RIS319865 Bijlage 2 Reacties Advies 2025-2028 Den Haag stad van de kunst - kunst van de stad
Tekst van het document
Reacties aanvragers Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028 op Advies MJB 2025-2028 ‘Den Haag: stad van de kunst kunst van de stad’
Den Haag September 2024
Inleiding Met de vaststelling van het Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028, ‘Ruimte voor Ontwikkeling’ (hierna Beleidskader) op 7 september 2023 door de gemeenteraad werden tegelijkertijd de hoofdlijnen van het toekomstige cultuurbeleid bepaald en ging de raad akkoord met de indeling van het nieuwe subsidiestelsel. De in het Beleidskader opgenomen doelstellingen waren bedoeld om de culturele instellingen een houvast te bieden bij de opstelling van hun plannen voor de komende vier jaar, en zijn afgeleid van de ambities en aandachtspunten zoals de gemeente die in de Cultuurvisie Den Haag 2033 heeft verwoord: een veelzijdig en kwalitatief hoogwaardig cultuuraanbod (de artistieke waarde), een vitale, weerbare en duurzame cultuursector, diversiteit en inclusie, cultuureducatie en -participatie en een levendig makersklimaat. De Haagse culturele instellingen konden tot 1 februari 2024 23.59 uur subsidieaanvragen indienen voor de nieuwe beleidsperiode 2025-2028.
De door het college benoemde Adviescommissie Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028 heeft 91 aanvragen beoordeeld en presenteerde op 7 juni 2024 het Advies MJB 2025-2028 ‘Den Haag: stad van de kunst - kunst van de stad’ Het Beleidskader, de Subsidieregelingen meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2025-2028 categorie B en categorie C en het advies van de Adviescommissie vormen de basis voor de vierjarige subsidie van het MJB 2025-2028. Check op feitelijke onjuistheden tijdens het Adviesproces 2025-2028 Vanaf het moment dat de indieningstermijn van 1 februari 2024 was verstreken, was het niet meer toegestaan ingediende aanvragen te wijzigen, te verduidelijken en/of nieuwe informatie toe te voegen. Dit opdat alle aanvragen gelijktijdig en in onderlinge samenhang konden worden beoordeeld op basis van de informatie die op dat moment voorhanden was voor de Commissie. Hiermee waarborgt het college een eerlijk en transparant proces en een gelijk speelveld voor alle aanvragers. Om dezelfde reden heeft de Commissie gedurende het hele adviestraject ook geen contact met aanvragers of met het college gehad. Gezien het belang van gelijkheid en transparantie hebben aanvragers ook niet de mogelijkheid gekregen om een feitelijke of inhoudelijke reactie op het advies van de Commissie te geven.
Dit had namelijk al snel kunnen leiden tot het verstrekken van extra (inhoudelijke) informatie over een aanvraag aan de Commissie, mede omdat de grens tussen feitelijke en extra (inhoudelijke) informatie in de praktijk niet altijd even scherp is. Mogelijkheid tot reageren op het Advies 2025-2028 Met het overhandigen van het Advies MJB 2025-2028 ‘Den Haag: stad van de kunst - kunst van de stad’ (hierna Advies 2025-2028) werd het adviesproces afgerond en kon het advies inhoudelijk niet meer worden aangepast. In een informatiemail van 26 februari 2024 heeft het college alle MJBaanvragers laten weten dat het niet mogelijk was om een feitelijke of inhoudelijke reactie te geven op het advies van de Commissie (zie ook hierboven). Op deze mail is door geen van de aanvragers gereageerd. Wel ontving het college na de bekendmaking van het Advies 2025-2028 van diverse aanvragers brieven waarin (vermeende) onjuistheden in het instellingsadvies uiteen werden gezet. Ook hebben verscheidene instellingen gevraagd op welke wijze zij toch konden reageren op het advies.
Omwille van het gelijke speelveld is op 20 juni 2024 een bericht naar alle aanvragers gestuurd waarin hun eenmalig de gelegenheid werd geboden om schriftelijk te reageren op het Advies 2025-2028. Instellingen kregen hiervoor tot en met 27 juni 2024 12.00 uur de tijd. De reacties dienden zich te beperken tot in het advies vermelde feiten die niet stroken met de inhoud van de aanvraag, zoals foutieve jaartallen, cijfers of incorrecte spelling. Ook als er in het advies beweringen stonden waarvan de aanvrager heeft kunnen aantonen dat deze feitelijk niet kloppen, is er sprake van een feitelijke onjuistheid. In dit bericht is duidelijk aangegeven dat de instelling geen reactie ontvangt op de brief die wordt ingediend, dat feitelijke onjuistheden niet automatisch leiden tot een wijziging van punten en/of de hoogte van het subsidiebedrag en dat in de reactie van het college op het advies de feitelijke onjuistheden niet een-op-een worden genoemd. Van belang was dat alle aangegeven feitelijke onjuistheden terug te vinden moesten zijn in de aanvragen van de instellingen. Informatie die daar niet in de aanvraag was opgenomen, kon niet worden aangevoerd ter onderbouwing van een feitelijke onjuistheid.
Ingediende zienswijzen In totaal hebben 35 aanvragers een reactie ingediend in antwoord op de e-mail van 20 juni 2024 deze zijn gebundeld en worden als bijlage toegevoegd aan het MJB 2025-2028. Deze bijlage bevat alleen de reacties die met toestemming van de aanvrager openbaar gemaakt mogen worden. De ontvangen reacties zijn door het college meegenomen in de uitvoering van de vergewisplicht, waarbij er voornamelijk is gekeken of een eventuele onjuistheid van invloed is geweest op de toekenning van punten en/of de hoogte van het subsidiebedrag. Het college dankt alle instellingen voor de moeite die zij hebben genomen om een reactie op het Advies 2025-2028 in te dienen. Uiteraard kunnen de visie van de Commissie en het college enerzijds en die van instellingen anderzijds van elkaar (blijven) afwijken.
Overzicht van instellingen 1646 Aight Amare Another kind of Blue Cat Smiths Ciconia Consort Cultuurmenu CultuurSchakel De Mix De Dutch Don’t Dance Division Diligentia & PePijn Filmhuis Den Haag Grafische Werkplaats HKA 2.0 House of Rat Huis van Gedichten Kalpanarts Lonneke van Leth Museum Panorama Mesdag Musica Antica Musicon Productions Nederlands Dans Theater Nest Popdistrict Popradar Rabarber Rewire Story Academy Stroom Den Haag The Grey Space in the Middle Theater Branoul Theatergroep Drang West Den Haag KOO
Email: 1646 op het Advies Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028 1646 info@1646.nl 24 juni 2024
Beste, Middels deze mail wensen wij een kleine feitelijke onjuistheid aan te geven in het advies Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028. Op pagina 2 van 4 in het gedeelte dat het Zakelijk beleid behandeld staat in de eerste paragraaf: "Het kernteam komt in loondienst [...]", dit moet "Het kernteam is in loondienst [...]" zijn, aangezien onze organisatie deze stap in 2023 al heeft gezet, en per 1 januari 2024 alle leden van het kernteam in loondienst werkzaam zijn voor de organisatie. Hiernaast hebben wij een vraag met betrekking tot de 3 punten die naar aanleiding van onze aanvraag zijn gegeven voor Venieuwing of experiment als onderdeel van het Artistiek-inhoudelijk beleid. Uit de adviestekst blijkt in onze ogen niet dat dit gedeelte achterloopt op de andere aspecten. Er wordt gesproken over onze "nieuwe ontwikkelingen" mbt tot het residency-programma en het nieuwe programma The Garden Room. Hiernaast spreekt ook deze paragraaf enkel van vernieuwing en experiment vanuit een positief oogpunt: "De Vernieuwing van 1646 is naar de mening van de Commissie terug te vinden in de carte blanche die zijn kunstenaars geeft. De organisatie creëert een plek waar kunstenaars nieuw werk ontwikkelen, waarmee zij op bewuste wijze risico neemt; het is niet op voorhand te zeggen wat de uitkomst is.
De kunstenaar die de organisatie programmeert, opereren in de frontlinie van het culturele veld en zo worden zij gestimuleerd stappen te zetten. 1646 zoekt volgens de Commissie ook voortdurend naar nieuwe samenwerkingspartners om de projecten substantieel te ontwikkelen en nieuw publiek te bereiken." Omdat een kritische noot op dit vlak in het advies ontbreekt, zouden wij graag horen waar dit cijfer uit voort is gekomen zodat wij dit mee kunnen nemen in de verdere ontwikkeling van onze plannen. Met vriendelijke groet, Rianne Zijderveld
Boekhorststraat 125 2512 CN The Hague (NL) +31(0)70 212 58 60 NOW: In Tall Buildings, Bob Demper Website / Instagram / Facebook
Advies Kunstenplan 2025-2028 Feitelijke onjuistheden Stichting Aight Stichting Aight is verheugd om het feit dat de commissie een positief advies heeft gegeven voor het Kunstenplan 2025-2028. Met deze toekenning kan Stichting Aight werken met de veelal jonge hiphop-gemeenschap en zo bijdragen aan een cultureel dynamische en inclusieve stad. De toekenning is een bevestiging van vertrouwen en motiveert ons door te gaan met het verrijken van het culturele landschap van Den Haag. Het advies bevat enkele feitelijke onjuistheden waar wij de Gemeente Den Haag bewust van willen maken tijdens de vergewisperiode. Deze onjuistheden zijn reeds publiekelijk gedeeld en wij menen daardoor enige reputatieschade op te lopen.
Feitelijke onjuistheden 1. “Echter, bij het werken met community leaders plaatst de Commissie een kritische kanttekening. Zij vraagt zich af hoe bekend deze personen bij de doelgroepen zijn. Het lijken vooral mensen uit het eigen breakdancenetwerk” Het is feitelijk onjuist dat community leaders vooral afkomstig zijn uit het eigen breakdance netwerk. Dat geldt inderdaad voor Bonne von Brucken Fock en Pauline Nettesheim, maar niet voor de andere drie. Alee Rock; Alee Rock staat bekend als grondlegger van de Rotterdamse hiphop scene. Als MC van hiphopgroep D.C.O. maakte hij furore om in zijn latere jaren in een coachingsrol het beste uit rapper Winston Bergwijn (Winne) te halen. Marilva Vismale; De Haagse Marilva heeft haar dansopleiding genoten aan het Creative College in Utrecht en heeft sindsdien bij hiphop organisaties Kulture of Hype & Hope, Summer Dance Forever, Beat The Enemy en Moves! Warehouse haar ervaring opgedaan als House en Hiphop danser en als coach. Amberley Bernabela; Vrouwelijke rapper met inheemse roots die met haar creative soultribe Connect the Dots Movement zorgt voor community building voor artiesten en andere creatieve geesten. 2. “De Commissie vraagt zich af of de weinig gespecificeerde begroting realistisch is”. De begroting is aantoonbaar niet weinig gespecificeerd.
Hier is immers het voorgeschreven format van de Gemeente Den Haag gevolgd met de daarbij behorende uitleg. Bovendien is er een uitgebreide toelichting op de begroting gegeven. 3. “Ook de huisvesting zorgt voor onzekerheid, aangezien er een verdubbeling van de huur is aangekondigd”. De verdubbeling van de huur heeft reeds begin 2022 plaatsgevonden en is mede oorzaak dat Stichting Aight een negatief eigen vermogen heeft opgebouwd. Het is feitelijk onjuist dat er opnieuw een verdubbeling van huurlasten aankomt.
4. “Al ontbreekt volgens haar de reflectie op wat de samenwerking met bijvoorbeeld Korzo heeft opgeleverd.” Het is onjuist dat de desbetreffende reflectie niet is opgenomen De reflectie staat weliswaar niet in één alinea benoemd, maar wordt op meerdere plekken in het plan benoemd. Zie bijvoorbeeld de Heavy Hitters op Cadance, winst van de Haagse Piket Kunstprijs en het doorpakken van de samenwerking met het ondersteunen van vier makers uit de Haagse Hiphopscene. Allemaal concrete voorbeelden van de opbrengst van de samenwerking met theater Korzo die wij in onze aanvraag noemen. Wij danken u voor de gelegenheid de feitelijke onjuistheden onder uw aandacht te brengen. Wij hopen dat wij u op deze manier helpen bij uw vergewisproces en wij kijken uit naar uw reactie op het advies. Met vriendelijke groet, Mede namens het bestuur, Ton Steenvoorden Artistiek directeur
Leonie Gerrits Zakelijk directeur
Geachte mevrouw Leroy, beste Marleen, Hierbij maken wij graag gebruik van de gelegenheid om een tweetal onjuistheden in het Advies Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028 over Amare recht te zetten. Daarnaast zijn wij benieuwd naar wat de commissie met een aantal aanbevelingen en suggesties precies bedoeld. We zijn er ons ervan bewust dat wij geen verduidelijkende reactie kunnen verwachten maar geven graag aan dat dit wel zou helpen om ze beter ter harte te kunnen nemen. 1. Passage in het advies: Graag had de Commissie een toelichting gelezen op de taakverdeling binnen de raad van toezicht. In het licht van risicobeheersing en de omvang van de organisatie vindt de Commissie het verder opvallend dat er geen auditcommissie is. Feitelijke onjuistheid: De commissie doet de aanname dat er geen auditcommissie aanwezig is bij Amare. Wij hechten eraan te melden dat deze er wel is, bestaande uit twee leden van de Raad van Toezicht. In Hoofdstuk 2.6 p.13 en hoofdstuk 3.9 p.22 van het beleidsplan gaan wij in op de samenstelling van de Raad van Toezicht. Daarin wordt niet expliciet de auditcommissie genoemd, maar wel de borging van aandachtsgebieden, portefeuilles en de verantwoordelijkheid die de Raad van Toezicht neemt: Stichting Amare heeft in de periode 2021- 2024 gehandeld volgens de Code Cultural Governance.
De afgelopen jaren is de samenstelling van de Raad van Toezicht een aantal keer gewijzigd. Voor deze vacatures is geworven door een extern bureau met aandacht voor het borgen van verschillende perspectieven en expertises. De Raad van Toezicht is zich ten tijde van de uitdagende periode van de verhuizing naar Amare bewust geweest van hun kritische, toezichthoudende rol ten aanzien van zorgvuldige besteding van publieke middelen, het borgen van de continuïteit van de organisatie en het beheersen van risico’s. 2. Passage in het advies: Wel plaatst de Commissie een kanttekening bij het feit dat de programmering meer gericht is op landelijke dan op Haagse makers. Feitelijke onjuistheid: Deze stelling is niet juist, de programmering van Amare is niet meer gericht op landelijke dan op Haagse makers. De Haagse makers die werk maken dat passend is bij de omvang van de podia en de openbare ruimte in Amare hebben een plek in de programmering. Op p.17 en p.18 van het beleidsplan gaan wij in op de rol van Amare binnen het Haagse ecosysteem, de verantwoordelijkheid die Amare neemt door Haagse makers een podium te bieden en de samenwerking die Amare opzoekt met een toenemend aantal Haagse instellingen. 3.
Tot slot hierbij de aanbevelingen en suggesties van de commissie die wij graag verduidelijkt zouden zien: *Wel is zij van mening dat een grote instelling als Amare een verantwoordelijkheid heeft om niches binnen het cultuuraanbod een podium te bieden en vindt dat hier weinig aandacht voor is in de aanvraag. Een niche is een breed begrip, op welke niches doelt de adviescommissie?
*De commissie vindt dat het goed zou zijn om te bekijken hoe de repetitiezaal beter benut kan worden, waardoor de beschikbaarheid van de grote zaal voor zakelijke verhuur toeneemt. Wat bedoelt de commissie hiermee? *De commissie vraagt zich waarom wordt samengewerkt met internationale partners om Amare te ontwikkelen tot third place en geeft aan dat de Centrale Bibliotheek een betere partner zou kunnen zijn. Waarom zou een keuze hierin nodig zijn als zowel internationale als lokale samenwerking bijdraagt aan deze innovatieve ontwikkeling? *De Commissie plaatst vraagtekens bij de toegevoegde waarde van een eigen educatieprogramma naast het grootschalige en veelomvattende aanbod van de vaste bewoners Residentie Orkest Den Haag, Nederlands Dans Theater en het Koninklijk Conservatorium, maar is enthousiast over de talentontwikkeling-ladder. De instellingen binnen Amare geven samen invulling aan alle treden van de ladder. Zo dragen we bij aan de creatieve vermogens van alle betrokkenen, van jong tot oud, én aan het publiek en de kunstenaars van de toekomst. De kracht van Stichting Amare ligt in de kennismaking (ontdekken) en participatie (ontwikkelen). Juist de onderlinge afstemming tussen de partners in Amare en aanvulling van het aanbod op elkaar maakt het educatieprogramma van Amare van grote toegevoegde waarde.
Wij stellen het zeer op prijs dat we in de gelegenheid zijn gesteld om deze reactie te sturen en zien met belangstelling het vervolg van het proces tegemoet. Met vriendelijke groet, Leontien Wiering Algemeen directeur Amare
Den Haag, 25 juni 2024 Betreft: feitelijke onjuistheid in het advies over Another Kind of Blue Beste, Graag maak ik gebruik om te reageren op het advies over de aanvraag van Another Kind of Blue en wijs u op de volgende feitelijke onjuistheid in dit advies: Uit het advies: ‘De zakelijke bedrijfsvoering van AKoB roept een aantal vragen op. De begroting is helder, passend en laat een solide inkomstenbasis uit haar landelijke tournees zien. Maar daarnaast leunt de begroting naar het oordeel van de Commissie nog steeds zwaar op subsidies. De financieringsmix oogt daardoor fragiel. De Commissie is van mening dat er voor AKOB veel meer commerciële kansen liggen die de organisatie nu niet benut. Vanwege de technologische insteek van AKoB en de samenwerking met de wetenschap zou de organisatie volgens de Commissie namelijk een beroep kunnen doen op bijdragen van technologische partners en private fondsen’ De adviescommissie spreekt van een ‘fragiele financieringsmix’. Dit klopt niet met de werkelijkheid. AKOB slaagt er al jaren lang in om naast de structurele subsidies van FPK en Den Haag een flink deel van haar exploitatie te dekken met de inkomsten uit eigen voorstellingen, coproducties en werving van private fondsen. De verhouding van de eigen inkomsten t.o.v de structurele subsidies loopt van 70% ( 20252028) tot 118% ( realisatie 2023).
Onderstaand staatje illustreert dit helder: 2025-2028
2023
2024
Subsidie Den Haag Subsidie FPK
100.000 370.000
22.002 340.657
23.569 320.000
Totaal structureel
470.000
362.659
343.569
Eigen inkomsten Incidentele subsidies
297.500 30.000
347.687 83.346
236.500 20.000
Totaal eig.inkomst +inc. subs.
327.500
431.033
256.500
70%
118%
74%
Aandeel Eigen inkomsten
In deze cijfers zijn niet onze inkomsten ‘in kind’ meegenomen. AKoB werkt al geruime tijd samen met het tech bedrijf Sioux in Eindhoven. Met hen ontwikkelden wij o.a. onze choreografieën met de drones. Sioux verricht deze werkzaamheden om niet maar als zij hier een rekening voor hadden gestuurd gaat dat al snel om bedragen van € 350.000,- per jaar. Wij hebben hier 1 keer melding van gemaakt in ons bestuursverslag maar vinden het flauw om dit jaarlijks te herhalen. De werkelijkheid is echter dat deze bijdrage ‘ in kind’ wel jaarlijks door Sioux wordt geleverd en daar zijn wij heel blij mee.
Ook in onze aanvraag wordt helder uitgelegd hoe de brede financieringsmix eruitziet: AKOB is er de afgelopen jaren in geslaagd om met goed ondernemerschap de bedrijfsrisico’s (hoge investeringslasten, klein eigen vermogen) binnen de perken te houden. Dit doen wij door naast de meerjarige subsidie-inkomsten van het Fonds Podiumkunsten en de gemeente Den Haag een financieringsmix te hanteren. Naast de uitkoopsommen van de voorstellingen worden actief fondsen geworven voor specifieke projecten, o.a.: 'AI-Man' (Stimuleringsfonds Culturele Industrie), het VR-project van 'Digital Twin' en de documentaire daarover (Cultuurloket DigitAll), coproducties (o.a. met Korzo en SALLY Dansgezelschap Maastricht) en sponsoren (o.a. Sioux Technologies, Optitrack en Luchtzinnig). Ook onderzoeken we de mogelijkheden om op nieuwe technologische terreinen inkomsten te genereren, zoals door het op de markt brengen van digitale dansproducten, zoals VR-producties, NFT’s en dansanimaties via diverse digitale platforms (o.a. SteamStore, Unreal Engine). Ook de inkomsten uit onze presentaties en opdrachten door het jaar heen in binnen- (o.a. TNO, ARAG en Innovation Quarter) en buitenland (o.a. World Expo Dubai en HSBC in Mumbai) dragen bij aan een gezonde bedrijfsvoering van AKOB. Uiteindelijk hebben we ook in deze periode een klein eigen vermogen voor de stichting weten te realiseren.
Uit: Aanvraag Another Kind of Blue: pag 7 : 2.2.2. Financiering, financieringsmix, cultureel ondernemerschap Ik hoop hiermee duidelijk te hebben gemaakt dat de financieringsmix van AKOB allesbehalve fragiel is en dat wij met groot succes samen met onze partners jaarlijks een gezonde exploitatie weten te realiseren. Ik verzoek U om dit onderdeel van het advies aan te passen en daar ook de juiste puntentelling op toe te passen. Met vriendelijke groet, Hans Brouwer Zakelijk leider
Aan het College van Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Den Haag Postbus 12652 2500 DP Den Haag
Datum: 25-06-2024 Betreft: Reactie op Advies Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028
Geacht college, U geeft instellingen de mogelijkheid een reactie te geven op het Advies Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028 ten behoeve van uw vergewisplicht. Daarvan maakt het Ciconia Consort graag gebruik. We zijn zeer verheugd over het advies om aan Ciconia Consort een meerjarige subsidie toe te kennen. We beschouwen het als een erkenning voor onze professionaliteit, ons harde werken en voor de waardering die we vanuit onze bezoekers en vanuit alle andere stakeholders krijgen. In de beoordeling staan echter ook feitelijke onjuistheden. Wij beperken ons in deze brief tot de feitelijke onjuistheden die ertoe hebben geleid Ciconia Consort te korten op het aangevraagde subsidiebedrag en het subsidiebedrag gelijk te stellen aan het niveau van 2024. Omdat de argumentatie en redenering van de adviescommissie zijn gebaseerd op onjuiste feiten, kunnen zij logischerwijs niet tot de conclusie leiden om te komen tot een korting van het aangevraagde subsidiebedrag. Het betreffende citaat in het advies: “De Commissie adviseert niet het volledige aangevraagde bedrag toe te kennen. Zij is kritisch over het argument dat Ciconia Consort gebruikt dat de organisatie meer subsidie moet krijgen van de gemeente omdat het ensemble meer gaat spelen en de extra speelbeurten (bij het Fonds Podiumkunsten) ten gunste van Den Haag komen.”
Dat de totale begroting hoger is door een groter aantal speelbeurten klopt weliswaar, maar de stelling dat Ciconia Consort bij de gemeente Den Haag een hoger bedrag aanvraagt omdat het ensemble meer gaat spelen, is onjuist. Ciconia Consort heeft dit nimmer expliciet of impliciet gesteld. Reden van het hoger aangevraagde bedrag is de omarming van de CAO NAPK. Ciconia Consort geeft in de subsidieaanvraag de volgende toelichting op de meerjarenbegroting: 1. “De grootste stijging in de kosten is te verklaren door hogere personeelslasten ten gevolge van omarming van de CAO NAPK. De stijging van materiële lasten is beperkt.” [P.29, alinea 1] 2. “Aan de gemeente Den Haag wordt via de subsidieregeling MJB Kunst en Cultuur 2025-2028 een subsidiebedrag gevraagd van €146.000 per jaar. Gezien de toegenomen personeelslasten en materiële lasten is deze verhoging noodzakelijk.” [P.29, laatste alinea A.22] 3. “Twee derde deel van de lasten van Ciconia bestaat uit personeelslasten.” [P.20, onderaan] 4. “De omarming van de CAO zorgt, met het invoeren van werkgeverslasten en pensioenpremie, een hoger uurloon, het hogere activiteiten niveau en het vergoeden van forfaitaire uren en reisuren tot een ruime verdubbeling van de personeelslasten.” [P.31, alinea 2]
Uit bovenstaande blijkt dat de commissie door gelijkstelling van het subsidiebedrag aan 2024 geheel voorbij gaat aan de belangrijkste oorzaak van de hogere begroting, te weten het omarmen van de CAO Nederlandse Ensembles NAPK 2022, hetgeen de commissie als positief beoordeelt: “De Commissie vindt het goed dat de organisatie de Cao voor de NAPK muziekensembles wil gaan toepassen.”
Bij een gelijkblijvend aantal speelbeurten op het niveau van 2024, stijgen de personeelslasten, enkel vanwege het (door de adviescommissie toegejuichte) omarmen van de CAO, met 168.720 euro. Van deze kostentoename wordt slechts 30.665 euro méér subsidie aangevraagd bij de gemeente Den Haag. Op geen enkele plek in de aanvraag wordt door Ciconia gesteld dat het verhogen van het aantal speelbeurten voor rekening zou komen van gemeente Den Haag. Integendeel! In onze subsidieaanvraag is aangegeven dat verhoging van het aantal speelbeurten geheel wordt bekostigd uit het hogere aangevraagde subsidiebedrag bij Fonds Podiumkunsten. Samenvattend: De conclusie van de adviescommissie is gebaseerd op de onjuiste aanname dat Ciconia Consort bij de gemeente Den Haag een hoger bedrag aanvraagt omdat het ensemble meer gaat spelen. Dit is in de aanvraag nergens gesteld en kan hierin ook niet worden gelezen. Ciconia heeft een hoger bedrag aangevraagd om zich te kunnen aansluiten bij de CAO NAPK, hetgeen de adviescommissie toejuicht. We hopen van harte dat deze feitelijke onjuistheden gecorrigeerd kunnen worden en zullen leiden tot heroverweging van de conclusie. Ten slotte verheugen wij ons erop weer vier jaar lang mooie activiteiten voor de stad Den Haag te mogen uitvoeren! Hoogachtend en met vriendelijke groet,
Marieke Bolle Voorzitter Stichting Ciconia Consort
Ellen Vergunst Zakelijk leider
Feitelijke onjuistheden aangegeven door de SGPHM in reactie op het advies van de commissie Kunst en Cultuur 2025-2028
Tekst: Sandra Bal, Hoofd Projectenbureau Haagse Musea, museoloog/erfgoedspecialist Den Haag, 26 juni 2024 Reactie op onjuistheden in het advies van de Kunstenplan commissie: Al 20 jaar wordt door het Projectenbureau Haagse Musea in samenwerking met de deelnemende musea een samenstelling gemaakt voor de menu’s. Dit vraagt van het projectenbureau inzicht/overzicht en een visie op de te behalen doelen en dit wordt afgestemd met de musea. Het belangrijkste doel is leerlingen op niveau maar ook laagdrempelig kennis te laten maken met cultureel erfgoed, naar aanleiding van kerndoel 56 ‘De leerlingen verwerven enige kennis over en krijgen waardering voor aspecten van cultureel erfgoed’. Dit is een belangrijk kerndoel voor alle PO scholen. Onze stichting zorgt ervoor dat de lessen inhoudelijk aansluiten op de wensen van de scholen. Wij streven niet naar hogere aantallen leerlingen ten behoeve van de musea, maar het doel is om zoveel mogelijk leerlingen kennis te laten maken met het culturele erfgoed van Den Haag en de regio. Door de menu’s inhoudelijk op de juiste manier samen te stellen wordt dit doel al 20 jaar gehaald. Bij de musea werken de educatieve- vakspecialisten die de lessen samenstellen. Het is niet de bedoeling (dat gebeurt ook niet bij CultuurSchakel) dat de SGPHM het samenstellen van de lessen per museum zelf gaat doen.
Wel worden alle nieuwe lessen gezien en beoordeeld door de medewerkers van het Projectenbureau Haagse Musea. De lessen worden namelijk ontwikkeld door de musea volgens de overeenkomst die de stichting met ieder museum heeft. Daar worden inhoudelijke eisen gesteld waar de musea zich aan dienen te houden. Het zijn unieke lessen die speciaal voor het Cultuurmenu worden samengesteld. ‘De samenhang’ tussen de lessen per menu wordt afgestemd met het projectenbureau, op educatieve inhoud en artistieke kwaliteiten. Op dit bureau is inhoudelijke en educatieve en artistieke kennis aanwezig omdat daar specialisten op dit gebied werken met als achtergrond museologie/erfgoedspecialisatie Reinwardt Academie en lerarenopleiding handenarbeid en fotografie, museumdocent. Het artistieke proces komt in eerste instantie van de vakspecialisten van alle musea, maar omdat het geheel gecoördineerd moet worden binnen de menu’s door het projectenbureau is daar vervolgens de overkoepelend artistieke visie. CultuurSchakel biedt ook museumlessen aan. Zij maken ook niet zelf museumlessen en hebben geen invloed op de artistieke inhouden, maar krijgen hiervoor wel subsidie. 1
Er is wat ons betreft al jarenlang sprake van oneerlijke concurrentie. Onze stichting bestaat al veel langer en houdt nog steeds stand doordat er zoveel vakmensen deelnemen met hun artistieke visie en specialisatie op het gebied van educatie. Aanvankelijk heeft zelfs de Gemeente Den Haag ons werk als voorbeeld genomen om CultuurSchakel vorm te geven. De vormgeving van de lessen, de methodiek wordt in ons aanvraagplan beschreven. In alle lessen sluiten we aan op kerndoel 56, bij de 21 century skills, iedere les is volgens een bepaald format samengesteld, dat staat ook omschreven in het plan: er is in iedere les een moment van ontvangst/introductie, zelf een (creatieve) opdracht doen en een reflectiemoment. Daarnaast zijn er online lesmaterialen voor de scholen. Scholen geven zeer goede reacties, de evaluaties zijn al jaren positief (elk jaar geven we een evaluatierapport uit). Ze vinden dat het zeer betekenisvol is voor hun leerlingen, niet voor niets doen er al 20 jaar zoveel scholen en hun leerlingen mee. Als het niet betekenisvol zou zijn zouden scholen al lang zijn afgehaakt. Er staat ook in het ingediende plan dat alle vakkrachten, de museumdocenten opgeleid zijn om aan alle kinderen ongeacht hun achtergrond les kunnen geven. We hebben voldoende informatie gegeven over onze aanpak op het gebied van diversiteit en inclusie, zie o.a.
de omschrijving over de achtergrond van de museumleraren, daarnaast doen er structureel 31 scholen uit aandachtwijken met het Cultuurmenu mee en heeft 60% van de leerlingen uit Den Haag een diverse culturele achtergrond. Totaal doen er 25.000 leerlingen mee ongeacht hun achtergrond. Iedereen is welkom. Het projectenbureau, de educatieve vakspecialisten die er werken beoordelen honderden evaluaties van scholen en bezoeken zelf de lessen van de diverse musea om ervoor te zorgen dat het niveau van de lessen hoog blijft. En omdat het niveau hoog is blijven de scholen meedoen. In het plan staat een duidelijke omschrijving hoe de Haagse Museumtent is ontwikkeld. Het belangrijkste doel is hier om mensen (senioren en leerlingen) te bereiken die zelf niet makkelijk naar een museum kunnen komen. De zeer succesvolle pilot (daar wordt in de aanvraag ook over geschreven) had een heel positieve uitkomst. Een artistieke visie is hier weliswaar een onderdeel van, maar belangrijker is het doel en hoe dit wordt bereikt. De tent is op artistieke wijze door medewerkers van het projectenbureau bedacht en vormgegeven, ook de koffers, de bijbehorende film en het soort presentatie en les zijn onderdeel van een artistieke visie, waar ook een vormgever bij betrokken is. Maar in eerste instantie is het ‘artistiek zijn’ niet wat wij primair beogen als stichting.
Om ons daarop te beoordelen klopt daarom ook niet, dat is te halen uit onze visie, missie en doelen. Onze doelen zijn vooral gericht op het bereiken van onze doelgroepen op een inhoudelijke betekenisvolle manier.
2
De deelnemende musea hebben vanaf dag 1 (20 jaar geleden) aangegeven onvoldoende budget te hebben voor educatie waardoor ze niet zelf in staat zijn om voldoende scholieren binnen te halen. Dit was altijd wel een eis van de Gemeente Den Haag. De musea investeren per les 5000 euro (dat kost het maken van een les) en zorgen voor openstelling van het gebouw, personeel e.d. Het is niet zinvol de musea meer te laten betalen omdat ze al jaren aangeven dit niet te kunnen doen. Er doen zowel gemeentelijke, als rijks als private musea mee. Governance Code Cultuur De commissie vindt het niet juist dat twee leden al geruime tijd in het bestuur zitten. De code schrijft inderdaad voor dat het maximum acht jaar is voor bestuursleden. Maar er kan best een discussie worden gevoerd of het wenselijk is om onverkort vast te houden aan deze voorwaarde voor kleine instellingen. Immers hebben de lang zittende bestuursleden de benodigde ervaring. En veelal is het zo dat het heel moeilijk is om nieuwe bestuursleden te vinden die bereid zijn om vrijwillig tijd hieraan te besteden. Dit vraagstuk is anders als er een honorering van enige omvang gekoppeld is aan het lidmaatschap. Musea uit Den Haag en de regio krijgen door ons werk 25.000 leerlingen op bezoek. Iets om trots op te zijn! Hartelijk dank voor uw aandacht.
Namens het bestuur van SGPHM Met vriendelijke groet, Sandra Bal Hoofd Projectenbureau Haagse Musea Projectleider Cultuurmenu PO en VO en de Haagse Museumtent Bereikbaar: ma, di, woe en do ochtend www.cultuurmenu.nl Projectenbureau Haagse Musea Postbus 30313 2500 GH Den Haag Tel. 0703381458
3
Prinsegracht 27, 2512 EW Den Haag info@cultuurschakel.nl www.cultuurschakel.nl KvK 57951721
Gemeente Den Haag t.a.v. mevrouw S. Bruines
Per mail Cc
saskia.bruines@denhaag.nl, secretariaatbruines@denhaag.nl renske.gasper@denhaag.nl, laura.cornelisse@denhaag.nl
Datum Kenmerk Betreft
20 juni 2024 87/MC-eh reactie CultuurSchakel advies MJB
Geachte mevrouw Bruines, Vrijdag 7 juni hebben wij kennisgenomen van het advies over CultuurSchakel van de adviescommissie MJB. We hebben dit advies met belangstelling gelezen. Hoewel de commissie enkele interessante punten aandraagt blijkt ook uit het advies dat het beoordelen van CultuurSchakel als systeeminstelling niet past in de gehanteerde systematiek. Dat was helaas al te verwachten. In 2022 gaf adviesbureau AEF al aan dat het voor een systeeminstelling niet passend is om te worden beoordeeld door een adviescommissie. Er ligt nu een advies waar CultuurSchakel zich op belangrijke punten niet in herkent en dat op meerdere punten indruist tegen de afspraken die CultuurSchakel als systeeminstelling met de gemeente heeft gemaakt. Een advies dat blijk geeft van verwarring over de opdracht van CultuurSchakel en de rol van de gemeente en dat schadelijk is voor de reputatie van onze organisatie. Wij verzoeken daarom om CultuurSchakel uit deze procedure terug te trekken, zodat het veld niet in verwarring raakt van dit advies, en wij de samenwerking en afstemming strategisch met elkaar kunnen blijven afstemmen. Achtergrond In het kader van de subsidieverlening voor de periode 2021-2024 heeft het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Den Haag gevraagd een onderzoek in te stellen naar de rol van de systeeminstellingen in de culturele sector.
Deze onderzoeksvraag vloeide voort uit het advies van de Adviescommissie Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2021-2024, en de daaropvolgende reactie van het college. De adviescommissie beval aan dat gemeente en instellingen het takenpakket van de instellingen zouden herdefiniëren en tot een duidelijker onderlinge relatie tussen gemeente en instellingen zouden komen. Bij een herijking zou volgens de Adviescommissie ook de vraag moeten worden gesteld of de systeeminstellingen binnen het kader van het Meerjarenbeleidsplan moeten worden beoordeeld. Daarop is Andersson Elffers Felix (AEF) door de gemeente Den Haag gevraagd een onderzoek uit te voeren en de vragen van het college te beantwoorden. Het onderzoek heeft geleid tot heldere kadering van de (omvang van de) taken van de instellingen en inzicht gegeven in een passend financieringsstelsel. Ten aanzien van de beoordeling staat in het rapport het volgende geschreven (p.42): ‘Voor CultuurSchakel is het passend als de gemeente de instelling zelf beoordeelt. Het geheel aan taken dat CultuurSchakel uitvoert kan worden beschouwd als systeemtaken. Aangezien is gebleken dat de gemeente deze taken als essentieel en structureel ziet, zou het niet logisch zijn als de Adviescommissie oordeelt over de kwaliteit en waarde hiervan.
Er ontstaat dan meer ruimte om het gesprek met de gemeente te voeren over de meerjarige beleidsplannen en keuzes die CultuurSchakel wil en moet maken, in relatie tot de beleidskeuzes en visie van de gemeente ten aanzien van de sector. 1 van 3
CultuurSchakel en de gemeente kunnen dan (nog) meer samen optrekken als strategische partners. Indien de gemeente ervoor kiest om CultuurSchakel zelf te beoordelen, kan zij er nog steeds voor kiezen dit ofwel via een geoormerkt budget te doen (voorbeeld cluster cultuureducatie Amsterdam) dan wel via een begrotingssubsidie (voorbeelden Utrecht en Rotterdam). In alle drie de andere G4-steden worden instellingen met vergelijkbare (systeem)taken als CultuurSchakel ook door de gemeente beoordeeld (en gefinancierd). Hierdoor lijkt het een begrijpelijke keuze om CultuurSchakel niet meer door de Adviescommissie van het MJB te laten beoordelen. Tevens biedt het de kans om met collega-gemeenten in gesprek te gaan over de kansen, risico’s en praktische uitwerking van een dergelijke keuze.’ Desondanks, ook na meerdere bezwaren onzerzijds, heeft de gemeente er deze beleidsperiode toch voor gekozen om CultuurSchakel door de adviescommissie te laten beoordelen. CultuurSchakel ervaart het als teleurstellend dat de gemeente deze keuze heeft gemaakt, en nu het rapport er ligt dienen zich dan ook heikele kwesties aan. Terwijl CultuurSchakel continue in goed overleg met de gemeente het gesprek voert over plannen en keuzes, geeft de commissie in haar advies aan andere keuzes, prioriteiten of focus te verlangen.
Niet alleen lijkt de commissie onvoldoende op de hoogte van onze afspraken en de taken die zijn vastgelegd in het AEF rapport of in latere nota’s of beschikkingen, ook lijkt zij onvoldoende op de hoogte van de context van de keuzes die gemaakt zijn. Dit heeft geleid tot een advies van de huidige commissie, waarin gevraagd wordt om heroverweging van keuzes die gezamenlijk of in opdracht van de gemeente zijn gemaakt, zoals het stoppen met de Cultuuracademie, of het al dan niet voortzetten van het werk in het MBO. Ook lijkt de commissie niet helemaal scherp te hebben dat onze opdracht als systeeminstelling anders is dan producerende instellingen. Dit blijkt uit de beoordeling op artistieke kwaliteit, vragen naar namen van makers, en kritiek op het feit dat we geen eigen inkomsten hebben. Daarnaast worden in het advies ook voor CultuurSchakel ronduit schadelijke en onjuiste stellingen ingenomen, zoals de suggestie dat CultuurSchakel haar bedrijfsvoering niet op orde zou hebben. Dit is des te schrijnender omdat CultuurSchakel zich afgelopen beleidsperiode diverse malen tot de gemeente heeft gewend om de ingewikkelde financiering en gebrek aan trend voor CultuurSchakel op te lossen en kloppende beschikkingen en vaststellingen van de gemeente te krijgen.
Ook maant de commissie CultuurSchakel tot meer proactiviteit ten aanzien van de Cultuurankers, terwijl wij afgelopen jaren zeer proactief hebben gewerkt om deze samenwerking te verbeteren. Daarnaast heeft de gemeente afgelopen jaar gesprekken met ons en de ankers gevoerd, wat leidt tot een intentieverklaring die wij binnen enkele weken gaan ondertekenen. Vervolg We gaan ervan uit dat de gemeente vanwege haar vergewisplicht een groot aantal zaken uit het advies niet zal overnemen. Maar helaas blijft het dan zo dat er een openbaar advies ligt, dat schadelijk is voor de reputatie van CultuurSchakel en binnen de sector vragen oproept over de keuzes die zijn gemaakt. Daarnaast loopt CultuurSchakel met dit rapport het risico dat de raad bij het vaststellen van de begrotingssubsidie twijfels zal hebben. Wij verzoeken de gemeente dan ook terug te komen op haar besluit om de adviescommissie te laten oordelen over de plannen van de systeeminstellingen, en CultuurSchakel (en eventueel ook de andere systeeminstellingen) uit deze procedure te halen. Met als motivatie dat is gebleken dat advisering voor deze instellingen op deze manier niet passend is gebleken. Als mede-systeeminstelling (h)erkennen ook Stroom en Popradar het feit dat de systematiek van beoordeling en monitoring van de systeeminstellingen op een meer passende wijze dient te worden ingericht.
Daarover treden wij graag in gezamenlijkheid met de gemeente in gesprek. Voor de goede orde: we onderkennen de behoefte van de gemeente om onze plannen onafhankelijk te laten beoordelen. Echter: het is dan van groot belang dat de gehele context van afspraken en afwegingen 2 van 3
door de beoordelaars wordt meegewogen. Een visitatie of intervisie met andere systeeminstellingen is daarbij veel beter passend. We citeren hierbij graag nogmaals het AEF rapport (p.44): ‘Benut een nieuwe uitgangspositie als basis voor een meer strategische samenwerkingsrelatie Wanneer de systeemtaken van de instellingen niet langer binnen het MJB worden beoordeeld, en er duidelijkheid bestaat over het structureel en essentieel karakter van taken, ontstaat een nieuwe uitgangspositie voor de samenwerking van gemeente en instellingen. In de samenwerkingsrelatie zal minder aandacht hoeven uit te gaan naar het passend krijgen van het takenpakket binnen het beschikbare budget. Op basis van langjarige afspraken kunnen gemeente en instellingen een strategischere samenwerkingsrelatie aangaan, die primair is gericht op verdere ontwikkeling en versterking van de sector. Het blijft daarbij van belang dat de gemeente en instellingen heldere afspraken maken over de uit te voeren taken binnen de kaders van de middelen. Naar verwachting zullen die afspraken dan ook meer op het niveau van taken en doelstelling, en (nog) minder op het niveau van activiteiten gemaakt kunnen worden.’ Vanwege de vergewisplicht hebben wij onze accounthouders een brief gestuurd waarin wij per onderwerp inhoudelijk ingaan op het advies.
Hopende op een snelle reactie, Met vriendelijke groet, Marijn Cornelis Directeur-bestuurder
3 van 3
Feitelijke onjuistheden mbt afwijzing Stichting De Mix:
Artistiek-inhoudelijk beleid De commissie is voorbijgegaan aan de 3 belangrijkste onderdelen van de aanvraag, 3 onderdelen die wel wel degelijk duidelijk zijn omschreven en genoemd worden en waarvoor het grootste deel van de financiën werd aangevraagd. 1. TheaterCafé De Mix voor senioren. Dit betreft jaarlijks een serie van minimaal 30 middagen waarbij talentvolle, professionele groepen/artiesten optreden, voorafgegaan door innovatieve korte workshops die steeds een raakvlak hebben met het betreffende concert/voorstelling 2. De concerten/voorstellingen voor volwassenen onder de nieuwe artistieke leiding van Berber Heerema en Kellen Mac Daniel en Trijntje Noske (de dochter van de penningmeester van St. De Mix, Yvette Olof) 3. De jongerenprodukties olv Andrea Noske (het nichtje van de eigenaars van het Zeeheldentheater) en olv Freya Ligtenberg Artistiek-inhoudelijk beleid 1. ‘geen artistiek-inhoudelijke lijn’.
De inhoudelijk artistieke lijn van De Mix komt overeen met de doelstellingen in de statuten en betreft het maken van laagdrempelige produkties met en voor kinderen en jongeren, senioren met belangrijke thema’s als: pesten, WO2, Vrijheid, vrouwenrechten en slavernij. Via kunst sociaal/maatschappelijke thema’s met wereldproblematiek aan de orde stellen (zie onderstaande statuten) Doelstelling Stichting De Mix Wereldmuziektheater. a. Het organiseren van een professioneel, sfeervol podium in het Zeeheldentheater te ’s-Gravenhage waar wereldculturen elkaar ontmoeten in muziek en dans (concerten, voorstellingen en festivals). b. Een podium waar multiculturele experimenten en cross-overs zich kunnen presenteren, zich verder kunnen ontwikkelen opdat acceptatie voor,- en professionalisering van cultuuruitingen van de verschillende bevolkingsgroepen een kans krijgen zich te presenteren. Ook wordt hiermee een kans geboden aan jong en/of onbekend talent. c. Het presenteren van wereldmuziek (volksmuziek) in nieuwe vormen waarin verschillende stijlen fuseren en/of instrumentaties grenzen laten vervagen. Deze fusies kunnen plaatsvinden binnen de cultuur zelf maar ook tussen verschillende culturen. d. Het betrekken van een groot publiek bij de concerten, voorstellingen en festivals, zowel in leeftijd als qua achtergrond.
Dit kan in algemene of meer specifieke concerten, voorstellingen en festivals gebeuren. Ook qua publieksbereik beoogt de Mix een weerspiegeling van onze multiculturele samenleving te bevorderen.
Samenvatting a. Het organiseren van een professioneel podium in het Zeeheldentheater, waar wereldculturen elkaar ontmoeten middels diverse theatervormen en kunst/cultuurdisciplines; het organiseren van (multi)culturele projecten waar verschillende bevolkingsgroepen een kans krijgen zich te presenteren en te ontwikkelen; kans bieden aan jong en/of onbekend talent; het betrekken van een breed publiek zowel in leeftijd als qua achtergrond.
2. ‘die kunstvormen en activiteiten versterken elkaar volgens de Commissie niet’ Dit klopt niet want we hebben altijd maatschappelijke thema’s waarmee wij deelnemers en publiek bewust maken van wereldproblematiek zoals: milieu oorlogen en slavernij. 3. ‘mist vakdeskundigheid in het creëren van kunst’ Dit klopt niet want: regisseur Freya Ligtenberg heeft haar sporen ruimschoots verdient in het maken van kunst (zie haar CV). Ook Andrea Noske (cum laude afgestudeerd aan de Paul van Vliet-Academie) is begaan met kunst en werkt al jaren met kinderen. Sandra Bal, Yvette Olof en Jan Erik Noske (de echtgenoot van Yvette Olof, de penningmeester van Stichting De Mix) zijn allen hoger opgeleid in de kunst en hebben jarenlange ervaring met het schrijven van teksten, composities en de organisatie van bijzondere concerten/voorstellingen voor senioren die toegankelijke zijn maar waar toch kunst van hoog niveau wordt gebracht. Olv Berber Heerema, Kellen Mc Daniel en Trijntje Noske zijn nieuwe plannen geformuleerd voor een overwegend volwassenenpubliek (zie pagina’s 3-5 Adult programming 25+ met links naar hun werk in Amerika) 4. ‘geen recensies of bezoekersaantallen van producties’ Dit klopt niet want in de aanvraag zijn bezoekersaantallen en aantal produkties en aantal voorstellingen genoemd van 2023 & 2024 (zie 5. Uitvraaggegevens) 5.
‘Door de diffuse programmering heeft De Mix in de ogen van de Commissie geen herkenbare eigen signatuur’. Dat heeft De Mix wel, zie eerst antwoord punt 1. ‘de organisatie niet van belang is voor de Haagse culturele sector’ Dit klopt niet want een culturele organisatie die al bijna 25 jaar bestaat en zoveel culturele activiteiten ontplooit op haar eigen, duurzame speelplek het Zeeheldentheater is van belang voor de stad! De PvdA noemde Het Zeeheldentheater een voorbeeld cultuuranker voordat alle andere cultuurankers ontstonden. ‘De Commissie had graag gelezen wat de organisatie met experimenten wil onderzoeken, waarmee zij experimenteert en wat het doel ervan is’. De commissie heeft er kennelijk overheen gelezen dat olv Berber Heerema, Kellen Mc Daniel en Trijntje Noske nieuwe plannen zijn geformuleerd voor een overwegend volwassenenpubliek (zie pagina’s 3-5 Adult programming 25+) Zakelijk Beleid
6. ‘De financieringsmix is onevenwichtig, er is geen duurzaamheidsbeleid’ De financiering is wel degelijk en omhelst ook steeds bijdragen van andere fondsen en eigen inkomsten. De begroting is wel degelijk sluitend. ‘er is geen duurzaamheidsbeleid’ Dat is er zeker wel! Onze speelplek is het meest duurzame theater van Den haag, niet alleen op het geboed van ekodak, Ledverlichting, warmtepompen en zonnepanelen, maar ook op het gebied van het werken met vrijwilligers met een ‘rugzakje’ en het maken van programma’s voor kinderen/jongeren en senioren (achtergestelde doelgroepen). ‘en er zijn geen financiële reserves opgebouwd.’ Dat klopt inderdaad! Had de Mix dat wel gedaan dan had geen enkel privéfonds aan de Mix nog een bijdrage toegekend en hadden we beter meteen de stichting kunnen opheffen! Wel hebben wij 2023 met een positief resultaat kunnen afsluiten. 7.‘de betalingen zijn nog onder de norm voor Fair Pay’ Dat klopt niet als je bedenkt dat de voorstellingen vaak maar 60 minuten duren en niet 90 of 120 minuten (met pauze). Ook werden in 2023 semi-amateurs redelijk betaald bij ‘De Kracht van Sapali (€250 per dag).
8.‘Op het gebied van goed werkgeverschap ziet de Commissie vooral veel onvolkomenheden.’ ‘De zakelijk leider is ook ingeschreven als penningmeester, terwijl dat niet is toegestaan.’ Dit is niet waar! Er wordt gesuggereerd dat Yvette Olof een betaald zakelijk leider zou zijn hetgeen niet het geval is. Zij is de onbezoldige penningmeester en is slechts gemachtigd
door het bestuur om namens het bestuur onbezoldigde zaken te verrichten zoals de stichting vertegenwoordigen in een bezwaarprocedure (nb tegen de gemeente). Deze bezwaarprocedure is onlangs gewonnen! 9. ‘De voorzitter is al veel te lang ingeschreven, namelijk sinds 2001, en niet sinds 2012, zoals in de aangeleverde stukken staat. Een bestuurslid dat op het rooster staat voor 2024, is nog niet ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. De statuten zijn verouderd. De Mix is niet transparant over de familiebanden in de directie en het bestuur.’ Het is erg moeilijk voor een kleine stichting om nieuwe bestuursleden te vinden. Dat de voorzitter Peter de Rond (oud-gitarist van de Golden Earring) te lang voorzitter is komt ook door het feit dat hij de afgelopen 10 jaar erg met zijn gezondheid heeft gesukkeld en wij hem niet eruit wilden gooien in die situatie. Er zijn nu gesprekken met een potentiële kandidaad. Ceù Lopes is toegetreden tot het bestuur en per 1 januari 2024 ingeschreven bij de KvK. De statuten voldoen nog steeds en zijn dus niet verouderd. Graag horen wij van u wat er dan verouderd zou zijn. Gaandeweg zijn er familieleden betrokken vanwege taken en opleiding en zakelijk en artistiek inzicht. Hoezo zijn wij niet transparant?! Staat er ergens in de voorwaarden dat familieleden niet mogen deelnemen? Niet mogen werken bij de stichting.
Alles is transparant en De Mix heeft niets te verbergen. 10. ‘Maar de Commissie zou ook graag zien dat de organisatie een visie ontwikkelt op publieksbereik en doelgroepen. In haar ogen is het aanbod zo uiteenlopend, dat het moeilijk is om een publiek te binden.’ Hoezo een visie ontwikkelen?! Wij binden wel degelijk steeds meer publiek aan de diverse voorstellingen. TheaterCafé De Mix (speciaal voor zelfstandig wonende senioren) bereikt nu gemiddeld 65 senioren per middag (voorheen 50). Onze stichting heet De Mixwereldmuziektheater en heeft inderdaad met succes meerdere activiteiten ontwikkelt en dat mag blijkbaar niet van de commissie! 11. ‘De Commissie leest in de aanvraag wel de ambitie om samen te werken met CultuurSchakel, scholen en buurtinstellingen, maar mist concrete plannen. Ook zou zij graag meer artistieke samenwerkingen zien.’
Onze aanvraag staat bol van de concrete plannen (zie de aanvraag hoofdstuk 3. Pagina’s 1-9). 12. Mbt de Conclusie en advies Adviescommissie Het is gewoon een schande om zelfs diversiteit en inclusie van onze stichting de Mix niet te beoordelen. De gehele aanbesteding (we zijn toch geen gebouw of automerk) is een ramp en alleen maar bedoeld om van dat toch maar lastige, artistieke kunstenveld (in combinatie met de beperkte financiële middelen) af te zijn. Een puntje meer of minder kosten je je kop door de ontstane zaaglijn waarbij zelfs ons cultuurhistorische Diligentia/Pepijn onthoofd dreigt te worden. In zo’n beetje alle afwijzingen staat gecopypasted: gebrek aan onderbouwing?! Het harde advies suggereert zaken als fraude, misbruik van artiesten en personeel, persoonlijk gewin, ontransparantie, maffiapraktijken en meer! Zoals Freek Ossel het benoemde op de presentatie dd 7 juni jl en ook in de gemeenteraad dd 26 juni jl, vergt de beoordeling in deze tijd echt andere criteria en meer flexibiliteit mbt de steeds meer in elkaar overlopende kunstdisciplines (crossovers noemde hij dat als ouderwetse term). Onze Stichting is door haar eigen veelzijdigheid hiervan de dupe geworden. Wij vragen de politici van onze gemeente om onze opmerkingen en feitelijke onjuistheden mee te nemen in de vergewisplicht de komende tijd.
Yvette Olof (penningmeester Stichting De Mix) en haar echtgenoot Jan Erik Noske (directeur en samen met Yvette Olof de eigenaars van het duurzame Zeeheldentheater, het leukste theater van Den Haag) 26 juni om 23:21 Den Haag
Allereerst zijn wij natuurlijk enorm blij met onze toekenning voor het komende Kunstenplan. Het stelt ons in staat om voor Den Haag de komende 4 jaar weer veel mooie voorstellingen te gaan maken. Punt van aandacht blijft het in het advies gestelde m.b.t. de onbelaste stagevergoeding in het leertraject. Want ook in de lopende Kunstenplanperiode is dit een punt van aandacht geweest. Dit heeft ertoe geleid dat wij destijds de nodige aanpassingen hebben gemaakt die ertoe hebben geleid dat wij in 2023 en 2024 alsnog volledig zijn gehonoreerd omdat wij aan de voorwaarden van fair pay voldoen. Maar blijkbaar zijn wij in onze nieuwe aanvraag niet goed in staat geweest om dit punt voldoende duidelijk toe te lichten, zodat dit punt opnieuw weer boven komt drijven. Het betreft de stagevergoeding van onze 1e jaars DeDDDD dansers. Het ‘Leer-Werktraject’ van DeDDDD is bedoeld om net afgestudeerde dansers ‘vlieguren’ te laten maken om de benodigde ervaring op te doen en daarna te kunnen auditeren bij de grote dansgezelschappen. Want sinds de bezuinigingen op Kunst & Cultuur van inmiddels zo’n 14 jaar geleden, zijn vele gezelschappen ingekrompen en is er geen plek meer om zelf jonge, onervaren talenten in te werken en verder op te leiden. Bijna alle gezelschappen vragen bij hun audities dan ook om dansers met ‘minimaal 2 jaar ervaring’. In Europa zijn vele Junior Companies.
Bij sommigen krijg je niets betaald, zoals b.v. het Cannes Jeunes Ballet in Frankrijk. Bij sommigen moet je zelfs betalen om mee te mogen doen en de broodnodige ervaring op te doen, zoals b.v. Junior Ballet Antwerpen. Deze gang van zaken is dus blijkbaar internationaal geaccepteerd. Ook bij de grote Nederlandse dansgezelschappen worden dansers op een stage contract aangenomen met € 500 als vergoeding. En hier gaat het dan om dansers die niet alleen al een diploma hebben, maar zelfs al over professionele ervaring beschikken. Een van de aangenomen dansers had al 2 jaar bij ons gedanst, het 1e jaar met stagevergoeding en het 2e jaar met salaris, en werd vervolgens bij een groot Haags gezelschap aangenomen als stagiair en ging terug van een salaris bij ons, naar een stagevergoeding bij dit grote gezelschap. Uiteraard nam hij dit aan, want het was een grote kans. Dit gold in hetzelfde jaar ook nog voor andere dansers uit onze company. In het advies is echter sprake van een onbelaste stagevergoeding voor de stagiairs. Dat is onjuist. Het betreft een normale stagevergoeding die wij verstrekken aan eerstejaars dansers waarover premies worden afgedragen en indien van toepassing loonheffing wordt ingehouden. Eén en ander cf. de geldende wet- en regelgeving. De door de DDDD op deze wijze geboden stagevergoedingen behoren tot de hoogste stagevergoedingen in onze branche en zijn cf.
de cao Dans. In het tweede jaar krijgen zij vervolgens een contract aangeboden als danser met een salaris cf. de cao Dans. Wij begrijpen dan ook niet waarom wij op ‘goed werkgeversschap’ slechts 1 punt scoren, aangezien wij fair pay en fair practice conform de CAO voor de Dans hanteren. Wij kunnen niet anders dan concluderen dan in onze aanvraag niet duidelijk genoeg naar voren is gekomen dat het door ons aangevraagde subsidiebedrag van € 400.000 juist mede gebaseerd was op het conform CAO uitbetalen van al onze dansers: zowel 1e als ook 2e jaars. Naast de verhoging van de stagevergoeding tot € 500 per maand (dat eigenlijk al een absolute ondergrens is), heeft het aangevraagde bedrag ook te maken met het aantrekken van 1 fte extra, omdat de huidige 2 fte absoluut onvoldoende is om onze plannen op fair pay, fair practice wijze uit te voeren.
1
Het lijkt erop dat de commissie denkt dat we grootse uitbreidingsplannen hebben (en ons daarom € 80.000 minder toekent, omdat uitbreiding van hen niet hoeft), terwijl we juist richten op het consolideren van het huidige niveau, gebaseerd op een solide organisatiestructuur. Daarnaast gaat het ook om de kwaliteit van de opleiding. In ons gezelschap zijn geen senior dansers, maar de 5 tweedejaars dansers spelen een belangrijke rol als voorbeeld voor de eerstejaars, naast de artistiek leider, de repetitoren, de (gast)docenten, die allemaal bijdragen aan de ontwikkeling van de onervaren talenten. De ‘screening’ is uiterst zorgvuldig en selectie gebeurt a.d.h.v. het bekijken van de aanmeldingen, motivatiebrief, CV, foto’s en films. Dansers die voor de auditie worden uitgenodigd, worden beoordeeld tijdens een balletles met neoklassiek repertoire van de artistiek leider, contemporary repertoire van de jonge huischoreograaf Kiran Bonnema en een solo die ze zelf hebben voorbereid. In de auditiecommissie zitten naast de artistiek leider en de huischoreograaf ook mede-oprichter van DeDDDD Rinus Sprong, vaste balletdocent Eleonore van Lookeren en ‘hot-shots’ als Marian Sarstädt, ex-directeur dansvakopleiding Kon. Conservatorium & ex-directeur NDT en Roslyn Anderson van de Kylián Foundation.
In het eerste jaar komt er veel op de jonge dansers af: van performance in kleine cultuurankers (Muzee en Dakota), tot aan uitverkochte grote zaal voorstellingen in Amare. Daarnaast doen de dansers op allerlei Haagse scholen een compleet educatief project en geven ze workshops aan scholieren. Ze dansen in musea, kerken, op gras in het park, op zeer diverse plekken voor verschillende typen uitvoeringen. In onze Kerstvoorstelling ‘Alice in Escherland’ afgelopen winter dansten de eerstejaars al wel kleine solistische rollen, maar de beide hoofdrollen werden gedanst door onze tweedejaars, die daar na anderhalf jaar wel aan toe waren en dat in hun eerste jaar nog niet hadden gekund. Ook in de aankomende kerstvoorstelling is de hoofdrol van Linguini voor een tweedejaars danser, die in het afgelopen jaar enorm gegroeid is. Naast danservaring worden de jonge dansers ook begeleid in het verbeteren van hun CV en het materiaal dat ze voor audities insturen. Ook het internationale netwerk van DeDDDD wordt ingezet. Wij helpen ze bij allerlei andere praktische zaken: huisvesting, aanvragen van huurtoeslag, zorgtoeslag, BSN nummer en bankrekening openen. Bij onze aanvraag was een alumni lijst toegevoegd, waar het mooie resultaat van de afgelopen jaren goed te zien is! Jetta Klijnsma, Thom Stuart en Britt Arp De Dutch Don’t Dance Division 26 juni 2024
2
Den Haag, 27 juni 2024 Betreft: Formele reactie op het Advies Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028 over Theaters Diligentia & PePijn
Geachte mevrouw Leroy, Graag willen we u danken voor het bieden van de formele gelegenheid om te reageren op het Advies Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028. Wij hebben hier gisteren telefonisch contact over gehad, aangezien Theaters Diligentia & PePijn al eerder onze zienswijze en een feitenrelaas aan het college, respectievelijk de gemeenteraad hebben toegestuurd. Wij hebben u hiervan een afschrift gestuurd. Per e-mail d.d. 26 juni jl. heeft u mij bevestigd dat deze documenten onverkort worden meegenomen in het proces van vergewissing. Wij willen voorop stellen dat wij de inspanning van de Adviescommissie Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028 waarderen en dat onze reactie niet persoonlijk is bedoeld. We realiseren ons dat het opstellen van dit advies een complexe uitdaging is, waarbinnen vele afwegingen moeten worden gemaakt. Onze reactie betreft feitelijke onjuistheden die in het advies staan, maar wijst daarnaast ook op de onzorgvuldigheid waarmee het advies in onze ogen helaas is opgesteld. De consequentie van het advies heeft grote gevolgen voor onze Haagse cabarettheaters. Ondanks het feit dat het advies positief is, komen wij onder de “zaaglijn” terecht, omdat het subsidiebudget ontoereikend is. Als de gevraagde subsidie van € 1,125 miljoen niet wordt verstrekt, zullen wij in 2025 moeten sluiten en staan al onze medewerkers op straat.
Diligentia is sinds 1853 een toonaangevend theater in Den Haag. Theater PePijn, is hét podium voor nieuw cabarettalent en talentontwikkeling, in 1964 opgericht door wijlen Paul van Vliet, ereburger van Den Haag. Eind dit jaar bestaat Theater PePijn precies 60 jaar. Beide theaters samen staan sinds 2001 bekend als dé cabarettheaters van de stad en wij kunnen inmiddels stellen, van het land. Wij zijn hét podium voor cabaret, een positionering die ons perfect past en die we nog verder willen verstevigen. Dit doen wij met een sterke en diverse programmering en met aandacht voor talentontwikkeling. Voor de stad en samen met partners in de stad. Onze beide theaters doen het buitengewoon goed. Veel bezoekers weten ons in het hart van het Museumkwartier te vinden, met volle zalen tot gevolg. Ook onze eigen inkomsten uit verhuur en evenementen laten bovengemiddeld goede resultaten zien. Theaters Diligentia & PePijn zijn van belang voor Den Haag en de regio, en betekenisvol voor Nederland. Niet alleen voor al onze bezoekers, maar ook voor de artiesten, van aanstormend talent tot gevestigde namen. Veel cabaretiers zijn ooit begonnen in Pepijn alvorens ze de stap maken naar het grotere Diligentia. De cabaretiers komen bijzonder graag naar onze podia om ons publiek te verrassen met spraakmakende voorstellingen en mooie, inspirerende en soms schurende standpunten.