CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS321577 Notulen van de raad van 13 februari 2025

Gemeenteraad 13 maart 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 18 en 19 december 2024, 23 januari en 13 februari 202559.353 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

Daar staat volgens mij heel duidelijk in: 'verzoeken het college van burgemeester en wethouders van Den Haag om een startnotitie op te stellen voor het houden van een referendum waarbij de burgers van Den Haag zich kunnen uitspreken voor of tegen de uitbreiding van betaald parkeren. Dit voorstel zal ervoor zorgen dat de burgers van Den Haag zich kunnen uitspreken voor of tegen de uitbreiding van betaald parkeren.' Ik geloof dat mevrouw Van Basten ook Nederlands praat. De voorzitter. Mevrouw Van Doorn, ik neem aan dat u ook iets heel nieuws heeft. Marieke van Doorn (D66). Zeker, voorzitter. Ik sla nog even aan op het 'betalen, betalen, betalen'verhaal en het amendement dat inderdaad over de probleemstelling en de oplossingsrichting gaat om de vraagstelling in overeenstemming te brengen met het burgerinitiatief. Ik heb de heer Meinesz daar al eens op geïnterrumpeerd. Dat was in april vorig jaar, dus al even geleden, maar ik heb begrepen dat de heer Meinesz een goed geheugen heeft. Hij weet dus vast nog dat ik hem vroeg of hij niet bang was dat hij met zijn steun aan dit referendum de initiatiefnemer blij maakte met een dode mus, omdat in onze Referendumverordening staat dat het niet mag gaan over gemeentelijke belastingen. Als het dan gaat over 'betalen, betalen, betalen', gaat het over gemeentelijke belastingen.

De heer Meinesz zei toen: 'Nee hoor, mevrouw Van Doorn, ik ben niet bang, want het gaat over beleid.' Hoe verhoudt dat zich nou tot dit amendement? Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Allereerst hebben we die discussie al gehad. Daar is uit gekomen - dat heeft de referendumcommissie ook gezegd - dat dit oké is en dat we het zo zouden gaan doen. Maar om mevrouw Van Doorn een beetje te helpen: in de actualisatie die er straks aan komt, staat: 'De verwachte kosten en opbrengsten van deze uitbreiding zijn structureel verwerkt in een meerjarenbegroting.' En dan komt ie; let op: 'Beleidsmatig dient deze maatregel nog te worden verwerkt in de Parkeerstrategie.' Daar heeft u uw antwoord. Marieke van Doorn (D66). Ik heb het gevoel dat er een aantal zaken door elkaar heen lopen. Inderdaad kan bij de actualisatie van de Parkeerstrategie worden bekeken of de draagvlakmeting terug moet komen, maar we hebben het vandaag over de vraag of we dit referendum met elkaar gaan organiseren. Dáár gaat het over en de vraag is dan of de probleemstelling referendabel is. Wat onze fractie betreft is de probleemstelling zoals die nu in de startnotitie staat, wel referendabel, maar de heer Meinesz is voornemens om die te amenderen; misschien moeten we hem eerst het amendement laten voorlezen. Dat botst met onze Referendumverordening. Is de heer Meinesz dat met ons eens? Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag).

Nee. 17

Ik lees het amendement voor: 'Besluit om het volgende punt: II. een referendum te organiseren over de oplossingsrichting uit de startnotitie, namelijk of parkeerdruk en draagvlakmeting wel of niet een voorwaarde zijn bij uitbreiding van gereguleerd parkeren in gebieden waar dit nog niet is ingevoerd, exclusief de gebieden met (grote) woningbouwontwikkelingen; te veranderen in: II. een stadsbreed referendum te organiseren over de oplossingsrichting uit de startnotitie, namelijk of men voor of tegen de uitbreiding van betaald parkeren is in de door het college omschreven gebieden (1); - inclusief de gebieden met (grote) woningbouwontwikkeling; - inclusief Laak en Rustenburg-Oostbroek inzake de uitbreiding van de venstertijden overdag van 9.00 tot 18.00 uur.' Het amendement is medeondertekend door de heer De Mos, de heer Kaptheijns van de PVV, de heer Etalle van Forum voor Democratie en Martin van den Goorbergh van Groep van den Goorbergh. De voorzitter. Door de heer Meinesz, daartoe gesteund door de heer De Mos, wordt het volgende amendement (G.A HvDH) voorgesteld: Amendement G.A HvDH Vraagstelling ‘Bent u voor of tegen de uitbreiding van betaald parkeren?’ in startnotitie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 13 februari 2025, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake startnotitie referendum uitbreiding gereguleerd parkeren.

Besluit om het volgende punt: ▪ II. een referendum te organiseren over de oplossingsrichting uit de startnotitie, namelijk of parkeerdruk en draagvlakmeting wel of niet een voorwaarde zijn bij uitbreiding van gereguleerd parkeren in gebieden waar dit nog niet is ingevoerd, exclusief de gebieden met (grote) woningbouwontwikkelingen; Te veranderen in: ▪ II. een stadsbreed referendum te organiseren over de oplossingsrichting uit de startnotitie, namelijk of men voor of tegen de uitbreiding van betaald parkeren is in de door het college omschreven gebieden (1); o

inclusief de gebieden met (grote) woningbouwontwikkeling;

o

inclusief Laak en Rustenburg-Oostbroek inzake de uitbreiding van de venstertijden overdag van 9.00 tot 18.00 uur.

Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Voorzitter. GroenLinks was al geen voorstander van een referendum over een fiscale bevoegdheid van de raad. Dat is niet veranderd met deze startnotitie, maar natuurlijk wel dank voor al het werk dat erin zit van ambtenaren en het college. Het amendement van Hart voor Den Haag zullen wij niet steunen; ik weet dat de heer Meinesz nu diep teleurgesteld is. Met het amendement blijft Hart voor Den Haag pleiten voor een referendum over betaald parkeren in de gehele stad. Dit onderwerp leent zich niet voor een referendum voor de hele stad; dat is de conclusie die wij als GroenLinks trekken. Als je het wilt hebben over nut en noodzaak per deelgebied en wijk, zou je dat bij de actualisatie van het parkeerbeleid kunnen bespreken, die nu juist op pauze is gezet. Dat is hoe wij hierin staan. Daar heb ik niets meer aan te voegen.

18

Fatima Faïd (HSP). Voorzitter. Er is hard gewerkt door het college om met dit voorstel te komen voor een wettelijk referendum, maar dit komt wat ons betreft toch neer op een referendum dat indirect gaat over de gemeentelijke belastingen. Daarnaast richt dit referendum zich op draagvlakmeting en parkeerdruk als enige voorwaarden voor uitbreiding, maar het negeert andere belangrijke factoren, zoals verkeersveiligheid en luchtkwaliteit. Het beleid moet volgens de HSP altijd alle aspecten meenemen. Pas dan is het goed beleid. Dat is hier niet het geval. De Haagse Stadspartij had al tegengestemd bij het opstellen van de startnotitie en dat zullen we opnieuw doen. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Maar als dat de reden is … U heeft toch ook de actualisatie gelezen? Daar ziet u toch ook staan … De voorzitter. Via de voorzitter. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Daar ziet u via de voorzitter toch ook staan dat deze maatregel nog beleidsmatig dient te worden verwerkt in de Parkeerstrategie? Dan hebben we het nu toch gewoon over beleid? Fatima Faïd (HSP). Bedankt voor de vraag, meneer Meinesz. Nee, wij denken dat het nog steeds indirect over gemeentelijke belastingen gaat. Dat is één, maar een ander heel groot bezwaar dat wij hebben tegen een referendum, is dat niet alle aspecten van het probleem worden meegenomen. Leonie Gerritsen (PvdD). Voorzitter.

De Partij voor de Dieren is in principe wel een voorstander van referenda. Ze moeten echter wel duidelijk en proportioneel zijn. In het commissiedebat is uitgebreid stilgestaan bij de zorgen die de Partij voor de Dieren heeft rondom dit referendum en alle andere zorgen die leven in deze discussie. Dat debat liet ook zien dat er zelfs in deze raadzaal nogal veel interpretaties zijn van wat 'uitbreiding betaald parkeren' eigenlijk betekent. Dat is logisch. Als inwoners lezen dat ze kunnen stemmen over betaald parkeren, zullen ze ervan uitgaan dat dit geldt voor hun eigen situatie. Mensen zouden zelfs kunnen denken dat betaald parkeren wordt teruggedraaid als ze tegenstemmen. Anderen kunnen denken dat het gaat over het uitbreiden van de venstertijden in hun wijk. Dat is logisch, want als je de vraag krijgt of je voor of tegen het uitbreiden van betaald parkeren bent, ga je ervan uit dat dat ook voor jou geldt. In de startnotitie lezen we echter dat dat niet het geval is. De enige gebieden waar uitbreidingen van betaald parkeren referendabel zijn, zijn het bedrijventerrein ZKD en de wijken Loosduinen, Mariahoeve en Marlot. Ik heb uitgerekend hoeveel huishoudens dat bij elkaar zijn. Ik kwam uit op ruim 30.000 huishoudens. Dat is iets meer dan 10% van alle huishoudens van Den Haag. Wat de Partij voor de Dieren betreft is een stadsbreed referendum van € 2,2 mln.

niet proportioneel voor deze maatregel. Ook is het onderwerp te gecompliceerd om het plat te slaan in een makkelijk ja of nee. Mijn fractie is het college erkentelijk voor het uitvoeren van het burgerinitiatief door het opstellen van de startnotitie, maar mijn fractie zal dus tegen dit voorstel stemmen. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). U zegt eigenlijk dat er te weinig wijken onder een referendum vallen. Als dat het probleem is, kunt u in principe gewoon voor mijn amendement stemmen, want wij nemen alle wijken mee. Leonie Gerritsen (PvdD). Volgens mij heeft u het niet over alle wijken. Het probleem is dat dit voor elke wijk iets anders betekent. Je kan het dus niet heel platslaan in ja of nee. Bovendien zijn wij er geen voorstander van om te morrelen aan afspraken waarvan de woningbouw kan afhangen. Dus nee, daar kunnen wij zeker niet voor stemmen. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Het is helemaal niet verschillend. Bij iedere wijk is het: bent u voor of tegen uitbreiding van betaald parkeren? Dat is bij de venstertijden zo: als het andere venstertijden zijn, is dat een uitbreiding van betaald parkeren. Als het in de nieuwe wijken is, is het uitbreiding van betaald parkeren. Daar zit dus helemaal geen ruis op de lijn. En als het referendum gehouden wordt, kan daar gewoon een schrijven bij gedaan worden waarin uitgelegd wordt om welke gebieden het gaat. 19

Leonie Gerritsen (PvdD). Zoals ik net al zei, hebben we tijdens het debat met allemaal woordvoerders die goed in de materie zitten, al ongelofelijk veel onduidelijkheid gehad in de zin van: hè, hoe werkt dat dan, kan dat hier, kan dat wel, is dit referendabel of niet, gaat dit problemen veroorzaken met afspraken met ontwikkelaars, gaan we dan geen wijken in gevaar brengen waar deze zaken helemaal niet op stapel staan en gaan mensen verwachten dat dingen kunnen worden teruggedraaid? Het gaat dus heel veel vragen opleveren. Het gaat waarschijnlijk voor heel veel mensen niet opleveren wat ze zouden willen, wat dan het uiteindelijke vertrouwen in de politiek nog verder zal schaden. De voorzitter. De laatste keer, meneer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Denkt u dan dat dat vertrouwen niet wordt geschaad als 15.000 mensen nu niet gehoord worden? Leonie Gerritsen (PvdD). In een bericht op de website van Hart voor Den Haag staat: we hebben voornamelijk geflyerd in Wateringse Veld, Leidschenveen, Ypenburg en Segbroek. In de drie eerstgenoemde wijken is helemaal geen sprake van het uitbreiden van betaald parkeren. Het is voornamelijk aan die mensen gevraagd, maar zij hoeven zich hier helemaal niet druk om te maken, want er zijn helemaal geen plannen om betaald parkeren daar uit te breiden. Dus nee. De voorzitter. Dat was 'm, meneer Meinesz.

Heeft u een punt van orde? Ik dacht dat u drie interrupties had gehad. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Ja, dat klopt, maar er worden hier onwaarheden verteld, namelijk dat wij maar in een paar wijken zijn geweest. Dat is niet waar, want we zijn in heel de stad geweest. Ik wil dat dus toch even weerleggen, want als er nu onwaarheden worden verteld … De voorzitter. Meneer Meinesz, dit is geen punt van orde, maar u heeft uw punt gemaakt. Nee, dit is geen punt van orde. Een punt van orde is een agendawijziging of iets dergelijks. Dat weet u best. Meneer Meinesz, u kunt straks weer interrumperen. Janneke Holman (PvdA). Voorzitter. Onze fractie heeft een aantal weken geleden tegen de uitwerking van de startnotitie gestemd, omdat wij zagen dat de initiatiefnemers van het referendum een vraagstelling voor ogen hebben waarover we geen referendum kunnen houden, namelijk over parkeerbelastingen, die gemeentelijke belastingen zijn. Nu ligt er een startnotitie van het college, die op zich goed in elkaar zit en die heeft geleid tot een referendabele probleemstelling. De initiatiefnemers zijn het echter niet eens met de startnotitie en willen dus een vraagstelling die niet kan.

Daarnaast hebben we dus de startnotitie, die zou leiden tot een referendum waarin de hele stad moet stemmen over de vraag of we in een beperkt aantal wijken draagvlak en parkeerdruk meenemen als voorwaarden voor de invoering van gereguleerd parkeren. Dat zal niet bijdragen aan het vertrouwen in de democratie, want de kans is levensgroot dat mensen met verkeerde verwachtingen naar de stembus gaan. Stel dat je in Ypenburg woont en dat je denkt dat je voor of tegen de invoering van betaald parkeren in jouw eigen buurt stemt, waar sowieso geen sprake van is, en dat dan blijkt dat het alleen om Mariahoeve en Loosduinen gaat; dat moeten we met z'n allen niet willen. Daarom zal de PvdA tegen de startnotitie stemmen. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). U begon weer over het geld en het beleid. U heeft de actualisatie toch ook gelezen? Dan heeft u toch ook zien staan dat de maatregel beleidsmatig dient te worden verwerkt in de Parkeerstrategie? Of vindt u dat de actualisatie dit niet juist heeft verwoord? Janneke Holman (PvdA). Bedoelt u de actualisatie die we nog vast moeten stellen en die u kan amenderen?

20

Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Er ligt een actualisatie van de Parkeernota 2021-2030. Die gaan we later bespreken. Daar staat gewoon duidelijk in dat de invoering van uitbreiding van betaald parkeren nog beleidsmatig dient te worden verwerkt. Dus het is beleid. Janneke Holman (PvdA). Bedoelt u de parkeeractualisatie die nog geen beleid is omdat we die nog met z'n allen moeten gaan vaststellen in deze raadzaal? Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Dit is een stuk van het college, dat dus zelf aangeeft dat het beleidsmatig nog veranderd moet worden. Dat betekent dat het college zelf ook vindt dat dit beleid is. Janneke Holman (PvdA). Ik zou niet weten wat ik hier nog op zou moeten antwoorden. Volgens mij kunnen we die actualisatie met z'n allen nog vrolijk amenderen als we dat willen. Dat is dan het beleid. Lesley Arp (SP). Voorzitter. De SP is een groot voorstander van referenda. We zien wel moeilijkheden rondom raadgevende referenda, bijvoorbeeld rond het bepalen van de vraagstelling en de kans dat uitkomsten niet worden omgezet in beleid. Daarom is de SP een nog groter voorstander van bindende correctieve referenda, maar dit is een discussie die nu in het andere Den Haag tot een ontknoping leidt. Vandaag hebben we het over de startnotitie met daarin een probleemstelling, geen vraagstelling.

De oproep van de indiener van het burgerinitiatief om mensen te vragen of zij simpelweg voor of tegen de uitbreiding van betaald parkeren zijn, zou weliswaar tot een simpele vraag leiden, maar de bedoeling van deze vraag is daarmee niet per se duidelijker. Dat blijkt uit het debat in de commissie en eigenlijk ook uit het debat van vandaag. Kortom, wij hebben begrip voor de keuze van het college om de voorgenomen beleidswijziging rond betaald parkeren centraal te stellen in een referendum, maar dat betekent ook dat die beleidswijziging begrijpelijk en inzichtelijk moet zijn. Is de wethouder bereid om, als er wordt ingestemd met de startnotitie, snel met een eenvoudige versie van de nieuwe Parkeerstrategie te komen, zodat alle inwoners goed kunnen begrijpen waar die over gaat? Wel betreuren we dat het referendum, dat wij zien als een machtsmiddel in handen van inwoners, straks mogelijk gebruikt wordt om een voorronde voor de gemeenteraadsverkiezingen te financieren. Het liefst zouden wij zien dat politieke partijen geen aanspraak kunnen maken op het campagnebudget, maar die keuze vloeit nou eenmaal voort uit de Referendumverordening. Omdat wij de spelregels niet tijdens de wedstrijd willen veranderen, zullen we een voorstel doen om deze spelregels aan te passen zodra de verordening opnieuw tegen het licht wordt gehouden. Massimo Etalle (FVD). Voorzitter.

Het referendum is democratie in haar zuiverste vorm. Mensen krijgen hiermee eindelijk de kans om echt te stemmen over een kwestie die ertoe doet. Het mooie aan referenda is dat politiek niet bedreven wordt door praatzieke politici met hun trucjes, maar door de burger, die kiest wat hij wel of niet wil. Simpel, helder, mooi. Toch probeert het college ook hier een politiek spelletje te spelen. Zo is de vraag van het referendum aangepast van 'wel of geen uitbreiding van betaald parkeren?' naar de vraag of parkeerdruk en draagvlakmeting wel of niet voorwaarden moeten zijn bij de uitbreiding van gereguleerd parkeren in gebieden waar dit nog niet is ingevoerd. Zo probeert het college zijn grootste argument in de vraagstelling te verwerken. Dat is natuurlijk flauw en niet in de geest van dit democratische feestje. FVD is een groot voorstander van dit initiatief van Hart voor Den Haag of eigenlijk van de burgers en zal dit ook van harte steunen. Adeel Mahmood (DENK). Voorzitter. Dank aan het college voor de startnotitie en de toelichting, maar ook dank aan de initiatiefnemers voor de inzet en de grote moeite die zij hebben gedaan. 'Vroem, vroem, DENK Den Haag autopartij'; ik merk dat ons verkiezingsprogramma goed wordt gelezen, maar gisteren en ook vandaag betrapte ik mensen erop dat vooral het verkiezingsprogramma van het andere Den Haag wordt gelezen.

Wij zijn toch echt het echte Den Haag. In ons verkiezingsprogramma voor Den Haag staan onze lokale standpunten en die zijn wat genuanceerder. Dus bij dezen. Zoals bekend is DENK voorstander van maatwerk bij betaald parkeren. Het beleid van de afgelopen jaren heeft ervoor gezorgd dat betaald parkeren al in bijna heel de stad een feit is. Opeenvolgende coalities hebben hiervoor gezorgd. Dat is een gegeven. Als we nu bijvoorbeeld zouden zeggen dat we in Laak, in Rustenburg-Oostbroek of in andere wijken waar betaald parkeren al is ingevoerd, betaald parkeren willen terugdraaien, zou dit een grote ramp betekenen voor de avonden. 21

Bewoners kunnen nu al geen plek vinden. Ik kan me dus niet voorstellen dat bewoners hierbij gebaat zouden zijn. Mede dankzij de weerstand in de wijken en ook de inzet van DENK in de raad hebben we ervoor gezorgd dat betaald parkeren overdag in Laak en Rustenburg-Oostbroek niet is ingevoerd, want overdag waren er geen problemen. Daar hoeven we wat DENK betreft nu niet weer een referendum overheen te gieten. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Dat was het landelijke programma. Ik weet niet of u de 'vroemvroempartij' bent voor Den Haag. Ik weet ook niet of u betaald parkeren een melkkoe vindt, maar in Bouwlust-Vredelust wil men straks betaald parkeren gaan invoeren. Wat vindt u daar dan van? Adeel Mahmood (DENK). Als we het over Den Haag en over ons lokaal beleid hier hebben, zijn we niet vatbaar voor opportunisme of voor het roepen van zaken voor electoraal gewin. We kijken met een gezond verstand naar de problemen in onze stad. Wat DENK betreft is er daarbij altijd ruimte voor de auto en moet er lokaal wijkgericht maatwerk worden geleverd. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). U beroept zich op uw gezond verstand. Er zijn 15.000 handtekeningen opgehaald van mensen die willen weten of er uitbreiding van betaald parkeren komt of niet. Wat vindt u daar dan van? Adeel Mahmood (DENK).

Ik heb toevallig wat mensen gesproken in Schilderswijk/Transvaal, want wij spreken mensen weleens over het parkeerbeleid; daar is niet iedereen blij mee. Hun verwachtingen met betrekking tot het referendum zijn totaal anders dan de boodschap die u hier vandaag vertolkt. Ook op het punt van vertrouwen in de politiek en verwachtingsmanagement merk ik dus dat de mensen die de petitie hebben getekend, een totaal ander beeld van het referendum hebben dan de boodschap die vandaag door Hart voor Den Haag wordt verkondigd. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Dan weet ik niet wie u spreekt, maar volgens mij is het allemaal niet zo moeilijk wat er gesteld wordt: bent u voor of tegen uitbreiding van betaald parkeren? Adeel Mahmood (DENK). Ik ga straks uitleggen waar we voor zijn en wat daar de voors en tegens van zijn. Als u even geduld heeft, krijgt u dus een genuanceerd verhaal van mij. Als je mensen vervolgens vraagt of ze voor of tegen betaald parkeren zijn - die gesprekken voer ik al jaren - krijg je al gauw het antwoord dat zij dat niet willen, terwijl zij juist in de avonden problemen zien. Desondanks denken zij dat er, als zij voor zo'n vraagstelling zullen kiezen, een andere uitkomst zal komen, terwijl ze dat zelf niet eens heel graag willen. Dan komen we bij de probleemstelling die vanuit het college voorligt.

De stelling van het college - uitgaan van de beperkte gebieden en dan vervolgens de hele stad om zijn mening vragen vinden wij geen goed idee, zeker als er verkeerde verwachtingen worden gewekt en als hier meer dan € 2 mln. aan wordt besteed. Dat vinden wij niet proportioneel. Volgens het vigerend parkeerbeleid is op dit moment wel draagvlak vereist in deze gebieden. Als we dit anders willen - dat kan - kunnen we dat bespreken bij de behandeling van de Parkeerstrategie. Wij passen voor een stadsbreed referendum voor deze beperkte gebieden. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Stelt u nu dat draagvlak nu wordt toegepast in het vigerend beleid? Adeel Mahmood (DENK). Ja, voor een aantal gebieden is dat de huidige situatie in het vigerend beleid. Als we bepalen dat dit in de Parkeerstrategie moet worden veranderd, wordt dat anders, maar momenteel is dit nog een onderdeel. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Ik heb u toch net verteld dat op 27 juni het draagvlak uit deze parkeerbrief is gehaald? Dat is helemaal niet meer leidend. Er wordt geen draagvlak meer gemeten. Adeel Mahmood (DENK). Ik heb ook gekeken naar het geamendeerde voorstel in de parkeerbrief. Daar staat het nog steeds in. 22

De voorzitter. De laatste keer, meneer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Dan zullen we het straks even aan de wethouder vragen. Dat vraag ik hem nu. Dan kunt u meeluisteren: is dit nog onderdeel van de parkeerbrief of niet? Dat gaan we dan straks horen. Adeel Mahmood (DENK). Dat vind ik helemaal prima. Los daarvan kunnen we, als het goed is, binnenkort spreken over de Parkeerstrategie. Als we daar bepaalde dingen in willen veranderen of amenderen, is dat wat ons betreft het moment om dat te doen. Het amendement van Hart voor Den Haag wijkt eigenlijk deels ook af van het burgerinitiatief. Er wordt bijvoorbeeld gevraagd om het draagvlak in Laak en Rustenburg-Oostbroek voor de venstertijden overdag mee te nemen. Daar hebben we wat DENK betreft geen referendum voor nodig. We hebben bij de weerstand in de wijken al gezien dat er geen draagvlak is voor het naar overdag uitbreiden van de venstertijden. De voorzitter. Meneer Meinesz, u bent al drie keer geweest. Heeft u iets nieuws? Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Ja. De voorzitter. Echt, hè, meneer Meinesz? Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Ja, dit gaat over Laak en Rustenburg-Oostbroek. Waar denkt u dat deze inspreker en opsteller van het burgerinitiatief vandaan komt en waar hij woont? Adeel Mahmood (DENK). Dat kan ik wel raden, maar ik weet het eerlijk gezegd niet. Misschien Laak; dat hoor ik aan mijn linkerkant.

Maar we hebben er daar al voor gezorgd dat het niet naar overdag wordt uitgebreid. We hebben al gezien dat er weerstand is in deze wijken. DENK is ook geen voorstander van uitbreiding van de venstertijden in Laak en Rustenburg-Oostbroek. Dat is al geregeld. Waarom zouden we dan opnieuw vragen naar de mening van mensen, terwijl ik al weet wat die mening daar is? Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Het is niet geregeld; het is uitgesteld. Op ieder moment kunnen ze de knop gewoon weer omdraaien. Adeel Mahmood (DENK). Dan hebben wij in deze raad de rol om daarvoor of daartegen te zijn. Wij kunnen dat hier bepalen. Ik denk dat er best wel een meerderheid voor te vinden is om dat niet te doen; tenminste, in de huidige collegeperiode zie ik dat niet gebeuren. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Wij kunnen hier in de raad ongeveer alles bepalen, want wij zijn het hoogste orgaan, zoals we dan altijd zeggen. Maar het idee van participatie-instrumenten is dat je bewoners toch vraagt wat zij er zelf van vinden. Dat is natuurlijk wat hier nu eigenlijk voorligt. Adeel Mahmood (DENK). Dat ben ik zeker met de VVD eens, maar wat ons betreft kijken we ook of wat we nu inzetten, proportioneel is ten opzichte van wat we uiteindelijk willen.

Wat mij betreft ligt het nu niet op tafel om bewoners in Laak en Rustenburg-Oostbroek te vragen wat zij vinden van uitbreiding van betaald parkeren, want die uitbreiding gaat daar niet door. Als we in heel Den Haag een vraagstelling neerzetten, ook in wijken waar nu al betaald parkeren voor de hele dag is ingevoerd … Ik las laatst bijvoorbeeld dat de heer De Mos heel veel rondjes heeft moeten rijden in zijn nieuwe buurt, omdat hij geen parkeerplaats kon vinden; er zijn vijf boetes kwijtgescholden, maar dat is een ander verhaal en is niet relevant. Als je de mensen daar gaat vragen of zij betaald parkeren willen uitbreiden, terwijl ze geen parkeerplek kunnen vinden, vind ik dat niet relevant voor Laak overdag, want dan is daar wel genoeg plek. De voorzitter. Meneer Meinesz, heeft u wat nieuws? 23

Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Ja. Ik ben serieus. Dit gaat natuurlijk over heel veel vlakken. Meneer Mahmood stelt dat als meneer De Mos daar woont, hij geen zeggenschap heeft over Laak, maar als meneer De Mos straks met zijn auto richting Laak gaat rijden, moet hij daar straks alsnog weer gaan betalen om zijn auto te parkeren. Daar gaat het om. Adeel Mahmood (DENK). Gelukkig kan dat onder andere dankzij DENK nu overdag wél. Als je dat in de avond wil, doe je de bewoners daar ook geen plezier mee, want in de avonden is er geen parkeerplek te vinden. Dat moet u zich ook realiseren. Ik ga verder met het tweede punt in het amendement, namelijk om grote woningbouwontwikkelingen mee te nemen en het referendum dus ook uit te breiden naar deze gebieden. Ik kan me daar wat bij voorstellen, maar tegelijkertijd raakt dit een aantal afspraken. Er zijn bijvoorbeeld afspraken gemaakt over parkeren bij grote ontwikkelingen, mede door Hart voor Den Haag. Het lijkt mij heel belangrijk om hier goed te kijken naar de venstertijden, bijvoorbeeld zo veel mogelijk in de avonden, maar overdag vrij als er geen parkeerdruk is. Het college laat weten dat zonder gereguleerd parkeren de afgesproken woningbouwopgave niet gerealiseerd kan worden. Daarnaast zijn op deze uitgangspunten omgevingsvergunningen verleend en rijkssubsidies verkregen op de onderliggende businesscases.

DENK is voorstander van gunstige venstertijden, niet van onnodig de hele dag betaald parkeren. Als we een referendum houden, vrees ik ook dat er verkeerde verwachtingen worden geschept. Het gaat in het referendum niet om de venstertijden maar om de invoering. Verder heeft het, zoals gezegd, consequenties voor de woningbouwopgave en financiële consequenties. Natuurlijk is het belangrijk om dit mee te nemen, maar dit lijkt mij meer iets om uitgebreid bij stil te staan in het kader van de Parkeerstrategie, maar ook in 2026 voor de partijen die dan aan tafel zitten. Verkeerde verwachtingen scheppen heeft consequenties voor het vertrouwen en niet uitbreiden heeft andere consequenties, zoals voor de woningbouwopgave en de begroting. Dit moet allemaal in samenhang worden bekeken en door de gekozen volksvertegenwoordigers worden beoordeeld. Met een simpel ja of nee tegen uitbreiding helpen we onze burgers niet, niet met deze probleemstelling en vraagstelling. We moeten wijken waar betaald parkeren al een feit is, niet laten oordelen over andere wijken, die zij minder goed kennen. Kijk dus meer naar oplossingen. Wij zijn voor het beter benutten van parkeergarages. Kijk naar parkeerzones. Maak waar nodig extra parkeerplaatsen. Wat DENK betreft kunnen hier afspraken over worden gemaakt in 2026. We zien nu geen voordelen in het houden van een referendum. Lotte van Basten Batenburg (VVD).

Voorzitter. Vorig jaar hebben we als raad besloten dat deze startnotitie er moest komen. De VVD stemde voor, maar niet omdat we voorstander zijn van adviserende referenda, want dat zijn we niet. Wij stemden voor het maken van deze startnotitie omdat we in Den Haag nu eenmaal de mogelijkheid kennen van een burgerinitiatief. Als er dan een initiatief is met voldoende handtekeningen dat volgens het advies referendabel is, zou het niet juist zijn om daar geen opvolging aan te geven als raad. Maar we wisten dat er nog een ingewikkelde afweging voor ons zou liggen over de vraagstelling van het referendum. De Haagse VVD kijkt voor die afweging niet vanuit de eigen inhoudelijke afwegingen en standpunten, want dan zou ik hier een hele mooie vraag kunnen neerleggen over wat wij allemaal vinden van betaald parkeren. Heel veel partijen lijken dat hier vandaag toch een beetje te doen. In plaats daarvan beoordelen wij voorstellen vanuit het burgerinitiatief en het referendum als bestaand Haags participatie-instrument, want dat is het burgerinitiatief uiteindelijk: een participatie-instrument. In dit eerste succesvolle Haagse burgerinitiatief ooit is een concreet verzoek gedaan om een vraag voor te leggen: voor of tegen de uitbreiding van betaald parkeren.

Als we daar nu als raad een wijziging in aanbrengen en als wij een referendum zouden houden over een vraag die de initiatiefnemer echt niet ziet zitten - dat hoorden we hem net zeggen in zijn inspraak - dan doe je wat de VVD betreft geen recht aan dit instrument. Graag een reactie van de wethouder Participatie, wethouder Icar: deelt hij dit? Als we een referendum houden over een vraag die de initiatiefnemer echt niet ziet zitten, geven we ook nog eens € 2,2 mln. uit aan een referendum waar niemand op zit te wachten. Is dat dan geen weggegooid geld, vraag ik mijn collega's.

24

Tot slot graag nog een reactie van de wethouder op de vraag of het mogelijk is om het referendum te houden over de vraagstelling die overeenkomt met het verzoek van het burgerinitiatief. Is dat mogelijk of zijn daar nog echte inhoudelijke bezwaren tegen? Afsluitend sluit ik me graag aan bij de opmerking van de SP over het uit het tweede voorliggende agendapunt halen van de financiële zaken. Marieke van Doorn (D66). Voorzitter. Toen wij in november het burgerinitiatief bespraken, hadden we op de publieke tribune een inspreker uit Ypenburg, die bezwaar kwam maken tegen de uitbreiding van betaald parkeren in zijn wijk, in Ypenburg dus, terwijl er helemaal geen plannen voor het invoeren van betaald parkeren in die wijk zijn. Ik heb daar destijds een punt van orde over gemaakt en ik breng deze inspreker nu in herinnering, want onze fractie heeft net als meerdere partijen in de raad zorgen omdat een stadsbreed referendum over een beleidswijziging, niet zijnde de invoering van een gemeentelijke belasting, bij de invoering van betaald parkeren in 4 van de 44 wijken in de stad gemakkelijk tot eenzelfde verwarring kan leiden. Mevrouw Gerritsen zei het al mooi: uitbreiding in de ene wijk betekent wat anders dan in de andere wijk. De verwachtingen zullen vertroebelen.

Het organiseren van een stadsbreed referendum waarbij verkeerde verwachtingen en onduidelijkheid over de scope van de voorliggende vraag op de loer liggen, doet daarom volgens onze fractie weinig goeds voor de betrokkenheid en het vertrouwen van bewoners in de politiek. Dan organiseren we geen feest van de democratie, maar een dooie mus. Daar wordt niemand beter van. Wij stemmen daarom vanavond tegen de voorliggende startnotitie. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dat moet toch bijna betekenen dat D66 geen enkel referendum kan steunen? Want als dit zou gaan over het vergroenen van de stad, betekent dat in de Schilderswijk iets anders dan in het Statenkwartier. En als het gaat over - weet ik veel? - halfverharding van parkeerplaatsen, is dat in de ene wijk al een feit en in de andere nog niet. Moet het volgens D66 gaan over iets wat overal in de stad precies hetzelfde is? Marieke van Doorn (D66). Met het voorbeeld van de inspreker die we hier in november op de tribune hadden, probeerde ik te illustreren waar wat ons betreft het gevaar van verwarring ligt. Als mensen uit de hele stad gaan stemmen over een beleidswijziging in vier wijken, kunnen zij in verwarring raken en denken dat het over hun wijk gaat. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dat klinkt bijna wantrouwend naar mensen en misschien ook een klein beetje als een belediging van de intelligentie van onze inwoners.

Marieke van Doorn (D66). Ik geef het voorbeeld van de meneer die hier al in verwarring was geraakt om te laten zien hoe makkelijk het is om in verwarring te raken. Dat is geen belediging. Voor ons is dit een waarschuwing dat wij moeten uitkijken met welke verwachtingen wij zo'n zwaar participatieinstrument inzetten. De voorzitter. Mevrouw Van Basten Batenburg, de laatste keer. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dit stelt mij wat teleur, want ik ken D66 natuurlijk als een partij die een groot voorvechter is van referenda. Als nu al de angst bestaat dat mensen zo'n simpele vraag, voor of tegen de uitbreiding van betaald parkeren, niet aankunnen - die vraag is best goed uit te leggen met een kaartje erbij: wat is nu waar van toepassing en wat zou een eventuele uitbreiding betekenen in verschillende wijken? - dan kan D66 toch bijna geen enkele vraag bedenken die volgens D66 wél referendabel zou zijn? Marieke van Doorn (D66). Zoals uit het commissiedebat en ook vandaag weer blijkt, is de vraag 'voor of tegen betaald parkeren' dus niet zo simpel. Gaat het over de gemeentelijke belasting betaald parkeren? Daar kan het volgens onze Referendumverordening niet over gaan. Het moet dus over een beleidsmatige vraag gaan. Dan is de vraag wat 'uitbreiding' is en welke verwachtingen we daarmee wekken. Wij vinden dat onduidelijk.

Daarom vinden wij dat dit afdoet aan het vertrouwen van burgers in de politiek. 25

Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Ik ben het helemaal eens met mevrouw Van Basten Batenburg. U denkt dus in principe dat heel Den Haag niet het verschil kent tussen uitbreiding van betaald parkeren en het afschaffen van betaald parkeren. Marieke van Doorn (D66). Dat heeft de heer Meinesz mij niet horen zeggen. Dat maakt hij er nu dus zelf van. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). U stelt dat dit mensen in verwarring brengt. Volgens mij brengt deze startnotitie mensen in verwarring door parkeerdrukmeting en draagvlakmeting te gebruiken. Als je goed luistert naar de initiatiefnemer, weet je dat hij heel duidelijk om een hele simpele vraag vraagt: bent u voor of tegen uitbreiding van betaald parkeren? Dat zou dus de vraag moeten zijn. Die is volgens mij heel duidelijk, in heel de stad. Daar kunt u toch niet tegen zijn? Ik vraag me af waar u bang voor bent. Marieke van Doorn (D66). Wij zijn bang voor de verwarring die kan optreden en zoals we die bijvoorbeeld hebben gezien bij de inspreker die we hier op de tribune hadden: mensen krijgen de verkeerde informatie in een campagne en denken dan dat ze voor of tegen iets kunnen stemmen wat helemaal niet voorligt. De voorzitter. Meneer Meinesz, de laatste keer. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). De enige die verwarring zaait, bent u. Wij hebben een amendement liggen om het duidelijk te maken voor de inwoners van Den Haag.

Ik hoop op uw steun, want u wilt toch ook gewoon dat die 15.000 mensen die hiervoor getekend hebben, gewoon een keertje duidelijkheid krijgen? Het is een raadgevend referendum. U kunt er straks dus nog alle kanten mee op. Waarom zou u dit niet steunen? Dat vraag ik me af. Waar bent u nou echt bang voor? Marieke van Doorn (D66). We steunen het amendement vanavond niet - dat vergat ik nog te zeggen omdat dat de probleemstelling weer draait naar waar het volgens de Referentieverordening juist niet over kan gaan. Ik heb er in een eerder interruptiedebat met de heer Meinesz vorig jaar al op gewezen dat hij met zijn steun hiervoor mensen mogelijk blij maakt met een dooie mus. Lesley Arp (SP). Ik dacht dat ik deze keer eens in hetzelfde hokje als D66 zou zitten, maar ik ben verrast door de inbreng van mevrouw Van Doorn. Ik had het ook over het campagnebudget. De SP heeft aangegeven dat je tijdens het spel de spelregels eigenlijk niet kan veranderen. Er ligt gewoon een Referendumverordening. Volgens mij is de vraag die voorligt of dit referendabel is of niet. Ik zie de startnotitie als een document waarmee het college heeft getracht dit vraagstuk referendabel te maken. Daar kan iedereen wat van vinden, maar ik denk dat het college daar redelijk in geslaagd is. Dus hoe kijkt D66 nu naar de Referendumverordening? Marieke van Doorn (D66).

Ik ben het met de SP eens dat de probleemstelling zoals het college die heeft geschetst in de startnotitie, an sich referendabel is; dat heb ik ook in de commissie zo gezegd. Daarna is er de vraag of wij een referendum willen organiseren. Daarbij kwamen wat ons betreft vooral die onduidelijkheden naar voren, waardoor je dat misschien niet moet doen, omdat je het vertrouwen van bewoners in de politiek eerder schaadt dan versterkt. Lesley Arp (SP). Ik begrijp de lijn van D66 oprecht niet, want we moeten dan nog een vraagstelling bepalen. Het college kan ook aan de slag gaan met communicatie. Ik heb het college ook gevraagd of het dan duidelijker kan uitleggen wat zo'n Parkeerstrategie precies inhoudt. De analyse van mevrouw Van Doorn getuigt volgens mij dus ook van weinig vertrouwen in hoe het college dit vraagstuk goed kan vertalen. Of ziet zij dat anders? Marieke van Doorn (D66). Wij zien in ieder geval wel de noodzaak om, nadat we het hierover hebben gehad, nog eens met elkaar te kijken naar onze Referendumverordening; die noodzaak is ook 26

door de referendumcommissie opgebracht. Die verordening is uit 2002 en die is net als op landelijk niveau misschien aan een update toe. De voorzitter. De laatste keer, mevrouw Arp. Lesley Arp (SP). Maar dan snap ik oprecht niet hoe D66 nu tegen de Referendumverordening aankijkt. Die bestaat. Ik was altijd in de veronderstelling dat D66 net zoals de SP het referendum als machtsmiddel in de handen van mensen heel erg nuttig vond. Dan kan je toch niet die verordening hebben, vervolgens oordelen of iets referendabel is en dan elke keer als raad beslissen dat we het misschien toch te ingewikkeld vinden? Hoe serieus neemt D66 die verordening dan nog? Marieke van Doorn (D66). Ik denk dat dit twee verschillende dingen zijn. Zoals ik net zei, denk ik dat die verordening aan een update toe is. We hebben geconstateerd dat de probleemstelling referendabel is, maar wij verwachten dat de verwachtingen die we wekken met een referendum dat op deze probleemstelling is gebaseerd, meer schade toebrengen aan het vertrouwen van bewoners in de politiek dan dat het helpt. Dat laatste is juist waar een referendum voor is bedoeld. Martin van den Goorbergh (Groep van den Goorbergh). Als ik het goed begrijp, zou D66 er wél voor zijn als het college en wij als raad dit goed aan de bevolking zouden kunnen uitleggen, zodat zij snappen waar het over gaat.

Het zit dus meer op de communicatie om verwarring te voorkomen. Als dat gebeurt, zou u hier dus wél voor kunnen zijn. Marieke van Doorn (D66). Dat heb ik dus niet gezegd. Ik kan niet beamen wat de heer Van den Goorbergh mij nu in de mond probeert te leggen. Martin van den Goorbergh (Groep van den Goorbergh). Dan zal ik de vraag anders stellen. Stel nou dat wij in staat zijn om dit goed uit te leggen aan de bevolking, zodat er geen verwarring is, zou u dan voor kunnen zijn? Marieke van Doorn (D66). Omdat er zoveel verschil is per wijk in de bestaande parkeerregimes sommige hebben er al heel lang eentje de hele dag en avond, sommige hebben andere tijden en in andere delen heb je nog niets - denken wij dat het lastig uit te leggen is. In deze startnotitie gaat het over vier wijken. Als de hele stad daarover moet gaan stemmen, zullen mensen denken dat het over hun wijk gaat, niet zijnde die vier wijken. De voorzitter. De laatste keer, meneer Van den Goorbergh. Martin van den Goorbergh (Groep van den Goorbergh). Dan moet ik toch de conclusie van de VVD delen, namelijk dat u eigenlijk denkt dat de bevolking niet slim genoeg is. Marieke van Doorn (D66). Die conclusie laat ik even bij de heer Van den Goorbergh; dat zou ik nooit zeggen. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter.

In het commissiedebat hebben we het al gezegd: de ChristenUnie/SGP is geen voorstander van referenda. Dit onderwerp laat zien waarom: het platslaan naar het simpele 'voor of tegen uitbreiding betaald parkeren' doet geen recht aan de complexiteit en de gevolgen. Maar het complexer maken van de probleemstelling, zoals in de startnotitie wordt voorgesteld en dat zal leiden tot een ingewikkelde vraag, geeft verwarring en wekt verkeerde verwachtingen. Het terugbrengen van de draagvlakmetingen in gemeentelijk beleid kunnen we bij de update van de Parkeerstrategie regelen. Dat zou wat mijn fractie betreft ook moeten. Daarvoor is dit referendum echt niet nodig; dat kunnen we hier in de raad regelen. En als we dat zouden regelen, krijgen bewoners echt weer een stem in het wel of niet uitbreiden van betaald parkeren. Dat doet een raadgevend referendum niet. Daarom zal de ChristenUnie/SGP tegen dit voorstel stemmen.

27

Wethouder Van Asten (D66). Voorzitter. Hier is uitgebreid over gesproken. Ik heb vierenhalf uur geklokt in de commissievergadering over de startnotitie die wij als college u hebben toegezonden inzake het referendum. Veel van de vandaag gewisselde argumenten kwamen natuurlijk ook al aan de orde in de commissievergadering. Enkele punten zijn nog specifiek aan het college gevraagd, bijvoorbeeld wanneer is besloten dat draagvlak geen onderdeel meer is voor parkeren. Dat komt voort uit de coalitieonderhandelingen van 2022 en 2023 die hier door partijen zijn gevoerd. In het coalitieakkoord is dat voornemen opgenomen. Vervolgens is in 2023 de parkeerbrief, waaraan werd gerefereerd, naar uw raad gezonden. Daarover heeft vervolgens geen debat plaatsgevonden. Ik snap wellicht wel waarom, want daarin is natuurlijk ook aangegeven dat pas bij de actualisatie van de Parkeerstrategie het draagvlak en de parkeerdruk er daadwerkelijk juridisch uit zouden worden gehaald. Pas vanaf het moment waarop u dat behandelt en zou aannemen, zijn draagvlak en parkeerdruk geen criteria meer voor het invoeren van betaald parkeren. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Wordt draagvlak vandaag de dag meegenomen als betaald parkeren uitgebreid wordt? Is dat dan een onderdeel daarvan of hoeft u dat niet mee te nemen? Wethouder Van Asten (D66).

Zolang de actualisatie van de Parkeerstrategie niet is aangenomen, moeten wij dat nog steeds meenemen. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Is dat bij de vorige uitbreiding gebeurd, bijvoorbeeld in Laak en volgens mij ook in Rustenburg-Oostbroek en Moerwijk? Wethouder Van Asten (D66). Ik moet het goed zeggen: volgens mij is de Vogelwijk de laatste wijk geweest waar uitbreiding van betaald parkeren heeft plaatsgevonden op basis van een draagvlakonderzoek. De voorzitter. De laatste keer, meneer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Ja, dat klopt. Daar is het draagvlak meegenomen, maar dat was drie maanden voor 27 juni. Ik heb het ook in een beleidsstuk staan. Volgens mij staat daar ook gewoon in dat het eruit is gehaald. Wethouder Van Asten (D66). De effectuering daarvan vindt pas plaats bij het actualiseren van de Parkeerstrategie. Die ligt voor; die heeft u nog niet behandeld, maar zodra u dat doet, kunt u daarover spreken. Nu ga ik in op het woningbouwgedeelte. Er werd gezegd dat er in Almere volop wordt gebouwd. Volgens mij is al aangegeven dat Almere toch wel een andere gemeente is dan het Haagse. Almere bouwt veel lager. We hebben hier natuurlijk een vrij beperkte ruimte waar gebouwd wordt. In de meeste gevallen gaat het ook niet om grond van de gemeente. Dan vindt er inbreiding plaats en dat is dure bouw.

Wij hebben een lage parkeernorm, maar dat doet niets af aan het feit dat de parkeergarages wel moeten worden gebouwd door de ontwikkelaars zelf. We willen ook niet de overlast voor bewoners in de buurt vergroten. Vandaar dat dan een parkeerregime wordt ingevoerd, waardoor de bestaande bewoners - dat is altijd een rare term; het gaat om de bewoners van de oudbouw - recht hebben op een parkeervergunning. Iedereen die in een nieuwbouwcomplex woont, moet dan parkeren in de daarvoor bestemde parkeergarages. Dat hebben we regelmatig met elkaar gewisseld. Ik weet nog dat het ook in het commissiedebat over deze vraag ging. Toen heb ik u gezegd dat er de week daarop - kortom, deze week; gisteren zelfs - een oploop zou zijn van de Haagse Tafel Wonen met een heleboel belangenclubs. Daar zaten heel veel beleggers en ontwikkelaars bij. Ik heb u toen ook aangeraden om, als u niet van mij wilt aannemen dat er een duidelijk verband is, die vraag dan daar aan de ontwikkelaars te stellen om u daarover in te laten lichten. Ik ga ervan uit dat u dat gedaan heeft. Uit uw bijdrage leek dat echter nog niet te zijn gebeurd. Ik moet toch even ingaan op het debat dat de heer Meinesz met de SP voerde over Zuidwest.

Daarin bezigde u de zin: 'Laten we het nou gaan doen; dan kijken we later wel hoe we dat gaan oplossen.' U mag van het college verwachten dat wij niet onder dit soort voorwaarden politiek bedrijven. Wij doen voorstellen om dit soort problematiek vóór te zijn. Vandaar dat we met dit soort 28

regimes komen om woningbouw en mobiliteit goed in evenwicht te houden. Dus nee, we zien niet hoe we dat later gaan oplossen. We zorgen vooraf dat we daarvoor met maatregelen komen. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Als u het in evenwicht had willen houden, vindt u dan ook niet dat u die parkeernorm gewoon in stand had moeten houden zoals die was? Wethouder Van Asten (D66). Nu ga ik even putten uit mijn vorige periode als wethouder Mobiliteit. Ik maak bewust even een zijstap, omdat we het hier natuurlijk hebben over de startnotitie over het al dan niet houden van een referendum, maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan en ik wil hier best op ingaan. Ik sta nog steeds geheel achter de beslissing die de raad en het college toentertijd hebben genomen om de parkeernorm te verlagen, omdat we moeten bouwen in een dichte stad. U bent zeer bekend met de mobiliteitstransitie. Maar als wij een toren zouden bouwen voor pak 'm beet 300 appartementen en een parkeernorm zouden hebben van één auto per appartement, zou je volgens mij ongeveer een twaalflaagse parkeergarage gaan maken. U weet ook dat het natuurlijk totaal niet betaalbaar is om dat in een toren op te lossen. Vandaar dat die lage parkeernorm absoluut noodzakelijk is als je iets wil doen aan de woningnood in deze stad, iets waarvan ik dacht dat ook Hart voor Den Haag zich daar altijd hard voor heeft gemaakt.

Maar het één heeft wel met het ander te maken. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Je zou ook kunnen zeggen dat het absorptievermogen is bereikt. Maar goed, we hebben dit ook bij de Hofbadtoren gezien. Daar werden wat minder parkeerplekken gemaakt. Die mensen krijgen nu dus geen vergunning op straat, terwijl er zat plek is. Wat u zegt, klopt dus niet. U kunt ook niet echt onderbouwen waar het niet gelukt is. Wethouder Van Asten (D66). Nu doet u een trucje: op het laatst komt er nog een vraag bij, terwijl ik uw vraag over de Hofbadtoren wilde beantwoorden. Conform het beleid, dat u ook heeft vastgesteld, hebben we daar gezegd: bij een nieuwbouwproject wordt de parkeerdruk niet afgewenteld op de rest van de wijk, maar moet die op eigen terrein worden opgelost met een parkeernorm die daarbij hoort. Ik ga er verder niet op in dat in de communicatie zaken mis zijn gegaan - die casus heeft u ook uitgebreid besproken met collega Kapteijns - maar het gaat erom dat het beleid hier is dat een nieuwbouwproject op eigen terrein een parkeeroplossing moet bieden volgens de normen die we ook samen hebben vastgesteld. Ik kijk even welke specifieke vragen er nog zijn gesteld.

Ik kom bij een vraag van de SP: als deze startnotitie wordt aangenomen, kunt u dan een duidelijk verhaal maken over de Parkeerstrategie? Ja, die poging willen we best doen, maar het is natuurlijk subjectief om te bepalen of het wel of niet helder is voor iedereen. Ik zeg u in ieder geval toe dat we termen zoals 'hubs' zo veel mogelijk proberen te voorkomen. De VVD heeft ook nog een vraag gesteld: is het mogelijk om zo dicht mogelijk bij de vraag van het dictum te blijven, 'voor of tegen betaald parkeren'? We hebben natuurlijk een uitgebreide startnotitie geschreven over waarom dat op vele fronten niet verstandig en op sommige punten gewoon ook niet juridisch houdbaar is, omdat we met plan-MER's, omgevingsvergunningen en structuurvisies al hebben vastgelegd dat we ergens een parkeerregime zouden gaan invoeren. Vandaar dat die simpele vraag niet haalbaar is; die kan niet op deze wijze gesteld worden. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik vraag me af of de wethouder niet door elkaar haalt of je de vraag kunt stellen en of je het precies op die manier kan implementeren. Ik kan me voorstellen dat we bij de implementatie, zoals we bij heel veel zaken doen, een overgangstermijn of een overgangsregime afspreken, waarbij eerder gemaakte afspraken bijvoorbeeld worden gerespecteerd. Hoe kijkt de wethouder daarnaar? Wethouder Van Asten (D66).

Als ik het goed begrijp, krijgen we dan de situatie dat we in de hele stad vragen 'bent u voor of tegen uitbreiding van betaald parkeren?'. Dan zou men zomaar nee kunnen zeggen. Als de kiesdrempel wordt gehaald et cetera, et cetera, komt dat hier en dan voeren we dat in, maar als dat dan bijvoorbeeld in Morgenstond gebeurt, moeten we eigenlijk gelijk zeggen: u heeft deze vraag van ons gekregen, maar eigenlijk kunnen we er niks mee, omdat we al hebben al afgesproken dat we een regime moeten invoeren omwille van de woningbouw, die u links en rechts al 29

ziet gebeuren, want anders staat iedereen die straks in die toren komt wonen, met zijn auto op straat en daarmee kunt u niet meer betaald parkeren. Dan moet je het alsnog invoeren. Dan kan ik me voorstellen dat een inwoner denkt: nou heb ik de moeite genomen om me te verdiepen in een zeer toegankelijke notitie die op basis van de suggestie van de SP is vastgesteld, ik ben naar de stembus gegaan, ik heb gestemd, daar is iets uit gekomen en nu krijg ik alsnog vergunningsparkeren. Dat lijkt me voor het vertrouwen niet goed. Als er een vraag gesteld wordt, moet dat volgens mij dus echt een eerlijke vraag zijn waar we ook echt een gevolg aan kunnen geven. Volgens mij is dat ook de consensus in de raad. In de startnotitie hebben we als college geprobeerd zo duidelijk mogelijk uit te leggen waar we tegenaan lopen om van het dictum tot de probleemstelling te komen. Als u de startnotitie aanneemt, moet de referendumcommissie natuurlijk nog gaan over de daadwerkelijke vraagstelling. Zij zal daar een zware taak aan hebben: hoe ga je dit nou begrijpelijk doen? Maar goed, het college heeft met deze startnotitie in elk geval getracht zo goed mogelijk recht te doen aan de belangen in de stad en aan de wens van de 15.000 ondertekenaars van de referendumvraag. Lotte van Basten Batenburg (VVD).

Ik hoor wat de wethouder zegt over woningbouwontwikkelingen, maar er zijn natuurlijk ook een aantal andere onderdelen. Daar gaat de wethouder niet op in. Dat betreft namelijk alle gebieden waar die ontwikkelingen niet aan de orde zijn, bijvoorbeeld bij de uitbreiding in Loosduinen of bij de uitbreiding van een parkeerregime, dus van venstertijden. Dat is natuurlijk echt een andere vraag. Zou de wethouder daar ook nog op in kunnen gaan? Wethouder Van Asten (D66). In de startnotitie hebben wij natuurlijk aangegeven welke wijken wij goed geschikt achten voor een vraag zoals deze. Dat zijn inderdaad Loosduinen, Mariahoeve, Marlot en Zichtenburg-Kerketuinen-Dekkershoek - dat laatste is natuurlijk een beetje een vreemde eend in de bijt, maar het zou daar wel kunnen - omdat die plannen daar niet zijn. In de startnotitie zijn wij ook uitgebreid ingegaan op waarom wij vinden dat … Het lijkt wel alsof er een soort wekker afloopt, waardoor ik elk moment verwacht dat er een bel gaat. Misschien is dat het einde van mijn spreektijd, maar ik ga graag door. De voorzitter. Mevrouw Van Basten Batenburg. Wethouder Van Asten (D66). Nee, sorry, ik ben nog bezig met de beantwoording. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Misschien wil de wethouder een glaasje water. Wethouder Van Asten (D66). Nee hoor, het komt goed. Bedankt voor de zorgen. Het gaat om de uitbreiding van de venstertijden.

We hebben aangegeven waarom wij vinden dat die hier niet onder zouden moeten vallen. We hebben het ook gedaan omdat de aanpassing van venstertijden nu al een heel ander traject heeft dan het invoeren van betaald parkeren. Nu wordt betaald parkeren ingevoerd als er een parkeerdruk is van meer dan 90% of via een draagvlakonderzoek. Bij de uitbreiding van venstertijden gaan we meer in de participatie zitten om juist met de buurt te kijken wat de beste tijden zijn. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). U noemt toch weer die draagvlakmeting. In de startnotitie staat dat het college op 27 juni heeft besloten bepalingen over het draagvlak uit de regeling te halen. In het Gemeenteblad staat over de wijziging van de parkeerregulering en parkeerbelastingen Den Haag dat de regeling wordt gewijzigd in verband met het laten vervallen van de voorgeschreven wijze van invoering van betaald parkeren. Ik vraag me af wat daar precies mee wordt bedoeld. Misschien kunt u dat duiden. Wethouder Van Asten (D66). Dat loopt vooruit op de actualisatie van de Parkeerstrategie. Pas op het moment dat die is aangenomen, wordt er niet meer met draagvlak gewerkt. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Dat zei u net ook, maar bijvoorbeeld in Moerwijk, Binckhorst, Deelplan 20, de Architectenbuurt, Kijkduin, de omgeving Meppelweg, Morgenstond, Zuidwest, 30

Zichten, Gaarden, Dreven en het Erasmusveld is geen draagvlakonderzoek gedaan. Hoe legt u dat dan uit? Wethouder Van Asten (D66). Ik heb niet allemaal paraat waarom dat daar werd ingevoerd. Van het Erasmusveld weet ik dat bijvoorbeeld wel. Die wijk is nieuw aangelegd. Juist om ervoor te zorgen dat de wijk die daarnaast ligt, niet gelijk overspoeld werd door iedereen die niet op eigen terrein kon gaan staan omdat er in die ecologische wijk ook met een beperkte parkeernorm werd gewerkt, is daar een parkeerregime ingevoerd. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Dus zonder draagvlak, want een Gemeenteblad is er ook niet voor niets, denk ik. Wethouder Van Asten (D66). Dat is daar gebeurd op het moment dat daar nog niemand woonde. De voorzitter. De laatste keer, meneer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Volgens mij woonden daar al mensen in Moerwijk. Wethouder Van Asten (D66). Dan zou ik daar even precies in moeten duiken. Ik heb die cijfers nu niet compleet, maar er zijn natuurlijk altijd regels geweest over wanneer wel of wanneer niet … Ik heb nota bene in mijn tijd als wethouder Mobiliteit nog een draagvlakonderzoek in Moerwijk gehad.

Ik heb daar rondgelopen met de bewoners rond dat sportveld, die steen en been klaagden omdat ze daar nergens hun eigen auto neer konden zetten en die mij daar daadwerkelijk gevraagd hebben of er alsjeblieft betaald parkeren kon worden ingevoerd, want het was al druk in de wijk en er kwam daar in het weekend een hoop verkeer te staan van uitgaansgelegenheden daaromheen, zoals de Opera. Zij wilden daar dus zeer graag betaald parkeren. Dat is na een draagvlakonderzoek in dat stuk vervolgens ook ingevoerd. De voorzitter. Meneer Meinesz, u bent al drie keer geweest. Wat zeg ik? 26 keer, maar deze keer drie keer. Wethouder Van Asten (D66). Dan heb ik de vragen beantwoord die nog gesteld werden na de vierenhalf uur die we in het commissiedebat al uitgebreid met elkaar hebben gesproken. U heeft de startnotitie van het college gelezen en ik wens u veel wijsheid bij de afweging. Wethouder Icar (DENK). Voorzitter. De VVD vroeg of dit gezien kan worden als een participatieinstrument. Ja, daar heeft u gelijk in. En zijn we van mening dat we met de voorgestelde oplossingsrichting recht doen aan het burgerinitiatief? Ook daarop is het antwoord ja. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Waarom? Wethouder Icar (DENK). We hebben vanuit het college in de startnotitie aangegeven wat de mogelijkheden zijn.

Uiteindelijk wordt dit voorgelegd aan de referendumcommissie, die uiteindelijk de vraagstelling formuleert, maar vanuit het college zeggen wij dus dat wij voldoen aan de gestelde vraag. Wethouder Van Asten ging net in op het feit dat je niet heel zwart-wit ja of nee kan antwoorden en dat je echt kanttekeningen hebt ten aanzien van het inhoudelijke vraagstuk. Dat is iets wat nu dus bij de raad voorligt. Ik merk ook dat in het gesprek binnen de raad heel duidelijk wordt wat die kanttekeningen zijn. Het is dus niet iets waar we heel simpel ja of nee op kunnen antwoorden in de zin van: ben je voor of tegen het invoeren van betaald parkeren? Die kanttekeningen moeten gewoon meegenomen worden. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Het valt mij op dat nu zelfs de wethouder Participatie eigenlijk richting de inhoud gaat, terwijl er een burgerinitiatief ligt met een verzoek. Doet het antwoord van het college op dat verzoek nou echt recht aan het verzoek? Ik hoor de wethouder daar ja op zeggen, maar vervolgens uitleggen dat het eigenlijk nee is omdat het college het beter weet. 31

Wethouder Icar (DENK). Daar ben ik het niet mee eens, omdat we als college gewoon echt in een bredere context moeten bekijken wat de vraag is die voor ons ligt. Als wethouder Participatie zeg ik dat participatie de mate van invloed is die je kan hebben. Hier wordt echt heel veel gezocht naar draagvlak. Ik vind dat het college ervoor verantwoordelijk is om objectief te kijken naar wat voor ons ligt en om op basis daarvan de raad de informatie te geven waar u uiteindelijk zelf een besluit over gaat nemen. Ik kan beamen dat we het wel degelijk serieus nemen, maar we moeten het wel in de breedste zin serieus nemen. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Wat vindt u er in verband met participatie van dat betaald parkeren bijvoorbeeld per 1 oktober 2024 in Moerwijk-West is ingevoerd zonder dat het draagvlakonderzoek is uitgevoerd? Wethouder Icar (DENK). Ik wil u verwijzen naar de uitgebreide beantwoording door collega Van Asten. Ik denk niet dat het leven zo werkt dat ik een antwoord voor u klaar heb als u het woordje 'participatie' erin fietst, maar hierop is zojuist uitgebreid ingegaan door collega Van Asten. Daar wil ik naar verwijzen. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Ik fiets 'm er niet in; ik rij 'm er meestal in.

Los daarvan: wat vindt u dan van die 15.000 mensen die hetzelfde willen weten als meneer Arjan van den Berg, die toch een duidelijke vraagstelling heeft, namelijk voor of tegen uitbreiding van betaald parkeren? Moeten we daar nou naar luisteren of zegt u: nee, wij weten het beter? Wethouder Icar (DENK). Ik denk dat ik met een gerust hart kan stellen dat we als college enorm veel inspanning verrichten op het punt van participatie. Het is heel belangrijk om te zien dat onze stad betrokken is bij allerlei vraagstukken. Als u mij vraagt wat ik ervan vind dat we betrokken Hagenaars hebben die hun zegje doen en mee willen participeren, dan zeg ik dus dat ik dat alleen maar toejuich. De voorzitter. De laatste keer, meneer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Een inwoner heeft nu dit referendum aangevraagd en er zijn 15.000 handtekeningen. En dan wordt er gezegd: dat gaan we maar even op een andere manier doen dan op de manier die die meneer heeft voorgesteld. Daar gaat het om; dat zei mevrouw Van Basten Batenburg ook. Waarom wordt er niet echt gekeken naar de merites van het verhaal, precies naar wat meneer Arjan van den Berg wil? Participatie staat bij u heel hoog in het vaandel, heb ik gehoord. Dan moet u dat toch ook belangrijk vinden? Wethouder Icar (DENK). U weet ongetwijfeld hoe de talloze debatten over de Participatieverordening gingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15241417/1