RIS321588 Bijlage Rapportage raadpleging ‘Voorkeuren van inwoners bij de overgang naar aardgasvrij wonen en werken in Den Haag’
Tekst van het document
Voorkeuren van inwoners bij de overgang naar aardgasvrij wonen en werken in Den Haag Rapportage van de inwonersraadpleging
Colofon Dit onderzoek is uitgevoerd door Populytics, een spin-off van de TU Delft, in opdracht van de gemeente Den Haag.
2
Auteurs
Shira Hollanders (shira@populytics.nl) Toke van Telgen Michiel Tilstra Shannon Spruit Charlotte Spit
Datum
30 januari 2025
Status
Definitief
Contact
Populytics b.v. Frambozenweg 139 2321 KA Leiden info@populytics.nl
30 januari 2025
2.120 inwoners van Den Haag denken mee over keuzes in de warmtetransitie Samenvatting (1 van 6) • Aanleiding - De gemeente Den Haag bereidt zich voor op een toekomst zonder aardgas, net als de rest van Nederland. In plaats van energie uit gas, wil de gemeente haar inwoners helpen om duurzame energie te gebruiken om woningen en andere gebouwen te verwarmen, voor warm water en om te koken. Hiervoor maakt zij beleid. Een voorbeeld is het warmteprogramma waarin beschreven wordt welke buurten of wijken tot en met 2035 aan de slag gaan met isoleren en/of de overstap op een duurzaam alternatief voor aardgas. De gemeente wil inwoners en ondernemers betrekken bij het maken van dit beleid. Hiervoor is een online raadpleging uitgevoerd, met als hoofdvraag: wat vinden inwoners belangrijk bij het overgaan naar duurzame warmte voor huizen en bedrijven? De resultaten uit de raadpleging gebruikt de gemeente bij het vormgeven van het warmteprogramma en toekomstige plannen en beleidstukken zoals uitvoeringsplannen. Zo sluit de gemeente zo goed mogelijk aan bij de waarden, voorkeuren en zorgen van inwoners en ondernemers in Den Haag. • Werkwijze - Populytics voerde in opdracht van de gemeente Den Haag deze online raadpleging uit volgens de wetenschappelijk gevalideerde Participatieve Waarde Evaluatie (PWE).
In de PWE kregen deelnemers 9 doelen te zien die de gemeente kan nastreven bij de transitie naar een aardgasvrij Den Haag. Deelnemers konden 45 punten verdelen over deze doelen om aan te geven hoe belangrijk zij een doel vinden. Nadat deelnemers hun mening hadden gegeven over de 9 doelen, motiveerden zij hun mening. Bij het proces om te komen tot de opzet van de raadpleging zijn verschillende stakeholders en bewoners met verschillende perspectieven op de hoofdvraag betrokken. 3
• Uitkomsten zijn representatief - In totaal deden er 2.120 inwoners en ondernemers van Den Haag mee. De deelnemers zijn geworven via brieven naar willekeurige adressen in de gemeente, via een panel, via algemene communicatie-uitingen en via actieve werving in buurtcentra, bibliotheken en tijdens evenementen. Daarbij is extra inzet gepleegd op het betrekken van deelnemers in wijken waar de deelname achterbleef. Na de dataverzameling is de data herwogen zodat de uitkomsten van de raadpleging representatief zijn voor inwoners van Den Haag op de kenmerken gender, opleidingsniveau, leeftijd en type woning (woningeigenaren en huurders). De ruime meerderheid van de deelnemers (87%) geeft de raadpleging een voldoende rapportcijfer en 74% zou willen dat deze methode vaker wordt ingezet door de gemeente.
De meerderheid is het eens met de plannen van de gemeente om te stoppen met aardgas en hiervoor bestaande technieken te gebruiken Samenvatting (2 van 6) • In het eerste onderdeel van de raadpleging zijn deelnemers gevraagd naar hoe ze aankijken tegen het plan van de gemeente Het plan werd toegelicht aan de hand van twee aspecten: 1. Het doel om te stoppen met aardgas en in plaats daarvan duurzame energie te gebruiken om te koken, douchen en verwarmen 2. Om dit doel te behalen, enkel technieken te gebruiken die al bestaan en waar zeker genoeg warmte mee gemaakt kan worden voor heel Den Haag • Twee derde is het eens met het plan van de gemeente om te stoppen met aardgas Meer dan de helft van de deelnemers (66%) geeft aan dat ze het eens of helemaal eens zijn met het plan om te stoppen met aardgas. Wel worden er in veel gevallen voorwaarden aan verbonden. De oplossingen moeten bijvoorbeeld duurzamer zijn dan de huidige situatie en er moeten oplossingen voor iedere woning zijn. Tegelijkertijd is een minderheid (17%) het (helemaal) oneens met dit plan, waarbij deelnemers bijvoorbeeld aangeven dat ze geen noodzaak zien om van het aardgas af te gaan of denken dat dit niet haalbaar is in de praktijk.
• Twee derde is het eens met het plan om voor duurzame energie alleen technieken te gebruiken die al bestaan Ook geeft meer dan de helft van de deelnemers (66%) aan dat ze het (helemaal) eens zijn om in de transitie te richten op bestaande technieken waarmee genoeg energie gemaakt kan worden voor heel Den Haag. Zo zijn er zorgen onder deelnemers dat er niet de tijd is om op nieuwe technieken te wachten. Wel bestaat er een wens onder veel deelnemers om open te blijven staan voor nieuwe technieken als die zich voordoen. Een minderheid (15%) is het (helemaal) oneens met dit plan waarbij bijvoorbeeld wordt aangegeven dat dit niet nodig is als men gebruik kan blijven maken van aardgas. • Vier op de vijf deelnemers die het niet met het plan eens zijn willen toch hun mening geven via deze raadpleging Deelnemers die aangaven het niet eens te zijn met het plan van de gemeente werden gevraagd of ze toch hun mening wilden geven via de raadpleging. 82% van de deelnemers die het oneens was gaf aan dit wel te willen doen en heeft deelgenomen aan de raadpleging.
4
Gemiddeld meeste prioriteit aan lage kosten voor de samenleving en extra hulp voor mensen met weinig geld Samenvatting (3 van 6) Wat vindt u belangrijk bij overgaan naar duurzame warmte voor huizen en bedrijven? Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving.
7,3
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen
6,2
We kiezen voor de meest duurzame warmte
6,0
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
• Prioriteit aan lage kosten voor de samenleving en ondersteuning van lagere inkomens. Deze twee doelen krijgen gemiddeld het hoogste aantal punten. • Duurzaamheid belangrijker dan snelheid. De meest duurzame warmte kiezen wordt hoger geprioriteerd dan zorgen dat we zo snel mogelijk stoppen met aardgas. Deelnemers stellen wel voorwaarden aan de duurzame bronnen, zoals de betaalbaarheid ervan.
5,3
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
4,6
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
4,2
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
4,0
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
3,7
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
3,6
0 5
• Het tweede onderdeel was de PWE. Hier konden deelnemers 45 punten verdelen over 9 doelen. Daarna motiveerden zij hun puntenverdeling.
2
• Huurders geven gemiddeld veel meer punten aan het snel stoppen met aardgas dan woningeigenaren. Daarentegen geven woningeigenaren relatief meer punten aan zo laag mogelijk kosten voor de samenleving en het voorkomen van overlast. • Deelnemers die het niet eens zijn met de doelen van de gemeente geven gemiddeld de meeste prioriteit aan het kunnen uitoefenen van invloed. Ook vinden zij het belangrijker dat de transitie zo min mogelijk geld kost voor de samenleving. De deelnemers die het eens zijn met de doelstelling zetten gemiddeld meer in op de duurzaamheid van de warmte en op het snel stoppen met gas. 4
6
8
10
Betrouwbaarheidsintervallen: als iedereen in Den Haag mee zou doen, dan bevinden de uitkomsten zich met 95% zekerheid in het lichtblauwe bereik. We kunnen dus met 95% zekerheid zeggen dat inwoners de bovenste twee opties belangrijker vinden dan de onderste vijf. We kunnen echter niet met dezelfde zekerheid iets zeggen over de volgorde van prioriteit van opties 4, 5, 6 en 7.
Ingedeeld naar vergelijkbare voorkeuren zien we 5 groepen, onderling verschillen de groepen sterk in hun voorkeuren Z.s.m. Fijn Midden Eerlijke kosten duurzaam wonen
Samenvatting (4 van 6)
1
2
3
4
Veel invloed
5
Haags gemiddelde
• Verdiepende analyse van de PWE laat zien dat er 5 groepen zijn. Deelnemers met vergelijkbare prioriteiten zijn geclusterd in een groep. De groepen verschillen onderling sterk qua voorkeur. Zo geeft groep 3 relatief veel punten aan zo snel mogelijk stappen met gas (16,1), terwijl groep 5 relatief de meeste punten geeft aan invloed voor inwoners (26,3).
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving
5,7
17,3
0,5
4,9
8,2
7,3
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen
6,4
7,2
8,5
1,5
3,9
6,2
We kiezen voor de meest duurzame warmte
6,7
4,0
13,4
0,9
0,2
6,0
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
4,4
4,2
0,7
6,2
26,3
5,3
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
4,6
2,7
1,5
13,7
0,8
4,6
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
3,5
4,3
0,6
11,8
4,8
4,2
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
4,2
0,2
16,1
0,2
0,0
4,0
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
5,2
0,6
1,5
3,3
0,6
3,7
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
4,1
4,3
1,4
2,4
0,1
3,6
Groepsgrootte (% deelnemers)
59%
17%
9%
9%
5%
<3
Wat zien we hier? Op de vorige pagina zagen we de gemiddelde puntenverdeling van deelnemers over 9 doelen. In deze extra analyse zien we uit welke verschillende groepen deelnemers het gemiddelde bestaat en hoe deze groepen de 45 punten hebben verdeeld over de 9 doelen.
6
3-4
4-6
6-7
>7
• Er is breed draagvlak voor beleid dat zich richt op zo laag mogelijke kosten voor de samenleving en het ondersteunen van mensen met weinig geld. Deze doelen krijgen zowel gemiddeld veel prioriteit, als van deelnemers in diverse groepen, waaronder met name groepen 1 en 2 (76% van de deelnemers). • Tegelijkertijd zien we 3 kleinere groepen die andere doelen prioriteren. 9% legt de nadruk op doelen waarmee we zo snel en duurzaam mogelijk overgaan naar aardgasvrij. Groep 3 (9%) prioriteert doelen waarmee we zo fijn mogelijk kunnen wonen en zo min mogelijk overlast ervaren. Groep 5 (5%) vindt het vooral belangrijk dat inwoners zo veel mogelijk invloed kunnen uitoefenen.
Zo weinig mogelijk maatschappelijke kosten belangrijker dan keuzevrijheid, maar zowel zorgen over kosten als verlies van eigen keuze Samenvatting (5 van 6) ‘Lage maatschappelijke kosten’ versus ‘zelf kunnen kiezen’
Hoofdlijnen uit de raadpleging
• In het derde onderdeel van de raadpleging is aan deelnemers gevraagd om een keuze te maken tussen ‘Lage maatschappelijke kosten’ en ‘zelf kunnen kiezen’. Een veelbesproken keuze in de warmtetransitie is de mate van keuzevrijheid die er is en die op spanning staat met de maatschappelijke kosten van de transitie. Zo leidt meer individuele keuzevrijheid over de warmteoplossing ertoe dat de kosten voor anderen of voor de samenleving als geheel kunnen toenemen, bijvoorbeeld doordat de energie-infrastructuur niet optimaal wordt gebruikt. In het eerdere onderdeel konden deelnemers zowel punten geven aan ‘lage kosten voor de samenleving’ als ‘invloed van inwoners’. Om meer zicht te krijgen op de uitruil hiertussen, werden deelnemers in het onderdeel erna gevraagd om een te kiezen tussen ‘zo laag mogelijke kosten voor de samenleving’ en ‘zelf een warmteoplossing kunnen kiezen’.
• Veel deelnemers maken zich zorgen over de kosten voor inwoners. Dat zien we op verschillende plekken in de raadpleging terugkomen. Zij maken zich zorgen dat het leven duurder wordt door de warmtetransitie. En dat de kosten niet eerlijk worden verdeeld. Hoewel deelnemers gemiddeld relatief veel prioriteit geven aan het extra ondersteunen van mensen met weinig geld, geeft een deel daarvan mee dat de middeninkomens niet vergeten mogen worden.
• Een meerderheid van de deelnemers vindt zo weinig mogelijk kosten voor de samenleving belangrijker dan zelf kunnen kiezen. Een meerderheid van de deelnemers (66%) uit de representatieve groep heeft een voorkeur voor keuzes waarin er zo weinig mogelijk kosten voor de samenleving gemaakt worden. Dit geldt voor zowel huurders als woningeigenaren. Een kwart van de deelnemers (26%) vindt het belangrijker dat woningeigenaren zelf kunnen kiezen voor een nieuw soort verwarming dan dat de kosten voor de samenleving het laagst zijn. Onder deze groep bevinden zich relatief meer woningeigenaren dan huurders.
7
• Bij alle drie de onderdelen zien we in de motivaties dat deelnemers voorwaarden stellen bij hun keuze. Voorwaarden die genoemd worden voor een goede warmtetransitie zijn bijvoorbeeld het ondersteunen van bepaalde groepen inwoners (zoals woningeigenaren), ruimte laten voor maatwerk op wijk- en buurtniveau en het voorkomen dat inwoners tot keuzes of actie gedwongen worden. Regie voeren en sturen op lage maatschappelijke kosten is volgens deelnemers de taak van de gemeente, maar in de motivaties geeft een deel van de deelnemers aan dat dwang voorkomen moet worden. • Zorgvuldigheid als voorwaarde in relatie tot doelen die gaan over snelheid en duurzaamheid van de transitie. Van de deelnemers die snelheid en duurzaamheid belangrijk vinden, geeft een deel tegelijkertijd mee dat dit niet ten koste mag gaan van zorgvuldigheid. Er wordt een oproep gedaan de overstap naar duurzame warmte in één keer goed te doen.
Zes aanbevelingen voor de vervolgstappen in de warmtetransitie Samenvatting (6 van 6) • Als de gemeente met haar beleid zo goed mogelijk aan wil sluiten op de voorkeuren van de meerderheid van de inwoners, bevelen we aan twee uitgangspunten te hanteren in beleid voor de warmtetransitie (zoals het warmteprogramma): 1. Richt beleid op oplossingen die zorgen voor zo weinig mogelijk kosten voor de samenleving. 2. Zorg voor extra ondersteuning voor mensen met minder geld.
• Speel actief en vroegtijdig in op zorgen over kosten voor inwoners, ook als onzekerheden zijn. Communiceer welke zekerheden en garanties er zijn en wees eerlijk over wat er nog onbekend en onzeker is. Biedt houvast door te communiceren wat de gemeente gaat doen om duidelijkheid over de kosten voor de inwoner te krijgen. Op die manier worden inwoners beter meegenomen in de complexiteit en ontstaat er meer begrip.
• Overweeg daarnaast flankerend beleid voor inwoners die andere prioriteiten stellen. Beleid hoeft niet uitsluitend gericht te worden op de gemiddelde inwoner, hier kan de gemeente keuzes in maken. Bijvoorbeeld door specifieke activiteiten of ondersteuning aan te bieden voor bepaalde groepen inwoners gericht op een snellere overstap op aardgasvrij, de meest duurzame warmte, wooncomfort en voorkomen van overlast.
• Stel doelen centraal in de communicatie. Leg uit op basis van welke doelen een keuze tot stand is gekomen en hoe deze doelen zijn afgewogen (breder dan bijvoorbeeld alleen de kosten of de duurzaamheid). Informatie hierover kan begrip vergroten, zorgen wegnemen en het vertrouwen geven dat er goed over de plannen wordt nagedacht, alvorens over te gaan op uitvoering. Hoe breder de groep is die de gemeente wil aanspreken hiermee, hoe meer doelen meegenomen dienen te worden in de uitleg en communicatie hierover.
• Als de gemeente maatregelen overweegt die mensen (kunnen) ervaren als beperking in keuzevrijheid, is het voor de meerderheid acceptabel als het leidt tot lagere kosten voor de samenleving. Een voorbeeld van zo’n maatregel kan zijn de aanwijsbevoegdheid. De meeste mensen zijn bereid een deel van de keuzevrijheid in te leveren als dat betekent dat de kosten voor de maatschappij daarmee lager worden. Het inzetten van een dergelijke maatregel dient dan ook zorgvuldig afgewogen te worden met de kosten voor de maatschappij. 8
• Tot slot: blijf inwoners betrekken bij de warmtetransitie. Deelnemers die het niet eens zijn met de transitie naar aardgasvrij, willen voor een groot deel toch hun mening geven. Het is dan ook belangrijk om bij toekomstige participatie deze groep te blijven betrekken, naast de groep inwoners die het wel eens is met de transitie naar aardgasvrij.
Inhoudsopgave
1. Samenstelling van de deelnemers
10
Leeswijzer • Dit rapport bestaat uit vijf hoofdstukken.
2. Houding van deelnemers ten opzichte van de doelen van de gemeente
17
3. Prioriteiten van inwoners bij de overgang naar duurzame warmte
21
3.1 Resultaten van het keuzevraagstuk
23
3.2 Verdieping: motivaties achter de keuzes van deelnemers
29
3.3 Verdieping: vijf verschillende groepen deelnemers
40
4. Keuze tussen maatschappelijke kosten en keuzevrijheid 5. Hoe deelnemers het onderzoek waarderen
54 61
• Het eerste hoofdstuk beschrijft de deelnemers aan de raadpleging in aantallen en kenmerken. • Hoofdstuk 2 gaat in op in hoeverre deelnemers het eens zijn met de doelstelling van de gemeente Den Haag in de warmtetransitie. • In hoofdstuk 3 worden de resultaten van de hoofdvraag gepresenteerd, namelijk wat inwoners belangrijk vinden bij de overgang van aardgas naar duurzame warmte. • Hoofdstuk 4 is het laatste inhoudelijke onderdeel waarbij we dieper ingaan op de spanning tussen kosten en keuzevrijheid. • Tot slot gaat hoofdstuk 5 in op hoe de deelnemers het participeren via deze PWE-raadpleging beoordelen.
9
30 januari 2025
Samenstelling deelnemers
Toelichting op drie groepen in de resultaten Welke versies hebben we gebruikt?
Open raadpleging
Brief & panel
Brief gewogen 11
1. Open raadpleging: in totaal deden er 1.517 deelnemers mee via de open raadpleging (via algemene uitingen). We rapporteren wat deze deelnemers belangrijk vinden en laten zien welke inwoners hebben meegedaan. We zien een diverse groep: alle demografische groepen hebben ruim gereageerd. Gemiddeld genomen hebben mensen die zelf besluiten aan een (open) onderzoek mee te doen een sterkere mening en/of duidelijker belang. We zien in de resultaten van deze groep dan ook meer uitgesproken keuzes.
2. Brief & panel: aanvullend hebben er 603 inwoners meegedaan via uitnodiging per brief (475) en via een panel (128). We rapporteren wat deze inwoners belangrijk vinden en laten zien welke inwoners hebben meegedaan. We zien wederom een diverse groep. Een belangrijk verschil met de open raadpleging is dat deze deelnemers uitgenodigd zijn. Dat verhoogt de kans dat inwoners reageren die dat niet uit zichzelf zouden hebben gedaan. De groep is te zien als controlegroep. We zien in de resultaten meer gematigde keuzes.
3. Gewogen groep (representatieve steekproef): we zien dat noch de open raadpleging, noch de brief en het panel representatief zijn voor de gemeente Den haag op de klassieke demografische kenmerken leeftijd, opleiding en gender. Om ervoor te zorgen dat we op basis van de raadpleging representatieve uitspraken kunnen doen over de voorkeuren van alle woningeigenaren hebben we de data gewogen. Groepen die ondervertegenwoordigd zijn ten opzichte van een objectieve referentie wegen daarin zwaarder. Groepen die oververtegenwoordigd zijn minder zwaar. De data zijn represntatief op de kenmerken leeftijd, opleiding, gender en woon/huur.
Uit alle segmenten deden mensen mee aan de raadpleging Samenstelling van de respondenten naar geslacht, leeftijd, opleidingsniveau en woningtype
50,2%
Brief- en panelraadpleging (N=603) 41,3%
Open raadpleging (N=1.517) 32,6%
Man
49,8%
58,7%
62,2%
Leeftijd 18 tot 25 jaar 25 tot 34 jaar 35 tot 44 jaar 45 tot 54 jaar 55 tot 64 jaar 65 en ouder
11,9% 19,3% 18,1% 17,2% 14,8% 18,8%
3,2% 13,9% 13,9% 19,1% 20,0% 27,9%
1,0% 7,3% 10,9% 21,3% 22,6% 35,2%
Opleiding Praktisch Middelbaar Theoretisch
29,6% 33,9% 36,5%
5,3% 17,5% 73,7%
4,4% 13,0% 78,2%
Gender Vrouw
Woningtype Koopwoning Huurwoning 12
* Bron: CBS, DHIC
Aandeel Den Haag*
42,0% 58,0%
68,7% 31,3%
80,9% 19,1%
Toelichting • Totale deelname van 2.120 inwoners. Uitgesplitst in mensen die op uitnodiging (per brief en via een panel) aan de raadpleging hebben meegedaan en mensen die via algemene uitingen aan de open raadpleging hebben meegedaan. • Uitkomsten zijn representatief. De deelnemers aan de raadpleging zijn wat betreft hun kenmerken niet representatief voor alle inwoners van Den Haag. Op sommige kenmerken wijken de groepen meer af van het aandeel inwoners in Den Haag dan op andere kenmerken, zoals op leeftijd. Dit is vaker zo bij het onderwerp ‘duurzame warmte’ omdat dit onderwerp met name speelt bij hoofdhuurders en huizenbezitters. De groep jongere deelnemers bezit vaak nog geen huis. Om ervoor te zorgen dat we op basis van de raadpleging representatieve uitspraken kunnen doen over de voorkeuren van alle woningeigenaren hebben we de data gewogen. • Totalen tellen niet altijd op tot 100%. Het resterende aandeel betreft deelnemers die ‘zeg ik liever niet’ of ‘anders’ hebben geantwoord.
30 januari 2025
Uit alle stadsdelen deden mensen mee aan de raadpleging
Toelichting
Samenstelling van de respondenten naar stadsdeel
Stadsdeel Centrum Escamp Haagse Hout Laak Leidschenveen-Ypenburg Loosduinen Scheveningen Segbroek
Aandeel Den Haag* 19,5% 23,3% 9,0% 8,3% 8,5% 9,5% 10,8% 11,2%
Brief- en panelraadpleging (N=603) 18,6% 16,8% 9,6% 3,5% 7,0% 11,5% 16,4% 14,5%
Open raadpleging (N=1.517) 15,8% 10,7% 8,4% 5,1% 4,7% 9,5% 20,3% 23,3%
• Er hebben deelnemers uit alle stadsdelen meegedaan aan de raadpleging. De percentages deelnemers per stadsdeel verhouden zich grotendeels tot de daadwerkelijke inwonersaantallen van de stadsdelen. • Opvallend zijn het grote aantal deelnames via de open raadpleging in de stadsdelen Segbroek en Scheveningen. Tegelijkertijd zien we een kleiner aantal deelnames in de stadsdelen Laak en Leidschenveen-Ypenburg. In Ypenburg ligt al een warmtenet, wat een verklaring kan zijn voor het lage aantal deelnames. • Daarnaast zien we in de deelnemers een spreiding in woonsituatie, financiën en dagelijkse werkzaamheden (zie volgende pagina). Hierbij zien we dat er een ondervertegenwoordiging is van deelnemers die maandelijks financieel (zeer) moeilijk rond kunnen komen. NB: deelnemers zijn ook gevraagd in welke wijk en buurt ze wonen. Gezien de grote hoeveelheid wijken en buurten kunnen er echter op basis van deze raadpleging geen uitspraken gedaan worden per wijk of buurt.
13
* Bron: CBS, DHIC
30 januari 2025
Deelnemers met diverse woonsituaties deden mee Open raadpleging
Hoe makkelijk of moeilijk kunt u maandelijks rondkomen?
Met wie deelt u uw woning? 0%
10% 20% 30% 40% 50% 24%
Ik woon alleen
34% 24%
Met een partner en kind(eren)
42%
Met een partner, zonder kinderen Met kind(eren), zonder partner Anders, bijvoorbeeld een studentenwoning
38% 5%
2%
Open 14
Zeer moeilijk
3%
Brief
0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70%
Open
58% 61%
Betaald werk
19% 37%
Huisman of -vrouw
1% 1%
School of studie
1% 2%
40%
27%
Niet makkelijk, niet moeilijk
Moeilijk
4%
24%
Makkelijk
19%
Wat doet u voornamelijk in het dagelijks leven?
0% 10% 20% 30% 40% 50% Zeer makkelijk
27%
2%
2%
Brief
28% 25%
Pensioen
6% 7%
Brief & panel
Vrijwilligerswerk
4% 2%
Anders
4% 6%
Open
Brief
De meeste deelnemers maken zich zorgen over het klimaat Open raadpleging
Toelichting
Maakt u zich zorgen over klimaatverandering? Open
• Een grote meerderheid van de deelnemers (82%) maakt zich zorgen over klimaatverandering. Dit geldt zowel voor de deelnemers uit de open raadpleging als de brief- en panelraadpleging. In de open raadpleging zien we iets minder mensen die zich erge zorgen maken, maar in totaal een even groot deel dat zich zorgen maakt (82%).
Brief & panel
7%
8%
11%
10%
• Slechts 18% maakt zich niet echt tot helemaal geen zorgen.
44% 51% 31%
38%
15
Brief & panel
Ja, heel erg
Ja, heel erg
Ja, een beetje
Ja, een beetje
Nee, niet echt
Nee, niet echt
Nee, helemaal niet
Nee, helemaal niet
De meeste deelnemers weten niet welke duurzame warmteoplossing voor de hand ligt Open raadpleging
Weet u welke duurzame soort verwarming voor de hand ligt in uw buurt? Open
10%
Brief & panel
8% 2%
5% 5% 3%
11% 3% 69%
82%
16
Nee
Nee
Ja, elektrische warmtepomp
Ja, elektrische warmtepomp
Ja, hybride warmtepomp met cv-ketel
Ja, hybride warmtepomp met cv-ketel
Ja, warmtenet
Ja, warmtenet
Ja, mix van warmtenetten en warmtepompen
Ja, mix van warmtenetten en warmtepompen
Brief & panel
Toelichting • Het grootste deel van de deelnemers weet niet welke duurzame warmteoplossing in hun buurt voor de hand ligt. We zien dat in de open raadpleging iets meer mensen wel weten wat de voor de hand liggende optie is in hun buurt.
Houding ten opzichte van de doelen van de gemeente In hoeverre zijn deelnemers het eens met de plannen van de gemeente?
Uitleg over dit onderdeel
Toelichting • Doel: Inzicht krijgen in welke mate deelnemers het oneens of eens zijn met de plannen van de gemeente. • Keuzesituatie: Deelnemers konden lezen dat de gemeente gaat stoppen met aardgas. En ze konden aangeven in hoeverre ze het daarmee eens waren. Daarna konden ze lezen dat de gemeente voor duurzame energie alleen technieken gebruiken die al bestaan. Ook hierbij konden deelnemers vervolgens aangeven in hoeverre ze het daarmee eens waren. • Vervolg raadpleging: Als deelnemers het oneens waren met het plan om te stoppen met aardgas kregen zij de mogelijkheid om verder geen advies te geven. Omdat de rest van de raadpleging uitgaat van het plan om te stoppen met aardgas.
18
30 januari 2025
Wat vinden inwoners van het plan van de gemeente? Brief gewogen
De gemeente Den Haag gaat stoppen met gas. We gaan duurzame energie gebruiken voor koken, douchen en warmte. Bent u het daarmee eens? 40% 35%
De gemeente Den Haag wil voor duurzame energie alleen technieken gebruiken die al bestaan. En waarmee we zeker genoeg energie kunnen maken voor heel Den Haag. Bent u het daarmee eens? 40%
35% 31%
25% 22%
15%
21%
15% 10%
10%
11%
7%
4%
5% 0% 19
Helemaal eens
Eens
Neutraal
Oneens
Helemaal oneens
• Een meerderheid (66%) is het (helemaal) eens met het plan van de gemeente om te stoppen met aardgas om te koken, douchen en verwarmen. Hierbij geven deelnemers bijvoorbeeld aan dat het belangrijk is om zo snel mogelijk van fossiele brandstoffen af te gaan. Ook zien we in de motivaties terug dat mensen hier voorwaarden aan verbinden, zoals dat de oplossingen duurzamer moeten zijn dan gas en in alle woningen toepasbaar moeten zijn. • Een meerderheid (62%) is het (helemaal) eens met het plan om voor duurzame energie alleen technieken te gebruiken die al bestaan en waarmee genoeg energie gemaakt kan worden voor heel Den Haag. Veel deelnemers geven wel aan dat ze willen dat de gemeente open blijft staan voor nieuwe ontwikkelingen als die zich voordoen.
30%
20%
Toelichting
• Mensen die aangaven het oneens te zijn met het plan om te stoppen met aardgas werden in de raadpleging gevraagd of ze toch hun mening wilden geven. Van de mensen die het (helemaal) oneens zijn, wilde 82% toch zijn of haar mening geven over het onderwerp en heeft dat via de raadpleging gedaan. NB: totalen tellen niet altijd op tot 100% omdat mensen ook de optie ‘weet ik niet / zeg ik liever niet’ konden kiezen.
Wat vinden inwoners van het plan van de gemeente? Open raadpleging
De gemeente Den Haag gaat stoppen met gas. We gaan duurzame energie gebruiken voor koken, douchen en warmte. Bent u het daarmee eens?
De gemeente Den Haag wil voor duurzame energie alleen technieken gebruiken die al bestaan. En waarmee we zeker genoeg energie kunnen maken voor heel Den Haag. Bent u het daarmee eens?
40% 35%
32%
34%
20%
23%
19%
18% 13%
14%
15% 10%
20%
• In de open raadpleging zien we een vergelijkbaar maar meer uitgesproken beeld dan in de data van de gewogen brief. Dat is vaak zo; mensen met een uitgesproken mening over het onderwerp doen vaker mee met een open raadpleging dan mensen met een meer genuanceerde mening. • Nog steeds is meer dan de helft (52%) het (helemaal) eens het plan van de gemeente om te stoppen met aardgas om te koken, douchen en verwarmen. 10% is neutraal en 37% is het (helemaal) oneens met dit plan.
30% 25%
Toelichting
10%
13%
• Ook is meer dan de helft (52%) het (helemaal) eens met het plan om voor duurzame energie alleen technieken te gebruiken die al bestaan en waarmee genoeg energie gemaakt kan worden voor heel Den Haag. 26% is het (helemaal) oneens met dit plan. • Van de mensen die het (helemaal) oneens zijn met het plan om te stoppen met aardgas, geeft in deze groep 74% aan dat zij toch haar mening wil geven over het onderwerp.
5% 0% 20
Helemaal eens
Eens
Neutraal
Oneens
Helemaal oneens
NB: totalen tellen niet altijd op tot 100% omdat mensen ook de optie ‘weet ik niet / zeg ik liever niet’ konden kiezen.
Prioriteiten van inwoners bij de overgang naar duurzame warmte Wat vinden inwoners en ondernemers belangrijk bij overgaan naar duurzame warmte?
Uitleg van het PWE-keuzevraagstuk Toelichting • Doel: Inzicht krijgen in wat inwoners belangrijk vinden bij de overstap naar duurzame warmte. • Keuzesituatie: Deelnemers verdeelden 45 punten over 9 doelen. Hoe belangrijker ze een doel vonden, hoe meer punten ze toekenden. • Motivatie: Vervolgens konden ze hun keuzes toelichten. • Analyse: Op basis van diverse kenmerken van de respondenten bepalen we met statistische analysemethodes waar de verschillen en overeenkomsten zitten tussen (groepen van) Nederlanders.
22
Gemiddelde resultaten: “Wat vindt u belangrijk bij overgaan naar duurzame warmte voor huizen en bedrijven?”
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving.
7,3
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen 5,1
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
7,0
4,3 4,6
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
3,3
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
3,0
4,2
4,0
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
4,0 3,7
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
3,8 3,6
0 Niet belangrijk
23
• Duurzaamheid belangrijker dan snelheid. Deelnemers vinden het relatief belangrijk hoe duurzaam het alternatief voor aardgas is. Deze wordt hoger geprioriteerd dan zorgen dat we zo snel mogelijk stoppen met aardgas. Kosten en duurzaamheid worden dus belangrijker gevonden dan snelheid. Dit lezen we ook terug in de motivaties, waarin veelal wordt genoemd dat “we het in één keer goed moeten doen”.
6,0
5,3
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
Betrouwbaarheidsinterval
• Prioriteit aan lage kosten voor de samenleving en ondersteuning van lagere inkomens. Gemiddeld wordt de meeste prioriteit gegeven aan zorgen dat stoppen met gas zo min mogelijk geld kost voor de samenleving en het ondersteunen van mensen die weinig geld hebben.
8,2
6,4 6,2
We kiezen voor de meest duurzame warmte
Brief
Brief gewogen
Inzichten (1)
Gemiddelde punten
Open
Open raadpleging
2
4
6 Belangrijk
8
10 Bijzonder belangrijk
• Invloed zonder zelf plannen te maken. Verder worden er relatief veel punten gegeven aan de invloed van inwoners op de transitie, maar relatief weinig punten aan hulp voor mensen die een eigen plan maken. Dit duidt erop dat mensen wel invloed willen, maar in een andere vorm dan dat ze zelf plannen maken of omdat ze in algemene zin tegen het doel van de gemeente zijn (zie verdieping op pagina 27). 30 januari 2025
Gemiddelde resultaten: “Wat vindt u belangrijk bij overgaan naar duurzame warmte voor huizen en bedrijven?”
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving.
7,3
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen 5,1
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
7,0
4,3 4,6
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
3,3
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
3,0
4,0
4,0 3,7
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
3,8 3,6
0
• In de intervallen is veel spreiding in de antwoorden te zien. Zo worden de intervallen worden groter naarmate er veel uitschieters (geen of juist veel punten) in de resultaten zijn. Hoe groter het interval, hoe meer spreiding er is.
4,2
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
Niet belangrijk
24
6,0
5,3
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
Betrouwbaarheidsinterval
• Betrouwbaarheidsintervallen. Bij de gewogen uitkomsten uit de briefraadpleging zijn de betrouwbaarheidsintervallen genoteerd. Een interval geeft aan dat als iedereen in Den Haag mee zou doen, het 95% zeker is dat de antwoorden binnen dit interval vallen. Op basis van de intervallen kunnen we concluderen dat de drie doelen die gemiddeld de meeste punten krijgen significant belangrijker gevonden worden dan de twee doelen die gemiddeld de minste punten krijgen.
8,2
6,4 6,2
We kiezen voor de meest duurzame warmte
Brief
Brief gewogen
Inzichten (2)
Gemiddelde punten
Open
Open raadpleging
2
4
6 Belangrijk
8
10 Bijzonder belangrijk
• Snelheid om te stoppen met gas vertoont de grootste spreiding. Dit komt met name omdat dit doel, meer dan de andere doelen, van meer dan 40% van de deelnemers geen punten heeft gekregen. In de motivaties lezen we dat deelnemers aangeven dat het belangrijk is dat er goed wordt nagedacht, dat snelheid geen doel op zich is en dat deelnemers hier geen punten geven omdat ze niet van het aardgas af willen. 30 januari 2025
Gemiddelde resultaten: “Wat vindt u belangrijk bij overgaan naar duurzame warmte voor huizen en bedrijven?” Inzichten
Spreiding van punten
• Zoals genoemd bij de betrouwbaarheidsintervallen is er relatief veel spreiding in de antwoorden. Dit betekent dat inwoners van gemeente Den Haag verschillende beelden en prioriteiten hebben in de warmtetransitie.
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving. Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen We kiezen voor de meest duurzame warmte
• Het is daarom belangrijk om in beleid, zoals het warmteprogramma, rekening te houden met verschillende voorkeuren en te kijken op welke opties de gemeente dit tegemoet wil komen (door bijvoorbeeld specifiek beleid voor verschillende groepen te maken). De clusteranalyse (hoofdstuk 3.3) geeft meer inzichten in welke groepen dit kunnen zijn.
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp 0%
0 punten 25
Brief gewogen
1-3 punten
4-6 punten
20%
7-10 punten
40%
11-20 punten
60%
21-45 punten
80%
100%
Gemiddelde resultaten: “Wat vindt u belangrijk bij overgaan naar duurzame warmte voor huizen en bedrijven?” Inzichten
Gemiddelde punten, uitgesplitst naar type woning Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving.
6,3
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen
5,3
We kiezen voor de meest duurzame warmte
5,2
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
4,8 5,4
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen 3,6
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
8,2
6,8
6,8
• Deelnemers die in huurwoningen wonen geven gemiddeld veel meer punten aan het snel stoppen met aardgas. Dit kan ermee te maken hebben dat zij niet zelf beslissen over hun warmtevoorziening en hier niet direct de kosten voor dragen, terwijl ze wel de kosten dragen van de energierekening (en de prijzen van gas recent flink gestegen zijn). Sneller overstappen kan voor hen daarom als minder grote drempel ervaren worden dan voor woningeigenaren.
5,2 5,7
2,4
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
• Deelnemers die een koopwoning hebben geven relatief meer punten aan de zo laag mogelijk kosten voor de samenleving en het voorkomen van overlast.
4,0 3,7
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
2,5
0 Enigszins belangrijk
26
• Er zijn veel verschillen te duiden tussen deelnemers die in een huurwoning en in een koopwoning wonen. Gezien de verschillende woonsituaties zijn die verschillen niet verrassend, maar wel belangrijk om in overweging te nemen bij het maken van beleid.
4,6 4,9
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
Brief gewogen
4,7
2
4
6
Belangrijk
Huur
Koop
8
10 Bijzonder belangrijk
30 januari 2025
Gemiddelde resultaten: “Wat vindt u belangrijk bij overgaan naar duurzame warmte voor huizen en bedrijven?” Inzichten
Gemiddelde punten, uitgesplitst naar houding t.o.v. het doel van de gemeente Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving. Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen
• De houding ten aanzien van de doelstelling van de gemeente om over te stappen op duurzame warmte, leidt tot verschillen in prioritering.
10,6
5,7
6,8 6,2
2,6
We kiezen voor de meest duurzame warmte Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
3,8
3,6
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
11,5
6,7
• De deelnemers die het eens zijn met de doelstelling zetten gemiddeld juist meer in op de duurzaamheid van de warmte en ook relatief meer op het snel stoppen met gas.
4,6 4,9 5,2 5,7
3,1
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
• Deelnemers die het niet eens zijn met de doelen van de gemeente geven gemiddeld de meeste prioriteit aan het kunnen uitoefenen van invloed. Ook vinden zij het belangrijker dat de transitie zo min mogelijk geld kost voor de samenleving.
7,3
3,7
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
0,6 1,8
5,3
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
2,3 2,7
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
2,8
4,3
4,3 3,6
0
2
Enigszins belangrijk
27
8,4
6,4
Brief gewogen
4
6
Belangrijk
(helemaal) oneens
neutraal
8
10
12
Bijzonder belangrijk
(helemaal) eens
30 januari 2025
Gemiddelde resultaten: uitsplitsing per stadsdeel Toelichting De tabel hieronder laat zien hoeveel punten de gemiddelde deelnemer uit een stadsdeel geeft aan de acht opties. Vanwege het grote aantal wijken kunnen we niet herwegen op stadsdelen, hierdoor kan het zijn dat bepaalde opleidingsniveaus, genders of leeftijdsgroepen enigszins oververtegenwoordigd zijn in bepaalde stadsdelen. In de gemiddelden zien we dat er stadsdelen zijn waar gemiddeld meer prioriteit wordt gegeven aan snelheid, duurzaamheid en lage kosten en minder aan de invloed van inwoners (zoals in Escamp). Tegelijkertijd zijn er stadsdelen waar gemiddeld meer prioriteit gegeven wordt aan invloed van inwoners en weinig aan snel stoppen met gas (zoals in Haagse Hout en Loosduinen).
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen We kiezen voor de meest duurzame warmte Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame 28
LeidschenveenLoosduinen Scheveningen Ypenburg
Gemiddeld
Centrum
Escamp
Haagse Hout
Laak
7,3
7,1
6,2
7,5
6,9
10,3
11,7
7,1
5,1
6,2
6,2
6,4
5,9
6,0
6,6
4,9
6,9
5,5
6,0
6,6
6,0
4,5
5,6
5,3
5,3
6,5
6,1
5,3
4,0
3,9
7,8
5,1
6,4
9,0
6,8
4,5
4,6
5,2
4,7
4,2
7,1
2,8
3,3
4,7
4,7
4,2
3,8
5,3
4,1
3,1
4,4
3,7
3,7
5,0
3,7
4,7
6,1
2,7
2,9
2,8
1,4
2,9
4,0
3,6
4,3
2,8
4,4
3,8
4,3
2,7
3,3
5,7
3,6
3,3
3,5
4,0
4,5
2,1
2,8
3,0
4,3
<3
3-4
4-6
6-7
Segbroek
>7
Verdieping: motivaties achter de keuzes van deelnemers Argumentenanalyse
Uitleg argumenten analyse Argumentenanalyse van de motivaties van respondenten Toelichting • Motivatie: Deelnemers konden optioneel hun puntenverdeling motiveren. Daarbij noemen zij – in verschillende persoonlijke bewoordingen – vaak vergelijkbare argumenten. • Codeboek: We hebben de meest voorkomende argumenten een code gegeven. Iedere code representeert één argumenten categorie. • Analyse: We hebben van iedere keuze-optie willekeurig geselecteerde motivaties geanalyseerd totdat er verzadiging van argumentencategorieën optreedt.
• Belangrijkste argumenten: We laten de meest genoemde argumenten zien binnen een optie. Met sterren geven we aan hoe vaak een argument wordt genoemd. • ★★★ betekent dat dit de hoofdmoot vormt van de argumenten die bij een optie gegeven worden; dit argument springt er duidelijk uit. • ★★ betekent dat dit argument vaak wordt genoemd. • ★ betekent dat dit argument minder vaak maar wel een aantal keer wordt genoemd. We laten het vooral zien om de veelzijdigheid van de argumenten weer te geven. 30
30 januari 2025
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving
7,3 punt
We zien dat veel deelnemers aangeven dat de warmtetransitie (veel) geld kost. Er zijn zorgen over de betaalbaarheid van het leven in algemene zin en er wordt een gevoel van oneerlijkheid geuit als reactie op ervaren dwang. Tegelijkertijd geeft een groep aan dat we de kosten moeten accepteren en leeft er de zorg dat het alternatief op stoppen met gas nog duurder is.
Waarom adviseren deelnemers de gemeente hier meer of minder prioriteit aan te geven? Genoemde argumenten om hier meer prioriteit aan te geven
31
Frequentie
Genoemde argumenten om hier minder prioriteit aan te geven
Frequentie
Het leven is al zo duur, dit moet er niet voor zorgen dat dit nog erger wordt
★★★
De overstap naar duurzame warmte kost nu eenmaal geld
De overstap naar duurzame warmte wordt opgelegd, dus het moet zo min mogelijk kosten
★★★
Niets doen is duurder
★
Dit is nodig zodat iedereen mee kan doen
★★
Als de overheid het betaalt, hoeft het de samenleving niet veel geld te kosten
★
We moeten niet stoppen met gas
★★
We moeten niet stoppen met gas
★
Het is de taak van de overheid om hiervoor te zorgen
★
★★★ (hoofdmoot argument)
★★ (veel genoemd)
★ (af en toe genoemd)
★★★
30 januari 2025
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen
6,2 punt
In de argumenten op deze keuze-optie zien we verschillen tussen mensen die het meer en minder prioriteit geven. Tegelijkertijd zijn er in beide groepen motivaties die aangeven dat we niet alleen de lagere inkomens, maar ook de middeninkomens moeten ondersteunen.
Waarom adviseren deelnemers de gemeente hier meer of minder prioriteit aan te geven? Genoemde argumenten om hier meer prioriteit aan te geven
32
Frequentie
Genoemde argumenten om hier minder prioriteit aan te geven
Frequentie
In een sociale samenleving horen we elkaar te helpen, zodat iedereen mee kan doen
★★★
Help niet alleen de lage inkomens, die worden al genoeg geholpen. Help ook de middeninkomens
★★
Het is te duur voor deze mensen en anders worden zij te hard getroffen hierdoor
★★
Mensen die weinig geld hebben moeten gaan werken
★
Anders is de transitie niet haalbaar
★
Belangrijk, maar vergeet de middeninkomens niet
★
★★★ (hoofdmoot argument)
★★ (veel genoemd)
★ (af en toe genoemd)
30 januari 2025
We kiezen voor de meest duurzame warmte
6,0 punt
Deelnemers die dit veel punten geven stellen hier in veel gevallen wel randvoorwaarden aan (duurzaam is goed, mits…). Daarnaast zien we verschillende groepen: enerzijds deelnemers die vinden dat de transitie in één keer goed moet gebeuren en anderzijds deelnemers die meer zien in een geleidelijke overgang en daarmee ruimte bieden voor minder duurzame warmte op korte termijn.
Waarom adviseren deelnemers de gemeente hier meer of minder prioriteit aan te geven? Genoemde argumenten om hier meer prioriteit aan te geven
Genoemde argumenten om hier minder prioriteit aan te geven
Frequentie
Dit is belangrijk, maar moet zorgvuldig gebeuren (dat het betaalbaar blijft, goed voor iedereen is en/of dat de bronnen écht duurzaam zijn)
★★★
Andere dingen zijn belangrijker, zoals kosten en snelheid
Dit is goed voor de toekomst
★★★
Dit is niet haalbaar
★
We moeten het in één keer goed doen
★★
Dit maakt het (te) duur
★
Dit is ten slotte het doel van de warmtetransitie
★
We hoeven niet nu in één keer over te stappen, we kunnen ook wachten op ontwikkelingen
★
★★★ (hoofdmoot argument)
★★★
★
Dit is goed voor het milieu
33
Frequentie
★★ (veel genoemd)
★ (af en toe genoemd)
30 januari 2025
Inwoners hebben zoveel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
5,3 punt
Deelnemers die hier meer prioriteit aan geven hebben het veel over de (gewenste grote) rol van inwoners in de transitie. Deelnemers die hier minder prioriteit aan geven hebben het minder over die rol en meer over de uitkomsten, door het benoemen van duidelijke zorgen zoals vertraging van de transitie en het collectieve/maatschappelijke belang.
Waarom adviseren deelnemers de gemeente hier meer of minder prioriteit aan te geven?
34
Genoemde argumenten om hier meer prioriteit aan te geven
Frequentie
De overheid moet niks opleggen: inwoners moeten zelf kiezen
★★★
De overheid moet regie gaan nemen, anders worden er keuzes gemaakt die niet goed zijn voor de maatschappij
★★★
Het is belangrijk en logisch om bewoners invloed te geven omdat het hun raakt
★★
Dit leidt tot vertraging
★★★
Dit is nodig voor begrip, motivatie en draagvlak
★★
Invloed is goed, maar er zijn grenzen
★
★★★ (hoofdmoot argument)
★★ (veel genoemd)
★ (af en toe genoemd)
Genoemde argumenten om hier minder prioriteit aan te geven
Frequentie
30 januari 2025
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
4,6 punt
In de argumenten om hier meer prioriteit aan te geven zien we met name motivaties over de positieve effecten (woongenot, draagvlak, welzijn). Deelnemers die er minder punten aan geven zijn hier niet op tegen maar hechten er minder belang aan, zien niet de link met de warmtetransitie en/of vinden dat dit niet de rol van de gemeente is.
Waarom adviseren deelnemers de gemeente hier meer of minder prioriteit aan te geven? Genoemde argumenten om hier meer prioriteit aan te geven
35
Frequentie
Genoemde argumenten om hier minder prioriteit aan te geven
Frequentie
Woongenot en kwaliteit van woningen zijn belangrijk
★★★
Andere dingen zijn belangrijker
★★
Dit zorgt voor draagvlak, het maakt duurzame warmte aantrekkelijk
★★
Dit voegt niets toe aan duurzamer verwarmen
★★
Dit is logisch en werkt
★★
Dit is niet de verantwoordelijkheid van de gemeente
★★
Dit is altijd nuttig, ook als je niet wilt verduurzamen
★
Mijn huis is al comfortabel
★
Dit is goed voor het welzijn van bewoners
★
Dit is niet noodzakelijk
★
★★★ (hoofdmoot argument)
★★ (veel genoemd)
★ (af en toe genoemd)
30 januari 2025
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
4,2 punt
In de argumenten van alle deelnemers zien we veel terug dat de nodige overlast acceptabel gevonden wordt. De deelnemers die hier veel punten aan geven, benoemen hierbij wel dat ze het waarderen als er zo weinig mogelijk overlast is en dat goede afstemming hieraan bijdraagt.
Waarom adviseren deelnemers de gemeente hier meer of minder prioriteit aan te geven? Genoemde argumenten om hier meer prioriteit aan te geven
36
Frequentie
Genoemde argumenten om hier minder prioriteit aan te geven
Frequentie
Blij met zo min mogelijk overlast
★★★
Overlast hoort er nou eenmaal bij
★★★
Goede afstemming is noodzakelijk en dit zorgt voor meer begrip
★★
Overlast is prima, want verduurzamen heeft prioriteit
★★
We moeten niet stoppen met gas
★
Fijn, maar wat moet dat moet
★
Overlast is geen probleem, maar communiceer dit van tevoren
★
Andere dingen zijn belangrijker
★
★★★ (hoofdmoot argument)
★★ (veel genoemd)
★ (af en toe genoemd)
30 januari 2025
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
4,0 punt
Deelnemers die hier veel punten aan geven hebben zorgen over de effecten als we niet zo snel mogelijk stoppen met gas. Tegelijkertijd hebben deelnemers die hier weinig punten aan geven zorgen over de effecten van een te gehaaste aanpak. Een deel is niet tegen het snel stoppen met gas, maar wil dat er goed over nagedacht wordt.
Waarom adviseren deelnemers de gemeente hier meer of minder prioriteit aan te geven? Genoemde argumenten om hier meer prioriteit aan te geven
37
Frequentie
Genoemde argumenten om hier minder prioriteit aan te geven
Frequentie
Er is geen tijd om te wachten; hoe eerder hoe beter
★★★
Denk de plannen eerst goed uit; haastige spoed is zelden goed
★★★
Ja, maar doe het wel verantwoord
★★
We moeten niet stoppen met gas
★★
We moeten snel onafhankelijk worden van andere landen
★
Snelheid is geen doel op zich
★★
★★★ (hoofdmoot argument)
★★ (veel genoemd)
★ (af en toe genoemd)
30 januari 2025
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
3,7 punt
Deelnemers die hier meer prioriteit aan geven hebben het veel over (sociale) effecten en/of vinden dat inzet beloond moet worden. Deelnemers die hier minder punten aan geven hebben weinig draagvlak voor plannen van anderen of hebben zorgen dat de hulp dan naar een selecte groep gaat in plaats van naar de gehele samenleving.
Waarom adviseren deelnemers de gemeente hier meer of minder prioriteit aan te geven? Genoemde argumenten om hier meer prioriteit aan te geven
Genoemde argumenten om hier minder prioriteit aan te geven
Frequentie
Dit stimuleert participatie, zelfredzaamheid en het motiveert
★★★
Het huidige plan heeft geen toekomst of is te duur
★★★
Geef een (financiële) beloning voor het werk dat deze mensen stoppen in het maken van een plan
★★
Dit spreekt mij niet aan/dit is meer een subsidie voor 'de rijken'
★★★
Bied ondersteuning aan mensen/VvE's in het maken van een plan
★
Teveel verschillende meningen om samen te werken
★★
Bied hulp dat de gehele samenleving ten goede komt
★★
Het is belangrijk dat inwoners zelf keuzes kunnen maken
★
De energietransitie gaat gebaat bij eigen inbreng en samenwerking
38
Frequentie
★★★ (hoofdmoot argument)
★★ (veel genoemd)
★ (af en toe genoemd)
★
30 januari 2025
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
3,6 punt
In de argumenten zien we veel terugkomen dat woningeigenaren zelf keuzes moeten maken. Wel zijn er deelnemers die vinden dat de gemeente dit zo goed mogelijk moet ondersteunen en dingen moet uitzoeken en tegelijkertijd deelnemers die vinden dat woningeigenaren dit zelf moeten doen.
Waarom adviseren deelnemers de gemeente hier meer of minder prioriteit aan te geven? Genoemde argumenten om hier meer prioriteit aan te geven
Genoemde argumenten om hier minder prioriteit aan te geven
Frequentie
Gemeente moet kiezen en de beste opties voorleggen
★★★
Zelf regelen heeft mijn voorkeur
★★★
Steun woningeigenaren
★★★
Stoppen met gas is onzinnig/waanzin
★★
Dit is de verantwoordelijkheid van woningeigenaren
★★
Verandering doorvoeren is nodig
39
Frequentie
★★★ (hoofdmoot argument)
★★ (veel genoemd)
★
★ (af en toe genoemd)
30 januari 2025
40
Verdieping: vijf verschillende groepen deelnemers Latente Klasse Cluster Analyse
30 januari 2025
Op zoek naar patronen in de data: welke perspectieven komen we tegen?
Introductie tot LKCA • Wat is een LKCA? De statistische techniek Latente Klasse Clusteranalyse (LKCA) zoekt naar groepen die grotendeels dezelfde antwoorden geven. Of groepen die juist heel anders prioriteren dan andere groepen. • Waarom deze analyse? Met deze analyse onderzoeken we de voorkeuren van deelnemers. We analyseren welke groepen we kunnen onderscheiden in hun voorkeuren voor het keuzevraagstuk. De methode zoekt zelf naar significante kenmerken, vermoedens spelen geen rol. • Vijf groepen deelnemers: De LKCA geeft aan dat de deelnemers in vijf groepen kunnen worden opgedeeld die een verschillend perspectief hebben op waar de gemeente meer en minder rekening mee moet houden bij de overstap naar duurzame warmte. We werken deze uit op de volgende pagina’s.
41
We zien 5 groepen in de representatieve steekproef Midden
Eerlijke kosten
Z.s.m. duurzaam
Fijn wonen
Veel invloed
1
2
3
4
5 Toelichting
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving
5,7
17,3
0,5
4,9
8,2
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen
6,4
7,2
8,5
1,5
3,9
We kiezen voor de meest duurzame warmte
6,7
4,0
13,4
0,9
0,2
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
4,4
4,2
0,7
6,2
26,3
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
4,6
2,7
1,5
13,7
0,8
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
3,5
4,3
0,6
11,8
4,8
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
4,2
0,2
16,1
0,2
0,0
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
5,2
0,6
1,5
3,3
0,6
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
4,1
4,3
1,4
2,4
0,1
59%
17%
9%
9%
5%
42
<3
3-4
4-6
6-7
>7
Het LKCA-model stelt vast dat er onder de deelnemers vijf groepen zijn waarbinnen de deelnemers sterk op elkaar lijken qua voorkeuren en waarbij iedere groep een andere mening heeft dan de andere groepen. Hiernaast ziet u hoeveel punten de gemiddelde deelnemer uit een groep geeft aan de negen doelen. De percentages onderin geven aan hoe groot de groepen zijn.
We zien 5 groepen in de representatieve steekproef Midden
Eerlijke kosten
Z.s.m. duurzaam
Fijn wonen
Veel invloed
1
2
3
4
5
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving
5,7
17,3
0,5
4,9
8,2
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen
6,4
7,2
8,5
1,5
3,9
We kiezen voor de meest duurzame warmte
6,7
4,0
13,4
0,9
0,2
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
4,4
4,2
0,7
6,2
26,3
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
4,6
2,7
1,5
13,7
0,8
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
3,5
4,3
0,6
11,8
4,8
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
4,2
0,2
16,1
0,2
0,0
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
5,2
0,6
1,5
3,3
0,6
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
4,1
4,3
1,4
2,4
0,1
59%
17%
9%
9%
5%
43
<3
3-4
4-6
6-7
>7
Inzichten • Beleid waarin aandacht gegeven wordt voor zo laag mogelijke kosten voor de samenleving en extra ondersteuning voor lagere inkomens sluit aan bij de waarden van 76% van de deelnemers (optelling van groep 1 en 2). • Andere groepen hebben liever dat de gemeente stuurt op ofwel snel overstappen naar de duurzaamste warmte (17%), zorgen voor woongenot tijdens en na de werkzaamheden (9%) of invloed van inwoners (5%). Als de gemeente alle groepen tegemoet wil komen, vraagt dit flankerend beleid, inzet op specifieke activiteiten en strategischere communicatie.
Waarin onderscheiden de groepen zich: toelichting op groep 1 (midden) 1
Inzichten • De eerste groep is veruit de grootste groep (59% van de deelnemers) en verdeelt de punten gematigd over de doelen.
44
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving.
5,7
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen
6,4
We kiezen voor de meest duurzame warmte
6,7
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
4,4
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
4,6
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
3,5
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
4,2
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
5,2
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
4,1
<3
3-4
4-6
6-7
>7
59%
• Prioritering van de doelen. Deze groep geeft net meer prioriteit aan ‘zo laag mogelijke kosten voor de samenleving’, ‘ondersteunen van mensen met weinig geld’ en ‘kiezen voor meest duurzame warmte’. • Deze groep geeft het minste prioriteit aan het voorkomen van overlast. • Kenmerken. Deze groep is het in grote mate eens met het doel van de gemeente. Ook maakt deze groep zich meer zorgen over het klimaat dan andere groepen. De overige kenmerken van deze groep komen overeen met de gehele groep deelnemers
Quotes in de motivatie van groep 1 (midden) Leeswijzer: de kleuren en lettercategorieën geven aan welke motivaties bij welke keuze-opties zijn gegeven.
1 Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving [A]
5,7
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen [B]
6,4
We kiezen voor de meest duurzame warmte [C]
6,7
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas [D]
4,4
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen [E]
4,6
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk [F]
3,5
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas [G]
4,2
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp [H]
5,2
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte [I]
4,1
45
59%
“Mensen willen wel andere energiebronnen, maar ze willen of kunnen daar niet veel geld aan uitgeven. Door energiebronnen aan te bieden die weinig geld kosten, gaan meer mensen sneller van het gas af.” [A]
“Invloed is wel van belang, maar niet per inwoner. Gebundelde krachten ja, anders enorme versnippering van opties en dat zal vertraging opleveren.” [D]
“Het scheelt de gemeente tijd en kosten, als een groep mensen zelf een passende oplossing hebben voor een probleem. Zij hebben verstand van hun eigen huizen en mogelijkheden. De enige voorwaarde is wel dat de plannen binnen het geheel moeten passen, want niet iedereen kan een eigen groep vormen, en ze moeten er niet buiten vallen.” [H]
“Veel mensen hebben te weinig budget om de overgang te betalen. De overheid moet hier inspringen met belastinggeld.” [B] “Woonlasten voor mensen met een laag inkomen zijn al hoog genoeg, zoniet te hoog. Als daar nog eens innovatiekosten bovenop komen is het leven voor deze categorie nagenoeg onbetaalbaar.” [B]
“Duurzaam in de zin van goed voor het milieu, maar ook duurzaam in de zin van voorbereid op de lange termijn. Je kunt bij problemen voor de goede, de snelle of de goedkope optie gaan, en goedkoop is duurkoop, dus het belangrijkste is om een goede balans te vinden tussen duurzaam en betaalbaar.” [C]
“Of je huis nu met gas of met duurzame energie wordt verwarmd maakt toch niet echt uit? Als het maar warm is in de winter.” [E]
“Ja en nee. Wel inbreng op plannen (goede info geven en luisteren naar meningen en afwegingen). Dat kan besluiten echt verbeteren en ook de argumenten en uitleg over de keuzes. Maar goedkeuring zal nooit unaniem zijn en er zijn altijd tegenstanders. Daarom belangrijk om goed te regelen dat er keuze is voor eigen huis (en soms is dat keuze uit 2 of 3 opties die iemand allemaal niet leuk vindt, maar dan heeft iemand wel keuze).” [D]
“Ja, kwaliteit gaat vóór snelheid en de kosten. Laten we het nu in één keer goed doen.” [C]
“Efficiënt uitvoeren van de werkzaamheden, bv. per straat in een wijk, drukt de kosten. Tijdelijke overlast is onvermijdelijk, maar beter kort veel last dan heel lang een matige hoeveelheid overlast.” [F]
Waarin onderscheiden de groepen zich: toelichting op groep 2 (eerlijke kosten) 2
Inzichten • De tweede groep is kleiner dan de eerste groep (17% van de deelnemers) en geeft duidelijke richting mee in hun keuzes.
46
Stoppen met gas moet zo weinig mogelijk geld kosten voor de samenleving.
5,7 17,3
Mensen die weinig geld hebben, krijgen extra hulp van de gemeente om een nieuwe verwarming te betalen
6,4 7,2
We kiezen voor de meest duurzame warmte
6,7 4,0
Inwoners hebben zo veel mogelijk invloed op hoe we stoppen met gas
4,4 4,2
Woningen moeten met extra werk fijner worden om in te wonen
4,6 2,7
Er is zo weinig mogelijk overlast van het werk
3,5 4,3
We kiezen voor de plannen waarmee we het snelst stoppen met gas
4,2 0,2
Mensen die samen een plan maken voor duurzame warmte, krijgen zo veel mogelijk hulp
5,2 0,6
Woningeigenaren hoeven zelf zo min mogelijk na te denken over de beste duurzame warmte
4,1 4,3
<3
3-4
4-6
6-7
>7
17%
• Prioritering van de doelen. In deze groep zien we een focus op een eerlijke verdeling van kosten. Deze groep geeft veruit de meeste punten aan het zorgen dat de transitie zo min mogelijk geld kost voor de samenleving. Ook geven ze meer punten dan gemiddeld aan het ondersteunen van mensen met weinig geld. • Tegelijkertijd geven ze weinig tot geen punten aan het snel stoppen met gas en ondersteunen van mensen die zelf plannen maken.
• Kenmerken. De mening over het doel van de gemeente is in deze groep meer verdeeld dan in de andere groepen. Verder maakt deze groep zich iets minder zorgen over het klimaat dan gemiddeld. • Deze groep heeft relatief meer moeite met rondkomen in vergelijking met de andere groepen. • De overige kenmerken van deze groep komen overeen met de gehele groep deelnemers.
Quotes in de motivatie van groep 2 (eerlijke kosten) Leeswijzer: de kleuren en lettercategorieën geven aan welke motivaties bij welke keuze-opties zijn gegeven.