterdam kan elk schooljaar starten met een oriëntatie excursie naar de Bouwkeet. Op die manier kunnen kinderen die meer willen makkelijk de weg vinden naar de Bouwkeet. Hiermee kan je binnen- en buitenschoolse cultuureducatie met elkaar verbinden. Organisaties als Cultuurschakel (kunst & cultuur) en Natuur & Milieueducatie Den Haag (natuur/milieu en techniek) brengen scholen en externe aanbieders in contact om het curriculum te verrijken met incidenteel extern kwalitatief aanbod.

2.1.2. Voortgezet Onderwijs In het voortgezet onderwijs verschilt het per school en per schooltype welke positie cultuureducatie in het curriculum heeft. Johan de Witt scholengroep is een Cultuurprofielschool en gaat samenwerkingen met externe Haagse cultuurpartners voor het curriculum binnenschools aan: oriënterend in de onderbouw en verdiepend in de bovenbouw. Ook Art-S-Cool is een partner en werkt samen met Johan de Witt scholengroep op hun locatie de Kunstcampus (kunst). De kunstenaars geven daar aan alle leerlingen in de onderbouw programma’s passend bij de burgerschapkerndoelen volgens de aanpak Authentiek

Kunstonderwijs en Wicked Art Assignment. De leerlingen worden na het blok beoordeeld en dit wordt meegenomen in het rapport. Voor de bovenbouw klassen kan een Bouwkeet interessant zijn omdat deze leerlingen zelfstandig naar locatie komen. Op locatie van Art-S-Cool bieden de kunstenaar en vormgevers aan Johan de Witt bovenbouw 3 en 4, van vmbo en praktijk klassen verdiepende lesprogramma’s aan. Dit zou prima in werkplaatsen kunnen plaatsvinden waarbij leerlingen toewerken naar een product en er vormingsprogramma's plaatsvinden. Op andere vo scholen geven kunstenaars van Art-S-Cool invulling aan keuzevakken, zoals op Roemer Visscher College kunst-, op Zuid West College keramiek-, en Rijswijks Lyceum (de laatste is vanwege de afstand niet meegenomen voor dit onderzoek) mediaprogramma. Het Roemer Visscher College, een vmbo-school voor basis- en kaderleerlingen, wil graag samenwerken met organisaties in de omgeving om leerlingen te laten leren in reële contexten en om zelf meer ervaring op te doen met projectmatig onderwijs. wil zich nog verder ontwikkelen in projectmatig werken in co-creatie met externe partijen en benadrukt daarnaast dat samenwerking met de omgeving zorgt voor verrijking van onderwijs waar toegepaste opdrachten, die aansluiten bij de professionele realiteit, het lesprogramma verrijken.

De school ziet in de Haagse Maakplaats kansen om binnen het programma samenwerken in de wijk techniek en kunst te combineren, bijvoorbeeld om de interesse van meisjes in techniek te vergroten en om leerlingen samen met kunstenaars in een werkplaatsomgeving te laten werken aan creatieve vaardigheden binnen een technische context. Daarnaast ziet de school mogelijkheden om in de Maakplaats onderwijsactiviteiten onder te brengen wanneer de eigen schoolfaciliteiten dit tijdelijk niet toelaten. De directeur heeft aangegeven graag, samen met de docenten kunst en techniek, betrokken te zijn bij de verdere ontwikkeling van de Haagse Maakplaats. Het Zuidwest College in Bouwlust/Vrederust ziet met name kansen in een verdiepend naschools traject, maar vraagt zich af wat de bereidheid van haar studenten is om de wijk te verlaten. Het Zuid-West College is

6

voornemens een ‘KansenCampus’ op te richten rond hun huidige locatie aan de Beresteinlaan (richting 2030). Op de KansenCampus zou er een kinderopvang, basisschool PO, een gemeenteloket en welzijnswerk, woonruimte voor hulpverleners, en een locatie voor ontmoeten en sporten cultuuractiviteiten moeten komen. Een Bouwkeet zou hierbij een goede aanvulling zijn. In samenwerking met een aanbieder, de mogelijkheid voor een buitenschools programma en een uitbreiding van faciliteiten richting 2030, waarmee doelgroepen aan de uiterste rand van Zuidwest beter bediend kunnen worden. Met de juiste samenwerkingen ontstaat daarmee aan de randen van Zuidwest een redelijk aanbod van plekken waar jongeren kunnen kennismaken met maken, techniek en cultuur. Tegelijkertijd worden momenteel veel initiatieven in Den Haag Zuidwest ontwikkeld met tijdelijke middelen, waardoor onzekerheid bestaat over de continuïteit op de langere termijn. In dat licht kan een Haagse Maakplaats, gepositioneerd als schakel tussen Zuidwest en het centrum van Den Haag, een belangrijke aanvullende rol vervullen. Door samen te werken met bestaande organisaties en faciliteiten kan de Maakplaats bijdragen aan samenhang, verdieping, opschaling en duurzame infrastructuur voor maken en leren in de stad.

Daarmee vormt zij geen vervanging van het bestaande aanbod in Zuidwest, maar een versterkende voorziening die verbinding legt tussen wijkgerichte initiatieven, stedelijke partners en professionele maakfaciliteiten. Scholen gaven aan behoefte te hebben aan een aanvullend naschools programma voor leerlingen dat zich niet richt op doelen en prestaties, maar juist op verdieping en plezier. Zij stellen zich een Bouwkeet voor als een ontmoetingsplek voor rolmodellen en ondernemers met kinderen en jongeren. Dit creëert de mogelijkheid voor een verdiepend programma buitenschools, waarin ruimte ontstaat voor authentieke opdrachten en vak/discipline-overstijgende benaderingen van opdrachten. Een reële context waarin met leerlingen met professionals en rolmodellen samenwerken en technische vaardigheden gecombineerd worden met creativiteit, vormt een startpunt voor innovatieve leertrajecten.

Buitenschoolsprogramma biedt kans binnenschools cultuuroriëntatie te borgen in intrinsieke interesse en nieuwsgierigheid bij kinderen en jongeren. Ontmoeting tussen verschillende doelgroepen zorgt voor een stimulerende omgeving en kansen. Expeditie C is een jaarlijkse brochure en programma van CultuurSchakel met een gevarieerd aanbod aan kunst- en cultuuractiviteiten voor leerlingen in de eerste drie klassen van het voortgezet onderwijs in Den Haag. Het biedt diverse culturele bezoeken en activiteiten om leerlingen in contact te brengen met kunst en cultuur. Dit zou wel mogelijkheden voor Bouwkeet bieden omdat de overheidssubsidie zowel aan receptieve als actieve cultuureducatie besteed kan worden.

2.2. Het sociaal maatschappelijke veld/cultuurparticipatie Kinderen besteden meer uren in de vrije tijd dan dat ze naar school gaan. In die vrije tijd ondernemen kinderen van alles: hobby’s, afspreken met vrienden, gamen, buiten spelen, huiswerk maken, enz. In de georganiseerde vrije tijd nemen kinderen en jongeren deel aan activiteiten bij een organisatie, zoals een club, school of vereniging. Daarbij worden ze begeleid door professionals of vrijwilligers die de activiteit organiseren of toezicht houden. Deze begeleiders hebben dus ook een opvoedende rol. Uit onderzoek blijkt dat kinderen en jongeren in aandachtswijken en/of uit minimagezinnen minder tijd besteden aan hobby’s vanwege onder meer financiën. Ook om te participeren in cultuur zijn er veel drempels (contributie, spullen, vervoer). Het merendeel van de programma’s van Bouwkeet in Rotterdam vindt plaats in de buitenschoolse cultuureducatie: na schooltijd, in de weekenden en schoolvakanties. Een Bouwkeet heeft daarmee een rol binnen het leerecosysteem.

7

Ook Art-S-Cool heeft als partner in het leerecosysteem in de Schilderswijk veel ervaring. Doordat de kunstenaars wijken in trekken en kinderen en jongeren enthousiasmeren, zijn ook de naschoolse kunstprogramma’s op eigen locatie goed te vinden. Belangrijk hierbij is samenwerking met wijkpartners en het creëren van een derde thuis voor kinderen en jongeren (third place).

2.2.1 Leerecosysteem: Coalitie Schilderswijk Het leerecosysteem waar Art-S-Cool deel vanuit maakt is de Coalitie Schilderswijk. Hierin zitten de belangrijkste stakeholders voor de Haagse Bouwkeet. In de coalitie zitten grassroot organisaties die vanuit de wijk, bottum up zijn ontstaan om van betekenis te kunnen de zijn voor de bewoners. Doordat de initiatiefnemers van de organisaties de wijk goed kennen, weten ze wat er speelt op straat, op de scholen, worden er vangnetten gebouwd en kansen gecreëerd om de leefbaarheid in de wijk verbeteren, en een omgeving te creëren waarin bewoners- en vooral jongeren- zich kunnen ontwikkelen, meedoen en toekomstperspectief opbouwen. De coalitiepartners komen vier keer per jaar bijeen en hebben een gezamenlijk doel, namelijk: met elkaar de wijk versterken en een stem naar gemeente en politiek zijn vanuit de wijk. In de coalitie zitten: Stagehuis Schilderswijk, stichting Weerbaar, Next Projecten, stichting Jacobahof, stichting Moeder Dochter, stichting Project Future, Samen Sterk Interventie. In ons haalbaarheidsonderzoek is er met drie coalitiepartners gesproken: Stagehuis Schilderswijk, stichting Weerbaar en Moeder en Dochter. Stagehuis Schilderswijk is een begrip in de wijk. De stichting is gevestigd aan de Tenierplantsoen in een appartement van een woningcorporatie.

Het heeft een kleine woonkamer, een keukentje, een kantoortje en op de 1e etage nog een kamer. In het Stagehuis staat de deur altijd open en lopen kinderen en jongeren in en uit; zij voelen dat dit ook hun thuis is. Er worden diverse maatschappelijke projecten voor de wijk georganiseerd, in

opdracht en samenwerking met de omringende scholen en wijkpartners. De projecten worden uitgevoerd door stagiaires van mbo, die nergens anders een stageplek kunnen vinden, en met aandacht en begeleiding versterkt worden in hun zelfvertrouwen. En ook buurtjongeren worden gestimuleerd in diverse participatieprojecten: buurtteams, en sport. Directeur Yassine Aberkane ziet een duidelijke legitimering voor een Haagse Bouwkeet in de Schilderswijk, en geeft een aantal kansen en adviezen voor dit haalbaarheidsonderzoek mee: “ Wij zien dat onze jongeren (14-24 jaar) een korte aandachtsboog hebben en willen weten ‘ Whats in it for me?’. Hen laten meedoen met kunst of andere activiteiten is een uitdaging. In het Stagehuis investeren we in motivatie door pizzasessies, uitjes naar Walibi, etc. Maar ook een bezoek aan het hoofdkantoor van het merk Nike, dat vanuit jullie is georganiseerd voor onze jongeren, is een geslaagde beloning geweest (noot red. in het kader van programma Future Institute of Art). Hun leefwereld is merken, fastfood, ondernemerschap (snel geld verdienen). Het is belangrijk dat het programma leuk is en niet een schools karakter krijgt. En vanuit ons geloof is het belangrijk om goed te doen voor de ander, de gemeenschap. Ook daar zou ik heel graag willen samenwerken met Bouwkeet. En vanuit recycling en duurzaamheid zie ik kansen.

Zo komen we in opdracht van Duurzaam Den Haag regelmatig achter de voordeur bij onze jongeren en wijkbewoners. De armoede die we bij bewoners zien, is confronterend: geen geld voor gordijnen, dekbedhoezen en in de winter durven bewoners hun kachels niet aan te doen vanwege de kosten die ze niet kunnen betalen. Hij zou graag samen willen werken door de jongeren spullen te laten maken voor de wijkbewoners. Bijvoorbeeld in een textielwerkplaats, waar jongeren leren kleding upcyclen, dekens maken, etcetera, om deze vervolgens uit te delen aan wijkbewoners die vanwege de gasprijzen kou lijden in de winter. Ook denkt Yassine dat jongeren het leuk vinden een eigen merk voor de wijk te ontwikkelen.

8

Karim el Boujjoufi directeur van Stichting Weerbaar, sluit hierbij aan. Stichting Weerbaar heeft de tender gewonnen voor de vergunning sportpark Vermeer. Het Vermeerpark ligt vlak achter Art-S-Cool. Stichting Weerbaar was de afgelopen jaren actief in Moerwijk en daar stelde Karim o.a. een klusteam samen van jongeren die hierdoor een bijverdienste kregen. Dat wil hij ook vanuit het Vermeerpark gaan opzetten. Hij ziet samenwerking met een Haagse Bouwkeet waar zijn tachtig jongeren (zowel meiden als jongens) vormgeving en ambachtelijke technieken leren, die ze later kunnen inzetten in bijvoorbeeld zijn klusteams. Karim: "Als mijn jongeren in jullie houtwerkplaats leren hoe ze een kastje of een tafel moeten maken, dan leren ze ook praktische vaardigheden die ze in het klusteam kunnen gebruiken, en waarmee uiteindelijk ook de bewoners in de Schilderswijk worden geholpen.” Stichting Moeder en Dochter, ook een begrip in de wijk, ondersteunt emancipatie, integratie en participatie van vrouwen. De vrijwilligersorganisatie heeft, onder leiding van voorzitter Rachma Driouach, een groot netwerk opgebouwd met Marokkaans-Nederlandse vrouwen. Er worden diverse activiteiten georganiseerd om de zelfstandigheid te bevorderen. Ook in het pand waar Art-S-Cool zich bevindt, komen de vrouwen samen. Ze koken, krijgen taalles en soms wordt er trommelmuziek gemaakt.

een grote wens van Rachma is om met de vrouwen te kunnen borduren en naaien. Hiervoor zijn eerder samenwerkingen in projecten geweest met Art-S-Cool. "Een vaste plek voor zo’n negen naaimachines voor onze vrouwen zou ik heel graag willen.”, aldus Rachma. Maatschappelijke organisaties in Zuid West zoals Skillskool en Wijkz Escamp gaan uit van de nieuwsgierigheid en behoefte om te ondernemen bij jongeren. Skillskool biedt kortlopende trajecten voor jongeren aan zoals website bouwen of grafisch ontwerpen. De combinatie van een woonkamer gericht op jongeren, een vaste social worker en jonge coaches (+/-20 jaar), naast

de kunstdocent, zorgt voor voldoende individuele aandacht, aansluiting bij de leefwereld en voor het vasthouden van de jongeren. Na deelname zijn er altijd een aantal jongeren die verdieping zoeken, hiervoor mist momenteel nog een plek. Op gebied van media en creativiteit zou een doorverwijzing naar Bouwkeet mogelijk zijn. Toch zullen deelnemers niet zo snel zo’n stap durven te nemen en is inzet van vaste begeleiders belangrijk. Wijkz Escamp maakt vraaggericht aanbod en probeert een vraag vanuit de jongeren altijd te verbreden naar meervoudige educatieve doeleinden. Er bestond ooit een idee om een wijkdrukwerkplaats op te richten. Dit soort initiatieven hangt echter vaak af van één maatschappelijk werker, waardoor het kwetsbaar en incidenteel blijft. Bij zowel Skillskool als Wijkz Escamp zijn de fysieke mogelijkheden om te maken en experimenteren beperkt. Zij zien kansen in samenwerking met de Haagse Bouwkeet om verdiepende trajecten aan hun jongeren aan te bieden. En benadrukken het belang om daarin de ontwikkeling van ondernemersskills mee te nemen. De jongeren willen graag weten hoe ze geld kunnen verdienen met het kunnen maken van producten. Binnenkort wordt 2Samen, samen met Dak kinderopvang, onderdeel van de koepelorganisatie Collectief Kindontwikkeling. De opdracht is werken vanuit een inclusieve kinderopvang en wijkgericht.

Dit laatste betekent dat er gekeken wordt naar wat de kinderen in de wijk nodig hebben en er samengewerkt wordt met alle partijen die zich bezighouden met ontwikkeling in de vrije tijd. Met name vanuit dat perspectief is er interesse in samenwerking. Dit kan op verschillende manieren vorm krijgen, als onderdeel van een multifunctioneel pand, waar ook een bso is of waar 2Samen zich ook richt op bijvoorbeeld thuiszitters in basisonderwijs. Met name voor kinderen van 8+ zou een gezamenlijke werkplaats daar een antwoord op kunnen zijn. Vanuit de buurt BSO's (2 Prinsjes en 2 penselen) willen ze graag gebruik maken van naschoolse programma’s in de werkplaatsen.

9

2.3 Conclusie stakeholdersonderzoek Op basisscholen zijn er weinig lokalen als werkplaats ingericht en biedt een Bouwkeet een interessante aanvulling op het programma cultuur en techniek. In de naschoolse programma’s (School en Omgeving) wordt door de basisscholen de meeste ruimte gezien. Wel wordt aangegeven dat het begeleiden van groepen en klassen naar een locatie lestijd en menskracht kost. Afstand is dus belangrijk, begeleiding en uiteraard financiën zijn belangrijk variabelen voor samenwerking. Indien de subsidie voor cultuur, net als in het voortgezet onderwijs, ook in het primair onderwijs ingezet kan worden voor actieve cultuureducatie, dan zou dat ook ruimte bieden voor deelname van basisscholen. Er liggen voldoende kansen in het voortgezet onderwijs voor samenwerkingen, bijvoorbeeld om in projectweken toe te werken naar een product. Samenwerking is ook kansrijk door mogelijk gedeeld gebruik van werkplaatsen, uitwisseling van expertise, ontmoeting en een middagprogramma voor de jongeren gericht op persoonlijke ontwikkeling.

-

Gewerkt wordt met een team van kunstenaars-/vormgevers met pedagogische kwaliteiten om ook coaching te kunnen bieden en die aansluiten bij de leefwereld; - Een samenwerking met wijkpartners plaatsvindt en, naast talentontwikkeling, er ook wordt gedacht aan makerschap ten behoeve van de wijk. In een mogelijke prioritering van type werkplaatsen wordt teruggegeven: fashion/textiel-, hout- en media- werkplaatsen.

Voor het mbo zou een verder onderzoek nodig zijn. Hierin staat cultuureducatie en samenwerking met culturele instellingen nog in de kinderschoenen. Wel is het logisch om een vooropleiding te zijn voor jongeren die daarna kunnen doorstromen naar mbo creatief, zoals Grafisch Lyceum, Hout- en meubileringscollege in Rotterdam, of Fashion bij roc Mondriaan. Ook binnen het leerecosysteem, zoals Coalitie Schilderswijk, is een Haagse Bouwkeet waarin kinderen en jongeren na schooltijd terecht kunnen, een welkome aanvulling voor de wijk en zijn er intenties voor samenwerkingen uitgesproken. In de vrije tijd, weekenden en vakanties kunnen kinderen en jongeren diverse skills ontwikkelen op gebied van vormgeving en ambachten. Wel is het voor kansengelijkheid belangrijk dat: - Drempels voor deelname verlaagd worden (contributie, afstand, programma);

10

Hoofdstuk 3 Werkplaatsen analyse In dit hoofdstuk geven we antwoord op de vragen: Wat is er al aan werkplaatsen in Den Haag, en hoe verhouden deze zich tot een mogelijke Haagse Bouwkeet. Definitie werkplaats Werkplaats is een goed geoutilleerde plaats waar een vak of een ambacht kan worden uitgeoefend. Er staat equipment wat hoort bij het vakgebied en er is een werkplaatsbegeleider. Als voorbeeld: In een audiovisuele mediawerkplaats staan computers met bewerkingsprogramma’s, video- en foto- en geluidsapparatuur, en een geluidsdichte opnameruimte. Een vakgespecialiseerde werkplaatsbegeleider van de mediawerkplaats geeft instructies en onderhoudt de apparatuur. Vertreksituatie Het vertrekpunt zijn de gebieden waar Art-S-Cool haar activiteiten aanbiedt. Dit zijn de Haagse, door het Centraal Bureau voor Statistiek, CBS, benoemde APC-gebieden. APC staat voor armoedeprobleemcumulatie gebieden. Kinderen die wonen in deze wijken, groeien op met een groter risico tot onderwijsachterstand. Dit kan zijn door het inkomen, opleidingsniveau en/of de taalachtergrond van hun ouders/verzorgers. Het gaat in Den Haag en voor Art-S-Cool om de wijken Schilderswijk (Schildersbuurt), Transvaal, Laak en Zuid West.

Kaart 1: Onderwijsachterstanden in 2023 en leslocaties Art-S-Cool Aangeduid op de kaart met het percentage kinderen dat het grootste risico loopt op onderwijsachterstand. Hoe donkerder het gebied gekleurd is, hoe groter de concentratie kinderen die tot deze doelgroep behoren. Meer informatie over deze indicator is te vinden op de website van het CBS: De onderliggende kaart hierboven is te vinden op de website van het CBS: https://dashboards.cbs.nl/v5/onderwijsachterstanden/.

We hebben geïnventariseerd welke werkplaatsen op gebied van fashion, hout, metaal, keramiek, media aanwezig zijn in Den Haag, of ze in een APC gebied staan en in hoeverre de werkplaatsen toegankelijk zijn voor kinderen en jongeren. Dit is onder meer afhankelijk van afstand, doelstelling, programmering en financiële kosten voor deelname. 11

3.1 Werkplaatsen in APC-gebieden en voor kinderen/jongeren toegankelijk Art Labs Theater Dakota/Zuid 57 Theater Dakota is de Cultuuranker van Escamp en tevens beheerder van een aantal Artlabs: werkplaatsen die op jaarbasis worden verhuurd aan een groep zelfsturende docenten. Gebruikers van de Artlabs zijn de docenten die cursussen geven aan betalende amateurs, vaak afkomstig van buiten de wijk. Er zijn goed ingerichte werkplaatsen/ArtLabs voor: -

edelsmeden, beeldhouwen en keramiek en glas(fusion), met – naar eigen zeggen – het grootste ovenpark van Zuid-Holland. Daarnaast is er een atelier ingericht voor schilderlessen.

Dakota fungeert voornamelijk als verhuurder en facilitator en ontwikkelt zelf soms lesaanbod of programmering binnen de Artlabs. Dakota werkt samen met ROC Mondriaan Entreeopleiding aan de Meppelweg en maakt dan gebruik van de ArtLabs. Toch staan de werkplaatsen overdag vaak leeg. Om meer aanbod te hebben in de Artlabs voor kinderen/jongeren is er uitbreiding in personele capaciteit nodig bij de Cultuuranker. Museon-Omniversum Zuidwest Ook in Zuid West is het Museon-Omniversum Zuidwest opgericht vanuit een vraaggericht museum, tot stand gekomen vanuit nadenken over de positie van een museum in de huidige tijd. Museon-Omniversum Zuidwest wil de verbinding met bewoners van Den Haag Zuidwest versterken; een Het Museon-Omniversum Zuidwest is opgericht vanuit een vraaggericht museum, tot stand gekomen vanuit nadenken over de positie van een museum in de huidige tijd. Museon-Omniversum Zuidwest wil de verbinding met bewoners van Den Haag Zuidwest versterken; een

startpunt van een brede, wijkgerichte programmering die cultuur, educatie en maatschappelijke betrokkenheid in Den Haag Zuidwest duurzaam met elkaar verbindt. Museum Lab gaat uit van verbeelding en het lab voor de toekomst. Ze hebben een minifablab waarin ze workshops aanbieden voor kinderen. In 2027 verwachten zij te verhuizen naar een plek van 400 m2 in Bouwlust in samenwerking met Staedion. De schetsen laten een nomadische en flexibele ruimte zien die flexibel is ingericht voor cultuur, wetenschap en tentoonstellingen. Er is ambitie om een tech hotspot te worden in samenwerking met techkwadraat, aan te sluiten op het curriculum van scholen en in de haarvaten van de wijk door te dringen. Dit betekent activiteiten en focus passend bij een buurthuis, met bijvoorbeeld een keuken en sportlessen. Ze richten zich op maakwerk, talent, natuur in de wijk en wereld, de toekomst is van ons allemaal. Programmering in samenwerking met de wijk vanuit een museale basis en een samenwerking met Creative Muslim Club en een Hackersgroep. Op dit moment hebben zij zich vooral gericht op de directe omgeving waar zij zitten. De kinderen wonen dichtbij, niet verder dan 1 tramhalte afstand van hun locatie. Topaze Kunstenaarscollectief Topaze werkt vanuit twee ateliers in de Julianakerk in Transvaal. Het zijn open ateliers waar jongeren en buurtbewoners kunnen leren schilderen en zeefdrukken.

Topaze richt zich op de buurtbewoners in Transvaal en werkt samen met praktijkschool De Ender in Transvaal. Omdat de ateliers niet goed geoutilleerd zijn om een bepaalde ambacht te leren, heeft Topaze behoefte aan een grotere ruimte. Art-S-Cool In het naschoolse programma wordt gebruik gemaakt van drie lesateliers die maar beperkt ambachtelijk en/of technisch kunstonderwijs toelaat. De talentenklas (10-12) en jongerenprogramma Future Institute of Art (12-21) geven kinderen en jongeren de kans zich buitenschools te verdiepen in

12

kunst en design. Naast te voorzien in de leerbehoefte van de jongeren wordt het maken van vrienden genoemd wordt als één van de belangrijkste redenen voor deelname aan de kunstlessen. Een Haagse Bouwkeet biedt voor Art-S-Cool de kans om eindelijk toegepaste kunst-, media- en vormgevingseducatie aan te bieden. Deze kennis en vaardigheden zijn essentieel voor de toekomst van de jeugd en sluiten goed aan bij de interesses van de doelgroep in de aandachtswijken. Het schept ruimte om de Haagse keten van Talentontwikkeling aan te vullen met goede creatieve educatie plekken voor jongeren die praktisch opgeleid worden (praktijk, vmbo, mbo). In het kunstonderwijs van Art-S-Cool wordt samengewerkt met kunstenaars en vormgevers. Omdat de ateliers van Art-S-Cool niet uitgerust zijn als werkplaats, heeft Art-S-Cool ook voor haar leerlingen en deelnemers behoefte aan goed geoutilleerde werkplaatsen, te denken valt aan fashion, media, keramiek.

3.3 Conclusie werkplaatsen in Den Haag Het beeld dat uit de inventarisatie ontstaat, is dat er weinig werkplaatsen toegankelijk zijn voor kinderen en jongeren uit de aandachtswijken. In Zuid West bieden Theater Dakota laagdrempelige programma’s voor leerlingen en kinderen aan in de Art Labs en Museum Omniversum Zuid West in hun Fatlab. In de Schilderswijk zijn er geen openbare werkplaatsen (de lesateliers van Art-S-Cool en Topaze uitgesloten). Om het leerecosysteem en de talentontwikkelketen toekomstgericht te versterken zijn faciliteiten nodig om ambachtelijke, technische en toegepaste kunst-, media- en vormgevingseducatie in te huisvesten. Dit draagt bij aan de kansengelijkheid voor kinderen en jongeren uit de Haagse aandachtswijken.

3.2 Werkplaatsen buiten APC-gebieden voor kinderen/jongeren De Grafische Werkplaats De Grafische Werkplaats s een goed uitgeruste en toegankelijke werkplaats in het centrum van Den Haag met een breed scala aan beschikbare grafische technieken. Er is expertise en faciliteiten en er zijn er op het gebied van zeefdruk, textielzeefdruk, etsen, hoogdruk, lithografie, riso en doka. Al hoewel er regelmatig workshops aan vo-leerlingen worden gegeven, is de werkplaats in eerste instantie voor makers bedoeld. De organisatie heeft een nieuwe visie/missie en verbreding van het werkplaats die aansluit bij de Haagse Maakplaats, zie hoofdstuk 5.

13

Hoofdstuk 4. Organisatiemodel en financiering Haagse Bouwkeet In dit hoofdstuk geven we antwoord op de volgende vragen: Wat zou een passend organisatiemodel voor een Haagse Bouwkeet kunnen zijn met als uitgangspunt Art-S-Cool als leidende partij? Wie zijn de mogelijke partners binnen dit model? Wat zijn de kosten en dekking van een Haagse Bouwkeet, zowel de aanloopkosten als de kosten voor exploitatie en organisatie.

De Haagse Bouwkeet heeft 3-5 werkplaatsen: keramiek, textiel/fashion, hout, metaal en een FatLab (media). Daarnaast zijn er ook lesateliers, een keuken, opslag en kantoor nodig. Focus doelgroepen ● Leerlingen van buurtscholen primair onderwijs ● Leerlingen voortgezet (speciaal) onderwijs uit de aandachtswijken ● Kinderen en jongeren als deelnemer van buitenschoolse programma’s cultuurparticipatie en programma’s talentontwikkeling;

4.1. Beschrijving Haagse Bouwkeet Haagse Bouwkeet bestaat uit werkplaatsen met Art-S-Cool als leidend stakeholder die samenwerkt met partners. De gebruikers zijn primair de kinderen en jongeren tot 21 jaar uit de aandachtswijken Schilderswijk, Transvaal, Laak, en Zuid West. Doel is programmering in het kader van cultuureducatie, -participatie en talentontwikkeling vanuit de missie om toekomstperspectieven van de jeugd te vergroten en een bijdrage te leveren aan de leefbaarheid van de aandachtswijken. Art-S-Cool geeft in de daluren buurtbewoners en -organisaties, amateurkunstenaars en -makers de mogelijkheid gebruik te maken van de Haagse Bouwkeet voor een laag tarief. Inhoudelijke samenwerkingen ten behoeve van de doelgroep zijn mogelijk met divesre stakeholders zoals beschreven in hoofdstuk 2. Dit kan structureel of op projectbasis. Dit scenario sluit nauw aan bij doelstellingen rond de Nota Cultuureducatie en Cultuurparticipatie. Dit scenario is vergelijkbaar met Bouwkeet Rotterdam (zie ook bijlage 2). Hierbij past een Bouwkeet in de talentenketen en zou daarnaast de “gap” opvullen tussen het praktijkonderwijs/vmbo en het creatief en technisch middelbaar onderwijs.

En daarnaast: ● ● ●

Welzijnspartners uit de coalitie (leerecosysteem) Wijkbewoners, amateurs Studenten en stagiaires van het mbo creatief, pedagogiek en sociaalmaatschappelijk werk in het kader van hun opleiding.

Programma’s Art-S-Cool werkt volgens de stappen van het creatieve proces. Dat wil zeggen dat het kind en jongeren geleerd worden eigen artistieke keuzes te maken in ontwerp, materiaal en uitvoering. Gebaseerd op huidige programma’s van Art-S-Cool en Bouwkeet Rotterdam kunnen de volgende programma’s ontwikkeld worden: Eigen programma’s voor in de vrije tijd. Gericht op kennismaking met de werkplaatsen en opdoen van diverse softskills en technieken; hierbij aansluiten op behoefte van kinderen en jongeren uit de wijk, en in relatie tot het leerecosysteem, zoals beschreven onder coalitie Schilderswijk hoofdstuk 2.2.1. Talentontwikkeling gericht op verdieping en mogelijke voorbereiding op creatief vervolgonderwijs.

14

Binnenschoolse programma’s, waar leerlingen producten maken in de verschillende werkplaatsen; Vakantieprogramma’s voor kinderen en jongeren die niet op vakantie kunnen en aan een maakproject te werken. Wijkprojecten, Maakprojecten ten dienste van de wijk en wijkbewoners. Open werkplaats: Voor projecten van wijkorganisaties en bewoners in aanwezigheid van werkplaatscoördinator. Effect ● Voor kinderen & jongeren betekent dit: ● Creatieve en technische vaardigheden ontwikkelen vanuit eigen Interesse zorgt voor borgen van kunst/techniek oriëntatie ● Werken vanuit creatief proces: zorgt voor ontwikkeling van softskills ● Mogelijke doorstroom naar technisch of creatief vervolgonderwijs ● Iets maken ten behoeve van de wijkbewoners Voor de wijkpartners- en bewoners is het effect: ● ● ●

Een plek waar buurtbewoners zich creatief en technisch kunnen ontwikkelen en aan buurtprojecten kunnen werken; Een plek om elkaar te ontmoeten; Stage- en ontwikkelplekken.

4.2. Organisatie Haagse Bouwkeet Op dit moment huurt Art-S-Cool vier lokalen in het voormalig schoolgebouw aan de Ferdinand Bolstraat 33. Dit pand is eigendom van de gemeente Den Haag, en staat op de begroting Cultuur. Naast Art-SCool worden op de plint enkele ruimtes gehuurd door welzijnspartners: Next Projecten, stichting Moeder & Dochter en stichting AASRA. Op de eerste en tweede etage verhuurt Stroom Den Haag ateliers. De gymzaal en de zolderetage van het pand moeten nog in opdracht van de gemeente

worden opgeknapt en kunnen zich daarna prima lenen voor het inrichten van werkplaatsen. Van de programma’s in de werkplaatsen kunnen overdag leerlingen van dichtbij gelegen buurtscholen gebruik maken, zoals Het Startpunt, Koningin Beatrixschool, Shri Vishnuschool, Het Startpunt, ‘t Palet, Schreuderschool, Prinses Marijkeschool, Buutplaats en vo-school Johan de Witt scholengroep. In de middagen zijn de werkplaatsen beschikbaar voor vrije tijdsprogramma’s en talentontwikkeling, zowel voor de kinderen en jongeren van Art-S-Cool als voor welzijnspartners. In de avonden, weekenden en vakantieperiodes kunnen de werkplaatsen voor meerdere groepen en doeleinden ingezet worden. Te denken valt aan buurtbewoners, kunstenaars in het pand, wijkpartners die projectmatig de werkplaatsen willen gebruiken. Ook kunnen vakantieprojecten worden geïnitieerd voor kinderen en jongeren die niet op vakantie gaan. In de realisatie van Haagse Bouwkeet is de voorkeursrichting is om te starten met werkplaats(en) onder de organisatie van Art-S-Cool. Voordeel hiervan is de bestaande basisorganisatie waarin onder andere directie en administratie, programmamanager en productiecoordinator reeds aanwezig zijn. Te denken valt aan: 1.

Stichting Art-S-Cool draagt zorg voor de organisatie op gebied van werkplaatsassistenten, programmering en uitvoering hiervan, het inroosteren van gebruikers van Art-S-Cool alsook van buurtpartners en kunstenaarsdocenten. Onder de bestaande organisatie zal een projectleider aangetrokken worden om dit scenario verder vorm te geven, een realistische begroting te laten maken en uitvoering te geven aan de realisatie.

15

2. Er wordt door stichting Art-S-Cool een aparte beheerstichting opgericht voor de Haagse Bouwkeet.

4.3 Financiering Haagse Bouwkeet 4.3.1. Initiële investering De initiële investeringskosten voor een Haagse Bouwkeet kunnen uiteenlopen. Kosten, hieronder genoemd, zijn een inschatting en geven een beeld van de orde van grootheid. In dit scenario wordt uitgegaan van 3-5 werkplaatsen waarbij Art-S-Cool de leidende rol heeft. Daardoor is er een basisorganisatie aanwezig. Voor de ontwikkeling, inrichting en het volledig startklaar maken van een Haagse Bouwkeet zijn investeringen nodig. Er zijn kosten verbonden aan de verbouwing van het pand, de inrichting van de werkplaatsen en de aanschaf en installatie van apparatuur. Daarnaast zijn er personele kosten voor voorbereiding, coördinatie en implementatie. In de eerste fase dient een projectleider te worden aangesteld die verantwoordelijk is voor de aansturing van een projectgroep en voor de coördinatie van het gehele ontwikkeltraject. Deze projectleider stuurt zowel het proces van planvorming als de uitvoering van de verbouwing en inrichting aan.

Gedurende de periode van verbouwing en inrichting lopen de vaste lasten door. De huur van het pand moet worden betaald voordat de exploitatie volledig van start gaat. Daarnaast zijn er diverse extra organisatiekosten, zoals verzekeringen, communicatie en vergader- en overlegkosten, en kosten voor vergunningen en eventuele inspecties. Voor de ontwikkeling en inrichting van de bouwkeet is een globaal kostenoverzicht opgesteld. In dit overzicht wordt gewerkt met een minimale en een waarschijnlijk maximale raming. De genoemde bedragen zijn nadrukkelijk indicatief en gebaseerd op ervaringscijfers en beschikbare jaarverslagen van oa Bouwkeet Rotterdam. De bedragen in dit overzicht dienen als uitgangspunt voor verdere uitwerking in een volgende fase. In die fase zullen offertes worden opgevraagd, technische specificaties worden vastgesteld en zal een gedetailleerde investeringsbegroting worden opgesteld. Op basis daarvan kan een financieringsplan worden ontwikkeld.

In de opstartfase moeten materialen en basisvoorraden worden aangeschaft voor de kunst- en techniekactiviteiten, zodat de werkplaatsen direct operationeel kunnen zijn. Tevens moeten de noodzakelijke veiligheidsvoorzieningen worden aangebracht, zoals afzuiginstallaties, brandveiligheidsvoorzieningen, opslagfaciliteiten voor materialen en gereedschappen, en persoonlijke beschermingsmiddelen. Ook deskundigheidsbevordering vraagt om investering. Medewerkers en betrokken professionals moeten worden getraind in het gebruik van apparatuur, veiligheidsprotocollen en gezamenlijke werkwijzen binnen de bouwkeet. 16

4.3.1.1. Investeringskosten kosten Projectleider Projectgroep

Inrichting werkplaatsen Materialen

investering voor 35 werkplaatsen

toelichting Projectplan, toezien op uitvoering en €30.000 - €60.000 verbouwing (0,5 tot 1 fte voor 1 jaar) Ontwikkelen programma, marketing €10.000 - €20.000 communicatie, … Tussen de 3 en 5 werkplaatsen; basisinrichting met oa werkbanken en basistools en machines zoals oa keramiekoven, zaagmachines, €100.000 - €250.000 naaimahines, computers, … €5.000 - €20.000

Klei, hout, licenties, …

Veiligheidsvoorzieningen

€10.000 - €20.000

Afzuiging, brandveiligheid

Training personeel

€312.000 - €20.000

Huur

€10.500 - €30.000

Organisatiekosten

€10.000 - €20.000

Totaal

€187.000 - €440.500

Huur 2-5 werkplaatsen voor 1 jaar. Sterk afhankelijk van de locatie Directie, administratie, verzekeringen, vergunningen

4.3.1.2. Dekking investering

Ramselaar schrijft in: Cultuur+Ondernemen over lenen in de cultuursector. Bouwkeet Rotterdam heeft door oproep te plaatsen, veel bruikbare apparatuur gekregen van scholen en bedrijven. Art-S-Cool ziet een gefaseerde ontwikkeling voor zich, waarbij de Haagse Bouwkeet stapsgewijs wordt opgebouwd en investeringen over meerdere jaren worden gespreid.

4.3.2. Exploitatiebegroting Voor de exploitatiebegroting gaan we ervan uit dat het programma gefinancierd wordt door projectsubsidies, fondsbijdragen en eigen inkomsten vanuit marges van opdrachten die nu al onderdeel zijn van de financieringsmix bij Art-S-Cool. Extra kosten voor de Haagse Bouwkeet bestaan uit personele lasten zoals de coördinatie en beheer van de werkplaatsen, werkplaatsbegeleiders, conciërge en jaarlijkse scholing van personeel. Daarnaast zijn er huisvestingskosten voor huur, energie, onderhoud en schoonmaak en afvalverwerking. Ook materiële lasten, waaronder verbruiksmaterialen, afschrijvingen op inventaris en apparatuur en kosten voor onderhoud en vervanging van machines en installaties zijn meegenomen. Ten slotte is er een inschatting gemaakt van de extra organisatiekosten zoals verzekeringen, ICT-voorzieningen, communicatie en algemene kantooren beheerkosten.

De investeringen om in de werkplaatsen professioneel, veilig en duurzaam te kunnen functioneren bestaan uit enkele fasen. Allereerst zal na het indienen van het haalbaarheidsonderzoek met de gemeente gekeken worden of een Haagse Bouwkeet in lijn ligt van het beleid, en welke mogelijkheden de gemeente vastgoed ziet in het huidige pand aan de Ferdinand Bolstraat. Voor de verdere inrichting en financiering voor de benodigde apparatuur zal Art-S-Cool is een financieringsmix belangrijk. Te denken valt aan crowdfunding zoals filmhuis Lantaren/Venster uit Rotterdam dat succesvol voor verbouwing van hun foyer heeft gedaan, samenwerking met het bedrijfsleven en/of een cultuur opstartlening waarover Alexander

17

4.3.2.1. Exploitatie kosten Exploitatie 3-5 werkplaatsen

Personele lasten

Coördinatie en beheer € 30.000 - € 55.000

0,5-0,8 fte

Werkplaatsbegeleiders € 150.000 - € 250.000

3 tot 5 fte

Beheerder/conciërge € 37.500 - € 50.000

0,75 - 1 fte

Jaarlijkse scholing € 12.000 - € 20.000 Huisvesting Huur € 10.500 - € 30.000 Energie € 10.000 - € 20.000 Onderhoud € 6.000 - € 8.000 schoonmaak en afvalverwerking € 10.000 - € 15.000 Materiële lasten Verbruiksmaterialen € 20.000 - € 35.000

Klei, hout, licenties, …

afschrijving € 20.000 - € 50.000 Onderhoud en vervangen apparatuur € 15.000 - € 30.000 Organisatiekosten organisatiekosten € 20.000 - € 35.000

administratie, directie, marketing, communicatie, ..

verzekeringen € 4.000 - € 6.000 Totaal € 345.000 - € 604.000

4.3.2.1. Dekking exploitatiekosten Financiële dekking van dit plan is deels uit Meerjarenbeleid Kunst en Cultuur en meerjaren exploitatiesubsidie van Fonds voor Cultuurparticipatie Co-creatie. Daarnaast marges uit activiteiten, donaties en opdrachten.

18

5. De Haagse Maakplaats: stedelijk & lokaal leerecosysteem Voor het haalbaarheidsonderzoek naar gebundelde werkplaatsen is gesproken met organisaties en instellingen in cultuureducatie, techniekeducatie en de Haagse kunstsector, onder andere met de Kunstacademie de KABK, Kunstmuseum Den Haag, Haagse Broedplaatsen, Technolab Leiden, TU Delft, ROC Mondriaan Techniek, Techkwadraat Haaglanden, Spirit4you, Stroom Den Haag en de Grafische Werkplaats. Vanuit de verschillende gesproken organisaties en doelgroepen klinkt een duidelijke behoefte aan werkplaatsen: ●

●

●

Voor professionele makers moet regionaal of landelijk niveau worden gereisd om gebruik te maken van werkplaatsen in ambachten en technieken. Door het tekort aan technisch geschoold personeel, ligt er een opgave om techniekonderwijs aantrekkelijker te maken en zo de uitstroom van het voortgezet onderwijs naar techniekonderwijs te vergroten. Meerwaarde van meervoudig gebruik door kinderen en jongeren, creatieve ondernemers en professionele kunstenaars en makers.

Verwondering over techniek moet zich binnen het leerecosysteem technische oriëntatie verankeren in studiekeuze. Verschillende initiatieven met aanbod in techniekpromotie hebben zich kenbaar gemaakt bij de gemeente. Er liggen kansen in een verbindende partij die samenwerking faciliteert en tevens toewerkt naar een overzichtelijke poort van het aanbod voor scholen en instellingen.

Binnen het Haagse kunstenveld bestaat een aantoonbaar tekort aan toegankelijke en gedeelde werkplaatsen voor ambacht, techniek en productie. Er ligt een motie Gebundelde werkplaatsen voor de stad aanvullend aan de nota Broedplaatsenbeleid 2025–2030 die stelt dat: ●

●

Den Haag weinig artistieke werkplaatsen heeft en de werkplaatsen die er zijn vaak alleen toegankelijk zijn voor leden of selecte groepen; Veel kunstenaars beperkte mogelijkheden hebben om zelf te investeren in duur of technisch materieel zoals keramiek-ovens, waterjets of 3D-printers, en individuele aanschaf overigens minder duurzaam is;

Organisaties zien in gedeelde werkplaatsen kansen om hun aanbod, samenwerking en duurzame productie te versterken, dat zich laat vertalen in het voorstel de Haagse Maakplaats. Door samen te werken in de realisatie van gebundelde openbare werkplaatsen kunnen gevestigde organisaties de huidige activiteiten beter uitvoeren, maar ook het aanbod versterken en uitbreiden door kruisbestuiving en innovatie. Gevoerde gesprekken en het onderzoek naar de toegankelijkheid van werkplaatsen voor jongeren en professionals in Den Haag heeft plaatsgevonden in de periode november-december 2025. Voor meer informatie hierover en vervolgstappen voor de realisatie van een Haagse Maakplaats kan contact opgenomen worden met Lilian Kreuzberger of Mechteld van Dijk en de afdeling Cultuur Jeroen Mul.

5.1. Haagse Maakplaats De Haagse Maakplaats bestaat uit één centrale en gebundelde openbare plek met werkplaatsen in kunst, techniek en ambacht. Bij voorkeur gevestigd in een Haagse aandachtswijk, goed bereikbaar vanuit Den Haag Zuidwest en het Centrum en met een actieve plint, omvat de maakplaats

19

minimaal 800 m² aan professioneel ingerichte werkplaatsen (van grafische en keramische faciliteiten tot digitale fabricage zoals lasersnijders, 3Dprinters en audiovisuele labs), aangevuld met opslag en lesateliers die ook als ‘third place’ functioneren. Het is een openbare, gedeelde maak- en leeromgeving waar kunstenaars, makers, studenten en kinderen (vanaf 8 jaar) samen gebruik maken van hoogwaardige faciliteiten; zo ondersteunt de plek zowel professionele praktijkontwikkeling als kunst-, techniek- en technologie-educatie en draagt zij bij aan kansengelijkheid. De Haagse Maakplaats betekent een aanzienlijke schaalvergroting in aanbod voor de stad en biedt daarmee een antwoord op een lacune in faciliteiten. Tevens fungeert zij als schakel binnen een breder stedelijk leer- en maak ecosysteem (in de Haagse APC-gebieden) in samenwerking met scholen, bibliotheken, buurthuizen, welzijnspartners, culturele instellingen, gemeente en CultuurSchakel. De Haagse Maakplaats is daarmee een Bouwkeet XL. De Haagse Maakplaats realiseert een gedeelde, toegankelijke infrastructuur in de stad vanuit het principe een leven lang leren. Toegang tot hoogwaardige apparatuur maakt discipline-overstijgende projecten, kennisdeling en experiment mogelijk, waardoor ambitieuze projecten binnen de stadsgrenzen kunnen worden gerealiseerd.

Tegelijkertijd vraagt de huidige tijd om een herbezinning op maakvoorzieningen die toekomstbestendig zijn en aansluiten bij maatschappelijke en technologische ontwikkelingen. Een sterk makersklimaat, samenwerking tussen sectoren en ruimte voor kunstenaarspraktijken zijn essentieel als motor voor innovatie en stedelijke ontwikkeling. Met een leerecosysteem met partners vanuit de kunsten, educatie en de creatieve economie, verwezenlijkt de Haagse Maakplaats de ambitie voor een duurzamer en inclusiever makersklimaat in Den Haag. Voor kinderen en jongeren betekent meervoudig gebruik van professionele werkplaatsen toegang krijgen tot rolmodellen, authentiek onderwijs en het leren van toekomstgerichte vaardigheden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17127096/1