CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS319812 Bijlage 1 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie Den Haag 2040 - Wonen in een stad in balans

Commissie Ruimte 4 december 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vervolg debat inzake Voorstel van het college inzake Woonvisie Den Haag 2040 - Wonen in een stad in balans, RIS31981235.537 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Nota van Beantwoording Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag, augustus 2024 Voor u ligt de Nota van beantwoording op de ingediende zienswijzen op de Ontwerp Woonvisie 2040 van Den Haag. De Ontwerp Woonvisie is vrijgegeven voor inspraak op 7 juni 2024 (RIS318960). De inspraakperiode vond plaats van 7 juni 2024 tot en met 19 juli 2024. De ter inzagelegging en de zienswijzeperiode zijn aangekondigd via verschillende kanalen waaronder een publicatie in het gemeenteblad en op de webpagina van de gemeente Den Haag. Ook zijn de belangrijkste stakeholders, waaronder bijvoorbeeld de corporaties en hun huurdersorganisaties geïnformeerd via de mail. De Ontwerp Woonvisie was voor iedereen te lezen en te downloaden via het RIS. Ook lag er een uitgeprint exemplaar in het Haags Informatiecentrum (in het atrium van het stadhuis). In totaal zijn er 17 zienswijzen vanuit organisaties ingediend en 23 vanuit bewoners. Wij danken deze partijen en ook vooral de bewoners voor het meedenken en de input. Als gemeente waarderen wij dit zeer. De diversiteit in reacties is groot en gaan over verschillende onderwerpen zoals over het vergroten van de betaalbare voorraad, de bestaande voorraad, verduurzaming, de Woonzorgvisie en ook de effecten van verdichting.

Leeswijzer: In deze nota zijn de zienswijzen per indiener beantwoord, waarbij we een onderscheid maken tussen organisaties (deel 1) en bewoners (deel 2). De linker kolom betreft de zienswijze en de rechter kolom betreft het antwoord vanuit de gemeente. Aan het einde van het antwoord wordt aangegeven of het heeft geleid tot een wijziging of niet. Alle persoonlijke informatie, zoals namen of telefoonnummers, zijn in verband met privacy weggehaald.

1 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

2. Vanuit organisaties: 1.

Hof Wonen: Antwoord: Reactie Ter inzagelegging Woonvisie Onderstaand is de reactie van Hof Wonen op de Woonvisie die ter inzage ligt. Over het algemeen herkennen wij ons in de inhoud en de ontwikkelingen die in de Woonvisie staan omschreven. Hieronder gaan wij op een aantal specifieke onderdelen dieper in. Pagina 5: Toevoegen betaalbare voorraad Er wordt in de Woonvisie nog meer gestuurd op het toevoegen van betaalbare voorraad (sociaal, middenhuur, betaalbare koop): van momenteel 70% (30% sociaal en 20% middenhuur en 20% betaalbare koop) naar 80%. Uit de tekst in de Woonvisie wordt niet helder wat de eis is en wat het streven. Een extra streven van 10% betaalbaar zet de business case van nieuwbouw wel verder onder druk. Pagina 6: Verevening Verevening is lastig te doen, omdat je 2 nieuwbouwprojecten moet hebben die rond dezelfde tijd klaar zijn en in verschillende gebieden: niet-veerkrachtig en veerkrachtig. Terwijl de locaties in veerkrachtige wijken (veel) beperkter is. Dit zou makkelijker zijn wanneer je als corporaties gezamenlijk die verevening onderling regelt i.p.v. elke corporatie voor zich. Pagina 46: Primaat woningcorporaties op sociale woningbouw In deze woonvisie wordt expliciet voorrang gegeven aan de woningcorporaties mbt de sociale voorraad.

Daarbij moeten beleggers en ontwikkelaars vanaf het begin rekening houden met passende afnameprijzen en een mix van woningtypes om dit beter te borgen en zal de gemeente een grotere inzet plegen op het grondbeleid. Dat is heel mooi! Aandachtspunt hierbij is nog wel het streven naar en transparante en evenredige verdeling (naar draagkracht) tussen de verschillende corporaties onderling.

Toevoegen betaalbare voorraad Bij nieuwe ontwikkelingen streven we ernaar om 80% in het betaalbare segment te realiseren, met als minimumdoelstelling 70% in dit segment (exclusief CID). Hierbij sluiten we aan bij de ambities uit het coalitieakkoord en ook de landelijke doelstellingen van minimaal 2/3 betaalbaarheid. In hoofdstuk 6 ‘van visie naar uitvoering’ geven we aan hoe we omgaan wanneer de business case onder druk staat. Verevening De Woonvisie sluit dit niet uit als mogelijkheid. Primaat woningcorporaties Dit is inderdaad een belangrijk aandachtspunt waar we in de uitvoering rekening mee moeten houden. Tevens werken we ook aan hoe we de draagkracht van de Haagse corporaties kunnen versterken. Woonwagenbewoners De rolverdeling is geformuleerd op basis van het nationale Beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid uit 2018 en tevens op basis van de concept Nota Haags Woonwagenbeleid 2023 (RIS RIS316679). De concept nota is eerder met de corporaties besproken. In de gesprekken in het kader van de prestatieafspraken worden de verantwoordelijkheden verder besproken en worden er afspraken gemaakt. Parkeren De gemeente handelt in lijn met ander beleid zoals beleid inzake parkeernormen. We verkennen de mogelijkheden om de huidige woningvoorraad (waaronder optoppen en ook transformaties) beter te benutten. Hierbij nemen we het thema parkeren mee.

We voegen dit toe als verduidelijking.

2 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

Pagina 72: Woonwagenbewoners De gemeente Den Haag breekt met het eerdere uitsterfbeleid voor woonwagenbewoners. Om in de behoefte te voorzien worden er de komende 5 jaar 40 standplaatsen toegevoegd door bestaande locaties uit te breiden en één of twee nieuwe kleinschalige woonwagenlocaties te realiseren. In de woonvisie stelt de gemeente dat “De gemeente is verantwoordelijk voor de ruimtelijke ordening van het standplaatsenbeleid, corporaties staan aan de lat als het gaat om de huisvesting van woonwagenbewoners”. Dit is expliciet een andere prioritering dan die Hof Wonen tot nu toe aan dit onderwerp geeft. Daarnaast waren de gezamenlijke corporaties ook van mening dat alleen voor de standplaatsen exclusief de woonwagens een rol voor de corporaties was weggelegd. Over deze nieuwe lijn is niet met de corporaties gesproken. Pagina 176: Parkeren Er is meer aandacht voor toevoegen van woningen in de bestaande voorraad door optoppen, transformatie, etc. Belangrijk is dat de afdeling Mobiliteit de eisen hierbij afzwakt in verband met haalbaarheid. Wat dan opvalt: slechts drie keer in een stuk van 182 pagina’s wordt ‘parkeren’ benoemd, alleen in het stuk op pagina 176 (staat ook in een bijlage op blz 173). Geen enkele keer komt de parkeernorm in de Woonvisie voor.

2.

Pagina 147: Definitie sociale huurwoning Voorstel/ beeld is om dit los te trekken van eigenaar en DAEB wet- en regelgeving: Huurwoning AL DAN NIET van een corporatie waarbij de verhuur van deze woning valt onder het regime van een Dienst van Algemeen en Economisch Belang (DAEB, volgens de definitie geldend op 1 april 2024) en betreft huurwoningen met een aanvangshuur EN TOEKOMSTIGE HUUR onder de liberalisatiegrens volgens de definitie geldend op 1 april 2024 als omschreven in artikel 47 lid 1 sub b van de Woningwet Reactie Huurdersvereniging Staedion Zie helemaal onderaan, vanaf blz 79.

Definitie sociale huurwoning Wij houden vast aan de eerder opgestelde definitie uit de ontwerp Woonvisie. Wijzigingen: Op basis van het punt over Parkeren, is het volgende toegevoegd bij speerpunt 1, actielijn 2, actie 2: ‘Het onderwerp parkeren is een integraal onderdeel van de inventarisatie.’ Op basis van het punt over de definitie is de definitie van een sociale huurwoning als volgt aangepast: ‘Huurwoning van een corporatie waarbij de verhuur van deze woning valt onder het regime van een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB, volgens de definitie als omschreven in de Woningwet geldend op 1 april 2024). Dit betreft huurwoning met een kale aanvangshuur onder de liberalisatiegrens volgens de definitie geldend op 1 april 2024 als omschreven in artikel 47 lid 1 sub b van de Woningwet. Het kan hierbij zowel om een zelfstandige- als om een onzelfstandige huurwoning gaan.’

Antwoord: 1. 2. 3. 4. 5.

Zie het antwoord op de zienswijze van de huurdersverenigingen Haag Wonen, Staedion en Hof Wonen, bij ‘Bouwproductie en bevolkingsontwikkeling’ In de nieuwe Woonvisie stellen we voor om in bepaalde wijken minimaal 50% sociale huur in de nieuwbouwopgave te realiseren. Het is nog steeds mogelijk om 50% sociaal (of meer) te realiseren, bijvoorbeeld waar de gemeente of corporaties grondposities hebben. Slechts onder bepaalde voorwaarden is dit mogelijk. In Hoofdstuk 6 ‘van visie naar uitvoering’ zijn de criteria opgenomen. Zie het antwoord op de zienswijze van de huurdersverenigingen Haag Wonen, Staedion en Hof Wonen, bij ‘Sloop en nieuwbouw’.

3 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

6.

Voor middenhuur houden we vast aan het bestaande beleid. Tevens is de Wet Betaalbare Huur in werking getreden waardoor er voor meer huurwoningen een maximale huurprijs geldt die hoort bij een middenhuurwoning. Voor sociale koop sluiten we aan bij de wettelijke mogelijkheden van 10 jaar. 7. We richten ons op een gedifferentieerd aanbod waardoor we diverse doelgroepen kunnen bedienen. Daarom streven we naar een mix van woningtypes, ook in groottes en koppelen we een grens aan het aantal toegestane kleine woningen per project. 8. We sturen op een gedifferentieerd programma waarbij er ook voldoende grote woningen worden geprogrammeerd in elke sector. Ook gaan we verkennen of we een dergelijke richtlijn gaan opnemen in een kwaliteitskader. 9. Studentenwoningen, indien door een toegelaten instellingen, tellen mee voor de 30% norm voor sociaal. In het geval van Duwo gaat het om een toegelaten instelling. We sluiten aan bij de bestaande ambitie om 3.000 studentenwoningen toe te voegen. Dit is een maximum waarbij we ook kijken we of we de vraag kunnen accommoderen via de bestaande voorraad. Ook kijken we of we deze woningen toegankelijk kunnen maken voor een bredere doelgroep dan enkel studenten. Bijvoorbeeld door ze als jongerenwoningen te realiseren. 10.

Met de maatregelen uit de nieuwe Woonvisie willen we de gehele betaalbare woningvoorraad uitbreiden en vraag en aanbod beter in balans brengen. Daarnaast zetten we voor de korte termijn in op huisvesting voor vitale beroepsgroepen vanwege de maatschappelijke bijdrage aan de stad. Deze groepen worden nader gedefinieerd. 11. Zie het antwoord op de zienswijze van de huurdersverenigingen Haag Wonen, Staedion en Hof Wonen, bij ‘doelgroepenbeleid’. 12. De toevoeging is correct als het gaat om de gemeentelijk Huisvestingsverordening. Daarin is al opgenomen dat het gaat om ‘binnen de regio’, zie begrippenlijst Huisvestingsverordening. In het geval de Woonvisie is wordt het begrip starter breder geïnterpreteerd.

Wijzingen: Op basis van punt 9 over studenten, is bij speerpunt 2, actielijn7 het volgende toegevoegd ter verduidelijking:

‘Tot en met 2026 is de bestaande ambitie om maximaal 3.000 woningen toe te voegen. Het merendeel van deze woningen is al geprogrammeerd in de nieuwbouw. Voor de zachte planvoorraad of waar nog helemaal geen plannen voor zijn, zetten we in op jongerenwoningen (inclusief onzelfstandige woningen) zodat we aansluiten bij de behoefte en we de (starters)woningen toegankelijk kunnen maken voor een bredere doelgroep dan enkel studenten. ’ Aanvulling ter verduidelijking bij speerpunt 1, actielijn 3: ‘en mits het past binnen de ambitie (zie speerpunt 2, actielijn 7).’

4 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

3.

KesslerPerspektief: Antwoord: Vraagnummer

Paragraaf / hoofdstuk Speerpunt 1, actielijn 2.1

Betreft

Vraag / opmerking

Splitsen woningen

2.

Speerpunt 1, actielijn 2.2

Optoppen woningen

3.

Speerpunt 2

Zorg-vastgoed

Het zou wenselijk zijn om per wijk concrete voorwaarden te stellen voor het splitsen van woningen. Het zou nuttig zijn om specifieke richtlijnen op te stellen voor zorgvastgoed en andere woningen voor aandachtsgroepen. Wij zouden graag zien dat de gemeente Den Haag beleid opstelt voor de herbestemming van panden met een voormalige maatschappelijke bestemming en een norm vaststelt voor de hoeveelheid zorgvastgoed in de stad, om te waarborgen dat deze panden bij verkoop aan zorg- of maatschappelijke organisaties worden toegewezen. Hanteert de gemeente Den Haag bij de definitie van

1.

4.

Speerpunt 2

1. 2.

Definitie Aandachtsgroepen

3. 4. 5. 6. 7. 8.

9.

De opgenomen ambities in de Woonvisie rondom het beter benutten van de bestaande woningvoorraad worden nader uitwerkt in de aangepaste Nota voorraadbeleid. Daarin worden ook de voorwaarden uitgewerkt. Dit wordt nader uitgewerkt in de Woonzorgvisie en de bijbehorende samenwerkingsagenda met zorgpartijen en corporaties. Idem. We sluiten inderdaad aan bij de landelijke definitie. Dit wordt nader uitgewerkt in de Woonzorgvisie en de bijbehorende samenwerkingsagenda met zorgpartijen en corporaties. Idem Idem Voor ondersteuning aan maatschappelijke organisaties zijn we bezig met het opzetten van een renteloze lening voor maatschappelijke organisaties & religieuze instellingen. Aan het einde van dit jaar wordt de raad geïnformeerd over de vorm van deze regeling en vanaf wanneer hij open staat voor aanvragen. Verder is er al het Haagse Klimaatfonds waar maatschappelijke organisaties zich kunnen aanmelden voor een bijdrage in de kosten die zij maken voor Co2-besparende maatregelen. We houden hier rekening mee in de uitvoering.

Wijzigingen: Geen.

5 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

5.

Speerpunt 2

Slachtoffers Huiselijk Geweld

6.

Speerpunt 2, actielijn 3

Aantallen convenantwoningen

7.

Speerpunt 2, actielijn 4

Samenwerking zorgaanbieders

8.

Speerpunt 3, actielijn 2

Subsidies verduurzaming

"aandachtsgroepen" dezelfde definitie als geformuleerd in het landelijke programma "Een thuis voor iedereen"? Wij zouden graag zien dat er expliciete aandacht wordt besteed aan slachtoffers huiselijk geweld in zowel de woonvisie als de woonzorgvisie. Wij zouden in de zorgwoonvisie graag zien dat concreter wordt ingegaan op het aandeel convenantwoningen in relatie tot uitstroom zorginstellingen. Het zou nuttig zijn om duidelijk te maken hoe de samenwerking met zorgaanbieders wordt vormgegeven om dakloosheid te voorkomen. Welke maatregelen neemt de gemeente om maatschappelijke organisaties financieel te ondersteunen bij het verduurzamen van hun woningen?

6 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

9.

4.

5.

Speerpunt 4, actielijn 5

Plinten samenwerking

Bij de invulling van plinten zouden we graag zien dat meer aandacht wordt besteed aan de samenwerking in de keten.

ALLDESIGN Zie hieronder, op bladzijde 81.

Voorall Zie hieronder op bladzijde 84.

Antwoord: 1. De Woonvisie bestaat uit een lange termijnvisie met een doorkijk tot 2040 en daarnaast uit een agenda en uitvoeringsprogramma voor ongeveer 5 jaar. De agenda en het uitvoeringsprogramma stellen we regelmatig bij. 2. Het uitvoeren van de visie doen we nadrukkelijk samen met uitvoerende partijen. In de Woonvisie wordt per maatregel aangegeven wie hiervoor aan de lat staat. 3. Altijd moeten we zoeken naar een juiste balans tussen betaalbaarheid, kwaliteit en snelheid van de realisatie. In hoofdstuk 6 (Van visie naar uitvoering) doen we een voorstel hoe we omgaan met de prioriteringsdoelstellingen. Daarnaast is er een actielijn over kwaliteit opgenomen (speerpunt 1, actielijn 4) en verkennen we de mogelijkheden voor verdere richtlijnen rondom woonkwaliteit. 4. De gemeente zet zich in om, ook in samenwerking met externe experts, projecten van hoge kwaliteit binnen het budget te realiseren. Hierbij worden diverse procedures en risico- beheerstrategieën toegepast om onvoorziene kosten te minimaliseren. 5. bij de uitvoering van de maatregelen wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met een brede en integrale aanpak. 6. Sociale woningbouw voorziet in een basisbehoefte, namelijk betaalbare huisvesting voor kwetsbare groepen, en draagt bij aan sociale cohesie en stabiliteit in de samenleving.

Het investeren in sociale woningbouw gaat verder dan financiële overwegingen; het zorgt voor een inclusieve stad waar iedereen toegang heeft tot geschikte woonruimte. Tot slot worden er in de zienswijze diverse ruimtelijke mogelijkheden voor woningbouw in de stad benoemd. Deze nemen we mee als suggestie in het kader van de Omgevingsvisie die momenteel in ontwikkeling is. Wijzigingen: Geen. Antwoord:

7 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

Participatie We vinden het jammer om te horen dat u zich niet voldoende betrokken voelt bij de totstandkoming van deze visie. We willen benadrukken dat we veel aandacht hebben besteed aan een uitgebreid participatieproces in de verschillende fasen van de ontwikkeling van de visie. Daarbij hebben we steeds ook diverse partijen, bewoners en woningzoekenden actief betrokken, waaronder ook verschillende zorgpartijen. Zoals u weet, werken we ook aan een Woonzorgvisie, die in nauwe samenwerking met (zorg)gerelateerde partijen tot stand komt. Uw organisatie speelt hierin een belangrijke rol en is nauw betrokken bij dit proces. In juli heeft u bijvoorbeeld nog een concept van de Woonzorgvisie ontvangen. We blijven graag in nauw contact om samen verder te werken aan de Woonzorgvisie. We waarderen uw opmerkingen zeer en zullen ervoor zorgen dat ze een plek krijgen in de uiteindelijke Woonzorgvisie en uitwerking daarvan. Aanpasbaar bouwen Mensen met een lichamelijke beperking, is een doelgroep waar we in de gemeentelijke Woonzorgvisie op ingaan. Eventuele richtlijnen rondom aanpasbaar bouwen nemen we dan ook mee in de uitwerking van de Woonzorgvisie. Aanpassingen Woonnet In het kader van de Woonzorgvisie en ook de jaarlijkse prestatieafspraken kunnen we het hier samen, ook met de corporaties, nader over hebben.

Verder is het in bepaalde urgente situaties mogelijk om een urgentieverklaring te krijgen o.b.v. medische redenen. Buitenruimte en autobezit Bij verdichting is het inderdaad noodzakelijk dat er voldoende voorzieningen, waaronder groen blijft bestaan en of meegroeit. In de Woonvisie is daarom opgenomen dat we bij nieuwbouw zo veel mogelijk de richtinggevende normen voor maatschappelijke voorzieningen en groen hanteren. Deze normen geven houvast om niet-woonfuncties direct mee te ontwikkelen bij gebiedsontwikkelingen. Waar voorzieningen missen gaan we in gesprek met onze partners en lokale partijen om te zoeken naar mogelijkheden om voorzieningen toe te voegen. Wijziging: Geen.

8 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

6.

Cliëntenraad Sociaal Domein Den Haag

Antwoord:

Geachte heer, mevrouw,

1.

In de vergadering van de Brede Raad, onderdeel van de cliëntenraad Sociaal Domein, van afgelopen 5 juli, zijn we met elkaar in gesprek gegaan over de ontwerp woonvisie 2040 ‘Wonen in een Stad in Balans’. De leden van de deelraad waarderen het om met u in discussie te gaan over het thema wonen. We begrijpen dat wonen een complex thema is waar veel partijen in de stad bij betrokken zijn. Naar aanleiding van het stuk en de discussie heeft de deelraad een aantal aanbevelingen die wij bij u onder de aandacht brengen. 1. ‘Wonen in een Stad in Balans’ is een lijvig stuk, waar heel veel informatie in staat. We zien veel positieve punten, zoals de inzet op meer betaalbare woningen en het bijstellen van het aantal convenantswoningen naar boven, in lijn met de andere G4-gemeenten. Er zitten echter dubbelingen in de nota en de effecten van het beleid op de Haagse burger zijn onduidelijk. De nota begint met een samenvatting. Wij bevelen aan om die samenvatting aan te scherpen, zoals de heer X dat in de vergadering deed. Hij gaf helder aan waar deze visie verschilt met de woonvisie van 2016, wat de koerswijziging inhoudt; vooral inzetten op het beter benutten van het bestaande woningbestand, meer betaalbare woningen, meer toewijzen aan aandachtsgroepen en meer inzet op spreiding van sociale huurwoningen over de verschillende stadsdelen. Benoem dat in de samenvatting. 2.

Er heeft een uitgebreid participatietraject plaatsgevonden. De cliëntenraad is daar geen onderdeel van geweest. Wij worden in de toekomst graag uitgenodigd voor dit soort trajecten. 3. Als actielijn 8 is opgenomen ‘Kansen voor kleinschalig, innovatief en particulier initiatief'. Mooi dat daarvoor ruimte wordt gemaakt in het beleidsplan. Dat neemt niet weg dat er veel hobbels zijn, die niet alleen met beschikbare woonruimte te maken hebben, om tot alternatieve woonvormen te komen. Denk aan de kostendelersnorm en de korting op de AOW als je met een leeftijdsgenoot die niet je partner is, wilt samenwonen. Er zijn steeds meer

2.

3. 4.

5. 6.

7.

De koerswijzigingen in het beleid zijn opgenomen in de begeleidende brief, zie Toelichting ontwerp woonvisie 2040 (RIS318961). We vinden het jammer om te horen dat u zich niet voldoende betrokken voelt bij de totstandkoming van deze visie. We willen benadrukken dat we veel aandacht hebben besteed aan een uitgebreid participatieproces in de verschillende fasen van de ontwikkeling van de visie. Daarbij hebben we steeds ook diverse partijen, bewoners en woningzoekenden actief betrokken, waaronder ook verschillende zorgpartijen. Zoals u weet, werken we ook aan een Woonzorgvisie, die in nauwe samenwerking met (zorg)gerelateerde partijen tot stand komt. Uw organisatie speelt hierin een belangrijke rol en is nauw betrokken bij dit proces. In juli heeft u bijvoorbeeld nog een concept van de Woonzorgvisie ontvangen. Tevens zijn we tweemaal het gesprek met elkaar aangegaan over de Ontwerp Woonvisie tijdens de ter inzage periode. We blijven graag in nauw contact om samen verder te werken aan de Woonzorgvisie. We waarderen uw opmerkingen zeer en zullen ervoor zorgen dat ze een plek krijgen in de uiteindelijke Woonzorgvisie en uitwerking daarvan. Er zijn inderdaad diverse hobbels. In het kader van de verdere uitwerking van de Woonzorgvisie gaan we onderzoeken welke hobbels er zijn om vervolgens gericht beleid op te stellen.

In de inleiding van de Woonvisie wordt hier op ingegaan, daar wordt aangegeven dat het oplossen van de wooncrisis niet op de korte termijn is opgelost maar dat woningbouw relatief lang duurt. In deze Woonvisie stellen we voor om de bestaande woningvoorraad efficiënter te gebruiken, daar hoort woningdelen bij (zie speerpunt 1, actielijn 1) We sluiten aan bij het beleidskader Aanpak Dakloosheid (RIS316085). Bij het beschrijven van de aandachtsgroepen hebben we de groepen met bijbehorende definities vanuit het Rijk, op basis van ‘Een thuis voor iedereen’, aangehouden. De Woonzorgvisie gaat nader in op wat deze aandachtsgroepen naast huisvesting nodig hebben. Zie ook de reactie bij zienswijze 2, punt 9. Het is niet de bedoeling om deze groep onnodig te stigmatiseren. Deze nuancering voegen we toe.

9 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

alleenstaanden en eenzaamheid is een niet te onderschatten probleem. Wij bevelen aan om, samen met de collega's van andere diensten (SZW, OCW) creatieve oplossingen te zoeken voor mensen die samen willen wonen zonder dat ze er financieel op achteruitgaan. Kijk daarbij ook naar initiatieven in andere gemeenten die een voorbeeld kunnen zijn. We horen graag uw reactie op bovenstaande aanbevelingen.

Geachte heer, mevrouw, In aanvulling op de reeds verzonden zienswijze op de woonvisie gedateerd op 11 juli, wil de cliëntenraad sociaal domein nog de volgende punten inbrengen: 4. Wij missen in de woonvisie dat we grote tekorten hebben en die op korte termijn niet kunnen oplossen. En dat de gemeente daarom óók moet gaan inzetten op het mogelijk en aantrekkelijk maken van het huisvesten van meerdere personen in één leefeenheid. Dat zij daarvoor ook een landelijke lobby op moeten zetten, bijvoorbeeld in G4 verband. 5. In de Woonvisie staat niet dat dakloosheid in de eerste plaats een woonprobleem is, dat staat wel in het Beleidskader Dakloosheid. Goed als dit ook in de woonvisie wordt benoemd. (zie ook reactie Straat Consulaat)

8. De jaarlijkse bouwambitie van 4.000 woningen is gebaseerd op de bevolkingsontwikkeling, inclusief het wegwerken van de huidige tekorten. Met deze nieuwe Woonvisie stellen we voor om ook de bestaande voorraad efficiënter te gaan benutten (woningsplitsing, optoppen, transformatie en kamerbewoning) waardoor meer woningen toegevoegd kunnen worden. Door optimaal gebruik te maken van de bestaande voorraad, kunnen we dichter bij onze ambitie komen en meer woningen toevoegen zonder uitsluitend afhankelijk te zijn van nieuwbouw. De bouwproductie fluctueert van jaar tot jaar, beïnvloed door diverse, vaak ook externe omstandigheden. Hoewel we enkele jaren geleden de ambitie hebben gesteld om jaarlijks 4.000 woningen te bouwen, vergt het tijd om dit doel te realiseren. In hoofdstuk 6 (Van visie naar uitvoering) geven we aan hoe we omgaan met de realisatie van de enorme opgave en welke randvoorwaarden noodzakelijk zijn. 9. Dit is ook opgenomen in de Woonvisie, onder speerpunt 2, actielijn 3, maatregel 3. Wijzingen: Op basis van punt 7 is het volgende toegevoegd bij speerpunt 3, actielijn 3, bullet 4: ‘Zeker niet elke aandachtsgroep met een zorgvraag veroorzaakt overlast. Bij de selecte groep waarbij dit wel geldt houden we rekening met de veerkracht in wijken, die moet behouden blijven.’

6. Wij missen specifieke aandacht voor jongerenhuisvesting. Er is wel aparte aandacht voor studentenhuisvesting, maar niet voor de huisvesting van jongeren uit de jeugdzorg. Dat zijn deels ook studenten, maar ook mensen met weinig inkomen die echt niet meer thuis kunnen wonen en waar de overheid een zorgplicht voor heeft. De jongeren komen als doelgroep alleen terug onder de daklozen groep. Wij denken dat jongeren uit de jeugdzorg juist een aparte aanpak vragen om te voorkomen dat zij dakloos worden. 7. (Zorg) doelgroepen worden in deze woonvisie soms onnodig gestigmatiseerd, zij zouden overlast en onveiligheid kunnen veroorzaken. Bijvoorbeeld jongeren uit de jeugdzorg zijn niet anders als veel jongeren die thuis opgroeien en veroorzaken dus ook niet meer overlast

10 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

8. Er staat in de woonvisie dat de gemeente meer nieuwbouwwoningen gaat realiseren. Hoe gaat de gemeente ervoor zorgen dat de nieuwbouw plannen nu wel gerealiseerd worden? Sinds 2021 is er al beleid om per jaar 4.000 woningen te bouwen, waarvan 30% sociaal. Maar Den Haag haalt dat aantal nog steeds niet. En ook de aantallen in het Doorbraakplan Huisvesting Zorgdoelgroepen worden niet gehaald. Mede daardoor neemt de dakloosheid nog steeds toe.

7.

9. Het aantal covenantswoningen is al jaren niet toereikend om mensen die uit een opvangvoorziening komen te kunnen huisvesten. Dat aantal moet drastisch omhoog. We horen graag uw reactie op bovenstaande aanbevelingen. Haag Wonen: Allereerst zijn felicitaties op zijn plaats met de oplevering van het ontwerp Woonvisie Den Haag 2040. Als Haagse woningcorporatie bouwen wij, samen met onze bewoners, collega-corporaties en samenwerkingspartners, aan een mooie stad waarin iedereen mee kan doen. En waarin je portemonnee niet bepaalt in welke buurt je woont. Om dat voor elkaar te krijgen heeft Den Haag dringend behoefte aan een nieuwe woonvisie die antwoord geeft op de veranderende context om ons heen. Zoals de wooncrisis met lange wachtlijsten voor een sociale huurwoning, de afnemende veerkracht in wijken met veel sociaal bezit en een toename van het aantal woningzoekenden behorend tot een bijzondere doelgroep (waaronder een toenemende groep hulp- en zorgbehoevende ouderen). Slechts een greep uit de zaken die we volkshuisvestelijk de komende jaren het hoofd moeten bieden in Den Haag. Dit vraagt om het maken van heldere keuzes en het stellen van prioriteiten. Uiteraard in samenhang met andere beleidsterreinen waarop Haag Wonen en de gemeente met elkaar samenwerken, zoals leefbaarheid, verduurzaming en wijkontwikkeling.

Haag Wonen zet zich immers ook in voor het realiseren van een duurzame en klimaatadaptieve woningvoorraad en het bevorderen van sociale, vitale en leefbare wijken. Hierbij onze reactie op het ontwerp Woonvisie Den Haag 2040: Wij juichen toe dat • er verscherpte aandacht is voor de particuliere huursector, met het doel om diversiteit toe te voegen in wijken met een eenzijdige woningvoorraad. We willen dit bereiken door meer betaalbare woningen toe te voegen in wijken met

Antwoord op de aandachtspunten: Integraal en gebiedsgericht denken en handelen, evenals voorspelbaarheid Samen met partners in de stad blijven we ons inzetten op integraal en gebiedsgericht werken, om de gezamenlijke doelstellingen te halen. Bestendigen sociale woningvoorraad Corporaties hebben het primaat op sociale woningbouw. De Woonvisie belemmert het niet om ook het beheer van de sociale voorraad op te pakken. Zie tekst bij speerpunt 1, actielijn 3, actie 4. In het kader van de prestatieafspraken gaan we hierover met corporaties in gesprek. Parkeren De gemeente handelt in lijn met ander beleid zoals beleid inzake parkeernormen. We verkennen de mogelijkheden om de huidige woningvoorraad (waaronder optoppen en ook transformaties) beter te benutten. Hierbij nemen we het thema parkeren mee. We voegen dit toe als verduidelijking. Lage middenhuur Wij zien kansen voor corporaties mits zij de financiële capaciteit hebben. Samen met corporaties, de VNG, in G4-verband en samen met Aedes) pleiten we bij het Rijk voor generieke lastenverlichting en gerichte projectsteun om de investeringscapaciteit van corporaties te vergroten. Daarnaast lobbyen we bij het Rijk en/of de EC voor geborgde leningen voor niet-DAEB investeringen in de middenhuur. Verkoop van corporatiebezit

11 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

duurdere woningen en daarnaast woningen voor middeninkomens toe te voegen in wijken met voornamelijk goedkope woningen. • er meer ruimte komt voor innovatie en experimenten in de vorm van bijvoorbeeld pilots om de bestaande woningvoorraad beter te benutten. Vooral de beoogde versoepeling van regels rond kamerbewoning voor de doelgroepen uit het Doorbraakplan gaat een belangrijke bijdrage leveren aan het beter benutten van de bestaande voorraad. • corporaties het primaat op sociale woningbouw terugkrijgen. Wij zijn zeer bereid en staan klaar om onze rol hierin te nemen! We zijn blij met de eis dat bij nieuwe projectontwikkelingen, ontwikkelaars met corporaties samenwerken voor het realiseren van 30% sociale woningbouw per project. En dat nieuwe sociale huurwoningen eerst aan corporaties aangeboden worden. We staan ook achter het stellen van aanvullende voorwaarden aan marktpartijen, als blijkt dat corporaties onvoldoende capaciteit hebben. • toename van de corporatievoorraad het uitgangspunt is, waarbij corporaties bij nieuwbouwontwikkelingen als eerste de kans krijgen om invulling te geven aan de 30%-eis voor sociale huurwoningen. Met name in de stadsdelen Loosduinen, Segbroek, Scheveningen, Haags Hout en Leidschenveen-Ypenburg. Echter zien wij graag dat deze eis verhoogd wordt naar minimaal 50% in de bovengenoemde stadsdelen.

• ook buiten de bekende ontwikkelgebieden, zoals de Binckhorst en het CID, ook in andere delen van de stad woningbouwontwikkeling door de gemeente actief wordt gefaciliteerd. En dat daarbij ook een duidelijke inzet is op het vergroten van de sociale huurvoorraad. Dat vergroot onze mogelijkheden voor het aanpakken van de wooncrisis en vergroot onze mogelijkheden om te werken aan een meer evenwichtige verdeling van de woningvoorraad. We vragen aandacht voor • het daadwerkelijk in staat stellen van corporaties om nieuwe woningen te realiseren door het beperken en wegnemen van belemmerende gemeentelijke regelgeving. In dat kader vragen wij u ook om aan de gemeenteraad - als belangrijk kaderstellend, monitorend en controlerend orgaan - over te brengen dat integraal en gebiedsgericht denken en handelen, evenals voorspelbaarheid, nodig zijn om onze gezamenlijke doelstellingen beter en sneller te realiseren. • een betere borging van het ook in de toekomst sociaal houden van de sociale woningvoorraad. Op meerdere plekken in de woonvisie wordt de ambitie uitgesproken om sociale huurvoorraad te vergroten. Wij zouden dat graag willen

We zijn terughoudend met het afstoten van corporatiebezit vanwege het belang van een toenemende sociale huurvoorraad. Zie ook de reactie bij Staedion, inclusief de wijziging. Huisvesting aandachtsgroepen Naast corporaties gaan we ook afspraken maken met particuliere verhuurders en, doormiddel van het Doorbraakplan, zorgen we als gemeente ook zelf voor de huisvesting van aandachtsgroepen. Graag gaan we het gesprek aan in het kader van de Raamovereenkomst en ook de uitvoeringsagenda van de Woonzorgvisie over betere en passende begeleiding van aandachtsgroepen. Sturing woonoppervlaktes Praktijkervaring leert dat het nodig is om te sturen op de grootte van de woningen zodat er een gedifferentieerd woningaanbod ontstaat. Er zijn uitzonderingsmogelijkheden als het bijvoorbeeld gaat om een specifiek woonconcept of woningen voor aandachtsgroepen. Haagse basiskwaliteit We begrijpen dat de corporatiewoningen al via landelijke, regionale en gemeentelijke afspraken op kwaliteit worden getoetst. De onderdelen van de Haagse basiskwaliteit boorduren juist voort op deze afspraken, zoals de landelijke afspraken over het isoleren en verbeteren van woningen en het aanpakken van vocht- en schimmel. De Haagse basiskwaliteit ligt ook in lijn met de wettelijke bepalingen en klimaatambities. In Den Haag hebben we de ambitie om in 2030 een klimaat neutrale stad te zijn.

De Haagse basiskwaliteit heeft dezelfde ambitie, maar stelt daar bovenop nog dat de woningen ook gezond en veilig zijn (geen vocht- en schimmel meer, het onderhoud op orde is, geen loden leidingen bijvoorbeeld). Inponden en opknappen particulier bezit In de woonvisie is opgenomen dat we de mogelijkheden verkennen i.s.m. corporaties om zo de sociale voorraad uit te breiden en de woonkwaliteit/leefbaarheid te verbeteren in bepaalde wijken. Overig Verder wordt door Haag Wonen aangegeven dat ze graag voor bepaalde stadsdelen (Loosduinen, Segbroek, Scheveningen, Haags Hout en Leidschenveen-Ypenburg) een

12 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

koppelen aan de ambitie om de sociale voorraad in de toekomst ook sociaal te houden. Dit kunnen we bestendigen door de toevoeging dat woningcorporaties het primaat krijgen bij de sociale voorraad inclusief het beheer, boven de commerciële woningbeleggers. • het ontbreken van uitspraken over parkeernormen en een visie op het parkeerbeleid in het algemeen in de voorliggende woonvisie. Zoals u zelf aangeeft, gaat het ‘efficiënter gebruik van de woningvoorraad hand in hand met intensiever gebruik van bijvoorbeeld voorzieningen en parkeren’. Dit vraagt om het maken van scherpe keuzes en een integrale afweging. Wij betreuren het dat hierover niks is opgenomen in het ontwerp van de woonvisie.

hoger percentage sociaal willen zien bij nieuwbouw. Dit was al opgenomen in de Woonvisie, namelijk onder speerpunt 1, actielijn 5. Wijzigingen: Op basis van het punt over parkeren is het volgende toegevoegd bij speerpunt 1, actielijn 2, actie 2: ‘Het onderwerp parkeren is een integraal onderdeel van de inventarisatie.’

• de introductie van een nieuwe huurprijsgrens in het middenhuursegment, te weten lage middenhuur: een huurprijs die hoort bij 161 punten in het woningwaarderingsstelsel (€ 966,15 prijspeil 2024). De financiële haalbaarheid om woningen in het middenhuursegment te realiseren is de afgelopen jaren al moeilijk genoeg gebleken. Het is daarom onwenselijk en niet realistisch om binnen dit segment een nieuwe lagere huurprijsgrens te introduceren. • het feit dat in de woonvisie een ‘nee, tenzij’-houding is aangenomen ten aanzien van de verkoop van corporatiebezit. We onderstrepen het belang van een toenemende sociale huurvoorraad. Tegelijkertijd zijn we van mening dat we door een verantwoorde verkoop van corporatiebezit aan particuliere eigenaren kunnen bijdragen aan een meer evenwichtige verdeling van de woningvoorraad in sociaal eenzijdige wijken. Wij zien dit graag sterker verwoord in de Woonvisie. • het feit dat er voor de huisvesting van aandachtgroepen alleen wordt gekeken naar de corporaties. In het kader van betere spreiding en de veerkracht die in veel van onze buurten en complexen onder druk staat, vinden we het verstandig en belangrijk om ook goede afspraken te maken met particuliere verhuurders. Daarnaast wordt het maken van afspraken over het huurprijsbeleid met de corporaties als oplossing voor het doorbreken van eenzijdigheid aangedragen.

Corporaties differentiëren al zoveel als mogelijk in het huurprijsbeleid om de betaalbare huurvoorraad over wijken en buurten te spreiden. Dit biedt onvoldoende ruimte om meer aandachtgroepen verantwoord te huisvesten, aangezien het bezit van de corporaties geclusterd is in de meest kwetsbare wijken van Den Haag. Ook is onduidelijk wat de inzet van de gemeente is om te zorgen

13 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

voor betere en passende begeleiding voor aandachtgroepen. We gaan hierover graag met de gemeente in gesprek. • de voorgestelde sturing op woningoppervlaktes. Onder de vlag van kwaliteit wordt door de gemeente sturing gegeven op de segmentering van woningoppervlaktes. In onze beleving is dit een vorm van inefficiënte sturing. We bouwen voor bepaalde doelgroepen. Deze doelgroepen verlangen een bepaalde kwaliteit en functionaliteit van de woningen. Een aanvullende sturing op woningoppervlaktes is daarmee in onze optiek niet mogelijk. • de introductie van de Haagse basiskwaliteit voor bestaande bouw, met name gericht op particulier verhuurders en huizenbezitters. Corporaties hebben zich gecommitteerd aan de Nationale Prestatieafspraken. Daarin zijn al afspraken gemaakt over goede en gezonde kwaliteit van de bestaande woningvoorraad. Daaraan geven wij reeds uitvoering. We zien daarom geen aanleiding om hierover aanvullende afspraken te maken. • Het inponden en opknappen van particulier bezit door corporaties. Dit is geen taak waarvoor wij als corporatie zijn opgericht. Deze activiteiten zijn zeer arbeidsintensief en kostbaar, omdat elk pand dat moet worden opgeknapt en verduurzaamd, anders is.

Het is effectiever om bestaande particuliere eigenaren aan te zetten de kwaliteit van hun woningen te verbeteren, en de corporaties te laten focussen op grote aantallen, zowel ten aanzien van renovatie van de bestaande woningvoorraad als het toevoegen van extra betaalbare huurwoningen. Nieuwbouw is hiervoor de beste manier. Randvoorwaarden voor bijdrage Haag Wonen Wij staan klaar om een bijdrage te leveren aan de volkshuisvestelijke opgaven van onze stad Den Haag en bij te dragen aan de realisatie van de doelstellingen uit de voorgestelde Woonvisie Den Haag 2040. Dat kan echter alleen met de juiste inzet en ondersteuning van de gemeente. Daarom vragen we het volgende aan de gemeente: • Betrek ons bij gebiedsontwikkeling actief aan de voorkant. • Zorg voor voldoende ambtelijke capaciteit voor o.a. de behandeling van vergunningen en actiegebied aanwijzingen. • Kijk kritisch naar de gemeentelijke kaders en het beleid. Ook, en specifiek in samenhang met elkaar, om de realisatie van de woningbouwopgave te bevorderen en niet te vertragen.

14 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

• Streef productie en duurzame kwaliteit na, maar wees ook bereid om op projectniveau tot maatwerk te komen om te rigide stapeling van eisen te voorkomen. • Pak een actieve rol om spreiding van aandachtsgroepen, lokaal en in de regio, te stimuleren en voldoende ondersteuning en begeleiding voor deze aandachtsgroepen te organiseren. • Pak een actieve rol in de energietransitie, waarbij betaalbaarheid voor bewoners wordt gewaarborgd. • Zoek de samenwerking op om onze klimaatdoelstellingen te realiseren. Waar we gemeenschappelijke belangen hebben, rekenen wij op de inzet van de gemeente in de vorm van financiën, capaciteit en expertise.

8.

Partners in de stad We zijn blij met de aandacht van dit college voor een leefbare en inclusieve stad, de ongedeelde regio en het vergroten van de kansen op een sociale huurwoning voor de juiste doelgroepen. We zien uit naar een verdere prioritering van volkshuisvesting. We zien dit ook graag terug in de vorm van concrete en wederkerige afspraken in de op te stellen meerjarige raamovereenkomst. Zodat wij in staat gesteld worden om ons aandeel te kunnen leveren. Daarnaast vragen wij de integraliteit van de verschillende collegeverantwoordelijkheden aan de voorkant beter af te stemmen met de corporaties om de doelstellingen uit de Woonvisie te realiseren. De volkshuisvestelijke opgaven in onze stad zijn groot en nemen verder toe. Als woningcorporatie zijn we graag onderdeel van de oplossing. Niemand kan de wooncrisis alleen het hoofd bieden: we moeten het samen doen. Als partner in de stad trekken wij graag samen met u op in de realisatie van de doelstellingen uit de Woonvisie en vertrouwen we op een constructieve samenwerking. Huurdersraad Hof wonen, HVS, Huudersorganisatie Haag Wonen Zienswijze huurdersorganisaties ontwerpwoonvisie Den Haag 2040 De gezamenlijke huurdersorganisaties hebben kennis genomen van de voorgenomen woonvisie voor de gemeente Den Haag.

Via deze zienswijze willen wij namens de Haagse huurders bij de drie grote woningcorporaties onze observaties en op- en aanmerkingen op dit ontwerp met u delen.

Antwoord: Bouwproductie en bevolkingsontwikkeling De jaarlijkse bouwambitie van 4.000 woningen is gebaseerd op de bevolkingsontwikkeling, inclusief het wegwerken van de huidige tekorten. Met deze nieuwe Woonvisie stellen we voor om ook de bestaande voorraad efficiënter te gaan benutten (woningsplitsing, optoppen, transformatie en kamerbewoning) waardoor meer woningen toegevoegd kunnen worden. Door optimaal gebruik te maken van de bestaande voorraad, kunnen we dichter bij onze ambitie komen en meer woningen toevoegen zonder uitsluitend afhankelijk te zijn van nieuwbouw.

Bouwproductie en bevolkingsontwikkeling

15 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

In de woonvisie wordt geconstateerd dat Den Haag tussen 2013 en 2023 met zo’n 6.000 inwoners per jaar is gegroeid en gaat het college uit van een groei van 5.000 inwoners per jaar tot en met 2040. De prognose van de Haagse bevolkingsontwikkeling geeft daarnaast aan dat het aantal huishoudens tussen 2023 en 2031 met ruim 29.000 stijgt, een jaarlijkse stijging van zo’n 3.500. In de periode tot en met 2030 worden volgens de regionale realisatieagenda jaarlijks 4.000 woningen per jaar opgeleverd. Effectief betekent dit dat de groei van het aantal huishoudens ternauwernood kan worden opgevangen door dit streven, laat staan dat wachtlijsten binnen de sociale huur ook maar enigszins kunnen worden ingelopen als slechts 30% tot 50% van de nieuwbouw sociaal zal zijn. De eigen prognoses van de gemeente Den Haag laten echter zien dat tot en met 2031 de woningvoorraad met minder dan 29.000 zal toenemen, dus hierbij kan onmogelijk sprake zijn van het inlopen van tekorten in deze periode. De Woonvisie schept hiermee een irreëel beeld van de eigen ambities om 130% planvoorraad te hebben en het zou het college sieren als het haar eigen visie in lijn brengt met de redelijkerwijs te realiseren plancapaciteit.

Het aandeel sociale huurwoningen in de plannen is wat betreft de huurdersorganisaties te laag om te kunnen voorzien in de groei in het inwonertal en vooral in het inkomen van de bestaande woningzoekenden. Er wordt gesproken over een eerlijke kans voor woningzoekenden, maar in de praktijk blijkt dat met name aan de onderkant van de woningmarkt, onder de tweede aftoppingsgrens voor de huurtoeslag, er een probleem bestaat doordat hier zich ook het overgrote deel van de afgegeven urgentieverklaringen bevindt. Met een bouwbeleid dat nog steeds uitgaat van in veel gevallen slechts 30% betaalbare huur is het voor de mensen met een urgentieverklaring al moeilijk om een passende woning te vinden, laat staan voor iemand die geen aanspraak kan maken op urgentie. Het is zaak de reguliere woningzoekende niet uit het oog te verliezen. Dit vereist een grotere inzet van corporaties maar ook van de gemeente om met haar ruimtelijke ordeningsbeleid beter rekening te houden met de noden van de Haagse woningzoekende, of deze nu van binnen of van buiten Den Haag afkomstig is. Daarnaast dringen wij er bij het college op aan dat het aandeel goedkopere huurwoningen niet mag blijven dalen. Met sloop/nieuwbouw op grote schaal vrezen wij dat de goedkope sociale huur zal verdwijnen ten koste van dure sociale huur.

Wij vragen het college hier ook rekening mee te houden in het erfpacht- en gronduitgiftebeleid.

De bouwproductie fluctueert van jaar tot jaar, beïnvloed door diverse, vaak ook externe omstandigheden. Hoewel we enkele jaren geleden de ambitie hebben gesteld om jaarlijks 4.000 woningen te bouwen, vergt het tijd om dit doel te realiseren. In de nieuwe Woonvisie stellen we een belangrijk aanpassing voor wat betreft de betaalbaarheid bij nieuwbouwontwikkelingen. We willen dat 80% van de nieuwe woningen in het betaalbare segment valt. Dit omvat niet alleen sociale huur, waarvan we in sommige wijken streven naar 50%, maar ook betaalbare koopwoningen en middeldure huurwoningen. Voorheen richtten we ons op een totaal van 50% betaalbare woningen, maar gezien de toenemende krapte in dit segment en de lange wachttijden, is een verhoging naar een ambitie van 80% noodzakelijk. Deze aanpassing is essentieel om op lange termijn het aanbod in het betaalbare segment, inclusief de sociale huurvoorraad, uit te breiden. Door hogere percentages betaalbare woningen te realiseren over een groter aantal woningen, streven we ernaar om de woningmarkt toegankelijker te maken voor een bredere groep mensen. We houden rekening met het aanbod goedkope sociale huurwoningen en blijven dit monitoren. Daarnaast maken we hierover afspraken met de corporaties via prestatieafspraken en de nieuw op te stellen meerjarige raamovereenkomst.

Doelgroepenbeleid In aanvulling op de eerdere reactie op dit onderwerp (zie reactie Staedion over doelgroepenebeleid): Vanwege de aankomende Wet Versterking Regie Volkshuisvesting zijn we genoodzaakt om verschillende aandachtsgroepen te huisvesten. Dit is noodzakelijk, gezien de aanzienlijke omvang van de groep mensen die onder deze categorie valt. Uit de zienswijzen van partijen die opkomen voor de belangen van deze groepen, blijkt echter dat men vindt dat er momenteel te weinig wordt gedaan om hen te huisvesten. Tegelijkertijd pleit u in uw zienswijze voor een beperking van de toewijzing tot maximaal 30%. Dit creëert een lastig dilemma en het eerlijke verhaal is dat we niet in staat zijn om de volledige huisvestingsbehoefte van aandachtsgroepen te vervullen.Dan zouden we een aanzienlijk hoger aandeel moeten toewijzen en dit is geen haalbare optie. Daarom hebben we besloten om de toewijzing voor aandachtsgroepen enigszins te verhogen, maar dit op een evenwichtige manier te doen: we doen dit echter niet overal, afhankelijk van de wijk én we stellen een maximum in (40%). Hierdoor behouden we de balans. In de Woonvisie geven we de kaders en voorwaarden aan. Hierbinnen is er ruimte voor maatwerk en zouden we kunnen kijken naar complexniveau. We stellen voor om dit, ook in samenwerking met de corporaties, verder te verkennen in het kader van de

16 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

Doelgroepenbeleid De gezamenlijke Haagse huurdersorganisaties constateren dat de taakstelling voor de opvang van aandachtsgroepen een enorme belasting vormt voor buurten die al kwetsbaar zijn. Toewijzen van tot 40% van vrijkomende sociale huurwoningen aan aandachtsgroepen op wijkniveau zorgt voor een concentratie van sociale problematiek in enkele complexen. Wij pleiten ervoor dat er een maximum van 30% per complex wordt ingesteld om te voorkomen dat de huidige overconcentratie verder toeneemt en dat gezocht wordt naar alternatieven, zoals het neerleggen van een taakstelling bij marktpartijen. Voorts stellen wij voor dat de genoemde wijken Laakkwartier, Schilderswijk, Transvaal en de wijken in Zuidwest een maximum van 25% per complex aan te huisvesten aandachtsgroepen krijgen om de achteruitgang daar tegen te gaan. Alleen op deze manier verwachten wij dat de al in gang gezette trend van gettoïsering kan worden gekeerd en dat zowel de bewoners kunnen worden geholpen als de woningcorporaties die met hun beperkte middelen opdraaien voor investeringen in leefbaarheid én nieuwbouw. Naast een maximum van 30% of lager voor het huisvesten van aandachtsgroepen op complexniveau zouden wij het college willen voorstellen om een actiever beleid in te stellen om aandachtsgroepen te concentreren in complexen waar gemakkelijker de juiste zorg of (ambulante) begeleiding kan plaatsvinden.

Dit bepleiten wij niet enkel om overlast voor andere bewoners te beperken, maar met de afschaffing van de intramurale zorg voor een aantal van deze aandachtsgroepen zijn er problemen ontstaan. Zij krijgen dikwijls niet meer de hulp die zij aantoonbaar nodig hebben. Het is zaak dat Den Haag als vooraanstaande gemeente het voortouw neemt om nieuwe manieren te vinden waarmee om kan worden gegaan met deze ontwikkeling. Belangrijk hierbij is dat ook beter wordt gekeken naar wat aandachtsgroepen nodig hebben bij de toewijzing van een woning, zowel in praktische als medische of psychische zin. Te vaak treffen wij voorbeelden aan van mensen die in hetzelfde complex worden geplaatst terwijl zij botsende of elkaar versterkende stoornissen hebben zonder dat hier adequate begeleiding voor aanwezig is. Als het gaat om de huisvesting van aandachtsgroepen die in praktische zin huren via een instelling raden wij het college aan beleid in te stellen om de hurende instelling bekend te maken bij medebewoners. Op deze manier kan enige onrust en onduidelijkheid worden weggenomen en kan makkelijker contact worden gezocht in geval van problemen. Daarbij zij opgemerkt dat de privésfeer van de huurder wel gerespecteerd dient te worden en dat dit op een niet-invasieve manier zou moeten gebeuren.

prestatieafspraken. Hierin nemen we mee hoe we in deze complexen de juiste zorg en begeleiding kunnen leveren. Nieuwbouw voor en doorstroming van senioren Dit zijn inderdaad belangrijke punten als het gaat om doorstroming en de huisvesting van ouderen. Naast nieuwbouw gaat er zeker ook aandacht naar de bestaande woningvoorraad. De Woonzorgvisie gaat verder in op hoe we ouderen actief kunnen stimuleren om een verhuisstap te zetten. Huisvesting arbeidsmigranten In het programma EU-Arbeidsmigranten Den Haag 2023-2030 (RIS316674) is de visie en aanpak opgenomen op het gebied van arbeidsmigratie. Renovatie en sloop/nieuwbouw Op basis van de afdoening van de motie ‘Kom met een sloopkader’ (RIS 309743) is toegezegd dat er een Haags sloopkader wordt opgesteld. Dit wordt in het najaar van 2024 aan de raad aangeboden. Verduurzaming Voor de gemeente Den Haag is de betaalbaarheid voor inwoners van een duurzaam alternatief voor het verwarmen op aardgas, bijvoorbeeld middels warmtenetten, een belangrijk uitgangspunt. Dit is onder andere vastgelegd in de Transitievisie warmte (TVW): het energiesysteem is en blijft betrouwbaar en betaalbaar voor inwoners en levert energie conform de vraag.

De gemeente Den Haag dringt, samen met andere G4-steden, bij het Rijk aan op een aantal noodzakelijke stappen die moeten bijdragen aan de (kaders voor) betaalbare collectieve warmte voor onze inwoners: - We roepen de ministeries van EZK en BK op om samen met de VNG tot een gezamenlijke definitie en uniforme uitlegbaarheid van het begrip ‘betaalbaarheid’ te komen. - Daarnaast is de gezamenlijke lobby van de G4 gericht op het garanderen van de betaalbaarheid van warmte voor de eindgebruiker, bijvoorbeeld door het instellen van een prijsplafond of een garantie waarbij men altijd hetzelfde of minder betaalt dan voor gas. Daarnaast moeten garanties en waarborgen worden ingebouwd voor warmtebedrijven, zodat de financiële risico’s van de investering beperkt worden en niet via het vastrecht alsnog worden doorberekend aan de eindgebruiker. - Tot slot vraagt de G4 om het socialiseren van de kosten van verschillende energiedragers, zodat op termijn de kosten voor iedereen eerlijk verdeeld worden. Op

17 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

Nieuwbouw voor en doorstroming van senioren De gezamenlijke huurdersorganisaties constateren instemmend dat het college wil inzetten op het gereed maken van complexen voor bewoning door ouderen. Zij achten het echter ook van groot belang dat veel aandacht uitgaat naar nieuwbouw bij bestaande seniorencomplexen en vragen het college hiervoor en ook voor het toekomstbestendig maken de nodige ambtelijke capaciteit vrij te maken. Wij zien daarnaast bij veel huurders nog steeds huivering voor doorstroming. Eventuele financiële drempels kunnen wat ons betreft weggenomen worden door een vorm van huurbehoud of huurgewenning te creëren, zoals al in andere steden bestaat. Wij vragen het college een actieve rol hierin te spelen. Daarnaast vragen wij het college om andere redenen die doorstroming tegenhouden in kaart te brengen en hierop actief beleid te maken in samenwerking met corporaties. Uit onze eigen achterban begrijpen wij vaak dat mensen opzien tegen de gevolgen van een verhuizing, iets dat met praktische hulp bij een verhuizing al verholpen kan worden. Huisvesting arbeidsmigranten Een deel van de Haagse woningproblematiek wordt gevormd door de toestroom van expats en arbeidsmigranten. Met name de laatste categorie maakt nu dikwijls aanspraak op huisvesting in Den Haag onder erbarmelijke omstandigheden terwijl zij werkzaam zijn in omliggende gemeenten.

Naast strenge(re) handhaving van de eigen huisvestingsverordening en het aanpakken van huisjesmelkers in het algemeen zijn goede afspraken met deze gemeenten nog steeds noodzakelijk. Ook bij de meest recente ontwikkelingen op de Uithof, waar huisvesting voor arbeidsmigranten in het Westland zal worden gerealiseerd, is de noodzaak hiervoor weer aangetoond. In de woonvisie missen wij echter een praktische uitwerking hiervan en zien wij niet hoe de gemeente Westland de door haar gecreëerde problematiek gaat oplossen. Welke middelen gaat het college inzetten om te voorkomen dat de verpaupering als gevolg van de huisvesting van arbeidsmigranten door de ergste huisjesmelkers doorzet en om ervoor te zorgen dat andere gemeenten nu eindelijk hun verantwoordelijkheid nemen?

dit moment worden de kosten voor het elektriciteitsnet over iedereen verdeeld en die voor de aanleg van warmtenetten alleen over de gebruikers van het warmtenet. Daardoor landen de kosten voor de maatschappelijk meest wenselijke oplossing onevenredig hard bij de eindgebruikers. Dit speelt bijvoorbeeld bij gemengde verenigingen van eigenaars (vve's). Hierbij zijn zowel een woningcorporatie als een particuliere woningeigenaar aanwezig in een pand. We zien dat de woningcorporaties hun E/F/G sociale huurwoningen willen isoleren, maar dit soms niet lukt bij een gemengde VvE wanneer de particulieren niet de financiële middelen hebben om mee te doen. Wij als gemeente ondersteunen die particuliere woningeigenaren middels een subsidie, zodat zij kunnen aanhaken op de verduurzamingsacties van de woningcorporatie bij een gemengde VvE. De huurders van de sociale huurwoningen profiteren hier ook van doordat de renovatie- en isolatie werkzaamheden dan van de grond komen en zij een betere woning krijgen. Er zijn verder ook enkele landelijke en gemeentelijke subsidies die ook beschikbaar zijn voor woningcorporaties/verhuurders, onder voorwaarde dat de verhuurder de ontvangen subsidie niet doorrekent naar de huurder.

Daarnaast kan het soms voorkomen dat een woningcorporatie haar sociale huurwoningen gaat aansluiten op een warmtenet en het mogelijk is dat dichtbijgelegen particulieren kunnen aanhaken. Over het algemeen is het beter voor de businesscase van een warmtenet wanneer er meer warmte-afnemers zijn, waardoor de kosten voor de woningcorporatie ook omlaaggaan. Dit kan dan ook juist resulteren in lagere kosten voor de huurders. Wat betreft het punt over het uitfaseren van de EFG-label woningen: De gemeente ziet toe op het uitfaseren van de EFG-label woningen van de corporatie via meerjarige- en jaarlijkse prestatieafspraken. Elk jaar vragen wij van de corporatie om in kaart te brengen hoeveel EFG-label woningen er nog zijn en hoeveel zij dat jaar gaan isoleren. We monitoren deze resultaten. Over het algemeen zijn de corporaties goed op weg met het uitfaseren van de EFG-label woningen. In Den Haag ligt de grootse uitdaging bij de particuliere huurwoningen, daar zijn de meeste EFG-label woningen en worden ook nog de minste isolatiestappen gezet. Wijzigingen: Geen

Renovatie en sloop/nieuwbouw

18 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

In de gepresenteerde conceptwoonvisie missen de gezamenlijke huurdersorganisaties een beleid ten aanzien van renovatie en sloop/nieuwbouw, terwijl dit wel onderdeel is van de prestatieafspraken en deze laatste verbonden zijn aan de woonvisie. Wij willen het college meegeven dat voor huidige bewoners van corporatiewoningen een besluit tot renovatie of sloop/nieuwbouw grote gevolgen heeft, vaak ook financieel. Wij vragen u daarom een actief beleid tot huurgewenning op te zetten waar alle corporaties zich aan committeren zodat de gevolgen voor huurders te beperken zijn. Daarnaast merken wij dat door de vaak zeer lange doorlooptijd van bestemmingsplanwijzigingen en omgevingsplanwijzigingen er een onzekere situatie is voor huurders. De huidige urgentieverklaring die huurders krijgen bij sloop/nieuwbouw is slechts beperkt geldig en leidt tot onzekerheid bij huurders omdat zij niet altijd passende vervangende huisvesting kunnen vinden. Wij vragen u daarom te onderzoeken of voor deze groep een urgentieverklaring kan worden gecreëerd met een looptijd van de actieplanaanwijzing tot het begin van de sloop zodat die onzekerheid kan worden weggenomen. Verduurzaming De gezamenlijke huurdersorganisaties maken zich zorgen over het beleid ten aanzien van stadsverwarming, omdat een overgang op aardgasvrij dikwijls leidt tot een kostenverhoging voor bewoners.

De onevenredig hoge vaste lasten die volgen uit de bestaande warmtewet zorgen bij bewoners terecht voor angst, met name in de sociale huursector waar juist de minst koopkrachtige inwoners van Den Haag wonen. Energiearmoede is hier nog steeds aanwezig en leidt ertoe dat verduurzaming van complexen kan worden afgewezen door bewoners. Wij vragen het college daarom een garantie af te geven dat overgang op het warmtenet niet tot een kostenverhoging bij bewoners gaat leiden, op zijn minst totdat een nieuwe Wet collectieve warmte in werking zal treden. Als concreet punt noemt het college het mee laten liften van particulieren op verduurzamingsacties van corporaties, maar dit krijgt in de eerdere tekst geen duidelijke handen en voeten. Wij vragen het college daarom een duidelijke toelichting en welke (financiële) gevolgen dit heeft voor corporaties en hun huurders. In de huidige situatie is het namelijk al zo dat huurders een aanzienlijk deel van de hypotheek van particulieren betalen via de hypotheekrenteaftrek en worden particulieren gesubsidieerd om te verduurzamen terwijl dit voor huurders dikwijls niet mogelijk is vanwege een verbod op staatssteun aan corporaties. Houdt dit beleid in dat huizenbezitters evenredig bij gaan dragen aan projecten van corporaties of betekent het dat huurders opnieuw gaan betalen

19 Nota van beantwoording zienswijzen bij Ontwerp Woonvisie 2040 Den Haag

9.

om particulieren aan te moedigen? De Haagse corporaties hebben een relatief grote voorraad huurwoningen met een label E, F en G en vragen het college welk beleid wordt gemaakt op het daadwerkelijk voldoen aan de eis dat deze labels eind 2028 zijn verdwenen. Naar verwachting zullen honderden corporatiewoningen dan nog niet opnieuw gelabeld zijn, maar deze kunnen ook niet meer verhuurd worden. Graag vernemen wij van het college welk beleid hierop gemaakt wordt. Zienswijze Straat Consulaat op de Ontwerp Woonvisie Het Straat Consulaat is een belangenorganisatie voor dakloze mensen in Den Haag. We hebben de Ontwerp Woonvisie van de Gemeente Den Haag met veel interesse gelezen en hebben de volgende aandachtspunten: 1.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14509183/1