CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS318914 Bijlage 1 Isabellaland NVU v3 4

Gemeenteraad 11 juli 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Uitbreiding Woonwagenlocatie Isabellaland (RIS318914)10.174 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Uitbreiding woonwagenlocatie Isabellaland Nota van uitgangspunten

mei 2024 v3.4

Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling Stedenbouw & Planologie

2

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

INHOUD 1. INLEIDING5 1.1 Aanleiding  5 1.2 Status en doel 5 1.3 Opgave 5 1.4 Projectomschrijving  5 1.5 Leeswijzer 5 2. LOCATIE 2.1 2.2 2.4 2.3

7 Positie in de stad 7 De wijk (historie) 7 Uitdagingen 7 Kansen 7

3. RUIMTELIJKE VISIE 9 3.1 Beleid 9 3.2 Verbinden 9 3.3 Soort stedelijk milieu 9 3.4 Vergroenen 9 3.5 Verduurzamen 11 3.6 Visiekaart 11 4. UITWERKING / UITGANGSPUNTEN 13 4.1 Visievorming 13 4.2 Functie en programma 13 4.3 Landschap en ecologie 14 4.3 Bouwregels kavels 15 4.4 Ontsluiting 16 4.5 Buitenruimte 17 4.6 Duurzaamheid 17 4.7 Beeldkwaliteit 19

5. BELEIDSKADERS 5.1 Vigerend Juridisch Kader 5.2 Stedenbouw & Planologie  5.3 Wonen 5.4 Mobiliteit 5.5 Ecologie 5.6 Mileuaspecten Water Luchtkwaliteit Geluid  Bodem 5.7 Beeldkwaliteit/Welstand 5.8 Archeologie  5.9 Kabels en leidingen 5.10 Externe veiligheid

21 21 21 21 22 22 23

6. SAMEN DE STAD MAKEN  6.1 Proces van communicatie en aanpak 6.2 Doelgroepen 6.3 Communicatie-opgave 6.4 Aanpak 6.5 Mariahoeve knapt op

25 25 25 25 25 25

24 24 24 24

7. FINANCIERING EN UITVOERINGSASPECTEN27 7.1 Financiering 27

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

3

Locatie Woonwagenlocatie Isabellaland t.o.v. Den Haag

4

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

1. INLEIDING 1.1 Aanleiding

In Den Haag is de vraag naar woningen groot. Zo ook voor woonwagenbewoners. Aangezien de gemeente de taak heeft om woonwagenleven en wonen in familieverband te faciliteren en er een tekort aan woonwagenstandplaatsen is (RIS307739) heeft de gemeente de opgave om meer standplaatsen te realiseren. Het College voor de Rechten van de Mensen (CRvdM) heeft in 2020 geoordeeld dat er onvoldoende standplaatsen zijn bijgekomen en de wachttijd voor een standplaats veel langer is dan bij een sociale huurwoning. Zo is er volgens het CRvdM sprake van verboden onderscheid. Isabellaland is in Den Haag de meest concrete ontwikkellocatie voor uitbreiding woonwagenkavels. In overleg met de bewoners zijn de mogelijkheden verkend voor uitbreiding van de bestaande woonwagenlocatie het Isabellaland in Mariahoeve. In de vorige fase is een Quickscan (2019) gemaakt, waarbij verschillende ruimtelijke modellen zijn onderzocht. Daarnaast is onderzocht hoe de ecologische verbindingszone kwaltitatief en kwantitatief versterkt kan worden, als compensatie voor de huidige woonwagenlocatie en de uitbreiding. Dit document geeft randvoorwaarden voor de uitbreiding van de woonwagenlocatie met 8 nieuwe wooneenheden, en de ecologische compensatieopgave. Uitgangspunt is dat de bestaande woonwagens en standplaatsen niet worden verplaatst of herschikt.

1.2 Status en doel Met de ontwikkeling wordt afgewerken van het geldende bestemmingsplan/toekomstige Omgevingsplan. In deze Nota van Uitgangspunten zijn de voorwaarden opgenomen waaraan het initiatief dient te voldoen om gemeentelijke medewerking te verkrijgen. De Nota van uitgangspunten wordt vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders en de raad. Na vaststelling is het document 24 maanden geldig. De inhoud is tot stand gekomen op basis van een integrale samenwerking tussen de verschillende vakdisciplines en de initiatiefnemer.

Het doel van deze NvU is meerledig. Enerzijds wordt beknopt ingegaan op de stedenbouwkundige context en het beoogt tevens de ecologische opgave te integreren. Anderzijds worden de ruimtelijke en functionele randvoorwaarden voor het realiseren van het initiatief beschreven en ingegaan op de uitkomsten van de onderzoeken van de ruimtelijke onderbouwing.

1.3 Opgave De Gemeente Den Haag is eigenaar van de grond. De grond zal bouwrijp in erfpacht worden uitgegeven. Hiervoor zal een overeenkomst worden gesloten. Uitbreiding is op verzoek van de huidige woonwagenbewoners van Isabellaland, met het oog op de huisvesting van de volgende generatie. De nieuwe kavels zijn geprojecteerd in de openbare ruimte, onderdeel van de bestaande ecologische verbindingszone Schenkzone. Hiervoor zullen ecologisch versterkende (kwalitatieve) en compenserende (kwantitatieve) maatregelen worden getroffen, als oplossing voor het verlies aan oppervlak binnen de bestaande ecologische verbindingszone én als compensatie van de huidige woonwagenlocatie. Het ruimteverlies wordt gecompenseerd en er wordt een kwaliteitsimpuls gegeven aan de ecologische verbindingszone. Voorliggend boekwerk voorziet in de Nota van Uitgangspunten (NvU) voor deze ontwikkeling.

1.4 Projectomschrijving Programma Het programma voor de locatie omvat 8 kavels voor wonen, per 2 geschakeld. De kavels worden kleiner in omvang en opstal dan de bestaande en worden gekenmerkt door inpassing binnen de begrenzing van de ecologische verbindingszone Schenkzone. Parkeren vindt plaats binnen het bestaande parkeeraanbod.

Met de realisatie van de eerste fase van de woonwagenlocatie is de ecologische verbinding onderbroken. Ecologische compensatie en opnieuw leggen van de verbinding heeft eertijds niet plaatsgevonden. De 2e fase wordt aangegrepen om dit te herstellen door de naastgelegen groenzone ecologische (kwalitatief) te versterken en verdere compenserende (kwantitatieve) maatregelen te treffen door uitbreiding. De groene ruimte tussen de appartementengebouwen wordt ecologisch ondersteunend ingericht. Gebied Het plangebied omvat de ruimte tussen de flatgebouwen langs het Isabellaland en de Noordelijke Randweg N14. Aan het einde van de ontsluiting van het woonwagenkamp bevindt zich een bestaande keerlus. In het verlengde ligt de uitbreidingslocatie, binnen een smalle ecologische verbindingszone langs een waterloop (verbindingszone Schenkzone), onderdeel van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur.

1.5 Leeswijzer De Nota van uitgangspunten bevat 7 hoofdstukken: Hoofdstuk 1 gaat in op de aanleiding van de ontwikkeling, de beschrijving van het planinitiatief, op het bestaande relevante beleid en de overwegingen van de gemeente om het initiatief te faciliteren. Hoofdstuk 2 gaat in op de bestaande situatie en context van het plangebied. Hoofdstuk 3 schetst een beeld van de ruimtelijke visie op het gebied en de daarbij behorende achtergronden. Hoofdstuk 4 geeft een omschrijving van de uitwerking. Hoofdstuk 5 behandelt de kaders waar de nieuwe ontwikkeling aan moet voldoen zodat het leidt tot en gebaseerd is op een goede ruimtelijke ordening. Hoofdstuk 6 gaat in op de communicatie met de omgeving. Hoofdstuk 7 behandelt de financiering en uitvoeringsaspecten.

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

5

Locatie uitbreiding woonwagenlocatie

6

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

Van verleden naar heden: 1850, 1925 tot 2000

2. LOCATIE 2.1 Positie in de stad

2.3 Uitdagingen

2.4 Kansen

De woonwagenlocatie Isabellaland is gelegen in Mariahoeve, stadsdeel Haagse Hout, in het groen tussen de stadsrandbebouwing en het tracé van de Noordelijke Randweg (N14). De woonlagenlocatie bevindt zich binnen de stedelijke ecologische verbindingszone Schenkzone aan de oostelijke rand van Mariahoeve, grenzend aan de buurt Marlot in het noorden en haaks op de historische waterloop van de Schenk in het zuiden. Deze verbindingszone is een belangrijk onderdeel van de groenstructuur van de wijk en van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur. De uitbreiding van de woonwagenlocatie is eveneens gepland binnen deze zone.

De uitdaging ligt in het verbinden van de ogenschijnlijk strijdige facetten; uitbreiding van de woonwagenlocatie in de ecologische zone en tegelijkertijd de ecologische zone uit te breiden en ecologisch te versterken. Opwaardering van de ecologische zone betekent o.a. aanpassing naar honden aan de lijn in het deel waar de zone wordt uitgebreid. De bestaande woonwagenlocatie is op onderdelen ruimtelijk minder ingepast in de ecologische zone en de directe omgeving. Op plaatsen is groen grondgebied informeel toegeëigend. De vereiste compensatie is nodig om de inpassing van de woonwagenlocatie te verbeteren en de ecologische verbindingszone uit te breiden en te versterken.

Uitbreiding van de woonbestemming biedt de kans om de onderbreking van de ecologische verbindingszone door de eerdere ontwikkeling van de 1e fase van de woonwagenlocatie, te compenseren en herstellen. De ecologische zone wordt uitgebreid en ecologisch versterkt, vanaf zowel de flatgebouwen enerzijds als de huidige woonwagen locatie anderzijds. Hiermee wordt ingezet op zowel kwantitatieve als kwalitatieve compensatie van de Schenkzone. Het streven is om tegelijkertijd de verblijfskwaliteit van de zone op te waarderen. Hier ligt een kans om het zicht op en de beleving van het (ecologische) groen vanuit de wijk te versterken. Daarnaast zal gekeken worden naar klimaatbestendig en natuurinclusief ontwikkelen dan wel opwaarderen van de bestaande omgeving. De Gemeente Den Haag toetst de ontwikkeling aan de Gemeentelijke Praktijk Richtlijn voor gebouwen (GPR-gebouw). Voor GPR-gebouw hanteert de gemeente al een norm die hoger ligt dan de minimumnorm conform het Bouwbesluit.

2.2 De wijk (historie) Mariahoeve is een vroeg naoorlogse wijk in het oosten van Den Haag, tegen de grens van Wassenaar en LeidschendamVoorburg gelegen. De wijk is gebouwd in de jaren 60 met een gedifferentieerde woonbebouwing. De openbare ruimte is in de jaren 60 bestemd als ruimte om te spelen, verblijven en te parkeren. Het is een ruim opgezette wijk met veel groen (meer dan 40% van de oppervlakte is groen). Kenmerkend is de losse opzet. De bebouwing bestaat uit flats in stroken, in open haken, los in het groen en uit grondgebonden woningen met particuliere tuinen. Deze open opzet verbindt de wijk gelegen aan de rand van de stad met het grootschalige groen aan de andere zijde van de Noordelijke Randweg. Kenmerkend zijn de vijf hoofdwegen, die de wijk in kwadranten opdelen. Na aanleg van de wijk hebben er nog enkele uitbreidingen en inbreidingen plaatsgevonden, waaronder de inbreiding van de 1e fase van de woonwagenlocatie (ca. 2009). De open zichtrelatie vanuit stad naar het landschap uit het oorspronkelijk stedenbouwkundig plan is door de aanleg van de N14 doorsneden. Landschappelijke elementen zoals het historische dijkje, dat de woonwagenlocatie ontsluit is daarmee ook onderbroken.

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

7

Stedelijke Groene Hoofdstructuur RUIMTE VOOR DE BUITENRUIMTE

Versterken waternetwerk

Groen buiten de stad Stadsparken & Landgoederen

(vergroten gebruiksmogelijkheden & toegankelijkheid parken)

Duinen

Snelle comfortabele fietsverbindingen

Toegang ontsluiting groen Vergroenen buitenruimte & eigenaarschap organiseren Verbinding groen Kansen voor nieuwe waterstructuur en watercapaciteit Optie wateruitlaat

Agenda ruimte voor de stad, ruimte voor buitenruimte

27 0

Stedenbouwkundige structuur: ruimtelijke relaties

0,5

Gebiedsontwikkeling Schenkzone, langs Schenk

1

1,5

2

2,5

3 km

Ontwikkellocaties Herstructurering: Stadsboerderij / natuurbelevingstuin en Oor als overloop Versterken dwars- en langsroutes

8

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

03 Visie

N

Opgave in groter verband / 1:12500

12

3. RUIMTELIJKE VISIE 3.1 Beleid

Voor de stedelijke ontwikkelingen buiten intensiveringsgebied in Den Haag is de Agenda Ruimte voor de Stad leidend. We zetten in op vergroening en verduurzaming. We voegen alleen woningen toe in wijken (verdichten) die daar beter van worden. Dit doen we in nauw overleg met de bewoners. Het karakter van de stad, wijk en buurt nemen we mee in stedelijke ontwikkelingen. We houden wijken groen en leefbaar. Kleinschalige nieuwbouw in bestaande wijken moet passend zijn in het straatbeeld. Agenda Ruimte voor de Stad De Agenda Ruimte voor de Stad spreekt over intensiveringsgebieden en luwe gebieden. Het plangebied ligt in een luw gebied. In de luwe gebieden ligt het accent op het verbeteren van de leefomgeving en het verduurzamen en verbeteren van de woningvoorraad. Het karakter en de ruimtelijke betekenis van de gebieden zal in 2040 niet wezenlijk anders zijn dan nu. Wel is er ruimte voor initiatieven en ontwikkeling, dit is echter maatwerk. Het plangebied ligt in een wijk met een herstructureringsopgave.

3.3 Soort stedelijk milieu De gemeente Den Haag heeft een grote woningbouw opgave. Deze zal voornamelijk in de bestaande wijken dienen te worden ingevuld, aangezien ruimte een schaars goed aan het worden is. Aansluiten bij een bestaand ensemble, voor eenzelfde doelgroep past binnen de strategie van verdichten. Ook hier worden de volumes en daarmee kavels wel kleiner dan bestaand.

4 N1

n d: erge e i eb rsb ng ge oe Rei r G n e lot ar

e

on kz

en

h Sc

Het plangebied ligt binnen de bestaande ecologische verbindingszone Schenkzone waardoor zorgvuldige inpassing en compenserende maatregelen nodig zijn.

Het plangebied ligt achter de appartementengebouwen, die haaks op het Isabellaland staan. Hierdoor ontstaan doorzichten naar de ecologische verbindingszone Schenkzone, door de groene tussenruimten. Uitbreiding en ecologische versterking van de Schenkzone, biedt kans om de samenhang te versterken met de groene tussenruimten tussen de appartementengebouwen. De beoogde bebouwing is eveneens haaks gesitueerd op de ontsluiting, waarmee kleine doorzichten ontstaan en het meer losse volumes aan een parkrand vormt. De ontwikkeling vormt een groene voortzetting van het bestaande woonwagenlocatie, die een zachtere overgang naar de ecologische zone kan realiseren.

Z

Stedelijke Groene Hoofdstructuur De Stedelijke Groene Hoofdstructuur van Den Haag bepaalt voor een belangrijk deel het karakter van de stad. De Stedelijke Groene Hoofdstructuur dient duurzaam in stand gehouden te worden en waar mogelijk versterkt (RIS300506). Het groen

In Den Haag zien we de natuur als belangrijk onderdeel van onze stad. Een stad met een vitale stadsnatuur is een gezonde stad. In de Nota Stadsnatuur (RIS305824) zijn handvatten opgenomen waarmee we werken aan een gezond stadsecosysteem met meer biodiversiteit. Een belangrijke voorwaarde voor een gezond stadsecosysteem is de aanwezigheid van een uitgebreid netwerk van groengebieden die onderling met elkaar verbonden zijn door middel van ecologische verbindingszones (de Stedelijke Groene Hoofdstructuur). De groengebieden zijn de belangrijke kerngebieden voor allerlei planten- en diersoorten. De ecologische verbindingszones zorgen als robuuste brede groenblauwe structuren voor de verbinding van deze gebieden. Zo kunnen dieren zich makkelijker verplaatsen en functioneren deze daarnaast ook als belangrijke leefgebieden. In deze nota wordt de nadruk gelegd op een optimale ecologische inrichting door middel van vuistregels voor biotopen en -beheer, behoud en de mogelijke uitbreiding van de ecologische verbindingszones. Is extra ruimtebeslag van een nietecologische functie onvermijdelijk dan moet de inpasbaarheid hiervan worden onderzocht en geldt een compensatieplicht. Naast het behoud en de ontwikkeling van bovengenoemd netwerk, wordt aandacht besteed aan het rekening houden met leefomstandigheden van planten en dieren bij beheer en inrichting van groen in brede zin.

We werken aan een natuurinclusieve stad met een ecologisch gezond stadswatersysteem, het beheersbaar houden van overlastgevende planten en dieren en zetten we in op monitoring van onze stadsnatuur.

3.2 Verbinden

EV

Agenda Groen voor de Stad In de Agenda Groen voor de Stad wordt geconstateerd dat door de toenemende bevolking en het bijbehorende ruimtebeslag de leefkwaliteit in het algemeen en het groen in het bijzonder soms onder druk komen te staan. Omdat Den Haag een aantrekkelijke stad wil blijven voor bewoners, bezoekers en bedrijven, moeten er strategische keuzes worden gemaakt op het gebied van verdichting, vergroening en verduurzaming. De ambitie is een verdere kwalitatieve ontwikkeling van het Haagse groen, waarbij ruimte bestaat voor verandering en initiatief en bij ontwikkelingen groen toekomstbestendig wordt vormgegeven: groen kapitaal als basis voor een goede leefkwaliteit. Het doel is het Haagse groen kwalitatief te ontwikkelen.

heeft vele functies, één daarvan is de functie als stedelijk natuurnetwerk, dat wil zeggen de drager van de stedelijke natuur en verbindingsstructuur voor de omliggende natuur. Deze structuur sluit aan op het Natuurnetwerk Nederland (NNN). De Stedelijke Groene Hoofdstructuur bestaat uit kerngebieden (de groengebieden) met daartussen de ecologische verbindingszones.

M

e

g

olo

Ec

n zo gs n i e ind n rb kzo e n v e he ch isc S

)

VZ

(E

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

9

Bestaande woonwagenlocatie in de ecologische verbindingszone

10

Bestaande woonwagenlocatie + voorgestelde uitbreiding woonwagenlocatie

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

Uitbreiding woonwagenlocatie en compensatie + versterking ecologische verbindingszone

3. RUIMTELIJKE VISIE 3.4 Vergroenen

3.5 Verduurzamen

3.6 Visiekaart

De ecologische verbindingszone (EVZ) Schenkzone vormt de groene oostelijke afzoming van Mariahoeve. Deze zone wordt aan de oostzijde afgeschermd van het open landschap door de Noordelijke Randweg N14, in het noorden grenst de zone aan de buurt Marlot. Aan de zuidzijde sluit de groene zone aan op de Schenkzone bij de grens met Leidschendam-Voorburg. Bij de beoogde uitbreiding binnen de ecologische verbindingszone geldt een kwantitatieve en kwalitatieve compensatieplicht. Kansen voor uitbreiding woonwagenlocatie worden gezien op het deel ten noorden van de huidige bebouwing. op basis van de huidige situatie blijkt dat de ecologische waarde van het plangebied laag is, aangezien dit deel op dit moment als gazon wordt beheerd, en voorheen werd gebruikt als speelveldje en trapveldje.

Den Haag wil in 2030 een klimaatneutrale stad zijn. Ontwikkelingen zoals deze bieden kansen om een toekomstbestendige en klimaatbestendige leefomgeving te creëren, waarbij ook wordt bijgedragen aan energie- en mobiliteitstransitie en zo de CO2 uitstoot van de stad te verlagen. Door daarnaast in te zetten op natuurinclusieve en circulaire bouw, wordt bijgedragen aan de omliggende stadsnatuur en toekomstig hergebruik van materialen en elementen bevorderd.

Structuur van de wijk De wijk is opgedeeld in verschillende buurten met eigen centrumvoorzieningen. De buurten worden gescheiden door de hoofdwegen. Naast centraal groen in elke buurt, wordt de wijk omzoomd door een groene rand. Het plangebied ligt in de oostelijke rand. De hier ritmische geplaatste schijfflats vormen niet alleen de begrenzing van de wijk, maar de groene tussenruimten leggen ook de verbinding met het polderlandschap. Fysiek wordt de wijk gescheiden door de Randweg. De uitbreiding van de woonwagenlocatie is ondergeschikt en is haaks gesitueerd op het bestaande parkpad. Opwaardering van het aanwezige groen kan de samenhang met de groene omzoming van de wijk versterken. Ecologisch kan tegelijkertijd een sterkere verbinding worden gemaakt met de doorgaande ecologische structuur aan de zuidzijde van de wijk.

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

11

accentueren entree, verbreden waterpartij

uitbreiding woonwagenlocatie, groene karakteristiek

uitbreiden en versterking ecologische zone

waterpartij met harde wateroevers

groene tussenruimten versterken ecologische zone

bestaande woonwagenlocatie, versteende enclave

ruimtelijke beleving van ecologische zone vanuit wijk versterken

ecologische zone, beperkte ecologische waarde

accentueren entree, versterken historisch laantje

zone galerijflats met tussengelegen grasvelden historisch laantje, doorbroken door barrière N14

Ruimtelijke opbouw bestaande situatie

12

Ruimtelijke visie

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

4. UITWERKING UITGANGSPUNTEN 4.1 Visievorming Ruimtelijke opbouw De locatie ligt aan de rand van de wijk Mariahoeve en de Noordelijke Randweg N14. De wijk opent zich naar het buitengebied middels galerijflats haaks op het Isabellaland, met tussenruimten die aansluiten op de groenzone rondom de waterloop. De bestaande woonwagenlocatie ligt vrij in een ecologische verbindingszone, en is als versteende enclave weinig verankerd in de omgeving. De huidige inrichting van de openbare ruimte binnen de woonwagenlocatie is voornamelijk verhard en heeft daarmee weinig relatie met de omliggende ecologische zone. Ecologische en ruimtelijke inpassing is vooral ontstaan door de verwilderde randen richting beide waterzijden, welke in beginsel restruimte vormden. Ruimtelijke dragers • Waterpartij met harde wateroevers • Ecologische zone met beperkte ecologische meerwaarde • Galerijflats met tussengelegen velden • Toegangsweg als historisch laantje • N14 als harde begrenzing, met naastgelegen fietspad Ruimtelijke visie De ontwikkeling biedt kansen om de ruimtelijke inpassing van de woonfunctie in de ecologische zone en de ecologische kwaliteiten van de waterloop en directe omgeving te versterken. De ecologische zone wordt uitgebreid richting de schijfflats, waar de groene tussenruimten de zone versterken.

De zuidelijke toegangsweg wordt visueel geaccentueerd door het versterken van het historisch dijkje. De noordelijke ontsluiting via het parkpad wordt gemarkeerd door het verbreden van de waterpartij. De (ruimteljk ondergeschikte) uitbreiding van de woonwagenlocatie aan de noordzijde wordt uitgevoerd in een groene karakteristiek, om de impact op de ruimtelijke beleving van de ecologische zone te verzachten.

Ruimtelijke uitwerking De zuidzijde van de watergang wordt ingericht met meer ruimte voor de natuur om de ecologische verbinding te herstellen. Uitgangspunt is een zo groot mogelijke verstoringsvrije zone, door het pad dichter langs de flats aan het Isabellaland te positioneren. Exacte positie van voetpad is nader uit te werken in vervolgfase. De randen van de waterloop worden verzacht, waardoor natuurlijke oevers plaatselijk ruimte krijgen. Tevens wordt een eilandje gerealiseerd, als ecologische rustplek. De sloot en het voetpad worden zo aangelegd, dat de bestaande bomen er zoveel mogelijk gespaard worden. De sloot compenseert eveneens het verlies aan oppervlaktewater van de genoemde ecologische oever aan de noordzijde van de waterpartij. Door het planten van bomen langs de toegangsweg, wordt het oorspronkelijke laantje weer afleesbaar (ook als onderdeel van de bomencompensatieopgave). Tevens geeft het duidelijker richting aan fietsverkeer richting de doorgaande fietsroute langs de N14. Verder wordt de overgang richting de bestaande woonwagenlocatie duidelijker gemarkeerd. Door tot aan de percelen actief groeninrichting en beheer te plegen, kan de overgang naar de percelen verder worden verzacht. De ambitie is om het water om de woonlocaties heen, langs het dijkje door te trekken.

Hiermee wordt de waterkwaliteit en daarmee de ecologische kwaliteit van het water verder versterkt. Ruimtelijk versterkt het verder het laantje.

erfafscheiding de private erfgrens bestendigen, waardoor de ecologische zone beschermd wordt. De bebouwing wordt aan de noordzijde ingesloten door het realiseren van een verbreding van de waterloop. Hiermee wordt eveneens voldaan aan de watercompensatie-opgave. De oever liggend langs de ontsluitingsweg wordt ingericht als ecologische oever met een ruime breedte. Door de gunstige oriëntatie is dit van beduidende toegevoegde waarde.

4.2 Functie en programma Stedelijke opgave De vraag naar nieuwe woonwagenkavels is groot. Er zijn weinig uitbreidingslocaties meer, dus wordt voor deze opgave ingezet op een compacte opzet. Hierbij wordt gestreefd naar een kwalitatieve opwaardering en toevoeging van 8 woonkavels. De ontwikkeling betreft een uitbreiding van de bestaande bebouwing, maar met kleinere eenheden en met een karakter meer passend bij de ecologische zone. Programma Uitbreiding woonwagenlocatie middels reguliere woonpercelen: 8 wooneenheden voor jongeren en startende gezinnen. bijbehorende parkeeropgave watercompensatie ecologische kwantitatieve en kwalitatieve compensatie opwaardering groenstructuur

De uitbreiding van de woonwagenlocatie vindt plaats langs het bestaande pad binnen de ecologische zone, in het verlengde van de bestaande woonstraat. De oostelijke bebouwing van de bestaande percelen, wordt doorgetrokken in een meer groene karakteristiek, door compacte volumes in een groene inpassing met opgaand groen (struweel), een groene erfafscheiding, groene terreininrichting en ingetogen materialisering. Daarmee wordt de door het vervallen van het speelveldje ontstane ruimte ingevuld. De groene karakteristiek van de nieuwe ontwikkeling zal ook de overgang van de huidige, verharde locatie verzachten. Bovendien zal de groene inpassing en

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

13

4.3 Landschap en ecologie Er dienen ecologisch versterkende maatregelen (zowel kwantitatief als kwalitatief) te worden getroffen, ter compensatie van de impact van de ontwikkeling én als compensatie voor de huidige locatie. De compensatie dient te passen binnen het beleid van de gemeente, en wordt getoetst door de stadsecoloog. Watercompensatie Uitbreiding woonwagenlocatie 8 kavels, in opgaand groen/struweel Verbreding parkpad tbv calamiteitenverkeer Ecologisch eiland, flauwe oevers, minimale kap Ecologische oever, flauw talud Ecologische zone, verbreding en versterking, bomencompensatie Verhard pad (honden aangelijnd), verlegd tbv ecologie. Exacte positie nader te bepalen. Wandelpad wordt niet verlicht. Materialisatie afgestemd met bewoners (Mariahoeve knapt op). Laantje, laankarakteristiek dijkje, watercompensatie + bomencompensatie NTB Ecologisch ondersteunend, kruidenrijk grasland

Ruimtelijke uitwerking, uitbreiding ecologische zone 1:2.500

14

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

Randvoorwaarden: • Het verleggen van het huidige wandelpad richting flats. Wandelpad wordt niet verlicht. • Realisatie van natuurvriendelijke oevers en ecologisch eiland (rustgebied). • Toevoegen van opgaand groen in de vorm van struikgewas • Realisatie van bloemrijk grasland en natuurlijke overgangen tussen grasland en opgaand groen. Om voldoende ecologische kwaliteit (rust) te garanderen voor o.a. (broed)vogels en kleine zoogdieren is het noodzakelijk dat honden worden aangelijnd ter hoogte van de flats en dus een herziening van de hondenkaart van losloopgebied naar aanlijngebied. De ecologische compensatie wordt gecombineerd met de watercompensatieopgave. Zoals aangegeven bij de waterparagraaf zijn hiervoor verschillende zoekgebieden aangewezen in de directe nabijheid en opgenomen in de visiekaart. Natuurvriendelijke oevers (met natuurlijke overgangen van nat naar droog) leveren een positieve bijdrage aan het waterbergend vermogen van de Schenk en hebben een ecologische meerwaarde, aangezien de huidige oevers weinig ruimte bieden aan planten en dieren die leven in dit soort overgangen. Voor de uitbreiding en ecologische herinrichting zal een aantal bomen worden gekapt om voldoende licht en ruimte te creëren voor de realisatie van natuurlijke overgangen (o.a. natuurvriendelijke oeverzones en bloemrijk grasland).

De mogelijkheden voor compensatie zullen worden onderzocht in de uitwerking van het inrichtingsplan van de verbrede ecologische zone. Tevens wordt ingezet op een extra bomenrij langs de toegangsweg. Uit de hittestresskaart blijkt dat er een duidelijk temperatuurverschil is tussen de straat alhier en de groene omgeving.

4. UITWERKING UITGANGSPUNTEN

De mogelijkheden van de inrichting van de kavels en de kaders voor realiseren van de woning zijn hieronder samengevat, en weergegeven in ruimtelijke randvoorwaardenkaart. Deze regels zijn zo opgebouwd dat ze passen binnen de ruimtelijke intenties van de gemeente binnen dit gebied en aansluiten bij de wensen van de toekomstige bewoners.

Referentie beeldkwaliteit: groene inbedding en voorbeeld samenhangend kleurenpallet (nb: beeld is niet representatief voor bouwvolume en afwerking gevel en dakvlak).

gemiddeld 19,5 meter minimaal 9 meter, waarbij de eerste 6 meter een reservering voor een haag op de onderlinge erfscheiding rooilijn loopt mee met de ronding van de bestaande straat, voortuin is gemiddeld 3,2 meter diep

Breedte woning maximaal 6 meter per woning, tezamen dus 12 meter Diepte woning maximaal 16,3 meter Hoogte woning maximale nokhoogte 6,8 meter op de gedeelde erfgrens, maximale goothoogte 3,20 meter. Eventuele dakkapellen liggen minimaal 3 meter van de voor- en achtergevelrooilijn. Dak daken worden duurzaam uitgevoerd met groen en/ of zonnecellen. Materialisering duurzaam verouderende materialen in een rustig op elkaar afgestemd kleurenpallet dat de ruimtelijke beleving van de ecologische zone zo min mogelijk verstoord en aansluit bij de bestaande bebouwing*

G

ro

en

in

clu

sie

O gro pst e en lvla da k k b

ve

erf

afs

erg

ch

eid

in

in

g

g

6.0

2.

5

O Str pen uik b en aa r

6.

Bo gro uw en vla da k 9 k 6

0

m

2

gro

en

0. 6 3. 2

Kaveldiepte Kavelbreedte Rooilijn

Bijgebouw achter op de perceelgrens Erfafscheiding voorzijde en richting belendingen middels een haag, aan achterzijde van het perceel staat de bebouwing op de perceelsgrens met een natuurinclusieve gevel. Terrein de terreininrichting (bouwperceel, buiten bouwvlak) is voor minimaal 50% ingericht met halfverharding (of onverhard) ten behoeve van waterinfiltratie Parkeren het woonerf is autovrij. Er wordt geparkeerd op de parkeerplaatsen binnen het bestaande aanbod. * In paragraaf 4.7 Beeldkwaliteit wordt een verdere toelichting gegeven op de criteria vanuit beeldkwaliteit.

.3

Algemeen De regels voorzien in een zorgvuldige inpassing in de ecologische verbindingszone inclusief ecologische versterking. Compensatie vindt plaats door uitbreiding van de bestaande ecologische verbindingszone met de groenstrook langs de flats en door deze ecologisch in te richten.

16

4.4 Bouwregels kavels

Ruimtelijke randvoorwaardenkaart uitbreiding woonwagenlocatie 1:750

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

15

4.5 Ontsluiting De locatie wordt ontsloten vanaf de keerlus van de bestaande toegangsweg vanaf de doorgaande route van Isabellaland. De toegangsweg, die in het verlengde ook het fietspad langs de N14 ontsluit wordt ruimtelijk gemarkeerd. De uitbreiding van de woonwagenlocatie is gelegen langs het bestaand parkpad, dat is afgesloten voor regulier autoverkeer door een blokkering. Parkeren vindt plaats binnen de huidige parkeervoorzieningen, dus op enige afstand. Deze voorziening heeft een toereikende capaciteit, zie paragraaf 5.3 Mobiliteit. Het parkpad blijft zo een langzaam verkeersverbinding met eenzelfde informele karakter, uitgevoerd in half- of gesloten verharding. Ten behoeve van calamiteitenverkeer wordt het parkpad verbreed van 3,5 naar 4,0 m. In de uitwerking moet onderzocht worden of de verbreding in halfverharding (bijv. grasbetontegels) uitgevoerd kan worden om het groene karakter zoveel mogelijk te behouden.

Themakaart ontsluiting

16

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

4. UITWERKING UITGANGSPUNTEN 4.6 Buitenruimte

De ontwikkeling is gelegen in een ecologische verbindingszone. De bestaande ecologische zone functioneert matig. Om de uitbreiding én de impact van de bestaande woonwagenlocatie op de ecologische zone te compenseren, wordt de ecologische zone kwalitatief en kwantitatief versterkt. De zone wordt uitgebreid door het bestaande voetpad te verschuiven richting de schijfflats, waar de groene tussenruimten de zone versterken. De waterpartij wordt uitgevoerd met zachte natuurlijke oevers. Honden worden aangelijnd en een ecologisch eiland zorgt voor een natuurlijke rustplek. De uitbreiding van de woonwagenlocatie is geprojecteerd op de locatie van het voormalige speeltuintje en trapveldje. Deze zijn al verwijderd. Verderop aan het Isabellaland is recentelijk een nieuwe speelvoorziening gerealiseerd bij het College St. Paul. Deze is nu meer centraal gelegen en daarmee beter toegankelijk en zichtbaar. Dit past in het beleid cf. "Nota Spelen in de stad", waarin de ambitie van de stad is vormgegeven om een goed aanbod te bieden aan speelplekken voor kinderen en jongeren van verschillende leeftijden. Bij nieuwe woningbouwlocaties dient in principe de richtlijn van 3% aan openbare speelruimte te worden gehanteerd in relatie tot het 'uitgeefbaar' gebied. Groenvoorzieningen die ook als informele speel- en/of recreatie ruimte kunnen fungeren, worden hierin meegeteld.

Gezien de ligging van de kavels in het groen, wordt gesteld dat er voldoende informele speel- en/ of recreatieruimte is. Honden Den Haag is een grote stad waar veel mensen op een beperkt gebied met elkaar samen leven. Zowel hondenbezitters als mensen zonder hond moeten op een prettige manier gebruik kunnen maken van de beperkte openbare ruimte. Daarom zijn er regels opgesteld en speciale losloopgebieden aangewezen. De ontwikkelingslocatie was door de voormalige functie van speeltuintje en trapveldje reeds verboden voor honden. De

zuidelijke oever van de Schenk is momenteel nog een op de hondenkaart van de gemeente aangeduid als losloopgebied. Elders in de Schenkzone zijn delen aangeduid als aanlijngebied om de verstoring van het leefgebied van planten en dieren te verminderen. Om de ecologische waarden te herstellen in dit uitbreidingsgedeelte van de ecologische zone, zal ook hier aanlijnplicht gelden, teneinde de Stedelijke Groene Hoofdstructuur duurzaam in stand te houden en te versterken.

4.7 Duurzaamheid

Onderstaande beleidsmatige uitgangspunten die hier van toepassing zijn: • Het vigerende Handboek Openbare Ruimte is van toepassing. • Indien er nieuw (semi-)openbaar gebied ontstaat dienen hiervoor beheersafspraken met de Dienst Stadsbeheer gemaakt te worden. • Integraal ontworpen, groene, klimaatbestendige buitenruimte, die bijdraagt aan de interactie in het gebied en is afgestemd op de gebruiker. • Profiel met meer verblijfswaarde en voldoende ruimte voor fietsers, voetgangers en groen in het straatprofiel passend bij het toekomstige gebruik. • De vormgeving, uitvoering en beheer van de buitenruimte moet duurzaam en kwalitatief hoogwaardig zijn en aan de voorkant worden meegenomen in een integraal ontwerpproces. • Geen utilitaire functies voor afval en stalling in de buitenruimte. • De afvalinzameling moet voldoen aan het ‘Haags Grondstoffenplan', en moet worden afgestemd met DSB en HMS. • Wanneer onder de openbare ruimte voorzieningen worden aangebracht, komen de kosten voor het aanhelen van de openbare ruimte en het verleggen van kabels en leidingen voor rekening van de initiatiefnemer. De sterkte van de weg moet na inrichting gelijk zijn aan de huidige sterkte voor wat betreft de te faciliteren verkeersklassen.

Algemeen • BENG • Duurzaam materiaalgebruik. • Natuur inclusief bouwen toepassen om ruimte te bieden aan de natuur in de stad en het aansluiten op de ecologische zone. • Het aanbrengen van zonwering aan de buitenzijde. • Tenminste 50% van het kadastraal perceel met bestemming erf wordt met ‘groen’ ingevuld (groene voortuin, natuurlijke erfafscheidingen, bomen, e.d) • De gebouwen worden allen voorzien van een groendak ten behoeve waterretentie en het aansluiten op de ecologische zone. Groene daken kunnen goed gecombineerd worden

De locatie is gelegen in een ecologische zone. Om de ontwikkeling mogelijk te maken zal enerzijds de bestaande ecologie dienen te worden versterkt. Anderzijds zal de ontwikkeling zelf zoveel mogelijk zo ecologisch vriendelijk mogelijk dienen te worden gerealiseerd. Daarom wordt ingezet op hoge duurzaamheidsprestaties, die aansluiten bij de ambities van zowel initiatiefnemer en gemeente.

met PV-panelen voor duurzame elektriciteit. Voor duurzame bouwprojecten is groene legeskorting, zie https://www.denhaag.nl/nl/vergunningen-en-ontheffingen/ omgevingsvergunningen/korting-op-bouwleges-krijgen.htm Daarnaast zijn er diverse subsidieregelingen vanuit het Rijk. Energie De regelgeving ten aanzien van het bouwen van nieuwe woningen anticipeert op het volledig energie neutraal bouwen. In een collectieve ontwikkeling zou eventueel een collectief warmtesysteem een mogelijkheid zijn. Voor oriëntatie naar energieconcepten is ondersteuning vanuit de gemeente beschikbaar. Door het Rijk worden verschillende subsidieregelingen aangeboden.

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

17

Ambities natuurlijke oevers

18

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

4. UITWERKING UITGANGSPUNTEN Klimaat, water en groen Om de ontwikkeling toekomstbestendig te maken, dient ook aandacht aan het microklimaat te worden besteed. Hitteoverlast is hierbij een belangrijk onderwerp. De warmtekaart laat zien dat de locatie momenteel nog redelijk koel is, terwijl de bestaande woonwagenlocatie beduidend warmer is ten gevolge van de mate van verharding. Om oververhitting te voorkomen dient ingezet te worden op minimale verharding in de openbare ruimte, beperkte verharding in de tuinen en maximale vergroening van de daken (subsidiabel). Ook het binnenklimaat wordt hiermee minder snel oververhit en maakt (energieverbruikende) koelsystemen overbodig. De gemeente heeft hoge ambities ten aanzien van klimaatadaptatie en klimaatadaptief bouwen. Natuurinclusief Om de overgang van de ecologische zone richting de woonpercelen te verzachten, wordt de erfafscheiding natuurinclusief. De gebouwde erfafscheiding aan de achterzijde van het perceel biedt ruimte aan verschillende diersoorten ten behoeve van de biodiversiteit. Hierbij valt te denken aan bijenhotels, nestkasten (bv in bakstenen), holtes en mogelijkheden om gevels te laten begroeien.

4.8 Beeldkwaliteit

Onderstaande beeldkwaliteitscriteria zijn een aanvulling op de Welstandsnota en vormen specifieke criteria voor de ligging in de ecologische zone. De ontwikkeling is gesitueerd in de ecologische zone die gevormd wordt door de rand van de wijk in de vorm van een parkstrip. Daarnaast vormt de nieuwbouw een overgang tussen de bestaande woonwagenlocatie en de omliggende ecologische zone. De vormgeving dient op het karakter van de ecologische zone aan te sluiten, en de ruimtelijke beleving van de ecologische omgeving zo min mogelijk te verstoren. Uitgangspunt hiervoor is een rustig straatbeeld. Belangrijk element zijn de hagen als erfafscheiding, die de ontwikkeling groen inbedden. Materialen moeten duurzaam (mooi) verouderen en aansluiten op het samenhangende rustige kleurenpallet van de bestaande bebouwing. Op de bestaande woonwagenlocatie worden veel vergelijkbare (lichte) geveltinten gebruikt, wat een rustig, uniform straatbeeld oplevert. De daken zijn er daarentegen vaak donker. Voor de ontwikkeling is een vergelijkbaar, goed afgestemd, kleurenpallet wenselijk. Daken worden bij voorkeur uitgevoerd als groendak, eventueel beperkt door het toepassen van zonnepanelen. De zonnepanelen vallen visueel weg tegen het donkere dakvlak.

Percelen (buiten het bouwvlak) worden voor minimaal 50% groen ingericht (onverhard of halfverharding). Bijgebouw en perceelafscheiding worden integraal en natuurinclusief ontworpen, mede om de overgang naar de omringende ecologie te verzachten. Het groene erf aan de voorzijde wordt afgesloten door een haag. Op de achtergrens van het perceel wordt een natuurinclusieve muur gebouwd, als onderdeel van het hoofdgebouw en het aangrenzende bijgebouw.

De per 2 geschakelde woningen vormen één eenduidig volume en hebben een eenvoudige uitstraling. Doordat de woningen zoveel mogelijk als gelijkvormige volumes worden gebouwd, levert het een rustig straatbeeld op. De kappen hebben een nok op de gedeelde erfgrens, kappen staan daardoor haaks op de ontsluiting. Eventuele dakkapellen liggen minimaal 3 meter van de voorgevelrooilijn, zodat het straatbeeld eenduidig en ingetogen is. De vormgeving zet in op één samenhangend ensemble, met mogelijk ondergeschikte individuele variaties binnen dezelfde thematiek. Dit betekent dat de woningen in onderling iets kunnen verschillen (bijvoorbeeld een kleinere maatvoering van de dakkapel, mits binnen de gestelde eisen), maar dat het hoofdvolume: één laag+kap herkenbaar blijft.

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

19

Bestemmingsplan Mariahoeve, 2013

20

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

Bestemmingsplan woonwagenlocaties, 2009

5. BELEIDSKADERS 5.1 Vigerend Juridisch Kader

Over het vigerende bestemmingsplan heeft de Raad van State een uitspraak gedaan. Samengevat komt het er op neer dat de met het bestemmingsplan beoogde stedenbouwkundige opzet, zoals deze onder meer blijkt uit de toegestane bouwoppervlakte, bouwhoogte en de minimaal onderling aan te houden afstand van de woonwagens, bijdraagt aan een leefbare, brandveilige en duurzame situatie. De Afdeling oordeelde echter dat in het bestemmingsplan naar haar oordeel in onvoldoende mate rekening was gehouden met gevestigde rechten en belangen met betrekking tot de omvang van woonwagens. Conclusie voor de nieuwe ontwikkeling voor de 8 woningen in Isabellaland is om bestaande planologische rechten en de bestaande situatie goed in ogenschouw te nemen. Wel mogen er eisen worden gesteld aan ruimtelijke kwalitatieve aspecten (o.a. de toegestane bouwoppervlakte, bouwhoogte en de minimaal onderling aan te houden afstand van de woonwagens). Regels De bestemmingen Wonen-1 en Wonen-2 lopen in het plangebied Isabellaland door elkaar heen (zie afb. blz. 20). De voor 'Wonen-1' aangewezen gronden zijn bestemd voor hoofdbebouwing in de vorm van woonwagens. Als hoofdgebouwen mogen uitsluitend woonwagens worden gebouwd welke inclusief aanbouwen niet groter zijn dan 7 bij 17 meter, met een maximale goothoogte van 3,5 meter en een maximale nokhoogte van 4,5 meter.

Voor zover onder deze bestemming gerangschikte woonwagens afwijken van deze basismaten, is bij het onderzoek naar de beschikbare gegevens van alle woonwagens inzake maatvoering en rechten (zie de uiteenzetting in de bijlage "Inventarisatielijst woonwagens behorende bij de toelichting") geconstateerd, dat het woonwagens betreft, waarbij geen sprake is van bepaalde gevestigde rechten en belangen met betrekking tot de omvang van de wagen.

De bestemming Wonen-2 ziet op de woonwagens waarvan de afmetingen beleidsmatig als te groot worden beschouwd, maar die gelet op in het verleden afgegeven bouwvergunningen en andere rechten, alsmede voortvloeiend uit de uitspraak van de Raad van State positief dienen te worden bestemd. Om duidelijk vast te leggen wát de huidige situatie is, zijn de maten, rechten en belangen van alle woonwagens nagegaan. Voortvloeiend daaruit is in de bijlage bij artikel 8 (Wonen-2) van de regels een tabel opgenomen, waarin per standplaats de maximaal toegestane afmetingen van de hoofdbebouwing zijn opgenomen. Daarnaast bevat de bestemming Wonen-2 onder artikel 8.4 een wijzigingsbevoegdheid om bij bepaalde gelegenheden andere, kleinere oppervlaktematen te realiseren, welke overeenkomen met de maten van de bestemming Wonen-1. Bijgebouwen Per woonwagen mogen bijgebouwen worden gebouwd in de zone, op de verbeelding aangegeven met de bouwaanduiding “bijgebouwen”, met een hoogte van maximaal 3 meter en een oppervlakte van maximaal 100% van de oppervlakte van het deel van de bouwaanduiding "bijgebouwen" behorende bij de betreffende standplaats. Het bijgebouw kan aan de woonwagen worden gebouwd of daarvan losstaand gebouwd. In dat laatste geval dient de afstand tot de woonwagen binnen de betreffende standplaats tenminste 1 meter te bedragen.

Groen De belangrijkste groenstroken in de plangebieden hebben de bestemming Groen gekregen. Het betreft beplantingen die kunnen worden gekenmerkt als kleinschalig groen in de directe woonomgeving. Verkeer - Verblijfsstraat In de plangebieden zijn alleen erfontsluitingswegen aanwezig, bedoeld voor de afwikkeling van lokaal, gebiedsgebonden verkeer. Aan deze straten is de bestemming Verkeer Verblijfsstraat toegekend.

5.2 Stedenbouw en Planologie Agenda Ruimte voor de Stad De Agenda Ruimte voor de Stad spreekt over intensiveringsgebieden en luwe gebieden. Het plangebied ligt in een luw gebied. In de luwe gebieden ligt het accent op het verbeteren van de leefomgeving en het verduurzamen en verbeteren van de woningvoorraad. Het karakter en de ruimtelijke betekenis van de gebieden zal in 2040 niet wezenlijk anders zijn dan nu. Wel is er ruimte voor initiatieven en ontwikkeling, dit is echter maatwerk. Het plangebied ligt ook in een wijk met een herstructureringsopgave, er wordt nu gewerkt aan een ambitiedocument Mariahoeve.

5.3 Wonen Deze voorgenomen uitbreiding van een woonwagenlocatie past in het vigerend beleid van de Woonvisie 2022 (RIS313365) en het voornemen van het college om met 80 woonwagenstandplaatsen uit te breiden (RIS316679). De gemeente Den Haag heeft momenteel 233 standplaatsen voor woonwagens. Dit aantal breiden we de komende jaren uit met standplaatsen waarbij we kijken naar bestaande en nieuwe locaties. De uitbreiding van de woonwagenlocatie Isabellaland past in deze doelstelling en is een nadere uitwerking van dit beleid. Het is voor het eerst dat we in Den Haag op een woonwagenlocatie gebruik maken van een CPO (Collectief Particulier Opdrachtgeverschap) constructie. Er is sprake van een pilot aangezien we na afloop en realisatie van het traject evalueren met de bewoners of de pilot een succes is en deze werkwijze eventueel op andere locaties ook toe te passen is. Het voordeel van deze samenwerking met de bewoners via het particulier opdrachtgeverschap is dat de bewoners vanaf het begin betrokken zijn bij de planvorming en meegedacht hebben over de perceelgrootte, het aantal kavels, het bouwvlak, de plattegrond, de schakeling van woningen tot 2 onder 1 kap en wie de kavel koopt en wat erop gebouwd wordt. De afmetingen van de percelen en de bouwmogelijkheden sluiten aan op de huidige woonwagens en de wensen van de toekomstige bewoners.

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

21

5.4 Mobiliteit Mobiliteitstransitie Den Haag zet in op een verandering van het mobiliteitssysteem (de mobiliteitstransitie), zoals vastgelegd in de Strategie Mobiliteitstransitie 2022-2040 (RIS310664). Hierbij wordt er meer ruimte gegeven aan lopen, fietsen en openbaar vervoer en minder aan het gebruik van de (deelauto). Bij het inrichten van de openbare ruimte, wordt er om deze verandering gestalte te geven, uitgegaan van het STOMP principe: Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobility-asaservice (mobiliteitsdiensten zoals deelmobiliteit) en Privéauto. Dit betekent dat bij elke ontwerpstap de prioriteit uitgaat naar de voetganger, daarna de fietser, daarna het openbaar vervoer en als laatste mobiliteitsdiensten. Eventueel gebruik van de privéauto krijgt de laagste prioriteit in het ontwerp. Toegankelijkheid De ontwikkeling is een uitbreiding op de bestaande woonwagenlocatie. Deze wordt ontsloten met een toegangsweg vanaf de doorgaande route van het Isabellaland. Aan het einde van de toegangsweg is een keerlus gesitueerd, welke ook door vuilophaaldiensten kan worden gebruikt. In het verlengde van de toegangsweg ligt een langzaam verkeersroute door het park, die weer aansluit op het Isabellaland. De breedte van deze route wordt verbreed van 3,5 naar 4,0 meter en is daarmee ook geschikt voor calamiteitenverkeer.

De ontwikkeling vindt plaats langs het eerste deel van deze langzaam verkeersroute. De route zal worden afgesloten voor regulier autoverkeer middels een blokkering vanaf de keerlus en aan de andere zijde van het pad. Deze dienen door calamiteiten verkeer te kunnen worden bediend. Parkeren De parkeernorm wordt bepaald aan de hand van de Regeling Autoparkeernormen Den Haag 2021. Het Isabellaland valt in de zone 'naoorlogse wijken'. Voor de grootte van de woningen

22

wordt de zwaarste norm van 1,0 parkeerplaats per woning gehanteerd, exclusief het aandeel bezoekers parkeren van 0,15 plaats per woning. Tesamen leidt dit tot een norm van 1,15 parkeerplaatsen per woning. De parkeeropgave voor de 8 nieuw te ontwikkelen woningen x 1,15 plaats per woning, bedraagt 9,2 plaatsen. Binnen de bestaande locatie zijn 18 woningen x 1,15 plaatsen = 20,7 plaatsen benodigd. De bestaande circa 54 plaatsen zijn ruim toereikend voor de vereiste 31,1 (9,2 + 20,7) plaatsen voor zowel de bestaande als nieuwe woningen. Op de nieuwe percelen en in de directe omgeving is geen ruimte gereserveerd voor aanvullende parkeervoorzieningen.

5.5 Ecologie In de Agenda Groen voor de Stad (RIS294705) wordt geconstateerd dat door de toenemende bevolking en het bijbehorende ruimtebeslag de leefkwaliteit in het algemeen en het groen in het bijzonder soms onder druk komen te staan. Omdat Den Haag een aantrekkelijke stad wil blijven voor bewoners, bezoekers en bedrijven, moeten er strategische keuzes worden gemaakt op het gebied van verdichting, vergroening en verduurzaming. De ambitie is een verdere kwalitatieve ontwikkeling van het Haagse groen, waarbij ruimte bestaat voor verandering en initiatief en bij ontwikkelingen groen toekomstbestendig wordt vormgegeven: groen kapitaal als basis voor een goede leefkwaliteit. Het doel is het Haagse groen kwalitatief te ontwikkelen. De stedelijke leefkwaliteit is afhankelijk van gebiedskenmerken als bebouwingsgraad, aanwezigheid van infrastructuur en het gebruik van de ruimte (wonen, werken, recreatie, natuur). Het Haagse Groen moet gezien worden als een vorm van kapitaal met de ecologische, de maatschappelijke en de economische waarde. Mede op basis van de stadsgesprekken en het online platform zijn deze waarden uitgewerkt in zes thema’s: klimaat, biodiversiteit, gezondheid, ontspanning imago en ontwikkeling.

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

Het is de uitdaging om intensivering te combineren met een waardevolle, betekenisvolle, gezonde en goed functionerende groenstructuur. Intensivering van de stad vraagt om intensivering van groen en groenkwaliteit. Naarmate de stad verdicht, neemt de waarde van het groen toe. Omgekeerd zorgt groen ook voor toename van vastgoedwaarde. Deze twee waarden zouden elkaar moeten vinden en versterken. Elke (vastgoed)ontwikkeling draagt bij aan de groene kwaliteit van Den Haag. Dit gebeurt op verschillende wijze: op de klassieke wijze door ontwikkeling van parken en straatgroen, door het ontwikkelen en openstellen van groene binnengebieden en daktuinen, als ook het realiseren van geveltuintjes of groene gevels. Ook kunnen investeringen in kwaliteit of gebruikswaarde uitkomst bieden. De Stedelijke Groene Hoofdstructuur van Den Haag bepaalt voor een belangrijk deel het karakter van de stad. De Stedelijke Groene Hoofdstructuur dient duurzaam in stand gehouden te worden en waar mogelijk versterkt (RIS300506). Het groen heeft vele functies, één daarvan is de functie als Stedelijke Groene Hoofdstructuur, dat wil zeggen de drager van de stedelijke natuur en verbindingsstructuur voor de omliggende natuur. In de Agenda Groen voor de Stad (RIS294705) en de Nota Stadsnatuur (RIS 305824) is de Stedelijke Groene Hoofdstructuur van den Haag aangegeven.

Deze structuur sluit aan op de provinciale en nationale ecologische hoofdstructuur. De Stedelijke Groene Hoofdstructuur bestaat uit kerngebieden (de grote groengebieden) met daartussen de ecologische verbindingszones. Een goed werkende ecologische verbindingszone moet een geschikt leefgebied voor veel verschillende diersoorten vormen. Alleen zo kunnen dieren zich tussen groengebieden verplaatsen. Naast een optimale inrichting met inheemse planten, struiken, geleidelijke overgangen en voldoende zonnige plekjes zijn ook voldoende rust en de biotoopgrootte van belang. Het plangebied ligt binnen de grenzen van de ecologische verbindingszone, de Schenkzone.

5. BELEIDSKADERS

Het huidige gebruik als voormalige speelplaats en trapveldje hebben overigens nauwelijks ecologische waarde. Desalniettemin dienen er ecologisch versterkende maatregelen (zowel kwantitatief als kwalitatief) te worden getroffen, ter compensatie van de impact van de ontwikkeling. De compensatie dient te passen binnen het beleid van de gemeente, en wordt getoetst door de stadsecoloog. De randvoorwaarden voor de locatie zijn opgenomen in H4 Uitwerking Uitgangspunten.

(HHD) geldt een vergunningplicht binnen gebieden aangewezen als grondwaterbeschermingsgebied een vergunningplicht. De indieningsvereisten / voorwaarden voor de vergunning staan in de ‘Beleidsregel Grondwateronttrekkingen en infiltraties’ (2015. Hoogheemraadschap van Delfland). Haagse ambities en eisen extreme neerslag Korte, hevige buien zullen naar verwachting steeds vaker voorkomen. Dit klimaateffect heeft een grote impact in stedelijk gebied. Wateroverlast is bij deze extreme buien niet te voorkomen. Het is daarom niet de vraag of, maar vooral

5.6 Milieuaspecten Water De ontwikkeling vindt plaats in de Veen- en Binkhorstpolder van het Hoog Heemraadschap Delfland. De ontwikkeling leidt tot verharding en daarmee tot een reductie van de wateropname. Dit dient elders binnen het peilgebied van de ontwikkeling te worden gecompenseerd. Hiervoor zijn verschillende zoekgebieden aangewezen in de directe nabijheid en opgenomen in de visiekaart. De grootte van de compensatie wordt bepaald in overleg met het Hoogheemraadschap Delfland. De watercompensatieopgave wordt gecombineerd met de ecologische compensatie en het periodiek onderhoud van het pad langs de Schenk. Watertoets Eén van de instrumenten om het nieuwe waterbeleid voor de 21e eeuw vorm te geven is de watertoets. Het hoogheemraadschap toetst bouwinitiatieven en herinrichtingsplannen aan het nationaal waterbeleid en het Provinciaal Waterplan Zuid-Holland 2016-2021. In de Handreiking Watertoets (www.hhdelfl and.nl/watertoets) worden de randvoorwaarden en uitgangspunten voor een plan per thema toegelicht en op welke wijze deze in het plan dienen te worden verwerkt. Op basis van de provinciale verordening ruimte (PRV) en samenhangend de keur van Hoogheemraadschap Delfland

waar de wateroverlast zal optreden, en welke gevolgen te verwachten zijn. Om te zorgen dat de stad beter bestand is tegen extreme neerslag hanteren we de volgende ambities en eisen in Den Haag. Als algemene ambitie streven we ernaar dat in 2050 in Den Haag bij een korte hevige bui van 70mm in 1 uur (eens in 100 jaar in 2015 volgens klimaatscenario KNMI/ STOWA): • • • •

er geen schade ontstaat aan gebouwen en infrastructuur; de belangrijkste hoofdwegen begaanbaar blijven voor noodhulp; vitale infrastructuur en nutsvoorzieningen blijven functioneren en; Routes en locaties voor hulpdiensten beschikbaar.

Bij nieuwbouw stellen we de eis dat: • er 50 mm van een korte hevig bui van 70 mm in 1 uur op privaat terrein tijdelijk kan worden opgevangen en; • dat na minimaal 24 en maximaal 48 uur de bergingscapaciteit weer beschikbaar is. Bij nieuwe ontwikkelingen is de ambitie dat we waterrobuust bouwen: • Een waterrobuust ontwerp op het niveau van

•

het gebouw voorkomt/beperkt waterschade bij extreme neerslag (b.v. geen vitale of kwetsbare functies in kelders). Ontwikkelende partijen worden gewezen op de uitgevoerde stresstesten, zodat ze zelf aanvullende maatregelen kunnen nemen (om bv schade bij een nog extreem heviger bui te voorkomen, bv 100 mm bui/2 uur). Eigenaren van privaat terrein zijn zelf verantwoordelijk voor het voorkomen of beperken van schade door wateroverlast vanuit hun eigen terrein.

De gemeente gebruikt het Convenant Klimaat Adaptief Bouwen en de wegwijzer ‘Den Haag Klimaatbestendig’ bij de beoordeling van een bouwplan. Luchtkwaliteit Het bouwplan dient te voldoen aan de geldende eisen. Bij de aanvraag omgevingsvergunning dient dit met een berekening (NIBM-tool) aangetoond te worden Geluid De ontwikkeling is gelegen in directe nabijheid van de Noordelijke Randweg N14 en met enige afstand tot het spoor. Hierdoor gelden er voorwaarden aan de ontwikkeling. Ten aanzien van het wegverkeerslawaai voldoet het grootste deel van het terrein niet aan de voorkeursgrenswaarde van 48dB. Dit betekent dat zonder maatregelen een hogere grenswaarde* voor alle woningen aangevraagd moet worden voor de eerste bouwlaag. Op het gehele terrein is bouwen tot de eerste bouwlaag mogelijk. Wanneer de geluidbelasting dusdanig hoog is dat er geen hogere waarden verleend worden (of de grenswaarden overschreden worden) dan zullen maatregelen getroffen moeten worden. Ten aanzien van het railverkeerslawaai blijft het gehele terrein ruim onder de maximale ontheffingswaarde voor de geluidsbelasting. Aan de oostzijde van het plangebied is de geluidsbelasting echter wel iets hoger dan de voorkeursgrenswaarde. Het toepassen van een scherm op gemeentegrond geeft geen

NOTA VAN UITGANGSPUNTEN UITBREIDING WOONWAGENLOCATIE ISABELLALAND - 2023

23

(significante) verbetering van de geluidsbelastingen. Een scherm op grond van gemeente Wassenaar of het verhogen van het bestaande scherm langs rijksweg N14 heeft meer effect, maar zal lastig zijn te realiseren. Ook kan een vaste schuur/ opbergruimte aan de wegzijde het terrein afschermen tegen geluidsbelasting. Dit is bij de bestaande standplaatsen ook gebeurd. *NB: onder de Omgevingswet is er geen sprake van hogere grenswaarden. Bodem De ontwikkellocatie is blijkens historisch bodemonderzoek vermoedelijk diffuus licht verontreinigd met diverse zware metalen. Daarnaast is de locatie (gering) verdacht op het voorkomen van asbest in de puinhoudende toplaag. Ook kunnen PFAS (als gevolg van atmosferische depositie) in licht verhoogde mate voorkomen in de grond. Voorafgaand aan herontwikkeling zal een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd moeten worden en indien nodig gevolgd door aanvullend onderzoek en een sanering. Ecologie Er dient aangetoond te worden dat de ontwikkeling voldoet aan de regelgeving op het gebied van natuurbescherming. Zowel de gebieds- als soortenbescherming moet hierbij aan de orde komen. Tevens dient aangetoond te worden dat de stikstofdepostie niet meer is dan 0,00 mol/jaar.

Bedrijven- en milieuzonering Ter borging van een goed woon- en leefklimaat is bij de planvoorbereiding voor de nieuwe woonwagenstandplaatsen getoetst, of rekening moet worden gehouden met milieuhinder door bedrijfsactiviteiten. Conform de VNG-handleiding ‘Milieuzonering nieuwe stijl’ uit 2019 is daarbij getoetst, of de beoogde uitbreidingslocatie op een zodanig grote afstand van locaties met bedrijfsmatige activiteiten is gelegen dat relevante milieuhinder door fijnstof, geur, gevaar of geluidhinder uitgesloten kan worden.

24

De dichtstbij gelegen locaties waar bedrijfsmatige of hiermee vergelijkbare activiteiten mogen worden uitgeoefend zijn: Een onderwijsvoorziening met een maatschappelijke bestemming op een afstand van ca. 175 m kantorenlocatie Mariahoeve ter hoogte van station Mariahoeve op een afstand van ca. 350 m. Voor beide locaties geldt dat hinder door de betreffende bedrijfsactiviteiten in principe tot de rechtstreeks omgeving beperkt blijft (richtafstanden van 30 m respectievelijk 10 m. Milieuhinder door deze activiteiten in relatie tot de woonwagenstandplaatsen kan daarom op voorhand uitgesloten worden. Als gevolg hiervan is dan ook geen nader onderzoek noodzakelijk naar mogelijke milieuhinder door bedrijfsactiviteiten.

5.7 Beeldkwaliteit / welstand Om te bepalen of een bouwplan voldoet aan redelijke eisen van welstand heeft de gemeente Den Haag welstandscriteria vastgesteld in de Welstandsnota. Deze zijn ook hier van toepassing. De algemene criteria gelden voor alle bouwwerken in Den Haag. Deze bevatten de essentie van het principe dat een bouwwerk samenhang moet vertonen: in zichzelf (de eigen onderdelen met elkaar), en met de omgeving. Verder geldt dat wanneer de omgeving waarin het bouwwerk wordt gerealiseerd een beschermde status heeft - dus een monument of een beschermd stadsgezicht is - het bouwwerk te allen tijde een bijdrage dient te leveren aan de beschermde architectonische, stedenbouwkundige en cultuurhistorische waarden. Deze uitgangspunten leiden tot de onderstaande drie algemene criteria. A. Een bouwwerk vertoont samenhang op alle schaalniveaus: in materialen, kleuren en detaillering, in geleding en verhoudingen, in volumeopbouw en schaal, en in de

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14252615/1