CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS323383 Notulen van de raad van 10 juli 2025

Gemeenteraad 9 oktober 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 10 juli en 18 september 202561.485 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 7

Wethouder Vavier (GroenLinks). Ik zou daar toch een opmerking over willen maken. Wij dragen daar met elkaar gezamenlijk een verantwoordelijkheid voor. Wij voeren als college het initiatiefvoorstel Haagse Kracht uit. Als leden van uw raad steeds blijven zeggen dat dat een wassen neus is, heeft dat effect op hoe mensen op dat soort avonden zijn of op hoe zij die participatieverslagen lezen. Wij voeren uit waar uw raad ons opdracht toe geeft. Dat doen we met overtuiging. Mensen kunnen op allerlei manieren input leveren, ook via spreekuren, anonieme mails of wat dan ook. Als ze daar geen gebruik van maken, is dat wat het is. De VVD vroeg of het een financiële afweging is om deze multifunctionele locatie te ontwikkelen en de Oekraïners te verplaatsen. Nee, het is geen financiële afweging geweest. We werken aan optimalisatie van de opvangcapaciteit. Omdat we zo'n grote particuliere opvang voor Oekraïense ontheemden hebben, moeten we ook daarvoor extra plekken creëren. Op deze manier kunnen we het beter organiseren. Fatima Faïd (HSP). Mevrouw Verdonk zit te appen; ik ook en ik kreeg zojuist door dat mensen ook langs konden gaan bij het stadsdeelkantoor en zo. Er waren toch meerdere dagen waarop mensen informatie kregen? Het was toch niet alleen maar één dag? Dat wil ik even bevestigd zien. Wethouder Vavier (GroenLinks). Fijn, dank voor deze bevestiging van mevrouw Faïd.

Er zijn inderdaad ook inloopspreekuren geweest en er is ook online feedback opgehaald. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Voldoet het langsgaan bij het stadsdeelkantoor aan de eisen die de Participatieverordening stelt aan een goede participatie? Wethouder Vavier (GroenLinks). Ja, het voldoet sowieso aan de Participatieverordening, omdat het initiatiefvoorstel Haagse Kracht daar ook aan voldoet. En we hebben dus meerdere mogelijkheden gegeven voor het leveren van input en het delen van zorgen en vragen. Op die manier voldoet het. Rutger de Ridder (VVD). De VVD-fractie vindt dat het er om de volgende reden niet aan voldoet: er wordt in een heel hoog tempo besloten hoe die participatie plaatsvindt. In het dictum van het raadsbesluit over Haagse Kracht staat dat belanghebbenden en belangstellenden in de gelegenheid worden gesteld om een zienswijze te geven over het voornemen. Ik weet dat we het er in het debat over hebben gehad dat we het niet te veel willen juridificeren, maar als je er een hoog tempo op zet, kunnen mensen eigenlijk maar op één manier en op één moment hun mening geven en dan besluit het college al over het voorgenomen voorstel tot het definitieve besluit. Dat is hartstikke snel. Je moet meer tijd nemen om de mensen echt te laten participeren. Wethouder Vavier (GroenLinks). Ik bestrijd dat het maar op één moment en op één manier was.

Er zijn twee bewonersbijeenkomsten geweest. Er zijn inloopspreekuren geweest. Er is de mogelijkheid geweest om online feedback te geven. Er is de mogelijkheid geweest om telefonisch feedback te geven. Er is op allerlei manieren de mogelijkheid geweest om feedback te geven. Bewoners hebben ook ruim van tevoren de brief ontvangen. Ook hier hebben we het in de debatten rondom het initiatiefvoorstel Haagse Kracht uitentreuren over gehad. De heer De Ridder zegt het zelf al: we hebben met elkaar geconstateerd dat we het niet te veel willen juridificeren, want zo'n zienswijzeprocedure is heel uitgebreid en ook heel erg administratief. Vandaar dat we steeds voor deze oplossingen kiezen. We breiden dat ook uit, steeds ook op verzoek van uw raad, maar het is natuurlijk wel zo dat we niet eindeloos de tijd hebben om te reageren op een aanbod om gebruik te maken van een bepaalde ruimte. Dat is natuurlijk wel een bepaalde periode. Rutger de Ridder (VVD). We zijn het gewoon volstrekt oneens met dit college. Dat is gelukkig niet nieuw. Op 18 maart kan de kiezer daar iets over zeggen, maar het is wel belangrijk dat het college nu zegt dat er ineens een aanbod was. SoZa staat al sinds 2016 leeg. We zijn hier al jaren over aan het praten. Dat is niet nieuw. We weten ook al maanden dat de Raad van State nog geen uitspraak doet.

Hoezo zou het dan ineens snel moeten? Neem dan de tijd, neem de raad dan mee en doe het dan

18

helemaal volgens het boekje, helemaal extra, zodat ik daar een keer niets over kan zeggen. Maar dat doet het college niet. Wethouder Vavier (GroenLinks). Nee, we hebben dit proces precies gedaan zoals het initiatiefvoorstel Haagse Kracht van ons vraagt en zoals wij ook in de uitwerking door het college aan uw raad hebben laten weten, inclusief de termijnen en inclusief alle mogelijkheden die er zijn voor omwonenden en belanghebbenden om hun inbreng, hun zorgen, hun vragen en hun ideeën aan te geven. We hebben dit precies gedaan zoals uw raad dat van ons heeft gevraagd. De voorzitter. Nog één keer, meneer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Nee, dat is niet zo, want de procedure was simpelweg verkeerd om. Er lag hier immers al een voorstel voordat dat definitieve besluit inclusief het participatieverslag afgelopen dinsdag naar de raad is gestuurd. Dat kan ik er nu natuurlijk niet meer bij betrekken; dat gaat natuurlijk niet. Het proces is verkeerd. Dat zou de wethouder zich moeten aantrekken. Wethouder Vavier (GroenLinks). Ik heb hierover gezegd wat ik heb gezegd. De voorzitter. Mevrouw Verdonk, heeft u iets nieuws? Want dit punt is nu twaalf keer aan de orde geweest. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag).

Ja, maar als we een wethouder hebben die onwillig is om te antwoorden … Het klinkt niet complimenteus, maar het deed me een beetje denken aan - hoe is dat ook alweer? - 'draaien als een paling' of zo. Hier kom je toch niet uit met deze wethouder? Deze wethouder blijft maar draaien en blijft zich maar verschuilen. Ik vind dat gewoon echt een afgang voor het college, zeker ten opzichte van iedereen die zit te kijken en die op die avonden is geweest. De voorzitter. Wethouder Vavier zet haar betoog voort. Wethouder Vavier (GroenLinks). Dank, voorzitter. Ik ga verder met de gestelde vragen. Er is nog de vraag van de VVD wanneer de schop in de grond gaat en wanneer er gebouwd wordt. Dat is afhankelijk van de eigenaar van het gebouw en de verlening van de benodigde vergunningen. De verwachting is dat er in 2026 gestart gaat worden, maar dat is nog afhankelijk van een onherroepelijk bestemmingsplan en vergunningverleningen. Dan ga ik door naar een motie en het amendement. De motie van de VVD zal worden geapprecieerd door collega Van Asten. Ik begin met het amendement van het CDA, Samenwerking met de buurt bij opvang SoZa. Het college onderschrijft het belang van goede samenwerking en communicatie. Wij zullen een centraal telefoonnummer beschikbaar stellen waar omwonenden met vragen, zorgen of meldingen terechtkunnen. Dat zal 24/7 bereikbaar zijn.

Er is ook een centrale mailbox, er komt een webpagina en er komt ook een omgevingsoverleg waarin de gemeente, het stadsdeel, omwonenden en betrokken partijen met elkaar in gesprek gaan. Als uw raad dit amendement aanneemt, past het dus heel mooi in onze werkwijze. Het college kan dit amendement dus aan de raad laten. Dan de motie van de Haagse Stadspartij. Ik zal proberen deze zo creatief mogelijk te bezien. De Anna van Hannoverstraat 4, dat gebouwdeel, wordt gesloopt. Op het moment van de sloop worden daar natuurlijk geen mensen gehuisvest; dat moge duidelijk zijn. Wij huren nummer 6. Het is niet ideaal dat nummer 4 wordt gesloopt terwijl er mensen wonen in nummer 6, maar samen met de eigenaar en de aannemer wordt een sloopveiligheidsplan opgesteld. We gaan de kamers in gebouw 6 aan de sloopkant leeg laten. We proberen de overlast echt zo veel mogelijk te beperken, want het college herkent zeker de irritatie die mevrouw Faïd heeft uitgesproken: geluidsoverlast is echt verschrikkelijk. Gelukkig wordt er niet 's nachts gesloopt en ook niet in het weekend. Wij willen er ook zo veel mogelijk voor zorgen dat mensen die daar terechtkunnen, meteen mee kunnen doen aan de samenleving, meteen onderwijs kunnen volgen, meteen aan het werk kunnen en vrijwilligerswerk kunnen doen en overdag dus zo weinig mogelijk thuis zijn.

19

Fatima Faïd (HSP). Ik hoor hier heel vaak 'we moeten met bewoners, ondernemers en met iedereen in gesprek en allerlei plannen maken', maar ik hoor eigenlijk bijna nooit iets over de mensen waar het over gaat. Nu zegt de wethouder toe dat zij nog een heel goed plan gaat maken en hiernaar gaat kijken. Hebben de mensen die daar moeten wonen, daar een belangrijke stem in? Dat vraag ik me eigenlijk af. Wethouder Vavier (GroenLinks). Een belangrijke stem ten aanzien van de vraag of er al dan niet gesloopt zal worden, is niet aan de orde, want dat is aan de eigenaar van het pand. Zelfs wij hebben er geen stem in of het wel of niet gesloopt zal worden; dat is aan de eigenaar. Maar zoals gezegd zullen we aan die kant gebouw 6 vrijlaten, zodat er zo weinig mogelijk overlast is, maar wij vinden het ook ongelofelijk belangrijk om de mensen die daar gaan wonen, daarin ook een belangrijke 'say' te geven, met name doordat zij zo snel mogelijk meedoen aan de samenleving, zodat zij niet de hele dag in die kamer hoeven te zitten. Fatima Faïd (HSP). Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Ik snap het, maar het gaat mij erom dat ik heel vaak de inspraak en de participatie mis van de mensen waar het over gaat. Nu je dan toch ook gaat slopen, is dit weer een kans om ook de bewoners van het gebouw gewoon een goede plek te geven in de participatie. Dat is meer mijn verzoek.

Wethouder Vavier (GroenLinks). Jazeker. Dat kan natuurlijk heel goed via het sociaal beheer. Het helpt ook dat dit een gemeentelijke locatie wordt. We hebben daar dus zelf eigen regie op. Wat mevrouw Faïd aangeeft, is dus zeker mogelijk en dat zullen we ook doen. Dit betekent wel dat de motie niet uitvoerbaar is. Het college ontraadt dus deze motie. Wethouder Van Asten (D66). Voorzitter. Collega Vavier ging al even in op de motie van de VVD over de gang van zaken rond de Anna van Hannoverstraat. Ik ben blij dat de VVD-fractie zich schaart achter het SoZa-plan. Ik kan me tijden herinneren waarin daar anders over gedacht werd bij de liberalen, maar gelukkig staan de neuzen de goede kant op en kunnen we nu snel ontwikkelen. De voorzitter. U heeft nog geen inleidende zin uitgesproken en er is nu al een interruptie. Rutger de Ridder (VVD). Wij staan natuurlijk achter datgene wat de raad uiteindelijk heeft besloten, maar die 8 vierkante meter groen is nog steeds een punt voor ons. De voorzitter. Wethouder, u bent gewaarschuwd. Wethouder Van Asten (D66). Volgens mij was dat toentertijd niet het enige punt. Een deel van de bewoners wachten er ook op; een ander deel heeft nog steeds de bij de Raad van State aangespannen zaak. Daar wachten we op. Wij verwachten in juli een uitspraak van de Raad van State te horen, maar dat weten we niet zeker.

De motie vraagt de raad te informeren over de stappen die gezet moeten worden om over te gaan tot permanente invulling. Dat doen wij middels de CID-halfjaarrapportage. De motie vraagt om zo snel mogelijk alles in het werk te stellen om over te gaan tot definitieve invulling van SoZa. Dat hangt dus samen met de uitspraak van de Raad van State en met hoe VORM daarmee omgaat. Daarmee is deze motie overbodig. De voorzitter. Er is geen behoefte aan een tweede termijn. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. We gaan hier vanavond over besluiten.

Aan de orde is: G. Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies tijdelijke opvanglocatie Calandstraat 12 (RIS322600). 20

De beraadslaging wordt geopend. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Voorzitter. Wederom wil het college met stoom en kokend water een beladen casus door de raad duwen zonder dat er voldaan is aan de eisen van de Omgevingswet voor participatie. Er is zelfs niet voldaan aan de regel uit de eigen Participatieverordening dat omwonenden serieus betrokken moeten worden. Dat wil zeggen: meerdere vormen van invloed mogelijk maken. Er zijn berichten dat er inmiddels al anderhalf jaar gepraat wordt met de eigenaar. Klopt dat? En waarom is er dan niet eerder gestart met de participatie? Het raadsvoorstel voldoet formeel juridisch misschien wel aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, maar maatschappelijk gezien niet. In Laak zijn er namelijk veel zorgen bij omwonenden en is er veel kritiek op de invulling van de participatie. Mensen voelen zich wéér niet gehoord en niet serieus genomen. In de commissie heb ik de systeemwethouder Participatie gevraagd naar zijn mening hierover. Hij liet het bij opmerkingen zoals 'Ja, ik ben verantwoordelijk voor het systeem'. Hoe hij die verantwoordelijkheid invult, vertelt hij niet. Daarnaast geeft hij aan dat hij zijn collega's niet wil recenseren. Bestuurlijke loyaliteit is goed, maar mag niet leiden tot bestuurlijke lafheid.

Als de wethouder Participatie niet de hoeder is van een goede invulling van de participatie in onze gemeente, wie is dat dan wél? Wie toetst of de participatie de invulling krijgt die in het participatiebesluit bedoeld is? Wie onderneemt actie als er kritiek is op de participatie in onze stad? Denk aan de overvolle tribunes met mensen die teleurgesteld zijn over de participatie. Denk aan alle brandbrieven en de boze e-mails die we allemaal krijgen. Ik mag toch aannemen dat dit wake-upcalls zijn voor de wethouder Participatie. Kan de wethouder duidelijk en concreet aangeven wat hij als zijn taken en verantwoordelijkheden ziet als systeemwethouder Participatie? Adeel Mahmood (DENK). Ik wil mevrouw Verdonk vragen of zij het echt realistisch vindt dat één wethouder verantwoordelijk wordt gemaakt voor alle participatietrajecten van alle collega's. Dat zou betekenen dat hij als een soort interne toezichthouder of politieagent boven de collega's moet hangen. Is dat een wenselijke bestuurscultuur? U vroeg net in uw inbreng ook wie dat dan wél zou moeten doen. U doet dat vandaag vanuit uw positie als raadslid. Dit kunnen wij als raadslid doen. We kunnen verschillende wethouders op hun domein vragen stellen over participatietrajecten. Vindt u dat ook niet? Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Het antwoord mag duidelijk zijn: nee, dat vind ik natuurlijk niet.

Er is één systeemwethouder Participatie. Er is ook een systeemwethouder Financiën. Die kijkt of iedereen keurig binnen zijn eigen potje blijft. De wethouder Participatie kijkt of iedereen zich aan de eisen houdt die in de Participatieverordening staan, die het college gezamenlijk heeft vastgesteld. Adeel Mahmood (DENK). We hebben deze discussie natuurlijk al eerder gehad, maar het gaat mij vooral om de onuitvoerbaarheid van het bij één wethouder beleggen van de verantwoordelijkheid. Het is wel leuk voor popcorn en het is een fulltimejob, maar het is geen realistische bestuursvorm. Het is meer een recept voor bureaucratie en vertraging. Als we één wethouder vragen om dit allemaal te gaan controleren bij zijn collega's, wat zou dat dan volgens u betekenen voor de bureaucratie en de vertraging? Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Niets, als het goed georganiseerd wordt. Er is een systeemwethouder Participatie; daar zit hij. Hij heeft participatie in zijn portefeuille. Wat doet hij daar dan mee? Dat is precies mijn vraag. De voorzitter. De laatste keer, meneer Mahmood. Adeel Mahmood (DENK). Ja, tot slot. Volgens mij heeft de verantwoordelijke systeemwethouder meerdere malen duidelijk aangegeven hoe hij dit doet en borgt binnen het college. Wij hebben niet heel lang geleden een participatiebeleid vastgesteld. Ik wil u ook een vraag stellen over politieke inconsistentie.

U heeft niet lang geleden tegen het participatiebeleid gestemd en nu wilt u dat hetzelfde participatiebeleid tot op detailniveau wordt uitgevoerd met een strikte politieke handhaving van 21

hetzelfde beleid. Eerst bent u dus tegen het fundament en daarna klaagt u dat het huis niet stevig genoeg staat. Dat is op z'n zachtst gezegd ongeloofwaardig. Vindt u dat ook niet? Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ik hou niet zo van dit soort misselijke politieke spelletjes. Wij waren op zich heel erg voor die Participatieverordening, maar we hebben een amendement ingediend met daarin heel duidelijk de eis om regelmatig te rapporteren. Dat amendement is niet aangenomen. Daarom hebben wij tegen de Participatieverordening gestemd. Misschien kunt u dat nog eens goed nakijken in de notulen. Voor de rest vind ik dat als we een systeemwethouder hebben en als het college vindt dat er een systeemwethouder moet zijn, die wethouder ook een taak heeft. Anders is het zonde van de tijd en het geld. Kavish Partiman (CDA). Ik vind de vergelijking tussen de wethouder Financiën en de wethouder Participatie best goed gevonden, want u heeft er volstrekt gelijk in dat de wethouder Financiën erop toeziet of alle andere wethouders zich houden aan de financiële kaders die wij hebben meegegeven. Maar als er een project is, komt niet de wethouder Financiën maar de projectwethouder of de portefeuillehouder hier de financiële verantwoording afleggen. Dat is toch het systeem dat we hebben? Rita Verdonk (Hart voor Den Haag).

Ja, dat ben ik met de heer Partiman eens, maar als ik vraag hoe die wethouder zijn portefeuille en zijn systeemverantwoordelijkheid invult en als hij dan niet verder komt dan dat hij systeemwethouder is en dat hij zijn collega's niet gaat recenseren, vind ik dat zwak. Ik wil dat er inhoud gegeven wordt aan die portefeuille. Kavish Partiman (CDA). Ik denk nogmaals aan die vergelijking met Financiën. De inhoud die daaraan wordt gegeven, zit in het college. De systeemwethouder is er verantwoordelijk voor om binnen het college te kijken of zijn collega's zich houden aan de eisen die de raad heeft meegegeven en of de participatie goed verloopt. Maar de verantwoording naar ons toe wordt toch gedaan door de wethouder die verantwoordelijk is voor het project? Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). We hadden gisteren het debat over de jaarverantwoording. Die wordt toch echt gedaan door de wethouder Financiën. Ik zou dus graag ook zo'n debatje willen met de wethouder Participatie. De voorzitter. De laatste keer, meneer Partiman. Kavish Partiman (CDA). Daar zit toch wel een verschil in; dat weet mevrouw Verdonk ook wel. De programmarekeningen zijn er één keer per jaar. Dat is een heel ander type debat dan een regulier debat dat we met elkaar voeren, bijvoorbeeld over een opvanglocatie, het aanleggen van een weg of iets dergelijks. Daar heb je echt de portefeuillehouder voor.

De toetsing op participatie conform onze participatieregels is iets waar het college zich aan moet houden. Dat is onderling collegiaal belegd bij de leden van het college. Ik vind het dus toch een beetje raar dat er wordt gezegd dat we de systeemwethouder erbij moeten halen om even uit te komen leggen hoe de participatie in elkaar zit, want dat doen we ook niet elke keer met de wethouder Financiën. Dat is de vergelijking die uzelf maakte. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Dat doen we ook één keer in het jaar. Dan doen we voortaan ook één keer in het jaar een debat over de participatie. Ik kan me voorstellen dat er binnen het college gesproken wordt en dat er misschien kritiek is van wethouder Icar op zijn collega's. Dat hoop ik; ik weet dat niet, want hij geeft ons alleen aan dat hij zijn collega's niet gaat recenseren. Juist van de man die staat voor participatie in onze stad en die ziet hoeveel ongerustheid er is bij alle burgers in onze stad, zou ik weleens willen horen: daar is het misschien niet helemaal goed gegaan bij die wethouder, maar we hebben daar met elkaar goed over gesproken; er zijn leermomenten en die gaan we uitvoeren. Samir Ahraui (PvdA).

Mevrouw Verdonk weet toch dat het college altijd met één mond spreekt? Als wij van de projectwethouder een toelichting krijgen op hoe de participatie is verlopen, is dat toch namens het hele college, dus ook namens de wethouder Participatie? 22

Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Misschien zit ik in andere debatten, maar ik heb vaak helemaal niet het idee dat het college met één mond spreekt. Het ging hier zojuist over geluidsoverlast. Ik woon vlak naast het Koningin Julianaplein. Dáár zit de wethouder die verantwoordelijk is voor de verbouwing en alle bouwwerkzaamheden daar. We komen om in de herrie, maar dat mag wél en binnen een opvanglocatie mag dat ineens niet. Samir Ahraui (PvdA). Mijn vraag gaat over hoe onze bestuursorganen werken en hoe de verantwoordelijkheden in onze bestuursorganen georganiseerd zijn. Dat kan mevrouw Verdonk toch niet oneens zijn met mij? Zij kan misschien kritisch zijn op de uitwerking, maar mevrouw Verdonk kan toch niet ontkennen dat het college altijd met één mond spreekt en dat de projectwethouders, zoals collega Partiman zei, verantwoordelijk zijn voor de inhoudelijke invulling van de participatie? Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ik kan me voorstellen dat de projectwethouders verantwoordelijk zijn voor de participatie, maar dat, als ze die niet goed invullen volgens de lijnen die het college zelf heeft vastgesteld, de systeemverantwoordelijke wethouder Participatie dan zegt: ho, ho, jongens, dit hebben we met elkaar afgesproken en daar moeten jullie je ook aan gaan houden; de volgende keer dus graag een stapje erbij. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter.

Hoewel wij positief zijn over de aandacht voor taal en dagbesteding en de mogelijkheid voor de buurt om gebruik te maken van de plint, zijn wij echt kritisch op de locatie van deze opvang. Zoals wij steeds zeggen: je kunt alleen opvangen als je ook kunt dragen. Het is goed om te zien dat zich al 23 vrijwilligers hebben aangemeld, maar wij maken ons hier niet alleen zorgen over het draagvlak maar ook over de draagkracht. De zorgen waarover wij lezen en horen van omwonenden, kunnen wij goed plaatsen en hebben wij ook nog steeds. Er zijn hier nu al flinke leefbaarheidsproblemen: te weinig voorzieningen in verhouding tot het aantal mensen en problemen met de veiligheid, parkeren, afval en overlast, om er maar een paar te noemen. Welke maatregelen gaat het college nemen om deze problemen het hoofd te bieden? Hoe wordt hierin samengewerkt met de buurt om te kijken wat er nog meer nodig is om verschillende groepen fijn te laten samenleven? Wat het CDA betreft moet hier meer gebeuren dan alleen het begeleiden van de asielzoekers. Wat ons betreft kan dat wat steviger.

Daarom dienen we op dit punt de motie Goed plan voor de Calandstraat in, met als dictum: verzoekt het college een integraal plan te maken waarin staat welke concrete maatregelen worden genomen om de leefbaarheid en draagkracht in (dit deel van) Laak te versterken, in dat plan duidelijk inzicht te geven in de financiële onderbouwing van deze maatregelen en zich in te zetten voor een goede afstemming met het Rijk om te waarborgen dat de benodigde middelen beschikbaar komen om de leefomgeving daadwerkelijk te kunnen verbeteren, zodat er voldoende draagkracht is om hier asielzoekers te kunnen huisvesten. Rutger de Ridder (VVD). Meneer Partiman is heel kritisch, maar gaat er wel gewoon van uit dat het allemaal goed komt. Is dat een beetje de conclusie? Kavish Partiman (CDA). Nee, daar ga ik niet van uit. Daarom dien ik een motie in die vraagt om een plan om dit echt goed in kaart te brengen, zodat we daar met elkaar over kunnen spreken, een vinger aan de pols kunnen houden en kunnen bijsturen als dat nodig is. Rutger de Ridder (VVD). Ja, maar ik hoor wel dat het CDA gewoon voor dit bindend advies gaat stemmen. Al die kritische woorden komen allemaal dus achteraf. De politiek komt dus nog wel van dit college, zeg maar. Kavish Partiman (CDA). Kritisch zijn en tegen iets zijn zijn twee verschillende dingen. We zijn hier kritisch op, maar we zijn er niet per definitie tegen.

We willen wel dat de draagkracht van de wijk verbeterd wordt, zodat de opvang van die mensen daar kan plaatsvinden, maar we zeggen niet per definitie dat we dat daar helemaal niet willen hebben. De voorzitter. De laatste keer, meneer De Ridder. 23

Rutger de Ridder (VVD). Dan concludeer ik dat die inleidende woorden van meneer Partiman en van zijn collega in het commissiedebat eigenlijk helemaal niets voorstellen, want klaarblijkelijk zijn er allerlei zorgen maar worden die zorgen verder niet concreet. Er gebeurt uiteindelijk dus niks. Dat vind ik jammer. Kavish Partiman (CDA). Die appreciatie laat ik bij de heer De Ridder. Ik concludeer dat we hier juist proberen om constructief met elkaar te kijken naar oplossingen om het beter te maken. Dat is de stijl van politiek die ik voorsta. Massimo Etalle (FVD). Als de motie van de heer Partiman het niet haalt, stemt hij dan tegen dit voorstel? Kavish Partiman (CDA). Nee, dat is die constructieve houding die ik probeer te hebben. Ik probeer een voorstel beter te maken en ik probeer voorstellen in te dienen om dit werkbaar te maken. We gaan kijken. Er zijn in het jaar ook meerdere momenten waarop je kan bijsturen als het niet goed gaat. Dat hoort ook gewoon een beetje bij besturen. Massimo Etalle (FVD). U zegt dus dat u een voorstel indient om het werkbaar te maken. Als dat niet lukt, dus als het niet werkbaar gemaakt wordt, stemt u dan tegen? Of betekent dat gewoon niets en is het een showtje? Kavish Partiman (CDA). Mijn partij is niet zo van shows. Ik denk dat u daar beter in bent dan ik.

Maar dat gezegd hebbende: er ligt hier een voorstel waarin we zeggen dat we willen dat de draagkracht van die wijk beter wordt. We proberen echt constructief te kijken naar hoe we dat voor elkaar kunnen krijgen. Daarvoor dienen we een voorstel in. Ik hoop gewoon op uw steun daarvoor en ik hoop dat dat voorstel wordt aangenomen, maar dit is wat ons betreft niet randvoorwaardelijk, want we hebben te maken met een opgave en er moeten daar mensen opgevangen worden. Als het nu niet lukt, gaan we op een ander moment kijken hoe we het beter kunnen doen. Of misschien krijg ik de toezegging van de wethouder dat ze dit gewoon gaat doen. Dan is stemming over mijn motie wellicht niet eens nodig. De voorzitter. Meneer De Ridder, heeft u iets nieuws? Is er iets nieuws gewisseld? Rutger de Ridder (VVD). Een amendement op het bindend advies had ook een onderdeel van dit debat kunnen zijn, maar het CDA heeft ervoor gekozen om een motie te maken. Als je er een onderdeel van het besluit van maakt, moet het college het uitvoeren. Nu kan het college dit naast zich neerleggen. Bent u dat met mij eens? Kavish Partiman (CDA). In theorie heeft de heer De Ridder gelijk, maar daar moet ik gelijk bij zeggen dat ik niet zo wantrouwend ben ten opzichte van het college. Rutger de Ridder (VVD).

We hebben toch wel vaker gezien dat het college een motie dan zo inricht dat het denkt: nou ja, nu is zij niet zo heel schadelijk; dat komt wel goed? Kavish Partiman (CDA). Die typering laat ik bij de heer De Ridder. Ik heb nog geen appreciatie van de motie gehoord van het college. Ik wil die dus even afwachten. De voorzitter. Door de heer Partiman wordt de volgende motie (G.2 CDA) ingediend:

24

Motie G.2 CDA Goed plan voor de Calandstraat De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 10 juli 2025, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies tijdelijke opvanglocatie Calandstraat 12 (RIS322600). Constaterende, dat: ▪ de wijk Laak rondom de Calandstraat al kampt met diverse leefbaarheidsproblemen, zoals overlast door afval, onvoldoende parkeergelegenheid, een tekort aan groen en voorzieningen, onveilige verkeerssituaties en slechte straatverlichting; ▪ de geplande opvang van circa 250 asielzoekers een extra druk legt op de beperkte draagkracht van de wijk; ▪ de wethouder heeft toegezegd deze leefbaarheidsproblemen te verbeteren en hierover te rapporteren in de voortgangsrapportage. Overwegende, dat: ▪ het van groot belang is dat deze verbeteringen niet alleen benoemd worden, maar ook gepaard gaan met een concreet plan met maatregelen én een heldere financiële onderbouwing; ▪ het rijk als opdrachtgever verantwoordelijk is voor het mede financieren van de noodzakelijke investeringen in de leefbaarheid en voorzieningen, zodat de wijk voldoende draagkracht krijgt om de opvang op te vangen; ▪ tot op heden nog geen integraal en financieel onderbouwd plan is gepresenteerd waarin de aanpak van de leefbaarheidsproblemen en de financiering daarvan duidelijk worden gemaakt.

Verzoekt het college: ▪ een integraal plan te maken waarin staat welke concrete maatregelen worden genomen om de leefbaarheid en draagkracht in (dit deel van) Laak te versterken; ▪ in dat plan duidelijk inzicht te geven in de financiële onderbouwing van deze maatregelen; ▪ zich in te zetten voor een goede afstemming met het rijk om te waarborgen dat de benodigde middelen beschikbaar komen om de leefomgeving daadwerkelijk te kunnen verbeteren, zodat er voldoende draagkracht is om hier asielzoekers te kunnen huisvesten. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Rutger de Ridder (VVD). Voorzitter. De VVD is geen voorstander van grootschalige opvang in Den Haag. Er zijn uitzonderingen, zoals op de Regulusweg, maar opvang moet kleinschalig zijn, zodat een wijk die ook kan dragen. Implementatie van de opvang moet ook kunnen en moet passen. Je wil voor de wijk maar ook voor de mensen die we opvang bieden niet dat de wijk het niet aankan, want anders krijgen kwetsbare mensen het moeilijk. Het is voor asielzoekers immers al ingewikkeld om te aarden op hun tijdelijke plek. Voor omwonenden die al kampen met problemen, zet je de deur open voor extra onveiligheid en onleefbaarheid. De VVD ziet rond de Calandstraat maatschappelijke problemen van hier tot ginder: economisch niet sterk, de veiligheid ondermaats.

We moeten investeren in dit gebied, niet desinvesteren, maar dit college heeft lak aan deze mensen. De VVD niet; de VVD komt voor hen op. Daarom zal de VVD tegen dit voorstel stemmen. Hera Butt (GroenLinks). De VVD heeft het over de draagkracht van wijken en kwetsbare wijken. Kan de VVD misschien een top 3 geven van wijken waar het college wél vluchtelingen zou moeten opvangen? Rutger de Ridder (VVD). Er zijn talloze wijken waar het goed zou kunnen. Talloze; ik denk dat dat er meer dan tien zijn, misschien wel meer dan twintig. Maar die voorstellen zie ik niet. Als u denkt dat 25

de VVD alleen maar een partij is die … Want u wilt natuurlijk horen: de Vogelwijk, Benoordenhout, Bezuidenhout, Scheveningen, Statenkwartier, Geuzenkwartier. Dat wilt u allemaal horen. Daar kan het ook wel, als het past, kleinschalig. De VVD is daar nooit tegen geweest. Hera Butt (GroenLinks). Ik had een top 3 gevraagd maar de VVD geeft mij meer dan ik heb gevraagd. Daar ben ik op zich blij mee. Het is goed om te horen; met dit lijstje kan GroenLinks wel wat. Rutger de Ridder (VVD). Het cynische is dat mevrouw Butt wil impliceren dat de VVD er maar voor een klein deel van de stad is. De VVD is er voor heel de stad, voor alle mensen in de stad die onze hulp nodig hebben. Voor mensen rondom de Calandstraat, rond dit gebied, hebben wij allerlei maatregelen genomen, maar toch kiest het college ervoor om hier 250 asielzoekers neer te zetten. De VVD vindt dat zeer onverstandig. De voorzitter. De laatste keer, mevrouw Butt. Hera Butt (GroenLinks). Dat was niet wat ik wilde impliceren, absoluut niet. Dus als dat zo is overgekomen … Ik ben juist heel blij dat de VVD hier al die wijken heeft genoemd en dat de VVD ook breed voor opvang van vluchtelingen is. Rutger de Ridder (VVD). De VVD is voor het uitvoeren van de wet. Zolang die wet er is, zullen we dat moeten blijven doen, maar wel met wat passend is, dus niet zomaar overal en niet door het erdoorheen te duwen. Massimo Etalle (FVD).

Denkt de heer De Ridder dat de opvang, ook als die elders zou zijn, goed zou zijn voor Den Haag? Rutger de Ridder (VVD). Nee, de VVD is een heel groot voorstander van het omlaag brengen van de asielinstroom in dit land. Dat doen wij in alle mogelijke samenstellingen om ervoor te zorgen dat dat gebeurt. Dat doen onze collega's in de Tweede Kamer. Hier in Den Haag moeten we zorgen dat het verdienvermogen en de economische kracht van Den Haag vooruitgaan. Daar doen wij talloze voorstellen voor. In principe is het opvangen alléén niet fantastisch. Massimo Etalle (FVD). Toch hebben we hier dankzij de VVD een Spreidingswet, waardoor wij verplicht zouden zijn om deze mensen op te vangen. Ik vind het dus heel krom dat u zegt dat de VVD dit in de Tweede Kamer probeert tegen te gaan. De Spreidingswet, waardoor we dit probleem überhaupt hebben in Den Haag, komt uit de Tweede Kamer. Rutger de Ridder (VVD). De Haagse VVD is altijd tegen die Spreidingswet geweest. Kijkt u maar al die debatten na die mijn collega mevrouw Van Basten Batenburg heeft gevoerd. Wij zijn niet de Tweede Kamer. Wij zijn de gemeenteraad. Als er een wet is, zullen we die uit moeten voeren. Dat geldt voor álle wetten, zeg ik in de richting van een aantal collega's in deze raad. Samir Ahraui (PvdA). Ik denk dat we hier afgelopen week een goed debat over hebben gehad in de commissie.

Volgens mij konden de heer De Ridder en ik best wel goed nader tot elkaar komen in dat debat. We hebben het daarbij ook gehad over wat wij moeten doen om de zorgen die er leven of de risico's die er zijn, op een goede manier te kunnen laten landen. Ik had eigenlijk verwacht dat de VVD met een voorstel zou komen of hier nog vragen over zou hebben. Ik heb dat in deze inbreng niet gehoord. Ik vraag me af welke andere afweging in de tussentijd gemaakt is. Rutger de Ridder (VVD). Mijn fractie heeft daar goed over nagedacht: wat moeten we nou en wat kunnen we hier nou doen? Gelet op alle randvoorwaarden kunnen we eigenlijk niks doen, want je moet veel langer en echt investeren in dit gebied om de kracht van die wijk sterker te maken. Daar doen we met het Actieplan Laak en andere dingen van alles voor. Ik denk dus dat dit besluit gewoon niet genomen moet worden en dat het afzwakken van dit besluit onvoldoende gaat zijn. Overigens was 26

ik wel blij dat de Partij van de Arbeid een uitgestoken hand aanreikte. Dat is altijd goed om te horen, zeg ik tegen alle collega's. Samir Ahraui (PvdA). Helder, maar ik ben nog op zoek. Het CDA heeft net een motie ingediend om nog met een actieplan te komen, ook voor die draagkracht en die leefbaarheid. We moeten de appreciatie nog horen, maar ik hoorde dat de VVD ook daar kritisch op is. We zullen zien wat de VVD bij de stemming daarover doet, maar omdat we weten dat deze locatie er komt, lijkt het mij heel goed om met alle betrokkenen aan zo'n actieplan of aan maatregelen te kunnen werken om in ieder geval iets te doen. Ik zoek een beetje naar waar nog ruimte zit, want ik weet dat de VVD nog steeds tegen het voorstel zal stemmen, maar ik hoop dat de VVD wel bereid is om aan dat soort dingen te blijven meewerken. Rutger de Ridder (VVD). Ik was daar kritisch op, omdat ik het betoog van de heer Partiman dermate scherp en in lijn met mijn eigen betoog vond dat ik eigenlijk had verwacht dat de conclusie zou zijn dat het daar niet kan, maar ik denk dat de motie heel makkelijk afgedaan kan worden door het college. Ik snap natuurlijk wat er in die motie staat, maar ik denk niet dat dat de oplossing gaat zijn en dat het daarmee goed gaat komen met die opvang. Maar ik kijk daar wel zeer welwillend naar; dat wel. Massimo Etalle (FVD). Voorzitter.

Het college wil een azc voor 250 man openen op de grens tussen Laak en de Schilderswijk, een onbegrijpelijke en zeer onverantwoorde keuze. Terwijl overal in Nederland gemeenten besluiten om niet door te gaan met de plaatsing van azc's, besluit het college de opvang van maar liefst 250 man in de meest kwetsbare wijken te plaatsen. Hoe komt het college tot zo'n keuze? Als de keuze gaat tussen het gunnen van woonruimte aan een starter die een gezin wil stichten en het gunnen van woonruimte aan een asieltoerist die in Nederland de beste service verwacht, kiest het college voor de asieltoerist. Wanneer het college voor de onmogelijke uitdaging staat om iets te doen aan de laaggeletterdheid van 50% in het Laakkwartier, besluit het nog eens 250 laaggeletterden te huisvesten. Wanneer 45% van Laak zegt zich weleens onveilig te voelen op straat, besluit het college daar nog een hoogrisicogroep te huisvesten. In het Laakkwartier is de omvolking bijna compleet: minder dan een op de vijf inwoners heeft nog de Nederlandse achtergrond. Is dit nou echt wat de wijk nodig heeft? Rutger de Ridder (VVD). Een punt van orde, voorzitter: wilt u de heer Etalle vragen of hij 'omvolking' bedoelt als algemene term of dat hij daarmee doelbewust bedoelt dat dit college daarmee bezig is? In dat laatste geval moet hij dit wat mij betreft terugnemen. Massimo Etalle (FVD).

Omvolking is het proces waarbij de inheemse bevolking wordt vervangen door de andere bevolking. Dat kan doelbewust zijn of niet. Ik denk niet dat hier in dit geval een heel groot plan achter ligt, maar het is wel duidelijk een gevolg van het beleid. Als je dit soort keuzes gaat maken, verandert de bevolkingssamenstelling van een wijk. De voorzitter. Het is mij duidelijk. Ik vind dit niet in overeenstemming met de goede toon. Zet uw betoog voort, maar onthoud u zich van dat soort begrippen en woorden, welke definitie we daar ook aan geven. Gaat uw gang, meneer Etalle; u bent daar best toe in staat. Massimo Etalle (FVD). De gemeente sust de zorgen uit de wijk met de belofte dat er dagbesteding en een beveiliger zullen zijn, maar hoe gaat de gemeente voorkomen dat de asielzoekers in het rijke criminele circuit van Laak terechtkomen? En is de burgemeester bereid garant te staan voor de veiligheid van de omwonenden en, mocht een inwoner van deze opvang een ernstig misdrijf plegen, op te stappen? Hoe verwacht de gemeente dat de integratie gaat verlopen in een wijk waar 80% van de inwoners geen Nederlandse achtergrond heeft? Hiermee wil ik niet zeggen dat de opvang ergens in de stad wél een goed idee zou zijn. Forum voor Democratie wil dat Den Haag net als een op de drie andere gemeenten in Nederland deze opvang weigert.

Als de wethouder dat niet wil, krijg ik graag antwoord op één essentiële vraag: is de plaatsing van dit azc goed voor Den Haag?

27

Samir Ahraui (PvdA). Een interessante inbreng. Het zal u niet verbazen dat ik daarover zo mijn mening heb, maar deze locatie is drie keer in de commissie besproken. Was het niet heel goed geweest als we Forum voor Democratie gewoon eens een keer hadden gezien in die commissiedebatten, zodat we daar het inhoudelijke debat over die locatie hadden kunnen voeren in plaats van dat we dit opeens op het laatste moment op deze manier moeten horen in de besluitvormende vergadering of alleen bij de vergunningverlening? Massimo Etalle (FVD). Hier kan natuurlijk een of ander procedurepunt van gemaakt worden, maar de realiteit is dat 250 asielzoekers opgevangen gaan worden in Laak. Dat is gewoon een ontzettend slecht idee. Als iedereen hier gewoon verstandig was, werd dit dus weggestemd. Ik stel een paar fundamentele vragen. Als ik daar antwoord op krijg, zou ik misschien iets minder bezorgd zijn en zou het college misschien denken: dit is geen goed idee; de stad en Laak kunnen dit niet aan en we gaan dit dus niet doen. Samir Ahraui (PvdA). Het is helemaal geen proceduregeneuzel, want we hebben het hier al maandenlang over de locatie die we hier gaan realiseren. We hebben daar al meerdere debatten over gevoerd, inhoudelijk, ook over waarom voor deze locatie gekozen is.

Als Forum voor Democratie daar echt zorgen over heeft, verwacht ik ook dat het zijn volksvertegenwoordigende taak vervult op de momenten waarop we die debatten voeren. Het is nu alsof je een marathon aan het lopen bent en kort voor de finish opeens bedenkt: o, ik vind dit eigenlijk niet zo heel goed en ik ga dus even allerlei kritische vragen stellen die in die commissiedebatten allang aan de orde zijn geweest. Ik zou dus eigenlijk nogmaals willen vragen om die rol dan gewoon goed te vervullen, zodat we dit soort gekke proceduredingen in dit soort debatten niet hoeven te doen. Massimo Etalle (FVD). Als de heer Ahraui zo graag een inhoudelijk debat wil voeren, kan hij inhoudelijk ingaan op de punten die ik zojuist opgebracht heb. Dat is niet gebeurd. Daar trek ik dus ook mijn conclusies uit. De voorzitter. De laatste keer, meneer Ahraui. Samir Ahraui (PvdA). Als de heer Etalle zo graag met ons wil debatteren, daag ik hem uit om gewoon elke week hier in het stadhuis aanwezig te zijn. Ik ben hier elke woensdag en donderdag voor elk commissiedebat dat geagendeerd is. Daar kunnen we het debat met elkaar voeren. Daar wil ik met alle liefde met u de degens hierover kruisen. Nu opeens op het allerlaatste moment dit soort vragen stellen is natuurlijk gewoon een beetje flauwekul. Massimo Etalle (FVD). Ik hoor geen vraag. Lesley Arp (SP).

Ik hoor Forum voor Democratie allemaal hartstochtelijke punten maken over Laak en de Schilderswijk. Laak wordt gepresenteerd als een broeinest van criminaliteit. Ik woon in dat broeinest. Ik woon daar met trots; dat wil ik nog even aangeven. Als Forum zich zo druk maakt over de veiligheid van die wijken, sluit ik me toch wel aan bij de heer Ahraui: waarom gaat Forum dan niet gewoon naar de behandeling van het programma Veiligheid of alle andere veiligheidsdebatten om daar een punt te maken voor die wijken waar het zich zo om zegt te bekommeren? Of gaat het echt alleen maar over asiel, asiel, asiel en is dit gewoon een one-issuepartij? Massimo Etalle (FVD). Door de SP wordt eigenlijk hetzelfde punt opgebracht, maar als jullie de veiligheid zo belangrijk vinden, stemmen jullie tegen dit plan. Dan zorgen jullie ervoor dat er geen 250 asielzoekers in Laak gehuisvest worden en dan ga je niet grappig zitten doen over aanwezigheid, want de werkelijkheid is dat de mensen daar in die wijken gebukt zullen gaan onder de gevolgen van dit azc, dat de laaggeletterdheid verder zal dalen, dat nog meer mensen zich onveilig zullen voelen op straat en dat jullie hier allemaal voor gaan stemmen. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). In het kader van de binding en het feit dat we hier allemaal op een fatsoenlijke en correcte manier met elkaar zouden willen en moeten omgaan: ik ben blij dat u er 28

bent en ik waardeer het dat u hier de kans benut om uw gezichtspunten toe te lichten. Ik ben het ook niet overal mee eens, maar daarvoor hebben we het debat. Ik vind het vingerwijzen naar elkaar wel een beetje kleinzielig. De voorzitter. De laatste spreker in de eerste termijn namens de raad is mevrouw Butt namens GroenLinks. Nee, zij ziet daarvan af. Wethouder Vavier (GroenLinks). Voorzitter. Er zijn een aantal vragen gesteld door mevrouw Verdonk. Klopt het dat er al anderhalf jaar gepraat wordt met de eigenaar? Ja, dat klopt. De Calandstraat wordt een locatie van het COA. Het COA praat al een poosje met de eigenaar. Als een locatie in beeld komt bij het COA, wordt dat met ons besproken. Vervolgens gaan wij over tot een zorgvuldige interne afweging. Dat proces kost tijd. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). De vraag is natuurlijk of er dan niet eerder had kunnen worden begonnen met de participatie. Wethouder Vavier (GroenLinks). Zoals ik zei, is dat een zorgvuldige interne afweging, ook met het COA. Je wil dus vooral eerst zeker weten dat het pand inderdaad geschikt is. Je wil eerst zeker weten dat ook de afspraken met het ministerie en met het COA allemaal in orde gaan komen en dat er een bestuursovereenkomst gesloten kan worden. Dat proces kost tijd. Soms duurt dat anderhalf jaar, soms duurt het iets korter en soms duurt het nog langer. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag).

Is er iets tegen om die trajecten parallel te laten lopen? Wethouder Vavier (GroenLinks). Het komt ook weleens voor dat we in gesprek zijn met het COA over een locatie die dan niet doorgaat. Het is dus niet zinvol om een participatietraject op te starten als je nog niet zeker weet dat het door kan gaan. We hebben in deze raad een aantal voorbeelden gehad. Er is er eentje niet doorgegaan omdat uiteindelijk de huurovereenkomst niet getekend kon worden. Dat heeft heel veel onrust veroorzaakt. Het college wil dat heel graag voorkomen. De voorzitter. De laatste keer, mevrouw Verdonk. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Juist dat eerste traject zou heel mooi zijn, want dan hoor je ook wat de bewoners ervan vinden. Dan kun je nog het besluit nemen om het niet door te laten gaan omdat alle omwonenden er zo tegen zijn. Wethouder Vavier (GroenLinks). Dat klinkt heel mooi, maar het gaat er vooral om dat wij zeker moeten weten dat het mogelijk is op zo'n locatie en dat we niet een traject willen opstarten voordat we die zekerheden hebben. Het is overigens goed om op te merken dat gedurende het participatieproces van de Calandstraat het initiatiefvoorstel Haagse Kracht nog niet was aangenomen en dat ook de Participatieverordening nog niet was aangenomen.

Zoals wij destijds bij het voorgenomen besluit van het college hebben aangeven in de brief, hebben we alvast gehandeld in de geest van het initiatiefvoorstel Haagse Kracht, maar het voorgenomen besluit en het besluit daarna werden genomen voordat de Participatieverordening in werking trad. Er zijn wat vragen gesteld door Forum voor Democratie. Hoe gaan we voorkomen dat asielzoekers in het criminele circuit terechtkomen? Allereerst vinden we het natuurlijk voor álle inwoners van Den Haag belangrijk dat mensen niet in het criminele circuit terechtkomen. Dat kan uw raad hopelijk met het college eens zijn. Zoals de heer Partiman terecht aangaf, zullen we natuurlijk ook investeren in deze groep mensen door taallessen en ook weer door de balie van Den Haag Werkt, zodat mensen zo snel mogelijk onderdeel kunnen uitmaken van onze samenleving. Is deze plaatsing van het azc goed voor Den Haag? De inzet van deze locatie is vooral noodzakelijk om de taakstelling te halen. Den Haag kan dit ook goed dragen. Ook in Laak is dit echt heel goed mogelijk. Daarmee stap ik meteen over op de motie die de heer Partiman heeft ingediend. Die motie wil het college graag aan uw raad laten. Wij zien dat het belangrijk is om voor de locaties die we nu aan het ontwikkelen zijn - Haga, straks hopelijk ook SoZa, als uw raad daar vandaag mee 29

instemt, en ook de Calandstraat en de andere locaties - een goed plan te maken voor het sociaal beheer en ook om de zorgen te mitigeren die ook uit het participatieproces zijn gekomen, zoals het donkere straatje om de hoek bij het benzinestation, de verkeerssituatie, het gebrek aan groen. Dat willen we allemaal in dat plan vastleggen. Het college kan dus goed uit de voeten met de motie van het CDA. Massimo Etalle (FVD). Wethouder Vavier zei dat ze wil voorkomen dat überhaupt iemand in Den Haag in het criminele circuit terechtkomt. Dat begrijp ik, maar dit gaat om een risicogroep en om mensen die net in Nederland zijn, in een risicowijk. Erkent de wethouder dat er hier een verhoogd risico is? Wethouder Vavier (GroenLinks). Nee, over deze locatie hebben we ook advies gevraagd aan de driehoek. De driehoek heeft ons een aantal adviezen gegeven over hoe we het beste kunnen omgaan met deze locatie, bijvoorbeeld qua beveiliging, sociaal beheer en het nemen van een aantal maatregelen in de buitenruimte, omdat er daar ook gure plekjes zijn. Wij zullen daar dus ook investeringen in doen. Dat gaan we allemaal opschrijven in het plan waar de motie van het CDA om vraagt. Daar zullen we uw raad ook graag over informeren. Massimo Etalle (FVD).

Ik ben er nu eigenlijk nog minder gerust op dan hiervoor, nu de wethouder niet eens erkent dat er een verhoogd risico is op criminaliteit bij het huisvesten van asielzoekers in Laak. Ook heb ik geen antwoord gekregen op mijn vraag hoe de gemeente verwacht dat de integratie gaat verlopen in een wijk waar 80% geen Nederlandse achtergrond heeft. In welke bodem komen deze mensen terecht? Wethouder Vavier (GroenLinks). Laak is allereerst een stadsdeel dat heel rijk is aan allerlei verschillende mensen. Heel veel geweldige culturen komen daar samen. In de afgelopen periode is in het Laaktheater bijvoorbeeld een geweldige serie georganiseerd, From Laak with Love, waar allerlei verschillende bewonersgroepen vanuit verschillende culturen kennis met elkaar hebben gemaakt, hun eigen cultuur en eetgewoonten met elkaar hebben gepresenteerd en samen vooral hebben gewerkt aan verbinding. Ik ben hartstikke trots op Laak en hoe Laak ook standhoudt, gegeven de vele uitdagingen die er ook zijn in Laak. We hebben niet voor niks gezamenlijk een actieplan met elkaar opgesteld. Daar werken we met elkaar gestaag aan, maar ik zie vooral ook een Laak dat heel veerkrachtig is en dat ook heel rijk is aan heel veel verschillende soorten bewoners.

Op de bewonersavond die we in januari hebben georganiseerd, hebben ontzettend veel vrijwilligers zich aangemeld die juist een bijdrage willen leveren aan de integratie van de mensen die hier op deze locatie komen te wonen. Dat is voor de heer Etalle hopelijk een geruststelling. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ik wil graag iets scherp stellen. Anderhalf jaar wordt er onderhandeld met de eigenaar. In die periode kiest het college er bewust voor om niet te gaan praten met de burgers. Het gevolg is dat deze omwonende burgers geen enkele zeggenschap hebben in het besluit. Wethouder Vavier (GroenLinks). Dit is een constatering. Ik ben hierop ingegaan. Dit is een normale gang van zaken. Soms voert het COA deze gesprekken eerst even zonder ons met een eigenaar. Dit is per locatie ook verschillend. Wij vinden het als college ook belangrijk dat we zeker weten dat de financiering rond is en dat de huurcontracten goed rond zijn voordat we die gesprekken voeren met de buurt. Ik hoop dat ook uw raad dat belangrijk vindt. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Die omwonenden hebben daar iedere dag te maken met zo'n opvanglocatie. U zegt dat dit de normale gang van zaken is. Nee, dit is de gang van zaken die het college als 'normaal' heeft bestempeld. Is dat waar? Wethouder Vavier (GroenLinks).

We doen pas participatie als we zeker weten dat het kan qua contract, qua financiën en qua advies van de driehoek. Het lijkt mij niet meer dan verstandig dat we dit op deze manier doen.

30

Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Niet als je burgers ziet als volwaardige gesprekspartners, want dan haal je ze er ook bij en dan geef je ze de mogelijkheid om hun mening te geven over wat er gaat gebeuren in hun buurt. Het college ziet burgers dus niet als volwaardige gesprekspartners bij participatie. Wethouder Vavier (GroenLinks). Die participatie zit dus tussen het voorgenomen besluit van het college en het definitieve besluit van het college. We hebben hier ook gehandeld in de geest van het initiatiefvoorstel Haagse Kracht. De voorzitter. Er is nog een interruptie van meneer Etalle. Iets nieuws, hè? Nee, u had nog één beurt over van de vorige keer. Massimo Etalle (FVD). Ik vroeg wethouder Vavier of de plaatsing van dit azc goed is voor Den Haag. Dat is volgens mij een heel fundamentele vraag als we hier een keuze maken. De wethouder zei dat dit goed is omdat de gemeente hiermee uitvoering geeft aan de taakstelling van het Rijk. Maar als wij die taakstelling niet zouden hebben gehad, zou het college dan met hetzelfde enthousiasme deze opvang plaatsen of zou dat een last zijn die dan van uw schouders zou vallen? Wethouder Vavier (GroenLinks). Dit college ziet dat er een grote opgave is in het land door de afbouw van ontzettend veel locaties voor opvang van asielzoekers. Er is ook een opgave in het land voor de opvang van Oekraïense ontheemden.

Het college draagt daar heel graag aan bij. De voorzitter. Nee, nu is het klaar, meneer Etalle. U bent drie keer geweest; u had nog één beurt over. Wethouder Icar (DENK). Voorzitter. Er zijn een aantal vragen gesteld over mijn rol als coördinerend wethouder Participatie en wat die rol eigenlijk betekent. Hier hebben we aardig wat woorden over gewisseld in de commissievergadering en ook in het interruptiedebatje dat we zojuist hebben meegemaakt tussen het CDA, DENK en Hart voor Den Haag. Dat schept wel een beeld van de rol van de coördinerend wethouder. Ik ga daar wel even op in. We hebben niet zo lang geleden - uit mijn hoofd zeg ik: met iets meer dan 1.000 Hagenaars - een uitgebreid participatietraject opgezet om de Participatieverordening en het handboek dat uiteindelijk gebruikt wordt door de stad, vast te stellen. Dit is samen met de raad vastgesteld; dat is vijf maanden geleden gebeurd. Tijdens die behandeling hebben we ook afgesproken dat we in Q4, eind Q4, een evaluatiemoment zullen hebben om te kijken hoe de verordening in de praktijk tot uiting komt. Die evaluatie moet dus nog plaatsvinden. Het valt mij op dat er kritiek is op hoe wij als college participatie tot uitvoering brengen. Ik kan mij vinden in alle kritiek, want als raadslid was ik op het punt van dit onderwerp heel kritisch.

Tegelijkertijd zie ik dat we als college bepaalde kaders hebben waarin we kunnen werken; dat is dus die verordening. We bespreken binnen het college participatietrajecten en we besluiten uiteindelijk collectief om iets wel of niet te doen, maar ik kom dan wel weer terug op de rolverdeling, want je hebt dan de vakwethouder en de coördinerende wethouder. De vakwethouder doet het participatietraject en licht dat ook toe aan uw raad, zoals collega-wethouder Vavier dat zojuist heeft gedaan. Dan is het aan uw raad om te zeggen hoe we dit gaan toetsen: wat vinden we hiervan en wat willen we meegeven? Het is aan mij als coördinerend wethouder, zoals ik vijf maanden geleden ook heb toegezegd, om hier aan het einde van het jaar naar te kijken. We hebben een nieuwe verordening en een nieuw systeem geïntroduceerd in een zo groot apparaat als de gemeente Den Haag. Verandering heeft tijd nodig. Hoe gaan we om met die verandering en hoe gaan we ervoor zorgen dat we uiteindelijk niet alleen met uw raad maar ook met de stad alle stappen gaan evalueren? Daarmee heb ik die vraag beantwoord. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Misschien kan de wethouder even de tijd nemen om mijn vijf concrete vragen gewoon concreet te beantwoorden. Wethouder Icar (DENK).

Ik denk dat we dan een situatie hebben waarin ik als oud-docent denk: moet ik reflecteren op mijn didactische vaardigheden of is er een bepaalde mate van cognitieve weerstand? Als het goed is, heb ik de gestelde vragen wel beantwoord. De vragen hebben in essentie te maken met wat in de commissie ook besproken is, namelijk de rolverdeling: wat doet een vakwethouder en wat 31

doet een coördinerend wethouder? De beleidsvoorbereiding, besluitvorming, beleidsuitvoering en het daarmee verbonden beheer van middelen binnen daarvoor gestelde kaders vallen onder de verantwoordelijkheden van de coördinerend wethouder. Het inhoudelijke debat, waar u kritisch op bent, ligt bij de vakwethouder. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ik zou bijna een voorstel van orde doen, want dan gaat het in ieder geval niet van mijn tijd af en dan kan ik nog even concreet zeggen wat ik gevraagd heb. Wie toetst of de participatie de invulling krijgt die in het participatiebesluit bedoeld is? Wie onderneemt actie als er kritiek is op de participatie in onze stad? Denk bijvoorbeeld aan alle overvolle tribunes, de brandbrieven en noem maar op. Ik houd het eerst maar bij die twee vragen, want anders wordt het misschien te veel. De voorzitter. U heeft straks nog één beurt. Wethouder Icar (DENK). Nee, ik heb dus geprobeerd om dat te beantwoorden in de context die ik heb geschetst. Wie toetst participatie en wie onderneemt actie? Naar aanleiding van alle discussies die we hebben gevoerd rondom de Participatieverordening, is het de bedoeling dat de vakwethouder een participatieverslag deelt met uw raad, waarna de raad kan toetsen, actie kan ondernemen, kan bijsturen en vragen kan stellen. Die rol is dan dus belegd bij de raad. De voorzitter. De laatste keer, mevrouw Verdonk.

Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Wat is uw rol dan, vraag ik via de voorzitter aan de wethouder. Wethouder Icar (DENK). Dan moet ik terugkomen op het didactische deel en die cognitieve weerstand. Mijn rol heeft te maken met het plaatje erboven. Als coördinerend wethouder ben ik verantwoordelijk voor de kwaliteitskaders, voor de kaders waarbinnen mijn collega's de uitvoering kunnen doen. De voorzitter. Mevrouw Verdonk, heeft u iets nieuws? Want volgens mij heeft u drie keer geïnterrumpeerd. Twee keer? Dan mag u nog een keer. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Wie toetst dan de handelingen van uw collega's aan het participatiebesluit? Hoe kijkt u dan naar uw collega's en wat doet u als u ziet dat het eigenlijk niet volgens de Participatieverordening is? Wethouder Icar (DENK). Allereerst wil ik zeggen dat ik het echt waardeer dat u zo veel aandacht heeft voor participatie. Dat doet mij heel veel goed. Tegelijkertijd is het zo dat wij als college, als wij constateren dat er een participatieverslag ter bespreking ligt, collectief gaan kijken wat er anders kan, wat er beter kan en wat beter op een andere manier kan worden ingevuld. Dat besluiten we dan als college, en het college spreekt met één mond. De voorzitter. Er is behoefte aan een tweede termijn. We wisselen even van voorzitter. Voorzitter: de heer Sluijs. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Voorzitter.

Vanwege het slechte of niet beantwoorden van mijn vragen en het feit dat ik nog steeds geen idee heb wat de portefeuillehouder Participatie doet, heb ik een motie gemaakt om dat duidelijker te krijgen. Dat is de motie Het realiseren van fatsoenlijke participatie vereist een wethouder met verantwoordelijkheidsgevoel, met als dictum: verzoekt het college te bevestigen dat de wethouder Participatie, binnen het door het college vastgestelde beleid, verantwoordelijk is voor de kwaliteit van de participatie van het gehele gemeentelijke handelen, van de wethouder Participatie te verlangen dat hij, waar de participatie aantoonbaar onder de maat is, deze signalen deelt met de raad, ook wanneer het projecten van collega-wethouders betreft en de raad

32

jaarlijks een publieke reflectie te geven op de staat van participatie in de stad, waarin zowel successen als mislukkingen worden benoemd met daarbij de leermomenten. Rutger de Ridder (VVD). Een interessante motie. Kan mevrouw Verdonk het tweede dictum een beetje toelichten voor mij? Hoe zou dat in de praktijk moeten gaan? Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ja, dat kan ik zeker. Dank voor uw vraag. Ik snap natuurlijk dat er in het college gesproken wordt. Ik hoop dat de wethouder Participatie dan ook kritisch naar zijn collega kijkt, denkt aan al die overvolle tribunes en een paar kritische vragen stelt. Maar wij willen graag dat hij, op het moment dat het niet goed is, dat ook deelt met de raad in de zin van: ik heb een goed gesprek gehad met die wethouder; dit zijn de leermomenten en dit is wat we hebben afgesproken voor de toekomst. Rutger de Ridder (VVD). Betekent dit dat niet de wethouder Participatie op eigen houtje gaat rapporteren, maar dat hij dat altijd pas doet nadat hij heeft gesproken met de vakwethouder? Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ja, natuurlijk. Er is ook gewoon een samenwerking met elkaar binnen het college. Die mag natuurlijk ook gewoon goed zijn. De voorzitter. Door mevrouw Verdonk wordt de volgende motie (G.1 HvDH) ingediend:

Motie G.1 HvDH Het realiseren van fatsoenlijke participatie vereist een wethouder met verantwoordelijkheidsgevoel De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 9 juli 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies tijdelijke opvanglocatie Calandstraat 12 (RIS322600). Constaterende, dat: ▪ de gemeente Den Haag via de participatieverordening bewoners het recht geeft vroegtijdig, transparant en serieus betrokken te worden bij beleid en besluiten die hen raken; ▪ de wethouder Participatie, de heer Icar, meermaals heeft aangegeven verantwoordelijk te zijn voor “het systeem” van participatie maar daarbij stelt dat hij geen oordeel uitspreekt over de invulling van participatie door zijn collega-wethouders; ▪ in projecten, zoals de opvanglocatie Calandstraat, de uitvoering van participatie een onderwerp van kritiek is. (zie ook de brief van ondernemers en retailers uit de omgeving (d.d. 2 juli 2025) die constateren “dat de gemeente bij dit besluit opnieuw heeft nagelaten om de ondernemers actief te betrekken in het participatieproces”). Van mening, dat: ▪ systeemverantwoordelijkheid niet vrijblijvend is, maar juist vraagt om toetsing en aanspreken waar participatie tekort schiet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16039624/1