RIS322885 Bijlage Ruimte voor groen en water
Tekst van het document
Stimulerenmet van stadsnatuur recreatief gebruik van water 4.3.Samenhang en ecologie 4. Samenhang met stadsnatuur en ecologie
Agenda Groen voor de stad Agenda Groen voor de stad (RIS294705) (RIS294705) Het Haagse groen kwalitatief en Het mogelijke Haagse groen kwalitatief waar kwantitatief te en waar mogelijke kwantitatief te ontwikkelen ontwikkelen Definiëren van de waarden van Definiëren vanvia de waarden van groen en water groen en water via ecosysteemdiensten ecosysteemdiensten
Integraal Gemeentelijk Rioleringsplan Integraal (RIS306620) Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2025 (RIS306620) 1.2021-2025 Groen en water combineren Groen en waterencombineren 2.1.Bewustwording participatie Bewustwording en participatie 3.2.Waterbalans per wijk 3. Waterbalans per wijk 4. Toepassing van klimaatadaptieve 4. Toepassing van klimaatadaptieve maatregelen 5.maatregelen Afkoppelen van regenwater bij 5. Afkoppelen van regenwater bij nieuwbouw en herinrichting nieuwbouw en herinrichting
Nota Stadsbomen (RIS307827) Nota De notaStadsbomen geeft richting(RIS307827) aan beleid, beheer, De nota geeft richting en aancommunicatie beleid, beheer, planvorming, projecten planvorming, projecten en communicatie rond stadsbomen, met doelstellingen als rond stadsbomen, met doelstellingen ontstenen van de openbare ruimte en als ontstenen van de openbare ruimte en ontbrekende schakels opheffen ontbrekende schakels opheffen In 2030 5% meer kroonoppervlak dan 2030 5% meer kroonoppervlak dan in In 2021 in 2021 Economische waarden Maatschappelijke waarden Visie op Licht (RIS298657) en de bijbehorende Economische Visie opLicht Lichtop (RIS298657) en dewaarden bijbehorende Richtlijn Natuur (RIS298658) Licht op Natuur (RIS298658) 1.Richtlijn Geen verlichting in ecologische zones Ecologische waarden Geen verlichting innatuurgebieden ecologische zones Maatschappelijke waarden 2.1.Donkere nachten in 2. Donkere nachten in natuurgebieden Ecologische waarden
3. Lichttoets bij ruimtelijke plannen 3. Lichttoets bij ruimtelijke plannen
Nota Haagse richtinggevende normen voor maatschappelijke voorzieningen en groen 2024 (RIS317835) Nota Haagse richtinggevende normen voor maatschappelijke voorzieningen en groen 2024 (RIS317835)
Stedelijk Groene Hoofdstructuur Stedelijk Groene Hoofdstructuur (RIS300506) (RIS300506)van de Stedelijke Groene Bescherming Bescherming van Stedelijke Hoofdstructuur vande Den Haag en Groene waar Hoofdstructuur van Den Haag en waar mogelijk versterken mogelijk versterken
Wateragenda Den Haag 2021-2025 Wateragenda Den Haag 2021-2025 (RIS311901) 1.(RIS311901) Klimaatbestendig en veerkrachtig 1. Klimaatbestendig en veerkrachtig watersysteem 2.watersysteem Duurzaam schoon en gezond water Duurzaam schoon 3.2. Aantrekkelijk water en gezond water Aantrekkelijk water 4.3. Bewust van Haags Water 4. Bewust van Haags Water
Doel: groe bereikbaa 30% blad Focus op
Doel: 3 bo Afhankeli per nieu Gezondhe samenwe Natuurin gevels
-
-
Doel: 3 bomen zichtbaar vanuit iedere woning Afhankelijk van locatie, 8, 16 of 24m2 openbaar Economis per nieuwbouwwoning Groengebieden en Lange lijnen Groengebieden Lange lijnen Wijk- en - Gezondheid, educatie en ontmoeten, buurtniveau Maatscha samenwerking en participatie - Natuurinclusief bouwen met groene daken en Wijk en buurtniveau gevels Wijk en buurtniveau Ecologisch
Doel: bere Natuur e accentver Bij ecolog
Provincie: Omgevingsvisie Provincie Zuid-Holland
Versterken, beschermen en uitbreiden van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur
-
Meer aandacht voor water en bodemkwaliteit Duinen groeien mee met de zee Focus op strategische groenprojecten Samen aan de slag met groen
Wijk- en buurtniveau
-
-
-
Landschappen rond de stad (SGH)
lange lijnen (SGH)
Groengebieden en lange lijnen (SGH)
Groengebieden en lange lijnen (SGH) Straat en privaat
-
-
beheer, waternatuur versterken. 1. Natuurkansenscan verplicht bij herinrichting
Nota Stadsbomen (RIS307827) De nota geeft richting aan beleid, beheer, Nota Stadsbomen (RIS307827) Stedelijk Groene Hoofdstructuur Verplichtingen gemeente planvorming, en communicatie De nota geeftprojecten richting aan beleid, beheer, (RIS300506) Stedelijk Groene Hoofdstructuur rond stadsbomen, met doelstellingen als planvorming, projecten en communicatie Bescherming (RIS300506) van de Stedelijke Groene ontstenen van de openbare ruimte en Doelen gemeente rond stadsbomen, met doelstellingen als Hoofdstructuur van Haag enGroene waar Bescherming van deDen Stedelijke ontbrekende schakels opheffen (Ambities, streef en beleidsdoelen ontstenen van de openbare ruimte en mogelijk versterken Hoofdstructuur van Den Haag en waar en richtinggevende normen) ontbrekende schakels opheffen dan mogelijk versterken In 2030 5% meer kroonoppervlak
(RIS311901) Richtlijn Licht (RIS298657) op Natuur (RIS298658) - Doel: bereikbaar binnen 750 meter Nota Binnenwater en verordening op de Visie op Licht en de bijbehorende watersysteem (Ambities, streef en beleidsdoelen (Ambities, streef en beleidsdoelen en veerkrachtig beleidsdoelen (ambities, streef-en beleidsdoelen 1. Klimaatbestendig - Natuur en gebruik zijn in evenwicht, met 1. Geen verlichting in ecologische zones (ambities, streef-en Binnenwateren (RIS246361) Richtlijn Licht op Natuur (RIS298658) 2. Duurzaam schoon en gezond water en en richtinggevende normen) en richtinggevende normen) Nota accentverschillen Binnenwater en verordening op de watersysteem en richtinggevende normen) richtinggevende normen) 2. Donkere nachten in natuurgebieden 1. Versterken van(RIS246361) de beleving van Haagse grachten 1. Geen verlichting in ecologische zones 3. wateren gezond water Binnenwateren 2. Aantrekkelijk Duurzaam schoon Bij ecologische zones heeft natuur prioriteit 2. en van oevers 2. Donkere nachten in natuurgebieden 4. van Haags 1.-Opwaarderen Versterken vanvan de kades beleving Haagse grachten 3. Bewust Aantrekkelijk waterWater 3. vanvan recreatief gebruik 3. Lichttoets bij ruimtelijke plannen 2. Opwaarderen kades en oeversvan water - Stimuleren Aanzienlijk aandeel Natura2000 gebieden 4. Bewust van Haags Water Eisen derde 4.
met stadsnatuur en ecologie - Samenhang Er wordtvan evenwicht gezocht tussen 3. Stimuleren recreatief gebruik van water 3. Lichttoets bij ruimtelijke plannen natuurwaarden, waterveiligheid 4. Samenhang met stadsnatuur en ecologie en verantwoorde manieren van recreatie
Doelen derde (Ambities, streef en beleidsdoelen Nota Haagse richtinggevende normen voor maatschappelijke voorzieningen en groen 2024 (RIS317835) envoor richtinggevende normen) Nota Haagse richtinggevende normen maatschappelijke voorzieningen en groen 2024 (RIS317835) - Kwalitatief Doel: groene meer dan 0,5ha groen:plek inzetvan hoogwaardig groen, die meerdere doelen dient zoals bereikbaar binnen 300 meter de 3-30-300groen: regel en bevorderen biodiversiteit Kwalitatief inzet hoogwaardig groen, die meerdere doelen dient zoals - Richtafstand 30% bladerdek 300 meter: 300 meter tot een groene ontmoetingsplek. Waar die 3-30-300 en bevorderen biodiversiteit - deFocus opregelen gezondheid, educatie en ontmoeten
afstand te groot, het streven om voor plek aan te wijzen voor Richtafstand 300ismeter: 300 meter tothet eengebied groeneeen ontmoetingsplek. Waar die nieuw groen.
groot, is hetbinnen streven 750 om voor het gebied een plek aan te wijzen voor - afstand Doel: te bereikbaar meter Streven 750 meter: Streven dat een groot deel van de nieuwe woningen groen. - nieuw Natuur en gebruik zijn in evenwicht, met binnen 750 meter van SGH ligt Streven 750 meter: Streven dat een groot deel van de nieuwe woningen accentverschillen gebruiksgroen m2 per woning (8, 16 of - Gebruiksgroen: Bij ecologische zones prioriteit binnen 750 meterdifferentiatie van SGH heeft ligt voornatuur 24m2) - Gebruiksgroen: differentiatie voor gebruiksgroen m2 per woning (8, 16 of
24m2) - Kadernota Doel: 3 bomen zichtbaar vanuit iedere woning De openbare ruimte (RIS310884) -
Afhankelijk van locatie, 8, 16 of 24m2 openbaar
Europese bescherming Natura2000-gebieden Natuurwetvergunningsplicht voor activiteiten die mogelijk significante gevolgen kunnen hebben voorvoor eenactiviteiten Natura 2000-gebied Natuurwetvergunningsplicht die mogelijk significante gevolgen kunnen hebben voor een Natura 2000-gebied
Straat enprivaat privaat Straat enen privaat Straat
Wijk- en buurtniveau
Groengebieden en lange lijnen (SGH)
Landschappen rond de stad (SGH)
Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig (RIS308744)
Straat en privaat
1. Toepassing op ontwikkelgebieden: expliciet ruimte worden gereserveerd o.a. groen 1. Toepassingvoor op ontwikkelgebieden: expliciet ruimte worden 2. Verplichte integratie in plannen: De gereserveerde ruimte moet gereserveerd voor o.a. groen worden meegenomen 2. Verplichte integratieininplanproducten plannen: De gereserveerde ruimte moet 3. Monitoring herijking: De gemeente moet de voortgang worden meegenomen in planproducten monitoren en en de herijking: normen herijken op basis vande bevolkingsgroei en 3. Monitoring De gemeente moet voortgang veranderende behoeften. monitoren en de normen herijken op basis van bevolkingsgroei en veranderende behoeften.
Economische waarden
De Kadernota openbare ruimte (RIS310884) Ambities op inzet multifunctioneel gebruik, groen en water als structurerende elementen, per nieuwbouwwoning Toepassing van het Handboek Openbare Ruimte duurzaam eninzet klimaatadaptief bij gebiedsontwikkeling is het streven naar vergroting van - Gezondheid, educatieontwerp, en ontmoeten, Ambities op multifunctioneel gebruik, groen en water als structurerende elementen, Toepassing van het Handboek Openbare Ruimte Maatschappelijke waarden samenwerking en participatie het oppervlak groen/blauw metontwerp, 5% duurzaam en klimaatadaptief bij gebiedsontwikkeling is het streven naar vergroting van - Natuurinclusief bouwen met groene daken en oppervlak groen/blauw met 5% dan 0,5ha -hetDoel: groene plek van meer gevels bereikbaar binnen 300 meter - Europese 30% bladerdek bescherming Natura2000-gebieden - Focus op gezondheid, educatie en ontmoeten
Wijk- en buurtniveau
nieuwbouw envan herinrichting 5. Afkoppelen regenwater bij nieuwbouw en herinrichting
Legenda openbare ruimte. in 2021 1. Natuurkansenscan verplicht bij herinrichting 2030 5% meer kroonoppervlak dan Verplichtingen private partijen Verplichtingen openbareInruimte 2. Kademuren: bij renovatie van kademuren, kademuren openbare ruimte. in 2021 die hoger zijn dan 70 cm muurplantvriendelijk in te 2. Kademuren: bij renovatie van kademuren, kademuren Eisen derde Verplichtingen gemeente richten; die hoger zijn dan 70 cm muurplantvriendelijk in te Wateragenda Den Haag 2021-2025 richten; (RIS311901) Wateragenda Den Haag 2021-2025 Visie op Licht (RIS298657) en de bijbehorende Doelenderde private partijen Doelen openbare ruimte Doelen gemeente 1. Klimaatbestendig en veerkrachtig Doelen Overig
Straat en privaat
-
Doel: groene plek van meer dan 0,5ha bereikbaar binnen 300 meter - 30% bladerdek - Focus op gezondheid, educatie en ontmoeten Groengebieden en
Doel: bereikbaar binnen 750 meter Natuur en gebruik zijn in evenwicht, met accentverschillen Bij ecologische zones heeft natuur prioriteit Landschappen rond de stad (SGH)
verantwoorde manieren van recreatie
-
- Vergroenen tot op straat- en pleinniveauPrioritaire diensten Schaalniveau
Legenda
puntensysteem)
Nota Stadsnatuur (RIS305825) De is een lokale uitwerking van een Europese - Nota Aanzienlijk aandeel Natura2000 gebieden Nota Stadsnatuur (RIS305825) wetgeving, met lokale ambities o.a. op behoud en - Nota Er wordt evenwicht gezocht tussen De is een uitwerking van een Europese versterking ecologische natuurwaarden, waterveiligheid wetgeving, met ambitieszones, o.a. opnatuurvriendelijk behoud en en Den Haag: Omgevingsvisie Den Haag: Thuis in de groene metropool aan Zee (RIS321162) beheer, waternatuur versterken. verantwoorde manieren van recreatie Legenda versterking ecologische zones, natuurvriendelijk
Waterschap: Waterlegger Hoogheemraadschap-delfland
Landschappen Omgevingsvisie Den Haag Den 2050Haag (RIS322469) Ontwerp Omgevingsvisie 2050 (RIS321162) rond de stad (SGH) Invulling geven aan beweging 2 Ruimte voor groen en water:
Schaalniveau
ingericht als groen dat bijdraagt aan biodiversiteit obv
-
Aanzienlij Er wordt natuurw verantwo -
Overig
Prioritaire diensten
Schaalniveau Prioritaire diensten Overig Nationale Omgevingsvisie (Novi) Duurzaam perspectief voor onze leefomgeving puntensysteem) puntensysteem (let op vervalt met vaststelling nieuwe
Wegwijzer Den HaagGroen Klimaatbestendig (RIS308744) 1. Ontwerpprincipe tenzij - Groen Doel: 3 bomen zichtbaar 2. binnen 300Groen meter 1. Ontwerpprincipe tenzij vanuit iedere woning - Afhankelijkenvan locatie, 8, 16 of 24m2 openbaar 3. ontwikkkelen 2. Waterrobuust Groen binnen 300natuurinclusief meter per De nieuwbouwwoning 4. ambitie om 40% van de buitenruimte hittebestendig in te 3. Hitte: Waterrobuust en is natuurinclusief ontwikkkelen Gezondheid, educatie en ontmoeten, richten. Bij wordt zon/schaduwverhouding gehanteerd 4. Hitte: Deverblijfsplekken ambitie is om vaneen de buitenruimte hittebestendig in te samenwerking en 40% participatie van 50%-50% op de hoogste standeen van de zon op 21 juni om 12.00 uur. richten. Bij verblijfsplekken wordt gehanteerd - Natuurinclusief bouwen metzon/schaduwverhouding groene daken en 5. Water als kwaliteitselement van 50%-50% op de hoogste stand van de zon op 21 juni om 12.00 uur. gevels
5. Water als kwaliteitselement
Ecologische waarden
Omgevingswet flora en fauna- activiteit (soortbescherming) Iedereen moet zorgvuldig omgaan met natuur, planten en dieren. Omgevingswet flora en faunaactiviteit (soortbescherming) Het is verboden om beschermde en dieren te verstoren, Iedereen moet zorgvuldig omgaanplanten met natuur, planten en dieren. vangen of dodenom zonder ontheffing Het is verboden beschermde planten en dieren te verstoren, vangen of doden zonder ontheffing
Bij nieuwbouw is de eis dat er 50mm van een korte hevige bui van 70mm in 1 uur op privaat terrein tijdelijk worden opgevangen en dat minimaal Bij nieuwbouw is de eis dat erkan 50mm van een korte hevige buina van 70mm in24 1 en uur detijdelijk bergingscapaciteit weer beschikbaar uurmaximaal op privaat48 terrein kan worden opgevangen en dat is. na minimaal 24
Economische en maximaal 48waarden uur de bergingscapaciteit weer beschikbaar is.
Watertoets: het uitgangspunt is dat de waterhuishouding niet mag
verslechteren door ruimtelijke (‘standstil beginsel’). Maatschappelijke waarden Watertoets: het uitgangspunt isveranderingen dat de waterhuishouding niet mag
verslechteren door ruimtelijke veranderingen (‘standstil beginsel’).
Ecologische waarden
Stedelijke Beleidsvisie Toekomstbestendig Bouwen Den Haag 2025-2035 (RIS 321843) Incl. Het gecombineerde puntensysteem Natuurinclusief en Klimaatdaptief bouwenToekomstbestendig Bouwen Den Haag 2025-2035 (RIS 321843) Incl. Het gecombineerde puntensysteem Natuurinclusief en Stedelijke Beleidsvisie Alle nieuwbouw van >50m2 moet voldoen aan het gecombineerde Klimaatdaptief 1. De ambitie isbouwen om ‘Paris Proof’ te bouwen puntensysteem Klimaatdaptief bouwen Alle nieuwbouwNatuurinclusief van >50m2 moetenvoldoen aan het gecombineerde 2. mogelijk opProof’ schoon emissieloos bouwen 1. Zoveel De ambitie is ominzet ‘Paris te en bouwen puntensysteem Natuurinclusief en Klimaatdaptief bouwen 2. Zoveel mogelijk inzet op schoon en emissieloos bouwen
Samenvattend overzicht beleid groen blauw 27
Voor de verschillende schaalniveaus kan beschreven worden welke kansen en ambities er zijn, wat we willen bereiken en welke aanpak we voor ogen hebben. In dit hoofdstuk wordt dit systematisch uiteengezet.
28
03
Aanpak
3.1 Opgave per stadsdeel
Scheveningen
Vanuit de Omgevingsvisie 2050 ‘Thuis in een groene metropool aan zee’ wordt per stadsdeel de volgende opgave voor groen en water meegegeven. Om tot uitvoering te komen worden deze verder uitgewerkt in het thematisch omgevingsprogramma.
Meer eenheid en verbinding tussen de duinparken en het duingebied
Meer ruimte voor opvang van overtollig regenwater
Beschermingsmaatregelen tegen zeespiegelstijging
Bescherming van drinkwaterproductieplaats Meijendel
Haagse Hout
Versterking van de groen- en waterstructuur van Mariahoeve Bescherming van de cultuurhistorische landschappen Behoud en optimalisatie van het Haagse Bos
Bevorderen van een groenere omgeving rond Centraal Station Verbetering van de vergroening van de openbare ruimte Meer oppervlaktewater voor waterberging
Legenda Groenopgave Wateropgave Groen-en Wateropgave
Centrum
Versterking van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur (SGH)
Groene en waterrijke inrichting van pleinen en straten in het CID
Opknapbeurt voor bestaande parkjes en plantsoenen in omliggende wijken
Segbroek
Grachten onderdeel van de SGH
Versterking van de bestaande
Ruimte voor waterberging op en onder pleinen en
groenstructuren
bebouwing
Bescherming van ecologische verbindingszones
Laak
Vergroening van vooroorlogse wijken
Het vergroening van het gebied
Groene openbare ruimte van hogere
Hoogwaardige inrichting van de openbare ruimte
kwaliteit
Rol van water vergroten en combineren met
Vergroenen van Segbroek
groen
Natuurbehoud en klimaatadaptatie
Bescherming tegen zeespiegelstijging
Escamp
Versterking van de fijnmazige groenstructuur
Loosduinen
Versterking van het Zuiderpark
Verbetering van de cultuurhistorische landschappelijke
Aanleg groenblauwe verbinding ‘van Zee tot
structuren
Zweth’
Bescherming van de natuur in grote groengebieden
Groenere inrichting van stationsgebied Moerwijk
Versterking van het groene karakter van de Lozerlaan en Kijkduinseweg
Versterking van de Haagse Beek
Grootschalige rioolaanpak wo. aanleg van een wateroverstortvoorziening vanuit de boezem naar zee
Beschermde status van drinkwatervoorziening in het duingebied behouden
Vergroenen van winkelcentrum Leyweg Leidschenveen-Ypenburg
Versterking van de groene basisstructuur
Betere verbinding met groengebieden wo. Plas van Reef en De Nieuwe Driemanspolder Verbeteren waterberging (Vlietzone) Aanpassing van het watersysteem
Foto Vergroenen Moerwijk Grovestinstraat (Jurriaan Brobbel)
De sport- en recreatiegebieden van
Wateringseveld in de SGH opnemen
Vergroening van Leyenburg en RustenburgOostbroek
Bescherming groen in de Uithof
Het treffen van voorzieningen voor waterberging
29
3.2 Aanpak per schaalniveau Schaalniveau 1: Landschappen rond de stad
Het rijke omringende landschap van Den Haag is van groot belang voor de groenblauwe transitie. Deze grote groene structuur is belangrijk voor de ecologische waarde van Den Haag, maar ook als verbindingsweefsel tussen steden. Het goed benutten van het omliggende landschap draagt bij aan het behoud van de leefkwaliteit in een steeds voller wordend Den Haag. Het gaat om naast een goede ontsluiting en het verbeteren van de toegankelijkheid vooral om het beheersen van de druk op het landschap door het organiseren van rust en reuring. Natuurgebieden rond de stad spelen een cruciale rol in het verbeteren van de biodiversiteit door leefruimte te bieden aan verschillende planten- en diersoorten. Het behoud en de uitbreiding van deze gebieden helpen bij het creëren van ecologische corridors, wat essentieel is voor de migratie en verspreiding van soorten. Dit vraagt om strategische visie en programmering van het regionale groene landschap, duiding van de verschillende gebieden en het maken van regionale afspraken.
30
Wat wil Den Haag bereiken: • Het verbeteren en koesteren van stadlandverbindingen en groene randen zoals Van Zee tot Zweth, het Duin Horst en Weidegebied, Vlietzone, Kustzone en het Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland. Ook het extra ontwikkelen van groen en blauw breder in de metropoolregio, binnen het Nationaal Park Hollandse Duinen, richting Westland en Delft-Zoetermeer, zijn van belang; Het versterken van biodiversiteit om de kwaliteit van de Natura2000-gebieden Westduinpark en Wapendal, Solleveld Kapittelduinen en Meijendel Berkheide te verbeteren; • Het verder ecologisch en recreatief ontwikkelen van de Vlietzone als volwaardige stad en land verbinding. De Vlietzone heeft ook betekenis voor water door meer ruimte te bieden voor waterberging.
Om landschappen rond de stad beter te verbinden wordt er gewerkt aan: 1. Beheer van Natura2000-gebieden: a. Beter beheer en behalen van doelstellingen voor Natura2000-gebieden; b. Ingrijpen in drukte en negatieve invloeden door strategische programmering en zonering. c. Drukte concentreren op minder kwetsbare locaties. 2. Aanleg en beheer van groengebieden: a. Aantrekkelijke en goed verbonden groengebieden creëren en onderhouden. b. Samenwerken met randgemeenten in de regio. 3. Zonering en toegankelijkheid: a. Duidelijke zonering aanbrengen in verschillende gebieden. b. Toegankelijkheid en voorzieningen verbeteren om meer bezoekers te accommoderen. c. 'Stilte organiseren' om ruimte voor rust en natuur te behouden. 4. Nationaal Park Hollandsche Duinen: a. De visie NHPD verder uitwerken met samenwerkingspartners in gebiedsgerichte programma’s. 5. De Haagse wateragenda: a. Herijking en uitvoering van de wateragenda gericht op een toekomstbestendig watersysteem en versterken van de waterkwaliteit. Dit doen wij samen met het Hoogheemraadschap van Delfland.
GROENBLAUW NETWERK ZUID-HOLLAND GROENBLAUW-NETWERK AMBITIEKAART ZUID-HOLLAND - AMBITIEKAART Regionale groenblauwe structuren Stedelijke structuren Verbindende Regionale groenblauwe structuren structuren
Regionale groenblauwe structuren Stedelijke structuren Verbindende Regionale groenblauwe structuren structuren
Deltarivierenlandschap: Getijdenrivier, ruigte Deltarivierenlandschap: en grote wateren Getijdenrivier, ruigte en grote wateren Stadsparken Rivier Deltalandschap: Getijdenrivier, ruigte en grote wateren Stadsparken Rivier Deltalandschap: Getijdenrivier, ruigte en grote wateren Gemengde Boezem/ Kustlandschap: vaarten groene kuststrook zones en duingebied Kustlandschap: kuststrook en duingebied Kreken Veenlandschap: veenweide en plassengebied
Gemengde Boezem/ Kustlandschap: vaarten groene kuststrook zones en duingebied Kustlandschap: kuststrook en duingebied Kreken Veenlandschap: veenweide en plassengebied
Veen(weide) landschap: veenweide en plassengebied Veen(weide) landschap: veenweide en plassengebied Stadslandschap: Parklandschap (LPZV binnenlandschappen) Stadslandschap: Parklandschap (LPZV binnenlandschappen)
Stadslandschap: regionaal parkarklandschapStadslandschap: regionaal parkarklandschap Verbindende groenblauwe struc-
Verbindende groenblauwe struc-
Rivier
Rivier
Vaarten/plassen/kreken
Vaarten/plassen/kreken
Stedelijke groenblauwe structuren
Stedelijke groenblauwe structuren
Stadsparken
Stadsparken
Groenblauwe schakels
Groenblauwe schakels
Verbindende schakels op regionaal niveau Verbindende schakels op regionaal niveau (verbinden gebieden en/of slechten barrières) (verbinden gebieden en/of slechten barrières)
Kaart visie schaalniveau 1: landschappen rond de stad. Bron: (Concept) Groenblauw netwerk Provincie ZuidHolland, Provincie Zuid-Holland 31
Schaalniveau 2: Groengebieden en lange lijnen
Op stedelijk niveau bestaat het groenblauwe netwerk uit de grote groengebieden, een hoofdboomstructuur, de ecologische verbindingszones en de vaarten, aangevuld met waterlopen. Ze zijn onderdeel van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur (SGH). Ze dienen als recreatieve, functionele wegwijzers en als ontmoetingsplek maar zijn vooral de ecologische aders van de stad omdat ze in verbinding staan met het grotere omringende landschap van de stad. Het netwerk van lange lijnen, dat als historische ruggengraat van Den Haag fungeert, verbindt de stad met de regio. De groene, lommerrijke lanen en ecologische verbindingszones zijn ooit ontworpen om de verbinding met omliggende natuurgebieden te versterken en de leefbaarheid voor mens en dier in het stedelijk gebied te verhogen.
32
Wat wil Den Haag bereiken: • We verbeteren de toegang tot groengebieden door ervoor te zorgen dat iedereen binnen 750 meter van een groot groengebied van de SGH woont. Daarbij zorgen wij er ook voor dat iedereen binnen 300 m van een stadspark woont. • We versterken ecologische verbindingszone om de biodiversiteit te bevorderen en de migratie van dieren en planten tussen natuurgebieden te vergemakkelijken. Dit doen we door variatie in vegetatie, het verbinden van oevers, het aanleggen van natte ecologische kerngebieden en te investeren in nieuwe verbindingen. • We versterken de lange lijnen van de hoofdboomstructuur door deze haaks op de kust uit te breiden. In 2030 hebben we de Hoofdboomstructuur aangevuld, hebben we 5% meer kroonbedekking dan in 2021 en is 75% van het aantal stadsbomen ecologisch passend. • We verbeteren het stedelijk groen en de verbindingen door de infrastructuur voor dieren, voetgangers en fietsers te optimaliseren. Dit omvat projecten zoals de overkluizing van de A12 en het herstellen van ontbrekende schakels, waardoor een beter verbonden en toegankelijk stedelijk netwerk ontstaat. • We bouwen aan een robuust en toekomstbestendig watersysteem, vaak hand in hand met de lange lijnen zoals omschreven in de Omgevingsvisie. We doen dit door het versterken van het bestaande watersysteem en het verkennen van nieuwe waterverbindingen.
Deze aanpak zorgt voor een duurzaam en veerkrachtig watersysteem dat bestand is tegen klimaatverandering. • Wij stellen voor ieder groengebied gebiedspaspoorten op met zonering als sturingsinstrument. Op deze manier ontstaan
er ruimtelijke kaders die duidelijk aangeven waar verschillende doelen, zoals natuurbehoud, extensieve, matig intensieve of intensieve recreatie, zich het beste kunnen ontwikkelen en hoe deze doelen het meest effectief kunnen worden gerealiseerd. Om een verbonden groenblauw netwerk in groengebieden en lange lijnen te realiseren wordt er gewerkt aan: 1. Realisatie van pioniersprojecten: a. Verbinden van de belangrijkste groene en blauwe structuren. 2. Opwaardering van het blauwe netwerk: a. Verbeteren van waterkwaliteit en toegankelijkheid van waterwegen. 3. Oplossen van knelpunten in de hoofdboomstructuur. 4. Versterken van de Groene Ruit: a. Opstellen plan van aanpak voor knelpunten in ecologische verbindingszones. 5. Versterken van toegankelijkheid en gebruikskwaliteit. 6. Realiseren of uitbreiden van grote groengebieden: a. Aanleggen van groengebieden in 'grijze vlekken'; b. Indien niet mogelijk, verbeteren van bereikbaarheid van bestaand groen vanuit deze woongebieden; c. Uitvoeren van een analyse om deze woongebieden te identificeren. 7. Opstellen van gebiedspaspoorten met duidelijke zonering.
Kaart visie schaalniveau 2 Groengebieden en Lange Lijnen. 33
Schaalniveau 3: Wijk- en buurtgroen
In het wijdvertakte netwerk van kleinere parken, pleinen en plantsoenen ligt een groot potentieel voor de uitbreiding en ontwikkeling van een robuuster groenblauw netwerk. Zo speelt wijk- en buurtgroen een cruciale rol in het verbeteren van de leefbaarheid en gezondheid van bewoners. Groene ruimtes in de buurt verminderen stress, bevorderen sociale interactie en stimuleren lopen/ wandelen, wat de algehele gezondheid ten goede komt. De 3-30-300 regel van Cecil Konijnendijk is een bruikbaar instrument voor het creëren van deze groene en gezonde leefomgeving. Daarnaast fungeren wijk- en buurtgroen als geluidsarme plekken in de stad, die rust bieden en de negatieve effecten van geluidsoverlast, zoals stress en slaapstoornissen, verminderen. Het toevoegen van water aan wijk- en buurtgroen zorgt niet alleen voor verkoeling en rust, maar ook voor.
Wat wil Den Haag bereiken: • Iedereen woont binnen 300 meter van een groene verblijfsplek. • 30% van de stad valt in de schaduw van een boom. Om dit te bereiken wordt in de bestaande stad gezocht naar het vergroten van het kroonoppervlak, met als doel om in 2030 een toename van 5% ten opzichte van het jaar 2021 te bereiken. Per buurt en per project wordt dan gekeken of dit het beste door middel van aanplant of het verbeteren van de groeiplaatsen kan worden gerealiseerd, bijvoorbeeld met het aanplanten van de zogenoemde ‘Haagse bosjes’, het aanleggen of versterken van een groene middenberm en, waar mogelijk, in boomloze straten/straatdelen met goede groeiplaatskansen, bomen aan te planten. Ook op buurtniveau geldt de ambitie dat in 2030 75% van het aantal stadsbomen ecologisch passend is. • Nieuwe ontwikkellocaties worden ontwikkeld volgens de 3-30-300 regel als richtinggevende norm. • In versteende wijken wordt actief vergroend meestal in samenwerking met bewoners.
Om meer groen en water in wijken en buurten te realiseren wordt er gewerkt aan: 1. Het benutten van de vergroeningskansen in elke wijk en het actief realiseren van extra groen/ bomen/kroonbedekking a.d.h.v. studies naar vergroeningskansen, ‘groene parels’ en het aanwijzen van ‘toekomstbomen’. 2. Het verminderen van verharding en het toevoegen van beplanting en water bij groot onderhoud van riool en wegen en projecten van mobiliteit en nieuwbouw. 3. Hogere ambities bij inrichting van de openbare ruimte met betrekking tot groen en blauw. 4. In gebiedsprogramma’s wordt vergroening uitgewerkt in samenhang met andere opgaven: a. Randvoorwaarden en normen bij inrichting formuleren; b. Analyse van de 300 meter regel inclusief de maatregelenkaart.
Op basis van studie vergroeningskansen Schilderswijk zijn op diverse plekken bomen en extra groen geplant. 34
Wijk- en buurtgroen 30-300 regel Stadsparken Groenkaart enkel bomen 100 - 50 50 - 10 <10 Actie op bestaande groenarme wijken
Kaart visie schaalniveau 3 Wijk- en buurtgroen (30-300). Bron Fabrications 35
Schaalniveau 4: Straat en privaat
Groen en Blauw op straatniveau gaat over de ‘3’ van de ‘3-30-300 regel’ en over de samenwerking met private partijen, zoals bewoners, ondernemers, woningcorporaties en projectontwikkelaars. De gemeente bezit circa 40% grond van de stad. De overige 60% is in eigendom van inwoners, bedrijven en instellingen. Hier ligt een groot potentieel. Met elkaar moeten we zorgen voor een toekomstbestendige leefbare stad. Meer ruimte maken voor groen en water zien we daarom als een gedeelde opgave en verantwoordelijkheid. De gemeente legt met het versterken van de SGH en het vergroenen tot op straat- en pleinniveau een stevige basis. Maar daar bovenop zijn aanvullende maatregelen op privaat terrein nodig. In Den Haag is er bijvoorbeeld 17 km2 aan lege platte daken. Natuurlijk is niet elk dak geschikt voor een extra functie. Maar er is meer mogelijk dan ze alleen te bedekken met dakbedekking of zonnepanelen. Hier liggen kansen om meer te doen met biodiversiteit, natuur, ontmoeten, sporten, spelen en recreëren. Daarnaast zijn er kansen voor brede financiering met diverse stakeholders om groenprojecten mogelijk te maken.
Deze samenwerkingen hebben tot doel om gezamenlijk de kwaliteit van het groen in de stad te versterken en de ecosysteemdiensten te optimaliseren. Voor stedelijke ontwikkelgebieden is de richting helder (zie Haagse richtinggevende normen). Hier geldt naast de stok ook de wortel: naast het normeren, stimuleren we zoveel mogelijk het vergroenen van private plekken zoals tuinen, daken, gevels, parkeerplekken en kantoortuinen. Wat wil Den Haag bereiken: • Samen met de stad significant extra vergroening en waterinfiltratie realiseren, vooral in de wijken die nu het minst groen zijn. • De potentie benutten die de stad heeft in versteende tuinen, op daken en op straat en zo met bewoners en bedrijven extra groen te creëren. • Het zicht vanuit elke woning of verblijfsplek zoals school of kantoor op 3 volwassen bomen. Dit moet mogelijk zijn als iedereen hieraan werkt. Een grote rol is weggelegd voor de transformatiegebieden. Hiervoor moet de richtinggevende norm van 3 van de 3-30-300 uitgewerkt worden wat dit inhoudelijk vanuit beleid betekent.
Om groenere straten en tuinen te creëren wordt er gewerkt aan: 1. Actief vergroenen van straten in versteende wijken met behulp van de studie vergroeningskansen; 2. De Groenste Straatchallenge als basis gebruiken om straten maximaal te vergroenen. Hiermee ook zorgen voor de start voor het gesprek voor extra bomen en groen. 3. Door samen te werken met de energie- en mobiliteitstransitie ontstaan extra kansen voor vergroening. 4. Inzet en samenwerking voor een slimme aanpak voor de drukke ondergrond. 5. Extra bomen planten en bestaande groeiplaatsen verbeteren. 6. Stimuleren vergroening op privaat terrein door uitdelen bomen, Operatie steenbreek, NK tegelwippen, voorlichting, subsidie klimaatadaptatie voor groene daken etc. 7. Onderzoek naar stevigere normeringen, bijvoorbeeld m.b.t. maximaal aandeel verharding in privétuinen. 8. Verkennen vergroenen tuinen en collectief groenbeheer rond sociale woningbouw. 9. Instrumenten benutten zoals gebiedsfondsen of hogere beheerbudgetten. 10. Actief met stakeholders in gesprek gaan om werk met werk mogelijk te maken.
Lokale ingrepen zoals Operatie Steenbreek en NK Tegelwippen dragen bij aan het actief vergroenen van straten 36
Groen en blauw op de kavel Groen en blauw op de kavel 3-30 regel
Stadsparken 3-30 regel inclusief sportvelden en Stedelijke ontwikkelgebieden begraafsplaatsen Stadsparken Stedelijke ontwikkelgebieden
Kaart visie schaalniveau 4 Straat en privaat. 37
pro0jecten kaart
3.2 Belangrijke projecten en ambities voor de groenblauwe transitie Om snel grote stappen te zetten in de realisatie van het samenhangend toekomstperspectief voor groenblauw, zijn er nu al projecten die bijdragen aan de doelstellingen. In de recente brief Natuurontwikkeling (RIS 320065) zijn al een aantal projecten benoemd. Ook worden een aantal projecten uitgevoerd om het watersysteem te verduurzamen en optimaliseren. Hierbij is een onderscheid gemaakt van projecten die uitgevoerd worden in 2025 en projecten die in voorbereidingsfase zijn. Voor deze projecten is er dekking.
Projectenkaart Stedelijke Groene Hoofdstructuur SGH Hoofdboomstructuur Projecten in uitvoeringsfase in 2025 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Landscheidingsdijk Leidschenveen - Uitbreiding SGH ADS-terrein Rode Kruisplantsoen - Kwaliteitsimpuls ecologische zone Waterberging Vroondaal Hofzichtlaan Zenderlocatie Westduinpark Vijfslagenlandschap Vlietzone Plein 1813 Binckhorstpark Daal en Bergselaan
12 6
5
Lopende projecten uit de vergroeningsstudie Projecten in voorbereidingsfase 11 12 13 14 15 16 17 18 19
Wapendal Ver-Huëllweg Noord Van Zee tot Zweth Hoefkade Van Musschenbroekstraat Transvaalpark GAVI-kavel Westduinpark Zuiderpark
8
18
3 10 11
9
16
14
7
1
15 19
13 2 4
38
17
Ambitiekaart Stedelijke Groene Hoofdstructuur SGH en omliggende groene gebieden Hoofdboomstructuur Ambities voor Groen 1 2 3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15
16 17 18 19 20
Ambities Haagse Lange Lanen
Carnegieplein Verversingskanaal Kwaliteitsimpuls Zuiderpark Erasmusweg Prins Mauritslaan Overkluizing Lozerlaan ter hoogte van de Uithof (ecologie en recreatief) Verminderen barrièrewerking Lozerlaan Alkemadelaan + Laan van NOI tussen de twee delen van het Haagse Bos Trambaan Fruitweg Vlietlijn Benoordenhoutseweg tussen Laan van NOI en Automobielmuseum Melis Stokelaan De Nieuwe Driemanspolder Vlietzone Hengelolaan Bernardviaduct Knoop Moerwijk Waterfrontpark Stadsboulevard Laak Wapendal/Bosjes van Pex/Westduinpark
Ambities Groene Ruit 21 22 23 24 25 26 27 28 29
Kwaliteitsimpuls Marlot en Reigersbergen Kwaliteitimpuls Westduinpark Kwaliteitimpuls Meer en Bos Kwaliteitimpuls Clingendael Meer natuurwaarde op agrarisch verpachtte terreindelen in Den Haag en Wassenaar Laan van Clingendael + overstreek Benoordenhoutseweg Uilenbos Utrechtsebaan Schenkzone
42
27
30 31 32 33 34 35 36 37
38 39
40 41 42
10
40
30
20
41
36
29
28
16
38
13
23
19 37
7
21 11
8
33
22
26
35
1
9
34
3
32
18
14 13
17
31
15 12
Ambities Grijze vlekken
o.a. Actieplan klimaatadaptatie + Pleinenaanpak Vergroeningsstudies
5
2
24
25
39
4
6
Ambites Haags Water
Verademing Afvoercapaciteit Zuidwest Natte ecologische stapsteen Verlengde Valkenbosvaart Circulatie Nieuw Waldeck en natte ecologische stapsteen, Beethovenplantsoen Circulatie Benoordenhout Circulatie Mariahoeve Loosduinsevaart Thorbeckelaan Loosduinsevaart Scheveningse Bosjes Haagse beek als klimaatbeek Mogelijke nieuwe uitwatering Zuid/Zwethzone Mogelijke nieuwe Uitwatering Noord/Haring kade
Kustontwikkeling
Deze ambitiekaart voor groen en water draagt bij aan het samenhangende toekomstperspectief van de Groene ruit, Haagse lanen, Grijze vlekken en het Haagse water. De kaart vormt een eerste aanzet om ambities inzichtelijk te maken en is daarom niet uitputtend. De aangegeven kansen hebben geen formele status en kunnen niet worden beschouwd als vaststaand beleid. Deze ambities worden verder onderzocht en uitgewerkt bij het thematisch omgevingsprogramma. 39
De Omgevingsvisie 2050 benoemt dat onderdelen van de uitvoering, zoals investeringen in de groenstructuur, door de gemeente zelf worden opgepakt via projecten en programma’s. Voor de beweging ‘Ruimte voor groen en water’ zijn in de Omgevingsvisie strategische keuzes gemaakt, strategische samenwerkingen benoemd en doelen waarop actief gestuurd zal worden. De volgende stap is het opstellen van een thematisch omgevingsprogramma om concreter uitvoering te geven aan de opgaven voor groen en water. Dit programma richt zich onder andere op prioritering en uitwerking van het ‘hoe’: wie doet wat en met welke middelen. Met het omgevingsprogramma kunnen ook regels worden gevormd die geborgd dienen te worden in het Omgevingsplan. Dit hoofdstuk geeft een doorkijk naar dit thematisch omgevingsprogramma.
40
04
Vervolg Thematisch omgevingsprogramma
4.1 Beleidscyclus Ruimte voor groen en water is het startpunt voor het nog op te stellen Thematisch Omgevingsprogramma Groen & Water met als doel een duurzaam, ecologisch, veerkrachtig, gezond en leefbaar Den Haag. Dit omgevingsprogramma is onderdeel van de beleidscyclus. Door deze systematische aanpak blijft Den Haag zich ontwikkelen als een groene en duurzame stad. De beleidscyclus bestaat uit de volgende onderdelen: 1. Beleidsontwikkeling In deze fase worden de uitdagingen en kansen voor groen en water in de stad geïdentificeerd. Door middel van onderzoek en stakeholderconsultaties worden de belangrijkste thema's en prioriteiten vastgesteld in relatie tot andere opgaven in de stad en regio, zoals klimaatadaptatie, biodiversiteit en leefkwaliteit. In de Omgevingsvisie is groenblauw als opgave geïdentificeerd. Voor de beweging ‘Ruimte voor groen en water’ is al een voorzet gedaan in strategische keuzes, samenwerkingen en doelen waarop actief gestuurd zal worden.
meegenomen, evenals een plan voor evaluatie en monitoring. Hierbij wordt rekening gehouden met de integratie van groen en water op verschillende schaalniveaus, van regionale landschappen tot straaten gebouwniveau. Het omgevingsplan is het sluitstuk van de beleidsdoorwerking om regels te borgen in het fysieke domein. 3. Uitvoering In deze fase worden de ontwikkelde plannen in de praktijk gebracht. Dit omvat de aanleg en verbetering van parken, waterwegen en andere
groene ruimtes, evenals het implementeren van klimaatadaptatiemaatregelen. Samenwerking met bewoners, bedrijven en andere stakeholders is essentieel om de doelen te bereiken. 4. Terugkoppeling Na de uitvoering worden de resultaten geëvalueerd en gemonitord. Dit helpt om de effectiviteit van de maatregelen te beoordelen en biedt inzicht in mogelijke verbeteringen. Op basis van de evaluatie worden de plannen bijgesteld en geoptimaliseerd voor toekomstige cycli.
2. Beleidsdoorwerking De geagendeerde bewegingen uit de Omgevingsvisie dienen door te gaan werken via vastgesteld beleid, nieuw beleid en omgevingsprogramma's. Het Omgevingsprogramma Ruimte voor groen en water bevindt zich tussen beleidsontwikkeling en beleidsdoorwerking. Het omvat het formuleren van doelen, het ontwerpen van groene en blauwe structuren, het opstellen van een uitvoeringsplan en de benodigde bekostiging. Hierbij worden ook bijdragen van derden (zoals subsidies en lobby)
Foto: Vergroenen Buurttuin De Zusterstraat (Valerie Kuypers)
Diagram De opbouw van de Omgevingswet volgt de beleidscyclus. Het laat zien hoe de kerninstrumentenvan de Omgevingswet op elkaar aansluiten en hoe de verschillende beleidsprocessen doorlopen worden.
41
4.2 Redenen voor een thematisch Omgevingsprogramma Dit document is de eerste concretiseringslag van beweging 2, "Ruimte voor groen en water", uit de Omgevingsvisie. Zoals de vijf bewegingen ook onderling (sterk) met elkaar samenhangen, hangt de verkenning ook samen met thema's uit de andere vier bewegingen. Dit geldt voor thema’s zoals verstedelijking, gezonde leefomgeving, milieu en mobiliteit. In lijn met de planproducten gebiedsontwikkeling, volgend uit de systematiek van de Omgevingsvisie, is een uitwerking op programmaniveau een mogelijke stap om het thema groen en water een plek te geven in de beleidscyclus van de Omgevingswet. In omgevingsprogramma’s worden de keuzes onderzocht en uitgewerkt om concrete doelen op het gebied van water en groen te behalen. Een thematisch omgevingsprogramma bevat zowel het samenhangend beleid als concrete maatregelen om de doelstellingen te behalen. Het programma "Ruimte voor groen en water" is om meerdere redenen onmisbaar: Heldere sturing op (heldere) doelen Om ‘Ruimte voor groen en water, de Haagse groenblauwe transitie’ te gaan vertalen in een programma, zijn heldere doelen nodig met een heldere sturing daarop. Zoals uit de beleidsverkenning (zie paragraaf 2.3) naar voren is gekomen dat niet altijd duidelijk is wat verplichtingen dan wel ambities zijn, daarmee zijn niet altijd de doelen op groen concreet gemaakt.
Het is daarmee moeilijk te sturen op resultaat. Het is ook onbekend of de opgestelde doelen worden bereikt. Een omgevingsprogramma helpt om de stap richting de uitvoering te maken. De doelen krijgen in het omgevingsprogramma vervolgens een duidelijke
42
relatie met concrete activiteiten en het resultaat, met het bijbehorende budget tot realisatie. Het omgevingsprogramma gaat zowel over het wat als het hoe. Dit omgevingsprogramma omvat bijvoorbeeld het formuleren van doelstellingen, het ontwerpen van groene en blauwe structuren en de daarvoor benodigde bekostiging, inclusief bijdragen van derden (subsidies en lobby). In samenhang met andere bewegingen in de Omgevingsvisie De beweging 'Ruimte voor groen en water' staat niet op zichzelf, maar is verweven met de andere vier bewegingen uit de Omgevingsvisie. In de Omgevingsvisie geven we aan dat we sturen op samenhang tussen de bewegingen. Dit betreft niet alleen koppelkansen tussen opgaven, maar ook onderlinge afhankelijkheden en spanningen. Een koppelkans is bijvoorbeeld het herinrichten van een straat ten behoeve van de energietransitie, waarbij tegelijkertijd meer groen kan worden gerealiseerd. Een voorbeeld van een afhankelijkheid is verdichting in relatie tot de ruimte voor water en groen. Er is ook samenhang met de mobiliteitstransitie die er mede voor zorgt dat de verkeersveiligheid en luchtkwaliteit wordt verbeterd. Dit schept mogelijkheden om in de openbare ruimte meer plek in te ruimen voor andere functies zoals groen. Een ander voorbeeld voor een koppelkans is de strategische keuze om segregatie tegen te gaan met vergroening.
Met het principe ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ stimuleren we kansengelijkheid. Dat betekent dat we extra investeren in bepaalde wijken om het perspectief op bestaanszekerheid, ontplooiing en een gezonde levensstijl te vergroten. Voldoende groen ondersteunt deze doelstelling.
In lijn met de gedachte uit de Omgevingswet, proberen we keuzes zoveel mogelijk in samenhang met elkaar te maken. Voor het maken van keuzes in het omgevingsprogramma willen we onderzoeken of de voorgestelde maatregelen in samenhang met de locaties en andere doelen uit de Omgevingsvisie ook daadwerkelijk leiden tot een betere omgevingskwaliteit. Voor milieueffecten wordt de MER ingezet, waarbij we gebruik maken van de (onderzoeks)informatie die al beschikbaar is in het Omgevingseffectrapport dat voor de Omgevingsvisie is opgesteld. Voor alle andere voorwaarden en effecten zal een integrale afweging moeten worden gemaakt waarbij betrokken stakeholders in het fysieke domein worden betrokken. Participatie Het omgevingsprogramma biedt de mogelijkheid om samen met de stad en haar partners verder in gesprek te gaan en blijven over de uitwerking van opgaven voor groen en water in de stad. Een groot gedeelte van het groen in de stad is in eigendom van inwoners, bedrijven en instellingen. Daarom is er een direct belang bij het onderwerp groen. Daarnaast zijn er mogelijkheden voor bredere financiering. Participatie moet ertoe leiden dat het beleid weloverwogen is, prioritering helder wordt en de maatregelen goed uitvoerbaar zijn. In het thematisch omgevingsprogramma is de motiveringsplicht een belangrijk onderdeel.
Deze motiveringsplicht laat zien hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere bestuursorganen bij de voorbereiding betrokken zijn.
Kansen voor nieuwe samenwerkingsvormen om tot versnelling te komen Het thematisch omgevingsprogramma biedt de kans om een aantal financiële en niet-financiële instrumenten te onderzoeken en toe te passen om tot versnelling van de groenblauwe transitie te komen. Zo kan onderzocht worden hoe meerdere baathebbers bij kunnen dragen aan investeringen in groen en water. Het kan dan gaan om het versterken van de externe betrokkenheid via, bijvoorbeeld het initiëren van Park-NGO’s. Een Park-NGO is een stichting bestaande uit (meestal) gemeente, ondernemers en omwonenden die samen parkonderhoud uitvoeren en financieren.
4.3 Aan de slag!
Evaluatie en Monitoring Een omgevingsprogramma stuurt op een heldere formulering van doelen en acties om resultaten eenvoudiger te kunnen monitoren en tijdig bij te sturen. Omdat de omgevingsvisie, het omgevingsplan en de omgevingsprogramma’s de basis vormen voor advies over initiatieven binnen het fysieke domein, is het belangrijk dat alle betrokken partijen meedenken bij het opstellen, monitoren en evalueren ervan. Op deze wijze ontstaat er een model waarbij geleerde lessen tijdens het ontwikkelproces direct kunnen worden ingezet bij het aanscherpen van de strategische doelstellingen, de bijbehorende maatregelen en keuzes in de programma’s en de beleidsregels in het omgevingsplan.
In dit programma agenderen we in het kader van de rijk-regio samenwerking NOVEX Zuidelijke Randstad, waarin binnen de programmalijn 'Robuust Groenblauw Netwerk' een investeringsstrategie wordt ontwikkeld.
In dit laatste hoofdstuk stellen wij per schaalniveau de volgende ‘to-do lijst’ op. Deze lijst vormt samen het startpunt voor het toekomstige thematische omgevingsprogramma: 1. Bij landschappen rond de stad (schaalniveau 1) wordt samen met de buurgemeenten, waterschappen en de provincie een programma gestart voor een toegankelijk en kwalitatief buitengebied met goede stad-land verbindingen. Ondernemers en andere stakeholders, zoals terreinbeheerders zoals Dunea, Staatsbosbeheer en Het Zuid-Hollands Landschap, worden hierbij betrokken.
2. Voor groengebieden en lange lijnen (schaalniveau 2) wordt voorgesteld om een ‘SGH 2040’ op te stellen. Dit omvat een nieuwe schaalindeling, meer aandacht voor water, het vastleggen van ontbrekende schakels voor toekomstige gebiedsontwikkeling, het vrijmaken van dekking voor Haagse Iconen en de formele vaststelling van de ‘SGH 2040’. Daarnaast wordt een programma ontwikkeld dat gekoppeld is aan de herinrichting van wegen, mobiliteitstransitie, energie-infrastructuur en klimaatadaptatiemaatregelen.
4. Op straat- en privaatniveau (schaalniveau 4) wordt de regie in gebiedsontwikkeling herpakt om groen en blauw beter te borgen. Er wordt verder geïnvesteerd in ondersteunend groen, zoals het vergroenen van daken, voortuinen en gevels, bijvoorbeeld samen met sociale woningbouw- organisaties. Met deze schaalgerichte to-do lijst wordt de basis gelegd voor een samenhangende en uitvoerbare aanpak van de groenblauwe opgaven in en rond de stad. De lijst vormt het vertrekpunt voor het Thematisch Omgevingsprogramma Groen & Water, waarin de prioriteiten, verantwoordelijkheden en benodigde middelen verder worden uitgewerkt. Dit programma zal niet alleen richting geven aan de uitvoering, maar ook zorgen voor verankering in het Omgevingsplan. Door groen en water structureel mee te nemen in elke ruimtelijke ingreep—van straat tot stadsrand—en actief samen te werken met partners op alle niveaus, zetten we een belangrijke stap richting een gezonde, klimaatbestendige en aantrekkelijke stad voor iedereen.
3. Op wijk- en buurtniveau (schaalniveau 3) ligt de focus op het versnellen van projecten en het integreren van ruimte voor groen en water in de bestaande stad."
43
Bijlagen 44
I Waarom een Haagse groenblauwe transitie? Dit document draagt de titel 'De Haagse groenblauwe transitie', omdat bouwen aan iets nieuws ook invloed heeft op de bestaande structuren en aanpassingen vereist. Dit is de essentie van de transitietheorie van DRIFT (Dutch Research Institute For Transitions), waarbij een transitie een fundamentele en onomkeerbare verandering in de cultuur, structuur en praktijk van een samenleving brengt. Onderstaande x-curve beschrijft hoe transities volgens deze theorie verlopen. Grijsgrauw
Optimaliseren 1. Aanpass en en
vera nde ren
Destabiliseren
van he th ui di ge sy st ee m
3.
in en gg tle s Va
en tie isa an org
id bele
Stabiliseren
Institutionaliseren
Chaos
n te ec oj pr
n va ren ise ret c n Versnellen n co ren e 2. Prorite
Experimenteren
en rm no
4.
Ru im Afbraak te m ak en Emergentie
en
Uitfaseren
Tijdens de transitie ontstaat op een gegeven moment een situatie dat allerlei losse ontwikkelingen, zoals groene projecten, initiatieven en ontwikkelvoorwaarden, samen meer zijn dan de som der delen. Dit wordt emergentie genoemd. Een voorbeeld is dat allerlei kleine groene initiatieven die bijdragen aan het welzijn van bewoners, samen opeens ook positieve ecologische effecten hebben en de stad koelen. Ook kan emergentie leiden tot een sneeuwbaleffect: het realiseren van extra groen gaat ‘als vanzelf’. Zie bijvoorbeeld hoe het plaatsen van zonnepanelen enorm is versneld, terwijl de financiële voordelen al lang bekend waren: voorbeeld doet volgen. Deze fase van emergentie moeten wij als gemeente zo snel mogelijk bereiken. Wij interpreteren de x-curve voor ons handelen als volgt: Experimenteren, Versnellen en Emergentie: Prioriteren en concretisering van projecten en normen Het gaat in eerste instantie over een stapeling van groene initiatieven dat uiteindelijk voor een sneeuwbaleffect (emergentie) zorgt waarin deze initiatieven en projecten elkaar versterken. De gemeente draagt hier aan bij door initiatieven en projecten op alle schaalniveaus te initiëren, stimuleren en normeren. Door eigen projecten versneld uit te voeren, door groene initiatieven te stimuleren en door normen vast te leggen in beleid.
In hoofdstuk twee, onze visie en strategie, richten wij ons op de manieren waarop groen geprioriteerd kan worden, en welke projecten we als gemeente versneld uit willen voeren. In hoofdstuk vier richten wij ons juist meer op het gemeentelijk instrumentarium; het Thematisch Omgevingsprogramma.
Optimaliseren en Destabiliseren: Aanpassen en veranderen van het huidige systeem Onze huidige manier van doen moet worden aangepast en veranderd. Zowel in onze organisatie als in de projecten die wij doen. Dit betekent nieuwe zaken opbouwen, maar ook bestaande structuren afbreken. Fysiek (van verharding naar groen), maar ook in de organisatie (ontschotten van budgetten en diensten). Dit vraagt om een andere manier van denken en doen. Institutionalisering en Stabiliseren: Vastleggen in organisatie en beleid Het institutionalisering van de duurzame leidende principes is onder hoofdstuk vier te vinden. Het instrumentarium uit de omgevingswet biedt hier handvatten voor. Voor het beschrijven van de leidende principes zijn grote stappen gezet in de Omgevingsvisie Den Haag 2050. Binnen de gemeente vraagt de institutionalisering ook om meer gezamenlijkheid tussen de verschillende diensten in het opmaken van beleid: van beleid, ontwerp en beheer als losse zuilen naar een meer cyclisch proces waarin terugkoppeling plaatsvindt tussen de verschillende fases van het realisatieproces. Afbraak en Uitfaseren: Ruimte maken voor Groen en Blauw Afbraak en uitfaseren van bestaande structuren zorgt voor ruimte voor groen en blauw. Dit wordt gerealiseerd door andere ruimtevragers te verminderen.
De groenblauwe transitie wordt onder andere mogelijk gemaakt door parkeren op straat te beperken, slimmer om te gaan met ondergrondse infrastructuur (kabels en leidingen) en door verharding te verwijderen waar mogelijk.
45
II Bronnen Overkoepelende beleidskaders Kaderrichtlijn water (KRW), EU, 2000 Nationale Omgevingsvisie (Novi) Duurzaam perspectief voor onze leefomgeving, BZK, 2020 Omgevingsvisie Provincie Zuid-Holland, Provincie ZuidHolland, 2021
University of Illinois `Landscape and Human Health Laboratory, 2001’
Nota Binnenwater en verordening op de Binnenwateren (RIS246361)
Resultaten pilot ‘Hoe klinkt het Kralingse Bos?’, 2018
Wijk- en Buurtniveau
Legger Delfland, Hoogheemraadschap, 2025
Kadernota openbare ruimte (RIS310884)
Omgevingsvisie Den Haag 2050 (RIS322469) Landschappen rond de stad
Nota Haagse richtinggevende normen voor maatschappelijke voorzieningen en groen 2024 (RIS317835)
Handreiking Ruimtelijke puzzel Haagse regio (RIS316081)
Straat- en privaatniveau
Groengebieden en lange lijnen
Stedelijke Beleidsvisie Toekomstbestendig bouwen Den Haag 2025-2035 (RIS 321843) incl. het gecombineerde puntensysteem ‘Natuurinclusief en klimaatdaptief bouwen’
Agenda Groen voor de stad (RIS294705) Stedelijk Groene Hoofdstructuur (RIS300506) Nota Stadsnatuur (RIS305825) Nota Stadsbomen (RIS307827) Nota Haagse Hoogbouw (RIS322705) Visie op Licht (RIS298657) en de bijbehorende richtlijn Licht op Natuur (RIS298658) Wateragenda Den Haag 2021-2025 (RIS311901)
46
Integraal Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2025 (RIS306620)
Natuur & Milieu | Sweco Nederland | Tekort aan groen in Nederlandse steden - december 2024
Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig (RIS308744) Aanvullende onderzoeken en -studies De Atlas Natuurlijk Kapitaal, 2025 Sigma Earth, augustus 2024 Harvard T.H. Chan School of Public Health, 2021 North Carolina State University en Clemson University, juni 2019
Foto Lange Voorhout (The Hague & Partners, Jurjen Drenth)
47