CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS322877 Bijlage Onderzoek De inschatting van de kansen op werk van nieuwe bijstandsgerechtigden in Den Haag

Commissie Samenleving 2 oktober 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken23.802 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

weinig effectief en kunnen het vertrouwen van de bijstandsgerechtigde in

met jonge kinderen met subjectieve psychische problemen, en ongemoti-

de overheid ondermijnen (Van Echtelt et al. 2024). Het is belangrijk om deze

veerde moeders en alleenstaande mannen met multiproblematiek.

gemotiveerde groepen passend te ondersteunen om zo te voorkomen dat zij

Groepen die worden overschat zijn alleenstaande (jonge) mannen met

langdurig afhankelijk blijven van de bijstand.

(dreigende) multiproblematiek en oudere alleenstaanden met weinig kans op werk, met sterke arbeidsmotivatie. Kijk bij alleenstaande moeders met (recente) werkervaring en een goede uitgangspositie naar wat er wél mogelijk is, zelfs als er sprake van (subjectieve) psychische problematiek. Dit geldt eveneens voor bijstandsgerechtigden met multiproblematiek met een even goede uitgangspositie en recente werkervaring. Beide groepen bijstandsgerechtigden vinden vanuit Participatie uiteindelijk toch werk. Het is op basis van dit onderzoek lastig te zeggen of er na verloop van tijd rust en ruimte ontstond om aan het werk te gaan of dat deze mensen meer gebaat waren geweest bij een eerdere en snellere ondersteuning. Eerder onderzoek gaf al aan dat dit van persoon tot persoon verschilt. Des te belangrijker is het om juist bij deze groepen vinger aan de pols te houden en hen vaker te spreken. Groepen die worden overschat zijn gemotiveerd om aan het werk te gaan, maar hebben (dreigende) problemen op meerdere leefgebieden en een slechte uitgangspositie. Het tonen van een hoge motivatie om werk en te vinden is reden hen door te verwijzen naar DHW. Toch lukt het een aanzienlijk deel niet om werk te vinden (of te houden). Het is op basis van deze data moeilijk verder te specificeren wat de redenen zijn waarom hen dit

42

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

43

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

LITERATUUR • Berkhout, B. Van Eldik, I., Heekelaar. M., Verbeek, W., Schenderling, P., Van

• Van der Vet, O en M. Nas (2012). Terug van weggeweest. Draaideurklanten

der Staaij, M. en Tsjoe Ny, K. (2022). De Haagse re-integratieaanpak 2018-

en herhaalde instroom nader bekeken. Den Haag: Gemeente Den Haag.

2020 onderzocht. Utrecht: Adviesbureau Berenschot.

• Van Echtelt, P., Sadiraj, S., Hoff, S. Muns, S., Karpinska, K, Das, D en

• Bos, M. en Otte, K. (2023). Aan het werk vanuit de afdeling Participatie.

Versantvoort, M (2019). Eindevaluatie van de Participatiewet. Den Haag:

Verkennend onderzoek naar factoren die bijdragen aan het vinden van

SCP.

werk vanuit de afdeling Participatie. Den Haag: Gemeente Den Haag.

• Van Echtelt. P., Eggink E. en Sadiraj K. (2023). Een brede blik op bijstand.

• Blonk, R. (2018). We zijn nog maar net begonnen. Rede uitgesproken bij

Den Haag: SCP.

de openbare aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar in de

• Van Echtelt, P., Dinmohamed, S., Eggink, E. en Schyns, P. (2024). Vertrouwen

Arbeidsdeskundigheid en Inclusieve Innovatie van Arbeid. Tilburg: Tilburg

in de bijstand. Een kwalitatieve studie naar de ondersteuning aan

University.

bijstandsgerechtigden die (nog) niet betaald kunnen werken. Den Haag:

• CBS (2023). Bijstandsmonitor Den Haag. https://dashboards.cbs.nl/v3/

SCP.

Bijstandsmonitor_Den_Haag/ • CBS (2024). Clusteranalyse bijstandsgebruikers Den Haag, 2015, 2018 en 2022. https://www.cbs.nl/nl-nl/maatwerk/2024/24/clusteranalyse-bijstandsgebruikers-den-haag-2015-201 8-en-2022 • Gemeente Den Haag (2022). Eindrapport Werkoffensief +500. RIS311554. • Nas, M. en O. van der Vet (2013). Klantgroepen in de WWB. Den Haag: Gemeente Den Haag. • Nas, M. en O. van der Vet (2013). Klantgroepen binnen de doelgroep participatie. Den Haag: Gemeente Den Haag. • Nas, M. (2015). Klantstromen participatie. Den Haag: Gemeente Den Haag. • Nas, M. (2017). Quickscan alleenstaande ouders met bijstand. Den Haag: Gemeente Den Haag. • Nas, M. (2024). De veranderende doelgroep in beeld. Den Haag: Gemeente Den Haag. • Schuring, M., Burdorf, A., Stam, M., Knoef, M., Kersing, M., Van Zoonen, L. en Bos, M. (2023). Re-integratie in BOLD Cities II. Den Haag, Rotterdam, Amsterdam: Centre for BOLD Cities.

44

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

BIJLAGE 1: VERANTWOORDING

Om tot één gecombineerd bestand te komen dat klaar is voor analyse zijn

DATABEWERKING VOOR ANALYSE

van Socratesnummer. Het gecombineerde bestand laat per persoon (BSN)

het uitkeringenbestand en het routebestand aan elkaar gekoppeld op basis de in- en uitstroommomenten in en uit de uitkering plus de doorlopen

Voor dit onderzoek zijn via de afdeling Dienstverlening en Kwaliteit een

routes chronologisch zien. Na koppelen zijn er in totaal 23.614 personen

uitkeringenbestand en een routebestand opgevraagd. Het ruwe uitkerin-

met uitkering- én routegegevens. Dit zijn er flink minder dan het aantal

genbestand bestaat uit alle personen die op enig moment instroomden in

personen in het routebestand vóór koppelen, maar dit komt door het

de bijstand in de periode 2016-2023; dit is door de onderzoekers terugge-

excluderen van routes van personen die in de uitkering instroomden vóór

bracht naar een bestand met personen die op enig moment instroomden in

1-1-2016, alsook het excluderen van niet-uitkeringsgerechtigden (NUGgers).

2016-2020 met gegevens over deze personen tot en met december 2023.

620 personen met uitkering hebben geen routegegevens, maar blijven wel

Het uitkeringenbestand bevat, naast in- en uitstroommomenten en reden

behouden in het bestand van in totaal 24.234 cases. Van deze 620 personen

van in- en uitstroom, basale persoonsgegevens als geboortedatum, geslacht

zonder routegegevens zien we dat het merendeel relatief kort in de

en geboorteland, gegevens over partner, aantal en leeftijd kinderen,

uitkering heeft gezeten.

woonadres (als indicatie voor dak- en thuisloosheid), gezinssamenstelling, inkomen uit of in verband met werk en of men vóór 2016 op enig moment

PPS (Persoons Profiel Scan)

een bijstandsuitkering heeft gehad. Om te checken of het bestand compleet

Bij PPS-ontwikkelaar NOA zijn PPS-bestanden opgevraagd van de periode

is zijn de instroommomenten uit het bestand per jaar en maand inzichtelijk

21/4/2021 – 31/12/2023 als aanvulling op een eerder geleverd PPS-bestand

gemaakt en zijn deze aantallen gelegd naast de factsheets W&I over

van 1/7/2016 – 21/4/2021. De nieuwe bestanden zijn geleverd in twee

2016-2020. Uiteindelijk blijft een uitkeringenbestand over van 24.234

bestanden met verschillende formats (Op Weg en niet-Op Weg). Omdat

personen die op enig moment een of meerdere keren in de uitkering

beide geleverde bestanden in format sterk verschillen van het eerder

instroomden in de periode 2016-2020.

geleverde bestand is besloten het eerder geleverde bestand aan het uitkeringen/route-bestand te koppelen, ook omdat de periode van instroom

Het ruwe routebestand bestaat uit op persoonsniveau alle routes die

in de uitkering zich richt op 2016-2020 en de meest interessante PPS-gege-

bijstandsgerechtigden op enig moment volgden in de periode 1-1-2016 t/m

vens zich dus bevinden in dit bestand. Om tot één compleet PPS-bestand te

31-12-2023. Na ontdubbelen van met name foutief ingevoerde routes en

komen, is aan het oude bestand 2016-2020 een extra bestand gekoppeld

herstructureren op persoonsniveau bevat het routebestand 50.790 perso-

met cases uit 2016. Managementrapportages van PPS geven namelijk aan

nen met routes die op enig moment in 2016-2023 zijn gestopt, en 25.093

dat er over januari t/m juni 2016 ook al tests zijn afgenomen onder nieuwe

cases met routes die nog actief zijn per 31 december 2024. De routes ‘DHW’,

instroom in de uitkering en dit zien we inderdaad terug in dit bestand.

‘DHW Begeleiding na plaatsing’, ‘Direct aan het Werk’ en ‘Focus op Werk’

Het PPS-bestand is uiteindelijk 19.224 cases. Om te kunnen koppelen aan

worden gelabeld als Werk, de routes ‘Participatie Activering’, ‘Participatie in

het uitkeringen-/route-bestand zijn voor 17.237 cases BSN’s gekoppeld.

Beweging’, ‘Participatie Max. Haalbaar’, ‘Participatie Monitoring’, ‘Participa-

Voor 1.987 cases in het PPS-bestand is er echter geen BSN beschikbaar,

tie Niet Actief’ en ‘Support’ worden gelabeld als Participatie.

waardoor deze niet gekoppeld kunnen worden aan het uitkeringen-/

45

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

routebestand. Hiervan zijn 464 cases testruns uit 2015, en 196 testruns uit

derd. Het gaat om 562 cases die deze bewerking hebben. Hierdoor is voor 49

de eerste helft van 2016. Om te kijken of met de overgebleven 1.327

cases het eerste instroommoment buiten de periode 2016-2020 geworden;

missende cases een selectieve groep uit de analyse wordt weggelaten is

deze cases zijn uit het bestand verwijderd. Indien er bij in- en uitstroommo-

gekeken of deze groep significant verschilt van de groep mét BSN die wel

menten sprake is van 30 dagen of korter tussen de uitkeringsperiodes, zijn

wordt meegenomen in de analyse. De groep waarvan BSN mist heeft iets

deze momenten gecombineerd door de begindatum van het eerste in-

vaker een bemiddelbaarheidsscore A ‘Direct naar werk’ ten opzichte van de

stroommoment te nemen en de einddatum van het daaropvolgende

groep die wel wordt meegenomen in de analyse. Het gaat echter om een

instroommoment. Dit wordt dan beschouwd als één uitkeringsperiode.

relatief klein procentueel verschil met slechts een zwakke samenhang,

Hiermee worden zeer korte periodes tussen uitkeringen (minder dan een

waardoor kan worden aangenomen dat de missende groep wat betreft

maand) buiten beschouwing gelaten. Het gaat om 330 cases die deze

bemiddelbaarheid niet structureel afwijkt. Op opleiding, geslacht en

bewerking hebben. Er is ook gekeken naar in- en uitstroomdata van de

leeftijd is geen (significant) verschil te zien. Het zwaartepunt van de PPS’en

routes; indien routedata vóór de PPS-testdatum liggen, zijn deze uit het

met missende BSN’s ligt in 2015-2016 en 2020-2021.

bestand verwijderd. Zo kunnen we een beeld krijgen van de routering ná PPS. Een variabele is bewaard waaraan gezien kan worden of er uitkerings-

In dit PPS-bestand zijn 1.463 personen die meerdere keren de PPS hebben

periodes en/of routes voor testdatum zijn verwijderd, en of het in het geval

ingevuld. Hierin is per persoon een selectie gemaakt van de als eerst

van routes gaat om routes Werk, Participatie of een combinatie van Werk en

ingevulde én volledige PPS. Het bestand dat overblijft is vervolgens op basis

Participatie. Wanneer in de analyse een selectie wordt gedaan op wel of

van BSN gekoppeld aan het uitkeringen-/routebestand. In het gekoppelde

geen PPS, wordt rekening gehouden met een periode van 6 maanden vóór

bestand blijven 11.805 cases over met gegevens over uitkering/route én

of 12 maanden na het eerste instroommoment. In het uiteindelijke

PPS; dit is ongeveer de helft van alle cases in het uitkeringen-/routebestand.

gecombineerde bestand zitten 24.165 personen. Hiervan hebben 23.337

Dit is een overeenkomstig percentage personen met PPS dat is gevonden in

personen zowel uitkering- als routegegevens, en 828 cases alleen gegevens

eerder onderzoek over dezelfde periode (Schuring et al 2023).

met betrekking tot de uitkeringsperiodes. Voor de inschattingen in hoofdstuk 2 is gekeken naar bijstandsgerechtigden die ofwel zijn uitgestroomd

Gecombineerd bestand

naar werk, ofwel nog in de bijstand zitten (uitstroom elders is buiten

Het gecombineerde bestand is vervolgens geschoond (niet nodige variabe-

beschouwing gelaten). Dit zijn in totaal 13.669 personen.

len verwijderen, variabelen die in het bestand vaker voorkomen in verband met herstructureren indien logisch vatten in één variabele (dit geldt

De studiepopulatie voor de clusteranalyse bestaat uit bijstandsgerechtig-

bijvoorbeeld voor de geboortedata van de verschillende kinderen)). Ook zijn

den die tussen 2016 en 2020 instroomden in de bijstand én in de 6 maan-

de cases met ‘technische’ redenen van uitstroom uit de uitkering verwij-

den vóór of 12 maanden na het eerste instroommoment een PPS hebben

derd (19 personen).

ingevuld. Dit zijn 10.980 personen waarvan 189 personen geen routegegevens hebben. Deze 189 personen zonder routegegevens zijn in alle gevallen

Indien er sprake is van een ingevulde PPS, is het instroommoment dat het

personen waarvan routegegevens zijn verwijderd die voor de PPS-datum

dichtst bij de testdatum ligt gepakt als eerste instroommoment in de

lagen, zoals hierboven benoemd. De studiepopulatie voor de clusteranalyse

uitkering, en zijn de instroommomenten daarvóór uit het bestand verwij-

bevat dus uiteindelijk 10.791 personen.

46

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

BIJLAGE 2: TABELLEN EN FIGUREN (MET EN ZONDER PPS) Tabel B2.1 Juiste, onder- en overschatting van de kansen van nieuwe bijstandsgebruikers in de periode 2016-2020 (aantallen en percentages); met (l) of zonder (r) PPS.

Nog in bijstand óf uitgestroomd naar werk PPS

Zonder PPS

N

%

Totaal %

N

%

Totaal %

Goed ingeschat

4.291

100

63

4.106

100

60

Werk

3.121

73

1.749

43

Participatie

1.170

27

2.357

57

Onderschat waarvan:

1.161

100

Bij instroom

380

33

779

54

Bij instroom én later in de dienstverlening

466

40

521

36

Later in de dienstverlening

315

27

143

10

1.399

100

Bij instroom

916

66

632

50

Bij instroom én later in de dienstverlening

366

26

325

26

Later in de dienstverlening

117

8

312

25

Overschat, waarvan:

Totaal

6.851

17

20

100

Bron: Socrates en Raak 2016-2023

47

1.443

21

1.269

6.818

19

100

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

Tabel B2.2 Aantal achtergrondkenmerken van juist in- over- en onderschatte groepen (percentages): met PPS

Goed ingeschat

Onderschat

Werk

Participat.

Man

58

38

44

Vrouw

42

62

< 27 jaar

30

27-39 jaar

Overschat

Totaal %

n

53

51

3.524

56

47

49

3.327

14

35

24

27

1.848

39

30

39

37

37

2.555

40-54 jaar

23

38

22

27

26

1.794

> 55 jaar

8

18

4

12

10

654

Alleenstaande

73

56

61

63

66

4.523

Alleenstaande ouder

14

21

23

20

18

1.223

Gehuwd/samenwonend

13

23

16

17

16

1.105

geen kind

79

65

66

70

73

4.982

0-4 jaar

7

8

10

10

8

564

5-12 jaar

9

15

16

12

12

795

13-18 jaar

5

12

9

8

7

510

3.121

1.170

1.161

1.399

100

6.851

Geslacht:

Leeftijd:

Huishoudtype:

Leeftijd jongste kind:

Totale n Bron: Socrates en Raak 2016-2023

48

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

Tabel B2.3 Aantal achtergrondkenmerken van juist in- over- en onderschatte groepen (percentages): zonder PPS

Goed ingeschat

Onderschat

Werk

Participat.

Man

63

54

68

Vrouw

37

46

< 27 jaar

36

27-39 jaar

Overschat

Totaal %

n

60

60

4.108

32

40

40

2.710

10

35

27

25

1.711

38

29

38

36

34

2.334

40-54 jaar

20

42

22

27

29

2.000

> 55 jaar

7

19

5

11

11

773

Alleenstaande

76

56

67

60

65

4.403

Alleenstaande ouder

9

18

15

21

16

1.069

Gehuwd/samenwonend

13

26

18

19

20

1.346

geen kind

84

66

75

67

73

4.976

0-4 jaar

4

6

7

9

6

437

5-12 jaar

7

11

9

14

10

704

13-18 jaar

5

16

9

9

10

701

1.749

2.357

1.443

1.269

100

6.818

Geslacht:

Leeftijd:

Huishoudtype:

Leeftijd jongste kind:

Totale n Bron: Socrates en Raak 2016-2023

49

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

Tabel B2.4 Herhaalde instroom van de juist in-, onder- en overschatte groepen (percentages): met PPS

Goed ingeschat

Onderschat

Werk

Participat.

33

40

32

1 keer

81

87

2 of meer keer

19 3.121

Had bijstand vóór 2016:

Overschat

Totaal %

n

41

36

2.459

83

60

78

5.355

12

17

40

22

1.433

1.170

1.161

1.399

100

6.851

Aantal keren bijstand:

Totale n Bron: Socrates en Raak 2016-2023

Tabel B2.5 Herhaalde instroom van de juist in-, onder- en overschatte groepen (percentages): zonder PPS

Goed ingeschat

Onderschat

Werk

Participat.

24

44

32

1 keer

87

86

2 of meer keer

13 1.749

Had bijstand vóór 2016:

Overschat

Totaal %

n

37

35

2.380

86

68

83

5.648

14

14

32

17

1.170

2.357

1.443

1.269

100

6.818

Aantal keren bijstand:

Totale n Bron: Socrates en Raak 2016-2023

50

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

Figuur B2.1 Uitkeringsduur en parttime werk voor verschillende inschattingen door de dienst (percentages): met PPS

Uitkeringsduur Overschat 6% Goed: Participatie 1% Onderschat Goed: Werk

Inkomsten uit werk

94% 99% 52%

48% 83%

0%

20% < 2 jaar

40%

17% 60%

Overschat Goed: Participatie Onderschat Goed: Werk

8 0% 100%

59% 32%

68% 58% 60%

0%

> 2jaar

41%

20%

42% 40%

40%

parttime werk

6 0%

80% 100%

geen parttime

Bron: Socrates en Raak 2016-2023

Figuur B2.2 Uitkeringsduur en parttime werk voor verschillende inschattingen door de dienst (percentages): zonder PPS

Uitkeringsduur Overschat 5% Goed: Participatie 1% Onderschat Goed: Werk

Inkomsten uit werk

95% 99% 47%

53% 82%

0%

20% < 2 jaar

40%

18% 60%

8 0%

Overschat Goed: Participatie Onderschat Goed: Werk

100%

59% 68% 58% 60%

0%

> 2jaar

20%

parttime werk

Bron: Socrates en Raak 2016-2023

51

41%

32%

42% 40%

40%

6 0%

80% 100%

geen parttime

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

Figuur B2.3 Onder- en overschatting van de kansen van bijstandsgerechtigden voor de totale instroom (verschil in procentpunten)

Over- en onderschatting van mannen en vrouwen per gezinssituatie Onderschat

Overschat

10% 5% 0%

2% 2%

1% 0%

-5%

2% 5%

2%

0%

1% 0% -2% -1%

-2% -3%

-2%

-5%

(V )

) de r zo n

de r

kin d

kin d

(M

(V )

Ge z in

zo n

Ge z in

Ge z in

m et kin d Ge z in

eo ta an d

m et kin d

(M )

(V ) ud er

(M ) ud er Al le en s

ta an d

eo

ta an d Al le en s

Al le en s

Al le en s

ta an d

e(

e(

M

V)

)

-10%

Bron: Socrates, Raak 2016-2023 en PPS 2016-2020

Figuur B2.4 Onder- en overschatting van de kansen van bijstandsgerechtigden met PPS (verschil in procentpunten)

Over- en onderschatting van mannen en vrouwen per gezinssituatie Onderschat

Overschat

10%

5% 1%

0% -3% -5%

-10%

1%

5% 4%

1% -3%

2%

1%

4%

1% -6%

-2%

Alleenstaande Alleenstaande Alleenstaande Alleenstaande Gezin met (M) (V) ouder (M) ouder (V) kind (M)

1%

Gezin met kind (V)

0%

-2%

Gezin zonder Gezin zonder kind (M) kind (V)

Bron: Socrates, Raak 2016-2023 en PPS 2016-2020

52

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

BIJLAGE 3: TABELLEN CLUSTERANALYSE Tabel B3.1 De in de clusteranalyse gebruikte kenmerken per cluster (percentages)

Cluster 1

Cluster 2

Cluster 3

Cluster 4

Cluster 5

Cluster 6

Cluster 7

Totaal

Cramer’s V

man

53

53

39

28

92

88

43

51

0,37

50+ jaar oud

13

12

7

15

7

17

46

18

0,35

kinderen bij instroom

9

37

33

43

12

9

28

26

0,29

partner bij instroom

5

23

12

22

14

9

23

16

0,20

> 2 jaar in de bijstand

6

41

47

62

51

68

76

47

0,47

uitgestroomd naar werk

79

59

51

28

34

23

16

45

0,45

meerdere keren bijstand

16

32

20

12

41

22

15

21

0,21

goede taalbeheersing

96

35

83

56

68

73

41

64

0,47

goede leerbaarheid

70

31

62

37

41

52

20

45

0,36

zoekintentie goed

97

95

94

15

94

55

89

80

0,68

zoekgedrag goed

94

95

84

10

93

44

86

76

0,67

heeft zelfvertrouwen

94

77

66

20

77

19

32

58

0,57

acht kans op werk goed

72

57

34

15

64

8

13

39

0,50

vindt werk belangrijk

88

81

67

27

79

27

44

61

0,48

contact met justitie

13

10

19

18

98

76

14

25

0,60

psychische klachten

16

12

65

66

30

85

42

41

0,52

slecht alg. welbevinden

28

38

83

69

64

93

62

59

0,44

Persoonskenmerken

Uitkering

Leerbaarheid en taal

Motivatie & werkzoekgedrag

Zelfredzaamheid

verslavingsproblemen

2

2

10

9

11

39

4

8

0,38

lichamelijke klachten

16

20

39

57

22

60

58

38

0,37

detentie gehad

1

1

2

2

67

43

1

9

0,66

is niet in balans

29

52

75

80

50

87

76

63

0,41

werkt zorgvuldig

88

82

65

55

82

33

53

67

0,37

1.400

1.476

1.201

802

332

562

1.041

6.814

-

21

22

18

12

5

8

15

100

-

Andere kenmerken

Totaal n %

Bron: Socrates en Raak 2016-2023, PPS 2016-2020

53

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

Tabel B3.2 Overige (achtergrond)kenmerken per cluster (percentages)

Cluster 1

Cluster 2

Cluster 3

Cluster 4

Cluster 5

Cluster 6

Cluster 7

Totaal

Cramer’s V

alleenstaand

87

56

63

49

79

85

61

67

0,23

alleenstaande ouder

7

21

26

29

7

7

16

17

-

gezin

5

23

12

22

14

9

23

16

-

jonger dan 27 jaar

40

27

39

28

39

30

16

31

0,23

27 t/m 34 jaar

30

27

30

25

26

26

15

26

-

35 t/m 49 jaar

17

33

24

32

27

27

23

26

-

50 jaar en ouder

13

12

7

15

7

17

46

18

-

parttime werk

55

64

57

38

57

39

43

57

0,19

startkwalificatie

89

76

80

71

63

59

66

75

0,23

geen kind

91

64

67

57

88

91

72

74

0,17

0-4 jaar

3

12

13

13

4

3

7

8

-

5-12 jaar

3

15

13

19

6

4

12

11

-

13+ jaar

2

10

6

11

2

2

9

7

-

73

56

62

42

59

43

37

54

0,25

financiële problemen

77

78

86

79

92

89

74

81

0,14

problemen met zelfzorg

19

31

44

55

37

65

49

41

0,29

slechte woonsituatie

2

6

6

8

7

8

8

6

0,08

problemen op meerdere leefgebieden

26

33

81

79

80

99

69

61

0,53

nog in bijstand

2

21

22

38

28

43

43

26

0,33

uitgestroomd naar werk

79

59

51

28

34

23

16

45

-

uitgestroomd elders

19

20

27

34

37

35

40

29

-

1.400

1.476

1.201

802

332

562

1.041

6.814

-

21

22

18

12

5

8

15

100

-

Gezinssamenstelling

Leeftijd

Werk en opleiding

Leeftijd kinderen

Werkervaring < 2 jaar geleden werkervaring Zelfredzaamheid

Eindsituatie

Totaal n %

Bron: Socrates en Raak 2016-2023, PPS 2016-2020

54

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

Tabel B3.3 Leeftijd jongste kind per cluster (percentages)

Cluster 1

Cluster 2

Cluster 3

Cluster 4

Cluster 5

Cluster 6

Cluster 7

Totaal

Cramer’s V

0-4 jaar

38

33

40

30

32

32

26

33

0,09

5-12 jaar

39

41

40

45

49

43

42

42

-

13+ jaar

24

26

20

25

18

25

33

25

-

Totaal n

173

721

580

561

77

88

518

2.718

-

6

27

21

21

3

3

19

100

-

Leeftijd kinderen

%

Bron: Socrates en Raak 2016-2023, PPS 2016-2020

Tabel B3.4 Inschatting van de dienst per cluster (percentages)

Cluster 1

Cluster 2

Cluster 3

Cluster 4

Cluster 5

Cluster 6

Cluster 7

Totaal

87

59

45

16

45

10

14

46

Gezinssamenstelling goed ingeschat: Werk goed ingeschat: Part.

0

5

12

42

9

38

34

17

onderschat

11

15

24

25

12

25

12

17

overschat

2

22

19

17

34

27

39

20

A (direct aan het werk)

87

72

44

11

60

4

22

47

B (werk op termijn)

7

10

24

18

16

14

16

15

Bemiddelbaarheid

C (participatie) Totaal n %

6

17

32

70

24

82

62

38

1.400

1.476

1.201

802

332

562

1.041

6.814

21

22

18

12

5

8

15

100

Bron: Socrates en Raak 2016-2023, PPS 2016-2020

55

TERUG NAAR INHOUDSOPGAVE

BIJLAGE 4: VERANTWOORDING CLUSTERANALYSE 5. Motivatie en werkzoekgedrag: scoort ondergemiddeld of (boven)gemiddeld op:

Er is gekeken met welke kenmerken het beste onderscheidende en logisch interpreteerbare clusters te vormen zijn. Uiteindelijk zijn de volgende kenmerken gebruikt:

° Belang dat aan werk wordt gehecht ° De inschatting van de kans op het vinden van werk

1. Achtergrondkenmerken: ° Man of vrouw

° Werkzoekgedrag (heeft de afgelopen drie maanden naar werk gezocht)

° Wel of geen partner bij instroom ° Heeft wel of niet in detentie gezeten

° Mate van zelfvertrouwen in eigen vaardigheden en kennis om werk te vinden

° Jonger dan 50 jaar of 50 jaar en ouder ° Wel of geen kinderen bij instroom

° Werkzoekintentie (is van plan om de komende drie maanden werk te zoeken)

2. Uitkering:

6. Persoonlijkheidskenmerken: scoort ondergemiddeld of (boven)gemiddeld op:

° Eén of meerdere keren bijstand in de onderzoeksperiode ° Twee jaar of korter versus langer dan twee jaar in de bijstand

° In balans zijn ° Zorgvuldig werken

3. Taalbeheersing: scoort taalniveau 2F of lager (basisonderwijs/ vmbo/MBO 1 t/m 3) of 3F of hoger (HAVO/MBO-4/VWO)

7. Zelfredzaamheid: heeft een (ernstig) probleem of geen probleem met:

4. Leerbaarheid: scoort ondergemiddeld of (boven)gemiddeld op leerbaarheid

° Psychische gezondheid ° Lichamelijke gezondheid ° Verslaving ° Contact met justitie

° Algeheel welbevinden

8. Uitstroom naar werk: is uiteindelijk uitgestroomd naar werk of niet (peildatum 31-12-2023)

56

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16017629/1