CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS321574 Notulen van de raad van 18 december 2024

Gemeenteraad 13 maart 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 18 en 19 december 2024, 23 januari en 13 februari 202551.248 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

Dat is heel goed, maar dat zou wat ons betreft in de hele stad moeten gelden. We hebben onvoldoende scherp of de 50% zoals die de afgelopen jaren gold, past bij de behoefte van bewoners omdat veel nog niet gebouwd dan wel bewoond is. Daarom vroegen we bijna een jaar geleden om een evaluatie, een parkeeronderzoek bij The Roofs, maar die hebben we nog steeds niet gekregen. Daarom een amendement om een pas op de plaats te maken. Dat amendement heet Reduceren doen we niet zomaar. Ik dien het samen met collega Peeck van de VVD in.

20

Peter Mekers (D66). Als er nog geen evaluatie is en als we bezig zijn met een redelijk recent gewijzigd beleid, heeft het dan zin om nu weer beleid te gaan wijzigen? Dan kun je toch geen goede evaluatie uitvoeren? Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Volgens mij hebben we hierover de afgelopen jaren bij elk bouwproject gesteggel gehad, omdat we eigenlijk allemaal erg schrikken van de enorme reductie die toegepast wordt en die soms ook niet heel erg onderbouwd lijkt te zijn, maar gewoon maximaal reduceert omdat dat verschil maakt in de kosten. Daar hebben we volgens mij ook pijn bij gevoeld. Daarom zouden wij nu eerst willen afwachten hoe dat is gevallen om dit dan opnieuw onder de loep te nemen. Peter Mekers (D66). Dan trek ik het breder. De afweging die de corporaties hebben aangegeven bij het bespreken van dit onderwerp in de commissie is: als je met deze normen vijf of zes parkeerplaatsen minder hoeft aan te leggen, kun je een extra woning bouwen. De ChristenUnie/SGP kiest dus voor bouwen voor auto's in plaats van voor bouwen voor extra woningen. Mag ik dat hieruit concluderen? Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Nee. De voorzitter. 'Nee, voorzitter'; altijd met twee woorden spreken. Nee, dat is flauw. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Nee, voorzitter. Ik stond op het punt om het dictum voor te lezen. Het gaat om een wijziging van artikel 3:1.

Het voorgestelde besluit is om de Nota Parkeernormen vast te stellen, met dien verstande dat artikel 3:1, lid 1.b, sub 2 als volgt wordt gewijzigd: binnen gereguleerd gebied met een reductiefactor van maximaal 30% van de autoparkeervraag van toekomstige bewoners wordt vervangen door deelauto's. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Mijn aarzeling bij dit amendement dat we er in het CID van uitgegaan zijn dat we daar met 50% gaan werken, ook omdat we constateren dat dat in een driehoek ligt tussen drie stations. Uw amendement zou dat ook in het CID terugbrengen naar 30%. Of lees ik het weer eens fout? Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voor het CID zijn aparte normen vastgelegd. Dat valt niet onder deze nota. Tot slot. Vervoersarmoede gaat niet alleen over betaalbaarheid, maar ook over toegang en bereikbaarheid van vervoer. Hoewel het college in het voorstel voor de nieuwe Nota Parkeernormen aangeeft dat de enige inhoudelijke wijziging het reductiepercentage voor Zuidwest betreft, is dat niet waar. De definitie van 'voldoende mobiliteitsalternatieven' is ook gewijzigd, wat ons betreft niet ten goede. Het was namelijk een afstand van 400 meter tot een ov-halte en dat is gewijzigd in 500 meter. Tegelijkertijd zijn we 'voldoende' gelijk gaan stellen aan 'hoogwaardig'. Dat is wat ons betreft niet fair.

Daarom dienen we daar graag een amendement op in om de definitie van 'voldoende mobiliteitsalternatieven' weer terug te brengen zoals die nu ook wordt gebruikt. Het dictum luidt: besluit de nota vast te stellen, met dien verstande dat artikel 1.1 in die zin wordt gewijzigd dat de begripsomschrijving van voldoende mobiliteitsalternatieven is: een openbaarvervoerhalte en openbaar aanbod van deelmobiliteit binnen 400 meter loopafstand en fietsparkeervoorzieningen in of binnen 50 meter loopafstand van de ontwikkeling. Caroline Peeck (VVD). Kan dit amendement betekenen dat er extra haltes aangelegd moeten worden?

21

Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Het zou natuurlijk heel mooi zijn als we het ov wat fijnmaziger zouden kunnen krijgen, maar dat is niet per se de strekking van dit amendement. Het amendement zegt wel dat je autoparkeerplekken iets minder kan reduceren op plekken waar openbaar vervoer niet in de nabijheid is. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg worden de volgende amendementen (E.A CU/SGP en E.C CU/SGP) voorgesteld:

Amendement E.A CU/SGP geen overgangsrecht voor DGZ De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Nota Parkeernormen Den Haag 2024 (RIS319497), Besluit: ▪ de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en bijbehorende bijlagen vast te stellen, met dien verstande dat bijlage 7 als volgt gewijzigd wordt: Bijlage 7. Projectenlijst overgangsrecht 1. De Venen (vastgestelde PUK RIS313612 en pilotproject parkeren RIS313613) 2. Meleco (PUK RIS319024 – nog niet vastgesteld dd. 9 juli 2024) 3. Dreven Gaarden Zichten (vastgestelde NvU's RIS308508) 4. Steenwijklaan 40 (vastgestelde NvU's RIS310111) 5. Loevesteinlaan 355 (Vvgb Omgevingsvergunning RIS317931)

Amendement E.C CU/SGP Voldoende mobiliteitsalternatieven dichtbij De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Nota Parkeernormen Den Haag 2024 (RIS319497), Besluit: ▪ de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en bijbehorende bijlagen vast te stellen, met dien verstande dat artikel 1.1 als volgt wordt gewijzigd: Artikel 1:1 Begripsomschrijvingen In deze nota wordt verstaan onder: - voldoende / hoogwaardige mobiliteitsalternatieven: een openbaar vervoer halte en openbaar aanbod van deelmobiliteit binnen 500 meter loopafstand binnen 400 meter loopafstand en (bak)fietsparkeervoorzieningen in of binnen 50 meter loopafstand van de ontwikkeling; De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door mevrouw Peeck, wordt het volgende amendement (E.B CU/SGP) voorgesteld:

22

Amendement E.B CU/SGP Reduceren doen we niet zomaar De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Nota Parkeernormen Den Haag 2024 (RIS319497), Besluit: ▪ de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en bijbehorende bijlagen vast te stellen, met dien verstande dat artikel 3:1 lid 1.b sub 2 als volgt wordt gewijzigd: Artikel 3:1 Inzet van mobiliteitsalternatieven ter reducering van de normatieve autoparkeervraag 1. b. de aanvrager verklaart, dat bij een ruimtelijke activiteit ten behoeve van woningbouw structureel, dat wil zeggen voor minimaal 5 jaar, vanaf ingebruikname van de ontwikkeling, deelauto's ter beschikking worden gesteld aan de bewoners of gebruikers op gereserveerde deelautoparkeerplaatsen, op voorwaarde dat: 2. binnen gereguleerd gebied met een reductiefactor van maximaal 50% 30% van de autoparkeervraag van toekomstige bewoners wordt vervangen door deelauto's (met uitzondering van transformatiegebied Zuidwest, hier is het maximum 30%); De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door mevrouw Arp, wordt het volgende amendement (F.B CU/SGP) voorgesteld:

Amendement F.B CU/SGP Betaalbaar ongeacht het aantal wielen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Strategie Deelmobiliteit 2030 (RIS319377), Besluit dictumpunt II als volgt te wijzigen: ▪ II. de bijgevoegde Strategie Deelmobiliteit 2030 vast te stellen, met dien verstande dat de tekst op pagina 38 als volgt wordt gewijzigd: Betaalbaarheid: We maken afspraken met aanbieders om vooral deeltweewielers alle deelmobiliteit voor een bredere groep betaalbaar te maken. Denk daarbij bijvoorbeeld aan korting voor houders van de Ooievaarspas of het verkennen van een (regionaal) publiek deelfietsensysteem. Zonder concrete afspraken over betaalbaarheid wordt geen nieuwe commerciële deelmobiliteit toegestaan. De amendementen maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Nick Kaptheijns (PVV). Voorzitter. Vandaag bespreken we de actualisatie van de Parkeerstrategie, de Nota Parkeernormen en de Strategie Deelmobiliteit. Onze fractie werd niet enthousiast van wat wij lazen. Zo valt in de Actualisatie Parkeerstrategie te lezen dat een parkeerdruk van 90% en draagvlak van de buurt geen voorwaarde meer is bij uitbreiding van parkeerregulering. Inwoners en ondernemers mogen het doen met geïnformeerd worden als in een gebied gereguleerd parkeren wordt ingevoerd; in een vroeg stadium; dat wel.

De PVV vindt dit hoogst opmerkelijk voor een college dat zegt draagvlak en participatie belangrijk te vinden. Daarom een motie met als dictum: verzoekt het college om 23

draagvlak van de buurt altijd een prominente plek te geven bij de besluitvorming inzake voorgenomen uitbreidingen van parkeerregulering. De voorzitter. Door de heer Kaptheijns wordt de volgende motie (F.7 PVV) ingediend:

Motie F.7 PVV Draagvlak buurt altijd prominente rol bij uitbreiding parkeerregulering De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van de Actualisatie Parkeerstrategie 2021 - 2030 (RIS319383), Constaterende, dat: ▪ Het College voornemens is om onder andere draagvlak van de buurt geen voorwaarde meer te laten zijn bij uitbreiding van parkeerregulering. Overwegende, dat: • Draagvlak van bewoners inzake beleid van essentieel belang is voor de legitimiteit van beleid en het vertrouwen in de gemeentelijke overheid; • Uitbreiding van parkeerregulering van grote invloed kan zijn op het leven van onze inwoners. Verzoekt het college: ▪ Om draagvlak van de buurt altijd een prominente plek te geven bij de besluitvorming inzake voorgenomen uitbreidingen van parkeerregulering. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Een punt van orde: we bespreken de Parkeerstrategie vandaag niet. Volgens mij ziet deze motie daarop. Nick Kaptheijns (PVV). O ja, dat had ik er even uit moeten halen. Sorry. De voorzitter. Dat heeft u inmiddels uitgesproken. Meneer Mekers was ook heel enthousiast; die wilde hetzelfde punt maken. U was een beetje vrij aan het spreken. Nick Kaptheijns (PVV). Zeker, in alle vrijheid.

Het college wil graag een vinger aan de pols houden bij de inzet van deelmobiliteit in Zuidwest. De gedachte is dat als nu een pas op de plaats wordt gemaakt, in de praktijk kan worden ervaren of de ambitie ten aanzien van de mobiliteitstransitie aansluit bij de behoefte van de bewoners. Wat de PVV betreft zou dit in heel Den Haag moeten gebeuren, aangezien wij niet het idee hebben dat deelmobiliteit geliefd is. Daarom een motie met als dictum … De voorzitter. De heer Mekers heeft een interruptie. Peter Mekers (D66). De PVV stelt dat deelmobiliteit niet geliefd is. Tegelijkertijd vraagt ze straks om een onderzoek. Hoe kunt u dan nu al concluderen dat het niet geliefd is?

24

Nick Kaptheijns (PVV). Dat was geen conclusie. Ik zei: aangezien wij niet het idee hebben dat deelmobiliteit geliefd is. Ik was daar dus nog niet zo stellig over. Daarom willen we ook een onderzoek. Tot slot heb ik een vraag aan de wethouder. Pels Rijcken geeft inzake de parkeernormennota de overweging mee om aan de parkeernormen voor wonen extra bouwcategorieën toe te voegen, zoals 'sociaal' of 'geliberaliseerd'. Door in de parkeerbalans van een bouwplan onderscheid te maken tussen meer woningcategorieën zou duidelijk zijn welke parkeerplaatsen en welke woningen toegewezen dienen te worden. De PVV wil de wethouder vragen of hij de garantie kan geven dat de parkeernormen straks niet heel gunstig gaan uitvallen voor de categorie 'geliberaliseerd' en dat 'sociaal' het niet vooral mag doen met deelmobiliteit. De autoparkeernormen tussen huur en koop zijn nu al scheef. Tot slot wil ik iets zeggen over de Strategie Deelmobiliteit. Daarin staat doodleuk dat Den Haag groeit en dat het aantal inwoners, forensen en toeristen naar verwachting zal toenemen, terwijl het al de dichtstbevolkte stad van Nederland is. Deze groei legt volgens het college een grotere druk op de schaarse openbare ruimte, waardoor sterk wordt ingezet op deelmobiliteit.

Onze fractie zou liever zien dat Den Haag serieus onderzoek zou doen naar mogelijkheden op gemeentelijk niveau om de bevolkingsgroei tegen te gaan dan dat wordt gekozen voor deelcommunisme. Is de wethouder daartoe bereid? Peter Mekers (D66). Nog even voor mijn administratie: is de eerste motie die de heer Kaptheijns uitsprak en die eigenlijk niet bij dit debat hoort, wel of niet ingediend? En de tweede motie die hij heeft rondgestuurd, heeft hij volgens mij formeel niet ingediend. Ik wil dus even checken wat er daadwerkelijk is gebeurd. Nick Kaptheijns (PVV). Die is wel formeel ingediend. De voorzitter. Dat gebeurt meestal hier. Nick Kaptheijns (PVV). De eerste motie trek ik in. De voorzitter. Die trekt u in. Dat was al duidelijk. Nu heeft iedereen daar kennis van kunnen nemen en is iedereen goed voorbereid voor een volgende keer. Dat is mooi. Aangezien motie F.7 PVV is ingetrokken, maakt ze geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. De tweede motie moet u echt nog even indienen. Nick Kaptheijns (PVV). Dat zou wel gebeurd moeten zijn. Ik heb hem hier wel bij me. De voorzitter. Wilt u die dan geven? Dan kan die snel op de site. Dank u wel, meneer Mekers. De hele raad en ook de heer Kaptheijns zijn u dankbaar voor uw opmerkingen over de administratie. Nick Kaptheijns (PVV). Ja, dan besparen we weer een paar minuten. Dank, meneer Mekers. De voorzitter.

Door de heer Kaptheijns wordt de volgende motie (F.6 PVV) ingediend:

25

Motie F.6 PVV Stadsbreed onderzoek naar de behoefte onder burgers inzake deelmobiliteit De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van de Strategie Deelmobiliteit 2023 (RIS319377) Constaterende, dat: ▪ Het College een vinger aan de pols wil houden wat betreft de inzet van deelmobiliteit in Zuidwest; ▪ De gedachte bij het College leeft dat als nu een pas op de plaats wordt gemaakt, er in de praktijk kan worden ervaren of de ambitie ten aanzien van de mobiliteitstransitie aansluit bij de behoefte van de bewoners. Overwegende, dat: • Deelmobiliteit mogelijk niet zo geliefd is onder de inwoners van Den Haag; • Het daarom verstandig is om niet alleen in Zuidwest te kijken of de ambitie ten aanzien van de mobiliteitstransitie aansluit bij de behoefte van de bewoners, maar dit stadsbreed te laten onderzoeken door een onafhankelijk onderzoeksbureau. Verzoekt het college: ▪ Om in het eerste kwartaal van 2025 een stadsbreed onderzoek te starten naar de behoefte onder burgers inzake deelmobiliteit. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Janneke Holman (PvdA). Voorzitter. We hadden het er net even over: volgens mij is 'deelcommunisme' een pleonasme, net als 'witte sneeuw'.

Als we willen dat deelmobiliteit een serieus onderdeel wordt van de mobiliteitstransitie, moet die betaalbaar en toegankelijk zijn. Hoewel er de afgelopen jaren meer sturing is gekomen op deelvervoeraanbieders, blijft het voor ons wringen dat we marktpartijen loslaten in de stad - dan denk ik vooral aan deelscooters en -fietsen - die zich naar believen terug kunnen trekken uit hele stadsdelen, weinig verantwoordelijkheid tonen in het voorkomen van overlast en van de ene op de andere dag helemaal kunnen vertrekken. In een ideaal scenario zouden we wat mij betreft een publieke of semipublieke deelvervoeraanbieder kunnen oprichten; zeg maar: deelcommunisme. Wat dat betreft is het jammer dat de HTM-fietsen zijn verdwenen, terwijl de NS-ov-fietsen zo'n succes zijn, net als de Arriva-fietsen in onder andere Maastricht, met dropzones in de hele stad. Ik denk hierbij ook aan de deelbakfietsen van de gemeentelijke stadswerkplaats in Groningen. De tarieven liggen daar ook lager dan bij de commerciële aanbieders in Den Haag. Daarom zijn wij mede-indiener van de motie van de SP, Inzetten op deelvervoer in publieke handen, dus deelcommunisme. Dat geldt ook voor de motie Maak parkeerplaatsen betaalbaar over betaalbare inpandige parkeerplekken bij sociale huur en tot slot voor een motie van de Partij voor de Dieren over goed onderscheid maken tussen huurvervoer en deelcommunisme.

De voorzitter. Ik heb het woord nu vijf keer gehoord; helemaal goed. Wie weet haalt het de Van Dale.

26

Peter Mekers (D66). Voorzitter. Dank aan iedereen die aan deze stukken heeft gewerkt. Zonder mobiliteit staat alles stil. Daarom moet onze stad in beweging blijven, maar dat kan niet alleen met blik. Daarvoor moeten we ook delen in mobiliteit. Wat ons betreft is het SOM-principe daarbij belangrijk. Daarin gaat deelmobiliteit boven de privéauto. Ook qua ruimtegebruik in de stad hebben we keuzes te maken. We kiezen voor 3-3-300. Dat betekent meer groen in de stad, minder hittestress en iedereen groen in z'n buurt, maar dat vraagt wel om keuzes, waaronder dus minder blik op straat. Ik ben blij met een heel aantal voorstellen in de deelmobiliteitsstrategienota en de Nota Parkeernormen. De stad vraagt om heldere keuzes: wat heb je liever, waar is ruimte voor, heb je liever spelende kinderen op straat en groen of heb je liever auto's bumper aan bumper? Ik weet het antwoord wat mij betreft wel. Tijdens de behandeling in de commissie heeft de wethouder een aantal toezeggingen gedaan waar D66 heel blij mee is. Zo komt er een aanpak van de overlast van campers die lang parkeren in woonwijken. Er komt een planning voor het uitbreiden van betaald parkeren waar al daartoe besloten is. De wethouder reageert nog op vragen van de woningcorporaties over de parkeernormen en de belemmeringen die zij vormen voor het bouwen van woningen.

Binnenkort horen we ook wanneer het nieuwe vergunningensysteem gaat draaien. Wat de parkeernormen betreft heeft mijn partij nog wel een wijziging voor ogen, want wij zien in andere grote steden dat er meer korting op te bouwen parkeerplaatsen wordt gegeven als er sprake is van goed openbaar vervoer in de directe omgeving. De ChristenUnie/SGP gaf daar al een voorzet voor. Maar in Den Haag passen we dit nu alleen bij de NS-stations toe, terwijl we in onze stad een heel fijnmazig net hebben van tram- en buslijnen. Mijn partij stelt dan ook voor om in de nabijheid van goed openbaar vervoer de parkeernormen te mogen versoepelen. Dit helpt bij het bouwen van meer woningen waar het ov goed is. Daarom dien ik het amendement Normeer openbaar vervoer meer in, met als dictum: besluit de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en de bijbehorende bijlagen vast te stellen met dien verstande dat in de nota 3:1, lid 1a als volgt gewijzigd wordt: 'de aanvrager deze ontwikkeling wil realiseren binnen station Moerwijk, station Mariahoeve, station Ypenburg, station Laan van NOI (met uitzondering van het deel dat in het CID valt) of openbaar vervoer knooppunt Leidschenveen (bijlage 2), of op loopafstand binnen 500 meter van haltes van minimaal twéé openbaarvervoerlijnen (tram en/of bus), op voorwaarde dat dit gebeurt met een reductiefactor van maximaal 25%; en/of'.

Tot slot: ik heb eerder opgeroepen om aanbieders van deelvervoer hun aanbod over de hele stad te laten spreiden, zodat er geen wijken met vervoersarmoede ontstaan. Daar kan en mag de gemeente meer op sturen richting de aanbieders. Kan de wethouder daar nog iets over toezeggen? De voorzitter. Door de heer Mekers wordt het volgende amendement (E.D D66) voorgesteld:

Amendement E.D D66 Normeer Openbaar vervoer meer De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 (RIS319497). Besluit de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en bijbehorende bijlagen vast te stellen met dien verstande dat in de nota 3.1 lid 1 a als volgt gewijzigd wordt: ‘de aanvrager deze ontwikkeling wil realiseren binnen station Moerwijk, station Mariahoeve, station Ypenburg, station Laan van NOI (met uitzondering van het deel dat in CID valt) of openbaar vervoer 27

knooppunt Leidschenveen (bijlage 2), of op loopafstand binnen 500 meter van haltes van minimaal twéé openbaar vervoer lijnen (tram en/of bus), op voorwaarde dat dit gebeurt met een reductiefactor van maximaal 25%; of/en’ Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Caroline Peeck (VVD). Voorzitter. De Haagse VVD staat voor een stad waar je fijn en veilig kan wonen, met leefbare straten en buurten. Een leefbare buurt betekent ook een buurt waar je bij thuiskomst na hard werken kunt parkeren in de buurt van je huis. Omdat niet iedereen in deze drukker wordende stad voor de deur kan parkeren, moeten we zorgen dat mensen makkelijker een ander voertuig kunnen kiezen, maar we willen en kunnen auto's niet wegtoveren. Veel mensen hebben een auto nodig: op vakantie met de vouwwagen, naar je ouders die zorg nodig hebben in een dorp verder weg, een half elftal kinderen rijden naar het voetbal op zaterdagmorgen of voor je werk het hele land door. De auto brengt ook vrijheid. We hebben gezien dat de huidige Nota Parkeernormen de verkeerde kant opgaat. We zijn blij dat we daar nu een correctie in kunnen aanbrengen. In het voorliggende voorstel willen we dan ook een paar punten aanpassen. Met die aanpassingen willen we voorkomen dat de overspannen woningmarkt leidt tot beslissingen waar bewoners lang spijt van zullen hebben.

We hebben daarbij oog voor de leefbaarheid door de parkeerdruk nadrukkelijk mee te nemen. De aanpassingen moeten dan ook in samenhang gezien worden. Het eerste amendement is het amendement Gelijke parkeerrechten ook bij kleine projecten. Het dictum luidt: besluit: I. de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en bijbehorende bijlagen vast te stellen met dien verstande dat artikel 1:3.c is geschrapt. Het tweede amendement is het amendement Leefbaarheid telt ook mee. Het dictum luidt: besluit: I. de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en bijbehorende bijlagen vast te stellen met dien verstande dat aan artikel 2:1 is toegevoegd 'd. de parkeerdruk in de omgeving niet hoger is dan 90%', artikel 2:1 als volgt aan te vullen: 'In veel gevallen is het bij kleine nieuwbouwplannen in de bestaande stad technisch ingewikkeld en daardoor duur om parkeerplaatsen te realiseren op eigen terrein. Om dit soort kleine nieuwbouwplannen niet te frustreren geldt deze vrijstelling, wanneer de parkeerdruk in de omgeving dat toestaat. Het aantal van drie parkeerplaatsen komt voort uit ervaringscijfers van Den Haag en andere gemeenten', en in volgorde toe te voegen op pagina 14, artikel 2:1, onder d: 'als de parkeerdruk in de omgeving niet hoger is dan 90%, kan vrijstelling worden verleend'. Het derde amendement is het amendement Leefbaarheid moet ook meetellen II. Het dictum luidt: besluit: I.

de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en de bijbehorende bijlagen vast te stellen met dien verstande dat aan artikel 2:2 wordt toegevoegd: 'd. de parkeerdruk in de omgeving niet hoger is dan 90%', de toelichting van artikel 2:2 op pagina 14 als volgt te wijzigen: 'om verbouwplannen en bijvoorbeeld functiewijzigingen van kantoren naar woningen niet te frustreren, kunnen deze plannen in aanmerking komen voor vrijstelling als de gesaldeerde autoparkeervraag minder dan tien parkeerplaatsen is, inclusief bezoekers en de parkeerdruk niet hoger is dan 90%', vervolgens na 'Hiervoor zijn verschillende redenen' het stuk te schrappen dat begint met 'Een ontwikkelaar' en eindigt met 'De ontwikkelaar, eigenaar of makelaar is verantwoordelijk voor het inlichten van de toekomstige bewoners en gebruikers over de parkeersituatie', en in volgorde toe te voegen op pagina 15, artikel 2:2 onder d: 'Als de parkeerdruk in de omgeving niet hoger is dan 90%, kan vrijstelling worden verleend'. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Ik zit te kauwen op de parkeerdruk van 90%. Als de parkeerdruk daarna weer 90% wordt, heb je wel die vrijstelling verleend. Ik ben dus een beetje op zoek: is dat nou echt slim? We weten dat de parkeerdruk gewoon langzaam maar zeker toeneemt in meerdere wijken.

28

Caroline Peeck (VVD). Dan is er weer een nieuwe situatie, maar we geloven op deze manier de leefbaarheid echt goed mee te nemen, dus door die vrijstelling alleen mogelijk te maken als dat mogelijk is. Natuurlijk kan de parkeerdruk op een gegeven moment weer oplopen, maar het gaat hier om zulke kleine aantallen; het gaat om minder dan drie en minder dan tien. Het zijn zulke kleine aantallen. We geloven dus dat dit de leefbaarheid echt in stand kan houden. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Ik geef toe dat het een toekomstig scenario is, maar zou u die vrijstelling weer willen afschaffen op het moment dat de parkeerdruk boven de 90% is? Caroline Peeck (VVD). Ja, dat is wel wat daar staat. De voorzitter. Meneer De Vuyst, de laatste keer. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Dat denk ik niet. Ik denk dat uw amendement vraagt om op het moment dat er een ontwikkeling is, vast te stellen of de parkeerdruk 90% is. Als dat niet zo is, vindt u met dit amendement dat er een vrijstelling kan worden gegeven. Maar als de parkeerdruk daarna weer boven de 90% is, blijft die vrijstelling gelden. Dan draagt u dus ook bij aan het verhogen van die parkeerdruk richting de 90%. Ik vraag me dus een beetje af hoe dit doorwerkt. Daar ben ik eigenlijk nog niet per se heel positief over. Caroline Peeck (VVD).

Dit gaat om zulke kleine aantallen dat de kans dat de parkeerdruk boven de 90% is, zo verschrikkelijk klein is dat het naar ons idee beter is om de bewoners die mogelijkheid te geven en hen gelijk te stellen dan die mogelijkheid af te pakken. De leefbaarheid is gewoon het belangrijkste wat er is. Peter Mekers (D66). Ik kan me eigenlijk goed vinden in de zorgen van collega De Vuyst. Ik vraag me af hoe we dat gaan afwegen als er meerdere projecten worden ontwikkeld in een buurt of wijk. Krijgt iedereen die vrijstelling totdat de parkeerdruk op straat daadwerkelijk hoog is? En lokt dit er dan niet toe uit om projecten op te delen, zodat er minder parkeerplaatsen dan de drempelwaarde gerealiseerd hoeven te worden, zodat ze die helemaal kunnen schrappen? Want dat lijkt dit uit te lokken bij projectontwikkelaars: deel je project maar op zodat je onder die grens blijft, want dan hoef je geen parkeerplaatsen te bouwen en dan mogen mensen op straat parkeren. Dat lijkt me niet de gewenste situatie als er meerdere trajecten lopen. Caroline Peeck (VVD). Nee, het lijkt me dat deze situatie waarbij je ontwikkelaars iets toedeelt, niet zal ontstaan. Peter Mekers (D66). Dank voor die reactie.

Dat zegt u, maar hoe kunt u dat garanderen? Want ik zie ontwikkelaars altijd heel creatief kijken hoe zij het grootste aantal woningen kunnen toevoegen en hoe ze hun investeringen het beste terug kunnen verdienen. Als wij hun nu die opening bieden om die ontwikkelingen op te knippen en om dan minder in parkeerplaatsen te hoeven investeren, zie ik ze dat van harte doen. Ik zou het haast naïef vinden om te denken dat ze daar geen gebruik van maken. Caroline Peeck (VVD). Wij zien dat echt anders. Wij denken niet dat dit een ontwikkeling is die zich zal voordoen. Tot slot nog een motie ten aanzien van de Nota Parkeernormen. Onze fractie leest het nieuwe artikel 4:5 als een vrijbrief aan het college zonder inkadering, afbakening dan wel überhaupt een rol van de raad. We dienen dus de motie Reduceren pas na informeren in, met als dictum: verzoekt het 29

college om, indien het voornemens is artikel 4.5 te gebruiken, de raad vooraf te informeren over dit voornemen. Ten aanzien van deelmobiliteit ziet de Haagse VVD de ontwikkeling als positief, zoals ik al vermeldde, maar niet met de snelheid waarmee het college die doorvoert. We hebben niet alleen oog voor de lusten, maar ook voor de lasten. We juichen dan ook de ontwikkeling toe met initiatieven uit de buurt, waarbij bewoners samen eigenaar zijn en samen verantwoordelijk zijn voor de staat van hun deelauto. Onze fractie steunt dat we dit als gemeente faciliteren. Daarom dienen we de motie Buurtinitiatieven zijn goud waard in, met als dictum: verzoekt het college ervoor zorg te dragen dat in het eerste kwartaal van 2025 de nieuwe subsidieregeling er is waarbij startende deelautocoöperaties financiële ondersteuning krijgen om een coöperatie te starten en deze nieuwe subsidieregeling direct daarna breed en groots bekend te maken via de bekende communicatiekanalen met de wijken in de stad. Deze motie dienen we mede namens Maarten De Vuyst van GroenLinks in. Peter Mekers (D66). Toch nog over de motie Reduceren pas na informeren. Het is heel gebruikelijk dat wij het college achteraf controleren. Ik vraag me dus af waarom we in dit geval vooraf op de stoel van het college moeten gaan zitten om met deze details mee te gaan.

Ik zou zeggen: vertrouw erop dat het college onze visie en onze straks vastgestelde nota volgt. Caroline Peeck (VVD). Wij zien in het artikel echt heel breed een vrijbrief om op allerlei manieren die parkeervrijstellingen toch op een andere manier in te regelen. We willen daar als raad toch geïnformeerd over worden. Peter Mekers (D66). Ik snap dat we daarover geïnformeerd willen worden, maar dat gebeurt toch ook op het moment dat de bouwplannen naar de raad komen? Dan krijgen we die stukken toch ook allemaal te zien? Moeten we daarvoor nog een keer 'gepre-informeerd' worden, terwijl we die stukken toch al krijgen? Ik snap dat niet. Caroline Peeck (VVD). Wij hebben het anders gelezen. Wij vinden echt dat het op dit moment, wanneer de nieuwe parkeernormen door het college worden ingevoerd, niet verder is afgebakend of ingekaderd. Dat geldt ook voor de rol die de raad hier überhaupt in heeft. Dat zouden we graag toch van tevoren horen. De voorzitter. De laatste keer, meneer Mekers. Peter Mekers (D66). Ik zie gewoon dat de projecten altijd langs de raad komen als dat nodig is. Dan kunnen we er altijd nog iets over vinden. Ik vind deze motie dus een beetje overbodig. Ik ga gelijk naar de laatste motie die u wilt indienen of heeft ingediend, de motie Buurtinitiatieven zijn goud waard. Ik vraag me af uit welk potje de financiering voor die subsidie moet komen.

Ik ben op zich blij als we initiatieven uit de wijk kunnen stimuleren, maar waar komt dit geld vandaan? Caroline Peeck (VVD). Het is geen nieuw potje. Er staat in de stukken dat er in Q1 2024 een evaluatie zou komen van de huidige subsidieregeling. Daar borduren wij op voort. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Naar aanleiding van wat de heer Mekers zegt over de motie Reduceren pas na informeren: dat informeren op basis van artikel 4:5 zou dus ook bij zo'n project kunnen. Dan zou dat gewoon meegenomen kunnen worden. Dan wordt er voldaan aan uw vraag. Klopt dat?

30

Caroline Peeck (VVD). Ja, dat klopt. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Dat zou ik wel netjes vinden. Ik was eigenlijk wat sceptisch, omdat ik bang was dat er weer een aparte stukkenstroom zou komen, maar dan zit het gewoon keurig in het stuk: als er gebruik wordt gemaakt van dit artikel 4:5, gaat het college de raad daarover informeren. Dan heeft de heer Mekers gelijk: dan komt het gewoon bij die stukken langs. Dat is het voorstel, hè? Caroline Peeck (VVD). Ja, dat klopt. Dan heb ik de vraag van de heer Mekers hierover verkeerd begrepen. Tot slot hebben we nog de motie Wie wil uitbaten, moet ook handhaven, met als dictum: verzoekt het college afspraken te maken met aanbieders om gebruikers van deelvoertuigen die voertuigen misbruiken te bestraffen en de raad uiterlijk in het eerste kwartaal van 2025 over de afspraken per aanbieder te informeren. De voorzitter. Meneer Mekers wil toch nog het naadje van de kous weten. Peter Mekers (D66). Ik ben niet tegen handhaven als er excessen zijn, maar mijn ervaring met de deelvervoerders is dat zij zelf ook al afspraken over het handhaven hebben. Wat mist de VVD dan wat we nog extra zouden moeten afspreken? Caroline Peeck (VVD). De VVD ziet nog steeds dat er deelvoertuigen slecht geparkeerd staan op de stoepen en in bosjes en in parken liggen. We vinden dat daar door de aanbieders nog echt veel beter op gehandhaafd kan worden.

Peter Mekers (D66). Dank voor dit antwoord. Ik ben het met mevrouw Peeck eens dat dat beter kan en moet, maar die afspraken dat ze dat zouden doen, staan al op papier. Als we nieuwe afspraken maken die ook niet tot op de letter nagekomen worden, welke toegevoegde waarde heeft dat dan? Caroline Peeck (VVD). Het mooiste zou natuurlijk zijn als er met geofencing snel haast wordt gemaakt, want dan kunnen we pas echt op de juiste manier handhaven, maar tot die tijd vinden we gewoon dat het niet goed gaat. Bij HBS staan iedere zondag gewoon tien scooters op de stoep. Er moet dus gewoon harder gehandhaafd worden. De aanbieders hebben gewoon goed in beeld wie de laatsten zijn die erop hebben gezeten. We vinden dat er toch te weinig gehandhaafd wordt. De voorzitter. Door mevrouw Peeck worden de volgende amendementen (E.F VVD, E.G. VVD en E.H VVD) voorgesteld:

Amendementen E.F VVD Gelijke parkeerrechten ook bij kleine projecten De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van de Nota parkeernormen Den Haag 2024 (RIS319497). Besluit: I. de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en bijbehorende bijlagen vast te stellen met dien verstande dat artikel 1:3:c is geschrapt.

31

Amendement E.G. VVD Leefbaarheid moet ook meetellen II De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van de Nota parkeernormen Den Haag 2024 (RIS319497). ▪

besluit: I. de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en bijbehorende bijlagen vast te stellen met dien verstande dat aan artikel 2:2 wordt toegevoegd:

Artikel 2:2 Vrijstelling van de autoparkeereis voor kleine verbouwplannen 1. Verbouwplannen of functiewijziging met een maatgevende en na eventuele toepassing van salderen autoparkeervraag van minder dan 10,50 parkeerplaatsen, inclusief bezoekers, kunnen worden vrijgesteld van de autoparkeereis, indien het een verbouwplan of functiewijziging betreft zonder regionale functie en onder de volgende voorwaarden: a. wanneer, voor het perceel waarop de omgevingsvergunning van toepassing is, niet in de afgelopen 5 jaar voorafgaand aan de aanvraag van de omgevingsvergunning en binnen een straal van 200 meter voor een eerdere aanvraag van een omgevingsvergunning een vrijstelling geldt van de autoparkeereis voor een verbouwplan of functiewijziging; en b. het verbouwplan of functiewijziging binnen gereguleerd gebied ligt en niet binnen 300 meter loopafstand van een gebied ligt waarbinnen geen parkeerregulering geldt; en c. voldoende mobiliteitsalternatieven in de omgeving van het verbouwplan of de functiewijziging worden aangeboden; en d. de parkeerdruk in de omgeving niet hoger is dan 90%. 2. Verbouwplannen van bestaande woningen met een uitbreiding van het vloeroppervlak, waarbij het aantal wooneenheden hetzelfde blijft, zijn vrijgesteld van de autoparkeereis. ▪

En de toelichting van artikel 2:2 (pagina 14) als volgt te wijzigen:

Artikel 2:2 Om verbouwplannen en bijvoorbeeld functiewijzigingen van kantoren naar woningen niet te frustreren, komen deze plannen in aanmerking voor vrijstelling als de gesaldeerde autoparkeervraag minder dan 10 parkeerplaatsen is, inclusief bezoekers en de parkeerdruk niet hoger is dan 90%. Hiervoor zijn verschillende redenen: a. bij verbouwplannen is het vaak fysiek niet mogelijk of stedenbouwkundig onwenselijk om parkeerplaatsen op eigen terrein te realiseren; b. binnen gereguleerd gebied heeft maar ongeveer 50% van de bewoners een eigen auto; c. bouw en verbouw zijn noodzakelijk in de stad om tot stadsvernieuwing te komen en om de woningnood in ieder geval niet groter te maken. Een ontwikkelaar / nieuwe eigenaar moet zich wel realiseren dat een vrijstelling ertoe leidt dat de (toekomstige) bewoners en gebruikers niet in aanmerking komen voor een bewoners- en of bedrijfsparkeervergunning (zie artikel 1:3). Dit om te voorkomen dat de parkeerdruk in de omgeving van het bouwplan niet structureel extra toeneemt. De gemeente registreert het adres of de adressen van het bouwplan en publiceert deze op een online lijst van adressen die niet in aanmerking komen voor een parkeervergunning. De ontwikkelaar, eigenaar of makelaar is verantwoordelijk voor het 32

inlichten van de toekomstige bewoners en gebruikers over de parkeersituatie. De vrijstelling geldt niet voor bouwplannen met een regionale of landelijke functie waarvan valt te verwachten dat het ook bezoekers met een auto trekt. Voorbeelden hiervan zijn: een hotel, een hostel, een theater, een wellness, religieuze functies en een museum. Van toepassing omdat andere mobiliteitsalternatieven bij de bron niet toereikend zijn. ▪

En in volgorde toe te voegen op pagina 15:

Artikel 2:2 onder d Als de parkeerdruk in de omgeving niet hoger is dan 90%, kan vrijstelling worden verleend.

Amendement E.H VVD Leefbaarheid telt mee I De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 (RIS319497). ▪

Besluit: I. de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en bijbehorende bijlagen vast te stellen met dien verstande dat aan artikel 2:1 is toegevoegd:

Artikel 2:1 Vrijstelling van de autoparkeereis voor kleine nieuwbouwplannen Kleine nieuwbouwplannen met een maatgevende en na eventuele toepassing van salderen autoparkeervraag van minder dan 3,50 parkeerplaatsen zijn op grond van deze nota volledig vrijgesteld van de autoparkeereis, indien: a. voor het perceel waarop de aanvraag omgevingsvergunning van toepassing is, niet binnen 5 jaar van de aanvraag van die omgevingsvergunning en binnen een straal van 200 meter voor een eerdere aanvraag van een omgevingsvergunning, een vrijstelling geldt voor een autoparkeereis ten behoeve van een nieuwbouwplan; en b. het nieuwbouwplan binnen gereguleerd gebied ligt en niet binnen 300 meter loopafstand van een gebied ligt waarbinnen geen parkeerregulering geldt; en c. voldoende mobiliteitsalternatieven in de omgeving van het nieuwbouwplan worden aangeboden; en d. de parkeerdruk in de omgeving niet hoger is dan 90%. ▪

En de toelichting van artikel 2:1 (pagina 13) als volgt aan te vullen:

Artikel 2:1 In veel gevallen is het bij kleine nieuwbouwplannen in de bestaande stad technisch ingewikkeld en daardoor duur om parkeerplaatsen te realiseren op eigen terrein. Om dit soort kleine nieuwbouwplannen niet te frustreren geldt deze vrijstelling, wanneer de parkeerdruk in de omgeving dat toestaat. Het aantal van drie parkeerplaatsen komt voort uit ervaringscijfers van Den Haag en andere gemeenten. ▪

En in volgorde toe te voegen op pagina 14:

Artikel 2:1 onder d Als de parkeerdruk in de omgeving niet hoger is dan 90%, kan vrijstelling worden verleend. 33

De amendementen maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De voorzitter. Door mevrouw Peeck worden de volgende moties (E.2 VVD en F.5 VVD) ingediend:

Motie E.2 VVD Reduceren pas na informeren De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van het voorstel van het college van de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 (RIS319497). Constaterende dat: - het college met het nieuw t.o.v. de Nota Parkeernormen 2021 toegevoegde artikel 4.5 in de Nota Parkeernormen 2024 een vrijbrief krijgt om af te wijken van het vastgestelde parkeerbeleid. Overwegende dat: - deze bepaling in de nieuwe parkeernormen niet verder is afgebakend of ingekaderd, noch is vastgelegd welke rol de raad hierin heeft. Verzoekt het college: - om, indien het voornemens is artikel 4.5 te gebruiken, de raad vooraf te informeren over dit voornemen. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie F.5 VVD Wie wil uitbaten, moet ook handhaven De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van het voorstel van het college inzake Strategie Deelmobiliteit 2030 (RIS 319377). Constaterende dat: - deelvoertuigen voor veel Hagenaars ook een bron van ergernis vormen, omdat ze hinderlijk of asociaal geparkeerd worden; - deelvoertuigen wegens ontbrekend gevoel van eigenaarschap en verantwoordelijkheid niet altijd in goede staat verkeren; - met geofencing het mogelijk is om een parkeerbeleid af te dwingen zonder dat er extra inzet van handhavers nodig is, maar dit volgens het college nog jaren op zich laat wachten. van mening dat: - deelmobiliteit voor sommige Hagenaars een geweldige uitkomst is om snel en makkelijk van a naar b te gaan.

34

Overwegende dat: - tweewiel deelvoertuigen nog te vaak door de hele stad hinderlijk of asociaal geparkeerd worden; - het bij de aanbieders altijd bekend is wie de laatste gebruiker van een voertuig is en direct handhaving richting asociale gebruikers en daarmee goed uitvoerbaar is. Verzoekt het college: - afspraken te maken met aanbieders om gebruikers van deelvoertuigen die voertuigen misbruiken te bestraffen; - de raad uiterlijk in het eerste kwartaal van 2025 over de afspraken per aanbieder te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Peeck, daartoe gesteund door de heer De Vuyst, wordt de volgende motie (F.4 VVD) ingediend:

Motie F.4 VVD Buurtinitiatieven zijn goud waard De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 18 december 2024, ter bespreking van het voorstel van het college inzake Strategie Deelmobiliteit 2030 (RIS319377). Constaterende dat: - sinds 2019 er in Den Haag groepen bewoners auto’s in coöperatieve vorm delen; - er in 2024 13 van deze buurtcoöperaties zijn; - sinds 2021 bewoners subsidies aan kunnen vragen voor een proefperiode van een halfjaar voor coöperatief autodelen; - inmiddels door de gemeente is vastgesteld is dat de huidige subsidieregeling niet goed werkt; - er een nieuwe subsidieregeling in het eerste kwartaal van 2024 zou zijn, maar dat die er nog niet is. Overwegende dat: - deelmobiliteit voor sommige Hagenaars een geweldige uitkomst is om snel en makkelijk van a naar b te gaan; - bewoners die in coöperatieve vorm een auto delen meer eigenaarschap en verantwoordelijkheid voelen voor de deelauto dan dat zij er een huren bij een commerciële aanbieder. Van mening dat: - een nieuwe subsidieregeling er zo snel mogelijk moet komen zodat er makkelijker coöperaties kunnen worden opgericht. Verzoekt het college: - ervoor zorg te dragen dat in het eerste kwartaal van 2025 de nieuwe subsidieregeling er is waarbij startende deelauto-coöperaties financiële ondersteuning krijgen om een coöperatie te starten;

35

-

deze nieuwe subsidieregeling direct daarna breed en groots bekend te maken via de bekende communicatiekanalen met de wijken in de stad.

En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De voorzitter. De wethouder heeft behoefte aan een schorsing van vijf minuten. De vergadering wordt van 11.33 uur tot 11.39 uur geschorst. Voorzitter: de heer Sluijs. De voorzitter. Het woord is aan wethouder Kapteijns voor de beantwoording vanuit het college. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Dank aan de raad, ook voor het goede commissiedebat dat we hebben gehad, toen nog wel met Hart voor Den Haag erbij. Daar hebben we veel dingen gewisseld. Ik ga dus snel naar alle moties en amendementen; dat zijn er behoorlijk wat. Maar een algemene opmerking vooraf: ik denk dat we met de deelmobiliteitsplannen en ook met de aanpassing van de Parkeernota een volgende stap zetten in het verder volwaardig maken van deelmobiliteit als onderdeel van de mobiliteitstransitie en als onderdeel van het bereikbaar en leefbaar houden van onze stad. We zien dat de deelmobiliteitsmarkt steeds volwassener wordt, maar nog heel wankel op de benen staat. Dat vergt dus een goede balans tussen stimuleren en op de been houden, maar ook de regie houden als gemeente om ervoor te zorgen dat de ontwikkelingen de goede kant opgaan. Dat proberen we met elkaar. Daar gaan ook veel moties en amendementen over. Ik ga naar de moties en de amendementen, in de volgorde waarin ze ingediend zijn.

Dat is niet helemaal de volgorde waarin ze in het systeem staan, maar ik hoop dat het op het eind allemaal weer klopt. De voorzitter. Als u in ieder geval de titels wilt noemen, denk ik dat we een heel eind komen. Als u de titels erbij zegt, komt het goed. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Dat zal ik doen, voorzitter. Ik begin met de motie Stuur op grootte van de Partij voor de Dieren. Die motie gaat over het aangekondigde onderzoek waarin we gaan kijken welke mogelijkheden we hebben om grotere, meer milieubelastende auto's op een andere manier te tariferen in betaald parkeren. Dat onderzoek moeten we nog gaan doen. De motie stelt voor om daarbij ook te kijken naar de grootte van auto's en naar het effect daarvan. Dat kan meegenomen worden in het onderzoek. Die motie kan ik dus aan de raad laten. Het college begrijpt het belang van de motie Duidelijk verschil tussen deel- en huurvervoer van de Partij van de Dieren. Toekomstige gebruikers willen graag dat het verschil tussen coöperatieve deelmobiliteit en meer commerciële deelmobiliteit helder is. Dat wordt nu inderdaad weleens door elkaar gebruikt. Deze motie roept op om dat onderscheid duidelijker te maken. Dat ziet het college ook als waardevol. Ook deze motie kan ik dus aan de raad laten.

Er werd tussendoor gevraagd of het college bereid is om het coöperatieve deelvervoer te stimuleren, ook bij gebiedsontwikkelingen, door daarvoor bijeenkomsten te organiseren. Ik weet niet hoe we dat precies gaan doen, of dat echt bijeenkomsten worden en in welke vorm we dit gaan gieten, maar we moeten ook bij gebiedsontwikkelingen zeker aandacht hebben voor coöperatief deelvervoer. Dat kan ik dus in z'n algemeenheid ondersteunen en toezeggen.

36

Leonie Gerritsen (PvdD). Het klinkt een beetje alsof het alleen aan de voorkant bij de ontwikkeling meegenomen moet worden, maar het gaat er juist om dat er regelmatig terug wordt gekomen als het gebouw er eenmaal staat met een doorloop van gebruikers en bewoners die vaak nog helemaal geen huurvereniging of dat soort zaken hebben. Dat is dus niet dat je het één keer probeert en dan zegt: 'o, er is geen interesse; dan never again'. Nee, je komt dan een jaar later terug en je probeert dat te blijven stimuleren. Mensen krijgen soms pas als ze ergens een tijdje zitten door dat het toch onhandig is zonder parkeervergunning en dat ze daar misschien toch behoefte aan hebben. Op die manier houd je de vinger een beetje aan de pols en heb je ook een actieve rol in het stimuleren van dat gebruik. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Dank voor deze verdere aanscherping. Ik erken ook het belang van deze aanscherping. Ik ben gaarne bereid om daar een goede modus voor te vinden om dat ook daadwerkelijk te gaan doen. De Haagse Stadspartij heeft de motie Zet in op beter ov ingediend. Daarover zeg ik in z'n algemeenheid dat uit alle onderzoeken en uit alle ervaringscijfers blijkt dat deelmobiliteit het openbaar vervoer juist heel erg aanvult. Deelmobiliteit en openbaar vervoer versterken elkaar.

Bijvoorbeeld: openbaar vervoer voor de langere stukken en deelmobiliteit voor de eerste en de laatste kilometers. Ik zeg het in haar afwezigheid, maar het pleidooi van de Haagse Stadspartij ging een beetje de kant op dat deze twee fenomenen elkaar tegenwerken. Dat is dus juist niet het geval. De motie verzoekt om in te zetten op beter ov. Dat is op zich natuurlijk sympathiek, maar dit is eigenlijk al staand beleid. Ik wil de motie dus echt ontraden. We werken met het programma OV Next aan de schaalsprong van het openbaar vervoer. We zijn bezig met de uitrol van de brede trams. Ik begreep dat niet iedereen er een fan van is, maar de MRDH is bezig met de Mobiliteitsvisie, die voor een heel groot deel gaat over de toekomst van het ov in onze regio en in onze stad. Deze visie komt ook bij u langs. Ik zou dus zeggen dat de HSP op allerlei manieren wordt bediend. Om daar nog een apart plan voor te maken, zoals de motie vraagt, zou ik niet graag willen aanraden. De SP heeft de motie Maak parkeerplaatsen betaalbaar ingediend. Hierover zijn eerder moties aangenomen door de raad, onder andere de motie-Van Doorn over hoe we het straks gaan doen met die hubs, een mogelijk publiek parkeerbedrijf en alles wat daarmee samenhangt.

Ik heb eerder erkend dat wil ik nogmaals doen - dat het lang duurt, maar dat heeft vooral te maken met het feit dat het hele ingewikkelde onderwerpen zijn, waar hard aan gewerkt wordt. Dit jaar gaan we net niet meer halen, maar begin volgend jaar zal er weer een voortgangsbrief naar uw raad komen, want dat we dit goed gaan doen en de betaalbaarheid voor toekomstige bewoners en ook de huidige bewoners van Zuidwest zijn echt randvoorwaarden om die gebiedsontwikkelingen tot een goed einde te kunnen brengen. Daar zijn we samen met collega Balster dus hard mee bezig. Het college kan de geest en de richting van de motie Maak parkeerplaatsen betaalbaar onderschrijven. Ik wil de motie dus aan de raad laten, maar wel met een paar kanttekeningen. We kunnen corporaties niet dwingen om hieraan mee te werken, maar we kunnen het wel aan hen vragen. Ik denk ook niet dat we dit op gebouwniveau moeten willen doen, maar ik denk dat een soort globale inventarisatie mogelijk is. Dan krijgen we dit ook wat beter in de vingers. Dit hangt natuurlijk ook heel erg samen met de 'al dan niet DAEB'-discussie. Dat is een beetje jargon, maar dat gaat om de vraag of dit tot de kernactiviteiten van de woningbouwcorporatie behoort. In veel gevallen is dat niet zo.

Dan gelden gewoon de marktomstandigheden, maar het lijkt het college zinvol om zo'n onderzoek te doen, in het tweede kwartaal van 2025 te rapporteren over de voortgang en daarbij in kaart te brengen wat de knoppen zijn om aan te draaien. Met deze uitleg kunnen we dus uit de voeten met de motie indien zij wordt aangenomen. Dan ben ik bij een andere motie van de SP, Deelvervoer in publieke handen. In z'n algemeenheid: deelvervoer is nog een hele ingewikkelde en, zoals ik al zei, niet volwassen markt. Het is ook een markt waarop de aanbieders nog echt geen winst maken. Er wordt op dit moment vooral geïnvesteerd. Ik denk dus dat je best wat kanttekeningen kunt plaatsen bij de vraag of het heel erg 37

aantrekkelijk is om dit in publieke handen te hebben. Wat het ingewikkeld maakt, is dat de Wet personenvervoer 2000 dit op dit moment nog niet toestaat. Er wordt wel naar gekeken. Landelijk wordt er gekeken naar het Landelijk Programma Deelmobiliteit, waar Den Haag actief in participeert, en staat dit ook op de agenda. Er wordt bijvoorbeeld onderzocht hoe een landelijk publiek deelfietssysteem eruit zou kunnen zien. Maar dit zijn langer lopende trajecten. Ook met de NS, waar het tweede deel van de motie over gaat, kunnen we best in gesprek om te kijken of we met die ovfietsen nog meer kunnen dan nu. Dat is een beetje afhankelijk van de KJ-stalling; die moet dan wel weer open zijn, want het moet allemaal praktisch kunnen. Maar met deze opmerkingen zijn we, mocht de motie aangenomen worden, best bereid om daar uitvoering aan te geven en daarover terug te melden. Ook deze motie kan ik dus aan de raad laten. Het amendement Fiets niet om betaalbaarheid heen van de SP is wat ingewikkelder. Dit amendement wil ik dus graag ontraden, maar wel met wat uitleg daarbij. De voorzitter. Die uitleg gaan we zo meteen doen. Dat is ook een mooie spoiler voor de kijkers thuis; hou 'm vast. Peter Mekers (D66). Ik heb een vraag over het deelvervoer. De HTM heeft in het verleden HTMfietsen gehad en is daar juist mee gestopt.

Is er dan iets veranderd waardoor we denken dat we hier nu meer ruimte in kunnen vinden? Of moeten we toch echt afwachten totdat de landelijke wetgeving aangepast is voordat het weer aantrekkelijk wordt? Op dit moment zie ik in de markt en in de wetgeving eerlijk gezegd nog geen verandering waardoor zo'n project weer succesvol kan zijn. Ik ben dus benieuwd wat dat volgens de wethouder wél zo maakt en waarom hij het aan de raad laat. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). De kanttekeningen die ik hierbij heb gemaakt, gaan met name over de verwachtingen over wat dit gaat opleveren. Dan zien we inderdaad dat het ook voor publieke partijen heel moeilijk is om hier een businesscase van te maken. De HTM is daar inderdaad een goed voorbeeld van, maar er zijn dus landelijke ontwikkelingen. Daar zijn we als Den Haag bij aangesloten. Daar kan ik over rapporteren. De ov-fiets is natuurlijk wel een succesvol product. We hebben weleens met de NS gesproken over het bij tramhaltes achter kunnen laten van ov-fietsen. Ik ben bereid om dat soort gesprekken te voeren. Ik denk dat dit tegemoetkomt aan wat de SP vraagt. We hadden een spoiler. De voorzitter. Ja, daar komt ie. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Het amendement Fiets niet om betaalbaarheid heen ga ik ontraden, hoewel het college de richting sympathiek en het onderwerp heel belangrijk vindt.

De kanttekening daarbij is natuurlijk - ook in de richting van de ChristenUnie, want die had hier ook opmerkingen over - dat we een beetje los moeten komen van het beeld dat deelmobiliteit duur is. Deelmobiliteit is ten opzichte van het openbaar vervoer vaak wat duurder, maar ten opzichte van het bezit van een auto is deelmobiliteit financieel natuurlijk juist heel aantrekkelijk. Het college ziet de deelauto en alle andere vormen van deelmobiliteit dus juist als een alternatief voor het bezit van een eigen auto. In dat perspectief moeten we deze discussie wat het college betreft voeren. Voor mensen met een kleine portemonnee kan het juist superaantrekkelijk zijn om niet de vaste kosten te hebben van een auto, maar wel het gemak van toegang tot een auto te hebben. In die omslag zitten we met elkaar. Lesley Arp (SP). Ik haak meteen aan. De wethouder heeft het over de auto, maar mijn amendement ging niet over de auto maar over tweewielers, omdat daar ook die vergunningprocedure voor geldt. 38

Wij hebben dit amendement geschreven omdat wij in het voorstel lezen dat wij kortingen willen aanbieden, al dan niet via de Ooievaarspas, en zelfs een subsidie aanbieden aan Cargoroo. Het lijkt mij een gekke manier van werken als je die bedrijven dan niet aan de voorkant vraagt om überhaupt redelijke tarieven te hanteren, want ik vind niet dat we bedrijven moeten belonen met een subsidiemaatregel als zij bijvoorbeeld niet aan de voorkant zorgen voor redelijke tarieven. Dat is dus de achterliggende gedachte van het amendement. Het gaat echt over tweewielers. Kan de wethouder daarop reageren? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Er komt nog een amendement van de ChristenUnie/SGP met 'ongeacht het aantal wielen'. Ik had ze dus een beetje bij elkaar genomen. Ik weet ook niet of de bakfiets in deze definitie onder tweewielers valt of onder drie- of vierwielers, maar ook de bakfiets is echt een heel goed voorbeeld. Zeker de Cargoroo-fietsen zijn bij uitstek geschikt om autoritten te vervangen, want die zijn enorm handig om ermee naar de bouwmarkt te gaan of om wat dingen op te halen waarvoor nu in de stad autoritten gebruikt worden. Dat is dus het perspectief, maar dank voor de verduidelijking. Ik ontraad het amendement omdat het een amendement is. Als het een motie was, hadden we hiermee uit de voeten gekund.

Dat zeg ik maar even in z'n algemeenheid; misschien is dat nog een overweging. Juridisch gezien kunnen we dit niet vastleggen. We hebben gekeken of we hierover iets kunnen regelen in de APV. Dat kan juridisch niet. We kunnen die betaalbaarheid dus niet afdwingen. We zijn wel bezig met een convenant om afspraken te maken met alle deelmobiliteitsaanbieders, waarbij betaalbaarheid echt een belangrijk onderwerp is. Vanwege de nietafdwingbaarheid - dat is het korte antwoord - moeten we dit amendement ontraden. We zijn er wel mee bezig. Het is een onderwerp dat op de agenda staat in onze overleggen met de aanbieders. Dat krijgt waarschijnlijk de vorm van een convenant. Lesley Arp (SP). Wat ik lastig vind - dat is meer een soort ontboezeming - is dat we een best wel vol en rommelig commissiedebat hebben gehad en dat ik nu ineens allemaal dingen te horen krijg over wat wel of niet in een vergunningprocedure kan. In alle eerlijkheid: ik wil nog even goed nadenken over wat de wethouder zegt en misschien wil ik achter de schermen ook nog wat informatie hierover. Het zou kunnen dat ik later op de dag een aangepaste motie indien, maar dit is voor mij allemaal nieuwe informatie. Ik vind het ook een beetje onwerkbaar, maar ik ga dit goed laten bezinken. De voorzitter. Dat zou waarschijnlijk betekenen dat u het amendement omzet in een motie. Ik denk dat u dat bedoelt, mevrouw Arp.

Lesley Arp (SP). Ik hou alle opties nog open. Ik vind het ook lastig om nu midden in het debat als een malle te gaan schrijven, maar mogelijk kom ik aan het einde van de dag met een aangepast voorstel. De voorzitter. Dat staat u natuurlijk helemaal vrij. Peter Mekers (D66). Ik had gevraagd naar de beschikbaarheid van deelvervoer. Er wordt gewerkt aan een convenant, onder andere over betaalbaarheid. Komt daarin te staan dat aanbieders hun diensten in de hele stad moeten aanbieden, zodat er geen vervoersarmoede komt? Als het inderdaad een alternatief moet zijn om de auto weg te kunnen doen, moet het ook overal beschikbaar zijn. Dat is nu nog niet in alle gevallen het geval. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ik zou daar nog op ingaan, maar ook dit thema zou inderdaad onderdeel van een convenant kunnen zijn. Een ander belangrijk thema, waarvoor de VVD ook aandacht vroeg, is het gedrag van gebruikers van bijvoorbeeld de deelscooters. Dat de aanbieders de 39

gebruikers daar op andere, stevigere manieren op gaan aanspreken, is ook een onderdeel van de thema's die mogelijk in een convenant kunnen landen. Peter Mekers (D66). Dat klinkt nog heel onzeker: 'het zou mogelijk kunnen'. Ik zou willen oproepen om over die beschikbaarheid in de stad daadwerkelijk afspraken te maken in het convenant. Het hoeft niet meteen een dekking van 100% te zijn, maar er kunnen bijvoorbeeld wel afspraken worden gemaakt over een groei, zodat we iets hebben om naar uit te kijken en zodat ze niet alleen kunnen cherrypicken door de dingen wel neer te zetten in de rijke wijken en niet aan te bieden in de wijken waar ze juist meerwaarde kunnen hebben door de portemonnee van mensen wat beter gevuld te houden als ze die dingen nodig hebben. Ik zou dus iets meer ambitie willen hebben dan 'het zou mogelijk kunnen'. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Die ambitie heeft deze wethouder zeker. Ik ben het ook helemaal eens met het belang van de toegankelijkheid van deelmobiliteit in alle delen van de stad, maar we zijn natuurlijk afhankelijk van de afspraken die we kunnen maken. Daar zat mijn voorzichtigheid; die gaat niet over de inzet van de gemeente in de gesprekken die we gaan voeren. Dan het amendement van de ChristenUnie/SGP, Betaalbaar ongeacht het aantal wielen.

Ik heb daarover al iets gezegd, want daarvoor geldt hetzelfde: het is een amendement en ook hierin staat vrij absoluut dat zonder concrete afspraken over betaalbaarheid geen nieuwe deelmobiliteit wordt toegestaan. Dit kunnen we juridisch niet afdwingen. We kunnen dit dus ook geen onderdeel laten zijn van dit raadsvoorstel. Om die reden wordt dit amendement ontraden. Wat ik over het amendement van de SP zei, geldt ook voor dit amendement. Het eerste deel van het amendement gaat over toepassing hiervan op alle deelmobiliteit. Die verbreding is op zich prima. Er is dus veel ondersteuning voor de richting en het belang van het onderwerp, maar omdat het een amendement is en niet juridisch afdwingbaar is, moet ik dit toch ontraden. Lesley Arp (SP). Mijn vraag heeft ook betrekking op waar het zojuist bij mijn amendement over ging: ik heb behoefte aan meer duiding van waarom het juridisch niet kan. Ik vind het belangrijk dat dit hier in dit debat in openbaarheid nader wordt toegelicht, zodat wij een goede afweging kunnen maken. Als de wethouder daar in de beantwoording nog iets meer over kan zeggen, zou mijn fractie dat dus zeer waarderen. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ja, dat kan. Ik deel ook het ongemak, want dit is vrij technisch en je bespreekt dit liever op een eerder moment met elkaar.

Het gaat over artikel 108 van de Gemeentewet, dat bepaalt dat we in de APV regels kunnen stellen omtrent de huishouding van de gemeente. Dat doen we in Den Haag ook middels artikel 2.8. Daarin staat dat je zonder vergunning geen deelmobiliteit mag aanbieden. De eisen die in de vergunning staan, moeten gerelateerd zijn aan de belangen vanuit het huishouden van de gemeente. Ze moeten dus betrekking hebben op de fysieke kant van de afspraken. Betaalbaarheid is daar geen onderdeel van. We kunnen dus eisen stellen ten aanzien van veiligheid, leefbaarheid en openbare ruimte - dat zijn dan dus geen afspraken, maar eisen in de APV - maar niet over betaalbaarheid. Ik heb hier een hele lange tekst, maar dit is de kern. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ik wilde die vraag ook stellen. Even resumerend: we kunnen een vergunning dus niet weigeren op basis van de betaalbaarheid. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ja, dat is de consequentie. Het heeft ook iets te maken met de Dienstenrichtlijn. Dat zal ik u verder allemaal besparen, maar dat kan inderdaad helaas niet. Maar we kunnen dus wel in een convenant afspraken maken. Ik heb zelf ook gesprekken gevoerd met alle 40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15241332/1