CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS319781 Bijlage 3 Actualiseren vooronderzoek Plesmanweg 1-6 in Den Haag 080524

Gemeenteraad 28 november 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Vaststelling bestemmingsplan Plesmanweg 1-6 (RIS319781)15.031 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

- Er mag niet worden gehesen boven de openbare weg en boven ruimten van belendingen wanneer zich daar mensen bevinden. - Er moet dagelijks deskundig toezicht op het werk aanwezig zijn. Gedurende alle werkzaamheden moet er een coördinator op het werk aanwezig zijn die namens de vergunninghouder gemachtigd is handelend op te treden bij het niet voldoen aan de hiervoor gestelde voorwaarden.

11/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

Op basis van de Bouwverordening Artikel 2.1.5, lid 5 Het uitvoeren van bodemonderzoek Omdat het bouwen pas kan plaatsvinden nadat de aanwezige bouwwerken zijn gesloopt, moet het bodemonderzoek worden uitgevoerd nadat is gesloopt en voordat met de bouw wordt begonnen. Artikel 2.4.2 Het tegengaan van bouwen op verontreinigde grond Op basis van de onderzoeken wordt geconcludeerd dat er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging als bedoeld in artikel 29 en 37 Wet bodembescherming. Voor de locatie is een beschikking genomen waarin is vastgesteld dat er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging ten aanzien waarvan een spoedige sanering niet noodzakelijk is. Voor de locatie is daarnaast ingestemd met een saneringsplan. Op basis van het ontwerp bestemmingsplan ‘Plesmanweg 1-6’ Artikel 13.1 van het ontwerpbestemmingsplan en de Provinciale milieuverordening Zuid-Holland 2021 Degene die is belast met de werkzaamheden, wordt voorafgaand daaraan, door degene die voor die werkzaamheden opdracht heeft gegeven op de hoogte gesteld van de aanwezigheid van het milieubeschermingsgebied voor grondwater en van de toepasselijkheid van de voor dat gebied ten aanzien van die werkzaamheden geldende regels, waaronder de zorglicht. Het tijdens de werkzaamheden toe te passen water is van drinkwaterkwaliteit.

Zodanige voorzieningen worden getroffen dat tijdens het gebruik of het aanleggen van een gat geen schadelijke stoffen via dit gat in de bodem terecht kunnen komen. Voor het maken van boorspoeling mag slechts klei worden toegepast. Het toepassen van andersoortige organische of anorganische hulpstoffen is niet toegestaan, uitgezonderd natriumhydroxide voor het reguleren van de zuurgraad. Zodanige voorzieningen worden getroffen dat gedurende de werkzaamheden geen schadelijke stoffen in de bodem terecht kunnen komen. De plaats van opslag van bouwmateriaal en –materieel is afgedekt met folie. In een bouwput mogen geen schadelijke stoffen worden opgeslagen. De staat, uitrusting en het gebruik van bouwmaterieel is zodanig dat de kans op olieverontreiniging of andere vormen van verontreiniging van de bodem verwaarloosbaar is. Het tijdens en na de werkzaamheden gebruikte spoelwater moet worden opgevangen in een daartoe geschikte vloeistofdichte opvangvoorziening en afgevoerd worden naar een erkende verwerker. Gemorste of anderszins vrijgekomen schadelijke stoffen worden terstond verzameld in een vloeistofdichte verpakking en op een zodanige wijze verwerkt of verwijderd dat verontreiniging van de bodem in het betreffende gebied is uitgesloten.

Indien als gevolg van lekkage, morsen of anderszins grond en grondwater wordt verontreinigd of gevaar voor verontreiniging dreigt, stelt de ter plaatse verantwoordelijke persoon onmiddellijk het bevoegd gezag en de directeur van het drinkwaterbedrijf hiervan in kennis. Indien tijdens de werkzaamheden gebruik wordt gemaakt van een bouwkeet, gelden de voorschriften 13 tot en met 17. De afvoer van huishoudelijk afvalwater van een bouwkeet geschiedt via een vloeistofdicht stelsel van leidingen naar het openbaar riool. Indien aan deze eis om technische of operationele redenen niet kan worden voldaan is, geschiedt de afvoer van toiletafvalwater via een stelsel van vloeistofdichte en goed onderhouden leidingen aangesloten op een opvangtank die of een mobiel toilet dat steeds bijtijds geleegd wordt. Keukenafvalwater wordt via een stelsel van vloeistofdichte en goed onderhouden leidingen aangesloten op een bezinkput die steeds bijtijds geleegd wordt.

12/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

-

-

-

-

-

-

Toiletafvalwater, keukenafvalwater en ander afvalwater worden te allen tijde gescheiden gehouden en afgevoerd naar een rioolwaterzuiveringsinstallatie of geloosd op het openbaar riool. Een bouwkeet wordt niet op aardolie verwarmd. Het is niet toegestaan grond of baggerspecie toe te passen, indien die grond of baggerspecie niet voldoet aan de kwaliteitsklasse wonen als bedoeld in artikel 4.4.1, tweede lid, van de Regeling bodemkwaliteit. In afwijking van voorschrift 18 is het verboden grond of baggerspecie toe te passen in het duingebied, indien die grond of baggerspecie het gehalte aan chemische stoffen in die grond of baggerspecie hoger is dan de achtergrondwaarden als bedoeld in artikel 1 van het Besluit bodemkwaliteit. De op of onder het maaiveld toe te passen bouwstoffen moeten voldoen aan de eisen van het Besluit bodemkwaliteit, met dien verstande dat geen IBC-bouwstoffen mogen worden toegepast. Van gebruikte (bouw)materialen waaruit schadelijke stoffen kunnen uitlogen, moet voorkomen worden dat afstromend hemelwater het grondwater bereikt. Chemische stoffen voor onder meer funderingsversterking en het waterdicht maken van bouwputbodems mogen niet worden gebruikt. Onder deze chemische stoffen verstaan wij onder andere waterglas. Vrijkomend bouwafval moet dagelijks worden afgevoerd naar een erkende verwerker.

Een installatie of leiding verkeert in deugdelijke technische staat en biedt voldoende bescherming tegen de invloed van weersomstandigheden en tegen het gevaar van vrijkomen en verspreiding van schadelijke stoffen. De aanleg van de riolering moet voldoen aan de richtlijnen, zoals deze zijn gesteld in de NEN-EN 1610:2019 (Buitenriolering - Aanleg en beproeving van leidingsystemen). De zakelijk gerechtigde of de onderhoudsplichtige moet er voor zorg dragen dat het rioleringsstelsel wordt beheerd overeenkomstig de richtlijnen NEN-EN 752:2017 (Buitenriolering - Rioolmanagement). Tijdig voor het repareren en/of het vervangen van het rioleringsstelsel geeft de zakelijk gerechtigde of de onderhoudsplichtige daarvan kennis aan het bevoegd gezag. Indien het rioleringsstelsel of een deel daarvan buiten gebruik wordt gesteld, moet de niet meer in gebruik zijnde leiding worden schoongespoeld en worden verwijderd. De bemaling mag niet leiden tot het verplaatsen van verontreinigingen in de bodem. De bemaling mag geen kortsluitstroming veroorzaken tussen het freatische en het watervoerende pakket.

Begripsbepalingen Grondwaterbeschermingszone: het gebied van Dunea dat als zodanig is aangewezen in bijlage 3 van de Provinciale milieuverordening Zuid-Holland 2021; Bodem: bodem als bedoeld in artikel 1 van de Wet bodembescherming; Drinkwaterbedrijf: drinkwaterbedrijf als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Drinkwaterwet (hier: Dunea NV, Postbus 756, 2700 AT Zoetermeer, telefoonnummer 070 - 384 32 00; Schadelijke stoffen: chemische elementen en hun verbindingen, mengsels, materialen, alsmede producten met fysische, chemische en toxicologische eigenschappen die direct of door omzettingen nadelig zijn of kunnen zijn voor de kwaliteit van het grondwater met het oog op de waterwinning.

13/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

Bijlage 2 ACTIVITEIT ‘SLOPEN IN BESCHERMD STADSGEZICHT’ Beoordeling Uw aanvraag voor deze activiteit hebben wij getoetst aan de Monumentenwet 1988 en Monumentenverordening Den Haag 2010. Hierbij hebben wij geconstateerd dat de gevraagde omgevingsvergunning voor deze activiteit kan worden verleend. Hierna lichten wij dit toe. Monumentenwet 1988 en Monumentenverordening Den Haag 2010. Het slopen van het naoorlogse kantoorpand achter Plesmanweg 1-6 (saxofoon) vindt plaats in het aangewezen rijksbeschermde stadsgezicht ‘Westbroek park en Belgisch park’, als bedoeld in artikel 36 van de Monumentenwet. Voor het realiseren van drie nieuwe gebouwen wordt de bestaande kantoorvleugel (saxofoon) afgebroken. De regels rondom slopen in een beschermd stadsgezicht zien er voornamelijk op toe om een lange periode met grote gaten in gesloten bouwblokken dan wel braakliggende terreinen te voorkomen. Nu er zicht is op vervangende nieuwbouw, die gelijktijdig met de sloop van het bestaande gebouw is aangevraagd, bestaat er geen bezwaar tegen de sloop van het bestaande, niet als monument beschermde bouwdeel. Er is voldoende aannemelijk gemaakt dat er nieuwbouw wordt gerealiseerd op het vrijkomende terrein.

Daarnaast betekent de sloop van het bestaande gebouw dat er meer ruimte tussen de bebouwing ontstaat en een zekere vergroening plaats zal vinden die ten goede komen aan het rijksbeschermde stadsgezicht. Conclusie Uit de beoordeling van de activiteit volgt dat de gevraagde omgevingsvergunning voor de activiteit ‘Slopen in beschermd stadsgezicht’ op basis van artikel 2.16 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht kan worden verleend.

14/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

Bijlage 3 ACTIVITEIT ‘UITWEG’ Beoordeling Uw aanvraag voor deze activiteit hebben wij getoetst aan de Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag Hierbij hebben wij geconstateerd dat de gevraagde omgevingsvergunning voor deze activiteit kan worden verleend. Hierna lichten wij dit toe. Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag Een aanvraag om een omgevingsvergunning voor deze activiteit wordt volgens artikel 2:84 van de Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag beoordeeld op de bruikbaarheid van de weg, het veilig en doelmatig gebruik van de weg, de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving en de bescherming van groenvoorzieningen van de omgeving. De bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving De Adviescommissie openbare ruimte heeft de aanvraag beoordeeld en als volgt geadviseerd: Een uitweg op de locatie is volgens de ACOR voorstelbaar, mits de lichtmast en andere objecten worden herplaatst en/of heringericht. De ACOR gaat akkoord met het realiseren van de uitweg. Wij nemen het advies van de Adviescommissie openbare ruimte over en verbinden daarom voorschriften aan deze vergunning. Het doelmatig gebruik van de weg’ De afdeling Mobiliteit heeft het veilig en doelmatig gebruik van de weg beoordeeld en als volgt geadviseerd:. In de huidige situatie is er nog geen uitweg aanwezig.

Op de locatie staan echter een bushalte, een straatkolk en een lantaarnpaal. Er is reeds overleg gevoerd om betreffende onderdelen te verplaatsen. In de nieuwe situatie worden door de uitweg 85 parkeerplaatsen bereikbaar, die op eigen terrein van de ontwikkeling gelegen zijn. Er is geen sprake van een verhoging van de parkeerdruk. De doelmatigheid is daarmee akkoord. Na verplaatsen van de bushalte, lantaarnpaal en straatkolk zijn er geen obstakels die het zicht op de aanliggende weg ontnemen. De afdeling Mobiliteit gaat akkoord met het aanleggen van de uitweg, onder de voorwaarde dat de bushalte, lantaarnpaal en straatkolk verplaatst worden. Wij nemen het advies van de afdeling Mobiliteit over en verbinden daarom voorschriften aan deze vergunning. De bruikbaarheid en het veilig gebruik van de weg De wegbeheerder van het betreffende stadsdeel heeft de bruikbaarheid en het veilig gebruik van de weg beoordeeld en als volgt geadviseerd’. De uitweg heeft geen negatieve gevolgen voor de bruikbaarheid en het veilig gebruik van de weg. U dient voor de werkzaamheden aanvangen een afspraak te maken met de wegbeheerder om de situatie

15/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

ter plekke te bespreken. Een afspraak kan worden gemaakt via het gratis telefoonnummer 14070 van de gemeente Den Haag of via wegbeheerscheveningen@denhaag.nl. Wij nemen het advies van de wegbeheerder over en verbinden daarom voorschriften aan deze vergunning. De bescherming van groenvoorzieningen in de omgeving Wij stellen vast dat de uitweg geen gevolgen heeft voor de houtopstand/groenvoorzieningen in de directe omgeving van de geprojecteerde uitweg. Om die reden is de activiteit ‘Uitweg’ niet getoetst aan de weigeringsgrond ‘de bescherming van groenvoorzieningen van de omgeving’ en is een advies van de groenbeheerder niet vereist. Conclusie Uit de beoordeling van de activiteit volgt dat de gevraagde omgevingsvergunning voor de activiteit ‘Uitweg’ op basis van artikel 2.18 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht kan worden verleend. Voorschriften Certificering aannemer De werkzaamheden aan het gedeelte van de uitweg op gemeentegrond dienen op uw kosten door een ISO9001 gecertificeerde aannemer in de wegenbouw uitgevoerd te worden aan de hand van een door de wegbeheerder van het betreffende stadsdeel van de Dienst Publiekszaken goedgekeurde werktekening. De wegbeheerder is bereikbaar via het gratis telefoonnummer 14070 van de gemeente Den Haag.

Aanleggen van de uitweg De uitweg dient volgens de richtlijnen van het Handboek Openbare Ruimte van de gemeente Den Haag gerealiseerd te worden.Het Handboek Openbare Ruimte is te raadplegen via https://www.denha ag.nl/nl/in-de-stad/wonen-en-bouwen/ontwikkelingen-in-de-stad/handboek-openbare-ruimte-.htm. Opleveren straatwerk Wanneer de uitweg gerealiseerd is, dient het straatwerk aan de wegbeheerder van het betreffende stadsdeel van de Dienst Publiekszaken te worden opgeleverd. Van de oplevering dient een ‘proces-verbaal van oplevering’ te worden opgemaakt door de aannemer waarin eventuele constateringen c.q. technische gebreken worden opgenomen. De wegbeheerder en aannemer bepalen in overleg de termijn waarin de constateringen hersteld worden. Na ondertekening gaat er voor de aannemer een onderhoudstermijn in voor een periode van zes maanden en is het straatwerk officieel overgedragen aan de wegbeheerder. De wegbeheerder is bereikbaar via het gratis telefoonnummer 14070 van de gemeente Den Haag.

16/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

Bijlage 4 NADERE AANWIJZINGEN Intrekken omgevingsvergunning Op grond van artikel 2.33 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht zijn wij bevoegd om een omgevingsvergunning geheel of gedeeltelijk in te trekken. Dit kan onder meer wanneer er gedurende 26 weken geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning. Communicatie met de omgeving De verantwoordelijkheid voor de communicatie met de omgeving ligt bij u als initiatiefnemer. Een goede communicatie met de omgeving vergroot de kans op een bredere acceptatie van uw plan. Er is een handreiking, waarin u stapsgewijs tips krijgt over waar u aan moet denken. Deze kunt u vinden op de website: www.denhaag.nl/nl/in-de-stad/wonen-en-bouwen/bouwen-in-en-met-de-buurt.htm. Andere benodigde vergunningen, meldingen en toestemmingen Om het initiatief daadwerkelijk te kunnen verwezenlijken zijn wellicht nog andere vergunningen, meldingen en toestemmingen nodig. U moet zelf nagaan welke dat zijn en welke specifieke gegevens daarvoor nodig zijn. Onderstaand overzicht kan u daarbij helpen. Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. Het aanvragen van een omgevingsvergunning, de daarbij behorende activiteiten, de meldingsplichten en bijbehorende procedures zullen dan wijzigen.

Omgevingsvergunning een omgevingsvergunning voor de activiteit ‘Kappen’ voor het kappen van bomen; Meer informatie kunt u vinden op de website: www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen/bou wvergunningen/omgevingsvergunning-aanvragen.htm. U kunt ook bellen naar 14 070. De aanvraag met bijbehorende stukken kunt u indienen via www.omgevingsloket.nl. Melding een ‘sloopmelding’ als er meer dan 10 m3 afval ontstaat en/of er asbest wordt verwijderd. Meer informatie kunt u vinden op de website: www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen/sloop-melden/. U kunt ook bellen naar 14 070. De melding met bijbehorende stukken kunt u indienen via www.omgevingsloket.nl; een ‘gebruiksmelding’ voor het in gebruik nemen of gebruiken van een bouwwerk waarin meer dan 50 personen tegelijk aanwezig zullen zijn. Meer informatie kunt u vinden op de website: www.brandweer.nl/brandveiligheid/gebruiksmelding-brandveiligheid. U kunt ook bellen met de Veiligheidsregio Haaglanden via telefoonnummer (088) 886 80 00. De melding met bijbehorende stukken kunt u indienen via www.omgevingsloket.nl; een melding ‘grondverzet voor het verplaatsen of hergebruiken van grond’. Meer informatie kunt u vinden op de website www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen/grondverzet-melden.htm.

U kunt ook contact opnemen met de Omgevingsdienst Haaglanden via e-mailadres vergunningen@odh.nl of telefoonnummer (070) 218 99 02. De melding met bijbehorende stukken kunt u indienen via het Meldpunt bodemkwaliteit www.meldpuntbodemkwaliteit.nl/Voorportaal.aspx; een melding ‘lozen van grondwater (bronbemaling)’ als u grondwater wilt wegpompen om werkzaamheden in de bodem uit te voeren of als vervuilde grond wilt schoonmaken waarbij

17/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

-

-

grondwater vrijkomt dat moet worden geloosd. Voor meer informatie kunt u bellen met 14 070 of onze website raadplegen www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen/lozen-van-grondwat er-melden-bronbemaling/#nodig-bij-de-melding. De aanvraag met bijbehorende stukken kunt u indienen via www.omgevingsdiensthaaglanden.nl/snel-regelen/; een ‘Klic-melding kabels en leidingen’ voor machinaal graven. Bij machinaal graven bent u verplicht binnen maximaal twintig dagen en uiterlijk drie werkdagen voor u gaat graven een Klic-melding te doen. De melding met bijbehorende stukken kunt u indienen via www.kadaster.nl/producten/woning/klic-melding of www.kadaster.nl/zakelijk/producten/graafwerk/klic-melding; een ‘melding archeologische vondsten’ als bij de grondwerkzaamheden archeologische sporen en resten aan het licht komen. De uitvoerder/aannemer is verplicht dit onverwijld te melden bij de Dienst Stadsbeheer, afdeling Archeologie, Van Kinsbergenstraat 85-F, 2518 GW DEN HAAG, telefoonnummer (070) 353 66 39 of per e-mailadres: archeologie@denhaag.nl;

Vergunning of melding APV (Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag) een vergunning of melding ‘gebruik openbare weg’ voor het plaatsen, aanbrengen of hebben van een voorwerp (bijvoorbeeld een puincontainer, steiger, mobiel toilet, bouwkeet) op, in, over of boven de weg of voor het anders dan de publieke functie daarvan gebruiken van de weg. Meer informatie kunt u vinden op de website: www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen/verg unning-gebruik-openbare-weg-aanvragen/; een instemmingsbesluit (vergunning) ‘wegopbrekingen’ voor het afsluiten of afbreken van de straat voor werkzaamheden (bijvoorbeeld de weg tijdelijk afsluiten voor bouwwerkzaamheden). Meer informatie kunt u vinden op de website: www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffinge n/vergunningen-openbare-weg/instemmingsbesluit-wegopbrekingen-aanvragen.htm; een ‘takelvergunning’ voor het bedrijfsmatig uitvoeren van takelwerkzaamheden in de openbare ruimte. Particulieren kunnen deze vergunning niet aanvragen. Dat moet het kraan- en takelbedrijf doen. Meer informatie kunt u vinden op de website: www.denhaag.nl/nl/vergunning en-en-ontheffingen/vergunningen-openbare-weg/takelvergunning-aanvragen.htm; een verkeersbesluit voor een laad- en loshaven op straat voor het laden en lossen van goederen.

Meer informatie kunt u vinden op de website: www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffinge n/vergunningen-openbare-weg/laad-en-loshaven-op-straat-aanvragen.htm; Meer informatie kunt u vinden op de website: www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen.htm. U kunt ook bellen naar 14 070. De aanvraag met bijbehorende stukken kunt u indienen via deze website. Overige toestemmingen een ‘watervergunning’ voor het onttrekken of infiltreren van grondwater. Meer informatie hierover kunt u vinden op de site van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat: www.infomil.nl/ond erwerpen/lucht-water/handboek-water/wetgeving/waterwet/handelingen/vergunningplichtig/gr ondwater/; een ‘watervergunning’ of ‘watermelding’ voor activiteiten waarbij water, grondwater of dijken zijn betrokken. Meer informatie vindt u op www.hhdelfland.nl/regelen/vergunning-aanvragen/; een watervergunning of -melding in het kader van het Besluit lozen buiten inrichtingen of melding Activiteitenbesluit voor het gebruik maken van een bodemenergiesysteem. U kunt de aanvraag of melding alleen doen via een daartoe erkende instelling. U kunt deze erkende instelling opzoeken via de website www.bodemplus.nl/aanvragen/erkenningen/zoekmenu/?form=instelling.

Bij het nummer normdocument dient respectievelijk het volgende ingevuld te worden: voor gesloten bodemenergiesystemen: SIKB 11000-1a; voor open bodemenergiesystemen: SIKB 11000-1b.

18/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

-

-

Voor meer informatie kunt u bellen met de Omgevingsdienst Haaglanden, afdeling Vergunningen via telefoonnummer (070) 218 99 02 of de website raadplegen: www.omgevingsdiensthaaglanden.nl/contact.html; een ‘aanvraag peilhoogte’ voor het laten vaststellen van de hoogteligging van de begane grondvloer ten opzichte van de openbare straat. Voor meer informatie kunt u bellen met 14 070 of onze website raadplegen. De aanvraag met bijbehorende stukken kunt u indienen via https://www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen/peilhoogte-aanvragen/; een ‘rioolaansluiting’ als u voor een nieuw huis een aansluiting op het rioolstelsel wilt of als u het riool wilt vervangen bij renovatie. Voor meer informatie kunt u bellen met 14 070 of onze website raadplegen. De aanvraag met bijbehorende stukken kunt u indienen via www.denhaag.nl/nl/vergu nningen-en-ontheffingen/omgevingsvergunningen/rioolaansluiting-aanvragen.htm;

Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. Het aanvragen van een omgevingsvergunning, de daarbij behorende activiteiten, de meldingsplichten en bijbehorende procedures zullen dan wijzigen. Aandachtspunten Zorgplicht Iedereen die een bouwwerk bouwt, gebruikt of laat gebruiken moet ervoor zorgen dat er geen gevaar voor de gezondheid of veiligheid ontstaat of blijft bestaan. U kunt onder andere denken aan de volgende maatregelen of eisen: het zonder sleutel kunnen openen van (nooduitgangs-)deuren bij brand; het vrijhouden van de ruimte rond (nooduitgangs-)deuren, zodat deze volledig geopend kunnen worden; het aanbrengen van voorzieningen in ruimten waar elektrische voertuigen, waaronder elektrische fietsen, gestald en/of geparkeerd staan, waardoor: een brand spoedig gedetecteerd wordt; het aanbrengen van voorzieningen die bij brand alle oplaadpunten voor elektrische voertuigen gelijktijdig afsluit van de voorziening voor elektriciteit. Meer informatie en praktische tips kunt u vinden op de website: www.brandweernederland.nl/nieuws/brandveiligheid-elektrische-voertuigen-parkeergarages/; een afgeronde BVC-procedure voordat er met de bouwwerkzaamheden wordt gestart.

Voor meer informatie kunt u onze website raadplegen www.denhaag.nl/nl/in-de-stad/verkeer-en-vervoer/be reikbaarheid/werken-op-de-wegen-van-het-netwerk-bereikbaarheidsregie.htm; het beperken van de risico’s van het plaatsen van zonnepanelen. Het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) heeft een handreiking gepubliceerd waarin de risico’s worden beschreven en hoe deze kunnen worden beperkt. U kunt het rapport downloaden via de site www.nipv.nl. Hier vindt u de rapportage ‘Handreiking risicobeheersing advies veilige PV-systemen’. Het is de verantwoordelijkheid van de eigenaar/gebruiker van het gebouw om deze risico’s te accepteren of aanvullende voorzieningen te treffen. Ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten in een grondwaterbeschermingsgebied de kwaliteit van het grondwater met het oog op de waterwinning kan worden geschaad, laat dergelijk handelen achterwege dan wel, indien dat achterwege laten redelijkerwijs niet kan worden gevergd, treft alle maatregelen die redelijkerwijs van deze persoon kunnen worden gevergd teneinde die schade te voorkomen, dan wel indien die schade zich voordoet, deze zoveel mogelijk te beperken en de gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken en ongedaan te maken.

19/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

-

Ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten buiten een grondwaterbeschermingsgebied de kwaliteit van het grondwater met het oog op de waterwinning in een grondwaterbeschermingsgebied kan worden geschaad, treft alle maatregelen die redelijkerwijs van deze persoon kunnen worden gevergd teneinde die schade te voorkomen, dan wel indien schade zich voordoet, deze zoveel mogelijk te beperken en de gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken en ongedaan te maken.

Privaatrecht Er kunnen bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek van toepassing zijn. Onderstaande werkzaamheden zijn niet toegestaan zonder toestemming van de eigenaren van aangrenzende percelen: het afvoeren van hemelwater op andermans erf; de toegang tot het bouwwerk via een naburig erf dat in beginsel verboden is, tenzij er sprake is van een recht van overpad; het onrechtmatig toebrengen van hinder aan eigenaren van andere erven als gevolg van bijvoorbeeld het ontnemen van licht, lucht of steun of door het verspreiden van rumoer, trillingen, stank, rook of gassen. Afvoeren op het dak van de buren moeten bijvoorbeeld blijven functioneren en daartoe mogelijk worden aangepast. Wij adviseren u contact op te nemen met de eigenaren van het naburig erf voordat de (bouw)werkzaamheden starten.

Restrisico gebruik bouwwerken, open erven en terreinen Het is verboden in, op of aan een bouwwerk of op een open erf of terrein voorwerpen of stoffen te plaatsen, te werpen of te hebben, handelingen te verrichten of na te laten of werktuigen te gebruiken, waardoor: op voor de omgeving hinderlijke of schadelijke wijze rook, roet, walm of stof wordt verspreid; overlast wordt of kan worden veroorzaakt voor de gebruikers van het bouwwerk, het open erf of terrein; op voor de omgeving hinderlijke of schadelijke wijze stank, stof of vocht of irriterend materiaal wordt verspreid of overlast wordt veroorzaakt door geluid en trilling, elektrische trilling daaronder begrepen, of door schadelijk of hinderlijk gedierte, dan wel door verontreiniging van het bouwwerk, open erf of terrein, of; instortings-, omval- of ander gevaar wordt veroorzaakt. Overig Bewoners, werknemers en bezoekers komen niet in aanmerking voor een parkeervergunning voor de openbare straat, aangezien er voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein zijn. Bij grondverzet dient, afhankelijk van de bestemming/toepassing van de grond, rekening gehouden worden met de Wet Milieubeheer (Besluit melden bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen) en/of de Wet bodembescherming; U dient rekening te houden met onze aansluitvoorwaarden voor de rioolaansluitingen met name wat betreft diepteligging.

U dient de huisaansluitingen tijdig aan te vragen, waarbij onder andere de invulling van de (riool)water elementen wordt afgestemd. Meer informatie kunt u vinden op de website: www.denh aag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen/omgevingsvergunningen/rioolaansluiting-aanvragen.h tm. De verplaatsing van een straatkolk of plaatsing van een platte kolk of wijzigingen in de hemelwaterafvoer kan alleen in opdracht van en op kosten van de aanvrager in overleg met de Dienst Stadsbeheer, afdeling Riolering & Waterbeheersing uitgevoerd worden. U kunt daarvoor

20/21

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

202121030/8842925

-

-

-

-

contact opnemen met de afdeling Riolering & Waterbeheersing van de gemeente Den Haag via rioleringenwaterbeheersing@denhaag.nl. De verplaatsing van openbare verlichting mag alleen uitgevoerd worden door de onderhoudsaannemer van de gemeente Den Haag in opdracht van en op kosten van de aanvrager in overleg met de afdeling OVL van de Dienst Stadsbeheer. U kunt daarvoor contact opnemen met de afdeling van de Dienst Stadsbeheer via ovl@denhaag.nl. Voor het aanleggen van de uitweg kan gebruik worden gemaakt van het Gemeentelijk Veeg- en Straatbedrijf. Een offerte voor het aanleggen van de uitweg kan aangevraagd worden via werkvoorbereiding.vsbdh@denhaag.nl. Er dient tijdig een LTC-melding gemaakt te worden, zie hiervoor de website: https://www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen/vergunningen-openbareweg/instem mingsbesluit-wegopbrekingen-aanvragen.htm. Het is mogelijk dat de gemeente voor het toezicht gebruik maakt van een drone. Daarbij verwerkt zij persoonsgegevens. Op de website www.denhaag.nl/nl/wonen-en-bouwen/privacyverklaring-co ntroleren-van-gebouwen-met-drones/ kunt u lezen hoe de gemeente met uw gegevens omgaat en wat uw rechten zijn.

21/21

Kenmerk

Bijlage 5

R001-1268561MVR-V01-nja-NL

Overzicht beschikkingen/besluiten gemeente ’s-Gravenhage

Hieronder staat een overzicht van de volgende beschikkingen/besluiten van de gemeente ’sGravenhage, waarin het ontwerpbesluit van gemeente met kenmerk 202121030/8842925:   

ODH-2019-00123829 van 1 nov 2019 ODH-2021-00018640 van 4 februari 2021 ODH164193 van 24 november 2021

 

ODH259265 van 17 februari 2022 ODH355139 van 07 juni 2022

omgevingsdienst HAAGLANDEN

Zaaknummer Ons Kenmerk Datum

00557859 ODH-2019-00123829

Bezoekadres Zuid-Hollandplein 1 2596 AW Den Haag Postadres Postbus 14060 2501 GB Den Haag T (070) 21 899 02 E vergunningen@odh.nl I www.odh.nl

0 1 NOV. 2019

Beschikking Wet bodembescherming - deel saneringsplan Onderwerp Op 5 augustus 2019 hebben wij een saneringsplan ontvangen als bedoeld in artikel 39 en artikel 40 van de Wet bodembescherming. Het plan heeft betrekking op de locatie Plesmanweg 1-6 te Den Haag (locatiecode: AA051812975).

Besluit Wij besluiten:

I.

in te stemmen met het ingediende saneringsplan van Plesmanweg B.V.. Het plan heeft betrekking op de locatie Plesmanweg 1-6 te Den Haag;

II.

de voorschriften voorschriftnummer 1 tot en met 9 te verbinden aan deze beschikking.

Ondertekening Burgemeester en wethouders van Den Haag, namens dezen.

ing. L. Hopmc Hoofd Toetsing & Vergunningverlening Milieu van de Omgevingsdienst Haaglanden

Rechtsmiddelen Voor de mogelijkheid rechtsmiddelen aan te wenden tegen deze beschikking wijzen wij op de desbetreffende tekst in het begeleidende schrijven.

omgevingsdienst HAAGLANDEN VOORSCHRIFTEN 1

De saneerder meldt uiterlijk 10 werkdagen voor de feitelijke aanvang van de grondsanering, respectievelijk de grondwatersanering schriftelijk bij de Omgevingsdienst Haaglanden de aanvangsdatum van de sanering.

2

Indien de sanering niet wordt gestart op de gemelde aanvangsdatum of de overeenkomstig dit voorschrift aangepaste aanvangsdatum, meldt de saneerder dit onverwijid schriftelijk aan de Omgevingsdienst Haaglanden, onder opgave van de nieuwe aanvangsdatum. Indien de nieuwe aanvangsdatum op dat moment nog niet bekend is, meldt de saneerder de nieuwe aanvangsdatum minimaal twee weken voor deze datum schriftelijk aan de Omgevingsdienst Haaglanden.

3

Indien bij de sanering ontgraving van verontreinigde grond plaatsvindt, stelt de saneerder uiterlijk twee dagen voorafgaand aan het tijdstip waarop over het gehele gebied van de ontgraving de einddiepte bereikt zai worden en tot aanvulling van de ontgraving zai worden overgegaan de Omgevingsdienst Haaglanden daarvan op de hoogte. Bij ontgraving en aanvulling in gedeeltes, geldt voornoemde verplichting tot melding per gedeelte.

4

De saneerder meldt de datum van de beeindiging van de sanering binnen 5 werkdagen na beeindiging van de sanering schriftelijk aan de Omgevingsdienst Haaglanden

5

De meldingen als bedoeld in voorschrift 1, 2, 3, en 4 dienen per email (toezicht(godh.nl) te worden gedaan waarbij wordt gebruik gemaakt van de door ons beschikbaar gestelde meldingsformulieren (te vinden op www.odh.nl).

6

Indien zich tijdens de uitvoering van de sanering wijzigingen voordoen of worden verwacht ten opzichte van dit saneringsplan, meldt de saneerder dit zo spoedig mogelijk per email (vergunningen(godh.nl). Hiervoor moet gebruik gemaakt worden van het door ons beschikbaar gestelde meldingsformulier (te vinden op www.odh.nl).

7

De onderzoeken, de uitvoering van de sanering en de milieukundige begeleiding als bedoeld in deze beschikking of het saneringsplan waar deze beschikking betrekking op heeft worden uitgevoerd door een persoon of instelling die op grond van het Besluit bodemkwaliteit (of daarvoor in de plaats tredende regelgeving) beschikt over een erkenning voor het uitvoeren van de betrokken werkzaamheden.

8

Het saneringsplan is slechts gedurende een beperkte periode geldig, omdat na verloop van tijd de regelgeving en beleidsinzichten kunnen wijzigen. Indien niet binnen 4 jaar na dagtekening van dit besluit wordt gestart met de sanering vervalt de instemming met het saneringsplan.

9

Het saneringsverslag dient aan het bevoegd gezag Wbb ter beoordeling te worden voorgelegd, binnen drie maanden na afronding van de sanering.

2/5

omgevingsdienst HAAGLANDEN OVERWEGINGEN Aanleiding Op 5 augustus 2019 hebben wij een saneringsplan van Plesmanweg B.V. ontvangen als bedoeld in artikel 39 en artikel 40 van de Wet bodembescherming (hierna: Wbb). Het plan heeft betrekking op de locatie Plesmanweg 1-6 te Den Haag (locatiecode: AA051812975). Het geval bodemverontreiniging ligt op de volgende grondpercelen: kadastrale gemeente sectie grondpercelen

's-Gravenhage V 8202, 8205, 8207, 8208, 8226 (alien gedeeltelijk)

Deze beschikking is gebaseerd op het volgende stuk: (Deel)saneringsplan herontwikkeling Plesmanweg 1-6 te Den Haag (Tauw b.v., kenmerk R0011268561 RJO-V04-aao-NL, d.d. 2 augustus 2019.

Procedure De uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht is toegepast op deze beschikking. Doordat de aangeleverde gegevens onvolledig waren, is de procedure op 5 September 2019 opgeschort en is verzocht om aanvullende gegevens. Op 5 September 2019 hebben wij de volgende aanvullende gegevens ontvangen: (Deel)saneringsplan herontwikkeling Plesmanweg 1-6 te Den Haag (Tauw b.v., kenmerk R0011268561 RJP-V05-sal-NL, d.d. 5 September 2019). De procedure is op 5 September 2019 hervat. Zienswijzen PM De ontwerpbeschikking heeft ter inzage gelegen van 17 September 2019 tot 29 oktober 2019. Er zijn geen zienswijzen ingebracht. Wijziging ten opzichte van ontwerpbeschikking PM Ten opzichte van de ontwerpbeschikking zijn geen wijzigingen aangebracht.

Toetsingskader en grondslag beschikking Het saneringsplan is getoetst aan de Wbb, de Verordening bodemsanering Den Haag 2007 en de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 (Stc. 27 juni 2013). De artikelen 28, 39 en 40 van de Wbb vormen de grondslag van deze beschikking. Eerder afgegeven beschikkingen In onze beschikking van 5 juli 2017 (met kenmerk ODH-2017-00069263) is vastgesteld dat op de locatie Plesmanweg 1-6 te Den Haag sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging waarvan de sanering niet spoedeisend is.

3/5

omgevingsdienst HAAGLANDEN Beoordeling Beschrijving van de verontreinigingssituatie Op de locatie is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met zware metalen in de grond. De verontreiniging is op drie deellocaties op het terrein aanwezig: • Deellocatie A: verontreiniging in de zuidwestelijke hoek van het terrein. Hier is sprake van een sterke verontreiniging met koper, lood, nikkel, zink en PAK. De verontreiniging is aanwezig over een oppervlak van 3.200 m^. De grond is vanaf het maaiveld tot maximaal 2,5 m-mv sterk verontreinigd. Ter plaatse van de bebouwing is een kelder aanwezig tot ongeveer 2,5 m-mv, hier is geen verontreinigde grond aanwezig. In totaal is maximaal 8.000 m^ sterk verontreinigde grond aanwezig; • Deellocatie B: verontreiniging in het midden van de locatie. Hier is sprake van een sterke verontreiniging met lood. De verontreiniging is aanwezig over een oppervlak van 200 m^ vanaf het maaiveld tot 2,0 m-mv. In totaal is 400 m^ grond sterk verontreinigd; • Deellocatie C: verontreiniging in de zuidoostelijke hoek van het terrein. Hier is eveneens sprake van een sterke verontreiniging met lood. De verontreiniging is aanwezig over een oppervlak van 250 m^ vanaf 0,5 tot 1,5 m-mv. In totaal is 250 m^ grond sterk verontreinigd.

Op de locatie is sprake van een drietal verontreinigde deellocaties, welke gezamenlijk worden gezien als een geval van ernstige bodemverontreiniging. In totaal is over een oppervlakte van 3.650 m^, ongeveer 8.650 m^ grond sterk verontreinigd met zware metalen en/of PAK. Het grondwater is niet verontreinigd met de betreffende verontreinigingsstoffen. Het deelsaneringsplan Samenvatting sanerlngsonderzoek Voor de sanering is geen afweging gemaakt tussen de saneringsvarianten. Het doel is een functionele sanering. Middels ontgraving wordt de sterk verontreinigde grond ter plaatse van de geplande werkzaamheden verwijderd, waarbij ter plaatse van deellocatie C wel het volledige geval wordt verwijderd. Samenvatting deelsaneringsplan De saneringsdoelstelling is het projectmatig saneren van de grond om op milieuhygienische verantwoorde wijze de voorgenomen herinrichtingswerkzaamheden uit te voeren. De saneringslocatie is opgedeeld in de drie deellocaties. Locatie A: Een deel van de verontreinigingscontour ter plaatse van deellocatie A valt buiten het saneringsplan (circa 840 m^). Deze deellocatie wordt opgedeeld in het volgende: Deellocatie A-1: Inrit, noordelijke deel. Hier worden de verhardingen hersteld, waarbij geen grondverzet wordt uitgevoerd. De sterke verontreiniging wordt geisoleerd over een oppervlakte van circa 1.000 m^; Deellocatie A-2: Monumentale siertuin.

De plantvakken worden opnieuw ingericht en de verharding ter plaatse van de trapopgangen worden hersteld. Hierbij wordt mogelijk grond geroerd ter plaatse van de plantvakken, indien dit het geval zai zijn, zai dit onder saneringscondities worden uitgevoerd. Ter plaatse van de trapopgangen wordt de sterke verontreiniging geisoleerd. Het grasveld blijft gehandhaafd en betreft openbaar groen. Het totale oppervlakte van dit deel betreft circa 1.000 m^. Deellocatie A-3: Nieuwe tuinen en entree, ten zuidoosten van het hoofdgebouw. Ten behoeve van de aanleg van kabels en leidingen en het plaatsen van nieuwe trapelementen wordt over een oppervlakte van circa 360 m^ onder talud ontgraven tot circa 2 m-mv. De sterk verontreinigde grond wordt afgevoerd naar een erkende ven/verker (457 m^). De ontgravingsput wordt afgedekt met geotextiel en aangevuld met schone grond. Ter plaatse van de gevel en de watergang blijft sterk verontreinigde grond achter en de locatie zai volledig worden verhard. 4/5

omgevingsdienst HAAGLANDEN Locatie B: Hellingbaan fietskelder/parkeergarage. Over een oppervlakte van 200 m^ wordt tot maximaal 2,0 m-mv onder talud verontreinigde grond afgegraven. De sterk verontreinigde grond wordt afgevoerd naar een erkende verwerker (circa 60 m^). De locatie wordt geisoleerd met een verharding. Locatie C: Parkeerterrein. Ter plaatse wordt over een oppervlakte van 250 m^ sterk verontreinigde grond ontgraven tot 1,5 m-mv. De niet sterk verontreinigde bovengrond (tot 0,5 m-mv) wordt separaat ontgraven en hergebruikt als aanvulgrond (circa 135 m^). De sterk verontreinigde grond wordt afgevoerd naar een erkende venwerker (circa 250 m^). Door middel van putbodem- en putwandmonsters wordt geverifieerd of de sterk verontreinigde grond volledig is verwijderd. De ontgravingsput wordt verder aangevuld met klasse wonen grond. In totaal worden sanerende werkzaamheden verricht over een oppervlakte van maximaal 2.810 m^. Hierbij wordt circa 802 m^ sterk verontreinigde grond ontgraven en afgevoerd naar een erkende verwerker. Verder wordt de sterke verontreiniging geisoleerd door middel van de herstelde, dan wel aangebrachte verhardingen. Een deel van de sterke verontreiniging ter plaatse van deellocaties A en B blijven ongeroerd. Als nazorg voor de locatie geldt het in stand houden van de aangebrachte verhardingen en het behouden van het grasveld.

Overwegingen ten aanzien van het saneringsplan Na uitvoering van de sanering is de bodem geschikt voor het beoogde gebruik als openbaar groen, wonen en parkeergelegenheid en zijn de risico's voor mens, plant en dier als gevolg van blootstelling aan of de verspreiding van de verontreiniging voldoende beperkt. Aan de uitvoering van de beschreven saneringswijze is nazorg verbonden. Wij stemmen in met het deelsaneringsplan, omdat het overige deel van de sterke verontreiniging openbaar groen (grasveld) betreft of omdat geen contactmogelijkheden aanwezig zijn, door de aanwezige verharding. Het saneringsplan is slechts gedurende een beperkte periode geldig, omdat na verloop van tijd de regelgeving en beleidsinzichten kunnen wijzigen. Indien niet binnen 4 jaar na dagtekening van deze beschikking wordt gestart met de sanering, komt de instemming met het saneringsplan te vervallen.

Conclusie: Wij stemmen in met de in het saneringsplan beschreven doelstelling, uitgangspunten en werkwijze. Er is sprake van een deelsanering waarbij niet de gehele bodemverontreiniging wordt gesaneerd.

5/5

Kenmerk

Bijlage 6

R001-1268561MVR-V01-nja-NL

Aanvullende informatie

Onze uitgangspunten hierin zijn:  Voor de periode mei 2022 tot april ’24 moet er nog een overzicht gemaakt worden welke relevante activiteiten hebben plaatsgevonden op de (deels)saneringslocaties A, B, en C.

Voorafgaand aan deze periode is hebben wij voldoende inzicht. Conform de inrichtingstekening bijgevoegd in de mail is het terrein woonrijp gemaakt. Voor de periode 2017-2024 moet een overzicht gemaakt worden welke relevante activiteiten hebben plaatsgevonden in het overig gebied. Voorafgaand aan deze periode is hebben wij voldoende inzicht. T/m juni 2021 hebben er geen werkzaamheden aan het gehele terrein plaatsgevonden aangezien er gewacht is op de transformatie van het monument. Naderhand hebben vanaf juni 2021 de saneringswerkzaamheden plaatsgevonden en daarna de inrichtingswerkzaamheden rondom het terrein. Het naastgelegen terrein van de saxofoon is alleen gebruikt als bouwterrein waarbij de bestrating eruit is gehaald en Repac is aangebracht. De sloopwerkzaamheden van de saxofoon zijn nog niet uitgevoerd.

De vragen die wij jullie willen voorleggen zijn de volgende naar aanleiding van punt 1: 

  

Hebben er nog graafwerkzaamheden plaatsgevonden na mei 2022 Ja er hebben graafwerkzaamheden plaatsgevonden in het gebied voor de nutsaansluitingen. Hierbij is rekening gehouden met de sanering en de mogelijke aanlegdieptes zoals opgenomen in het saneringsplan. Hebben er nog activiteiten plaatsgevonden die mogelijk effect kunnen hebben op de kwaliteit van de grond/grondwater na mei 2022. Nee niet bij mijn weten. Zijn er nog brandjes geweest die mogelijk met schuim geblust zijn na mei 2022. Nee niet bij mijn weten. Is er nog andere informatie die mogelijk relevant kan zijn. Nee niet bij mijn weten.

De vragen die wij jullie willen voorleggen zijn de volgende naar aanleiding van punt 2:  Hebben er nog graafwerkzaamheden plaatsgevonden na januari 2017 Ja zie voorgenoemde   

punten. Hebben er nog activiteiten plaatsgevonden die mogelijk effect kunnen hebben op de kwaliteit van de grond/grondwater na mei 2017 Nee niet bij mijn weten. Zijn er nog brandjes geweest die mogelijk met schuim geblust zijn na mei 2017 Nee niet bij mijn weten. Hebben er in het verleden BHV-oefeningen plaatsgevonden op het terrein (ook voor 2017)

Nee niet bij mijn weten. Zijn er mogelijk bestrijdingsmiddelen toegepast, en zo ja welke, op het terrein (ook voor 2017) Nee niet bij mijn weten.

Is er nog andere informatie die mogelijk relevant kan zijn. Nee niet bij mijn weten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14482237/1