RIS322496 Bijlage Jaarplan VTH 2025
Tekst van het document
30
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
31
Inhoud
3.1 Algemeen
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Productie
2021
Kappen
In de loop der tijd zijn problemen opgepakt en aangepast, maar kost het verwerken van de vergunning-
Uitweg
110
aanvragen nog steeds meer tijd dan oorspronkelijk ingeschat. Het team doet z’n uiterste best om de
Reclame
381
doordat de beslisboom die de aanvrager moet doorlopen, nogal eens tot het advies komt dat er contact opgenomen moet worden met de vergunningverlenende organisatie. Daardoor is er voorafgaand aan het vergunningsproces meer (telefonisch) contact. In 2024 is er bij APV-vergunningen een nieuwe vergunning bijgekomen, de vergunning voor warmtenet (artikel 2:10B). De implementatie van dit vergunningsproces loopt in 2025 nog door. In 2024 is vanwege de verbetering van de serviceverlening bij APV-vergunningsaanvragen gestart met de aanwezigheid op het ondernemersservicepunt op het Spui. De inzet op het servicepunt is in de loop van 2024 uitgebreid ondanks dat er geen dekking is voor de extra 2fte die deze inzet vraagt. Deze dienstverlening wordt in 2025 voortgezet. De gemeente werkt er hard aan om meer handhavers aan te trekken. In 2023 is het salaris van de hand-
2022
2023
Wabo-activiteiten
De invoering van het CLO voor de Omgevingswetvergunningen is zeker in het begin moeizaam verlopen.
Het aanvraagproces via het Omgevingsloket blijkt tot meer vragen te leiden. Dat komt onder andere
Hoofdstuk 5
Aantallen aanvragen vanaf 2021 en prognose voor 2025
Terugblik op 2024
vertraging zoveel mogelijk te beperken.
Hoofdstuk 4
649
580
2024
2025
Omgevingswetvergunningen 533
630
650
110
57
100
70
294
274
315
270
APV en Telecom Nachtelijke werkzaamheden
116
105
89
100
90
Opbrekingen
1.278
1.412
1.159
1.280
1.325
Terrassen
608
411
475
515
375
Containers
36
42
29
40
15
Overig in/op straat (inclusief steigers)
633
795
744
680
845
Vrachtauto’s en autobussen in milieuzone*
91
253
125
155
35
2.205
991
1.082
1.435
435
Standplaats
282
288
237
270
115
Incidentele private markt
73
103
114
100
105
Ligplaats woonboten
42
19
21
25
25
Bromfietsen in milieuzone** Straathandel, Markten, Binnenwateren
*De milieuzone voor vrachtauto’s en bussen geldt vooral binnen het centrum (de centrumring). De ontheffing voor vrachtauto’s en bussen is eindig. **De milieuzone voor brommers geldt binnen de hele gemeente. De ontheffing voor 4-takt brommers en ontheffing op medische gronden blijft onbeperkt geldig. Voor oldtimers (klassieke brommers) moet de ontheffing jaarlijks opnieuw worden aangevraagd. Hierdoor is de prognose voor 2025 weer verder gedaald.
havers structureel verhoogd. Hiermee loopt de gemeente Den Haag weer in de pas met de gemeenten in de regio. Daarnaast wordt doorlopend een intensieve wervingscampagne gevoerd. Zo worden er
Kapvergunningen
zij-instroomopleidingen en een onboardingprogramma aangeboden en worden er tijdelijk externe
Sinds 1 januari 2024 vallen kapvergunningen onder de Omgevingswet. De aanvragen via het Omge-
handhavers ingehuurd. Ook wordt er alles aan gedaan om de huidige handhavers te behouden, deze
vingsloket worden afgehandeld in CLO (Centric Leefomgeving). De implementatie van het CLO heeft
aanpak blijft de komende periode van kracht.
nogal wat aanloopproblemen gekend. Met veel inspanning is de uitloop beperkt gebleven. Bij de afhandeling van de aanvragen ligt nog steeds veel nadruk op het op tijd verkrijgen van de adviezen
Vooruitblik op verwachtingen 2025
van de adviserende partijen.
In 2025 zal het CLO voor meer vergunningsprocessen ingeschakeld worden. Het zal bij APV-vergunningen het softwarepakket Key2vergunningen gaan vervangen dat al enkele jaren noodgedwongen
Handelsreclame
in stand gehouden wordt. Daarbij worden ook de processen zoveel mogelijk aangepast aan de andere
De vergunningaanvragen voor handelsreclame worden ook in CLO afgehandeld. De problemen daar
vergunningaanvraagprocessen, zodat het proces dat doorlopen wordt bij het afhandelen van een
zijn van vergelijkbare aard als die bij kapvergunningen. Ook hier is ruim meer inspanning nodig om
vergunningaanvraag zo uniform mogelijk is. In de loop van 2025 zal ook gewerkt worden aan het
de productie te kunnen afhandelen. Een punt van zorg is dat sommige adviserende afdelingen slechts
realiseren van managementrapportages vanuit het CLO.
1x per maand vergaderen. Dat maakt adviezen soms een vertragende factor in de afhandeling van de vergunningaanvragen. In 2024 is de kadernota Buitenreclame vastgesteld. Aansluitend daaraan zal
32
In de tweede helft van december 2024 zijn de bevoegdheden van BOA’s uitgebreid tot lichte verkeers-
gewerkt worden aan een update van de beleidsregels en de APV om het reclamebeleid te laten aan-
overtredingen. In 2025 wordt dit met werkinstructies uitgerold naar de teams.
sluiten aan de koers die de gemeente wil varen.
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
33
Inhoud
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
Terrassenbeleid
Integrale Leefbaarheidsactie
In 2024 is gestart met een evaluatie die moet leiden tot nieuwe beleidsregels. De doelstelling is dat
De Integrale Leefbaarheidsacties (ILA’s) zullen ook in 2025 weer plaatsvinden. Met diverse gemeentelijke
deze bij de start van het zomerterrasseizoen per 1 maart 2025 van kracht worden. De implementatie
afdelingen, zoals de Haagse Straatorganisatie, de vuilnisophaaldienst, de groen- en milieubeheerders
van de nieuwe regels tezamen met de overgang naar een nieuw vergunningensysteem zal medio
wordt samengewerkt aan een schone en leefbare wijk. Parkeeroverlast, (bedrijfs-)afval, bijplaatsingen,
2025 de nodige aandacht vragen.
foutgeparkeerde fietsen en hondenpoep staan centraal en worden aangepakt. De nadruk ligt op kleinschaligheid en leefbaarheid, met direct effect voor de wijk. Een belangrijk deel van deze acties is
Milieuzones/Zero-emissie
het in gesprek gaan met bewoners en ondernemers. Vaak worden de acties ook aangekondigd.
Den Haag heeft een milieuzone voor brom- en snorfietsen, een milieuzone voor dieselvrachtauto’s en -bussen en een milieuzone voor dieselpersonenauto’s en -bestelwagens. Handhaving vindt plaats
Handhaving op overlast door softdrugs, alcohol en bedelen (SAB)
met camera’s bij de toegangswegen tot die zones. De gemeente verstrekt diverse ontheffingen.
In vrijwel alle stadsdelen van Den Haag zijn gebieden aangewezen waar een verbod geldt op het gebruik
Vanaf 1 januari 2025 is er in het centrum van Den Haag een zero-emissiezone voor bestelwagens en
van alcohol en drugs. Sinds 2023 geldt een verbod voor een periode van drie jaar aangewezen door het
vrachtwagens. Nieuwe zakelijke bestel- en vrachtauto’s die in deze zone rijden, moeten dan schoon
college van burgemeester en wethouders. Dit is gedaan om te kunnen zien of de verboden de overlast
zijn. Dat betekent dat ze elektrisch zijn of op waterstof rijden. Oudere bestel- en vrachtauto’s kunnen
op de lange termijn doen afnemen, omdat deze afname meestal langer duurt dan de aanwijzing voor
mogelijk gebruik maken van de overgangsregeling, ontheffingen of vrijstellingen. Bestelauto’s en
één jaar. De gebieden met een verbod worden elk jaar geëvalueerd door de Bestuursdienst Directie
vrachtauto’s die ná 2025 nieuw worden gekocht, moeten uitstootvrij zijn om de zero-emissiezone in
Veiligheid in samenwerking met de Handhavingsorganisatie en politie en indien nodig aangepast of
te mogen rijden. Vanaf 2030 moeten alle bestel- en vrachtauto’s in deze zone uitstootvrij zijn. Hand-
ingetrokken. Ook worden er maatregelen genomen om overlast in deze gebieden tegen te gaan.
having vindt plaats met camera’s bij de toegangswegen tot die zones. Het grootste deel van de ont-
Waar een verbod geldt, is het niet toegestaan alcohol of softdrugs te gebruiken of te bedelen. Ook is
heffingsaanvragen wordt behandeld door het landelijke zero-emissieloket. De gemeente beoordeelt
het niet toegestaan om alcohol in open flesjes, blikjes en dergelijke bij zich te hebben. Naast deze
ontheffingsaanvragen op basis voor de hardheidsclausule en aanvragen vanwege bedrijfseconomische
verboden kan het college ook gebieden aanwijzen waar het verboden is om te bedelen. Buiten de aan-
omstandigheden.
gewezen gebieden is het in de hele stad verboden softdrugs te gebruiken binnen 50 meter van scholen
De gemeente werkt ook aan het uitbreiden van de zero-emissiezone richting de kust. Deze zone gaat
en speeltuinen en te bedelen binnen 50 meter van scholen, begraafplaatsen of gebedshuizen.
in vanaf 1 januari 2026. De zone loopt van de Loosduinseweg/Oude Haagweg tot aan de kust en vanaf
De meeste overtredingen van de SAB-verboden zien we terug in het centrum van de stad en de gebieden
de N440 tot aan de Monsterseweg. Dit is een van de plannen uit het coalitieakkoord. De gemeenteraad
rondom de stations Den Haag Centraal en Hollands Spoor. In de zomermaanden zijn de handhavers
heeft in 2025 ingestemd met het raadsvoorstel om de zero emissiezone uit te breiden naar de kuststrook
druk met de gebieden die zijn aangewezen op Scheveningen, wat verklaarbaar is door het grote aantal
(RIS320645).
bezoekers van het Scheveningse strand. Sinds de invoering van het nieuwe MOR-systeem Signalen kunnen inwoners van Den Haag ook overlast
Informatiegestuurd werken
door softdrugs- en alcoholgebruik of bedelen melden aan de gemeente. De hieruit voortkomende data
In 2024 is het nieuwe meldingssysteem ‘Signalen’ ingevoerd. De invoering van ‘Signalen’ leidt tot
wordt gebruikt in de jaarlijkse evaluatie, samen met bevindingen en registraties van politie en hand-
snellere afhandeling van meldingen, meer informatie en een betere benutting van de informatie.
havingsteams, om de Bestuursdienst Veiligheid te adviseren over het uitbreiden of intrekken van de
De komende tijd wordt de samenwerking tussen de meldkamer van Politie Haaglanden en die van
aangewezen gebieden. Overtredingen van de SAB-verboden worden bestuursrechtelijk gehandhaafd
de Handhavingsorganisatie verder geïntensiveerd.
via de Bestuurlijke Boete Overlast Openbare Ruimte (BBOR).
Integrale handhavingsactie
Dak- en thuisloze mensen
De gezamenlijk acties van onder meer de politie, brandweer, Stedin, Nederlandse Voedsel- en Waren
Dak en thuisloze personen zijn personen die, al dan niet vrijwillig, op straat leven of verblijven in de
autoriteit (NVWA), douane, Koninklijke Marechaussee, Openbaar Ministerie, Haagsche Tramweg-
openbare ruimte, zonder vaste woon- of verblijfplaats. Zij kunnen bij voldoende capaciteit gebruikmaken
maatschappij (HTM), Belastingzaken, Haagse Pand Brigade (HPB) en de Handhavingsorganisatie
van de beschikbare opvangvoorzieningen. Er wordt in alle gevallen eerst ingezet op het toe leiden
worden ook in 2025 voortgezet. De integrale handhavingsacties worden gecoördineerd vanuit de
naar zorg/hulp/begeleiding en opvang. De HHO zet handhavers in om eventuele overlast te beperken.
Bestuurdienst/Veiligheid. De Handhavingsorganisatie levert een grote bijdrage aan de acties op het
Er zijn handhavers met een taakaccent aangesteld die de integrale samenwerking tussen de keten-
gebied van leefbaarheidshandhaving.
partners onderhoudt en de handhavingsteams ondersteunt. Deze handhavers met taakaccent werken samen met belangrijke partners in deze keten zoals o.a. centraal coördinatiepunt (CCP) daklozen, de Bestuursdienst Directie Veiligheid, Politie, de Dienst Publiekzaken en de dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn. Het belangrijkste doel is om dak en thuisloze personen te helpen bij het vinden van zorg en
34
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
35
Inhoud
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
hulpverlening en opvang. Is er sprake van een structureel en groter wordend probleem zoals bijvoor-
Afval (Grondstoffen)
beeld beginfase van het verstoren van de openbare orde of grote groepen die overlast veroorzaken,
Het schoonhouden van de stad wordt op een integrale manier aangepakt via het Aanvalsplan Afval,
dan wordt dit besproken in het Veiligheids- en leefbaarheidsoverleggen en wordt dit integraal en
dat zich richt op de drie pijlers: preventie, basis op orde en handhaven.
projectmatig aangepakt. Op het moment dat toeleiding naar zorg en/of opvang niet mogelijk is of
In 2024 lag de focus ook op bedrijfsafval. Naast handhavend optreden is het belangrijk om in verbinding
niet werkt en de overlast blijft voortbestaan, dan kan verbaliserend worden opgetreden.
te blijven met de ondernemer voor het schoonhouden van de stad. Daarom zijn in 2024 afvalvoorlichters ingezet om in diverse winkelcentra het gesprek aan te gaan over bedrijfsafval.
Recreatievaartuigen
Ook werden bedrijven gecontroleerd op hun afvalcontracten door de Omgevingsdienst Haaglanden.
De Handhavingsorganisatie houdt toezicht en handhaaft op basis van de Binnenwaterenverordening
Daarnaast is er een nieuw meldsysteem Signalen, waardoor het voor burgers makkelijker wordt afval-
op overlast van en misstanden met recreatievaartuigen. Dit doen wij preventief en repressief om ver-
meldingen te maken en dat ook anoniem kunnen doen.
loedering en/of vervuiling van de Haagse binnenwateren te voorkomen. Tevens houden wij in samen-
In 2025 worden de acties uit het Aanvalsplan Afval verder uitgevoerd, die ook bijdragen aan het
werking met de politie toezicht op illegale overnachtingen en bewoning op recreatievaartuigen. De
verminderen van de rattenoverlast.
aandachtsgebieden van deze taken liggen vooral in de stadsdelen Centrum, Laak en Escamp. In 2025 wordt door de Handhavingsorganisatie en Stedelijk Beheer besproken wat de inzet en de taakverdeling
Aanpak fietsoverlast
zal zijn op dit gebied. Deze taken worden ook opgenomen in de Nota Haagse Binnenwateren, welke in
De gemeente controleert op ongebruikte en foutgeparkeerde fietsen om de stad toegankelijk en aan-
2025 geactualiseerd wordt. Hierna zal worden bekeken of naar aanleiding daarvan de Verordening op
trekkelijk te houden. De prioriteit van deze handhaving ligt bij het Centrum van Den Haag. Dit gebied
de Binnenwateren aanpassingen nodig heeft.
kent de grootste drukte en daarmee ook de meeste overlast door foutgeparkeerde of achtergelaten fietsen. Juist hier is het van groot belang dat de openbare ruimte goed toegankelijk blijft voor voet-
Taxi handhaving
gangers en hulpdiensten. In 2024 heeft de gemeente belangrijke verbeteringen doorgevoerd in het
In 2025 worden de gezamenlijke controles met politie, Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en
interne proces rondom het verwijderen van fietsen, met name bij grote projecten. Deze optimalisaties
andere gemeentelijke diensten tijdens de integrale handhavingsacties voortgezet. Hierbij controleert
zorgen ervoor dat het fietsentoezicht efficiënter en effectiever kan opereren, waardoor overlast sneller
de ILT of taxiondernemers en taxichauffeurs zich aan de regels houden (o.a. arbeids- en rusttijden).
wordt aangepakt en de stad schoner blijft.
De gemeentelijke bevoegdheden richten zich op de opstapmarkt, bij controles wordt gecontroleerd op
Ook in 2025 blijft het fietsentoezichtteam zich inzetten voor een leefbaar, toegankelijk en aantrekkelijk
het hebben van een TTO vergunning. De flitscontroles tijdens uitgaansavonden en bij evenementen
Den Haag door te handhaven op foutgeparkeerde fietsen, weesfietsen en fietswrakken. De focus blijft
worden ook in 2025 voortgezet.
op het Centrum liggen. De handhaving gebeurt volgens een vooraf opgestelde planning, die te raadplegen is via de website van de gemeente Den Haag. Hier kunnen bewoners en andere belanghebbenden
Actieplannen
zien wanneer er gehandhaafd wordt in hun buurt. Een essentieel onderdeel van de aanpak tegen
Actieplan Kust maakt inmiddels onderdeel uit van het bestaande beleid. Van april tot en met september
fietsoverlast is het verbeteren van de communicatie richting bewoners. De gemeente streeft ernaar
trekt de Haagse kust jaarlijks veel bezoekers. Ook in 2025 zet de gemeente Den Haag zich met Actieplan
om duidelijk en toegankelijk te informeren over de regels en mogelijkheden rondom het melden van
Kust in om drukke zomerse dagen zo goed mogelijk te laten verlopen. Daarbij is aandacht voor onder
achtergelaten fietsen. In 2025 krijgt deze communicatie extra aandacht, zodat bewoners beter weten
meer parkeerdruk, drukteregie, veiligheid, toezicht op wildkamperen en strandslapen, handhaving op
waar zij terechtkunnen met meldingen en wat zij zelf kunnen doen om bij te dragen aan een nette en
alcohol- en drugsverboden en het behandelen van meldingen. In samenwerking met partners wordt
veilige leefomgeving.
ingezet op een veilige, toegankelijke en leefbare kuststrook. Ook in 2025 werkt de gemeente samen met bewoners, ondernemers en wijkpartners aan de uitvoering
Ondermijning
van het Actieplan Laak. Deze gebiedsgerichte aanpak richt zich op het verbeteren van de fysieke en
Ondermijning moet zoveel mogelijk worden voorkomen. De Handhavingsorganisatie heeft een
sociale leefomgeving in het stadsdeel. De inzet bouwt voort op de acties die in 2023 en 2024 zijn gestart,
signalerende rol in de aanpak van ondermijning. Handhavers geven signalen van ondermijning, die
gericht op thema’s zoals afval, parkeren, verbondenheid, armoede, overbewoning, overlast, vergroening,
ze bij het uitvoeren van hun taken tegenkomen, door aan de politie.
gezondheid en ondernemers. In 2025 werkt de gemeente verder aan de uitvoering van het actieplan en wordt gerapporteerd over de voortgang tussen juni 2024 en juni 2025.
DOR controle Handelaren en opkopers van tweedehands goederen moeten een register bijhouden. In dit Digitaal Opkopers Register (DOR) noteren handelaren en opkopers informatie over producten, verkopers en prijzen. Dankzij het register kunnen we heling van gestolen spullen opsporen. We zetten in 2025 de gezamenlijke controles van politie en de Handhavingsorganisatie op het Digitaal Opkopers Register voort.
36
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
37
Inhoud
Vergunningsplicht bedrijfsmatige activiteiten
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
3.2 Capaciteit vergunningverlening, toezicht en handhaving
In een aantal aangewezen winkelgebieden moeten ondernemers een extra vergunning voor hun bedrijf hebben. De bedrijfsactiviteitenvergunning zorgt ervoor dat alleen eerlijke ondernemers een bedrijf hebben en criminelen geen bedrijf openen. Voorwaarde is dat het bedrijf open is voor het publiek. Op dit moment geldt in de volgende winkelgebieden een vergunningsplicht bedrijfsmatige activiteiten: Weimarstraat tussen de Beeklaan en de Valkenboslaan en de Beeklaan tussen de Weimarstraat en De Gheijnstraat (Segbroek), Jan Luykenlaan tussen de Joan Blassiusstraat/Tesselschadelaan
Functie
Afdeling
Aantal fte formatief
Omgevingswet-activiteiten kappen, uitweg en reclame DSB medewerker Vergunningen
Handhavingsorganisatie V&H
10,0
DBV* (jr-sr) juridisch adviseur Advies, bezwaar en beroep
DBV JZ Adviesteam DSB
0,8
en de Moerweg en Van Baerlestraat tussen de Jan Luykenlaan en de Pieter Langendijkstraat (Escamp)
APV en Telecom
en het gebied rondom de Goeverneurlaan en de pleinen: Goeverneurplein, Lorentzplein en Jonckbloet-
DSB medewerker Vergunningen
Handhavingsorganisatie V&H
14,9
plein (Laak). De handhavers houden toezicht op de vergunning.
DBV (jr-sr) juridisch adviseur Advies, bezwaar en beroep
DBV JZ Adviesteam DSB
2,4
Risicoanalyse en prioriteitstelling
Straathandel, Markten, Binnenwateren DSB medewerker Vergunningen
Handhavingsorganisatie V&H
1,5
DSB coördinator binnenwateren
DSB Stedelijk Beheer
0,5
de APV-vergunningverlening kan het voorkomen dat de afhandeling wat meer tijd kost omdat er met
DBV (jr-sr) juridisch adviseur Advies, bezwaar en beroep
DBV JZ Adviesteam DSB
0,5
nieuwe procedures en systemen moet worden gewerkt.
*DBV – Dienst bedrijfsvoering
De afhandeling van de vergunningaanvragen is vraag gestuurd. Alle aanvragen proberen we zo snel mogelijk en binnen de wettelijke termijn af te handelen. Met de verdere implementatie van CLO bij
Toezicht en handhaving moet zo goed mogelijk aansluiten bij de beleving van overlast die inwoners van Den Haag ervaren. Als indicatoren voor prioriteitstelling worden hiervoor de Veiligheidsmonitor en het Stadspanel gebruikt.
Functie
Bij toezicht en handhaving in de openbare ruimte hebben we de volgende prioriteiten: afval op straat
Wabo, APV en Telecom, Straathandel, Markten, Binnenwateren, Drank en Horeca, Wegenverkeerswet, Rvv*, Taxiverordening
(handhaving afvalstoffenverordening), parkeeroverlast en fietswrakken/fietsparkeren.
DSB handhaver (teamhoofd, mentor, boa, toezichthouder, parkeercontroleur)
In het Stedelijk overleg Leefbaarheid en Veiligheid en op stadsdeelniveau in interventieoverleggen
Afdeling
Aantal fte formatief
Handhavingsorganisatie Operaties
282,1
DSB controleur binnenwateren
DSB Stedelijk Beheer
2,0
DSB juridisch medewerker
Handhavingsorganisatie V&H
13,4
probleemlocaties. Door in overleg met de ketenpartners interventieprogramma’s per stadsdeel op te
DBV (jr-sr) juridisch adviseur Advies, bezwaar en beroep
DBV JZ Adviesteam DSB
3,7
stellen wordt de inzet van de beschikbare handhavingscapaciteit bepaald. Handhaving is het sluitstuk
Afvalstoffenverordening
en niet het enige middel om ongewenst gedrag van zowel bewoners als bedrijven aan te pakken. In de
DSB senior juridisch medewerker
Handhavingsorganisatie V&H
3,0
interventieprogramma’s wordt duidelijk dat er ook andere interventies worden gedaan bijvoorbeeld
DBV (jr-sr) juridisch adviseur Advies, bezwaar en beroep
DBV JZ Adviesteam DSB
3,0
gestuurd en gebruiken de inlichtingen om te bepalen wat het meest effectieve middel is om leefbaar-
HSO** medewerker openbare ruimte
HSO
43
heidsproblemen aan te pakken.
*Rvv - Reglement verkeersregels en verkeerstekens **HSO - Haagse Straat Organisatie
en veiligheids- en leefbaarheidsoverleggen worden de prioriteiten en handhavingsinzet bepaald. De handhavingscapaciteit is schaars. Uit de gebiedsanalyse per stadsdeel ontstaat een weergave van de
door beïnvloeding van gedrag of het nemen van preventieve maatregelen. We werken informatie-
3.3 Operationele doelen Gelet op de prioriteitstelling en de beschikbare capaciteit gelden de volgende operationele doelen. De inzet volgt uit paragraaf .4 en is indicatief.
38
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
39
Inhoud
Output Vergunningen
Onderwerp
Uitweg
Reclame
Aantal te behandelen aanvragen*
KPI: % afgehandeld binnen wettelijke termijn**
650
99%
Inzet HHO/DBV capaciteit Afstemming / in fte samenwerking
70
270
99%
99%
7,0
0,8
2,9
DPZ/groenbeheer DSB/beleidsafdeling DSO/V&T, DBV/JZ, ODH, Adviesraad Monumentale Bomen DPZ/wegbeheer DPZ/groenbeheer DSO/Mobiliteit ACOR***, Politie, DSO/V&T DBV/JZ DPZ/wegbeheer ACOR, DSO/V&T, DBV/JZ Welstandscommissie Monumenten DSB/Beleidsafdeling
APV en Telecom Nachtelijke werkzaamheden
90
99%
1,0
DPZ/wegbeheer/ODH
Opbrekingen
1325
99%
6,0
DPZ/wegbeheer Politie Brandweer/ACOR
Terrassen
375
99%
3,0
DPZ/wegbeheer DSO/Mobiliteit ACOR/VOV****
Containers
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
Output Toezicht en Handhaving-2025
Omgevingswet/Wabo Kappen
Hoofdstuk 1
15
99%
0,5
DPZ/wegbeheer/ACOR
Overig in/op straat (inclusief steigers)
845
99%
3,0
DPZ/wegbeheer/ACOR
Milieuzones
35
99%
2,0
DPZ/wegbeheer/ ACOR
Stadsdeel Centrum
Bestuursrechtelijke rapportages/ proces-verbaal Huisvuil Boetes* van bevindingen dossiers 10.170
980
985
Verwijderde fietsen
Inzet DSB/DBV capaciteit Afstemming/ in fte** samenwerking
11.530
26,1 26,1
Escamp
7.825
415
975
3.135
Haagse Hout
3.830
465
120
3.775
8,3
Laak
4.805
470
470
2.695
10,4
Leidschenveen-Ypenburg
1.870
70
45
405
8,3
Loosduinen
2.005
315
115
765
12,5
Scheveningen
2.905
375
180
2.595
15,6
Segbroek
1.820
315
210
3.360
10,4
Totaal
35.230
3.405
3.100
28.260
117,7
DSB/beleidsafdeling DSO/Mobiliteit BSD/veiligheid Politie DPZ/stadsdelen en wijken HMS*** HSO ODH (bij bedrijfsafval)
*Boetes: opgebouwd uit bestuurlijke boetes (leefbaarheid) en Mulderbonnen (verkeersovertredingen). **De verdeling van de beschikbare capaciteit over stadsdelen is verhoudingsgewijs gebaseerd op de omvang van de huidige handhavingsteams binnen de stadsdelen. We benadrukken dat de hier voor 2025 vermelde verdeling van inzet indicatief is. De HSO levert 43 medewerkers openbare ruimte stadsbreed. Deze fte’s zijn niet meegenomen in deze tabel. De medewerkers van de HSO onderzoeken huisvuil en bijplaatsingen en maken daar bestuursrechtelijke rapportages van op. Kan uit onderzoek een dader worden achterhaald dan wordt het verkeerd aangeboden vuil door middel van spoedeisende bestuursdwang op kosten van de dader opgeruimd. De handhavers van de gemeente (boa’s) treden op tegen overtreders die op heterdaad worden betrapt bij het verkeerd aanbieden van vuil/afval. Met ingang van 2017 wordt daarbij de bestuurlijke boete ingezet. De boa’s maken bij overtredingen grofvuil en bedrijfsafval ook bestuursrechtelijke rapportages op die een vervolg krijgen met een last onder bestuursdwang of -dwangsom. ***HMS -Haagse Milieu Services NB: Hierboven staat o.m. de feitelijke handhavingscapaciteit over 2025 geregistreerd zoals deze is verdeeld over de stadsbrede teams.
Daarnaast bestaat de capaciteit uit handhavers die niet specifiek zijn toebedeeld aan een stadsdeel, zoals boswachters, handhavers biketeam, Drank- en Horecateam, het Mulderteam en toezichthouders fiets en scanteam. Deze handhavers maken geen onderdeel uit van bovenstaand overzicht.
Straathandel, Markten, Binnenwateren Standplaats
115
99%
1,0
DPZ/wegbeheer ACOR/Markten/Politie
Incidentele private markt
105
99%
0,6
DPZ/wegbeheer/ Politie/Brandweer/ Bureau Bereikbaarheid/OV*****
Ligplaats
25
99%
0,6
Waterschap/wegbeheer/Stedelijk Beheer
*De prognose voor 2025 is gebaseerd op de gegevens voorgaande jaren en voor zover mogelijk rekening houdend met nieuwe ontwikkelingen. **De doelstelling is dat een vergunningaanvraag op tijd wordt afgehandeld zodat de vergunning niet automatisch wordt verleend door het verlopen van de wettelijke beschikbare termijn (voor zover dat nog van toepassing is). ***ACOR – Adviescommissie Openbaar Bestuur ****VOV – Vooroverleg Over Verkeerszaken *****OV – Openbaar vervoer
40
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
41
Inhoud
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
Hoofdstuk 4 Milieu
4.1 Algemeen Den Haag heeft de milieutaken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving milieu in mandaat overgedragen aan de ODH. De ODH is belast met: 1) toetsing: beoordelen van onderzoeksrapporten, aanvragen, plannen en voorstellen; 2) vergunnen, beschikken, melden, ontheffen: behandelen concrete aanvragen; 3) toezicht: inspecteren, constateren, rapporteren van uitvoeringssituatie; 4) handhaving: optreden en sanctioneren bij overtreding. De ODH voert deze taken uit voor negen gemeenten in Haaglanden en de Provincie Zuid-Holland.
4.2 Ontwikkelingen en terugblik 2024 De volgende zaken zijn relevant voor de inzet van capaciteit op VTH-taken op het gebied van milieu. Dit vloeit voort uit de ervaringen in 2024 en toekomstige ontwikkelingen.
Duurzaamheid De focus moet het komende jaar liggen op meer tijd en aandacht voor duurzaamheid (en dan met name energie, leefomgeving, mobiliteit en grondstoffen) en handhaving. De gemeente Den Haag wil in 2030 een klimaatneutrale stad zijn. Den Haag is uitgekozen om onderdeel te zijn van de honderd Climate- Neutral and Smart Cities. De Europese Commissie erkent hiermee de vooruitstrevende positie van de stad Den Haag op het gebied van energietransitie, duurzame mobiliteit en groenbeleid. Het terugdringen van het energiegebruik is het grootste speerpunt van het college. Bedrijven zijn verplicht om de gemeente/ODH actief te informeren over de voortgang. Daarnaast is een motie aangenomen met betrekking tot energiebesparing waarin toezicht en handhaving een prominente rol spelen. Het huidige duurzaamheidsprogramma van de ODH biedt ook aansluitingspunten bij het huidige coalitieakkoord. Het is goed om in het jaarwerkplan actief te verkennen waar hier de mogelijkheden liggen voor de gemeente om ook op duurzaamheid samen te werken met de ODH en hier actief capaciteit op in te zetten.
42
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
43
Inhoud
Digitalisering en informatie uitwisseling
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
4.3 Risicoanalyse en prioriteitstelling
Een tweede belangrijk punt is de Omgevingswet. Het bestuur van de ODH heeft vastgelegd dat digitalisering een speerpunt is, ook onder de Omgevingswet. Dit is ook een belangrijk speerpunt uit het
4.3.1 Algemeen
Interbestuurlijk Programma VTH. Het college van Den Haag ziet graag dat de ODH prioriteit geeft aan
Den Haag kent circa 15.500 bedrijven die onder de milieuwetgeving vallen. Het is (financieel) niet
goed databeheer en informatie uitwisseling (onder andere Gisweb). De ODH steekt veel tijd in data-
mogelijk en wenselijk om bij alle bedrijven jaarlijks toezicht te houden, vandaar dat prioriteiten worden
gericht werken en de kwaliteit van de data, en dit vergt een zekere mate van bewustzijn voor het belang
gesteld bij de controlefrequentie en de diepgang van deze controles. In paragraaf 4.3.3 staat de concrete
van data. Net zoals in voorgaande jaren zal er extra inzet worden gepleegd om de datakwaliteit van
aanpak.
het informatiesysteem van de ODH met gegevens over locaties met MBA’s verder te verbeteren. Voor
De negen gemeenten van Haaglanden en de Provincie Zuid-Holland stellen gezamenlijk de regionale
deze werkzaamheden is tijd gereserveerd in het jaarwerkplan van de ODH.
probleemanalyse en prioriteitenstelling vast. De probleemanalyse en prioriteitenstelling hebben tot doel een regionaal uitvoeringskader vast te leggen. Daarnaast kan Den Haag in de opdracht richting
Indirecte lozingen
de ODH aangeven welke lokale prioriteiten opgenomen moeten worden in het jaarwerkplan van de
Een derde belangrijk punt zijn de indirecte lozingen. Indirecte lozingen zijn lozingen van bedrijfsafval-
ODH Den Haag.
water die via de openbare riolering van gemeenten in de afvalwaterketen terecht komen. In de riolering mengen deze lozingen met het huishoudelijke afvalwater en het ingezamelde regenwater. Via het
4.3.2 Toetsing en vergunningverlening
transportstelsel komen ze uit op de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) waar ze na zuivering als
De ODH is verantwoordelijk voor het milieudeel van de gemeentelijke Omgevingswet-keten en voert
effluent op het oppervlakwater worden geloosd. Indirect lozingen hebben daarmee invloed op de
taken uit voor vergunningverlening en toetsing. Bij de uitvoering moet nauw worden samengewerkt
(chemische en ecologische) kwaliteit van het ontvangende oppervlaktewater. Het lozen van milieu-
met de gemeentelijke Omgevingswet-partners: DSO, DSB en BSD/VRH.
vreemde stoffen is niet zondermeer toegestaan. Voor indirecte lozingen hebben omgevingsdiensten
De ODH is verantwoordelijk voor de vergunningverlening, meldingen en maatwerkvoorschriften op
(OD’s) een belangrijke basistaak voor zowel de bedrijven met meldplicht als ook de vergunningplichtige
grond van de Omgevingswet. Ook toetst en adviseert de ODH op de onderdelen bodem, geluid, lucht
bedrijven.
en externe veiligheid. De werkzaamheden voor vergunningverlening zijn vraaggestuurd. Alle aanvragen worden volledig
De ODH voert controles uit betreffende indirecte lozing. Het onderwerp indirecte lozing staat als
getoetst, hierbij is dus geen sprake van een risicoanalyse of prioriteitsstelling.
speerpunt genoemd in het impulsprogramma Kaderichtlijn Water (KRW). Eén van de actielijnen hierbinnen dringt aan op het waar nodig KRW-proof maken van lozingen en een steviger inzet op Vergun-
4.3.3 Toezicht en handhaving
ningverlening-Toezicht-Handhaving (VTH). Met als doelstelling het terugdringen van KRW-probleem-
Bedrijven/instellingen/burgers zijn wettelijk verplicht om de milieuregelgeving na te leven. De bevoegde
stoffen in het oppervlaktewater.
overheid is wettelijk verplicht hierop toe te zien. Indien geconstateerd wordt dat regels niet worden nageleefd wordt opgetreden (gehandhaafd). Het milieutoezicht richt zich in principe op alle bedrijven/
De ODH wil in 2025 starten met het intensiveren van het toezicht op indirecte lozingen en daarbij
instellingen en vastgoedeigenaren met locaties waar milieubelastende activiteiten plaatsvinden en
het bedrijfsafvalwater bemonsteren en toetsen aan reeds bestaande normen. Den Haag werkt graag
op activiteiten die bij onjuiste uitvoering schadelijk zijn voor het milieu.
samen met de ODH, en ook met andere stakeholders, om een beter beeld te krijgen van de omvang en problematiek rondom indirecte lozingen. Daarbij geeft Den Haag de ODH mee dat mogelijk controles
Voor het programma Toezicht & Handhaving geldt dat de werkzaamheden deels te plannen zijn en
gecombineerd kunnen worden met ook een inzet op vetafscheiders.
voor een deel afhankelijk zijn van klachten, incidenten of aanvragen en meldingen. Dat betekent dat bij het toedelen van de capaciteit tussen verschillende taakvelden getracht is rekening te houden met
Ondermijning
een vaste inzet van capaciteit en een flexibele inzet. Het is aan de ODH om ervoor te zorgen dat de
Met enige regelmaat wordt de ODH om ondersteuning gevraagd bij acties die gericht zijn op de aan-
totale benodigde capaciteit binnen de totaalraming blijft. In de voortgangsrapportages wordt gerap-
pak van ondermijning en het verbeteren van het lokale ondernemingsklimaat. Een intensivering van
porteerd over daadwerkelijke bestedingen en indien noodzakelijk, een voorstel gedaan om op basis
het toezicht op ondermijnende activiteiten in de gemeente Den Haag is ook gericht op leefbaarheid
van gewijzigde aantallen ook de besteding anders in te vullen.
in een gebied of wijk. Er is ruimte in het jaarwerkplan van de ODH gereserveerd voor de inzet van de ODH op dit thema onder het product ‘ondermijning’.
In de Omgevingswet is opgenomen dat het handhavingsbeleid van een gemeente gebaseerd moet zijn op een analyse van de problemen die zich naar het oordeel van het bestuursorgaan kunnen voordoen met betrekking tot de naleving. Ook dient het handhavingsbeleid inzicht te geven in de prioriteitenstelling met betrekking tot de uitvoering van de voorgenomen activiteiten. Het uitvoeren van
44
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
45
Inhoud
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
te vinden. In 2020 is daarom de oude probleemanalyse geëvalueerd en een nieuwe probleemanalyse
Variabele
Percentage van bedrijfslocatie dat hier op scoort
met prioriteitstelling opgesteld en inmiddels vastgesteld. In 2021 is de nieuwe methodiek voor het
MBA/branche
100%
6,1
87,3%
eerst toegepast en voor het werkplan 2024 is wederom conform deze methodiek gewerkt.
Afgegeven afval
28,7%
1,2
4,8%
Totale stookvolume
18,1%
1,5
3,9%
In 2024 is de methodiek geëvalueerd en is bekeken of er aangesloten kon worden bij een landelijk
Verbruik
16,2%
1,6
3,8%
model voor reguliere controles bij bedrijven. Onder het Interbestuurlijk Programma VTH in 2024 is
Type bedrijf
1,8%
1,2
0,4%
een dergelijke probleemanalyse is een cyclisch proces, eens in de vier jaar dient er een analyse plaats
Gemiddelde score per bedrijfslocatie dat hier op scoort
Percentage van totaal aantal vergeven punten
een model opgeleverd dat landelijk wordt gedragen. De aanpassing van dit landelijke model naar een voor regio Haaglanden toepasbaar model heeft tot eind 2024 geduurd. De ODH maakt vooruitlopend
Milieubelastende activiteit/ branche
gebruik van dit landelijk model vanaf 1 januari 2025 voor reguliere controles bij bedrijven. Het nieuwe
De MBA’s van het BAL, aangevuld met de uit de bruidsschat, geven de beste indruk van de milieu-
landelijke model voor reguliere controles bij bedrijven maakt meer gebruik van databronnen dan dat
relevantie van de bedrijfslocatie. Per MBA is een risicoscore vastgesteld o.b.v. een risico inschatting van
dit in de oude situatie het geval was, zodat nog beter risicogestuurd toezicht kan plaatsvinden. In de
toezichthouders. De maximale score van een MBA is 10 punten, de minimale score is 1.
loop van 2025 wordt de compleet nieuwe probleem- en prioriteitenanalyse voor 2025-2028 voorgelegd
Voor de zwaarste MBA die hoort bij de bedrijfslocatie wordt 100% van de punten toegekend. Voor
aan het bestuur van de ODH.
elke extra MBA (na de zwaarste) wordt 25% van de punten toegekend. Zo houden we rekening met de complexiteit per locatie.
De probleemanalyse en prioriteitenstelling hebben tot doel een regionaal uitvoeringskader vast te
De transitie vanuit de Omgevingswet is nog in volle gang dus bij veel bedrijfslocaties zijn nog geen MBA
leggen waarbij ook ruimte is voor lokale en landelijke prioriteiten. Met de probleemanalyse wordt dus
vastgesteld. Hierdoor heeft de ODH besloten om eerst bij alle bedrijven uit te gaan van de branche en
een risico gerichte inzet van de beschikbare capaciteit gerealiseerd, waarbij het de bedoeling is dat
als bij meer bedrijven MBA’s zijn vastgesteld daarna de MBA-scores te gaan toepassen.
in beginsel dezelfde soort milieubelastende activiteiten in de hele regio onderworpen worden aan eenzelfde toezichtregime. Daarnaast is in overleg met Den Haag aan de hand van een opgestelde
Type bedrijf
startbrief capaciteit ingezet voor het realiseren van gebiedspecifieke wensen en speerpunten. Dit is
Er zijn diverse type aanduidingen voor bedrijfslocaties die iets zeggen over de milieurelevantie.
altijd aanvullende inzet bovenop de regionale basis.
Aan die typen heeft de ODH een score gehangen. Voor niet meldingsplichting, meldingsplichtig en vergunningplichtig geldt dat slechts één waar kan zijn. Externe veiligheid en PRTR kunnen daarop
De toegepaste risicomethodiek voor reguliere bedrijfscontroles is gebaseerd op een weging van de
aanvullend zijn.
volgende factoren:
Deze variabele heeft overlap met MBA’s. Daar heeft de ODH rekening mee gehouden in de puntentoekenning. Vandaar dat meldingsplichtige bedrijfslocaties geen punten krijgen en dat een vergun-
Milieurelevantie
ningsplichtige bedrijfslocaties ‘slechts’ 1 punt krijgt.
Bij milieurelevantie weegt de aard en het effect van de milieubelastende activiteit (hierna: MBA) het zwaarst. Aan MBA’s met de zwaarste milieueffecten en de grootste omgevingsrisico’s zijn door toezichthouders de hoogste scores toegekend. Verder spelen factoren als energieverbruik, de afgegeven
Type bedrijf
afvalstoffen, PRTR-verplichtingen, vergunningplicht, externe veiligheid en stookvolume van stook
Niet meldingsplichtig (voorheen type A)
0
installaties een rol bij het bepalen van de milieurelevantie. De scores per onderdeel worden opgeteld
Meldingsplichtig (voorheen type B)
0
en dit vormt de milieurelevantie score.
Vergunningsplichtig (voorheen type C)
1
In de tabel hieronder wordt weergegeven wat de onderlinge verhoudingen van de factoren zijn die
Externe veiligheid
1
samen de milieurelevantie score bepalen.
PRTR
1
Punten
Afgegeven afval Het afgegeven afval geeft een goede indicatie van de milieurelevantie van een bedrijfslocatie. Niet alleen is het goed opslaan en afgeven van (gevaarlijk) afval belangrijk vanuit milieuoogpunt. Maar de afgifte van (gevaarlijk) afval zegt ook iets over de bedrijfsprocessen waar dit afval uit voort is gekomen. Voor dit onderdeel van het risicomodel wordt de data uit het Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA) gebruikt. Daarbij wordt uitgegaan van de volgende redenering:
46
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
47
Inhoud
– De hoeveelheid afgegeven afval is een indicatie voor de milieurelevantie – Afgifte van gevaarlijk afval is een betere indicator voor milieurelevantie dan niet gevaarlijk afval – Het aantal verschillende afgegeven afvalstoffen (euralcodes) is een indicator voor de complexiteit van de bedrijfsprocessen en daarmee een indicator voor de milieurelevantie. De ODH kijkt naar de bij de ODH beschikbare LMA-data van het afgelopen jaar.
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Totale stookvermogen aanwezige stookinstallatie(s)
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
Punten
1 t/m 99 kW
0
100 t/m 399 kW
0,5
400 t/m 999 kW
1
1.000 t/m 4.999 kW
2
5.000 t/m 14.999 kW
3
15.000 kW en meer
4
De ODH ziet het verbranden van vaste stof als een extra risico, dan wel indicator voor milieurelevantie. Aantal kg gevaarlijk afval
Punten
0
0
Verbranden van vaste brandstof
1 t/m 500
Punten
0,5
Ja
1
501 t/m 3.000
1
Nee
1
>3.000
2
Aantal kg niet gevaarlijk afval 0
Punten
Uit de puntentelling blijkt dat maximaal 5 punten kunnen worden toegekend op dit onderdeel.
0
1 t/m 10.000
0,25
Energieverbruik
10.001 t/m 50.000
0,5
Het energieverbruik van een bedrijfslocatie is een indicator van de omvang van de bedrijfslocatie en
1
zegt daarmee ook iets over de milieurelevantie. Of anders gesteld: als twee bedrijfslocaties met dezelfde
>50.000
bedrijfsactiviteiten worden vergeleken dan zal degene met het meeste energieverbruik waarschijnlijk Aantal euralcodes
Vermenigvuldigingsfactor
0-5
1
6 - 10
1,3
>10
1,6
ook het meest milieurelevant zijn. Type verbruik
Punten Gas
Punten Elektra
Kleinverbruiker (<25.000m3 gas, <50.000 kWh)
0
0
Middenverbruiker (25.000 t/m 75.000 m3 gas, 50.000 t/m 200.000 kWh)
1
0,5
De score per bedrijfslocatie is de punten van het aantal kg gevaarlijk afval opgeteld bij de punten voor
Grootverbruiker (>75.000m3 gas, >200.000 kWh)
2
1
het aantal kg niet gevaarlijk afval vermenigvuldigd bij de factor voor het aantal Euralcodes. Er kan dus
Zeer groot verbruiker (>170.000 m3 gas, >1.000.000 kWh)
4
2
maximaal 4.8 punten worden gescoord per bedrijfslocatie ((2 + 1) * 1.6). Uit de puntentelling blijkt dat maximaal 6 milieurelevantie punt gescoord kunnen worden op dit Totale stookvolume (stookinstallaties)
onderdeel.
In het SCIOS-register kan de ODH zien welke stookinstallaties er op een bepaalde bedrijfslocatie
48
staan en wat hun respectievelijke vermogen is. De stookinstallaties zijn (vanaf een bepaald vermogen)
Naleefgedrag
milieurelevante bedrijfsonderdelen. Daarnaast is een groot stookvermogen ook een indicator voor
Bij het naleefgedrag weegt zwaar mee of in het recente verleden overtredingen hebben plaatsgevonden
de omvang van de bedrijfsactiviteiten. Overlap met indicator energieverbruik: Er is dus een bepaalde
bij het bedrijf en of het in het verleden noodzakelijk was daartegen handhavend op te treden, van
overlap met de indicator energieverbruik. Een groot stookvermogen zal zich namelijk logischerwijs
zowel onze inspecties als die van andere diensten. Daarnaast speelt het gedrag en de ernst van de
meestal uiten in veel gasverbruik.
eerdere overtredingen, het bestaan van klachten en gegronde ongewoon voorvallen een rol bij het
Voor de uitwerking van deze indicator telt de ODH het stookvermogen van alle aanwezige stook
bepalen van de score voor het naleefgedrag. De scores per onderdeel worden opgeteld en dit vormt de
installaties bij elkaar op.
milieurelevantie score.
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
49
Inhoud
In de tabel hieronder wordt weergegeven wat de onderlinge verhoudingen van de factoren zijn die samen de naleefgedrag score bepalen.
Variabele
Percentage van bedrijfslocatie dat hier op scoort
Gemiddelde score per bedrijfslocatie dat hier op scoort
Percentage van totaal aantal vergeven punten
Basiswaarde
100%
1,0
55,1%
Bestuurlijke handhaving
11,6%
2,7
17,2%
Eigen controle resultaten
14,4%
1,6
12,4%
Controle resultaten andere diensten
5,6%
3,0
9,4%
Klachten signaal
16,2%
0,7
6,0%
Ongewoon voorval
0,17%
0,5
0,05%
Recidive
0,04%
2,0
0,05%
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Controle
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
Factor
Laatste
1
1 voor laatste
0,75
2 voor laatste
0,5
3 voor laatste
0,25
4 voor laatste
0,25
5 voor laatste
0
De totale waarde van deze variabele is gemaximeerd op tien. Daarbij gaat het om de totale optelsom van alles dat hierboven is beschreven. Bestuurlijke handhavingstrajecten Bestuurlijke handhaving is nodig indien er sprake is van een hoge mate van urgentie of als aanwijzingen van de toezichthouder niet (tijdig) worden opgevolgd. De laatste reden is het meest voorkomend. De noodzaak om bestuurlijk te handhaven zegt in negatieve zin dus iets over het naleefgedrag van de
Basiswaarde
onderneming. Recente handhavingszaken laten we zwaarder meewegen dan oudere zaken.
Er is een basiswaarde nodig omdat als er niet gescoord wordt op de variabelen van het naleefgedrag de score op 0 uitkomt en de totale risicoscore dus ook. Dat betekent dat het bedrijf vervolgens nooit
Bestuurlijke handhavingszaak
wordt gecontroleerd, hoe hoog de milieu relevantie of laatste controle scores ook worden. Elke bedrijfs
Minder dan 5 jaar geleden
2,5
locatie krijgt een basiswaarde van 1 toegekend.
Meer dan 5 maar minder dan 10 jaar geleden
1,25
Punten
Meer dan 10 jaar geleden
0
Eigen controle resultaten Voor deze variabele wordt gekeken naar de integrale preventieve controles. Hercontroles, klachtcontroles
Voor deze variabele kunnen maximaal 4 punten gescoord worden.
etc. worden hierin niet meegenomen. We gaan uit van de zwaarste overtredingen mee en hoe deze gepositioneerd is in de interventiematrix van de LHSO. Er wordt niet alleen gekeken naar de laatste
Controle resultaten andere diensten
controle maar ook de controles daarvoor. De controleresultaten van de laatste controle tellen echter
In Inspectieview (IV) delen alle aangesloten inspectiediensten[1] hun controleresultaten (op abstract
wel zwaarder mee dan ‘oudere’ controles.
niveau). We kijken naar de controleresultaten van alle inspectiediensten afgezien van onze eigen resultaten.
LHSO
Punten
Overtredingen zijn in IV gerangschikt in Licht, Middel en Zwaar. Als uit de data in inspectieview niet
Geen overtredingen (n.v.t.)
0
blijkt hoe de overtreding is ingeschaald dan wordt aangenomen dat het om een lichte overtreding
A1
0,5
gaat (en dus wordt 1 punten toegekend).
A2, B1
1
A3, B2, C1
1,5
Type overtreding
A4, B3, C2, D1
2
Licht
1
B4, C3, D2
3
Middel
2
C4, D3
4,5
Zwaar
4
D4
6
Punten
Recente overtredingen tellen zwaarder mee dan overtredingen die langer geleden zijn begaan.
50
De laatste controle telt voor 100% mee, maar eerdere controles worden afgewaardeerd. Er wordt
In Inspectieview kan maximaal vijf jaar plus het lopende jaar worden teruggekeken. Oftewel over
maximaal vijf controles en tien jaar teruggekeken.
tredingen van zes jaar geleden zijn niet meer te zien.
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
51
Inhoud
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
1) Omgevingsdiensten, ILT (Milieu en Europese Verordening Overbrenging Afvalstoffen), Nationale
Het aantal punten op dit onderdeel wordt berekend door het aantal punten per overlastsituatie op te
Politie Milieu, Rijkwaterstaat (Landelijk Meldpunt Afvalstoffen en Meldpunt Bodemkwaliteit), Samen-
tellen. Deze score is gemaximaliseerd tot 1,5 punten.
werkingsprogramma Waterschappen en Rijkswaterstaat, Nederlandse Arbeidsinspectie, NVWA (Consument en Dier) en Rijksinspectie Digitale Infrastructuur Metrologie en Waarborg.
Ongewoon voorval In de Omgevingswet wordt een ongewoon voorval gedefinieerd als: “gebeurtenis, ongeacht de oorzaak
Datum overtreding Minder dan 3 jaar geleden 3 tot 6 jaar geleden
Factor
daarvan, die afwijkt van het normale verloop van een activiteit, zoals een storing, ongeluk of calamiteit,
1
waardoor significante nadelige gevolgen voor de fysieke leefomgeving ontstaan of dreigen te ontstaan”.
0,7
Met name als ongewoon voorvallen vaker voorkomen zegt dit iets over het naleefgedrag. De ODH heeft ervoor gekozen om daarom alleen ongewoon voorvallen mee te tellen waar een overtreding
Daarnaast wordt gekeken naar de controledichtheid. Bedrijfslocatie die veel gecontroleerd zijn hebben
is geconstateerd omdat anders niet aan bovenstaande definitie kan worden voldaan.
nou eenmaal een grotere kans op de constatering van overtredingen. Om te voorkomen dat een bedrijfslocatie waar vaker is gecontroleerd automatisch een slechter naleefgedrag krijgt hebben we
Aantal ongewoon voorvallen met overtredingen
Punten
een correctiefactor opgesteld:
1
Correctiefactor = Aantal overtredingen/ Totaal aantal inspecties. De correctiefactor is gemaximaliseerd
2
1
op één.
3 of meer
2
De score wordt dus als volgt berekend. Een optelling van aantal punten per overtreding * factor datum
Alleen ongewoon voorvallen uit de afgelopen zeven jaar worden meegenomen.
0,5
overtreding * correctiefactor. De score op het onderdeel controle resultaten andere inspectiediensten is gemaximeerd op zes punten.
Recidive Recidive is bewust en herhaaldelijk norm overschrijdend gedrag, daarom krijgen bedrijven die hieraan
Klachten signaal
voldoen een extra score van twee punten op het naleefgedrag.
Milieuklachten wil zeggen dat de omgeving overlast ervaart van de onderneming. Als een onderneming zich aan de regels houdt kan de omgeving nog steeds overlast ervaren. De kans is wel groter dat als de
Laatste controle
onderneming zich niet goed aan de regels houdt, de omgeving hier sneller en vaker last van zal hebben.
Het effect van een controletraject (inclusief eventuele hercontroles en handhaving) is ook dat bestaande
Hoewel overlast op een overtreding kan duiden, wil dat niet zeggen dat die overtreding geconstateerd
overtreding worden geconstateerd en beëindigd. Aanvullend daarop heeft een controle ook een preven-
kan worden tijdens een reguliere controle. Dit uit zich als een overtreding met name een gevolg is van
tief effect voor het ontstaan van nieuwe overtredingen. Want door de controle komen de regels en het
gedrag op het moment van de overtreding. Denk aan geluidsoverlast door een horecaonderneming. Dit
belang van die naleven weer onder de aandacht van de onderneming. Het is dan ook logisch dat het
neemt niet weg dat klachten nog steeds iets zeggen over het naleefgedrag in algemene zin. We gebruiken
uitvoeren van een controle kort nadat een controletraject heeft plaatsgevonden weinig op zal leveren.
klachten als een signaal en dichten deze variabele een beperkte waarde toe.
Vandaar dat de tijd sinds de laatste reguliere integrale controle zwaar meeweegt in de bepaling van
Om een eerlijke weging te hebben werken we met overlastsituaties. Dit wil zeggen dat als er naar aan-
de risicoscore per bedrijf. Andere controles zoals een uitgevoerde klachtcontrole wordt hierin niet mee-
leiding van één situatie tien klachten binnenkomen we nog steeds spreken over één overlastsituatie.
genomen. Ook hercontroles worden hier niet in meegenomen. De logica hiervan is dat als er bij een
Aanvullend houden we er rekening mee dat een recente overlastsituatie meer zegt dan een ouder.
bedrijfslocatie een geluidsmeting heeft plaatsgevonden dat er vaak niet is gekeken naar alle andere aspecten. Eventueel bestaande overtredingen buiten dat wat gerelateerd is aan de klacht is dus niet
Datum overlastsituatie
Punten
gezien en niet beëindigd. Bij een hercontrole wordt ook alleen gekeken of de eerder geconstateerde
Minder dan 1 jaar geleden
0,8
overtreding is beëindigd.
Meer dan 1 jaar maar minder dan 2 jaar geleden
0,6
Vanaf het moment dat een controle is uitgevoerd wordt bepaald hoeveel maanden er verstreken zijn en
Meer dan 2 jaar geleden maar minder dan 3 jaar
0,4
wordt via onderstaande tabel de laatste controle score bepaald.
Meer dan 3 jaar geleden maar minder dan 5 jaar
0,2
Meer dan 5 jaar geleden
0
Uitvoering laatste integrale controle 0 t/m 12 maanden geleden Meer dan 12 maanden geleden
52
Punten 1 + (Aantal maanden/ 12) * 0.25 1+ Aantal maanden/ 12
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
53
Inhoud
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
De score is gemaximaliseerd op vijf. Het toekennen van een maximale waarde is een overweging en zal
4.5.3 KPI
het effect hebben dat bedrijfslocaties met een lage milieurelevantie en goed naleefgedrag minder vaak
De ODH informeert haar opdrachtgevers over de voortgang en realisatie van het jaarwerkplan.
aan de beurt kunnen komen.
Dit gebeurt aan de hand van de in het dashboard (bijlage I) weergegeven indicatoren. Opdrachtgevers ontvangen driemaal per jaar een rapportage over de voortgang:
4.4 Capaciteit vergunningverlening, toezicht en handhaving
• 1 februari (jaarrapportage); • 1 juni (januari t/m april); • 1 oktober (januari t/m augustus).
Jaarplan en verrekening per deelnemer De deelnemersbijdrage is € 8.046.541. De norm voor productiviteit uren/fte is 1390 uur. De invulling van de uren en de daarmee te realiseren output vindt plaats via het werkplan. De begroting 2025 is op output gebaseerd, waarbij het werkpakket in producten en diensten is vertaald. Basis voor de outputbenadering is het principe dat de deelnemersbijdrage het totaal is aan producten vermenigvuldigd met de prijs omvat (P x Q). De grondslag voor de producten/diensten is verankerd in de vastgestelde producten en diensten catalogus (PDC) en de zaaktype catalogus (ZTC). Er vindt (achteraf) verrekening plaats door middel van nacalculatie per individuele deelnemer (werkelijk bestede uren x werkelijk tarief). Hierdoor kan het beschikbare bedrag in een volgend jaar afwijken van de deelnemersbijdrage. Het beschikbare bedrag voor de taakuitvoering voor 2025 is € 8.046.541. Het beschikbare werkvolume is 68.757 uur. Van deze productieve uren zullen 31.885 uur in het programma Toetsing & Vergunningverlening worden gerealiseerd en 36.872 uur in het Programma Toezicht & Handhaving.
4.5 Operationele doelen De operationele doelen worden door de ODH verder geconcretiseerd in het jaarplan 2025 van de ODH. Hierna wordt het kader samengevat dat binnen het jaarplan dient te worden uitgewerkt.
4.5.1 Toetsing en vergunningverlening De werkzaamheden voor toetsing en vergunningverlening (beschikking, melding, ontheffing) zijn vraagvolgend.
4.5.2 Toezicht en handhaving Op basis van de prioriteitstelling en de outputbegroting toezicht en handhaving worden 665 integrale controles gehouden, 75 inventariserende controles, 13 administratieve controles en 334 deelcontroles. De ODH doet op basis van gemaakte afspraken ook samen met DSO, DSB en/of BSD/VRH integrale controles, daarnaast worden vuurwerkcontroles uitgevoerd, worden aspectcontroles naar aanleiding van 1600 overlastmeldingen uitgevoerd en wordt toezicht gehouden naar aanleiding van een calamiteit (crisisorganisatie) of na melding van een ongewoon voorval door een bedrijf. Dit komt bovenop het planmatig toezicht.
54
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
55
Inhoud
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
Hoofdstuk 5 Veiligheid
5.1 Algemeen Op het gebied van veiligheid worden de volgende taakvelden onderscheiden: Brandveiligheid, Horeca en Evenementen. De taken op het gebied van brandveiligheid worden binnen de Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) uitgevoerd door Brandweer Haaglanden. De werkterreinen van de VRH zijn brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening. Naast incidentbestrijding is ook risicobeheersing een hoofdtaak van de brandweerzorg. Risicobeheersing gaat over het voorkomen en beperken van branden, rampen en crises. Het beslaat ook het versterken van de zelfredzaamheid van de inwoners en bedrijven in de regio en maatregelen om het brandweeroptreden zo effectief en veilig mogelijk te kunnen laten plaatsvinden. Door het bevoegd gezag vroegtijdig te adviseren en daarmee te ondersteunen bij het maken van een afweging, voert de brandweer adviestaken uit voor het bereiken en in stand houden van een veilige fysieke leefomgeving. Dit is tevens het maatschappelijke doel van de Omgevingswet. Hierbij is het noodzakelijk dat de gemeente de brandweer ook zo vroeg mogelijk in de gelegenheid stelt haar adviserende taak uit te voeren. Dit jaarplan geeft – binnen de reikwijdte van dit plan – de kaders voor de brandweer voor de advisering bij vergunningen en meldingen brandveilig gebruik.
Ook komen de toezichtstaken voor bouwen en brandveilig gebruik voor de gemeente Den Haag aan bod. Daarnaast adviseert de brandweer het college bij aanvragen over omgevingsvergunningen en bij handhavingszaken. Zowel het mandaat als de beslissingsbevoegdheid hiervoor ligt bij het college.
Terugblik 2024 en doorkijk naar 2025 Door een proactieve inzet streeft de brandweer ernaar vroegtijdig betrokken te zijn bij ruimtelijke en bouwontwikkelingen en gemeentelijke beleidsontwikkeling zoals de omgevingsvisie, het omgevingsplan en omgevingsprogramma’s. Hierdoor heeft de brandweer vroegtijdig inzicht in veiligheidsrisico’s en kan het bevoegd gezag aan de hand van het advies van de brandweer een weloverwogen afweging maken voor het veilig ontwerpen van omgeving en bouwwerken. Dit uit zich onder meer in meedenken over hoe een ruimtelijke en/of bouwontwikkeling zo veilig mogelijk gerealiseerd kan worden.
Maatschappelijke ontwikkelingen i.r.t. brandveiligheid Met het oog op een toenemend aantal maatschappelijke ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld de woningbouwopgave, verdichting en energietransitie, is het steeds belangrijker om bouwinitiatieven in de fysieke leefomgeving vroegtijdig met de brandweer af te stemmen. Deze opgaven brengen andere
56
Jaarplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving Den Haag 2025
57
Inhoud
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
en complexere risico’s voor de fysieke veiligheid met zich mee. Naast de grotere effecten op de maat-
5.2.2 Toezicht en advisering handhaving brandveiligheid
schappij kunnen deze opgaven ook effect hebben op de mogelijkheden voor de brandweer om veilig
De brandweer voert zowel in de realisatie- als de gebruiksfase het toezicht uit op de brandveiligheid.
en effectief op te kunnen treden bij brand. De risico’s en effecten die voortkomen uit o.a. de hiervoor
Op basis van een risicoanalyse zijn bouwwerken ingedeeld in toezichtsklassen (hoog specifiek, hoog,
genoemde maatschappelijke ontwikkelingen worden niet altijd voorkomen of beperkt met de huidige
midden, laag). Deze indeling en de controlefrequentie zijn bepaald op regionaal niveau. Aanvullend
wet- en regelgeving. Om deze reden adviseert Brandweer Haaglanden niet alleen regelgericht maar
hierop worden ook controles uitgevoerd na (klacht)meldingen, op verzoek van gemeenten of andere
ook risicogericht.
ketenpartners. Ook houden we toezicht op evenementen en zijn er themacontroles. Voorbeelden hiervan zijn controles tijdens voetbalevenementen of horecacontroles.
Omgevingswet Via de Omgevingswet worden in een vroeg stadium alle belangen en risico’s inzichtelijk gemaakt.
5.2.3 Toezicht en handhaving horeca en evenementen
Hierdoor is het mogelijk belangen met elkaar te verenigen. Met de invoering van de Omgevingswet -
Het toezicht op de horecabranche en evenementen wordt verricht door de handhavingsorganisatie
en daarmee de introductie van het instrument omgevingsplan - wordt een toevoeging gedaan aan de
van DSB, de politie-eenheid Den Haag en het Haags Economisch Interventie Team (HEIT). Het toezicht
Wet Veiligheidsregio’s. Omgevingsplannen kunnen effect hebben op de uitvoering van de taken van
op de horeca gebeurt risico- en informatiegestuurd. De essentie van deze aanpak is dat goede onder-
de brandweer. Daarbij is het van belang dat bij de inrichting van de omgeving rekening wordt gehouden
nemers vertrouwen krijgen en minder goede worden gecontroleerd. Zo kan de beschikbare hand-
met het voorkomen, beperken en bestrijden van branden, rampen en crises. In dit kader adviseert de
havingscapaciteit gericht worden ingezet bij bedrijven waar problemen zijn en bij evenementen die
VRH in elk geval op de volgende vakgebieden en ontwikkelingen: brandveiligheid, omgevingsveiligheid,
een groter risico op verstoringen van de openbare orde met zich meebrengen. Bij de controles worden
energietransitie, verdichting en klimaatgevolgen.
rapportages opgemaakt die de basis vormen voor de (bestuurlijke) handhavingstrajecten. In acute gevallen zullen HHO, politie en/of HEIT handhavend optreden.
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) Onder de Wkb ziet de kwaliteitsborger toe op het voldoen aan wet- en regelgeving van het te bouwen bouwwerk. De brandweer ervaart in de praktijk dat het louter voldoen aan wet- en regelgeving geen
5.3 Capaciteit vergunningverlening, toezicht en handhaving
garantie is voor een veilig bouwwerk. Een integrale en vroegtijdige blik op (brand)veiligheid is in het huidige tijdsbestek belangrijker dan ooit. Ook binnen de gevolgklasse 1 kunnen bouwwerkzaamheden
5.3.1 Capaciteit brandveiligheid
of verbouwwerkzaamheden plaatsvinden met een verhoogd risico op brandonveiligheid. Brandweer
De gemeente Den Haag maakt jaarlijks op basis van programma 2.4 Openbare Orde en Veiligheid een
Haaglanden volgt hierbij de handreiking Rol en positie brandweer in de Wet kwaliteitsborging voor
lumpsum bedrag over aan de VRH. De begroting van de VRH is gebaseerd op output en niet op inzet
het bouwen van Brandweer Nederland. Voorts heeft Brandweer Haaglanden t.a.v. proef/pilotprojecten
van capaciteit (aantal fte’s). Het werkpakket is vertaald in producten en diensten. De VRH besluit over
Wkb in de gevolgklassen 2 en 3 een werkwijze ontwikkeld waar bij de advisering en het toezicht gebruik