CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS323005 Bijlage Brede heroverweging

Commissie Bestuur 6 november 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Programma 15: Financiën42.569 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Wettelijk gezien is er een expliciete taak voor de gemeente om clientondersteuning vorm te geven en maatschappelijke ondersteuning vorm te geven. De omvang daarvan is vrij invulbaar. Naast deze regelingen is er aanvullend nog ca. € 13 mln. subsidiemiddelen, bestaand uit: Clientondersteuning € 4,1 mln., vrijwilligersondersteuning € 2,4 mln. (PEP), eten en ontmoeten € 0,8 mln. en verschillende kleinere subsidieregelingen en begrotingssubsidies zoals toegankelijkheid, belangenbehartiging, algemeen maatschappelijk werk. Ook voor deze subsidies geldt dat het plafond en het bereik kan worden opgeschaald en afgeschaald.

Financiële toelichting

De regelingen zijn deels meerjarige subsidies. Aanpassing is pas mogelijk zodra de huidige regelingen afloopt, op zijn vroegst in 2027. Keuze 2: Een eigen bijdrage of cofinanciering van deelnemers is mogelijk, mits redelijk en vastgelegd in beleid en verordening. Uitzondering hierop is cliëntondersteuning; hiervoor is het wettelijk niet toegestaan om een eigen bijdrage te vragen. Een alternatieve optie is om gesubsidieerde instellingen te verplichten tot cofinanciering (bijv. minimaal 5%). Dit kan worden ingevuld via eigen bijdragen van burgers of andere middelen. Voorbeelden van opbrengsten bij 5% cofinanciering: ‒ Haags Ontmoeten: ca. € 140.000 ‒ SSV grootschalig: ca. € 55.000 Deze besparing is niet volledig door te vertalen, omdat sommige instellingen in de stad al cofinanciering toepassen. Vereist het invoeren van een nieuwe verordening en aanpassen van beleid. Bovendien is tijd nodig voor instellingen en de gemeente om hun bedrijfsvoering aan te passen aan de nieuwe regels. Keuze 3: De kosten/opbrengsten van deze Keuze hangen af van de vastgoedkeuzes van de gemeente (huur, aanschaf of sluiting). De gemiddelde jaarlijkse kosten per pand bedragen ca. € 0,5 mln., inclusief huur, onderhoud en beheer. De kosten variëren van € 132.000 tot € 700.000 per pand, afhankelijk van locatie en omvang. Keuze 4: Volledig afschaffen van emancipatiebeleid levert circa € 0,9 mln. op.

Bij verdubbelen van de subsidieregelingen wordt € 0,9 mln. geïntensiveerd. Ook kan ervoor gekozen worden het bereik van deze regeling te beperken of uit te breiden. Per doelgroep is er binnen deze regeling € 0,45 mln. gereserveerd per doelgroep, dit bedrag kan bespaard worden door één doelgroep te schrappen.

Relevante documenten

‒ ‒ ‒ ‒ ‒ ‒ ‒ ‒ ‒ ‒

Actielijn informele zorg (2024-2026) Actielijn Seniorvriendelijk Den Haag Beleidsplan versterken sociale basis (te verschijnen Q1 2025) Actielijn eenzaamheid (te verschijnen Q3 2025) Beleidsplan versterken en verbinden welzijn Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 Regeling maatschappelijke ondersteuning 2018 Verordening maatschappelijke ondersteuning 2018 Beleidsagenda In en Haag doet iedereen onbeperkt mee Nota inclusief samenleven (RIS 318932) Brede heroverweging

87

Preventief Jeugdbeleid, inclusief, Beheer en exploitatie CJG, Jeugdhulp – JMO, Jeugdhulp preventie. Activiteitomschrijving

Preventieve acties om jongeren een goede start te geven en te voorkomen dat in de toekomst aanvullende zorg nodig zal zijn.

Beinvloedbaarheid

Deelactiviteit Preventief Jeugdbeleid is beïnvloedbaar. Er is een wettelijke taak voor de gemeente, het is niet mogelijk te stoppen met deze activiteit. Het beïnvloedbaar budget is structureel € 5,44 mln. De wettelijke taak is vastgelegd in art. 2.1 en 2.2 Jeugdwet: zorgdragen voor samenhangend stelsel van preventieve voorzieningen, jeugdhulp en kinderbeschermingsmaatregelen, ten minste het bieden van informatie en advies, opvoedondersteuning, vroegsignalering en lichte pedagogische hulp.

Beïnvloedbaar budget

Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 5,44

€ 5,44

€ 5,44

€ 5,44

€ 5,44

€ 5,44

€ 5,44

€ 5,44

w.v. apparaat w.v. programma Keuzemogelijkheden

Beleidsmatige toelichting

Keuze 1: Verhogen of verlagen van de subsidieregeling Participatie en Preventie. Keuze 2: Verkleinen of uitbreiden van de doelgroep en focus op preventie. Keuze 1: Er kan gekozen worden om de subsidieregeling te verhogen of om deze te verlagen. Verhogen van de subsidieregeling biedt meer financiële ruimte voor zorg en maatschappelijke initiatieven, terwijl verlagen kosten bespaart, maar het kan de uitvoering van projecten belemmeren. Bij een verhoging zou ook de focus van de regeling kunnen worden verbreed, bijvoorbeeld naar preventie, zodat intensieve zorg in de toekomst kan worden voorkomen. De werkelijke financiële impact van het verkleinen of vergroten van de inzet op preventie is niet direct aan te tonen, echter is op basis van diverse onderzoeken duidelijk dat wel of niet investeren in preventie een relatie heeft met een beroep op de jeugdhulp.

Financiële toelichting

Keuze 1 en 2: Het subsidieplafond voor jeugdpreventie is € 4,55 mln. en voor jeugd participatie is dit € 0,88 mln. Het subsidieplafond kan naar boven en naar beneden worden bijgesteld. Voor keuze 1 en keuze 2 geldt dat de huidige subsidieregelingen lopen tot en met 2026. Vanaf 2027 kunnen subsidieregelingen worden aangepast.

Relevante documenten

88

Brede heroverweging

‒ ‒

RIS 319404 Subsidieregeling Jeugdparticipatie Den Haag 2024 RIS 319405 Subsidieregeling Jeugdpreventie Den Haag 2024

Hoofdactiviteit Bescherming jeugd en gezin, en maatschappelijke opvang Toegang en eerstelijnsvoorzieningen integraal, inclusief deelactiviteit Uitvoeringsorganisatie Veilig Thuis Haaglanden – GR en deelactiviteit Uitvoeringsorganisatie Veilig Thuis Haaglanden. Activiteitomschrijving

Beinvloedbaarheid

Het duurzaam stoppen van huislijk geweld, een veilig thuis voor iedereen. Activiteit Toegang en eerstelijnsvoorzieningen: Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Integraal bestaat uit de volgende activiteiten: ‒ Deelactiviteit Uitvoeringsorganisatie Veilig Thuis Haaglanden – GR is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Daarnaast zijn er wettelijke minimumvereisten gesteld aan de uitvoering van de activiteit. Het beïnvloedbaar budget is structureel € 13,9 mln. (dit is de deelnemersbijdrage van de gemeente Den Haag aan de GR) ‒ Deelactiviteit Uitvoeringsorganisatie Veilig Thuis Haaglanden - Overige taken is beïnvloedbaar. Het beïnvloedbaar budget is structureel € 0 mln. (de bijdrage vanuit de regio, stopt namelijk in 2026) De wettelijke taken van Veilig thuis, op grond van de WMO 2015, zijn 1) advies geven bij (vermoedens van) huiselijk geweld of kindermishandeling, 2) meldingen ontvangen en registreren, 3) onderzoek doen, 4) beoordeling veiligheid en risico’s, 5) besluiten nemen over vervolgstappen, 6) regie voeren en coördineren bij complexe casussen en 7) toegang geven tot passende hulpverlening. Minimumvereisten zijn 24/7 bereikbaarheid, deskundig personeel, gebruik afwegingskader van de Meldcode huiselijk geweld in kindermishandeling, privacy en veiligheid persoonsgegevens, samenwerking in de keten met o.a.

politie, jeugdzorg en hulpverleners en monitoren en evalueren van casussen.

Beïnvloedbaar budget

Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 13,9

€ 13,9

€ 13,9

€ 13,9

€ 13,9

€ 13,9

€ 13,9

€ 13,9

w.v. apparaat w.v. programma

Keuzemogelijkheden

Keuze 1: Meer of minder middelen beschikbaar voor dienstverlening van Veilig Thuis Haaglanden. Dit betreft inzet en het delen van kennis en expertise voor triage, onderzoek en dossiervorming. Besluitvorming verloopt via de gemeenschappelijke regeling.

Beleidsmatige toelichting

Keuze 1: ‒ A. minder middelen: voor de GR is er de opdracht vanuit de Kaderbrief GR-en om 6,2% te bezuinigingen. Hiervoor worden in samenspraak met het bestuur nu voorstellen uitgewerkt die medio 2025 gereed zijn en in de GR-begroting van 2026 structureel worden verwerkt. Aan deze Keuze wordt dus al gedraaid. Ruim de helft van de bezuinigingen die voorgesteld zijn hebben niet direct invloed op een toename van de wachtlijst. ‒

Financiële toelichting

Relevante documenten

B. Er is op dit moment sprake van een wachtlijst. Door te intensiveren kan de wachtlijst worden verkort.

Keuze 1: ‒ A. Bezuinigingsvoorstellen van zo’n € 0,8 mln. liggen voor aan het GR-bestuur. Het financiële effect voor Den Haag in deze GR is 55%. Een verdere beperking van middelen heeft per fte (€ 125.000) minder een oplopend effect van 20 dossiers op de wachtlijst. ‒

B. Met 1 fte kan de wachtlijst met 20 dossiers worden verkort. Eén fte kost € 125.000. De wachtlijst is nu ca 100 dossiers.

‒

Kaderbrief GR-en 2026 (hierin bezuiniging 6,2% vanaf 2026)

Brede heroverweging

89

Beschermd wonen (Wmo) en GGZ en Huiselijk geweld. Activiteitomschrijving

Het uitvoeren van activiteiten rondom preventie en begeleiding van mensen met een psychiatrische aandoening en activiteiten rondom bestrijding, begeleiding en opvang van situaties van huiselijk geweld. Deelactiviteit GGZ is deels beïnvloedbaar. Het budget voor de deel-activiteit GGZ bestaat uit vier deelbudgetten. ‒ Het budget Beschermd Wonen - Sociaal Domein is beïnvloedbaar. ‒ Het budget Geestelijke gezondheidszorg is beïnvloedbaar vanwege de wettelijke grondslag waarin wettelijke verwijzers behandelingen opleggen waarvoor de prijs bij AMvB is vastgesteld. Op basis van ervaringsgegevens is ongeveer 25% van het budget niet beïnvloedbaar. Het budget Verslavingszorg is beïnvloedbaar.

Beinvloedbaarheid

Met de uitvoering van de hiervoor genoemde budgetten kan niet gestopt worden vanwege een wettelijke taak (WMO 2015, art. 2.1.2). Deelactiviteit Huiselijk geweld is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden (WMO 2015, o.m. art. 4.2.1). Het budget bestaat uit vier deelbudgetten. ‒ Het budget voor Geweld In Afhankelijkheidsrelaties is 15% beïnvloedbaar. Het resterende deel betreft regionale middelen t.b.v. WMO art. 4.2.1 (huiselijk geweld en kindermishandeling). ‒ Het budget Prostitutie beleid is beïnvloedbaar. ‒ Tot slot is het budget voor Regiofunctie Vrouwenopvang niet beïnvloedbaar omdat het incidentele middelen zijn uit een reserve die in 2027 wordt opgeheven. Het structureel beïnvloedbaar budget is circa € 25,58 mln.

Beïnvloedbaar budget

Keuzemogelijkheden

Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 26,60

€ 25,59

€ 25,58

€ 25,58

w.v. apparaat

€ 1,30

€ 1,30

€ 1,30

€ 1,30

w.v. programma

€ 24,33

€ 24,29

€ 24,28

€ 24,28

Keuze 1: Meer of minder inzet op preventie en vroegsignalering GGZ. Keuze 2: Meer of minder inzetten op preventie en vroegsignalering huiselijk geweld. Keuze 1: het gaat hier om de doelgroep kwetsbare mensen met een ernstige psychische aandoening. Met de inzet van passende zorg en ondersteuning wordt overlast door personen met verward en onbegrepen gedrag op straat verminderd, wat bijdraagt aan de veiligheid in de stad. Het meer of minder inzetten op preventie en vroegsignaleren heeft invloed op het eerder of later in beeld kunnen brengen en naar ondersteuning kunnen begeleiden door de GGZ-wijkteams. Dat resulteert in meer of minder preventie en vroegsignalering en verward gedrag op straat.

Beleidsmatige toelichting

Keuze 2: Dit betreft de activiteiten van de GGD en de subsidieregeling preventie en vroegsignalering huiselijk geweld. De GGD organiseert voor het netwerkwerk in de aanpak van huiselijk geweld: deskundigheidsbevordering, activiteiten ten behoeve van het actieplan gender gerelateerd geweld, bewustwordingsactiviteiten voor burgers, activiteiten tegen kindermishandeling en (huis)dierenmishandeling, en onderzoek. De subsidieregeling P&V HG is gericht op organisaties in de stad die activiteiten verrichten op het voorkomen en signaleren van huiselijk geweld, bijvoorbeeld voorlichtingen, trainingen, workshops en gesprekken binnen de verschillende gemeenschappen. Keuze 1: Het beschikbare budget hiervoor is nu € 6,9 mln. De subsidie bestaat uit bekostiging van fte’s van de wijkteams. In totaal wordt 69.700 uur zorg geleverd.

Financiële toelichting

Relevante documenten

90

Brede heroverweging

Keuze 2: Beschikbare structurele budget voor de subsidieregeling vroegsignalering en preventie bedraagt circa € 1 mln. Het plafond kan omhoog of omlaag worden bijgesteld voor meer of minder preventie en vroegsignalering.  Keuze 1 en 2: het afschalen van de inzet op preventie en vroegsignaleren GGD geldt dat het afschalen van capaciteit van de GGD een maximale doorlooptijd van 2 jaar kent. Het afschalen van subsidieregelingen is afhankelijk van de individuele regeling en vraagt ten minste een redelijk termijn van 6 maanden. Het opschalen van capaciteit bij de GGD kent een aanlooptijd in verband met een tekort op de arbeidsmarkt van GGZ geschoold personeel. ‒ ‒ ‒

Beleidsbrief verward en onbegrepen gedrag (RIS 318840) Subsidieregeling preventie en vroegsignalering huiselijk geweld (RIS 312635) Haagse aanpak gendergerelateerd geweld (RIS 317334)

Maatschappelijke en vrouwenopvang (Wmo), Inclusief Maatschappelijke opvang, Maatschappelijke opvang – JMO en Zorg en opvang Activiteitomschrijving

Beinvloedbaarheid

Het uitvoeren van beleid op het gebied van maatschappelijke opvang en vrouwenopvang, met als doel het bieden van veiligheid, stabiliteit en perspectief aan kwetsbare inwoners. De activiteit Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO) is beïnvloedbaar. De activiteit bestaat uit vier deelactiviteiten, namelijk: ‒ Maatschappelijke opvang, ‒ Maatschappelijke opvang – JMO en ‒ Zorg en opvang. Vanwege wettelijke taken kan niet volledig met deze activiteit gestopt worden. De wet stelt dat de gemeente zorg draagt voor onderdak en begeleiding voor mensen die de thuissituatie hebben verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht door de samenleving te handhaven (artikel 1.2.1 Wmo 2015). Daarnaast zijn er wettelijke minimumvereisten gesteld aan de uitvoering van de activiteit. Het beïnvloedbaar budget is structureel € 22,66 mln. De DUMO-middelen worden verstrekt aan Den Haag voor de zorgregio. Die middelen zijn dus niet volledig voor Haagde doeleinden te gebruiken. Op basis van populatie, bestaat het Haagse deel uit ca 2/3 van het totale bedrag.

Beïnvloedbaar budget

Keuzemogelijkheden

Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 23,13

€ 22,66

€ 22,66

€ 22,66

w.v. apparaat

€ 6,71

€ 6,71

€ 6,71

€ 6,71

w.v. programma

€ 16,42

€ 15,95

€ 15,95

€ 15,95

Keuze 1: Vergroten of verkleinen van de doelgroep. Keuze 2: Groot- of kleinschalige locaties. Keuze 1: Doelgroep van het beleid kan groot of minder groot worden gemaakt. Bij de WMO groep is het mogelijk om keuzes te maken ten aanzien van indicatiestelling waardoor de doelgroep kleiner zal worden. De inzet van maatschappelijke opvang focust dan op de groep die voor herstel specifiek is aangewezen op de combinatie van onderdak met zorg. De meest kwetsbare groep krijgt dan prioriteit. Een dergelijke beleidslijn vergt afstemming met de andere gemeenten in de zorgregio. Daarnaast zou er een intensivering plaats kunnen vinden van de opvang van het aantal alleenstaande daklozen, op dit moment is er een wachtlijst voor alleenstaande daklozen.

Beleidsmatige toelichting

Keuze 2: Efficiencyvoordelen kunnen worden behaald door grootschalige locaties in te richten. Kleinschaligere locaties zijn duurder. Het vervangen van grootschalige groepslocaties door kleinschalige opvanglocaties verbetert de zelfstandigheid van cliënten en de kwaliteit van de ondersteuning. Het brengt echter logistieke- en schaalnadelen met zich mee en leidt tot een verhoging van de gemeentelijke kosten per plek. Voor de MO-doelgroep is vrijwel altijd 24 uurs toezicht nodig. Omdat arbeidskosten met 70% tot 80% de grootste kostencomponent vormen, worden opvanglocaties nauwelijks goedkoper als de capaciteit verlaagd wordt van 50 naar bijvoorbeeld 25 plekken. Grotere locaties vergen meer afstemming met omwonenden, waarin goed rekening wordt gehouden met zorgen ten aanzien van veiligheid. Keuze 1: Indicatie verdeling doelgroep In de hotelopvang wordt bijgehouden op welke grondslag gezinnen worden opgevangen: ‒ Belang kind: ~30% ( € 3,4 mln.) / circa 50 gezinnen ‒ Code oranje: ~10% (€ 0,8 mln.) / circa 10 gezinnen (opvang huiselijk geweld) ‒ WMO: ~60% (€ 6,1 mln.) / circa 90 gezinnen

Financiële toelichting

Voor de gezinsopvang in gemeentelijke opvangplekken betreffen de percentages: Belang kind: ~50% (circa 50 gezinnen) Code oranje: ~5% ( circa 10 gezinnen) WMO: ~45% (circa 60 gezinnen) ‒

‒

Bij de WMO groep is het mogelijk om keuzes te maken ten aanzien van indicatiestelling waardoor de doelgroep kleiner zal worden. Inschatting is dat dit doelgroep tussen de 10% en 35% zal verkleinen, gelet op de huidige verdeling zal dit de capaciteit van de hotels verlagen. Hiervan uitgaande zal dit tussen de € 1 mln. en € 3,7 mln. aan kosten verminderen. Hiernaast worden er nog 62 alleenstaande personen opgevangen in een gemeentelijke locatie, kosten € 2 mln. Voor deze doelgroep is er een wachtlijst. Als er meer alleenstaande opgevangen gaan worden om de wachtlijst terug te brengen dan zal dit voor hogere kosten zorgen. Afhankelijk van de soort opvangplek zullen de kosten dan tussen de € 50 & € 120 per nacht per plek toenemen. Voor deze groep is het merendeel wmo-gerechtigd. Brede heroverweging

91

Financiële toelichting

Relevante documenten

Keuze 2: ‒ Binnen de gemeente Den Haag worden gemiddeld 270 gezinnen opgevangen in hotels (€ 10,5 mln.) en locaties in eigen beheer (€ 5,6 mln.). De gemiddelde kosten van de hotelopvang liggen hoger (€ 80 p.p.p.n) dan in de ‘eigen’ locaties (€ 50 p.p.p.n). Als de huidige hoeveelheid gezinnen (150) opgevangen wordt in eigen locaties i.p.v. hotels zal dit tussen de 2,7 mln. en 4 mln. kosten verminderen (afhankelijk van de samenstelling van het gezin). Uitstroom van gezinnen naar reguliere woonruimte is uiteraard nog voordeliger, dan verminderen de kosten met circa € 70K per gezin per jaar. Besparing tussen de € 0 en 10,5 mln (afhankelijk van het aantal gezinnen). ‒

De termijn hangt volledig af van de mate waarin locaties voor grootschalige opvang (50+ plekken) beschikbaar komen en de mate waarin dit bouwkundig, planologisch en qua draagkracht van de buurt gerealiseerd kan worden. Dit is niet van tevoren in te schatten. Met name bij planologische bezwaren kan het juridische traject tot drie jaar uitlopen. In het begin zullen dergelijke locaties aanvullend zijn op de bestaande locaties. Om verstopping van de nieuwe locaties te voorkomen, blijft het vergroten van het aanbod aan zelfstandige (begeleid) woonplekken onverminderd nodig.

‒

Beleidskader aanpak dakloosheid (RIS 316085)

Gespecialiseerde zorg en ondersteuning Maatwerkarrangementen (MWA) incl. MO/BW (Wmo), inclusief Huishoudelijke hulp (WMO, Begeleiding (WMO), Dagbesteding (WMO), PGB Wmo, Beschermd wonen - Eigen bijdrage WMO, Beschermd wonen - Maatwerkarrangementen ZIN, Maatschappelijke opvang - Maatwerkarrangementen ZIN, Toegang en eerstelijnsvoorzieningen WMO en Coördinatie en beleid WMO. Activiteitomschrijving

Beinvloedbaarheid

Het bieden van maatwerkvoorzieningen voor huishoudelijke hulp, begeleiding en dagbesteding. Het bieden van een beschermende woonomgeving aan mensen die vanwege een psychische kwetsbaarheid niet in staat zijn zelfstandig te wonen. Voor de maatwerkarrangementen geldt dat de gemeente de plicht heeft om ondersteuning te bieden aan inwoners die voldoen aan de daarvoor gestelde voorwaarden. Maatwerkarrangementen bestaan uit de volgende (deel)activiteiten: ‒ Activiteit Huishoudelijke hulp (Wmo) is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget 7 is circa € 84,4 mln. ‒ Activiteit Begeleiding (Wmo) is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget is circa € 36,87 mln. ‒ Activiteit Dagbesteding (Wmo) is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget is circa € 11,1 mln. ‒ Deelactiviteiten Beschermd wonen is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget is circa € 55,34 mln. ‒ Deelactiviteit Maatschappelijke opvang - Maatwerkarrangementen is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget is circa € 9,1 mln. ‒ Deelactiviteit PGB WMO is beïnvloedbaar.

Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget is circa € 6,3 mln. ‒ Deelactiviteit Toegang en eerstelijnsvoorzieningen WMO is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget is circa € 5,5 mln. ‒ Coördinatie en beleid WMO is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget is circa €1,1 mln. Het structureel beïnvloedbaar budget binnen maatwerkarrangementen (MWA) incl. MO/BW (Wmo) is circa € 209,80 mln. Artikel 2.1.2 Wmo 2015 lid 1 en 2f en g stelt dat het college beleid voert met betrekking tot maatschappelijke ondersteuning die er op gericht is: ‒ maatwerkvoorzieningen te bieden ter ondersteuning van de zelfredzaamheid en participatie aan ingezetenen van de gemeente die daartoe op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit hun sociale netwerk niet of onvoldoende in staat zijn; ‒ maatwerkvoorzieningen te bieden aan personen die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving en beschermd wonen of opvang behoeven in verband met psychische of psychosociale problemen of omdat zij de thuissituatie hebben verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld.

De beleids- en beoordelingsvrijheid van de gemeente is in de jaren door verschillende rechterlijke uitspraken ingeperkt (bijvoorbeeld door jurisprudentie omtrent het niet mogen meewegen van financiële draagkracht, resultaatgericht beschikken). Meer voorbeelden zijn te vinden in het houdbaarheidsonderzoek Wmo.

92

Brede heroverweging

Beïnvloedbaar budget

Keuzemogelijkheden

Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 209,80

€ 209,80

€ 209,80

€ 209,80

w.v. apparaat

€ 20,54

€ 20,54

€ 20,54

€ 20,54

w.v. programma

€ 189,26

€ 189,26

€ 189,26

€ 189,26

Keuze 1: Strenger of minder streng indiceren, inclusief toepassing van intensiteit van ondersteuning. Keuze 2:Verhogen of verlagen van de eigen bijdragen Keuze 1: Strenger of minder streng indiceren kan op twee manieren: 1) bij het afgeven van nieuwe indicaties aan cliënten, of 2) bij de verlenging van bestaande indicaties af/ opschalen met betrekking tot intensiteit (zorgniveau) en indicatieduur.

Beleidsmatige toelichting

De zwaarte van de indicatie wordt uitgedrukt in een intensiteit. Per (deel)activiteit zijn drie intensiteiten gedefinieerd, te weten: basis, plus en intensief. De duur van de ondersteuning wordt uitgedrukt in een perspectief. De cliënt krijgt bij de start van de ondersteuning het perspectief zeer kort, kort, middellang of lang, welke varieert van duurzame uitstroom binnen 3 maanden (zeer kort) tot langdurige (max. 5 jaar), of blijvende ondersteuning (lang). Eerder zijn langs deze lijn kostenbeheersingsmaatregelen genomen (2020). Deze maatregelen kunnen verder worden opgeschaald of afgeschaald. Het beperken van zowel intensiteit en perspectief kan niet eindeloos: De gemeente moet de burger voldoende ondersteuning bieden, zoals gedefinieerd in de wet en met name de jurisprudentie rondom de Wmo 2015. Te streng indiceren kan leiden tot veel bezwaar en beroep en cliënten die onvoldoende zorg krijgen, waardoor problematiek escaleert. Keuze 2: Er bestaan 2 types eigen bijdrage: 1) het abonnementstarief (een vast bedrag; in 2025 maximaal €21,- per maand) voor Huishoudelijke hulp, Begeleiding en Dagbesteding, en 2) een bijdrage op basis van inkomen voor vormen van Beschermd Wonen inclusief een wooncomponent (welke qua hoogte en vrijstelling niet te beïnvloeden is door de gemeente).

Het abonnementstarief is een vast bedrag, ongeacht het inkomen, vermogen of de hoeveelheid hulp die iemand ontvangt. In het huidige gemeentelijke beleid zijn Begeleiding en Dagbesteding vrijgesteld van eigen bijdragen, Huishoudelijke hulp niet) Mogelijk wordt per 1 januari 2027 een inkomensafhankelijke eigen bijdrage ingevoerd (uitgesteld van 1 januari 2026) NB het Rijk heeft al een korting doorgevoerd van € 3,4 mln. per jaar vanaf 2026 uitgaande van extra inkomsten aan eigen bijdragen voor de gemeenten (huidige baten uit eigen bijdragen € 1,2 mln.). Keuze 1: Kwantificering impact (incl. van verschuivingen tussen intensiteiten en indicatieduur) hangt af van de gemaakte keuzes. De verdeling van de uitgaven over de voorzieningen is nu: Huishoudelijke hulp ca. 43% Beschermd Wonen (27%) Begeleiding (20%) Dagbesteding (6%) Maatschappelijke Opvang (4%).

Financiële toelichting

Wanneer gestuurd zou worden op meer of minder intensief indiceren, kunnen de uitgaven per voorziening schuiven tussen de volgende bandbreedtes (duur van de indicatie blijft gelijk): ‒ Bij Huishoudelijke hulp (72% van de indicaties Basis, 27% Plus en 1% Intensief) ligt de bandbreedte tussen € 6,4 mln. minder en € 65,1 mln. meer lasten. ‒ Bij Begeleiding (58% van de indicaties Basis, 38% Plus en 4% Intensief) ligt de bandbreedte tussen € 11,9 mln. minder en € 46,3 mln. meer lasten. ‒ Bij Dagbesteding (56% van de indicaties Basis, 39% Plus en 5% Intensief) ligt de bandbreedte tussen € 2,3 mln. minder en € 12,4 mln. meer lasten. ‒ Bij Beschermd Wonen (15% van de indicaties Basis, 28% Plus en 57% Intensief) ligt de bandbreedte tussen € 31,9 mln. minder en € 22,2 mln. meer lasten. NB. Om een dergelijke maatregel in perspectief te zetten: een volledige omzetting naar basis zal naar verwachting een enorm aantal bezwaren tot gevolg hebben, en ertoe leiden dat de grote 6 aanbieders in Den Haag de al schaarse plekken voor andere zorg gaan inzetten. Dit geldt ook voor de MO cliënten op de overgangslocaties bij 3 van deze 6 aanbieders.

Brede heroverweging

93

Financiële toelichting

Keuze 2: In de huidige begroting 2025 int de gemeente € 1,2 mln. aan eigen bijdragen, op basis van abonnementstarief (excl. Beschermd Wonen, niet beïnvloedbaar door de gemeente). Dat bedrag is inclusief de eigen bijdrage op activiteit Maatwerkvoorzieningen, 660.D, hiernavolgende fiche. Bij volledige vrijstelling voor alle doelgroepen derft de gemeente €1,2 mln., Bij het verkleinen van de vrijstellingen hangt de impact af van de gemaakte keuzes, en is de opbrengst geraamd tussen de € 1 mln. en € 2 mln. Maatregelen m.b.t. de indicatiestellingen en eigen bijdrages kunnen op korte termijn gerealiseerd worden. Aanpassingen in de tarieven kunnen als de huidige contracten aflopen, per 2030.

Relevante documenten

‒

RIS 300428 Commissiebrief ‘Beheersing kosten jeugdhulp en Wmo’

Maatwerkvoorzieningen (WMO), inclusief Toegang en eerstelijnsvoorzieningen WMO en Coördinatie en beleid WMO. Activiteitomschrijving

De gemeente biedt maatwerkvoorzieningen voor hulpmiddelen (wonen en vervoer), vervoersvoorzieningen (AV 070) en woningaanpassingen (incl. trapliften). ‒

Beinvloedbaarheid

Beïnvloedbaar budget

Keuzemogelijkheden

Activiteit Maatwerkvoorzieningen (Wmo) is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden (WMO 2015, art 2.1.2f). Hier geldt dat de gemeente de plicht heeft om ondersteuning te bieden aan inwoners die voldoen aan de daarvoor gestelde voorwaarden. Het beïnvloedbaar budget is € 33,8 mln. ‒ Deelactiviteit Toegang en eerstelijnsvoorzieningen WMO (621.A) is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget is circa € 5,5 mln. ‒ Coördinatie en beleid WMO is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Het beïnvloedbaar budget is circa €1,1 mln. Het beïnvloedbaar budget in 2025 is structureel € 40,50 mln. Beïnvloedbaar budget € x mln. 2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 40,50

€ 40,50

€ 40,50

€ 40,50

w.v. apparaat

€ 5,35

€ 5,35

€ 5,35

€ 5,35

w.v. programma

€ 35,15

€ 35,15

€ 35,15

€ 35,15

Keuze 1: Verhogen of verlagen van de tarieven Keuze 2: Vrijstellingen eigen bijdrage verruimen of verkleinen. Keuze 3: Strenger of minder streng indiceren Keuze 1: Gecontracteerde aanbieders declareren bedragen voor geleverde maatwerkvoorzieningen aan tarieven cf. de afgesloten overeenkomst met de gemeente. Afkondiging van kostenbeheersingsmaatregelen om de meerkosten Wmo terug te dringen (RIS 300428) in de begroting 2020 heeft onder meer geleid tot scherpere tarieven bij de aanbestedingen IV Hulpmiddelen en Trapliften. Bij de aanbesteding Harmonisatie doelgroepenvervoer is de specifieke beleidskeuze om alle vervoersstromen (leerlingen, jeugd en AV 070) bij één aanbieder onder te brengen zonder voorafgaande tariefstelling, maar wel op basis van specifieke randvoorwaarden in de inkoopleidraad en met als oogmerk “meer efficiëntie en kostenbeheersing; de opdrachtnemer kan mensen en middelen meervoudig inzetten op het vervoer van de verschillende doelgroepen” (RIS 309076). De beleidsdoelstellingen voor de aanbesteding Woningaanpassingen (excl. trapliften) zijn nog vast te stellen (maar zullen wel vastgesteld zijn vóór een volgend coalitieakkoord). Tarieven zijn niet wettelijk genormeerd.

Beleidsmatige toelichting

Keuze 2: Voor de maatwerkvoorzieningen ontvangt de gemeente het abonnementstarief (een vast bedrag; in 2025 maximaal €21,- per maand) voor hulpmiddelen (wonen en vervoer) en woningaanpassingen (incl. trapliften). Het abonnementstarief is een vast bedrag, ongeacht het inkomen, vermogen of de hoeveelheid hulp die iemand ontvangt. In de gemeente Den Haag zijn sociale minima en woonvoorzieningen of woningaanpassingen in de algemene ruimte die gemeld zijn bij de gemeente, vrijgesteld van een eigen bijdrage. Alleen de vrijstelling voor rolstoelen is wettelijk bepaald. Voor vervoersvoorzieningen (AV 070) ontvangt de gemeente een eigen bijdrage van € 28 per jaar (vrijstelling voor sociale minima). Mogelijk wordt per 1 januari 2027 een inkomensafhankelijke eigen bijdrage ingevoerd (uitgesteld van 1 januari 2026) NB het Rijk heeft al een korting doorgevoerd van € 3,4 mln. per jaar vanaf 2026 uitgaande van extra inkomsten aan eigen bijdragen voor de gemeenten (huidige baten uit eigen bijdragen € 1,2 mln.).

94

Brede heroverweging

Beleidsmatige toelichting

Keuze 3: Strenger of minder streng indiceren (inclusief de afweging om voor (goedkopere) alternatieve oplossingen te kiezen, en/of een (kortere) indicatieduur) kan op twee manieren: 1) bij het afgeven van nieuwe indicaties aan cliënten, of 2) bij de verlenging van bestaande indicaties. Afkondiging van kostenbeheersingsmaatregelen om de meerkosten Wmo terug te dringen in de begroting 2020 heeft onder meer geleid tot strenger indiceren. Zo is beter gekeken naar wat de goedkoopst adequate voorziening is. Met name bij woonaanpassingen zijn besparingen gerealiseerd (RIS 314510), bijvoorbeeld bij het indiceren van scootmobielstallingen. Het is mogelijk deze maatregelen per ingangsdatum van het coalitieakkoord af of op te schalen door aanpassing van de leidraad Wmo waarin de richtlijnen begrepen zijn op basis van welke voorwaarden en aspecten de indicaties worden afgegeven. Keuze 1: Een kostenintensivering of -besparing (door verhoging resp. verlaging tarieven) zou een aanpassing van de huidige kostenbeheersingsmaatregelen inhouden. Kwantificering impact hangt af van de (gekozen) gemiddelde tariefstijging of -daling. Afgelopen jaren is al scherp ingezet op tariefdaling, verwachting is dat de mogelijkheden hiertoe nu volledig benut zijn. Keuze 2: In de huidige begroting 2025 int de gemeente € 1,2 mln. aan eigen bijdragen, op basis van abonnementstarief (excl.

Beschermd Wonen, niet beïnvloedbaar door de gemeente). Dat bedrag is inclusief de eigen bijdrage op activiteit Maatarrangementen, voorgaande fiche. Bij volledige vrijstelling voor alle doelgroepen derft de gemeente €1,2 mln. Bij het verkleinen van de vrijstellingen hangt de impact af van de gemaakte keuzes. De eigen bijdrage is nu maximaal €21 euro per client, ongeacht het aantal maatwerkarrangementen. Ook de eigen bijdrage aan AV070 is beïnvloedbaar. Daarop int de gemeente nu €0,2 mln. Consequentie vrijstelling van de jaarlijkse bijdrage AV 070 voor sociale minima < 130%: doordat ooievaarspashouders worden vrijgesteld, is de derving 2023 naar raming bijna € 179K aan inkomsten. Gevolg van deze keuze is dat aan de lastenkant in 2023 ruim € 443K aan BTW niet mag worden teruggevorderd (over voorziening zonder eigen bijdrage kan geen BTW worden teruggevorderd). Deze keuze kost de gemeente daarom in totaal € 622K.

Financiële toelichting

Keuze 3: het betreft meerdere budgetten. a. Hulpmiddelen vervoer, € 15,1 mln. verdeeld over ca. 100 verschillende producten met uiteenlopende prijzen b. hulpmiddelen wonen, € 2,5 mln. verdeeld over ca. 175 verschillende producten met uiteenlopende prijzen c. trapliften, € 3,1 mln. verdeeld over ca. 30 verschillende producten met uiteenlopende prijzen d. overige woningaanpassingen, € 3,5 mln. verdeeld over ca. 45 verschillende producten met uiteenlopende prijzen (echter de meeste woningaanpassingen worden momenteel op offertebasis vergoed) e. AV 070, € 9 mln. Omdat laatstgenoemde onderdeel is van het geharmoniseerde contract doelgroepenvervoer worden eventuele overschotten of tekorten eerst verrekend met andere vervoersstromen zoals leerlingen- en jeugdwetvervoer. Ook hebben de afweging om voor alternatieve oplossingen te kiezen (bijv. keuze tussen een scootmobielen of AV 070), en de indicatieduur invloed op de impact van gemaakte keuzes. Afspraken over prijzen van hulpmiddelen worden gemaakt voor de duur van een contractperiode. Na afloop van die periode kunnen nieuwe afspraken worden gemaakt. De volgende contractperiodes zijn op dit moment aan de orde: ‒ IV Hulpmiddelen (zowel vervoer als wonen tot 1 februari 2028) ‒ Trapliften tot 1 april 2028 ‒ Harmonisatie doelgroepenvervoer tot 1 augustus 2029 ‒ Woningaanpassingen (excl.

trapliften) tot 1 januari 2031 op basis van huidige gegevens (voornemen om nieuwe aanbesteding met contract vanaf 1 januari 2027 in te laten gaan). ‒ Wezenlijke wijzigingen in de aanbestedingsvoorwaarden (impact op bedrijfsvoering aanbieders, of uitbreiden/verkleinen markt) moet gepubliceerd worden, inclusief consultatie en mogelijkheden voor bezwaar.

Relevante documenten

‒ ‒

RIS 309076 waarin het Programma van Eisen van de aanbesteding harmonisatie doelgroepenvervoer met de commissie Samenleving werd gedeeld RIS 300428 Commissiebrief ‘Beheersing kosten jeugdhulp en Wmo’

Brede heroverweging

95

Hoofdactiviteit Jeugdhulp Jeugdhulp begeleiding inclusief, Jeugdhulp behandeling, Jeugdhulp dagbesteding, Jeugdhulp ambulant lokaal, Jeugdhulp toegang en eerstelijnsvoorziening, Jeugdhulp Kinderbescherming, Gezinsgericht, PGB Jeugd, Jeugdbescherming en Coördinatie en beleid Jeugd. Activiteitomschrijving

Jeugdhulp begeleiding richt zich op het oefenen en structureren van dagelijkse vaardigheden, dit kan zowel bij enkelvoudige en meervoudige problematiek en vanuit iedere discipline’. De hulp op Kinderdagcentra is hier een belangrijke pijler van. Activiteit Jeugdhulp begeleiding is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden en is de mogelijkheid om de kosten te verlagen zeer beperkt. Het beïnvloedbaar budget is structureel € 93,21 mln. De activiteit Jeugdhulp begeleiding bestaat uit tien deelactiviteiten, namelijk: ‒ Jeugdhulp begeleiding (€18,46 mln.), ‒ Jeugdhulp behandeling (€12,74 mln.) ‒ Jeugdhulp dagbesteding (16,80 mln.) ‒ Jeugdhulp ambulant lokaal (niet beïnvloedbaar, €2,77 mln.) ‒ Jeugdhulp toegang en eerstelijnsvoorziening (€21,3 mln.) ‒ Jeugdhulp Kinderbescherming (€4,3 mln.) ‒ Gezinsgericht (€3,98 mln.) ‒ PGB Jeugd (€5,0 mln.) ‒ Jeugdbescherming (€7,2 mln.) ‒ Coördinatie en beleid Jeugd (€3,5 mln.)

Beinvloedbaarheid

Deze activiteiten zijn beperkt beïnvloedbaar want het is ondergebracht binnen het HTP, waar al een besparing vanuit de hervormingsagenda is ingeboekt oplopend tot ruim € 20 mln. structureel. KDC’s zijn onderdeel van deelactiviteit Jeugdhulp dagbesteding. Naast het budget voor de KDC’s is het overige deel van deze activiteit betreft de lumpsum bekostiging van lokale jeugdhulp (Kracht, rondomJou), met een looptijd tot 2030 ne daarmee beperkt beïnvloedbaar. Artikel 2.3 Jeugdwet bepaalt dat het college van burgemeester en wethouders verantwoordelijk is voor het treffen van een voorziening op het gebied van jeugdhulp indien een jeugdige of zijn ouders naar het oordeel van het college aangewezen zijn op jeugdhulp. Dit omvat ook begeleiding, waaronder individuele begeleiding, groepsbegeleiding en persoonlijke verzorging, mits deze gericht zijn op het ondersteunen van de ontwikkeling, zelfredzaamheid en participatie van de jeugdige. Voor wat betreft de wettelijke ondergrens: de Jeugdwet kent een zogenoemde voorzieningenplicht. Dit betekent dat gemeenten verplicht zijn om passende jeugdhulp te bieden als blijkt dat een jeugdige of ouder daarop is aangewezen. De aard en omvang van de hulp worden bepaald op basis van een individuele beoordeling.

Gemeenten mogen zelf bepalen hoe zij dit organiseren, maar zij moeten ten minste voorzien in toereikende hulp wanneer de eigen kracht, het sociale netwerk of algemene voorzieningen niet volstaan. Wetsartikelen: Artikel 2.3 en 2.9 Jeugdwet.

Beïnvloedbaar budget

Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 93,21

€ 93,21

€ 93,21

€ 93,21

€ 93,21

€ 93,21

€ 93,21

€ 93,21

w.v. apparaat w.v. programma

96

Keuzemogelijkheden

Keuze 1: Beperken of uitbreiden van de kinderdagcentra (KDC’s).

Beleidsmatige toelichting

Keuze 1: Het kinderdagcentrum (KDC) biedt hulp aan kinderen die veel begeleiding en zorg nodig hebben vanwege een ontwikkelingsachterstand of verstandelijke beperking. Het gaat om zorg die regionaal ingekocht wordt. Recente cijfers geven aan dat 444 kinderen uit Den Haag 1,5 tot 2 jaar op deze zorg bij een (klassiek) KDC wachten. Het uitbreiden van KDC’s vereist aanzienlijke investeringen in infrastructuur en personeel, maar kan leiden tot kostenbesparingen op lange termijn doordat ontwikkelingsachterstanden tijdig worden aangepakt. Beperken van het aantal KDC-locaties kan op korte termijn kostenbesparend zijn, maar brengt het risico van onvoldoende zorgcapaciteit met zich mee.

Brede heroverweging

Keuze 1: de gemiddelde kosten per KDC-kind is circa € 24.000. Op basis van de gemiddelde kosten per KDC-kind (€ 24k) bedraagt de financiële impact van 100 KDC-kinderen meer/minder circa € 2.4 mln. Zie onderstaande tabel met een weergave van de kosten en het aantal jeugdigen dat in 2024 en 2025 geplaatst is/ wordt op een KDC. Financiële toelichting

Prognose 2024

Prognose 2025

Realisatie

€ 11.442.857

€ 12.519.852

Aantal KDC-kinderen

475

519

Gemiddelde kosten per KDC-kind

€ 24.107

€ 24.107

Jeugdhulp met verblijf overig inclusief, Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf en Jeugdhulp met verblijf Lokaal. Activiteitomschrijving

Jeugdhulp waarbij de jongere verblijft op de accommodatie van de jeugdhulpaanbieder, veelal in een groep met andere jongeren. Activiteiten Jeugdhulp met verblijf overig, Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf en Jeugdhulp met verblijf Lokaal zijn beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteiten gestopt worden en is de mogelijkheid om de kosten te verlagen zeer beperkt. Daarnaast zijn er wettelijke minimumvereisten gesteld aan de uitvoering van de activiteit (jeugdwet). Het beïnvloedbaar budget is structureel circa € 30,6 mln.

Beinvloedbaarheid

Beïnvloedbaar budget

Artikel 2.3 Jeugdwet bepaalt dat het college van burgemeester en wethouders verantwoordelijk is voor het treffen van een voorziening op het gebied van jeugdhulp indien een jeugdige of zijn ouders daarop zijn aangewezen. Dit omvat ook jeugdhulp met verblijf, zoals verblijf in een pleeggezin, gezinshuis of instelling, mits dit noodzakelijk is voor de ontwikkeling, veiligheid of behandeling van de jeugdige. Wettelijke ondergrens: De Jeugdwet kent een voorzieningenplicht: gemeenten zijn verplicht om passende jeugdhulp te bieden, waaronder verblijf, wanneer blijkt dat een jeugdige of ouder daarop is aangewezen. De aard en omvang van de hulp worden bepaald op basis van een individuele beoordeling. Gemeenten mogen zelf bepalen hoe zij dit organiseren, maar zij moeten ten minste voorzien in toereikende hulp als andere oplossingen (zoals hulp in de thuissituatie) niet volstaan. Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 30,60

€ 30,60

€ 30,60

€ 30,60

€ 30,60

€ 30,60

€ 30,60

€ 30,60

w.v. apparaat w.v. programma

Keuzemogelijkheden

Keuze 1: Bekostiging PxQ open house of taakgericht. Het gaat hier om het implementeren van een nieuwe inkoopmethode (taakgerichte bekostiging). Keuze 2: Meer/minder stapeling van trajecten

Beleidsmatige toelichting

Keuze 1: Taakgerichte bekostiging in de jeugdhulp betekent dat zorgaanbieders worden gefinancierd op basis van de taken of opdrachten die ze uitvoeren, in plaats van het aantal cliënten dat ze helpen (PxQ). Bij de regionale inzet op taakgerichte bekostiging gaat het niet sec om de taakgerichte bekostiging, maar ook om de randvoorwaarden daar omheen. Zo is het belangrijk om in marktsconsultaties consensus te bereiken over de transformatiedoelen en de manier hoe die bereikt kunnen worden. Keuze 2: Inrichten systeem met minder/meer stapelingen van zorg met 1 op 1 begeleiding. Met deze keuze wordt er gestuurd op een efficiëntere inzet van de inzet van de beperkte middelen die de gemeente beschikbaar heeft voor jeugdhulp.

Brede heroverweging

97

Financiële toelichting

Keuze 1: De regionale inzet is om met behulp van de regionale inkoop die met ingang van 2027 in werking treedt invulling te geven aan het deel van de hervormingsagenda dat regionaal ingevuld moet worden. Er is verdere uitwerking nodig voordat het besparingspotentieel van taakgerichte bekostiging duidelijk wordt. Deze uitwerking volgt naar verwachting in 2025. ‒ Om via een nieuwe inkoopmethode (taakgerichte bekostiging) invulling te geven aan een transformatieopgave (Hervormingsagenda) zijn naar verwachting eerst investeringen nodig voor implementatie, transformatie en innovatie. Het jaar 2027 wordt een jaar van zorg continuïteit, besparingen zijn daarna te verwachten. De aanbesteding veroorzaakt naar verwachting implementatiekosten. De hoogte en de duur daarvan zijn nu nog niet bekend. Keuze 2: In 2023 is € 4,7 mln. uitgegeven aan 1 op 1 begeleiding. Een afname of toename van 5% levert een besparing of extra lasten op van € 235.000. Dit loopt via de regionale inkoop van SBJH en hierop kan alleen regionaal gestuurd worden. Verwacht wordt dat er via de contractmanagementgesprekken een besparing van 5% op 1 op 1 begeleiding gerealiseerd kan worden. NB Dit beleid is al ingezet om kosten te besparen. Een volgende stap zou kunnen zijn om 1 op 1 begeleiding nog verder af te bouwen.

‒ Na afstemming met contractmanagers van zowel het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden als die van de gemeente Den Haag, zullen de eerste effecten naar verwachting zichtbaar zijn in de loop van 2025. De gemeente blijft wel afhankelijk van de jeugdhulpaanbieders.

Relevante documenten

‒

Wetsartikelen: Artikel 2.3 en 2.9 Jeugdwet

Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf en Jeugdhulp zonder verblijf overig. Activiteitomschrijving

Behandeling in het kader van jeugd-GGZ en kindergeneeskunde. Een GGZ-behandeling heeft een duidelijk curatief karakter en wijkt daarmee af van begeleiding en verzorging. Men kan hier denken aan generalistische of specialistische behandeling door GGZ-aanbieders. Activiteit Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Daarnaast zijn er wettelijke minimumvereisten (voorzieningenplicht) gesteld aan de uitvoering van de activiteit. Het beïnvloedbaar budget is structureel € 2,3 mln.

Beinvloedbaarheid

Het grootse deel van deze activiteit is niet beïnvloedbaar omdat dit valt onder het HTP net zoals Jeugdhulp zonder verblijf overig. Echter de gemeentelijke analyse tafel valt wel onder deze activiteit en deze is wel beïnvloedbaar. Artikel 2.3 Jeugdwet bepaalt dat het college van burgemeester en wethouders verantwoordelijk is voor het treffen van een voorziening op het gebied van jeugdhulp indien een jeugdige of zijn ouders daarop zijn aangewezen. Dit omvat ook geestelijke gezondheidszorg (GGZ) zonder verblijf, zoals ambulante behandeling van psychische of psychiatrische problematiek bij jeugdigen. Denk aan individuele therapie, groepstherapie, ouder-kindbehandeling, gezinstherapie of psycho-educatie bij bijvoorbeeld ADHD, autisme of depressie. De Jeugdwet kent een voorzieningenplicht: gemeenten zijn verplicht om passende jeugdhulp te bieden, waaronder ambulante GGZ-behandeling, wanneer blijkt dat een jeugdige of ouder daarop is aangewezen. De hulp moet toereikend zijn en afgestemd op de behoeften van de jeugdige. Gemeenten mogen zelf bepalen hoe zij dit organiseren, maar zij moeten ten minste voorzien in voldoende aanbod van goede kwaliteit. Wetsartikelen: Artikel 2.3 en 2.9 Jeugdwet

Beïnvloedbaar budget

Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 2,3

€ 2,3

€ 2,3

€ 2,3

Keuzemogelijkheden

Keuze 1: Minder maatwerktrajecten (aanscherping analysetafel)

Beleidsmatige toelichting

Het doel is om de stapeling van behandelingen per kind te verminderen, goede hulp te bieden, en overbodige hulp te voorkomen. De analysetafel is een platform voor besluitvorming waar casussen worden besproken die problemen vertonen op het gebied van jeugdhulp. De casussen die op de analysetafel komen, worden gekarakteriseerd door verschillende uitdagingen tegelijkertijd, waar vaak maatwerk voor nodig is. Maatwerk waarvoor het reguliere aanbod niet toereikend is. Keuze 1 betreft de nieuw ingezette werkwijze van de analysetafel, gericht op meer casussen binnen het reguliere aanbod te plaatsen, en maatwerkcontracten te verminderen.

98

Brede heroverweging

Financiële toelichting

Keuze 1: De uitgaven van de casuïstiek via de analysetafel (maatwerkcontracten) zijn flink gestegen in 2021 werd er € 2 mln. uitgegeven en in 2023 € 2,7 mln., in 2024 bedroeg dit € 4,0 mln., voor 100 casussen. Consequentie van een aangescherpte werkwijze is dat de kosten van de Analysetafel terug worden gebracht naar het kostenniveau van 2021, namelijk € 2 mln. vanaf 1 januari 2025. Ten opzichte van 2024 is dat een besparing van € 2 mln.

Gesloten plaatsing Activiteitomschrijving

Binnen de gesloten plaatsing (JeugdhulpPlus) wordt ingezet op af- en ombouw van gesloten jeugdhulp, waarbij in 2025 de hulp zo kleinschalig en zo thuis mogelijk georganiseerd is, en onderwijs centraal staat. Doelstelling is verder te gaan met het realiseren van alternatieven en in te zetten op vermindering van vrijheidsbeperkende maatregelen. Activiteit Gesloten plaatsing is beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Daarnaast zijn er wettelijke minimumvereisten gesteld aan de uitvoering van de activiteit. Het beïnvloedbaar budget is structureel € 2,9 mln.

Beinvloedbaarheid

Artikel 2.3 Jeugdwet bepaalt dat het college van burgemeester en wethouders verantwoordelijk is voor het treffen van een voorziening op het gebied van jeugdhulp indien een jeugdige of zijn ouders daarop zijn aangewezen. Gesloten jeugdhulp is een bijzondere vorm van jeugdhulp waarbij een jeugdige tegen zijn of haar wil wordt opgenomen in een gesloten accommodatie. Dit mag alleen op basis van een rechterlijke machtiging, zoals geregeld in de artikelen 6.1.2, 6.1.3 en 6.1.4 Jeugdwet. Ten aanzien van de wettelijke ondergrens: de Jeugdwet stelt dat gesloten plaatsing alleen mogelijk is als: ‒ Er sprake is van ernstige opgroei- of opvoedproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige ernstig belemmeren; ‒ Vrijwillige hulp niet toereikend is; ‒ De veiligheid van de jeugdige of anderen in het geding is; ‒ Een kinderrechter een machtiging tot gesloten jeugdhulp heeft afgegeven. De gemeente is verplicht om te voorzien in een gesloten jeugdhulpvoorziening wanneer aan deze voorwaarden is voldaan. Wetsartikelen: Artikel 2.3, 6.1.2, 6.1.3 en 6.1.4 Jeugdwet.

Beïnvloedbaar budget

Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 2,9

€ 2,9

€ 2,9

€ 2,9

Keuzemogelijkheden

Keuze 1: Afbouw en ombouw jeugdhulpplus en opbouw alternatieven.

Beleidsmatige toelichting

Keuze 1: De beleidsdoelstelling om een stevige visie op alternatieve jeugdhulp plus neer te zetten heeft als doel het creëren van een toekomstbestendig jeugdhulpstelsel dat beter aansluit bij de behoeften. De impact zal zijn dat jongeren eerder passende zorg ontvangen, de druk op reguliere jeugdzorginstellingen vermindert en er een duurzamer zorgmodel ontstaat. De benodigde kosten voor ontwikkeling, implementatie en structurele uitvoering moeten worden afgewogen tegen de verwachte maatschappelijke voordelen en kostenbesparingen op lange termijn. Keuze 1: Iedere plaatsing kost gemiddeld tussen de € 278K en € 371K. Het voorkomen plaatsing JeugdzorgPlus voorkomt kosten ter hoogte van € 371.000. Door goede alternatieven zoals driemileuvoorziening en kleinere groepen te ontwikkelen kan de zorg goedkoper worden.

Financiële toelichting

De afbouw en ombouw JeugdzorgPlus en opbouw alternatieven kent frictiekosten. Dit heeft geresulteerd in een SPUK-regeling. In deze regeling is opgenomen dat middelen ingezet kunnen worden op de volgende activiteiten; a. De afbouw van gesloten jeugdhulp, b. De ombouw van gesloten jeugdhulp naar kleinschalige gesloten jeugdhulp en c. De ontwikkeling en verwezenlijking van alternatieven voor gesloten jeugdhulp. De SPUK-regeling kent een financiële omvang van circa € 140 mln. voor de periode 2024 t/m 20230. Voor het landsdeel Zuidwest is maximaal € 43 mln. beschikbaar, voor de gemeente Den Haag is dit naar verwachting circa € 6 mln. Over de definitieve verdeelsleutel volgt nog besluitvorming.

Brede heroverweging

99

Hoofdactiviteit Volksgezondheid Volksgezondheid – openbare gezondheid Activiteitomschrijving

Beinvloedbaarheid

Monitoring, uitvoering van preventieprogramma’s, gezondheidsbevordering en maatregelen tegen bedreigingen van de gezondheid. Activiteit Volksgezondheid/ Openbare gezondheid is volledig beïnvloedbaar. Vanwege wettelijke taken kan niet met deze activiteit gestopt worden. Daarnaast zijn er geen wettelijke minimumvereisten gesteld aan de uitvoering van de activiteit. Het beïnvloedbaar budget is structureel € 18,11 mln. Volgens de Wet publieke gezondheidszorg (art 2) zorgt het college onder andere voor opzet, uitvoering en afstemming van preventieprogramma’s, met inbegrip van programma’s voor de gezondheidsbevordering. De wet integrale suïcidepreventie verplicht gemeenten lokaal suïcidebeleid uit te werken, er zijn geen minimumvereisten.

Beïnvloedbaar budget

Beïnvloedbaar budget € x mln.

2025

2026

2027

2028

Structureel beïnvloedbaar budget

€ 18,14

€ 18,14

€ 18,11

€ 18,11

w.v. apparaat

€ 0,88

€ 0,88

€ 0,88

€ 0,88

w.v. programma

€ 17, 26

€ 17,26

€ 17,24

€ 17,24

Keuze 1: ambitieniveau Integrale suïcidepreventie (€ 1,2 mln.) Keuzemogelijkheden

Keuze 2: Ambitieniveau Haagse aanpak gezond gewicht (€ 1,5 mln.) Keuze 3: Haagse Preventie Aanpak: Beperken of uitbreiden van de Haagse Preventieaanpak door meer of minder inzet te plegen op de verschillende levensfases (€ 11 mln.). Keuze 1: Integrale suïcidepreventie: Er kan meer of minder worden ingezet op suïcidepreventie. Het aantal suïcides onder jongen en jongvolwassenen neemt toe. Ook zijn er wachtlijsten in de GGZ. Met de aanpak van mentale gezondheid richten het Haagse beleid zich op het verminderen van risicofactoren en versterken van de mentale weerbaarheid.

Beleidsmatige toelichting

Keuze 2: Doelgroep Haagse Aanpak Gezond Gewicht aanpassen. De Haagse Aanpak Gezond Gewicht (HAGG) is gericht op het bevorderen van een gezonde leefstijl om overgewicht en obesitas te voorkomen, voor kinderen t/m 12 jaar (en hun ouders). Inzet is nu gericht op de wijken Centrum, Laak en Escamp. De inzet kan worden aangepast, en kan tot gevolg hebben dat de inzet per wijk groter of kleiner wordt, of er meer of minder wijken kunnen worden bereikt. Keuze 3: De Haagse Preventieaanpak is een langjarig programma dat inzet op preventie. Er kan meer of minder worden ingezet op verschillende levensfases. Echter is het belangrijk te realiseren dat inzet op alle levensfases nodig is om een duurzaam effect te bereiken. De werkelijke financiële impact van het verkleinen of vergroten van de inzet op preventie is niet direct aan te tonen, echter, op basis van diverse onderzoeken kan worden gesteld dat investeren in preventie een relatie heeft met een beroep op de jeugdhulp en het verkleinen van gezondheidsverschillen. Keuze 1: Het subsidieplafond kan opwaarts of neerwaarts worden bijgesteld, met ieder gewenst bedrag.

Financiële toelichting

Keuze 2: Het subsidieplafond kan opwaarts of neerwaarts worden bijgesteld, met ieder gewenst bedrag. Keuze 3: De middelen voor de Haagse Preventieaanpak kunnen opwaarts of neerwaarts worden bijgesteld, met ieder gewenst bedrag. ‒ Een gedeelte van de HPA bestaat uit middelen uit tijdelijke specifieke uitkeringen, die maken echter geen deel uit van het structurele bedrag dat hier is opgenomen.

Aan- en uitlooptijd, frictiekosten Relevante documenten

100

Brede heroverweging

Voor alle keuzes geldt dat het uitvoerbaar is met een redelijk aanlooptermijn aangezien subsidieregelingen moeten worden afgestemd en een participatietraject met de stad moet worden doorlopen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15808506/1