CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS322019 Notulen van de raad van 3 april 2025

Gemeenteraad 8 mei 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 13 maart 2025 (RIS322018), 3 april 2025 (RIS322019) en geheim woordelijk verslag van de raad van 13 februari 2025 (RIS321587)62.325 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 6 van 7

Voordat ik naar de interruptie van meneer De Vuyst ga, wil ik graag de gasten die net binnenkomen van welkom heten. Het zijn gasten van het CDA, als ik het goed gehoord heb. Van harte welkom, leuk dat u er bent! We gaan nu door naar de interruptie van meneer De Vuyst. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Ik zie er ook wat oude bekenden bij. Leuk om die terug te zien. Sorry! In het interruptiedebat tussen de heer Mekers en mevrouw Van Basten Batenburg werd het een beetje een of-of-discussie. Laat ik nu deze keer dan de en-en noemen, want volgens mij moet de participatie aan beide kanten verbeterd worden. De heer Mekers wordt nu in beeld gebracht. Daar wordt het beeld alleen maar knapper van. Hij heeft een heel mooie broche. Maar mijn vraag is of mevrouw Van Basten Batenburg ook ziet dat het ook en-en is. We horen ROVER en Haaglanden OV hier regelmatig klagen dat ze geen voet tussen de deur krijgen daar. Tegelijkertijd ben ik het met mevrouw Van Basten Batenburg eens dat wij het gekozen orgaan zijn. Hoe ziet zij dat? Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik denk dat ik daar tussen de regels door net al een beetje op hintte toen meneer Mekers zei: het is toch goed dat de MRDH die trams en die bussen in gaat en gaat kijken? Absoluut, helemaal eens met meneer De Vuyst. We moeten ook zorgen dat bij de MRDH de invloeden van buiten goed binnenkomen.

Maar volgens mij is dat hoe het in iedere, ook ambtelijke, organisatie zou moeten werken. Natuurlijk moeten die ambtelijke organisaties niet vanuit een ivoren toren naar de regio kijken. Dus in dat opzicht ben ik het eens met meneer De Vuyst.

82

Maarten De Vuyst (GroenLinks). Dan toch, om het helemaal af te maken: dus dat betekent ook dat die georganiseerde groepen of individuele burgers die betrokken zijn bij, ook daar beter in staat gesteld moeten worden om hun mening op tijd kenbaar te maken, en dat daar ook iets mee gedaan wordt. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Helemaal eens. Leonie Gerritsen (PvdD). Ik kan me heel goed vinden in de tekst van de VVD, maar heeft de MRDH hier dan nog wel een soort coördinerende rol, zodat je niet een lappendeken van participatie krijgt? Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dat schoot ook door mijn hoofd toen meneer Mekers net iets zei over de verschillende processen en verschillende regio's. Het lijkt mij heel goed als de MRDH zorgt dat wij een net pakket met stukken krijgen en dat wij dat niet allemaal zelf nog hoeven te doen. Dus dat zij inderdaad in die zin coördineren, de processen stroomlijnen, en dan wel beter dan nu, als het gaat om de termijnen. Ik weet dat mevrouw Gerritsen er ook een groot voorstander van is om dat wat beter te gaan doen en daar ook slachtoffer van is geweest de afgelopen tijd. Dus ja, absoluut. Leonie Gerritsen (PvdD). Ik zou het amendement namelijk graag willen steunen, maar ik mis nog wel dat dat erin staat. Het lijkt nu alsof de MRDH helemaal gevrijwaard is van daarin meewerken. Lotte van Basten Batenburg (VVD).

Dan stel ik voor dat we daar nog even naar kijken en daar ergens na deze termijn op terugkomen. De voorzitter. Gaat u verder. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Het derde amendement heet Ga voor een kleine en doelgerichte MRDH. Dat besluit dictum I als volgt aan te vullen: 'e. De efficiëntie, effectiviteit en transparantie van de MRDH-organisatie. Hierbij is het noodzakelijk dat er een externe doorlichting van het ambtelijk MRDH-apparaat wordt gedaan, met als doel meer slagkracht te krijgen in de vervoersregio en tot een kleinere en meer doelgerichte organisatie te komen die zich richt op kerntaken.' En de zienswijze als volgt aan te passen - daar wordt een zin in geschrapt en er worden zinnen toegevoegd: 'Den Haag vraagt nadrukkelijk aandacht voor de efficiëntie, effectiviteit en transparantie van de MRDHorganisatie. Den Haag wil dat de MRDH zich ontwikkelt tot een meer doelgerichte en kleine organisatie, die zich richt op haar kerntaken en gebruik maakt van expertise en uitvoeringskracht van de deelnemende gemeenten. Extra inzet ten behoeve van de vervoersregio kan voortkomen uit het schrappen van onnodige inzet op andere terreinen.

We willen een externe kritische doorlichting van het apparaat om deze transitie te maken.' Dit amendement is ingegeven door het feit dat de MRDH de afgelopen jaren vooral groter is geworden, maar uit de evaluatie zien we dat ze niet per se meer hebben kunnen bereiken. We vinden het heel belangrijk dat we daar de komende jaren een verandering in gaan brengen. Wij denken dat we in deze zienswijze daar stelling in moeten nemen en daar dan als raad ook absoluut ook op moeten doorpakken in de position paper de komende tijd. We willen deze kans hier niet laten schieten, omdat dit ook het moment is om ons uit te spreken over het actieplan. Dit en het vorige amendement zijn medeondertekend door mevrouw Peeck. De voorzitter. Door mevrouw Van Basten Batenburg, daartoe gesteund door mevrouw Peeck, worden de volgende amendementen (I.A VVD, I.B VVD en I.C VVD) voorgesteld:

Amendement I.A VVD ga voor een kleine en doelgerichte MRDH De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 april 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Zienswijze Evaluatie en doorontwikkeling GR MRDH.

83

Besluit: ●

Dictum I. als volgt aan te vullen: o e. De efficiëntie, effectiviteit en transparantie van de MRDH-organisatie. Hierbij is het noodzakelijk dat er een externe doorlichting van het ambtelijk MRDHapparaat wordt gedaan, met als doel meer slagkracht te krijgen in de vervoersregio en tot een kleinere en meer doelgerichte organisatie te komen die zich richt op kerntaken.

●

En de zienswijze als volgt aan te passen: o Den Haag kan zich op hoofdlijnen vinden in de actielijnen van het ontwerp actieplan evaluatie MRDH. Den Haag kan de lijn steunen voor versterking van de MRDH organisatie als dit bijdraagt aan de doelen voor ruimtelijk- economische en sociaaleconomisch beleid in relatie tot de opgaven in NOVEX en MIRT. Den Haag vraagt nadrukkelijk aandacht voor de efficiëntie, effectiviteit en transparantie van de MRDH-organisatie. Den Haag wil dat de MRDH zich ontwikkelt tot een meer doelgerichte en kleine organisatie, die zich richt op haar kerntaken en gebruik maakt van expertise en uitvoeringskracht van de deelnemende gemeenten. Extra inzet ten behoeve van de vervoersregio kan voortkomen uit het schrappen van onnodige inzet op andere terreinen. We willen een externe kritische doorlichting van het apparaat om deze transitie te maken.

Amendement I.B VVD participatie waar het hoort De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 april 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Zienswijze Evaluatie en doorontwikkeling GR MRDH. Besluit: ●

Dictum I. d. als volgt te wijzigen: o het afstemmen van de vormgeving van participatie met de participatieverordening de gemeente Den Haag en het inzichtelijk maken van verantwoordelijkheden en rolverdeling participatie dient te verlopen via de gemeenten die het betreft, hiervoor dient ruimte te worden gecreëerd in het besluitvormingsprocessen van de MRDH.

●

En de zienswijze als volgt aan te passen: o Hierbij is het wenselijk als de MRDH een financiële meerjarenstrategie ontwikkelt voor de komende 20 jaar, waarbij grote keuzen, zoals automatische metro, toekomst Krakeling, ZoRo-lijn en verlengen tramtunnel Grote Marktstraat worden geprogrammeerd. Ten slotte zijn we ten sterkste tegen de voorgenomen invulling van de willen we opmerken bij actielijn Participatie van het actieplan. dat deze moet relateren aan de participatieverordening van de gemeente Den Haag. Ook moet duidelijk zijn welke partij welke verantwoordelijkheid bij participatie heeft. En bewoners moeten ook kunnen snappen hoe de participatie is vormgegeven. Alle participatie dient te verlopen via de deelnemende gemeenten, zodat inwoners en ondernemers via vertrouwde kanalen hun mening kunnen geven en de gemeenteraad, als directe democratische vertegenwoordiging, deze inbreng kan meewegen in zijn zienswijze aan en handelen naar de MRDH. De MRDH dient besluitvormingsprocessen aan te passen om gemeenteraden in staat te stellen om de participatie goed vorm te geven. De actielijn participatie moet uitsluitend hierop worden gericht. Tijdigheid van aanlevering van stukken is hierbij een belangrijk aandachtspunt.

84

Amendement I.C VVD sociale veiligheid mag geen sluitpost zijn De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 april 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Zienswijze Evaluatie en doorontwikkeling GR MRDH. Besluit: ●

Dictum I. b. als volgt aan te vullen: o het geven van prioriteit aan de realisatie van de reeds in gang gezette projecten, waaronder INTHR. Indien budgettaire knelpunten ingrepen in de dagelijkse uitvoering van het ovsysteem nodig maken, dienen mogelijke keuzes samen met de gemeenten besproken te worden, voordat er besluiten aan de verschillende MRDH-gremia worden voorgelegd. Voor de overige ambities moet een concreet uitvoeringsplan met een prioritering worden opgesteld waarbij de focus ligt op de kerntaken verbeteren van de mobiliteit en het economisch vestigingsklimaat. De beschikbare budgetten voor veiligheid mogen niet als sluitpost worden gebruikt.

●

En de zienswijze op pagina 4 als volgt aan te vullen: o We merken verder op dat de beschikbare budgetten vanuit het Rijk voor regionale mobiliteit onder druk staan. We vragen dan ook extra aandacht aan de MRDH om dit knelpunt bij het Rijk aan de orde te blijven stellen. Indien budgettaire knelpunten ingrepen in de dagelijkse uitvoering van het ov-systeem nodig maken, dienen mogelijke keuzes samen met de gemeenten besproken te worden, voordat er besluiten aan de verschillende MRDH-gremia worden voorgelegd. De ervaren (sociale) veiligheid in bus en tram is een randvoorwaarde voor goed OV en de beschikbare budgetten voor veiligheid mogen dan ook niet als sluitpost worden gebruikt. Verder gaan we er vanuit dat alle projecten die in gang zijn gezet, zoals INTHR, de komende tijd conform afspraken in de SOK doorgang kunnen vinden en dat hieraan prioriteit wordt gegeven. Dat vraagt commitment van de MRDH én van de gemeente.

De amendementen maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Voorzitter. De zienswijze op het actieplan die we vandaag bespreken, komt voort uit een evaluatie. Als je die evaluatie wil inkijken, moet je goed zoeken en vind je die op de site van de gemeente Alblasserdam. Of Alblasserwaard, ik weet eigenlijk niet wat de gemeente is. Maar je kunt die daar vinden. We hebben de evaluatie goed doorgelezen, en ook het actieplan uiteraard dat opgesteld is. Een punt missen we compleet, zowel in de evaluatie als in het actieplan, en dat gaat over toegankelijkheid van het openbaar vervoer. Daar is voldoende beleid voor bij het MRDH. In zijn algemeenheid geldt: als ov niet toegankelijk is, betekent dat voor een deel van onze inwoners dat er géén ov is. Want al het papier kan nog zo geduldig zijn, een tram die doorrijdt als iemand met een rolstoel er niet in komt, daar gaat de toegankelijkheid van het openbaar vervoer om. De zienswijze dringt ook aan om de actieve communicatieplicht over korte- en langetermijnontwikkelingen die reizigers raken, mee te nemen in het onderzoek. Dat inspireerde ons om dan te zeggen dat ook inwoners met en zonder functiebeperking worden meegenomen.

Daarom dienen we het amendement Toegankelijk Openbaar Vervoer in, dat luidt: "Besluit om: Een nieuw dictum, I e, te voegen: Het beleid rondom toegankelijkheid te evalueren, zoals vastgelegd in het MRDH 'Beleidskader Toegankelijk Openbaar Vervoer 2024' en het 'Uitvoeringsprogramma Toegankelijk Openbaar Vervoer MRDH 2024 - 2028'. Hierbij mensen te betrekken met en zonder functiebeperkingen (waaronder kinderen) en representatieve organisaties." Dan wil ik het, in het verlengde van het amendement dat mevrouw Van Basten Batenburg hier net had, over participatie hebben. Ik kies de kant van de MRDH zelf, als in 'daar kan volgens ons ook nog wat gebeuren'. De MRDH staat nu nog te ver van burgers en van inwoners af. In de besluitvormingsprocessen is er te weinig ruimte en tijd voor burgerparticipatie. Ik heb al onze vaste 85

insprekers ROVER en Haaglanden OV aangehaald, die daar ook hartstochtelijk over kunnen klagen. Daarom dient GroenLinks het amendement in Democratische legitimiteit - een van de actieplanlijnen vergt ook participatie: 'Besluit om een nieuw dictum punt toe te voegen en de nummering daarop aan te passen: De participatie van betrokken organisaties en inwoners bij besluiten en kaders van de MRDH te verbeteren, zodat deze groepen proactief kunnen laten weten wat zij van een voorgenomen besluit of voorstel tot nieuw beleid vinden.' Tot slot. De heer Bom - hij was niet bij de commissievergadering, maar is er nu wel - en ik hebben een zeer vermakelijke avond gehad in Delft als onderdeel van het opstellen van het actieplan. Dat was een stukje participatie. Daar was grote eensluidendheid over het economisch vestigingsklimaat. Ik denk dat de heer Bom zich dat ook nog kan herinneren. Er was niemand die daar echt voor ging staan, van: wat is dat nu? Dat was dan ook een van de conclusies die uit die sessie is gekomen. We zien ook dat de resultaten van de MRDH op het gebied van economisch vestigingsklimaat en de concurrentiepositie beperkt zijn. Dat blijkt ook gewoon uit de evaluatie. En laten we eerlijk zijn, economisch vestigingsklimaat is ook een beleidsveld waar al veel regionale afstemming op is. Binnen Haaglanden hebben we een groep, de provincie doet er van alles op et cetera.

Het is ook een veel kleiner veld binnen de MRDH dan de openbaarvervoerconcessie. Dat maakt eigenlijk dat GroenLinks wil dat er meer gekeken waar deze twee kerntaken meer in elkaars verlengde komen te liggen. Daarom het amendement Zoek raakvlak openbaar vervoer en economisch vestigingsklimaat: 'Besluit om: - De laatste zin van dictum I b te wijzigen: Voor de overige ambities moet een concreet uitvoeringsplan met een prioritering worden opgesteld waarbij de focus ligt op de kerntaak verbeteren van de mobiliteit, met als afgeleide kerntaak economisch vestigingsklimaat.; - Een dictum punt toe te voegen dat stelt: De raad van Den Haag ziet graag n.a.v. de evaluatie dat bij de volgende MRDH-visie op economisch vestigingsklimaat gefocust wordt op de nexus van economisch vestigingsklimaat en openbaar vervoer. Dat wil zeggen dat het beleid van het economisch vestigingsklimaat zich focust op die plekken die met een goed ov ontsloten kunnen worden.' Dat waren de drie amendementen. De voorzitter. Door de heer De Vuyst worden de volgende amendementen (I.D GL en I.F GL) voorgesteld:

Amendement I.D GL Democratische legitimiteit vergt ook participatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 april 2025, ter bespreking van ‘Voorstel van het college inzake Zienswijze Evaluatie en doorontwikkeling GR MRDH’ (RIS321523).

Besluit om: ▪ Een nieuw dictum punt toe te voegen en de nummering daarop aan te passen: o De participatie van betrokken organisaties en inwoners bij besluiten en kaders van de MRDH te verbeteren, zodat deze groepen pro-actief kunnen laten weten wat zij van een voorgenomen besluit of voorstel tot nieuw beleid vinden.

Amendement I.F GL Zoek raakvlak openbaar vervoer en economisch vestigingsklimaat De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 april 2025, ter bespreking van ‘Voorstel van het college inzake Zienswijze Evaluatie en doorontwikkeling GR MRDH’ (RIS321523). Besluit om: •

De laatste zin van dictum I b te wijzigen:

86

o

•

Voor de overige ambities moet een concreet uitvoeringsplan met een prioritering worden opgesteld waarbij de focus ligt op de kerntaak verbeteren van de mobiliteit, met als afgeleide kerntaak economisch vestigingsklimaat;

Een dictum punt toe te voegen dat stelt: o De raad van Den Haag ziet graag n.a.v. de evaluatie dat bij de volgende MRDH visie op economisch vestigingsklimaat gefocust wordt op de nexus van economisch vestigingsklimaat en openbaar vervoer; d.w.z. dat het beleid van het economisch vestigingsklimaat zich focust op die plekken die met een goed OV-systeem ontsloten worden.

De voorzitter. Door de heer De Vuyst, daartoe gesteund door mevrouw Bos, wordt het volgende amendement (I.E GL) voorgesteld:

Amendement I.E GL Toegankelijk Openbaar Vervoer De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 april 2025, ter bespreking van ‘Voorstel van het college inzake Zienswijze Evaluatie en doorontwikkeling GR MRDH’ (RIS321523). Besluit om: ▪ Een nieuw dictum, I e, te voegen: o Het beleid rondom toegankelijkheid te evalueren, zoals vastgelegd in het MRDH ‘Beleidskader Toegankelijk Openbaar Vervoer 2024’ en het ‘Uitvoeringsprogramma Toegankelijk Openbaar Vervoer MRDH 2024 – 2028’. Hierbij mensen te betrekken met en zonder functiebeperkingen (waaronder kinderen) en representatieve organisaties. De amendementen maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Leonie Gerritsen (PvdD). Voorzitter. Mijn fractie kan zich wel vinden in grote delen van de zienswijze. Het is echt belangrijk dat de MRDH zich door blijft ontwikkelen. Ik zou mezelf niet per se een slachtoffer noemen, maar het was wel hard werken daar. De invloed van de gemeente moet versterkt en verduidelijkt worden. We hopen dat de vele onderzoeken en evaluaties die er liggen nu genoeg inzicht hebben gegeven om dit te bewerkstelligen. De Partij voor de Dieren heeft nog wel iets toe te voegen, naast dat we een aantal amendementen van collega's gaan steunen. Dat betreft meer aandacht voor de behoeften van scholieren en studenten.

De MRDH is wel van plan om samen te werken met kennisinstellingen, maar om echt goed in kaart te brengen waar deze doelgroep behoefte aan heeft, ook in de toekomst, moet hier specifiek onderzoek naar gedaan worden. Vandaar het volgende amendement: 'Besluit om de volgende tekst aan het dictum toe te voegen: I. e. om in het kader van de op te stellen Mobiliteitsvisie zorgvuldig in kaart te brengen wat de behoeften van scholieren en studenten zijn en daarbij rekening te houden met de ontwikkelingen binnen universiteiten, beroepsonderwijs en scholen, bereikbaarheid van stageplekken en de behoefte en bereikbaarheid van studentenhuisvesting.' Tot slot een oproep aan de wethouder om nog dit jaar met een opzet voor de position paper te komen, zodat we daar als raad mee aan de slag kunnen. Graag een reactie. De voorzitter. Door mevrouw Gerritsen wordt het volgende amendement (I.G PvdD) voorgesteld:

Amendement I.G PvdD Breng toekomstige OV behoeften scholieren en studenten in kaart De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 april 2025, ter bespreking van het voorstel van het college inzake Zienswijze Evaluatie en doorontwikkeling GR MRDH (RIS321523). 87

Besluit om de volgende tekst aan het dictum toe te voegen: ▪ I. e. om in het kader van de op te stellen Mobiliteitsvisie zorgvuldig in kaart te brengen wat de behoeften van scholieren en studenten zijn en daarbij rekening te houden met de ontwikkelingen binnen universiteiten, beroepsonderwijs en scholen, bereikbaarheid van stageplekken en de behoefte en bereikbaarheid van studentenhuisvesting. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Lesley Arp (SP). Voorzitter. De SP is niet tegen regionale samenwerking, maar het gebrek aan democratische legitimiteit van de metropoolregio blijft voor ons een heikel punt. Het is geen geheim dat we al langer pleiten voor het schrappen van de economische taak van de MRDH. Het actieplan dat wij als raad moeten omarmen met de voorliggende zienswijze gaat juist uit van een verdere versterking van de MRDH en de focus op grote economische icoonprojecten. Ook de grote stem die het bedrijfsleven volgens het actieplan moet krijgen bij het opstellen van de mobiliteitsvisie, roept bij ons vragen op. Wij vragen ons daarnaast af of het voorgestelde participatiebeleid daadwerkelijk een oplossing zal zijn voor het gebrek aan democratische legitimiteit.

Aangezien deze zienswijze begint met de zin dat wij moeten instemmen met het actieplan, trekt mijn fractie de conclusie dat wij het beter zouden vinden om niet met deze zienswijze in te stemmen. Maar we zullen wel alle amendementen steunen die tot verbetering van de zienswijze leiden in onze ogen. De voorzitter. Ik wens de gasten die vertrekken, een fijne avond toe. Dank dat u er was en wellicht tot ziens. We gaan luisteren naar de burgemeester. De heer Van Zanen. Voorzitter. Een paar zinnen over die regionale samenwerking. Ik denk dat het verstandig is dat je als grote stad, samen met Rotterdam, vormen vindt en onderhoudt die deze samenwerking mogelijk maken. We moeten voor de inhoud gaan en voor wat het oplevert. Ik vond het in ieder geval heel prettig en heel plezierig dat ik samen met die andere vervoersregio kon strijden - ik weet nog niet of het helemaal gaat lukken - tegen de bezuinigingen op het openbaar vervoer. Je staat als Den Haag toch een stuk sterker als je dat samen met Amsterdam kan doen, in ons geval in de MRDH. Ik denk ook dat het verstandig is om steeds de momenten te gebruiken om niet alleen met Rotterdam maar vooral ook met de gemeenten die ons omringen, te spreken en afspraken te maken. Bovendien is de wet de wet.

Dat zeg ik tegen alle collega's die overigens heel principieel kiezen voor 'dan maar de provincie', en dat zijn meerdere partijen in deze raad, heb ik in de commissie gemerkt. We hebben destijds voor de vervoersregio gevochten. Er zijn andere regio's in den lande die jaloers op ons zouden zijn, die zich kapot gevochten hebben om vervoersregio te mogen worden. Dus ik zeg nog maar een keer namens het college: let wel op wat we doen, laten we eruit halen wat erin zit en het is niet alleen maar kommer en kwel. De tweede algemene opmerking namens het college is toch - ik hoopte dat mevrouw Gerritsen daar iets over ging zeggen - dat in de vier jaar dat ik hier nu ben, het ook steeds zo is geweest dat de inzet van ons, zowel ambtelijk als van de bestuurders en de raadsleden, loont aan het eind. Kijk naar dit proces. Dit is de tweede fase van die evaluatie. Daar gaat een heel traject aan vooraf. Nu pas bij de zienswijze komen er opmerkingen - die ik netjes ook zal bespreken en waarmee ik het voor een deel ook gewoon eens ben, hoor, daar gaat het niet om. Maar we hadden van onze positie wel gebruik kunnen maken. De dingen die destijds zijn ingebracht - denk aan de democratische legitimatie, kijk ook nu naar het actieplan - zijn letterlijk overgenomen. De aandacht voor de duurzame ontwikkeling, ook van de MRDH-organisatie zelve, is letterlijk overgenomen.

Dus ik doe echt een oproep aan de gemeenteraad om gebruik te maken van je positie, want die heb je. Er zijn zes of zeven momenten dat we aan de voorkant hadden kunnen zeggen: denk daar en daar en daar aan. Dat kan nu ook. Het kan ook allemaal. Helemaal geen punt, want we hebben nu de zienswijze. Dus u staat volledig in uw recht. Bovendien gaan we ook nog over het actieplan spreken. Daar gaat het helemaal niet om. Alleen, je hebt aan de voorkant heel veel invloed en eigenlijk meer invloed, want nu, ja, het eind van de wedstrijd komt in zicht. Iedereen heeft zijn plasje al gedaan. Als je dan nog een keer je vinger opsteekt, is dat gewoon minder effectief. Als we daar als college of als ambtelijke organisatie iets aan 88

moeten doen - want u heeft het natuurlijk ook druk; ik snap het allemaal, het kost allemaal tijd - dan zijn wij, ik kijk ook naar mijn collega's in de MRDH, wethouder Kapteijns en wethouder Bruines, graag bereid om daarin te faciliteren. Ik was er ook van overtuigd, ik ben er ook van overtuigd dat dat zo is. Ik zal de drie voorstellen die ingediend zijn, bespreken en van een commentaar voorzien. Het tweede amendement van de VVD heet Participatie waar het hoort. Dat zou ik aan het oordeel van de raad willen laten. De uitwerking van de participatie moet nog vorm krijgen. Dat staat opgenomen in het actieplan. Dat gaat in de komende tijd nog worden uitgewerkt. Daar heeft u dus ook nog invloed op. Als u dit amendement aanneemt, dan is dit de inzet van Den Haag. U gaat over de zienswijze. We hebben een voorstel gedaan en het kan. Het is wel zo dat ik ook wel begrip heb voor degenen die zeggen dat dit wel een regionale component heeft. Als je het allemaal voor jezelf gaat zitten doen, dan hoop ik ten minste - maar dat gaat dan in tweede termijn gebeuren - dat je ook de MRDH uitdaagt om te garanderen dat die coördinatievorm dan wel gebeurt; oordeel raad. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik denk, of weet eigenlijk wel zeker, dat er zo dadelijk een amendement wordt rondgestuurd met een paar woorden extra erin.

Daarin komt te staan: 'MRDH dient besluitvormingsprocessen aan te passen om gemeenteraden in staat te stellen om de participatie goed vorm te geven en heeft hierin een coördinerende en faciliterende rol.' Dus dat wordt toegevoegd. Ik stuur dat even rond, zodat iedereen het heeft. De voorzitter. Amendement I.B VVD is in die zin gewijzigd, dat het thans komt te luiden:

Amendement I.B VVD participatie waar het hoort (gewijzigd) De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 april 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Zienswijze Evaluatie en doorontwikkeling GR MRDH. Besluit: ●

Dictum I. d. als volgt te wijzigen: o het afstemmen van de vormgeving van participatie met de participatieverordening van de gemeente Den Haag en het inzichtelijk maken van verantwoordelijkheden en rolverdeling participatie dient te verlopen via de gemeenten die het betreft, hiervoor dient ruimte te worden gecreëerd in het besluitvormingsprocessen van de MRDH.

●

En de zienswijze als volgt aan te passen: o Hierbij is het wenselijk als de MRDH een financiële meerjarenstrategie ontwikkelt voor de komende 20 jaar, waarbij grote keuzen, zoals automatische metro, toekomst Krakeling, ZoRo-lijn en verlengen tramtunnel Grote Marktstraat worden geprogrammeerd. Ten slotte zijn we ten sterkste tegen de voorgenomen invulling van de willen we opmerken bij actielijn Participatie van het actieplan. dat deze moet relateren aan de participatieverordening van de gemeente Den Haag. Ook moet duidelijk zijn welke partij welke verantwoordelijkheid bij participatie heeft. En bewoners moeten ook kunnen snappen hoe de participatie is vormgegeven. Alle participatie dient te verlopen via de deelnemende gemeenten, zodat inwoners en ondernemers via vertrouwde kanalen hun mening kunnen geven en de gemeenteraad, als directe democratische vertegenwoordiging, deze inbreng kan meewegen in zijn zienswijze aan en handelen naar de MRDH. De MRDH dient besluitvormingsprocessen aan te passen om gemeenteraden in staat te stellen om de participatie goed vorm te geven en heeft hierin een coördinerende en faciliterende rol. De actielijn participatie moet uitsluitend hierop worden gericht. Tijdigheid van aanlevering van stukken is hierbij een belangrijk aandachtspunt. 89

Het gewijzigd amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De heer Van Zanen. Bedankt, dat maakt het nog positiever dan ik eerst al zei. Het derde amendement van de VVD, het tweede dat ik bespreek, heet Ga voor een kleine en doelgerichte MRDH. Ik zou in ieder geval willen voorstellen om aan de zienswijze de volgende zin toe te voegen: 'Den Haag vraagt nadrukkelijk aandacht voor de efficiëntie, effectiviteit en transparantie van de MRDH-organisatie.' Dat lijkt me sowieso goed. Maar als je kijkt naar de feiten en cijfers, dan zie je dat de MRDH lean and mean is as such, ook niet is toegenomen, maar is afgenomen. De inhuur is wel gestegen. Maar het is een kleine organisatie. Het college vindt, en dat geldt ook voor mij, dat je uit de rapporten en de evaluaties ook kunt lezen: het is een heel kleine organisatie en toch doet ze verrassend veel en goed werk. Ik weet dus niet hoeveel er nog uit is te halen. In algemene zin moet je efficiency, effectiviteit en transparantie zeker noemen. Maar nu al ervan uitgaan dat het kleiner moet worden? Ik weet dat de VVD in haar bijdrage in het commissiedebat - het is overigens niet wettelijk geregeld, we kunnen dat zelf besluiten; het hoeft niet, maar we hebben het destijds wel besloten - zich afvroeg of het efficiënt is wat er in de economische hoek gebeurt. Dat kun je vinden, maar daar is het college het niet mee eens.

Waarom niet? Omdat wij nog steeds vinden, als je het hebt over mobiliteit in brede zin, dat het een gemiste kans is als je van die samenwerking in de MRDH niet gebruik maakt om meteen ook het economische aspect erbij te betrekken. Dat doen we niet groots en meeslepend. Dat doen we met heel beperkte inzet. Dus dit amendement ontraad ik, omdat het ook uitgaat van kleiner. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik hoor de burgemeester voor een gedeelte reageren op dingen die ik niet heb gezegd en die ook niet het amendement staan. Het is misschien belangrijk om dat dan niet te betrekken bij de appreciatie, waar hij uiteraard verder geheel over gaat. Maar er staat geen woord in dat we moeten stoppen met de economische samenwerking. Er staat alleen dat de MRDH zich moet richten op kerntaken. Die heb ik met dit amendement niet willen aanpassen. De heer Van Zanen. Dat is mooi, maar ik blijf nog steeds bij mijn appreciatie ontraden, omdat er staat 'kleiner'. Voorzitter. Het amendement van GroenLinks, van meneer De Vuyst, heet Democratische legitimiteit vergt ook participatie. Daar zeg ik ook van namens het college 'oordeel raad'. Het sluit aan bij het actieplan en kan worden meegenomen bij het uitwerken van het participatiebeleid. Dit kan mooi worden opgenomen als inzet ook vanuit Den Haag in deze zienswijze en bij de discussie over de uitwerking van het participatiebeleid. De voorzitter.

We hadden net geconstateerd dat er wat met het beeld was. Dat loopt niet helemaal lekker. Het zoomt heel ver uit als een van de raadsleden het woord heeft. We komen niet helemaal direct in beeld. Als we dat wel willen, zullen we het systeem opnieuw moeten opstarten. Dat vergt best veel tijd. We hebben er dus voor gekozen om het gewoon even te houden zoals het nu is. Het beeld doet het gewoon, het werkt gewoon, iedereen kan het volgen, maar dan weet u dat dat aan de hand is. Binnenkort is dat allemaal verholpen. Dan hebben we allemaal mooi nieuw materiaal. Dat gezegd hebbende, de wethouder is klaar voor de beantwoording. Wethouder Kapteijns, het woord is aan u. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Ik reageer op drie amendementen die betrekking hebben op de vervoersautoriteit. Amendement I.C van de VVD heeft Sociale veiligheid mag geen sluitpost zijn. Sociale veiligheid is inderdaad een kerntaak van de MRDH. Er gaat ieder jaar € 22 mln. van de MRDH naar HTM om dat te organiseren. Het college ziet het als ondersteuning van de ingezette lijn om daar in deze zienswijze nogmaals aandacht voor te vragen. Dit amendement kan ik dus als oordeel raad appreciëren namens het college. Het amendement I.E van GroenLinks heet Toegankelijk Openbaar Vervoer. Dit is in lijn met hoe het college nadenkt over toegankelijkheid.

Om daar extra aandacht voor te hebben en daar in het kader van de inflatie van de gemeenschappelijke regeling hier nog eens extra aandacht voor te vragen, is ondersteuning van beleid. Dus dit kan het college ook aan de raad laten.

90

Dan heb ik ten slotte I.G van de Partij voor de Dieren, Breng toekomstige ov-behoeften scholieren en studenten in kaart. Die is ietsje ingewikkelder. Allereerst omdat de mobiliteitsvisie al best wel ver in de pijplijn zit. Deze komt in ieder geval ruim voor de zomer ter bespreking naar uw raad toe. Als het gaat om toekomstige ontwikkelingen, bijvoorbeeld als het gaat om studenten, dan is dat eigenlijk de taak die de vervoerder heeft. Vervoerders passen hun aanbod aan de vraag aan. Ze doen ook onderzoek om te kijken waar de vraag zit. Daar spelen onderwijsinstellingen natuurlijk een grote rol bij, sowieso als het gaat om bereikbaarheid. Dan zijn kennisinstellingen en locaties waar studenten gehuisvest zijn natuurlijk heel erg in beeld als het gaat om nieuwe haltes en nieuwe lijnen. Dus zowel procedureel als inhoudelijk is het college hier wat minder enthousiast over. Ik zou dit amendement dus graag willen ontraden. Er was net nog een vraag gesteld over de position paper. Misschien om dat toch nog even te verduidelijken: het college heeft aangegeven, ook in de commissie, dat we daar ondersteuning aan willen geven. Het initiatief is aan uw raad. Dus als er een vraag komt vanuit uw raad, dan zal het college daarbij helpen. Maar om nu nog dit jaar een opzet te vragen, is een beetje de omgekeerde gang van zaken. Peter Mekers (D66). Bij dezen dan het verzoek om ons daarbij te helpen.

Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Daar is het college van harte toe bereid. Wethouder Bruines (D66). Voorzitter. Het amendement van de heer De Vuyst van GroenLinks gaat over de relatie tussen de vervoersautoriteit en het economisch vestigingsklimaat. Het is natuurlijk een onomstreden feit dat een goed openbaar vervoer, een goede bereikbaarheid een van de belangrijkste vestigingsvoorwaarden is voor economische ontwikkeling, voor bedrijven om zich hier te vestigen, en voor mensen die naar hun werk kunnen. In die zin is die samenhang er dus wel degelijk. Dat is ook een van de redenen geweest om juist ook dat economisch vestigingsklimaat, die economische ontwikkeling als onderdeel mee te nemen in de MRDH-samenwerking. In die zin zijn we het, denk ik, eens. Maar dit amendement vraagt dat de keuzes en de stappen die wij maken ter verbetering van het economisch vestigingsklimaat volgend moeten zijn op de ontwikkelingen van het openbaar vervoer. Dat vindt het college ingewikkeld. Ik zou er ook niet voor zijn. Natuurlijk hangt het economisch vestigingsklimaat samen met het openbaar vervoer, maar ook met een aantal andere dingen. Als je kijkt naar wat er de afgelopen jaren gebeurd is, dan gaat het over verbetering van de samenwerking tussen gemeenten, elkaar beter kennen, ook weten wat er aan economische activiteit in welke regio en welk onderdeel van de MRDH gebeurt.

Het is wat minder tastbaar en wat minder eenduidig dan een buslijn, een tramlijn of het aantal reizigers, maar dat heeft wel degelijk een grote verbetering opgeleverd. We hebben met het investeren in een aantal campussen waarin regionale onderwijsinstellingen met bedrijvigheid samenwerken ook heel veel landelijk geld uit het Groeifonds los weten te krijgen. Er is op het gebied van ondersteuning in cyberweerbaarheid stappen gezet. De samenwerking via de gemeenten heeft er wel degelijk voor gezorgd dat er echt wel stappen in het vestigingsklimaat en de samenwerking zijn gezet. Maar ik zie ook heel goed dat er in het Berenschotrapport kritische noten staan of in ieder geval zorgen worden geuit over de concreetheid daarvan. U ziet ook in het actieplan dat we daar echt stappen in willen nemen. Op dit moment wordt er gewerkt aan een strategische agenda om daaraan tegemoet te komen, om te kijken op welke punten, op wat voor manier de meerwaarde van die samenwerking zichtbaar kan worden gemaakt. Ik ben het daar ook mee eens. Ik zeg hier ook heel graag toe dat ik met u het gesprek aan wil gaan of we met elkaar op de goede route zijn, wat het betekent voor Den Haag en voor de regio. Dat gesprek voeren we te weinig met elkaar. Dat is een tijdje wat beter gegaan. Toen hadden we elke maandag een bijeenkomstje. Dat is weer een beetje weggezakt.

Dat vind ik jammer, want het gaat wel ergens over. Maar ik zeg toe dat ik mijn best ervoor zal doen. Maar de inhoud van dit amendement, waarin staat dat economie niet meer is dan het volgen van de bereikbaarheid, vind ik echt te beperkt. Ik zou het daarom zeer willen ontraden. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Het is goed om te horen dat ook de wethouder heeft gelezen in de Berenschotevaluatie dat het eigenlijk gewoon weinig tastbaar is. Dan druk ik nog zacht uit wat 91

Berenschot zegt over de resultaten van al het geld dat al gestopt is in het economisch vestigingsklimaat. Ik hoorde net van de SP, maar ook van anderen in de commissie, dat ze daar veel zorgen over hebben. Wat is dat dan? Het is niet, zoals de burgemeester net zei, een wettelijke taak die wij hebben. Het voelt aan als een schot hagel dat daar wordt gedaan. Ook als je de evaluatie leest: waarom zou de MRDH iets met innovatie moeten doen? We zitten zelf in het InnovationQuarter. De provincie doet het, wij doen het. Het teruggaan en de vraag stellen wat nu echt hetgeen is wat alleen MRDH kan, is eigenlijk wat ik misschien echt wel zou willen op dit vlak. Wethouder Bruines (D66). Die vraag begrijp ik heel goed. Er wordt natuurlijk ook binnen de hele regio Zuid-Holland samengewerkt tussen gemeenten, binnen Haaglanden wordt er samengewerkt en ook in de Rotterdamse regio. Maar toen de MRDH is opgericht waren er rapporten gemaakt door onder andere de OESO. Daar is uitgekomen: wij zitten in een provincie, wat natuurlijk een gekke provincie is, met twee grote steden, vlak bij elkaar, met een heel ander economisch profiel.

Er is toen ook gekeken naar het Daily Urban System: wie gaat wanneer waarnaartoe op een dag? Daar is toen de conclusie van geweest dat als je de samenwerking verbetert, de bereikbaarheid over en weer vergroot en ook de kennis van elkaar, er veel meer potentie voor economische ontwikkeling en economische groei ligt dan waar we op dat moment gebruik van hebben gemaakt. Dat is de reden waarom we daarmee van start zijn gegaan. Ik ben direct met u eens dat er echt nog wel stappen te zetten zijn in de verfijning, ook van de verslaglegging daarvan en van de inzichten en het zo SMART mogelijk maken van resultaten. Daar heb ik net van gezegd dat ik me daar graag voor blijf inspannen. Dat geeft het Berenschotrapport ook aan en daar gaat het actieprogramma ook op in. Maar het amendement dat voorligt, beperkt de mogelijkheden om dat te gaan doen. Dat zou ik heel erg jammer vinden. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Mijn vertrekpunt is net wat anders. Dat is wel vaker bij gemeenschappelijke regelingen. We hebben daar ook een hele evaluatie van gehad et cetera. U noemt een aantal dingen die de MRDH kán doen. Maar de vraag is: moeten ze die ook doen of kunnen ze ook zonder gemeenschappelijke regeling? Kunnen Rotterdam en Den Haag en alles wat daar tussenin zit afstemmen zonder dat de MRDH daar als een clubje bij zit? Ik vind dat we terug moeten gaan naar die vraag.

Wat moet echt in de gemeenschappelijke regeling? Die concessie staat buiten kijf. Op het punt van het economisch vestigingsklimaat ben ik daar niet van overtuigd. Wethouder Bruines (D66). Wat nu heel raar is aan wat de heer De Vuyst zegt is: 23 gemeenten werken samen en komen elke paar weken bij elkaar om over allerlei onderwerpen te spreken, en 'dan zit de MRDH als gemeenschappelijke regeling erbij'. Nee, dat zijn wij zelf. Die 23 gemeenten spreken daar met elkaar en hebben een ambtelijke ondersteuning, ieder vanuit de eigen gemeente, en er is een aantal mensen die dat voor de gemeenschappelijkheid een beetje bij elkaar houden, coördineren en proberen samen te vatten. Ik vind het heel prettig dat je daar juist een plek voor hebt, ook een geformaliseerd moment voor hebt om die samenwerking gestalte te geven. Want als je elke keer maar gaat kijken met wie je gaat spreken of iemand zegt 'er zit nu niets voor mij in, dus ik doe even niet mee', dan gaat het niet werken. Het is een lichte vorm van gemeenschappelijke regeling waarin gemeenten met elkaar - wij, met elkaar, alle wethouders Economie zitten daar - bespreken: goh, wat zien wij nou? Af en toe nodigen we eens mensen van buiten uit om daar hun licht op te laten schijnen. We praten met InnovationQuarter over de regionale ontwikkeling en dan kijken we wat welke gemeente kan doen.

Dan zegt iemand: dan doe ik ook mee, want dan kunnen we samen iets doen. Dat is ongeveer hoe het gaat; ik zeg het even heel simpel in mijn eigen woorden. Dat heeft wel degelijk meerwaarde. Maar ik snap wel dat u wil kunnen zien waar die meerwaarde dan in zit. Dat is aanvullend op de provincie, die vaak aan de MRDH vraagt of zij als vervoersregio, als economische samenwerkingsregio willen reageren op de dingen zie zij doet, bijvoorbeeld met de kantorenstrategie of de bedrijfsterreinenstrategie. Het zit elkaar niet in de weg. Er zijn ook goede afspraken over, over wat er bijvoorbeeld in de Economic Board Zuid-Holland gebeurt. Daar zitten dan ook nog het bedrijfsleven en de kennisinstellingen in. Dus dat zit meer in de triple helix. Dit is echt de publieke poot ervan. Dus ik zie de meerwaarde nog steeds, met alle kritiekpunten die je kan hebben en die ik ook gelezen heb in het rapport. Daar moeten we aan blijven werken.

92

De voorzitter. Meneer De Vuyst voor de derde maal. De interrupties mogen iets korter en de antwoorden ook. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Dat snap ik allebei, voorzitter. Maar waar de wethouder nu niet op antwoordt, is de vraag die ik stelde: waarom de gemeenschappelijke regeling hiervoor inzetten? Want al die meerwaarde kan er ook allemaal zijn in de andere samenwerkingsverbanden. We hebben net gehoord over de democratische legitimiteit en over het feit dat we als gemeenteraad verder op afstand komen. Daar komt nog een evaluatie bovenop. Dan krijgen wij eigenlijk niet aangetoond waarom wij hiermee zouden moeten continueren. Daar zit de uitdaging die ik aan de wethouder zou willen doen. Wethouder Bruines (D66). Dan gaat de discussie van 'wat zijn de opdrachten voor de komende tijd in het kader van de zienswijze' naar 'wat is het nut en de noodzaak van gemeenschappelijke regelingen'. Ik weet dat dit voor de heer De Vuyst een principieel punt is. We spreken er vaak over. Als de voorzitter mij vraagt om kort te zijn, dan wordt dat wel lastig als we die discussie nu moeten gaan voeren met elkaar. Maar laat ik het zo zeggen: een gemeenschappelijke regeling is in dit geval wat mij betreft niet meer dan dat je met een aantal gemeenten een formele samenwerking afspreekt om met elkaar dingen te doen.

De regeling die je dan doet is dat je met elkaar een handtekening zet onder: we doen het samen. Ik denk dat meneer De Vuyst het soms groter en ingewikkelder wil maken dan noodzakelijk. De voorzitter. Mevrouw Gerritsen heeft een punt van orde. Leonie Gerritsen (PvdD). Ik houd mijn amendement aan en ga dit op een later moment op een andere manier indienen. De voorzitter. Aangezien amendement I.G PvdD is ingetrokken, maakt het geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. Ik constateer dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. We stemmen aan het einde van de vergadering.

Aan de orde is: J. Voorstel van het college inzake Cofinanciering en besteding Rijksmiddelen voor het verbeteren, isoleren en onderhouden van woningen in de stad (RIS321219). De beraadslaging wordt geopend. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter. Hart voor Den Haag is voorstander van het isoleren en verbeteren van woningen. De voorzitter. U bent keurig binnen de minuut gebleven die u van uw fractie gekregen had, hartstikke mooi! Noud Dumoulin (VVD). Voorzitter. Het is een beetje improviseren, want het ging iets sneller dan gedacht. Ik dacht 'de heer Dubbelaar gaat een heel betoog houden, dus ik kan mijn inbreng nog schrijven', maar dan maar zo. Voorzitter. Isoleren en energiebesparing zijn goed voor het comfort van je huis en een lagere energierekening. In andere woorden, dat is wel groen en niet gek; je kan altijd terugvallen op de klassiekers, natuurlijk, als je het niet meer weet. De Haagse VVD vindt het wel jammer om te constateren dat er nog steeds wijken zijn die niet de aandacht krijgen die soms nodig is om stappen te zetten. Dat is natuurlijk wel wat gek. Sommige buurten en initiatieven staan echt te popelen om 93

vooruit te gaan, maar kunnen een extra zetje gebruiken om echt te versnellen. Isolatie en andere vormen van energiebesparing zijn een opgave voor de hele stad. Het liefst zien wij de aandacht dan ook beter verdeeld over de hele stad. Om de blik van het college te verbreden, vraagt de Haagse VVD aandacht voor de zogenaamde gele wijken, waar nog een wereld te winnen is en de wil groot. Daarvoor dienen wij de motie Help geel groen te worden in, met als dictum: verzoekt het college met buurtinitiatieven in 'gele wijken' om tafel te gaan om te onderzoeken wat nodig is om ook daar stappen te zetten om te verduurzamen; uiterlijk Q3 2025 de raad te rapporteren over de uitkomsten van deze gesprekken, hoe de initiatieven ondersteund kunnen worden en hoe de reserve 'Duurzaamheid en Energietransitie' daarvoor kan worden ingezet. Deze motie is medeondertekend door mevrouw De Groot van het CDA en de heer Assad van D66. Joren Noorlander (D66). Ik vroeg mij af wat het standpunt van de VVD is ten opzichte van het raadsvoorstel. Want in de commissie was de VVD best wel tegen. Ik vroeg mij af hoe ze er nu in zitten. Noud Dumoulin (VVD). Ik heb erg duidelijk onze bedenkingen bij dit voorstel duidelijk gemaakt. Laat ik vooropstellen dat het rijksgeld hartstikke welkom is natuurlijk. We hadden het liever uit een andere pot gehad. Dat heb ik daar ook gezegd.

Ik heb ook geconstateerd dat er in de commissie weinig draagvlak was voor het voorstel dat we daar opperden. Dan gaan wij niet in de weg liggen van die € 29 mln. aan rijksgeld die we kunnen krijgen. Joren Noorlander (D66). Een van de argumenten van meneer Dumoulin was toen dat de dekking niet helemaal klopte en dat het geld niet gehaald mocht worden uit de Eneco-middelen voor sociale woningbouw. Nu zegt de VVD eigenlijk: dat is wel voldoende om in te kunnen stemmen met het voorstel. Heb ik dat dan zo goed begrepen? Noud Dumoulin (VVD). Verduurzamingsgeld is wat ons betreft het liefst beschikbaar voor de hele stad, voor Hagenaars in heel de stad. Het is een stadsbrede opgave. Wat ik net ook al zei: er is weinig draagvlak om die dekking te veranderen, zoals wij voorstelden in de commissie. Dus dan gaan wij nu ook niet voor die € 29 mln. liggen. De voorzitter. Meneer Noorlander, voor de derde maal. Joren Noorlander (D66). Ik ben blij, als ik meneer Dumoulin goed interpreteer, dat de VVD ook voor dit voorstel gaat stemmen, want dan hebben we gewoon breed draagvlak vanuit de hele raad. Dat is een goed signaal naar alle kwetsbare wijken die deze verduurzaming zo ontzettend nodig hebben. Met de motie van de VVD misschien extra erbij zeggen we: de hele stad nemen we natuurlijk ook mee. Dus ik hoop dat ik meneer Dumoulin zo goed geïnterpreteerd heb. Noud Dumoulin (VVD). Dat klopt.

Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Ik was benieuwd waarom u alleen aandacht vraagt voor de gele wijken. Noud Dumoulin (VVD). Wij zien een grote aandacht van het college voor andere wijken dan de gele wijken, we zien dat daar heel veel potentie is en we zien dat daar heel veel wil is om te gaan. Maar we krijgen ook wel vaak te horen dat ze de gemeente soms missen als partner. Ze zouden meer willen en ook sneller vooruit kunnen. We staan het liefst voor stadsbrede regelingen, maar ik denk dat die gele wijken een goede doelgroep zijn om de blik naar te verbreden. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). De reden dat ik ernaar vraag is dat ik echt heb moeten zoeken naar die gele wijken. Ik begrijp dat het iets is wat in de commissie Leefomgeving vaker voorbijkomt. Ik zit regelmatig in de commissie Ruimte. Ik kende de gele wijken niet. Maar als ik daarnaar kijk, dan denk ik ook dat we kansen laten liggen. Bent u dat met mij eens?

94

Noud Dumoulin (VVD). Die vraag moet u misschien verduidelijken. De strekking van de motie is om kansen in die gele wijken te verzilveren. Dus ik weet niet of u nu goed begrijp, maar dat is in ieder geval het idee van de motie. De voorzitter. Meneer Dubbelaar, derde maal. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Maar de wijken die niet geel zijn, zijn dan dus uitgesloten. Als ik naar het kaartje kijk, dan zou ik het jammer vinden als het er net buiten valt. Maar ik begrijp dat u dat anders ziet. Noud Dumoulin (VVD). Wij zien, en daar is het voorliggende voorstel ook een goed voorbeeld van, dat er heel veel aandacht en geld gaan naar heel veel van die andere wijken. Waar wij tegen aanlopen als wij in die gele wijken zijn en met initiatieven praten, is dat zij ook wel dat steuntje in de rug zouden kunnen gebruiken om echt stappen te zetten op het gebied van isoleren en andere energiebesparende maatregelen. Dat proberen we met die motie in gang te krijgen. Vincent Thepass (GroenLinks). De VVD heeft het over gele wijken. In het voorstel gaat onder andere meer dan € 10 mln. naar Laak. Dat is een gele wijk. Waar zit de klacht van de VVD precies? Noud Dumoulin (VVD). Sorry, waar zit wat van de VVD precies? De voorzitter. Meneer Thepass mag het nog even verduidelijken. Vincent Thepass (GroenLinks). Laak is een van de gele wijken. Daar wordt nu juist met dit voorstel in geïnvesteerd.

Dus doet dit collegevoorstel dan niet juist precies waar de VVD om vraagt? Noud Dumoulin (VVD). De Vogelwijk is ook een gele wijk, Statenkwartier ook, Benoordenhout ook, Bezuidenhout ook. Laak is er inderdaad één, maar al die andere wijken worden niet meegenomen in dit voorstel. Dus dit verbreedt die blik van het college. Dus om te zeggen 'Laak is geel en dus is geel Laak', gaat te snel voor mij. Vincent Thepass (GroenLinks). Het gaat dus niet per se om de gele wijken, zoals de motie lijkt te impliceren. Het gaat er vooral om dat we ons niet te veel mogen focussen op de plekken waar economisch gezien die hulp het meest nodig is. Zo begrijp ik het dan. Noud Dumoulin (VVD). Nee, daar gaat het niet om. Volgens mij heb ik ook net verduidelijkt in een debatje met de heer Noorlander dat wij voor het voorstel zullen stemmen. Ik weet dus niet precies waar de heer Thepass dit vandaan haalt, maar nee, dat is niet de strekking van mijn verhaal. Hinke de Groot (CDA). Is de motie niet juist ingestoken om de gele wijken te helpen, omdat daar ook de meeste duurzaamheidswinst kan worden behaald? Daarmee kunnen we alle gele wijken meenemen en bijdragen aan de duurzaamheidsopgave. Is de VVD het daarmee eens? Noud Dumoulin (VVD). Ja, daar is de VVD het zeker mee eens. De voorzitter.

Door de heer Dumoulin, daartoe gesteund door mevrouw De Groot en de heer Assad, wordt de volgende motie (J.1 VVD) ingediend:

Motie J.1 VVD Help geel groen te worden De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 april 2025, ter bespreking van ‘Voorstel van het college inzake Cofinanciering en besteding Rijksmiddelen voor het verbeteren, isoleren en onderhouden van woningen in de stad’:

95

Constaterende dat: - een groot deel van de Enecoreserve ‘Duurzaamheid en Energietransitie’ al is uitgegeven en geoormerkt voor komende jaren; - met het voorstel van het college een substantieel deel van deze resterende Enecomiddelen voor duurzaamheid wordt besteed voor de (co)financiering voor verduurzamingsmaatregelen in een select deel van de stad. Van mening dat: - Hagenaars in heel de stad hun woningen willen isoleren of op een andere manier willen verduurzamen, maar hierin tegen verschillende obstakels aanlopen; - een verschil in aandacht lijkt te bestaan waardoor Hagenaars en duurzaamheidsinitiatieven in met name ‘gele wijken’ onvoldoende gehoord, gezien en ondersteund worden door de gemeente bij de zorgen, vragen en behoeften die zij hebben. Verzoekt het college: - met buurtinitiatieven in ‘gele wijken’ om tafel te gaan om te onderzoeken wat nodig is om ook daar stappen te zetten om te verduurzamen; - uiterlijk Q3 2025 de raad te rapporteren over de uitkomsten van deze gesprekken, hoe de initiatieven ondersteund kunnen worden en hoe de reserve ‘Duurzaamheid en Energietransitie’ daarvoor kan worden ingezet. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Dank voor de brede steun, ook vanuit de oppositie, voor het isoleren van woningen in de stad.

Dat is namelijk heel erg belangrijk. Er is een motie ingediend. Die vindt het college toch een beetje ingewikkeld, want bij de overwegingen staat een soort van aanname dat we in die gele wijken onvoldoende aanbod zouden hebben. Daar wil het college zich toch tegen verzetten. Het is namelijk heel belangrijk dat iedereen in de stad voldoende aanbod krijgt en dat is ook het geval. Dus de suggestie dat sommige delen van de stad dat niet zouden krijgen, vind ik toch heel vervelend. Wij bieden iedereen een concreet handelingsperspectief. We hebben een heel groot aanbod. We hebben veel contact, ook juist met bewonersinitiatieven in de wijken die net door de heer Dumoulin genoemd werden. Signalen dat die bewonersinitiatieven onvoldoende steun zouden ervaren, zijn mij in ieder geval niet bekend. Wat nu voorligt is de cofinanciering van het Volkshuisvestingsfonds en het Nationaal Isolatieprogramma. Daar zitten landelijke eisen aan waar we dat geld aan mogen uitgeven. Waar het kan, doen we dat stadsbreed. De NIP-gelden zetten we voor een deel stadsbreed in. Er werd al even gerefereerd aan Laak, waar we flink aan de bak gaan met die aanpak stadsrenovatie, met deze middelen, en dat dit ook een gele wijk is. Bovendien hebben we via het Haags Bewonersplatform Energietransitie met alle bewonersorganisaties veel en intensief contact.

Met Archipel, Benoordenhout en Zeehelden hebben we bijvoorbeeld een handboek gemaakt over hybride warmtepompen, want er was echt behoefte aan om daar meer duidelijkheid over te krijgen. We doen collectieve inkoopacties voor warmtepompen, maar ook voor duurzaam glas, bijvoorbeeld in Duinoord. We doen stratenaanpakken, juist ook in deze gele wijken. We hebben een heel breed scala aan instrumenten voor de hele stad: de rentekorting, de subsidies. Kortom, het college herkent zich niet zo sterk in wat hier nu gevraagd wordt. Daarom zou ik de motie graag willen ontraden. Joren Noorlander (D66). Ik vroeg me af hoe het college normaal gesproken rapporteert op deze acties die het schijnbaar al goed doet. Ik ben normaal geen woordvoerder duurzaamheid. Voor mij is een beetje lastig in te schatten hoe dat precies gebeurt normaal gesproken. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Dat doen we op verschillende momenten en op verschillende plekken. Het klimaatdashboard, ook aan de hand van een initiatiefvoorstel van uw fractie, is daar heel belangrijk in. Op basis daarvan kunnen we echt heel goed laten zien in welke wijken welke 96

labelstappen of isolatiestappen gezet worden. Op zo'n manier kunnen we dat heel goed in de gaten houden. Dus als er wijken achter zouden blijven, dan gaat dat ook echt daar naar voren komen. Joren Noorlander (D66). In hoeverre wordt dan ook die Eneco-reserve voor duurzaamheid daarin meegenomen? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ja, die wordt daarin meegenomen, want heel veel van de instrumenten die ik noemde, zijn stadsbreed en die richten zich ook op de hele stad. We doen dat netjes. Ieder jaar bij de begroting komt er een voorstel voor het jaar erop voor het inzetten van het deel van de Eneco-reserve met het label verduurzaming, ook voor dit programma. Hinke de Groot (CDA). Allereerst vind ik het heel goed dat de gemeente zich ervoor inzet om in Laak en in Zuidwest die woningen op te knappen. Ik heb dat ook in de commissie gezegd. Maar we weten dat er ook in heel veel andere wijken woningen in slechte staat zijn, waarbij er echt een isolatieslag gemaakt kan worden. Ik snap dan eigenlijk niet helemaal waarom de wethouder deze motie ontraadt. Los ervan dat hij een van de overwegingen niet deelt, ligt de focus hier natuurlijk wel op bepaalde wijken met cofinancieringsgeld, terwijl er gewoon buurtinitiatieven zijn die ook bereid zijn om de schouders eronder te zetten. Deze GroenLinkswethouder steunt dat volop; dat hoor ik ook.

Dan is het toch juist goed om met deze motie in de hand te gaan kijken hoe we die initiatieven extra kunnen ondersteunen? Waarom zou je de motie ontraden als je puur naar het dictum kijkt? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Nou, omdat we vanuit de gemeente heel frequent - laten we zeggen iedere maand - met deze buurtinitiatieven aan tafel zitten. En deze motie vraagt ons ook om met deze buurtinitiatieven om tafel te gaan. Dat doen we al, dus de motie is overbodig. Hinke de Groot (CDA). Volgens mij vraagt deze motie ook wat extra's. Juist als het college dit al doet, kunnen die gesprekken gewoon meegenomen worden in de ronde die wethouder Kapteijns al vaak doet. Maar de motie vraagt om ook nog extra te kijken hoe die reserve goed ingezet kan worden, juist in die gele wijken. Dan kunnen we daar als raad ook informatie over krijgen, en kunnen we kijken hoe we dat geld in 2025 en 2026 extra kunnen besteden. Is de wethouder bereid om ook die stap te nemen? Dat is een extra stap ten opzichte van wat er nu gebeurt. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Hier zit een soort premisse in dat het gaat over de vraag waar we het geld moeten gaan uitgeven, terwijl in sommige delen van de stad geld echt het probleem niet is.

Daar heeft men bijvoorbeeld vragen als: welk soort warmtepomp past nou het beste bij mijn soort huis of appartement, en kan ik daar onafhankelijk advies over krijgen? Dat hebben we samen opgepakt en dat is een hele mooie handreiking geworden, die door energiecoaches in de gele wijken wordt toegepast. Er zit een mooie ISDE-subsidie op warmtepompen. De belemmering zit er dus niet in dat daar meer geld naartoe gegooid moet worden. Ik hoop dat ik het CDA daarin ook aan de zijde van het college vind. We zetten het geld wel in waar dat het beste tot zijn recht komt, want het is wel gemeenschapsgeld. De voorzitter. Mevrouw De Groot, voor de derde maal. Hinke de Groot (CDA). Uiteraard is het CDA ook voor een degelijke besteding van ons gemeenschapsgeld. Maar deze motie roept ook op om die andere belemmering die de wethouder noemt goed in kaart te brengen en nog een stap extra te doen in het wegnemen van die belemmering. Ik hoor de wethouder zeggen dat hij hoopt dat het CDA aan de kant van het college staat, maar volgens mij staat zelfs de raad aan de kant van het college en kunnen we elkaar vinden door nog een stap extra te zetten. Dus nogmaals, volgens mij is deze motie juist een hele mooie extra stap bij wat het college doet. Ik hoop toch nog een glimp van positiviteit bij de wethouder te zien. Wethouder Kapteijns (GroenLinks).

Als de motie aangenomen wordt, en ik acht die kans niet onwaarschijnlijk, dan gaat deze wethouder met extra energie naar al die bewonersinitiatieven toe die

97

we al regelmatig spreken. Dan gaan we vragen: hebben we misschien iets gemist en kunnen we u nog extra van dienst zijn? Dat is vanzelfsprekend. Zo werkt dat. De voorzitter. Dienstbaar naar de mensen toe. Heel mooi, heel mooi. Noud Dumoulin (VVD). Ik steun het betoog van de collega van het CDA natuurlijk van harte. Ik steun de positiviteit van de wethouder ook van harte. Wat ik ook deel, is dat het niet alleen om geld gaat. Daar vraagt deze motie ook niet direct om. De motie vraagt inderdaad: ga in gesprek en kijk wat er nodig is, en als het helpt om daar misschien wat extra geld tegenover te zetten, is dat een volgende stap. In de motie staat niet voor niets: hoe ze ondersteund kúnnen worden. Wat we wel in die wijken zien, en wat de wethouder probeert weg te masseren met de stadsbrede regeling, zijn vragen van mensen die bijvoorbeeld in een pand met een monumentale status wonen en niet weten wat ze aan hun gevel kunnen doen om te verduurzamen. Er zijn bijvoorbeeld ook vragen van mensen die in een VvE zitten met drie eigenaars en niet weten hoe ze verder moeten met verduurzaming. Daar zitten ook vragen, en daar gaat deze motie ook over. Hoe kijkt de wethouder daar dan tegen aan? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ja, dat zijn deels bekende vragen, waar we echt aandacht voor hebben met maatwerk en ook met bewonersinitiatieven.

Ik begrijp natuurlijk ook wel dat er altijd inwoners zullen zijn die even een extra duwtje in de rug nodig hebben om die stappen te kunnen zetten. De inzet van de gemeente is echt ook daarop gericht. Dat proberen we op allerlei manieren te doen, juist ook in die gele wijken. Ik lees daarover niets in deze motie, maar als er specifieke thema’s, specifieke aandachtsgroepen of specifieke type woningen zijn waar we aandacht voor moeten hebben, dan is er alle ruimte om te kijken wat daarvoor nodig is, ook met bewonersinitiatieven uit de gele wijken. Als dat zonder dure subsidieregeling kan, is dat, denk ik, voor iedereen het beste, want heel veel duurzaamheidsinvesteringen verdienen zich gewoon terug. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. Hiermee zijn we gekomen aan het einde van alle beraadslagingen. We gaan nu over naar de afrondingen debat. We hebben afgesproken dat we als eerste de afronding debat V zullen doen, over Eekta.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15439319/1