CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS319377 Bijlage Uitvoeringsprogramma Deelmobiliteit en Mobiliteitshubs 2024-2027

Gemeenteraad 18 december 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Strategie Deelmobiliteit 2030 (RIS319377)14.925 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Actie:

voor overlast, verrommeling en ergernis bij bewoners. Met het station-based

• Aanleg buurtmobiliteitshubs – vanaf Q2 2024

aanbieden van deelmobiliteit vanuit deelmobiliteitshubs neemt de overlast af.

Efficiënt

Schoon

Verbonden

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

29

3.2.2 Opnemen standaardinrichting buurtmobiliteitshub in Handboek

Actie:

openbare ruimte (HOR)

• Onderzoek naar verdere invoering geofences – Q1 2024

Bij herinrichtingsprojecten van de openbare ruimte en de inrichting van de openbare ruimte van gebiedsontwikkelingen, zoals in CID-Binckhorst en Zuidwest, is het van belang om in de ontwerpfase al rekening te houden met locaties voor buurtmobiliteitshubs. Dit moet net zoals bijvoorbeeld de plekken voor fietsnietjes standaard worden opgenomen in ontwerpen. Hierdoor is de plaats van deelmobiliteit in dit soort projecten direct goed geregeld en lopen we niet achter de feiten aan zoals dat wel in de bestaande stad het

Schoon

Veilig

3.2.4 Buurtmobiliteitshub Vlierboomstraat

geval is (geweest). Dit doen we door de standaard ontwerpen die zijn gemaakt voor buurtmobiliteitshubs in het Handboek Openbare Ruimte (HOR) op te

In de Vruchtenbuurt komt een aantal ontwikkelingen samen in een project.

nemen. Daarmee wordt de plek in de openbare ruimte voor deelmobiliteit een

De autodeelcoöperatie Vruchtenbuurt DEELt! Is op zoek naar een zichtbare en

standaard ontwerpprincipe in projecten.

centrale locatie in de buurt om haar deelauto’s te parkeren en laden. De lokale energiecoöperatie Sterk op Stroom wil het overschot van de opgewekte energie van wooncomplex de Groene Mient delen met de buurt. Hun overtollige

Actie:

energie gaat via het stroomnet naar het verdeelstation op de middenberm

• Standaardinrichting buurtmobiliteitshubs opnemen in HOR – 2024

van de Vlierboomstraat ter hoogte van de Frambozenstraat. Dit zou een goede plek zijn voor een mobiliteitshub, waarbij geëxperimenteerd kan worden met snelladen, bi-directioneel laden en eventueel een buurtbatterij. Dit project is in november 2023 opgestart. Gepland resultaat in 2025.

Efficiënt 3.2.3 Onderzoek naar invoeren geofences op smalle stoepen en locaties met

Acties: • Gedragen ontwerp maken – 2024 • Ontwikkeling mobiliteitshub – 2025

overlast Vooruitlopend op de aanleg van buurtmobiliteitshubs gaat de gemeente aanbieders voorschrijven om smalle stoepen, parken en natuurgebieden en probleemlocaties uit hun servicegebied te houden. Dit betekent dat deel­ tweewielers dan niet meer in/op die probleemlocaties geparkeerd mogen worden. In Q1 van 2024 is gestart met de inventarisatie van deze locaties,

Efficiënt

Schoon

Op maat

waarna de aanbieders hun service­gebied kunnen aanpassen.

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

30

3.2.5 Buurtmobiliteitshubs Bomenbuurt In de Bomenbuurt wordt werk met werk gemaakt. Komende jaren wordt het riool vervangen, een uitgelezen kans om de openbare ruimte aantrekkelijker en beter in te richten. In een participatief proces worden de wensen van bewoners zoveel mogelijk verwerkt in de herinrichtingsontwerpen. De aanleg van deelmobiliteitshubs is een manier om bewoners nog meer in aanraking te laten komen met de mogelijkheden van het gebruik van deelmobiliteit en zo worden de trottoirs vrijgehouden van deeltweewielers. In de tweede helft van 2024 wordt gestart met de aanleg van buurtmobiliteitshubs in de Bomenbuurt.

Actie: • Uitrol buurtmobiliteitshubs in de Bomenbuurt – tweede helft 2024

Efficiënt

3.3 3.3

Op maat

Stadsmobiliteitshubs Een stadsmobiliteitshub is groter dan een buurtmobiliteitshub en vind je bij grotere voorzieningen in de stad zoals de binnenstad, winkelstraten en langs de kust. Wij scharen ook wijkmobiliteitshubs onder deze noemer. In stadsmobiliteitshubs kunnen behalve deeltweewielers ook deelauto’s staan en andere faciliteiten zijn, zoals laadvoorzieningen, pakketdiensten en een ontmoetingsruimte. Verder kunnen de stadsmobiliteitshubs een rol spelen in de stadslogistiek; het bevoorraden van de ondernemers, het uitleveren van goederen en het afvoeren van afval. Daarmee kunnen ze bijdragen aan de doelstellingen op het gebied van emissievrije distributie. Een stadsmobiliteitshub kan afhankelijk van de locatie ook als buurtmobiliteits­hub dienen, gezien de omvang en het soort diensten worden deze hubs in principe inpandig gerealiseerd.

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

31

3.3.1 Initiatieven van de markt

3.3.2 Kansen voor de ontwikkeling van buurt- en stadsmobiliteitshubs

In 2022 zijn verschillende marktpartijen aan de slag gegaan met de uitwerking

Binnen de gebiedsontwikkelingen in CID, Binckhorst en Zuidwest staan de

van plannen voor deelmobiliteitshubs. Bijvoorbeeld in parkeergarages

realisatie van diverse stadsmobiliteitshbus op het programma. De meest

die minder goed worden gebruikt en op braakliggende terreinen. Als het

concrete zijn de mobiliteitshubs in Dreven, Gaarden en Zichten en in de

openbare deelmobiliteitsvoorzieningen zijn, dan juicht de gemeente dit toe.

Laakhavens. Ook in het Binnenstadsplan 2030 staat de kans benoemd om van

De druk op de openbare ruimte wordt hiermee tenslotte kleiner. De gemeente

een aantal parkeergarages in het centrum een stadsmobiliteitshub te maken:

faciliteert dit soort initiatieven door initiatiefnemers wegwijs te maken in

“Inzet op verbreden gebruiksmogelijkheden parkeergarages, bijvoorbeeld door

de gemeentelijke organisatie en door mee te denken over de processen die

meer ruimte te bieden aan bewonersparkeren, fietsparkeren, deelmobiliteit

nodig zijn om een mobiliteitshub van de grond te krijgen. Met flankerend

en hubs (mobiliteit, logistiek). Hierbij valt te denken aan de parkeergarages

beleid stimuleren we het gebruik van de hub, bijvoorbeeld door het invoeren

aan Laan, Lutherse Burgwal en Gedempte Gracht”. Het uitvoerings­programma

van geofences en het minder aantrekkelijk maken van parkeren op straat.

houdt qua financiën en capaciteit rekening met de ontwikkeling van meerdere

Voor de marktpartijen is de toekomstige businesscase van de mobiliteitshubs

mobiliteitshubs in de periode tot en met 2027. Dit kan door mee te liften

nog erg onzeker. Het is namelijk de vraag of en hoe verdiend kan worden

met herinrichtingen, door buurtmobiliteitshubs en deelauto­plekken te

aan het exploiteren van een mobiliteitshub. In 2024 onderzoeken we of een

concentreren of door bijvoorbeeld in stallingsgarages ook deel­mobiliteit aan

subsidieregeling voor onder andere initiatieven voor mobiliteitshubs voor het

te bieden. Daarnaast kunnen ondernemers een belangrijke rol spelen voor

beter benutten van braak­liggende terreinen en onderbenutte parkeergarages

de economie in een buurt of wijk door een mobiliteitshub te runnen met

een goede mogelijkheid is om dit soort initiatieven te stimuleren. Vooral op het

verschillende functies naast het aanbieden van mobiliteit. Het aanbod van

juridisch vlak vraagt dit nog om een uitwerking.

zowel logistieke, buurtvoorzieningen als mobiliteit kan een grote meerwaarde opleveren voor een locatie. Op deze manier kijken we samen met bewoners en ondernemers naar de potentie van locaties.

Actie: • Onderzoeken mogelijkheden subsidieregeling mobiliteitshubs – 2024

Actie: • Projecten mobiliteitshubs opnemen in Uitvoeringsplan Binnenstad – 2024

Efficiënt

Betaalbaar

Verbonden

Schoon

Efficiënt

Verbonden

Op maat

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

32

3.3.3 Mobiliteitshubs in gebiedsontwikkelingen

3.4

Regiomobiliteitshubs

3.4

In gebiedsontwikkelingen zoals in het CID, Binckhorst en Zuidwest moet

Een regiomobiliteitshub is een grote hub. Meerdere modaliteiten vanuit de

het mobiliteitssysteem verder worden doorontwikkeld om de verdichting

regio komen hier samen. In Den Haag betreffen dit de NS-stations, P+R-locaties

te laten slagen en de bereikbaarheid en leefbaarheid van de gebieden te

en tophaltes van de HTM. In of heel nabij een regiomobiliteitshub zijn diverse

kunnen garanderen. Dit vraagt om een verdere uitwerking van het huidige

keuzemogelijkheden voor deelmobiliteitsgebruikers. Het aantal deelvoertuigen

stadsbrede mobiliteitsbeleid naar een mobiliteitsstrategie voor het gebied.

op een regiomobiliteitshub is relatief groot.

Deze strategie moet alle partijen (woningcorporaties, ontwikkelaars, mobiliteitsaanbieders en de gemeente zelf) handvatten bieden om haalbare mobiliteitsoplossingen te ontwikkelen die passen bij de ruimtelijke visie voor het gebied en de mobiliteits­­behoefte van de bestaande en toekomstige bewoners en ondernemers. Vooral Zuidwest, maar natuurlijk ook voor de andere ontwikkel­gebieden, is het van belang dat de geboden mobiliteit betaalbaar en toegankelijk is voor bewoners. Mobiliteitshubs kunnen hierin een grote rol spelen. Aan de ene kant om parkeren op centrale locaties in een buurt te realiseren waardoor de parkeeroplossing mogelijk betaalbaarder wordt, aan de andere kant door deelmobiliteit en logistieke functies op een zichtbare, betaalbare en toegankelijk manier aan te bieden in de buurt van de woningen. Het alternatief van de eigen auto wordt daarmee laagdrempeliger. Voor deze mobiliteitshubs geldt ook het uitgangspunt dat ze in een gebouwde voorziening worden gerealiseerd. Voordat deze mobiliteitshubs worden gerealiseerd moeten nog veel afspraken worden vastgelegd tussen de betrokken partijen over de governance en financiering van de hubs. De eerste gesprekken tussen ontwikkelaars, woningbouwcoöperaties, deelmobiliteitaanbieders en gemeente lopen momenteel al voor een aantal projecten in Zuidwest.

Acties: • Uitvoeringsstrategie mobiliteitshubs Zuidwest – Q4 2024 afgerond • Uitvoeringsstrategie mobiliteitshubs Binckhorst – Q4 2024 afgerond In de Parkeerstrategie Den Haag 2021-2030 staat: “Het gebruik van P+R’s (Park+Ride), mobiliteitshubs en P+B’s’ (Park+Bike) moet een aantrekkelijk alternatief worden voor een bezoek aan de binnenstad.” Regiomobiliteitshubs aan de randen van de stad en in de regio kunnen alternatieven worden voor

Betaalbaar

Efficiënt

Op maat

parkeren in de Haagse centra en woonwijken. Dit komt de leefbaarheid en bereikbaarheid van de stad ten goede. Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

33

In de Haagse Nota Mobiliteit (2011 RIS180762) is de ambitie vastgelegd om een

Actie:

verdubbeling van het aantal P+R plaatsen in het Stadsgewest Haaglanden tot

• Onderzoeken mogelijkheden cofinanciering P+R voorzieningen door Rijk

circa 5.000 in 2020, en tot circa 10.000 in 2030. Die eerste ambitie is niet gehaald.

en Regio – 2024

We zetten met dit uitvoeringsprogramma in om dat in 2027 wel te behalen. In de Nota Doorontwikkeling P+R in Den Haag uit 2016 (RIS295803) staat onderstaande lijst met maatregelen die het P+R gebruik kunnen vergroten. Deze maatregelen zijn onveranderd van belang en zijn grotendeels nog niet (volledig) uitgevoerd.

Betaalbaar

1. De bestaande P+R terreinen afsluiten met een slagboom, waarbij alleen

3.4.1 P+R Hoornwijck verhuizen naar de N-Kavel

Verbonden

P+R reizigers gratis of tegen een kleine vergoeding kunnen parkeren in de garages en op de terreinen.

De huidige P+R aan de Laan van Zuid Hoorn in Rijswijk functioneert niet

2. Betere communicatie over de P+R mogelijkheden rond Den Haag.

goed. Voor de Coronacrisis was het gebruik nog redelijk, tijdens en erna is

3. Uniforme uitstraling en P+R propositie.

het gebruik erg laag gebleven. De gemiddelde bezetting was ongeveer 10% in

4. Uitbreiden van het P+R aanbod op logische zichtlocaties.

het weekend. Dat is zonde want de gemeente huurt alle 440 parkeerplaatsen

5. Verbeteren van de kwaliteit, vindbaarheid en aantrekkelijkheid van de P+R

in het weekend. Dit contract met Q-Park loopt eind 2025 af en kan niet eerder

mobiliteitshubs.

worden aangepast of ontbonden. Sinds de zomer van 2023 zijn deze parkeer-

6. Aanbod van deelmobiliteit en laadvoorzieningen op de P+R mobiliteitshubs.

plaatsen ook binnen het Park+Beach-arrangement reserveerbaar. Het gebruik

7. Digitale mogelijkheden bieden om een P+R parkeerplaats en het na­‑

daarvan was niet groot, de andere Park+ Beach locaties zijn dichterbij het

transport te boeken en betalen.

strand en daarmee aantrekkelijker. In 2024 wordt ingezet op een betere communicatie over deze P+R om het gebruik te verbeteren.

Op 19 januari 2021 is voor het laatst de stand van zaken van de P+R ontwikkeling met de gemeenteraad gedeeld (Stand van zaken P+R en aanverwante diensten

De gemeente heeft de ambitie om de P+R Hoornwijck te verplaatsen naar de

RIS307509). Hieronder staat een update van de projecten die werden genoemd

N-Kavel. Dit is de locatie waar voorheen ook de P+R was. Door de werkzaamheden

in die brief met een doorkijk voor de komende paar jaar. Afgelopen jaren zijn

aan de Rotterdamsebaan moest de P+R tijdelijk verplaatst worden naar de huidige

er weinig vorderingen gemaakt met de ontwikkeling of verbetering van P+R

locatie. In 2022 is verder onderzocht wat de mogelijkheden voor de gemeente zijn

voorzieningen. Deels ligt dit aan een gebrek aan prioriteit en daarmee inzet

om een P+R te (laten) realiseren op de N-Kavel in de Plaspoelpolder in combinatie

van projectleiders op die projecten. Daarnaast is het financieel onaantrekkelijk

met een mobiliteitshub, kantoren en andere functies. Een consortium van partijen

voor de gemeente. De businesscase van P+R’s is negatief: het kost veel geld

huurt het terrein sinds kort van het Industrieschap Plaspoelpolder (IPP). Zij gaan

om een goede P+R voorziening te ontwikkelen en deze levert weinig op. Om te

er een tijdelijke mobiliteitshub (geen P+R) aanleggen en werken ondertussen een

concurreren met het parkeren bij de bestemming in de stad, moet het parkeren

plan uit voor de lange termijn. De gemeente denkt mee over het te ontwikkelen

en natransport tegen een laag tarief worden aangeboden. We onderzoeken

programma. We onderzoeken de mogelijkheden om hier een P+R van ongeveer

financieringsconstructies en mogelijkheden van cofinanciering van het Rijk, de

500 parkeerplaatsen te laten ontwikkelen, waarbij zowel de mogelijkheden voor

Provincie en de MRDH van deze voor de leefbaarheid in en bereikbaarheid van

huur als eventuele latere koop van de P+R worden verkend. Hiervoor zijn middelen

onze stad noodzakelijke voorzieningen.

nodig die komende jaren zullen worden gezocht. Hier volgt een voorstel voor.

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

34

Acties: • Ontwikkelen communicatieaanpak om gebruik P+R Hoornwijck te verbeteren­­­­­ – Q3 2024 afgerond • Mogelijkheid verkennen om een P+R voorziening op te nemen in het bouwprogramma op de N-Kavel – 2024

Verbonden

Betaalbaar

3.4.2 P+R Ypenburg De P+R bij station Ypenburg (222 parkeerplaatsen) kent een structureel hoge bezettingsgraad. Dit komt mede doordat de P+R ook wordt gebruikt door werknemers en bezoekers van de omliggende kantoren. Met de invoering in 2021 van betaald parkeren in het naastgelegen buurt De Venen en op 1 november 2023 in Deelplan 20 neemt de noodzaak hiertoe verder toe. Sinds 2023 is de gemeente in gesprek met de NS om de P+R langjarig te verhuren. De NS zorgt na het aangaan van die overeenkomst voor de afsluiting van de P+R met een slagboom en het verdere beheer en de exploitatie van de P+R. Naar verwachting in de tweede helft van 2024. Vergelijkbaar zoals zij dat ook al bij P+R Laan van NOI doen. In 2023 heeft de gemeente het terrein al voorbereid op de afsluiting met een aantal kleine fysieke aanpassingen. In 2024 wordt samen met de NS bekeken hoe de P+R aantrekkelijker en groener kan worden gemaakt.

Acties: • Overeenkomst sluiten met de NS – Q1 2024 • Aantrekkelijker en groener maken P+R Ypenburg – 2024

Verbonden

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

35

3.4.3 P+R Forepark Sinds 2015 wordt er gestudeerd op de mogelijke vestiging van een P+R nabij de metrohalte Forepark, in de directe nabijheid van de afrit Leidschendam van de A4. Uitgangspunt was hierbij de ontwikkeling van een parkeergarage met circa 400 parkeerplaatsen aan de noordzijde van het RandstadRail-spoor, in de smalle strook tussen het spoor en de bestaande bedrijfsbebouwing. Onderzoek wees echter uit dat deze oplossing te kostbaar is. Maar Forepark is wat betreft de ligging ten opzichte van de invalsroutes naar de stad (A4) en hoogwaardig openbaar vervoer (RandstadRail lijnen 3/4 en metrolijn E) wel de meest gunstige locatie voor een P+R aan deze kant van de stad. Momenteel loopt een locatiestudie naar een definitieve, grootschalige P+R in de omgeving van halte Forepark. Dit onderzoek zal in 2024 een voorkeurslocatie moeten opleveren waar we een grootschalige P+R kunnen ontwikkelen. Een uitgewerkt voorstel inclusief financiële dekking zal vervolgens aan de raad worden voorgelegd. In 2022 is onderzocht of op korte termijn een kleinschalige P+R kan worden geopend in de omgeving van halte Forepark. Het bestaande parkeerterrein langs de Henri Faasdreef hadden wij daarvoor in beeld. Deze optie bleek technisch en financieel niet haalbaar.

Acties: • Onderzoek naar geschikte P+R locatie nabij halte Forepark – 2024 • Uitgewerkt voorstel voor P+R locatie aan de raad voorleggen – 2025

Verbonden

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

36

3.4.4 P+R Uithof De P+R bij De Uithof (132 parkeerplaatsen) ligt bij het keerpunt van RandstadRail lijn 4, direct achter de Lozerlaan. De plannen van het college met betrekking tot deze P+R richten zich op het verbeteren van de bewegwijzering en van de ruimtelijke uitstraling van het terrein. De gemeente werkt hierbij samen met de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. Het ontwikkelpotentieel op wat langere termijn van deze P+R hangt nauw samen met de ruimtelijke ontwikkelingen in het kader van de ZuidWestlandCorridor, de gebiedsagenda Uithof–Lozerlaan en de ontwikkelingen in Zuidwest. In 2021, 2022 en 2023 heeft een verdere studie naar de mogelijkheden voor een verbetering van P+R Uithof on hold gestaan vanwege een tekort aan projectleiders. In 2024 wordt dit weer opgepakt en zal er eerst samen met de MRDH een startnotitie worden opgesteld in het kader van het MRDH programma Ketenmobiliteit op ov-knooppunten. We onderzoeken wat er nodig is om een goed functionerende regiomobiliteitshub te maken van P+R Uithof. Vervolgens gaan we in 2025 en 2026 de nodige maatregelen uitvoeren.

Acties: • Opstellen startnotitie – eerste helft 2024 • Uitvoeren maatregelen – 2025-2026

Verbonden

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

37

3.4.5 P+R Laan van Nieuw Oost-Indië Afgelopen jaar is onderzocht hoe en waar op deze locatie meer deelmobiliteit kan worden aangeboden. De gemeente is daarover in overleg met de NS en Prorail. Aan de Haagse zijde van het station wordt het aanbod van OV-fietsen uitgebreid en wordt een locatie gezocht voor een deelmobiliteitshub. Dit om het beter mogelijk te maken om vanaf Station Laan van NOI richting het strand te reizen. Op de langere termijn is het plan om grote stadsmobiliteithubs aan te leggen in de bouwontwikkelingen van Sociale Zaken aan de Haagse zijde en de NS-ontwikkeling aan de Voorburgse zijde van het station. Op de locatie van de P+R zal in de toekomst gebouwd gaan worden. Deze functie zal dan verdwijnen.

Actie: • Aanbod van deelmobiliteit aan Haagse zijde van het station faciliteren – 2024

Verbonden 3.4.6 P+R Mariahoeve Aan de zuidzijde van NS-station Den Haag Mariahoeve ligt een P+R-terrein. Richting het centrum is voor reizigers vooral tramlijn 6 interessant die vanaf het station vertrekt. Er is echter ook sprake van ongewenst gebruik en parkeeroverlast in de nabijgelegen woonwijk. In samenwerking met de gemeente Leidschendam-Voorburg, op wiens grondgebied het P+R-terrein ligt, en de MRDH wordt in 2024 een startnotitie geschreven in het kader van het programma Ketenmobiliteit op ov-knooppunten. Daarin wordt een voorstel uitgewerkt dat de bruikbaarheid van het P+R-terrein verbetert en de parkeeroverlast in de woongebieden vermindert. Het voorstel dient tevens te anticiperen op de lopende gebiedsontwikkeling aan de Voorburgse zijde van het spoor. Hiervoor is verdere afstemming met de gemeente LeidschendamUitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

38

Voorburg nodig inzake vorm, afmetingen en capaciteit van de P+R-functie. Eventueel benodigde maatregelen zullen in 2025 en 2026 worden uitgevoerd.

Acties: • Opstellen startnotitie – 2024 • Uitvoeren maatregelen – 2025-2026

Verbonden

Verbonden 3.4.7 Park+Bike Duindigt Sinds 2018 wordt er Park+Bike aangeboden bij Duindigt in Wassenaar. Op deze plek is een groot parkeerterrein dat maar sporadisch wordt gebruikt voor bezoekers van de paardenrenbaan. Haagse Stadsfiets biedt hier een aantal huurfietsen aan voor natransport want er is geen OV in de buurt voor na­transport vanaf het parkeerterrein. En Mojo gebruikt het terrein soms uitgebreid als Park+Bike bij concerten op het Malieveld. Deze locatie kan vooral in de lente- en zomermaanden een goed alternatief zijn voor bezoekers van het Haagse strand of de binnenstad vanuit de richting van Leiden. Want het is een aantrekkelijke locatie om vanaf hier over te stappen op de fiets. Ook bijvoorbeeld voor groepen die met een touringcar Den Haag bezoeken. In 2024 gaan we onderzoeken hoe we het aanbod van Park+Bike hier kunnen laten uitbreiden.

Actie: • Onderzoek opschalen Park+Bike Duindigt – 2024

Verbonden

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

39

3.53.5

Park+Beach

3.5.1 Reserveringssysteem P+R en Park+Beach

Er wordt ook de komende jaren weer stevig ingezet op het faciliteren van

Tot op heden kunnen bezoekers van Den Haag bij Park+Ride’s vooraf geen

parkeermogelijkheden op enige afstand van de kust in combinatie met

parkeerplaats reserveren. Ook het natransport met bijvoorbeeld een deelfiets

voordelige arrangementen voor het vervoer vanaf de parkeerlocaties naar de

is nog niet digitaal te boeken. Bij Park+Beach was dit afgelopen jaren wel

kust en terug (Park+Beach). Tussen 1 april en 1 oktober is hiervoor de app

mogelijk. Dit blijkt goed te werken. De G5 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag,

www.park-beach.nl actief. Park+Beach wordt uitgebreid met een of enkele

Utrecht en Eindhoven), Rijkswaterstaat en de NS hebben in 2023 gezamenlijk

nieuwe, gunstig gelegen parkeerlocaties. Ook worden de mogelijkheden van

verkend hoe Park+Ride er in de toekomst uit zou moeten zien. Daaruit bleek

het vervoer voor de laatste kilometers naar de kust uitgebreid. Verder wordt de

dat het digitaliseren van het plannen, boeken en betalen van parkeren en

vormgeving en gebruiksvriendelijkheid van Park+Beach verbeterd door deze te

natransport een belangrijke voorwaarde is om het gebruik aantrekkelijker

koppelen aan bestaande MaaS-applicaties. Ook wordt hierdoor het potentiële

te maken. Vanwege zowel de hoge kosten voor ontwikkelen, beheer en

bereik van Park+Beach aanzienlijk vergroot. Al deze maatregelen moeten

onderhoud van een mobiele app als de wens vanuit de G5 om P+R proposities

ervoor zorgen dat Scheveningen bij piekdrukte niet volstroomt en met de auto

op meer uniforme wijze vorm te geven, is in 2023 besloten aan te sluiten bij

bereikbaar blijft.

bestaande MaaS-platforms (Mobility as a Service). Voor het ontsluiten van Park+Ride en Park+Beach via MaaS-platforms willen we in 2024 een open house aanbesteding starten, dat wil zeggen dat er een modelovereenkomst

Actie:

wordt gesloten met alle MaaS-aanbieders met een platform waarop een

• Doorontwikkeling Park+Beach – doorlopend

reis van tevoren kan worden gepland, geboekt en betaald, zodat reizigers naar Den Haag verzekerd zijn van zowel een parkeerplaats als vervoer via OV of deelmobiliteit voor de last mile. De open house constructie staat open gedurende de gehele contractperiode van vier jaar. Het is door alle ontwikkelingen op de MaaS-markt goed mogelijk dat er aanbieders zijn die deze mogelijkheid nu (nog) niet hebben, maar deze in de nabije toekomst

Verbonden

wel ontwikkelen. We willen de deur ook voor hen openhouden.

Actie: • Open house aanbesteding voor het digitaal plannen, boeken en betalen – 2024

Verbonden

Op maat Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

40

3.6 3.6

Overzicht acties en planning Acties

Planning

Onderzoek naar verdere invoering geofences deeltweewielers

Gestart Q4 2023

Stadsmobiliteitshub Q-Park Centrum

Geopend oktober 2023

Coöperatieve buurthub Vlierboomstraat Vruchtenbuurt

Gestart tweede helft 2023

Standaardinrichting buurtmobiliteitshubs opnemen in HOR

2024

Subsidieregeling nieuwe hubinitiatieven op particulier terrein

2024

Afsluiten en opwaarderen P+R Ypenburg

2024

Verkenning locatie P+R Forepark

2024

Opwaarderen P+R Laan van NOI

2024

Onderzoek opschalen Park+Bike Duindigt

2024

Consequent toepassen nationale hubidentiteit

Vanaf 2024

Aanleg buurtmobiliteitshubs Centrum, Scheveningen en Bomenbuurt

Vanaf Q2 helft 2024

Verdere aanleg buurtmobiliteitshubs vooroorlogse wijken

Vanaf tweede helft 2024

Reserveringssysteem P+R en Park + Beach

In 2024 aanbesteden en in 2025 beschikbaar

Afsluiten en opwaarderen P+R Uithof

2025

Afsluiten en opwaarderen P+R Mariahoeve

2026

Ontwikkeling nieuwe P+R op N-Kavel

2027

Park+Beach doorontwikkeling

Continue

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

41

4.

4

Communicatie en promotie Hoe zorgen we dat meer Hagenaars vaker kiezen voor deelmobiliteit? Hoe zorgen we ervoor dat deeltweewielers op de juiste locatie worden geparkeerd? En hoe maken we mobiliteitshubs digitaal en fysiek zichtbaar en vindbaar? In de integrale aanpak van de gemeente zijn communicatie en stimulerende promotieactiviteiten hierbij cruciaal.

4.1 4.1

Communicatieplan

Er is één centrale website voor alle informatie rondom deelmobiliteit. Op dit platform worden bezoekers geïnformeerd, geïnspireerd en gestimuleerd om

Het streven is en blijft om Den Haag bereikbaar, verkeersveilig, leefbaar en

hiervan gebruik te maken. Vanuit andere kanalen kan hier naartoe worden

economisch vitaal te houden. Om dat te bereiken, moeten we inzetten op

gelinkt. Denk aan social media, kranten, folders of QR-codes op deelvervoer,

alternatieven, zoals deeltweewielers en deelauto’s. Communicatie is daarbij

stads- of wijkevents, partners en ambassadeurs.

een belangrijk middel. Bijvoorbeeld door bewoners en bezoekers te informeren over de mogelijkheden van deelmobiliteit en het gebruik ervan stimuleren.

Social media en buurtplatform Hoplr worden ook ingezet. Algemene berichten

Hiervoor is in 2023 een communicatieplan en agenda opgesteld.

over de nieuwe deelmobiliteitssubsidie krijgt heel Den Haag bijvoorbeeld te zien, terwijl een promo post voor een probeeractie in Laak alleen te zien zal zijn

4.1.1 Communicatie deelmobiliteit

voor/in de desbetreffende wijk.

Het communicatieplan richt zich op het beter bekendmaken van de aanwezig-

Om inzichtelijk te maken hoe leefbaar de stad eruit kan zien met minder

heid, de voordelen en het gebruik van deelvervoer. Op verschillende manieren

geparkeerde auto’s, wordt er een animatie video gemaakt die zowel

informeren, inspireren en activeren we bewoners over deelmobiliteit.

deelmobiliteit, boomfietsvlonders, sociale cohesie, groen en toekomst­ bestendigheid als thema’s aanraakt. En deelvervoer wordt ook op een ludieke

Het plan wordt zowel stadsbreed als wijkgericht. Zo zijn er zaken die voor

manier gepromoot op grote events, denk aan de Sint intocht.

heel Den Haag gelden, maar elke buurt heeft ook een andere behoefte en dus benadering nodig.

We sluiten ook aan bij live changing events zoals een rijbewijs. En bij andere campagnes, zoals de nationale autodeelcampagne. Ook gaan we intern

De stadsbrede kernboodschap wordt: deelvervoer is relaxt, eenvoudig,

deelvervoer promoten. Maar ook in brieven over mobiliteit en parkeren wijzen

voordelig én duurzaam. We zetten bewust eerst in op de voordelen voor de

we bewoners en ondernemers op de optie deelmobiliteit.

bewoner zelf en pas daarna het duurzaamheidsaspect. De boodschap wordt in de wijkspecifieke communicatie aangepast aan de behoeften van de doelgroep(en).

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

42

4.1.2 Communicatie mobiliteitshubs Mobiliteitshubs zijn een vrij nieuw fenomeen in Den Haag. Dit vraagt om meerdere redenen om communicatie. Om toe te lichten waarom de gemeente de mobiliteitshubs aanlegt. Om uit te leggen waartoe ze dienen. Om te communiceren waar ze te vinden zijn en wat er te vinden is. En om mensen voor te lichten hoe ze gebruikt kunnen worden. In samenwerking met de deelmobiliteitsaanbieders en eventuele eigenaren van mobiliteitshubs gaan we promotieacties optuigen om het gebruik van deelmobiliteit en mobiliteitshubs te bevorderen.

4.2 4.2

 niformiteit en uitstraling van U mobiliteitshubs Voor de herkenbaarheid en het gebruiksgemak wordt zoveel mogelijk aan­gesloten bij nationale afspraken of in sommige gevallen met de G5 opgetrokken. Voor de herkenbaarheid van mobiliteitshubs is afgesproken om de nationale hubidentiteit te hanteren. De identiteit voor hubs is het resultaat van een traject van een jaar waarbij samen met een vijftigtal gemeentes, provincies en vervoerders is nagedacht over hoe deelmobiliteithubs herkenbaar gemaakt kunnen worden en hoe het gebruik van hubs duidelijk wordt voor reizigers. Die identiteit werd gemaakt door Bureau Mijksenaar met als doel om landelijke uniformiteit rond mobiliteitshubs te creëren. De identiteit is tot stand gekomen dankzij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Provincie Zeeland, en de gemeentes Den Haag, Amsterdam, Eindhoven, Rotterdam en Utrecht. Kennisplatform CROW heeft de hubidentiteit opgenomen als onderdeel van een standaardinrichting voor mobiliteitshubs. Het groene hubbord zal bij alle mobiliteitshubs in Den Haag worden geplaatst om deze herkenbaar en vindbaar te maken voor gebruikers van deelmobiliteit. De bebording helpt ook om aan andere gebruikers van de openbare ruimte duidelijk te maken waarvoor de hub bedoeld is.

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

43

5. 5.1 5.1

5

Monitoring en onderzoek Deelmobiliteit

In 2021 is een gebruikersonderzoek uitgevoerd onder gebruikers van deelvoertuigen. Komende jaren zullen we als gemeente of aansluitend bij een

In het www.dashboarddeelmobiliteit.nl staat het aanbod en de spreiding

regionaal, G5 of landelijk initiatief dit soort onderzoeken blijven doen om te

van deelmobiliteit in de stad. In het dashboard zijn heatmaps, clusters en

leren over het gebruik en de motieven van de gebruikers. Op basis van die

individuele voertuigen te zien. Voor de individuele voertuigen is te zien hoe

informatie kan bijvoorbeeld worden bepaald of het wenselijk is om alle soorten

lang ze op die locatie ongebruikt staan. Het dashboard biedt daarmee

van deel­mobiliteit te blijven faciliteren en stimuleren. Bijvoorbeeld wel als het

waarde­volle informatie over hoe de deelvoertuigen worden gebruikt en waar

veel particuliere autoritjes vervangt maar niet als het ten koste gaat van het

de geparkeerde voertuigen zich concentreren. Dat zijn vaak ook de plekken

gebruik van openbaar vervoer of het fietsgebruik.

waar overlast ontstaat en een buurtmobiliteitshub kan worden aangelegd of als het parkeren op die locatie ongewenst is een geofence (digitaal

Jaarlijks monitoren we het totale autobezit in Den Haag, het autobezit op

parkeerverbod). In de vergunning voor het aanbieden van deeltweewielers is

buurtniveau en het gemiddelde autobezit per huishouden. Een daling van

opgenomen dat een tweewieler maximaal vier dagen mag stilstaan. Ook die

het autobezit is een van de indicatoren dat de inzet op deelmobiliteit haar

informatie staat in het dashboard.

vruchten afwerpt.

5.2

In 2023 waren de deelauto’s nog niet zichtbaar in dit dashboard. Er wordt hard

5.2

Deelmobiliteitshubs

gewerkt om die informatie ook te kunnen tonen op het dashboard. Buurtmobiliteitshubs en stadsmobiliteitshubs zijn een nieuw fenomeen waar Het CROW monitort jaarlijks de ontwikkeling van het aantal deelauto’s in het

in Den Haag en andere steden nog weinig praktijkkennis over beschikbaar is.

land en per stad. Het aantal deelauto’s is geen doel op zich maar geeft wel aan

Komende jaren wordt het gebruik, de waardering, de exploitatie en het beheer

hoe het aanbod zich ontwikkelt. Een deelauto plaatsen kost een aanbieder

van de deelmobiliteitshubs gemonitord en geëvalueerd. Dit doen we zelf en

behoorlijk wat geld. Alleen als de deelauto voldoende wordt gebruikt is een

samen met de marktpartijen. Het Dashboard deelmobiliteit van het CROW

positieve businesscase te draaien. Aannemelijk is dus dat de deelauto’s die in

biedt daar goede mogelijkheden voor.

Den Haag worden aangeboden goed gebruikt worden. We gaan hier standaard gegevens over opvragen.

Het gebruik van de regiomobiliteitshubs wordt gemonitord. Voor P+R Hoornwijck ontvangt de gemeente op maandbasis de gebruiksgegevens van Q-Park. Voor P+R Ypenburg en P+R Laan van NOI gaan we ook een dergelijke afspraak maken met de NS. Voor de andere P+R’s van en rond Den Haag zullen we jaarlijks op een maatgevend moment een telling laten uitvoeren. Op deze wijze kunnen we het gebruik monitoren en zien of onze uitvoeringsprojecten baat hebben. Daarnaast voert de MRDH ongeveer elke twee jaar bezettings­metingen uit in/op alle P+R’s in haar gebied. Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

44

6.

6

Financiën Dit programma wordt gedekt uit Programma 12 Mobiliteit, Parkeren. Jaarlijks is er een budget van € 3.100.000,– beschikbaar voor het gehele programma PDM. Voor dit uitvoeringsprogrogramma is daarvan gemiddeld € 2.1000.000,– per jaar beschikbaar. Voor de uitvoering van de Parkeerstrategie is gemiddeld € 1.000.000,– beschikbaar per jaar beschikbaar. Voor de komende jaren is een grove meerjarenbegroting gemaakt voor de thema’s deelmobiliteit en mobiliteitshubs. De precieze onderverdeling van het budget wordt jaarlijks gemaakt. In 2024 is € 700.000,– budget extra beschikbaar dat vanuit 2023 is doorgeschoven. Dit geld is beschikbaar voor projecten die om verschillende redenen wel in 2023 waren gebudgetteerd, maar niet uitgevoerd zijn, zoals de aanleg van buurtmobiliteitshubs. De eerste drie posten van de meerjarenbegroting gelden voor het gehele programma PDM, dus ook voor het thema parkeren. Cofinanciering MRDH

Meerjarenbegroting 2024-2027 Programma DM

Onderdelen

Totaal Programma­ management

PDM Programmering

200.000

Innovaties PDM

150.000

150.000

150.000

150.000

Uitvoeringsbeleid en Verkenningen

100.000

100.000

100.000

100.000

Deelmobiliteit

500.000

500.000

500.000

500.000

Buurhubs en stads­hubs

600.000

300.000

300.000

300.000

Cofinanciering Rijk

200.000

300.000

Regiohubs

300.000

400.000

500.000

500.000

Hubs exploitatie*

400.000

400.000

450.000

600.000

2.250.000

2.050.000

2.200.000

2.350.000

Totaal thema overstijgend Totaal Deelmobiliteit

Totaal Mobiliteitshubs

Totaal programma DM

2024

2025

2026

2027

MRDH bereidt een uitvoeringsprogramma Ketenmobiliteit op OV-knooppunten voor als onderdeel van het Investeringsprogramma Vervoersautoriteit

200.000

200.000

200.000

(IPVa). Vanuit dit programma kunnen gemeenten en stationsbeheerders subsidie krijgen voor onder andere verbeteringen in de infrastructuur van regiomobiliteitshubs (conform MRDH-Subsidieverordening Vervoersautoriteit en Uitvoeringsregeling). Hiervoor zijn en worden voor de verschillende P+R’s in Den Haag en de regio startnotities opgesteld om te inventariseren wat er nodig is om het OV-knooppunt op te waarderen.

Cofinanciering Ministerie I&W voor aanleg hubs In BO MIRT van het najaar van 2022 is maximaal een half miljoen euro toe­gekend voor cofinanciering van buurtmobiliteitshubs in Den Haag. De hubs dienen in 2024 en 2025 te worden aangelegd.

In euro’s * dit betreft de exploitatie P+R Hoornwijck. Een betere bezetting leidt tot hogere exploitatiekosten.

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

45

Financiële consequenties in beeld

deze subsidieregeling wordt naar verwachting jaarlijks € 150.000,– beschikbaar

Natuurlijk wordt in een besluit opgenomen hoeveel een maatregel

gesteld.

naar verwachting gaat kosten. Als een maatregel ten koste gaat van autoparkeerplaatsen, dient ook de te verwachten derving van de

Risico’s

parkeerinkomsten in beeld te worden gebracht. Deze afspraak is vastgelegd

De meerjarenbegroting van dit programma is niet keihard. De verdeling over

in de Parkeerstrategie. In de schatting van de parkeerinkomsten voor de

de verschillende thema’s ook niet. De veelheid aan soorten en maten van

begroting van het volgende jaar kan daar dan rekening mee worden gehouden.

projecten maakt dat het niet op de komma nauwkeurig is te plannen hoe de

De verwachte structurele extra derving van de parkeerinkomsten van de

financiële stromen gaan lopen de komende jaren. Een aantal risico’s spelen

aanleg van buurtmobiliteitshubs en het omzetten van parkeerplaatsen

daarbij een rol.

bedraagt vanaf 2027 € 181.000,–. De derving van de parkeerinkomsten wordt in 2024 nog gedekt uit Programma 12. In 2025 zal een structurele oplossing

1. Innovatieve projecten

worden geboden om in de begroting rekening te houden met de verminderde

In dit programma staan veel innovatie, nieuwe projecten waarvan nog

parkeerinkomsten.

onduidelijk is of en hoe ze gaan werken. Als ze werken en breed toepasbaar zijn, is veel meer budget nodig dan wanneer het geen succes blijkt te zijn.

Voor de korte termijn wordt de derving van de parkeerinkomsten binnen dit programma deelmobiliteit en mobiliteitshubs opgevangen. Er wordt binnen

2. Afhankelijkheid van Programma Parkeren

Programma 12 Mobiliteit gezocht naar een structurele oplossing voor dekking

Dit uitvoeringsprogramma is nauw verbonden met het Programma Parkeren,

van de derving van parkeerinkomsten veroorzaakt door andere invulling van

de uitvoering van de Parkeerstrategie. Afhankelijk van de snelheid van de

fiscale parkeerplaatsen in de buitenruimte.

ontwikkeling van Programma Parkeren, bijvoorbeeld invoering betaald parkeren en invoering vergunningenplafond neemt de vraag naar

Bijdragen aan nieuwe P+R voorzieningen

alternatieven zoals deelmobiliteit en gebruik van P+R’s toe. Wanneer

In Programma 15 is een investeringskrediet van 10,1 miljoen euro beschikbaar

parkeren schaarser wordt, is het meer opportuun om in te zetten op

voor de ontwikkeling van P+R (parkeergarage) bij metrohalte Forepark. Door

parkeeralternatieven en alternatieven van de privéauto.

financiering te organiseren bij MRDH, Provincie of Rijk kan de gemeentelijke bijdrage voor de ontwikkeling of de huur van P+R’s binnen de perken worden gehouden. Daarnaast worden bij plannen P+R’s de kosten voor

3. Ontwikkeling regiomobiliteitshubs en stadsmobiliteitshubs maar deels in eigen hand

exploitatie, beheer en het arrangement (parkeren + natransport) bepaald.

Bij de ontwikkeling van regiomobiliteitshubs zoals op de N-Kavel en in het

Bij de besluitvorming van nieuwe P+R’s zal dit in het dekkingsvoorstel aan de

Forepark is de grond niet van de gemeente. Hierdoor zijn we afhankelijk van

gemeenteraad worden meegenomen.

de markt of dient een onteigeningstraject gestart te worden. Dit maakt dat we minder grip hebben op de planning van de uitgaven. Ook voor de ontwikkeling

Subsidieregelingen

van stadsmobiliteitshubs zijn we deels afhankelijk van het aanbod en de

Van 2021 tot en met 2023 liep de Subsidieregeling autodeelcoöperaties

initiatieven uit de markt. We kunnen dit stimuleren met een subsidieregeling,

Den Haag 2021. Deze regeling is eind 2023 geëvalueerd. Op basis van die

maar dat is geen garantie voor succes en dus besteding van het budget.

evaluatie wordt een nieuwe, bredere invulling gegeven aan deze regeling. Voor

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

46

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

47

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

48

Uitvoeringsprogramma DM 2024 - 2027

49

Colofon Dit is een uitgave van Gemeente Den Haag Met medewerking van APPM Vormgeving Dienst Bedrijfsvoering, Multimedia Maart 2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14392556/1