RIS323231 Notulen van de raad van 9 juli 2025
Tekst van het document
•
op lange termijn mobiliteitshubs en het HOV een mobiliteitsoplossing zijn, maar we in de tussentijd ook een verantwoordelijkheid hebben richting de bewoners die nu al op de Binckhorst wonen.
Verzoekt het college: • in kaart te brengen hoeveel bewoners van het totale aantal bewoners op de Binckhorst nu een auto heeft en in hoeverre de bestaande parkeervoorzieningen voorzien in een betaalbare parkeerplek; • de huidige parkeernormen voor de Binckhorst te evalueren en te bespreken met de bewoners via het bestaande leefbaarheidsoverleg; • de uitkomsten van de evaluatie voorafgaand de programmabegroting met de raad te delen. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door de heer Partiman, daartoe gesteund door mevrouw Peeck, wordt de volgende motie (CDA.3) ingediend:
Motie CDA.3 Parkeren in de winter De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 9 juli 2025, ter bespreking van programmarekening 2024 Constaterende, dat: ▪ het parkeerterrein bij het Zwarte Pad bedoeld is om de parkeerdruk in de omliggende woonwijken te verminderen; ▪ op dit parkeerterrein momenteel het hoge straattarief geldt, bedoeld om straatparkeren te ontmoedigen; ▪ dit tarief op minder drukke stranddagen buiten het zomerseizoen juist ontmoedigend werkt voor bezoekers die daar zouden moeten parkeren; ▪ het huidige tarief daardoor leidt tot uitwijkgedrag naar de woonwijken, waarmee de parkeerdruk voor bewoners toeneemt. Overwegende, dat: ▪ buiten de zomermaanden het parkeerterrein vaak onvoldoende benut wordt; ▪ het verlagen van het parkeertarief buiten het zomerseizoen kan bijdragen aan het gebruik van dit terrein zoals oorspronkelijk bedoeld: het ontlasten van de omliggende wijken. Verzoekt het college: ▪ te onderzoeken hoe het parkeertarief op het Zwarte Pad buiten het zomerseizoen substantieel kan worden verlaagd; ▪ daarbij expliciet te kijken naar een tarief dat het parkeren op het terrein aantrekkelijker maakt dan in de omliggende woonstraten; ▪ de raad voor de programmabegroting 2026 te informeren over de uitkomsten en de te nemen stappen. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging.
Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Ook vanaf mijn kant allereerst natuurlijk dank aan het college, alle ambtenaren, de Gemeentelijke Accountantsdienst en natuurlijk de Rekeningencommissie voor al het geleverde werk voor de Programmarekening 2024 en de behandeling daarvan. 2024 was het eerste jaar in deze raadsperiode dat een college het hele jaar hetzelfde was. Dat is een bijzonder gegeven in deze gemeenteraad. Laten we hopen dat het toch een 85
beetje zo gaat blijven, voor de stabiliteit van de stad. Maar 2024 was ook het jaar waarin Mariahoeve werd opgeschrikt door een heftige aanslag die een krater in de wijk, in de stad en in heel veel levens heeft geslagen. Maar we hebben daar ook gezien hoe verbindend en veerkrachtig Hagenaars en Hagenezen zijn. Vandaag bij de bespreking van de Programmarekening, een dik boekwerk met veel cijfers, ligt het gevaar op de loer om onze Haagse inwoners te vergeten. Uiteindelijk zitten we hier voor hen. Bij de thema's waar we vandaag bij stilstaan, staan de Haagse inwoners centraal. Ik noemde net veerkracht en verbinding. Verbinding begint met oog hebben voor en luisteren naar de ander, de tijd nemen om naar een ander te luisteren en het geduld hebben om de ander proberen te begrijpen. Dat is, denk ik, ook een mooie opdracht aan onszelf als stadsbestuur. Vanuit de ChristenUnie/SGP vandaag vier concrete punten, allereerst over dakloosheid. Een einde aan dakloosheid in 2030, dat is de ambitie. Daarvoor moeten we de daad bij het woord voegen. Dakloosheid is een woonprobleem en begint daarom met een dak boven het hoofd om op te lossen. Op dit moment maken echter alleen dakloze mensen die in de opvang zitten aanspraak op voorrang voor een woning.
Wat de ChristenUnie/SGP betreft maken we daarmee een noodoplossing, namelijk de opvang, tot een ongewenste factor die noodzakelijk is om aan een woning te komen. De ETHOSdefinitie biedt een duidelijk kader voor dakloosheid in Nederland en de hele Europese Unie. Mijn fractie pleit er daarom voor om voorrang te geven aan de mensen die volgens die definitie dakloos zijn, en dat zijn niet alleen de mensen in de opvang. Daarom een motie die ik indien samen met de collega's Smit, Faïd, Arp, Butt en Holman, waarvan het dictum luidt: verzoekt het college om in het volkshuisvestingsprogramma, bij de jaarlijkse ambitie voor de aandachtsgroepen, tevens aandacht te geven aan een nader te bepalen aantal woningen voor de ETHOS Light-doelgroep met in het bijzonder aandacht voor dakloze mensen jonger dan 28 jaar en (huishoudens met) minderjarigen, op basis van de ETHOS-telling, voor een deel van de ETHOS Light-doelgroep een pilot in te richten, mede op basis van reeds geleerde lessen uit Utrecht en Dordrecht, met als doel hoe mensen uit deze groep in aanmerking kunnen komen voor voorrang op een sociale huurwoning in aanloop naar de nieuwe regionale huisvestingsverordening, en de raad uiterlijk in het vierde kwartaal van dit jaar te informeren over de wijze van uitvoering en uitwerking in beleidskaders. Dan het verzamelen van statiegeld.
Veel mensen in onze stad zijn dagelijks op pad om statiegeld te verzamelen om zo in hun levensonderhoud te voorzien. Mijn fractie pleit er al langer voor, met name collega Elisa van Vliet, om werk te maken van menswaardige en laagdrempelige manieren, zoals doneringen. Het college wil geen werk maken van de uitbreiding van de 32 onopvallende grijze ringen hier in de binnenstad, maar wat de ChristenUnie/SGP betreft houdt het daar niet op. Er zijn meer manieren om zowel het weggooien van blikjes en flesjes als het inzamelen daarvan laagdrempeliger te maken. In Amsterdam en meer gemeenten wordt er al werk van gemaakt. Gedragsverandering kost nou eenmaal tijd. Wij hebben die tijd.
Daarom een motie, die ik indien samen met collega De Vuyst van GroenLinks, waarvan het dictum luidt: verzoekt het college samen met onder meer statiegeldverzamelaars, straatvegers en ontwikkelaars van doneerringen/bakken en varianten daarop een plan uit te werken dat als doel heeft: mensen een laagdrempelige manier van het 'weggooien' van flesjes en blikjes aan te bieden waarbij deze niet tussen ander afval terechtkomen, dat statiegeldverzamelaars op laagdrempelige manier statiegeld kunnen verzamelen zonder in vuilniszakken te hoeven zoeken, zwerfafval als gevolg van het zoeken naar statiegeldflesjes en -blikjes te verminderen, en de raad zo snel mogelijk maar uiterlijk eind dit jaar een plan met de opties voor te leggen, inclusief kostenplaatje. Voorzitter. Onlangs is het betaald parkeren in Morgenstond ingevoerd. Het college ging hier de wijk in met het voornemen om van 9 uur 's ochtends tot middernacht betaald parkeren in te voeren, ondanks eigen beleid 'van 18.00 tot 00.00 tenzij' te hanteren. Na drukbezochte participatie en ingevulde reactieformulieren is toch gekozen om voor 18.00 tot 00.00 uur te gaan. Niet duidelijk is echter wat nou precies uit die participatie is gekomen en hoe die heeft meegewogen bij het besluit. De ChristenUnie/SGP hecht belang aan participatie, maar dan moet die ook goed op papier komen.
Daarom een motie, die ik indien samen met de collega's Partiman, Hofstra en Assad, waarvan het dictum luidt: verzoekt het college bij inzet van participatie, zoals in Morgenstond voor de venstertijden van betaald parkeren, waarbij bij de inloopbijeenkomsten reactieformulieren werden uitgedeeld, nauwkeuriger verslag te doen van de opgehaalde reacties en dit ook in aantallen op te nemen in het participatieverslag. 86
Naast het betaald parkeren in Morgenstond is een jaar eerder al betaald parkeren ingevoerd in Moerwijk. Sindsdien is er sprake van parkeeroverlast in Haags Buiten. Bewoners willen betaald parkeren om die overlast te verhelpen. Er is ook een petitie. Al meermaals is hier aandacht voor gevraagd, maar de wethouder hield telkens de boot af omdat er nog gebouwd werd in de wijk. Inmiddels is de bouw af en gaat per 1 december betaald parkeren ingevoerd worden in Erasmusveld Midden. Haags Buiten lijkt echter vergeten te zijn en het kind van de rekening te worden. Dat is wat de ChristenUnie/SGP betreft niet de bedoeling. Daarom een motie om aan de slag te gaan, die ik indien samen met de collega's Mekers en Peeck. Het dictum luidt: verzoekt het college zo snel mogelijk participatie te organiseren in Haags Buiten met als doel het draagvlak te meten voor invoering van betaald parkeren, bij positieve uitkomst van die participatie, indien mogelijk tegelijk met invoering van betaald parkeren in Erasmusveld Midden, en anders zo snel mogelijk daarna, óók in Haags Buiten betaald parkeren in te voeren en de raad te informeren over de uitvoering. Voorzitter. Ik moet natuurlijk ook wat zeggen over de Resultaatbestemming, want mijn fractie is heel blij daarin te zien dat het raadsinitiatievenfonds gevuld is met een deel van het resultaat. Het was hard werken, maar hij is er en nu ook gevuld.
Laten we hem gaan gebruiken. Ten slotte. Ik begon met verbinding. Het komend jaar, een verkiezingsjaar, zal een jaar worden waarin juist de tegenstellingen tussen partijen vergroot zullen worden. Dat moet ook, want Hagenaars, Hagenezen en Scheveningers hebben wat te kiezen en ze moeten weten wat en wie ze kunnen kiezen. Maar - doe ik de oproep - laten we daarin wel proberen de verbinding te behouden met elkaar en met en voor onze inwoners. Want zij verdienen een stadsbestuur dat gezamenlijk zoekt naar het beste voor en de vrede in de stad. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door de heer De Vuyst, wordt de volgende motie (CU/SGP.1) ingediend:
Motie CU/SGP.1 creatieve oplossingen voor statiegeld De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 9 juli 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Programmarekening 2024 (RIS321975), constaterende, dat: ▪ het college in de periode januari 2024 tot april 2024 een pilot van 32 doneerrekjes heeft uitgevoerd in het Centrum en rond het Centraal Station (RIS319650); ▪ het college de doelstelling heeft om het zwerfafval in de stad te verminderen; overwegende, dat: ▪ dat slechts 27% van de respondenten van de enquête over de doneerrekjes het concept kende, maar de respondenten wel positief waren over het concept (RIS319650); ▪ concepten als de doneerring onderdeel zijn van een gedragsverandering die tijd kost; ▪ met concepten als een doneerring mensen die statiegeldflesjes en -blikjes zoeken niet vuilniszakken hoeven te doorzoeken; verzoekt het college: ▪ samen met onder meer statiegeldverzamelaars, straatvegers en ontwikkelaars van doneerringen/bakken en varianten daarop een plan uit te werken dat als doel heeft: o mensen een laagdrempelige manier van het 'weggooien’ van flesjes en blikjes aan te bieden waarbij deze niet tussen ander afval terechtkomen; o dat statiegeldverzamelaars op laagdrempelige manier statiegeld kunnen verzamelen zonder in vuilniszakken te hoeven zoeken; o zwerafval als gevolg van het zoeken naar statiegeldflesjes en –blikjes te
verminderen; ▪ de raad zo snel mogelijk maar uiterlijk eind dit jaar een plan met de opties voor te leggen inclusief kostenplaatje, en gaat over tot de orde van de dag. 87
De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door de heer Smit, mevrouw Faïd, mevrouw Arp, mevrouw Butt en mevrouw Holman, wordt de volgende motie (CU/SGP.2) ingediend:
Motie CU/SGP.2 geef ETHOS Light doelgroep voorrang De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 9 juli 2025 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Programmarekening 2024 (RIS321975), constaterende, dat: ▪ dakloosheid in Nederland blijft toenemen (van ruim 26.000 mensen in 2022 naar 33.000 in 2024, CBS) en ook in Den Haag elk jaar een (flinke) stijging te zien is; ▪ er in Den Haag dakloze mensen zijn die gebruik maken van een plek in de opvang, maar ook veel dakloze mensen geen gebruik kunnen maken van opvang of verblijven in hun netwerk; ▪ het huidige beleid met betrekking tot het toewijzen van woningen aan dakloze mensen enkel gericht is op mensen die in de opvang verblijven; ▪ 40% van de dakloze mensen jonger is dan 28 jaar; ▪ ongeveer 20% van de dakloze mensen minderjarig is; ▪ in de dakloosheidsaanpak de ambitie is opgenomen om dakloosheid voor 2030 uit te bannen; ▪ Wonen Eerst een belangrijk onderdeel is van het Nationaal Actieplan Dakloosheid, waarbij dakloze mensen in aanmerking moeten kunnen komen voor een eigen woonplek zonder dat zij daarvoor eerst naar een opvanglocatie of zorgvoorziening moeten; overwegende, dat: ▪ ETHOS Light de leidende, duidelijk afgebakende definitie van dakloosheid is in Nederland en de Europese Unie; ▪ het voorkomen van opname in de opvang een besparing oplevert tot € 85.000 per persoon per jaar;
(Maatschappelijke kosten-batenanalyse Brede aanpak dakloosheid | Housing First Nederland) ▪ zowel de gemeente Dordrecht als Utrecht reeds aan de slag gaat met het uitwerken van mogelijkheden om de ETHOS Light doelgroep in de urgentieregeling op te nemen; verzoekt het college: ▪ om in het volkshuisvestingsprogramma, bij de jaarlijkse ambitie voor de aandachtsgroepen, tevens aandacht te geven aan een nader te bepalen aantal woningen voor de ETHOS Light doelgroep met in het bijzonder aandacht voor dakloze mensen jonger dan 28 jaar en (huishoudens met) minderjarigen, op basis van de ETHOS-telling; ▪ voor een deel van de ETHOS Light doelgroep een pilot in te richten, mede op basis van reeds geleerde lessen uit Utrecht en Dordrecht, met als doel hoe mensen uit deze groep in aanmerking kunnen komen voor voorrang op een sociale huurwoning in aanloop naar de nieuwe regionale huisvestingsverordening; ▪ de raad uiterlijk in het vierde kwartaal van dit jaar te informeren over de wijze van uitvoering en uitwerking in beleidskaders, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door de heer Partiman, mevrouw Hofstra en de heer Assad, wordt de volgende motie (CU/SGP.3) ingediend:
Motie CU/SGP.3 Participatie verantwoorden De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 9 juli 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Programmarekening 2024 (RIS321975), 88
constaterende, dat: ▪ de raad onlangs het besluit heeft genomen om belanghebbenden, zoals bewoners en ondernemers, die in een gebied wonen waar betaald parkeren wordt ingevoerd of uitgebreid, actief te laten participeren én invloed te laten uitoefenen op de venstertijden en de zonering daarvan in het gebied (RIS321849); overwegende, dat: ▪ bij de invoering van betaald parkeren in Morgenstond (RIS321794), wel inloopbijeenkomsten zijn georganiseerd en reactieformulieren zijn ingevuld, maar hier geen kwantitatieve verantwoording over is afgelegd; ▪ hierdoor onduidelijk is op welke manier de participatie precies is meegewogen in de besluitvorming; ▪ participatie beter tot zijn recht komt indien inzichtelijk wordt gemaakt in welke mate participatie heeft plaatsgevonden en wordt meegewogen in de uiteindelijke besluitvorming; verzoekt het college: ▪ bij inzet van participatie - zoals in Morgenstond voor de venstertijden van betaald parkeren, waarbij bij de inloopbijeenkomsten reactieformulieren werden uitgedeeld - nauwkeuriger verslag te doen van de opgehaalde reacties en dit ook in aantallen op te nemen in het participatieverslag, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door de heer Mekers en mevrouw Peeck, wordt de volgende motie (CU/SGP.4) ingediend:
Motie CU/SGP.4 vergeet Haags Buiten niet De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 9 juli 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Programmarekening 2024 (RIS321975), constaterende, dat: ▪ betaald parkeren ingevoerd is in Moerwijk en recent ook in Morgenstond; ▪ per 1 januari 2026 ook in Erasmusveld-Midden betaald parkeren zal worden ingevoerd; overwegende, dat: ▪ sinds de invoering van betaald parkeren in omliggende wijken, er sprake is van grote parkeeroverlast in Haags Buiten; ▪ veel bewoners al lang vragen om betaald parkeren in hun buurt, teneinde de parkeeroverlast tegen te gaan; ▪ het college altijd heeft beargumenteerd dat betaald parkeren nog niet ingevoerd kan worden, zolang er nog gebouw werd in (de nabijheid van) Haags Buiten en Erasmusveld-Midden; ▪ de bouw inmiddels voorbij is en betaald parkeren daarom eindelijk ingevoerd kan worden, maar Haags Buiten hierbij vergeten lijkt te zijn; verzoekt het college: ▪ zo snel mogelijk participatie te organiseren in Haags Buiten met als doel het draagvlak te meten voor invoering van betaald parkeren; ▪ bij positieve uitkomst van die participatie, indien mogelijk tegelijk met invoering van betaald parkeren in Erasmusveld-Midden, en anders zo snel mogelijk daarna óók in Haags Buiten betaald parkeren in te voeren en de raad te informeren over de uitvoering, en gaat over tot de orde van de
dag. 89
De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Adeel Mahmood (DENK). Voorzitter. Het is bijna tijd om te dineren. Zoals we zien ben ik de laatste spreker. Ik breng jullie hierbij in herinnering dat we straks een stemming hebben. Dus uw fractiegenoten mag u terwijl ik aan het praten ben, optrommelen. Voorzitter. Ik zal mijn inbreng beperkt houden en twee moties indienen. 2024 was opnieuw een bijzonder jaar. DENK kijkt terug op een periode waarin wij sterk hebben ingezet op het contact met onze inwoners. Wij waren zichtbaar op straat, benaderbaar en hebben de samenwerking gezocht, zowel binnen als buiten deze raad. Als we bijvoorbeeld kijken naar de vergroeningsopgave voor versteende wijken, zijn we blij dat we nu stap voor stap veranderingen zien. Hoe vaak hebben we niet gevraagd om een vergroening van de Vaillantlaan? Hoeveel moties zijn daarvoor wel niet aangenomen? Heel veel. Nu zien we eindelijk verandering. Er is beweging en dat wordt zichtbaar. Ook met de vergroening van de Hoefkade en Wijkpark Transvaal gaan we de komende periode verbeteringen zien. We snappen dat ook hier meer investeringen voor nodig zijn. Daar blijven we ons voor inzetten. Dan ga ik naar de twee moties. Ik begin bij de insprekers vandaag over de Schoeplaan. Er is veel onbegrip en onvrede over de genomen maatregel om de doorsteek op de Schoeplaan af te sluiten.
Het argument van de veiligheid gaat hier ook niet op, omdat het gewoon niet onveilig was. Tegelijkertijd heeft het gezorgd voor nog meer onveiligheid in de buurt en parkeerproblemen aan een zijde van de laan. De insprekers waren zowel in de commissie als de raad duidelijk. We willen dus dat de maatregel wordt teruggedraaid en dienen de motie in met de titel 'Trek afsluiting Schoeplaan in': verzoekt het college de afsluiting van de doorsteek op de Schoeplaan in te trekken met een nieuw verkeersbesluit, zodat de weg weer toegankelijk wordt voor autoverkeer, daarnaast eventueel aanvullende maatregelen te nemen, zoals een drempel, zodat er alleen stapvoets gereden kan worden, en de raad binnen drie maanden te informeren over de uitkomsten. De motie is mede ingediend door collega Meinesz van Hart voor Den Haag. Dan over afval: het is de afgelopen periode een puinhoop geweest en de situatie is nog steeds niet om aan te zien. We zien ook dat er nog te veel bijplaatsingen zijn en dat velen nog wegkomen zonder boete. Ik was vorige maand in Londen. Daar werd ik geprikkeld door een sticker op de stoep met de tekst, vrij vertaald: iemand in jouw straat is onlangs beboet voor 400 pond - veel meer dan in Den Haag - voor het verkeerd aanbieden van afval, ben jij de volgende? Zo'n prikkelende, anonieme waarschuwing via een sticker of krijtverf kan ook in Den Haag gedrag beïnvloeden.
Ik dien hiervoor de motie in 'Afvalboete? Laat het zien!': verzoekt het college nabij afvalhotspots een pilot te starten met stickers (of krijtverf) waarmee bewoners op een prikkelende wijze worden geïnformeerd dat in de betreffende straat iemand een boete heeft gekregen voor verkeerd aangeboden afval, en de raad te informeren over de uitkomsten. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik vind het wel een mooi idee. Dat is misschien niet voor niks, want dat heeft een fractievertegenwoordiger van de VVD ongeveer in de commissie ingebracht in april. Adeel Mahmood (DENK). Dan heeft uw fractievertegenwoordiger een heel goed idee ingebracht in deze raadzaal, maar dat had ik niet scherp. Ik heb natuurlijk ook een foto van mijn bezoek aan Londen. Als iemand die wil zien, heb ik die hier bij me. Ik sta daar wel met zonnebril op, maar die sticker is duidelijk te zien. Maar ik begrijp hieruit dat ook de VVD dit een goed idee vindt en ik hoop natuurlijk op uw steun. Voorzitter, ik wil afronden met u te bedanken en iedereen 'eet smakelijk' te wensen straks. De voorzitter. Door de heer Mahmood wordt de volgende motie (DENK.1) ingediend:
90
Motie DENK.1 Afvalboete? Laat het zien! De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 9 juli 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Programmarekening 2024 (RIS321975), Constaterende, dat: ▪ er nog altijd te veel afval verkeerd wordt aangeboden. Overwegende, dat: ▪ boetes een afschrikkende werking hebben om verkeerd aangeboden afval te voorkomen; ▪ er nog te veel bewoners wegkomen met het verkeerd aanbieden van afval; ▪ het college al heeft aangegeven meer te communiceren over boetebedragen; ▪ in andere steden voorbeelden te zien zijn van “prikkelende” stickers waarbij bewoners worden gewezen op opgelegde boetes in hun directe omgeving; ▪ prikkelende waarschuwingen kunnen bijdragen aan gedragsverandering. Verzoekt het college: ▪ nabij afval-hotspots een pilot te starten met stickers (of krijtverf) waarmee bewoners op een prikkelende wijze worden geïnformeerd dat in de betreffende straat iemand een boete heeft gekregen voor verkeerd aangeboden afval; ▪ de raad informeren over uitkomsten. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door de heer Mahmood, daartoe gesteund door de heer Meinesz, wordt de volgende motie (DENK.2) ingediend:
Motie DENK.2 Trek afsluiting Schoeplaan in De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 9 juli 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Programmarekening 2024 (RIS321975), Constaterende, dat: ▪ er op de Schoeplaan een belangrijke doorsteek is afgesloten voor auto’s; ▪ de doorsteek – tot de afsluiting - al tientallen jaren in gebruik is geweest als een weg waarbij ook autoverkeer was toegestaan; ▪ het college het beeld van de bewoners heeft bevestigd dat er op de betreffende doorsteek in de afgelopen tientallen jaren geen ongeluk heeft plaatsgevonden. Overwegende, dat: ▪ er bij de bewoners sprake is van grote onvrede en onbegrip over de gekozen maatregel; ▪ bewoners aangeven dat de doorsteek in hun ogen niet onveilig was, en dat er door de afsluiting juist meer verkeersonveilige situaties zijn ontstaan, ook bij scholen en plaatsen waar veel kinderen komen; ▪ verkeersmaatregelen bedoeld om de veiligheid te vergroten ook niet mogen leiden tot nieuwe onveilige situaties elders in de wijk; ▪ er vanwege de inrichting van de weg helemaal niet hard gereden kan worden; ▪ alternatieve maatregelen mogelijk zijn die de veiligheid op het plantsoen kunnen waarborgen zonder de wijk als geheel extra te belasten.
91
Verzoekt het college: ▪ de afsluiting van de doorsteek op de Schoeplaan in te trekken met een nieuw verkeersbesluit, zodat de weg weer toegankelijk wordt voor autoverkeer; ▪ daarnaast eventueel aanvullende maatregelen te nemen, zoals een drempel, zodat er alleen stapvoets gereden kan worden; ▪ de raad binnen 3 maanden te informeren over uitkomsten. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De voorzitter. Geachte leden van de raad. Daarmee zijn we aan het eind gekomen van uw inbreng in eerste termijn. We gaan zo meteen voor de schorsing stemmen over de motie van wantrouwen tegen de wethouder Onderwijs, Jeugd en Sport, HSP.1. Maar voor we dat doen, wil de wethouder graag kort reageren. Eerst een punt van orde van mevrouw Arp. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Dat was eigenlijk precies hetgeen waar ik benieuwd naar was: of het college nog ging reageren. Misschien heeft mijn fractie ook behoefte aan een korte schorsing voor de stemming. De voorzitter. Dat kan altijd. Dat wacht ik rustig af. Het woord is aan wethouder Bredemeijer. Wethouder Bredemeijer (CDA). Voorzitter. Ik weet dat het ongebruikelijk is om als collegelid op een aangekondigde motie van wantrouwen te reageren, dus dank voor die gelegenheid.
Ik denk dat we het ook met elkaar eens zijn dat het ongebruikelijk is dat er een motie van wantrouwen wordt ingediend zonder daarover een debat te kunnen voeren. Dus vandaar dat ik blij en dankbaar ben dat ik hier toch nog even mag appreciëren wat hier staat. Ik zal niet het dictum appreciëren, want dat is niet aan mij, maar aan de raad. Maar er staan hier eigenlijk twee thema's. Het eerste thema gaat over het leerlingenvervoer. Daarover is inderdaad deze week een brief aan mij geschreven. Er is dus niet een situatie dat de scholen die de brief stuurden, niet naar mij wilden gaan. Die brief is juist aan mij gestuurd. Die brief is tot stand gekomen na een overleg dat we heel regelmatig hebben over de situatie in het leerlingenvervoer. Ik ben absoluut niet blij met de situatie zoals die nu is. In die brief is dat duidelijk gemaakt door een aantal scholen dat zegt: het moet echt beter. Dat ben ik met die scholen eens. We gaan dus alles op alles zetten om te zorgen dat we op de signalen die nu hier zijn gepubliceerd, weer gaan doorpakken. Want het kan absoluut niet dat kwetsbare kinderen die afhankelijk zijn van dit vervoer op deze manier - er is een aantal situaties geschetst - naar school worden gebracht of thuis worden gebracht. Er is een aantal moties aangekondigd voor straks door GroenLinks. Er is een motie ingediend door mevrouw Verdonk en de heer Guernaoui.
Over die moties gaan we het vandaag nog inhoudelijk hebben. Ik denk dat die moties ingrediënten bevatten die zeer bijdragen aan het oplossen van dit vraagstuk. Daar zal ik straks wat meer over zeggen, maar ik denk dat dat inhoudelijke oplossingen zijn die nodig zijn om dit te verbeteren. Dat is het leerlingenvervoer. Daar zetten we alles op alles. Het tweede thema gaat over de beschikkingen. Daarover hebben we wel een debat gevoerd in de commissie. We hebben heel bewust als stadsbestuur gekozen voor het beschikkingsarm jeugdhulp verlenen. Dat is in de verordening gekomen. Die verordening is door 44 leden van uw raad aangenomen. Ik voer dus de opdracht uit van 44 leden van de raad. Inderdaad, de enige tegenstem was van mevrouw Faïd. Maar dat wil nog steeds wel zeggen dat ik dus de verordening aan het uitvoeren was waar 44 leden achterstonden. Het is inderdaad een discussie, beschikkingsarm of beschikkingsrijk werken. We hebben met elkaar gekozen om beschikkingsarm te werken. Overigens is er altijd sprake geweest van het recht dat kinderen hebben, dat gezinnen hebben om dat aan te vragen. Dat hebben we ook zo met elkaar besproken. Maar nu heeft de rechter gezegd: nee, we willen graag dat je aan de voorkant die beschikking geeft. Dat gaan we dus nu ook doen. Zo is het ook vastgelegd. Ik heb een nieuw voorstel aan de raad gestuurd.
Daarin staat ook dat we het op die manier gaan doen.
92
Lesley Arp (SP). Ik vind het ook een wat ongebruikelijke situatie. Dat betekent dat ik ook even goed moet nadenken over hoe mijn fractie hier nu in staat. De wethouder neemt een moment om te reageren op wat er het afgelopen jaar is gebeurd. Daar waren wij natuurlijk ook gewoon allemaal bij. Mijn fractie heeft toen bij de vaststelling van die verordening wel een amendement gediend, maar ook getwijfeld, juist door de signalen van de Jeugdombudsman. Dit debat heeft natuurlijk wel heel lang doorgesleept, met de hele tijd die alarmbellen van de Jeugdombudsman. Eigenlijk gaat de motie van mevrouw Faïd volgens mij over de rol van de wethouder. Ik hoor nog niet echt een reflectie daarop. Ik heb daar wel behoefte aan om mijn weging goed te maken over deze motie. Wethouder Bredemeijer (CDA). Dat begrijp ik. Ik heb willen uitvoeren wat we als stadsbestuur met elkaar hadden afgesproken. We hebben aan het begin van een jeugdhulptraject actief gewezen op het recht om daar een beschikking voor aan te vragen. Dat is ook waar mevrouw Arp het over heeft. Op dat recht is actief gewezen. Daar is een klein aantal keren ook gebruik van gemaakt. Verreweg de meeste jeugdhulp in het ambulante deel, in het lichte deel wordt vrijwillig gegeven. Er is dan ergens behoefte aan en iemand wil dat graag voor diegene doen. Dat gaat natuurlijk niet om de zware jeugdhulpgevallen.
Daar hebben we toen van gezegd, en dat heb ik iedere keer ook verdedigd, dat ik vind dat we het niet moeten juridiseren. Ik vind ook dat we op moeten passen dat we een situatie krijgen van: ik heb hier recht op en dus dit moet ik hebben. Dat is dat juridiseren. En twee: de administratieve lasten voor jeugdhulpmedewerkers moest ook echt binnen de perken blijven. Dat zijn de twee argumenten die ik altijd gebruikt heb. Ik vind nog steeds dat we moeten oppassen voor het verhogen van administratieve lasten. Maar we hebben een vorm gevonden waarbinnen dat op deze manier wel goed kan en Kracht en rondomJou dit wel goed kunnen doen, waarmee we ook recht doen aan de uitspraak van de rechter. Heb ik daar zelf voldoende op gereflecteerd? Ik blijf vinden dat het een risico is dat ze daar veel werk aan kwijt zijn. Maar ik vind wel dat we hiermee het recht dat mensen hebben, nog beter hebben verankerd, zonder dat dit heel veel werk extra kost. Lesley Arp (SP). De wethouder beroept zich op - dat debat hebben we ook heel vaak gevoerd - de beperkte aantallen die gebruik wilden maken van de beschikking. Ik denk dat in een situatie waar je het hebt over de rechtspositie van mensen, de aantallen er niet per se heel hard toe doen.
Dat mensen zich zo kwetsbaar moeten opstellen dat ze bijvoorbeeld naar dit stadhuis toe gaan en zeggen 'mijn rechtspositie is in het geding', vind ik al een heel onwenselijke situatie an sich. Ik mis een beetje de reflectie daarop. Want nu hebben we eigenlijk gewoon de situatie, zoals ik die interpreteer, dat het college is teruggefloten, na een heel lang debat, met een Jeugdombudsman die zich ook wel vrij ferm heeft moeten opstellen. Hoe kijkt de wethouder op dat hele slepende traject terug? Ik twijfel hardop of ik een motie van wantrouwen, op de manier waarop het nu gaat, te zwaar vind. Maar mijn fractie neigt wel heel erg naar afkeuren. Die motie is niet ingediend, maar ik wil wel even mijn sentiment delen daarover. Wethouder Bredemeijer (CDA). Ik denk dat mevrouw Arp juist het gevoel weergeeft dat ik ook heb. Achteraf had ik helemaal aan het begin het signaal dat mensen vinden dat ze hun recht niet hebben kunnen gebruiken - dat was inderdaad misschien een enkele keer - eerder moeten beantwoorden met: oké, we gaan het toch doen, ondanks dat het overeengekomen is in de gemeenteraad. Nu is er inderdaad een rechterlijke uitspraak voor nodig geweest. Die reflectie wil ik graag tonen. Tegelijkertijd hebben we dit in VNG-verband natuurlijk zo met elkaar toen afgesproken. Ik was dus ook gecommitteerd aan een groter geheel dan alleen de afspraak die ik hier had gemaakt.
Maar los daarvan, inderdaad, zeker op dit moment is dat wel de conclusie die mevrouw Arp terecht trekt. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Arp. Lesley Arp (SP). Het is natuurlijk vrij ongebruikelijk dat een Jeugdombudsman zo stevig in de bres moet springen in zo'n situatie. Is dit hele voortraject wel een aanleiding voor de wethouder om in de rest van de termijn dat soort signalen voortaan toch wat ernstiger te nemen?
93
Wethouder Bredemeijer (CDA). Ja, absoluut. Dat wil niet zeggen dat ik dat toen niet heb geprobeerd te doen. De gesprekken die we met de Jeugdombudsman voeren zijn altijd goede gesprekken. Daarin gaat altijd argumentatie over en weer. Maar de oproep die mevrouw Arp hier doet, zal ik zeker ter harte nemen. Voorzitter. Ik had willen afsluiten met de zin dat ik iedere dag opsta met het idee dat ik hier een grote verantwoordelijkheid heb voor kinderen in onze stad, gezinnen in onze stad en dat ik altijd in volle overtuiging het goede kies voor die kinderen en de gezinnen. Fatima Faïd (HSP). Bedankt aan de wethouder voor zijn reactie, maar ik hoor eigenlijk niks anders dan dat u toch vindt dat u heel erg in uw gelijk stond, zeker met de beschikkingen. Dat is niet zo, want u bent gewoon teruggefloten door de rechter. Wat ik ook nog steeds heel problematisch vind, is dat ik bij u toch steeds de urgentie mis. Want nu gaan we dit doen, vindt u het allemaal heel goede ideeën, maar ondertussen zijn we jaren verder. Ik weet niet of u het laatste krantenartikel van West Nieuws gelezen heeft? Ik vind het gewoon shocking. Dus ik moet toch helaas constateren dat ik mijn motie niet ga intrekken. Wethouder Bredemeijer (CDA). Op het eerste deel heb ik zojuist in het interruptiedebat met mevrouw Arp gereflecteerd.
Ik denk dat ik wel degelijk daarvan heb aangegeven dat het recht hiermee opnieuw geborgd is en misschien ook beter geborgd is. Wat betreft het deel van het leerlingenvervoer: de brief die gestuurd is, is tot stand gekomen in de gesprekken die wij vanuit de gemeente met deze scholen hebben gevoerd. Daar is aangegeven: we hebben er behoefte aan dit signaal ook aan de wethouder te geven. Dat is hartstikke goed. Zet het op papier. Die brief is ook ontvangen. Dan hebben we daar dus weer een nieuw gesprek over. Dat is eigenlijk een gesprek dat héél regelmatig wordt gevoerd. De vorige zomer stonden we hier. Toen heeft mevrouw Verdonk nog een motie ingediend om voor de zomer goed op een rij te zetten wat we gaan doen. Die verbeterslag hebben we geprobeerd te maken. Nog steeds gaat niet alles goed. Daar baal ik ongelooflijk van. Ik vind dat het beter moet. Er zijn situaties geschetst die echt onacceptabel zijn. Daar wil ik het gesprek over blijven voeren. Ik ga morgen ook zelf - als de gemeenteraadsvergadering dat toelaat, trouwens, maar ik hoop dat u mij dat gunt - aanwezig zijn bij dat gesprek, omdat ik hier ontzettend van baal en verbetering wil zien. Fatima Faïd (HSP). Waar mijn probleem toch een beetje zit, is dat we de problemen met het leerlingenvervoer ook al heel lang aan het bespreken zijn. Dat weten we al heel lang. Nu gaan we weer gesprekken voeren.
Ik wil de wethouder het volgende meegeven. Directeuren van scholen zijn geen activisten. Dus als er een brief ook richting pers gaat, dan is er een heel groot probleem. Want ik kan me niet herinneren wanneer schooldirecteuren dat eerder gedaan hebben. Dat is dus ook een van de dingen waarover wij ons heel ernstig zorgen maken: komen de signalen nou daadwerkelijk bij de wethouder op tafel? Wij denken van niet. Wethouder Bredemeijer (CDA). Gelukkig is dat wel het geval, want deze brief is aan mij gericht. Die brief is dus ook bedoeld om het gesprek verder te voeren. Misschien mag ik mevrouw Faïd vragen om het volgende in overweging te nemen. Ik ga morgen dat gesprek aan. Ik ga daar ook de signalen uit de brief nogmaals bespreken. Ik ga ook echt eisen dat hier verbetering in komt. Ik neem daar de moties die zojuist zijn ingediend en ook de moties die straks nog worden ingediend, in mee. Dan wil ik de raad nog voor het zomerreces informeren over de uitkomsten van dat gesprek. Ik hoop dat mevrouw Faïd dat moment nog even zou willen afwachten voordat zij deze motie in stemming brengt. De voorzitter. Dat is niet het geval. Dan gaan we zo stemmen. Mevrouw Arp verzoekt om een schorsing. De beraadslaging wordt geschorst. De vergadering wordt van 17.59 uur tot 18.08 uur geschorst. Stemming over motie van wantrouwen tegen wethouder Onderwijs, Jeugd en Sport (motie HSP.1). 94
In stemming komt motie HSP.1. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 1 stem tegen 39 stemmen. Dan stel ik voor om kwart over zeven weer te beginnen. Ik zal zelf dan iets later zijn, maar de heer Sluijs zal dan voorzitten. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Bij zo'n zware motie lijkt het me wel gepast om een stemverklaring te kunnen doen. Mijn fractie heeft vooral niet voor de motie gestemd omdat we vandaag en morgen nog belangrijke debatten hebben over de Wmo en over jeugdbeleid en ik het ook belangrijk vind om te horen wat daar wordt uitgewisseld. Tegelijkertijd heeft mijn fractie weinig reflectie van de wethouder gehoord: verwijzingen naar de VNG, verwijzingen naar de stemming van de raad, terwijl er echt veel twijfels waren over dat beschikkingsarm werken. Dat baart mijn fractie grote zorgen. Mijn fractie gaat met veel aandacht naar de debatten van de komende twee dagen luisteren en is zeker niet gerust op het handelen van de wethouder. De voorzitter. Ik constateer dat er geen andere leden of fracties zijn die een stemverklaring willen afleggen. We beginnen weer om kwart over zeven. De vergadering wordt van 18.11 uur tot 19.19 uur geschorst. Voorzitter: de heer Sluijs. Aan de orde is: I.1.
Voorstel van het college inzake Programmarekening 2024 (RIS321975).
I.2.
Voorstel van het college inzake Resultaatbestemming 2024 (RIS321976).
I.3.
Accountantsverslag 2024 (RIS322001).
I.4. Voorstel van het college inzake Aanvullende dekking herziening grondexploitatie Petroleumhaven 2025 (LA-39) (RIS322485). De voorzitter. De eerste termijn van de zijde van de raad hebben we gehad voor de dinerpauze. We gaan nu over tot de beantwoording van het college. Ik zou graag eerst het woord willen geven aan de wethouder Financiën, mevrouw Bruines. Ik wil het college erop wijzen dat er nog 49 minuten en acht seconden spreektijd over is. Ik hoop dat het college dat ook een beetje verdeeld heeft onderling, zodat we daar binnen gaan blijven. Dat gaan we in de loop van de avond zien en ervaren, maar ik wil de oproep graag nog een keer herhalen. De beraadslaging wordt hervat. Wethouder Bruines (D66). Voorzitter, ik ga echt mijn best doen. We hebben een heel goed gesprek gehad in de commissie over het onderdeel Financiën, ook met de Rekeningencommissie, waarvoor dank. Er zijn nu niet heel veel vragen aan de wethouder Financiën. Ik zal u een wat uitgebreidere bespiegeling over de financiële staat van de stad besparen voor dit moment. Daar komen we vast bij de begroting uitgebreid op terug. Ik zal de vragen beantwoorden die gesteld zijn en daarna het amendement en de moties appreciëren. Voorzitter. Hart voor Den Haag vroeg of de aanbevelingen van de Rekeningencommissie worden overgenomen. U heeft de brief gelezen die het college daarover gestuurd heeft.
Het antwoord is volmondig ja. Er is ook toegezegd om rond de achtmaandsrapportages daarover te rapporteren, dat we u meenemen in alle stappen op controle en al die dingen en dat we streng gaan zitten op de 95
rechtmatigheid en de lessen die de afgelopen jaren tot ons gekomen zijn. We moeten ook inderdaad de dingen die we nu beter doen, goed vasthouden. Dank overigens voor de complimenten daarvoor. Dan heeft u gevraagd waarom u zo laat reacties krijgt van de commissiebehandelingen. Die beantwoord ik maar even voor alle collega's. We hebben het systeem dat als je mondeling iets beantwoordt in een commissie, je dat meteen doet. Als het schriftelijk moet, dan moet dat een routetje door. Er is genoeg aanleiding, vindt het college, om er nog even naar te kijken of dat handig is, want het is niet fijn om dat de middag voor de behandeling te krijgen. Het zit allemaal dicht op elkaar. Als er een of twee dagen tussen zitten, is dat prima. Er is in ieder geval voldoende aanleiding om even te kijken of we die procedure niet moeten herzien. Dat is wat ik er op dit moment over kan zeggen. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). Dank voor de beantwoording over de tijdige beantwoording van schriftelijke vragen. Ik hoop dat het college daarover in gesprek gaat met het presidium. Dan kunnen we het daar kortsluiten. Wethouder Bruines (D66). Dat lijkt mij uitstekend. Voorzitter. Ik ga nog even als wethouder Financiën op het amendement van de VVD in. Daar hebben we het ook over gehad. Het was een omissie in de afspraken met de Rekenkamer. Dit amendement herstelt dat.
Het college kan het dus aan de raad laten en positief preadviseren. Dan zet ik even een andere pet op, die van wethouder Cultuur en Economische ontwikkeling. Over cultuur heeft Hart voor Den Haag gezegd dat er wat dingen zijn verdwenen in de afgelopen jaren. Ik blijf ook vaak herhalen dat er ook een paar mooie dingen zijn bijgekomen, zoals een aantal evenementen maar ook een prachtig gebouw hiernaast, dat hartstikke goed functioneert. Er was een heel concrete vraag over Diligentia en PePijn. Daar hebben we een afspraak over gemaakt voor twee jaar subsidie. Er wordt een nieuw plan gemaakt. Dat zal ook beoordeeld worden. We zullen bekijken of we dat voldoende vinden. Daar zullen we de raad over informeren. Dan zal er voor een begroting voor 2027 en verder een besluit moeten worden genomen of dat voldoende is om daar weer nieuwe middelen voor ter beschikking te stellen, waarvan u ook allemaal weet dat die er nog niet zijn. Dus dat is ook een opdracht aan een volgend college. Daar hebben we het vaak over gehad. Meneer Bom zit te knikken. Dus dat weten we allemaal. Dat is het proces dat we hebben gekozen. Dat ging niet alleen over Diligentia en PePijn, maar ook over KOO. We zijn heel blij dat Voorhout Monumentaal er weer is. We vinden het echt heel vervelend hoe het nu met de kas gegaan is.
We moeten dat proberen te voorkomen en zorgen dat de vergunningverlening gewoon goed verloopt. Maar we willen ook heel graag dat dat door blijft gaan. Dat is ook de intentie van iedereen. Daar zullen we dus ook mee in gesprek blijven. Dan het onderzoek naar Parkpop. Het conceptrapport ligt bij de initiatiefnemers om Parkpop voort te zetten. Er is een onderzoek geweest. Dat is onlangs gepresenteerd. De instellingen willen de rapportage die gemaakt is, voorzien van een toelichtende brief. Die is in de maak en zal direct na het zomerreces naar de raad kunnen geworden gestuurd. Dan is het aan u om die te agenderen. Dan kan het college er ook een appreciatie van geven. Over Escher hebben we het natuurlijk onlangs gehad. Er is contact met de gemeente Amsterdam. Daar hebben we inmiddels een brief van ontvangen. Een afspraak met de initiatiefnemers in Amsterdam is in de maak. Dat is nog niet helemaal gelukt, maar dat heeft vooral te maken met vakanties van deze en gene. Ik hoop dat ik u na het reces daar meer over kan vertellen. De motie over het standbeeld voor Paul van Vliet is gericht aan de raad. Het gaat in ieder geval niet over het raadsinitiatievenfonds. Ik zou wel willen opmerken dat er geen vraag binnengekomen is bij het college om te kijken of er een aanvulling op het bedrag mogelijk is. Het is verder aan u om te oordelen.
Volgens mij zijn ze nog druk bezig met fondsenwerving. Dat is ook de basisafspraak die we hebben als er initiatieven zijn voor een monument of een beeld. Dan hebben de initiatiefnemers daar de lead in. Dat is ook in dit geval zo. Dus die vraag is niet binnengekomen, maar het is aan u verder om daar een antwoord op te geven. De motie over het beeld van Lex Schoenmaker zal collega Bredemeijer behandelen. Hart voor Den Haag heeft gevraagd naar de verantwoording van economisch beleid; meten is weten. We hebben jaarlijks de voortgangsrapportage van het economisch beleid, die een stuk concreter is dan in de begroting. Maar ik vind eerlijk gezegd ook dat er in de begroting wel een tandje erbij kan, en in de jaarrekening dus ook. Met dit gezegd hebbende kan ik de motie aan de raad laten. 96
Dat was het, voorzitter. De voorzitter. Ik schiet er bijna van vol. Dat ging erg snel, zesenhalve minuut. Dat gaat hartstikke goed zo. De volgende wethouder staat alweer klaar. Het woord is aan wethouder Van Asten. Wethouder Van Asten (D66). Voorzitter. Ik heb drie vragen gekregen van de VVD-fractie. De eerste ging over het rapport van de Rekeningencommissie. Dat rapport is op 27 juni ambtelijk gedeeld en later richting het college. Afgelopen dinsdag hebben wij als college het rapport kunnen bespreken. Dus tijdens de commissiebespreking was ik daar nog niet helemaal inhoudelijk op voorbereid, excuus daarvoor. Maar wij onderschrijven als college maar ook zeker vanuit programma 13 de noodzaak die geconstateerd was om goed over de risico's te blijven rapporteren en om, op het moment dat ze voorkomen, ze te delen. We hopen dat we dat steeds beter doen, onder andere met de GRIPrapportages, projectbeheersing- en voortgangsrapportages. Mochten er suggesties zijn om dat nog beter of anders te doen, dan sta ik daar zeker voor open. Ik hoop vooral dat we zo min mogelijk hoeven te rapporteren en dat we keurig binnen budget blijven. Maar het is helaas nooit uitgesloten. Kan het college bevestigen dat het dit laatste jaar alles op volle kracht inzet op de gebiedsontwikkelingen van CID Binckhorst en Zuidwest? Absoluut.
De plannen voor Laakhaven Centraal komen natuurlijk naar u toe en de tweede fase van de Binckhorst. Dus volle kracht vooruit; net in september en oktober zal er een hoop besproken worden. Tot slot had u nog de vraag of de bestaande panden op de Bellevuelocatie zijn verhuurd en hoelang die verhuurd zijn. De panden van Downtown Development worden nog op de markt verhuurd voor een periode van vijf jaar. Het PUK loopt volgend jaar af en kan eventueel met gegronde redenen verlengd worden. Een gegronde reden zou zijn als er goede voortgang is vanuit de ontwikkelaars. Zoals ook in de commissie toegezegd, verwacht ik een update te kunnen geven daarover bij de voortgangsrapportage in het najaar. Dan heb ik enkele moties. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). Ik had ook nog een vraag gesteld over de miljoenentekorten bij vergunningen en of u ervoor zou zorgen dat die niet meer ontstaan. Wethouder Van Asten (D66). Ja, daar wees u mij specifiek voor aan, maar die vraag heb ik collegiaal toch naar collega Engberts doorgeschoven, aangezien hij daar portefeuillehouder voor is. Hij is nu nog hard aan het werken aan het antwoord! Ik kom bij de motie van de heer Guernaoui van Hart voor Den Haag, Versterking uitvoeringskracht van de Dienst Stedelijke Ontwikkeling. Dit is de afgelopen jaren iets te vaak in de raad besproken. Maar deze motie vind ik bijzonder.
Want wat hebben wij gepresenteerd? Het zat volgens mij ook bij de stukken: deze actieagenda. Die actieagenda, die we ook besproken hebben, gaat over: hoe zorgen we ervoor dat de slagkracht, de capaciteit en de executiekracht van de Dienst Stedelijke Ontwikkeling vergroot wordt? Wij doen daar een aantal suggesties voor, samen met de marktpartijen. Die marktpartijen vindt u allemaal op de laatste pagina. Uw versie, net als de mijne, is ongetekend, maar elke handtekening is al gezet. Dat zijn de partijen vanaf de a van AM tot en met Vesteda en alle partijen die daartussen zitten. Dat is om samen ervoor te zorgen dat we aan de slag gaan met de woningbouw en de bedrijvenmarkt in deze stad. Nu vraagt u om een onderzoek dat uiteindelijk dan tot een programma moet komen dat ervoor zorgt dat we de slagkracht versterken. Maar dat programma heb ik hier in handen. Dus ik weet niet wat u nu verder zoekt dan wat wij hier nu bieden. Dit programma is samen met de marktpartijen gemaakt. We gaan er hard mee aan de slag. In het najaar is er weer een Haagse Tafel Wonen, waar ook al deze partijen in zitten, waarin u dan ook weer met die partijen spreekt, precies over deze voortgang.
Dus kunt u deze motie aanhouden, dan die bespreking afwachten die u met die Haagse Tafel heeft en dan zien of er resultaten voortkomen uit dit actieprogramma? Want hier staat precies in hoe we ervoor willen zorgen dat vergunningentrajecten sneller gaan, hoe we eerder tot keuzes komen, over parallel plannen, bouwkeetoverleg, alles wat ervoor moet zorgen dat wij die Haagse woningnood zo snel mogelijk het hoofd bieden. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). Staat in dat plan ook wat je nodig hebt voor de financiële kant van het verhaal? 97
Wethouder Van Asten (D66). Hier staat in welke stappen er worden genomen om juist goed samen te gaan werken, om te kijken wat de markt zelf kan gaan doen. Dat hoeft daarna door de gemeente alleen nog gecontroleerd te worden. Hoe gaan we nou parallel plannen, zodat we processen sneller kunnen laten lopen? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat als er ook maar ergens een klein verschil is met de vergunning waaraan je net niet voldoet, je via zo'n bouwkeetoverleg echt samen gaat zitten om zo snel mogelijk die hobbel te kunnen nemen? Ik noem ook de ambitieroos - daar komen we nog in het najaar verder over te spreken - van welke eisenpakketten we op een gebied hebben gelegd en hoe we ervoor zorgen dat in een gebied onze ambities gerealiseerd worden, maar soms op een bepaald plot even kunnen worden losgelaten om een project vlot te trekken. Dat staat er allemaal in. Het geld dat we beschikbaar hebben voor dit programma staat in de begroting, plus natuurlijk wat de projectontwikkelaars betalen per project daarbij. Daarvoor zullen wij het moeten doen. Uw collega Dubbelaar vroeg mij tijdens het eerste debat over de jaarrekeningbehandeling: kunt u meer doen als u meer geld heeft? Natuurlijk heb ik daarop het antwoord ja gegeven. Maar ik heb ook gezegd: vraagt u aan al mijn collega's, de wethouder Cultuur, de wethouder Buitenruimte, of ze meer kunnen doen als ze meer geld krijgen.
En collega's, volgens mij is het antwoord daarop toch over het algemeen ja. Dus daar heeft u eigenlijk uw antwoord, meneer Guernaoui. Als er meer financiën komen kunnen we natuurlijk meer doen. Maar daarvoor staat u aan de lat als raad om dan te bepalen waar u meer geld naartoe wil brengen. Dat gebeurt over het algemeen met een mooi amendement tijdens de begrotingsbehandeling. De voorzitter. Meneer Guernaoui, voor de derde maal. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). Een mooi antwoord van de wethouder. Natuurlijk, iedereen zal zeggen meer te kunnen doen met meer geld. Dus die begrijp ik. Maar als laatste, want dat is nog wel een ding: kan de gemeentelijke organisatie DSO dat dan ook aan? Kunnen ze dat uitvoeren? Hebben ze dat ook gezegd, met name in relatie tot hoe je ziet dat het in Rotterdam gebeurt? Wethouder Van Asten (D66). Dit is een van de discussies die ik zelf scherp heb gevoerd: goed dat we met een actieplan komen, maar dit moeten we waar kunnen maken. Die handtekeningen die er ook van de marktpartijen staan, betekenen ook dat zij het waar moeten maken. Maar ook ik heb dit ding getekend. Ik wil dan ook wel een man van mijn woord kunnen zijn dat we dit gaan redden. Dus vandaar dat ik erachter sta. Ik ben heel benieuwd naar de resultaten. Daar werken we keihard aan. Ik weet dat er een team staat dat er heel hard voor werkt.
Ik weet dat we de afgelopen jaren hebben toe kunnen werken naar steeds meer vaste krachten in dat team om echt weer een sterke Dienst Stedelijke Ontwikkeling op te bouwen, met heel veel vakkennis en kracht daarop. Ik heb er vertrouwen in dat dit actieplan daadwerkelijk resultaten zal opleveren. De voorzitter. Gaat u verder. Wethouder Van Asten (D66). Dus ik hoop dat ik toch met dit antwoord u ervan overtuigd heb om deze motie in ieder geval aan te houden tot de gesprekken die u wellicht heeft met de Haagse Tafel Wonen. Ik hoor het graag. Ik heb drie moties. De eerste is Van bouwput naar buurt van de Partij voor de Dieren. Die gaat over de Petroleumhaven, over kavel E. We hebben in de commissie ook al gesproken over dat drijvend groene eiland dat goed voor de buurt zou moeten zijn. Ik heb toen aangegeven dat we ook een bouweiland moeten hebben voor die kavel. Deze motie vraagt of we kunnen kijken hoe we toch meer groen in deze buurt zouden kunnen realiseren. Daar is dit college ook zeker voor. We willen die inspanning zeker gaan plegen. Daarom kunnen we de motie Van bouwput naar buurt aan de raad laten. Dan heb ik nog twee moties. Die gaan allebei over de Binckhorst.
We hebben daar een debat over gehad, met veel insprekers, mensen die zich terecht zorgen maken over hun mogelijkheden tot bewegen, tot mobiliteit, zeker nu de tram nog niet rijdt en de bussen er sommige delen van de dag gewoon niet rijden. Collega Kapteijns en ik trekken ons dat terdege aan. Vandaar dat we ook enkele malen al gesproken hebben met de mensen uit deze buurt. 28 juli is er een ambtelijke werkbespreking met de bewoners. Ik had toen net, met permissie, een ander overleg in het stadhuis. Maar ik geloof dat 98
er sprake was van dat het overleg uit was gesteld vanwege mijn reis naar Wenen. Dat is absoluut niet het geval. Dit was gewoon gepland. Ik heb niks hoeven te verzetten omdat ik de gemeente in het buitenland vertegenwoordigde. Deze afspraak stond. Wij zijn druk bezig met die brief die ik u heb beloofd. Ik verwacht dat die morgen of overmorgen naar de bewoners gaat. Daarin staan in ieder geval al tien acties die we snel willen ondernemen. Dat gaat over hoe snel we de bus kunnen laten rijden. In de zomer, met een lagere spits, kan die bus wel gewoon de hele dag rijden. Dan kunnen we gelijk goed testen hoe we dat in het najaar gaan doen. We kunnen nog parkeerplaatsen aanleggen bij de kasteeltuin. We zijn dus volop bezig. Ik vind echt dat deze mensen een verhaal hebben hier. Dus we willen ze zeker helpen in de tussentijd dat die tram er niet is en die bus niet goed rijdt. Dat even ter inkadering. Als ik dan kijk naar de twee moties, dan vind ik die allebei wat aan de vroege kant. Het probleem is groot, maar in het najaar bespreken we precies wat we in de toekomst met de Binckhorst moeten gaan doen. Want sommige zaken lopen daar nogal op vooruit en u heeft als raad wel besloten hoe de Binckhorst zich zal moeten gaan ontwikkelen, zeker ook met de volgende fase en het aantal woningen dat daar moet komen.
Het idee is daar wel: een autoluwe wijk, ontsloten door een tramlijn en een heel pakket op fietsen, deelmobiliteit, bussen et cetera. Dat is niet los te laten. Ja, uiteindelijk kan alles, maar dan gaat u enkele duizenden woningen waarschijnlijk ook wel moeten schrappen, want anders kunnen we het niet rond rekenen. Dan zou uiteindelijk ook nog eens die trambaan op de tocht kunnen komen te staan. Dat zou zonde zijn. Ik kijk dan naar de moties, allereerst Mobiliteitsoplossingen voor de huidige bewoners Binckhorst. Ik vraag u allereerst om deze aan te houden. Maar de motie vraagt ook enkele zaken die wel heel lastig te meten zijn. U vraagt namelijk in kaart te brengen hoeveel bewoners een auto hebben. Dat zou letterlijk betekenen dat we deur aan deur moeten gaan bellen, want we hebben daar geen inzicht in. Als ik mijn eigen wijk zou kijken en een gooi zou moeten doen naar hoeveel auto's er zijn, dan weet ik in ieder geval, in een vergunningenwijk, hoeveel vergunningen er zijn uitgegeven. Dan kan je er nog een kleine plus op doen voor mensen die net in het gebied erbuiten staan. Bijvoorbeeld in een mooie straat waar je gratis kan parkeren, zoals de Daal en Bergselaan, ook onderdeel van deze avond. Daar staan ook wel wat auto's. Dus dan weet je ongeveer hoeveel auto's er in een wijk staan. In een wijk zonder groots betaald parkeren is dat natuurlijk niet bekend.
Je vraagt je dan ook af: hebben we nou een parkeersysteem gebaseerd op het aantal auto's dat een wijk heeft of hebben wij voor een wijk, zeker als het een nieuwe wijk is, een parkeernorm vastgesteld waarop we het totaalpakket aan mobiliteit moeten doen? Dit is dus een motie die nogal lastig is. Daarom vraag ik u om deze aan te houden, zodat we eerst die stappen kunnen nemen met de huidige bewoners in onder andere dat gesprek van 28 juli. Kavish Partiman (CDA). Is het dan niet mogelijk om bijvoorbeeld een uitvraag te doen? Het zijn best compacte complexen daar. Als we daar een uitvraag doen en zeggen 'kan u aangeven of u in het bezit bent van een auto?', dan krijg je daar in elk geval een globaal beeld bij. Is dat niet een praktische manier om dit aan te vliegen? Wethouder Van Asten (D66). Ik weet niet hoe wetenschappelijk we die steekproef kunnen maken, want mensen moeten er dan maar net op gaan reageren, nog afgezien van of wij alle gegevens hebben. Dat zal dan een deur-aan-deur envelop moeten zijn. We hebben wat ervaring met dat soort onderzoeken, bijvoorbeeld bij de Grotiustorens. De respons daarvan is vrij lastig op gang te brengen. Ik denk dat we het probleem aardig geschetst hebben gekregen van de bewoners zelf in hun brief aan uw raad, maar ook in de gesprekken daar.
We weten dat het probleem zit in dat er veel mensen zijn komen wonen die er niet door de gemeentelijke site en niet door de verhuurders tijdig op zijn gewezen dat het aantal parkeerplaatsen ten eerste beperkt is en ten tweede maar voor een klein gedeelte tegen een normaal stallingstarief voor een binnengarage en de rest tegen een hoge prijs. We weten dat dit een groot probleem is. Voor die bewoners wil ik in eerste instantie nu een oplossing zoeken zolang die tram er niet rijdt. Dan kijk je daarna bij de tweede fase: kan het nu nog steeds op de manier waarop we het doen of moeten we op andere plekken parkeerplaatsen regelen of toch meer inpandig? Hoe verhoudt zich dat tot elkaar, hoe verhoudt het zich tot de leefbaarheid en hoe verhoudt het zich ook tot bijvoorbeeld een MER-onderzoek, want dat hebben we natuurlijk niet voor niets ook al in de eerste fase gedaan. Want een geparkeerde auto is leuk, maar die rijdende auto's leggen ook een hoge druk op 99
een gebied, waardoor je soms ook niet meer kan bouwen. Dit zijn nou precies de zaken die ik graag bespreek tijdens die werkbespreking. Wat waren nou die afspraken in eerste instantie over parkeren? Wat zijn de theorieën daarachter? Hoe gaan we de volgende fase in? Ik zou daarom willen vragen om deze motie aan te houden, want het probleem is op dit moment echt wel helder en de oplossingen zie ik graag in dat debat naar voren komen. Kavish Partiman (CDA). Ik snap de oproep van de wethouder wel. Die worsteling delen wij natuurlijk. Je zoekt naar een praktische oplossing voor een probleem, omdat we daar openbaar vervoer ontberen. Kan ik de wethouder vragen om de moties van collega Arp te appreciëren? Dan proberen wij hier te kijken of we tot een oplossing kunnen komen. Wethouder Van Asten (D66). Daar wilde ik inderdaad naartoe gaan. Laat ik dat even doen. De motie van mevrouw Arp van de SP vraagt om in samenspraak met bewoners van de Binckhorst ruimte te maken voor parkeerplaatsen in de wijk. Dat is - u heeft die brief nog niet gezien - wat we eigenlijk willen toezeggen in die brief. Bij de kasteeltuin kunnen we tot zo'n 30 plekken maken. Zo willen we verder gaan zoeken naar terreinen die nu nog leeg zijn of lege plots waar nog niks ontwikkeld wordt, zodat we voorlopig daar parkeerruimte kunnen creëren.
Het tweede punt vraagt om samen met bewoners de onderhandeling aan te gaan met de verhuurders van te dure inpandige parkeerplaatsen. Daar zie ik een strijdbare SP met de banieren op weg naar de hoofdkantoren naar Q-Park! In ChatGPT zou er ongetwijfeld een mooi plaatje van te maken zijn. Met de input van bewoners wil ik die discussie zeker aangaan. Daarbij wel even een winstwaarschuwing, want volgens de omgevingsvergunning en dergelijke is dit allemaal goed gegaan. Dat betekent dat onze onderhandelingsruimte vrij beperkt is. Maar ik wil natuurlijk wel goed het gesprek aangaan met de verhuurders, met de beleggers die erachter zitten, met in ieder geval alle partijen om eens te kijken of er bijvoorbeeld in tijdelijkheid iets te regelen is. Want als er nu een heleboel plekken leeg staan levert dat natuurlijk ook niets op. En ik wil graag nu een oplossing zien te vinden voor die mensen. Dus ik wil hier zeker mijn best voor doen op die wijze, om gesprekken aan te gaan met de Q-Parks en andere aanbieders die nu in dat gebied er zijn, samen met de eerdere toezegging die mijn collega Kapteijns en ik in de brief ook doen. Zodra die brief de deur uit is, zal die ook naar de raad gaan. Die ontvangt u hopelijk vrijdag. Dan kunt u ook zien dat wij een hoop stappen daarin willen zetten. Laten we aan de slag gaan met de motie van de SP om die onderhandelingen te gaan starten.