RIS322871 Bijlage 2 G015-Staat-van-de-deelmobiliteit-2024 Geredigeerd
Tekst van het document
Staat van de deelmobiliteit 2024 Ontwikkeling naar een volwassen markt
CROW Postbus 37, 6710 BA Ede (0318) 69 53 00 klantenservice@crow.nl www.crow.nl
CROW maakt praktische kennis direct toepasbaar Kennisplatform CROW is de drijvende kracht achter een duurzame inrichting van de fysieke leefomgeving in Nederland. We ontwikkelen collectieve kennis over infrastructuur en mobiliteit; voor én met de sector. Als kennisplatform bieden we praktische oplossingen en bevorderen we directe toepasbaarheid van deze kennis. Iedereen die een stap buiten de deur zet, ervaart het onschatbare belang van onze publicaties en richtlijnen, opleidingen, netwerken en community’s. Werken aan praktische oplossingen is voor ons vanzelfsprekend. Dat doen we met ruim 120 professionals in Ede (hoofdkantoor) en Utrecht. CROW is een onafhankelijke kennisorganisatie zonder winstoogmerk.
Over Natuurlijk!Deelmobiliteit Gemeenten, regio’s, provincies en het Rijk zijn een Nationaal Samenwerkingsprogramma gestart, getiteld: Natuurlijk!Deelmobiliteit (N!D). Het samenwerkingsprogramma heeft als doel te komen tot een samenhangende aanpak en regie van overheden voor deelmobiliteit, in samenwerking met de markt.
Maart 2025 CROW en degenen die aan deze publicatie hebben meegewerkt, hebben de hierin opgenomen gegevens zorgvuldig verzameld naar de laatste stand van wetenschap en techniek. Desondanks kunnen er onjuistheden in deze publicatie voorkomen. Gebruikers aanvaarden het risico daarvan. CROW sluit, mede ten behoeve van degenen die aan deze publicatie hebben meegewerkt, iedere aansprakelijkheid uit voor schade die mocht voortvloeien uit het gebruik van de gegevens. De inhoud van deze publicatie valt onder bescherming van de auteurswet. De auteursrechten berusten bij CROW.
Inhoud
Samenvatting en conclusies 4
1
Inleiding 6
2
Algemeen 7 2.1 Definitie 7 2.2 Trends en ontwikkelingen 7 2.3 Cijfers 8 2.3.1 Aanbod 8 2.3.2 Gebruik 10
3
Deelauto 13 3.1 Trends en marktontwikkelingen 13 3.2 Aanbieders 14 3.3 Cijfers 14 3.3.1 Aanbod 14 3.3.2 Gebruik 16
4
Deelfiets 20 4.1 Trends en marktontwikkelingen 20 4.2 Aanbieders 20 4.3 Cijfers 21 4.3.1 Aanbod 21 4.3.2 Gebruik 23
5
Deelbakfiets 27 5.1 Trends en marktontwikkelingen 27 5.2 Aanbieders 27 5.3 Cijfers 28 5.3.1 Aanbod* 28 5.3.2 Gebruik 30
6
Deelscooter 34 6.1 Trends en marktontwikkelingen 34 6.2 Aanbieders 34 6.3 Cijfers 35 6.3.1 Aanbod 35 6.3.2 Gebruik 37
7
Een blik in de toekomst 41
8
Verantwoording 42
3
Samenvatting en conclusies De Staat van de deelmobiliteit 2024 is een vervolg op de voorgaande editie uit 2023 waarin voor het eerst inzicht is verkregen in alle vier de publiek toegankelijke typen deelvoertuigen in Nederland (deelauto’s, deelfietsen, deelbakfietsen en deelscooters). Waar vorig jaar alleen nog naar het aanbod werd gekeken, is in deze editie voor het eerst inzicht verkregen in gebruikersdata en -kenmerken door gebruik te maken van het Landelijke Gebruikersonderzoek Deelmobiliteit 2024 en het Dashboard Deelmobiliteit. Nederland telde per 15 september 2024 meer dan 43.500 deelvoertuigen. Het merendeel van deze voertuigen zijn deelfietsen (26.661 = 61%), met de OV-fiets als grootste partij. Op de peildatum waren er 18.556 OV-fietsen, 70% van alle deelfietsen. De deelscooters (8.571 = 20%) en deelauto’s (7.464 = 17%) vormen samen ruim een derde. De deelbakfiets (2%) is een relatief nieuwe modaliteit die momenteel nog in kleine aantallen beschikbaar is. Dé deelmobiliteitsmarkt in Nederland bestaat niet. Overheidsinterventies zijn voor deelauto (bijvoorbeeld voor parkeren) heel anders dan voor bijvoorbeeld deelscooters (helmplicht). Hoewel deze Staat van de deelmobiliteit de aanbodzijde kwantitatief in beeld brengt, is over de vraagkant nog maar weinig bekend. En ontbreekt er een duidelijk beeld van de verbreding van het aanbod naar zakelijke deelmobiliteit.
Voor het eerst is een lichte daling zichtbaar in het aanbod van deelvoertuigen ten opzichte van vorig jaar. Deze afname geldt voor alle vier de modaliteiten (deelauto’s, deelfietsen, deelscooters en deelbakfietsen), al was bij deelscooters de neerwaartse trend al eerder ingezet. De afname zit hem vooral in de daling van het aantal aanbieders. Tegelijk laten grote spelers, zoals Greenwheels, OV-fiets en Check mooie groei cijfers zien.
We zien dat het aantal deelauto-aanbieders voor consumenten is gedaald van 23 naar 16. Het aanbod van deelscooters is fors afgenomen, met name door invoering van de helmplicht
en (regulerend) overheidsbeleid. Bij de deelfietsen valt vooral op de continue groei van OV-fiets en de lichte afname bij andere
aanbieders.
Deelvervoer blijft in absolute aantallen voornamelijk geconcentreerd in grote steden, zoals Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Utrecht, Eindhoven, en Groningen. Amsterdam is koploper wat betreft de deelauto’s en deelfietsen. Rotterdam staat bovenaan wat betreft de deelbakfietsen en deelscooters. Toch zijn er ook kleinere gemeenten met een relatief hoog aantal deelvoertuigen, met name voor deelauto en deelfiets. Zo staan Culemborg en Diemen hoog in de ranglijsten. Diemen staat derde in deelauto’s per 100.000 inwoners, eerste in dekkingsgraad deelauto’s, tweede in bakfietsen per 100.000 inwoners en tweede in dekkingsgraad van zowel deelbakfietsen als deelscooters. Hoewel het aantal gemeenten met deelmobiliteit is afgenomen ten opzichte van vorig jaar blijft deel mobiliteit toch goed verspreid over heel Nederland. Kijkend naar de dekkingsgraad valt op dat de deelauto en deelbakfiets voor meer mensen op loopafstand beschikbaar zijn. Ondanks de daling in het aantal voertuigen zijn deze twee modaliteiten toch breder beschikbaar, dat wil zeggen ze worden meer verspreid aangeboden. De deelfiets en deelscooter laten wel een daling zien in de dekkingsgraad, in overeen stemming met de daling in het aanbod.
Uit het eerste Landelijk Gebruikersonderzoek blijkt dat deelvervoer invloed heeft op autobezit: een vijfde van de respondenten zegt de aankoop van een auto uit te stellen, ruim een kwart is niet meer van plan een auto te kopen en nog eens een vijfde heeft de auto al de deur uit gedaan. We zien eenzelfde patroon bij private en zakelijke lease. De eigen auto wordt door het gebruik van deelvervoer 29% minder gebruikt, voor de zakelijke lease is dat 23%. De deelscooter wordt in een derde van de gevallen gecombineerd met gebruik van het openbaar vervoer. De factoren prijs/kosten, aanbod, beschikbaarheid en bereikbaarheid bepalen voornamelijk de bereidheid van mensen om over te gaan op het gebruik van deelvervoer. Voor het stimuleren van meer gebruik zal hier dus de meeste aandacht naartoe moeten gaan. Het bezoeken van vrienden/familie, dagje uit of evenementen is voor de deelauto, deelfiets en deelscooter het belangrijkste reisdoel. De deelbakfiets
4
Staat van de deelmobiliteit 2024
wordt het meeste gebruikt voor het halen/brengen van goederen. Ook voor de deelauto is dit een belangrijk reisdoel. De belangrijkste reden om gebruik te maken van de deelauto en deelbakfiets is voor respondenten dat zij het vervoermiddel niet zelf bezitten. Voor de deelfiets is dit de combinatie met het ov. Bij de deelscooter is de reden van gebruik wat diffuser. ‘Lopen’ is het belangrijkste voor- en natransport voor de deelauto, deelbakfiets en deelscooter. Voor de deelfiets is dit de trein. Naast de deelmobiliteit zal ook de Staat van de deelmobiliteit zich blijven ontwikkelen en komende jaren steeds beter inzicht geven in het aanbod en gebruik van deelmobiliteit, mede door het koppelen van verscheidene bestaande en nieuwe onderzoeken.
Samenvatting en conclusies
5
1
Inleiding
In 2024 is de eerste Staat van de deelmobiliteit gepubliceerd, een jaarlijkse rapportage die is ontstaan uit de Monitor autodelen. Deze tweede rapportage, een gezamenlijke uitgave van CROW en Natuurlijk!Deelmobiliteit, biedt een totaaloverzicht van de ontwikkelingen op deelmobiliteitsgebied in Nederland en neemt vier modaliteiten mee in het rapport: deelauto, deelfiets, deelbakfiets en deelscooter. De nadruk ligt op het aanbod van de deelvoertuigen en de ontwikkelingen hierin, maar in vergelijking met de eerste editie is er ook aandacht voor het gebruik. Uit het Dashboard Deelmobiliteit zijn cijfers van de verhuringen meegenomen, en in samenwerking met het nationale programma Natuurlijk!Deelmobiliteit zijn ook resultaten uit het eerste nationale gebruikersonderzoek verwerkt1. Het volledige gebruikersonderzoek is hier te vinden.
Het Dashboard Deelmobiliteit heeft zich intussen ontwikkeld tot een steeds belangrijker instrument voor gemeenten en zal de komende jaren verder worden uitgebreid met aanvullende data over zowel het aanbod als het gebruik van deelmobiliteit. Deze verschillende ontwikkelingen dragen gezamenlijk bij aan een continue verbetering van de Staat van de deelmobiliteit, waarbij steeds meer en accuratere inzichten beschikbaar komen. De Staat van de deelmobiliteit 2024 opent met een overkoepelende blik op de sector, waarbij de gehanteerde definities, diverse vormen van deelmobiliteit en algemene trends worden belicht. In de volgende hoofdstukken gaan we dieper in op de sector deelmobiliteit, met analyses van de verdeling, ontwikkeling en verspreiding van het aanbod. Hierbij presenteren we top 10-lijsten van gemeenten op basis van relevante criteria en bekijken we gebruikscijfers en -karakteristieken. Bij de verspreidings-analyse maken we gebruik van de dekkingsgraad, die het percentage inwoners binnen een gebied weergeeft dat binnen een straal van 400 meter (deelauto) of 200 meter (deelfiets, deelbakfiets en deelscooter) van een deelvoertuig woont.
1 Het nationale gebruiksonderzoek in opdracht van N!D geeft geen representatief beeld van het gebruik van deelvervoer in Nederland. De respons op het onderzoek is bepaald door de aanbieders die het onderzoek hebben uitgestuurd. Dit kan de resultaten van dit onderzoek beïnvloeden. Hiermee moet rekening gehouden worden bij de interpretatie van de resultaten.
6
Staat van de deelmobiliteit 2024
2
Algemeen
2.1
Definitie
Voor het delen van vervoermiddelen bestaan verschillende concepten, variërend in zowel de ophaal- en afzetmogelijkheden na de rit als het eigendom van de voertuigen. In dit rapport hanteren we de definitie van deelmobiliteit zoals geformuleerd door CROW: “Deelmobiliteit is mobiliteit met één of meer voertuigen die op korte termijn en voor een korte tijd, al dan niet tegen betaling, worden aangeboden en door steeds wisselende gebruikers worden gebruikt”. Voertuigen die hier buiten vallen, en dus niet zijn opgenomen in dit rapport, zijn huurvoertuigen, poolvoertuigen en gedeelde voertuigen binnen beperkt toegankelijke groepen. Deelmobiliteit kan een manier zijn om zowel voertuigen als openbare ruimte anders te benutten. Deelmobiliteit geeft gebruikers toegang tot auto’s, fietsen en andere voertuigen op het moment dat ze die willen gebruiken. Het is het alternatief voor bezit, waarbij privévoertuigen en -ritten worden vervangen door gedeeld gebruik. Deelmobiliteit is vergelijkbaar met huren, maar de gebruikerservaring en gebruikspatronen zijn verschillend: de transacties zijn geautomatiseerd en het gebruik is voor korte periodes. Steeds vaker vervagen de grenzen tussen huren en delen: bestaande auto- en fietsverhuurdiensten introduceren technologie om voertuigen 24 uur per dag toegankelijk te maken.
Een van de verschillen is dat deelvoertuigen meer fijnmazig verspreid in de publieke ruimte worden aangeboden versus overwegend centrale locaties in privaat eigendom voor huurvoertuigen. Huurvoertuigen zijn niet meegenomen in deze rapportage. In dit rapport hanteren we de varianten Roundtrip, Free floating, en Back to many (zie kader). Voor het eigenaarschap kijken we naar commerciële aanbieders, gebruikersgemeenschappen en particuliere platforms (zie kader). Betalingsvormen verschillen ook, variërend van op uurbasis, minuutbasis, kilometerbasis, abonnementsvormen, tot een combinatie van deze opties. Dit overzicht concentreert zich specifiek op de meest gangbare deelmodaliteiten in Nederland: de deelauto, deelfiets (inclusief elektrische fiets), deelbakfiets en deelscooter. Voor autodelen hanteren we dezelfde definitie als vorig jaar, waarbij de volgende vormen zijn inbegrepen: Roundtrip, Community based, Free floating en Keyless peer to peer-autodelen. In deze rapportage zijn dus niet de P2P-auto’s met fysieke sleuteloverdracht meegenomen.
2.2
Roundtrip: een dienst waarbij gedeelde voertuigen teruggebracht moeten worden naar dezelfde parkeerplaats of -zone waar ze zijn opgehaald. Bij deelfietsen wordt dit ook wel ‘Back to one’ genoemd. Free floating: service waarbij voertuigen niet teruggebracht hoeven te worden naar de plek waar ze zijn opgehaald. Back to many: service waarbij voertuigen terug gebracht kunnen worden bij een netwerk van daarvoor bestemde locaties. Community based: een subvorm van autodelen, waarbij besloten groepen zoals buren of appartementeigenaren een auto delen die ze samen bezitten. Peer to peer: een subvorm van autodelen, waarbij particulieren hun auto verhuren wanneer ze die zelf niet nodig hebben.
De grootste uitdaging ligt in het rondkrijgen van de businesscase voor deelmobiliteit. Waar aanbieders vooral last van hebben zijn de stijgende kosten voor verzekeringen, vergunningen en (auto)belastingen. Het verlies van een investeerder of een vergunning kan ook grote gevolgen hebben. Dit maakt de markt kwetsbaar. Dit verklaart de vele wisselingen onder aanbieders, wat het voor gebruikers moeilijker maakt om deelmobiliteit als een vaste gewoonte te adopteren. Om dit te voorkomen, richten aanbieders zich minder op niet-renderende gebieden en is er meer focus op winstgevendheid. Als dat lukt, kunnen we in de komende jaren weer groei verwachten. Tegelijkertijd groeit de aandacht van overheden voor deelmobiliteit. Het begrip komt inmiddels terug in bijna alle relevante visie- en strategiedocumenten van gemeenten. De stad wordt steeds voller, en voor extra groei in auto’s en bijbehorende parkeerplaatsen is geen ruimte. Daarnaast zoeken minder stedelijke regio’s ook naar alternatieven voor, en aanvulling op, een verder verschralend openbaar vervoer. In grote steden ligt de focus op het enerzijds stimuleren van vooral deel(bak)fietsvervoer én controle houden over gebruik én beperken van overlast van deelscooters.
Trends en ontwikkelingen
Het aanbod van deelmobiliteit is volop in beweging. Voor het eerst is in 2024 een lichte daling zichtbaar in het totaal aantal publiek toegankelijke deelvoertuigen ten opzichte van voorgaande jaren. Tegelijkertijd zijn verschillende aanbieders in verschillende stedelijke gebieden bezig met uitbreiding van deelmobiliteit.
2
Begrippenlijst
Algemeen
Resultaten van het Landelijk Reizigersonderzoek 2023 (p.85) laten zien dat deelmobiliteit vaker ook voor zakelijke doeleinden wordt gebruikt, maar dat er verder nog geen cijfers publiek bekend zijn over zakelijke deelmobiliteit. In een volgende versie van de Staat van deelmobiliteit gaan we hier op basis van nieuwe cijfers dieper op in.
7
Waar in deze editie wel voor het eerst naar is gekeken is het gebruik van deelvervoerwijzen op basis van het eerste landelijke gebruikersonderzoek van Natuurlijk!Deelmobiliteit en gebruikerscijfers uit het Dashboard Deelmobiliteit. Door deze ontwikkelingen op het gebied van monitoring en onderzoek wordt steeds meer kennis vergaard over de gebruiker en hoe deelmobiliteitsbeleid hier nog beter op kan aansluiten.
2.3
Cijfers
2.3.1 Aanbod Nederland telde in het jaar 2024 meer dan 43.500 deelvoertuigen. Het merendeel van deze voertuigen zijn deelfietsen (26.661 = 61%), met de OV fiets als grootste partij (18.556 = 70% van alle deelfietsen). De deelscooters (8.571 = 20%) en deelauto’s (7.464 = 17%) vormen samen ruim een derde. De deelbakfiets (2%) is een relatief nieuwe modaliteit die momenteel nog in kleine aantallen beschikbaar is. In vergelijking met 2023 is in deze verdeling weinig veranderd, alleen de deelfiets heeft een iets groter aandeel ten koste van de deelscooter.
Bij alle modaliteiten is een daling te zien ten opzichte van 2023. Bij de deelauto’s (–6%), deelfietsen (–3%) en deel bakfietsen (–14%) is de daling licht, en zien we wel groei ten opzichte van 2022. Bij de deelscooter is de daling (–19%) groter, en dat voor het tweede jaar op rij. We zoomen later in dit rapport apart in op alle vier de deelmodaliteiten. Figuur 2 toont de langetermijntrend van het aanbod van publiek toegankelijke deelvoertuigen in Nederland. Zoals benoemd in Staat van de deelmobiliteit 2023 bevinden we ons sinds 2020 in een fase van stabilisatie na jaren van explosieve groei. De stabilisatie in het aanbod in de particuliere markt, is mogelijk te verklaren door verschillende nationale en internationale ontwikkelingen, zoals de Covid-pandemie, de stijging van de kosten voor aanbieders, zoals de rente, belastingen, verzekeringen, elektriciteit, groei van hubs, en de invoering van de helmplicht voor deelscooters. Figuur 3 geeft de spreiding weer van alle deelvoertuigen in Nederland. De kaart laat zien dat het totale aanbod van deelvervoer voornamelijk geconcentreerd is in grote steden, zoals Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Utrecht, Eindhoven, en Groningen. Net zoals vorig jaar zijn kleinere steden zoals Zwolle, Breda, Leeuwarden, Enschede, Leiden, Nijmegen, en Zwolle ook zichtbaar met een lagere concentratie.
27.531 26.661 24.907
14.897 6.442
7.907 7.464
10.524 8.571
648
1.073
927
2022 2023 2024
2022 2023 2024
2022 2023 2024
2022 2023 2024
Totaal aantal deelauto’s
Totaal aantal deelfietsen
Totaal aantal deelbakfietsen
Totaal aantal deelscooters
Figuur 1. Ontwikkeling aanbod deelvoertuigen 2022-2024
Figuur 2. Infographic De Staat van de deelmobiliteit 2024
8
Staat van de deelmobiliteit 2024
Figuur 3. Hittekaart alle deelvoertuigen 2024
Vervolgens kijken we naar de diversiteit in het aanbod. Tabel 1. Diversiteit aanbod deelmobiliteit
Aantal typen deelmodaliteiten
Aantal gemeenten 2023
Aantal gemeenten 2024
0
84
72
85
1
102
120
96
2
87
106
119
3
68
38
34
4
4
7
8
261
271
257
Aantal gemeenten met deelmobiliteit
2
Aantal gemeenten 2022
Algemeen
9
Top 10 gemeenten op basis van aantal deelvoertuigen* Deelauto Deelbakfiets Deelscooter Deelfiets
Amsterdam (1) Rotterdam (2) Utrecht (4) Den Haag (3) Eindhoven (5) Groningen (6) Nijmegen (9) Breda (7) Leiden (10) Zwolle (14) 0
1.000
2.000
3.000
4.000
5.000
6.000
7.000
8.000
9.000
Figuur 4. Top 10 gemeenten op basis van aantal deelvoertuigen en verdeling modaliteiten *De getallen tussen haakjes achter elke gemeentenaam representeren de positie van de gemeente in 2023.
Bij het analyseren van de diversiteit in het aanbod valt op dat het aantal gemeenten waar alle vier de deelmodaliteiten beschikbaar zijn, is gestegen van 7 naar 8. Dit komt omdat Arnhem is toegetreden tot deze groep. Een andere opvallende ontwikkeling is dat het aantal gemeenten zonder deelmobiliteit weer is toegenomen van 72 naar 85, waardoor het aantal gemeenten met deelmobiliteit is gezakt naar 257 (dit is ook lager dan 2022). Uiteindelijk is nog steeds in 75% van alle Nederlandse gemeenten een vorm van deelmobiliteit aanwezig, wat de spreiding van deelmobiliteit benadrukt. In figuur 4 is de top 10 Nederlandse gemeenten te zien op basis van het totaal aantal publiek beschikbare deel voertuigen. Amsterdam en Rotterdam staan opnieuw bovenaan. In Amsterdam is het aantal deelvoertuigen sterk gestegen ten opzichte van 2023, terwijl er een daling was in Rotterdam. Utrecht, Nijmegen en Leiden zijn gestegen qua positie, terwijl Den Haag en Breda zijn gedaald. Opvallende nieuwkomer in de top 10 van dit jaar is Zwolle. Figuur 5 laat de dekkingsgraad zien per modaliteit voor 2022, 2023 en 2024. Dekkingsgraad wil zeggen: het
30,0%
percentage inwoners dat een deelvoertuig op loopafstand heeft (400 meter voor de deelauto en 200 meter voor deeltweewielers). Kijkend naar de dekkingsgraad valt op dat de deelauto en deelbakfiets voor meer mensen op loop afstand beschikbaar is. Ondanks de daling in het aantal voertuigen zijn deze twee modaliteiten toch breder beschikbaar. Dat wil zeggen: ze worden meer verspreid aangeboden. De deelfiets en deelscooter laten wel een daling zien in de dekkingsgraad, in overeenstemming met de daling in het aanbod. Wat opvalt is dat de dekkingsgraad voor de deelfiets veel meer is gedaald dan het aanbod. Dit komt doordat de grootste deelfietsaanbieder, OV-fiets, een stijging liet zien in het aanbod maar alleen op ov-haltes beschikbaar is en niet door de hele gemeente verspreid is. De spreiding wordt naast het aanbod van de aanbieders zelf ook bepaald door gemeentelijk (hub)beleid. 2.3.2 Gebruik Het Landelijk gebruikersonderzoek deelmobiliteit is in 2024 voor het eerst uitgevoerd. Aanbieders van deelmobiliteit kregen de oproep om het onderzoek te verspreiden onder hun gebruikers. In totaal namen 5.733 gebruikers aan het onderzoek deel. Dit rapport geeft geen representatief beeld van het gebruik van deelvervoer in Nederland. De respons op het onderzoek ligt bij sommige aanbieders hoger dan bij
32,4% 33,2% 23,0% 16,4% 15,4% 13,5%
12,2% 9,3% 3,5%
4,7%
5,1%
2022 2023 2024
2022 2023 2024
2022 2023 2024
2022 2023 2024
Dekkingsgraad deelauto's
Dekkingsgraad deelfietsen
Dekkingsgraad deelbakfietsen
Dekkingsgraad deelscooters
Figuur 5. Dekkingsgraad per modaliteit 2022-2024
10
Staat van de deelmobiliteit 2024
andere. Dit kan de resultaten van het onderzoek beïnvloeden. Daarom is voorzichtigheid geboden bij het verbinden van conclusies aan de resultaten van dit onderzoek.
niet meer van plan een auto te kopen en twee op de tien hebben het vervoermiddel reeds weggedaan. Zie figuur 6. Ook voor de private en zakelijke leaseauto is eenzelfde patroon zichtbaar. De eigen auto wordt door het gebruik van deelvervoer 29 procent minder gebruikt, de zakelijke leaseauto 23 procent en de private leaseauto 8 procent minder. Zie figuur 7.
Deelvervoer heeft invloed (gehad) op het bezit van de auto. Zo geeft 20 procent van de respondenten aan de aankoop van een eigen auto te hebben uitgesteld, ruim een kwart is
20%
Auto (eigendom) (n=5.110) Auto (private lease) (n=2.670)
14%
Auto (zakelijke lease) (n=2.138)
10%
27%
20%
27%
25%
8%
24%
44%
9%
54%
Brommer/scooter (n=1.997)
17%
68%
Motor (n=1.896)
15%
72%
Elektrische fiets (n=3.259) 5% 6%
6%
Elektrische bakfiets (n=2.084)
13%
Bakfiets (n=2.101)
11%
Fiets (n=4.461)
6%
9%
73%
5%
74% 79% 88%
0%
20%
40%
60%
80%
100%
Ja, ik heb de aankoop van dit vervoermiddel uitgesteld Ja, ik ben niet meer van plan om dit vervoermiddel te kopen Ja, ik heb dit vervoermiddel reeds weggedaan Ja, ik overweeg dit vervoermiddel weg te doen Ja, ik overweeg dit vervoermiddel aan te schaffen Ja, ik heb dit vervoermiddel aangeschaft Nee, het heeft geen invloed Figuur 6. Heeft deelvervoer invloed (gehad) op uw bezit van vervoermiddelen? (het aantal waarnemingen (n) is exclusief de respondenten die ‘niet van toepassing’ op deze vragen hebben gekozen)
Netto minder/meer 39%
Auto (eigendom) (n=1.339) Auto (zakelijke lease) (n=217)
28%
Tram, bus of metro (n=5.733)
29%
10% 5%
26%
Auto (private lease) (n=110)
23%
–23% 6%
53%
41%
Trein (n=5.733)
–29%
65%
12%
15%
Taxi (n=5.733)
49%
41%
17% 15%
–12% 5%
52%
–17%
62%
–9% –8%
Motor (n=221)
14%
11%
68%
6%
Brommer/scooter (n=200)
14%
14%
66%
8%
0%
Fiets (n=4.967)
9%
14%
76%
5%
Lopend (n=5.733)
9%
14%
76%
5%
Bakfiets (n=181)
9%
17%
72%
8%
Elektrische fiets (n=1.420)
7%
16%
73%
Elektrische bakfiets (n=194)
9%
19%
0%
40% Meer
60%
Geen verschil
9% 10%
71%
20% Minder
4%
80%
100%
Gebruik ik niet
Figuur 7. Welke invloed heeft deelvervoer op uw gebruik van de volgende (eigen) vervoermiddelen?
2
Algemeen
11
Als laatste onderdeel van dit hoofdstuk kijken we naar overwegingen uit het gebruikersonderzoek om wel of geen gebruik te maken van deelvervoer. De prijs/kosten is voor 51% van de respondenten het belangrijkste verbeterpunt voordat zij verder overgaan op deelvervoer. Ook het aanbod van deelvervoer (35%), de beschikbaarheid (32%) en de bereikbaarheid (27%) worden genoemd als verbeterpunten. Bijna een kwart (23%) noemt een ander verbeterpunt. Deze verbeterpunten lopen uiteen; deelvervoer moet vanuit de
werkgever worden gefaciliteerd, moet structureel beschikbaar zijn en blijven, moet ook op een andere plek teruggezet kunnen worden en het moet schoon zijn. Daarnaast zegt een groot deel van de respondenten reeds helemaal te zijn overgestapt naar deelvervoer of één auto te bezitten en deelvervoer als tweede auto te gebruiken. Daarnaast overweegt 17% om niet (verder) over te gaan op deelvervoer en er dus niet vaker gebruik van te gaan maken.
Welke aspecten moeten er worden verbeterd voordat u (volledig) over zal gaan op deelvervoer? Meerdere antwoorden mogelijk (n=5.733) Geen, ik overweeg niet om verder over te gaan op deelvervoer Anders, namelijk Duidelijkheid Gebruiksvriendelijkheid vervoersmiddel Betere aansluiting deelvervoer op ov-netwerk Parkeermogelijkheden De kwaliteit van het aangeboden deelvoertuig Bereikbaarheid Beschikbaarheid Het aanbod van deelvervoer Prijs/kosten 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
Figuur 8. Overwegingen om wel of geen gebruik te maken van deelvervoer (zie Landelijk Gebruikersonderzoek).
12
Staat van de deelmobiliteit 2024
3
Deelauto
3.1
Trends en marktontwikkelingen
Deelauto’s zijn in veel verschillende vormen te onderscheiden. In dit rapport kijken we naar commerciële aanbieders (zowel roundtrip als free floating), community based- initiatieven en peer to peer-autodelen. Zie voor de definities hiervan hoofdstuk 2.1. Het totale aantal aanbieders is in 2024 gedaald naar 16, ten opzichte van 23 aanbieders in 2023. Zie voor het overzicht van deelautoaanbieders tabel 2. Deze daling van het aantal aanbieders doet zich vooral voor bij de commerciële aanbieders van roundtrip- en free floating-deelvervoer. Een aantal partijen is gestopt met het deelautoaanbod. De grootste partijen die geen deelauto’s meer aanbieden in Nederland zijn GreenMobility en WeDriveSolar. GreenMobility was in Nederland alleen in Amsterdam actief. Daar heeft het bedrijf zich nu terug getrokken, waarbij de klanten een kennismakingsaanbod hebben gekregen van MyWheels. En voor WeDriveSolar geldt dat het bedrijf zich is gaan focussen op het plaatsen van laadpalen. De deelauto-operatie is overgegaan naar MyWheels. Naast dat er een aantal aanbieders gestopt is, zijn er ook partijen die zich gaan richten op meer besloten vormen van deelmobiliteit of op de zakelijke markt. Het wegvallen van of de krimp bij aanbieders resulteerde in een daling van het totaal aantal deelauto’s in Nederland ten opzichte van 2023.
Het vertrek van aanbieders zien we voornamelijk bij de roundtrip- en free floating-vormen, bij community based- en peer to peer-autodelen speelt dit minder. Toch zijn er groeiplannen in de deelautomarkt. Zo heeft Greenwheels recent bij de publicatie van de jaarcijfers
3
Deelauto
benoemd dat het bedrijf zijn deelautovloot flink wil laten groeien. De uitbreiding van de vloot zal zowel in stedelijke als landelijke gebieden plaats hebben. Verder heeft Vloto plannen om de deelautovloot flink uit te breiden in 2025. Opvallend is dat deelscooterpartij Check het aanbod heeft verbreed en een nieuwkomer is in de lijst van deelauto aanbieders. Het wagenpark van deelauto’s is, net als vorig jaar, veel verder in de elektrificatie dan dat van privéauto’s. Mede omdat dit ook bij gunning wordt verplicht door overheden. Met een lichte stijging ten opzichte van 2023 is nu meer dan de helft van de deelauto’s in Nederland elektrisch. Dit biedt niet alleen duurzame voordelen, maar ook kansen voor een bredere toepassing van deelauto’s. Een voorbeeld hiervan is de introductie van de eerste bi-directionele deelauto’s in Utrecht, dankzij een samenwerking tussen WeDriveSolar, MyWheels, Renault Group en de gemeente Utrecht. Deze auto’s kunnen stroom terugleveren aan het energienet en zo bijdragen aan het ontlasten van het grid tijdens piekbelasting. Slim laden en ontladen kan tegelijk ook bijdragen aan de businesscase van de aanbieder. Toch blijven er ook uitdagingen bij de verdere elektrificatie van het deelauto wagenpark.
Hogere operationele kosten, het gebrek aan laadvoorzieningen in de openbare ruimte, opportunity costs (lege batterij), laadconcessies, samen met de hogere laad- en aanschafkosten vormen een belemmering voor verdere groei in het elektrische aanbod.
13
3.2
Aanbieders
3.3
Cijfers
De volgende aanbieders zijn meegenomen in de cijfers: Tabel 2. Aanbieders deelauto’s
Aanbieder
Vorm
Check
Free floating / Back to many
Coöperatieauto
Community based
DEEL
Community based
Deelslee
Community based
Elektrip
Community based
Elektrisch Deelrijden de Pijp
Community based
Free2Move
Free floating / Back to many
Greenwheels
Roundtrip
HET Deelauto
Community based
Kav2Go
Roundtrip
MobiGo
Community based
MyWheels
Roundtrip
OnzeAuto
Community based
SixtShare
Free floating / Back to many
SnappCar
Peer to peer
Vloto
Community based
3.3.1 Aanbod In figuur 9 is het aanbod van deelauto’s te zien. Vergelijkbaar met vorig jaar springen de grote steden, met name Amsterdam, eruit. Maar ook in de kleinere gemeenten is er zeker aanbod zoals figuur 10 laat zien, waarin het aanbod per 100.000 inwoners wordt weergegeven. Net zoals vorig jaar zien we dat deelauto’s ook in de kleinere gemeenten goed vertegenwoordigd zijn wanneer we het deelautoaanbod relateren aan het aantal inwoners. In de lijst met de top 10-gemeenten op basis van het aantal deelauto’s per 100.000 inwoners komen gemeenten voor als Wageningen, Culemborg en Ouder-Amstel. Zoals te zien is op de kaart zijn er door heel Nederland verspreid veel meer gemeenten met een relatief hoog aantal deelauto’s per 100.000 inwoners. Het totaal aantal deelauto’s is in 2024 gedaald naar dik 7.400, een daling van 6% ten opzichte van 2023. Het is voor het eerst sinds 2017 dat er geen stijging te zien is ten opzichte van het vorige jaar. Wel zien we dat het aanbod in 2024 nog steeds ruim boven de aantallen uit 2022 en eerder komt. Goed is om te vermelden dat alleen de bij ons bekende community based-initiatieven zijn meegenomen in deze rapportage en voor peer to peer geldt dat alleen keyless autodelen is meegenomen.
Figuur 9. Hittekaart deelauto 2024
14
Staat van de deelmobiliteit 2024
De afname in het aanbod ten opzichte van 2023 komt door het terugtrekken van enkele aanbieders en een kleine afname bij enkele aanbieders. Uiteindelijk is bij 12 van de 16 aanbieders uit dit onderzoek zelfs een stijging in het aanbod ten opzichte van 2023 te zien. Het aandeel elektrisch en hybride in het aanbod van deelauto’s is inmiddels meer dan 50%; de overgrote meerderheid hiervan is volledig elektrisch. De elektrificatie zet door, al stagneert het tempo waarop deze stijging doorzet. De ambitie voor verdergaande elektrificatie is nog steeds aanwezig bij de aanbieders, dus een verdere stijging valt te verwachten. Van alle personenauto’s in Nederland is momenteel ruim 10% hybride of elektrisch.2 Vervolgens kijken we naar de top 10-gemeenten op basis van het aantal deelauto’s. In vergelijking met 2023 is er niet veel veranderd in de samenstelling. Dezelfde gemeenten beslaan de top 10, en de top 5 is intact gebleven. De top 10 op basis van absolute aantallen bevat vooral de grotere gemeenten.
Figuur 10. Aantal deelauto’s per 100.000 inwoners, 2024
Elektrisch Niet elektrisch 37,4%
47,6%
2022
50,1%
2023
2024
Figuur 11. Ontwikkeling aandeel elektrische deelauto’s 2022-2024
Top 10 gemeenten op basis van aantal deelauto's 3.000 2.500 2.000 1.500 1.000 500
) (1 0 en
Le
id
rt (9 )
)
sf oo er
Am
N
ijm
eg
n
en
(6
) (8
)
H
aa
rle
ve
ro ni ng e G
n
m
(7
) (5
) ho Ei nd
H en D
tte
rd a
aa
g
m
(4
(3 )
) (2
U tre
ch t Ro
Am
st
er da
m
(1
)
0
Figuur 12. Top 10 gemeenten op basis van het aantal deelauto’s in 2024 *De getallen tussen haakjes achter elke gemeentenaam geven de positie aan van de gemeente in 2023 2
https://duurzamemobiliteit.databank.nl/mosaic/nl-nl/elektrisch-vervoer/personenauto-s
3
Deelauto
15
Top 10 gemeenten op basis van aantal deelauto's per 100.000 inwoners
g (5 Ro ) tte rd am (6 ) H aa rle m (1 C 1) ul em bo rg O ud (9 ) er -A m st el (4 )
H aa D en
Le id
en
(1 4)
(1 3)
)
ng en
(7 en
W ag en i
D ie m
Am
U
st er da
tre ch
m
t(
(1 )
2)
350 300 250 200 150 100 50 0
Figuur 13. op 10 gemeenten op basis van aantal deelauto’s per 100.000 inwoners in 2024 * De getallen tussen haakjes achter elke gemeentenaam geven de positie weer van de gemeente in 2023.
Top 10 gemeenten op basis van dekkingsgraad (% inwoners met deelauto's op loopafstand)
6) jsw
ijk
(1
(1 ve
Am
st
el
ge st eg O
Ri
en
t( es
aa H en D
3)
) 10
(7 g
t(
U
tre
ch
m rle aa H
)
3)
)
(6 en id Le
ft el D
(4
)
) (2
) (1
Am
D
st
ie
m
er da
en
m
(5
)
100 95 90 85 80 75 70
Figuur 14. Top 10-gemeenten op basis van dekkingsgraad De getallen tussen haakjes achter elke gemeentenaam geven de positie weer van de gemeente in 2023.
Wanneer we het aantal deelauto’s per 100.000 inwoners bekijken, zien we wel wat verschuivingen. Amsterdam en Utrecht blijven bovenaan, maar worden in de top 3 nu vergezeld door Diemen. Verder zijn Wageningen, Leiden en Haarlem nieuw in de top 10. Naast enkele grote gemeenten zijn er nu ook kleinere gemeenten in de top 10, zoals Wageningen, Culemborg en Ouder-Amstel. Relatief gezien is de deelauto hier dus goed vertegenwoordigd. Kijkend naar de dekkingsgraad, het percentage inwoners met een deelauto op loopafstand (400m), is het niet Amsterdam die bovenaan staat, maar buurgemeente Diemen. In beide gemeenten heeft inmiddels meer dan 95% van de inwoners een deelauto nabij. De rest van de top 10 bestaat ook uit grote steden uit de Randstad of gemeenten
die daar tegenaan liggen. De landelijke dekkingsgraad is 33%, dit is nagenoeg hetzelfde als vorig jaar (32%). Ondanks de daling in het totale aanbod is de spreiding van de voertuigen dus wel stabiel. 3.3.2 Gebruik Voor de deelauto bevat de Staat van de deelmobiliteit voor het eerst gebruikersdata en -karakteristieken uit het gebruikersonderzoek. De belangrijkste bevindingen worden hieronder na elkaar toegelicht. Gebruikersdata uit landelijk gebruikersonderzoek De gebruiksfrequentie van de deelauto is het hoogst van alle modaliteiten. Bijna de helft (43%) van de gebruikers van de deelauto maakt hier vaker dan één keer per maand
Hoe vaak maakte u het afgelopen jaar gebruik van de deelauto (n=5.345)? 17% 0
40% 20
Figuur 15. Gebruiksfrequentie deelauto
16
40
43% 60
80
100
Minder dan 2 keer per jaar 3-11 keer per jaar Meer dan 1 keer per maand
Staat van de deelmobiliteit 2024
Wat zijn voor u doorgaans de belangrijkste reisdoelen om gebruik te maken van de deelauto in [meest gebruikte gemeente]? Meerdere antwoorden mogelijk (n=5.345) (Dagelijkse) boodschappen/Winkelen/Voorzieningen Bezoeken van vrienden/familie, dagje uit of evenementen Woon-werkverkeer Overige (werk gerelateerde) zakelijke ritten Sport en/of hobby Kinderen halen/brengen Goederen halen/brengen Dit deelvervoermiddel gebruik ik niet in deze gemeente
18% 72% 13% 22% 21% 13% 45% 3% 0
10
20
30
40
50
60
70
80
Figuur 16. Reisdoelen deelauto
gebruik van. De gebruiksfrequentie is het hoogst bij roundtrip-deelauto’s (46%), en iets lager bij community- en peer to peer-deelauto’s (38%) en het laagst bij free floating-deelauto’s (36%).
In figuur 17 staan de redenen om gebruik te maken van de deelauto. De belangrijkste reden om gebruik te maken van de deelauto (64%) is voor respondenten omdat zij zelf het vervoermiddel niet bezitten. Voor de deelauto worden daarnaast duurzaamheid (47%), vervoermiddel niet zelf onderhouden (41%) en eenvoudig te regelen (41%) genoemd als redenen voor het gebruik.
In figuur 16 staan de belangrijkste reisdoelen voor het gebruik van de deelauto. Het bezoeken van vrienden/familie, dagje uit of evenementen (72%) is, net als bij de meeste modaliteiten, het belangrijkste reisdoel. De deelauto (45%) wordt ook relatief vaak gebruikt voor het halen en brengen van goederen. Autobezitters maken minder vaak gebruik van de deelauto voor het bezoeken van vrienden/familie, dagje uit of evenementen, sport en/of hobby. Vaker dan niet-autobezitters maken zij gebruik van de deelauto voor woon-werkverkeer en zakelijke ritten.
Wat zijn voor u de belangrijkste redenen om gebruik te maken van de deelauto? Meerdere antwoorden mogelijk (n=5.345) 25%
Reistijd Goedkoper Eenvoudig te regelen Beschikbaarheid van het deelvervoermiddel Gunstige voorwaarden Combinatie met het ov Loopafstand tot ophaalpunt Flexibiliteit Reisgemak/comfort Veiligheid Duurzaamheid Vervoermiddel niet zelf onderhouden Hygiëne Elektrisch Omdat ik het zelf niet bezit Vermijden parkeerkosten Vinden van een parkeerplaats kost me te veel moeite Dat ik van deur tot deur kan komen met deelvervoer
31% 41% 36% 10% 14% 29% 36% 29% 2% 47% 41% 1% 21% 64% 13% 7% 37% 0
10
20
30
40
50
60
70
80
Figuur 17. Redenen gebruik deelauto
3
Deelauto
17
In de figuren 18 en 19 staan de vervoermiddelen waarmee de deelautogebruikers hun rit voor- en achteraf combi neren. Ongeveer vier op de tien respondenten gaan lopend naar de deelauto. Ongeveer twee op de tien respondenten reist met de eigen fiets naar de deelauto. 21% van de respondenten combineert de rit met de deelauto vooraf niet met een ander vervoermiddel3. Na het gebruiken van de deelauto gaan ongeveer vier op de tien respondenten lopend verder. 33% van de respondent geeft aan de rit met de deelauto achteraf niet te combineren met een ander vervoermiddel.
Respondenten die wel eens reizen met een deelauto is gevraagd hoe zij hun reis zouden maken als het deelvervoermiddel voor die rit niet beschikbaar zou zijn. Belangrijk om hierin mee te nemen is dat zeven op de tien respondenten geen auto bezitten. Voor deze respondenten is het niet mogelijk om terug te vallen op de eigen auto. De eigen auto is door deze respondenten mogelijk al weggedaan als gevolg van het gebruik van deelvervoer. Of zij hebben nooit een eigen auto gehad. Het gaat bij deze resultaten expliciet om hoe de specifieke rit bij het ontbreken van een beschikbaar deelvervoermiddel op dat moment dan gemaakt zou worden.
Als u uw rit met de deelauto combineert. Hoe reist u meestal voordat u de deelautogebruikt? (n=5.345) 0% 5%
0
0% 18%
42%
20
40
9%
60
3%
21%
80
100
Trein Tram, bus of metro Eigen motor, brommer of scooter Taxi Eigen fiets Ik combineer mijn rit met deelvervoer niet Lopend Als u uw rit met de deelauto combineert. Hoe reist u meestal nadat u de deelauto gebruikt? (n=5.345)
Eigen of meerijden Figuur 18.auto Combinatierit deelauto vooraf
0%
0%
2% 11%
0
44%
20
6% 3%
40
Eigen auto of meerijden Eigen motor, brommer of scooter Eigen fiets Lopend
60
33%
80
100
Trein Tram, bus of metro Taxi Ik combineer mijn rit met deelvervoer niet
Figuur 19. Combinatierit deelauto achteraf
3 De vraagstelling is hier mogelijk niet geheel duidelijk geweest. In principe zou een gebruiker altijd naar het deelvervoer moeten reizen met ander vervoer. Het is onwaarschijnlijk dat bij 15 tot 28% van de gebruikers het deelvervoermiddel direct bij de voordeur geparkeerd staat. Het is waarschijnlijk dat het deel van de respondenten dat aangeeft ‘de rit met deelvervoer niet te combineren’ toehoort aan een andere categorie, waarschijnlijk ‘Lopend’. Voorzichtigheid bij de interpretatie is daarom geboden
18
Staat van de deelmobiliteit 2024
Is er geen deelauto voor de rit beschikbaar, dan zouden respondenten die rit maken met de trein (51%) en de tram, bus of metro (44%). Bij de deelauto geeft ongeveer drie op de tien gebruikers aan dat ze dan de reis niet hadden gemaakt.
Ongeveer 8 op de 10 respondenten zijn bereid om maximaal 10 minuten te reizen naar de deelauto. Ongeveer vier op de tien respondenten zijn bereid om maximaal 5 minuten te reizen naar een deelauto. Een ongeveer even grote groep vindt het geen probleem om 5 tot 10 minuten te reizen.
U reist wel eens met deelauto. Hoe zou u uw reis maken als de deelauto niet beschikbaar zou zijn? Meerdere antwoorden mogelijk (n=5.345) Eigen auto als bestuurder Meerijden in de auto van iemand anders Eigen brommer of scooter Eigen fiets Lopend Trein Tram, bus of metro Taxi Met de deelauto Met de deelfiets Met de deelbakfiets Met de deelscooter Met een huurauto Dan had ik deze reis/rit niet gemaakt
27% 26% 1% 25% 12% 51% 44% 11% 0% 3% 2% 2% 25% 29% 0
10
20
30
40
50
60
Figuur 20. Terugvaloptie deelauto
Hoe lang bent u maximaal bereid om te reizen (inclusief lopen) naar de deelauto? (n=5.345) 2%
38%
0
20
39%
40
Minder dan 1 minuut
10 tot 15 minuten
1 tot 5 minuten
15 tot 30 minuten
5 tot 10 minuten
Meer dan 30 minuten
60
1% 16%
80
3%
100
Figuur 21. Reisbereidheid deelauto
3
Deelauto
19
4
Deelfiets
4.1
Trends en marktontwikkelingen
De grootste aanbieder van deelfietsen in Nederland blijft de OV-fiets, met twee derde van alle voertuigen. Hoewel er nog steeds verschillen zijn in hoe de uitgifte is georganiseerd per station komt hierin steeds meer uniformiteit. Inmiddels is 80% van de OV-fietsen uitgerust met een elektronisch slot dat te openen is met de OV-chipkaart. Daarnaast volgt uit de recente jaarcijfers dat het OV-fietsaanbod in 2025 verder zal groeien, waarvan een deel bij nieuwe locaties. De OV-fiets bestaat al veel langer en opereert op een ander speelveld dan menig andere deelfietsaanbieder. Zo kent het geen vergunningstelsel via de gemeente. De financiering is ook anders. Net als bij de deelauto, zijn er ook bij deelfiets in 2024 minder aanbieders dan in 2023. Het zijn relatief kleine partijen die gestopt zijn, waaronder Keobike, die is over genomen door Deelfiets Nederland. Deze fietsen staan vooral in minder stedelijke gebieden waarbij maatwerk en samenwerking met lokale partijen het uitgangspunt is. Opvallend is dat deelscooteraanbieder Felyx in 2024 deelfietsen heeft gelanceerd in Zwolle. Daarmee is Felyx de enige nieuwkomer in de lijst deelfietsaanbieders.
20
4.2
Aanbieders
Tabel 3. Aanbieders deelfietsen
Aanbieder
Vorm
Arriva Deelfiets
Back to many
Bolt
Free floating
Cykl
Back to many
Deelfiets Nederland
Back to many
Donkey Republic
Back to many
Felyx
Back to many/Free floating
GO Sharing
Free floating
GoAbout
Back to many
HTM deelfiets
Back to many
Lime
Back to many/Free floating
Mobian
Roundtrip
OV-fiets
Roundtrip
Promo-Bikey
Back to many
TIER (wordt Dott)
Free floating
Uwdeelfiets
Back to many
Velocity Limburg
Roundtrip
X-bike (Windmill Bike, Veerfiets)
Roundtrip
Staat van de deelmobiliteit 2024
4.3
Cijfers
4.3.1 Aanbod Ten opzichte van 2023 is het aantal deelfietsen in 2024 met 3% gedaald naar iets meer dan 26.500 fietsen. Zoals eerder aangegeven is OV-fiets verantwoordelijk voor het grootste deel van dit aantal. Op de peildatum waren er 18.556 OV-fietsen, 70% van alle deelfietsen. Het aantal OV-fietsen is licht gestegen terwijl het aantal deelfietsen van de overige aanbieders met 13% is gedaald. Door de stijging van OV-fiets is de algehele daling van de deelfiets dus beperkt gebleven. De OV-fiets heeft hierin een unieke positie. Omdat de fietsen gebonden zijn aan NS-stations heeft het gemeentelijk (vergunnings)beleid geen invloed op het aanbod. Net als bij de deelauto zijn deelfietsen voornamelijk geconcentreerd in de grote steden (Amsterdam, Utrecht, Rotterdam, Den Haag, Eindhoven), maar ook goed vertegenwoordigd in kleinere gemeenten. Nog meer dan de deelauto zijn deelfietsen verspreid over heel Nederland. In figuur 23 is te zien dat het aantal deelfietsen per 100.000 inwoners relatief hoog is in veel kleine gemeenten. Bijna elke provincie heeft wel zo’n gemeente. Deelfiets Nederland is bijvoorbeeld in het oosten en noorden van Nederland een grote aanbieder. Daarnaast stonden er in 2024 op 285 stations OV-fietsen, waardoor de OV-fiets over heel Nederland verspreid beschikbaar is.
Figuur 23. Aantal deelfietsen per 100.000 inwoners, 2024
Figuur 22. Hittekaart deelfiets 2024
4
Deelfiets
21
Terwijl het aandeel elektrische deelauto’s gestegen is naar meer dan 50%, is het aandeel elektrische deelfietsen juist gedaald ten opzichte van voorgaande jaren. Dit heeft te maken met het wegvallen c.q. krimpen van enkele aanbieders met elektrische deelfietsen, terwijl aanbieders met nietelektrische deelfietsen juist stabiel gebleven zijn of zelfs een stijging lieten zien. Er zijn 132 elektrische OV-fietsen (<1%).
Nu volgen enkele top 10-lijstjes van gemeenten, te beginnen met de top 10-gemeenten op basis van het absolute aantal deelfietsen. Hierin zijn, net zoals bij de deelauto, weinig grote veranderingen te zien. Wel enkele wisselingen van positie en Maastricht en Zwolle zijn de nieuwkomers dit jaar. Evenals vorig jaar staan er veel studentensteden in de top 10.
Elektrisch 22,2%
20,1%
2022
Niet elektrisch
15,3%
2023
2024
Figuur 24. Ontwikkeling aandeel elektrische deelfietsen, 2022-2024.
Top 10 gemeenten op basis van aantal deelfietsen
2) ht ric
ol
aa
st
Zw
ijm
M
N
G
(1
(1 le
en eg
id Le
in ro n
5)
) (9
(7 en
n ge
ve ho nd Ei
)
) (5
) (6 n
(4 g aa H en D
Ro
Am
)
) (3 m
tte
U
st
rd a
ch tre
er da
m
t(
(1
)
2)
4.500 4.000 3.500 3.000 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0
Figuur 25. Top 10 gemeenten op basis van aantal deelfietsen
Top 10 gemeenten op basis van aantal deelfietsen per 100.000 inwoners
(1 7)
3)
g lru
le
U
tre
ch ts
e
H
eu
ve
Zw
ol
en N
ijm
eg
tri aa s
(1
2) (1
8) ch
t(
(5 ) ft M
rd a st e Am
D el
m
n ge in G ro n
n ve ho nd Ei
(6 )
) (3
) (4
) (2 en id
Le
U
tre
ch
t(
1)
1.000 900 800 700 600 500 400 300 200 100 0
Figuur 26. Top 10 gemeenten op basis van aantal deelfietsen per 100.000 inwoners in 2024
22
Staat van de deelmobiliteit 2024
Verder is het aantal deelfietsen per 100.000 inwoners bepaald voor elk gemeente. De top 10 die hieruit volgt laat ook geen hele grote wijzigingen zien. Naast enkele positiewijzigingen zijn gemeente Zwolle en Nijmegen dit jaar de top 10 binnengekomen. Utrecht is nog steeds met afstand de nummer één als gemeente met de meeste deelfietsen naar inwoneraantal. Dekkingsgraad In Utrecht en Eindhoven is de dekkingsgraad het grootst. De dekkingsgraad is het percentage inwoners met een deelfiets binnen een loopafstand van 200 meter. In beide gemeenten heeft meer dan 70% van de inwoners een deelfiets in de buurt. Vorig jaar was het verschil tussen deze gemeenten groter. Verder zijn er drie nieuwkomers in de top 10: Gorinchem, Enschede en Katwijk. Met name Katwijk is interessant omdat deze gemeente van plek 158 in 2023 is gestegen naar plek 8 in 2024. Dit komt door de introductie van deelfietsen van Donkey Republic bij een groot aantal ov-haltes en points of interest in de gemeente. De deelfiets wordt veel gecombineerd met het ov, vandaar dat ook het aanbod meer geconcentreerd is bij ov-haltes.
Gebruikersdata OV-fiets 2024 Begin 2025 heeft NS gebruikscijfers over de OV-fiets in 2024 gepubliceerd. Zo was 2024 een recordjaar voor het aantal gemaakte OV-fietsritten: met meer dan 5,9 miljoen ritten een stijging van 35.000 ritten ten opzichte van 2023. Het nieuwe OV-fietsslot is nu bij 80% van de OV-fietsen beschikbaar, wat het gebruik nog gemakkelijker zal maken. Het aandeel elektrische OV-fietsen is < 1%. Gebruikersdata uit het Dashboard Deelmobiliteit september 2022-2024 (exclusief OV-fiets) Voor de gebruikersdata uit het Dashboard Deelmobiliteit zijn de data van alle geregistreerde verhuringen geanalyseerd en geaggregeerd naar onderstaande resultaten. Voor elk jaar zijn de data uit september genomen (in overeenstemming met de aanboddata) zodat de resultaten jaar-op-jaar goed te vergelijken zijn. Let op: de cijfers zijn exclusief OV-fiets. Zoals te zien in figuur 28 is het aantal deelfietsverhuringen gestegen met 6% ten opzichte van 2022, een verdere stijging ten opzichte van 2023. Dit komt vooral doordat het aantal verhuringen per fiets per dag is toegenomen, wat mogelijk te maken heeft met een sterkere focus op de ‘winstgevende’ gemeenten waar het gebruik hoger ligt.
De landelijke dekkingsgraad van de deelfiets is 9,3%, een opvallende daling ten opzichte van vorig jaar (12,2%). Zoals toegelicht in hoofdstuk 2 komt dit door het wegvallen/ krimpen van enkele kleinere deelfietsaanbieders.
100
4.3.2 Gebruik Voor de deelfiets bevat de Staat van de deelmobiliteit voor het eerst gebruikersdata en -karakteristieken uit het Dashboard Deelmobiliteit en het gebruikersonderzoek. Daarnaast is er voor de OV-fiets aparte gebruikersdata van NS. Hieronder volgen de belangrijkste bevindingen.
2022
101
2023
106 0,94
2024
Aantal verhuringen deelfietsen geïndexeerd
2022
1,08 0,82
2023
2024
Verhuringen per deelfiets per dag
Figuur 28. Aantal verhuringen per deelfiets geïndexeerd en per dag
Top 10 gemeenten op basis van dekkingsgraad (% inwoners met deelfiets op loopafstand)
m (1 D 2) or dr ec ht (1 0) Ka tw ijk (1 58 ) D en H aa g (4 En ) sc he de (1 5)
in
ge n
G or
in G ro n
ch e
(5 )
) (4
)
eg en ijm N
rd a
m
(3
(2 tte
U
tre ch t
Ro
Ei
nd
ho
ve
n
(1
)
)
80 70 60 50 40 30 20 10 0
Figuur 27. Top 10 gemeenten op basis van dekkingsgraad * De getallen tussen haakjes achter elke gemeentenaam geven de positie weer van de gemeente in 2023
4
Deelfiets
23
Verdeling verhuringen op stedelijkheidsgraad deelfiets
Zeer sterk stedelijk Sterk stedelijk Matig stedelijk Weinig stedelijk Niet stedelijk
Sep-22 Sep-23 Sep-24 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
100%
Figuur 29. Verdeling verhuringen over stedelijkheidsgraad deelfiets, 2022-2024
Verder kijken we naar de verdeling van het aantal verhuringen over de stedelijkheidsgraad. De grote meerderheid van deelfietsverhuringen vindt plaats in zeer sterk stedelijke gemeenten en die trend neemt sterk toe. In 2022 vond bijna 70% van de deelfietsverhuringen plaats in zeer sterk stedelijke gemeenten plaats, in 2024 ging het om 90%. Data uit landelijk gebruikersonderzoek De deelfiets wordt door meer dan de helft (52%) van de respondenten drie tot elf keer per jaar gebruikt. De deelfiets zonder trapondersteuning heeft een hogere gebruiksfrequentie dan de elektrische deelfiets.
In figuur 31 staan de belangrijkste reisdoelen voor het gebruik van de deelfiets. Het bezoeken van vrienden/familie, dagje uit of evenementen (45%) is, net als bij de meeste modaliteiten, het belangrijkste reisdoel. De deelfiets wordt daarnaast voor woon-werkverkeer gebruikt. Hierin verschilt de deelfiets van de deelauto en -bakfiets. De elektrische deelfiets wordt ten opzichte van de gewone deelfiets meer gebruik voor (dagelijkse) boodschappen/ winkelen/voorzieningen en sport en/of hobby.
Hoe vaak maakte u het afgelopen jaar gebruik van de deelfiets? (n=2.130)
21%
0
52%
20
40
27%
60
80
100
Minder dan 2 keer per jaar 3-11 keer per jaar Meer dan 1 keer per maand Figuur 30. Gebruiksfrequentie deelfiets
Wat zijn voor u doorgaans de belangrijkste reisdoelen om gebruik te maken van de deelfiets in [meest gebruikte gemeente]? Meerdere antwoorden mogelijk (n=2.130) (Dagelijkse) boodschappen/Winkelen/Voorzieningen Bezoeken van vrienden/familie, dagje uit of evenementen Woon-werkverkeer Overige (werk gerelateerde) zakelijke ritten Sport en/of hobby Kinderen halen/brengen Goederen halen/brengen Dit deelvervoermiddel gebruik ik niet in deze gemeente
10% 45% 23% 18% 12% 2% 5% 26% 0
10
20
30
40
50
Figuur 31. Reisdoelen deelfiets
24
Staat van de deelmobiliteit 2024
De combinatie met het ov (67%) is de belangrijkste reden om de deelfiets te gebruiken, gevolgd door dat ik van deur tot deur kan komen (44%) en eenvoudig te regelen (38%). Hiermee heeft de deelfiets een duidelijk ander profiel dan de andere modaliteiten. De combinatie met het ov is bij geen van de andere deelmodaliteiten zo hoog.
Na het gebruiken van de deelfiets gaan ongeveer drie op de tien respondenten lopend verder. 44 procent van de gebruikers van de deelfiets reist na gebruik met de trein verder. Ongeveer twee op de tien respondenten rijdt met de deelfiets naar de eindbestemming.
De deelfiets wordt door bijna alle respondenten (94%) vooraf gecombineerd met een ander vervoermiddel en door 68% van de respondenten gebruikt als natransport van een treinreis. Dit laat zien dat de deelfiets veel in combinatie wordt gebruikt met de trein.
Wat zijn voor u de belangrijkste redenen om gebruik te maken van de deelfiets? Meerdere antwoorden mogelijk (n=2.130) 32%
Reistijd Goedkoper Eenvoudig te regelen Beschikbaarheid van het deelvervoermiddel Gunstige voorwaarden Combinatie met het ov Loopafstand tot ophaalpunt Flexibiliteit Reisgemak/comfort Veiligheid Duurzaamheid Vervoermiddel niet zelf onderhouden Hygiëne Elektrisch Omdat ik het zelf niet bezit Vermijden parkeerkosten Vinden van een parkeerplaats kost me te veel moeite Dat ik van deur tot deur kan komen met deelvervoer
10% 38% 31% 8% 67% 14% 36% 28% 1% 25% 9% 0% 8% 10% 7% 4% 44% 0
20
40
60
80
Figuur 32. Redenen gebruik deelfiets
Als u uw rit met de deelfiets combineert. Hoe reist u meestal voordat u de deelfiets gebruikt? (n=2.130) 0% 2% 3%
0% 15%
0
68%
57% 20
40
6% 60
80
6% 100
Figuur 33. Combinatierit deelfiets vooraf
Eigen auto of meerijden Eigen motor, brommer of scooter Eigen fiets Lopend Als u uwTram, rit met deofdeelfiets Trein bus metro combineert. Hoe reist u meestal nadat u demijn deelfiets gebruikt? (n=2.130) Taxi Ik combineer rit met deelvervoer niet 0% 0%
2%3% 0
28%
44%
57%
20
40
Eigen auto of meerijden Eigen motor, brommer of scooter Eigen fiets Lopend
3% 60
80
20% 100
Trein Tram, bus of metro Taxi Ik combineer mijn rit met deelvervoer niet
Figuur 34. Combinatierit deelfiets achteraf
4
Deelfiets
25
Respondenten die wel eens reizen met een deelvervoermiddel is gevraagd hoe zij hun reis zouden maken als het deelvervoermiddel voor die rit niet beschikbaar zou zijn. Belangrijk om hierin mee te nemen is dat zeven op de tien respondenten geen auto bezitten. Voor deze respondenten is het niet mogelijk om terug te vallen op de eigen auto, mocht het deelvervoermiddel voor een rit niet beschikbaar zijn. De eigen auto is door deze respondenten mogelijk al weggedaan als gevolg van het gebruik van deelvervoer. Of zij hebben nooit een eigen auto gehad. Het gaat bij deze resultaten expliciet om hoe de specifieke rit bij het ontbreken van een beschikbaar deelvervoermiddel op dat moment dan gemaakt zou worden.
Als er geen deelfiets voor de rit beschikbaar is, gaan respondenten met de tram, bus of metro (72%). Het daarna genoemde alternatief is lopen (48%). Ruim negen op de tien respondenten zijn bereid om maximaal 10 minuten te reizen om bij de deelfiets te komen. Voor de deelfiets wensen respondenten minder lang te reizen dan voor de deelauto. 68 procent van de respondenten reizen hiervoor maximaal 5 minuten, ongeveer twee op de tien zijn ook bereid om langer (5 tot 10 minuten) te reizen.
U reist wel eens met de deelfiets. Hoe zou u uw reis maken als de deelfiets niet beschikbaar zou zijn? Meerdere antwoorden mogelijk (n=2.130) 8% 7%
Eigen auto als bestuurder Meerijden in de auto van iemand anders Eigen brommer of scooter Eigen fiets Lopend Trein Tram, bus of metro Taxi Met de deelauto Met de deelfiets Met de deelbakfiets Met de deelscooter Met een huurauto Dan had ik deze reis/rit niet gemaakt
1% 22% 48% 9% 72% 11% 6% 0% 1% 7% 2% 13% 0
20
40
60
80
Figuur 35. Terugvaloptie deelfiets
Hoe lang bent u maximaal bereid om te reizen (inclusief lopen) naar de deelfiets? (n=2.130) 1% 8%
0
60%
20
40
Minder dan 1 minuut
10 tot 15 minuten
1 tot 5 minuten
15 tot 30 minuten
5 tot 10 minuten
Meer dan 30 minuten
23%
60
80
5%
2%
100
Figuur 36. Reisbereidheid deelfiets
26
Staat van de deelmobiliteit 2024
5
Deelbakfiets
5.1
Trends en marktontwikkelingen
De ontwikkelingen gaan snel in de deelmobiliteit, zeker bij een relatief nieuwe vorm als de bakfiets. De data waarop dit rapport gebaseerd is komen uit september 2024. Voor de kerst kwam het bericht dat Cargoroo een faillissement heeft aangevraagd. Als er geen doorstart komt betekent dit dat er maar één aanbieder van deelbakfietsen overblijft in Nederland. Ook speelde dit jaar de terugroepactie van Babboe, vanwege twijfel over de veiligheid van deze bakfietsen. Dit had grote impact op het aanbod en gebruik van de deelbakfiets, al speelde dit met name in de zomerperiode.
5
Deelbakfiets
5.2
Aanbieders
Tabel 4. Aanbieders deelbakfietsen
Aanbieder
Vorm
BAQME
Free floating / Station based
Cargoroo
Station based
27
5.3
Cijfers
5.3.1 Aanbod* * De aanboddata voor deelbakfietsen stammen uit september 2024, vóór het aanvragen van een faillissement door Cargoroo. Het aantal deelbakfietsen ten opzichte van 2023 is in 2024 gedaald met bijna 14% naar ruim 900 voertuigen. Daarmee is een einde gekomen de explosieve groei (in 2023 groeide het aanbod nog met 65%). Ook de deelbakfietsmarkt lijkt dus een fase van consolidatie/krimp in te gaan. Ten opzichte van 2022 is het aanbod van deelbakfietsen nog wel veel hoger (43%). Deelbakfietsen zijn in 2024 weer wat verder verspreid over Nederland doordat het aantal gemeenten met een deelbakfiets is gestegen van tien in 2023 naar twaalf in 2024. De deelbakfiets is voornamelijk aanwezig in de grote gemeenten: Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag. Figuur 38 laat het aantal deelbakfietsen zien per 100.000 inwoners. Deelbakfietsen zijn dus voornamelijk gecon centreerd in een aantal (grotere) gemeenten.
Figuur 38. Aantal deelbakfietsen per 100.000 inwoners, 2024
Figuur 37. Hittekaart deelbakfiets, 2024
28
Staat van de deelmobiliteit 2024
In de top 10 gemeenten op basis van het aantal deelbakfietsen zien we Gouda als nieuwkomer. De vier grootste steden van Nederland domineren wederom het aanbod, dit zijn de enige gemeenten met meer dan 100 deelbakfietsen (Figuur 39). Dit was ook het geval in 2023 en 2022.
Als we kijken naar het aantal deelbakfietsen per 100.000 inwoners staat Utrecht bovenaan. Verder is Diemen opvallend met een tweede plek. Met name in Rotterdam en Den Haag is het aantal per 100.000 inwoners afgenomen, waardoor deze gemeenten beide een plek zakken op de ranglijst. Ook Nijmegen laat een behoorlijke daling zien. Opvallend is de gemeente Gouda die als nieuwe gemeente direct op plek 6 binnenkomt (Figuur 40).
Top 10 gemeenten op basis van aantal deelbakfietsen 300 250 200 150 100 50
D
) (7
) Ar
D
G
ie m
nh em
en
ou da
(-
(9 )
) (8 Ed e
aa H en
U
g (2 Ei ) nd ho ve n (5 ) N ijm eg en (6 )
3) ch t( tre
er da m
Am
st
Ro tte
rd am
(1
(4
)
)
0
Figuur 39. Top 10 gemeenten op basis van aantal deelbakfietsen in 2024 * De getallen tussen haakjes achter elke gemeentenaam geven de positie weer van de gemeente in 2023.
Top 10 gemeenten op basis van aantal deelbakfietsen per 100.000 inwoners 60 50 40 30 20 10
)
) em nh Ar
en eg
N
ijm
(8
(4
) (9 e Ed
) n ve ho
nd Ei
ou G
rd a st e Am
(6
) da
(-
(7 m
g aa D
en
H
rd a tte
Ro
)
) (3
) (2 m
en m ie D
U
tre
ch
t(
(5
1)
)
0
Figuur 40. Top 10 gemeenten op basis van aantal deelbakfietsen per 100.000 inwoners in 2024 * De getallen tussen haakjes achter elke gemeentenaam geven de positie weer van de gemeente in 2023.
5
Deelbakfiets
29
Top 10 gemeenten op basis van dekkingsgraad (% inwoners met deelbakfiets op loopafstand)
)
e
ijk
(7
(9 )
) (6
w
Ed
Ri js
) Ei
nd
eg en
ho ve n
(8
) N ijm
G
ou da
(3
Ro tte rd a
m
m
(-
)
) (5
) (2 st er da
g Am
H aa
en
(4 ) D en
D ie m
U
tre ch
t(
1)
45 40 35 30 25 20 15 10 5 0
Figuur 41. Top 10 gemeenten op basis van dekkingsgraad in 2024 De getallen tussen haakjes achter elke gemeentenaam geven de positie weer van de gemeente in 2023.
Ook als het gaat om de dekkingsgraad, het percentage inwoners met een deelbakfiets op loopafstand (200m), staat Diemen op plek twee. De dekkingsgraad in Diemen is bijna verdubbeld ten opzichte van 2023 naar bijna 40% van het aantal inwoners. In Rotterdam, Den Haag en Rijswijk is de dekkingsgraad afgenomen, terwijl deze voor Diemen, Amsterdam, Nijmegen en Ede is toegenomen.
Zoals figuur 42 laat zien, is het aantal deelbakfietsverhuringen 13% gestegen ten opzichte van 2022, maar behoorlijk gedaald ten opzichte van 2023. Het aantal verhuringen per deelbakfiets per dag is in 2024 redelijk gelijk gebleven. Hoewel het aanbod en absolute aantal verhuringen zijn afgenomen, worden de overgebleven deelbakfietsen nog wel even goed gebruikt als vorig jaar.
De landelijke dekkingsgraad is 5,1%, een lichte stijging ten opzichte van 2023 (4,7%). De toetreding van Gouda kan hier mede verantwoordelijk voor zijn. 5.3.2 Gebruik Voor de deelbakfiets bevat de Staat van de deelmobiliteit voor het eerst gebruikersdata en -karakteristieken uit het Dashboard Deelmobiliteit en het gebruikersonderzoek. De belangrijkste bevindingen volgen hieronder. Gebruikersdata uit het Dashboard Deelmobiliteit Voor de gebruikersdata uit het Dashboard Deelmobiliteit zijn de data van alle geregistreerde verhuringen geanalyseerd en geaggregeerd naar onderstaande resultaten. Voor elk jaar zijn de data uit september genomen (in overeenstemming met de aanbod data) zodat de resultaten jaar-op-jaar goed te vergelijken zijn.
132 113
100
2022
2023
1,09
2024
2022
Aantal verhuringen deelbakfietsen geïndexeerd
Zeer sterk stedelijk Sterk stedelijk Matig stedelijk Weinig stedelijk Niet stedelijk
Sep-24 30%
40%
50%
2024
Figuur 43 toont dat bijna alle verhuringen van de deel bakfiets in zeer sterk stedelijke gemeenten plaatsvinden (meer dan 95%). Dit is ook logisch omdat de overgrote meerderheid van het aanbod van deelbakfietsen in zeer sterk stedelijke gemeenten staat, in Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag.