RIS321412 Bijlage Ontwerp actieplan geluid 2025-2029
Tekst van het document
SMA-NL 8 Steenmastiekasfalt (SMA) is een type asfalt dat veel binnenstedelijk en op provinciale wegen wordt toegepast als deklaag in een wegverhardingsconstructie. Steenmastiekasfalt bevat holle ruimten die vrijwel geheel gevuld worden door mastiek, dus door zand, vulstof en bitumen. Mastiek heeft een grote duurzaamheid en een zeer hoge weerstand tegen vervorming. De grootte van de ‘steentjes’ in steenmastiekasfalt varieert. Bij SMA-NL8 zijn deze maximaal 8 mm. SMA-NL 8 wordt in de praktijk ook wel SMA 0/8 genoemd. SMA-NL 8 is ongeveer 0,5 dB stiller dan DAB.
Stille gebieden In stille gebieden is de geluidbelasting door toedoen van menselijke activiteiten zo laag dat de in dat gebied heersende natuurlijke geluiden niet of niet hinderlijk worden verstoord.
52
Bijlage 1 – Inwonersenquête beleving omgevingsgeluid In april en mei 2024 zijn in de acht stadsdelen van Den Haag enquêtes afgenomen op plaatsen waar veel inwoners komen, voornamelijk in winkelcentra. In de enquêtes is aan de respondenten gevraagd hoe het omgevingsgeluid in Den Haag beleefd wordt.
Van de 270 respondenten wonen er 259 in Den Haag. Zij hebben de postcode van hun woning gedeeld. Het aantal respondenten per postcode is in figuur 14 weergegeven. Alleen de resultaten van inwoners van Den Haag zijn meegenomen in de verdere dataverwerking figuur 14.
Figuur 14 Aantal respondenten per postcodegebied
Algemene beoordeling, invloed per geluidbron en nachtrust De algemene beoordeling van de geluidsituatie in de eigen woonomgeving is samengevat in figuur 15. In figuur 16 is de invloed per geluidbron voor deze beoordeling gespecificeerd. Figuur 17 geeft weer in welke mate omgevingsgeluid zorgt voor slaapverstoring. Uit de figuren blijkt het volgende: • •
• •
De inwoners van Den Haag zijn redelijk tevreden over hun geluidsituatie. Bijna 70% van de respondenten beoordeelt de geluidsituatie als goed, ongeveer 25% als matig en ongeveer 5% als slecht; Het verkeer op de gemeentelijke wegen is de meest hinderlijke geluidbron. Op de tweede plaats komen de brommers en scooters. Op de derde plaats komt het geluid binnen de categorie ‘Anders’. Hieronder valt voornamelijk geluid van buren en hangjeugd; Schepen en vliegtuigen zijn de minst hinderlijke geluidbronnen; Bijna 90% van de respondenten wordt niet verstoord in de slaap door omgevingsgeluid. Bijna 10% heeft enige last van omgevingsgeluid in de nacht en ongeveer 2% veel last.
53
Figuur 15 Algemene beoordeling van omgevingsgeluid in de eigen woonomgeving
Figuur 16 Invloed per geluidbron op de geluidbeleving
54
Figuur 17 Invloed van omgevingsgeluid op de nachtrust
Omgevingsgeluid in buitenruimten van woningen, parken en natuur Het omgevingsgeluid direct buiten de woningen en in openbare ruimten in de buurt wordt als volgt beoordeeld: • •
Ongeveer 70% van de respondenten kan rust vinden in de tuin en/of op het balkon. Een kleine 20% kan dit matig en ongeveer 5% kan dit slecht; Het overgrote deel van de respondenten (ruim 90%) geeft aan af en toe rust te kunnen vinden buiten de eigen woonomgeving. De populairste locaties hiervoor zijn parken, de duinen en overige natuur in en vlak bij Den Haag. De volgende plekken in Den Haag zijn hierbij genoemd: Begraafplaats Nieuw Eykenduinen, Bosjes van Pex en Wapendal, Bosjes van Poot, Bosweide, Clingendael, Doornduin, Groene Assen, Groengebied Westduin, Haagse Bos, Madestein, Marlot en Reigersbergen, Ockenburgh, Oostduin en Arendsdorp, Roeleveen, Scheveningse Bosjes, ’t Loo, Tedingerbroek, Wateringen, Westbroekpark en Zuiderpark. Deze plekken liggen verspreid over de stad, behalve in de stadsdelen Laak en Leidschenveen-Ypenburg. Ook een aantal plekken buiten Den Haag zijn gewaardeerd. Dat zijn de volgende plekken: Delftse Hout (Delft), Julianapark (Rijswijk), Park Schoonoord (Rotterdam), Rijswijkse Bos (Rijswijk) en Stompwijkse Vaart (Leidschendam-Voorburg) en Wilsveen (Leidschendam-Voorburg).
Geluidisolatie gevels Omgevingsgeluid kan ook binnen woningen waargenomen worden. De mate waarin de gevels geïsoleerd is hier van invloed op. Over de huidige situatie van de gevels melden de respondenten het volgende: • •
Ongeveer 80% van de respondenten beoordeelt de geluidisolatie van de gevels als goed. Voor ongeveer 15% van de respondenten is de geluidisolatie matig en voor een kleine 5% slecht. In tabel 9 staat een overzicht van het bouwjaar van de woning van de respondent en de beoordeling van de geluidisolatie van de gevels. De bouwjaarcategorieën geven een indicatie van de mate waarin met geluid rekening is gehouden bij de bouw. Vanaf 1965 werd de Modelbouwverordening
55
ingevoerd. In 1979 werd de Wet geluidhinder van kracht. In 1992 verving het Bouwbesluit de Modelbouwverordening. Na verloop van tijd is meer aandacht gekomen voor de geluidisolatie van de gevels. Dat blijkt ook uit de beoordeling van de respondenten. Een woning met een bouwjaar tot en met 1979 scoort bijna twee keer zo vaak het oordeel matig of slecht als een woning met een bouwjaar vanaf 1980.
Tabel 9 Bouwjaar woning in combinatie met beoordeling geluidisolatie gevels door respondenten
Bouwjaar woning
Beoordeling geluidisolatie gevels
Voor 1965
Goed 95
Matig 27
Slecht 4
Geen oordeel 0
1965 – 1979 1980 – 1990
14 20
3 3
3 1
0 0
Na 1990 Onbekend bouwjaar
76 3
10 1
1 0
0 9
Suggesties van respondenten De respondenten zijn ook gevraagd suggesties voor dit actieplan mee te geven. Dit leidt tot het volgende resultaat: •
•
De meest genoemde suggesties voor het terugdringen van de ervaren overlast zijn lagere maximumsnelheden voor het wegverkeer, (strenger) handhaven op (snelheids)overtredingen, meer drempels en minder auto’s in de stad. De geluidbronnen die respondenten graag met voorrang aangepakt zien worden zijn het wegverkeer, de brommers en scooters.
56
Bijlage 2 - Dosis/effectrelaties geluidhinder en slaapverstoring Het is logisch dat meer mensen last hebben van geluid naarmate het geluidniveau hoger is en naarmate het geluid vaker klinkt. Hier is via enquêtes veel onderzoek naar gedaan (gestandaardiseerde ISOmethode). Aan volwassenen wordt de vraag gesteld in welke mate zij geluidoverlast ondervinden op een schaal van 0 (in het geheel niet) tot 10 (extreem). Bij scores vanaf 5 is sprake van ‘hinder’ en vanaf 8 ‘ernstige geluidhinder’. Deze scores worden vergeleken met de daadwerkelijke geluidsituatie waardoor dosis/effectrelaties worden gevonden. Er zijn mensen die al ernstige geluidhinder ondervinden vanaf 42 dB.
Dosis/effectrelaties geven aan hoeveel procent van de mensen ernstige hinder of slaapverstoring ervaart bij een bepaalde geluidbelasting. Bij END-kartering 2007 tot en met END-kartering 2017 (geluidbelastingkaarten over 2006, 2011 en 2016) zijn dezelfde dosis/effectrelaties gebruikt. Bij ENDkartering 2022 (geluidbelastingkaarten over 2021) zijn geactualiseerde dosis/effectrelaties gebruikt. De dosis/effectrelaties zijn weergegeven in figuur 18 en figuur 19. Uit figuur 18 volgt onder andere dat met de nieuwe dosis/effectrelaties meestal eerder ernstige hinder optreedt dan met de oude dosis/effectrelaties.
Figuur 18 Dosis/effectrelaties tussen geluidbelasting Lden en ernstige hinder
57
Figuur 19 Dosis/effectrelaties tussen geluidbelasting Lnight en ernstige slaapverstoring
58