RIS322584 Notulen van de raad van 8 mei 2025
Tekst van het document
Er zit ook een gematigd tempo in als we daar pas in 2040 mee gaan beginnen. Volgens mij zitten we hier allemaal op dezelfde golflengte: als we bouwen hebben we regels voor voorzieningen, groen en bereikbaarheid. Dat moet allemaal kloppen en pas dan kunnen we er woningen realiseren. Dus al hadden we hier gezegd dat er daar 30.000 woningen komen, dan had u nog steeds hier gevraagd hoeveel scholen, groen et cetera er dan nodig zijn en dan had u als we die voorzieningen niet zouden kunnen realiseren, gezegd dat die 30.000 woningen er dan niet mogen komen. Het is dus echt een kwestie van kijken naar wat er mogelijk is met een verstandige groei. Dat doen we in de ontwikkelvisie en in de ontwikkelstrategie kunt u vervolgens zien hoe we erin slagen om op dat en dat tijdstip die scholen, die speelplekken et cetera erbij te voegen. Isabel Bos (GroenLinks). Ik heb nog twee vragen over deze motie. Er zit nu die bandbreedte in van 1.850 tot 3.000 woningen. Waar verwacht de wethouder te kunnen landen in die bandbreedte, ook kijkend naar de bouwkundige regels voor dat gebied? Met welk aantal zal er rekening worden gehouden in de ontwikkelstrategie? Is er dan ook nog een open gesprek mogelijk over waar we in die bandbreedte gaan eindigen? Wethouder Van Asten (D66). Met of zonder de motie geeft het raadsvoorstel aan dat we daarin adaptief werken.
Bij het toewerken naar een ontwikkelstrategie gaan we kijken met de eigenaren van de grond, de ontwikkelaars en dergelijken wat de plannen zijn en wat er aan voorzieningen nodig is in dat gebied. Binnenkort komen we met het plan over Laakhavens en dan kunt u precies zien hoe dat proces eruit komt te zien. We werken in eerste instantie met die 1.850. Als vervolgens iemand zegt nog een plot te hebben op basis waarvan ook nog eens 200 woningen kunnen worden gebouwd, dan zou dat kunnen en dan moeten we kijken of dat ook in het gebied past. Ik wil het dan ook niet bij voorbaat uitsluiten, want daarvoor hebben we de woningen veel te hard nodig. Maar nogmaals, dan ga 95
je echt rekenen welke woningen dat worden en of dat allemaal wel kan volgens de normen die we hebben vastgelegd. En als dat kan, zullen we dat in de strategie meenemen. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Bij de presentatie van deze plannen op 6 april heeft wethouder Van Asten bij Omroep West en in het AD bepaalde dingen gezegd, bijvoorbeeld dat een reden is dat bewoners in Bezuidenhout te veel nieuwe woningen niet zien zitten en er in de woonwijk geen ruimte voor is. Ik citeer hem: 'We hebben gekeken wat goed is voor de wijk'. Wat heeft het college dan precies bekeken? Wethouder Van Asten (D66). In welk tempo daar gebouwd kan worden. Toen Haag Wonen aangaf dat zij het in de looptijd voor Bezuidenhout-West niet wilden en konden aanpassen of omdat het financieel niet te doen was omdat de woningen te goed zijn, ga je vervolgens niet kijken of je dan ergens anders in de wijk kan proberen tot die 3.000 te komen, want dat past niet. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Het college heeft dus gezegd te hebben gekeken wat past en communiceert dan richting de stad dat het er 1.850 worden. Sterker nog, het verschil zou dan bijvoorbeeld in Laakhavens kunnen landen. Dat laatste is een citaat van wethouder Van Asten.
Meneer Martini was toen woest want die had zoiets van: hoe gaat het college dat dan precies oplossen? Maar ik begrijp nu dat dit alles van de baan is en dat we nu eigenlijk iets totaal anders gaan doen? Wethouder Van Asten (D66). Nee, we gaan niet iets anders doen. Daarom ligt deze ontwikkelvisie voor, die laat zien wat er mogelijk is in dit gebied in deze periode. Daar gaan we vervolgens een strategie op ontwikkelen die laat zien hoe we dat gaan doen, hoe we dat gaan financieren en hoe dat dan in de tijd gaat lopen. Tegelijkertijd geldt dat we nog steeds een enorme opgave hebben op het gebied van de woningbouw. Er zijn zo veel mensen die op dit moment op zoek zijn naar een woning. We zijn dus ook continu aan het kijken waar dat mogelijk is, binnen alle bandbreedtes die we hier met elkaar hebben vastgesteld. Voorwaarde is in ieder geval dat we een goede en leefbare stad moeten blijven. Daar komen we binnenkort overigens nog over te spreken als we de omgevingsvisie in deze raad verder doornemen. Dan ga je dus op zoek naar plekken waar je nog wel woningen kunt toevoegen. Volgens de ontwikkelvisie die hier voorligt, kunnen we nu gaan beginnen met die 1.850 woningen, maar het zou ook kunnen dat er wellicht in deze periode mogelijkheden gezien worden om nog meer woningen neer te zetten.
Maar mochten het er dadelijk in deze periode 1.650 zijn geworden omdat meer niet mogelijk is gebleken, dan is dat de realiteit. Woningen bouwen is niet dat wij hier vandaag bedenken dat er ergens een toren moet komen te staan en dat die er morgen ook staat. We draaien met z'n allen lang genoeg mee om te weten dat dat de realiteit niet is. De voorzitter. De heer Dubbelaar, voor de derde maal. En ik wijs u ook even op uw spreektijd. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Maar ik snap gewoon niet hoe een wethouder naar de stad via de pers dit zo kan communiceren. Hij heeft letterlijk gezegd: wij hebben bekeken wat goed is voor de wijk en we hebben gekeken naar wat past. Dat zijn echt citaten van de wethouder. Dan hebben we nu dit raadsdebat en komt er een oproep om die bandbreedte te veranderen die het college vervolgens omarmt. Ik heb echter geen flauw idee hoe die motie dan afgedaan wordt. Wij stemmen straks over de ontwikkelvisie die vervolgens wordt aangenomen. Hoe gaat het college deze motie dan afdoen over een paar weken? Krijgen we dan een nieuwe ontwikkelvisie of een herziene versie? Wethouder Van Asten (D66). Deze moties zullen worden afgedaan bij het opstellen van de ontwikkelstrategie, waarbij we kijken hoe we die woningen kunnen realiseren, inclusief de voorzieningen en alles wat daarbij nodig is.
Als het dan in een keer 2.000 woningen zijn geworden dan zijn het 2.000 woningen. Als het er 1.600 zijn geworden, wat ik oprecht niet hoop, dan zijn het er zoveel geworden. Die 1.850 is natuurlijk een inschatting die we hebben gemaakt op basis van de plots. Maar mocht het dadelijk toch mogelijk zijn dat we binnen deze periode in bijvoorbeeld 2035 wel een stuk van het Haag Wonen-bezit kunnen aanpassen, dan zullen het meer woningen worden. Het is dus geen exacte wetenschap die we hier bedrijven.
96
Rutger de Ridder (VVD). Ik onderstreep wat de heer Dubbelaar, mevrouw Arp, mevrouw Bos en mevrouw De Groot zeggen. Er zijn verwachtingen gewekt, ook bij de bewoners van Bezuidenhout, dat die 1.850 de richting is waar we naartoe gaan. Dat het dan uiteindelijk 1.900 of 1.700 kan zijn, snapt iedereen. Maar de motie van de heer Noorlander zegt gewoon: we moeten er eigenlijk voor zorgen dat het 3.000 wordt. Dan worden die verwachtingen naar de buurt wel echt geschaad. Ik vond het juist zo sterk en zo knap van dit college - voor het eerst - dat het zei: laten we kijken of we het iets kunnen matigen en laten we overleggen met de buurt over wat zij ook fijn vinden. Dus waarom dan zo snel zo'n motie gelijk omarmen? Want het beleid van het college was die 1.850 als richting. Dan kunt u dus beter zeggen: ontraden. Wethouder Van Asten (D66). Het stuk geeft ook aan dat je er adaptief in kan zijn. Dus dan is deze motie toch niks anders dan het invullen van hoe je adaptief hiermee aan de slag kan gaan? Ik vind eerlijk gezegd dat je het iets te veel aanzet wanneer je zegt dat er absoluut niets kan veranderen aan dat aantal van 1.850. Nogmaals, oorspronkelijk stond er een aantal van 3.000 in. We hebben er goed naar gekeken, ook met de participatie maar ook met Haag Wonen die aangeeft: het kan daar niet.
De heer De Ridder heeft nota bene net gezegd: in Bezuidenhout-West mag het wel lekker hoogstedelijk omhoog. Ja, dan denk ik dat we niet eens uitkomen op 3.000 maar zelfs wel op 6.000. Nou, dat is tot nu toe totaal niet im Frage. Vandaar die 1.850 waarvan we nu denken dat we daar prima mee uit kunnen. Het is adaptief. Als er meerdere voorstellen bij kunnen komen, dan gaan we daar ook naar kijken. Dan kunnen het wat meer woningen worden maar het kan ook zijn dat dit in 2040 niet gelukt is en dat er minder woningen overblijven. Rutger de Ridder (VVD). Ik ben blij dat de wethouder aangeeft hoe wij als VVD kijken naar Bezuidenhout-West. Het punt is namelijk dat als je gaat herstructureren, dus dat je deze ruimte anders gaat indelen en je echt de lucht ingaat met daarbij de benodigde voorzieningen, je inderdaad wat de VVD betreft daar veel meer woningen kwijt kan. Dat wil dit college echter niet. Maar je kan niet in de huidige structuur er nog heel veel meer woningen bij plotten. Daarom vond ik het een sterke gedachte van het college, zoals ik ook in de commissie heb gezegd. Als je het helemaal aanpakt zoals de VVD zegt of als je zegt 'joh, dat Bezuidenhout-West is eigenlijk niet zo veel waard, daar gaan we iets anders mee doen' dan kan je meer toevoegen. Maar het kan niet allebei. Wethouder Van Asten (D66). We hebben de ontwikkelvisie waarin die 1.850 een mooi richtgetal zijn.
Adaptief: we weten dat we in Bezuidenhout-West nog echt wel de ruimte hebben om eventueel meer woningen toe te voegen op het moment dat we daar na 2040 aan de slag gaan; het zou ook wel wat eerder of later kunnen. Nogmaals, ik begon dit debat met aan te geven dat het net lijkt alsof wij hier een soort bestemmingsplan vaststellen waarbij we precies met een meetlat aan kunnen geven hoeveel woningen er waar zouden moeten kunnen komen en hoe duur. Dat doen we met deze ontwikkelvisie niet. We geven daarin een richting aan met daarbij de plots die we denken te gaan ontwikkelen. Wij denken dat het zoveel woningen oplevert. Stel dat in 2035 de woningmarkt dusdanig verandert dat er behoefte is aan een heel ander type woningen, bijvoorbeeld dat we massaal hele kleine woningen zouden willen. Dan zou je kunnen zeggen dat je veel meer woningen maakt op dezelfde oppervlakte dan dat we nu doen. Dat is dus de mate waarin je jezelf tot 2040 ruimte moet geven om te kunnen schakelen hierin. We hebben met de voorzieningennota's et cetera echt een stevig kader neergezet voor wanneer iets wel kan en wanneer iets niet kan. De voorzitter. Meneer De Ridder, voor de derde maal. Rutger de Ridder (VVD). Die 1.850 komt niet van mij maar van het college als richting. Dan vind ik het heel gek dat je dan via een motie zegt: dan doen we het toch maar anders.
Dat vind ik dan wat snel en dat vind ik onverstandig. Wethouder Van Asten (D66). De motie vraagt om de mogelijkheid te houden om meer woningen toe te voegen. Het stuk zelf geeft ook aan dat je er adaptief in moet kunnen zijn. U bent niet gevallen over het woord 'adaptief' in het raadsvoorstel. Adaptief is: wat is mogelijk binnen alle grenzen? Meer woningen zijn dan wellicht ook mogelijk. Maar goed, wellicht kunt u de indiener van de motie 97
daarover nog nader bevragen. Ik geef in ieder geval aan dat dit wat betreft het college prima past binnen de adaptiviteit zoals genoemd in het raadsvoorstel. Datzelfde geldt overigens voor motie K.4 D66, Den Haag houdt ruimte voor nieuwe bedrijven. Die motie vraagt in feite hetzelfde maar dan voor kantoren. Dus ook deze motie kan ik oordeel raad geven. Jan Willem van den Bos (PvdD). In het raadsvoorstel staat inderdaad dat men adaptief wil zijn voor nieuwe ontwikkelingen. Maar wat betekent dat woord 'adaptief' dan precies? Overal wordt gecommuniceerd dat het om een aantal van 1.850 staat. Dat aantal staat ook heel concreet op verschillende plekken. Betekent dat 'adaptief' dan dat alle bandbreedtes mogelijk zijn? Wethouder Van Asten (D66). Nee, natuurlijk betekent dat het niet, want dat zou betekenen dat we nog 100.000 woningen op dat stukje zouden kunnen neerzetten. Dat zijn we natuurlijk niet van plan. Die 1.850 zijn het richtgetal. Stel dat je een kantoorgebouw wil ombouwen tot een woontoren en er op die manier 250 woningen bij kunnen komen, wat dan ook mogelijk blijkt op grond van de voorzieningennota's. Dan moet je daar dus adaptief naar kunnen kijken. Wat voorligt, is een visie en die is van nature adaptief. Je wilt je namelijk niet helemaal vastklikken omdat je alles wel goed wil kunnen volgen.
Daarom is besloten om van een structuurvisie via een ontwikkelvisie naar een ontwikkelstrategie te gaan, zodat we echt weten wat mogelijk is en realiseerbaar is en onder welke voorwaarden. Dan moet u bij een ontwikkelvisie niet aan mij vragen of ik even precies kan pinpointen hoeveel woningen het er precies worden. Want anders moeten we stoppen met visies en zouden we gelijk met een plan naar uw raad moeten komen. Maar dan draaien we de klok weer vier jaar terug of zelfs langer en komen we in een situatie die we juist niet willen. Jan Willem van den Bos (PvdD). De wethouder zegt dus eigenlijk dat adaptief niet betekent dat alles kan. Maar waarom is het college dan wel positief over de bandbreedte die in deze motie wordt genoemd? Waarom ligt het aantal van 3.000 woningen dan weer opeens op tafel met deze motie? Wethouder Van Asten (D66). Nou ja, 3.000 is het getal dat het college herkent uit de structuurvisie. Dus is het niet gek dat dit erin staat. Of dat haalbaar is, vraag ik mij wel af, omdat we de ruimte in Bezuidenhout-West niet hebben en het ook niet te doen is in de rest van het plangebied. Maar dat er 200, 300 woningen, misschien meer, misschien minder, in kunnen zitten, dat heb ik inmiddels al in vier verschillende talen uitgelegd. De voorzitter. Meneer Van den Bos, voor de laatste maal. Jan Willem van den Bos (PvdD).
Als gezegd wordt dat het zo in de structuurvisie staat, vraag ik mij af waarom we dan nog deze ontwikkelvisie maken, want dan kunnen we meteen van de structuurvisie naar de ontwikkelstrategie. Mijn fractie zou het in ieder geval een raar signaal vinden om opeens te zeggen dat die 3.000 toch weer op tafel ligt. Wij waarderen het namelijk juist dat deze ontwikkelvisie concreter is geworden en beter is getrechterd en onderbouwd. Wat ons betreft is het geen goed idee om nu weer zand in de molen te strooien. Wethouder Van Asten (D66). Dan begrijpt de heer Van den Bos het begrip 'visie' niet en het instrument daarvan. Dat vind ik wel heel jammer want we hebben er al verschillende gehad. Het gaat bij zo'n visie om de vraag in welke richting een gebied kan worden ontwikkeld. In dit geval heeft dat tot 2040 de tijd. Als u precies wil weten hoe die wijk er in 2040 uitziet, moet u dat mij nu niet vragen, want dat weet ik nu niet. We hebben nu wel een visie opgesteld die een bepaalde richting aangeeft. Als u per se dat aantal van 1.850 woningen wil, dan is mijn reactie daarop dat het er waarschijnlijk niet precies 1.850 zullen worden. Misschien worden het er wel 1.849. Dan vraag ik mij af of ik dan na 2040 - hoewel ik hier dan waarschijnlijk niet meer zit - niet een motie van wantrouwen aan mijn broek krijg omdat ik mij niet heb gehouden aan de ontwikkelvisie. De voorzitter.
We gunnen u allemaal het beste natuurlijk maar tot 2040 is wel heel ver in de tijd. Ik constateer dat er geen behoefte is aan een tweede termijn.
98
De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. Aan het einde van de beraadslagingen gaan we stemmen over het voorstel, het amendement en de moties. Meneer Martinez van Andel, u heeft een punt van orde? Carlos Martinez van Andel (Hart voor Den Haag). Ja, voorzitter, dat klopt. Ik vermoed dat u zo meteen iets gaat zeggen over de resterende agenda. Ik zie dat we nog een flinke agenda hebben terwijl de tijd nog beperkt is. Daarom zou ik willen voorstellen dat we ons initiatiefvoorstel waar ik geen beperkte tijd voor heb en die ook optimaal ga benutten, doorschuiven naar de volgende raad. De voorzitter. Ik kijk even rond of de rest van de raad deze geste van de heer Martinez van Andel wil overnemen. Ik heb het idee dat dit het geval. Dus hartelijk dank daarvoor, meneer Martinez van Andel. Dat geeft weer wat lucht voor de rest van de agenda. Voorzitter: de heer Van Zanen.
Aan de orde is: L. Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies voor omgevingsvergunning tijdelijke woonfunctie Maanweg 20 (RIS321561). De beraadslaging wordt geopend. De voorzitter. Ik geef het woord aan de heer Dubbelaar die overigens geen spreektijd meer heeft, zodat hij alleen de gelegenheid heeft om een motie in te dienen. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter. Ik heb de motie met als titel 'Eerst een omgevingsvergunning, dan pas verbouwen!'. Het dictum ervan luidt: verzoekt het college bij het realiseren van alle opvangvoorzieningen te wachten op de verlening van de omgevingsvergunning, alvorens met de verbouw wordt gestart. Rutger de Ridder (VVD). Moet dat niet altijd bij alle situaties, dus niet alleen bij opvangplekken? Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Ja, dat zou je wel zeggen. Maar ik weet niet waar meneer De Ridder precies naartoe wil. Rutger de Ridder (VVD). Eerder heeft de VVD een motie ingediend waarin staat dat je altijd een vergunning moet hebben voor de activiteiten die je wil doen. Nu komt Hart voor Den Haag met een motie die zegt dat dit alleen zou moeten gelden bij opvanglocaties. Dat is natuurlijk heel gek. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Dat wil ik aannemen. Ik was niet bij het commissiedebat. Ik dien deze motie nu in namens mevrouw Verdonk die daar wel bij aanwezig was. Ik weet dus niet precies wat daar besproken is.
De voorzitter. Laatste keer, meneer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Even voor de duidelijkheid: ik ben het eens dat je eerst een vergunning moet hebben voor je activiteiten. Alleen, dat geldt dus voor alle activiteiten die de gemeente of iemand anders in deze stad of in het land zou doen. Is Hart voor Den Haag dat met mij eens en is deze motie dan niet veel te nauw? Moet er dan niet gewoon in komen te staan: voor alle activiteiten? Net zoals dat staat in de motie die we eerder hebben ingediend en die, gek genoeg, toen niet is aangenomen. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Dan krijg je vaak weer te horen dat die buiten de orde is of dat die er niet over gaat. Dit gaat echt specifiek over een raadsvoorstel dat nu voorligt over een 99
tijdelijke woonfunctie Maanweg 20. In de commissie Samenleving is daarover gesproken en aan de hand daarvan heeft mevrouw Verdonk een motie opgesteld en ik ben het helemaal eens met die motie. Ik dien die nu dan ook namens haar in omdat ik vind dat we er als raad een besluit over moeten nemen. De voorzitter. Door de heer Dubbelaar wordt de volgende motie (L.1 HvDH) ingediend:
Motie L.1 HvDH Eerst een omgevingsvergunning, dan pas verbouwen! De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 8 mei 2025 in een debat over Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies voor omgevingsvergunning tijdelijke woonfunctie Maanweg 20 (RIS321561). Constaterende dat, - iedereen in Nederland zich aan de wet en regelgeving dient te houden; - in de regelgeving m.b.t. de Omgevingswet staat dat er een vergunning verleend moet zijn voor vergunningsplichtige (ver)bouwwerkzaamheden, voordat daadwerkelijk gestart kan worden met de bouwactiviteiten en dat daarbij geen uitzondering wordt gemaakt voor opvangvoorzieningen; - er ook in staat dat burgers recht hebben om te kunnen participeren in de besluitvorming; - het college als argument, om zich niet aan de regels van de Omgevingswet te houden, aanvoert dat er een dringend beroep op hen gedaan is door het Kabinet. Overwegende dat, - burgers van overheden verwachten dat deze zich altijd aan de geldende wet-, en regelgeving houdt; - het vertrouwen van burgers in de overheid afneemt als men merkt dat de overheid bij het nakomen van de verplichtingen uit de Omgevingswet met twee maten meet: burgers dienen zich te allen tijde aan de wet te houden terwijl, in dit geval de gemeente, zonder vergunning start met (ver)bouwen om een opvangvoorziening te realiseren.
Van mening dat, - het college zich, bij het realiseren van opvangvoorzieningen niet houdt aan de geldende wet-, en regelgeving, omdat al wordt aangevangen met vergunningsplichtige (ver)bouwwerkzaamheden terwijl er nog geen vergunning is verleend; - het excuus dat er een dringend beroep op het college is gedaan door het Kabinet geen stand houdt. Verzoekt het college, - bij het realiseren van alle opvangvoorzieningen te wachten op de verlening van de omgevingsvergunning, alvorens met de verbouw wordt gestart. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Massimo Etalle (FVD). Voorzitter. Op 24 april zei minister Faber van Asiel en Migratie tegen De Telegraaf dat het Rijk geen rechtszaken tegen gemeenten zou voeren over de uitvoering van de Spreidingswet. Goed nieuws! Dat betekent dat Maanweg 20 op de beoogde datum kan sluiten en dat er snel ruimte vrijgemaakt kan worden voor Haagse woningzoekenden of andere faciliteiten. Of niet? GroenLinks-wethouder Vavier besluit deze locatie die aanvankelijk voor Oekraïners bedoeld was, helaas om te katten tot een opvang voor vluchtelingen. Het draagvlak voor de opvang van vluchtelingen is echter veel kleiner dan dat voor Oekraïners. Ik heb dan ook enkele vragen.
100